CConstaterende datHeemstede
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarverslag 2020 VRK.pdf

Gemeenteraad 27 mei 2021, gemeente HeemstedeBij agendapunt: 3: Ontwerp Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Kennemerland en ontwerp Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Kennemerland.33.366 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

48

Achterblijvende kosten MKNH-A € 56.000 nadeel Dit nadeel betreft achterblijvende kosten van bovenformatief personeel MKNH-A. Het bovenformatief personeel MKNH-A is in 2020 inmiddels uitgestroomd.

Dekkingsbronnen Inkomsten MKNH-A € 7.309 nadeel Dit betreft enerzijds een nadeel dat is ontstaan door het niet opnemen van de coöperatiekosten RAV in de begroting 2020 (€ 60.000 nadelig) en anderzijds de verwachte extra financiering van de NZA voor de cao-stijging op basis van het sectorakkoord en gemaakte Covid-19 kosten door de meldkamer (€ 53.000, voordelig)

JAARVERSLAG 2020

4.11 Programma Veilig Thuis In 2020 hebben het aantal adviezen en meldingen zich (min of meer) op hetzelfde niveau als in 2019 gestabiliseerd (iets meer adviezen/ iets minder meldingen). Dat beeld is congruent met de andere Veilig Thuisorganisaties in Nederland. Het beeld is echter ook dat de Covid-19 periode zorgt voor heftiger meldingen, meer instabiliteit en grotere zorgen over jeugd door ontbreken van fysiek onderwijs. De Covid-19 maatregelen maken dat het vaak lastiger is in direct contact te komen en te blijven met de gezinnen. De Covid-19 maatregel kan ook een reden en/of excuus zijn om gesprekken uit te stellen. Als de veiligheid erom vraagt gaan medewerkers Veilig Thuis er uiteraard naar toe. De werkvoorraden zowel op de triagelijst als de lijst voor Onderzoeken en trajecten ‘Voorwaarden en Vervolg’ kennen een schommelende en eind 2020 stijgende lijn. De verwachting dat het aantal meldingen en adviezen door de verbeterde meldcode (sterk) zou gaan stijgen (het onderzoek uitgevoerd door Significant gaf duiding aan de stijging in 2020 en daarna), alsmede dat door Covid-19 meer gezinnen in de knel zouden komen, zijn nog niet zichtbaar geworden in de stijging van het aantal meldingen. De grilligheid in het werk van Veilig Thuis en de kwetsbaarheid van de gezinnen waar de meldingen over gaan maken dat het belangrijk is en blijft snel aan de slag te kunnen.

De samenwerking met partners loopt over het algemeen goed, waarbij het ook voor Veilig Thuis lastig is dat de netwerkpartners ook wachtlijsten of wachttijden kennen. In die gevallen krijgen inwoners van Kennemerland te maken met een “breuk” in de samenwerking waardoor hulpverleningsbereidheid kan afnemen en onveiligheid kan toenemen. Waar nodig ronden Veilig Thuismedewerkers zaken niet af en houden in het belang van de veiligheid contact met het gezin. We zijn bezig om in 2021 nauwkeuriger afspraken te maken met netwerkpartners, met daarbij de regiovisie als uitgangspunt, om maximaal effectief en efficiënt te zijn in de ondersteuning van de gezinnen.

ZSM In 2020 is er een samenwerking ‘ontstaan’ op de ZSM met ook Veilig Thuis; de VT’s van de politie-eenheid Noord-Holland hebben onderling afspraken gemaakt om de informatie die Veilig Thuis heeft goed in te kunnen brengen voor een betekenisvolle afdoening. Chatfunctie Veilig Thuis Een landelijke pilot met een chatfunctie voor Veilig Thuis wordt doorgezet tot eind 2021. In 2020 is gebleken dat de mogelijkheid tot chatten een welkome aanvulling op de dienstverlening is. In het najaar van 2021 wordt landelijk bekeken welke invloed dat eventueel op de dienstverlening van VTK heeft. MDCK Rond de zomer is door de stuurgroep Veilig Thuis besloten de pilot ‘MDA++ onder 1 dak’ los te laten en daarna 2 wegen verder te bewandelen: 1. Komen tot een gedeeld beeld over draagvlak, bestuurlijk commitment en noodzaak van een regio brede MDA++-aanpak 2. Een businesscase uit te werken naar de functies die georganiseerd zijn onder het dak van het MDCK Beide ontwikkelingen hebben invloed gehad op de besteding van de middelen in 2020. Liquidatie stichting Veilig Thuis Inmiddels zijn alle zaken rondom de afwikkeling van de stichting Veilig Thuis afgerond en is de stichting opgeheven.

Crisisdienst Veilig Thuis In 2020 is het traject afgerond met betrekking tot de organisatie van crisissen in onze regio. Onderdeel van het besluit is de Integrale Crisisdienst (ICD) om te zetten naar de Crisisdienst Veilig Thuis. Naar verwachting vindt daar in januari/februari 2021 definitieve besluitvorming over plaats. MDA++ In 2020 is door de regiogemeenten besloten met partners opnieuw te kijken naar MDA++, los van ‘het dak van het MDCK’. Het MDCK wordt benut als onderzoekscentrum voor consultatie-overleggen tussen partners en het uitvoeren van Top-Teenonderzoeken, los van de politieverhoorstudio en het Centrum Seksueel Geweld wat ook onder het dak van het MDCK gehuisvest is.

Pagina 49

Doelenboom Wat wilden we bereiken

Wat hebben we ervoor gedaan

Strategisch doel

Operationeel doel

Prestaties 2020

Onze missie is samen er in de regio Kennemerland voor zorgen voor dat iedereen (0-100 jaar) thuis veilig is en zich ook veilig voelt. Met samen bedoelen wij medewerkers van Veilig Thuis, gemeenten, ketenpartners (straf en zorg) én ook inwoners en hun netwerken.

Het beoordelen (en bespreken) van alle binnenkomende meldingen, zodanig dat de situatie breed in beeld is gebracht, helder is (indien nodig) waar het aangrijpingspunt voor verandering richting stabiele veiligheid helder is, zodat de juiste ketenpartner (incl. VT) het gezin in deze verandering kan ondersteunen.

• Aantal meldingen: 3248. • Directe Overdrachten: 682 (21% van aantal meldingen).

Het uitvoeren van interventies door VT (onderzoek/V&V incl. crisis), zodanig dat het gezin begrijpt en in staat is met ondersteuning van netwerk en ketenpartner(s) tot veiligheidsvoorwaarden en afspraken te komen en zo stappen te zetten richting duurzame veiligheid.

• Aantal trajecten Voorwaarden & Vervolg: 446 gestarte trajecten. • Aantal Onderzoeken: 206 gestarte onderzoeken. • Aantal trajecten Monitoring: 449. • Aantal THV: 59.

Het adviseren van burgers en ketenpartners, zodanig dat zij zelf in staat zijn de juiste vervolgstap te zetten in de aanpak HG/KM.

• Aantal Adviezen: 3500.

Het inzetten van (onderzoeks) expertise op terrein HG/KM, zodanig dat partners (regionaal/ bovenregionaal) geholpen worden in hun verdere aanpak.

• 82 Top-Teen onderzoeken MDCK. In 2019 waren dit er 96. Vanwege Covid-19 is het aantal iets lager in 2020.

Het reflecteren en leren van de aanpak(ken) met ketenpartners, zodanig dat er een maximale beweging gemaakt kan worden met als uitgangspunten: Zo dichtbij/naast de cliënt blijven staan als mogelijk (lokaal/informeel/ eigen kracht). Maximaal vertrouwen en samenwerkings-kracht in samenwerkende professionals, waarbij vraagstuk cliënt centraal staat en vanuit toegevoegde waarde op elkaar wordt samengewerkt.

• Bijgedragen aan keten MLB georganiseerd door CJG waarin gereflecteerd is op samenwerking in de keten bij gezamenlijke casuïstiek.

Slachtoffers van Seksueel Geweld kunnen een melding doen en/ of adviezen vragen bij het Centrum Seksueel Geweld (CSG), zodanig dat de slachtoffers zich gehoord en ondersteund weten bij de noodzakelijke/gewenste vervolgstappen richting gezondheid en/of justitie.

• Aantal adviezen: 230. • Aantal meldingen: 96.

De missie van het Centrum Seksueel Geweld is voor alle inwoners van de regio Noord-Holland het contact te zijn voor slachtoffers seksueel geweld, waarnaar op maat bekeken kan worden wat benodigde vervolgstappen zijn.

50

Wat was het beoogd maatschappelijk effect Wij willen mensen die met ons te maken hebben niet ‘terugzien’; we hebben, door inzet van de juiste ondersteuning, mensen geholpen hun onderliggende oorzaken daarbij te (h)erkennen zodat stresspatronen zichtbaar zijn geworden en zij in staat zijn hun eigen stress te reguleren.

