CConstaterende datHeerde
Koppel je AI →
Document · PDF

3.2. Programmabegroting 2023.pdf

Raad 7 november 2022, gemeente HeerdeBij agendapunt: Programmabegroting 2023-202626.398 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

De financiële gevolgen voor de instandhouding van deze kunstwerken zijn in beeld gebracht in het beheerplan kunstwerken 2019-2028; deze is vastgesteld in 2019. Het onderhoudsbudget is gebaseerd op niveau C (de ondergrens van verantwoord beheer) conform de door de gemeenteraad vastgestelde kwaliteitsvisie Openbare Ruimte. Watergangen De gemeente beheert ongeveer 105 km watergangen met toebehoren als (kleine) duikers en beschoeiingen. Het beheer hiervan wordt zo uitgevoerd, dat dit een goede waterafvoer bevordert. Voor de watergangen is geen beheerplan aanwezig. De lengte van de watergangen is bekend en voldoende om eenmaal per jaar het uitmaaien te laten uitvoeren.

68

Openbare verlichting In de gemeente Heerde staan ongeveer 3.600 lichtpunten. Het huidige beheer richt zich op tijdige vervanging van lichtmasten en armaturen, waarbij het verlichtingsniveau wordt verbeterd en zo mogelijk het energieverbruik verminderd door de plaatsing van Ledarmaturen. Het beleidsplan Openbare Verlichting is in 2015 geactualiseerd en vastgesteld en geldt voor de periode 2015-2025. Een nader beheerplan is niet nodig om onderhoud en vervanging uit te voeren. Openbaar groen De gemeente Heerde onderhoudt 169.135 m2 beplanting, 3.982 meter hagen, 2.861 are intensief gazon, 925 are bermen en ongeveer 17.840 bomen (inventarisatie 2018). Voor het onderhoud van het openbare groen is in 2013 een groenbeleidsplan vastgesteld. In 2015 is de kwaliteitsvisie openbare ruimte vastgesteld. Het budget is sinds 1 januari 2019 gebaseerd op het onderhoudsniveau C. Naast de groenelementen onderhoudt de gemeente ook 35 speelplekken en 4 speeltuinen, met in totaal 294 toestellen. Voor de speeltuinen worden de verplichte controles uitgevoerd en is de gemeente eindverantwoordelijk voor de onderhoudsstaat. Het onderhoudsniveau is gebaseerd op B omdat bij niveau C minder toestellen bruikbaar zijn. Bos De gemeente Heerde beheert zo’n 383 hectare bos en 147,5 hectare overige natuurgebieden. De bosvisie is eind 2020 geactualiseerd.

Het bos heeft zowel een functie voor de natuur, de recreatie als houtproductie. De houtoogst vindt op een duurzame manier plaats, dit houdt in dat er niet meer wordt geoogst dan dat er jaarlijks bijgroeit. Jaarlijks wordt een beheerplan gemaakt. Gebouwen De gemeente is eigenaar van ruim 32 gebouwen (multifunctionele gebouwen, woonhuizen, gemeentehuis, sporthal, gymzalen, sportzaal, brandweerkazerne, diverse scholen en gebouwen op diverse begraafplaatsen). Er is een Beheerplan 2015-2024 opgesteld. In 2019 is er een geactualiseerd beheerplan vastgesteld. Op basis van het beheerplan worden de onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd. Dit gebeurt planmatig, doelmatig en efficiënt. Voorkomen dient te worden dat er (duur) achterstallig onderhoud moet worden uitgevoerd. Jaarlijks worden de gemeentelijke gebouwen geïnspecteerd en volgt er een onderhoudsrapportage. Waar nodig worden vanwege het wettelijk kader gebouwen aangepast aan Arbo-eisen, brandveiligheid en gebruiksvergunningen.

69

Paragraaf Verbonden partijen Een verbonden partij is een privaat- dan wel publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente zowel een bestuurlijk als een financieel belang heeft. Bestuurlijk belang betekent dat de gemeente een zetel in het bestuur heeft van een rechtspersoon of stemrecht heeft. Onder financieel belang wordt verstaan dat de gemeente de ter beschikking gestelde middelen kwijtraakt ingeval van faillissement van de verbonden partij en /of als de financiële problemen bij de verbonden partijen verhaald kunnen worden op de gemeente. In deze paragraaf treft u een overzicht aan van de verbonden partijen en de verwachte financiële en organisatorische ontwikkeling van die verbonden partijen. Het verstrekken van subsidies aan instellingen valt niet onder het hier bedoelde begrip verbonden partijen, omdat geen sprake is van een bestuurlijke participatie en bij faillissement geen sprake is van juridische aansprakelijkheid. Het gemeentebestuur (raad en college) van twee of meer gemeenten kunnen afzonderlijk of tezamen een samenwerkingsverband oprichten waarin bepaalde (gemeentelijke) taken en/of bevoegdheden worden ondergebracht. Dit samenwerkingsverband wordt een gemeenschappelijke regeling (GR) genoemd. Beleidskaders Artikel 15 van het BBV zegt dat de paragraaf betreffende de verbonden partijen tenminste bevat: 1.

de visie op de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen. 2. de lijst van verbonden partijen die wordt onderverdeeld in. •

Gemeenschappelijke regelingen;

•

Vennootschappen en coöperaties (niet van toepassing);

•

Stichtingen en verenigingen (niet van toepassing);

•

Overige verbonden partijen. 3. de lijst van verbonden partijen.

In de lijst van verbonden partijen is tenminste de volgende informatie opgenomen: •

Het openbaar belang dat ermee wordt gediend;

•

Het belang dat de gemeente in de verbonden partij heeft aan het begin en de verwachte omvang aan het einde van het begrotingsjaar;

•

De verwachte omvang van het eigen vermogen en het vreemd vermogen van de verbonden partij aan het begin en aan het einde van het begrotingsjaar;

•

De verwachte omvang van het financiële resultaat van de verbonden partij in het begrotingsjaar;

•

De eventuele risico's van de verbonden partij voor de financiële positie van de gemeente.

Gemeenschappelijke regelingen Lucrato (vestigingsplaats Apeldoorn) Openbaar belang Lucrato is het werkvoorzieningsschap waarin de gemeente Heerde participeert. Deze GR geeft uitvoering aan de Participatiewet (sociale werkvoorziening plus re-integratie). Bestuurlijk belang

70

In GR-verband houden de gemeenten Apeldoorn, Epe en Heerde toezicht. Vanuit elke gemeente is een collegelid afgevaardigd in het bestuur. Financieel belang De bijdrage die Lucrato ontvangt van de gemeente Heerde is gelijk aan de ontvangen rijksvergoeding voor het WSW-deel uit de Participatiewet. Het financieel belang, gerelateerd aan de SW-bijdrage, bedraagt 8%. GGD Noord- en Oost Gelderland (vestigingsplaats Warnsveld) Openbaar belang De GGD Noord- en Oost Gelderland verzorgt de uitvoering van taken in het kader van de publieke gezondheid en hulpverlening. De gemeente Heerde neemt (wettelijk verplicht) deel aan deze gemeenschappelijke regeling tezamen met 21 andere gemeenten. Bestuurlijk belang De gemeente Heerde heeft zitting in het algemeen bestuur. De stemverhouding is 1 stem per 10.000 inwoners; Heerde heeft 2 stemmen. Het algemeen bestuur beslist bij meerderheid van stemmen. Financieel belang De bijdragen die de gemeenten betalen aan de GGD is gebaseerd op het aantal inwoners; voor enkele specifieke taken geldt een afwijkende verdeelsleutel. Het financieel belang is voor 2023 geraamd op 2,5% (€330.000,-). Veiligheidsregio Noord- en Oost Gelderland; VNOG (vestigingsplaats Apeldoorn) Openbaar belang De Veiligheidsregio Noord- en Oost Gelderland verzorgt de uitvoering van taken in het kader van de brandweertaken en de GHOR.

