Bijlage 2. Concept Jaarrekening 2025
Tekst van het document
Overhead
5.029.159
3.685.643
5.165.644
Saldo van baten en lasten
862.438
14.609-
14.609-
Toevoeging aan reserves
-1.004.067
-
-
Onttrekking aan reserves
134.325
14.609
14.609
Resultaat
-7.305
0
0
3.2 Begrotingsrechtmatigheid De overschrijding van de totale baten en lasten ten opzichte van de begroting leidt in overeenstemming met de begroting per saldo tot een negatief saldo van baten en lasten. De lasten zijn direct gerelateerd aan de baten en passen binnen het bestaand beleid. Na de begrote onttrekking resteert een positief saldo. Het AB en DB ontvangen iedere vier maanden een tertiaal rapportage en zijn daarmee geïnformeerd over onder- en overschrijdingen. Het AB is daarmee bekend met de onderschrijdingen. De overschrijding op de lasten op het programma betreft dan ook een overschrijding die gedekt wordt met direct gerelateerde baten. Hierdoor is deze onrechtmatig maar wordt deze in overeenstemming met de spelregels, die zijn opgenomen in de financiële verordening, geaccepteerd.
3.3 Toelichting overzicht van baten en lasten Grondslagen van resultaatbepaling Het overzicht van baten en lasten is opgesteld met in achtneming van het BBV. De kosten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Opbrengsten worden verantwoord in het jaar waarin de diensten zijn verricht. Verliezen worden in aanmerking genomen in het jaar waarin deze voorzienbaar zijn. Afschrijvingen geschieden tijdsevenredig, op basis van de verwachte economische levensduur. Op aanschaffingen in het verslagjaar wordt evenredig afgeschreven. Resultaat projecten Op de dienstverlening, buiten de GR-takenpakketten, is een positief resultaat gerealiseerd. De projectbaten zijn hoger dan de begroting. Voorbeelden van niet-begrote dienstverlening betreffen de uitbreiding van dienstverlening van de taakuitvoering van bouw- en woningtoezicht. Het projectresultaat is hoger dan de begroting 2025. Dit komt met name doordat er na het vaststellen van de begroting een aantal projecten zijn gestart die direct ter dekking staan van onze formatie.
Jaarstukken 2025
32
Incidentele bijdrage Door de deelnemers is met de vaststelling van de begrotingswijziging 2025 een bedrag van €2.005.000 aan extra geld ter beschikking gesteld aan ODIJmond. Overige opbrengsten In 2025 is een grote renteopbrengst geboekt als resultaat, als gevolg van het vrij laten vallen van rente op schatkistbankieren over de boekjaren 2023 en 2024 (€183.000), die ten onrechte aan projecten zijn toebedeeld. Daarnaast zijn er renteopbrengsten geboekt die wij ontvangen op de gelden die wij wegzetten in de schatkist. Er is geen gebruik gemaakt van deposito’s. De overige baten voor 2025 bestaan uit de vergoeding voor de informatievoorziening aan makelaars. Salarissen en sociale lasten De totale salarissen en sociale lasten geven de kosten weer van medewerkers die in deze verantwoordingsperiode bij ons werkzaam zijn, van zowel de kernformatie als de projectformatie. De kernformatie wordt ingezet om de uitvoeringsprogramma’s voor de deelnemende gemeenten en de provincie uit te voeren. De salarissen en sociale lasten zijn lager dan begroot als gevolg van het niet of later in kunnen vullen van vacatures. Inhuur derden Om de minimale bezetting op peil te houden is in 2025 meer gebruik gemaakt van inhuur.
Ten opzichte van de begroting en voorgaande jaren zien we stijging van de inhuurlasten, dit heeft de volgende oorzaken: krappe arbeidsmarkt, betere personele inzet op de reguliere- en projectmatige taken, extra inspanningen op het inlopen van achterstanden. De dekking wordt gevonden in lagere personele kosten en projectbaten. Overige personeelslasten ODIJmond heeft een hybride werkregeling. Minimaal 50% van de werktijd is op kantoor. We stimuleren actief de ontmoeting en afstemming van medewerkers onderling. Daarnaast is ons mobiliteitsbeleid aangepast naar 100% vergoeding voor het openbaar vervoer voor alle reizen. Wij zien dat, mede door de stijgende benzineprijzen, medewerkers meer reizen met het openbaar vervoer. Door deze effecten zijn de reiskosten hoger dan begroot. Helaas is ons verzuim opgelopen in 2025, hierdoor zijn ook de kosten voor verzuimbegeleiding door coaching en bedrijfsartsen hoger dan begroot. Kapitaallasten De kapitaallasten dalen incidenteel ten opzichte van onze begroting. In de begroting is rekening gehouden met vervangingsinvesteringen. Vanwege de inflatie maar ook door de geplande directeurswissel zijn deze investeringen uitgesteld. Hierdoor zijn de afschrijvingslasten lager dan begroot. Wel hebben we naar aanleiding van de pilot dit jaar in verplaatsbare vergaderruimten geïnvesteerd.
Jaarstukken 2025
33
Overige bedrijfslasten -
Het totaal van de overige bedrijfslasten is, voor aftrek van de doorbelasting aan projecten, hoger dan de begroting.
-
In het kader van verandering in de rechtmatigheidsverantwoording is expertise ingehuurd om ons te ondersteunen met de voorbereiding hierop. In verband met de wijziging in de Wet Gemeenschappelijke Regelingen en de impact op onze GR hebben wij advies ingewonnen. Hierdoor zijn de advieskosten hoger dan begroot.
-
De aanhoudende inflatie heeft in 2025 ook gezorgd voor een overschrijding op onze energielasten.
