AP 22-04 Raadsinformatiebericht rapport duurzame toekomst Spaarne Werkt.pdf
Tekst van het document
4.8
Beoordelingscriteria
Op basis van de doelstellingen van de Participatiewet, in het bijzonder om zoveel mogelijk mensen die het zelf niet redden op de arbeidsmarkt, zo regulier mogelijk aan de slag te helpen, en de wensen van de gemeenten die wij spraken komen wij tot de volgende criteria voor de beoordeling van de verschillende scenario’s. 1. Totaal aantal mensen duurzaam aan de slag: betreft het aantal mensen dat in de verschillende scenario’s duurzaam aan de slag16 wordt geholpen. Hoe meer mensen duurzaam aan de slag worden geholpen, hoe hoger het scenario wordt gewaardeerd. 2. Totaal aantal mensen regulier aan de slag: betreft de mate waarin mensen regulier aan de slag worden geholpen. Zo regulier mogelijk betekent met zo min mogelijk ondersteuning vanuit Spaarne Werkt dan wel de gemeenten. Scenario’s worden hoger gewaardeerd naarmate meer mensen zo regulier mogelijk aan de slag worden geholpen. 3. Scope-voordelen: betreft de mate waarin de werkinfrastructuur die primair gericht is op werk voor mensen die elders (nog) niet aan de slag komen, leidt tot het efficiënt kunnen realiseren van andere voorzieningen, zoals mensen snel of per direct kunnen plaatsen, opzetten en inrichten van passende leerwerktrajecten als opstap naar regulier werk, het kunnen realiseren van diversiteit in het werkaanbod en als vangnet voor als mensen die het bij reguliere werkgevers niet redden. 4.
Maatschappelijke effecten: het gaat hier om een breder begrip dan de meer concrete doelstellingen hiervoor. Het gaat hier om de impact van de dienstverlening op de doelgroep (gezondheid, participatie, zelfontplooiing, levensgeluk en dergelijke), om de mate waarin werkgevers toegevoegde waarde ondervinden van het scenario en het meer brede maatschappelijke belang, zoals sociale verbinding (binnen wijken), verminderen van overlast, participatie en druk op het sociale stelsel. 16
Zie voor wat betreft duurzaamheid, de definitie hiervoor.
43
5. Doelmatigheid: bij de doelmatigheid gaat het om de (netto!)kosten die moeten worden gemaakt om de doelen te realiseren. 6. Budgettaire inpasbaarheid: gaat over de mate waarin de scenario’s betaalbaar zijn voor de gemeente. De betaalbaarheid zetten we af tegen (a) de reeds op de begroting voor Spaarne Werkt gereserveerde gelden en (b) de middelen die vanuit de rijksoverheid beschikbaar worden gesteld vanwege de Participatiewet. 7. Beheersbaarheid: het gaat hier om de mogelijke sturing op de organisatie en het te bereiken resultaat. Bij een goede beheersbaarheid is het uiteindelijke doel relatief eenvoudig te bereiken en is er naar verwachting weinig bijsturing nodig. Bij een lastige beheersbaarheid is het einddoel minder gemakkelijk bereikbaar en is bijsturing, om het doel toch te bereiken, minder gemakkelijk realiseerbaar.
4.9
Weging van de scenario’s
Voor de weging van de verschillende scenario’s komen we tot het volgende oordeel.
