Bijlage 5. Uitwerking Meerjarig Uitvoeringsprogramma.pdf
Tekst van het document
Te investeren in vormen van publieke mobiliteit* zodat in elke deelregio verschillende vervoersopties zijn (*publieke mobiliteit is een verzamelnaam voor openbaar vervoer, flexvervoer en deelmobiliteit). Concreet: het realiseren van de schaalsprong in het ovnetwerk; Zuidasdok, Noord/Zuidlijn naar Hoofddorp, Ringlijn naar Haven-Stad, aanleg van de IJmeerlijn (mogelijke koppeling met Lelylijn), het volledig sluiten van de Ringlijn en daarnaast is er voor wat betreft het OV ook aandacht voor HOV-corridors naar Zaanstad en Haarlem; 3. Het regionale openbaar vervoer en het voor de MRA relevante nationale (spoor) netwerk moeten minimaal mee kunnen groeien met de verstedelijking; 4. De kwaliteit van het wegennetwerk in alle deelregio’s minimaal gelijk te houden en waar nodig (door groei van het aantal gebruikers) te verbeteren; 5. Verbeteringen in het fietsnetwerk en -gebruik, ook via de Greendeal Fiets; 6. Mobiliteitsgedrag beïnvloeden met mijden en spreiden van de spits; 7. Te zorgen dat het aandeel van het besteedbaar inkomen dat mensen kwijt zijn aan reizen redelijk blijft (mobiliteitsrechtvaardigheid; ook gekoppeld aan verbeteren woon-werk balans); 8. De hoeveelheid fijnstof en geluidsoverlast als gevolg van mobiliteit te minimaliseren; 9. Het aantal gewonden en doden als gevolg van deelname aan het verkeer te laten dalen; 10.
Openbaar vervoer (publieke mobiliteit) als wenkend alternatief voor de auto te ontwikkelen; 70
11. Het bundelen van stromen te bevorderen en binnenstedelijk zoveel mogelijk passende, schone en veilige logistiek te stimuleren, onder andere door logistieke hubs aan te leggen; 12. Optimaal benutten van de mogelijkheden van water, spoor en buisleidingen en de benodigde infrastructuur op orde te brengen, ook voor goederenvervoer; 13. De betrouwbaarheid van het goederenvervoer te borgen door het slim benutten van de beschikbare capaciteit (onder andere door het mijden van spitsen). Een laad-infrastructuur voor de logistieke sector te realiseren in de MRA (elektriciteit, waterstof of andere energiebronnen); 14. In te zetten op goede alternatieven voor het vliegtuig met internationale treinen ter vervanging van korte en middellange vluchten binnen Europa; 15. Door ruimte te maken op nationale spoorroutes van en naar de MRA middels het uitvoering geven aan ambities uit het nationaal Toekomstbeeld OV 2040.
Punt 1: Te werken vanuit de 7 principes van het MTB Toelichting Alle trajecten die lopen binnen het Platform Mobiliteit worden getoetst aan het MTB. Hierdoor is er niet 1 traject wat de 7 principes van het MTB tot uitvoering brengt, maar helpt elk programma mee aan de uitvoering van het MTB. Een specifiek onderdeel van het MTB is Smart Mobility. Dit valt wel onder deze pijler: Digitalisering binnen mobiliteit ten behoeve van de MTB doelen (Smart Mobility)Het MRA – platform Smart Mobility richt zich op de inzet van slimme mobiliteitsmaatregelen die bijdragen aan de opgaven binnen de regio. Er zal de komende jaren vooral aandacht zijn voor de data en digitalisering opgave. Naast de focus op data en digitalisering is er ook focus aangebracht op de regio (MRA), wij gaan als platform juist de transitie in de regio (MRA) versnellen. De verbinding met het Rijk blijft belangrijk gezien belangenbehartiging en ontwikkeling in het landschap slim. De samenwerking wordt gezocht met SBAB, Amsterdam bereikbaar, Regieteam Verkeersmanagement. Wij hebben alle activiteiten ingedeeld in leren, ontwikkelen en doen. Wij willen in de regio van elkaar leren, samen ontwikkelen en vooral projecten realiseren (doen). De samenwerking in de regio zorgt voor een besparing in kosten en capaciteit bij alle partners. Overzicht uitvoering Tijdplanning 2025 - 2028 Resultaat/impact/effect in 2028
Rol/schaal MRA
Doorlopend, mijlpalen worden benoemd in jaarplannen. Wij gaan in de regio aan de slag met alle ontwikkelingen op het gebied van slimme mobiliteit. Vanuit de regio kijken wij naar de “landelijke programma's”, waarbij wij de successen vanuit de regio naar de programma's gaan brengen en uiteraard ook andersom. Wij volgen innovaties landelijk waarbij passende innovatie voor de MRA worden geïmplementeerd. Dit wordt bijvoorbeeld gedaan door inzichtelijk te maken welke ontwikkelingen er zijn in de landelijke programma's daarnaast wordt er tweemaal per jaar een trendanalyse van innovaties uitgevoerd, dit wordt ook voor de ontwikkelingen in Europa gedaan. Hiernaast wordt er aansluiting gezocht bij gebiedsontwikkeling en HUBS, om slimme oplossingen hier te implementeren. Er ligt altijd focus op de digitaliseringsopgave in de programma's en analyses. Het platform is er voor de gehele MRA, waarbij wij regelmatig over onze grenzen kijken
71
Partners Rijk/Europa
Financiën
Inzet Trekkerschap
Risico (mitigatie)
Provincie Noord–Holland, Provincie Flevoland, Gemeente Amsterdam, Gemeente Almere en de Vervoerregio Amsterdam. Het platform werkt intensief samen met het Rijk, door samen te werken aan de landelijke programma’s op het gebied van smart mobility. In totaal is dit 780.000 Euro – jaarlijkse bijdragen Bijdragen van de partners: Vervoerregio 320.000 Euro Gemeente Amsterdam 160.000 Euro Provincie Noord Holland 160.000 Euro Provincie Flevoland 100.000 Euro Gemeente Almere 40.000 Euro Door focus aan te brengen een besparing richting 2025 Inzet vooral vanuit de penvoerder (vervoerregio) Bestuurlijk opdrachtgever: Deelregio Almere - Lelystad Directie opdrachtgever: Gemeente Amsterdam Ambtelijk opdrachtnemer: Vervoerregio Amsterdam Kinderziektes, wet van de remmende voorsprong, etc… Ondervangen met slimme pilots en intensieve samenwerking.