-
De kosten voor licenties zijn hoger door groei van het aantal applicaties maar ook doordat voor veel contracten het niet meer mogelijk is om gebruik te maken van gratis licenties als gevolg van onze toegenomen omvang.
-
Deze incidentele kosten dekken wij uit een incidentele stijging van onze projectbaten, een daling van de kapitaallasten en door niet begrote rentebaten.
-
De nagekomen baten en lasten welke niet worden begroot, hebben in 2025 betrekking op de doorbelasting van de kosten voor beveiliging en glasbewassing.
Onvoorzien Er is geen post onvoorzien begroot en daarom ook niet verantwoord in de jaarrekening. 3.3.1 Overzicht incidentele baten en lasten In het overzicht van incidentele baten en lasten zijn alleen baten en lasten opgenomen waarbij het gaat om eenmalige zaken, resultaten uit eenmalige bijzondere projecten. Bij de meeste opgenomen projecten is sprake van een meerjarige tijdelijke geldstroom, waarvan de eindigheid vastligt. De incidentele baten zijn in totaal hoger dan de incidentele lasten. Incidentele baten en
Realisatie
Begroting
lasten
Gewijzigde begroting
Jaar
2025
Baten
4.637.468
4.021.995
6.026.995
Totaal incidentele baten
4.637.468
4.021.995
6.026.995
Incidentele lasten
Realisatie
2025
Begroting
2025
Gewijzigde begroting
Jaar
2025
2025
2025
Lasten
4.176.277
1.116.045
3.121.045
Totaal incidentele lasten
4.176.277
1.116.045
2.121.045
Incidentele baten en incidentele lasten bestaan uit baten en lasten die een looptijd hebben korter dan vijf jaar. De incidentele baten bestaan voornamelijk uit projectbaten en dienstverleningsovereenkomsten. De incidentele lasten bestaan voornamelijk uit projectlasten.
Jaarstukken 2025
34
3.3.2 Baten en lasten naar taakveld Wij verdelen de baten en lasten over de volgende taakvelden volgens het BBV in 2025. Taakveld
Baten
Lasten
Saldo
8.3 Wonen en bouwen
2.689.192
1.474.463
1.214.729
7.4 Milieubeheer
15.567.215
10.821.291
4.745.924
0.4 Overhead
16.760
5.029.159
-5.012.399
4.1 Openbaar basisonderwijs
151.114
191.944
-40.830
0.9 Vennootschapsbelasting (VpB)
-
-
44.986
-44.986
17.561.843 1.004.067
862.438 -869.742
0.5 Treasury Gerealiseerd saldo van baten en lasten 0.10 Mutaties reserves
18.424.281 134.325
0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten
-7.305
3.3.3 Overheadkosten 2025
Specificatie Overhead Personele lasten
Realisatie
Oorspronkelijke begroting
Gewijzigde begroting
2.856.305
2.451.742
2.451.742
Overige personele lasten
763.195
65.300
671.300
Afschrijvingen
168.736
163.988
163.988
Rentelasten
44.986
14.430
14.430
IT (afschrijving + overige)
217.654
148.446
148.446
1.007.711
841.738
841.738
Overige bedrijfslasten Externe projectkosten Totaal
874.000 5.058.587
3.685.643
5.165.644
Toelichting op de overheadskosten De berekening van zowel de overheadformatie als de overheadkosten is in overeenstemming met de BBV-vernieuwingen. De overheadformatie ten opzichte van de totale formatie is 23,46% op basis van FTE. Het percentage overhead ten opzichte van onze totale lasten gecorrigeerd voor externe projectkosten is 23,46%.
3.4 Informatie bezoldiging topfunctionarissen Op 1 januari 2013 is de Wet normering topinkomens (WNT) publieke en semipublieke sector in werking getreden. De WNT is van toepassing op ODIJmond. Het voor ons toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2025 €246.000 (2024: €233.000). Dit betreft het algemeen bezoldigingsmaximum.
Jaarstukken 2025
35
3.4.1 Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling
Bedragen x € 1 Functiegegevens 2025 Aanvang en einde functievervulling in 2025 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in FTE) Dienstbetrekking?
J. Zandhuis Directeur 01/01 – 31/12 1,000 ja
Bezoldiging 2025 Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 138.284
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 20.641
Subtotaal
€ 158.925
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 246.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Totale bezoldiging 2025
N.v.t. € 158.925
Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
Functiegegevens 2024 Aanvang en einde functievervulling in 2024
01/01 – 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in FTE)
1,0
Dienstbetrekking
ja
Bezoldiging 2024 Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 123.709
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 20.462
Subtotaal
€ 144.171
Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
€ 233.000
Totale bezoldiging 2024
€ 144.171
In de gewaarmerkte jaarrekening 2024 is per abuis een totale bezoldiging vermeld van €196.927. In de jaarrekening 2025 is dit gecorrigeerd.
Jaarstukken 2025
36
1b. Topfunctionarissen met een bezoldiging van €2.100 of minder
Namenlijst Dagelijks en Algemeen Bestuur
FUNCTIE
Gemeente Beverwijk – mevrouw S. Klaassen Gemeente Haarlem – de heer R. Berkhout Gemeente Heemskerk – mevrouw A. Zalinyan Gemeente Heemskerk – de heer Suanet Gemeente Landsmeer – de heer N. Bonenkamp Gemeente Velsen – de heer S. Dinjens Gemeente Velsen – de heer J. Verwoort Gemeente Bloemendaal – mevrouw T. van der Windt Gemeente Edam-Volendam – de heer K. Schilder Gemeente Heemstede – mevrouw A. Grummel Gemeente Oostzaan – de heer S. Nijssen Gemeente Purmerend – de heer M.T.A. Hegger Gemeente Uitgeest – de heer J. Schouten Gemeente Waterland – mevrouw A.M.H. v.d. Weijenberg Gemeente Wormerland – de heer J. Schalkwijk Gemeente Wormerland – de heer M. Wit Gemeente Zandvoort – de heer J.J. de Kloet Provincie Noord-Holland – de heer J. Beemsterboer
[LID AB en DB] [LID AB en DB] (LID AB en DB) (LID AB en DB) [LID AB en DB] (LID AB en DB) (LID AB en DB) [LID AB] (LID AB) (LID AB) [LID AB] [LID AB] (LID AB) [LID AB] [LID AB] [LID AB] [LID AB] [LID AB]
Opmerking
Gestopt
Gestopt
Vervangen
Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2025 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.
