16. 20250512 Brief inzake COA locatie SEIN-terrein incl bijlagen ANONIEM.pdf
Tekst van het document
30 jaar anders voor de wijk. In dat opzicht geldt hier ook een vorm van gewoonterecht dat is ontstaan. Daarnaast zit de Indische buurt, inclusief het Oude Dorp ver onder het gemiddelde aantal m2 speelgrond per kind, zelfs als we het speelveld meenemen wat de gemeente dus niet doet (zie onderstaande tabel). Dit gebrek aan speelruimte is natuurlijk vreemd voor de meest kinderrijke buurt van Heemstede. Als het veld wegvalt dan blijft er echt te weinig over (3,6m2 vs 27m2 gemiddeld in Heemstede). Dat er wordt gesteld dat er voldoende speelruimte is in de wijk overblijft is dus naar onze mening feitelijk onjuist! Het antwoord van het college dat het aan ouders is om te bepalen of kinderen tussen de 5-12 jaar mogen spelen op een overgebleven speelveldje naast een opvang locatie van 15-18 jarige jongeren, vinden wij getuigen van het niet serieus nemen van de zorgen van ouders. We vinden het lomp, onbehoorlijk en de gemeente onwaardig om deze zorgen van ouders met dit antwoord weg te wuiven. Bewoners hebben dit ook zo ervaren! Wij zien daarnaast het aanbod om hier een klein veldje te laten blijven voor de buurt als een excuus om deze locatie goed te praten en niet als oprecht. Het veldje zal klein zijn en niet worden gebruikt. Het biedt uitsluitend extra ruimte aan de vluchtelingen.
Ruimte die ze ook nodig hebben vanwege de beperkte bewegingsruimte die ze hier sowieso hebben vergeleken met andere opvanglocaties. Deze zorgen over veiligheid en overlast zouden er trouwens ook zijn bij een wooneenheid van 54 Heemsteedse jongeren met beperkte begeleiding op dit veld. Zoals iedere ouder met pubers weet is één begeleider (zoals bij andere opvanglocaties hebben wij vernomen), in de avond op 54 pubers niet voldoende! (Gestelde vraag over details van de begeleiding (1.77 en 1.78) is door gemeente niet beantwoord in Q&A).
VOS, reactie op antwoorden 5
Onderstaande tabel geeft duidelijk aan dat Indische buurt + dorp minste speelruimte heeft van Heemstede per kind. Zowel met als zonder het speelveld!
Nu is speelruimte inclusief veld Nieuw is zonder veld
Blindvaren op beperkt Sweco rapport Zie o.a. vraag en antwoord: 3.56 – 2.39 – 3.119 – 3.120 In de beantwoording van vragen verwijst de gemeente herhaaldelijk naar het locatieonderzoek van Sweco als onderbouwing voor de keuze van het SEIN-terrein. Daarmee worden kritische kanttekeningen, hoe inhoudelijk relevant ook, terzijde geschoven – evenals suggesties voor alternatieve locaties. Dit wekt de indruk van een beperkte benadering waarin het Swecorapport als sluitend wordt gepresenteerd, terwijl dit rapport zich primair richt op praktische criteria. Andere essentiële aspecten – zoals sociale impact, ruimtelijke inpassing, financiële haalbaarheid, juridische houdbaarheid en veiligheid – blijven onderbelicht. Een goed geïnformeerde gemeenteraad en een zorgvuldig handelend college zouden al deze invalshoeken moeten meewegen voordat zij een voordracht aan het COA overwegen. In een afzonderlijke notitie die komende week gestuurd zal worden, zullen wij uitgebreid ingaan op de tekortkomingen van het Sweco-rapport. Daarbij laten wij zien dat zelfs binnen de gehanteerde praktische criteria sprake is van gebrekkige of eenzijdige evaluatie. Het rapport is op meerdere punten discutabel en bevat fouten die hebben bijgedragen aan een onterecht hoge score voor het SEIN-terrein.
Bovendien stelt Sweco zelf expliciet dat aanvullend onderzoek noodzakelijk is voordat een definitieve locatiekeuze gemaakt kan worden. Aangezien VOS, reactie op antwoorden 6
dit aanvullende onderzoek vooralsnog ontbreekt, achten wij het prematuur – en in strijd met het eigen advies – om op basis hiervan al tot een voorkeur te komen. Een mogelijk interessante nieuwe locatie (naast Zwembad, 3.56) wordt in een antwoord snel weggewoven. De gegeven argumenten in de korte beantwoording lijken niet echt steekhoudend. Zo wordt een mogelijke toekomstige bestemming genoemd voor deze locatie, maar deze plannen zullen echt niet binnen 5 jaar gerealiseerd worden. Ook de opmerking met betrekking tot parkeerplaatsen klopt niet volgens ons. De omcirkelde locatie heeft op dit moment geen functie als parkeerplek. Er zijn daar bovendien voldoende parkeerplekken, of eenvoudig extra plekken te creëren. Daarnaast gaat behoud van groen toch echt voor parkeerplekken.