Overzicht keuzes, brede welvaart en meerkernigheid Bijdrage aan brede welvaart (en Stimuleren van de Duurzame Mobiliteitstransitie welke keuzes horen daarbij) Onze gezamenlijke inspanningen zijn gericht op het bevorderen van een duurzame mobiliteitstransitie, met als doel deze transitie te stimuleren en te versnellen. Door middel van innovatieve projecten en strategieën willen we niet alleen bijdragen aan een schonere en efficiëntere mobiliteit, maar ook aan een leefbare en veerkrachtige regio voor de toekomstige generaties.
Bijdrage aan meerkernigheid
Daarnaast draagt het MRA- platform Smart Mobility bij aan de principes vanuit het Multimodaal Toekomstbeeld. Zoals 1, 5 en 7. Het platform richt zich echt op de gehele regio en wil de ontwikkelingen van smart mobility stimuleren en implementeren binnen alle inliggende gemeenten, zodat alle kernen slimme oplossingen voor mobiliteit in hun nabijheid hebben. Waarbij kennis en capaciteit wordt geleverd vanuit het platform.
Punt 2 en 10 hebben betrekking op investeringen in publieke mobiliteit, kennen sterke samenhang en zijn hieronder gezamenlijk uitgewerkt. Toelichting Binnen de verschillende concessieverleners is er altijd de focus geweest op OV als los product. Maar er zijn steeds meer verschillende vormen om jezelf te verplaatsen. Deelfietsen, deelscooters en deelauto’s kunnen deel uitmaken van een multimodale reis. Om dit systeem goed in te richten moet er breder gekeken worden dan de gemeentegrenzen. Hierdoor neemt de MRA de rol op zich om hier regionaal het gesprek over aan te gaan, richting het Rijk te lobbyen voor betere regels rond publieke mobiliteit en de kennis te borgen binnen de MRA.
72
Overzicht uitvoering Tijdsplanning 2025-2028 Resultaat/impact/effect in 2028
Rol/schaal MRA Partners Rijk/Europa
Financiën Inzet Trekkerschap
Risico’s (mitigatie)
In de komende jaren zal publieke mobiliteit geagendeerd worden bij het Rijk (BO MIRT) voor betere regelgeving. De MRA gaat zich inzetten om in 2026 een pilot publieke mobiliteit te bewerkstelligen. Hiernaast is het doel dat het een bekende term is binnen de MRA, waar kennis over gedeeld wordt. De rol van de MRA is om kennis te delen en te lobbyen. Concessieverleners, Concessiehouders, Publieke partners die vervoer aanbieden, Het Rijk. Vanuit de MRA zal er richting het Rijk samen opgetrokken worden om de regelgeving rond Openbaar Vervoer te verbeteren. Niet van toepassing Niet van toepassing Bestuurlijk opdrachtgever: Provincie Noord-Holland ism. Gemeente Amsterdam Directie opdrachtgever: Provincie Noord-Holland Ambtelijk opdrachtnemer: Vervoerregio Amsterdam Combinatie werkvelden onbekend terrein. Goed verkennen.
Overzicht keuzes, brede welvaart en meerkernigheid Bijdrage aan brede welvaart Fijnmazig en efficiënt mobiliteitssysteem kan bijdragen aan (en welke keuzes horen daarbij) woon-werkbalans, mobiliteitstransitie, welzijn en gezondheid. Bijdrage aan brede welvaart (en welke keuzes horen daarbij) Bijdrage aan meerkernigheid
Dit draagt bij aan duurzaamheid, kwaliteit van de leefomgeving, duurzaamheid, en sociale inclusiviteit. Waardoor het aan Door geschikt OV aan te kunnen bieden in kleinere kernen draagt dit bij aan meerkernigheid.