De gemeente Heerde neemt (wettelijk verplicht) deel aan deze gemeenschappelijke regeling tezamen met 21 andere gemeenten. Bestuurlijk belang De gemeente Heerde heeft zitting in het algemeen bestuur. Financieel belang De bijdragen die de gemeenten betalen aan de VNOG is gebaseerd op het aantal inwoners; voor enkele specifieke taken geldt een afwijkende verdeelsleutel. Het financieel belang is voor 2023 geraamd op 2,02% (€1.000.000,-). Omgevingsdienst Noord-Veluwe; ODNV (vestigingsplaats Harderwijk) Openbaar belang De Omgevingsdienst Noord-Veluwe is de uitvoeringsorganisatie voor vergunningverlening, toezicht en handhaving op het terrein van milieu(veiligheid). Bestuurlijk belang De gemeente Heerde heeft zitting in het algemeen en dagelijks bestuur. Financieel belang De bijdragen die de gemeenten betalen aan de ODNV zijn gebaseerd op de afgenomen taken; deze zijn in verschillende pakketten ondergebracht. Het financieel belang voor de gemeente Heerde is voor 2023 geraamd op 5,2% (€331.000,-).

71

PlusOV (vestigingsplaats Lochem) Openbaar belang PlusOV verzorgt het WMO-vervoer (dagbesteding/dagbehandeling), leerlingenvervoer en vervoer van mensen die geen gebruik kunnen maken van eigen vervoer of openbaar vervoer. Bestuurlijk belang De gemeente Heerde heeft zitting in het algemeen bestuur. Financieel belang De bijdragen die de gemeenten betalen aan PlusOV zijn gebaseerd op het aantal vervoersbewegingen. Voor de verdeling van de vaste kosten geldt een afwijkende verdeelsleutel. Het financieel belang is voor 2023 geraamd op 7,5% (€892.000,-). Cleantech Regio (vestigingsplaats Twello) Openbaar belang Cleantech heeft als ambitie om in 2030 energie neutraal te zijn en werkt samen met diverse partijen, waaronder 8 deelnemende gemeenten, om dit doel te verwezenlijken. Bestuurlijk belang De gemeente Heerde heeft zitting in het algemeen en dagelijks bestuur. Financieel belang De bijdragen die de gemeenten betalen aan de Cleantech regio zijn gebaseerd op het aantal inwoners. Het financieel belang is voor 2023 geraamd op 4,2% (€57.000,-). Bedrijfsvoeringsorganisatie H2O (vestigingsplaats Hattem) Openbaar belang De Bedrijfsvoeringsorganisatie H2O voert namens en voor de deelnemende gemeenten, ondersteunende processen en uitvoeringstaken uit op het terrein van bedrijfsvoering, te beginnen met diensten op het terrein van ICT en automatisering.

Bestuurlijk belang De gemeente Heerde heeft zitting in het bestuur. Financieel belang De bijdragen die de gemeenten betalen aan de Bedrijfsvoeringsorganisatie H2O zijn gebaseerd op meerdere verdeelsleutels zoals inwoners, aantal accounts, werkplekken, etc. Het financieel belang is voor 2023 geraamd op 34,3% (€878.000,-). Beleidsvoornemens Voor 2023 wordt geen generieke wijziging in het beleid ten aanzien van de verbonden partijen voorzien. Inmiddels vindt de bespreking en besluitvorming van de financiële stukken van alle verbonden partijen zoveel mogelijk plaats in één raadsvergadering. Hiermee is tegemoetgekomen aan de wens om meer duidelijkheid en eensluidendheid te creëren en ontstaat er een beter zicht op eventuele risico's. Financiële gegevens

72

73

Paragraaf Lokale heffingen In deze paragraaf wordt een overzicht gegeven van de heffingen die de gemeente Heerde oplegt aan burgers, bedrijven en recreatieondernemers. De ontwikkelingen op het gemeentelijk belastinggebied en de voorstellen voor aanpassing van de belastingen en rechten worden geschetst. Afzonderlijk wordt aandacht geschonken aan het kwijtscheldingsbeleid. De belastingtarieven voor 2023 worden gelijktijdig met de begroting vastgesteld. Lokale lastendruk 2023 De gemiddelde gemeentelijke lasten voor woningen en niet-woningen laten de volgende ontwikkeling zien:

Per belastingsoort laat de ontwikkeling van de tarieven en de begrote opbrengst de volgende trend zien:

74

De verhouding in opbrengst tussen de verschillende belastingen kan als volgt in beeld worden gebracht:

75

Toelichting op de belastingen en wijzigingen Naast de inflatiecorrectie (2,4%) zijn ten opzichte van 2024 de volgende wijzigingen zichtbaar: OZB De uitkomsten van de herwaardering voor 2023 tonen een voorlopige ontwikkeling van de WOZ-waarden van +21,9% (woningen) en +2,7% (niet-woningen). Deze verwachte waardeontwikkeling is als correctie op de OZB-tarieven in mindering gebracht. De begrote opbrengst is dus op die manier slechts verhoogd met het inflatiepercentage (2,4%). De opbrengst zal in werkelijkheid iets hoger uitvallen als gevolg van de nog op te leveren nieuwbouw van (niet-)woningen in de loop van 2022. Toeristenbelasting Het tarief van de toeristenbelasting blijft gehandhaafd op €1,50 p.p.p.n. Afvalstoffenheffing De tarieven voor het vastrecht afvalstoffenheffing worden met €10,- ( inclusief indexatie, afgerond op een bedrag deelbaar door 12) per huishouden per jaar verhoogd. De oorlogssituatie in de Oekraïne en de al langer bestaande krapte op de grondstoffenmarkt zorgen voor prijsstijgingen voor onder andere energie en brandstoffen. ROVA wordt hier direct en indirect, via de toeleveranciers, geraakt. Daarnaast is er een fors CAO-effect van de personeelskosten bij de ROVA. Belangrijk is ook de verlaging van de vergoeding voor PMD afval. Deze vergoeding is gedaald van €245,- per ton naar €218,- per ton. Tevens is de landelijke vergoeding voor zwerfvuil beëindigd.

