2015-12 - CA1345 - Aan de slag met de Wapenveldse landgoederenzone - stap E en F - versie 1.1.pdf
Tekst van het document
“Landgoed De Dreef herbergt al lang niet meer een justitiële instelling, maar dat is in de omgeving nog niet goed genoeg bekend. Wij hebben daardoor ons imago nogal eens tegen." John Dogger van het Sprengen College (onderdeel van het voormalig landgoed De Dreef).
32
3.5 Recreatie en toerisme (E) Initiatieven
Landgoed Petrea is het enige landgoed dat op dit moment grotendeels is opgesteld en op redelijke schaal door recreanten en toeristen wordt gebruikt. Vaak wordt een combinatie gezocht met de gronden van het naastgelegen Staatsbosbeheer. Landgoed Winfried en landgoed De Polberg zijn op dit moment niet opengesteld. Van voormalig landgoed De Dreef is het meestal niet bekend dat een gedeelte van het terrein ook als wandelgebied open is gesteld. De landgoedeigenaren hebben de wens om daar behoorlijk verbetering in aan te brengen, zodat het gehele gebied tussen de Grote Weg, Wapenveldse Molenweg en de A50 door recreanten en toeristen kan worden gebruikt. Daarmee zou de historische relatie tussen het dorp Wapenveld en de landgoederenzone weer worden hersteld, wat een grote sociaalmaatschappelijke meerwaarde zou zijn. Ideeën daarvoor zijn volop aanwezig. Landgoed Winfried en landgoed De Polberg gaan hun landgoed open stellen wanneer hun landgoed een natuurbegraafplaats wordt. Daarnaast is het bij de toekomstige natuurbegraafplaats van Winfried de bedoeling om nieuwe parkeerplaatsen aan te leggen, die ook door recreanten kunnen worden gebruikt. De Polberg maakt gebruik van bestaande parkeerplaatsen van het Zwolsche Bos en Petrea. Landgoed De Polberg is voornemens om, als onderdeel van hun natuurbegraafplaats, de historische uitkijktoren te herstellen en een theehuis te bouwen.
Ook wordt het Jacobapark (24 hectare) hersteld en opengesteld. In de boswachterswoning komt een informatiecentrum dat informatie bevat over het ontstaan en de geschiedenis van de landgoederenzone. Landgoed Winfried heeft in hun plannen het openstellen van de gasvrije schuilkelder en herbestemming van de kanovijver tot een theater opgenomen. Een gedeelte van landgoed De Dreef, met het Sprengen College, wil douchefaciliteiten voor mountainbikers gaan aanbieden. Landgoed Petrea denkt na over het uitbreiden van hun excursies, zodat die ook de andere landgoederen aandoen. Stichting Recreatie Wapenveld wil daarvoor het oude landgoedwegenstelsel weer in ere herstellen. Voor de toeristen die willen overnachten wil landgoed Maxiesbergen (onderdeel van het voormalige landgoed De Dreef) een Bed & Breakfast en een kleinschalige camping met safaritenten opzetten. En als laatste is Groot Stokkert voornemens om, als onderdeel van hun grotere plan voor het aanbieden van permanente zorg, hun welnessvoorzieningen en het zwembad uit te breidden.
“Een natuurbegraafplaats heeft naast de begravingsfunctie nog meer maatschappelijke waarden. Het landgoed wordt opengesteld voor recreatie, natuurwaarden worden verbeterd en cultuurhistorische waarden hersteld en gerestaureerd." Hans Stuyling de Lange (landgoed De Polberg).
Ambities
E1. Verbinding zoeken met Wapenveld en omgeving voor de lokale recreant E2. Een grotere aantrekkingskracht uitoefenen op de regionale recreant door nieuwe belevenissen toe te voegen E3. Landelijke uitstraling realiseren door in te zetten op meer en betere verblijfsrecreatie
Beleidsanalyse
Naast de ambitie die de gemeente Heerde in haar Toekomstvisie 2025 en haar Structuurvisie 2025 uiteen zet (zie paragraaf 3.1 Cultuur en Erfgoed), is de gemeente Heerde op dit moment bezig met het opzetten van recreatiebeleid. Vooruitlopend daarop is de gemeente al wel bezig om Toeristische Overstap Punten (TOP’s) op te zetten. Eén daarvan ligt bij Groot Stokkert. Vanaf 2015 begint daar een Klompenpad en in 2016 wordt ook het fietsknooppuntennetwerk langs het TOP bij Groot Stokkert geleid. Tevens worden er parkeerplekken voor paardentrailers gerealiseerd, zodat menners of mensen te paard
“In de overgangszone van de ‘natuurlijke’ natuur naar recreatieve natuur is ruimte voor meer spannende natuurbeleving." Gemeente Heerde in haar Toekomstvisie 2025.
33
ook het bos in kunnen trekken. De gemeente faciliteert de routestructuur en het is aan Groot Stokkert om het TOP eventueel uit te bouwen. Dit inzetten van “cultuur(historie) en erfgoed om het toeristisch product te versterken” is daarnaast ook één van de speerpunten in de Omgevingsagenda regio Noord-Veluwe 2015-2020, waar ook de gemeente Heerde bij aan is gesloten. De uitvoeringsopgaven op lokaal niveau passen gemakkelijk binnen zowel gemeentelijk als provinciaal beleid. De uitvoeringsopgaven voor regionaal en landelijk niveau (verblijfsrecreatie) ook, maar hebben in sommige gevallen wel te maken randvoorwaarden voor het Gelders Natuurnetwerk (GNN) of de Groene Ontwikkelingszone (GO) en Natura 2000. Het GNN en de GO worden getoetst door de gemeente Heerde, Natura 2000 door de provincie Gelderland via de Natuurbeschermingswet. Zo is het opzetten van een camping op landgoed Maxiesbergen wel mogelijk, indien er “geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de aanwezige natuurlijke of landschappelijke waarden”, omdat zij in het GNN of de GO vallen. Datzelfde geldt voor het uitbreiden van de welnessvoorzieningen en het zwembad op Groot Stokkert. De nieuwe ontwikkelingen voor recreatie en toerisme op landgoed Winfried en De Polberg moeten daarnaast ook rekening houden met Natura 2000.
Deze regelgeving geeft minder ruimte voor uitzonderingen dan het GNN, maar de provincie geeft aan dat “wanneer Natura 2000doelen gehaald worden er meer kansen ontstaan voor andere ontwikkelingen”.
“Een positief [natuur]saldo kan ook worden bereikt wanneer het oppervlak natuur toeneemt en de ecologische samenhang verbetert." Provincie Gelderland over onvermijdelijke aantasting in de Groene Ontwikkelingszone in haar Omgevingsvisie.
Waterplasberg Filipsberg (1)
Filipsberg (2)
Petrea Grintenberg
Witte B
Hooge Berg
Stoofberg
Steenbergen
Zwolsche Bos
Polb
Polberg
Zwolsche Bos
Winfried
Groot Stokke
Maxiesbergen
Tonnenberg
Zwolsche Bos
Dreef
OVERZICHTSKAART C LANDGOEDERENVISIE (2016-2030) Bosbouw
Zorg
LEGENDA A. Cultuur en erfgoed A1-I en II. Herkenbaar maken van de landgoederenzone. A2-I. Combinatie tussen restauratieopgave en Sprengen College. A2-II. Opzetten van een vrijwillige landgoederenwerkgroep. A2-III, IV en V Restaureren van oorspronkelijke cultuurhistorische waarden op Petrea, De Polberg en Winfried. A3-I. Dependance van het Gemeentemuseum Den Haag openen. A3-II. Heruitgave van het boek Winfried van Jan Zürcher. A3-III. De schoonheid van het gebied zichtbaar maken met een (natuur)documentaire of een reclamespot. A3-IV. Met een oral historyproject de zone op de kaart zetten.
