CConstaterende datHeemstede
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 21. (NIET ACTIEF OPENBAAR) Bijlage 11 bij de AOK - KOOPstartregeling.pdf

Commissie Ruimte 4 december 2025, gemeente HeemstedeBij agendapunt: 3b: Collegebesluit anterieure overeenkomst plangebied Manpad21.935 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Doorgang levering Registergoed tijdens proces hertaxatie; verrekening en depot Indien ten tijde van de in de Verkoopovereenkomst Registergoed genoemde datum van levering van het Registergoed (Bloot Eigendom en Erfpacht) de Marktwaarde op basis van hertaxatie als bedoeld in dit artikel nog niet is vastgesteld, zullen de Erfverpachter en de Erfpachter desondanks gehouden zijn tot nakoming van de Verkoopovereenkomst Registergoed en zal voor de berekening van de Verkoopprijs Bloot Eigendom en de Verkoopprijs Erfpacht in de akte van levering als bedoeld in artikel 9.7 lid 11 in de onderlinge verhouding tussen Erfpachter en Erfverpachter vooralsnog worden uitgegaan van de Verkoopprijs Registergoed (V) die in de Verkoopovereenkomst Registergoed is vermeld. Indien vervolgens op basis van de hertaxatie blijkt dat de Verkoopprijs Bloot Eigendom moet worden verhoogd, is de Erfpachter verplicht om, binnen vier weken nadat de gehertaxeerde Marktwaarde is vastgesteld, het positieve verschil tussen het in artikel 9.6 lid 4 bedoelde bedrag van de gecorrigeerde Verkoopprijs Bloot Eigendom en het in artikel 9.6 lid 3 bedoelde bedrag van de Verkoopprijs Bloot Eigendom aan de Erfverpachter te voldoen.

De Erfverpachter is, in het geval gebruik wordt gemaakt van de hertaxatie, bevoegd van de Erfpachter te verlangen dat een bedrag ter grootte van maximaal vijf procent (5%) van de Verkoopprijs Registergoed (V) op de kwaliteitsrekening van de notaris, die met de levering van de Erfpacht en de Bloot Eigendom is belast, in depot wordt gehouden dan wel daarvoor een vervangende bankgarantie wordt gesteld.

HOOFDSTUK 10: REGELING RONDOM EXECUTIE VAN DE ERFPACHT Regeling bij en na executie Artikel 10.1 1.

Niet-toepasselijkheid van toestemmingsvereiste De vereiste toestemming van de Erfverpachter voor de Vervreemding van de Erfpacht als bedoeld in artikel 7.2 leden 1 en 2 is niet vereist in het geval een Hypotheekhouder gebruik maakt van het recht tot verkoop van de Erfpacht als bedoeld in artikel 3:268 lid 1 of lid 2 van het Burgerlijk Wetboek of indien executoriale verkoop van de Erfpacht plaatsvindt.

2.

Derdenwerking Erfpacht- en KoopStartbepalingen Na verkoop als bedoeld in lid 1 van dit artikel (“executieverkoop”) aan een ander dan de Erfverpachter blijven de Erfpacht- en KoopStartbepalingen geheel van toepassing op de

Erfpacht- en KoopStartbepalingen (versie 1 januari 2024)

2021.003392.01/DBA

- 41 -

koper bij de executieverkoop (“de executiekoper”) en op alle rechtsopvolgers van de executiekoper, zulks met inachtneming van het in de volgende leden bepaalde. Deze bepaling is van toepassing ongeacht het aantal malen dat de Erfpacht krachtens executieverkoop wordt verkocht. 3.

