CConstaterende datHeemstede
Koppel je AI →
Document · PDF

15. Begroting 2026 ODIJmond ANONIEM.pdf

Gemeenteraad 2 oktober 2025, gemeente HeemstedeBij agendapunt: 11: Lijst ingekomen stukken21.343 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Van: Verzonden: Aan:

maandag 21 juli 2025 08:30

CC:

Onderwerp: Bijlagen:

15. Aanbiedingsbrief begroting 2026 Omgevingsdienst IJmond, inclusief reactie op zienswijzen Begroting 2026 Omgevingsdienst IJmond.pdf; 2025-07-18, Aanbiedingsbrief begroting 2026 en Nota van antwoord zienswijzen.pdf

Geachte leden van de gemeenteraad/Provinciale Staten & leden van het college/Gedeputeerde Staten, In april van dit jaar informeerden wij u over onze concept begroting 2026 Onze begroting lag ter inzage waarmee u in de gelegenheid was om hierop een zienswijze in te dienen. Al onze deelnemers agendeerden de concept begroting voor behandeling in de gemeenteraad/PS. In de vergadering van 9 juli 2025 stelde ons Algemeen Bestuur de begroting 2026 vast. Graag informeren wij u via onze aanbiedingsbrief over de zienswijzen die wij ontvingen en op welke manier wij daarmee aan de slag zijn gaan. Ook bieden wij u de vastgestelde begroting 2026 aan. Met deze e-mail bieden wij deze documenten ook ambtelijk aan, aan onze deelnemers. Als u nog vragen heeft, hoor ik dat graag. Met vriendelijke groet,

1

DISCLAIMER: Dit e-mailbericht is alleen bedoeld voor de geadresseerde(n). Ontvangt u dit emailbericht terwijl dit niet aan u gericht is? Neem contact op met de verzender. Aan dit e-mailbericht en eventuele bijlage(n) kunnen geen rechten worden ontleend. Ga voor meer informatie over Omgevingsdienst IJmond naar https://www.odijmond.nl

2

Aan: Leden van de gemeenteraden en Provinciale Staten Cc: Leden van de colleges /Gedeputeerde Staten Ambtelijke contactpersonen

Datum: 10 juli 2025 Betreft: Reactie zienswijzen concept begroting 2026 Omgevingsdienst IJmond

Geachte leden van de gemeenteraad en Provinciale Staten, In april van dit jaar informeerden wij u over onze concept begroting 2026. Het Dagelijks Bestuur Omgevingsdienst IJmond (ODIJmond) stelde u in de gelegenheid hierop een zienswijze in te dienen. Al onze deelnemers stemden in met onze concept begroting 2026. Via de verschillende zienswijzen ontvingen wij aandachtspunten, richtingen of verplichtingen voor het vervolgproces. In de vergadering van 9 juli stelde het Algemeen Bestuur de begroting 2026 vast. Om u actief te informeren, sturen wij u de vastgestelde begroting 2026 toe, alsook een overzicht met de ontvangen zienswijzen. Via onderstaande reactie zetten wij gebundeld uiteen op welke wijze wij alle zienswijzen appreciëren. Onder aan onze reactie leest u een overzicht van alle ingediende zienswijzen.

Reactie op zienswijze Financiële positie deelnemers De ingediende zienswijzen van de individuele deelnemers gaan voor een groot deel in op de zorgen rondom de financiële positie van de gemeenten. De financiële positie van gemeenten staat zwaar onder druk. Niet alleen in ons werkgebied, maar ook landelijk. Een stijging van de lasten vanuit de Gemeenschappelijke Regeling ODIJmond verhoudt zich lastig tot deze situatie. Een aantal deelnemers heeft ons verzocht scenario’s uit te werken waarbij wij rekening houden met een lagere gemeentelijke bijdrage met ingang van het begrotingsjaar 2026. Wij beschrijven dit verzoek ook in onze begroting 2026. Dit verzoek komt op hetzelfde moment dat wij in een proces zitten om onze organisatie operationeel en financieel in control te brengen en daarmee toekomstbestendig te maken. Parallel hieraan hebben wij ook oog voor de landelijke criteria waaraan omgevingsdiensten per 1 april 2026 dienen te voldoen. In onze begroting 2026 beschrijven wij het belang van de voortgang van het traject Toekomstbestendig ODIJmond. Daarmee ook de bestuurlijke afweging om – ondanks de verzoeken van deelnemers en in overeenstemming met de keuze van het bestuur – ook voor 2026 BEZOEKADRES BEZOEKADRES POSTADRES

Stationsplein 48b, 1948 LC Beverwijk Koetserstraat 2a, 1531 NX Wormer Postbus 325, 1940 AH Beverwijk

0251-263 863 info@odijmond.nl

www.odijmond.nl

nog eenmaal incidenteel extra middelen op te vragen. Wel hebben wij in onze begroting uiteengezet welke stappen wij hebben gezet om het kostenniveau voor incidentele middelen te dempen. Het bestuur van ODIJmond waardeert het dat een aantal deelnemers deze stap ook herkennen in onze begroting 2026. Met de middelen die voor 2026 beschikbaar worden gesteld, zijn wij in staat om de uitvoering op peil te houden en verder te werken aan de toekomstbestendigheid van de organisatie.

Basis op orde In april presenteerden wij de tussenresultaten van het programma Toekomstbestendig ODIJmond. Wij organiseerden daartoe een aantal regionale informatiesessies. Vanuit de tussenresultaten komt van de drie externe adviesbureau de aanbeveling om op de twee ontwikkellijnen (financiering en governance) de basis op orde te brengen. De financiële meerjarenprognose laat zien dat de organisatie zonder ingrijpen in 2027 een financieel te kort heeft van 1,7 mln. Met het op orde brengen van de basis herstellen wij de scheefgroei die is ontstaan tussen deelnemers, zijn wij in staat om achterstanden in de uitvoering in te lopen en op lange termijn op orde te houden en daarmee grip te houden op mogelijke risico’s binnen ons werkgebied. Belangrijk daarbij is dat wij als bestuur concluderen dat het op orde brengen van de basis een minimaal noodzakelijke stap is, die nu moet worden gezet. Op basis van de inzichten concluderen wij dat het eerdere beeld - de stap ‘basis op orde’ is bij samenwerking of fusie mogelijk kleiner - niet klopt. Inmiddels is duidelijk dat dit niet alleen in het scenario zelfstandig, maar ook in de scenario’s rond samenwerking of fusie een randvoorwaarde is.

Begroting 2027 Met de bestuurlijke keuze om de basis op orde te brengen en vast te houden aan de huidige gecontracteerde opdracht op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving kiest het bestuur expliciet voor het beschermen van de kwaliteit van de leefomgeving; de core-business van onze organisatie. Met de kadernota 2027 presenteren wij de financiële impact van de bestuurlijke keuzes die het Algemeen Bestuur maakte op 9 juli jl. De kadernota ligt aan de basis van de begroting 2027, die bij u langskomt voor uw zienswijze. Om u zorgvuldig mee te nemen in het proces informeren wij gemeenteraden en Provinciale Staten in augustus via een webinar en zullen wij, desgewenst, in september langsgaan bij de individuele raden. Wij presenteren dan de voortgang van het programma, uitgangspunten voor de actualisatie van de governance en financiële effecten van het herijken van het financiële volume; en de benodigde financiering om de balans tussen opdracht en middelen te herstellen. Dit is één van de stappen die wij zetten om u als raad zo transparant mogelijk te betrekken in het proces. Een nadrukkelijke wens die wij uit diverse zienswijzen ophaalden. Daarnaast zullen wij u, naast een zienswijze inzake onze begroting 2027, ook om een zienswijze vragen op de voorgestelde wijzigingen van onze GR.

Via de planning & control-cyclus zullen wij informatie bieden over de voortgang van de reguliere uitvoering.