Oude Molenberg
Berg
B. Bosbouw en pacht B1-I. Continuïteit in beheer en financiën door periodieke oogst. B2-I. Ingebruikgeving via erfpacht en verhuur. C. Natuur en natuurbegraven C1-I en II. Het aanleggen van een natuurbegraafplaats op De Polberg en Winfried. C2-I. Verbinden van de oude en nieuwe heideterreinen. C3-I. Recreatie en toerisme rondom ecoduct zoneren. C3-II. De landgoederenzone zoveel mogelijk ontrasteren. D. Zorg en onderwijs D1-I. Opzetten van een afzetmarkt voor onderhoud en inrichting van de landgoederenzone met het Sprengen College. D1-II. Opzetten van een officiële dierentuin voor stichting KiDiNo op landgoed Maxiesbergen. D1-III. Extra bedrijfswoning(en) bij de zorgpanden op De Dreef. D2-I. Uitbreiding van Groot Stokkert met permanente zorg.
berg
d
ert
Natuurbegraven
Flessenberg
Wapenveld Hondenberg
E. Recreatie en toerisme E1-I. Herintroduceren van het oude landgoedwegenstelsel. E1-II. Openstelling van landgoed Winfried en De Polberg. E1-III Betere toegang en parkeergelegenheid creëren. E2-I. Uitbreiden van excursies vanaf Petrea. E2-II. Herintroduceren van wandelkaarten. E2-III. Nieuwe mountainbike- en wandelroutes uitzetten. E2-IV. Herbouw van de historische uitkijktoren op De Polberg. E2-V. Nieuwbouw van een theehuis op De Polberg. E2-VI. Uitbreiden van de welnessvoorzieningen op Groot Stokkert. E2-VII. Uitbreiden van het zwembad op Groot Stokkert. E2-VIII. Toegankelijk maken van de gasbunker op Winfried. E2-IX. Herbestemmen van de kanovijver op Winfried tot theater. E3-I. Opzetten van B&B en camping op Maxiesbergen.
OPDRACHTINFORMATIE Begrenzing Landgoederenzone 2016 (globaal) Schaal 0
1:15.000 op A3-formaat 200
400
600 m
Cartograaf Martijn Horst, Cultuurland Advies, 2016.
4. Aan de slag met het uitvoeringsprogramma 4.1 Overzichtstabel
Planning
Initiatiefnemer(s)
Partner(s)
A1-I. Herkenbaar maken van de historische indeling van de landgoederen vanaf de Groteweg (voorkant).
Landgoedeigenaren, Stichting Recreatie Wapenveld
Gemeente Heerde, provincie Gelderland
A1-II. Herkenbaar maken van de historische indeling van de landgoederen vanaf het Zwolsche Bos (achterkant).
Landgoedeigenaren, Stichting Recreatie Wapenveld
Gemeente Heerde, provincie Gelderland
A2-I. Combinatie zoeken tussen de restauratieopgave en de dagbesteding en arbeidstoeleiding van het Sprengen College.
Sprengen College, landgoedeigenaren
Gemeente Heerde (en wellicht ook omringende gemeenten)
A2-II. Opzetten van een vrijwillige landgoederenwerkgroep voor het groene erfgoed.
Landgoedeigenaren
Stichting Landschapsbeheer Gelderland (nog onduidelijk of dit na 2016 doorgaat)
A2-III. Landgoed Petrea - herstellen van het historisch landgoedkarakter (o.a. lanenstructuur en landschapspark) en inzichtelijk maken (o.a. leemkuilen, veldovens en heide bij de Zandgaten) op landgoed Petrea.
Geldersch Landschap & Kasteelen
-
A2-IV. Landgoed De Polberg - herstellen van o.a. het Engelse landschapspark (Jacoba Park), moestuin met put, stookhut, houtschuur, werkschuur, koeienstal, refugio, theekoepels en vierwindenkoepel.
Landgoed De Polberg
-
A2-V. Landgoed Winfried - herstellen van o.a. de kanovijver, schuilkelder, moestuin en elektriciteitshuisje.
Natuurbegraven Nederland
-
A3-I. Dependance van het Gemeentemuseum Den Haag openen op de landgoederenzone met de collectie van de Wibbina Stichting.
Stichting Recreatie Wapenveld
Gemeentemuseum Den Haag
A3-II. Heruitgave van het boek Winfried van Jan Zürcher op de markt brengen. A3-III. De schoonheid van het gebied zichtbaar maken met een (natuur)documentaire of een reclamespot met Willem Gunneman.
Stichting Recreatie Wapenveld Landgoedeigenaren, Stichting Recreatie Wapenveld
Landgoed Winfried
A3-IV. Met een oral historyproject de landgoederenzone op kaart zetten.
Landgoedeigenaren, Stichting Recreatie Wapenveld
-
< 2 jaar
2-5 jaar
> 5 jaar
A. Cultuur en erfgoed A1. Versterken en in stand houden van de historische driedeling van de landgoederenzone.
A2. Herstellen en conserveren van oorspronkelijke, cultuurhistorische waarden.
A3. De veelzijdige geschiedenis van de landgoederenzone uitdragen in kleine en grote culturele projecten.
-
Begroting
Financiering
Afwegingskader Maatschappelijke meerwaarde
Uitvoeringsgereedheid
Kansrijkheid vanuit beleid
Budgetrealisatie
€ 20.000
Landgoedeigenaren, gemeente Heerde, provincie Gelderland, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Rabofonds Noord Veluwe
++
++
+
+
€ 20.000
Landgoedeigenaren, gemeente Heerde, provincie Gelderland, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Rabofonds Noord Veluwe
++
++
+
+
N.t.b.
Gemeente Heerde (en wellicht ook omringende gemeenten), provincie Gelderland met cofinanciering van de landgoedeigenaren
++
++
+
0
N.t.b.
Landgoedeigenaren, Stichting Landschapsbeheer Gelderland
++
0
++
++
> 50.000
Geldersch Landschap & Kasteelen, gemeente Heerde, provincie Gelderland, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
++
++
+
+
> 250.000
Landgoed De Polberg, gemeente Heerde, provincie Gelderland, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
++
+
++
+
> 250.000
Natuurbegraven Nederland, gemeente Heerde, provincie Gelderland, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
++
+
++
+
N.t.b.
Gemeentemuseum Den Haag, gemeente Heerde, provincie Gelderland, externe fondsen
++
-
+
0
€ 10.000
Externe fondsen
+
-
+
0
€ 25.000
Externe fondsen
++
+
n.v.t.
0
€ 10.000
Externe fondsen
++
++
++
+
Planning
Initiatiefnemer(s)
Partner(s)
Landgoedeigenaren
-
Landgoedeigenaren
-
Initiatiefnemer(s)
Partner(s)
Landgoed De Polberg
-
Natuurbegraven Nederland
-
Landgoedeigenaren
Provincie Gelderland
Landgoedeigenaren, Stichting Recreatie Wapenveld Landgoedeigenaren
Staatsbosbeheer, Provincie Gelderland
D1-I. Opzetten van een afzetmarkt voor onderhoud en inrichting van de landgoederenzone met arbeidstoeleiding en dagbesteding van het Sprengen College.
Landgoedeigenaren, Sprengen College
Gemeente Heerde (en wellicht ook omringende gemeenten)
D1-II. Opzetten van een officiële dierentuin voor stichting KiDiNo op landgoed Maxiesbergen.
Landgoed Maxiesbergen
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO)
Janssen Vastgoed
-
Groot Stokkert
-
< 2 jaar
2-5 jaar
> 5 jaar
B. Bosbouw en pacht B1. Beheer en instandhouding van bos, natuur en landschap middels optimale exploitatie
B1-I. Continuïteit in beheer en financiën door periodieke oogst uit dunning van bos en uit ingrepen gericht op verjonging B2. Beheer en instandhouding van gebouwen en terreinen door uitgifte aan derden
B2-I. Ingebruikgeving via erfpacht en verhuur tegen marktconforme tarieven
Planning < 2 jaar
2-5 jaar
> 5 jaar
C. Natuur en natuurbegraven C1. Inspelen op de veranderende vraag van uitvaart
C1-I. Het aanleggen van een natuurbegraafplaats op landgoed De Polberg. C1-II. Het aanleggen van een natuurbegraafplaats op landgoed Winfried.
C2. Verbinding zoeken met elkaar voor het creëren van lokale natuurwaarden
C2-I. Verbinden van de oude en nieuwe heideterreinen binnen de landgoederen (en met Staatsbosbeheer). Wellicht ook gezamenlijk het heidebeheer oppakken. C3. Als landgoederenzone aansluiten bij de regionale natuuropgave van de Hattemer Poort uit het Gelders Natuur Netwerk (GNN)
C3-I. Recreatie en toerisme in de landgoederenzone zoveel mogelijk zoneren, zodat de Hattemer Poort optimaal werkt. C3-II. De landgoederenzone zoveel mogelijk ontrasteren, zodat het wild in de Hattemer Poort vrij doorgang heeft.
Provincie Gelderland
D. Zorg en onderwijs D1. Kwetsbare doelgroepen weer op weg helpen in de samenleving
D1-III. Extra bedrijfswoning(en) maken bij de zorgpanden op landgoed De Dreef. D2. Alternatief bieden voor de kwaliteitsafname in de gemeenschappelijke ouderenzorg
D2-I. Uitbreiding van het zorgcomplex op Groot Stokkert met veertig tot vijftig permanente zorgeenheden.
Begroting
Financiering
Afwegingskader Maatschappelijke meerwaarde
Uitvoeringsgereedheid
Kansrijkheid vanuit beleid
Budgetrealisatie
N.v.t.