3.5 Belastingen 3.5.1 Omzetbelasting ODIJmond is met ingang van 1 januari 2007 door de belastingdienst als een BTW-plichtige organisatie aangemerkt. Hierdoor is een vereenvoudiging van de administratieve handelingen voor zowel ons als onze deelnemers gerealiseerd en is efficiency in de administratie bewerkstelligd. In deze jaarrekening zijn alle baten en lasten exclusief BTW opgenomen. Doordat wij zelf BTW afdragen en verrekenen, wordt met uitzondering van Europese subsidies geen BTW doorgeschoven naar onze deelnemers in het kader van het BTW Compensatiefonds. 3.5.2 Vennootschapsbelasting Op basis van de Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen geldt per 1 januari 2016 belastingplicht voor overheidsondernemingen. Volgens deze wet moeten overheden die winst of structureel overschotten behalen met activiteiten die concurreren met de markt, in principe vennootschapsbelasting betalen. De Samenwerking Vennootschapsbelasting Lokale Overheden (SVLO) heeft met de belastingdienst een inschatting gemaakt van de gevolgen voor omgevingsdiensten. De uitkomsten zijn gepubliceerd in de vorm van onder meer een activiteitenlijst met wettelijke en plustaken waarvoor geen Vpb-plicht geldt. In 2021 hebben wij onze Vpb-positie laten herbeoordeling door EFK Belastingadviseurs. Het resultaat gerealiseerd uit de bodemrapportages is belastingplichtig.
Jaarstukken 2025
37
Vanaf 2021 doen wij alleen een vereenvoudigde aangifte voor dit onderdeel. EFK Belastingadviseurs, te Alkmaar ondersteunt ons hierin. De financiële impact hiervan is laag. Wanneer er geen resultaten meer gerealiseerd worden op dit onderdeel vervalt de belastingplicht.
3.6 Resultaatbestemming De jaarrekening 2025 toont een negatief saldo van €7.305. Het AB neemt een besluit over de bestemming van dit resultaat, in overeenstemming met artikel 31 uit de Gemeenschappelijke regeling.
Jaarstukken 2025
38
3.7 Balans per 31 december 2025 ACTIVA
31 december
2025
31 december
2024
Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut
3.278.262
3.469.447 3.278.262 3.278.262
Totaal materiële vaste activa
3.469.447 3.469.447
Financiële vaste activa Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Totaal financiële vaste activa
10.338
10.338 10.338
10.338
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen
446.577
1.303.521
10.777.800 241.395
8.872.406 158.426 11.465.771
Liquide middelen Kassaldi Banksaldi
0 192.056
10.334.353
851 191.944 192.056
192.795
Overlopende activa De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
1. Nog te ontvangen voorschotbedragen van overige Nederlandse overheidslichamen
105.467
83.582
105.467
83.582
Totaal vlottende activa
11.763.294
10.610.730
TOTAAL GENERAAL
15.051.892
14.090.514
Jaarstukken 2025
39
PASSIVA
31 december
2025
31 december
2024
Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerd resultaat
467.359 1.144.474 -7.305
467.359 150.500 124.232 1.604.528
742.091
Voorzieningen
Onderhoud pand Overige voorziening Personeel
228.778 44.637 891.836
208.278 47.744 868.307 1.165.251
1.124.329
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen van: binnenlandse banken en overige financiële instellingen
3.700.000
3.700.000 3.700.000 6.469.780
Totaal vaste passiva
3.700.000 5.566.420
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige schulden
619.492
771.251 619.492
771.251
Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
Vooruitontvangen bedragen De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren 1. Voorschotbedragen van Europese overheidslichamen 2. Voorschotbedragen van het Rijk 3. Voorschotbedragen van overige Nederlandse overheidslichamen
Totaal vlottende passiva TOTAAL GENERAAL
Jaarstukken 2025
276.413
2.104.003
1.692.197
0 3.756.834
46.751 2.256.805
2.237.176
3.345.283 7.962.620
7.752.842
8.582.112
8.524.093
15.051.892
14.090.514
40
3.8 Toelichting op de balans 3.8.1 Waarderingsgrondslagen De balans is opgesteld met inachtneming van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening Waardering van passiva en activa als ook de bepaling van het resultaat vinden in principe plaats op basis van historische kosten. Activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarde, tenzij in deze grondslagen anders is vermeld. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben, onverschillig of zij tot inkomsten of uitgaven in dat jaar hebben geleid. Baten en lasten, waaronder ook begrepen de heffing van de vennootschapsbelasting, worden daarbij verantwoord tot hun brutobedrag. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar worden genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben 3.8.2 Grondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: -
De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet;
De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: o
Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals door het algemeen bestuur is vastgesteld op 5 november 2025;
o
Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderscheidingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het algemeen bestuur zijn gemeld.
o
Ten aanzien van het M&O-criterium is een analyse opgesteld dat dit criterium voor onze organisatie niet van toepassing is aangezien wij geen regelingen hebben waar misbruik van kan worden gemaakt.