Totaal aantal mensen duurzaam aan de slag Totaal aantal mensen regulier aan de slag Scope-voordelen Doelmatigheid Budgettaire inpasbaarheid Beheersbaarheid
Scenario 0 Blijft zoals het is
Scenario 1 Maatregelen
Scenario 2 Actieve ondersteuning middengroep
Scenario 3 Maximaal naar buiten
Scenario 4 Alleen beschut werk
o
o
++
+
o
o
o
o
++
o
+ -
+ o
++ o
+
-
o
++
-
+
+
+
o
o
++
o
Let op dat de voorkeursvariant niet kan worden geselecteerd door slechts het aantal plusjes, minnetjes en nulletjes bij elkaar op te tellen. Essentieel is dat de gemeenten gewichten toekennen aan de beoordelingscriteria op basis van hun eigen voorkeuren. Berenschot kan dat niet doen voor de gemeenten. Op basis van deze weging kunnen gemeenten komen tot een besluit. Toelichting: Totaal aantal mensen duurzaam aan de slag17: in scenario 2 wordt het grootste aantal mensen
•
duurzaam aan de slag geholpen. Naast het regulier aan de slag helpen van mensen, wordt de eigen werkinfrastructuur ook ingezet om mensen aan de slag te helpen die (nog) niet bij reguliere werkgevers aan de slag komen. Mensen krijgen dan een betaalde baan. Mensen blijven daardoor, indien zinvol en nodig, langer in de caseload van Spaarne Werkt en worden daardoor minder snel opgevangen in participatie- of vrijwilligerstrajectgen. Aandachtspunt is dat voorkomen moet worden dat mensen feitelijke te laag worden ingeschaald, waardoor ze langer dan nodig op een dienstbetrekking bij Spaarne Werkt blijven, terwijl ze zouden kunnen doorstromen naar ene dienstbetrekking bij een reguliere werkgever. Het stelsel moet hier goed op worden ingericht. In scenario 3 gaat eveneens een groter aantal aan de slag dan in het nulscenario. Bij scenario 4 voert Spaarne Werkt alleen nog beschut werk uit. Gemeenten
17
Zie de definitie van duurzaamheid hiervoor.
44
moeten zelf de ondersteuning regelen van de andere mensen uit de doelgroep. We gaan ervan uit dat de resultaten van de gemeenten gelijk zijn aan de resultaten die Spaarne Werkt thans realiseert in het nulscenario. •
Totaal aantal mensen regulier aan de slag: in scenario 3 is de verwachting dat door de sterke focus op het bij reguliere werkgevers aan de slag krijgen van mensen en het zo min mogelijk inzetten van eigen infrastructuur, de meeste mensen bij reguliere werkgevers aan de slag worden geholpen.
•
Scope-voordelen: de scope-voordelen zijn in scenario 2 het grootst. Dit scenario is er uitdrukkelijk op gericht om een eigen werkinfrastructuur in stand te houden voor de groep anders dan beschut, die het nog niet lukt om bij reguliere werkgevers aan de slag te komen, en om direct over werkplekken te kunnen beschikken, om leerwerkplekken te realiseren in de eigen infrastructuur en om over een vangnet te beschikken. In de scenario’s 0 en 1 blijft er tot op zekere hoogte ook een eigen werkinfrastructuur bestaan. In scenario 3 wordt de focus geheel gelegd op externe werkgevers. In Scenario 4 is de werkinfrastructuur alleen beschikbaar voor de doelgroep beschut.
•
Doelmatigheid: de doelmatigheid van scenario 3 is het grootst. In dat scenario worden mensen ondersteund tegen de laagst mogelijke kosten. De besparingen zijn relatief groot, doordat een relatief grote groep vanuit de uitkering aan de slag geholpen wordt. De doelmatigheid van scenario 2 is minder groot. Hoewel er een grote groep aan de slag wordt geholpen, staan daar hoge(re) kosten tegenover. In scenario 1 zijn de kosten lager, maar daar staat tegenover dat er minder mensen aan de slag worden geholpen. In scenario 0 gaat het om het zelfde aantal mensen, maar de kosten zijn hoger. De doelmatigheid van scenario 4 beoordelen wij negatief, omdat het bij beschut werk gaat om een relatief dure voorziening die alleen voor deze doelgroep wordt ingezet, terwijl de werkinfrastructuur in de andere varianten breder wordt ingezet.
•
Budgettaire inpasbaarheid: de budgettaire inpasbaarheid beoordelen we op basis van de huidige middelen die meerjarig in de begroting van Spaarne Werkt zijn vastgesteld. De score in de voorgaande tabel geeft een indicatie geeft een indicatie van de mate waarin de verwachte kosten binnen de huidige meerjarenraming blijven. We zien dat de kosten in scenario 2 hoger zijn dan de huidige meerjarenbegroting. De andere scenario’s blijven binnen de huidige meerjarenbegroting.
