CConstaterende datHeemskerk
Koppel je AI →
Document · PDF

Definitief Regionaal Programmaplan jeugdhulp ZKIJ (sept 2025) (002)

Raadsinformatiebijeenkomst 8 januari 2026, gemeente HeemskerkBij agendapunt: Achtergrondinformatie13.366 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027 Toekomstbestendig met elkaar Jeugdhulp in samenhang

Voorwoord

Dit programmaplan is geschreven om richting te geven aan de uitvoering, zodat we in de regio Zuid-Kennemerland en IJmond samenhangend en toekomstbestendig kunnen werken aan jeugdhulp. De totstandkoming van dit plan heeft langer geduurd dan voorzien. Dat hangt onder andere samen met het onverwachte uitvallen van mijn voorganger, Astrid Bruin. Ik ben haar zeer dankbaar voor de bouwstenen die zij heeft meegegeven; die vormen een belangrijk fundament. Voor mij persoonlijk is het een eer om dit werk voort te zetten en mij te verbinden aan dit programma en de regio ZuidKennemerland en IJmond. We staan voor grote uitdagingen: een toenemende en complexere zorgvraag, druk op professionals en de noodzaak om beschikbare middelen zo doelmatig mogelijk in te zetten. Dat vraagt om gezamenlijke keuzes en om een overkoepelende blik op de inrichting van ons jeugdstelsel. Dit plan is soms technisch en dat is bewust: het helpt ons om de samenwerking tussen gemeenten, professionals en partners te structureren, en om te sturen op wat er werkelijk toe doet. Dit programmaplan is nadrukkelijk een uitvoeringsplan én geen politiek document. Mijn inzet is om samen met veel stakeholders verder te bouwen aan een stevig en lerend fundament, waarin we voortgaan op wat al goed gaat, ruimte maken voor vernieuwing en steeds blijven kijken naar wat jeugdigen en gezinnen écht nodig hebben.

Alleen door die koers samen vast te houden, kunnen we de jeugdhulp in onze regio toekomstbehendig en duurzaam organiseren. Ik waardeer de inzet en betrokkenheid van iedereen die dagelijks bijdraagt, en zie ernaar uit dit samen verder te brengen. Bernard Verbeek Programmadirecteur Jeugdhulp regio ZKIJ

2

Index

Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

3

Samenvatting

Inhoud

De zeven gemeenten in de regio Zuid-

Het programma kent drie hoofdsporen:

Kennemerland en IJmond slaan de handen

1. Robuuste regionale organisatie – met een

1.

Inleiding

7

ineen om te zorgen dat jeugdigen veilig, gezond

gemeenschappelijke regeling, gedeelde

2.

Bouwstenen voor een toekomstbestendige jeugdhulpregio ZKIJ

9

en met veerkracht kunnen opgroeien. Met dit

governance en bestuurlijke legitimiteit.

2.1

De bedoeling voorop: passende hulp waar nodig

9

programmaplan zetten we gezamenlijk koers

2. Versterking van sturing en uitvoering –

2.2

Evaluatie van de lump sum overeenkomst regio ZKIJ 2025

10

2.3

Innovatieprojecten in de regio ZKIJ

10

3. Inhoudelijke samenwerking en innovatie –

3.

De programmatische aanpak regio ZKIJ

12

We bouwen voort op de regiovisie, nieuwe

gericht op normaliseren, beschikbaarheid,

3.1

Ambitie

12

contracten en landelijke kaders zoals de

veiligheid en de verbinding tussen onderwijs en

3.2

Voor wie doen we dit, wie gaat er wat van merken?

12

Hervormingsagenda Jeugd en sluit aan bij de

jeugdhulp en andere domeinen.

3.3

Een aanpak met drie programmalijnen

12

3.4

Afbakening: wat valt er onder het programma?

13

Met concrete deelopdrachten, innovatieprojecten

3.5

Programmaorganisatie

13

en gezamenlijke reflectiemomenten werken

3.5.1.

Programmadirecteur

13

Onze inzet richt zich op passende hulp op het juiste

we aan duurzame verbetering van kwaliteit,

3.5.2

Organisatie op de programma lijnen

14

moment, meer samenwerking over domeinen heen,

beschikbaarheid en betaalbaarheid van jeugdhulp.

3.5.3

Afbakening opgaves en deelopdrachten

14

en het versterken van de pedagogische en sociale

Dit doen we samen met consortia, aanbieders van

3.5.4.

Financieel kader

15

basis. Tegelijk nemen we verantwoordelijkheid voor

professionele jeugdzorg, verwijzers, ketenpartners,

3.6

Afstemming met partners

15

scherpe keuzes in een tijd van stijgende vraag en

ouders en het brede netwerk in de regio.

3.7

Afstemming met jeugdigen en de gezinnen

15

beperkte middelen.

Het programmaplan is geen beleidsnotitie, maar een uitvoeringsgerichte aanpak. Gericht op

4.

Programmalijnen en bijbehorende opgaves en deelopdrachten

17

resultaat, gedragen door de praktijk en verankerd

4.1

Programmalijn 1: Een robuuste regionale jeugdhulporganisatie met een gedeelde

naar een toekomstbestendig jeugdhulpstelsel:

door betere monitoring, datasturing, toezicht

doelgericht, samenhangend, duurzaam en

en contractmanagement.

uitvoerbaar.

ontwikkelingen vanuit onder andere Toekomst scenario kind- en gezinsbescherming.

in samenwerking. Zo bouwen we stap voor stap

bestuursstructuur, passende governance en legitimiteit

18

aan een jeugdhulpstelsel dat werkt – nu én in de

4.1.1

Opgaves binnen programmalijn 1

19

toekomst.

4.1.2

Deelopdrachten binnen de opgaves van programmalijn 1

20

4.2

Programmalijn 2: De kwaliteit van de bedrijfsvoeringsonderdelen en dienstverlening verbeteren, om daarmee nog meer te kunnen sturen op de korte- en langetermijneffecten van de ingezette koers op Jeugd

22

“We willen dat kinderen en jongeren in Zuid-Kennemerland en IJmond een goede start maken in

4.2.1

Opgaves binnen programmalijn 2

23

het leven, dat zij gezond, gelukkig en veilig opgroeien tot zelfredzame volwassenen die volwaardig

4.2.2

Deelopdrachten binnen de opgaves van programmalijn 2

24

4.3

Programmalijn 3: Een dynamische strategische Samenwerkingsagenda Jeugd 2025-2027,

in de samenleving kunnen meedoen. Een goede start van het leven en een stabiele opgroei- en onderwijssituatie maakt de kans op een goede startpositie als jongvolwassene groter.

met gedeeld eigenaarschap van gemeenten en samenwerkingspartners om daarmee Bij jeugdigen en gezinnen waar de opgroei- en onderwijssituatie verstoord is, zetten we tijdig

tot gedragen en werkzame oplossingen te komen voor knelpunten in

passende jeugdhulp in. Eerst wordt gekeken wat jeugdigen en ouders, samen met hun netwerk,

de hele keten Jeugd

28

wel kunnen en welke steun de sociale basis kan bieden. Waar nodig ondersteunen we jeugdigen en

4.3.1

Opgaves binnen programmalijn 3

29

gezinnen tijdig en op maat met de inzet van jeugdhulp.”

4.3.2

Deelopdrachten binnen de opgaves van programmalijn 3

30

(Regiovisie Jeugdhulp regio ZKIJ 2021)

4

Index

5

1. Inleiding De gemeenten in Zuid-Kennemerland en IJmond

Deze nieuwe manier van werken vraagt ook om een

5.

Sturing, monitoring en besluitvorming

36

(hierna; regio ZKIJ) willen dat jeugdigen gezond,

nieuwe inkooprelatie en contracteringssystematiek.

5.1

Sturing programmaplan

36

veilig en met veerkracht kunnen opgroeien. Meestal

Sinds 2021 bouwen we daaraan. Sinds 2023

5.2

Monitoring

36

gaat dat goed, maar soms hebben jeugdigen en hun

zijn er nieuwe contracten afgesloten voor zowel

ouders ondersteuning of hulp nodig. De afgelopen

meervoudige als enkelvoudige jeugdhulp. In die

jaren is de vraag naar jeugdhulp toegenomen. Er

contracten ligt het fundament voor de nieuwe

spelen maatschappelijke ontwikkelingen mee, zoals

werkwijze: ruimte voor professionals om effectief

prestatiedruk, complexe scheidingen en mentale

en efficiënt te handelen, meer vertrouwen,

druk op jongeren.

meer verantwoordelijkheid en meer focus op

6. 7.