2/9

Robuustheidscriteria We constateren, op basis van de zienswijze, dat de gemeenteraden en Provinciale Staten zien welke stappen wij zetten in het op orde brengen van de basis en daarmee bouwen aan een toekomstbestendige organisatie, maar ook welke stappen wij zetten om te voldoen aan de landelijk gestelde robuustheidseisen. Omdat het speelveld rondom de landelijke criteria in beweging is, is het lastig te voorspellen hoe het oordeel van IenW meebeweegt richting 1 april 2026. Wel waarderen wij het vertrouwen van onze deelnemers in de stappen die wij zetten. Om u als deelnemer aan onze Gemeenschappelijke Regeling te laten zien dat wij onverminderd toewerken naar het voldoen aan de robuustheidscriteria, maar ook onverminderd blijven zoeken naar mogelijkheden om de financieel impact van het op orde brengen van de basis te dempen, zullen wij als vervolgstap diverse toekomstscenario’s zorgvuldiger en diepgaander verkennen. Ook hierover informeren wij u in augustus en september.

Afsluitend Bij de behandeling van onze begrotingswijziging 2025 vorig jaar, ontvingen wij drie negatieve zienswijzen. Bij de behandeling van de begroting 2026 konden alle gemeenteraden instemmen, maar ontvingen wij wel aandachtspunten voor de toekomst. De drie negatieve zienswijzen, alsook de overige kritische kanttekeningen lieten de urgentie zien om afgelopen maanden hard te werken aan het programma ‘Toekomstbestendig ODIJmond’. Dat wij nu, bij de behandeling van de begroting 2026 geen negatieve zienswijzen ontvingen interpreteren wij als vertrouwen in het traject dat wij doorlopen en draagt eraan bij dat wij met evenveel urgentie en inzet toewerken naar het op orde brengen van de basis. Essentieel voor ons als organisatie, maar vooral voor u als opdrachtgever. Met vriendelijke groet,

Voorzitter Dagelijks Bestuur Omgevingsdienst IJmond

3/9

Beverwijk Zienswijze 1. De raad stemt in met de begroting 2026 (D-145098) van Omgevingsdienst IJmond met de volgende zienswijze: • De incidentele kosten zijn nodig om de dienstverlening op niveau te houden zoals is ingezet per 2025. Het structurele karakter van deze incidentele kosten moet transparant in verband worden gebracht met de bij de dienst belegde taken; • In de ontwerpbegroting staat dat de incidentele middelen ook structureel nodig zijn en dat de organisatie te klein is om de taken adequaat te kunnen uitvoeren. Beide zijn niet verwerkt in de meerjarenraming. De raad verwacht een realistischere meerjarenraming bij de volgende begroting op basis van de nieuwe financieringsopzet; • Omgevingsdienst IJmond is door het IBP-VTH vooralsnog als niet-robuust beoordeeld. De raad constateert dat de dienst alles in het werk stelt om zoveel mogelijk te voldoen aan de landelijke criteria voor een robuuste omgevingsdienst, maar de toekomst van de omgevingsdienst hangt uiteindelijk mede af van het definitieve oordeel van het ministerie; 2. In te stemmen met de zienswijze zoals verwoord in de brief (D-145104) en deze naar het dagelijks bestuur van Omgevingsdienst IJmond te sturen; 3. De gewijzigde bijdragen aan Omgevingsdienst IJmond voor 2026 op te nemen in de programmabegroting 2026.

Bloemendaal Zienswijze In de vergadering van 4 juli 2025 heeft de gemeenteraad conform voorstel besloten kennis te nemen van het Jaarverslag 2024 en de Jaarrekening 2024 van de Omgevingsdienst IJmond. Tevens is besloten geen zienswijze kenbaar te maken over de Ontwerpbegroting 2026 van de Omgevingsdienst IJmond. Edam-Volendam Zienswijze Namens de gemeenteraad van Edam-Volendam berichten wij u hierbij dat zij kennis hebben genomen van de ontwerp begroting 2026 van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond. Zij maken van de aan hen, op grond van artikel 35 lid 3 van de Wet gemeenschappelijke regeling, gegeven bevoegdheid gebruik tot het geven van een zienswijze op de ontwerp begrotingswijziging. Op 26 juni 2025 heeft de gemeenteraad besloten de volgende zienswijze te geven op de ontwerpbegroting van 2026 van de Omgevingsdienst IJmond. Hoewel de financiële situatie van de gemeenten nog altijd zorgwekkend is, kan de gemeenteraad in beginsel instemmen met de ontwerp begroting 2026, maar met een aantal zeer kritische kanttekeningen. Reeds in 2024 hebben een aantal wethouders Financiën uit de regio, waaronder de portefeuillehouder van Edam-Volendam, aan u een brief gezonden met het verzoek een bezuiniging van 5 % te realiseren, dit nu de gemeentelijke begrotingen zwaar onder druk staan.

In onze zienswijze op de begroting voor 2025 hebben wij reeds aangegeven dat wij van u verwachten dat er naar bezuinigingsmaatregelen wordt gekeken. Nu constateren wij dat, in weerwil van de bovengenoemde verzoeken, de bijdrage met ong. 5% is verhoogd. Daarnaast hebben wij u, in onze zienswijze d.d. 29 oktober 2024 (zie bijlage) tegen de begrotingswijziging 2025, op de hoogte gesteld van onze bezwaren tegen de incidentele bijdragen. In uw ontwerp begroting (op pagina 31) geeft u aan dat de meerjarenraming

4/9

aantoont dat de nu gevraagde incidentele middelen op termijn een structureel karakter zullen krijgen. Wij betreuren het achteraf des te meer dat onze veronderstelling ten aanzien van het feit dat de incidentele kosten structureel zijn geworden, waarheid is geworden. Wij vragen u enerzijds nogmaals expliciet en met klem aandacht het kostenniveau voor de incidentele middelen te dempen. Anderzijds begrijpen wij dat het proces om te komen tot een gedragen scenario bij de herontwikkeling van de dienst door moet gaan. De huidige situatie en onzekerheid rondom onze financiële toekomst vraagt om voorzichtigheid en enige terughoudendheid bij het aangaan van nieuwe verplichtingen en het maken van nieuwe plannen. Wij vertrouwen erop dat u uw verantwoordelijkheid neemt en balans weet te vinden in de beschikbare middelen en de benodigde uit te voeren taken. De gemeenteraad van EdamVolendam nodigt u van harte uit om een toelichting te geven over zowel de wettelijk (verplichte) taken en extra taken en bijbehorende financiën alsmede een doorkijkje te geven in de toekomstscenario’s ten aanzien van de doorontwikkeling van de Omgevingsdienst IJmond. Haarlem Zienswijze De raad van de gemeente Haarlem besluit: • Aan de ODIJ te kennen te geven dat de gemeente Haarlem geen bezwaren heeft tegen de vaststelling van de ontwerpbegroting 2026 van de ODIJ.

• In te stemmen met de incidentele extra bijdrage in 2026 van € 126.000 voor de uitvoering van de tweede fase van het Programma herijking GR, DVO en financieringsstructuur en het Plan van aanpak scenario’s voor de toekomstbestendige omgevingsdienst. • De incidentele bijdrage van € 126.000 in 2026 te verwerken in de programmabegroting 6.3 Heemskerk Zienswijze Aan de Omgevingsdienst IJmond kenbaar te maken dat de raad van Heemskerk kennis heeft genomen van het concept Jaarverslag 2024 en de concept Jaarrekening 2024 van de Omgevingsdienst IJmond • De raad van Heemskerk wenst een positieve zienswijze af te geven: o op de concept begroting 2026 van de Omgevingsdienst IJmond; o over de transparantie en de wijze waarop de Omgevingsdienst IJmond pro actief haar taken op pakt; o over de manier waarop de Omgevingsdienst IJmond aan de slag is met de opgave om te komen tot een robuuste Omgevingsdienst. En spreekt tegelijkertijd zijn steun uit voor het traject wat op dit moment gevolgd wordt. • De raad van Heemskerk spreekt zijn zorg uit over: o de robuustheid van de Omgevingsdienst IJmond; o de achterstanden in de werkzaamheden; o de financiering in relatie tot de financiële situatie van de gemeente; o het werk wat nog gedaan moet worden om te komen tot een robuuste Omgevingsdienst.