Slachtoffers seksueel geweld die zich gehoord en gesteund voelen.

JAARVERSLAG 2020

Wat heeft het gekost? Rekening 2019 Bedragen x € 1000

Uitg.

Ink.

Begroting 2020

Saldo

Uitg.

Ink.

Rekening 2020

Saldo

Uitg.

Ink.

Resultaat

Saldo

Veilig Thuis

-

-

-

6.098

-

-6.098

5.292

34

-5.258

840

Integrale Crisisdienst (ICD)

-

-

-

896

-

-896

842

-

-842

54

Multidisciplinair Centrum Kindermishandeling (MDCK)

-

-

-

384

-

-384

165

-

-165

219

Centrum Seksueel Geweld (CSG)

-

-

-

204

159

-45

177

159

-19

26

Totaal producten Veilig thuis

-

-

-

7.582

159

-7.423

6.476

193

-6.284

1.139

Totaal projecten Veilig thuis

-

-

-

55

55

-

55

55

-

-

Totaal Veilig thuis

-

-

-

7.637

214

-7.423

6.531

248 -6.284

1.139

8.242

8.242

Dekkingsbronnen: Inwonerbijdrage

-

-

-

-

Overig

-

-

-

-

Totaal dekkingsbronnen

-

-

-

-

8.242

Resultaat voor bestemming Veilig thuis

-

-

-

7.637

Onttrekking reserve Resultaat na bestemming Veilig thuis

-

-

-

7.637

-

8.203

8.203

-39

-

-

-

-

8.242

-

8.203

8.203

-39

8.456

819

6.531

8.451

1.919

1.100

280

280

290

290

10

8.736

1.099

8.741

2.209

1.110

6.531

Pagina 51

Het resultaat op het programma Veilig Thuis bedraagt € 1.109.900 en bestaat uit verschillende componenten die hieronder worden toegelicht: Veilig Thuis regulier € 840.000 voordeel Het te verwachte voordelig (uiteindelijk incidenteel) resultaat wordt voor het overgrote deel veroorzaakt door het feit dat veel juniormedewerkers (deels aangenomen in de loop van 2020) aan het begin van de schaal worden uitbetaald. Daarnaast was het streven om in de 2e helft van 2020 te investeren in een duurzame versterking van de formatie met meer ervaren medewerkers in plaats van gebruik te maken van een extern ingericht team triages. Het is echter niet gelukt om de vacatures op deze wijze structureel in te kunnen vullen (en ook verloop op te vangen) waardoor alsnog geïnvesteerd gaat worden in een wachtlijstteam. Vanwege de lange doorlooptijd van aanbesteden kon dit in 2020 niet meer gerealiseerd worden. Integrale crisisdienst (ICD) € 53.800 voordeel Het resultaat op de ICD wordt volledig veroorzaakt door vacatureruimte. Met ingang van 2021 is de crisisdienst ondergebracht onder VT regulier en komt dit als apart onderdeel in de begroting te vervallen. MDCK € 218.700 voordeel Na besluitvorming door de wethouders het MDCK niet verder op te tuigen is er in 2020 bewust niet geïnvesteerd.

Een medewerker van het MDCK is voor een deel ingezet in de crisisorganisatie van Covid-19 en deze uren zijn gecompenseerd. Centrum voor seksueel geweld (CSG) € 26.000 voordeel Het voordeel op het CSG is voornamelijk een effect van lagere consignatiekosten dan begroot.

52

Gemeentelijke bijdrage 38.000 nadeel De gemeenten hebben na het vaststellen van het prestatieplan 2020 over het 2e deel van 2020 de bijdrage voor de ICD structureel verlaagd met € 38.000. In het prestatieplan 2020 was hier geen rekening mee gehouden. Dit nadeel is vanaf 2021 structureel binnen het programma van Veilig Thuis verwerkt. Bestemmingsreserve Transitiekosten Veilig Thuis € 280.000 voordeel Het instellen van de bestemmingsreserve is voor een belangrijk deel een gevolg van het door gemeenten meegegeven uitgangspunt dat medewerkers VT onder de cao-gemeenten moesten worden gebracht. Aangezien dit leidde tot meerkosten is vanuit het rekeningresultaat VRK een bestemmingsreserve gevormd op een niveau dat de meerkosten voor een periode van drie jaar zouden zijn afgedekt. Daarmee hebben gemeenten de tijd gekregen om te bezien hoe na deze periode met het cao-effect wordt omgegaan. Op basis van het huidige jaarresultaat is voor 2020 de begrote onttrekking uit de reserve van € 280.000 niet benodigd ter dekking van de hogere salariskosten en valt daarmee vrij in het resultaat.

JAARVERSLAG 2020

4.12 Programma Interne Dienstverlening Ontwikkelingen 2020 Het jaar 2020 heeft ook voor de interne dienstverlening voor een groot deel in het teken van de Covid-19 pandemie gestaan. Veel medewerkers hebben taken opgepakt in de crisis- of Covid-organisatie of hebben in hun eigen functie geholpen deze crisis te lijf te gaan. Bijvoorbeeld door het organiseren van de werving en selectie van een groot aantal nieuwe medewerkers, personeelsregelingen aanpassen aan de nieuwe situatie, het financieel vastleggen en verantwoorden van alle Covid-19 uitgaven op een nieuw programma, het fysiek aanpassen van de locaties van de VRK zodat er veilig gewerkt kon worden of het mogelijk maken van het massaal thuiswerken op de ICT-infrastructuur. En dit allemaal terwijl de reguliere taken ook doorliepen. Kwaliteitsbeleid ‘Samen leren en sturen’ In 2020 is het nieuwe kwaliteitsbeleid ‘Samen leren en sturen’ in de VRK vastgesteld.

Kernpunten uit dit kwaliteitsbeleid zijn: • In de VRK staat het werken vanuit ‘de bedoeling’ (de maatschappelijke opdracht) centraal; • De VRK heeft haar kwaliteit van dienstverlening aantoonbaar geborgd door te voldoen aan het kwaliteitskeurmerk ISO 9001/ HKZ; • Het accent in het kwaliteitsbeleid ligt bij de teams, omdat dat daar de primaire dienstverlening plaats vindt; • Het interne auditen op kwaliteit vindt vooral plaats door zelfevaluatie in de teams; • Medewerkers nemen zelf verantwoordelijkheid voor hun prestaties en zijn daarop aanspreekbaar (eigenaarschap) en leidinggevende geven richting en faciliteren. • Medewerkers anticiperen op ontwikkelingen en behoeften van stakeholders (extern gericht); • Medewerkers nemen initiatief, geven en ontvangen feedback (wederzijds) over hun prestaties en werken samen aan betere prestaties (kwaliteitscultuur); • Elk team stelt gezamenlijk hun doelen vast in een meerjarig teamplan dat periodiek wordt geëvalueerd in het team. • Elk team werkt gezamenlijk aan vernieuwing en verbetering door gezamenlijk te evalueren, te reflecteren en leren (zelfevaluatie). • De zelfevaluatie en meerjarenplannen van de teams maken onderdeel uit van de normale cyclus.

De adviseurs Bedrijfsvoering en Kwaliteit en de aandachtsfunctionarissen Kwaliteit ondersteunen de teammanagers en de teams en faciliteren het proces van samen evalueren, reflecteren en leren.

Jaarlijks wordt de VRK op de ISO-normen ge-audit door een onafhankelijk auditor. In de externe audit van najaar 2020 heeft de VRK wederom aangetoond dat zij haar kwaliteit van dienstverlening conform de eisen van deze kwaliteitsnorm goed heeft geborgd in alle sectoren en teams. De sector Ambulance, die vanuit de branche AZN verplicht is om te voldoen aan de HKZ-kwaliteitseisen, heeft bij de externe audit de HKZ-toets weer met succes volbracht. Alhoewel de auditoren vooral veel kwaliteitsverbetering en ontwikkeling constateren in de VRK, geven zij ook richting aan verbetering. Die verbeterpunten worden inmiddels opgepakt door de teammanagers, die daarbij worden ondersteund door de kwaliteitsadviseurs. Tenslotte constateren de externe auditoren dat de VRK-organisatie goed heeft geanticipeerd op de Covid-19 crisis en een positieve organisatieontwikkeling laat zien. Informatiebeleid Ingezet is op meerdere kernregistraties en aansluiting op landelijke voorzieningen, binnen de kaders van de architectuur die landelijk voor veiligheidsregio’s is ontwikkeld (VeRA). Ondanks de grote druk van de Covid-19 crisis op de organisatie is de VRK erin geslaagd de informatieprojecten die waren gepland op te starten. Bestuursondersteuning De Covid-19 crisis heeft een fors beroep gedaan op het bestuur van de VRK. Burgemeesters zijn bijna wekelijks samengekomen in het BT-Covid-19.