Randvoorwaarden en Risico’s Slotparagraaf en doorkijk naar 2027–2030: bouwen aan een blijvende beweging

37 38

8.

Bijlagen

39

wat echt werkt. De kosten, de uitkomsten én de

8.1

Afkortingen

39

Tegelijkertijd ervaren we een groeiend tekort aan

verantwoordelijkheid dragen we gezamenlijk. Alleen

8.2

Bronnen en kaders

39

professionals, waardoor hulp niet altijd snel of op

zo kunnen we sturen op effect én betaalbaarheid.

8.3

Leden Programmateam

40

de juiste plek beschikbaar is. De stijgende druk op

8.3

Wat vraagt dit van wie?

40

het systeem maakt dat we samen moeten zoeken

Nieuwe contracten zijn echter nog geen garantie

8.4

Evaluatie lumpsumovereenkomst

41

naar manieren om de jeugdhulp toekomstbestendig

voor verandering. Het vraagt van partijen dat

8.5

Overzicht deelopdrachten

42

in te richten.

we écht anders gaan werken. Niet door minder

8.6

Achtergrond, context en uitwerking

44

te doen, maar door zorgvuldiger te bepalen wat Daarbij staat niet het beperken van hulp centraal,

passende ondersteuning is – en op welk moment.

maar het verbeteren ervan: zorgen dat jeugdigen

Problematiek van jongeren en gezinnen is vaak

en gezinnen op het juiste moment passende

breder dan jeugdhulp alleen en vraagt om integrale

hulp krijgen die daadwerkelijk helpt. We willen

oplossingen. Denk aan situaties waarin onveiligheid

toewerken naar zinvolle inzet van jeugdhulp –

of andere sociale factoren een rol spelen. Dat

met betere resultaten voor de meest kwetsbare

vraagt ook om afstemming en samenwerking met

jeugdigen en gezinnen, tegen beheersbare kosten.

andere met andere domeinen zoals onderwijs,

Daarbij hoort ook het terugdringen van wachttijden

armoedebestrijding, veiligheid en de sociale basis.

en wachtlijsten waar mogelijk, zodat hulp tijdig beschikbaar is. Dat vraagt om normaliseren waar

Meer inzet op vroegtijdige inzet van hulp

mogelijk, specialistische hulp waar nodig, intensieve

(preventie) en betere samenwerking en kwaliteit

samenwerking en verdere professionalisering.

van de inzet van jeugdhulp. Tegelijkertijd stijgt de vraag, terwijl de middelen beperkt zijn. Dat vraagt

Samen met onze partners, zoals jeugdhulpaan-

om gezamenlijke keuzes, soms ook lastige. Alleen

bieders, de consortia, huisartsen en andere ver-

door samen te werken binnen de regio ZKIJ en

wijzers, de samenwerkingsverbanden Passend

met partijen in het veld aan verbetering, kunnen

Onderwijs en het Centrum Jeugd en Gezin en/of

we de kwaliteit van jeugdhulp verhogen én

gecertificeerde instellingen - bouwen we aan een

zorgen dat deze beschikbaar blijft voor wie het

nieuwe manier van samenwerken. Daarbij zetten we

echt nodig heeft.

in op het versterken van gezinnen en hun omgeving,

6

Index

op vroegtijdige ondersteuning en op het nemen van

Programmaplan

gezamenlijke verantwoordelijkheid voor tijdige signa-

Gemeenten zijn wettelijk verantwoordelijk voor

lering, goede afstemming en het bieden van passen-

het organiseren van passende jeugdhulp. Met dit

de hulp. Zodat we jongeren en hun ouders duurzaam

programmaplan geven de zeven gemeenten in de

kunnen begeleiden bij het opgroeien en opvoeden.

regio ZKIJ gezamenlijk invulling aan die opdracht. Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

7

We bouwen voort op de eerder ingezette koers, zoals vastgelegd in de Regiovisie Jeugdhulp, de afspraken rond de samenwerking met aanbieders van intensieve (meervoudige) en meer generalistische jeugdhulp, en de

betere kwaliteit voor de langere termijn; • Eenvoud en samenhang in de organisatie van jeugdhulp; • Gezamenlijke verantwoordelijkheid voor passende inzet en resultaat.

landelijke Hervormingsagenda Jeugd. Daarnaast

2. Bouwstenen voor een toekomstbestendige jeugdhulpregio 2.1 De bedoeling voorop: passende hulp waar nodig Een programmatische aanpak werkt alleen als de bedoeling centraal blijft: passende hulp, op het juiste moment, voor wie dat écht nodig heeft. Dit programmaplan richt zich op het versterken van de jeugd-

anticiperen we op nieuwe wettelijke kaders,

Het programma loopt minimaal twee jaar en blijft

hulppraktijk in de volle breedte – van ondersteuning dichtbij huis tot specialistische hulp – en op het beter

waaronder het ontwerpbesluit tot wijziging

wendbaar, zodat we in kunnen spelen op nieuwe

organiseren van de samenwerking tussen gemeenten, aanbieders en partners. Daarbij sturen we op

van het Besluit Jeugdwet (Wet verbetering

ontwikkelingen waar nodig: afgeronde opdrachten

uitvoerbaarheid, gezamenlijke keuzes en zichtbare impact voor jongeren en gezinnen. Vier bestuurlijke

beschikbaarheid jeugdzorg, 2024), waarin de

maken ruimte voor nieuwe ontwikkelingen.

uitgangspunten geven vanaf 2025 richting aan deze beweging en vormen samen het fundament voor een

verplichting tot regionale samenwerking via een

Zo werken we stap voor stap aan een sterker,

toekomstbestendig regionaal jeugdhulpstelsel.

gemeenschappelijke regeling wordt vastgelegd.

effectiever jeugdstelsel – samen met alle betrokken partijen.

Het programmaplan heeft betrekking op de gehele

1. Prioriteren

Binnen het beschikbare financiële kader is het onze gezamenlijke verantwoordelijkheid om de meest kwetsbare jeugdigen van passende hulp te voorzien. We kunnen

regionale samenwerking binnen de jeugdhulp, met

Het nieuwe samenspel: van losstaande schakels

focus op de domeinen waar gemeenten samen

naar gezamenlijke verantwoordelijkheid.

verantwoordelijk zijn voor inkoop, sturing en

De opgaven in het programma vragen om meer

ontwikkeling van zorgaanbod. Het omvat zowel

dan technische verbetering: ze vragen om een

strategische beleidsontwikkeling als de dooront-

andere manier van samenwerken. We bewegen

noodzakelijk, voor wie, en in welke vorm? Dit betekent ook toewerken naar een betere spreiding én bundeling van zorg, waarbij niet elke aanbieder alles hoeft te doen,

wikkeling van uitvoering, toezicht, financiën en

van een systeem waarin gemeenten inkopen en

maar de regio als geheel goed is toegerust om te bieden wat nodig is.

partnerschap.

aanbieders uitvoeren, naar een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het geheel. Het “nieuwe

De kern van de opgave ligt in het versterken van

samenspel” is gebaseerd op partnerschap, waarin

het regionale jeugdhulpstelsel: het ontwikkelen

gemeenten sturen op doelen, beschikbaarheid

van passende werkwijzen én het daadwerkelijk

en legitimiteit, en partners de ruimte krijgen voor

realiseren van verandering in de praktijk. Dit

vakmanschap en innovatie.

doen we stapsgewijs, met oog voor continuïteit,

We organiseren dit samenspel rond drie

uitvoerbaarheid en draagvlak. De richting is

uitgangspunten:

duidelijk, maar de precieze invulling bepalen we

• Gedeeld eigenaarschap: alle partijen voelen zich

samen, op basis van jaarlijkse afspraken en in

verantwoordelijk voor het functioneren van het

afstemming met betrokken partners.

stelsel als geheel.

en willen niet alle zorg overal en door iedereen blijven aanbieden. Gemeente en consortia, verwijzers en ketenpartners voeren samen het gesprek over wat nodig en haalbaar is. Dat vraagt om scherpe en goed onderbouwde keuzes: welke zorg is

2. Professionaliseren

inhoudelijke profiel en werkwijze. Zo ontstaat een samenhangend en doelgericht aanbod dat aansluit bij de variatie in ondersteuningsbehoeften van jongeren en gezinnen. Dit laat onverlet dat we gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de beschikbaarheid van een samenhangend en passend aanbod in de hele regio. 3. Verantwoorde­lijkheid nemen

en samenhang. Geen versnippering in losse initiatieven, maar een heldere programmatische

met ruimte voor professionele afwegingen. • Samen leren en bijsturen: de praktijk is leidend, met ruimte voor reflectie, data en dialoog.

structuur waarin we doelgericht toewerken naar verbetering van kwaliteit, beschikbaarheid en

Deze werkwijze stelt nieuwe eisen aan

betaalbaarheid van de jeugdhulp. Dat vraagt om

overlegstructuren, rollen, houding én aan hoe we

samenwerking, gedeeld eigenaarschap en respect

omgaan met schaarste en keuzes. Alleen met dit

voor ieders rol, positie en beschikbare capaciteit.

gedeelde kompas kunnen we duurzaam bouwen aan passende jeugdhulp voor de meest kwetsbare

De doelen van het programma zijn: • Duurzame samenwerking tussen gemeenten en

kinderen en gezinnen.