-
++
++
++
++
N.v.t.
-
0
++
++
++
Financiering
Afwegingskader Maatschappelijke meerwaarde
Uitvoeringsgereedheid
Kansrijkheid vanuit beleid
Budgetrealisatie
Begroting
N.t.b.
Landgoed De Polberg
++
++
0
++
N.t.b.
Natuurbegraven Nederland
++
++
0
++
N.t.b.
Landgoedeigenaren, povincie Gelderland
++
0
++
++
N.t.b.
Landgoedeigenaren, povincie Gelderland
++
+
++
+
N.t.b.
Landgoedeigenaren, povincie Gelderland
++
+
++
+
N.t.b.
Gemeente Heerde (en wellicht ook omringende gemeenten) met cofinanciering van de landgoedeigenaren
++
++
+
0
N.t.b. Landgoed Maxiesbergen
++
++
+
++
N.t.b.
Jansen Vastgoed BV
+
++
0
++
N.t.b.
Groot Stokkert
++
+
+
++
E. Recreatie en toerisme E1. Verbinding zoeken met Wapenveld en omgeving voor de lokale recreant
E1-I. Herintroduceren van het oude landgoedwegenstelsel voor recreatieve ontsluiting.
Landgoedeigenaren, Stichting Recreatie Wapenveld
Staatsbosbeheer
E1-II. Openstelling van landgoed Winfried en landgoed De Polberg voor recreatie en toerisme.
Landgoed Winfried en landgoed De Polberg
-
E1-III Betere toegang richting de landgoederen (met name Groot Stokkert) en vanaf de Groteweg ook betere parkeergelegenheid creëren.
Landgoedeigenaren
Gemeente Heerde
E2-I. Uitbreiden van excursies vanaf landgoed Petrea richting de andere landgoederen.
Geldersch Landschap & Kasteelen
Landgoedeigenaren
E2-II. Herintroduceren van wandelkaarten. Deze keer zonder verplichting, maar met extra informatie over de landgoederenzone.
Landgoedeigenaren, Stichting Recreatie Wapenveld
-
E2-III. Nieuwe mountainbike- en wandelroutes uitzetten (o.a. met douchefaciliteiten bij het Sprengen College).
Landgoedeigenaren, Stichting Recreatie Wapenveld
Staatsbosbeheer
E2-IV. Herbouw van de historische uitkijktoren op landgoed De Polberg.
Landgoed De Polberg
-
E2-V. Nieuwbouw van een theehuis op landgoed De Polberg.
Landgoed De Polberg
-
E2-VI. Uitbreiden van de welnessvoorzieningen op Groot Stokkert. E2-VII. Uitbreiden van het zwembad op Groot Stokkert. E2-VIII. Toegankelijk maken van de gasvrije schuilkelder op landgoed Winfried.
Groot Stokkert
-
Groot Stokkert
-
Natuurbegraven Nederland
-
E2-IX. Herbestemmen van de kanovijver op landgoed Winfried tot theater.
Natuurbegraven Nederland
-
Landgoed Maxiesbergen
-
E2. Een grotere aantrekkingskracht uitoefenen op de regionale recreant door nieuwe belevenissen toe te voegen
E3. Landelijke uitstraling realiseren door in te zetten op meer en betere verblijfsrecreatie
E3-I. Opzetten van een Bed & Breakfast en een kleinschalige camping met safaritenten op landgoed Maxiesbergen.
€ 40.000
Landgoedeigenaren, gemeente Heerde, provincie Gelderland, Rabofonds Noord Veluwe
++
++
++
+
N.v.t.
-
++
0
n.v.t.
n.v.t.
N.t.b.
Landgoedeigenaren, Gemeente Heerde
+
+
+
+
N.t.b.
Geldersch Landschap & Kasteelen
++
++
++
+
€ 5.000
Externe fondsen, Rabofonds Noord Veluwe
++
++
n.v.t.
++
€ 30.000
Landgoedeigenaren, Gemeente Heerde, provincie Gelderland
++
+
++
++
€ 50.000
Landgoed De Polberg, gemeente Heerde, provincie Gelderland
++
+
+
0
€ 50.000
Landgoed De Polberg, gemeente Heerde, provincie Gelderland
+
+
+
0
N.t.b.
Groot Stokkert
+
+
+
0
N.t.b.
Groot Stokkert
+
+
+
0
€ 30.000
Natuurbegraven Nederland, gemeente Heerde, provincie Gelderland, RCE
++
+
++
0
€ 50.000
Natuurbegraven Nederland, gemeente Heerde, provincie Gelderland, RCE
++
+
++
0
N.t.b. Landgoed Maxiesbergen
++
++
++
++
38
4.2 Stappenplan Over de thema’s, de ambities en de bijbehorende potentiële uitvoeringsopgaven had Cultuurland Advies afzonderlijke gesprekken met de landgoedeigenaren en de gemeente Heerde. Op basis daarvan werd voor elke uitvoeringsopgave een stappenplan opgemaakt. Dit stappenplan is indicatief en richtinggevend bedoeld.
A. Cultuur en erfgoed A1. Versterken en in stand houden van de historische driedeling van de landgoederenzone. A1-I. Herkenbaar maken van de historische indeling van de landgoederen vanaf de Grote Weg (voorkant). + A1-II. Herkenbaar maken van de historische indeling van de landgoederen vanaf het Zwolsche Bos (achterkant). 1. Afstemmen met de gemeente Heerde (Riette Bijsterbosch en Niek Haverkamp) hoe dit samen op te pakken is. Wil de gemeente een faciliterende rol? Of juist actief meedenken in het proces? Kan de gemeente een bijdrage leveren door bijvoorbeeld groot onderhoud aan de Grote Weg te combineren met de wensen van de landgoedeigenaren? 2. Contactopnemen met Staatsbosbeheer (Lennart Jaspers) hoe dit samen op te pakken is. Wil Staatsbosbeheer een faciliterende rol? Of juist actief meedenken in het proces? Kan Staatsbosbheer een bijdrage leveren door bijvoorbeeld hun beheerplan te combineren met de wensen van de landgoedeigenaren? 3. Aanwijzen van een landgoedeigenaar of externe projectleider die dit project zal gaan trekken. 4. Vrijblijvende opdracht/prijsvraag uitzetten onder landschapsarchitect(en), waarbij de hoofdvraag is hoe automobilisten de Wapenveldse landgoederenzone aan de voorkant kunnen beleven, ondanks dat ze met 80 km/u langs komen rijden.
Het tegenovergestelde geldt voor de achterkant van de landgoederenzone, waarbij versnippering en de langzame pas van de wandelaar de uitdaging is. 5. Met een plan van aanpak het winnende ontwerp (en wellicht ook de tweede plaats) door laten rekenen en met bijvoorbeeld het Sprengen College een passende begroting op laten maken. 6. Indien gewenst ambtelijk doorbespreken met de gemeente Heerde (Riette Bijsterbosch en Niek Haverkamp). 7. Eigen bijdrage vanuit de landgoedeigenaren vaststellen en subsidie aanvragen bij de gemeente Heerde, provincie Gelderland (Cultuur en Erfgoed 2017-2020, Gebiedsopgave Veluwe op één), Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Prins Bernhard Cultuurfonds Gelderland, Rabofonds Noord-Veluwe, etc. A2. Herstellen, consolideren en restaureren van oorspronkelijke, cultuurhistorische waarden. A2-I. Combinatie zoeken tussen de restauratieopgave en de dagbesteding en arbeidstoeleiding van het Sprengen College 1. Startoverleg tussen het Sprengen College (Bernhard van de Berg) en de overige landgoedeigenaren wat de concrete wensen voor onderhoud, restauratie en inrichting zijn. Daarnaast ook overleg over de cofinanciering die de landgoedeigenaren willen inbrengen voor hun concrete wensen. 2. Gezamenlijk eens kijken hoe dat op dit moment gaat op landgoed Middachten bij rentmeester Age Fennema.
Landgoed Middachten heeft Wajong- en reintegratieprojecten, een opleidingsbedrijf via Helicon en een praktijkschool.
“Hoe zit de landgoederenzone in elkaar? Kun je dat weer beleven als je er langs rijdt?" Hans Stuyling de Lange (landgoed De Polberg).
39
3. 4.