Bepaling Vergoedingsbedrag en dergelijke In het geval sprake is van een verkoop als bedoeld in lid 1 van dit artikel is de (oorspronkelijke) Erfpachter niet verplicht het Vergoedingsbedrag zoals bedoeld in Hoofdstuk 8 aan de Erfverpachter te voldoen. De verplichting tot betaling van het Vergoedingsbedrag aan de Erfverpachter gaat alsdan over op de executiekoper. Het Vergoedingsbedrag is door de executiekoper verschuldigd wanneer hij op grond van Hoofdstuk 7 of Hoofdstuk 8 daartoe verplicht is. Het Vergoedingsbedrag zal worden bepaald overeenkomstig de regeling van Hoofdstuk 8 en met inachtneming van het hierna in dit artikel bepaalde. Bij de bepaling van de hoogte van het Vergoedingsbedrag zal uitdrukkelijk worden uitgegaan van de (oorspronkelijke) Uitgifteprijs van de Erfpacht, de Koperskorting (K) en de deling in de waardeontwikkeling (Y) alsmede de Marktwaarde van het Registergoed ten tijde van de Uitgifte van de Erfpacht (T1). Dit betekent dat er bij de bepaling van het Vergoedingsbedrag van wordt uitgegaan alsof de oorspronkelijke Erfpachter verplicht is tot betaling van het Vergoedingsbedrag. Er wordt derhalve geen rekening gehouden met de door de executiekoper betaalde koopprijs en met de Marktwaarde van het Registergoed ten tijde van zijn verkrijging van de Erfpacht.

Het in de vorige zinnen en het volgende lid bepaalde is van overeenkomstige toepassing in het kader van de in artikel 2.3 en artikel 5.2 onder d of e te maken berekeningen.

4.

Bepaling Terugkoopprijs, Verkoopprijs Erfpacht en Verkoopprijs Bloot Eigendom In het geval de executiekoper overgaat tot Vervreemding van de Erfpacht dient het bepaalde in Hoofdstuk 7 en Hoofdstuk 9 te worden nageleefd. Bij de bepaling van de hoogte van de Terugkoopprijs danwel de Verkoopprijs Erfpacht en de Verkoopprijs Bloot Eigendom dient uitdrukkelijk uit te worden gegaan van de (oorspronkelijke) Uitgifteprijs van de Erfpacht, de Koperskorting (K) en deling in de waardeontwikkeling (X) en (Y) alsmede de Marktwaarde van het Registergoed ten tijde van de Uitgifte van de Erfpacht (T1). Dit betekent dat er bij de bepaling van de Terugkoopprijs danwel de Verkoopprijs Erfpacht en de Verkoopprijs Bloot Eigendom van wordt uitgegaan alsof de oorspronkelijke Erfpachter overgaat tot Vervreemding van de Erfpacht. Er wordt derhalve geen rekening gehouden met de door de executiekoper betaalde koopprijs en met de Marktwaarde van het Registergoed ten tijde van zijn verkrijging van de Erfpacht.

5.

Correctie in verband met eis vijftig procent waardeontwikkeling In aanvulling op het in lid 3 en lid 4 van dit artikel bepaalde staat de Erfverpachter er voor in dat de executiekoper een belang heeft bij de waardeontwikkeling van het Registergoed van ten minste vijftig procent (50%), mits de executiekoper een natuurlijk persoon is en deze executiekoper voldoet aan het bepaalde in artikel 6.1 lid 2. In het geval niet aan de in de vorige zin bedoelde eis van vijftig procent (50%) wordt voldaan zal het Vergoedingsbedrag, de Terugkoopprijs danwel de Verkoopprijs Erfpacht en de Verkoopprijs Bloot Eigendom worden gecorrigeerd. Uitsluitend om te kunnen bepalen of wordt voldaan aan de eis dat de executiekoper een belang heeft van ten minste vijftig procent (50%) bij

Erfpacht- en KoopStartbepalingen (versie 1 januari 2024)