De regio neemt verantwoordelijkheid voor het versterken van het jeugdhulpstelsel – in samenwerking met consortia, verwijzers en andere ketenpartners. Dat vraagt om gemeenten die hun rol pakken: faciliterend waar het kan, regisserend waar het moet. Samen sturen we op vroegtijdige, laagdrempelige ondersteuning, en op doelmatige inzet van jeugdhulp waar het écht nodig is. Daarbij maken we heldere afspraken en sturen we op (gezamenlijke) resultaten.

• Wederzijds vertrouwen: sturing op hoofdlijnen, We kiezen daarbij bewust voor eenvoud, focus

Professionaliteit betekent niet dat iedereen hetzelfde doet, maar dat er vanuit ieders kracht en expertise wordt bijgedragen. Consortia mogen zich onderscheiden in hun

4. Normaliseren

Jeugdhulp is bedoeld voor jeugdigen en gezinnen die niet voldoende geholpen kunnen worden in hun eigen omgeving of via het reguliere aanbod. Niet elke hulpvraag is een zorgvraag, en niet elke vraag hoort thuis in de jeugdhulp. We willen toewerken naar een gedeeld perspectief op wat wél en wat niet onder jeugdhulp valt. Dat vraagt om realistische verwachtingen, duidelijke grenzen en betere afstemming met de partners in het onderwijs, de sociale basis en andere voorliggende voorzieningen. Alleen zo blijft professionele jeugdhulp beschikbaar voor wie het echt nodig heeft – tijdelijk, doelgericht en met aantoonbare meerwaarde. Waar nodig worden deze uitgangspunten vertaald naar aangescherpte resultaatafspraken. Steeds met het doel om te komen tot een samenhangend, uitvoerbaar en toekomstbestendig stelsel.

consortia en betrokken partner, gericht op een 8

Index

Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

9

2.2 Evaluatie van de lump sum overeenkomst

om als regio gezamenlijk keuzes te maken voor

regio ZKIJ 2025

een stabiel, toekomstbestendig jeugdhulpstelsel.

Alle voorstellen zijn geconditioneerd op

kritische prestatie-indicatoren (KPI’s), die

In het kader van de voorbereiding op de verlenging

Het programmaplan bouwt hierop voort met

cofinanciering vanuit de lumpsumbudgetten van

gezamenlijk worden vastgesteld. Op basis daarvan

van specialistische jeugdhulp (perceel 1) in 2026

concrete acties binnen de drie programmalijnen,

de consortia na afloop van de innovatieperiode.

worden voortgang, impact en vervolg gefaseerd

hebben de zeven gemeenten in de jeugdhulpre-

gericht op het versterken van inhoudelijke

Daarnaast gelden eisen voor SMART geformuleerde

beoordeeld en besproken. Deze innovatieprojecten

gio’s Zuid-Kennemerland en IJmond gezamenlijk

samenwerking, bestuurlijke sturing en een

doelen, monitoring en samenwerking met relevante

zijn een belangrijke bouwsteen in de uitvoering

een evaluatie laten uitvoeren door KPMG. Deze

passende inrichting van bedrijfsvoering.

partijen, waaronder gemeenten, onderwijs, en

van de regionale jeugdhulpstrategie en vormen

andere jeugdhulpaanbieders. De uitvoering vindt

tevens een leeromgeving voor toekomstbestendige samenwerking en effectieve zorg.

evaluatie richtte zich op het functioneren van de

(gespecialiseerd) onderwijs en thuissituatie.

vier consortia waarmee sinds 1 januari 2023 wordt

2.3 Innovatieprojecten in de regio ZKIJ

plaats in nauwe samenwerking met gemeenten,

samengewerkt binnen het nieuwe stelsel voor

In de jeugdhulpregio Zuid-Kennemerland en

het programmateam en betrokken partners.

meervoudige jeugdhulp. De bevindingen uit dit on-

IJmond is een innovatiebugdet ingesteld door

derzoek vormen een belangrijke inhoudelijke basis

zes van de zeven gemeenten, bedoeld om

voor het programmaplan 2025–2027. De evaluatie

de effectiviteit van meervoudige jeugdhulp te

laat zien dat de transitie naar een nieuw inkoop- en

verbeteren en bij te dragen aan het terugdringen

samenwerkingsmodel een stevig fundament heeft

van wachtlijsten. In dit kader hebben de vier

gelegd, in lijn met landelijke beleidsrichtlijnen zoals

consortia (CombiKracht regio ZKIJ, Hyperion helpt,

de Hervormingsagenda Jeugd. Tegelijkertijd blijkt

Sparq Jeugdhulp en Planet Young) gezamenlijk

uit het onderzoek dat verdere doorontwikkeling

vier innovatievoorstellen ontwikkeld en ingediend.

nodig is op drie centrale thema’s:

Deze voorstellen zijn beoordeeld door een

• Taakafbakening en verantwoordelijkheden

multidisciplinaire beoordelingscommissie en op

De huidige contracten laten ruimte voor

21 maart 2025 goedgekeurd door de regionaal

interpretatie, wat in de praktijk leidt tot

programmadirecteur Jeugdhulp. De voorstellen

onduidelijkheid en knelpunten in de uitvoering.

sluiten aan bij landelijke ontwikkelrichtingen,

Er is behoefte aan heldere afspraken over wie

versterken het lerend vermogen van de regio, en

waarvoor verantwoordelijk is.

kennen een innovatieve of doorontwikkelde aanpak.

• Bekostiging en budgetverdeling

Ze worden gefaseerd gefinancierd vanuit het

Hoewel lumpsumbekostiging aansluit bij

innovatiebudget, met monitoring en resultaatsturing

taakgerichte ambities, wordt deze nog

als expliciete randvoorwaarden. De daadwerkelijke

onvoldoende doelgericht toegepast. De huidige

uitbetaling is gekoppeld aan behaalde mijlpalen en

budgetverdeling sluit niet goed aan op de

voortgang. De innovatievoorstellen richten zich op

uitvoeringspraktijk en vraagt om herijking, onder

vier thema’s:

andere door het invoeren van een ‘budgetventiel’

1. Versnelling van instroom, doorstroom en

voor complexe casuïstiek.

uitstroom, door het benutten van wachttijd met

• Sturing en governance

online modules, ouderondersteuning en een

De samenwerking tussen gemeenten en

poortwachtersteam.

consortia ontwikkelt zich richting strategisch

2. Triage, gericht op snellere en doelgerichtere

partnerschap, maar vraagt om verdere uitwerking

toewijzing van hulp, met bijzondere aandacht

van rollen, mandaten en sturingsinformatie.

voor kinderen op de wachtlijst.

De regiovisie wordt breed gedragen, maar

3. Integrale gezinsgerichte aanpak ter voorkoming

de vertaling naar concrete samenwerking en

van uithuisplaatsing, waarbij multidisciplinaire

verantwoording in de praktijk blijft achter. De

teams samenwerken met domeinoverstijgende

inzichten en aanbevelingen uit de evaluatie zijn

partners.

nadrukkelijk betrokken bij de totstandkoming van

4. Samenhang tussen onderwijs en jeugdhulp,

het programmaplan. Ze onderstrepen de urgentie

door integrale inzet van jeugdhulp in het

10

Index

De consortia stellen zelf planningen op, inclusief

Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

11

3. De programmatische aanpak regio ZKIJ

Elke programmalijn bestaat uit verschillende op-

Daarbij is de reguliere besluitvorming deels aan-

gaves waar deelopdrachten onder hangen. Bij elke

gepast: binnen het programma is mandaat belegd

opgaves zijn meerdere professionals betrokken van

om op onderdelen besluiten te nemen, waardoor

In dit hoofdstuk staan de ambities, doelen,

Professionals

gemeenten tot de samenwerkingspartners zoals

sneller geschakeld kan worden en meer samenhang

de aanpak van het programma beschreven.