Genoemde effecten zijn meegenomen in onze begroting. Op basis van het uitgangspunt 100% kostendekkendheid én het feit dat de ondergrens van de afvalstoffenreserve bereikt is, leidt dit tot een verhoging van het vastrecht van €10,- per aansluiting. Dit is inclusief de gemeentelijke index van 2,4%. Leges De tariefontwikkelingen beperken zich tot de verhoging met het inflatiepercentage. Bij 76

het in werking treden van de Omgevingswet volgt een wijziging van de begroting en de legesverordening. Overige heffingen en retributies De overige heffingen en retributies vormen een marginaal onderdeel van de gemeentelijke begroting. Gemeenten mogen geen winst maken op deze leges en overige rechten. De legesverordening en de overige gemeentelijke rechten voldoen aan dit vereiste. Een kostendekkingsoverzicht wordt bij de vaststelling van de verordeningen aangeboden. Kwijtschelding In de gemeente Heerde is het mogelijk kwijtschelding van belastingen aan te vragen voor de afvalstoffenheffing en de onroerendezaakbelastingen. Sinds 2012 kunnen ondernemers, die op bijstandsniveau leven, eveneens kwijtschelding aanvragen voor privé-belastingschulden. Bij het bepalen van het recht op kwijtschelding wordt getoetst aan wettelijke bepalingen uit de Invorderingswet 1990 en de eigen beleidsregels. Sinds 2019 toetst het GBLT de kwijtscheldingsaanvragen voor de gemeente Heerde. Burgers hoeven maar één aanvraag in te dienen, waarna zowel voor het waterschap als voor de gemeente het recht op kwijtschelding wordt getoetst. In 2023 komt de totale kwijtschelding net als in 2022 naar verwachting uit rond de €30.000,-.

77

Paragraaf Financiering In deze paragraaf wordt de financieringsfunctie beschreven. De belangrijkste taak hiervan is om te zorgen voor voldoende liquide middelen zodat de gemeente Heerde al haar taken kan uitvoeren. Het aantrekken van gelden tegen zo gunstig mogelijke tarieven hoort ook bij deze functie. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een actuele liquiditeitsprognose. Overtollige middelen worden verplicht afgestort naar 's Rijks schatkist. Conform artikel 14 lid 1 van de Financiële verordening gemeente Heerde 2019 (incl. 1e wijziging) houdt het college zich bij de uitvoering van deze financieringsfunctie aan de richtlijnen en kaders zoals opgenomen in de Wet fido en in het Treasurystatuut gemeente Heerde 2021. Gelet op deze kaders doet het college in deze paragraaf

verslag van: •

De ontwikkelingen;

•

De kasgeldlimiet;

•

De renterisiconorm;

•

Het drempelbedrag schatkistbankieren;

•

De liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte;

•

De rentevisie;

•

De rentekosten en -opbrengsten;

•

Het renteschema.

Beleidskader De Wet financiering decentrale overheden (Wet fido), de Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet hof) en de Gemeentewet zijn kaderstellend voor deze paragraaf. De Gemeentewet regelt de samenstelling, inrichting en bevoegdheid van het Gemeentebestuur. In de Wet fido staan de regels voor het financieringsbeleid voor gemeenten. De Wet hof moet ervoor zorgen dat het Nederlandse begrotingstekort beperkt blijft tot 3%. Het gemeentelijk beleid is opgenomen in artikel 2 van het Treasurystatuut. Hierin staan de volgende doelstellingen beschreven: •

Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities;

•

Het beschermen van gemeentelijke vermogens- en (rente-) resultaten tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s en liquiditeitsrisico’s;

•

Het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities;

•

Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet fido respectievelijk de limieten en richtlijnen van het Treasurystatuut.

Liquiditeitsontwikkeling begrotingsjaar Voor de komende jaren is het financieringstekort afgedekt met (toekomstige) langlopende geldleningen. Pas in 2024 hoeft er weer geld te worden aangetrokken, mits er in de tussentijd geen (investering)uitgaven worden gedaan die nu (nog) niet in de begroting zijn opgenomen. De BBV-richtlijnen dwingen een realistische renteraming af. Wanneer de werkelijke rentelasten meer dan 25% afwijken van de geraamde rentelasten dan is het verplicht om de taakvelden hiervoor bij de rekening te corrigeren.

78

Kasgeldlimiet De rente onzekerheid voor de korte termijn wordt uitgedrukt in de kasgeldlimiet. Voor 2023 bedraagt deze limiet €4.486.000,- (8,5% van het begrotingstotaal). Het is niet toegestaan om voor langere tijd (> 3 achtereenvolgende kwartalen) deze limiet te overschrijden door 'rood' te staan of dit tekort af te dekken met kort vreemd geld (< 1 jaar). De oplossing is dan om een langlopende lening (> 1 jaar) af te sluiten (consolideren). Wanneer het overschrijden van de kasgeldlimiet van tijdelijke aard is dan mag van bovenstaande regel worden afgeweken mits de toezichthouder van de provincie hiervoor goedkeuring verleend. In januari 2023 en in januari 2024 worden er reeds aangegane langlopende geldleningen gestort van €10.000.000,- respectievelijk €20.000.000,-. Met dit geld kan een groot deel van de geplande investeringen in de onderwijshuisvesting en de MFA Hof van Cramer worden betaald. De kans is nagenoeg nihil dat door deze extra leningen de kasgeldlimiet wordt overschreden in 2023. Renterisiconorm De rente onzekerheid voor de lange termijn wordt uitgedrukt in de renterisiconorm. Het percentage voor de renterisiconorm is vastgesteld op 20% van het

begrotingstotaal. Spreiding van de looptijd van de leningen en/of leningen afsluiten waarbij jaarlijks wordt afgelost verkleinen de kans op een overschrijding van de renterisiconorm.

Uit bovenstaand overzicht blijkt dat de renterisiconorm de komende jaren niet wordt overschreden. De verwachte hoogte van de schulden (totaal en per inwoner) voor de periode 20232026 is in onderstaand overzicht weergegeven.

Liquiditeitsprognose, banken en leningen Jaarlijks worden er 2 liquiditeitsprognoses opgesteld; een prognose op hoofdlijnen en een detailprognose. Deze prognoses geven een inschatting van de in- en uitstroom van liquide middelen (cashflow). Het is een belangrijk hulpmiddel voor het eventueel aantrekken en uitzetten van gelden (financieringsbehoefte). De gemeente Heerde heeft met drie banken een relatie. De BNG (Bank voor Nederlandse Gemeenten) is de huisbank. Daarnaast heeft de gemeente een rekening bij de Rabobank en bij de ING-bank. Het gebruik van contante geldmiddelen is beperkt tot de legeskas bij Burgerzaken. Het saldo van de langlopende geldleningen die de gemeente Heerde heeft afgesloten is 79

per 1 januari 2023 €55.115.000,-. Op deze leningen wordt jaarlijks lineair afgelost. Het gemiddelde rentepercentage van deze leningen bedraagt 0,80%. Rentevisie en -kosten Rentevisie kan kortweg worden omschreven als de toekomstverwachting over de renteontwikkeling, zowel op de geldmarkt (< 1 jaar) - als op de kapitaalmarkt (> 1 jaar). Hoe verder deze periode in de toekomst ligt, hoe moeilijker het is om hierover een voorspelling te doen. De verwachting is dat de rente voor 2022 nog steeds heel laag blijft maar uiteindelijk licht zal gaan stijgen. Gemeenten (en dus ook de gemeente Heerde), hebben regelmatig behoefte aan geld. Dit houdt verband met de voor de gemeenten geldende financiële richtlijnen waarbij de lasten van de investeringsuitgaven worden gespreid over de jaren waarin de investering wordt afgeschreven. De geldstroom heeft hierdoor pieken en dalen terwijl de exploitatie veel gelijkmatiger verloopt. Hierdoor is het noodzakelijk om investeringen te financieren (=er geldmiddelen voor ter beschikking te krijgen). Daarnaast is er soms een financieringsbehoefte omdat er een tekort ontstaat in de rekening van baten en lasten; bijvoorbeeld doordat de lopende inkomsten achterblijven bij de uitgaven.