2021.003392.01/DBA

- 42 -

de waardeontwikkeling en om te bepalen welke correctie van het Vergoedingsbedrag, de Terugkoopprijs danwel de Verkoopprijs Erfpacht en de Verkoopprijs Bloot Eigendom eventueel dient plaats te vinden, wordt een correctieberekening gemaakt waarin het Vergoedingsbedrag, de Terugkoopprijs danwel de Verkoopprijs Erfpacht en de Verkoopprijs Bloot Eigendom wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 8.1, artikel 9.4 of artikel 9.6, maar waarin als T1 wordt gebruikt de Marktwaarde van het Registergoed ten tijde van de executie en als K het verschil tussen de laatst bedoelde Marktwaarde van het Registergoed (T1) en de door de executiekoper betaalde koopprijs. Deze correctieberekening zal worden uitgevoerd ter gelegenheid van de bepaling van het door de executiekoper aan de Erfverpachter verschuldigde Vergoedingsbedrag als bedoeld in lid 3 van dit artikel of ter gelegenheid van de bepaling van de Terugkoopprijs danwel de Verkoopprijs Erfpacht en de Verkoopprijs Bloot Eigendom als bedoeld in lid 4 van dit artikel.

Teneinde in de toekomst bij de vaststelling van het Vergoedingsbedrag, de Terugkoopprijs danwel de Verkoopprijs Erfpacht en de Verkoopprijs Bloot Eigendom te kunnen bepalen of wordt voldaan aan het hiervoor bedoelde minimale belang bij de waardeontwikkeling en of de hiervoor bedoelde correctie moet worden toegepast, is de executiekoper verplicht om aan een Taxateur de opdracht te verstrekken om de Marktwaarde van het Registergoed met als Waardepeildatum de datum van de executieverkoop vast te stellen, waarbij het bepaalde in Hoofdstuk 3 in acht moet worden genomen. De executiekoper is verder verplicht om het daarop betrekking hebbende taxatierapport binnen drie maanden nadat de executieverkoop heeft plaatsgevonden bij aangetekende brief aan de Erfverpachter ter beschikking te stellen. De kosten van taxatie komen voor rekening van de executiekoper. De geschillenregeling van artikel 3.6 is van overeenkomstige toepassing. In het geval de executiekoper geen taxatieopdracht heeft gegeven en binnen genoemde termijn van drie maanden het taxatierapport niet aan de Erfverpachter ter beschikking heeft gesteld, kan de executiekoper geen rechten meer ontlenen aan de in dit lid geregelde correctieregeling. 6.

Uitbreiding begrip executiekoper In het geval de Erfpacht onder algemene titel overgaat op de rechtsopvolger van de executiekoper of de Erfpacht wordt verkregen door de (Mede-)erfpachter of de Partner van de executiekoper op grond van artikel 7.2 lid 3 wordt voor de toepassing van het in lid 3, lid 4 en lid 5 van dit artikel bepaalde deze rechtsopvolger aangemerkt als de executiekoper.

7.

Hoogte hypothecaire inschrijving en boetebedragen Voor de bepaling van de toegestane hoogte van de hypothecaire inschrijving als bedoeld in artikel 5.1 lid 2 onder a dient in afwijking van het vorenstaande onder het aldaar genoemde begrip Uitgifteprijs te worden verstaan de door de executiekoper verschuldigde koopprijs. Deze koopprijs geldt ook als Uitgifteprijs voor de toepassing van artikel 12.2 lid 3 en artikel 12.5.

HOOFDSTUK 11: SANCTIE VERVALLEN ERFPACHT- EN KOOPSTARTBEPALINGEN Niet-nakoming door Erfverpachter van overeenkomsten Artikel 11.1 1.