Punt 3, 14 en 15 hebben betrekking op de schaalsprong OV, kennen sterke samenhang en worden hieronder gezamenlijk uitgewerkt. Toelichting Op 11 november 2022 zijn er afspraken gemaakt rond de schaalsprong OV voor de MRA. Hier ging het om bekostiging voor de projecten Zuidasdok, Doortrekken Noord/ Zuidlijn en de eerste fase sluiten ringlijn. In 2023 heeft het Ministerie van Infrastructuur een uitname gedaan uit het budget van het Doortrekken Noord/ Zuidlijn. Ook moet er nog bekostiging gevonden worden voor projecten als de IJmeerverbinding, tweede fase sluiten ringlijn, HOV ZaanIJ, HOV Haarlem – Amsterdam en GNOE. De MRA Monitort dit en jaagt de verschillende projecten binnen de schaalsprong OV aan. Overzicht uitvoering Tijdsplanning 2025-2028
Resultaat/impact/effect in 2028
De komende jaren moet er een voorkeursbeslissing voor het doortrekken van de Noord/ Zuidlijn, Sluiten kleine ring en moet er duidelijkheid komen over OV-SAAL. In 2028 moet er duidelijkheid zijn over de doorgang van de OVSchaalsprong projecten. 73
Rol/schaal MRA Partners Rijk/Europa
Financiën Inzet
Trekkerschap
Risico’s (mitigatie)
De MRA jaagt deze projecten aan en rapporteert/ escaleert als een traject stagneert. NS, ProRail, het Rijk. Het Rijk is mede opdrachtgever van verschillende schaalsprong OV projecten. De rol van het Rijk is hierdoor groot. De rol van de EU is kleiner binnen deze projecten, maar verschillende projecten liggen op het Ten-T corridor. Hierdoor kan de rol van de EU meer aangehaald worden. Inzet is geregeld via deelbegroting OV & Spoor, investeringen zijn zeer groot, zie investeringen overzicht MRA Agenda. Vanuit de MRA Strategisch OV en Spoorcoördinatie groep en de BOL/ MIRT coördinatie worden deze ontwikkelingen gevolgd en aangejaagd. Bestuurlijk opdrachtgever: Vervoerregio Amsterdam Directie opdrachtgever: Vervoerregio Amsterdam Ambtelijk opdrachtnemer: Vervoerregio Amsterdam Cofinanciering en kostenstijgingen.
Overzicht keuzes, brede welvaart en meerkernigheid Bijdrage aan brede welvaart (en Voorwaarde voor grootschalige verstedelijking, grote bijdrage welke keuzes horen daarbij) duurzame mobiliteitstransitie en inclusieve mobiliteit Bijdrage aan brede welvaart (en welke keuzes horen daarbij) Bijdrage aan meerkernigheid
Om echt beter OV aan te bieden nationaal en internationaal zijn deze ontwikkelingen randvoorwaardelijk. Hierdoor draagt dit bij aan duurzaamheid, sociale inclusiviteit en gezondheid. Niet van toepassing.
Punt 4: De kwaliteit van het wegennetwerk in alle deelregio’s minimaal gelijk te houden en waar nodig (door groei van het aantal gebruikers) te verbeteren Toelichting In 2023 heeft het rijk een schuif gemaakt van 4,4 miljard van aanleg naar instandhouding op het hoofdwegennet. Dit gaat dit jaar ook gebeuren op het spoor, waar voor 2030 een tekort is tussen de 2,2 en 2,9 miljard, dit traject wordt gevolgd vanuit de MIRT coördinatie. Hiernaast moeten de provincies ook steeds meer uitgeven aan beheer en onderhoud, waardoor er nog meer afstemming nodig is. Het Platform volgt de ontwikkelingen rond het slim samenwerken op renoveren. Overzicht uitvoering Tijdsplanning 2025 -2028
Resultaat/impact/effect in 2028
Rol/schaal MRA Partners Rijk/Europa
Doorlopend komende decennia. Programma vindt overigens bij wegbeheerders (Rijkswaterstaat, provincies en gemeenten) plaats. Vandaar geen gedetailleerde invulling. Voortgang komt wel bij platform langs ivm meekoppelkansen. Vanwege de vele instandhoudingsopgaven is het doel om een programma te hebben waar deze opgaven afgestemd kunnen worden en waar mogelijk meekoppelkansen worden benut. De MRA volgt dit traject en speelt voornamelijk in de Provincie Noord-Holland De MRA Partners, RWS Het Ministerie van IenW speelt een belangrijke rol in de instandhoudingsopgave. De MIRT Coördinatie zal ontwikkelingen op dit vlak blijven volgen. 74
Financiën Inzet Trekkerschap Risico’s (mitigatie)
Nu niet van toepassing Ambtelijke inzet in de werkgroep Provincie Noord-Holland Meerkosten en verkeershinder.
Overzicht keuzes, brede welvaart en meerkernigheid Welke keuzes (ook irt andere N.v.t. ambities) Bijdrage aan brede welvaart (en N.v.t. welke keuzes horen daarbij) Bijdrage aan meerkernigheid N.v.t. (en welke keuzes horen daarbij) Punt 5: Verbeteringen in het fietsnetwerk en -gebruik, ook via de Greendeal Fiets Toelichting: De MRA doorfietsroutes en de green deal fiets zijn vastgesteld in het Platform Mobiliteit. De Provincies en Vervoerregio zijn bezig met de uitvoering van de verschillende aspecten van fiets. Er zijn nu eigen tafels/ programma’s voor de uitvoering en monitoring van fiets. Het Platform Mobiliteit blijft dit traject volgen, en waar nodig kan dit traject geagendeerd en besproken worden binnen het Platform Mobiliteit. Overzicht uitvoering Tijdsplanning 2025-2028 Resultaat/impact/effect in 2028 Rol/schaal MRA Partners Rijk/Europa Financiën Inzet Trekkerschap
Risico’s (mitigatie)
De komende jaren zullen de MRA doorfietsroutes tot uitvoering komen. Zo veel mogelijk MRA doorfietsroutes realiseren en geld voor bij elkaar krijgen In en rond de MRA Vervoerregio, Gemeenten, Provincies en RWS Via de MAUF gelden van IenW kan er iets geïnvesteerd worden in MRA doorfietsroutes Eigen structuur Eigen structuur Bestuurlijk opdrachtgever: Vervoerregio Amsterdam Directie opdrachtgever: Vervoerregio Amsterdam Ambtelijk opdrachtnemer: Vervoerregio Amsterdam N.v.t.