De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV van september 2025 alsmede onze eigen financiële verordening.
Jaarstukken 2025
41
Dit betekent dat:
Een verantwoordingsgrens van 1% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen;
Een rapporteringstolerantie van €25.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.
3.8.3 Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs en verminderd met een lineaire afschrijving. Berekend op basis van een percentage van de aanschafwaarde. Dit percentage is gebaseerd op de verwachte gemiddelde levensduur van de activa. De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn: Vaste activa Appartementsrecht en parkeervergunningen
Afschrijftermijn in jaren Niet van toepassing
Bedrijfsgebouwen
50
Vaste inrichting en warmtekoudeopslag-installatie
15
Overige inrichting
5 of 10
Hard- en software
3,5 of 5
Telecommunicatieapparatuur (onder hard- en software)
10
Mobiele telefoons (onder hard- en software)
3,5
Vervoersmiddelen
5
ODIJmond is van zowel het bedrijfsgebouw als de betreffende grond geen eigenaar. Gemeente Beverwijk heeft ons ondererfpacht van de grond en een recht van appartement geleverd. Dit betreft een exclusief gebruiksrecht van het appartement en het medegebruiksrecht van de gemeenschappelijke gedeelten. In 2011 is een splitsingsakte opgesteld en een vereniging van eigenaren (VvE) opgericht. In 2013 heeft gemeente Beverwijk ons twintig parkeervergunningen voor onbepaalde tijd geleverd, waarover wij niet afschrijven. De activeringsgrens voor aanschaffingen bedraagt €1.000. 3.8.4 Onderhandenwerk projecten en ontvangen voorschotten voor specifieke uitkeringen Waardering vindt plaats op basis van aan deze projecten bestede kosten. Indien van toepassing, wordt een voorziening voor verwachte verliezen in mindering gebracht. De op 31 december gedeclareerde termijnen zijn in mindering gebracht op het Onder Handen Werk. Ontvangen voorschotten voor specifieke uitkeringen zijn onder de overlopende passiva opgenomen. 3.8.5 Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde, voor zover rekening houdend met mogelijke oninbaarheid op basis van individuele beoordeling.
Jaarstukken 2025
42
3.8.6 Overige activa en passiva Alle overige posten in de balans worden gewaardeerd tegen nominale waarde. ACTIVA Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut
Vaste activa
Grond
Gebouw
€ 143.755
Boekw aarden 1/1
Vaste en overige inrichting
€ 2.917.488
Overige materiële vaste activa: harden software
€ 304.009
€ 104.195
6.051
13.054
Investeringen
Vervoersmiddelen
Totaal
€ 0
€ 3.469.447 19.105
Afschrijvingen Bijdragen van derden
0
-65.260
-101.123
-43.907
0
-210.290 0
Boekwaarden 31/12
143.755
2.852.228
208.937
73.342
0
3.278.262
Financiële vaste activa
Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer.
2025
2024
Waarborgsommen Overige
10.338 0
10.338 0
2025 446.577
2024 1.303.521
10.777.800
8.872.406
Waarborgsommen betreft de borg van ons bedrijfspand te Wormer. Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
a. Het drempelbedrag voor middelen die buiten 's Rijks schatkist mogen worden gehouden bedraagt €1.000.000. b. Per kw artaal betrof dit gemiddeld: 2025 2024 1e kwartaal 182.683 1e kwartaal 211.338 2e kwartaal 184.424 2e kwartaal 211.130 3e kwartaal 192.375 3e kwartaal 203.713 4e kwartaal 190.543 4e kwartaal 192.922 gemiddeld 2025
188.013
gemiddeld 2024
204.776
Overige vorderingen
241.395
158.423
Deze post w ordt als volgt onderverdeeld: Overige debiteuren Overige vorderingen
0 241.395
55.432 102.991
Inventarisatie van de ouderdom en het risicoprofiel van de debiteurensaldi per 31-12-2025 heeft geen aanleiding gegeven om voor vorderingen een voorziening dubieuze debiteuren te vormen.