•
Beheersbaarheid: in alle scenario’s moet een omvangrijke transitie worden doorgevoerd. De beheersbaarheid van scenario 3 is het beste. In dat scenario wordt de werkinfrastructuur voor een belangrijk deel afgebouwd en kan de focus gelegd worden op de reguliere werkgevers. Er hoeft niet een uitgebreide, betaalbare infrastructuur in de lucht gehouden te worden. De ombouw van de huidige organisatie naar scenario 3 vraagt wel om een grote verandering. Maar, in de andere varianten is ook sprake van een significante ombouw. In alle varianten moet de huidige werkinfrastructuur deels worden afgebouwd en deels worden omgebouwd naar de eisen die door de Participatiewet worden gesteld. Wij schatten de beheersbaarheid van de scenario’s 1 (er moeten stevige besparingen worden gerealiseerd), 2 (totale ombouw naar een nieuwe werkinfrastructuur en tegelijkertijd focus op regulier werk moet tegelijk/geïntegreerd worden uitgevoerd) en 4 (naast de afbouw van de infrastructuur van Spaarne Werkt moeten gemeenten voorzieningen opbouwen voor doelgroepen die Spaarne Werkt niet meer zal bedienen) minder groot in.
We merken op dat de organisatie en inrichting van Spaarne Werkt in alle scenario’s moet veranderen en moet meebewegen met de veranderende doelgroep en de eisen van de Participatiewet. Los van de verschillende scenario’s moeten gemeenten en Spaarne Werkt hierin stappen zetten. Vasthouden aan de huidige structuur is geen optie.
45
4.10 Tot slot Berenschot kan geen uitspraak doen over het voorkeursscenario. De verschillende criteria moeten worden gewogen. Welk criterium weegt bijvoorbeeld zwaarder: de maatschappelijke effecten of de doelmatigheid? Gemeenten moeten met elkaar in gesprek over deze weging. Op basis daarvan kan een voorkeursscenario worden geselecteerd en kunnen meer concrete plannen voor de toekomst worden gemaakt.
46
HOOFDSTUK 5
Conclusies en advies Op basis van ons onderzoek trekken we enkele conclusies en doen wij aanbevelingen voor de toekomst.
5.1
Conclusies
Op basis van ons onderzoek trekken we de volgende conclusies. 1. In de regio Zuid-Kennemerland is het aantal loonkostensubsidies nog relatief laag, maar groeit toe naar het gemiddelde. Het aantal mensen dat wordt doorverwezen naar Spaarne Werkt is lager dan verwacht. Gemeenten geven aan dat dit kan worden verklaard doordat de mensen die voorheen in de Wajong en/of de Wsw kwamen nu zelfstandig bij reguliere werkgevers aan de slag zijn of doordat zij niet in staat zijn om loonvormende arbeid te verrichten en daarom niet onder de doelgroep van Spaarne Werkt valt. 2. Spaarne Werkt beschikt over een goede klassieke infrastructuur om mensen die het zelf niet redden aan de slag te helpen en te houden. Het aanbod is relatief breed en gevarieerd. De jaarlijkse kosten zitten onder het niveau van de benchmark. 3. Daarnaast slaagt de afdeling Re-integratie van Spaarne Werkt erin om conform de afspraken in het MJK mensen duurzaam aan de slag te krijgen. De aantallen mensen die worden ondersteund bij het zoeken naar werk, blijven achter bij de verwachting. Mede daardoor zijn de kosten voor re-integratie aan de hoge kant (capaciteit van Spaarne Werkt is ingesteld op hogere aantallen dan gerealiseerd). 4. Op dit moment ontbreekt een gedeeld beeld waar de organisatie van Spaarne Werkt naartoe moet bewegen.
Spaarne Werkt mist koers en richting en anticipeert op de toekomstige ontwikkelingen met het door ons uitgevoerde onderzoek. Er zijn geen keuzes gemaakt over hoe de infrastructuur en in het bijzonder de werksoorten moeten meebewegen met de ontwikkeling van de doelgroepen. Daardoor worden noodzakelijke veranderingen niet of onvoldoende doorgevoerd, wat in de toekomst zal leiden tot knelpunten en problemen waardoor adhocmaatregelen moeten worden genomen. Voor een gezonde bedrijfsvoering en het onderhouden van het onderling vertrouwen en harmonie is een duidelijk perspectief nodig, met gedeelde, meerjarige afspraken die telkens worden gemonitord en waarbij bijsturing plaatsvindt, indien nodig. 5. Het realiseren van de doelstellingen van Spaarne Werkt is een gezamenlijke ambitie van gemeenten/afdelingen Werk en Inkomen en Spaarne Werkt. Het meer gezamenlijk optrekken en integreren van de processen kan meer mensen met een beperking aan een baan helpen. Hier is al hard aan gewerkt, maar er is ruimte voor verbetering. 6. Wij zien voor Spaarne Werkt de volgende toekomstscenario’s:
47
–
Nulscenario: doorgaan op de huidige weg, binnen de huidige meerjarenkaders.
