Basisscenario college Perspectiefnota Heerenveen 2021
Tekst van het document
PERSPECTIEFNOTA 2021
INHOU D S O P GA V E 1.
Inleiding
3
2.
Leeswijzer
6
3.
Financieel kader 2022-2025
7
3.1.
Afwegingskader
11
3.2.
Toelichting autonome ontwikkelingen
13
3.2.1.
Autonome ontwikkelingen (structureel)
13
3.2.2.
Autonome ontwikkelingen (incidenteel)
16
3.3.
Toelichting keuze uit de Investeringsagenda
19
3.3.1.
Keuze uit de Investeringsagenda (structureel)
19
3.3.2.
Keuze uit de Investeringsagenda (incidenteel)
21
3.4.
Van afwegingskader naar basisscenario
22
3.4.1.
Gevolgen voor de bedrijfsvoering
28
3.5.
Verloop van de reserves
29
4.
Ontwikkelingen per thema
30
4.1.
Thema Samen met inwoners
30
4.1.1.
Ontwikkelingen
30
4.2.
Thema Zorg en welzijn
31
4.2.1.
Ontwikkelingen
31
4.3.
Thema Wonen en leven
35
4.3.1.
Ontwikkelingen
35
4.4.
Thema Werken en ondernemen
39
4.4.1.
Ontwikkelingen
41
4.5.
Thema Toekomstbestendig en duurzaam
41
4.5.1.
Ontwikkelingen
41
4.6.
Thema Financiën en organisatie
43
4.6.1.
Ontwikkelingen
43
5.
Uitgangspunten Themabegroting 2022
46
3
1. INLEIDING Op weg naar nieuw evenwicht Onze ambitie Heerenveen als ‘gouden plek’ om te wonen, te werken en te recreëren. Dat is de nummer één ambitie waarvoor we ons samen met onze inwoners, bedrijven en andere organisaties elke dag opnieuw inzetten. Ook in deze tijden van financiële schaarste. Het belang van onze inwoners en ondernemers staat natuurlijk voorop. Onze kernkwaliteiten zijn: • Gunstig economisch profiel • (top)Sportprofiel • Sterke dienstverlening • Schone en veilige leefomgeving • Duurzaamheid • Voorzieningenniveau in onze kernen, dorpen en wijken • De staat van onze veenweide- en bosgebieden Als iets van essentieel belang is om de gezondheid en veiligheid van onze inwoners en de leefbaarheid van onze gemeente te borgen, dan is het een sterke en slagvaardige overheid. Dat is dit afgelopen jaar, tijdens de Covid-19 pandemie, extra duidelijk gebleken. De uitdagingen waarmee we als gemeentebestuur van Heerenveen te maken hebben, zijn echter groot doordat onze financiën onder druk staan. Financiën onder druk Onze financiën staan onder druk door met name financiële tekorten in het sociaal domein. Dit is een gevolg van rijksbeleid; hierdoor zijn tekorten ontstaan in de Wmo en Jeugdzorg. Op de tweede plaats is er de impact van Covid-19 op onze burgers en ondernemers maar ook op de voorzieningen van Werk en Inkomen.
Dit is vooralsnog vooral tijdelijk, maar heeft mogelijk ook structureel een financiële impact. Dit vraagt om zorgvuldige afwegingen en verantwoorde keuzes over doelen en middelen, zowel binnen het bestaand beleid als voor nieuwe opgaven en ambities. Tekorten Jeugd Net als in de Perspectiefnota van 2020 en de begroting van 2021, zijn wij er in deze Perspectiefnota vanuit gegaan dat wij het totale financiële tekort in het sociaal domein niet op korte termijn kunnen oplossen. De tekorten zijn een landelijke ontwikkeling: in veel gemeenten staan de financiën zwaar onder druk. Wij verwachten dan ook dat, in lijn met de VNG, het Rijk óf met beleidsmaatregelen komt die de kosten zullen verlagen of de inkomsten zullen verhogen óf dat het Rijk met extra financiële middelen komt. Hierom hebben wij de reeds in 2020 ingezette lijn doorgezet en een deel van het tekort niet opgelost, wat een hoger negatief meerjarenperspectief oplevert dan bij de Perspectiefnota 2020 (van € 850.000 tekort naar € 1,5 miljoen tekort in 2023). Het landelijk tekort op Jeugd bedraagt, na efficiencykorting, € 1,4 miljard. Vertaald naar Heerenveen betekent dit een tekort op de rijksmiddelen van € 4,5 miljoen. Wij zijn uitgegaan van een verdeling van 1/3 als niet op te lossen tekort (€ 1,5 miljoen), 1/3 als taakstelling Jeugd (€ 1,5 miljoen) en 1/3 als onderdeel van de gemeentebrede ombuigingen.
Door er nu al op voor te sorteren dat het Rijk mogelijk 1/3 van het tekort oplost, willen wij voorkomen dat we nu pijnlijke ombuigingen doorvoeren, die later niet noodzakelijk blijken te zijn.
4
Mede vanwege de onzekerheden over onze inkomsten vanuit het Rijk en grote maatschappelijke opgaven in de samenleving, verwachten we dat er de komende jaren nog meer ombuigingen nodig zullen zijn om te komen tot een solide en stabiel financieel meerjarenperspectief. Hierom hebben we in deze ronde niet alleen ombuigingsvoorstellen voorgelegd die we op korte termijn konden uitwerken en realiseren, maar ook aanvullende voorstellen voor de langere termijn geïnventariseerd. Wij hebben hierbij zoveel als mogelijk het afwegingskader van de Strategische Agenda als uitgangspunt genomen. Wanneer deze zijn onderzocht en uitgewerkt, kunnen we de resultaten hiervan meenemen in de Perspectiefnota van 2022, waarna we de nodige afwegingen kunnen maken. Onze denkrichting Omdat we het belangrijk vinden dat we onze kernkwaliteiten en voorzieningen in stand houden en deze waar nodig versterken, hebben we vanuit die gedachte geïnventariseerd waar wij op bestaande doelen en middelen kunnen ombuigen. Hierbij hebben we eerst gekeken naar wat wettelijk vereist is en waar wij met onze voorzieningen en dienstverlening méér doen dan strikt noodzakelijk. Met name daar hebben wij keuzes gemaakt om onze voorzieningen en dienstverlening te verminderen en zo besparingen te realiseren. Wij denken hierbij aan de volgende punten: 1.
Verlagen uitgaven Een groot deel van de mogelijkheden om uitgaven te verlagen valt binnen het sociaal domein. Dat is logisch omdat het sociaal domein meer dan 50% van onze uitgaven behelst én omdat daar nu sprake is van een beleid dat uitstijgt boven wat wettelijk minimaal vereist is. Daarbij hebben wij uiteraard gekeken naar de impact op de samenleving, impact op onze lange termijn doelen en risico’s. Wij realiseren ons dat dit pijnlijke keuzes zijn voor de inwoners die hierdoor direct geraakt worden. 2. Inkomsten verhogen We hebben ook gekeken naar mogelijkheden om onze inkomsten te verhogen. Denk aan onze belastingcapaciteit voor de OZB en aan de verhoging van parkeertarieven, toeristenbelasting en de eigen bijdrage voor het Wmo-vervoer. 3. Besparen op de bedrijfsvoering We verlagen de kosten van de gemeentelijke bedrijfsvoering. Dit betekent dat de formatie kleiner wordt en de arbeidsvoorwaarden versoberen. Overigens doen we dit in een tijd waarin door Corona en de gunstige marktomstandigheden in het fysiek domein een groot beroep wordt gedaan op de gemeente. Oplossen tekorten én investeren in nieuw beleid Met dit basisscenario aan ombuigingen kunnen we u in staat stellen om de tekorten op te lossen en een gezond meerjarenperspectief te realiseren. Wij stellen voor waar nodig middelen in te zetten om de basis op orde brengen van onderdelen als openbare orde en veiligheid.
De uitvoering van de Omgevingswet vraagt een andere manier van werken waarbij de menselijke maat centraal staat. Om te ervaren wat nodig is om aan de minimale vereisten te kunnen voldoen, stellen we voor om tijdelijke maar ook structurele middelen hiervoor vrij te maken. Wij stellen ook voor om in te zetten op het behouden en versterken van ons voorzieningenniveau, waaronder het economisch- en sportprofiel. Daarnaast willen we onze parkeervoorzieningen verbeteren en uitbreiden, waarbij we de uitbreiding financieren vanuit het Fonds Vitale Kernen.