Niet-nakoming door Erfverpachter van Omzettingsovereenkomst, Terugkoopovereenkomst, Voorbereidingsovereenkomst of Verkoopovereenkomst Registergoed

Erfpacht- en KoopStartbepalingen (versie 1 januari 2024)

2021.003392.01/DBA

- 43 -

In het geval de Erfverpachter tekortschiet in de nakoming van zijn verplichtingen uit hoofde van Hoofdstuk 8 respectievelijk Hoofdstuk 9, waardoor geen uitvoering wordt of kan worden gegeven aan de levering van de Bloot Eigendom aan de Erfpachter of aan de Koper of de levering van Erfpacht aan de Erfverpachter, te weten: -

het tijdig toesturen van het taxatierapport tezamen met het schriftelijk aanbod tot omzetting als bedoeld in artikel 8.2 lid 2, met het schriftelijk aanbod tot terugkoop als bedoeld in artikel 9.3 lid 2 of met de berekening als bedoeld in artikel 9.7 lid 2; en/of

-

het tijdig toesturen van de Omzettingsovereenkomst als bedoeld in artikel 8.2 lid 3, van de Terugkoopovereenkomst als bedoeld in artikel 9.3 lid 3, of van de Voorbereidingsovereenkomst als bedoeld in artikel 9.7 lid 3 of de ondertekening daarvan door de Erfverpachter; en/of

-

het tijdig ondertekenen van de Verkoopovereenkomst Registergoed gevolgd door het tijdig toesturen van de ondertekende overeenkomst aan de Erfpachter als bedoeld in artikel 9.7 lid 10; en/of

-

het tijdig verlenen van medewerking aan de akte van levering van de Bloot Eigendom aan de Erfpachter als bedoeld in artikel 8.2 lid 7 met inachtneming van het bepaalde in artikel 8.2 lid 8; en/of

-

het tijdig verlenen van medewerking aan de akte van levering van de Erfpacht aan de Erfverpachter en de betaling van de Terugkoopprijs als bedoeld in artikel 9.3 lid 6 met inachtneming van het bepaalde in artikel 9.3 leden 7 en 8; en/of

-

het tijdig verlenen van medewerking aan de akte van levering van de Erfpacht en de Bloot Eigendom aan de Koper als bedoeld in artikel 9.7 lid 11,

is het bepaalde in de volgende leden en artikel 11.2 van toepassing. 2.

Ingebrekestelling en toerekenbare tekortkoming De Erfverpachter is bij niet-nakoming van één of meer van de in het vorige lid genoemde verplichtingen pas in verzuim –waaronder wordt begrepen het geval dat nakoming door de Erfverpachter blijvend onmogelijk is geworden- nadat de Erfpachter bij aangetekende brief de Erfverpachter in gebreke heeft gesteld en een termijn voor nakoming van ten minste vier weken heeft gesteld en nakoming binnen deze termijn is uitgebleven. De in de vorige zin bedoelde niet-nakoming wordt aan de Erfverpachter toegerekend, zulks ook in het geval van financieel onvermogen van de Erfverpachter. De Erfverpachter kan niet in verzuim geraken danwel het verzuim eindigt, indien en zolang de Erfpachter in verzuim is in de nakoming van één of meer van zijn verplichtingen uit hoofde van artikel 3.1 lid 5, Hoofdstuk 8 of Hoofdstuk 9. In dat geval komt de Erfverpachter pas weer in verzuim nadat het verzuim van de Erfpachter is geëindigd en de Erfverpachter opnieuw door de Erfpachter in gebreke is gesteld conform het in de eerste zin van dit lid bepaalde.

3.

Gevolg verzuim Erfverpachter Indien de Erfverpachter op grond van het vorige lid in verzuim is, treden de in de volgende zinnen bedoelde ontbindende voorwaarde en opschortende voorwaarde van rechtswege in werking (vervulling van ontbindende en opschortende voorwaarden), zulks onverminderd de verplichting van de Erfverpachter tot vergoeding van overige schade, rente en kosten aan de Erfpachter. a.

De vervulling van de ontbindende voorwaarde bestaat hierin dat onderdelen van de

Erfpacht- en KoopStartbepalingen (versie 1 januari 2024)

2021.003392.01/DBA

- 44 -

Erfpacht- en KoopStartbepalingen vanaf het tijdstip van de inwerkingtreding van het verzuim –met inachtneming van het bepaalde in de laatste twee volzinnen van het vorige lid- van rechtswege niet langer meer tussen de Erfverpachter en de Erfpachter van toepassing zullen zijn. b.