Om in de financieringsbehoefte te voorzien kunnen er interne financieringsmiddelen (reserves) en externe financieringsmiddelen (leningen/rekening-courant krediet) worden ingezet. Door het inzetten van externe financieringsmiddelen (vreemd vermogen) ontstaan er rentekosten. De rentekosten over het lang vreemd vermogen worden voor 2023 geraamd op €441.000,-. Als gevolg van de aangetrokken langlopende leningen wordt er t/m 2024 geen financieringstekort voorzien; dit tekort is met deze leningen afgedekt. Naast rentekosten ontstaan er ook rente- en dividendopbrengsten door het uitlenen of beleggen van gelden. Op 1 januari 2023 is geraamd dat er in totaliteit €647.000,- aan gelden is uitgezet. Hiervan heeft €590.700,- betrekking op leningen (geraamde renteopbrengst €39.700,-). Het restant ad. €56.300,- zijn beleggingen. Hiervan is de geraamde dividendopbrengst €152.000,-. Doordat het schatkistbankieren is ingesteld, kunnen eventuele overtollige gelden alleen nog worden uitgezet bij andere gemeenten/provincies of waterschappen. Overige overtollige middelen vloeien automatisch terug in de schatkist. Renteschema Conform de nieuwe BBV-richtlijnen is onderstaand renteschema opgenomen. Dit schema geeft inzicht in de geraamde rentekosten van de gemeente Heerde en de toerekening ervan. Bij de jaarrekening 2022 worden de werkelijke rentekosten (e) en het renteresultaat (f) toegevoegd.

Tevens vindt er dan een correctie/verlaging plaats van de toegerekende rente naar de producten zodat de afwijking tussen de werkelijke en doorberekende rentekosten uiteindelijk kleiner is dan 25%.

80

81

Paragraaf Bedrijfsvoering Deze paragraaf omvat de visie op de gemeentelijke bedrijfsvoering. Omdat bedrijfsvoering tot de verantwoordelijkheid van het college behoort en veelal opgedragen is aan de ambtelijke organisatie, beperkt deze paragraaf zich tot de hoofdlijnen. Beleidskader De verplichte paragraaf betreffende de bedrijfsvoering geeft tenminste inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. De gemeente Heerde probeert om, binnen de mogelijkheden van een kleine gemeente, de meest recente inzichten en werkwijzen op het gebied van planning & control, personeelsbeleid en informatievoorziening te volgen. Management en organisatie Het werken aan een beweging richting een 'omgevingsbewuste en ondernemende organisatie' is een aanhoudend proces. Immers, de samenleving verandert continue waardoor een gemeentelijke organisatie zich daarop voortdurend dient aan te passen. Daarbij gaat het o.a. om werkmethoden, procesinrichting, houding en gedrag om onze dienstverlening optimaal te houden. Een andere belangrijke constatering is dat gemeenten in toenemende mate financieel afhankelijk zijn van rijksmiddelen en gedrag van verbonden partijen. Individuele gemeenten hebben hierop nauwelijks (rijk) dan wel beperkt (verbonden partijen) invloed.

Om desondanks financiële verrassingen te voorkomen, vraagt dit van de ambtelijke organisatie om een adequate monitoring van deze gemeentelijke uitgaven en inkomsten. Tot slot worden de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt genoemd. Door het aantrekken van de economie ontstaat meer mobiliteit op de arbeidsmarkt. Dit wordt nog eens versterkt doordat landelijk sprake is van een toenemende scheve demografische verhouding (meer uitstroom dan instroom). Dit betekent dat onze organisatie voor de uitdaging staat hoe ze als kleine organisatie voldoende aantrekkelijk en inspirerend blijft zodat ze voldoende kwalitatief kan behouden resp. weet te werven. Deze ontwikkelingen hebben naast de genoemde punten geleid tot een tweetal onderwerpen welke voort het management speerpunten zijn voor 2023. 1. We blijven onze dienstverlening (bejegening en proces) verbeteren zodanig dat de directe dienstverlening op het gemiddeld landelijk kwaliteitsniveau gehandhaafd blijft. 2. We binden en boeien medewerkers: we houden, werven, ontwikkelen en laten medewerkers gaan zodanig dat de juiste medewerkers op de juiste plekken zitten en voldoende gefaciliteerd worden om hun werk goed te kunnen doen.

Interne beheersing Ontwikkelingen op het gebied van ‘Interne beheersing’ binnen gemeente Rechtmatigheidsverantwoording Al enige tijd bestaat er onzekerheid over het exacte moment van invoering van de rechtmatigheidsverantwoording voor gemeenten. Het Ministerie van BZK is voornemens om de invoering met één jaar uit te stellen. In de nieuwsbrief Interbestuurlijke Informatie (IBI) van 24 juni 2021 stond hierover: Het College van B&W is binnen de gemeente verantwoordelijk voor de naleving van de regelgeving. In de huidige situatie geeft de accountant in de controleverklaring een oordeel over de rechtmatigheid van het handelen van de gemeente. In de toekomstige situatie legt het College van B&W rechtstreeks verantwoording af over de (financiële) rechtmatigheid van het gevoerde bestuur, aan de hand van de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening. De accountant controleert vervolgens de rechtmatigheidsverantwoording op getrouwheid. De accountant kijkt dus of hetgeen het College meldt in de rechtmatigheidsverantwoording, juist en volledig is. Het idee van een rechtmatigheidsverantwoording was reeds in 2014 door de commissie Depla geopperd.

82

Inmiddels is de nota van wijziging bij het wetsvoorstel versterking decentrale rekenkamers (kamerstuk 35298), waar de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording onderdeel van uitmaakt, ingediend bij de Tweede Kamer. Dit roept de vraag op in welk verslagjaar de jaarrekening voor de eerste keer een rechtmatigheids-verantwoording moet bevatten? Voorheen werd uitgegaan van het verslagjaar 2021. Om de volgende redenen is dat niet meer haalbaar: •

Door corona zijn de verantwoording en controle voor dit jaar al complexer geworden, waardoor de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording op korte termijn niet opportuun is.

•

Gemeenten en provincies kunnen nu te laat kennisnemen van veranderingen, zoals de nog door te voeren wijzigingen in de regelgeving, in onder meer het Besluit begroting en verantwoording (BBV) en het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (BADO).

•

De (interne en externe) controlewerkzaamheden voor de Jaarrekening 2022 zijn al begonnen.

Daarom zullen gemeenten naar verwachting voor het verslagjaar 2022 (in het voorjaar 2023), voor de eerste keer een rechtmatigheidsverantwoording op moeten nemen in de jaarrekening. Ook dit laatste is vanzelfsprekend onder voorbehoud van parlementaire goedkeuring. In het kader van de rechtmatigheidsverantwoording is de inhoud en strekking van het begrip rechtmatigheid beperkt tot het vaststellen of baten, lasten en balansmutaties tot stand zijn gekomen, overeenkomstig relevante financiële wet en regelgeving. Binnen de gemeente hebben wij de processen geïdentificeerd waarbij deze financiële wet- en regelgeving een rol van betekenis speelt. De te toetsen processen en het bijbehorende rechtmatigheidskader ligt vast in het jaarlijks vast te stellen controleprotocol. De medewerkers en leidinggevenden die deze processen uitvoeren, de zogenoemde eerste lijn, zijn primair verantwoordelijk voor de naleving van de geldende financiële wet- en regelgeving. De interne toetsingswerkzaamheden worden uitgevoerd door interne controlefunctionarissen, de zogenoemde tweede lijn, die onafhankelijk oordelen over de processen die zij toetsen. Dit alles ter ondersteuning van de eerste lijn bij het bijsturen van de procesvoering. Deze combinatie van werkzaamheden vormt de kern van de onderbouwing van de rechtmatigheidsverantwoording door het college.