Portefeuillehouders Volksgezondheid werden geconfronteerd met het enorme beroep dat werd gedaan op de GGD. Vanuit de staf is veel inzet gepleegd op de ondersteuning van de crisisorganisatie, onder andere in het faciliteren van (digitale) vergaderingen en het onderhouden van de informatiestromen richting bestuurders en gemeenteraden.

ISO en HKZ-certificaat In 2018 is de VRK gecertificeerd voor de ISO 9001. Zij was daarmee de eerste Veiligheidsregio in Nederland op basis van een zogenaamd Multi-site certificaat, hetgeen betekent dat de VRK-organisatie als geheel (dus niet losse onderdelen) gecertificeerd is. In 2020 is daar ook de nieuwe sector Veilig Thuis in ondergebracht.

Pagina 53

Doelenboom Wat wilden we bereiken

Wat hebben we ervoor gedaan

Strategisch doel

Operationeel doel

Prestaties 2020

Wat was het beoogd maatschappelijk effect

Doelmatige, doeltreffende en verantwoorde organisatie.

Stroomlijnen en digitaliseren registratieve en administratieve processen voor betere en snellere informatievoorziening.

• De implementatie van het Zaakgericht werken in de organisatie is opgepakt. • Kernregistratie personeel is geïmplementeerd. • Diverse processtappen en procedures zijn vereenvoudigd of gedigitaliseerd.

Betaalbare overheid met een verantwoorde bedrijfsvoering en gewenste dienstverlening op adequaat niveau.

Meer voor minder.

• Om het gebouwbeheer doelmatig uit te kunnen voeren is het team Vastgoed versterkt.

Duurzaam ondernemen.

• Diverse initiatieven om de bewustwording te stimuleren en verspilling tegen te gaan zijn uitgevoerd. • E-facturering is in gebruik genomen, waardoor het mogelijk is dat de facturatie digitaal afgehandeld kan worden.

Adequaat budgetteren en transparant verantwoorden.

• De planning & control cyclus is doorlopen. Middels de programmabegroting is inzicht gegeven in de begroting en over de realisatie is verantwoording afgelegd in de eerste en tweede bestuursrapportage en dit jaarverslag. • De uitgaven a.g.v. de Covid-19 crisis en de verrekening hiervan met VWS zijn apart zichtbaar gemaakt en verantwoord op het nieuwe programma “Covid-19”.

Realiseren van voldoende financiële weerstand.

• Het risicoprofiel is geactualiseerd en de beschikbare financiële weerstand is in overeenstemming met het vastgestelde reservebeleid.

Voldoen aan de archiefwetgeving voor digitalisering.

• We voldoen aan de eisen die de archiefwet stelt aan het digitaliseren en vervangen van archiefbestanden. • Het Document Management Systeem is vernieuwd en het digitaal archief is opnieuw ingericht als onderdeel van de implementatie van het Zaakgericht werken.

Tevredenheid bestuursorganen/ raden over de opgeleverde informatie.

• Er is een bijdrage geleverd aan het informeren van het bestuur en gemeenteraden in het kader van de Covid-19 crisis. • In verband met de Covid-19 maatregelen is digitaal vergaderen geïntroduceerd om reguliere bestuurlijke besluitvormingsprocessen door te laten gaan.

Tijdige, rechtmatige en juiste informatie delen met ketenpartners en burgers.

• Er is gewerkt aan meerdere kernregistraties en aansluiting op landelijke voorzieningen. • Er is uitvoering gegeven aan het informatiebeleid, de geplande projecten zijn opgestart.

Realiseren duurzaam inzetbaar personeel en gevarieerd medewerker-bestand.

• Ter ondersteuning van de crisisorganisatie hebben een groot aantal medewerkers van het FB en de SBD het afgelopen jaar werkzaamheden verricht buiten hun eigen functie en hiermee hun kennis en vaardigheden vergroot. • Er is onder andere binnen Samen Koers Realiseren veel aandacht geweest voor het vergroten van het eigen leiderschap van de medewerkers en de ontwikkeling van hun talenten.

Aantrekkelijk werkgever zijn nu en in de toekomst (borgen continuïteit van de organisatie).

• De betrokkenheid van de medewerkers is verhoogd door het personeel actief mee te laten werken aan de koers van de organisatie middels de trajecten Samen Koers Kiezen en Samen Koers realiseren. • Tijd- en plaats onafhankelijk werken heeft (mede als gevolg van de Covid-19 crisis) een grote vlucht genomen en de hiervoor benodigde flexibele digitale werkplekvoorzieningen zijn verbeterd. • Door de grote media-aandacht voor Veiligheidsregio’s en GGD-en afgelopen jaar is de VRK als (toekomstig) werkgever uitgebreid in beeld gekomen.

Realiseren geborgd kwaliteitsbeleid en ISO-certificering van de gehele organisatie behouden.

• Er is een tussentijdse audit geweest voor de ISOcertificering. Hieruit zijn voor het facilitair bedrijf geen bijzonderheden naar voren gekomen.

Gezonde financiële huishouding.

Kwaliteit van de externe (bestuurlijke)informatie en communicatie verhogen.

Goed werkgeverschap.

Het bevorderen van leren, verbeteren en innoveren.

54

Verantwoorde besteding van gemeenschapsgeld.

Een goede en transparante besturing van de organisatie en het in verbinding zijn met de relaties van de organisatie (gemeenten, ketenpartners, burgers, bedrijven) door middel van informatie-uitwisseling.

Een organisatie die een afspiegeling vormt van de maatschappij, met medewerkers die vakbekwaam zijn én blijven waarbij continu geanticipeerd wordt op ontwikkelingen.

Tevreden klanten en partners.

JAARVERSLAG 2020

Wat heeft het gekost? Taakveld 002. Ondersteuning en organisatie

Rekening 2019 Bedragen x € 1000

Uitg.

Saldo

Uitg.

FB Communicatie

454

-

-454

499

FB Financien & Administratie

1.876

37

-1.839

Facilitaire gebruiksartikelen

177

-

Inkoop

651

Kantoorhuisvesting

210

FB Vastgoed

Ink.

Begroting 2020 Ink.

Rekening 2020 Ink.

Resultaat

Saldo

Uitg.

Saldo

-

-499

502

-

-502

-3

1.956

-

-1.956

2.014

2

-2.012

-56

-177

222

-

-222

191

-

-191

31

76

-574

568

81

-487

607

72

-535

-48

-

-210

750

-

-750

792

-

-792

-42

-

-

-

550

229

-321

402

-

-402

-81

471

36

-436

684

38

-646

689

36

-653

-7

HRM

2.209

-

-2.209

2.594

5

-2.589

2.377

10

-2.367

222

Facilitaire zaken

1.261

-

-1.261

897

84

-813

927

84

-842

-29

Informatievoorziening en automatisering

3.040

2

-3.038

3.426

-

-3.426

3.171

-

-3.171

255

Bestuurszaken en bestuursondersteuning

1.282

31

-1.251

1.698

92

-1.606

1.420

92

-1.328

278

Leidinggevenden primair proces inclusief managementondersteuning

3.607

152

-3.456

4.097

-

-4.097

3.912

50

-3.862

235

Totaal producten Interne Dienstverlening

15.239

334 -14.905

17.940

528

-17.412

17.003

346 -16.657

755

Totaal projecten Interne Dienstverlening

-

-

-

-

-

-

334 -14.905

17.940

528 -17.412

17.003

Informatie Beheer (DIV)

Totaal Interne Dienstverlening

15.239

-

-

-

-

346 -16.657

755

Dekkingsbronnen: BDUR

-

1.551

1.551

-

1.560

1.560

-

1.560

1.560

-

Totaal dekkingsbronnen

-

1.551

1.551

-

1.560

1.560

-

1.560

1.560

-

Resultaat voor bestemming Interne Dienstverlening

15.239

1.885 -13.354

17.940

2.089 -15.852

17.003

1.906 -15.097

755

Resultaat na bestemming Interne Dienstverlening

15.239

1.885 -13.354

17.940

2.089 -15.852

17.003

1.906 -15.097

755

Het positief resultaat op het programma Interne Dienstverlening van € 755.000 bestaat uit: Facilitair Bedrijf € 283.000 Kantoorhuisvesting €42.000 Bestuurszaken en –ondersteuning € 279.000 Leidinggevenden primair proces € 235.000 Totaal € 755.000

Facilitair Bedrijf Het voordelig saldo van het Facilitair Bedrijf van € 283.000 is samengesteld uit:

Financiën en Administraties € 56.000 nadeel Het nadelig resultaat op Financiën en administraties wordt veroorzaakt door extra inhuur en hogere accountancy kosten dan begroot. Door het ontbreken van een afdelingshoofd gedurende een deel van het jaar en een coördinator administratie heeft meer inhuur plaatsgevonden dan in de begroting was voorzien. Facilitaire gebruiksartikelen € 31.000 voordeel Door het thuiswerken is er minder gebruik gemaakt van koffie en thee faciliteiten. Ook de printkosten nemen als gevolg van het thuiswerken af.