De vervulling van de opschortende voorwaarde bestaat hierin dat de Erfverpachter door de Erfpachter verplicht kan worden de Bloot Eigendom zonder tegenprestatie en vrij van hypotheek en beslag te leveren aan de Erfpachter.

4.

Vervallen onderdelen Erfpacht- en KoopStartbepalingen Ten gevolge van het bepaalde in het vorige lid onder a van dit artikel komen alsdan de volgende onderdelen van de Erfpacht- en KoopStartbepalingen van rechtswege te vervallen: -

het bepaalde in artikel 2.3. In plaats daarvan zal de inhoud van artikel 2.3 als volgt luiden: In het geval de Erfpacht eindigt, anders dan ten gevolge van het bepaalde in artikel 11.2 lid 2, is de Erfverpachter verplicht aan de Erfpachter een bedrag te vergoeden dat gelijk is aan de Marktwaarde van het Registergoed ten tijde van het einde van de Erfpacht vast te stellen met in achtneming van Hoofdstuk 3.

-

Hoofdstuk 4, met uitzondering van artikel 4.3;

-

Hoofdstuk 5, Hoofdstuk 7 tot en met Hoofdstuk 10.

In het geval uitvoering wordt gegeven aan het bepaalde in het vorige lid onder b zullen alle Erfpacht- en KoopStartbepalingen van rechtswege komen te vervallen. Het in de vorige zinnen van dit lid bepaalde geldt ten opzichte van de Hypotheekhouder pas nadat de Hypotheekhouder schriftelijk zijn toestemming voor het vervallen van de bedoelde onderdelen van de Erfpacht- en KoopStartbepalingen heeft verleend. 5.

Gevolgen vervallen Erfpacht- en KoopStartbepalingen Het in het vorige lid bepaalde heeft onder meer tot gevolg dat het bedrag van de Koperskorting geheel zal toekomen aan de Erfpachter, het (positieve of negatieve) belang in de waardeontwikkeling van het Registergoed geheel zal berusten bij de Erfpachter en geen toestemming voor de Vervreemding van de Erfpacht meer is benodigd.

Medewerking notariële akte van constatering en levering Artikel 11.2 1.

Medewerking notariële akte constatering vervallen Erfpacht- en KoopStartbepalingen De Erfverpachter is verplicht, binnen vier weken nadat de Erfpachter de Erfverpachter daartoe bij aangetekende brief heeft verzocht, zijn medewerking te verlenen aan het verlijden van een notariële akte waarin de vervulling van de in artikel 11.1 lid 3 onder a bedoelde ontbindende voorwaarde en de inwerkingtreding van de in artikel 11.1 lid 4 beschreven rechtsgevolgen worden geconstateerd. De kosten van deze akte komen voor rekening van de Erfverpachter. Indien de Erfverpachter niet tijdig de in de eerste zin van dit lid bedoelde medewerking verleent, verbeurt de Erfverpachter een boete die wordt bepaald overeenkomstig het in artikel 12.5 bepaalde.

2.

Medewerking levering van de Bloot Eigendom De Erfverpachter is verplicht, binnen vier weken nadat de Erfpachter de Erfverpachter daartoe bij aangetekende brief heeft verzocht, zijn op grond van artikel 11.1 lid 3 onder b

Erfpacht- en KoopStartbepalingen (versie 1 januari 2024)