–
Scenario 1: doorgaan op de huidige weg, waarbij maatregelen worden genomen op kostenreductie, zodat de kans op begrotingsoverschrijdingen wordt verkleind.
–
Scenario 2: actieve ondersteuning van de groep anders dan beschut, die het nog niet lukt om bij reguliere werkgevers aan de slag te komen,, waarbij Spaarne Werkt de werkinfrastructuur deels ook in stand houdt voor mensen, anders dan de doelgroep ‘beschut’, die nog niet bij reguliere werkgevers aan de slag kunnen komen. De werkinfrastructuur fungeert hier nadrukkelijker als hub naar de reguliere arbeidsmarkt.
–
Scenario 3: maximaal naar buiten, waarbij de ondersteuning maximaal gericht is op het plaatsen, ontwikkelen en ondersteunen van medewerkers bij reguliere werkgevers, tegen zo laag mogelijke kosten. In dit scenario wordt de bestaande infrastructuur voor een groot deel (groter dan in de andere scenario’s) afgebouwd en is de focus gericht op het realiseren van plekken bij reguliere werkgevers.
–
Scenario 4: bedrijf voor beschutte arbeid: in deze variant beperkt Spaarne Werkt zich tot het realiseren van werkplekken voor mensen met een indicatie Beschut Werk. De nadruk ligt op het realiseren van een adequate werkinfrastructuur voor deze groep. Het bedrijf is daarmee vergelijkbaar met een klassiek sw-bedrijf, maar dan een stuk kleiner dan het oorspronkelijke sw-bedrijf van de regio.
Berenschot kan aangeven hoe de scenario’s scoren op de gehanteerde beoordelingscriteria. Berenschot kan geen voorkeursvariant benoemen. Daarvoor moeten de gemeenten hun voorkeuren kenbaar maken aan de hand van de verschillende criteria.
5.2
Aanbevelingen
Op basis van onze analyse komen we tot de volgende aanbevelingen. 1. Maak een keuze uit één van de scenario’s die wij in afstemming met Spaarne Werkt en de gemeenten hebben geformuleerd. Ga daarvoor in gesprek met elkaar over de geformuleerde beoordelingscriteria en geef een weging aan de verschillende criteria. Bepaal op basis daarvan het voorkeursscenario. 2. Spaarne Werkt en de deelnemende gemeenten hebben een gezamenlijke ambitie. We zien dat Spaarne Werkt en de gemeenten stappen zetten in het gezamenlijk zoeken en vinden van kandidaten. Wij adviseren deze samenwerking verder te intensiveren. Wij adviseren dat Spaarne Werkt nadrukkelijker betrokken wordt bij het zoeken en vinden van kandidaten. 3. Ons advies is om te komen tot een duidelijk protocol op basis waarvan kandidaten worden gediagnosticeerd en geïndiceerd. 4. Volg de marsroute van het Berenschot Ruitmodel: b. Stel een businessplan op nadat een keuze is gemaakt uit de verschillende scenario’s. In het businessplan wordt uitgewerkt hoe de organisatie van Spaarne Werkt er op de langere termijn uit komt te zien en hoe de weg daarnaar toe eruit ziet (de transitie). Een belangrijk onderdeel is, wat dit concreet betekent voor de verschillende werksoorten. Onderdeel hiervan is ook de samenwerking tussen Spaarne Werkt en de afdelingen Werk en Inkomen en hoe het realiseren van de doelstellingen wordt gewaarborgd.
Op basis van het businessplan nemen de bestuurders een definitief besluit. b. Vervolgens wordt een organisatie- en implementatieplan uitgewerkt. Daarin staan de concrete stappen die worden ondernomen om tot het uiteindelijke doel te komen en op welke wijze die worden gemonitord (door Spaarne Werkt en de deelnemende gemeenten) en hoe eventuele bijsturing plaatsvindt.