Jaarstukken 2025
43
Liquide middelen
Kassaldi
2025 0
2024 851
Banksaldi
192.056
191.944
Deze post w ordt als volgt onderverdeeld: 1) Rekening courant Rabobank 2) Rekening-courant BNG 3) Kruispost LM
9.867 180.000 2.189
11.183 180.055 706
De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen die ontstaan
2025 105.467
2024 83.582
Nog te ontvangen voorschotbedragen van Europese lichamen Nog te ontvangen voorschotbedragen van overige Nederlandse overheidslichamen
105.467
83.582
Overlopende activa
Overige Nederlandse overheidslichamen Project snuffelfiets Programma actualiseren GR, DVO en financieringsstructuur JTF Energiehub Uitgeest-Noord Haalbaarheidsstudie Beverwijk Business Docks Haalbaarheidsstudie slimmer en duurzamer De Houtw egen Heemskerk JTF IJmond circulair Indirecte lozingen Interregproject Commit Leefomgeving Label C regio IJmond Totaal
Saldo 1-1 19.960 5.995 9.214 19.360 24.200 4.483
370 83.582
Ontvangen Toevoegingen bedragen 19.960 374.000 368.005 198.787 198.809 19.360 24.200 79.371 260 17.143 29.260 20.328 19.958 673.778 695.663
Saldo 31-12 9.236 83.854 260 12.117 105.467
Algemene reserve Op 11 juni 2025 heeft het AB besloten het gerealiseerde resultaat 2024 toe te voegen aan een de bestemmingsreserve ten behoeve van de risicobeheersing en oplossingsrichtingen. De algemene reserve is het weerstandsvermogen van de ODIJmond. Gerealiseerd resultaat De bestemming van het resultaat vindt plaats op de vergadering van het AB van 13 mei 2026. 2025 2024 -7.305
124.232
Bestemmingsreserve 2025 1.144.474 Bestemmingsreserves Nieuw bouw Vervoermiddelen Vrijval projectgelden Risicobeheersing en oplossingsrichtingen TOTAAL
Boekwaarde 1-1 40.013 5.000 105.487 150.500
Toevoeging
ResultaatOnttrekking bestemming 2024 9.609 5.000
Retournering Boekwaarde gemeenten 31-12
1.004.067 1.004.067
119.716 134.325
124.232 124.232
2024 150.500
-
30.404 1.004.067 110.003 1.144.474
Nieuwbouw De reserve is gevormd voor een niet-begrote of tegenvallende kosten volgend uit de nieuwbouw, zoals de BDB-index, de warmtekoude-opslag, extra investeringen werkplekken, zonnepanelen, extra afschrijvingen oude inventaris en digitalisering van het archief. De jaarlijkse onttrekking
Jaarstukken 2025
44
betreffende deze onderdelen heeft een structureel karakter en is door het AB vastgesteld in de begroting 2022. Reserve vervoermiddelen In 2020 is een transitie gemaakt van bezit naar gebruik. We leasen nu een volledig elektrisch wagenpark. Hiermee is onze organisatie een voorbeeld voor de omgeving. Voor de hogere lasten van lease voor elektrisch rijden ten opzichte van bezit van een hybride auto's is door het bestuur een bestemmingsreserve gevormd. De reserve is uitgeput wanneer ook het leasecontract is beëindigd. Vrijval projectgelden In 2025 heeft het ODIJmond-bestuur besloten om nog beschikbare projectgelden op de balans, voor projecten die afgerond zijn en waar nog een bedrag aan beschikbaar te besteden middelen op de balans stonden, waarvoor geen terugbetalingsverplichting bestaat, te laten vrijvallen en te storten in een nieuwe bestemmingsreserve. Deze middelen mogen alleen aangewend worden om eventuele verliezen op projecten op te kunnen vangen zodat deze lasten niet ten laste komen van de deelnemers van de GR. Risicobeheersing en oplossingsrichtingen In 2024 is een bestemmingsreserve gevormd om de verandering in de organisatie en de nieuwe financieringsstructuur vorm te geven. Deze bestemmingsreserve wordt de komende twee jaar benut en komt daarna te vervallen.
Voorzieningen 2025 1.165.251 Voorzieningen Voorziening voor verplichtingen en risico's Boventallig verlof Spaarverlof Eigen risico wga Reguliere voorziening voor ww vanuit cao Langdurig verzuim subtotaal Voorziening die dient ter egalisatie van kosten Onderhoud pand subtotaal TOTAAL
Jaarstukken 2025
Boekwaarde 1-1 665.490 202.817 47.744 0 916.051 208.278 208.278 1.124.329
Toevoeging
Vrijval 8.236
Aanwending 18.393
2024 1.124.329 Boekwaarde 31-12
50.158
8.236
21.500
638.861 252.975 44.637 0 936.473
20.500 20.500 70.658
8.236
21.500
228.778 228.778 1.165.251
50.158 3.107
45
Boventallig verlof en spaarverlof Vanaf 2021 vormt ODIJmond een voorziening voor boventallig verlof. De voorziening is bestemd voor vakantie-uren die boventallig zijn. Vakantie-uren worden als boventallig gezien wanneer deze een volume hebben van meer dan twee keer de arbeidsduur van de medewerker. Vanaf 2022 biedt de CAO ruimere mogelijkheden voor het opbouwen van soorten verlof. Medewerkers kunnen extra vakantie-uren aankopen en/of spaarverlofuren via het individueel keuze budget (IKB). Sommige verlofsoorten vervallen pas na vijf jaar, spaarverlofuren vervallen niet. Onze opgebouwde voorziening voorziet op dit moment in de boventallig verlofuren én de spaarverlofuren. Beide voorzieningen zijn op dit moment berekend op basis van het huidig gemiddeld uurtarief. Dit tarief wijzigt elk jaar. Eigen risico en WGA Wij zijn vanaf 1 januari 2022 eigen risicodrager voor de WGA9. Dat betekent dat bij instroom in deze regeling ODIJmond financieel risico’s loopt over de jaren vier tot en met tien. Die werden voorheen gedekt uit de externe Wet Hervattingskas. Deze risico’s zijn maximaal 70% van de loonsom in die jaren. Op basis van ervaringscijfers tot op heden is de kans dat dit risico zich voordoet gering. Omdat de financiële impact echter groot kan zijn, willen wij uiteindelijk een voorziening vormen ter hoogte van de maximale schadelast voor één persoon voor de duur van een jaar.
De schadelast na dit jaar kan via de reguliere begroting in de exploitatie worden opgenomen. Om de instroom in de WGA te beperken en te voorkomen zijn wij een DVO met Robidus aangegaan en is ons verzuimbeleid aangescherpt. De CAO verplicht tot doorbetalen bij ziekte van twee kalenderjaren. Onderhoud van het pand De jaarrekening bevat een voorziening voor het onderhoud van het kantoorpand gedeeld met de gemeente Beverwijk, gebaseerd op ons aandeel van het totale gebouw (3/16-deel). De voorziening egaliseert de kosten van groot onderhoud over meerdere jaren, voorkomt schommelingen in de begroting en dekt werkelijke onderhoudskosten. De gemeente Beverwijk leidt momenteel nog het onderhoudsplan. Onze organisatie blijft verantwoordelijk voor de voorziening en evalueert het plan en past aan wanneer nodig. Het onderhoudsplan wordt in 2026 geactualiseerd. Op basis hiervan wordt bepaald of een aanpassing in de hoogte van de voorziening benodigd is.