De accountant toetst vervolgens of het proces dat leidt tot de rechtmatigheidsverantwoording getrouw tot stand is gekomen. Planning en control Inzicht in de overheadkosten Kosten die niet rechtstreeks verband houden met het primaire proces worden apart in de begroting opgenomen onder de noemer 'Overhead'. Voorbeelden van deze kosten zijn: huisvestingskosten (gemeentehuis, -kantoor, -werf), facilitaire kosten, kosten van P&O, automatiseringskosten, MT en ondersteunende afdelingen. Kostendekkende exploitaties, grexen etc. worden verhoogd met een opslagpercentage voor deze overhead. Dit opslagpercentage wordt extracomptabel bepaald. De berekeningsmethodiek hiervan is vastgelegd in de financiële verordening. Voor 2023 is het normale overheadpercentage vastgesteld op 52,26% (van het totaal van de apparaatskosten). Voor de kostendekkende exploitaties 'Riolering en Reiniging' wordt een percentage van 32,79% gehanteerd; voor de kostendekkende exploitatie 'Begraven' geldt een overheadpercentage van 24,54%.

83

Voor 2023 gelden de volgende uurtarieven voor de afdelingen (exclusief overhead): 2023

2022

Management

€ 87,04

€ 82,56

Bestuur- en bedrijfsondersteuning en -advisering

€ 46,01

€ 41,92

Dienstverlening en informatiebeheer

€ 56,51

€ 51,77

Realisatie, onderhoud en beheer

€ 43,96

€ 40,25

Ruimte, ondernemen en wonen

€ 56,68

€ 54,78

Sociaal maatschappelijke verbinding

€ 59,18

€ 55,96

Beleidsindicatoren en kengetallen Bij de desbetreffende programma's zijn beleidsindicatoren en kengetallen opgenomen. Deze informatie komt grotendeels van de website 'Waarstaatjegemeente.nl' en geeft tevens een vergelijk met de 'gemiddelde gemeente'. Iedere gemeente is verplicht om deze informatie in de begroting op te nemen zodat een onderling vergelijk mogelijk wordt. Taakvelden i.p.v. functies De budgetten zijn onderverdeeld in taakvelden en vervangen daarmee de IV-3 functies. Uitgangspunten voor deze taakvelden zijn herkenbaarheid, aansluiting op de gemeentelijke praktijk en relevantie voor beleidssturing. In deze begroting is een aparte bijlage opgenomen met alle taakvelden en de daarbij behorende budgetten. Meerjarenbalans op begrotingsbasis Voor het bepalen van de financiële kengetallen (schuldquote/solvabiliteitsratio) en het EMU-saldo is er een 6-jarige Meerjarenbalans in de begroting toegevoegd (t-2 t/m t+3). Gewijzigde rentetoerekening Tenslotte zijn de regels voor de rentetoerekening aangescherpt. Rente die verband houdt met een taakveld moet hieraan zichtbaar worden toegerekend (voorheen maakte de rentecomponent onderdeel uit van de kapitaallasten). De berekende rentevergoeding over het eigen vermogen mag niet hoger zijn dan het gewogen rentepercentage van de langlopende- en kortlopende leningen.

De gemeente Heerde heeft het advies van de commissie BBV overgenomen om geen rente meer toe te voegen aan het eigen vermogen. Hiermee behoren de ‘geblokkeerde reserves’ tot het verleden. Personeelsbeleid De ontwikkelingen in de samenleving vragen om een andere rol van de gemeente en haar medewerkers. Er is sprake van ontgroening en vergrijzing. De ambitie van de organisatie vraagt een andere rol van medewerkers. Het goed ondersteunen en faciliteren van de veranderende rol van medewerkers is belangrijk. Daarnaast worden P&O-instrumenten hierop voortdurend geactualiseerd (o.a. HR-visie, strategische personeelsplanning, vitaliteitsbeleid en opleidingsbeleid). Formatie 2023: 159,42 FTE, inclusief griffie (peildatum 1-1-2019). In 2022 was de formatie 159,23 FTE. In 2021 is er benchmark uitgevoerd door Berenschot. Daaruit komt naar voren dat de kosten voor de overhead afgezet tegen de werklast per FTE 3% lager is ten opzichte van vergelijkbare gemeenten.

84

Inkoop en aanbesteding Onze inkooporganisatie in H2O-verband zet zich in voor het realiseren van rechtmatig, doelmatig en doeltreffende inkooptrajecten. Dit doen we aan de hand van: inkoopmanagement, toetsen van inkoopinitiatieven aan ons inkoopbeleid en onze doelen, werken we met systemen en procedures en geven we deskundig advies en wordt er gezocht naar samenwerkingskansen. Jaarlijks stellen we, in overleg met management en decentrale inkopers, een inkoopkalender op. Deze biedt: • Een kader om te kijken waar inkoopsamenwerking binnen H2O/ISNV of ander samenwerkingsverband mogelijk is om zodoende kennis en kosten te delen; • De mogelijkheid om tijdig afspraken te maken over welke vorm van inkoopbegeleiding (advies, inkoopcoördinatie of begeleiding gehele inkooptraject) geleverd kan worden vanuit Inkoop H2O; • Tijdig inzicht in waar extra kansen liggen om beleidsdoelstellingen (social return, duurzaamheid, lokaal/MKB), naast de toepassing van de criteria zoals vastgelegd in het inkoopbeleid dat door de colleges van de H2O gemeenten is vastgesteld, in te vullen; Een overzicht van een aantal complexe en/of Europese H2O aanbestedingen waar Inkoop H2O eind 2022 en in 2023 onder andere bij betrokken zal zijn: • Onderhoud gebouw gebonden Installaties (Europees); • WOZ Taxaties (Europees); • Energie ISNV breed (Europees); We onderzoeken op welke wijze de inkooporganisatie

georganiseerd kan worden, zodat inkooptrajecten efficiënter en effectiever doorlopen kunnen worden. Dit om uiteindelijk de kwaliteit van het totale inkoopproces te verbeteren en met de uitkomsten een bijdrage te kunnen leveren aan de organisatie- en inkoopbeleidsdoelstellingen van de gemeenten binnen de wettelijke kaders. We zetten in op eenduidige inkoopprocessen die digitaal plaatsvinden. Digitaal aanbesteden betekent een lastenverlichting voor zowel de leverancier als de aanbestedende dienst en bevordering van de transparantie van een aanbesteding. Dit sluit aan bij de doelstellingen van ons inkoopbeleid. Informatievoorziening Verdergaande digitalisering en noodzaak tot het inrichten van efficiënte verwerkingsprocessen doen een groot beroep op het niveau van automatisering en informatisering. De gemeenten Hattem, Heerde en Oldebroek werken al een aantal jaar samen op deze gebieden. Om te kunnen blijven voldoen aan de (wettelijke) eisen voor de interne en externe informatievoorziening, is gezamenlijk door-ontwikkelen noodzakelijk. Het gaat enerzijds om de inrichting en ontwikkeling van centrale (expert) teams in H2O verband om de kwetsbaarheid te verlagen en de kwaliteit te verhogen. Waar nodig wordt hierbij tijdelijk een beroep gedaan op externe expertise.