Plan van aanpak laten schrijven door het Sprengen College voor de concrete wensen voor onderhoud, restauratie en inrichting. Eigen bijdrage vanuit de landgoedeigenaren en de deelnemende gemeente(n) vaststellen en eventueel aanvullende subsidie aanvragen bij de provincie Gelderland (Cultuur en Erfgoed 2017-2020, arbeidstoetreding), Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (Brim), Prins Bernhard Cultuurfonds Gelderland, Rabofonds Noord-Veluwe, etc. Voor onderhoud van groene monumenten en voor tuinhistorisch onderzoek is bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed tevens subsidie beschikbaar. Groen erfgoed valt net als de gebouwde monumenten en archeologie onder de Brim-regeling. De Rijksoverheid verleent alleen subsidie voor het noodzakelijke onderhoud aan de hoofdstructuur en aan eventuele zeldzame onderdelen. De kosten voor het uitvoeren van een tuinhistorisch onderzoek vallen onder de subsidieregeling als dit samenvalt met het uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden.
A2-II. Opzetten van een vrijwillige landgoederenwerkgroep voor het groene erfgoed. 1. Contact opnemen met de provincie Gelderland (Monique de Rooij). De provincie subsidieert lokale vrijwilligersgroepen, die via Stichting Landschapsbeheer Gelderland worden opgestart. Landgoedwerkgroepen werken het jaarrond aan het onderhoud van het agrarisch cultuurland, het bos en de natuur. Tevens pakken ze incidenteel ook het onderhoud van kleine bebouwde elementen, hekwerken en rasters aan. Het is op dit moment nog onduidelijk of dit na 2016 ook doorgaat. A2-III. Landgoed Petrea - herstellen van het historisch landgoedkarakter (o.a. lanenstructuur en landschapspark) en inzichtelijk maken (o.a. leemkuilen, veldovens en heide bij de Zandgaten) op landgoed Petrea. + A2-IV. Landgoed De Polberg - herstellen van o.a. het Engelse landschapspark (Jacoba Park), moestuin met put, stookhut, houtschuur, werkschuur, koeienstal, refugio, theekoepels en vierwindenkoepel. + A2-V. Landgoed Winfried - herstellen van o.a. de kanovijver, schuilkelder, moestuin en elektriciteitshuisje. 1. Startoverleg tussen de landgoedeigenaren van Petrea, De Polberg en Winfried wat hun concrete wensen voor onderhoud, restauratie en inrichting zijn. Kunnen er werkzaamheden gecombineerd worden? Is gezamenlijk aanvragen van offertes en/of subsidies de moeite of is beter om het apart te doen? 2.
Bij gezamenlijk aanvragen een landgoedeigenaar of externe projectleider aanwijzen die dit project zal gaan trekken. 3. Overleg met de gemeente Heerde (Riette Bijsterbosch) over de rol van de gemeente en het eventueel wel of niet plaatsen van de monumentale panden op de gemeentelijke monumentenlijst (i.v.m met de gemeentelijke subsidieregeling). 4. Overleg met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed over het eventueel wel of niet plaatsen van de monumentale panden op de Rijksmonumentenlijst (i.v.m. de Brim). Tevens vragen of de monumentale panden ook zonder status in aanmerking komen voor de herbestemmingssubsidie. Voor onderhoud van groene monumenten en voor tuinhistorisch onderzoek is bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed tevens subsidie beschikbaar. Groen erfgoed valt net als de gebouwde monumenten en archeologie onder de Brim-regeling. De Rijksoverheid verleent alleen subsidie voor het noodzakelijke onderhoud aan de hoofdstructuur en aan eventuele zeldzame onderdelen. De kosten voor het uitvoeren van een tuinhistorisch onderzoek vallen onder de subsidieregeling als dit samenvalt met het uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden. 5. Contact opnemen met de provincie Gelderland (Paul Thissen en Willemijn van de Berg) voor de invulling van het beleidskader ‘Cultuur en Erfgoed 2017-2020’ en of de landgoederenzone daarvoor in aanmerking komt.
“Dit jaar (2015) heeft onze familie landgoed De Polberg 110 jaar in haar bezit. Een prachtig verleden ligt achter ons, maar de grootste opgave voor ons is echter om het landgoed weer toekomstbestendig te maken." Hans Stuyling de Lange (landgoed De Polberg).
40
6.
Contact opnemen met de provincie Gelderland (Bas Nijenhuis) voor de invulling van de gebiedsopgave ’Veluwe op één’ en of de landgoederenzone daarvoor in aanmerking komt. 7. Contact opnemen met de provincie Gelderland (René van Eijden). In het programma ‘Natuur & Landschap’ bestaat de ‘Landschapsregeling’ voor gemeenten en landgoedeigenaren. Daarvoor is jaarlijks geld beschikbaar. Voor (historische) groenstructuren die niet onder de Monumentenwet vallen zijn er mogelijkheden voor landgoedeigenaren. Over bovenstaande regeling heeft contact plaatsgevonden met de gemeente Heerde (Riette Bijsterbosch en Niek Haverkamp). Beide geven aan dat de gemeente tot op heden geen gebruik heeft gemaakt van de provinciale regeling. Dit heeft er onder andere mee te maken dat de gemeente cofinanciering moet inbrengen. Die cofinanciering is niet beschikbaar gesteld. Mogelijk dat de gemeente in de toekomst wel mee doet. Als dat zo is, dan zal de gemeente de landgoederen toetsen op het herstel of ontwikkeling, i.p.v. beheer of achterstallig onderhoud. 8. Plan van aanpak schrijven met de concrete wensen voor onderhoud, restauratie en inrichting en het opmaken van een passende begroting door het opvragen van offertes. 9. Nagaan voor welke onderdelen in het plan van aanpak een combinatie met het Sprengen College wenselijk is (zie A2-I). 10.
Eigen bijdrage vanuit de landgoedeigenaren vaststellen en subsidie aanvragen bij de gemeente Heerde, provincie Gelderland (Cultuur en Erfgoed 2017-2020, Gebiedsopgave Veluwe op één, Landschapsregeling), Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (Brim, herbestemming). A3. De veelzijdige geschiedenis van de landgoederenzone gebruiken voor het opzetten van kleine en grote culturele projecten. A3-I. Dependance van het Gemeentemuseum Den Haag openen op de landgoederenzone met de collectie van de Wibbina Stichting. 1. Startoverleg tussen de landgoedeigenaren wat de beste locatie is om de collectie van Van der Meulen (Wibbina Stichting) tentoon te stellen. Zijn oorspronkelijke huis wordt op dit moment door Geldersch Landschap & Kasteelen verhuurd en is daarmee geen optie. Natuurbegraven Nederland BV heeft al aangegeven dat het wellicht in één van de panden van landgoed Winfried kan, als hun natuurbegraafplaats doorgang krijgt. 2. Aanwijzen van een landgoedeigenaar of externe projectleider die dit project zal gaan trekken. 3. Contact met het Gemeentemuseum Den Haag (Susan Adam, conservator collecties). Het museum staat positief tegenover een overleg en heeft daar al bij aangegeven dat zij dan graag meer informatie ontvangen over de ruimte en duur van de expositie.
Want in principe lenen ze alleen werken uit als de klimatologische en beveiligingtechnische omstandigheden van de ruimte in orde zijn. Daarnaast wordt werk op papier maximaal drie maanden uitgeleend. Vanwege hun lichtgevoeligheid mag werk op papier maar drie maanden per drie jaar getoond worden (bij maximaal 50 lux). 4. Contact met Hildelies Balk-Pennington de Jongh (auteur van de tot nu toe belangrijkste bron waarin in de familie Van der Meulen wordt genoemd: H.A. Balk (2004). De Kunstpaus. H.P. Bremmer 1871-1956. Amsterdam.) Wellicht ziet zij (in combinatie met anderen) mogelijkheden om het verhaal rondom de familie uit te breiden en daarmee als basis te dienen voor de expositie? 5. Opsporen van een publicatie van Beeldende Kunst. In 1933 wijdde H.P. Bremmer een heel nummer van Beeldende Kunst (BK XX, afl.2) aan de verzameling van Van der Meulen. Eén van de weinige, uitgebreide bronnen uit de periode dat de verzameling nog bijeen werd verzameld.
“Deze prachtige verzameling omvat bijna 2000 werken, waaronder veel prenten en tekeningen en een aantal schilderijen van onder andere Bart van der Leck, Charly Toorop en Gino Severini." Susan Adam (conservator collecties bij het Gemeentemuseum Den Haag).
41
6. 7.
In samenwerking met het Gemeentemuseum Den Haag een plan van aanpak schrijven om de collectie van Van der Meulen (Wibbina Stichting) tentoon te stellen op de Wapenveldse landgoederenzone. Inclusief begroting. Subsidie aanvragen bij het Gemeentemuseum Den Haag, gemeente Heerde, provincie Gelderland en de grotere, externe cultuurfondsen.