Deze zienswijze met bijgevoegde brief aan het dagelijks bestuur van Omgevingsdienst IJmond kenbaar te maken.

5/9

Landsmeer Zienswijze In de vergadering van 26 juni 2025 heeft de raad de volgende zienswijze vastgesteld.: Financiële context De financiële positie van gemeenten blijft gespannen. De incidentele ruimte uit de Voorjaarsnota 2025 verzacht het structurele tekort slechts beperkt. Dit kader is mede bepalend voor onze beoordeling van de begroting 2026. Bezuinigingsopgave en doorontwikkeling U geeft aan dat een aanvullende generieke bezuiniging in 2026 de voortgang van het doorontwikkelingstraject zou belemmeren. De gemeenteraad onderstreept het belang van een zorgvuldig verloop van deze herijking van governance en financiering. Tegelijkertijd hechten wij aan een slagvaardige en doelmatige bedrijfsvoering. Wij verzoeken het Algemeen Bestuur dan ook de mogelijkheden voor kostenbeheersing blijvend te verkennen en eventuele financiële ruimte primair in te zetten voor het beperken van de jaarlijkse lasten voor de deelnemende gemeenten. Wij waarderen in dit verband de reactie op de ingediende zienswijzen van 10 januari 2025 en de nadere toelichting in de memo van april 2025, die inzicht geven in de reeds getroffen maatregelen en de verdere planning. Verwachtingen 1. Halfjaarlijks rapporteren over de voortgang van het doorontwikkelingstraject en de structurele financiële effecten. 2. Colleges en raden tijdig betrekken bij besluiten met significante financiële of bestuurlijke consequenties.

Slot De aanhoudende onzekerheid over de gemeentelijke financiën vraagt om behoedzaamheid bij het aangaan van nieuwe verplichtingen. Wij vertrouwen erop dat wij gezamenlijk blijven streven naar een evenwichtige balans tussen kwaliteit, effectiviteit en betaalbaarheid. Oostzaan Zienswijze In de vergadering van 12 juni 2025 heeft de gemeenteraad conform voorstel kennis genomen van het Jaarverslag 2024 en de Jaarrekening 2024 van Omgevingsdienst IJmond en besloten als zienswijzen kenbaar te maken dat de raad kan instemmen met de Ontwerp Begroting 2026 van Omgevingsdienst IJmond met dien verstande dat de gemeenteraad van Oostzaan zich zorgen maakt over de in de Ontwerp Begroting vermelde stijgende gemeentelijke bijdrage aan de ODIJ. Het is belangrijk dat de gemeentelijke bijdrage aan de ODIJ in balans blijft met de financiële situatie van de gemeente Oostzaan. Purmerend Zienswijze In de vergadering van 26 juni 2025 heeft de gemeenteraad besloten om de volgende zienswijze te geven op de ontwerpbegroting 2026 van Omgevingsdienst IJmond: De financiële situatie van de gemeenten is nog steeds zorgwekkend. Hoewel de voorjaarsnota van het rijk incidenteel enige verlichting biedt om de stijgende jeugdzorgkosten op te vangen, is er nog steeds sprake van een ravijn/financieel risico in onze meerjarige begrotingscijfers. Dit

6/9

blijft iets dat om een oplossing vraagt hetgeen meespeelt bij de zienswijze die de gemeente geeft. In uw begroting geeft u aan dat u voor 2026 nog niet kan voldoen aan de bezuinigingsvraag zoals door de gemeenten gevraagd, omdat dat ten koste gaat van de voortgang van het traject doorontwikkeling ODIJmond. U streeft ernaar via deze begroting met een financiële staat te laten zien welke stappen u heeft gezet om het kostenniveau voor incidentele middelen te dempen. De gemeenteraad van Purmerend vraagt u echter niet de aandacht voor mogelijke kostenbesparingen op de korte termijn te laten verslappen. Tevens vraagt de raad voor de komende jaren scenario’s uit te werken met een lagere gemeentelijke bijdrage van 2% taakstellend te verwerken in de begroting 2026. Mocht dit voor 2026 echt onmogelijk blijken te zijn dan verzoeken we u deze besparing in ieder geval op te nemen in de volgende kadernota. Naast het realiseren van 2% in de komende jaren blijft de gemeenteraad uw inspanning vragen voor de 5% lagere bijdrage en deze in ieder geval te realiseren voor eind 2029. Ook verwachten wij dat u bij de scenario’s aandacht besteedt aan uw bedrijfsvoering. De huidige situatie en de onzekerheid rondom onze financiële toekomst vraagt om behoedzaamheid en voorzichtigheid bij het aangaan van nieuwe verplichtingen en het maken van nieuwe plannen.

Wij vertrouwen er op dat we samen onze verantwoordelijkheid nemen om een (nieuwe) balans te (blijven) vinden tussen de beschikbare middelen en de benodigde taken. Uitgeest Zienswijze De gemeenteraad van Uitgeest geeft een positieve zienswijze af ten aanzien van de Begroting 2026 van de Omgevingsdienst IJmond, met inachtneming van de aangenomen motie van de raad d.d. 09-11-2023 dat tegenvallers primair moeten worden opgevangen in de eigen begroting van de desbetreffende gemeenschappelijke regeling. Velsen Zienswijze Op 15 april 2025 ontvingen wij van u de jaarstukken 2024 en de begroting 2026. De stukken zijn op 26 juni 2025 door de gemeenteraad behandeld. De gemeenteraad heeft in haar vergadering: 1. kennis genomen van de jaarstukken 2024; 2. ingestemd met de ontwerpbegroting 2026. De raad heeft bij de ontwerpbegroting 2026 wel een aantal kanttekeningen. Deze hebben een relatie tot de bezuinigingsopgave van de gemeente Velsen en de bijdrage aan en de doorontwikkeling van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond (ODIJmond). De gevraagde bijdrage van Velsen voor 2026 is hoger dan de reservering op onze Begroting De gevraagde noodzakelijke incidentele middelen vallen grotendeels buiten de reservering op onze begroting. We gaan proberen om de gevraagde dekking via een begrotingswijziging te reserveren.

Op voorhand geven we daarbij aan dat daarvoor heel beperkt ruimte is. Motie ‘Samen Slim Bezuinigen: Bezuinigingsstrategie voor Gemeenschappelijke Regelingen en Verbonden Partijen’ Wij verzoeken u bezuinigingsmaatregelen, voor zover deze nog realistisch en uitvoerbaar zijn, door te voeren voor 2026. Daarnaast verzoeken wij u in de Kadernota 2027

7/9

bezuinigingsvoorstellen te doen. Wij merken daarbij op dat ODIJmond de bezuinigingsopgave van gemeenten serieus neemt. Bijvoorbeeld door uitgebreid inhoudelijk te reageren op de brief van gemeente Velsen met onderwerp ‘bezuinigingen vanaf 2026’. Verder zien we dat in de ontwerpbegroting 2026 bezuinigingen diepgaand worden besproken en uitgevoerd waar mogelijk, zoals het terugbrengen van de opgevraagde incidentele middelen in 2026 met 50%. De resultaten van de (nog lopende) financiële herijking zijn nog niet in de ontwerpbegroting verwerkt In de ontwerpbegroting staat aangegeven dat 2026 een transitiejaar is. De meerjarenraming is gebaseerd op een indexatie. Ontwikkelingen met een meerjarige impact worden doorgeschoven naar de Kadernota 2027. U geeft aan dat er nog voor de zomer een herijking van de financieringsstructuur van de gemeenschappelijke regeling wordt voorgesteld aan het bestuur. Dit is niet meegenomen in de ontwerpbegroting. Gezien het financieel zware weer dat op onze gemeente afkomt, zullen we met elkaar in gesprek moeten blijven om het evenwicht tussen ambitie, opdracht en (financiële) capaciteit te vinden binnen de financiële mogelijkheden van de deelnemers aan de gemeenschappelijke regeling.