5
Op weg naar nieuw evenwicht Samenvattend denken wij dat we een verantwoord basisscenario met ombuigingen hebben samengesteld dat gebaseerd is op het afwegingskader zoals opgenomen in de Strategische Agenda, waarmee we in deze tijden van financiële schaarste op weg kunnen naar een nieuw evenwicht tussen wat moet en wat we graag willen voor onze inwoners. Hierbij moet opgemerkt worden dat dit basisscenario niet exact past binnen het afwegingskader. Hiervoor is de financiële opgave te groot. Dit basisscenario is een mogelijke manier hoe er nieuw financieel evenwicht gevonden kan worden, maar het is niet de enige manier. Om onze afwegingen transparant en navolgbaar te maken voor u en voor de samenleving, hebben we alle ambities, investeringen en ombuigingsmogelijkheden als bijlagen aan deze Perspectiefnota toegevoegd. Zo kunt u precies nagaan welke voorstellen wij hebben opgenomen in het basisscenario en welke alternatieven er zijn om tot een ander pakket aan maatregelen te komen indien u dat wenst. Wij hopen dat we u met dit basisscenario in staat stellen om zorgvuldige afwegingen en verantwoorde keuzes te maken waarmee we Heerenveen als ‘gouden plek’ behouden en tegelijk een financieel stabiele basis leggen voor de toekomst. Burgemeester en wethouders van Heerenveen, De gemeentesecretaris, De burgemeester, J. van Leeuwestijn
T.J. van der Zwan
6
2. LEESWIJZER Deze Perspectiefnota 2021 bestaat uit een aantal hoofdstukken en een onderverdeling in paragrafen. In hoofdstuk 3 wordt het financiële kader voor de jaren 2022 - 2025 weergegeven. We geven in 3.1 het afwegingskader weer. We lichten in deze paragraaf toe hoe wij gekomen zijn van het afwegingskader, zoals opgenomen in de Strategische Agenda, naar het basisscenario dat in deze Perspectiefnota is opgenomen. Het financiële kader bestaat uit de volgende onderdelen. Te weten: 1. Autonome ontwikkelingen (onvermijdbaar en onuitstelbaar). We presenteren eerst de structurele posten en daarna de incidentele posten. 2. Voorstellen uit de Investeringsagenda. Deze posten zijn gekoppeld aan het afwegingskader zoals in paragraaf 3.1 benoemd. Alle onderdelen lichten we toe. Eerst de structurele posten en daarna de incidentele posten. 3. Van afwegingskader naar basisscenario (ombuigingen) Ook deze ombuigingen lichten we per onderdeel toe en leggen we een relatie met het afwegingskader. We sluiten dit hoofdstuk af met een tabel waarin we het verloop van de reserves laten zien. In hoofdstuk 4 zijn de verschillende beleidsthema’s benoemd.
De thema’s van deze Perspectiefnota komen overeen met de indeling van de begroting: • Samen met inwoners • Zorg en welzijn • Wonen en leven • Werken en ondernemen • Toekomstbestendig en duurzaam • Financiën en organisatie Voor elk thema lichten we vervolgens toe welke relevante ontwikkelingen we voor de komende jaren verwachten. Bij sommige thema’s besteden we nog specifiek aandacht aan de autonome posten (o&o posten) die nog niet financieel vertaald zijn, maar die in de nabije toekomst naar verwachting wel tot een beslag op de algemene middelen zullen gaan betekenen. Verder noemen we, per thema, de posten die in het financiële kader (hoofdstuk 3) zijn toegelicht. In hoofdstuk 5 zijn de uitgangspunten voor het opstellen van de begroting 2022 toegelicht.
7
3. FINANCIEEL KADER 2022-2025 x € 1.000
Het financiële meerjarenperspectief 2022 - 2025 sluit voor het begrotingsjaar 2022 met een voordelig saldo van € 107.000. Voor de jaren na 2022 laat ons meerjarenperspectief een oplopend structureel tekort zien tot € 1.506.000 in 2025. Het vertrekpunt van de bovenstaande tabel is het meerjarenperspectief zoals is opgenomen in de begroting 2021. Deze begroting is in de raadsvergadering van 9 november 2020 vastgesteld. Vervolgens zijn in de raadsvergadering 14 december 2020 het budget voor het watertakenplan en het verzamelbesluit 2020-4 vastgesteld.
8
De structurele effecten uit dit besluit zijn: x € 1.000
In de raadsvergadering van 22 april 2021 is het verzamelbesluit 2021-1 vastgesteld. In dit besluit zijn de volgende structurele budgetten opgenomen: x € 1.000
Daarnaast is in de raadsvergadering van 22 april ingestemd met een hogere financiële bijdrage van € 50.000 voor de Fumo. Na deze mutaties is het meerjarenperspectief: x € 1.000
Het meerjarenperspectief, na alle raadsbesluiten tot en met de raadsvergadering van 22 april, laat een oplopend tekort zien oplopend van € 372.000 tot een tekort in 2025 van € 1.501.000. In het financieel kader van deze Perspectiefnota zijn vervolgens een aantal onvermijdbare en onuitstelbare (o&o posten) kostenverhogingen opgenomen. Deze zijn voor een deel incidenteel maar voor een belangrijk deel structureel van aard. Deze mutaties zijn toegelicht in paragraaf 3.2. Daarnaast stellen wij voor om enkele voorstellen uit de Investeringsagenda op te nemen in de Perspectiefnota. Deze mutaties zijn toegelicht in paragraaf 3.3. Na de toevoeging van de autonome (o&o posten) en de voorstellen uit de Investeringsagenda is het saldo van het meerjarenperspectief als volgt: x € 1.000
Voor de dekking van dit meerjarige begrotingstekort doen wij een aantal voorstellen voor het terugdringen van dit tekort. Deze ombuigingen lichten we toe in paragraaf 3.4. Na deze mutaties is het meerjarenperspectief: x € 1.000
9
Voor het afdekken van de incidentele o&o posten, de incidentele voorstellen uit de investeringsagenda en de incidentele frictiekosten van de ombuigingen wordt de algemene reserve ingezet. Na inzet van de algemene reserve (inclusief de reserve weerstandsvermogen) is het saldo van de Perspectiefnota 2021: x € 1.000
Herijking gemeentefonds Op 2 februari 2021 is het voorstel voor de nieuwe integrale verdeling van het gemeentefonds (inclusief onderdeel Beschermd Wonen) openbaar gemaakt. Naast de verdeling en de omvang van het gemeentefonds zijn ook de nog lopende gesprekken met gemeenten over onder andere de toereikendheid van de financiering van de jeugdzorg daarbij van belang. Dat geldt ook voor de verruiming en modernisering van het gemeentelijk belastinggebied en de evaluatie van de normeringssystematiek. Ook daarover moet het volgende kabinet besluiten. De besluitvorming over de invoering van de nieuwe verdeling wordt overgelaten aan het volgende kabinet en daardoor is de voorgestelde invoeringsdatum verschoven naar 1 januari 2023. De voorgestelde herijking leidt zonder meer tot herverdeeleffecten en daarmee tot gemeenten die voordeel en gemeenten die nadeel ondervinden. Voor sommige gemeenten zijn die voorlopige effecten zeer fors. Omdat het sociaal domein nog in beweging is, wordt ook een evaluatie na vier jaar ingebouwd. Om de voorgestelde invoeringsdatum van 1 januari 2023 te halen, worden wij uiterlijk via de meicirculaire 2022 van het gemeentefonds geïnformeerd. Sociaal domein Wij verwachten meer structurele middelen voor het sociaal domein, voor jeugd, voor het opheffen van de opschalingskorting en het afschaffen van het Wmo-abonnementstarief.