2021.003392.01/DBA

- 45 -

vereiste medewerking te verlenen aan het verlijden van een notariële akte, waarin de Bloot Eigendom om niet (derhalve zonder tegenprestatie) wordt geleverd aan de Erfpachter. Als gevolg van de verkrijging van de Bloot Eigendom gaat de Erfpacht door vermenging teniet en wordt de Erfpachter volledig gerechtigd tot het Registergoed. De Bloot Eigendom wordt door de Erfverpachter geleverd vrij van hypotheek en/of beslag. Het bepaalde in artikel 5.2 onder b.5 is van toepassing. Ter keuze van de Erfpachter vindt deze levering al dan niet gelijktijdig plaats met het verlijden van de in het vorige lid bedoelde akte. De kosten van deze akte komen voor rekening van de Erfverpachter. De eventueel verschuldigde overdrachtsbelasting komt voor rekening van de Erfpachter. Indien de Erfverpachter niet tijdig de in de eerste zin van dit lid bedoelde medewerking verleent, verbeurt de Erfverpachter een boete die wordt bepaald overeenkomstig het in artikel 12.5 bepaalde. HOOFDSTUK 12: SLOTBEPALINGEN Derdenwerking, goederenrechtelijke werking en kwalitatieve verplichting Artikel 12.1 1.

Erfpachtbepalingen en derdenwerking De Erfverpachter en de Erfpachter beogen door middel van de Uitgifte van de Erfpacht uitdrukkelijk een derdenwerking (goederenrechtelijke werking) ten aanzien van hun rechten en verplichtingen uit hoofde van de Erfpacht- en KoopStartbepalingen, zodat de rechtsopvolgers onder algemene en bijzondere titel van de Erfverpachter en de Erfpachter gebonden zullen zijn aan de Erfpacht- en KoopStartbepalingen. In verband met deze beoogde derdenwerking zijn gedurende het bestaan van de Erfpacht tevens de in lid 2 van dit artikel genoemde kwalitatieve verplichting en de in artikel 12.2 en artikel 12.3 genoemde verplichtingen tot contractsoverdracht, kettingbeding en boetebeding van toepassing.

2.

Kwalitatieve verplichting Voor zover een verplichting uit hoofde van de Erfpacht- en KoopStartbepalingen een dulden of niet-doen inhoudt en niet reeds een goederenrechtelijke werking heeft, is deze verplichting een kwalitatieve verplichting als bedoeld in artikel 6:252 van het Burgerlijk Wetboek. Dit houdt in dat door opname van deze verplichting in de akte vestiging erfpacht gevolgd door inschrijving van een afschrift van die akte in de openbare registers, deze verplichting zal overgaan op degenen die de Erfpacht onder bijzondere titel verkrijgen en mede gebonden zullen zijn degenen die van de rechthebbende een recht tot gebruik van het Registergoed en/of de Erfpacht verkrijgen.

Verplichting Erfpachter tot contractsoverdracht, kettingbeding en boetebeding Artikel 12.2 1.

Verplichting van de Erfpachter tot contractsoverdracht Ter versterking van de derdenwerking van de Erfpacht- en KoopStartbepalingen en onverminderd de benodigde toestemming als bedoeld in artikel 7.2, is de Erfpachter verplicht om bij Vervreemding van de Erfpacht aan (een) ander(en) dan de Erfverpachter of zijn rechtsopvolger(s) zijn rechtsverhouding (rechten en verplichtingen) voortvloeiende uit de Erfpacht- en KoopStartbepalingen in de akte waarbij de Erfpacht wordt vervreemd over te dragen aan zijn rechtsopvolger(s), die verplicht is/zijn om de contractsoverdracht

Erfpacht- en KoopStartbepalingen (versie 1 januari 2024)

2021.003392.01/DBA

- 46 -

te aanvaarden, zulks overeenkomstig het bepaalde in artikel 6:159 van het Burgerlijk Wetboek. De Erfverpachter verleent bij voorbaat zijn medewerking aan de contractsoverdracht onder de opschortende voorwaarde van de verlening van de toestemming aan de Vervreemding van de Erfpacht als bedoeld in artikel 7.2. De Erfverpachter wordt wegens het schriftelijk verzoek tot het verlenen van toestemming geacht alsdan schriftelijk kennis te hebben genomen van de contractsoverdracht. 2.