Experiment met risico's voor omwonenden en asielzoekers Zie o.a. vraag en antwoord: 3.19 – 3.49 - 3.34 -2.32 – 3.68 tm 3.71 – 2.33 – 3.121 Het college uit in de antwoorden een groot vertrouwen in het COA en er is zeer veel vertrouwen in het eigen kunnen. Beide zijn echter niet feitelijk getoetst. Er zijn voldoende AMV-locaties waar het mis gaat waarbij deze locaties betere faciliteiten en meer ruimte bieden aan de asielzoekers dan de mogelijke locatie aan de Meerweg. Het is niet aannemelijk dat de gemeentebesturen daar hebben zitten slapen. Dat Heemstede dit beter kan en betere afspraken kan maken met COA dan die gemeentes vinden wij erg optimistisch en ook getuigen van enige arrogantie, waarbij de risico's worden afgewenteld over de omwonenden. De mogelijkheden van o.a. beveiliging, de budgetten en de begeleiding van het COA zullen op alle locaties ongeveer gelijk zijn. De kans dat het hier misgaat is vanwege de gekozen locatie (dicht bij omwonenden, geen draagvlak, naast een zorginstelling, in een versteende focuswijk, weinig ruimte voor asielzoekers om zich te bewegen op eigen terrein zonder overlast) misschien nog wel groter. In de antwoorden wordt gesuggereerd dat COA (goede) ervaring heeft met AMV opvang op een vergelijkbare locatie. Er is geen enkele noodopvang gebouwd van deze omvang midden in een woonwijk in de achtertuin van vele bewoners.
In dat opzicht is het dus zeker een experiment! Soms worden hier wel grote bestaande gebouwen gebruikt, zoals een leegstaand ziekenhuis of een kantoorgebouw. Dat geeft toch een hele andere ervaring dan gestapelde woonunits/containers. Eerder werd bijvoorbeeld Driehuis als goed voorbeeld gegeven door mensen uit de gemeente. Bekijkt u de ligging van die locatie maar eens zelf in Google Maps! Op deze locatie is het logisch dat overlast beperkt is, zeker met betrekking tot geluidsoverlast. De gevolgen van deze specifieke locatie midden in een woonwijk naast zeer veel gezinnen lijkt door de gemeente gebagatelliseerd te worden. Er wordt verwezen naar nader onderzoek en preventieve maatregelen, maar allemaal nadat de keuze is gemaakt en voordracht heeft plaatsgevonden. Maar geluidsoverlast is niet op te lossen als een AZC letterlijk in de achtertuin staat. Er zou niet eerst een keuze voor deze locatie dienen plaats te vinden om daarna tot de conclusie te komen dat het niet kan om logische redenen. Dit kost geld en neemt de Heemsteedse burger en de vluchtelingen niet serieus.
VOS, reactie op antwoorden 7
In dat opzicht willen we u ook graag wijzen op het verschil met een locatie als Driehuis. Daar kunnen de vluchtelingen zich vrij bewegen en geluid maken, zonder overlast te geven aan omwonenden. Aan de Meerweg zullen ze zich aan een streng regime moeten houden om geen overlast te geven. Een regime dat door COA nooit gehandhaafd kan worden volgens ervaringsdeskundigen en ook niet zal bijdragen aan het wooncomfort van de vluchtelingen!
Zorgen over veiligheid naar voren geschoven Zie o.a. vraag en antwoord: 3.125 t/m 3.132 - 1.77 - 1.78- 1.247 tm 1.261 Terecht uiten omwonenden ook vragen over veiligheid. Zeker bij een groep AMV van deze omvang. De Zembla rapportage geeft ten aanzien van de problematiek ook heldere inzichten. Helaas lijken zorgen die bewoners uiten over veiligheid niet echt serieus genomen te worden. De problematiek wordt naar voren geschoven onder het mom van dat dit later in een veiligheidsplan wordt behandeld. Vragen hierover worden niet met meer detail dan verwijzing naar dit te maken plan, beantwoord. Maar de keuze van de locatie is misschien wel het belangrijkste criterium om overlast te beperken en veiligheid te kunnen garanderen. In een gemeente zonder eigen politiepost zou hier grondig naar gekeken moeten worden. Dit zou vooraf besproken moeten worden met de politie en de brandweer, specifiek voor deze locatie. Het niet in overweging nemen van deze risico’s vooraf wordt gezien als onverantwoord en kan leiden tot toekomstige verrassingen, vooral in een wijk met veel kwetsbare bewoners. Het getuigt niet van goed bestuur en het onder ogen zien van de specifieke risico's van deze groep AMV's. Deze groep is voor 25% verantwoordelijk voor alle incidenten bij asielzoekers. Ook hanteert het COA volgens onze informatie standaarden voor de begeleiding van deze jongeren.