Al deze ontwikkelingen en de mate waarin ze worden doorgevoerd liggen bij het nieuwe kabinet. Gemeenten kunnen hier nog niet op anticiperen, omdat het nog zeer onzeker is. Vooruitblik op ontwikkeling personeelskosten Wij hanteren de volgende uitgangspunten voor de personeelskosten: • De organisatie beweegt mee met ombuigingen - bij elke ombuiging is het effect op de formatie in beeld • We bouwen de formatie af • We verscherpen de aansturing op de formatie
10
De organisatie beweegt mee Het spreekt voor zich dat wij bij de ombuigingen ook de omvang van de gemeentelijke organisatie betrekken. In de voorbereiding van de Perspectiefnota 2021 zijn al een aantal maatregelen in gang gezet. Het resultaat hiervan is dat bedrijfsvoeringskosten de komende jaren met bijna € 1 miljoen gaat dalen en de formatie met bijna 10 formatieplaatsen afneemt. Dit komt voort uit onderstaande maatregelen: • De ombuigingen die deze Perspectiefnota 2021 zijn voorgesteld, leiden tot een verlaging van de bedrijfsvoeringsbudgetten (equal pay) van € 80.000 structureel. In de bijlage Ombuigingenbundel bij deze Perspectiefnota is bij elke ombuiging in beeld gebracht tot welke formatiereductie de ombuiging leidt; • Met uw raad maakten wij de afgelopen jaren afspraken over de inzet van een flexpool. De medewerkers uit de flexpool kregen een vaste aanstelling. Dit leidde tot lagere kosten en beter werkgeverschap. U stelde incidenteel (€ 625.000 inclusief overhead) beschikbaar. De flexpool wordt vooral ingezet op het bedienen van initiatieven van inwoners en ondernemers in het fysiek domein. Met ingang van 2023 is er geen dekking meer voor deze formatie en zullen wij proberen om deze medewerkers op bestaande vacatures te plaatsen.
Wij gaan doen wat we hebben afgesproken maar wij zullen scherp monitoren wat deze afbouw betekent voor het ondersteunen van de economische ontwikkelingen; • Naast de taakstelling op de flexpool voert de organisatie de taakstelling op digitalisering uit. U stelde incidenteel extra middelen beschikbaar voor digitalisering waarbij ons college zich verbond aan een afbouw van de structurele formatie. Deze afbouw kan plaatsvinden door efficiencywinst als gevolg van digitalisering. De taakstelling bedraagt € 300.000 (inclusief overhead). Dit staat gelijk aan een formatiereductie van 5 formatieplaatsen; • Zoals eerder genoemd kent het fysieke domein een gunstige economische hoog-conjuctuur. Zo is bijvoorbeeld het aantal aanvragen voor (omgevings)vergunningen hoog. En zijn er veel ontwikkelingen in de woningbouw en andere projecten. Ook hechten wij veel waarde aan de participatie van de inwoners en ondernemers in de vorm van inloopavonden. Dit leidt tot ambtelijke inzet voor het afhandelen van zienswijzen en bezwaarschriften. Deze ontwikkelingen willen wij graag faciliteren. Wat dit betekent voor de bedrijfsvoering komen wij tijdens de bespreking van de begroting 2022 bij u terug. We doen meer dan bovenstaande maatregelen. De druk op onze financiën benadrukt het belang van een scherpe aansturing van de kwaliteit en kwantiteit van de formatie.
Al in gang is gezet dat de kosten getoetst worden in benchmarks. En dat strategische personeelsplanning plaatsvindt. Dit laatste houdt in dat we anticiperen op verloop en taakverschuivingen (bijvoorbeeld richting de FUMO of door ombuigingen). De nieuwe ambitie van de organisatie is op gestructureerde wijze te werken aan competenties en omvang van de organisatie die passen bij wat onze inwoners en ondernemer van de gemeente Heerenveen verwachten, de visie op dienstverlening die u dit jaar vaststelt en nieuwe wetgeving.
11
3.1. AFWEGINGSKADER Van afwegingskader … Op basis van input van de raad zijn de doelen en prioriteiten vertaald in een afwegingskader. Doel is om met dit afwegingskader houvast te bieden bij het maken van keuzes. Daarnaast hebben we de doelen uit het raads- en hoofdlijnenakkoord, de brede welvaart en de lange termijndoelen in de Strategische Agenda als uitgangspunt genomen. Afwegingskader • Binnen alle doelen: basis op orde en doen wat wettelijk minimaal vereist is • We doen wat onvermijdbaar en onuitstelbaar is; • Kostenbeheersing sociaal domein om ook op lange termijn passende ondersteuning in het sociaal domein te borgen; • We blijven inzetten op onze belangrijkste kernkwaliteiten; • We blijven inzetten op de grote maatschappelijke opgaven. Toelichting: Basis op orde: doen wat wettelijk minimaal vereist is binnen alle doelen • Schoon, heel en veilig in beheer en onderhoud van de openbare ruimte; • Dienstverlening op alle terreinen: persoonlijk en digitaal op orde en minimaal doen wat wettelijk vereist is. We doen wat onvermijdbaar en onuitstelbaar is • Vooralsnog: ambities en investeringen opschorten; • Tenzij: investering helpt om op termijn meerkosten te voorkomen of meer inkomsten te genereren.
Kostenbeheersing sociaal domein om ook op lange termijn passende ondersteuning te borgen • Passende ondersteuning ook op lange termijn voor wie dat nodig heeft; • Basis op orde: doen wat wettelijk minimaal vereist is; • Indien nodig bovenwettelijke regelingen aanpassen; • Taakstelling jeugd. We blijven inzetten op grote maatschappelijke opgaven • Duurzaamheidsopgave; • Gezonde en klimaatbestendige wijken en dorpen; • Vitale gemeente met vitale kernen; • Preventie en zorg.
… naar het basisscenario Vanuit onderstaande principes zijn eerst alle mogelijke ombuigingen in kaart gebracht: • We maken scherpe, maar verantwoorde keuzes in plaats van kaasschaaf. Hierbij zijn waar mogelijk de maximale ombuigingsvarianten in beeld gebracht. • We zoeken een goede balans tussen inkomstenverhoging en het verlagen van de kosten (inclusief formatie en bedrijfsvoering); • We kijken naar de impact van ombuigingen op de samenleving;
12
• We kijken naar lange termijndoelen en ambities en de samenhang daarbinnen (Strategische Agenda); • We kijken naar risico’s; • We kijken naar de relatie tussen ambities en invloed: als we als gemeente weinig invloed hebben, kunnen we de middelen beperken; • We kijken naar recente ontwikkelingen, bijvoorbeeld impact corona op economie, werkgelegenheid en werkloosheid; • Alles is bespreekbaar; er zijn geen taken of onderwerpen die niet aangedragen kunnen worden; ook binnen doelen en ambities kunnen ombuigingen worden aangedragen. Deze mogelijkheden van uitgaven verlagen en inkomsten verhogen zijn vervolgens tegen de lat van het afwegingskader gelegd en per voorstel afgewogen. Is deze taak wettelijk verplicht en/of is het onvermijdbaar en onuitstelbaar? Is de taak nodig om de basis (schoon, heel en veilig) en dienstverlening op orde te houden? Kunnen we met deze ombuiging de kosten in het sociaal domein beter beheersen zonder dat het grote afbreuk doet aan de passende ondersteuning op langere termijn? Draagt de taak bij aan onze kernkwaliteiten of aan grote maatschappelijke opgaven? Deze afweging heeft geleid tot het voorliggende basisscenario. Hierbij moet opgemerkt worden dat dit niet exact past binnen het afwegingskader. Hiervoor is de financiële opgave te groot.
Dit basisscenario is een mogelijke manier hoe er nieuw financieel evenwicht gevonden kan worden, maar het is niet de enige manier. Het is nu aan de gemeenteraad een verantwoorde keus te maken. Om onze afwegingen transparant en navolgbaar te maken voor u en voor de samenleving, hebben we alle ambities, investeringen (Investeringsagenda) en ombuigingsmogelijkheden (Ombuigingenbundel) als bijlagen aan deze Perspectiefnota toegevoegd. Zo kunt u precies nagaan welke voorstellen wij hebben opgenomen in het basisscenario en welke alternatieven er zijn om tot een ander pakket aan maatregelen te komen indien u dat wenst.
13
3.2. TOELICHTING AUTONOME ONTWIKKELINGEN In deze paragraaf presenteren wij eerst de structurele mutaties en daarna de incidentele mutaties die betrekking hebben op de autonome ontwikkelingen die onvermijdbaar en onuitstelbaar zijn.