De doorontwikkeling van de gemeenschappelijke regeling vraagt om een actieve rol van de gemeenteraden Onze raad heeft de wens om nauw betrokken te worden bij de doorontwikkeling van de gemeenschappelijke regeling en de keuzen die gemaakt worden in het kader van de toekomst van Omgevingsdienst IJmond. Zowel gezien het belang dat onze raad hecht aan een gezonde leefomgeving als de financiële problematiek van de gemeente. Onze raad verzoekt uw bestuur daarom de directeur van Omgevingsdienst IJmond opdracht te geven de raad blijvend te informeren en de mogelijkheid te bieden richtinggevende input te geven. Waterland Zienswijze In de vergadering van 19 juni 2025 heeft de gemeenteraad conform voorstel kennis genomen van het concept Jaarverslag 2024 en de concept Jaarrekening 2024 van Omgevingsdienst IJmond. In uw begroting geeft u aan dat u voor 2026 nog niet kan voldoen aan de bezuinigingsvraag zoals door de gemeenten gevraagd, omdat dat ten koste gaat van de voortgang van ons traject doorontwikkeling OD IJmond. U streeft ernaar via deze begroting met een financiële staat te laten zien welke stappen u heeft gezet om het kostenniveau voor incidentele middelen te dempen.

De gemeenteraad van Waterland vraagt u om echter niet de aandacht voor mogelijke kostenbesparingen op de korte termijn te laten verslappen en voor de komende jaren scenario’s uit te werken met een lagere gemeentelijke bijdrage van 5% en de eerste resultaten hiervan te verwerken in de begroting 2026. We verzoeken u dat u zich inzet om de gevraagde 5% besparingen voor de periode 2026-2029 te realiseren. We verwachten hier in de komende Kadernota van uw organisatie nadere concretisering van te krijgen indien de gevraagde 5% in de begroting 2026 niet geheel mogelijk blijkt te zijn. Ook verwachten wij dat u bij de scenario’s aandacht besteedt aan uw bedrijfsvoering. De huidige situatie en de onzekerheid rondom onze financiële toekomst vraagt om behoedzaamheid en voorzichtigheid bij het aangaan van nieuwe verplichtingen en het maken van nieuwe plannen. Wij

8/9

vertrouwen er op dat we samen onze verantwoordelijkheid nemen om een (nieuwe) balans te (blijven) vinden tussen de beschikbare middelen en de benodigde taken. Wormerland Zienswijze In de vergadering van 10 juni 2025 heeft de gemeenteraad conform voorstel kennis genomen van het Jaarverslag 2024 en de Jaarrekening 2024 van Omgevingsdienst IJmond en besloten als zienswijzen kenbaar te maken dat de raad kan instemmen met de Ontwerp Begroting 2026 van Omgevingsdienst IJmond met dien verstande dat de gemeenteraad van Wormerland zich zorgen maakt over de in de Ontwerp Begroting vermelde stijgende gemeentelijke bijdrage aan de ODIJ. De financiële situatie van de gemeenten is nog steeds zorgwekkend. Hoewel de voorjaarsnota van het rijk incidenteel enige verlichting biedt om de stijgende jeugdzorgkosten op te vangen, is er nog steeds sprake van een ravijn/financieel risico in onze meerjarige begrotingscijfers. Dit blijft iets dat om een oplossing vraagt hetgeen meespeelt bij de zienswijze van de gemeente afgeeft. In uw begroting geeft u aan dat u voor 2026 nog niet kan voldoen aan de bezuinigingsvraag zoals door de gemeenten gevraagd, omdat dat ten koste gaat van de voortgang van ons traject doorontwikkeling ODIJmond. U streeft ernaar via deze begroting met een financiële staat te laten zien welke stappen u heeft gezet om het kostenniveau voor incidentele middelen te dempen.

De gemeenteraad van Wormerland vraagt u om echter niet de aandacht voor mogelijke kostenbesparingen op de korte termijn te laten verslappen en voor de komende jaren scenario’s uit te werken met een lagere gemeentelijke bijdrage van 5% en de eerste resultaten hiervan te verwerken in de begroting 2026. We verzoeken u dat u zich inzet om de gevraagde 5% besparingen voor de periode 2026-2029 te realiseren. We verwachten hier in de komende Kadernota van uw organisatie nadere concretisering van te krijgen indien de gevraagde 5% in de begroting 2026 niet geheel mogelijk blijkt te zijn. Ook verwachten wij dat u bij de scenario’s aandacht besteed aan uw bedrijfsvoering. De huidige situatie en de onzekerheid rondom onze financiële toekomst vraagt om behoedzaamheid en voorzichtigheid bij het aangaan van nieuwe verplichtingen en het maken van nieuwe plannen. Wij vertrouwen erop dat we samen onze verantwoordelijkheid nemen om een (nieuwe) balans te (blijven) vinden tussen de beschikbare middelen en de benodigde taken. Zandvoort Zienswijze De raad van de gemeente Zandvoort, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders, besluit: • Als zienswijze naar voren te brengen bij het Dagelijks Bestuur van de Omgevingsdienst IJmond dat de raad geen wensen of bedenkingen heeft bij de Ontwerpbegroting 2026 van Omgevingsdienst IJmond.

Provincie Noord-Holland Zienswijze Provinciale Staten stemt in met de concept begroting 2026.

9/9

Begroting 2026 Omgevingsdienst IJmond

Inhoud 1

Inleiding ...................................................................................................................... 1 1.1 Landelijke ontwikkelingen & onze opgave ................................................................... 2

2

Ontwikkelingen omgevingsdiensten ............................................................................ 4 2.1 (Externe) ontwikkelingen .......................................................................................... 4

3

Opzet en opbouw begroting 2026 ................................................................................ 7 3.1 Deel 1 – Begroting 2026 | regulier ....................................................................... 7 3.1.1 Uitgangspunten voor de berekening van het uurtarief ......................................... 7 3.1.2 Kosten personeel, CAO-ontwikkelingen en prijsontwikkelingen ............................. 7 3.1.3 Ramingen voor begrotingsaanpassingen 2026 ................................................. 10 3.2 Deel 2 – Begroting 2026 | incidentele bijdrage ................................................... 11 3.2.1 Toelichting incidentele lasten ......................................................................... 12 3.3 Planning- & Control ................................................................................................ 14

4

Wijze van financieren ................................................................................................ 15 4.1 Verdeelsleutel berekening deelnemersbijdrage 2026 .................................................. 15 4.1.1 Tarief ......................................................................................................... 16 4.1.2 Financieel beleid .......................................................................................... 16

5

Verplichte paragrafen ................................................................................................ 17 5.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ................................................................. 17 5.2 Uitgangspunten en aanpak benodigde weerstandscapaciteit ........................................ 17 5.3 Benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit ........................................................ 18 5.4 Beoordeling weerstandsvermogen ............................................................................ 20 5.5 Conclusie weerstandsvermogen ............................................................................... 20 5.6 Financiële kengetallen ............................................................................................ 21 5.7 Onderhoud kapitaalgoederen................................................................................... 22 5.8 Treasury/financiering ............................................................................................. 23 5.9 Verbonden partijen ................................................................................................ 23 5.10 Wet Open Overheid ................................................................................................ 24

6

Financiële begroting | inclusief overhead .................................................................. 25