Pagina 55

Inkoop € 48.000 nadeel Rechtmatige inkoop- en aanbesteding binnen de VRK is een belangrijk aandachtspunt. Ten behoeve van inkooptrajecten was, onder andere als gevolg van ziekte, externe begeleiding benodigd. Daarnaast zijn kosten gemaakt voor extra ondersteuning bij de inrichting van een contractenmodule. Kantoorhuisvesting € 42.000 nadeel De extra kosten 2020 hebben vooral te maken met de reiniging van de aluminium beplating aan de gevel en extra schoonmaakkosten als gevolg van Covid-19 maatregelen. Aangezien deze Covid-19 kosten geen direct gevolg zijn van de taken die de VRK voor de Covid-19 bestrijding uitvoert, zijn deze kosten verantwoord binnen de kantoorhuisvesting. Vastgoed € 81.000 nadeel De overschrijding vastgoed wordt volledig veroorzaakt doordat de overdracht beheer en onderhoud kazernes nog niet is afgerond. Hierdoor was in 2020 nog geen sprake van de benodigde bijdrage van € 230.000 van de gemeenten in de 2,5 fte beheer en onderhoud. Door het nog niet volledig vervullen van de benodigde formatie kon het nadeel beperkt blijven tot € 81.000. De overdracht is nu gepland op 1 mei 2021 met terugwerkende kracht per 1 januari 2021. HRM € 222.000 voordeel Het voordelig resultaat op de budgetten van HRM bedraagt € 222.000. Dit wordt voor een deel veroorzaakt door minder uitvoering van geplande activiteiten op het gebied van BHV en opleidingen.

Ook op personele advisering zien we in 2020 een onderbesteding op de budgetten, o.a. als gevolg van het niet doorgaan van het Medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO).

56

ICT € 255.000 voordeel Binnen de afdeling ICT was sprake van onderbezetting. De werving van gekwalificeerd ICT-personeel wordt voor 2021 verder in gang gezet. In 2020 zijn ICT-investeringen om niet van de stichting Veilig Thuis overgenomen. Het bijbehorend budget voor kapitaallasten was daarom in 2020 niet benodigd. Bestuurszaken en ondersteuning € 278.000 voordeel Het voordelig saldo wordt met name veroorzaakt door vacatureruimte en onbenut budget ondersteuning. Daarnaast konden, vanwege de Covid-19 beperkingen, managementdagen en activiteiten van de ondernemingsraad maar zeer beperkt doorgang vinden. Leidinggevende primair proces € 235.000 voordeel Dit budget betreft vacatureruimte van leidinggevenden primair proces binnen diverse sectoren.

JAARVERSLAG 2020

4.14 Programma Financiële middelen In het programma Financiële middelen wordt ingegaan op zaken, die niet gerelateerd zijn aan specifieke programma’s. Dit zijn met name het financieringsresultaat, het budget onvoorzien en het aandeel BDUR gelden voor Amsterdam-Amstelland. Taakveld 922. Algemene baten en lasten

Rekening 2019 Bedragen x € 1000

Uitg.

Ink.

Begroting 2020

Saldo

Uitg.

Ink.

Rekening 2020

Saldo

Uitg.

Ink.

Resultaat

Saldo

Generatiepact

135

-

-135

251

-

-251

251

-

-251

-

Incidentele baten en lasten

550

269

-281

-

-

-

272

297

25

25

Financieringsresultaat

-

13

13

-

73

73

-

132

132

59

Nader te verdelen nominale ontwikkeling

-

-

-

649

-

-649

-

-

-

649

Aandeel A'dam-Amstelland in interreg. versterkingsgelden

1.250

-

-1.250

1.250

-

-1.250

1.250

-

-1.250

-

-

-

-

124

-

-124

124

-

-124

-

Totaal producten Financiële middelen

1.935

282

-1.653

2.273

73

-2.201

1.897

429

-1.468

733

Totaal projecten Financiële middelen

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

1.935

282

-1.653

2.273

73

-2.201

1.897

429

-1.468

733

BDUR

-

1.250

1.250

-

1.250

1.250

-

1.250

1.250

-

Totaal dekkingsbronnen

-

1.250

1.250

-

1.250

1.250

-

1.250

1.250

-

Resultaat voor bestemming Financiële middelen

1.935

1.532

-403

2.273

1.323

-951

1.897

1.679

-218

733

Resultaat na bestemming Financiële middelen

1.935

1.532

-403

2.273

1.323

-951

1.897

1.679

-218

733

Onvoorzien

Totaal Financiële middelen Dekkingsbronnen:

Het nadelig resultaat van € 733.000 op programma Financiële middelen bestaat uit de volgende onderdelen: Nagekomen incidentele baten € 297.000 Nagekomen incidentele lasten € - 272.000 € 25.000 Nader te verdelen nominale ontwikkeling € 649.000 Financieringsresultaat € 59.400 Totaalresultaat € 733.000 Incidentele baten € 296.600 voordeel: Dit voordeel bestaat uit • Vrijval vervallen personeelsverplichtingen • Vervallen bijdrage GMS 2019

€ €

240.700 55.900

Incidentele lasten € 272.000 nadeel Dit nadeel betreft: • Een drietal nieuwe personeelsverplichtingen • Nagekomen detacheringskosten over 2019

€ €

234.500 28.300

Nader te verdelen nominale ontwikkeling € 649.000 Bij de uitwerking van de begrotingswijziging voor loon- en prijsindexering 2020 is geconstateerd dat er abusievelijk met een te hoog percentage is gerekend. Dit betekent dat op basis van het gewogen gemiddelde een bedrag van € 460.000 teveel is doorberekend aan de gemeenten. Bij de 2e bestuursrapportage is besloten dit bedrag binnen de begroting te oormerken als bij de jaarrekening terug te betalen aan de gemeenten. Het resterende voordeel bedraagt € 189.000. Financieringsresultaat € 56.000 voordeel Een geplande langlopende lening voor 2020 was uiteindelijk niet benodigd, wat een extra renteresultaat oplevert van € 56.000.

Pagina 57

5 Paragrafen 5.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Reservebeleid Bij de behandeling van de programmabegroting 2017 is door verschillende gemeenten verzocht om een herziening van het reservebeleid. Uit de bestuurlijke gedachtewisselingen die hieruit volgden, bleek dat de tien regiogemeenten verschillend denken over de noodzakelijke hoogte van een weerstandspositie bij de VRK. Een aantal gemeenten stelt zich op het standpunt dat de gemeenten de (belangrijkste) weerstand vormen. Andere gemeenten hebben er de voorkeur voor dat de VRK er voldoende vermogen op na houdt om risico’s zelf te kunnen ondervangen. De verschillende invalshoeken hebben erin geresulteerd dat het Algemeen Bestuur in januari 2017 heeft besloten een reserveniveau aan te houden dat gebaseerd is op een ratio van 0,7 (voor uitleg zie hieronder). De hoogte van deze ratio ligt in het midden van de verschillenden gemeentelijke opvattingen. Met deze hoogte zijn normaal te verwachten risico’s goed op te vangen. Kwantificering van risico’s Jaarlijks wordt ten behoeve van de programmabegroting het risicoprofiel nader geanalyseerd en zijn risico’s maximaal gekwantificeerd. Daar waar mogelijk zijn de risico’s voorzien van een mogelijke financiële impact en een inschatting van de kans dat het risico zich ook daadwerkelijk zal voordoen.