Overzicht keuzes, brede welvaart en meerkernigheid Welke keuzes (ook irt andere Fiets is volledig in uitvoering bij alle MRA Partners. ambities) Bijdrage aan brede welvaart Fiets is volledig in uitvoering bij alle MRA Partners. (en welke keuzes horen daarbij) Bijdrage aan meerkernigheid Fiets is volledig in uitvoering bij alle MRA Partners. (en welke keuzes horen daarbij)
75
Punt 6: gedragsbeïnvloeding met het mijden en spreiden van de spits Toelichting Het Platform Mobiliteit pakt dit punt breder op en kijkt naar alle fiscale en gedragsmaatregelen voor het beter inrichten van de vervoersstromen. Binnen het MTB worden er aanbevelingen gedaan om op lokaal/ regionaal niveau sturende gedragsmaatregelen te implementeren. Hier kan worden gedacht aan betalen naar gebruik (gespecificeerd op tijd en locatie), Tijdelijke Bereikbaarheidstoeslag Knooppunt Schiphol (TBKS) en het implementeren van betaald parkeren MRA breed. Op dit moment worden er via het programma SBaB wel al gedragsmaatregelen onderzocht, maar dit zijn vooral de stimulerende maatregelen. De andere kant wordt op dit moment nog niet bekeken. Het monitoren en aanjagen van het onderzoeken/implementeren van deze sturende gedragsmaatregelen wordt hierdoor belegd binnen de MRA. Overzicht uitvoering Tijdsplanning 2025-2028 Al in 2024 start de verkenning naar de meest zinvolle acties. Die toetsen we op effect, haalbaarheid en (politiek/bestuurlijk) draagvlak Resultaat/impact/effect in 2028 Het doel van deze lijn is om fiscaal sturende maatregelen bespreekbaar te maken op regionaal niveau. Zo kan er kennis gedeeld worden over de implementatie en kan er samen worden opgetrokken richting het Rijk.
Rol/schaal MRA We starten bewust op het schaalniveau van de MRA en vanuit de samenwerkende regionale partijen Partners Gemeenten, Provincies/ Vervoerregio, Het Rijk Rijk/Europa Sommige fiscale maatregelen zijn alleen mogelijk als het Rijk wet- en regelgeving aanpast. De lobby richting het Rijk is hierdoor belangrijk. Financiën Niet van toepassing Inzet Op welke manier inzet voor deze programmalijn nodig is, zal worden bekeken binnen het Platform. Trekkerschap Bestuurlijk opdrachtgever: Vervoerregio Amsterdam Directie opdrachtgever: Vervoerregio Amsterdam Ambtelijk opdrachtnemer: Vervoerregio Amsterdam Risico’s (mitigatie) N.v.t, actie op dit moment een verkenning. Overzicht keuzes, brede welvaart en meerkernigheid Welke keuzes (ook irt andere N.v.t. ambities) Bijdrage aan brede welvaart Om de MRA mobiel te houden zijn verschillende fiscale (en welke keuzes horen daarbij) maatregelen nodig. Dit onderdeel draagt direct bij aan principe 2 van het MTB. Bijdrage aan meerkernigheid Niet van toepassing.
76
Punt 7: te zorgen dat het aandeel van het besteedbaar inkomen dat mensen kwijt zijn aan reizen redelijk blijft Toelichting Mobiliteit is essentieel om mee te doen aan de maatschappij. Helaas hebben niet alle inwoners van de MRA gelijke toegang tot mobiliteit. Factoren zoals inkomen, fysieke of cognitieve beperkingen, het ontbreken van reisopties en slechte bereikbaarheid kunnen mensen belemmeren in het bereiken van belangrijke bestemmingen. Mobiliteitsrechtvaardigheid gaat over het bereiken van een mobiliteitssysteem dat iedereen in staat stelt mee te doen aan de maatschappij. Een systeem dat mensen toegankelijk, betaalbaar, begrijpelijk en gastvrij van A naar B brengt. Niet alleen in de stadse kernen, maar ook in de dorpen en woonwijken. Om dat te bereiken is het MRA programma Mobiliteitsrechtvaardigheid opgezet. Tijdsplanning 2025-2028 Resultaat/impact/effect in 2028
Rol/schaal MRA
Partners Rijk/Europa
Financiën
Inzet
Trekkerschap
Risico’s (mitigatie)
Nader te bepalen in MRA programma Inzicht in de opgave voor de MRA op mobiliteitsrechtvaardigheid Handelingsperspectief om met de opgave aan de slag te gaan Instrumentarium om nieuw en bestaand beleid te kunnen toetsen op rechtvaardigheid MRA rol is divers. Gaat zowel om kennisopbouw, -deling, verspreiding, als om inzet op het meenemen van rechtvaardigheidsaspecten in relevante MRA-trajecten. Rijk, TNO, belangenorganisaties (ROCOV/Fietsersbond/…), kennisinstituten, Amsterdam Smart City Samenwerking met het Rijk nodig om eenduidig begrippenkader en instrumentarium te ontwikkelen en verschillende problemen aan te pakken. Ontwikkelingen op EU vlak krijgen steeds meer aandacht, o.a. via klimaatfonds waar het tegengaan van vervoersarmoede onderdeel van is. Ondersteuning nodig vanuit kennisinstituten en onderzoeksbureaus in het ontwikkelen van de beoogde resultaten; ongeveer €50-100K/jaar (dekking nog te bepalen). Eind 2024 wordt in het Platform Mobiliteit het definitieve programmaplan vastgelegd met daarin ook concreter de benodigde middelen en inzet. Inzet nodig voor programmaleider en vanuit MRA-partners voor deelname aan werkgroepen en onderzoeken. Eind 2024 wordt in het Platform Mobiliteit het definitieve programmaplan vastgelegd met daarin ook concreter de benodigde middelen en inzet.