7

Financiële positie ....................................................................................................... 29 7.1 Geprognotiseerde balans ........................................................................................ 29 7.2 EMU-saldo ............................................................................................................ 30

8

Meerjarenraming ....................................................................................................... 31

9

Bijlage I - Financiële bijlage ...................................................................................... 33 9.1 Formatie overzicht ................................................................................................. 33 9.2 Specificatie overhead ............................................................................................. 33 9.3 Stemverhoudingen................................................................................................. 33 9.4 Verbonden partijen ................................................................................................ 34

9.5 Verdeelsleutel incidentele bijdrage ........................................................................... 35 9.6 Overzicht van dienstverleningsovereenkomsten en projectenbijdragen per deelnemer ............................................................................................................ 36 10 Bijlage II - Vergelijking: stappen van begrotingswijziging 2025 naar kadernota 2026 .......................................................................................................................... 41 11 Bijlage III - Voortgang financiële aanpak en toekomstvisie ...................................... 42 11.1 Terugblik – analyse ................................................................................................ 42 11.2 Terugblik – aanpak ................................................................................................ 43 11.3 Aanpak & voortgang .............................................................................................. 46 11.4 Aansturing van de onderdelen ................................................................................. 46 11.5 Voortgang meerjarenprogramma ............................................................................. 47 11.6 Positie deelnemers .................................................................................................

51 11.7 Conclusie .............................................................................................................. 52 11.8 Financiële verantwoording ...................................................................................... 52

1 Inleiding Deze begroting 2026 biedt een overzicht van de financiële kaders en prioriteiten van Omgevingsdienst IJmond (hierna: ODIJmond) met als doel een effectieve en efficiënte uitvoering van onze taken in lijn met onze strategische doelstellingen. De begroting 2026 maakt onderdeel uit van een meerjarig traject om de organisatie operationeel en financieel in controle te brengen. In dit traject werken wij samen met onze deelnemers om de organisatie toekomstbestendig te maken voor de huidige én toekomstige opgave. Tegelijkertijd pakken we de achterstanden in de uitvoering van de wettelijke taken aan die de afgelopen jaren zijn ontstaan en we actualiseren het juridische en financiële kader (programma GR, DVO en financieringsstructuur) tussen de organisatie en haar deelnemers. Middelen voor korte en lange termijn Het Algemeen Bestuur (hierna: AB) van ODIJmond heeft in 2024 aanleiding gezien om een verdiepende analyse te laten uitvoeren waar de organisatie staat. Dit resulteerde in de rapportage ‘Twee zijden van de medaille’ en een begrotingswijziging 20251. Hierin zijn de uitkomsten van deze analyse, oplossingsrichtingen en de benodigde middelen toegelicht aan het bestuur van ODIJmond.

Het AB besloot een proces te starten om de organisatie toekomstbestendig door te ontwikkelen en besloot daarvoor bij haar deelnemers voor de jaren 2024, 2025 en 2026 incidentele middelen op te vragen. Zij stelde hiervoor de begrotingswijziging 2025 op. De incidentele middelen voor 2026 vraagt het bestuur op via deze begroting. Dit ziet het bestuur als de korte termijn. Met dit traject werkt het bestuur aan keuzes voor de lange termijn (vanaf 1 januari 2027). De eventuele middelen die voor de lange termijn structureel noodzakelijk zijn, zullen worden opgenomen in de Kadernota 2027. Met de begroting 2026 vraagt het bestuur daarmee het tweede gedeelte van deze incidentele middelen op bij de deelnemers. Met dit document lichten wij dit verzoek toe, doordat wij u inzicht geven in; •

de voortgang van het programma GR, DVO en financieringsstructuur

•

de eerst stap op de inhaalslag

•

het onderzoek naar de toekomstscenario’s

•

de vervolgstappen en de wijze waarop de raden en staten betrokken worden.

In bijlage II nemen wij u mee in de voortgang en planning van deze bovenstaande punten. Financiële positie gemeenten Het bestuur vindt het belangrijk om al vroeg in dit document stil te staan bij de financiële positie van de diverse deelnemers in ons werkgebied. Zij hebben komende jaren te maken met stevige financiële uitdagingen. Deze opgave is aanleiding geweest om aan ons te verzoeken scenario’s uit te werken waarbij wij rekening houden met een lagere gemeentelijke bijdrage met ingang van het begrotingsjaar 2026. Dit verzoek komt op hetzelfde moment dat wij in een proces zitten om onze organisatie enerzijds operationeel en financieel in controle te brengen, anderzijds stappen te zetten

1 https://www.odijmond.nl/publish/pages/147/begrotingswijziging_2025_omgevingsdienst_ijmond_1.pdf

Begroting 2026

1

om onze organisatie toekomstbestendig te maken, waarbij wij ook oog hebben voor de landelijke criteria waaraan omgevingsdiensten per 1 april 2026 dienen te voldoen. Hoewel wij voor 2026 nog niet kunnen voldoen aan de bezuinigingsvraag vanuit onze deelnemers, omdat dat ten koste gaat van de voortgang van ons traject doorontwikkeling ODIJmond, streven wij ernaar via deze begroting met een financiële staat te laten zien welke stappen wij hebben gezet om het kostenniveau voor incidentele middelen te dempen. Via de zienswijzen op onze begrotingswijziging 2025 verzochten onze deelnemers om tegenvallers primair waar mogelijk op te vangen in de eigen begroting. In lijn van dit verzoek zetten wij ons in om de noodzakelijke incidentele bijdrage zoveel mogelijk te dempen. Deze inspanning zorgt voor grofweg een halvering van de gevraagde middelen, dit staat beschreven hoofdstuk 10 (bijlage II) van deze begroting. Deze aanpak zorgt ervoor dat we de financiële impact voor de deelnemers - waar mogelijk - beperken, terwijl we onze uitvoering op peil kunnen houden. Hiermee zorgen we voor het benodigde inzicht voor onze deelnemers om keuzes te kunnen maken voor de langere termijn.

1.1 Landelijke ontwikkelingen & onze opgave In dit hoofdstuk geven wij een samenvatting van de aanleiding van ons traject doorontwikkeling ODIJmond. Voor de uitgebreide toelichting verwijzen naar de begrotingswijziging 2025. De opgave voor omgevingsdiensten verandert sterk. Er ontstaat meer zicht op de impact van menselijk handelen op milieu en gezondheid, waardoor nieuwe thema’s ontstaan en bestaande thema’s verdiepen. Met de komst van de Omgevingswet veranderde voor omgevingsdiensten het wettelijk kader onder vrijwel alle taken. Om de keten van vergunningverlening, toezicht en handhaving te versterken, wordt op landelijk niveau sinds 2022 gewerkt aan criteria om het functioneren van omgevingsdiensten te objectiveren2. Ten aanzien van deze criteria is ODIJmond in de huidige vorm niet robuust en heeft in de huidige situatie niet de omvang om alle nieuwe taakvelden zelfstandig op te kunnen pakken. Verdiepende analyse Ons bestuur verzocht ons om een verdiepende analyses op te stellen om een volledig beeld te krijgen van de positie van de organisatie in de uitvoering van haar opdracht. Zo krijgen we inzicht in de noodzakelijke stappen om toekomstbestendig te worden. Bij het opstellen van deze analyse is ODIJmond ondersteund door externe adviesbureaus.