A3-II. Heruitgave van het boek Winfried van Jan Zürcher op de markt brengen. 1. Het boek Winfried is niet meer vrij op de tweedehandsmarkt verkrijgbaar. Suzanne Piët, de huidige eigenaresse van Winfried, moet wel een exemplaar in het bezit hebben. Wellicht wil zij hem voor dit project uitlenen. 2. Beslissen of het boek inderdaad potentie heeft om als heruitgave op de (lokale of wellicht zelfs nationale) markt te zetten. 3. Beslissen of het boek in eigen beheer of via een uitgever wordt uitgebracht. Daarbij ook het aantal exemplaren bepalen. 4. Aanwijzen van een landgoedeigenaar of externe projectleider die dit project zal gaan trekken. 5. Wanneer het in eigen beheer wordt uitgegeven kunnen wellicht wat lokale fondsen, zoals het Rabofonds Noord-Veluwe, of provinciale fondsen, zoals het Prins Bernhard Cultuurfonds Gelderland, worden aangeschreven. A3-III. De schoonheid van het gebied zichtbaar maken met een (natuur)documentaire of een reclamespot met Willem Gunneman. 1. Startoverleg tussen de landgoedeigenaren om te bepalen wat voor soort documentaire geschikt is voor de landgoederenzone Wapenveld. Wordt het een (natuur)documentaire voor bijvoorbeeld NO-Veluwe TV of TV Gelderland? Of meer een reclamespot voor op de website? 2. Aanwijzen van een landgoedeigenaar of externe projectleider die dit project zal gaan trekken. 3.
Vrijblijvend met Willem Gunneman overleggen welke ideeën hij voor een documentaire heeft, wat zoiets zou kosten en of hij daar ook fondsen voor aan weet te spreken. 4. Eigen bijdrage vanuit de landgoedeigenaren vaststellen en subsidie aanvragen bij externe cultuurfondsen of de kleinere, lokale fondsen. A3-IV. Met een oral historyproject de landgoederenzone op kaart zetten. 1. Startoverleg met de landgoedeigenaren om te bepalen of dit project in eigen beheer (bijvoorbeeld met de Heerder Historische Vereniging) wordt opgezet of dat het extern wordt weggezet. 2. Bij eigen beheer contact opnemen met de Heerder Historische Vereniging (of een andere organisatie), een personenlijst aanleggen, doel en eindproduct van het project bepalen en een passende begroting opstellen. Dan ook aanwijzen van een landgoedeigenaar die dit project zal gaan trekken. 3. Bij extern wegzetten lijkt Stichting Landschapsbeheer Gelderland (Andre Kaper) de aangewezen organisatie om een dergelijk project op te zetten. Zij hebben ‘Oral History vrijwilligers’, die daarvoor getraind zijn. 4. Eigen bijdrage vanuit de landgoedeigenaren vaststellen en subsidie aanvragen bij externe cultuurfondsen of de kleinere, lokale fondsen.
“Onbekend maakt onbemind en dat geldt in grote mate voor de Wapenveldse landgoederenzone." René Poll van Natuurbegraven Nederland (landgoed Winfried).
42
B. Bosbouw en pacht B1. Beheer en instandhouding van bos, natuur en landschap middels optimale exploitatie. B1.1 Continuïteit in beheer en financiën door periodieke oogst uit dunning van bos en uit ingrepen gericht op verjonging Geen directe actiepunten. B2 Beheer en instandhouding van gebouwen en terreinen door uitgifte aan derden. B2.1 Ingebruikgeving via erfpacht en verhuur tegen marktconforme tarieven Geen directe actiepunten.
C. Natuur en natuurbegraven C1. Inspelen op de veranderende vraag van begraven. C1-I. Het aanleggen van een natuurbegraafplaats op landgoed De Polberg. + C1-II. Het aanleggen van een natuurbegraafplaats op landgoed Winfried. 1. Contact opnemen met gedeputeerde Jan Jacob van Dijk van de provincie Gelderland om te peilen welke kant de uitwerking van het beleidsplan Natuurbegraven opgaat. Bepalen of de uiteindelijke opname van het beleidsplan Natuurbegraven een verdienmodel voor de landgoederen oplevert. 2. Vervolgoverleg tussen De Polberg, Winfried en wethouder Gerrit van Dijk van de gemeente Heerde of er gezamenlijk wordt opgetrokken of dat beide landgoederen hun eigen weg gaan met het realiseren van een begraafplaats met de kans dat één van de landgoederen af moet haken. 3. Op basis van de keuzes in de eerste twee stappen een herziening maken van het plan van aanpak waarin rekening wordt gehouden met de daadwerkelijke potentie van het aantal natuurgraven, hoe er wordt omgegaan met de ligging in Natura2000, de Groene Ontwikkelingszone en het Gelders Natuurnetwerk, een nieuwe, passende begroting en een meetlat welke voorgestelde investeringen in natuurverbetering, cultuur en erfgoed en recreatie en toerisme door kunnen gaan. C2. Verbinding zoeken met elkaar voor het creëren van lokale natuurwaarden C2-I.
Verbinden van de oude en nieuwe heideterreinen binnen de landgoederen (en met Staatsbosbeheer). Wellicht ook gezamenlijk het heidebeheer oppakken. 1. Startoverleg tussen de landgoedeigenaren van Petrea, De Polberg, Winfried, Staatsbosbeheer en wellicht ook Flip Hul om te kijken welke heideterreinen met elkaar verbonden kunnen worden en waar nieuwe heideterreinen (of corridors) nodig zijn. 2. Aanwijzen van een landgoedeigenaar of externe projectleider die dit project zal gaan trekken. 3. Bekijken of het een mogelijkheid is om het heidebeheer gezamenlijk op te pakken. Wellicht in combinatie met een (al bestaande) schaapskudde, met inzet vanuit het Sprengen College of met een vrijwillige landgoederenwerkgroep. 4. Gesprek met de provincie Gelderland (Paul Thissen) om te bepalen of vanuit de provincie voor inrichting van heideterreinen en heidebeheer (De Polberg en Winfried) ook SNL-gelden zijn aan te vragen. Staatsbosbeheer en Geldersch Landschap & Kasteelen hebben dat waarschijnlijk al geregeld in hun ‘lump sum overeenkomst’ met de provincie.
“Wij werven lokaal personeel. In het geval van landgoed Winfried zal het gaan om ongeveer zeven tot tien arbeidsplaatsen." René Poll van Natuurbegraven Nederland (landgoed Winfried).
43
5.
Plan van aanpak maken waarin uitbreiding en verbinding van heideterreinen en heidebeheer in de landgoederenzone samenkomen en meerjarig worden begroot en geborgd.
C3. Als landgoederenzone aansluiten bij de regionale natuuropgave van de Hattemer Poort uit het Gelders Natuur Netwerk (GNN) C3-I. Recreatie en toerisme in de landgoederenzone zoveel mogelijk zoneren, zodat de Hattemer Poort optimaal werkt. 1. Startoverleg tussen de landgoedeigenaren en Staatsbosbeheer over de wensen van zonering. Geldersch Landschap en Kasteelen heeft inmiddels met Staatsbosbeheer een zoneringsplan voor de westelijke kant van de landgoederenzone opgesteld. Dat is tevens het gedeelte dat in het hart van de Hattemer Poort ligt. Bij openstelling van de De Polberg en Winfried zal er een nieuwe recreatiestroom op gang komen en de vraag is hoe die zich in het gebied gaat bewegen. Optioneel een deskundige bij het overleg inbrengen, die meer kan vertellen over de verwachte bewegingsstromen. Wellicht hebben Geldersch Landschap en Kasteelen of Staatsbosbeheer deze binnen hun organisatie. 2. Aanwijzen van een landgoedeigenaar of externe projectleider die dit project zal gaan trekken. 3. Verkennen of het oude stelsel van landgoedwegen bij kan dragen aan de gewenste zonering. 4. Plan van aanpak maken waarin de gewenste zonering wordt doorgevoerd, al dan niet in samenhang met al bestaande beheerrondes . C3-II. De landgoederenzone zoveel mogelijk ontrasteren, zodat het wild in de Hattemer Poort vrij doorgang heeft. 1.
Startoverleg tussen de landgoedereneigenaren, Staatsbosbeheer en Flip Hul over de vraag van welke rasters het wild het meeste overlast ondervind. Optioneel kan een opdracht worden uitgezet om de bestaande rasters te inventariseren. 2. Aanwijzen van een landgoedeigenaar of externe projectleider die dit project zal gaan trekken. 3. Overleg met De Polberg en Winfried wat er gebeurt wanneer zij hun landgoed niet om kunnen vormen naar natuurbegraafplaats. Bestaat dan nog steeds de wens voor ontrasteren? 4. Overleg met de provincie Gelderland (Martijn Goedvolk) over eventuele wensen en bijdragen van de provincie voor het ontrasteren van de landgoederenzone. 5. Plan van aanpak maken waarin de gewenste ontrastering wordt doorgevoerd en waarin uiteen wordt gezet wat het beoogde effect is en welke begroting daarbij hoort.