De optie om de H2O samenwerking op het gebied van automatisering en informatisering uit te breiden met Nunspeet en Elburg wordt verder uitgewerkt. Anderzijds om de inrichting en ontwikkeling van gezamenlijk opdrachtgeversschap aan de kant van de gemeenten zodat de ontwikkeling van de informatievoorziening in de pas loopt met de visie, doelstellingen en gewenste inrichting van processen van de gemeentelijke organisaties. Beide “krachten” zijn nodig in het verder bouwen aan een robuuste en beheersbare informatievoorziening. Het ontwikkelen van een informatievoorziening moet gestructureerd, in samenhang en planmatig plaatsvinden. Het is onze ambitie om hieraan met een meerjarig informatiebeleidsplan invulling te geven. We kunnen met onze schaalgrootte niet alles en zullen duidelijke keuzes moeten maken in wat we wel, niet of later doen. Hiervoor hebben we een proces ingericht waarbij de ontwikkelagenda van de informatievoorziening volgt uit de diverse programma’s van onze organisaties. Hierbinnen moeten we prioriteren aan de hand van criteria en doelstellingen.

85

Er loopt een aantal meerjarige projecten die vernieuwing van de toepassingen die de gemeente gebruikt om haar diensten te kunnen leveren en aan haar wettelijke taken te voldoen als resultaat hebben. Dit zijn onder andere het project M2A (Modernisering Applicatie Architectuur) voor verschillende domeinen, zaakgericht werken en het digitaal stelsel omgevingswet (DSO). Een belangrijke verandering die hiermee bereikt wordt is dat de gegevens straks niet alleen binnen de muren van de gemeente beschikbaar zijn maar ook steeds meer naar buiten gepresenteerd worden. Hiermee wordt tevens voldaan aan de toenemende regelgeving op dit gebied zoals de Wet open overheid (Woo), Wet elektronische publicaties (Wep) en Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) in werking. Deze wetten hebben naast de vernieuwde Archiefwet impact op de informatiehuishouding. Gezien de omvang van deze projecten legt de uitvoering ervan een groot beslag op de verandercapaciteit van de organisatie maar is nodig om rechtmatig een toekomstbestendige digitalisering neer te zetten. In de begroting is conform afspraak met de Raad geen rekening gehouden met de eventuele inzet/kosten van extern personeel ter vervanging van intern personeel voor M2A. Indien deze inzet onvermijdelijk blijkt zal dit achteraf verantwoord worden.

Informatiebeveiliging en privacy Voor de drie H2O organisaties wordt verder gewerkt aan het verhogen van het privacyvolwassenheidsniveau en de informatiebeveiliging. Hiervoor is het informatiebeveiligingsbeleid en privacybeleid herzien en wordt er in het komende jaar verdere invulling aan dit beleid gegeven. Zo wordt bijvoorbeeld de BIG (Baseline Informatiebeveiliging Gemeenten); een set van organisatorische en technische beveiligingsmaatregelen die geïmplementeerd en beheerd dient te worden, stap voor stap ingevoerd. Doorontwikkeling van het verwerkingsregister en een verhoogde aandacht voor privacybewustzijn binnen de organisatie zal in 2023 opnieuw veel aandacht krijgen. DPIA’s (Data Protection Impact Assessments) maken daar onderdeel van uit. Het in eigen beheer uitvoeren hiervan wordt onderzocht. Daarnaast wordt er, daar waar nodig, scherp toegezien op het opnemen van verwerkersovereenkomsten. Kern van informatieveiligheid is los van alle denkbare maatregelen vooral een zaak van bewustwording en het gedrag van alle ambtenaren, collegeleden en raadsleden die met data van de gemeente werken. We maken gebruik van de mogelijkheden van e-learning op het gebied van informatiebeveiliging en privacy. Dit draagt bij aan het verhogen van het bewustzijn van medewerkers.

86

Begrotingsparagraaf

87

1. Geprognosticeerde balans

In onderstaand overzicht wordt de geprognosticeerde balans gepresenteerd. Activa

R 2021

B 2022

B 2023

B 2024

B 2025

B 2026

Materiële vaste activa

62.828.903

70.558.138

77.595.326

77.739.915

76.588.689

75.770.695

Financiële vaste activa

1.671.603

1.656.264

1.646.889

1.637.514

1.628.139

1.618.764

Totaal vaste activa

64.500.506

72.214.402

79.242.215

79.377.429

78.216.828

77.389.459

Vaste activa

Vlottende activa Voorraden

1.330.220

497.720

464.241

124.519

669.448

-361.665

Uitzettingen <1 jaar

17.246.976

11.824.886

10.137.102

21.056.304

13.804.196

8.147.940

Liquide middelen

243.401

240.000

240.000

240.000

240.000

240.000

Overlopende activa

4.334.240

3.000.000

3.000.000

3.000.000

3.000.000

3.000.000

Totaal vlottende activa

23.154.837

15.562.606

13.841.343

24.420.823

17.713.644

11.026.275

Totaal generaal

87.655.343

87.777.008

93.083.558

103.798.252

95.930.472

88.415.734

R 2021

B 2022

B 2023

B 2024

B 2025

B 2026

25.900.897

22.600.370

24.693.036

23.991.388

23.972.059

23.932.261

Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Voorzieningen

8.036.638

7.991.638

8.025.522

7.861.864

7.833.413

7.803.473

Vaste schulden > 1 jaar

35.935.000

51.935.000

55.115.000

66.695.000

58.875.000

51.430.000

Totaal vaste passiva

69.872.535

82.527.008

87.833.558

98.548.252

90.680.472

83.165.734

Vlottende schulden < 1 jaar

11.691.360

2.000.000

2.000.000

2.000.000

2.000.000

2.000.000

Overlopende passiva

6.091.448

3.250.000

3.250.000

3.250.000

3.250.000

3.250.000

Totaal vlottende passiva

17.782.808

5.250.000

5.250.000

5.250.000

5.250.000

5.250.000

Totaal generaal

87.655.343

87.777.008

93.083.558

103.798.252

95.930.472

88.415.734

Vlottende passiva

88

2. Meerjarig investeringsplan

In onderstaand overzicht wordt het meerjareninvesteringsplan gepresenteerd en daaronder treft u de kapitaallasten Investeringen

Investeringen toerisme Investeringen ondewijshuisvesting

Toelichting

2023

2024

2025

2026

Fietspaden/MTB-netwerk/wandelpadennetwerk

25.000

25.000

25.000

25.000

Sanitairunit J, Ligthartschool

140.000

Investeringen sport

structureel investeringsbudget voor doelen, balvangers en renovatie velden

78.000

250.000

50.000

450.000

Reconstructie wegen

investeringsbudget nader in te vullen

360.000

735.000

385.000

460.000

Investeringen plantsoenen

structureel investeringsbudget nader in te vullen

140.000

140.000

140.000

140.000

Investeringen speelplaatsen

structureel investeringsbudget nader in te vullen

25.000

Investeringen riolering

investeringsbudget conform gemeentelijk rioleringsplan

451.350

456.000

539.000

470.000

Investeringen tractie

investeringsbudget tbv vervanging materieel wijkbeheer conform vervangingsschema

10.000

182.000

82.000

50.000

1.229.350

1.788.000

1.221.000

1.595.000

Totaal investeringen

Kapitaallasten Ten aanzien van de kapitaallasten is het goed te vermelden dat in het 1e jaar van de investering slechts 1/3 deel van de rente- en afschrijvingskosten wordt geraamd. Hiervoor is gekozen omdat de meeste investeringen namelijk pas laat in het jaar worden gerealiseerd. Kapitaallasten