We verstevigen en formaliseren de regionale or-

consortia, onderwijs en het CJG.

ontstaat tussen acties, overlegtafels en uitvoering.

ganisatie van de specialistische jeugdhulp, zodat

De samenwerking met de bestaande lijnorganisatie

3.1 Ambitie

we slagvaardiger kunnen werken. Dat doen we in

3.4 Afbakening: wat valt er niet onder het pro-

blijft essentieel, maar de programmatische sturing is

Het hoofddoel van de programmatische aanpak

een strategisch partnerschap met de vier consortia

gramma?

leidend waar het gaat om de uitvoering van dit plan.

is het realiseren van een goed werkend stelsel,

én met belangrijke samenwerkingspartners zoals

Het Regionaal Programma Jeugdhulp richt zich op

zoals bedoeld is in de de inkoop en dat aansluit bij

het onderwijs, de Centra voor Jeugd en Gezin en

de gezamenlijke regionale opgave voor de jeugd-

De uitvoering van het programmaplan wordt aan-

de doelen van de regiovisie. Focus ligt daarbij op

andere betrokken professionals. We bundelen de

hulp in Zuid-Kennemerland en IJmond. Daarbij is

gestuurd door een programmadirecteur die sa-

verkorting van wachttijden, beschikbaarheid van

krachten, tonen (bestuurlijk) lef en werken vanuit

het uitgangspunt dat het programma zich toelegt

menwerkt met een programmateam. De program-

passende jeugdhulp voor degenen die het echt

vertrouwen in elkaar. Leren en ontwikkelen zijn

op initiatieven, projecten en besluitvorming die

madirecteur geeft leiding aan de uitvoering van de

nodig hebben, versterken van veerkracht van

hierin sleutelwoorden om tot zichtbare verbetering

vallen binnen de regionale context van jeugdhulp,

programma-activiteiten. Hij of zij zorgt voor een

gezinnen met problemen waar niet direct specia-

te komen. Samenwerken betekent: op elkaar kun-

in samenwerking met betrokken gemeenten en

goede verbinding met de gemeentelijke organisa-

listische jeugdhulp nodig is en het organiseren van

nen rekenen, taken verdelen en weten dat collega’s

consortia, vooruitlopend op de gemeenschappelijke

ties (via het regio MT Jeugd) en de consortia (via de

een stelsel met de juiste taken, bevoegdheden,

– waar ze ook werken – handelen vanuit dezelfde

regeling.

kerngroep consortia waarin directeuren zitting heb-

sturingsdata en (financiële) afspraken om goed

gezamenlijke opdracht. Alleen zo bouwen we aan

Tegelijkertijd erkennen we dat niet alle relevante

ben). Het regio MT Jeugd en de kerngroep Consor-

samen te werken.

een sterk regionaal netwerk waarin jeugdigen en

ontwikkelingen binnen het mandaat of de scope

tia zorgen – in samenwerking met de programma-

gezinnen op ons kunnen vertrouwen.

van dit programma vallen. Er bestaan bredere pro-

directeur – voor voldoende capaciteit en expertise

gramma’s en beleidslijnen die zich uitstrekken over

voor de uitvoering van het programma.

3.2 Voor wie doen we dit, wie gaat er wat van merken?

3.3 Een aanpak met drie programmalijnen

het gehele sociaal domein (van 0 tot 100 jaar), of

Het programmateam bestaat uit een afvaardiging

Inwoners

Het laten slagen van de doelstellingen en ambities

thema’s raken die aanpalend zijn aan de jeugdhulp

van mensen uit de zeven gemeenten (bijlage 3). Zij

Met dit programma werken we toe naar een situatie

binnen het programma Jeugdhulp vraagt om een

(zoals onderwijs, veiligheid of Wmo). Besluitvor-

brengen zowel inhoudelijke inbreng als bestuurlijke

waarin minder jeugdigen specialistische jeugdhulp

samenhangende aanpak met een eensluidende

ming hierover vindt vaak elders plaats, bijvoorbeeld

en organisatorische aansluiting op de uitvoerings-

nodig hebben, doordat we eerder, doelgerichter en

opdracht, onder dagelijkse aansturing van een

binnen gemeentelijke colleges, andere regionale

praktijk. Deze combinatie van vakinhoud en ver-

dichterbij ondersteunen. Waar specialistische hulp

slagvaardig programmateam. Het programma is

samenwerkingsverbanden of landelijke trajecten.

binding met het gemeentelijk veld zorgt ervoor dat

wél nodig is, zorgen we voor tijdige en passende

opgebouwd uit drie programmalijnen, die een

Het Regionaal Programma Jeugdhulp zoekt actief

het programmateam slagvaardig kan opereren en

inzet, met het oog op duurzame verbetering. Inwo-

koppeling vormen met de Hervormingsagenda

de verbinding met deze lopende trajecten en pro-

tegelijk goed afgestemd blijft op de praktijk binnen

ners moeten dit verschil gaan merken: ondersteu-

Jeugd en de Wet verbeteren beschikbaarheid

gramma’s, met als doel om afstemming te borgen

de regio.

ning is beter afgestemd op hun situatie, dichterbij

jeugdzorg.

en waar mogelijk de impact op de kwaliteit, toegan-

georganiseerd, en gespecialiseerde hulp is eerder

1. Een robuuste regionale jeugdhulporganisatie

kelijkheid en effectiviteit van jeugdhulp te vergro-

3.5.1. Programmadirecteur

beschikbaar als dat nodig is. Samen met gezinnen

met een gedeelde bestuursstructuur, passende

ten. Daarmee draagt het programma bij aan een

De programmadirecteur Jeugdhulp Regio ZKIJ voert

en hun netwerk – waar dat aanwezig is of versterkt

governance en legitimiteit.

samenhangende en toekomstbestendige jeugdhulp,

namens de zeven samenwerkende gemeenten

zonder overlap met andere bestuurlijke of program-

regie op de uitvoering van dit programmaplan. Dit

moet worden – zoeken we naar passende oplossin-

2. De kwaliteit van de bedrijfsvoeringsonderde-

gen binnen en buiten de jeugdhulp. Afstemming met

len en dienstverlening verbeteren, om daarmee

matische verantwoordelijkheden.

mandaat is gebaseerd op bestuurlijke opdrachtver-

andere domeinen, zoals huisvesting of bestaansze-

nog meer dan tot nu toe te kunnen sturen op de

Vanwege de raakvlakken op gedeelde doelstellin-

lening en gezamenlijk gedragen door de deelne-

kerheid, kan daarbij nodig zijn, maar valt buiten de

korte- en langetermijneffecten van de ingezette

gen zal regelmatig afstemming worden gezocht.

mende gemeenten.

directe reikwijdte van dit programma. Tegelijkertijd

koers op Jeugd.

realiseren we ons dat dit programma wordt uitge-

3. Een dynamische strategische Samenwerkings-

De programmadirecteur heeft de opdracht om: 3.5 Programmaorganisatie

• de uitvoering van het programmaplan en de

voerd in een context van financiële druk en bezuini-

agenda Jeugd 2025-2027, met gedeeld eigenaar-

Er is gekozen voor een programmatische aanpak

onderliggende deelopdrachten aan te sturen;

gingen – wat de urgentie én de complexiteit van de

schap van gemeenten en samenwerkingspartners

met een tijdelijke en slagvaardige programma-

• de samenhang, voortgang en uitvoerbaarheid

opgave vergroot.

om daarmee tot gedragen en werkzame oplos-

organisatie. Deze vervult een leidende rol bij het

singen te komen voor knelpunten in de hele keten

realiseren van de regionale opgaven jeugdhulp.

12

Index

van het geheel te bewaken; • integrale afwegingen te maken over inhoud, Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

13

prioritering en tempo van uitvoering;

king binnen het programmaplan.

Gemeenten zijn primair verantwoordelijk voor de

werk, jongerenwerk, buurtnetwerken en andere

• verbinding en samenwerking te organiseren

Met deze opzet wordt strategische sturing georgani-

bekostiging van activiteiten die onder gemeentelijke

vormen van laagdrempelige en vrij toegankelijke

tussen gemeenten, consortia, verwijzers en

seerd op drie niveaus: gemeentelijk, regionaal en do-

projecten vallen (ontwikkellijn 2) en voor de ge-

ondersteuning dicht bij inwoners. Voor de samen-

ketenpartners;

mein-overstijgend. Zo ontstaat ruimte voor bestuur-

meentelijke onderdelen van de hybride lijn (ont-

werking tussen jeugdhulp en onderwijs met be-

lijke keuzes, inhoudelijke verdieping en gezamenlijke

wikkellijn 1). Voor gezamenlijke projecten binnen

trekking tot passend onderwijs bestaat een aparte

verantwoordelijkheid voor de kwaliteit, beschikbaar-

ontwikkellijn 3 (de Samenwerkingsagenda) dragen

overlegstructuur, het OOGO. De samenwerking

heid en betaalbaarheid van jeugdhulp in de regio.

gemeenten en consortia samen zorg voor voldoen-

met verwijzers wordt per opgave of deelopdracht

de inzet van capaciteit en expertise. De bijdrage

vormgegeven.