Onderhandse leningen van: Binnenlandse banken en overige financiële instellingen Binnenlandse banken en overige financiële instellingen Lening BNG
2025 3.700.000 Saldo 1-1 Aangetrokken 3.700.000 0
Aflossing 0
2024 3.700.000 Saldo 31-12 3.700.000
Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer
De rentelast van de BNG-lening voor 2025 bedraagt € 14.430
9 Werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten
Jaarstukken 2025
46
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
Overige schulden
2025 619.492
2024 771.251
Deze post w ordt als volgt onderverdeeld: Crediteuren Overige kortlopende schulden
305.082 314.411
745.255 25.996
De overige kortlopende schulden betreffen: Inschatting restant jaarverslag Nog te betalen kosten Nog te verlonen/ uit te betalen salarissen Ontvangen dwangsommen
0 306.983 7.428 0
0 0 8.726 17.270
De reservering boventallig verlof is gepresenteerd onder de voorzieningen Overlopende passiva 2025
2024
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
276.413
2.104.003
De nog te betalen bedragen kunnen als volgt verdeeld worden: Te betalen loonbelasting Te betalen BTW Te betalen vennootschapsbelasting Overige
0 14.245 0 262.168
1.002.704 744.893 0 356.406
2025
2024
Vooruitontvangen bedragen
1.692.197
0
De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor Nog te besteden voorschotbedragen van Europese lichamen Nog te besteden voorschotbedragen van het Rijk
5.994.009 0 3.756.834
5.648.839 46.751 2.256.805
Nog te besteden voorschotbedragen van overige Nederlandse overheidslichamen
2.237.175
3.345.283
Het verloop van de ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren w ordt per categorie als volgt weergegeven:
Vooruitontvangen bedragen De op de balans gepresenteerde vooruitontvangen bedragen betreffen beschikbaar gestelde gelden voor het uitvoeren van projectmatige werkzaamheden, die tot en met 2025 zijn ontvangen maar nog niet zijn uitgegeven. Deze schulden hebben een kortlopend karakter.
Jaarstukken 2025
47
Europese lichamen INTERREG UYW Totaal
Saldo 1-1
Ontvangen bedragen
46.751 46.751
Vrijgevallen bedragen -
Vrijval conform AB besluit 46.751 46.751
Saldo 31-12 -
Nog te besteden voorschotbedragen van het Rijk Omschrijving Voorbereiding en uitvoering geluidsaneringen Geluidsanering Hagelingerweg en vd Vondellaan Geluidsanering uitvoeringskosten Rijksstraatw eg Heemskerk Geluidsanering Landsmeer Geluidsanering Zandvoortselaan Heemstede Geluidsanering B.lijst Lanckhorstlaan en Zandvoortselaan Geluidsanering inrichting Lanckhorstlaan en Zandvoortselaan SPUK THE Subsidie robuustheid i&W SPUK IBP VTH Subtotaal Rijkssubsidies
Saldo 1-1
Ontvangen bedragen
1.167.667 52.019 32.859 33.749 43.704 561.417 285.270 60.389 19.731 2.256.805
Vrijgevallen bedragen
1.291.443 29.430
135.327 44.786
14.758 31.72580.640
41.269 3.914
232.113 196.000
67.603
1.812.659
Vrijval conform AB besluit
Saldo 31-12
19.731 312.630
2.323.783 36.663 32.859 7.238 8.065 642.057 285.270 224.899 196.000 3.756.834
-
Nog te besteden voorschotbedragen van overige Nederlandse overheidslichamen Omschrijving Energiebesparingsonderzoeken WUP Heemskerk Opleiding invoering omgevingswet Walstroom Energiebesparingsakkoord Energietaken Wet milieubeheer- Edam-Volendam Programma gezondheid en luchtkwaliteit SPUK Snuffelfiets SPUK Houtstook Energielabel C- kantoren intensivering Haarlem Bonaire Overigen BSBM Uitvoeringslasten toezicht EED richtlijn Toezicht energiebesparing IJmond bereikbaar Mobiliteitsfonds Eenmalige bijdrage PNH automatisering PNH extra gelden voor uitvoering bodemtaken Geluidsmetingen Zandvoort Uitgeest duurzaamheidsprogramma OTW Uitgeest (GreenBiz projecten) EBP Uitgeest Ecologisch onderzoek De Buch IOV IOV- DP 6- Van data naar informatie en terug RVMK Meetnet luchtkwaliteit ISV Beverwijk monitoring CAIJ Belt ISV diverse projecten div.