Kettingbeding ten behoeve van de Erfverpachter Ter versterking van de derdenwerking van de Erfpacht- en KoopStartbepalingen en onverminderd de benodigde toestemming als bedoeld in artikel 7.2, is de Erfpachter jegens de Erfverpachter of zijn rechtsopvolger(s) gehouden tot het bedingen bij wijze van derdenbeding (kettingbeding) van de rechtsopvolger(s) van de Erfpachter dat de betreffende rechtsopvolger(s) het in dit artikel bepaalde, bij elke opvolgende Vervreemding van de Erfpacht aan (een) ander(en) dan de Erfverpachter of zijn rechtsopvolger(s) zal/zullen opleggen aan de volgende rechtsopvolger(s) (van de Erfpachter), zulks op dezelfde wijze als in het vorige lid is bepaald. De rechtsopvolger(s) is/zijn verplicht daarbij namens en ten behoeve van de Erfverpachter of zijn rechtsopvolger(s) het beding aan te nemen.

3.

Boetebeding In het geval de Erfpachter of zijn rechtsopvolger(s) het in lid 1 en lid 2 van dit artikel bepaalde niet nakomt/nakomen, is/zijn de Erfpachter of zijn rechtsopvolger(s) een door de Erfverpachter of zijn rechtsopvolger(s) vast te stellen, voor matiging door de rechter vatbare, terstond opeisbare boete aan de Erfverpachter of zijn rechtsopvolger(s) verschuldigd van maximaal honderd procent (100%) van het hoogste bedrag van de op het moment van overtreding of niet-nakoming geldende Marktwaarde van het Registergoed en de Uitgifteprijs. Bedoelde boete wordt vastgesteld in verhouding tot de ernst van het verzuim van de Erfpachter of zijn rechtsopvolger(s).

Verplichting Erfverpachter tot contractsoverdracht, kettingbeding en boetebeding Artikel 12.3 1.

Verplichting van de Erfverpachter tot contractsoverdracht Ter versterking van de derdenwerking van de Erfpacht- en KoopStartbepalingen is de Erfverpachter verplicht om bij vervreemding van de Bloot Eigendom aan (een) ander(en) dan de Erfpachter of zijn rechtsopvolger(s) zijn rechtsverhouding (rechten en verplichtingen) voortvloeiende uit de Erfpacht- en KoopStartbepalingen in de akte waarbij de Bloot Eigendom wordt vervreemd over te dragen aan zijn rechtsopvolger(s), die verplicht is/zijn om de contractsoverdracht te aanvaarden, zulks overeenkomstig het bepaalde in artikel 6:159 van het Burgerlijk Wetboek (contractsoverdracht). De Erfpachter verleent bij voorbaat zijn medewerking aan de in de vorige zin bedoelde contractsoverdracht. De contractsoverdracht komt tot stand door een schriftelijke kennisgeving van deze contractsoverdracht aan de Erfpachter of zijn rechtsopvolger(s).

2.

Kettingbeding ten behoeve van de Erfpachter Ter versterking van de derdenwerking van de Erfpacht- en KoopStartbepalingen, is de Erfverpachter jegens de Erfpachter of zijn rechtsopvolger(s) gehouden tot het bedingen bij wijze van derdenbeding (kettingbeding) van de rechtsopvolger(s) van de Erfverpachter dat de betreffende rechtsopvolger(s) het in dit artikel bepaalde, bij elke opvolgende

Erfpacht- en KoopStartbepalingen (versie 1 januari 2024)

2021.003392.01/DBA

- 47 -

vervreemding van de Bloot Eigendom aan (een) ander(en) dan de Erfpachter of zijn rechtsopvolger(s) zal/zullen opleggen aan de volgende rechtsopvolger(s) (van de Erfverpachter), zulks op dezelfde wijze als in het vorige lid is bepaald. De rechtsopvolger(s) is/zijn verplicht daarbij namens en ten behoeve van de Erfpachter of zijn rechtsopvolger(s) het beding aan te nemen. 3.