Investeringen toerisme Investeringen ondewijshuisvesting Investeringen sport Reconstructie wegen

Toelichting

2023

2024

2025

2026

Fietspaden/MTB-netwerk/wandelpadennetwerk

500

1.996

3.479

4.950

nieuwe investeringen

2.800

8.377

8.307

8.237

structureel investeringsbudget voor doelen, balvangers en renovatie velden

1.993

13.164

28.780

44.197

investeringsbudget nader in te vullen

5.741

27.869

55.184

73.922

Investeringen plantsoenen

structureel investeringsbudget nader in te vullen

2.300

9.182

16.008

22.313

Investeringen speelplaatsen

structureel investeringsbudget nader in te vullen

639

1.911

1.894

1.878

Investeringen riolering

investeringsbudget conform gemeentelijk rioleringsplan

3.969

15.906

28.774

43.545

Investeringen tractie

investeringsbudget tbv vervanging materieel wijkbeheer conform vervangingsschema

200

8.788

28.778

37.974

18.144

87.192

171.206

237.017

Totaal kapitaallasten

89

3. Overzicht reserves

In onderstaand overzicht wordt het verloop van de reserves gepresenteerd. Reserves

stand 31-122021

mutatie 2022 (nota R&V)

onttrekking toevoeging stand 31-12- onttrekking toevoeging stand 31-122022 2023

Reserve algemeen

4.883.962

5.770.788

-485.000

273.666

10.443.416

-760.000

0

9.683.416

Reserve algemeen grondbedrijf

6.622.836

-5.502.836

0

0

1.120.000

0

0

1.120.000

Bestemmingsreserves Reserve afkoop onderhoud graven

1.199.747

0

-96.952

0

1.102.795

-71.480

0

1.031.315

Reserve afvalstoffenheffing

108.828

0

-856

0

107.972

-943

0

107.029

Reserve Apeldoorns kanaal

56.431

-56.431

0

0

0

0

0

0

Reserve starterslening

475.441

0

0

0

475.441

0

0

475.441

Reserve klompenpadennetwerk

20.493

0

0

0

20.493

0

0

20.493

Reserve beheer en onderhoud infrastructuur en kunstwerken voormalig projectgebied Hoogwatergeul

3.716.138

210.379

-114.657

0

3.811.860

-114.657

0

3.697.203

Reserve op- en afrittenstelsel A28

1.000.000

0

0

0

1.000.000

0

0

1.000.000

206.460

0

0

0

206.460

0

0

206.460

1.644.658

-161.675

-65.948

0

1.417.035

-66.402

0

1.350.634

1.995

-1.995

0

0

0

Reserve verhuiskosten Eperweg 5

8.954

-8.954

0

0

0

Reserve privatisering zwembad

122.504

0

-4.667

0

117.837

-4.742

0

113.095

Reserve budget re-integratie

47.850

-47.850

0

0

0

0

0

0

Reserve co-financering rivierfront

210.379

-210.379

0

0

0

0

0

0

Reserve MOBW/sociaal domein

173.675

0

-120.700

371.000

423.975

0

0

423.975

Reserve corona

371.168

0

0

224.175

595.343

0

0

595.343

Reserve bijdrage sociale woningbouw

45.000

0

0

0

45.000

0

0

45.000

Reserve gebouwen

659.447

8.954

-106.073

0

562.328

-17.405

0

544.923

Reserve De Rhijnsberg

311.860

0

0

34.860

346.720

0

35.700

382.420

Reserve De Heerd

390.131

0

0

66.680

456.811

0

68.280

525.091

Reserve raadhuis (investering)

313.555

0

-20.000

0

293.555

-20.000

0

273.555

Reserve duurzaamheid Reserves t.b.v. investeringen Reserve t.b.v. investeringen Reserve Sutuwall

0 0

90

Reserve aanpak 0-100+

8.858

0

0

0

8.858

0

0

8.858

Reserve De Noordgouw

0

0

0

2.100.000

2.100.000

0

0

2.100.000

24.655.899 -1.055.628

103.980

23.704.251

Totaal reserves

22.600.370

0 -1.014.853 3.107.518

4. Overzicht voorzieningen

In onderstaand overzicht wordt het verloop van de voorzieningen gepresenteerd. Voorzieningen Voorziening pensioen bestuurders

stand 31-12-2021 mutatie 2022 onttrekking toevoeging stand 31-12-2022 onttrekking toevoeging stand 31-12-2023 2.854.622

0

0

90.000

2.944.622

0

40.000

281.642

0

-160.000

50.000

171.642

-168.427

0

3.215

Voorziening vervanging riolering

4.855.374

0

0

53.884

4.909.258

-35.230

0

4.874.027

Totaal voorzieningen

7.991.638

0

-160.000

193.884

8.025.522

-203.657

40.000

7.861.864

Voorziening wachtgeldverplichting college

2.984.622

91

5. Staat langlopende geldleningen

In onderstaand overzicht is het verloop van de langlopende geldleningen gepresenteerd. Verloop van langlopende geldleningen

Bedrag

N.W.B. febr. 2004

3.000.000

840.000

0

120.000

720.000

2029

B.N.G.lening nr.40.103462

8.500.000

1.275.004

0

566.667

708.337

2025

B.N.G.lening nr. 40.105150

8.000.000

1.599.996

0

533.333

1.066.663

2025

B.N.G.lening 40.107339

9.000.000

4.500.000

0

450.000

4.050.000

2032

B.N.G.lening 40.108578

10.000.000

1.000.000

0

1.000.000

0

2024

Intercessie

7.500.000

1.500.000

0

750.000

750.000

2025

B.N.G. lening 40.109813

10.000.000

3.000.000

0

1.000.000

2.000.000

2025

B.N.G. lening 40.111161

7.000.000

3.500.000

0

700.000

2.800.000

2027

B.N.G. lening 40.112680

7.000.000

4.900.000

0

700.000

4.200.000

2029

N.W.B. lening 1-30290

10.000.000

7.000.000

0

1.000.000

6.000.000

2029

B.N.G. lening 40.113133

10.000.000

10.000.000

0

1.000.000

9.000.000

2032

B.N.G. lening 40.113168

6.000.000

6.000.000

0

600.000

5.400.000

2032

B.N.G. lening 40.115501

10.000.000

10.000.000

0

10.000.000

2048

Totaal langlopende geldleningen

106.000.000

Restantbedrag Opnames Aflossing Restantbedrag 1-1-2023 2023 2023 31-12-2023

55.115.000

-

8.420.000

Jaar van laatste aflossing

46.695.000

92

Bijlagen programmabegroting

93

Bijlagen Bijlage 1: Overzicht Taakvelden Exploitatie

Realisatie 2021 Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 (P+W)

1. Bestuur 0-1 Bestuur 0-10 Mutaties reserves 0-4 Overhead 1-1 Crisisbeheersing en brandweer 1-2 Openbare orde en veiligheid 6-1 Samenkracht en burgerparticipatie 7-4 Milieubeheer 8-3 Wonen en bouwen Totaal 1. Bestuur