Bestuurlijk opdrachtgever: Noord-Holland Directie opdrachtgever: Noord-Holland Ambtelijk opdrachtnemer: Noord-Holland Eerste verkenning
Overzicht keuzes, brede welvaart en meerkernigheid Welke keuzes (ook irt andere Relatie met NOVEX Woonwerkbalans. ambities) Bijdrage aan brede welvaart (en Deze actie gaat over het mobiliteitsdeel van brede welvaart, welke keuzes horen daarbij) maar indirect ook over bijvoorbeeld over de bijdrage van woningbouw en voorzieningen aan brede welvaart. Zonder 77
Bijdrage aan meerkernigheid (en welke keuzes horen daarbij)
voldoende aandacht voor rechtvaardigheid kunnen transities stagneren (mobiliteit, energie, economie) en dreigt afwenteling op toekomstige generaties en elders. Nabijheid is een belangrijk onderdeel van mobiliteitsrechtvaardigheid. Meerkernigheid is dus zeer relevant voor mobiliteitsrechtvaardigheid.
Punt 8: De hoeveelheid fijnstof en geluidsoverlast als gevolg van mobiliteit te minimaliseren Toelichting De Provincies Noord-Holland en Flevoland, de Vervoerregio Amsterdam en gemeente Amsterdam zijn bezig met het uitwerken van het monitoren en aanjagen van duurzame mobiliteitsmaatregelen (RMP) waarbij het aanjagen, faciliteren en stimuleren van de gemeenten bij de uitvoering van de duurzame mobiliteitsmaatregelen centraal staat. Om dit proces te kunnen volgen en waar nodig bij te kunnen stellen, wordt samen met de gemeenten uit de provincies Noord-Holland en Flevoland gewerkt aan het opzetten van regionale uitvoeringsagenda’s en een dashboard voor monitoring. Binnen het Platform Mobiliteit zal dit de komende jaren geagendeerd worden om de ontwikkelingen, voortgang en eventueel benodigde bijsturing te bespreken. Overzicht uitvoering Tijdsplanning 2025-2028
Resultaat/impact/effect in 2028
Rol/schaal MRA Partners Rijk/Europa
Financiën Inzet Trekkerschap
Risico’s (mitigatie)
In de komende jaren zal het RMP gemeenten helpen met het implementeren van duurzame mobiliteitsmaatregelen. Dit wordt gedaan door het organiseren van sessies, inzetten van experts en ondersteunen bij de uitvoering en beleidsvorming. In 2028 zijn er grote stappen zijn gezet bij de implementatie van duurzaamheidsmaatregelen die bijdragen aan de doelstelling van het RMP. Deze doestelling is het verminderen van de CO2uitstoot naar een maximale uitstoot van 4,2 megaton voor de sector mobiliteit en transport voor heel Noord-Holland en Flevoland samen in 2030.Het streven is nadrukkelijk om de CO2 -uitstoot te reduceren tot minder dan 4,2 megaton in 2030, richting 2,2 megaton (volgens algemene doelstelling Klimaatakkoord). De MRA monitort deze acties en zal indien nodig dienen als escalatielijn. Gemeenten, Provincies, Vervoerregio en het Rijk. Het RMP komt voort uit de afspraken van het Klimaatakkoord en zorgt voor de regionale uitwerking van het mobiliteitsdeel van het klimaatakkoord. Daarbij is afgesproken dat het Rijk de regionale programma’s faciliteert met actieve participatie en ondersteuning. Het RMP zou daarnaast logischerwijs een rol kunnen vervullen bij de landelijke aanpak mobiliteitstransitie. Niet van toepassing De Provincie Noord-Holland is trekker van het RMP.
Bestuurlijk opdrachtgever: Provincie Noord-Holland Directie opdrachtgever: Provincie Noord-Holland Ambtelijk opdrachtnemer: Provincie Noord-Holland Samenwerking Klimaatakkoord.
78
Overzicht keuzes, brede welvaart en meerkernigheid Welke keuzes (ook irt andere Samenhang met de ambitie over energie. ambities) Bijdrage aan brede welvaart (en Dit doel draagt bij aan brede welvaart door in te zetten op welke keuzes horen daarbij) duurzaamheid en het verbeteren van de leefomgeving. Bijdrage aan meerkernigheid Niet van toepassing.