3.2.1. Autonome ontwikkelingen (structureel) x € 1.000
Toelichting: Hogere uitgaven jeugd De Jeugdwet is een open einde regeling: de gemeente heeft de plicht tot het verstrekken van jeugdhulp als ouders of kinderen deze hulp nodig hebben - ook wanneer het gemeentelijk budget niet toereikend is. De sturingsmogelijkheden van de gemeente worden onder meer beperkt door: • het wettelijk verwijsrecht van derden en • de wettelijke plicht tot regionale samenwerking. De afgelopen jaren hebben we vele transformatie-maatregelen genomen die in de directe invloedssfeer van de gemeente liggen. Bijvoorbeeld het versterken van het voorliggend veld, zoals de preventieteams, de kwaliteit van het Team Jeugd en Gezin en het verkrijgen van inzicht in de kostenontwikkeling. Daarnaast hebben we veel geïnvesteerd in de samenwerking binnen Sociaal Domein Fryslân en in de contacten met huisartsen en gecertificeerde instellingen. Toch zien we de afgelopen jaren een gestaag stijgende trend in de kosten. Deze wordt zowel veroorzaakt door een groei van het aantal unieke cliënten in zorg als door een toename van de kosten per jeugdige. Voor duiding hiervan verwijzen we naar de raadsbrief over de ontwikkelingen jeugdhulp die u eerder heeft ontvangen. Voor de jaren 2022 tot en met 2025 verwachten we dat de kosten binnen het product jeugd minimaal € 3,4 miljoen hoger liggen dan nu begroot is. Dit betreft een voorzichtige prognose.
De afgelopen jaren zagen we een trend van toenemende cliëntenaantallen en stijgende kosten per cliënt. Deze stijgingen zijn niet (volledig) doorvertaald in de prognose. Als de trend van de afgelopen jaren zich doorzet, komt de prognose voor 2022 en verder veel hoger uit. We kiezen echter bewust voor een voorzichtige prognose, omdat we het keren van deze trend als een belangrijke opgave zien (zie ook paragraaf 3.4).
14
Hogere uitgaven Wmo Aan de hogere Wmo-uitgaven (€ 1,9 miljoen) liggen de volgende oorzaken ten grondslag: 1. Abonnementstarief Met de invoering van het abonnementstarief is wettelijk bepaald dat cliënten maandelijks een eigen bijdrage van maximaal € 19 betalen voor hun Wmo-ondersteuning. Deze bijdrage is ongeacht het aantal ingezette voorzieningen, de prijs van deze voorzieningen of het inkomen en vermogen van de cliënt. In Heerenveen is hierdoor een toename zichtbaar van mensen met een midden- of hoog inkomen, die een beroep doen op Wmo-voorzieningen. Die toename zien we vooral terug in het beroep dat wordt gedaan op huishoudelijke hulp. Hier zien we het afgelopen jaar een stijging van het aantal cliënten van 10%, waar dat normaliter 3 á 4% is. Daarnaast zien we een afname van de inkomsten die wij ontvangen uit de eigen bijdrage van de cliënt. Ondanks het feit dat er meer cliënten zijn, betalen ze samen minder eigen bijdrage dan voor de invoering van het tarief. 2. Verhoging van de kostprijs van voorzieningen De Wmo-voorzieningen worden duurder. Dat komt deels door de nieuwe CAO-afspraken in de zorgsector, die worden doorberekend en deels door schaarste in de markt. Afname van het aantal leveranciers en hogere productiekosten van hulpmiddelen hebben een kosten opdrijvend effect. 3.
Vergrijzing Doel van de Wmo is dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen, ook als dat niet zo vanzelfsprekend is. Onze gemeente vergrijst snel, met toename van het Wmo-cliëntenbestand als gevolg. Omdat deze groep langer zelfstandig woont, met toenemende beperkingen, stijgt de gemiddelde consumptie van Wmo-voorzieningen. Vrijval stelpost personele kosten door validatieonderzoek begroting Er is een gedetailleerdere analyse van de budgetten van het meerjarenperspectief 2022 -2024 van de begroting 2021 gemaakt. Hierbij is een verschil naar voren gekomen. Een structurele taakstelling op personele kosten, waartoe eerder al besloten was, is niet in de begroting verwerkt. Dit heeft een voordelig structureel effect van € 75.000 met ingang van 2024. Informatiebeveiliging Als het een cybercrimineel lukt om binnen te komen in de gemeentelijke ICT en daar een gebruikersnaam met hoge toegangsrechten te pakken krijgt, dan kan onze gemeente hetzelfde overkomen als andere gehackte gemeenten of organisaties. Daarom willen we vanaf 2023 € 14.000 structureel beschikbaar stellen voor het blijven beveiligen van gebruikersnamen (beheerders) met hoge toegangsrechten. Aansluitingen op de digitale snelweg Vanaf 2022 structureel € 9.000 oplopend naar € 18.000 in 2023 beschikbaar stellen voor het onderhouden van nieuwe aansluitingen op de digitale snelweg.
In 2020 hebben wij de basis voor onze digitale snelweg en de eerste aansluitingen daarop gerealiseerd.
15
Met nieuwe aansluitingen willen wij: • beter voldoen aan wet- en regelgeving voor digitaal informatiebeheer door vermindering van het hybride (fysiek en digitaal) informatiebeheer en • de digitale dienstverlening vergroten. Eenmalige kosten van realisatie van nieuwe aansluitingen zijn in deze Perspectiefnota opgenomen onder incidentele mutaties. Audit websites In Nederland willen we dat openbare voorzieningen toegankelijk zijn voor iedereen. Niet alleen bijvoorbeeld gebouwen en het openbaar vervoer, maar ook overheidswebsites. Daarom is digitale toegankelijkheid belangrijk én verplicht voor alle overheidsinstanties. Om te voldoen aan de verplichtingen uit het besluit Digitale Toegankelijkheid moet iedere website van de gemeente jaarlijks worden onderzocht door een extern auditbureau. De kosten voor deze audit zijn € 2.000 per website (prijspeil 1-1-2021). Op basis van het aantal websites in 2021 gaat het om een bedrag van € 10.000 (5 websites). Webcare Om uitvoering te geven aan het van buiten naar binnen halen van informatie, vragen en meningen gebruikt de afdeling Publieksvoorlichting de tool Obi4Wan. Hiermee beheren zij de online gesprekken in één omgeving en kunnen de medewerkers efficiënt, snel en consistent reageren op social media kanalen als Facebook, Twitter, Chat en WhatsApp.
We willen deze tools structureel inzetten om onze dienstverlening en bereikbaarheid te verbeteren. Dat vraagt om een jaarlijkse budget van € 6.000.
16
3.2.2. Autonome ontwikkelingen (incidenteel) x € 1.000
Toelichting: Aansluitingen op de digitale snelweg Voor het realiseren van nieuwe aansluitingen op de digitale snelweg is voor het jaar 2022 € 100.000 en voor 2023 € 100.000 nodig. In 2020 hebben wij de basis voor onze digitale snelweg en de eerste aansluitingen daarop gerealiseerd. Met nieuwe aansluitingen willen wij: • beter voldoen aan wet- en regelgeving voor digitaal informatiebeheer door vermindering van het hybride (fysiek en digitaal) informatiebeheer en • de digitale dienstverlening kunnen vergroten. Deze kosten zijn voor het voldoen aan wet- en regelgeving. Structurele kosten van realisatie van nieuwe aansluitingen zijn in deze Perspectiefnota opgenomen onder structurele mutaties. Omgevingsplan buitengebied Het opstellen van het omgevingsplan buitengebied is al meerdere malen uitgesteld. Er is sprake van verouderde regelgeving, omdat er na de herindeling drie verschillende bestemmingplannen voor het buitengebied van kracht zijn. Bovendien is het onderliggende beleid versnipperd. Alle drie plannen zijn 10 jaar of (veel) ouder. De ambities die u heeft vastgelegd in de omgevingsvisie krijgen in dit omgevingsplan hun vorm. Een inzet van externe deskundigen is daarbij onvermijdelijk. Een doorlooptijd van minimaal twee jaar is nodig voor een zorgvuldig en gedragen proces met raad, inwoners en belanghebbenden.
Uitstel belemmert de ontwikkeling van het buitengebied en maakt ieder initiatief tot een bewerkelijk proces van afweging van belangen. Een omgevingsplan bevordert de snelheid in processen van omgevingsvergunningen. Dit vergt een incidenteel budget van € 100.000 in 2022 en € 200.000 incidenteel in 2023. Invoering omgevingswet Voor de uitvoering en doorontwikkeling van de Omgevingswet 2022 - 2025 is een incidenteel budget nodig van € 75.000 voor 2022 en € 75.000 voor 2023. In de jaren 2022 - 2025 moet blijvend en intensief gewerkt worden aan de optimalisatie van werkprocessen en het inregelen/bijstellen van het Digitaal Stelsel Omgevingswet.