1.750.664

1.415.149

1.381.938

1.424.910

1.469.450

1.394

73.313

0

0

0

1.510.360 0

21.930

21.380

21.890

22.420

22.980

23.440

1.004.775

1.157.195

1.176.143

1.206.866

1.239.497

1.266.158

387.063

477.465

583.727

605.612

627.951

649.815

0

0

0

0

0

0

4.599

8.217

8.284

8.627

8.976

9.322

215.773

186.844

188.373

196.177

204.116

211.977

3.386.199

3.339.563

3.360.355

3.464.612

3.572.970

3.671.072

-373.674

-286.067

-204.485

-214.206

-238.079

-260.686

2.583

1.880

1.930

1.980

2.030

2.070

-404.326

47.615

42.315

42.676

43.549

44.272

2. Ruimte wonen en ondernemen 0-10 Mutaties reserves 0-2 Burgerzaken 0-3 Beheer overige gebouwen en gronden 0-5 Treasury

0

0

0

0

0

0

2.305.406

2.754.737

2.631.020

2.746.116

2.851.043

2.935.583

3-1 Economische ontwikkeling

259.445

287.989

243.433

245.870

248.354

250.766

3-2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur

26.371

30.233

29.204

30.417

31.651

32.873

0

0

0

0

0

0

3-4 Economische promotie

343.815

429.778

401.281

414.125

422.442

429.805

5-2 Sportaccommodaties

301.922

304.856

317.606

333.580

315.638

295.199

5-7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie

1.265.714

1.472.371

1.566.955

1.622.013

1.675.500

1.725.525

7-2 Riolering

-271.547

-218.910

-311.240

-317.516

-326.736

-335.402

7-3 Afval

-352.702

-485.367

-365.870

-362.941

-359.929

-357.274

7-4 Milieubeheer

594.254

744.652

593.458

605.031

617.135

628.500

7-5 Begraafplaatsen en crematoria

-165.823

-66.425

-80.194

-66.505

-52.183

-38.644

8-1 Ruimtelijke ordening

360.859

672.161

492.610

510.511

528.653

546.884

8-2 Grondexploitatie (nietbedrijventerreine

-89.328

93.405

98.244

103.475

108.759

114.123

2-1 Verkeer en vervoer

3-3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen

8-3 Wonen en bouwen Totaal 2. Ruimte wonen en ondernemen

429.876

287.418

595.875

582.477

615.356

647.655

4.232.846

6.070.326

6.052.142

6.277.103

6.483.183

6.661.249

-1.318.451

-341.139

-660.762

31.738

35.609

37.720

4.567

15.700

16.080

16.470

16.880

17.220

0

-45.046

-47.500

-47.500

-47.500

-47.500

3. Sociaal maatschappelijk 0-10 Mutaties reserves 0-3 Beheer overige gebouwen en gronden 0-7 Alg.uitkeringen en ov. uitkeringen GF 4-1 Openbaar basisonderwijs

87.131

89.157

77.767

80.668

83.618

84.956

4-2 Onderwijshuisvesting

1.408.913

1.053.642

1.032.766

1.003.090

1.496.220

1.474.836

4-3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken

946.205

968.144

1.222.820

1.254.573

1.288.228

1.316.531

5-1 Sportbeleid en activering

156.559

142.198

169.391

174.527

178.882

182.351

5-2 Sportaccommodaties

284.128

352.840

349.565

380.554

385.248

396.508

5-3 Cult.presentatie -productie en -partic.

376.620

372.145

397.658

408.587

419.707

430.705

94

Exploitatie

Realisatie 2021 Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 (P+W)

5-5 Cultureel erfgoed

45.823

61.369

65.414

65.943

66.493

66.973

5-6 Media

279.219

279.219

282.287

282.416

282.547

282.677

4.225

5.200

5.200

5.200

5.200

5.200

288.405

480.641

471.776

481.872

492.073

503.184

6-2 Wijkteams

3.135.649

3.348.986

3.409.654

3.502.750

3.616.570

3.732.392

6-3 Inkomensregelingen

1.612.053

1.845.466

1.563.840

1.609.529

1.656.853

1.700.596

6-4 Begeleide participatie

2.258.847

2.211.769

2.173.436

2.123.543

1.947.612

1.915.624

358.558

400.237

404.575

427.649

449.945

457.910

5-7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie 6-1 Samenkracht en burgerparticipatie

6-5 Arbeidsparticipatie 6-6 Maatwerkvoorziening (WMO)

358.926

783.497

665.235

681.137

698.032

712.104

6-71 Maatwerkdienstverlening 18+

3.272.653

3.399.442

3.590.455

3.785.847

3.759.268

3.895.033

6-72 Maatwerkdienstverlening 18-

5.138.802

4.095.565

4.396.305

4.582.906

4.777.620

4.981.683

6-82 Geëscaleerde zorg 18-

17.827

107.150

20.278

20.568

20.878

21.128

7-1 Volksgezondheid

639.906

638.798

658.426

679.948

702.242

722.762

8-3 Wonen en bouwen

17.054

19.136

17.785

17.909

18.045

18.159

19.373.619

20.088.740

20.282.451

21.569.924

22.350.270

22.908.752

Totaal 3. Sociaal maatschappelijk 579304. Bedrijfsvoering 0-1 Bestuur 0-10 Mutaties reserves 0-2 Burgerzaken 0-8 Overige baten en lasten

89.000

0

0

0

0

0

3.882.941

-465.948

-66.402

-66.862

-67.328

-67.478

260.223

253.072

235.390

246.871

258.554

268.522

0

-991.000

1.265.735

1.258.820

1.140.878

0

1-2 Openbare orde en veiligheid

11.878

12.250

12.540

12.840

13.160

13.420

3-2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur

16.550

14.088

15.697

16.357

17.027

17.691

5-4 Musea

56.295

97.254

121.234

160.274

164.114

167.264

8-2 Grondexploitatie (nietbedrijventerreine

-73.752

-252.069

-258.189

-259.688

-261.841

-65.299

4.243.135

-1.332.353

1.326.005

1.368.612

1.264.564

334.120

-30.000

-20.000

-20.000

-20.000

-20.000

-20.000

0-4 Overhead

7.368.213

8.978.669

8.224.493

8.392.278

8.680.584

8.956.003

Totaal 5. Overhead

7.338.213

8.958.669

8.204.493

8.372.278

8.660.584

8.936.003

Totaal 579304. Bedrijfsvoering 5. Overhead 0-10 Mutaties reserves

6. Algemene dekkingsmiddelen 0-5 Treasury

-65.855

-632.193

-604.484

-506.483

-577.418

-614.470

0-61 OZB woningen

-3.573.911

-3.270.846

-3.812.408

-3.902.073

-3.997.895

-4.076.211

0-62 OZB niet-woningen

-1.078.708

-1.479.043

-1.138.922

-1.164.424

-1.191.803

-1.214.007

0-64 Belastingen overig

-1.067.740

11.630

11.910

12.200

12.500

12.750

0-7 Alg.uitkeringen en ov. uitkeringen GF

-32.103.741

-30.726.087

-34.518.994

-36.192.400

-37.368.809

-35.300.620

3-4 Economische promotie

-259.056

-270.000

-270.000

-270.000

-305.000

-305.000

-38.149.012

-38.967.447

-40.332.898

-42.023.180

-43.428.425

-41.497.558

0-8 Overige baten en lasten

0

50.000

50.000

50.000

50.000

50.000

Totaal 7. Onvoorzien

0

50.000

50.000

50.000

50.000

50.000

Totaal 6. Algemene dekkingsmiddelen 7. Onvoorzien

95

Bijlage 2: Emu-saldo

96

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerde&id=25183f2a-180c-440f-95be-c12ddb164e47