Punt 9: het aantal gewonden en doden als gevolg van deelname aan het verkeer te laten dalen Het aantal gewonden en doden binnen het verkeer is voor de MRA een zorgpunt. Op dit moment werken de verschillende instanties als de Provincies en de Vervoerregio Amsterdam hard aan de verkeersveiligheid. Hier is ook een eigen overlegstructuur binnen. Hierdoor werkt de MRA niet meteen aan verkeersveiligheid, maar indien nodig kan de Platform Mobiliteit tafel wel gebruikt worden om hier over te overleggen. Punt 11 t/m 13 hebben betrekking op de logistieke sector, kennen een sterke samenhang en worden daarom hieronder gezamenlijk uitgewerkt. Toelichting Voor logistiek willen we een robuust multimodaal netwerk goederenvervoer en het stimuleren van modal shift van weg naar water en spoor. Daarnaast moet de synchromodaliteit voor goederenvervoer worden vergroot: real-time flexibele keuze tussen verschillende duurzame modaliteiten. Tussen de modaliteiten is zoveel mogelijk uitwisseling op logistieke overslaglocaties en goederenhubs. De overheid stimuleert, reguleert en faciliteert hierbij om duurzame, veilige en efficiënte vervoerwijzen mogelijk te maken. Overzicht uitvoering Tijdsplanning 2025-2028
Resultaat/impact/effect in 2028
2025: borgen maatregelen multimodaal netwerk goederenvervoer (MNG) in juiste programma’s, ontwikkelen programmaplan logistieke hubs, uitvoeren activiteiten uit de RUAS. 2026: uitvoeren activiteiten uit de RUAS, realiseren quick-wins MNG: verankeren bestaande spoorcapaciteit voor goederenvervoer, realiseren voldoende laadinfra voor weg en water en informatievoorziening op peil. 2027 - 2028:Uitvoeren activiteiten RUAS, uitvoeren korte termijn maatregelen MNG: o.a. ontwikkeling stedelijke logistieke hubs (programmaplan logistiek hubs) en watergebonden bouwhubs. Uitrol Multimodaal Netwerk Goederenvervoer (MNG) MRA+: Alle quick-wins zijn uitgevoerd en de maatregelen die prioriteit hebben zijn geborgd in de juiste programma’s. Zero emissie stadslogistiek: In Amsterdam, Zaanstad, Schiphol, Haarlem, Hilversum en Almere zijn zero emissie zones ingesteld. Deze dragen samen met de andere activiteiten uit de Regionale Uitvoeringsagenda Stadslogistiek (RUAS) bij aan de landelijke reductie doelstelling van 1 megaton CO2 in 2030. Modal shift goederen van weg naar water en spoor: via het programma Noord West Connect zijn er minimaal 5 betrouwbare corridors in bedrijf.
79
Rol/schaal MRA
Partners
Logistieke hubs: programmaplan logistieke hubs is ontwikkeld en gekoppeld aan de verstedelijkingsopgave. Bij grote bouwlocaties en aan de rand van stedelijke gebieden zijn ruimtelijke reserveringen gemaakt voor (bouw)hubs. De eerste deelprojecten van de Goederenvervoercorridor Zuid zijn gerealiseerd. Rol MRA: aanjagen, verbinden, zorgen voor commitment van de maatregelen en helpen bij borging in de juiste programma’s en projecten. Provincie Noord-Holland, Rijkswaterstaat WNN, Provincie Flevoland, Port of Amsterdam, gemeente Amsterdam
Rijk/Europa
Er wordt samengewerkt met het Ministerie van I&W vanuit SBaB.
Financiën
Voor de RUAS is tot en met 2025 budget van € 150.000, beschikbaar (Vervoerregio, provincies Noord-Holland en Flevoland). Voor de maatregelen uit het MNG is nu nog geen budget: dit wordt geregeld door maatregelen zoveel mogelijk onder te brengen in bestaande programma’s zoals de MIRT Goederenvervoer Corridor Zuid. Netwerkregisseur Logistiek MRA en adviseurs logistiek provincie Noord-Holland, Rijkswaterstaat en provincie Flevoland. NB: aantal fte wisselt en is te beperkt om alle ambities waar te kunnen maken. Bestuurlijk opdrachtgever: Deelregio Zaanstreek Waterland Directie opdrachtgever: Vervoerregio Amsterdam Ambtelijk opdrachtnemer: Vervoerregio Amsterdam Toename vs hinder vs capaciteit spoor.
Inzet
Trekkerschap
Risico’s (mitigatie)
Overzicht keuzes, brede welvaart en meerkernigheid Welke keuzes (ook irt andere Samenhang met de NOVEX en verstedelijkingsstrategie ambities) Bijdrage aan brede welvaart (en Consumptie vs leefbaarheid welke keuzes horen daarbij) Bijdrage aan meerkernigheid Fijnmazig mobiliteitsnetwerk (en welke keuzes horen daarbij)
Overige trajecten die het platform mobiliteit volgt Algemene ontwikkelingen binnen OV en Spoor • Bestuurlijk opdrachtgever: Spoorgroep: Jeroen Olthof • Ambtelijk opdrachtnemer: Vervoerregio Amsterdam, Provincie Noord-Holland, Provincie Flevoland, Gemeente Amsterdam en Gemeente Almere
80
Naast de schaalsprong OV zijn er verschillende zaken op het spoor waar vanuit MRA verband aan gewerkt wordt. Hier wordt gewerkt aan de samenwerking met de spoorse partijen en hier worden bijvoorbeeld reacties op de dienstregeling aanvraag van de NS geschreven namens de MRA. Ook wordt hier de gezamenlijke inbreng bepaald voor verschillende spoortafels zoals de landelijke OV en Spoortafel. HUBS Ontwikkeling • Ambtelijk opdrachtnemer: SBaB Binnen SBaB wordt er nu gewerkt aan de ontwikkeling van HUBS. Er is besloten om niet meer op de heel grote HUBS in te zetten, maar op de middelgrote HUBS. Binnen SBaB volgt nu de discussie of het Rijk een rol heeft bij deze HUBS ontwikkeling. Zo niet, kan er gekeken worden of dit traject beter bij het Platform Mobiliteit past. Doorlopende trajecten Lobby richting het Rijk en de EU (Ambtelijk opdrachtnemer: Vervoerregio Amsterdam) De lobby op het gebied van mobiliteit richting het Rijk en EU wordt afgestemd in het Platform Mobiliteit. De lobby is ondersteunend aan de inhoudelijke programma’s om voor geld/ regelgeving te lobbyen. Voorbereiding BOL/MIRT (Directie opdrachtgever: Directeur MRA/Ambtelijk opdrachtnemer: Vervoerregio Amsterdam) Elk jaar vindt het BO Leefomgeving en BO MIRT plaats. De voorbereiding en de regionale inbreng van beide overleggen wordt bepaald in het Platform Mobiliteit.