Vanuit deze verdiepende analyse ontstond het beeld dat de organisatie enerzijds te sterk steunt op incidentele middelen en anderzijds dat het juridisch kader, de governance én de financieringsstructuur op belangrijke onderdelen niet is geactualiseerd en daarmee niet meer aansluit op de huidige situatie. Verder kwam uit de analyse dat de opdracht en middelen al meerjarig uit balans zijn, waardoor de organisatie qua middelen en capaciteit niet in staat is om de gehele opdracht uit te voeren. We constateerden dat hier tussen de deelnemers en de organisatie geen gemeenschappelijk beeld bij was. De huidige wijze waarop managementtaken en de centrale 2 https://iplo.nl/regelgeving/instrumenten/vergunningverlening-toezicht-handhaving/kwaliteitscriteria-

vergunningverlening-toezicht/

Begroting 2026

2

sturing zijn geborgd zijn onvoldoende om medewerkers goed te kunnen ondersteunen bij het uitvoeren van de opdracht. Daarnaast is er is sprake van een verdringingseffect in de uitvoering van taken. De uitvoering van nieuwe taken, zoals de implementatie van de Omgevingswet en de prioritering van ondermijning, is ten koste gegaan van de uitvoering van de wettelijke taken op het gebied van toezicht, handhaving en vergunningverlening. In de praktijk betekent dit dat er geen goed zicht is op de werkelijke situatie buiten, maar heeft ook geresulteerd in een achterstand in de gecontracteerde opdracht. Dit effect wordt veroorzaakt door een gebrek aan sturing op de opdracht en het onvoldoende goed koppelen van de opdracht en nieuwe taken aan middelen. Vanuit de aanbevelingen van een extern adviesbureau komt naar voren dat het, zonder versterking van de VTH-taken via een formatieuitbreiding, niet mogelijk is om achterstanden binnen de VTH-taken in te lopen en zodoende milieurisico’s te beperken en voorkomen. Hoewel de financiële situatie van de organisatie op orde lijkt, is dit niet het geval. De omvang van de incidentele middelen is verhoudingsgewijs te groot. Evenals het aantal vaste contracten dat gefinancierd wordt uit incidentele middelen. Het positieve resultaat over voorgaande jaren is gerealiseerd door werkzaamheden niet uit te voeren en oneigenlijk rendement te maken.

Als je dit normaliseert is het resultaat direct negatief. Oplossingsrichting (korte en lange termijn) Onze opdrachtgevers zijn tevreden over de kwaliteit, flexibiliteit en mate van klantgerichtheid waarmee de dienst opereert. Dit ontstaat omdat de werkzaamheden die wel worden uitgevoerd kwalitatief goed zijn en de belangrijkste klantvragen met voorrang worden opgepakt. Echter is er onvoldoende zicht op de totale opdracht en de werkzaamheden die de dienst niet uitvoert of kan uitvoeren. Onze deelnemers hebben aangegeven de huidige situatie te willen aanpakken maar ook kritisch te kijken naar wat de beste oplossingsrichting is voor de taakuitvoering op de lange termijn. Gezien de veranderende opgaven, context en stappen die de organisatie moet zetten richting de toekomst willen de deelnemers vanuit inzicht keuzes maken. Korte termijn (tot 1 januari 2027): •

Gericht op het uitvoeren van beheersmaatregelen op de achterstanden op de uitvoering van wettelijke taken.

•

Verbeteren van de centrale sturing op de opgaven.

•

Het actualiseren van de GR, DVO en financieringsstructuur (inclusief governance) én het extern laten ontwikkelen van scenario’s richting de toekomst.

Lange termijn (vanaf 1 januari 2027): •

Maken van bestuurlijke keuzes op basis van inzicht in de opgaven en kosten, zodat de uitvoering van de taken naar de toekomst toe geborgd zijn. Keuzes betreffende de lange termijn dienen te worden gemaakt voor 1 januari 2027.

Begroting 2026

3

2 Ontwikkelingen omgevingsdiensten 2.1 (Externe) ontwikkelingen Speelveld omgevingsdiensten verandert Afgelopen jaar hebben wij op verschillende momenten op ambtelijk en bestuurlijk niveau met onze deelnemers stilgestaan bij onze veranderde opgave. Bedrijven hebben een impact op de kwaliteit van de leefomgeving en daarmee op de gezondheid van de inwoners. De kennis van deze impact neemt toe. Ook is het steeds beter mogelijk om de impact te meten en te duiden, waardoor deze tastbaarder en zichtbaarder wordt. Het werkveld van omgevingsdiensten verbreedt. Aan de ene kant door het ontstaan van nieuwe thema’s en aan de andere kant door verdieping van bestaande thema’s. Zoals de energietransitie, stikstof, zeer zorgwekkende stoffen en de Kaderrichtlijn Water (indirecte lozingen). Ook worden opgaven steeds complexer waardoor de opgaven voor omgevingsdiensten steeds vaker van lokaal naar regionaal of provinciaal niveau verschuiven. Als laatste belangrijke ontwikkeling geldt dat omgevingsdiensten landelijk de ambitie hebben om meer datagericht te werken. Risicogericht- en informatie gestuurd handhaven moet naar de toekomst toe een belangrijke onderlegger worden voor de uitvoering van de VTH-taken. Om dit effectief te maken vraagt dit inzet van alle partijen in de VTH-keten, maar ook van andere overheden.

Door data op een uniforme wijze te registeren en uitwisselbaar te maken tussen partijen neemt de kwaliteit van analyses toe en kan de beschikbare capaciteit zo efficiënt mogelijk worden ingezet. Dit is een belangrijke ontwikkeling waarin omgevingsdiensten landelijk samen optrekken. Ook ODIJmond sorteert hierop voor door, aansluitend op de landelijke criteria, in te zetten op data-analyse. Samenwerking provinciaal en landelijk De veranderende opgaven vragen om een andere aanpak. Per thema bepalen we gericht of we dit zelfstandig oppakken, samenwerken op provinciaal niveau of aansluiten bij landelijke initiatieven. In 2024 is een start gemaakt met de professionalisering van de ODNL-vereniging. ODNL groeit door naar een vereniging van omgevingsdiensten, waarin kennisplatforms, een opleidingsacademie en datagericht werken op landelijk niveau worden georganiseerd. Dit ontsluit specifieke kennis, zodat individuele diensten dit niet meer zelf hoeven te regelen én zorgt voor de ontwikkeling van landelijke standaarden die diensten kunnen implementeren. Daarnaast benutten we schaalvoordelen, bijvoorbeeld door gezamenlijk met alle diensten opleidingen in te kopen. Een andere belangrijke samenwerking vindt plaats op provinciaal niveau.

In de 'Samenwerkingsagenda 2022-2024' van de vier Noord-Hollandse omgevingsdiensten is afgesproken om toe te werken naar een gezamenlijke strategie gericht op een gelijk speelveld voor inwoners, bedrijven en overheden. In 2025 geven wij hier een vervolg aan door onze samenwerkingsagenda te actualiseren. Daarnaast benoemen we ook onderwerpen die we echt gezamenlijk gaan uitvoeren, bijvoorbeeld door dat een van de diensten de uitvoering oppakt en/of taken dienen in gezamenlijkheid uitvoeren. Vanuit ODIJmond zien we dit als een belangrijke stap richting een toekomstbestendige uitvoering.

Begroting 2026

4

Versterking vergunningen, toezicht en handhaving Omgevingsdiensten hebben een belangrijke positie in het beschermen en verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving. Daarmee is er momenteel veel aandacht voor het functioneren van omgevingsdiensten en het versterken van de keten vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH). In het rapport; ‘Om de leefomgeving, Omgevingsdiensten als gangmaker voor het bestuur3’ van de Commissie Van Aartsen (2021) staat een aantal stevige aanbevelingen die zijn omgezet in landelijke (kwaliteit en robuustheid)criteria, waaraan omgevingsdiensten moeten gaan voldoen. Om uitvoering te geven aan de aanbevelingen vanuit dat rapport startte het ministerie van IenW het Interbestuurlijk Programma Versterking-VTH (IBP-VTH). Het programma kende zes pijlers waaruit alle omgevingsdiensten in Nederland gezamenlijk meerdere producten ontwikkeld hebben die bijdragen aan het verbeteren van de kwaliteit in de uitvoering, het versterken van het gelijke speelveld en uniformering van de wijze waarop omgevingsdiensten de taken uitvoeren. In september 2024 is het programma afgerond en heeft ODIJmond een start gemaakt met het implementeren van de producten uit het IPB-VTH. In onze voortgangsrapportages in 2025 houden we u op de hoogte van welke stappen er zijn al gezet.