Hierbij wordt aangetekend dat de ingeschatte kanspercentages gerelateerd zijn aan een periode van vier jaar, de periode van de meerjarenbegroting. De gekwantificeerde risico’s in de programmabegroting 2020 telden op tot een bedrag van € 3,3 miljoen. Weerstandspositie De weerstandspositie wordt uitgedrukt in een ratio. Deze ratio wordt, overeenkomstig de BBV-regels (Besluit Begroting en Verantwoording), als volgt bepaald: beschikbare weerstandscapaciteit benodigde weerstandscapaciteit Door het Nederlands Instituut voor Risicomanagement (NAR) is een, in overheidsland breed toegepaste, beoordelingsmatrix opgesteld om de weerstandsratio te kunnen kwalificeren. Ratio beoordeling Groter dan 2 uitstekend Tussen de 1,4 en 2 ruim voldoende Tussen de 1 en 1,4 voldoende Tussen de 0,8 en 1 matig Tussen de 0,6 en 0,8 onvoldoende Lager dan 0,6 ruim onvoldoende

58

Deze beoordelingstabel gaat uit van een eigenstandige verantwoordelijkheid van de organisatie voor de weerstandspositie. Het vastgestelde ratio van 0,7 gaat uit van de situatie dat de gemeenten een deel van het risicodragerschap voor hun rekening nemen. Naast de reserves (het eigen vermogen) maakt in het huidige reservebeleid de ruimte in de bestaande begroting deel uit van de weerstandscapaciteit. Immers, deze ruimte kan worden ingezet om tegenvallers op te vangen. De begroting bevat een structurele post voor onvoorzien van € 124.000. Voor een periode van vier jaar geeft dat een weerstandsbedrag van afgerond € 0,5 miljoen. Op basis van de richtlijnen van het vernieuwde Gemeenschappelijk financieel Toezichtkader 2020 (GTK) mag alleen nog de hoogte van de Algemene Reserve meegenomen worden voor de berekening van de weerstandscapaciteit en niet het totale Eigen Vermogen (Algemene reserve en bestemmingsreserves) zoals in het huidige Reservebeleid VRK uit 2017 is besloten. Daarnaast kan de begrotingspost Onvoorzien slechts voor één jaar meegerekend worden en niet voor vier jaar. Deze beleidswijziging is opgenomen in de nota Financieel beleid die in februari 2021 is vastgesteld. De actuele herijking en kwantificering van de risico’s bedraagt € 5 miljoen. Bij een ratio van 0,7 leidt dat tot een benodigde weerstandscapaciteit van afgerond € 3.5 miljoen.

Gegeven de post onvoorzien in de begroting, is dan een reserve benodigd van € 3.4 miljoen. De benodigde aanvulling van de algemene reserve is betrokken bij de resultaatbestemming. Relevante Beleidsnotities en wettelijk kader • Herijking reservebeleid AB, januari 2017 • Gemeenschappelijk financieel Toezichtkader 2020 (GTK) • BBV Risico’s De belangrijkste risico’s die in de programmabegroting 2020 werden voorzien hebben betrekking op: • Nominale ontwikkelingen m.b.t. uitgaven opgebracht uit middelen anders dan de rijksbijdrage en gemeentelijke bijdragen. • Personele knelpunten op de combi-posten i.v.m. vergrijzing. • Externe loopbaanbegeleiding. • Stopzetting grote subsidies (met name BCT). • Landelijke aanbesteding ambulance. Terugkijkend naar 2020 kan worden geconcludeerd dat bovengenoemde risico’s geen consequenties hebben gehad in het verantwoordingsjaar. Het risico betreffende de landelijke

JAARVERSLAG 2020

aanbesteding ambulances kan, zoals toegelicht in het programma Ambulancezorg, komen te vervallen. Op het risico ‘nominale ontwikkelingen’ zijn over de Jeugdgezondheidszorg 0-4 afspraken gemaakt met de gemeente Haarlemmermeer, waardoor het gekwantificeerde risico van € 162.000 ook komt te vervallen. De overige risico’s zijn voor de komende jaren nog wel relevant, en zijn daarom opnieuw opgenomen in de risicoparagraaf van de programmabegroting.

Netto Schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlasten ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. De netto schuldquote van de VRK van 23% blijft ruim onder dit gestelde maximum.

Solvabiliteit Kengetallen Artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording kent een nieuwe verplichting om kengetallen op te nemen, conform onderstaande tabel. De kengetallen dienen tot doel om gemakkelijker inzicht te krijgen in de financiële positie van een overheidsorganisatie. De kengetallen grondexploitatie en belastingcapaciteit zijn niet van toepassing op de VRK.

Naast een buffer tegen optredende risico’s, wordt eigen vermogen benut voor de financiering van investeringen. Investeringen worden ook gefinancierd met vreemd vermogen (leningen). Een gezonde verhouding tussen vreemd en eigen vermogen (solvabiliteit) draagt bij aan een doeltreffende en efficiënte vervulling van de publieke functie van de VRK. Deze solvabiliteit wordt uitgedrukt in een ratio.

Structurele exploitatieruimte Verloop van de kengetallen Verslag 2019

Begroting 2020

Verslag 2020

netto schuldquote

43%

39%

23%

solvabiliteit

8,7%

5,0%

13,6%

structurele exploitatieruimte

3,4%

0,5%

3,2%

Kengetallen:

Dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte een veiligheidsregio heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken.

Pagina 59

5.2 Onderhoud kapitaalgoederen Kapitaalgoederen zijn goederen waarvoor investeringen nodig zijn. Het gaat om zaken die daarna regelmatig onderhoud vergen. Binnen de VRK zijn de belangrijkste kapitaalgoederen de hulpverleningsvoertuigen, beschermende kleding, de meldkamer en het Regionaal Crisiscentrum (RCC). Voor het Meerjarig Onderhoudsprogramma (MJOP) van de brandweerposten die in eigendom zijn van de VRK, wordt gebruik gemaakt van de NEN 2767 norm. De overige brandweerposten zijn in eigendom en beheer van de gemeenten en worden aan de VRK ter beschikking gesteld. Daarbij zijn de gemeenten verantwoordelijk voor de kwaliteit en kosten van deze brandweerposten. In de loop van 2021 zullen alle brandweerposten aan de VRK worden overgedragen.

60

Hulpverleningsvoertuigen worden met name onderhouden op basis van de kilometerstand, en uiteraard wanneer zich gebreken voordoen. Vervanging van de voertuigen is opgenomen in het Meerjareninvesteringsplan. Het onderhoud is opgenomen in de begroting. Beschermende kleding wordt direct na een incident geïnspecteerd. Bij schade vindt reparatie of vervanging plaats. Voor vervanging en onderhoud is budget beschikbaar. In verband met nieuwe inzichten in de noodzakelijke bescherming van de repressieve medewerkers is de hoeveelheid beschermende kleding vergroot. De meldkamer met inrichting wordt onderhouden op basis van een onderhoudsplan. De inrichting van de meldkamer is opgenomen in het Meerjareninvesteringsplan. Hetzelfde geldt voor het Regionaal Crisiscentrum.

JAARVERSLAG 2020

5.3 Verbonden partijen Onder verbonden partijen worden verstaan die partijen waarin de VRK bestuurlijk en of financieel deelneemt en waardoor zij in de realisatie van haar doelstellingen financieel risico’s loopt. Overzicht Verbonden Partijen 2020 Naam

Vestigingsplaats

Openbaar belang

Coöperatieve vereniging Regionale Ambulancevoorziening (RAV)

Haarlem

Vergunninghouder ambulancevervoer, in stand houden meldkamer ambulance

Sociaal Voorzieningen Fonds personeel VRK

Haarlem

nvt

Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland U.A.

Zaanstad

Facilitairen en organiseren van opleidingen en trainingen t.b.v. de leden

Eigen Vermogen

Vreemd Vermogen

1-1-2020

31-12-2020

1-1-2020

31-12-2020

0

0

4.191.568

pm*

28.110

31.753

0

0

0

0

0

0*

* De balanscijfers van de RAV zijn per eind 2020 nog niet beschikbaar

Conform BBV, artikel 15 wordt in bovenstaande tabel de verwachte omvang van het eigen vermogen en het vreemd vermogen van de verbonden partij aan het begin en aan het einde van het begrotingsjaar getoond. Coöperatieve vereniging Regionale Ambulancevoorziening (RAV) De VRK neemt, sinds 2012, deel in de Coöperatieve vereniging Regionale Ambulancevoorziening (RAV). Deze vereniging, statutair gevestigd te Haarlem, is opgericht met de ambulancevervoerders Witte Kruis en Ambulance Amsterdam en heeft als doel het (daadwerkelijk) verlenen van ambulancezorg in het algemeen en in de regio Kennemerland in het bijzonder, en het in stand houden van een meldkamer ambulancezorg. De RAV is houder van de ambulancevergunning. De RAV is met ingang van 2013 aanspreekpunt voor budgettering en verantwoording naar het ministerie van VWS en de zorgverzekeraars. De VRK zorgt, op basis van een met de RAV gesloten Service Level Agreement (SLA), voor de operationele kwaliteit van de Meldkamer Ambulance (MKA). Jaarlijks wordt door het bestuur van de RAV het, met de zorgverzekeraars afgesproken budget verdeeld over de deelnemers volgens een budget verdeelmodel. De deelnemers dienen daarmee hun bedrijfsvoering te dekken. Eventuele financiële risico’s daarbinnen dient elke deelnemer voor eigen rekening te voorzien.

Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland U.A In 2019 is de Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland opgericht. Dit is een samenwerkingsverband met de Veiligheidsregio’s Noord-Holland Noord en Zaanstreek Waterland en heeft als doel het organiseren van opleidingen en trainingen ten behoeve van de Vakbekwaamheid en ontwikkeling van het personeel van de leden, zodat de leden aan hun wettelijke verplichtingen kunnen voldoen. Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) De 25 voorzitters van de veiligheidsregio’s vormen samen het algemeen bestuur van het IFV. Het bestuur is verantwoordelijk voor alle taken en werkzaamheden die het IFV uitvoert in het kader van de Wet veiligheidsregio’s. Het bestuur stelt jaarlijks de begroting met bijbehorend jaarplan, de jaarrekening en het jaarverslag vast en eens per vier jaar een meerjarenbeleidsplan. Hiermee bepaalt het bestuur de ambitie van het IFV. Ook is het bestuur verantwoordelijk voor concrete zaken als het certificeren van aanbieders van brandweeropleidingen. Het algemeen bestuur kiest drie personen uit zijn midden voor het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur bereidt de besluitvorming van het algemeen bestuur voor en is verantwoordelijk voor onder andere het aanstellen van het personeel van het IFV, inclusief de directie, en het vaststellen van regels rondom het examenreglement.

Sociaal Voorzieningen Fonds personeel VRK In 2013 is de stichting Sociaal Voorzieningen Fonds personeel VRK in het leven geroepen. De stichting heeft tot doel het verlenen van geldelijke en/of andere bijstand aan contribuanten die naar het oordeel van het bestuur van het fonds in (financiële) nood verkeren.

Pagina 61

5.4 Financiering Wet financiering decentrale overheden (fido) Gemeenten en provincies mogen liquide middelen aanhouden bij de schatkist (schatkistbankieren). Hier krijgen ze een rentevergoeding voor. Decentrale overheden zijn verplicht om hun overtollige middelen in ‘s Rijksschatkist aan te houden. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag, afhankelijk van het begrotingstotaal. De VRK mag € 924.278 buiten de schatkist houden. Einde jaar is abusievelijk niet tijdig afgeroomd waardoor het banksaldo per balansdatum hoger was dan toegestaan.

Het Rijk heeft regels gesteld aan hoe gemeenten en provincies hun geld en kapitaal beheren. Die regels staan in de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido). Hoeveel geld gemeenten en provincies mogen lenen, is afhankelijk van de hoogte van de begroting. De kasgeldlimiet bepaalt hoeveel geld ze mogen lenen voor een periode van maximaal 1 jaar. De renterisiconorm schrijft voor hoeveel maximaal geleend mag worden voor een periode langer dan 1 jaar.

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (*€ 1.000) Verslagjaar 2020 Drempelbedrag

924 Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

11

43

52

57

Ruimte onder het drempelbedrag

913

881

872

867

-

-

-

-

Overschrijding van het drempelbedrag (1) Berekening drempelbedrag

Verslagjaar 2020 Begrotingstotaal verslagjaar

123.237

Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen

123.237

Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat Drempelbedrag

924

(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

1.035

3.914

4.829

5.235

Dagen in het kwartaal

91

91

92

92

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

11

43

52

57

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aange­ houden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil)

62

JAARVERSLAG 2020

Renterisico kort en langlopende financiering

Financiering

Kasgeldlimiet De door het Rijk opgelegde kasgeldlimiet beperkt het risico van stijgende rentelasten voor de kortlopende financiering. De limiet beperkt de maximale omvang van de gemiddelde korte schuld (< 1 jaar) per kwartaal tot 8,5% van de totale lasten van de programmabegroting.

Bedragen x € 1.000 Stand leningenportefeuille per 1 januari 2020

Realisatie

Reguliere aflossingen

1e kwartaal

-4.587

Extra aflossingen

2e kwartaal

5.236

Stand per 31 december 2020

3e kwartaal

7.260

4e kwartaal

5.505

Kasgeldlimiet 8,5% van begrotingstotaal 123 mln.

Realisatie 28.179

Nieuwe leningen/herfinanciering

Gerealiseerd saldo kortlopende schulden:

Bedragen x € 1.000

Om inzicht te krijgen in de financieringsbehoefte op korte en lange termijn wordt een liquiditeitsplanning gemaakt. Op basis van deze planning was voor 2020 een langlopende lening van € 3.6 miljoen gepland. Deze lening was uiteindelijk niet benodigd.

10.475

Renterisiconorm De renterisiconorm beperkt het renterisico op de langlopende financiering. De norm bevordert de spreiding van de looptijd van de kapitaalmarktleningen (looptijd lening > 1 jaar) door de omvang te beperken van de leningen waarvoor de rente in een bepaald jaar moeten worden aangepast. Het rijk heeft de maximale omvang van leningen met een renteaanpassing vastgesteld op 20% van het begrotingstotaal. Het maximale bedrag aan aflossing en herfinanciering bedroeg daardoor in 2020 € 24.6 miljoen.

0 -1.672 0 26.507

Het gemiddeld rentepercentage van de leningenportefeuille 2020 bedraagt 2.5%

Renteomslag De rentelasten worden toegerekend aan de producten met het renteomslag-percentage. Dit percentage is voor 2020 vastgesteld op: • 2,0% voor alle materiële vaste activa • 2,6% voor de overgenomen kazernes

Financieringsresultaat Het financieringsresultaat over 2020 bedraagt € 132.000 voordelig, bij de begroting werd uitgegaan van een voordeel van € 72.600. Het extra voordeel is met name veroorzaakt doordat de geplande lening in 2020 uiteindelijk niet benodigd was.

Pagina 63

6 Jaarrekening 6.1 Grondslagen De jaarrekening 2020 is opgesteld conform het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). De samenstelling van de jaarrekening vindt plaats op basis van een aantal grondslagen voor de waardering en de bepaling van het resultaat. Er zijn drie categorieën: a. Algemene grondslagen b. Waarderingsgrondslagen c. Grondslagen voor resultaatbepaling. Ad a. Algemene grondslagen Als algemeen uitgangspunt wordt het voorzichtigheidsbeginsel gehanteerd, wat wil zeggen dat de VRK bij de toepassing van de grondslagen voorzichtigheid in acht neemt. Ad b. Waarderingsgrondslagen Voor zover niet anders vermeld zijn de activa en passiva gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingprijs. Duurzame activa met een economisch nut zijn gewaardeerd tegen de aanschafwaarde, verminderd met de afschrijvingen. Afschrijving vindt plaats op grond van vastgestelde afschrijvingstermijnen. Is een object niet ingedeeld, dan geldt de verwachte gemiddelde levensduur van een soortgelijk object. Op grond wordt niet afgeschreven. Voertuigen worden met ingang van 2018 afgeschreven tot 95% van de aanschafwaarde. Afschrijving vindt plaats in het jaar volgend op de investering. De objectspecificatie, het verloop van de boekwaarden, gedurende het verslagjaar en een specificatie van de vermeerderingen en verminderingen blijken uit de staat van geactiveerde investeringen.

64

Vorderingen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarden onder aftrek van een voorziening voor oninbaar. Onder de voorzieningen zijn de (op het moment van opstellen van de jaarrekening) bekende latente verplichtingen opgenomen, evenals verwachte verliezen en risico’s voor zover de omvang hiervan redelijkerwijs is in te schatten. De overige activa en passiva zijn tegen de nominale waarde gewaardeerd. Toelichting op het drempelbedrag ten aanzien van schatkistbankieren wordt gegeven in de paragraaf Financiering. Alle kortlopende schulden zijn opgenomen met een rente typische looptijd korter dan een jaar. Ad c. Grondslagen voor de resultaatbepaling Bij de bepaling van het resultaat wordt het volgende in acht genomen: Het toerekeningbeginsel: de baten en lasten in het boekjaar worden in de jaarrekening verantwoord, ongeacht of zij tot daadwerkelijke ontvangsten of uitgaven in het boekjaar hebben geleid. Het realisatiebeginsel: alleen gerealiseerde resultaten worden verantwoord.

Financiële administratie De financiële administratie van de VRK wordt gevoerd met het pakket Unit4 Business World.

JAARVERSLAG 2020

6.2 Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening De VRK sluit 2020 ten opzichte van de begroting af met een positief exploitatieresultaat van € 5.269.889. In de begroting 2020 werd een positief jaarresultaat voorzien van € 474.454. (Inclusief onttrekkingen aan de bestemmingsreserves ad € 426.000). Resultatenrekening

Realisatie 2019

Bedragen x € 1000

Uitg.

Begroting 2020

Ink.

Saldo

Uitg.

Ink.

Realisatie 2020 Saldo

Uitg.

Ink.