D. Zorg en onderwijs D1. Kwetsbare doelgroepen weer op weg helpen in de samenleving D1-I. Opzetten van een afzetmarkt voor onderhoud en inrichting van de landgoederenzone met arbeidstoeleiding en dagbesteding van het Sprengen College. 1. Startoverleg tussen het Sprengen College (Bernhard van de Berg) en de overige landgoedeigenaren wat de concrete wensen zijn (zie voor onderhoud, restauratie en inrichting ook A2-1). Een eerste inventarisatie gaf al aan dat er voldoende werk is voor natuurbeheer, dierenverzorging, helpen bij de zorgvraag van ouderen, inrichting van de terreinen en onderhoud van monumentale panden en monumentaal groen. Met een zeer globale schatting betekent dit dat er wellicht voor 25-50 mensen op jaarbasis arbeidstoeleiding en dagbesteding kan worden gevonden. Met een concrete wensenlijst van de landgoedeigenaren kan dat
“Het oude landgoedwegenstelsel is goed te gebruiken voor het zoneren van recreanten en toeristen en kan daarmee de basis zijn van rustgebieden voor het wild" Roel Docter, voorzitter van de Stichting Recreatie Wapenveld.
44
2.
3. 4.
5.
6.
7.
aantal wellicht oplopen. Daarnaast ook overleg over de cofinanciering die de landgoedeigenaren willen inbrengen voor hun concrete wensen. Overleg met de gemeente Heerde. Vanuit de participatiewet is mevrouw Ulrike van Beem hier binnen de gemeente verantwoordelijk voor. Daarnaast is afdelingshoofd Leefomgeving, Wilma Blankvoort, betrokken bij de participatiewet. De gemeente heeft in de volle breedte behoefte aan arbeidsplaatsen voor mensen die in de ‘kaartenbak’ zitten. Binnen de gemeente Heerde bestaat de Pilot Werk waarin de Feluagroep en de gemeente samenwerken om inwoners die een bijstandsuitkering hebben toe te leiden naar werk. De Feluagroep heeft een overzicht van kandidaten en er zijn ook ‘instrumenten’ die ingezet kunnen worden, waardoor het ook voor een werkgever aantrekkelijk kan zijn. Ook staat de gemeente open voor samenwerking om (arbeidsmatige) dagbesteding te realiseren. Nu bestaat er een algemene voorziening waarin aanbieders (Brinkhoven, Groot Stokkert, Philadelphia, Viattence, Rehoboth en de penvoerder Verian) begeleiding aanbieden en/of (laten) organiseren, maar met name het deel arbeidsmatige dagbesteding wil de gemeente nog verder met Feluagroep organiseren. Eventueel ook overleg met de gemeente Hattem, Oldebroek, Epe, Olst-Wijhe, etc. om een bredere doelgroep de mogelijkheid te geven om aan te sluiten.
Contact opnemen met de provincie Gelderland (Cees Zuijdweg). De provincie Gelderland geeft aan dat het een primaire taak is voor gemeenten om met arbeidstoetreding om te gaan. De provincie staat er wel achter, maar een bijdrage moet meer worden gezien in de vorm van een ‘aanmoedigingssubsidie’ van ca. €5.000,- dan in de vorm van een structurele of hoge bijdrage. Contact met de Regio Noord-Veluwe (Cees Duine). Hij gaf aan dat per 1 januari 2016 het Stads- en Regiocontract is verdwenen en daarmee ook de financiële bron van de Regio Noord Veluwe. Op dit moment zijn er geen concrete bronnen voor financiering vanuit de Regio Noord-Veluwe voor een traject voor arbeidstoetreding, maar wellicht in een later stadium wel weer. Contact opnemen met de provincie Gelderland (Monique de Rooij). De provincie heeft voor onderhoud en restauratie zowel voor gebouwen als voor groen erfgoed een kwaliteitsregeling ontwikkeld, resp. de Gelderse Voet en de Groene Gelderse Voet. Het betreft een kennisrichtlijn en een uitvoeringsrichtlijn, waarbij uitvoerende organisaties zich aan kunnen sluiten. Wellicht is het interessant voor het Sprengen College om dat te doen.
In samenwerking met de landgoedeigenaren kan het Sprengen College een plan van aanpak maken, waarin de afzetmarkt voor dagbesteding en arbeidstoeleiding concreter wordt beschreven, het beoogde effect op de samenleving uiteen wordt gezet en een begroting met financiering wordt opgesteld.
D1-II. Opzetten van een officiële dierentuin voor stichting KiDiNo op landgoed Maxiesbergen. 1. Contact opnemen met het klantcontactcentrum van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland om een vergunning aan te vragen. Volgens het ‘Besluit houders van dieren’ van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland is een dierentuin een 'permanente inrichting waar levende wilde dieren worden gehouden om gedurende ten minste 7 dagen per jaar te worden tentoongesteld aan het publiek. Om een dierentuin te mogen zijn is een vergunning van de minister nodig. Een vergunning kan worden verstrekt als voldaan wordt aan de eisen die het ‘Besluit houders van dieren’ stelt aan de verblijven, de verzorging, de registratie en werkwijze. In hoofdstuk vier van het besluit worden alle randvoorwaarden daarvoor uiteen gezet. 2. Contact opnemen met de gemeente Heerde (Niek Haverkamp of Jacob Spronk) voor een oriënterend gesprek, omdat het bestemmingsplan niet voorziet in een dierentuin. Daarvoor moet het bestemmingsplan worden gewijzigd. De gemeente Heerde geeft op voorhand geen oordeel over het plan, omdat het uitnodigingsplanologie betreft. Op basis van een goede
“Het mes snijdt aan twee kanten, want dieren van de positieflijst worden opgevangen en de kinderen vanuit KiDiNo krijgen nieuwe energie van de dieren." Yolande Muuse van landgoed Maxiesbergen (onderdeel van voormalig landgoed De Dreef) over haar stichting KidiNo.
45
3.
4. 5.
6. 7. 8. 9.
onderbouwing wordt het plan getoetst. Onder andere aan de Omgevingsvisie van de provincie Gelderland en de Structuurvisie van de gemeente Heerde. Een dierentuin past op hoofdlijnen binnen het beleid van de gemeente en de provincie. Ze geven invulling aan een recreatief, toeristisch product binnen een zone die daarvoor is aangewezen. Dit zegt echter nog iets over de haalbaarheid van de plannen. Jacob Spronk geeft aan dat naast een goede ruimtelijke onderbouwing (beleid, verkeer, geluid, wet- en regelgeving en dergelijke) de maatschappelijke meerwaarde moet worden aangetoond van het initiatief. Daarbij moet worden aangetoond waarom het voor Heerde/Wapenveld een meerwaarde heeft dat er een dierentuin komt: wat levert het de gemeente/gemeenschap op? Zijn er geen alternatieven? Etc. Bij de uitbreiding tot de dierentuin geldt dat rekening moet worden gehouden met aanwezige flora en fauna. Door de ligging in en nabij het GNN, Groene Ontwikkelingszone en Natura 2000 vraagt het bevoegd gezag (zowel de gemeente als de provincie) om een flora- en faunatoets en een toetsing van het initiatief aan de Natuurbeschermingswet. Op basis van dit (specialistische) ecologische onderzoek kan bepaald worden óf en op welke manier het initiatief de ecologische waarden schaadt.
Op basis daarvan kan (in samenspraak met het bevoegd gezag) bepaald worden óf en welke maatregelen plaats moeten vinden die de verstoring compenseren. Het opstellen van een goede ruimtelijke onderbouwing, met daarin (niet uitputtend): a. De beschrijving van het plan, voorzien van (globale) inrichtingsschets; b. De toetsing van het plan aan beleid en waar nodig wet- en regelgeving; c. Een onderbouwing van de maatschappelijke meerwaarde van het plan. Deze onderbouwing wordt ambtelijk besproken en voorgelegd aan het college van B&W of de verantwoordelijk portefeuillehouder. Het college of de portefeuillehouder neemt een grondhouding aan; Als het college of de portefeuillehouder een positieve grondhouding aanneemt kan de onderbouwing verder worden uitgewerkt, voorzien van ruimtelijke onderzoeken (zoals flora en fauna, archeologie, bodem) die voor het betreffende plan noodzakelijk zijn (in afstemming met de gemeente); De onderbouwing wordt vervolgens voorgelegd aan de Raadscommissie Ruimte; Na de commissievergadering neemt het college van B&W het besluit tot planologische medewerking.