Vanwege de grote link met Ruimte wordt de voorbereiding ook gedaan in het Platform Ruimte. Standpuntbepaling/ voorbereiding SBaB Na de heroriëntatie binnen SBaB ligt er een belangrijke rol voor het Platform Mobiliteit voor de voorbereiding van de regionale inbreng. Er zitten minder partijen in SBaB, waardoor de rol van de MRA zal groeien. Dit zal vanaf Q2 2024 een vast onderdeel op de agenda zijn. Inhoudelijke SBaB trajecten Naast de standpuntbepaling binnen SBaB zijn er ook verschillende trajecten die af en toe geagendeerd worden binnen het Platform Mobiliteit, dit om de regionale afstemming te organiseren en te informeren. Deze trajecten zijn onder andere: • BRT (Metrobus) • Gedrag (Spreiden en Mijden) • Monitoring MTB • Uitvoeringsagenda NOVEX (Mobiliteitsmaatregelen randvoorwaardelijk voor woningbouw. VENOM VENOM heeft zijn eigen overlegstructuur en wordt op een afstand gevolgd door het Platform Mobiliteit. Amsterdam Bereikbaar Amsterdam bereikbaar heeft zijn eigen overlegstructuur. Indien nodig wordt dit traject geagendeerd bij het Platform Mobiliteit. Regieteam Het Regieteam heeft zijn eigen overlegstructuur. Indien nodig wordt dit traject geagendeerd bij het Platform Mobiliteit.
81
Investeringsagenda In de investeringsagenda maken we per ambitie inzichtelijk of er publieke of private investeringen noodzakelijk zijn en welke orde van grootte die hebben. Een volgende stap is om ook inzichtelijk te maken wat de mogelijke bronnen hiervoor zijn. Er worden in de investeringsagenda geen keuzes of prioriteringen gemaakt, het is enkel een informatief, indicatief overzicht. Het streven is daarbij niet om een uitputtend overzicht te bieden of om bedragen inzichtelijk te maken, maar meer om inzicht/gevoel te krijgen bij de opgave waar we voor staan, als input voor bijvoorbeeld lobbyactiviteiten of een gesprek over prioritering. Het is een nieuw instrument, waarvoor in de komende jaren moet blijken of en hoe we het beste kunnen benutten, en wat tijdens de uitvoering dus ook nog verder aangevuld of verrijkt kan worden, als blijkt dat dat nuttig is. Bij verschillende andere trajecten in de MRA worden momenteel ook al investeringen inzichtelijk gemaakt. Bijvoorbeeld in de Uitvoeringsstrategie van de NOVEX en in onze samenwerking op het gebied van mobiliteit. Het is niet de bedoeling om dingen over te gaan doen of dubbel te gaan doen.
De investeringsagenda dient om mensen die de MRA Agenda of het MUVP lezen een indruk te geven van wat er nodig is: specifiekere informatie of gedetailleerde gesprekken over investeringen en lobby daarvoor wordt gevoerd aan de daartoe bestemde tafels van de Platforms of PHO’s.
Overzicht per ambitie: 1.We willen een klimaatneutrale en circulaire regio zijn in 2050 Onlangs heeft een Franse denktank in opdracht van de fractie De Groenen/EVA in het Europees Parlement voor het eerst in kaart gebracht hoeveel publieke en private investeringen nodig zijn voor een klimaatneutraal Europa. Die laat zien dat tussen 2024 en 2050 elk jaar een extra investering nodig is van 360 miljard euro, een investering overigens die zichzelf – volgens de auteurs – terugbetaalt en nodig is om te voorkomen dat Nederland op achterstand komt in de vergroeningsrace met de Verenigde Staten en China. Ruim een kwart (28 procent) is nodig voor de gebouwde omgeving. Het gaat hier om investeringen in tientallen miljoenen elektrische auto's en het verduurzamen van huizen en gebouwen. De energiesector neemt 12 procent van de investeringen voor zijn rekening, landbouw 10 procent. Dit rapport bevat ook een factsheet voor Nederland. Daaruit blijkt dat een jaarlijkse investering van 17 miljard euro (ca 2,1% van het BBP) nodig is om de ambitie om klimaatneutraal te worden waar te maken2. Voor de MRA zou dat neerkomen op een jaarlijkse investering van ca. 3,3 miljard euro.