17
In Heerenveen vinden we het belangrijk dat we de nieuwe werkwijzen al lerend toepassen en evalueren. Dit doen we door technisch, inhoudelijk en efficiënt te werken in de keten. Ook met externe partners zoals de omgevingsdienst FUMO en de Veiligheidsregio. We willen professioneel zijn in denken, adviseren en handelen. Deze investering is voor begeleiding, feedback, aanbrengen van modificaties in processen en software en vervanging van ontwikkeluren voor eigen personeel. De vervanging is onvermijdelijk om ruimte te creëren in de huidige bezetting, die volledig opgevuld is met reguliere en wettelijke taken. Erbij of ernaast doen is niet aan de orde. Deze tijdelijke vervanging voorkomt dat vergunningen straks niet binnen de wettelijke termijnen kunnen worden behandeld en van rechtswege verleend moeten worden. Daarnaast zullen indieners van zienswijzen en bezwaren vaker door de rechter in het gelijk worden gesteld door onvoldoende onderbouwing vooraf of motivering achteraf. De Omgevingswet omvat een herverdeling van taken op milieugebied. Er gaan taken van de gemeente naar de provincie en omgekeerd. Mede hierdoor veranderen de basistaken die de Fryske Utfieringstsjinst Miljeu en Omjouwing (FUMO) uitvoert. Het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) is nog niet definitief vastgesteld, waardoor onduidelijk is welke taken waar exact worden belegd.
Voor Heerenveen geldt zorgvuldigheid bij de overdracht van deze taken. Het gaat niet alleen om inkoop van diensten, maar wellicht ook over de verplaatsing van personeel, met opleidingsinspanningen en frictiekosten. Opzetten integraal omgevingsplan Het opstellen van een gemeentedekkend omgevingsplan is een wettelijke basistaak van de gemeente. De kosten schatten we op € 100.000 per jaar. De Omgevingswet biedt hiertoe de tijd tot 2029. De opgave bestaat uit een stapsgewijze omzetting van de (ongeveer 170) bestaande bestemmingsplannen naar één omgevingsplan. Dit is inclusief het opnemen van de verordeningen voor de fysieke leefomgeving, waarvan de afronding is verplicht in 2029. De operatie is omvangrijk en fasering over de beschikbare jaren is noodzakelijk om aan te sluiten op de capaciteit van de organisatie. Het omgevingsplan bepaalt ook in belangrijke mate de werkdruk, omdat in het plan wordt bepaald welke plannen binnen de regels passen (snelservice) en welke plannen meer maatwerk vereisen of waarbij participatie nodig is. Bij vertraging of uitstel is substantieel meer tijd nodig voor de beoordeling van vergunningaanvragen in geval van het ontbreken van actuele omgevingsplannen. Dit is onhaalbaar met de kortere wettelijke doorlooptijd (8 weken in plaats van 26 weken). Vennootschapsbelasting Met ingang van 2016 is de gemeente vennootschapsbelastingplichtig.
Het uitgangspunt van de gemeente is dat we alleen belastingplichtig zijn voor de grondexploitaties. De huidige grondexploitaties hebben nog een looptijd tot 2032. De verwachting is dat de totale fiscale winst over deze periode € 5,1 miljoen bedraagt op basis van onze exploitatieberekeningen per 31-12-2020. Deze fiscale winst resulteert in een afdracht van vennootschapsbelastingplicht. De verwachting is dat er vanaf 2022 geen recht meer is op verliescompensatie vanuit eerdere jaren. We verwachten een voorlopige last van € 102.000 op basis het fiscale resultaat op de grondexploitaties voor de jaren 2022, 2023 en 2024.
18
Extra kosten verkiezingen Het bedrag van € 33.000 is nodig voor de kosten voor de gemeenteraadsverkiezingen die in 2022 plaatsvinden. Het gaat dan om het bekostigen van organisatiedebatten, communicatie, opkomstbevordering, (in)formatieperiode, integriteitsscreening nieuwe wethouders, afscheid raadsleden, inwerken raad, facilitering raad met devices etcetera. Er staat al een bedrag in de begroting 2022 voor devices, maar dat is te laag om alle kosten te dekken. Het bedrag is gebaseerd op eerdere verkiezingen.
19
3.3. TOELICHTING KEUZE UIT DE INVESTERINGSAGENDA Een aantal voorstellen uit de Investeringsagenda zijn als nieuw beleid betrokken bij deze Perspectiefnota. Bij het afwegen van de keuze is het kader zoals opgenomen onder paragraaf 3.1 leidend geweest. In deze paragraaf presenteren wij eerst de ambities met een structureel karakter en daarna die met een incidentele financiële consequentie.
3.3.1. Keuze uit de Investeringsagenda (structureel) x € 1.000
Toelichting: Thialf (nr. 1 van Investeringsagenda) De exploitatie van Thialf staat onder grote druk. Thialf heeft een herstelplan opgesteld. De gemeente en de provincie (aandeelhouders) besloten aan de hand van dit plan een overbruggingskrediet beschikbaar te stellen om een faillissement te voorkomen. De raad heeft in juni 2020 een krediet van € 991.000 beschikbaar gesteld. Dit is een derde deel van het totale overbruggingskrediet, omdat de gemeente een derde van de aandelen bezit. Met behulp van het overbruggingskrediet kan Thialf met de exploitatie doorgaan tot en met september 2022. Op dit moment wordt onderzocht hoe Thialf duurzaam kan worden geëxploiteerd. Met de belangrijkste gebruikers wordt onderzoek gedaan naar een meer kostendekkende huur voor gebruik van de accommodatie. Partijen stemmen daar ook mee in. Maar ook met een maximale inzet van de betreffende partijen is een sluitende exploitatie nog lang niet binnen handbereik. Vooral de benodigde reserveringen voor vervangingsinvesteringen en groot onderhoud drukken zwaar op een duurzame exploitatie. Duidelijk is dat structurele exploitatiesteun van beide aandeelhouders onmisbaar is voor het in stand houden van de hallen en van de topsport- en breedtesportambities. In de komende periode moet helder worden of een beroep op het rijk, om bij te springen bij het in stand houden van Thialf, resultaat oplevert.
Wij gaan er van uit dat de gemeente minimaal een bijdrage moet leveren van € 200.000 in 2022 en vanaf 2023 structureel € 400.000 in de exploitatie van Thialf om samen met de provincie en het rijk (en de extra inspanningen van gebruikers) de sport ambities in Heerenveen overeind te kunnen houden. Dat is van groot belang voor de sport van Heerenveen en de positie van Topsport Noord in Heerenveen en de regio.
20
Dat sluit aan bij de onderstaande punten in de Strategische Agenda: • Het vergroten van de aantrekkingskracht van topsport en het imago van Heerenveen • Sport en vitaliteit inzetten als economische en sociaal maatschappelijke kans • Het sportprofiel en de bijbehorende economische spin-off op langere termijn vasthouden. Economische zaken (nr. 7 van Investeringsagenda) We werken aan Heerenveen als banenmotor en regionaal voorzieningencentrum. We hopen dat na het coronajaar 2020 en het ‘overgangsjaar’ 2021 de ondernemers weer kunnen herstellen en gaan innoveren en ontwikkelen. Daarin willen we hen faciliteren. Ons economisch beleid kwam tot stand in samenspraak met ondernemers, onderwijs, andere overheden en stakeholders. Samen willen we blijven werken aan onze ambities, wat recht doet aan de afspraken en verwachtingen. In 2020 en 2021 is er tijdelijk budget beschikbaar gesteld. Met deze structurele aanvulling van € 130.000 gaan we ook daarna verder aan de slag met ons economisch beleid 2020-2030. De accenten van onze aanpak worden het komende jaar waarschijnlijk nog bepaald door corona en wat dat betekent voor onze ondernemers. Daarvoor gaan we met hen in gesprek en zetten we onze kennis, ons netwerk en onze middelen in.