• voorstellen en besluiten bestuurlijk voor te bereiden en af te stemmen. De programmadirecteur werkt nauw samen met ambtelijke opdrachtgevers, trekkers van deelopdrachten en strategische partners binnen (en buiten)

3.5.3 Afbakening opgaves en deelopdrachten

van consortia bestaat doorgaans uit inzet in natura,

De inbreng van deze partijen is essentieel voor

de regio. Bestuurlijke besluitvorming over majeure

Binnen het programma zijn onder de diverse opga-

zoals deelname aan werkgroepen of projectgerichte

het versterken van vroegsignalering, het goed

strategische keuzes vindt plaats in het portefeuil-

ves deelopdrachten opgenomen die bijdragen aan

inzet van professionals.

organiseren van op- en afschaling, en het borgen

lehoudersoverleg Jeugd van de zeven gemeenten,

de gezamenlijke doelstellingen van gemeenten en

De programmadirecteur stelt jaarlijks – in afstem-

van samenhang in het sociaal domein. Waar pas-

met inachtneming van de geëigende besluitvor-

de samenwerkingspartners. Tegelijkertijd zijn er pro-

ming met het regio MT Jeugd en het PFO – een

send wordt hun perspectief actief betrokken bij de

mingsroutes binnen de afzonderlijke colleges van

jecten die primair of uitsluitend binnen gemeentelijke

programmabegroting op. Hierin wordt de benodigde

uitvoering. Indien nodig wordt een klankbordgroep

B&W. Het programmateam ondersteunt de program-

verantwoordelijkheid vallen. Binnen deze structuur

inzet van middelen en capaciteit per ontwikkellijn

ingericht om bredere input en betrokkenheid te

madirecteur bij de inhoudelijke, procesmatige en

geldt een expliciete afbakening:

en project gespecificeerd. Deze begroting vormt

organiseren.

communicatieve uitvoering van deze rol.

tevens de basis voor voortgangsrapportages en • Gemeentelijke projecten: Dit zijn projecten die

verantwoording.

3.7 Afstemming met jeugdigen en de gezinnen

3.5.2 Organisatie op de programma lijnen

exclusief door de gemeenten zelf worden op­

Om de gezamenlijke opgaven voortvarend en in

gepakt, zonder inmenging van consortia. Dit

Wanneer aanvullende middelen nodig zijn voor

dat over hen gaat is belangrijk. Zij weten uit erva-

samenhang uit te voeren, is gekozen voor een

betreft bijvoorbeeld beleidsontwikkeling, inkoop­

specifieke projecten of tijdelijke capaciteit, wor-

ring waar zij behoefte aan hebben en wat aansluit

programmatische aanpak met drie inhoudelijke

strategieën en interne gemeentelijke processen.

den voorstellen daartoe besproken in het regio MT

op hun behoeften en vragen. Inspraak en invloed

programmalijnen. De uitvoering en besluitvorming

De besluitvorming hierover vindt uitsluitend plaats

Jeugd (voor gemeentelijke inzet) en in de kerngroep

hebben is een essentieel onderdeel van positieve

binnen programmalijnen 1 en 2 – gericht op de

binnen de gemeentelijke overlegstructuren (zoals

Consortia (voor inzet vanuit aanbieders). Bij geza-

ontwikkeling. Dat vraagt erom kinderen en jongeren

versterking van de regionale organisatie en sturings-

het regio MT Jeugd en PFO jeugd). De stuurgroep

menlijke inzet wordt het voorstel voorgelegd aan de

écht serieus te nemen. En om vanaf jonge leeftijd

basis – vindt plaats via de bestaande gemeentelijke

wordt hierover geïnformeerd, maar heeft geen

strategische stuurgroep ter besluitvorming.

een gevoel van burgerschap te stimuleren, concreet

overlegstructuren. Het Regionaal Managementteam

besluitvormende rol.

Voor monitoring en verantwoording sluit het pro-

te maken en te duiden.

Jeugd (RMT) vervult hierin een coördinerende en

De stem van kinderen, jongeren en ouders in beleid

• Gezamenlijke projecten: Dit zijn projecten, waarbij

gramma aan bij de reguliere planning- en control

afstemmende rol namens de gemeenten.

samenwerking tussen gemeenten en consortia

cycli van gemeenten, aangevuld met programmati-

Meedoen kan op verschillende manieren: de een

Programmalijn 3 richt zich op het inhoudelijke sa-

wenselijk en noodzakelijk is om de doelstellingen

sche voortgangsrapportages en evaluatiemomen-

denkt liever eenmalig of incidenteel mee, de ander

menspel met het veld in de periode 2025–2027. Deze

van het programma te realiseren. Er wordt binnen

ten. Deze worden gedeeld met de strategische

verbindt zich liever voor langere tijd aan een activi-

dynamische strategische samenwerkingsagenda

de stuurgroep afgestemd en er worden gezamen-

stuurgroep, het regio MT Jeugd en het PFO.

teit. In de ene situatie wordt er alleen naar iemands

wordt aangestuurd door een brede stuurgroep. Hier-

lijk besluiten genomen.

mening gevraagd, in de andere situatie werkt hij of

in hebben naast de programmadirecteur (ambtelijk

Door deze afbakening blijft de bestuurlijke rol­-

3.6 Afstemming met partners

zij mee aan een oplossing. Per opgave wordt beke-

opdrachtnemer) en een afvaardiging van gemeente-

ver­deling helder en wordt de samenwerking binnen

Het programma wordt uitgevoerd in samenhang

ken of er sprake is van participatie. Indien er sprake

lijke directeuren (ambtelijk opdrachtgevers, tevens

het programma optimaal benut.

met verschillende partners die niet in de formele

is van participatie wordt per opgave bekeken welke

programmastructuur (zoals stuurgroep of program-

vorm hier bij past, bijvoorbeeld informeren, raadple-

voorzitter), ook bestuurders van de consortia en het CJG zitting.

3.5.4. Financieel kader

mateam) zijn vertegenwoordigd, maar wel een

gen, adviseren, (mee)beslissen en de inzet van een

Gecertificeerde instellingen en Veilig Thuis worden

Het programma wordt uitgevoerd binnen het

belangrijke rol vervullen in het bredere jeugdhul-

ervaringsdeskundige.

waar relevant nadrukkelijk betrokken bij de uitvoe-

bestaande financiële kader van de deelnemende

plandschap. Het gaat hierbij om onder andere ver-

ring van deze programmalijn. Voor het overleg met

gemeenten. Er is geen sprake van een afzonderlijk

tegenwoordigers uit de sociale basis, het onderwijs

de samenwerkingsverbanden passend onderwijs

geoormerkt programmabudget; de financiering vindt

en de huisartsen en andere wettelijke verwijzers.

is een separate overlegstructuur ingericht, waarin

plaats via bestaande gemeentelijke middelen en

Met de sociale basis bedoelen we onder andere

wordt afgestemd over de voortgang en samenwer-

inzet.

wijkteams, welzijnsorganisaties, maatschappelijk

14

Index

Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

15

4. Programmalijnen en bijbehorende opgaves en deelopdrachten Het programma is opgebouwd uit drie programmalijnen, die een koppeling vormen met de Hervormingsagenda Jeugd en een wetsvoorstel wet verbeteren beschikbaarheid jeugdzorg.

4.1 Programmalijn 1 Een robuuste regionale jeugdhulporganisatie met een gedeelde bestuursstructuur, passende governance en legitimiteit

4.2 Programmalijn 2 De kwaliteit van de bedrijfsvoeringsonderdelen en dienstverlening verbeteren, om daarmee nog meer te kunnen sturen op de korte- en langetermijneffecten van de ingezette koers op Jeugd

4.3 Programmalijn 3 Een dynamische strategische Samenwerkingsagenda Jeugd 2025-2027, met gedeeld eigenaarschap van gemeenten en samenwerkingspartners om daarmee tot gedragen en werkzame oplossingen te komen voor knelpunten in de hele keten Jeugd

16

Index

Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

17

4.1 Programmalijn 1

4.1.1 Opgaves binnen programmalijn 1 De Jeugdhulpregio ZKIJ werkt toe naar een robuuste en toekomstbestendige

Een robuuste regionale jeugdhulporganisatie met een gedeelde bestuursstructuur, passende governance en legitimiteit

regionale jeugdhulporganisatie. De ambitie is om te komen tot een gedeelde bestuursstructuur via een gemeenschappelijke regeling (Wgr), met passende governance en bestuurlijke legitimiteit. Dit is essentieel om samenhangend, doelmatig en bestuurbaar uitvoering te geven aan de regionale opgaven in de jeugdhulp.