gemeenten Synchronisatie BIS Bodemkwaliteitskaart NMC Beverwijk NMC Heemskerk Energieakkoord regio Zuid-Kennemerland OTW OTW Heemskerk_label C kantoren OTW Beverwijk_label C kantoren OTW Velsen_label C kantoren OTW Uitgeest_label C kantoren Ondersteuning JTF Warmtenet en warmteplan GreenBiz (IJmond gemeenten) REB Communicatie Groen thuis Versnelling RenovatieOpgave (VeReno) Buitengebied Interregproject Commit Leefomgeving Zon op schooldaken Zaanstreek Waterland Project Indirecte Lozingen WPM Aanpak Co2-reductie Werkgebonden personenmobiliteit Label C Label C regio Zaanstreek Waterland Label C regio Zuid Kennemerland Subtotaal subsidies overheidsinstellingen
Saldo 1-1
Ontvangen bedragen
9.000 15.000 17.000 304.553 105.719 383.201 35.257 9.023 2.601 11.525 41.423 39.610 76.880 758.445 18.009 364.193 53.498 210.509 10.000 19.557 20.800 41.452 18.211 8.393 18.000 4.717 17.473 6.925 33.717 235 6.373 80.996 2.219 1 3 55.393 96.720 98.827 122.414 90.261 4.400 97.874 658 17.801 98.048 9.290 990 3.437.192
Vrijgevallen bedragen
13.000 -
5.000 -
196.408 45.125 379.657 5.414
47.515235 372.454 20 3.1444.954
4.954
Vrijval conform AB besluit
Saldo 31-12
15.000 17.000 -
9.023 2.601 11.525 41.423 39.610 160.000
90.000 26.093
75.814 758.445 17.664 6.265 33.736 10.000 28.893
18.009 346.529 203.900
41.452 18.211 8.393 78.000
75.000 4.717 17.473 6.925
75.557 75.557 20.000
1.568 75.792 81.930 20.750
11.580 1 3
70.000 135.657
60.061 199 234.484 122.414 4.400
116.100
117.877
56.716 142.810 15.700 57.267 9.989 12350 1.786.354
31.272 76.456 13.375 38.02019.279 13.340 2.048.785
937.587
17.000 548.476 150.609 390.404 5.394 3.144 35.257 161.066 47.233 62.873 16.757 20.800 21.000 32.149 68.666 2.219 65.332 96.521 1090.261 96.097 658 43.245 164.402 2.325 95.287 2.237.175
De beginstanden in de tabel van de nog te besteden voorschotbedragen van overige Nederlandse overheidslichamen sluiten niet aan met de tabel in de gewaarmerkte jaarrekening 2024. De eindstanden van de tabel sluiten aan op de administratie.
Jaarstukken 2025
48
3.9 Niet uit de balans blijkende verplichtingen In onderstaande tabel is het bedrag aan uitstaande verplichtingen per 31 december 2025 weergegeven. In de niet uit balans blijkende verplichtingen worden alleen contracten meegenomen met een initiële looptijd van minimaal vijf jaar. Uit hoofde van de GR staan de deelnemers garant voor deze lopende verplichtingen. Niet uit de balans blijkende verplichtingen Leasecontract printer
€7.835
Leasecontract autolease
€213.966
Contract mobiele telefonie en vaste datalijnen
€7.296
Uit te betalen niet boventallig verlof
€455.308
Personele verplichtingen Totaal
p.m. €684.406
3.9.1 Contract mobiele telefonie en vaste datalijnen In maart 2021 zijn contracten afgesloten voor mobiele telefonie en vaste datalijnen. Beide contracten hebben een looptijd van 60 maanden (vijf jaar). De resterende looptijd per 31 december 2025 is twee maanden. Nieuwe aanbesteding van deze diensten staat gepland voor 2026. 3.9.2 Leasecontract autolease In 2025 zijn nieuwe leasecontracten afgesloten. De looptijd van deze contracten is 60 maanden. De resterende tijd van deze contracten zijn respectievelijk 52 en 54 maanden na 31 december 2025. Daarnaast zijn er nog lopende leasecontracten die een resterende looptijd hebben van twaalf maanden na 31 december 2025. 3.9.3 Restverlof Het restantverlof van alle medewerkers is in 2025 gekwantificeerd op basis van het gemiddelde uurtarief aan loonkosten van €64,72. Het totaal aan restverlof bedraagt 7.035 uur. 3.9.4 Personele verplichtingen Voor medewerkers met een vaste of tijdelijke dienstbetrekking, waarvan het contract na balansdatum (31 december) niet verlengd wordt, zijn wij verantwoordelijk voor de vergoeding van de WW-uitkeringen. Dit zal maximaal voor een vooraf vastgestelde periode gelden, dan wel tot het moment dat met een nieuwe arbeidsbetrekking wordt begonnen. Gezien de huidige ontwikkelingen, onder meer de groei van de organisatie en toename van het personeelsbestand, kunnen dergelijke situaties zich voordoen.
De omvang van de verplichting is op dit moment nog niet redelijkerwijs in te schatten, daarom is de post pro memorie opgenomen.
3.10 Investeringen We hebben in 2025 nagenoeg geen investeringen gedaan. De investeringen die gedaan zijn betreffen de aanschaf van nieuwe laptops en iPads voor onze nieuwe medewerkers.
Jaarstukken 2025
49
Deze investeringen passen in het investeringsplan. Al onze investeringen zijn van economisch nut.
3.11 EMU-saldo Decentrale overheden zijn verplicht een inzicht te geven in de berekening van hun aandeel in het EMU-saldo van Nederland10. Deze informatie wordt aangeleverd bij het CBS. Onder GR-en vindt een steekproef plaats, wanneer deze een exploitatie van twintig miljoen of hoger hebben. ODIJmond valt daarom niet in de steekproef. Het EMU-saldo is wel verplicht om op te nemen in de begroting.
EMU-saldo 2025
Realisatie
Oorspronkelijke begroting
Gewijzigde begroting
Exploitatiesaldo
862.438
-14.609
-14.609
+ afschrijvingen
210.291
328.477
328.477
+ dotatie voorzieningen
23.529
20.000
20.000
- onttrekking voorzieningen + toevoeging aan reserves
21.500
40.000
40.000
134.325
14.609
14.609
1.944.500
279.259
279.259
- onttrekking reserves EMU-saldo
1.004.067
3.12 Rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid van het DB De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het dagelijks bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het algemeen bestuur op 5 november 2025 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het algemeen bestuur bepaald en bedraagt 1% (maximaal 2) van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op €175.618.