We gaan aan de slag met: Inspelen op de kracht van Heerenveen • Een toekomstbestendig duurzaam logistiek knooppunt • Inspelen op de economische kansen voor sport, vitaliteit en voeding • Versterken van de circulaire economie Faciliteren en stimuleren van ons MKB • Vergroten van de concurrentiekracht van het MKB • Het stimuleren van impact gedreven ondernemerschap Versterken van het vestigingsklimaat • Toekomstbestendige werklocaties • Vrijetijdseconomie die werkt voor de regio • Bruisende, vitale kernen, ondernemend buitengebied • Onderwijs en arbeidsmarkt klaar voor de toekomst • Profilering en marketing Dit sluit aan bij de onderstaande punten in de Strategische Agenda: • Werken aan Heerenveen als banenmotor en regionaal voorzieningencentrum. • Zorgen voor gezonde, klimaatbestendige en leefbare wijken en dorpen. • Staan voor de kwaliteit en veerkracht van een veranderend landelijk gebied. Cofinanciering strategisch plan verkeersveiligheid (nr. 27 Investeringsagenda) Aan de gemeente is een subsidie toegekend in het kader van het landelijk Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV) 2030. Deze middelen zijn bedoeld om de verkeersveiligheid te verbeteren, onder andere door de functie, vormgeving en gebruik van de weg af te stemmen op de wegcategorie volgens het landelijke Duurzaam Veilig beleid. Er is een subsidiebedrag toegekend van ruim € 1.757.000.
Hiervan is afgerond € 848.000 voor maatregelen die binnen 1 jaar dienen te worden uitgevoerd. Voor het overige deel (afgerond
21
€ 909.000) moeten de maatregelen voor 2025 gereed zijn. Het betreft een rijksbijdrage van maximaal 50%. Hier dient een gemeentelijke bijdrage van hetzelfde bedrag tegenover te staan. De kapitaallasten bedragen afgerond € 50.000 per jaar. Openbare orde en veiligheid (nr. 36 van Investeringsagenda) We zijn als gemeente verantwoordelijk voor de openbare orde, veiligheid en leefbaarheid. Daarom moeten we goed toegerust zijn om onze inwoners, bedrijven en instellingen te beschermen en te helpen. Op een manier dat we adequaat invulling kunnen geven aan deze taak en eventuele nieuwe taken en bevoegdheden van de gemeente/burgemeester. Uit benchmarks op zowel de capaciteit op beleidsmatig en juridisch gebied als op de capaciteit van de BOA’s/toezichthouders blijkt dat de formatie structureel ruim onvoldoende is. Om onze kerntaken en het veiligheidsbeleid te kunnen uitvoeren, is een uitbreiding van structurele formatie nodig van 2,28 fte. Daarnaast zijn er middelen nodig om het BOA-team te faciliteren. Totaal is hiervoor structureel € 238.000 nodig.
3.3.2. Keuze uit de Investeringsagenda (incidenteel) x € 1.000
Toelichting: Openbare orde en veiligheid (nr. 36 van Investeringsagenda) Naast een structurele uitbreiding van de capaciteit van de BOA’s/toezichthouders is een incidentele uitbreiding van de formatie nodig voor een versterking van de veiligheid en de centrumcoördinatie (1,73 fte). Dit is nodig om de keten openbare orde en veiligheid door te ontwikkelen en klaar te maken voor de toekomst en achterstanden in te lopen. Totaal is hiervoor incidenteel € 188.000 nodig in 2022 en voor 2023 € 163.000. Ontwikkeling maatwerk voor omgevingswet (nr. 44 van Investeringsagenda) We willen binnen de gemeente Heerenveen werken vanuit de bedoeling. Dat sluit aan bij de ambities van de Omgevingswet. Van ‘nee, tenzij’ naar ‘ja, mits’ en meer maatwerk. We gaan dit maatwerk ontwikkelen en faciliteren vanuit het principe werken vanuit de bedoeling onder de Omgevingswet. De Omgevingswet wil dat er beter en sneller besluiten worden genomen in projecten in de leefomgeving. Dat vraagt om een integrale en samenhangende manier van werken van overheden, burgers en bedrijven. Kernwoorden zijn: open, flexibel, uitnodigend, innovatief en vertrouwen. De afgelopen jaren, met name in 2020, zijn we deze andere manier van benaderen en werken steeds meer in de dagelijkse praktijk gaan toepassen. Hier willen we de komende jaren mee doorgaan.
En uitrollen in het hele fysieke domein van vergunningverlening en handhaving van het eerste tot en met het laatste contact. Daarmee willen we invulling geven aan lokale en landelijke ambities. Ervaringen vanuit het werken vanuit de bedoeling leren ons dat deze verandering tijd en personele capaciteit (3 fte) kost. Ervaringen in 2020 met de omgevingstafels geven houvast. Hiervoor is incidenteel € 307.000 voor 2022 en hetzelfde bedrag voor 2023 nodig.
22
3.4. Van afwegingskader naar basisscenario Een aantal voorstellen uit de Ombuigingsbundel zijn opgenomen in het onderstaande basisscenario. Bij het afwegen van de keuze is het kader zoals opgenomen onder paragraaf 3.1 leidend geweest. x € 1.000
Toelichting: Taakstelling jeugd vanaf 2024 Over de afgelopen jaren zien we een tendens van gestaag stijgende kosten voor individuele jeugdhulp. In de paragraaf ‘Toelichting autonome ontwikkelingen’ voorspellen we structurele uitgaven die minimaal € 3,4 miljoen hoger liggen dan begroot. We kiezen bewust voor een voorzichtige prognose, omdat we de trend van steeds verder stijgende kosten willen keren.
23
De groei van het aantal voorzieningen en van de kosten per cliënt, is de grootste opgave binnen het jeugddomein voor de komende jaren. Onze ambitie reikt echter verder. Nu al zien we dat de kostenontwikkeling binnen het jeugddomein ten koste gaat van het algemene voorzieningenniveau in de gemeente. Dat vinden we onwenselijk. Daarom is ons voorstel om een taakstelling op te leggen van € 1,5 miljoen met ingang van 2024. We verwachten een deel van deze taakstelling te kunnen realiseren door de invoering van de aangescherpte bekostigingssystematiek (in Social-Domein Fryslân (SDF)-verband). Daarnaast zijn aanvullende maatregelen nodig. Deze werken we uit in het raadsvoorstel ‘Strategie realiseren taakstelling jeugd’ dat u heeft ontvangen. We stellen voor om samen met de maatschappelijke partners toe werken naar een lokaal transformatieakkoord. In dat akkoord maken we afspraken over een begrensde bedoeling van het jeugdbeleid en over de wijze waarop we het systeem van zorg en ondersteuning houdbaar maken voor de toekomst. Het lokaal akkoord zal naar verwachting niet voldoende besparingen opleveren. Daarom gaan we extern advies vragen over aanvullende kostenbesparende maatregelen. Voor meer informatie verwijzen we naar het raadsvoorstel, waarin we ook ingaan op de haalbaarheid de taakstelling en risico’s van deze aanpak. Verlagen budget Wmo huishoudelijke hulp (nr.
66a Ombuigingsbundel) Om zelfstandig te kunnen blijven wonen hebben ruim 1.500 inwoners via de Wmo ondersteuning bij het huishoudelijke werk. Gemiddeld wordt er per week tussen 2,5 en 3 uur hulp ingezet. Door gezamenlijk met Wmo-cliënten, hun netwerk en hun zorgverlener te zoeken naar ruimte in de indicatie kan de inzet van huishoudelijke hulp met gemiddeld een half uur per week worden verlaagd. Daarbij hanteren we de richtlijnen van een nieuw indicatieprotocol, dat uitgaat van een gemiddelde inzet van 2,0 tot 2,5 uur per week. In situaties waar minder inzet van huishoudelijke hulp het “zelfstandig wonen” in het geding brengt, blijven we maatwerk leveren. Voor de uitvoering van deze ombuiging is eenmalig extra personele inzet (frictiekosten) nodig. Verlagen budget bijzondere Bijstand (nr. 62 Ombuigingsbundel) De laatste jaren (in ieder geval vanaf 2016) geven we gemiddeld zo’n € 1,8 miljoen uit aan bijzondere bijstand. In 2018 was er een klein overschot van € 50.000. In 2019 was dit door de destijds gunstige economie € 200.000. Ook vorig jaar is een vergelijkbaar bedrag overgehouden. Ondanks de onbekende lange termijnimpact van corona op de bijzondere bijstand denken we daarom een structurele besparing van 10% te kunnen realiseren.