Voor een programmatisch samenhangende aanpak is elke programmalijn onderverdeeld in

Deze ontwikkeling is niet alleen wenselijk, maar ook noodzakelijk. Eind 2024 is

opgaven met bijbehorende deelopdrachten. In deze paragraaf wordt programmalijn 1 verder

het ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit Jeugdwet gepubliceerd. Daarin

uitgewerkt. De deelopdrachten bevinden zich in verschillende fases: sommige zijn reeds

is vastgelegd dat regio’s verplicht worden samen te werken via een gemeen-

gestart of bijna afgerond, andere moeten nog worden opgestart. Per opgave is een projectleider

schappelijke regeling, om de beschikbaarheid van jeugdhulp en gecertificeerde

verantwoordelijk voor de voortgang en samenhang binnen de opgave. Specifiek voor de oprichting

instellingen (GI’s) voor kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering

van de GR regeling is een kwartiermaker GR Jeugdhulpregio ZKIJ aangesteld. Het programmateam

structureel te waarborgen. De regio ZKIJ is in dit besluit formeel aangewezen

zorgt voor verbinding tussen de opgaven in het gehele programmaplan.

als samenwerkende regio, en deze indeling zal wettelijk worden vastgelegd. De verantwoordelijkheid voor de inrichting van deze regionale organisatie ligt volledig bij de gemeenten. Partners worden waar nodig betrokken en geconsulteerd, maar de bestuurlijke sturing ligt nadrukkelijk bij de lokale overheden. Voor een programmatische samenhangende aanpak is elk programmalijn opgedeeld in opgaves met daar bijbehorende deelopdrachten. 1. Opgave governance en besluitvormingsstructuur Een slagvaardige en representatieve besluitvormingsstructuur tussen Dit zijn de opgaves binnen programmalijn 1

gemeenten is noodzakelijk om het jeugdhulpstelsel effectief te kunnen organiseren en aansturen. Deze opgave richt zich op het inrichten van bestuurlijke samenwerking en mandatering, zodat tijdig en in gezamenlijkheid besluiten genomen kunnen worden over regionale jeugdhulp. 2. Opgave legitimering en partnerschap in de regio Een regionaal functionerend jeugdhulpstelsel vraagt om een stevig en gedragen partnerschap binnen de regio. Deze opgave richt zich op het versterken van de samenwerking tussen gemeenten en ketenpartners, waarbij ieder vanuit de eigen verantwoordelijkheid bijdraagt aan gezamenlijke doelen. Heldere afspraken over rollen, verantwoordelijkheden en betrokkenheid zijn hierbij cruciaal. 3. Opgave inrichting en juridische structuur van de regionale organisatie Om te voldoen aan de wettelijke verplichting tot regionale samenwerking via een gemeenschappelijke regeling (GR), moet een juridische en organisatorische structuur worden ingericht die past bij de opgaven en verantwoordelijkheden van de Jeugdhulpregio. Deze opgave richt zich op de voorbereiding, besluitvorming en realisatie van een passende regionale uitvoerings- en sturingsstructuur.

18

Index

Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

19

4.1.2 Deelopdrachten

Deelopdrachten die horen bij opgave governance en besluitvormings­structuur

Deelopdrachten die horen bij de opgave inrichting en juridische structuur

binnen de opgaves

Om het jeugdhulpstelsel in onze regio goed te kunnen organiseren moet er een

van de regionale organisaties

van programmalijn 1

slagvaardige en representatieve governance en besluitvormingsstructuur tussen

Om te kunnen voldoen aan (toekomstige) wetgeving met betrekking tot verplich-

Elke programmalijn

de gemeenten georganiseerd worden.

te samenwerking in de regio moet er een regionale organisatie ingericht worden.

­­­schillende opgaves

Deelopdracht versterken regionale gemeentelijke samenwerking

Deelopdracht kwartiermaken en opstellen inrichtingsplan GR

waar deelopdrachten

De gemeenten binnen de regio ZKIJ werken al intensief samen aan de

Om te voldoen aan de wettelijke verplichting tot samenwerking via een

onder hangen.

organisatie van de regionale jeugdhulp. Deze deelopdracht richt zich op

gemeenschappelijke regeling (Wgr), is een kwartiermaker aangesteld die

het verder versterken van die samenwerking door het formaliseren van

de voorbereiding en inrichting van de regionale organisatie begeleidt. Deze

gezamenlijke werkafspraken, het versterken van gedeeld eigenaarschap en het

deelopdracht omvat het uitwerken van een voorstel voor de juridische en

verbeteren van besluitvorming tussen gemeenten. De nadruk ligt op het maken

organisatorische inrichting van de nieuwe Wgr-constructie, inclusief een

van resultaatafspraken, het verduidelijken van rollen en verantwoordelijkheden

advies over governance, sturing, personele inzet en benodigde middelen. De

en het ontwikkelen van een passende overleg- en besluitvormingsstructuur als

kwartiermaker werkt in afstemming met gemeenten en partners toe naar een

fundament onder de regionale governance.

gedragen en besluitrijp inrichtingsplan, als basis voor formele besluitvorming

bestaat uit ver-

binnen de deelnemende gemeenten. Deelopdrachten die horen bij opgave legitimering en partnerschap in de regio Een goed functionerend jeugdhulpstelsel kan alleen bestaan met heldere

Deelopdracht: gezamenlijke financiële opdrachtvorming en

en stevige samenwerking tussen alle partijen in de keten. Gezamenlijke

afwegingskader

verantwoordelijkheid gaat daarbij hand in hand met het nemen van

Om als regio grip te krijgen op de financiële uitvoerbaarheid van het jeugd-

verantwoordelijkheid vanuit ieders eigen rol.

hulpstelsel, is het essentieel dat de kosten voor de regionale jeugdhulp op een transparante en eenduidige wijze worden begroot. Deze deelopdracht richt

Deelopdracht strategisch partnerschap versterken tussen gemeenten en

zich daarom op het ontwikkelen van een gezamenlijk afwegingskader voor de

partners

jaarlijkse besluitvorming over het lumpsumbudget richting de consortia.

Een goed functionerend jeugdhulpstelsel vraagt ook om een stevig

Het kader omvat onder meer:

partnerschap tussen gemeenten en regionale partners. Primair gaat het daarbij

• een regionale begrotingssystematiek die inzicht geeft in kosten,

om het ontwikkelen van strategisch partnerschap met de consortia om te komen tot een heldere verdeling van taken en verantwoordelijkheden om zo samen het jeugdhulpstelsel te dragen. Daarnaast werken we aan stevig partnerschap met verwijzers en andere ketenpartners, gebaseerd op wederzijds vertrouwen en een duidelijke rolverdeling. Deze deelopdracht richt zich op het versterken

volumeontwikkelingen en risico’s; • voorstellen voor gezamenlijke besluitvorming over het bedrag dat in de lump sum wordt opgenomen; • en mogelijke afspraken over risicospreiding, zoals een vangnetconstructie voor onvoorziene situaties of dure casussen.

van dat strategisch partnerschap, door het (door)ontwikkelen van gezamenlijke

Het doel is te komen tot een breed gedragen financiële basis voor

kaders voor samenwerking, het afstemmen van rollen en verantwoordelijkheden

samenwerking, die voorspelbaarheid biedt en ruimte laat voor lokaal maatwerk,

binnen de keten, en het maken van werkbare afspraken over gezamenlijke

maar wel uitgaat van een gedeeld en onderbouwd regionaal financieel beeld.

doelen en monitoring. Gemeenten sturen op resultaten, terwijl partners ruimte behouden voor professioneel handelen binnen hun eigen domein. De

Deelopdracht aanpassen regiovisie

samenwerking wordt vastgelegd in passende overlegstructuren en governance-

De huidige regionale visie jeugdhulp (vastgesteld in 2021) vormt de basis

afspraken. Ook ketenpartners zoals de Gecertificeerde Instellingen en Veilig

voor de samenwerking in de regio ZKIJ. Deze deelopdracht richt zich op het

Thuis spelen hierin een belangrijke rol. Hoewel hun positie wettelijk anders is, is

actualiseren en aanscherpen van deze visie, zodat hij in lijn is met nieuwe

structurele afstemming over samenwerking en verantwoordelijkheidsverdeling

landelijke vereisten, zoals aangekondigd in de brief van de staatssecretaris

in de praktijk van groot belang.

van Jeugd, Preventie en Sport (november 2024). Doel is om te komen tot een geactualiseerde regiovisie die richting geeft aan de inrichting van de regionale samenwerking. Deze visie wordt ook bestuurlijk gedragen door de zeven deelnemende gemeenten.