De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV van september 2025.
10 Het EMU-saldo is het totaal van inkomsten minus uitgaven van Nederland.
Jaarstukken 2025
50
Bevinding Het dagelijks bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen bedrag €0 bedraagt.
Dit is lager dan de daarvoor gestelde grens van € 175.618. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het dagelijks bestuur overigens een bedrag van € 0 acceptabel op basis van door het algemeen bestuur vastgestelde afspraken. In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het algemeen bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het dagelijks bestuur ook beschreven welke actie hij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
Jaarstukken 2025
51
3.13 SiSa-bijlage specifieke uitkeringen Specifieke uitkering
E3
Subsidieregeling sanering verkeerslawaai
Ontvanger
Uitkeringscode
IenW
Juridische grondslag
Verstrekker
SiSa bijlage verantwoordingsinformatie 2025 op grond van artikel 3 van de Regeling informatieverstrekking sisa - d.d. 07-01-2026
Indicator Hieronder per regel één beschikkingsnummer en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie
Indicator Besteding (jaar T) ten laste van Rijksmiddelen
Indicator Overige bestedingen (jaar T)
Indicator Indicator Besteding (jaar T) door Correctie over besteding (t/m meerwerk dat o.b.v. art. 126 jaar T) Wet geluidshinder ten laste van het Rijk komt
Indicator Kosten ProRail (jaar T) als bedoeld in artikel 25 lid 6 van deze regeling ten laste van Rijksmiddelen
Subsidieregeling sanering verkeerslawaai Provincies, gemeenten en gemeenschappelijke regelingen (Wgr) Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: E3/01 Indicator: E3/02 Indicator: E3/03 Indicator: E3/04 Indicator: E3/05 Indicator: E3/06 1 BSK-2019/229677 € 44.786 €0 €0 €0 €0 2 BSK-2017 /265597 €0 €0 €0 €0 €0 3 BSV/23l00086 € 38.219 €0 €0 €0 €0 4 BSV/22/00159 € 3.914 €0 €0 €0 €0 5 BSV/22/00199 €0 €0 €0 €0 €0 6 BSV/23/00198 €0 €0 €0 €0 €0 7 BSV/23/00199 €0 €0 €0 €0 €0 8 BSV/24/00138 €0 €0 €0 €0 €0 9 BSV/25/00176 €0 €0 €0 €0 €0 10 BSV/25/00209 €0 €0 €0 €0 €0 11 BSV/25/00254 €0 €0 €0 €0 €0 12 BSV/25/00269 €0 €0 €0 €0 €0 13 BSV/25/00276 €0 €0 €0 €0 €0 14 BSV/25/00279 €0 €0 €0 €0 €0 Hieronder per regel één Cumulatieve bestedingen ten Cumulatieve overige Cumulatieve Kosten ProRail Correctie over besteding kosten Eindverantwoording (Ja/Nee) projectnummer en in de laste van Rijksmiddelen (t/m bestedingen (t/m jaar T) (t/m jaar T) als bedoeld in ProRail (t/m jaar T) kolommen ernaast de jaar T) artikel 25 lid 6 van deze verantwoordingsinformatie regeling ten laste van Rijksmiddelen Deze indicator is bedoeld voor Deze indicator is bedoeld voor Deze indicator is bedoeld voor de tussentijdse afstemming van de tussentijdse afstemming van de tussentijdse afstemming van de juistheid en volledigheid van de juistheid en
volledigheid van de juistheid en volledigheid van de verantwoordingsinformatie de verantwoordingsinformatie de verantwoordingsinformatie
KGG
K21
Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Aard controle R Indicator: E3/07 Indicator: E3/08 Indicator: E3/09 Indicator: E3/10 Indicator: E3/11 1 BSK-2019/229677 € 208.320 €0 €0 Nee 2 BSK-2017 /265597 €0 €0 €0 Nee 3 BSV/23l00086 € 108.190 €0 €0 Nee 4 BSV/22/00159 € 118.273 €0 €0 Nee 5 BSV/22/00199 €0 €0 €0 Nee 6 BSV/23/00198 €0 €0 €0 Nee 7 BSV/23/00199 €0 €0 €0 Nee 8 BSV/24/00138 €0 €0 €0 Nee 9 BSV/25/00176 €0 €0 €0 Nee 10 BSV/25/00209 €0 €0 €0 Nee 11 BSV/25/00254 €0 €0 €0 Nee 12 BSV/25/00269 €0 €0 €0 Nee 13 BSV/25/00276 €0 €0 €0 Nee 14 BSV/25/00279 €0 €0 €0 Nee Besteding (jaar T) Cumulatieve besteding (t/m jaar Wordt voldaan aan het Wordt voldaan aan het Eindverantwoording (ja/nee) Eenmalige specifieke uitkeringen ten behoeve van T) bepaalde in artikel 6, tweede lid bepaalde in artikel 6, zesde lid, extra ondersteuning voor toezicht op en handhaving van de Regeling (ja/nee) van de Regeling (ja/nee) van de energiebesparingsplicht
Aard controle R Indicator: K21/01 € 62.917
Jaarstukken 2025
Aard controle n.v.t. Indicator: K21/02 € 714.979
Aard controle R Indicator: K21/03 Ja
Aard controle D2 Indicator: K21/04 Ja
Aard controle R Indicator: K21/05 Nee
52
Aard controle n.v.t. Indicator: E3/12
4 “Overige gegevens waaronder de accountantsverklaring’’
Plaats
Plaats
Datum
Datum
Handtekening
Handtekening
Mei 2026 Postbus 325 1940 AH Beverwijk 0251–263 863 info@odijmond.nl www.odijmond.nl
Jaarstukken 2025
53