Het advies van de commissie Ruimte wegen zij hierin mee; Bij een positief advies wordt het bestemmingsplan door de initiatiefnemer opgesteld; Wanneer de gemeente en de initiatiefnemer het eens zijn over de inhoud van het nieuwe bestemmingsplan, start de bestemmingsplanprocedure met wettelijke termijnen. Verstandig kan het zijn om gedurende de stappen die hiervoor zijn beschreven afstemming plaatste laten vinden met de provincie en/of met omwonenden en belanghebbenden om draagvlak voor de plannen te creëren.
D1-III. Extra bedrijfswoning(en) maken bij de zorgpanden op landgoed De Dreef. 1. Contact opnemen met de gemeente Heerde (Niek Haverkamp of Jacob Spronk) voor een oriënterend gesprek. De gemeente Heerde geeft aan dat binnen het huidige bestemmingsplan regels zijn opgenomen omtrent bedrijfswoningen. Het plangebied ligt binnen het bestemmingsplan Buitengebied West. Op de betreffende locatie is vanuit het huidige bestemmingsplan één bedrijfswoning toegestaan, die ook al aanwezig is. Het past in principe niet binnen het beleid van de gemeente om een tweede bedrijfswoning toe te staan en de gemeente is in zijn algemeenheid dan ook gereserveerd bij het toekennen van extra bedrijfswoningen. .
46
2.
3.
Wanneer wel wordt overgegaan tot het aanvragen van een tweede bedrijfswoning moet deze door de initiatiefnemer worden voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing waarin nut en noodzaak worden aangetoond. Voor bedrijfswoningen gelden bovendien de volgende bepalingen: de oppervlakte van een bedrijfswoning mag niet meer dan 150 m² bedragen; de goothoogte niet meer dan 6 m bedragen; de bouwhoogte niet meer dan 10 m bedragen; de dakhelling niet minder dan 30° en niet meer dan 60° bedragen. Voor bijgebouwen gelden de volgende bepalingen: de goothoogte en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 3 m respectievelijk 6 m; de gezamenlijke oppervlakte van de bijbehorende bouwwerken bij een bedrijfswoning mag niet meer bedragen dan 100 m²; de afstand van een bijbehorend bouwwerk tot de voorgevel van het hoofdgebouw en het verlengde daarvan mag niet minder dan 1 m bedragen. Het opstellen van een goede ruimtelijke onderbouwing en het volgen van het proces dat is omschreven bij D1-II (3 t/m 9).
D2. Alternatief bieden voor de kwaliteitsafname in de gemeenschappelijke ouderenzorg D2-I. Uitbreiding van het zorgcomplex op Groot Stokkert met veertig tot vijftig permanente zorgeenheden 1. Contact opnemen met de gemeente Heerde (Niek Haverkamp of Jacob Spronk) voor een oriënterend gesprek. Binnen de huidige bestemming (maatschappelijk) is het niet toegestaan om permanent te wonen in combinatie met mantelzorg. Ambtelijk geeft de gemeente Heerde aan dat een dergelijk initiatief niet past binnen het gemeentelijk en provinciaal woonbeleid: wonen vindt primair plaats binnen de kernen. Met een grootschalig initiatief als deze zou een ‘nieuwe woonwijk’ ontstaan. Toch geven de Structuurvisie 2025 en de Woonvisie Heerde 2015-2025 ruimte om bijvoorbeeld bestaande zorgkamers in de gebouwen om te bouwen tot woningen. De ambitie van Groot Stokkert voor een woonzorgcomplex staat er zelfs letterlijk in. Zorg- en woonzorgaanbieders moeten echter zelf het initiatief nemen om in de vraag te voorzien. Ook het provinciale beleid geeft wat ruimte omdat over vraaggestuurd wonen wordt gesproken. Daarom geeft de gemeente Heerde aan dat een initiatiefnemer altijd vrij is om een goed plan in te dienen, mits goed is onderbouwd dat het ruimtelijk past en dat het een maatschappelijke meerwaarde heeft.
Belangrijk is ook om daarbij na te denken over het uitgangspunt dat mensen de woning moeten verlaten nadat de zorgbehoevende niet meer in leven is. Dat is moeilijk te handhaven. Aan de voorkant moeten hier goede afspraken over gemaakt worden. Bij de uitbreiding van het zorgcomplex geldt dat rekening moet worden gehouden met aanwezige flora en fauna. Door de ligging in en nabij het GNN, Groene Ontwikkelingszone en Natura 2000 (Groot Stokkert zelf ligt aan de rand, maar heeft wellicht wel invloed) vraagt het bevoegd gezag (zowel de gemeente als de provincie) om een flora- en faunatoets en een toetsing van het initiatief aan de Natuurbeschermingswet. Op basis van dit (specialistische) ecologische onderzoek kan bepaald worden óf en op welke manier het initiatief de ecologische waarden schaadt. Op basis daarvan kan (in samenspraak met het bevoegd gezag) bepaald worden óf en welke maatregelen plaats moeten vinden die de verstoring compenseren. 2. Het opstellen van een goede ruimtelijke onderbouwing (waarschijnlijk met alleen extra bebouwing binnen de Groene Ontwikkelingszone en met verwijzing van
“Groot Stokkert is tot nu toe verliesgevend gebleken. Om sluiting te voorkomen hebben we dringend een nieuw verdienmodel nodig." Paul Bijleveld van Groot Stokkert (onderdeel van voormalig landgoed De Dreef en De Polberg).
“De ambitie van de provincie is om de Natura 2000-doelen te realiseren en de [bijbehorende] beperkingen te verminderen." Provincie Gelderland over haar ambitie voor Natura 2000 in haar Omgevingsvisie.
47
3.
165 jaar zorg op het oude landgoed De Dreef) en het volgen van het proces dat is omschreven bij D1-II (3 t/m 4). Op basis van een ruimtelijke onderbouwing waar de ruimtelijke inpasbaarheid en de maatschappelijke meerwaarde zijn aangetoond, kan het college van de gemeente Heerde een grondhouding innemen ten aanzien van de plannen. Die grondhouding is richtinggevend voor het vervolgtraject. Neemt het college een negatieve grondhouding aan, dan is het erg onwaarschijnlijk dat een vervolg succesvol zal zijn. Neemt het college een positieve grondhouding aan, dan kan een nadere planuitwerking (met architect en een daadwerkelijke bestemmingsplanwijziging omschreven bij D1-II (5 t/m 9) worden ingezet.
E. Recreatie en toerisme E1. Verbinding zoeken met Wapenveld en omgeving voor de lokale recreant E1-I. Herintroduceren van het oude landgoedwegenstelsel voor recreatieve ontsluiting. + E1-III Betere toegang richting de landgoederen (met name Groot Stokkert) en vanaf de Grote Weg ook betere parkeergelegenheid creëren. 1. Startoverleg tussen de landgoedeigenaren en Staatsbosbeheer met de vraag op welke manier zij sturing willen geven aan de recreatieve ontsluiting in hun landgoederenzone. Waar komen de recreanten en toeristen binnen? Liggen de parkeerplaatsen dan goed? Waar moet de toegang worden verbeterd? Hoe bewegen ze door het gebied? En kan het herintroduceren van het oude landgoedwegenstelsel daarbij sturend zijn? Zowel in verhaal als in fysieke beleving? 2. Aanwijzen van een landgoedeigenaar of externe projectleider die dit project zal gaan trekken. 3. Plan van aanpak schrijven met de concrete wensen voor recreatieve ontsluiting en restauratie en inrichting van het oude landgoedwegenstelsel. Opmaken van een passende begroting door het opvragen van offertes. 4. Eigen bijdrage vanuit de landgoedeigenaren (en de SNL-regeling van Staatsbosbeheer via Lennard Jaspers) vaststellen en subsidie aanvragen bij de gemeente Heerde en de provincie Gelderland (Cultuur en Erfgoed 2017-2020, Gebiedsopgave Veluwe op één).
“Wij zoeken verbindingen tussen de landgoederenzone en het dorp Wapenveld. Zo oefent de brandweer al op ons terrein en staan wij open voor toerisme en recreatie." Berthus Jansen van Jansen Vastgoed BV (voormalig landgoed De Dreef)
E1-II. Openstelling van landgoed Winfried en landgoed De Polberg voor recreatie en toerisme. 1. Geen actiepunten. Wanneer Winfried en De Polberg worden omgevormd tot natuurbegraafplaats (zie C1-I en C1-II) worden deze door beide landgoedeigenaren automatisch opengesteld voor recreatie en toerisme. Mocht één van beiden (of allebei) niet worden omgevormd dan blijven dat landgoed (in ieder geval voorlopig) gesloten voor recreatie en toerisme. E2. Een grotere aantrekkingskracht uitoefenen op de regionale recreant door nieuwe belevenissen toe te voegen E2-I. Uitbreiden van excursies vanaf landgoed Petrea richting de andere landgoederen. + E2-II. Herintroduceren van wandelkaarten. Deze keer zonder verplichting, maar met extra informatie over de landgoederenzone. + E2-III. Nieuwe mountainbike- en wandelroutes uitzetten (o.a. met douchefaciliteiten bij het Sprengen College). 1. Startoverleg tussen de landgoedeigenaren en Staatsbosbeheer met de vraag hoe zij een grotere aantrekkingskracht willen uitoefenen op de regionale recreant?