Bestuurlijk toekomstbeeld ODIJmond Voldoen aan de landelijke criteria betekent dat een dienst in staat is de opgedragen taken zo uit te voeren dat ze bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving (bescherming bewoners), het voorkomen van (vermijdbare) milieuschade en het aanpakken van de (milieu)problemen. In 2025 voldeden slechts twee van de 28 omgevingsdiensten aan de criteria. Voor de andere diensten ligt er een opgave om hier voor 1 april 2026 aan te gaan voldoen. In de huidige situatie voldoet ODIJmond als kleine dienst aan meerdere eisen niet. Via een plan van aanpak beschreef elke omgevingsdienst de noodzakelijke stappen om te kunnen gaan voldoen. In ons plan van aanpak, dat het bestuur opstelde, spreekt ons bestuur de ambitie uit om te komen tot een toekomstbestendige organisatie. Gedurende 2024 en 2025 onderzoekt het bestuur, ondersteund door adviesbureau Galan Groep, langs welke route ODIJmond toekomstbestendig kan worden. Daarbij wordt ook gekeken naar de kansen van verregaande regionale samenwerking en fusie. Omgevingswet en advisering voor onze deelnemers In 2024 zijn wij gestart met werken onder de Omgevingswet4. Het eerste jaar stond vooral in het teken van het leren werken vanuit de nieuwe wetgeving en de werkwijze, processen en systemen hiervoor inrichten. Voor ons lag de focus in de eerste plaats op de VTH-taken voor bouw en milieu.

In het tweede gedeelte van het jaar zijn we ook met advisering aan de slag gegaan. Onze deelnemers maken gebruik van de bruidsschat5 maar zullen deze gefaseerd gaat omzetten naar omgevingsvisie en omgevingsplannen. Wij ondersteunen onze deelnemers in dit proces voor de milieuthema’s maar zien ook een nadrukkelijke kans om breder te ondersteunen bij het

3 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2021/03/04/rapport-om-de-leefomgeving-omgevingsdiensten-

als-gangmaker-voor-het-bestuur

4 https://www.raadvanstate.nl/omgevingswet/ 5 https://vng.nl/artikelen/de-bruidsschat

Begroting 2026

5

opstellen van deze plannen. Niet alleen opdat wij de inhoudelijke- en gebiedskennis hebben maar ook om waar mogelijk te streven naar uniformiteit. Een andere belangrijke ontwikkeling is de ruimtelijke advisering. Vanuit de nieuwe wetgeving en het maatschappelijke belang om de transitie opgaven op het gebied van onder andere energie en circulariteit te realiseren, komen er complexe ruimtelijke puzzels op onze regio af. Denk hierbij aan de mogelijke realisatie van de Energiehaven, wind op zee, netcongestie of vloeibaar gas of waterstof als alternatieve energiebron. Zowel vanuit ruimtelijke advisering als VTH gaan deze onderwerpen veel vragen van onze deelnemers en de omgevingsdienst. Wij voeren momenteel al gesprekken met al onze deelnemers om met elkaar de voorbereiden te starten.

Begroting 2026

6

3 Opzet en opbouw begroting 2026 De begroting 2026 is opgebouwd in dezelfde lijn als de Kadernota 2026. De opzet en opbouw wijkt af van onze voorgaande begrotingen. We splitsen deze begroting in twee delen; -

een regulier deel waarin indexeringen en onvermijdbare structurele lasten worden berekend en de bijdrage worden berekend op basis van de afspraken in de huidige gemeenschappelijke regeling en dienstverleningsovereenkomsten;

-

een incidenteel deel, waarin de beschreven incidentele middelen voor 2026 worden aangevraagd, deze zijn als aparte bijdrage gepresenteerd in hoofdstuk 6.

3.1 Deel 1 – Begroting 2026 | regulier In deze begroting nemen wij geen ontwikkelingen op die onderdeel zijn van het lopende proces om onze organisatie toekomstbestendig door te ontwikkelen, waaronder de herijking van onze GR en financieringsstructuur. Ook maken we geen keuzes die vooruitlopen op het onderzoek naar toekomstscenario’s. Dit zorgt ervoor dat het reguliere gedeelte van deze begroting zowel inhoudelijk als financieel beperkt is. In de praktijk betekent dit dat we ontwikkelingen met een meerjarige impact (en dus ook het eventuele financiële effect) doorschuiven richting de kadernota 2027. In dit deel schetsen we wel de belangrijkste ontwikkelingen en vragen we noodzakelijke, structurele middelen. 3.1.1 Uitgangspunten voor de berekening van het uurtarief Voor het begrotingsjaar 2026 formuleerden wij een aantal uitgangspunten. 1. Bij de begroting 2026 gaan wij uit van de huidige wijze van tariefberekening (gebaseerd op het structurele kostengedeelte van de begroting en de gegarandeerde uren uit de dienstverleningsovereenkomsten). 2. Formatie rekenen wij door op basis van werkelijke loonkosten. Gewogen loon/ prijscompensatieberekening die wij sinds jaar en dag hanteren. 3. Als productiviteitsnorm gaan wij uit van 1.340 uur, zijnde een percentage van 73% van de totale beschikbare uren per fte (1.836).

Dit betreft de ‘declarabele’ uren, de uren die direct gerelateerd zijn aan productie voor deelnemers. 4. Jaarlijks stellen wij een begroting op, op basis van de gegarandeerde, gecontracteerde uren die voor onbepaalde tijd per gemeente zijn vastgelegd in de GR. Een aantal gemeenten participeert in de verdeelsleutel. Daarnaast hebben deelnemers aanvullende dienstverleningsovereenkomsten met ons afgesloten. De formatie en vaste kosten zijn hierop afgestemd; de begroting is zo tenminste budgettair neutraal. 3.1.2 Kosten personeel, CAO-ontwikkelingen en prijsontwikkelingen Op dit moment is de nieuwe CAO voor 2026 nog niet bekend. Voor de kosten van ons personeel gebruiken we daarom de ramingen van het Centraal Planbureau. Deze staan in de 'Aanvullende kerngegevens Actualisatie MLT september 2024'.

Begroting 2026

7

Tabel aanvullende kerngegevens | actualisatie MLT-september 2024

Indexatie

% lasten

Indexatie 2

Loonvoet voor de overheidssector

4

85%

3,40%

Prijs materiële overheidsconsumptie

2,3

15%

0,35%

Indexatie tarief 2026

3,75%

Aantal ontwikkelingen vraagt om budgetverhoging Wij voorzien een aantal ontwikkelingen die de bovenstaande, reguliere indexatie overstijgen. Om deze reden zijn wij genoodzaakt onze budgetten bij te stellen. Landelijke kwaliteitscriteria doen een beroep op ons opleidingsbudget De afgelopen jaren kenden wij veel instroom van personeel, waaronder trainees en zij-instromers. Via onze eigen opleiding en de extra training-on-the-job leiden wij hen op om zelfstandig hun werkzaamheden uit te kunnen voeren. Daarbij hebben wij aandacht voor zowel vakkennis als de benodigde vaardigheden. De kwaliteitscriteria waaraan omgevingsdiensten dienen te voldoen stellen daarnaast nog veel andere kennis- en vaardigheidseisen. Via ons opleidingsbudget zullen wij extra investeren in de kennis- en vaardigheidseisen waaraan wij nog onvoldoende of niet aan voldoen. Dit begroten wij binnen ons opleidingsbudget, dat gelijk is aan andere jaren en is gesteld op een percentage van 2,5-3% van de loonsom. Deze ontwikkeling past daarom binnen de reguliere indexatie. Goed werkgeverschap vraagt nieuwe secundaire arbeidsvoorwaarden Medewerkers voelen zich snel thuis in onze organisatie. Onze bedrijfscultuur kenmerkt zich door enerzijds een laagdrempelige, informele cultuur, maar anderzijds een professionele werkomgeving, gericht op de ontwikkeling van onze collega’s.