Resultaat Saldo

0. Bestuur en Ondersteuning 0.4 Ondersteuning organisatie 002 Ondersteuning organisatie 0.5 Treasury 914 Geldleningen en uitzettingen >1 jaar 0.8 Overige baten en lasten 922 Algemene baten en lasten Subtotaal bestuur ondersteuning 1. Veiligheid 1.1 Crisisbeheersing en Brandweer 120 Brandweer en rampenbestrijding 1.2 Openbare orde en veiligheid 140 Openbare orde en veiligheid Subtotaal veiligheid 6. Sociaal domein 6.81 Geëscaleerde zorg 18+ 6.81 Geëscaleerde zorg 18+ Subtotaal sociaal domein 7. Volksgezondheid en milieu 7.1 Volksgezondheid 711 Ambulancevervoer 714 Openbare gezondheidszorg 715 Centra voor jeugd en gezin 7.5 Begraafplaats en Crematoria 7.5 Begraafplaats en Crematoria Subtotaal volksgezondheid en milieu Totaal taakvelden Dekkingsbronnen Inwonerbijdrage BDUR Bestuursafspraken Overig Zorgverzekeraars Totaal dekkingsbronnen Resultaat voor bestemming Onttrekking reserve vernieuwing toezichtmethodiek Onttrekking reserve achterblijvende kosten meldkamer Onttrekking transitiekosten Veilig Thuis Onttrekking reserve generatiepact Resultaat na bestemming

15.224

288

-14.936

18.019

528

-17.490

17.229

346

-16.883

-607

0

13

13

0

73

73

0

132

132

-59

1.800 17.024

269 570

-1.531 -16.454

2.023 20.041

0 601

-2.023 -19.440

1.646 18.874

297 775

-1.349 -18.100

-674 -1.340

45.724

4.212

-41.512

50.779

9.162

-41.617

48.784

9.853

-38.931

-2.686

838 46.562

545 4.757

-293 -41.805

849 51.628

539 9.701

-310 -41.927

1.135 49.919

825 10.678

-310 -39.241

0 -2.686

0 0

0 0

0 0

7.637 7.637

215 215

-7.423 -7.423

6.532 6.532

248 248

-6.284 -6.284

-1.139 -1.139

6.844 7.489 7.431

1.379 5.284 3.972

-5.465 -2.205 -3.459

6.710 29.402 7.248

1.184 26.793 3.121

-5.526 -2.608 -4.127

7.137 33.928 7.679

1.114 31.331 3.233

-6.023 -2.596 -4.446

497 -12 319 -14 790 -4.375

639 22.403 85.989

750 111 570 11.385 -11.018 43.930 16.712 -69.277 123.236

646 76 712 31.744 -12.185 49.456 42.261 -80.975 124.781

802 90 36.480 -12.975 48.181 -76.600

0 0 0

16.118 12.788 33.181

16.118 12.788 33.181

0 0 0

27.376 12.515 33.181

27.376 12.515 33.181

0 0 0

0 0

8.152 70.239

8.152 70.239

0 0

7.962 81.034

7.962 81.034

0 0

27.337 12.512 33.181 22 8.392 81.444

27.337 12.512 33.181 22 8.392 81.444

39 3 0 -22 -430 -410

85.989

86.951

59 124.781 129.625

4.844

-4.785

63

63

0

280 0 290 73 0 73 475 124.781 130.051

290 73 5.270

-10 0 -4.795

85.989

962 123.236 123.295

10

10

51

51

39 87.051

0

63

280 39 73 1.062 123.236 123.711

Verantwoordingsniveau In het jaarverslag 2020 wordt op programmaniveau verantwoording afgelegd. Dit houdt concreet in dat op de totalen van alle programma’s in dit verslag een verantwoording is opgesteld. Deze toelichting in hoofdstuk 4 is onderverdeeld naar sectoren.

63

0

Balansposities Voor de jaarrekening zijn alle balansposities gecontroleerd en zijn risico’s geïnventariseerd. Toekomstige verplichtingen en onderhanden projecten zijn gecontroleerd en in kaart gebracht. Dit heeft ertoe geleid dat een aantal voorzieningen zijn vrijgevallen. Anderzijds zijn risico’s in de risicoparagraaf omschreven.

Pagina 65

6.3 Opbouw van het begrotingssaldo: Bij het opstellen van de initiële programmabegroting 2020 werd uitgegaan van een positief begroting saldo van € 390.000. De actuele begroting 2020 na wijziging kent een overschot van € 475.000. Onderstaand de mutaties op het begroting saldo: Vertrekpunt begrotingsaldo programmabegroting 2020

390

Bestuursbesluiten Evenementencoordinator

-83 -83

Nominale ontwikkeling Nominale ontwikkeling

-344

subtotaal nominale ontwikkeling

-344

Autonome ontwikkelingen WvGGZ

-121

Meldpunt Zorg en Overlast

-126

Financieringsresultaat

-36

subtotaal autonome ontwikkeling

-283

Investeringen Actualisatie MJIP 2020-2024

166

subtotaal actualisatie investeringsplan

166

Dekkingsvoorstellen Besparing meldkamer

629

subtotaal dekkingsvoorstellen

629

Begrotingssaldo 2020 na wijziging

475

66

JAARVERSLAG 2020

6.4 Incidentele baten en lasten per programma Incidentele baten en lasten (bedragen x € 1000)

baten

lasten

Programma Covid-19 Totaal Covid-19

27.149

27.146

27.149

27.146

Programma Brandweerzorg Boekwinst Dekking inzet Covid-19 screening Schiphol Uitkering verzekeringen Onttrekking bestemmingsreserve generatiepact Totaal Brandweer

42 1.246 38 73 1.399

0

Programma Zorg- en Veiligheidshuis Toevoeging bestemmingsreserve

19

Totaal Zorg- en Veiligheidshuis

19

Programma Financiële Middelen Personeelsverplichtingen

241

Vrijval GMS 2019

56

Reservering generatiepact Totaal Financiële middelen

235 250

297

485

Meldkamer NH Extra dotatie onderhoudsvoorziening Onttrekking reserve eenmalige uitkering achterblijvende kosten

165 63 63

165

Programma Interne Dienstverlening Extra dotatie onderhoudsvoorziening Zijlweg Totaal Interne Dienstverlening Totaal

60 0

60

28.908

27.856

Pagina 67

6.5 Investeringen en restantkredieten In 2020 stond eind december nog een bedrag van € 7.8 miljoen aan restantkredieten open. Door, onder andere de Covid-19 crisis, heeft een aantal projecten op het gebied van investeringen, aanbestedingen en inkoop vertraging opgelopen. Als gevolg van de maatregelen konden bijvoorbeeld geen projectgroep bijeenkomsten plaatsvinden. Daarnaast vindt op diverse onderdelen een heroverweging van het beleid plaats. De grootste posten worden hieronder toegelicht (Zie bijlage 2 voor gedetailleerd overzicht). Redvoertuigen: Autoladders € 2.398.000 Technische ontwikkelingen op het gebied van Autoladders zijn mogelijk interessant voor de VRK. Deze zullen in overweging worden genomen en kunnen leiden tot aanpassing van de eisen voor de nog aan te schaffen Autoladders. Snel inzetbaar voertuig € 195.000 De aanbesteding heeft geen geschikte inschrijving heeft opgeleverd. Het project wordt opnieuw beoordeeld. Tankautospuit Rijsenhout € 375.000 Het vervangingsschema van alle tankautospuiten binnen de VRK gaat opnieuw beoordeeld worden. Personenbussen € 200.000 Per 1 september 2020 heeft de fabrikant van de dienstbussen die de VRK uit contract koopt een productiestop aangekondigd.

Kwaliteitssysteem en SharePoint € 285.000 De aanbesteding voor vernieuwing van het kwaliteitssysteem is inmiddels opgestart maar daadwerkelijke aanschaf zal in 2021 plaatsvinden. Het krediet schuift hierdoor naar 2021. Of het beschikbare krediet voor SharePoint benodigd is voor het kwaliteitssysteem is nog niet bekend. Hierdoor schuift ook dit investeringsbedrag een jaar door. Herinrichting terrein Zijlweg € 1.454.600 Door de Covid-19 en PFAS-crisis is het project herinrichting terrein grotendeels stil komen te liggen. Dit wordt het tweede kwartaal van 2021 weer opgepakt met een gefaseerde uitrol.

Vrijval kredieten Een bedrag van € 139.431 is niet besteed. Reden hiervoor is enerzijds lagere investeringskosten dan vooraf voorzien en het laten vervallen van een krediet voor vervanging van fietsen ad. € 9.000 en een voor 2020 geplande aanschaf van een slangenopneemapparaat € 38.000. Met de komst van het nieuwe Watertransport- en Bluswatersysteem, is de vervanging van het slangenopneemapparaat overbodig. Het voorstel is om het vervangingskrediet voor de SO/ HRU te laten vervallen en de vrijgekomen kapitaallasten in te zetten voor specifieke brandbestrijding. Dit voorstel zal te zijner tijd apart worden voorgelegd. Daarnaast wordt voor twee dienstvoertuigen die voor vervanging in 2020 gepland stonden, een andere fasering van aanschaf in het Meerjarig investeringsprogramma 2022-2025 opgenomen.