48
Bijlage 1.
Geïnterviewden
•
Attiya Gamri, wethouder gemeente Bloemendaal
•
Diana Van Loenen, wethouder gemeente Haarlem
•
Erwin van Hardeveld, directeur IJmondwerkt
•
Eva van Duffelen, manager Arbeidsontwikkeling, Spaarne Werkt
•
Gert Jan Bluijs, wethouder gemeente Zandvoort
•
Ivo Evers, controller gemeente Haarlem
•
Jeroen Coops, directeur Spaarne Werkt
•
Karin Meulenbelt, hoofd werk en inkomen gemeente Haarlem
•
Lex Vonk, directeur AM-match
•
Marc van der Zalm, afdelingshoofd Intergemeentelijke Afdeling Sociale Zaken gemeente Heemstede en Bloemendaal
•
Mark Rozekrans, manager Werkgeversdiensten, WSP Zuid-Kennemerland en IJmond
•
Sam Meerhoff, wethouder gemeente Heemstede
49
Bijlage 2. •
Begeleiding onderzoek
Stuurgroep bestaande uit het bestuur van de GR Spaarne Werkt aangevuld met de ambtelijke opdrachtgever Nanda Hagedoorn (directeur Sociaal Domein) en directeur Spaarne Werkt
•
Ambtelijk opdrachtgever: de directeur Spaarne Werkt en de directeur Sociaal domein van de gemeente Haarlem. Zij sluiten beiden als ambtelijk opdrachtgever aan bij de stuurgroepvergaderingen.
•
Ambtelijk opdrachtgeversoverleg: In de voorbereiding van iedere stuurgroepvergadering worden stukken/voorstellen besproken in een voorbereidend opdrachtgeversoverleg. Deelnemers aan het opdrachtgeversoverleg zijn de projectleider, de ambtelijk opdrachtgevers Nanda Hagedoorn en Jeroen Coops en als adviseurs Karin Meulenbelt (W&I Haarlem/Zandvoort, Marc van der Zalm (IASZ) en een concerncontroller van Haarlem/Zandvoort of Heemstede/Bloemendaal.
•
50
Projectleiding: de projectleiding van het project is belegd bij Berenschot.
Bijlage 3.
Literatuurlijst
•
Bijlage - Werkwijze Banenafspraak intern Spaarne Werkt Haarlem 2022 221024
•
Directiestatuut 31 maart 2005
•
Gem. Haarlem opdrachtbrief 2022 verdieping MJK SpW 2022-05-10
•
Gem. Zandvoort opdrachtbrief 2022 verdieping MJK SpW 2022-05-10
•
Gemeenschappelijke Regeling betreffende het Participatiebedrijf Zuid Kennemerland 01-012022 t/m heden
•
Jaarrapportage Haarlem en Zandvoort 2022
•
Jaarrekening 2022 SPAARNE WERKT 2023-3-15
•
Jaarrekening Spaarne Werkt 2022
•
Meerjaren kaderprogramma Participatiebedrijf Zuid Kennemerland, Kaders voor samenwerking 2022-2026.