2.We versterken de (digitale) concurrentie- en innovatiekracht van de MRA om bij te dragen aan de transities die nodig zijn Financiering voor onderzoek en ontwikkeling komt voor een groot deel uit Europa en van de nationale overheid. Landen in de Europese Unie (EU) hebben afgesproken om 3% van het bbp te besteden aan R&D om bij te blijven bij ontwikkelingen in andere delen van de wereld. In 2002 werd de Europese norm van 3% voor het eerst genoemd. Hierbij werd aangegeven dat twee derde van deze investeringen afkomstig zou moeten zijn van bedrijven. Het overige deel van de investeringen zou dan moeten komen van de andere partijen zoals in de vorige paragraaf genoemd: de overheid, private non-profitorganisaties, overige nationale partijen en het buitenland. In 2010 werd de Europa 2020-strategie opgesteld. Nederland bepaalde destijds, onder verwijzing naar de structuur van de economie, het streefgetal op 2,5% van het BBP. In de Kamerbrief eind 2022 over innovatie en impact, heeft de regering deze ambitie bijgesteld, naar 3% van het BBP, zonder dat het private aandeel daalt. Achterliggend doel van het kabinet daarbij is het vergroten van de positieve impact van Nederlandse kennis op welvaart en welzijn. 2
Daarbij wordt opgemerkt dat deze extra investeringen deels gecompenseerd worden door sterk dalend energiekosten, dat de kosten van inactiviteit 6 maal zo hoog worden ingeschat en dat de omvang van deze investeringen in dezelfde orde van grootte liggen dan de jaarlijkse subsidies op fossiele brandstoffen.
82
Bron: Rathenau Instituut, 2024- Totale investeringen in wetenschap en innovatie (TWIN) 2022-2028 Uitgaande van bovenstaande streefnorm betekent het dat in de MRA met een BBP van 185 miljard in 2022 een benodigde investering van 5,5 miljard nodig is voor R&D. (dit is inclusief alle rijksinvesteringen en private investeringen) 3.We willen tekorten op de arbeidsmarkt verminderen en toekomstbestendig werk bieden aan huidige en nieuwe inwoners waardoor zij zich kunnen (blijven) ontwikkelen (door een optimale aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt Er zijn veel reguliere, structurele en landelijke middelen beschikbaar. Veel van deze middelen lopen via de gemeenten, lokale en regionale uitvoeringsorganisaties. Primair doel van de MRA inzet is om deze middelen in samenspraak met de relevante partners gerichter en gecoördineerder in te zetten, onder meer ter versterking van LevenLangOntwikkelen en het versterken van de publiek-private samenwerking. Voorbeelden uit andere regio’s laten zien dat – aanvullend op de reguliere budgetten – met een impuls van circa € 10 mln per jaar belangrijke stappen gezet kunnen worden in het realiseren van de MRA-ambities. 4.We willen voldoende, passende, bereikbare en toekomstbestendige werklocaties in de nabijheid van (potentiële) werkenden.
Voor de uitwerking/concretisering van de maatregelen in het kader van de MRA Bedrijventerreinstrategie betreft het voor een overgroot deel maatwerk-aanpak op het niveau van de specifieke locaties. Aanpakken in andere regio’s (o.m Utrecht en Twente) laten zien dat met additionele investeringen van (regionale) overheden van circa 20 mln per jaar de verduurzaming en intensivering een grote impuls gegeven kan worden, aanvullend op de private investeringen. 5. We willen leefbare steden en dorpen met voldoende, betaalbare, bereikbare en toekomstbestendige woningen, in een gezonde leefomgeving 17.500 woningen per jaar, waarvan de onrendabele top ca. 15.000 euro per woning bedraagt. De overheid moet aan de onrendabele top ca. €262.500.000 per jaar uitgeven. Daarnaast zijn aanvullende publieke investeringen noodzakelijk. Prof. Dr. Boelhouwer raamt de totale kosten voor de woningbouw op ca. 3-5 mld per jaar. Dit betekent dat we in de MRA als we ervan uitgaan dat we een soortgelijk bedrag per woning nodig hebben als elders in Nederland ca. 1 mld per jaar nodig hebben. 6. We behouden en (waar mogelijk) versterken de kwaliteit van ons landschap, water en cultuurhistorisch erfgoed Het conceptprogramma voor deze ambitie wordt in september nog bestuurlijk besproken. Afhankelijk van hoe het programma daarna invulling krijgt ontstaat ook beter zicht op de benodigde investeringen. 7.
We willen dat het (inter)nationale toerisme en de recreatiemogelijkheden bijdragen aan de leefkwaliteit van al onze inwoners (incl cultuur) Voor deze ambitie hebben we nog onvoldoende zicht op de benodigde investeringen. Voor de verduurzaming van bestaand en te ontwikkelen toeristisch vastgoed zijn grote investeringen noodzakelijk. Ook voor de punten die betrekking hebben op de bereikbaarheid van recreatiegebieden, het in stand houden van recreatiegebieden of bijvoorbeeld het OV-gebruik door internationale bezoekers zijn ongetwijfeld investeringen nodig. Er is meer onderzoek nodig om een beeld te krijgen van waar we het dan over hebben.
83
8. We willen dat eenieder zich op toekomstbestendige en betaalbare wijze kan verplaatsen in de MRA en dat we het logistieke vervoer en de internationale connectiviteit verduurzamen. Voor de ambitie met betrekking tot mobiliteit zijn ook veel investeringen nodig. Voor de acties die betrekking hebben op mobiliteitsrechtvaardigheid, fiscaliseren van mobiliteit en publieke mobiliteit gaat dat veelal om proces kosten (in de orde van grootte van enkele tonnen). Voor de acties die betrekking hebben op digitalisering van mobiliteit en het RMP zijn kleinschalige infra-investeringen nodig (in de orde van grote van 5-50 miljoen euro). Voor acties op het gebied van logistiek gaat het om grotere infra investeringen (orde van grote 100 miljoen euro). En voor acties die nodig zijn voor de schaalsprong OV gaat het tot 2040 naar schatting om zo'n 10 miljard euro.
84