Om als werkgever ook naar de toekomst toe aantrekkelijk te blijven voor nieuwe medewerkers zullen wij in 2025 en 2026 onze arbeidsvoorwaarden moderniseren en harmoniseren, zoals vitaliteitsbeleid ter vervanging van het generatiepact. Ook is vastgesteld dat het functiewaardering in het functiegebouw van onze organisatie laag is ten opzichte van de markt. De precieze financiële effecten van deze modernisering zijn op dit moment nog niet te berekenen. Verlenging contract VTH-pakket zorgt voor nieuwe voorwaarden In 2026 loopt het contract af voor onze belangrijkste ICT-applicatie, het VTH-pakket voor zaakgericht werken. Omdat wij meebouwden aan dit open source pakket, profiteerden wij van gunstige voorwaarden en tarieven. Met de verlenging van het contract vervallen deze voordelen. Wij houden er rekening mee dat wij deze applicatie openbaar moeten aanbesteden. De applicatie is inmiddels ondergebracht in een community met negen andere omgevingsdiensten. Deze nieuwe samenwerkingsvorm is voor ons waardevol. Het draagt bij aan uniformiteit in registratie en werkwijzen onder omgevingsdiensten en met de extra expertise zijn we als omgevingsdiensten in staat de applicatie door te ontwikkelen.

Begroting 2026

8

Overstap naar een nieuwe applicatie voor tijdschrijven De applicatie waarmee wij onze uren schrijven voor onze deelnemers wordt niet langer ondersteund door de leverancier. Wij maken momenteel kosteloos gebruik van deze applicatie. Tijdschrijven is voor onze bedrijfsvoering, maar ook voor de verantwoording aan onze deelnemers, essentieel. Wij onderzoeken momenteel welke applicatie past bij onze bedrijfsvoering. Daarbij kijken wij scherp naar de kosten van de applicatie. Een van de mogelijkheden is de uitbreiding van ons huidige HR-systeem met een tijdschrijffunctionaliteit. Gezien de huidige minimale kosten, leidt elke oplossing tot een stijging van de licentiekosten. Daarnaast zal de inrichting van dit systeem eenmalige implementatiekosten vragen. We nemen deze als onderdeel van de incidentele bijdrage 2026. Sterke organisatiegroei vraagt om meer Microsoft licenties De sterke organisatiegroei van afgelopen jaren, zorgt ook voor een toename in licenties voor applicaties die wij gebruiken. De Microsoft-licentiekosten zijn niet voorzien in de huidige budgettering. Om dat naar de toekomst toe wel te borgen, werken wij via de herijking financieringsstructuur toe naar een systematiek waarbij de dekking meebeweegt met de omvang van de organisatie. De sterke organisatiegroei vraagt niet alleen om een budgetbijstelling voor 2027, maar vraagt ook om extra budget in 2026.

Het belang van voldoende licenties enerzijds en de substantiële afwijking anderzijds maken dat uitstel tot 2027 niet verantwoord is. Uitstel van de verhoging van dit budget leidt mogelijk tot een negatief resultaat. Meerjarenonderhoudsplan en benodigde investeringen in het pand Ons meerjarenonderhoudsplan vraagt om actualisatie. Dat staat gepland voor 2025. Daarbij krijgen wij te maken met prijsaanpassingen en tegelijkertijd krijgen wij ook te maken met de noodzakelijke vervanging van installaties. Aangezien het pand de nieuwbouwfase ontgroeit, vragen de complexere installaties extra aandacht. Wij werken hierin samen met de gemeente Beverwijk. Beide zijn wij eigenaar van het pand. Als uitstel van de benodigde investeringen niet mogelijk is, verwachten wij hogere, onvoorziene afschrijvingslasten en een stijging van het meerjarenonderhoudsplan voor deze installaties. Over de planning en vervolgstappen vindt overleg plaats met de gemeente Beverwijk. Als mede-eigenaar van 3/16e deel van het pand hebben wij evenredig stemrecht. De uitvoering van de VvE-taken vraagt om expertise Op dit moment voeren wij de Vereniging van Eigenaren taken alleen administratief uit, waarbij de praktische uitvoering bij de gemeente Beverwijk ligt. Wij hebben de capaciteit en expertise intern niet opgebouwd en dit bij gemeente Beverwijk belegd.

Gemeente Beverwijk heeft expliciet aangegeven hier naar de toekomst geen extra capaciteit voor beschikbaar te hebben. Om deze reden starten we in 2025 een gezamenlijk aanbestedingstraject om deze taken uit te besteden aan een externe partij. Hoewel we verwachten dat dit een kostenstijging met zich meebrengt, is deze stap noodzakelijk om de kwaliteit en continuïteit van het onderhoud op lange termijn te waarborgen en meer zicht en grip te krijgen op de benodigde financiering in de toekomst. Voor ODIJmond is het geen mogelijkheid deze expertise intern op te bouwen.

Begroting 2026

9

Huidige organisatie vraagt meer expertise op inkoop en aanbesteding Momenteel hebben wij niet de benodigde expertise op inkoop in huis. Het gaat hier om expertise op de langere termijneffecten van inkoopafspraken in relatie tot bijvoorbeeld de groei van onze organisatie en om kennis over complexere regelgeving. Dit signaal beschreven wij ook in het rapport ‘Twee zijden van de medaille’. Een aantal ontwikkelingen vraagt om het opstarten van inkoopprocessen en we zullen intern nauwgezet moeten sturen op het goed naleven van het inkoopbeleid en de geldende wet- en regelgeving. Voor de onderwerpen die we in 2025-2026 noodzakelijkerwijs moeten oppakken lenen wij deze expertise in vanuit een andere organisatie of kopen wij deze in. Hiermee zijn we in staat keuzes van ons bestuur over de toekomst van onze organisatie af te wachten, voordat wij structurele keuzes ten aanzien van maken. Ten tijde van het opstellen van deze begroting zijn de financiële effecten hiervan nog niet in te schatten. Intensievere inzet op toezicht en handhaving maakt uitbreiding van ons wagenpark noodzakelijk Door de intensievere inzet op toezicht & handhaving – waarmee wij enerzijds uitvoering geven aan de gehele opdracht van onze deelnemers, maar anderzijds achterstanden inlopen - en daarmee de groei van het aantal medewerkers, neemt de druk op ons wagenpark toe.

Dit vraagt om een uitbreiding van het aantal dienstauto’s. We kijken hierbij enkel naar de noodzakelijke uitbreiding om de huidige behoefte van de uitvoering te dekken. Een volledig herziening van het wagenpark wordt pas overwogen na dat het bestuur de toekomstrichting van de organisatie heeft bepaald. Deze uitkomsten gaan richting geven aan een structurele aanpak voor een toekomstbestendig wagenpark. 3.1.3 Ramingen voor begrotingsaanpassingen 2026 De bedragen zijn ramingen gebaseerd op actuele inzichten. Ze kunnen wijzigen door toekomstige ontwikkelingen. Post

Bedrag (€)

Ontwikkelingen ICT -

verlenging contract VTH-applicatie

-

nieuw tijdschrijfsysteem

-

stijging licentiekosten

Ontwikkelingen onderhoud kantoorpand -

35.000

expertise ten behoeve van uitvoering VvE-taken

Ontwikkelingen wagenpark -

25.000

afschrijvingslasten voor noodzakelijke investeringen in installaties

Ontwikkelingen onderhoud kantoorpand -

90.000

25.000

intensievere inzet op toezicht en handhaving maakt uitbreiding van ons wagenpark noodzakelijk

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.heemstede.nl/api/v1/meetings/2762/documents/41471