Dit halen we met name uit de “winst” van de vroegsignalering van schulden, waardoor we inwoners eerder en beter helpen en naar verwachting bewindvoeringskosten kunnen besparen. Daarnaast passen we een andere draagkrachtberekening toe zodat het aansluit bij het inkomen dat wij hanteren voor ons minimabeleid. Verlagen budget collectieve ziektekostenverzekering (nr. 68 Ombuigingsbundel) We hebben twee zorgregelingen voor mensen met een laag inkomen: • de Heerenveen Zorgt Regeling (HZR). • de collectieve zorgverzekering. Bij stopzetten van deze regeling met ingang van 2022 levert dit een besparing op van structureel € 375.000 per jaar. Dit heeft een impact op de huidige 2.000 deelnemers. Het aanbieden van deze vergoeding/verzekering is zeer wenselijk maar niet verplicht (een zogenaamde kan-bepaling in artikel 35 van de Participatiewet).
24
Hogere bijdrage Wmo-vervoer (nr. 66b Ombuigingsbundel) Ruim 1400 inwoners maken gebruik van het Wmo-vervoer. Zij betalen voor een taxirit € 0,10 per km. Deze bijdrage wordt geïncasseerd door de gecontracteerde taxiondernemers en is verrekend in het tarief dat de gemeente aan de ondernemers betaalt. Door de kosten voor de Wmo reiziger te verhogen naar € 0,20 per kilometer met een opstaptarief van € 1 per rit, wordt het tarief dat de gemeente betaalt verlaagd. De nieuwe bijdrage voor Wmo reizigers komt overeen met de bijdrage die andere reizigers betalen voor het openbaar vervoer. Voor Wmo reizigers is de taxi een vorm van openbaar vervoer. Verlagen subsidies maatschappelijk werk (nr. 67a Ombuigingsbundel) Voor de uitvoering van het maatschappelijk werk hebben we een subsidierelatie met de Stichting maatschappelijk werk Heerenveen. In afstemming met deze stichting wordt de subsidie vanaf 2023 afgebouwd. Dit kan door van de cliënten een eigen bijdrage te vragen of het aantal te subsidiëren uren te verlagen. Maatschappelijk werk aan volwassenen is een vorm van ondersteuning die gebaseerd is op de Wet maatschappelijke ondersteuning. Hiervoor kan, net als voor andere Wmo voorzieningen, maximaal € 19 per maand eigen bijdrage worden gevraagd. In 2022 blijft de subsidierelatie ongewijzigd.
Bij de afbouw van de subsidie houden we rekening met frictiekosten van € 175.000 in 2023 en € 100.000. De ombuiging van € 250.000 is in 2025 in zijn geheel geëffectueerd. Verlagen subsidies sportstimulering (nr. 65a Ombuigingsbundel) De gemeente subsidieert Sport Fryslân voor de inzet van 10 buurtsportcoaches. Hiervan zijn er zeven actief in het onderwijs. De scholen dragen gezamenlijk € 67.500 bij in de kosten van de coaches. In afstemming met het onderwijs en Sport Fryslân realiseren we vanaf 2023 een bezuiniging van € 100.000. Dat doen we in eerste instantie door van het onderwijs een hogere bijdrage te vragen. Mocht dat niet toereikend zijn voor de volledige ombuiging, dan verlagen we de subsidie aan Sport Fryslân en zijn er vanaf 2023 minder buurtsportcoaches beschikbaar voor het onderwijs. Bij de afbouw van de subsidie houden we rekening met frictiekosten. De ombuiging is in 2025 in zijn geheel geëffectueerd. Verlagen budget laaggeletterdheid (nr. 63a Ombuigingsbundel) In het hoofdlijnenakkoord is voor de aanpak van laaggeletterdheid structureel € 125.000 beschikbaar. Deze aanpak is inmiddels ontwikkeld en in uitvoering. Per 2022 is het integraal opgenomen binnen het re-integratiebudget. Verlagen budget cultuur (nr. 53a Ombuigingsbundel) In onze cultuurbegroting is een structureel bedrag € 3,7 miljoen beschikbaar.
Dit is als volgt opgebouwd: • het Posthuis (€ 1.300.000) • de Bibliotheek (€ 1.000.000) •· Ateliers Majeur (€ 680.000) • Museum Heerenveen (€ 400.000) • subsidies voor amateurverenigingen en stichtingen (€ 175.000) • Oranjewoud Festival en Museum Belvédère (€75.000) Er lopen momenteel verschillende onderzoeken bij de eerste vier genoemde culturele partners tot verdergaande samenwerking. Een uitgelezen moment om gebruik te maken van deze “vibe” en om naast het strategisch voordeel dat er is ook een financieel voordeel te behalen.
25
Het voorstel is daarom om de culturele partners een opdracht mee te geven om vanaf 2023 een bedrag van € 200.000 als ingeschat inverdieneffect op te nemen voor organisatie & management, programmeringen en huisvesting. Bij de afbouw van de subsidie houden we rekening met frictiekosten. De ombuiging is in 2025 in zijn geheel geëffectueerd. Kostendekkend maken ingetrokken Ruimtelijke Ontwikkeling-initiatieven van derden (nr. 23 Ombuigingsbundel) Veel ruimtelijke initiatieven van derden worden projectmatig voorbereid. Van projecten die doorgaan wordt van de initiatiefnemers in de meeste gevallen een kostendekkende vergoeding ontvangen via een exploitatieovereenkomst. Van projecten die uiteindelijk niet doorgaan, omdat de initiatiefnemer zijn plannen intrekt, ontvangen wij echter geen kostenvergoeding. Indien besloten wordt om ook onze voorbereidingskosten van ingetrokken projecten bij de initiatiefnemer in rekening te brengen en onze inspanning 100% kostendekkend te maken is dit een kostendekking van circa € 30.000 per jaar. Verlagen budget bestemmingsplannen (nr. 69 Ombuigingsbundel) Het jaarlijkse, structurele budget van € 29.000 voor het maken van bestemmingsplannen kan vervallen. Het gaat hier niet om de plankosten voor ontwikkelingen van derden. Die kosten worden namelijk aan de initiatiefnemer doorberekend. Vervallen budget planschade claims (nr.
70 Ombuigingsbundel) Het structurele budget voor planschadeclaims kan vervallen. Dit levert een jaarlijkse besparing op van € 35.000. Hierbij verleggen wij het risico naar de initiatiefnemer. Vervallen inzet voor controle FUMO (claims (nr. 72 Ombuigingsbundel) Tot heden wordt er ambtelijke capaciteit ingezet om de (producten van de FUMO) te controleren. Het niet meer inzetten van 0,4 fte formatie leidt tot een besparing van € 31.000. Vrijval budgetten multifunctioneel centrum de Akkers en sportcomplex Nieuwehorne (nr. 25 Ombuigingsbundel) De projecten MFC de Akkers en sportcomplex zijn afgerond. Het resterende budget van € 13.000 komt door een aanbestedingsvoordeel. Gymmaterialen niet meer doorontwikkelen (nr. 54 Ombuigingsbundel) U heeft in 2018 € 1 miljoen beschikbaar gesteld voor de vervanging van de verouderde gymmaterialen in de gemeentelijke gymzalen. In 2019 is dit uitgevoerd. Het niveau van de materialen in onze gymzalen is relatief hoog en toereikend voor de aankomende jaren. Het overgebleven budget was bestemd om de gymzalen verder door te ontwikkelen, bijvoorbeeld naar digitale opties. Deze ambitie kan nu niet meer waargemaakt worden en betekent een besparing van € 13.000. Aanpassen parkeerautomaten (nr. 28 Ombuigingsbundel) In het uitvoeringsprogramma van de parkeervisie is opgenomen dat alle parkeerautomaten worden omgebouwd. Een groot deel is inmiddels aangepast.
Dit betrof onder andere de meest gebruikte parkeerapparaten in het centrum. Daarbij zien we dat de afgelopen jaren het fenomeen “belparkeren” een enorme vlucht heeft genomen. Het niet meer ombouwen van alle overige apparaten, gelet op bovenstaande punten, is daarom verdedigbaar. Daarmee valt het resterende budget, ter hoogte van € 22.000 vrij.