20

Index

Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

21

4.2 Programmalijn 2

4.2.1 Opgaves binnen programmalijn 2 Om effectief te kunnen sturen op de doelen uit de regiovisie en duurzaam

De kwaliteit van de bedrijfsvoeringsonderdelen en dienstverlening verbeteren, om daarmee nog meer te kunnen sturen op de korte- en langetermijneffecten van de ingezette koers op Jeugd.

resultaat te boeken in de jeugdhulp, is een stevige informatie- en bedrijfsvoeringsbasis nodig. Programmalijn 2 richt zich op het verbeteren van de kwaliteit van de regionale bedrijfsvoering en dienstverlening. Door te investeren in gezamenlijke monitoring, datasturing en financiële transparantie, vergroten we het vermogen om zowel op de korte als op de lange termijn goed onderbouwde beleids- en uitvoeringskeuzes te maken. Voor een programmatische samenhangende aanpak is elk programmalijn

In deze paragraaf wordt programmalijn 2 uiteengezet en gaan we langs de verschillende opgaves

opgedeeld in opgaves met daar bijbehorende deelopdrachten.

en deelopdrachten die geformuleerd zijn. Versterken van de financiële en administratieve basis voor sturing, monitoring en legitimatie

1. Ontwikkelen van een regionaal monitorings- en datastelsel

van regionale jeugdhulp. Deze lijn verbindt strategie met uitvoering en geeft vorm aan de

Om voortgang en impact van de ingezette koers in het jeugdhulpstelsel

randvoorwaarden voor succesvolle uitvoering. De gemeenten hebben een leidende rol (financiën, rechtmatigheid), maar uitvoering vraagt om samenwerking met consortia (data, capaciteit, maatwerk).

Dit zijn de opgaves binnen programmalijn 2

te kunnen volgen, is een gedeeld regionaal monitorings- en datastelsel nodig, om goed te kunnen sturen. Deze opgave richt zich op het maken van gezamenlijke keuzes over wat we meten, hoe we data duiden en gebruiken, en hoe dit bijdraagt aan bestuurlijke en inhoudelijke sturing. 2. Inrichten van een robuuste financiële sturings- en verantwoordingsstructuur Om als regio grip te houden op de kosten en de kwaliteit van zorg is een gezamenlijke financiële sturingsstructuur noodzakelijk. Deze opgave richt zich op het inrichten van een transparant en gedeeld systeem voor financiële planning, monitoring en verantwoording, zodat beleidskeuzes en uitgaven in samenhang kunnen worden gestuurd en verantwoord.

22

Index

Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

23

4.2.2 Deelopdrachten

Deelopdrachten die horen bij de opgave ontwikkelen van een regionaal

Deelopdracht gewijzigde werkwijze enkelvoudige jeugdhulp

binnen de opgaves

monitorings- en datastelsel.

Binnen de enkelvoudige jeugdhulp (perceel 2) hebben aanbieders signalen

van programmalijn 2

Om met het nieuwe jeugdhulpstelsel te kunnen werken aan de doelen zoals

afgegeven dat zij belemmeringen ervaren in de uitvoering van jeugdhulp. In

Elke programmalijn

die onder andere in de regiovisie en dit uitvoeringsplan zijn geformuleerd, is

het najaar van 2024 zijn hierover gesprekken gevoerd tussen gemeenten

bestaat uit ver-

het belangrijk om de voortgang te kunnen monitoren. Daartoe dienen regionaal

en betrokken aanbieders in de regio ZKIJ. Deze deelopdracht richt zich op

­­­schillende opgaves

afspraken gemaakt te worden over wat we meten, welke conclusies we daaraan

het in kaart brengen van deze knelpunten en het onderzoeken of recente

waar deelopdrachten

verbinden en hoe deze bijdragen aan de sturing op het stelsel.

aanpassingen in beleid en uitvoering deze belemmeringen voldoende

onder hangen.

wegnemen. Deelopdracht doorontwikkeling dashboard en rapportages

Goede data is een voorwaarde om goed te kunnen sturen, maar het is net zo

Het doel is om gezamenlijk met aanbieders te bepalen welke structurele

belangrijk dat deze data goed bruikbaar is. Met het afronden het deelproject

verbeteringen nodig zijn om de uitvoerbaarheid en effectiviteit van hulp binnen

Verbeteren Datakwaliteit dat deel uitmaakte van de Aanpak Wachttijden is er

perceel 2 te vergroten.

beschikking over een dashboard waarin op basis van eenduidige informatie de cijfermatige prestaties en trends in de jeugdhulp kunnen worden gevolgd. Dit

Deelopdrachten die horen bij de opgave Inrichten van een robuuste

dashboard heeft doorontwikkeling nodig om goed aan te sluiten bij de wensen

financiële sturings- en verantwoordingsstructuur

vanuit gemeenten en consortia. Hiervoor is het nodig dat zowel het dashboard

Om als jeugdhulpregio grip te houden op de kosten en de kwaliteit van zorg is

meer functionaliteit krijgt als dat de brondata zo compleet mogelijk in het

een gezamenlijke financiële sturingsstructuur noodzakelijk. Deze opgave richt

dashboard kan worden opgenomen.

zich op het inrichten van een transparant en gedeeld systeem voor financiële planning, monitoring en verantwoording, zodat beleidskeuzes en uitgaven in

Om ook managers en bestuurders actief te kunnen informeren wordt er

samenhang kunnen worden gestuurd en verantwoord.

daarnaast, op basis van het dashboard, gewerkt aan standaard rapportages over de stand van zaken in de jeugdhulp in de regio. De vormgeving van

Deelopdracht zorg die buiten de lump sum wordt gefinancierd

deze rapportages moet goed aansluiten op het doel en de inhoud van de

Binnen de meervoudige specialistische jeugdhulp (Perceel 1) is afgesproken

rapportages moet zoveel mogelijk automatisch gegenereerd worden. Dit zorgt

dat de jeugdhulp wordt gefinancierd via een lumpsumconstructie. Dit betekent

voor goede, betrouwbare periodieke updates zonder elke keer veel inspanning

dat consortia binnen een vast budget zelf zorg organiseren en prioriteren.

te moeten leveren.

In de praktijk zijn er echter nog diverse vormen van zorg die buiten deze lumpsum vallen, zoals bestaande maatwerkcontracten, zorg voor excessieve

Deelopdracht inzicht in volumes en benodigde capaciteit voor perceel 1

casuïstiek en de tijdelijke noodmaatregel voor gecertificeerde instellingen

Om effectief te kunnen sturen op de inzet van meervoudig specialistische

(gericht op veiligheidsvraagstukken).

jeugdhulp (perceel 1) is inzicht nodig in de omvang en inhoud van de taak die aan de consortia is toevertrouwd. Deze deelopdracht richt zich op het

Deze deelopdracht richt zich op het maken van een voorstel om deze vormen

kwantificeren van die taak: inzicht verkrijgen in volumes, benodigde capaciteit

van zorg — waar mogelijk — te integreren in de lumpsum of op een andere

en trends binnen perceel 1.

wijze gezamenlijk te bekostigen. Daarbij wordt zowel gekeken naar passende

Bij de start van de nieuwe inkoop is gewerkt met taakgerichte bekostiging op

financieringsmodellen als naar inhoudelijke uitgangspunten voor toewijzing

basis van historische omzet en ingeschatte knelpunten. Door deze taak nu

en uitvoering. Doel is te komen tot een duurzame, duidelijke en gezamenlijk

cijfermatig te onderbouwen, ontstaat er een beter fundament voor sturing,

gedragen systematiek, die recht doet aan de zorgzwaarte én kiezen we voor

verantwoording en inhoudelijke dialoog tussen gemeenten en consortia.

de zorgt voor bestuurbare financiële kaders.

De analyse wordt verrijkt met de inzichten uit de reeds uitgevoerde evaluatie van de contracten door KPMG, zodat bestaande leerpunten direct worden meegenomen in het inzicht en de vervolgstappen. Het doel is een helder en gedeeld rapport dat concrete aanknopingspunten biedt voor gezamenlijke sturing op inzet en effectiviteit.