“Op onze natuurbegraafplaats vinden meer activiteiten plaats dan begraven alleen. Zo kan het zijn dat er fotografiecursussen worden gegeven of natuurexcursies worden gehouden." René Poll van Natuurbegraven Nederland (landgoed Winfried).
48
2. 3. 4.
Een drietal uitvoeringsopgaven zijn al ingebracht. Geldersch Landschap en Kasteelen wil wel hun excursies vanaf hun landgoed Petrea uitbreiden naar de andere landgoederen. Voor het verhaal en de fysieke beleving kan het principe van de wandelkaart weer worden ingebracht. En het Sprengen College wil (in samenwerking met de andere landgoedeigenaren) wel nieuwe mountainbike- en wandelroutes uitzetten. Sporters kunnen dan douchen bij het Sprengen College. Aanwijzen van een landgoedeigenaar of externe projectleider die dit project zal gaan trekken. Plan van aanpak schrijven met de concrete wensen. Opmaken van een passende begroting door het opvragen van offertes. Eigen bijdrage vanuit de landgoedeigenaren vaststellen en subsidie aanvragen bij de gemeente Heerde, provincie Gelderland (Gebiedsopgave Veluwe op één), Gelderse Sport Federatie (breedtesporten), Rabofonds Noord-Veluwe en wellicht de grotere fondsen.
E2-IV. Herbouw van de historische uitkijktoren op landgoed De Polberg. + E2-V. Nieuwbouw van een theehuis op landgoed De Polberg. 1. Geen directe actiepunten. Wanneer De Polberg wordt omgevormd tot natuurbegraafplaats (zie C1-I) worden deze projecten automatisch op haalbaarheid getoetst. E2-VI. Uitbreiden van de welnessvoorzieningen op Groot Stokkert. + E2-VII. Uitbreiden van het zwembad op Groot Stokkert. 1. Afwachten of de zorgwoningen bij Groot Stokkert gerealiseerd kunnen worden, zodat met die inkomsten ook geïnvesteerd kan worden in de beoogde welnessvoorzieningen. 2. Contact opnemen met de gemeente Heerde (Niek Haverkamp of Jacob Spronk) voor een oriënterend gesprek. Twee onderwerpen moeten in ieder geval aan bod komen. Met name de intentie om een speerpunt uit de Structuurvisie 2025 uit te werken is dan onderwerp van gesprek: “Ook enkele dagen verpozen in een aantrekkelijk recreatieverblijf, gecombineerd met een wellnessarrangement en een bezoek aan een van de omliggende steden of dorpen behoort tot de mogelijkheden.” Groot Stokkert ligt namelijk precies in de zone ‘Nieuwe zakelijkheid en gezondheid’. Bij de uitbreiding van de welnessactiviteiten en het zwembad buiten de huidige bebouwing geldt dat rekening moet worden gehouden met aanwezige flora en fauna.
Door de ligging in en nabij het GNN, Groene Ontwikkelingszone en Natura 2000 (Groot Stokkert zelf ligt aan de rand, maar heeft wellicht wel invloed) vraagt het bevoegd gezag (zowel de gemeente als de provincie) om een flora- en faunatoets en een toetsing van het initiatief aan de Natuurbeschermingswet. Op basis van dit (specialistische) ecologische onderzoek kan bepaald worden óf en op welke manier het initiatief de ecologische waarden schaadt. Op basis daarvan kan (in samenspraak met het bevoegd gezag) bepaald worden óf en welke maatregelen plaats moeten vinden die de verstoring compenseren. 3. Bij doorgang het opstellen van een goede ruimtelijke onderbouwing en het volgen van het proces dat is omschreven bij D1-II (3 t/m 9). E2-VIII. Toegankelijk maken van de gasvrije schuilkelder op landgoed Winfried. + E2-IX. Herbestemmen van de kanovijver op landgoed Winfried tot theater. 1. Geen directe actiepunten. Wanneer Winfried wordt omgevormd tot natuurbegraafplaats (zie C1-II) worden deze projecten automatisch op haalbaarheid getoetst.
“Wellicht kan er een mountainbikeroute starten vanaf landgoed De Dreef. Gedoucht kan er dan bijvoorbeeld worden in de sporthal." John Dogger van het Sprengen College (onderdeel van het voormalig landgoed De Dreef).
“Als wij de uitbreiding van ons zwembad kunnen financieren heeft de Wapenveldse bevolking een backup voor het geval dat het Berghuizer Bad zou sluiten." Paul Bijleveld van Groot Stokkert (onderdeel van voormalig landgoed De Dreef en De Polberg).
49
E3. Landelijke uitstraling realiseren door in te zetten op meer en betere verblijfsrecreatie. E3-I. Opzetten van een Bed & Breakfast en een kleinschalige camping met safaritenten op landgoed Maxiesbergen. 1. Contact opnemen met de gemeente Heerde (Niek Haverkamp of Jacob Spronk) voor een oriënterend gesprek. Binnen het bestemmingsplan is het, onder voorwaarden, al mogelijk om zowel een Bed & Breakfast als een kleinschalige camping te realiseren. Een goede landschappelijke en maatschappelijke inpassing van het plan in de omgeving is daarbij het uitgangspunt. Voor een Bed & Breakfast moet het bestemmingsplan nog wel worden gewijzigd en geldt de omschrijving: “het bieden van de, ten opzichte van het hoofdgebruik ondergeschikte, mogelijkheid tot recreatief nachtverblijf en ontbijt aan personen die hun hoofdverblijf elders hebben, in een kamer die ten hoogste mag beschikken over twee van de volgende woonvoorzieningen: douche/bad, wc, of keukenblok. Daarnaast zijn de voorwaarden: “een bedrijfswoning of woning mag worden gebruikt en verbouwd ten behoeve van bed & breakfast met maximaal 2 slaapkamers en 5 slaapplaatsen”. Belangrijk om te vragen is of dat in dit geval ook een schuur mag zijn, omdat burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning kunnen verlenen ten behoeve van Bed & Breakfast in een “aan de bedrijfswoning of woning gebouwde bijbehorend bouwwerk”.
Vanuit het bestemmingsplan wordt de mogelijkheid geboden om een camping te realiseren. Daarvoor moet het bestemmingsplan nog wel worden gewijzigd en moet aan de volgende regels worden voldaan: het aantal standplaatsen ten hoogste 25 mag bedragen; het terrein voor kleinschalig kamperen dient te zijn gelegen binnen het bouwvlak, indien dit binnen de betreffende bestemming is opgenomen, en met inachtneming van het beginsel van bebouwingsconcentratie; de landschappelijke inpassing is aangetoond door een landschappelijk inpassingsplan; de hoofdverschijningsvorm van het perceel of het pand niet onevenredig wordt aangetast; de voorzieningen ten behoeve van het kleinschalig kamperen worden ondergebracht in de bestaande bebouwing tot een oppervlakte van 100 m²; de oppervlakte van het perceel ten behoeve van het kleinschalig kamperen ten minste 0,5 hectare bedraagt; de onderlinge afstand tussen terreinen voor kleinschalig kamperen ten minste 500 m bedraagt; het kleinschalige kampeerterrein de cultuurhistorische waarden of de bedrijfsmatige activiteiten ter plaatse moet versterken; indien er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de aanwezige natuurlijke of landschappelijke waarden. 2. Het opstellen van een goede ruimtelijke onderbouwing en het volgen van het proces dat is omschreven bij D1-II (3 t/m 9).
50
Bronnenlijst Literatuur M. Horst (2015). Aan de slag met de Wapenveldse landgoederenzone uit 18501950. Stap A: Cultuurhistorische inventarisatie. Wapenveld. 40 pp.
Interviews Landgoedeigenaren Interview met Bernhard van de Berg van Sprengen College op 1 juni 2015.
M. Horst (2015). Aan de slag met de Wapenveldse landgoederenzone uit 18501950. Stap B: Gesprekken met de landgoedeigenaren. Wapenveld. [Interne rapportage van Cultuurland Advies]. 6 pp.
Interview met Mathijs en Yolanda Dekker van Maxiesbergen op 3 juni 2015.
M. Horst (2015). Aan de slag met de Wapenveldse landgoederenzone uit 18501950. Stap D: Verslag van de open discussie. Wapenveld. [Interne rapportage van Cultuurland Advies]. 2 pp.