Vragen die over deze begeleiding worden gesteld worden niet beantwoord, terwijl het niet te verwachten is dat COA zal afwijken van de standaarden. Op zijn minst had de gemeente deze standaarden met omwonenden kunnen delen. Ervaringen over hoe deze begeleiding gaat op andere locaties en de problemen die er bij ontstaan zouden meegenomen moeten worden bij de locatiekeuze. Dit zou dan weer kunnen resulteren in een andere keuze of extra randvoorwaarden. In een apart dossier zullen wij ervaringen vanuit andere opvanglocaties wel ter overweging delen met de raad en het college opdat zij goed geïnformeerd zijn.
Onduidelijke beweegreden SEIN en zorg patiënten Zie o.a. vraag en antwoord: 3.59 – 3.61- 3.78 – 3.79 De beweegredenen van SEIN om juist dit veld aan te bieden blijven vooralsnog onduidelijk. Ook bij de gemeente lijkt hierover onvoldoende kennis te bestaan. In de Q&A wordt op dit punt geen helderheid verschaft, waardoor het voor betrokkenen gissen blijft naar de achtergrond van dit aanbod. Het veld wordt momenteel als meest geschikte locatie gepresenteerd, terwijl er geen zorgvuldig overleg heeft plaatsgevonden met SEIN – laat staan met inachtneming van de belangen van de patiënten die op het terrein wonen. Gesprekken met patiënten zijn pas ná de informatieavond opgestart. Daarnaast is het allerminst zeker of SEIN haar aanbod daadwerkelijk zal handhaven. Het is onbekend aan welke voorwaarden SEIN het aanbod verbindt, en evenmin is duidelijk of het COA VOS, reactie op antwoorden 8
en de gemeente aan deze voorwaarden zullen kunnen voldoen. Tot op heden zijn deze criteria niet openbaar gemaakt. Ook is onduidelijk of alle interne stakeholders binnen SEIN instemmen met het ter beschikking stellen van het terrein. Indien de gemeente uiteindelijk kiest voor deze locatie, loopt zij bovendien direct het risico op planschadeclaims, terwijl SEIN zich – na eventuele gesprekken met het COA – nog altijd kan terugtrekken. Dit brengt een eenzijdig risico met zich mee dat volledig bij de gemeente ligt. Voor zover ons bekend, heeft SEIN overigens al vergevorderde plannen met het betreffende terrein. Deze plannen lijken op gespannen voet te staan met het huidige aanbod, en kunnen niet los worden gezien van recente ontwikkelingen zoals het plaatsen van hekken en het afsluiten van achterpaden die bewoners toegang gaven tot het veld. Dat juist van deze bewoners verwacht wordt als 'goede buur' op te treden jegens SEIN en een voorgenomen AZC, terwijl hun leefomgeving ingrijpend verandert, achten wij niet redelijk en zeker ook niet bevorderlijk voor het draagvlak in de buurt. Tot slot willen wij onze zorg uitspreken over het signaal dat uit het overleg tussen de gemeente en cliënten van SEIN naar voren kwam: het voornemen om contactmomenten tussen cliënten en asielzoekers tot een minimum te beperken. Dit suggereert een beweging richting een gesloten instelling.
Op dit moment lopen cliënten nog vrij door de wijk, maken een praatje met buurtbewoners en zijn zichtbaar onderdeel van het dagelijks leven in de buurt. Wordt dit leefgenot in de toekomst beknot? Dat zowel SEIN als het college hieraan lijken mee te werken, roept bij ons grote vragen op. Wij verzoeken u dan ook dringend om een transparante en goed onderbouwde belangenafweging te maken waarin zowel de belangen van cliënten, buurtbewoners als de gemeente zelf helder worden gewogen.