24

Index

Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

25

4.2.2 Deelopdrachten

Deelopdracht versterken van gemeentelijk toezicht op jeugdhulp

binnen de opgaves

Gemeenten zijn wettelijk verantwoordelijk voor het toezicht op de rechtmatige

van programmalijn 2

en doelmatige inzet van jeugdhulp. De Hervormingsagenda Jeugd van het

Elke programmalijn

Rijk en de Wet Beschikbaarheid Jeugdhulp, die in voorbereiding is, stellen

bestaat uit ver-

aanvullende eisen aan dit toezicht: het moet onafhankelijker, deskundiger,

­­­schillende opgaves

meer lerend van aard zijn en beter ingebed worden in het regionale

waar deelopdrachten

jeugdhulpstelsel.

onder hangen. Deze deelopdracht richt zich op het verder vormgeven en versterken van het gemeentelijk toezicht binnen de Jeugdhulpregio ZKIJ. Daarbij gaat het zowel om zorg in natura als om persoonsgebonden budgetten (pgb’s), en om alle vormen van jeugdhulp die gemeenten inzetten – inclusief de inzet van gecertificeerde instellingen (GI’s) en alternatieven voor uithuisplaatsing. In de opdracht wordt onderzocht: – hoe het toezicht nu is ingericht (lokaal of regionaal, intern of extern), – wat nodig is om te voldoen aan de nieuwe wettelijke vereisten (juridisch, organisatorisch en professioneel), – hoe toezicht kan bijdragen aan een lerend stelsel, bijvoorbeeld via spiegelinformatie, kwaliteitsgesprekken en structurele terugkoppeling aan consortia en gemeenten, – en hoe samenwerking met IGJ, GI’s en jeugdhulpaanbieders duurzaam kan worden vormgegeven. Doel is te komen tot een heldere, uitvoerbare werkwijze met voldoende mandaat en deskundigheid, waarin toezichthouders toegang hebben tot relevante informatie en handelingsruimte bij vermoedens van onrechtmatigheid of knelpunten in de uitvoering. Binnen de gemeente Haarlem is al ervaring opgedaan met een vernieuwde aanpak. Deze wordt benut in de verkenning naar een breed gedragen regionale werkwijze, waarbij ruimte blijft voor maatwerk en eigenaarschap op lokaal niveau.

Deelopdracht Doorontwikkelen regionaal contractmanagement Met de invoering van het nieuwe jeugdhulpstelsel is gestart met een regionaal team voor contractmanagement. Deze deelopdracht richt zich op het structureel doorontwikkelen van dit team tot een professioneel en strategisch functionerend onderdeel van het stelsel. Het doel is om de positionering, rolverdeling, werkwijze en samenwerking van het contractmanagementteam te verduidelijken en te versterken. Daarbij hoort ook het beter verbinden van contractmanagement aan de bredere programmadoelen, zoals monitoring, toezicht, inhoudelijke sturing en partnerschap met aanbieders. Zo ontstaat een samenhangend geheel waarin uitvoering, beleid en sturing op jeugdhulp elkaar versterken.

26

Index

Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

27

4.3 Programmalijn 3

Een dynamische strategische Samenwerkingsagenda Jeugd 2025-2027, met gedeeld eigenaarschap van gemeenten en samenwerkingspartners om daarmee tot gedragen en werkzame oplossingen te komen voor knelpunten in de hele keten Jeugd

4.3.1 Opgaves binnen programmalijn 3 Voor een programmatische samenhangende aanpak is elk programmalijn opgedeeld in opgaves met daar bijbehorende deelopdrachten. 1. Normaliseren en afbakenen Deze opgave richt zich op het versterken van een gedeelde visie op Dit zijn de opgaves binnen programmalijn 3

normaliseren: het uitgangspunt dat niet elke opvoed- of ontwikkelvraag professionele jeugdhulp vereist. Samen met partners werken we aan het versterken van de eigen kracht van gezinnen, het verstevigen van de pedagogische basis (zoals school, buurt, sport en familie), en het voorkomen van onnodige inzet van specialistische hulp. Daarnaast

In deze paragraaf wordt programmalijn 3 uiteengezet en gaan we langs de verschillende opgaves

worden duidelijke afspraken gemaakt over verantwoordelijkheden,

en deelopdrachten die geformuleerd zijn.

taken en de aansluiting tussen algemene voorzieningen en jeugdhulp. Zo ontstaat een heldere afbakening van wat wel en niet onder jeugdhulp

Samenwerken aan inhoudelijke vernieuwing binnen de jeugdhulp. Deze lijn bevat projecten

valt.

waarin gemeenten en consortia samen optrekken op basis van gedeelde verantwoordelijkheden en gezamenlijke uitvoering. Gezamenlijk met ruimte voor ontwikkeling, gezamenlijk leren en

2. Beschikbaarheid jeugdhulp

afstemming tussen toegang, verwijzing en uitvoering. De hieronder genoemde opgaven hebben

 Het verbeteren van de beschikbaarheid van passende jeugdhulp in de

een koppeling met de thema’s en maatregelen die genoemd staan in de Hervormingsagenda

regio. Dit vraagt om gezamenlijke inspanningen om wachttijden terug

Jeugd 2023-2028.

te dringen, capaciteit te borgen en beter aan te sluiten op de vraag. Er wordt gewerkt aan samenwerkingsafspraken over inzet, prioritering en regionale regie, in samenwerking met consortia, aanbieders en ketenpartners. Daarbij hebben we specifiek aandacht voor wachttijden en wachtlijsten: waar knelpunten zichtbaar zijn, willen we sneller kunnen bijsturen op inzet en samenwerking. 3. Minder uithuisplaatsingen en versterken van veiligheid Het realiseren van een daling van het aantal uithuisplaatsingen en het versterken van de veiligheid van kinderen in de thuissituatie. Samen met Veilig Thuis, GI’s en andere partners wordt ingezet op preventie, vroegsignalering en integrale aanpakken om duurzame oplossingen in het gezin te vinden en escalatie te voorkomen. Er wordt gewerkt aan betere samenwerking en afstemming in complexe casuïstiek. 4. Jeugdhulp en onderwijs Het verbeteren van de samenwerking tussen jeugdhulp en het onderwijsveld, met als doel kinderen tijdig en passend te ondersteunen binnen de onderwijscontext. Er wordt gewerkt aan het versterken van de samenwerking tussen gemeenten, samenwerkingsverbanden passend onderwijs, CJG’s en consortia. Daarbij is speciale aandacht voor de aansluiting van zorg en onderwijs, het organiseren van laagdrempelige ondersteuning en het gezamenlijk oppakken van knelpunten.

28

Index

Regionaal Programmaplan Jeugdhulp 2025-2027

29

4.3.2 Deelopdrachten

Deelopdrachten die horen bij opgave normaliseren en afbakenen

Deelopdrachten die horen bij opgave beschikbaarheid Jeugdhulp

binnen de opgaves

De opgave normaliseren en afbakenen heeft betrekking op het creëren van

In deze opgave wordt gewerkt aan het beschikbaar maken van specifieke

van programmalijn 3

helderheid over bij welke vraagstukken inzet van specialistische jeugdhulp

zorgvormen voor zorgvragen waar we nu aantoonbaar geen passende hulp

Elke programmalijn

gewenst en noodzakelijk is en welke vraagstukken jeugdigen en gezinnen zelf,

voor kunnen bieden. Daarbij hoort ook het aanpassen van het stelsel, zodat

bestaat uit ver-

met ondersteuning van hun netwerk of hulp via een vrij toegankelijke sociale

jeugdigen en gezinnen tijdig en op de juiste wijze geholpen kunnen worden.

­­­schillende opgaves

basisvoorziening, kunnen oplossen. Tevens behoort hierbij dat er voldoende

waar deelopdrachten

sociale basisvoorzieningen beschikbaar en bekend zijn om deze hulp te bieden.

onder hangen.

Deelopdracht beschikbaarheid pleegzorg De beschikbaarheid van pleegzorg staat onder druk, onder andere door

Deelopdracht afbakenen reikwijdte jeugdhulp en normaliseren.

een tekort aan pleegouders, toenemende complexiteit van zorgvragen en

Binnen de jeugdhulpregio ZKIJ is een gezamenlijke verordening vastgesteld

knelpunten in de doorstroom en ondersteuning. Tegelijkertijd is pleegzorg, mits

waarin de reikwijdte van gemeentelijke jeugdhulp is beschreven. Deze vormt de

goed georganiseerd, vaak een effectiever en goedkoper alternatief dan een

basis voor een heldere afbakening van waar de jeugdhulp wel en niet van is. De

verblijf in residentiële instellingen.

opdracht ligt nu in de concrete doorvertaling en uitvoering: het uitwerken van beleidsregels, werkafspraken en implementatie in de uitvoeringspraktijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16235974/1