Overschrijding kredieten Beveiligingsmaatregelen C2000 systemen € 293.200 In afwachting van een extern advies over de wijze van uitvoering van deze maatregelen zal het krediet doorgeschoven moeten worden naar 2021. Puntafzuiging Zijlweg € 190.000 De alternatieve oplossingen hebben de luchtkwaliteit in de uitrukhal Zijlweg aanzienlijk verbeterd. Wel zijn er een aantal structurele punten die periodiek opgepakt moeten worden. Binnen de projectgroep wordt nu bekeken hoe we dit vorm kunnen geven en of dit volstaat voor wat betreft de luchtkwaliteit. Het restantkrediet zal daarom in 2021 nog benodigd zijn. Flexibele werkplekvoorzieningen € 765.000 Het project voor de vervanging van de flexibele werkplekvoorzieningen is inmiddels opgestart maar zal in 2021 worden afgerond en geïmplementeerd. Hierdoor schuiven de kredieten ad. € 765.000 door naar 2021. De kredieten die in dit kader voor de jaren 2021 en 2022 gepland stonden schuiven hiermee ook een jaar door.

68

De vervanging van drie ambulances is hoger uitgevallen dan vooraf begroot. De hogere kosten bedragen € 49.300. Bovenstaande overschrijding krijgt bij vaststelling van het jaarverslag alsnog goedkeuring. De effecten van het doorschuiven op de kapitaallasten in de begroting 2021 zijn verwerkt bij de actualisatie van het investeringsplan als onderdeel van de programmabegroting 2022.

JAARVERSLAG 2020

6.6 Informatie over maximum inkomensnorm voor de publieke sector Op 1 januari 2013 is de Wet normering topinkomens (WNT) in werking getreden. De WNT is van toepassing op de VRK. Het toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2020 € 201.000

Bezoldiging topfunctionarissen Leidinggevende topfunctionarissen

Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2020

A.F.M. Schippers

A. van de Velden

Algemeen directeur

Directeur Publieke Gezondheid 1/1 - 31/12

1/1 - 31/12

Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

1.0

1.0

Dienstbetrekking?

ja

ja

Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

167.974

141.514

Beloningen betaalbaar op termijn

21.563

20.975

Subtotaal

189.537

162.489

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

201.000

201.000

-

-

189.537

162.489

Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan

-

-

Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

nvt

nvt

Gegevens 2019

A.F.M. Schippers

A. van de Velden

Functiegegevens

Algemeen directeur

Directeur Publieke Gezondheid

1/1 - 31/12

1/1 - 31/12

Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

1,0

1,0

Dienstbetrekking?

ja

ja

Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

149.026

125.512

Beloningen betaalbaar op termijn

20.759

19.972

Subtotaal

169.785

145.485

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

194.000

194.000

Bezoldiging

169.785

145.485

Bezoldiging

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging

Aanvang en einde functievervulling in 2019

Bezoldiging

Pagina 69

Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2020 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen. Toezichthoudende topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.700 of minder Naam topfunctionaris

Functie

Dagelijks bestuur: Mevrouw M.H.F. Schuurmans-Wijdeven

Burgemeester Haarlemmermeer , voorzitter

De heer J. Wienen

Burgemeester Haarlem,

De heer Q. Rijke

Wethouder volksgezondheid Heemskerk

De heer F.C. Dales

Burgemeester Velsen

De heer G.J. Bluijs

Wethouder volksgezondheid Zandvoort (tot 30-6-2020)

De heer R. van Haeften

Wethouder volksgezondheid Zandvoort (vanaf 30-6-2020)

Algemeen bestuur: De heer M.E. Smit

Burgemeester Beverwijk

De heer. E.J. Roest

Burgemeester Bloemendaal

De heer J. Wienen

Burgemeester Haarlem

Mevrouw M.H.F. Schuurmans-Wijdeven

Burgemeester Haarlemmermeer

Mevrouw A.E.H. Baltus

Burgemeester Heemskerk

Mevrouw A.C. Nienhuis

Burgemeester Heemstede

De heer F.C. Dales

Burgemeester Velsen

De heer D. Moolenburgh

Burgemeester Zandvoort

De heer G. Goedhard

Burgemeester Uitgeest (waarnemend tot 16-9-2020)

De heer S.M. Nieuwland

Burgemeester Uitgeest (vanaf 16-9-2020)

70

JAARVERSLAG 2020

6.7 Balans en toelichting (bedragen x € 1.000)

ACTIVA

31-12-2019

31-12-2020

PASSIVA

31-12-2019

31-12-2020

Vaste activa

Eigen vermogen

Materiële vaste activa

Algemene reserve

1.673

1.388

Bedrijfsgebouwen

18.172

17.432

Bestemmingsreserves

1.319

2.242

Vervoersmiddelen

12.559

14.470

Totaal reserves

2.992

3.630

Machines, apparaten en intstallaties

4.972

4.772

Saldo Jaarrekening

1.062

5.270

Overig

2.379

2.021

Totaal

38.082

38.695

Totaal eigen vermogen

4.054

8.900

Activa in ontwikkeling VRK

771

505

Activa over te dragen aan LMS

2.212

0

Voorzieningen

3.575

3.741

41.065

39.200

Totaal voorzieningen

3.575

3.741

Voorraad

2

10

Langlopende leningen

28.179

26.507

Totaal vlottende activa

2

10

Totaal langlopende schulden

28.179

26.507

Totaal vaste activa

Vlottende activa

Kortlopende schulden

Vorderingen Vorderingen op openbare lichamen

693

3.492

Kasgeldleningen o/g

28

32

Rek. courant niet financ.instellingen

1.726

1.693

Transitoria overig

3.148

7.264

Overige vorderingen

325

339

Overige schulden

7.515

18.768

2.744

5.524

Totaal vlottende passiva

10.691

26.064

Transitoria overig

2.082

14.974

Overlopende activa

2.082

14.974

Liquide middelen

606

5.504

46.499

65.212

Totaal PASSIVA

46.499

65.212

Uitzettingen met een rentetyp. Looptijd < 1jr

Totaal ACTIVA

Pagina 71

Toelichting op de balans (bedragen x € 1000) ACTIVA Materiële vaste activa Voor de waarderingsgrondslagen en gehanteerde afschrijvingsmethodiek wordt verwezen naar paragraaf 5.1 Het verloop van de ‘Materiële vaste activa’ is als volgt: Boekwaarde 31-12-2019

Vermeerdering 2020

Bedrijfsgebouwen

18.172

11

Vervoersmiddelen

12.559

3.792

Machines, apparatuur en installaties

4.972

Overige materiële vaste activa

Onderdeel

Activa in ontwikkeling Activa in ontwikkeling Bluswater

Activa af te dragen LMS Totaal

Investeringen VRK In 2020 is door de VRK voor een bedrag van € 4.877 miljoen geïnvesteerd, gespecificeerd naar grootste posten: Brandweermaterieel: € 3.381.500

• Acht waterwagens incl. bepakking en MOI (€ 1.954.000) • Twee hulpverleningsvoertuigen incl. bepakking (€ 1.242.500) • Bluspomp boot Uitgeest (€ 10.017) • Lichtkrant (€ 72.425) • Dienstvoertuig Mercedes Vito (€ 22.990) • Bepakking Snel inzetbaar voertuig (€ 49.167) • Diversen (€30.318) Ambulancezorg: € 643.486

• Drie ambulances (€ 454.915) • Motorambulance (€ 51.945) • Kleding ambulancepersoneel (€ 106.128) • Tablets digitaal ritformulier (€ 30.498)

72

Afschrijving 2020

Boekwaarde 31-12-2020

-752

17.431

-1.875

14.470

725

-924

4.773

2.379

349

-708

2.021

38.082

4.877

-4.258

38.695

771

-302

469

0

36

36

38.853

4.611

2.212 41.065

Vermindering 2020 6

6

6

-4.258

2.212 4.611

2.218

39.200 0

-4.258

Interne Dienstverlening: € 723.412

• Meubilair (€ 24.169) • ICT (€ 272.864) • Puntafzuiging (€ 372.386) • Gereedschap gebouwenbeheer (€ 15.143) Veiligheidsbureau € 128.335

• Apparatuur OT-ruimte Zijlweg (€ 51.090) • Apparatuur Koningin Maximakazerne (€ 77.245)

39.200

JAARVERSLAG 2020

Transitoria overig

De activa in ontwikkeling betreft met name: Herinrichting terrein Pomp- en slangenwagen: bepakking en MOI Gebouwenbeheersysteem Systeem Zaakgericht werken Mobilofoons Inbraakbeveiliging en brandmelding C2000 Overig Totaal

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.heemstede.nl/api/v1/meetings/1160/documents/13241