Tot Slot Deze brief is opgesteld op basis van het Q&A-document van 18 april 2025, de gehouden bijeenkomst, gesprekken met gemeente en eerder verstrekte informatie. Wij constateren daarbij dat het besluitvormingsproces aanzienlijke juridische tekortkomingen kent en in strijd is met meerdere beginselen van behoorlijk bestuur. Dit lichten wij als volgt toe: 1. Schending van het zorgvuldigheidsbeginsel (artikel 3:2 Awb) De gemeente erkent expliciet dat diverse essentiële onderzoeken pas na het voorgenomen besluit plaatsvinden. Het betreft hier onder meer leefbaarheidsonderzoek, akoestisch onderzoek, milieubelasting, planologische haalbaarheid en sociaal-ruimtelijke effecten (vragen 2.30, 2.32, 2.40, 3.8). Een besluit dat vooruitloopt op zulke cruciale informatie schendt het zorgvuldigheidsbeginsel, dat vereist dat bestuursorganen hun besluitvorming baseren op een volledig en actueel feitencomplex. Daarmee is de besluitvorming juridisch kwetsbaar. 2. Beleidsafwijkingen zonder voldoende onderbouwing (artikel 3:46 Awb) In antwoord 2.8 erkent de gemeente dat het plan ingaat tegen eerder vastgesteld gemeentebeleid, waaronder omgevingsvisies, jeugdbeleid en groenbehoud. Er wordt verwezen naar “zwaarwegende belangen”, maar deze worden niet gespecificeerd of onderbouwd met VOS, reactie op antwoorden 9
objectieve gegevens. Zonder heldere motivering voor deze beleidsafwijkingen is het besluit strijdig met het motiveringsbeginsel. Daarbij is de stelling dat opvang van 54 AMV’ers “kleinschalig” is (vraag 3.9) niet verenigbaar met de eigen draagvlakdocumenten, die juist pleiten voor verspreide en kleinschaligere opvang. 3. Niet-naleving van het participatiebeginsel (artikel 3:9 Awb en Omgevingswet) Hoewel inspraak is georganiseerd, geven bewoners (vragen 2.8, 2.23, 3.12) aan zich onvoldoende gehoord te voelen. Participatie is niet mogelijk over keuze locatie en was versplinterd over kleine sessies. Betrokkenheid is reactief in plaats van co-creatief. Er is onvoldoende sprake van aantoonbare invloed op het besluitvormingsproces, wat niet voldoet aan de eisen van het participatiebeginsel zoals beoogd onder de Omgevingswet. Daarmee is sprake van vormgebrek in de bestuurlijke procedure. 4. Negatieve impact op de leefomgeving onvoldoende meegewogen (artikel 3:4 lid 2 Awb) Bewoners wijzen op concrete en structurele nadelen, zoals: geluidsoverlast, beperking in de privacy, verlies van speelruimte en groene ontmoetingsruimte voor kinderen (vragen 2.25–2.28, 3.3), gevoelens van onveiligheid en sociale overprikkeling, verlies van vertrouwen in de overheid, en verhoogde stress en schade aan sociale cohesie (vragen 3.4, 3.12).
De gemeente erkent deze signalen, maar komt niet met adequate mitigerende maatregelen of garanties. Dit is in strijd met het evenredigheidsbeginsel dat verlangt dat nadelige gevolgen voor burgers niet onevenredig zwaar mogen zijn. 5. Erkenning van planschaderisico’s zonder voorzorg (artikel 3:4 en 4:5 Awb) In vraag 3.31 wordt gesteld dat planschade kan optreden bij tientallen woningen. De gemeente bevestigt dat onderzoek loopt, maar er worden geen concrete compenserende maatregelen genoemd en ook geen mogelijke budgettaire consequenties gerapporteerd. Het zou goed zijn als de gemeente concreet maakt hoe en wanneer zij nadeelcompensatie vergoedt. Op dit moment leiden bewoners al schade (immers: door hetgeen nu plaatsvindt, is verhuizen/bieden tip een ander huis geen optie, vanwege de onzekerheid). De besluitvorming rondom de opvanglocatie SEIN is op meerdere juridische gronden aanvechtbaar, waaronder: • • • • •
Onzorgvuldige voorbereiding Afwijking van beleid zonder deugdelijk motief Schending van participatiebeginsel Onevenredige benadeling van omwonenden Onvoldoende ondervangen planschaderisico
Wij verzoeken daarom het voorgenomen besluit te heroverwegen en op zoek te gaan naar een alternatieve locatie die beter aansluit op de vereisten van goede opvang en sneller te realiseren is.
VOS, reactie op antwoorden 10
BIJLAGE 1: Vraag en Antwoord Kleurcodering vanuit VOS met waardering antwoorden op vragenlijst omwonenden Groen:
Vraag is kort beantwoord, dat wil niet zeggen dat dit naar tevredenheid is.
Geel:
Niet serieus nemen zorgen bewoners, naïeve houding gemeente, geen oog algemeen antwoord met geen oog voor specifieke situatie
Blauw:
Er wordt verwezen naar Sweco rapport, zonder eigen inhoudelijke argumentatie
Roze:
Beantwoording is onvolledig of wordt vooruitgeschoven tot na keuze locatie.
Rood:
Geen antwoord op vraag
VOS, reactie op antwoorden 11
Bijlage 6.
Zojuist ook het via separate mail van ontvangen adres hieronder ingevoegd. Bijlage (6) bij de brief heb ik vervangen door deze e-mail. Met vriendelijke groet,