•
Onderzoek infrastructuur sociaal ontwikkelbedrijven, Berenschot, juli 2023
•
Organisatie Inrichtingsplan Participatiebedrijf Zuid-Kennemerland – 18 oktober 2021
•
Overzicht bruto marge 2022 2023-3-15
•
Overzicht m2 locatie Qruquius 2023-3-15
•
Prognose afschrijvingen 2023-2027 per 31-12-2022 - 2023-3-15
•
Samenvatting re-integratie 2022
•
Spaarne Werkt - Beschut Werkt werkafspraken (nieuw) bijlage 2 2022-05-10
•
Spaarne Werkt - Brief banenafspraak interne plaatsingen 221024
•
Spaarne Werkt - Opdrachtbrief MJK 2022 Haarlem 220419
•
Spaarne Werkt - Startbanen- Project uitgevoerd door Spaarne Werkt bijlage 3 220419
•
Succesfactoren voor organisatieverandering, Arnoud van der Maas, 2016
•
2023 PB BEGROTING Participatiebedrijf definitief 8 april 2022
•
4a. 2023 BEGROTING HERZIEN concept 28-2-2022
•
4b. 2024 BEGROTING concept 28-2-2022
51
Bijlage 4. 2022
Kosten gespecificeerd 2023
2024
2025
2026
2027
2028
Struct
SCENARIO 0: Huidige situatie Wsw 18.395 20.199 NBW 1.021 1.688 LKS in dienst 48 70 LKS regulier 280 356 Re-integratie 2.612 2.819 Krimp 0 0 Totaal 22.355 25.132
17.161 1.468 51 404 2.773 749 22.607
16.310 1.686 52 454 2.773 825 22.101
14.966 1.871 52 504 2.773 926 21.093
13.739 2.031 52 547 2.773 861 20.003
12.551 2.191 52 590 2.773 825 18.982
0 4.793 52 1.291 2.773 354 9.263
SCENARIO 1: Kostenmaatregelen Wsw 18.395 20.199 16.998 NBW 1.021 1.688 1.428 LKS in dienst 48 70 50 LKS regulier 280 356 404 Re-integratie 2.612 2.819 2.319 Krimp 0 0 749 Totaal 22.355 25.132 21.948
15.987 1.606 50 454 2.026 825 20.949
14.513 1.745 49 504 1.733 926 19.470
13.323 1.894 49 547 1.733 861 18.407
12.171 2.043 49 590 1.733 825 17.410
0 4.470 49 1.291 1.733 354 7.897
SCENARIO 2: Actieve ondersteuning middengroep Wsw 18.395 20.199 17.075 16.130 NBW 1.021 1.688 1.440 1.635 LKS in dienst 48 70 163 279 LKS regulier 280 356 404 454 Re-integratie 2.612 2.819 2.515 2.368 Krimp 0 0 0 557 Totaal 22.355 25.132 21.597 21.424
14.710 1.792 387 504 2.172 658 20.223
13.504 1.945 499 547 2.319 593 19.407
12.336 2.098 611 590 2.465 556 18.658
0 4.591 1.338 1.291 2.465 354 10.039
SCENARIO 3: Maximaal naar buiten Wsw 18.395 20.199 16.998 NBW 1.021 1.688 1.428 LKS in dienst 48 70 27 LKS regulier 280 356 442 Re-integratie 2.612 2.819 2.379 Krimp 0 0 806 Totaal 22.355 25.132 22.079
15.987 1.606 0 525 1.949 889 20.957
14.513 1.745 0 609 1.409 926 19.202
13.323 1.894 0 693 1.518 861 18.290
12.171 2.043 0 777 1.628 825 17.444
0 4.470 0 1.699 1.628 354 8.152
SCENARIO 4: Bedrijf voor beschutte arbeid Wsw 18.395 20.199 17.161 16.310 NBW 1.021 1.688 1.467 1.685 LKS in dienst 48 70 41 28 LKS regulier 280 356 239 119 Re-integratie 2.612 2.819 0 0 Krimp 0 0 774 857 Totaal 22.355 25.132 19.682 18.999
14.966 1.869 14 0 0 958 17.808
13.739 2.029 0 0 0 893 16.661
12.551 2.189 0 0 0 825 15.565
0 4.790 0 0 0 354 5.143
52
WIJ ZIJN BERENSCHOT, GRONDLEGGER VAN VOORUITGANG Nederland is continu in ontwikkeling. Maatschappelijk, economisch en organisatorisch verandert er veel. Al 85 jaar volgen wij als adviesbureau deze ontwikkelingen op de voet en werken we aan een vooruitstrevende samenleving. De behoefte om iets fundamenteels te betekenen voor mens en maatschappij zit in onze genen. Met onze adviezen en oplossingen hebben we dan ook actief meegebouwd aan het Nederland van vandaag. Altijd op zoek naar duurzame vooruitgang. Alles wat we doen, is onderzocht, onderbouwd en vanuit meerdere invalshoeken bekeken. Zo komen we tot gefundeerde adviezen en slimme oplossingen. Die zijn op het eerste gezicht misschien niet altijd de meest voor de hand liggende. Juist deze eigenzinnigheid maakt ons uniek. Daarbij zijn we niet van symptoombestrijding. En gaan pas naar huis als het is opgelost.
Berenschot B.V. Van Deventerlaan 31-51, 3528 AG UTRECHT Postbus 8039, 3503 RA UTRECHT 030 2 916 916 www.berenschot.nl
53