Boetebeding In het geval de Erfverpachter of zijn rechtsopvolger(s) het in lid 1 en lid 2 van dit artikel bepaalde niet nakomt/nakomen, is/zijn de Erfverpachter of zijn rechtsopvolger(s) een door de Erfpachter of zijn rechtsopvolger(s) vast te stellen, voor matiging door de rechter vatbare, terstond opeisbare boete aan de Erfpachter of zijn rechtsopvolger(s) verschuldigd van maximaal honderd procent (100%) van het hoogste bedrag van de op het moment van overtreding of niet-nakoming geldende Marktwaarde van het Registergoed en de Uitgifteprijs. Bedoelde boete wordt vastgesteld in verhouding tot de ernst van het verzuim van de Erfverpachter of zijn rechtsopvolger(s).

Doel en strekking Artikel 12.4 Indien en voor zover in de rechtsverhouding tussen de Erfverpachter en de Erfpachter een bepaling geldt die op grond van een rechterlijke uitspraak of anderszins niet toegepast kan worden, blijven alle overige bepalingen onverminderd van kracht en dient het doel en de strekking van de oorspronkelijke bepaling zoveel mogelijk te worden nageleefd. Boetebeding Artikel 12.5 Indien de Erfpachter bij aangetekende brief door de Erfverpachter in gebreke is gesteld en na die ingebrekestelling gedurende acht dagen nalatig blijft één of meer van zijn verplichtingen jegens de Erfverpachter na te komen, is de Erfpachter in verzuim en zal hij aan de Erfverpachter een door de Erfverpachter vast te stellen, voor matiging door de rechter vatbare, terstond opeisbare boete verschuldigd zijn van maximaal vijftig procent (50%) van het hoogste bedrag van de op het moment van ingebrekestelling geldende Marktwaarde van het Registergoed en de Uitgifteprijs. In het geval het gaat om een verplichting uit hoofde van artikel 6.2 lid 1 wordt de in de vorige zin genoemde periode van acht dagen gesteld op vier weken. Bedoelde boete wordt vastgesteld in verhouding tot de ernst van het verzuim van de Erfpachter. Algemene termijnenwet Artikel 12.6 Op de in deze akte gemelde termijnen is de Algemene Termijnenwet van (overeenkomstige) toepassing.

Geschillen en toepasselijk recht Artikel 12.7 Alle geschillen voortvloeiend uit hoofde van deze Erfpacht- en KoopStartbepalingen, de Koopovereenkomst en de vestiging van Erfpacht zullen, voor zover niet anders is bepaald, worden voorgelegd aan de daartoe bevoegde Nederlandse rechter. Deze Erfpacht- en KoopStartbepalingen, de Koopovereenkomst en de vestiging van de Erfpacht worden beheerst door Nederlands recht. SLOT

Erfpacht- en KoopStartbepalingen (versie 1 januari 2024)

2021.003392.01/DBA

- 48 -

WAARVAN AKTE is verleden te Ede op de datum in het hoofd van deze akte vermeld. De verschenen persoon is mij, notaris, bekend. De zakelijke inhoud van de akte is aan hem opgegeven en toegelicht, hij heeft verklaard tijdig voor het verlijden van de akte van de inhoud ervan te hebben kennisgenomen, daarmee in te stemmen en op volledige voorlezing ervan geen prijs te stellen. Deze akte is beperkt voorgelezen en onmiddellijk daarna ondertekend, eerst door de verschenen persoon en vervolgens door mij, notaris om twaalf uur twintig minuten.1

(Volgt ondertekening) UITGEGEVEN VOOR AFSCHRIFT

) Een afschrift van deze akte is ingeschreven ten kantore van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers in Register Hypotheken 4 op zeven december tweeduizend drieëntwintig in deel 87732 nummer 69. 1

Erfpacht- en KoopStartbepalingen (versie 1 januari 2024)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.heemstede.nl/api/v1/meetings/2785/documents/43348