26
Lager onderhoudsniveau bomen (nr. 34 Ombuigingsbundel) De gemeentelijke bomen worden in de huidige situatie eens per drie jaar onderhouden. Het is binnen onze wettelijke zorgplicht mogelijk naar een lagere onderhoudsfrequentie te gaan van eens per vijf jaar. Dit betekent een besparing van € 20.000 met ingang van 2023. Als kanttekening kan worden opgemaakt, dat dit leidt tot een lager onderhoudsniveau en daarmee lagere beeldkwaliteit en een hoger risico in het kader van onze zorgplicht qua veiligheid van de openbare ruimte. Budget gladheidsbestrijding verlagen (nr. 35 Ombuigingsbundel) We hebben een wettelijke zorgplicht om de gladheid te bestrijden op het gemeentelijke wegennet. In de begroting is hiervoor een bedrag opgenomen op basis van de inschatting dat er 30 strooibeurten nodig zijn per winterseizoen. Gelet op de relatief zachte winters van de afgelopen drie jaar, en dat dit wellicht in de toekomst doorzet, kan het aantal naar beneden worden bijgesteld naar 20 strooibeurten. Dit betekent een besparing van € 15.000 per jaar. Aanleg parkeergeleiding (nr. 40 Ombuigingsbundel) In de uitvoeringsagenda van de parkeervisie 2017 is opgenomen dat er een parkeerverwijssysteem komt waardoor parkeervoorzieningen/parkeerplaatsen gemakkelijker vindbaar en bereikbaar worden. Door dit systeem niet in te voeren kunnen kosten bespaard worden.
Dat houdt in dat het huidige verwijzingssysteem, met behulp van de aanwezige (statische) borden, in stand wordt gehouden. Het budget van € 12.000 kan vanaf 2023 vervallen. Stoppen reinigen openbare verlichting (nr. 41 Ombuigingsbundel) De masten van de openbare verlichting worden periodiek schoon gemaakt. Algen en aanslag worden verwijderd. Hiermee kunnen we stoppen. Uiteraard gaat dat niet ten koste van de verlichting. Het niet meer reinigen van de lichtmasten leidt tot een besparing van € 15.000. Vegen lijngoten centrum (nr. 46 Ombuigingsbundel) Op koopzondagen wordt in het centrum de lijngoot geveegd. Dit gebeurt op verzoek van de centrumondernemers. Dit zorgt voor een hoger onderhoudsniveau in het centrum. Door hiermee te stoppen daalt het onderhoudsniveau voor zwerfafval van een hoog naar een basisniveau. Dit betekent een besparing van € 4.000 per jaar. Verwijderen fontein Lindegracht (nr. 49 Ombuigingsbundel) In de Lindegracht is een fontein aanwezig die bijdraagt aan de beleving van het centrum. Deze fontein wordt verwijderd of eventueel uitgezet. Dat leidt tot een structurele besparing op de beheerkosten van € 4.000. Voor 2022 verwachten we frictiekosten van € 2.500. Schrappen stelpost onvoorziene uitgaven (nr. 78 Ombuigingsbundel) Er is een wettelijke verplichting om een post onvoorzien op te nemen in de begroting. De omvang van deze post is niet verplicht.
In de begroting 2021 is een structureel budget van € 130.000 begroot. In de financiële verordening is opgenomen om hiervoor het minimum van € 1 per inwoner te hanteren. Door onze financiële verordening aan te passen kan € 130.000 vrijvallen. Hierdoor resteert er een structurele post van € 1.
27
Verhogen opbrengst toeristenbelasting (nr. 79 Ombuigingsbundel) Voor de toeristenbelasting stellen wij een gedifferentieerd tarief voor. Dit betekent dat het huidige tarief toeristenbelasting wordt onderverdeeld in twee tarieven op basis van het type accommodatie. Toeristenbelasting is een bedrag dat de bezoeker betaalt voor een overnachting per persoon, per nacht. Al jaren is dit bedrag ongewijzigd € 1 voor elk type verblijf. We stellen voor om een tarief, dat past binnen de tarieven van de referentiegemeenten, te hanteren van: - € 1 voor campings en groepsaccommodaties. - € 2,35 voor hotels, vakantiewoningen en B&B’s. Verhogen onroerende zaakbelasting (OZB) (nr. 77a Ombuigingsbundel) De gemeente Heerenveen hanteert voor OZB voor woningen een gemiddeld tarief. In vergelijking met andere gemeenten in Nederland brengen we een redelijk hoog tarief in rekening bij eigenaren en gebruikers van niet-woningen. We stellen voor de opbrengst voor woningen te verhogen met 7,5% en voor niet-woningen met 2,5%. Dit resulteert in een verhoging van de opbrengsten aan OZB van jaarlijks € 718.000. De kosten voor extra formatie zijn gesaldeerd met de opbrengsten, waardoor de opbrengsten de eerste drie jaar € 33.000 lager zijn. Verhogen parkeerinkomsten (nr.
47 Ombuigingsbundel) Deze inkomstenverhoging van € 1.000.000 draagt bij aan het inzetten op onze kernkwaliteiten, het op orde houden van de basis en blijvend inzetten op maatschappelijke opgaven. Sinds 2013 zijn de tarieven voor betaald parkeren niet verhoogd en is er geen inflatiecorrectie geweest. Daarnaast is het tarief voor vergunningparkeren niet kostendekkend. Daarom wordt het tarief voor betaald parkeren verhoogd van € 1,20 naar € 1,70 per uur, waarbij het huidige gestaffelde uurtarief wordt omgezet naar een (landelijk gebruikelijk) lineair tarief met een differentiatie in het dagtarief van € 8 voor straatparkeren en € 6 voor de parkeergarage. Dit leidt tot een inkomstenverhoging van € 700.000. Daarnaast wordt het tarief voor een bewonersvergunning kostendekkend gemaakt, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen centrum/schil en de vergunningengebieden. Voor het centrum/schil wordt een tarief voorgesteld van € 100 en voor de vergunningengebieden, zoals Nijehaske, € 50. Dit leidt tot een inkomstenverhoging van € 100.000. Aanvullend wordt het tijdvak waarin betaald parkeren geldt, vergroot. De eindtijd van betaald parkeren wordt verschoven van 18.00 uur naar 20.00 uur. Dit leidt tot een inkomstenverhoging van € 200.000.
28
3.4.1. Gevolgen voor de bedrijfsvoering Equal pay (nr. 81 Ombuigingsbundel) Equal pay voor uitzendkrachten, zoals wij die nu toepassen, bestaat uit een wettelijk deel en een deel goed werkgeverschap. De wettelijke verplichting ziet toe op gelijke salarisbetaling (inschaling) en toelagen (vuil werk, onregelmatige dienst, etcetera). Als goed werkgever hebben we daar ook aan toegevoegd: gelijke opbouw verlof, individueel keuzebudget en pensioenen. Oftewel alle financiële arbeidsvoorwaarden zijn ook van toepassing voor uitzendkrachten. Voorgesteld wordt nu om vanaf 2022 het niet wettelijke deel uit de equal pay te schrappen. Dit is mogelijk omdat de percelen voor uitzenden eind dit jaar opnieuw worden aanbesteed. Bestaande contracten kunnen niet worden aangepast, het volledige bedrag komt dus pas in de loop van 2022 vrij. Het te besparen structurele bedrag bedraagt € 80.000. Op dit moment sluiten we nog contracten af waarbij equal pay is toegezegd. Deze frictiekosten ramen we voor 2022 op € 5.000. Samenvatting van de incidentele frictiekosten Bij de inventarisatie van de ombuigingsvoorstellen is de impact op de bedrijfsvoering in beeld gebracht. De ombuigingsvoorstellen brengen in een aantal gevallen incidentele frictiekosten met zich mee. Wij stellen voor om deze kosten ten laste te brengen van de algemene reserve.
Hiermee kan de besparing op de exploitatie volledig in het meerjarenperspectief worden vertaald. De incidentele (frictie)kosten als gevolg van ombuigingen zijn: x € 1.000
29
3.5. Verloop van de reserves Het verloop van de algemene reserve en de bestemmingsreserves is in onderstaande tabel opgenomen. De beginstand per 1 januari 2021 sluit aan op de eindstand van de jaarrekening 2020. In de mutaties 2021 zijn, naast de begrote mutaties 2021, de raadsbesluiten tot en met de raadsvergadering van 24 juni verwerkt. Tevens zijn de mutaties in de reserves verwerkt die opgenomen zijn in de raadsvoorstellen: • Jaarrekening 2020; • Verzamelbesluit 2021-2; • Budgetoverheveling 2021 In de mutaties 2022 – 2025 zijn de begrote toevoegingen en onttrekkingen zoals opgenomen in de begroting 2021 en de voorgestelde wijzigingen in deze Perspectiefnota verwerkt. x € 1.000
30
4. ONTWIKKELINGEN PER THEMA 4.1. Thema Samen met inwoners