Jaarstukken 2022 .pdf
Tekst van het document
Verbonden partijen Verbonden partijen zijn privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisaties waarin de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. In lijn met de vernieuwde voorschriften van het BBV worden per programma de verbonden partijen vermeld die een relatie hebben tot het betreffende programma. Gemeenschappelijke regeling Publieke Gezondheid en Jeugd Risico’s De DG&J heeft, na resultaatbestemming 2021, een weerstandsvermogen van € 500.000. In de eerste Bestuursrapportage 2022 wordt een voorstel gedaan om het tekort van de DG&J € 495.000 te onttrekken aan de algemene reserve. Dit geeft een verhoogd risico dat toekomstige tekorten niet kunnen worden opgevangen uit het weerstandsvermogen. De producten van de DG&J worden hoofdzakelijk gefinancierd uit inwoner- en directe gemeentelijke bijdragen. Een deel van de inkomsten hebben een fluctuerend karakter, zoals de subsidies in het kader van Veilig Thuis, OGGZ en de opbrengst van de polikliniek en inspecties toezicht Kinderopvang. Hierdoor is er een gering risico dat de realisatie van deze baten afwijkt van de raming. In het kader van de bedrijfsvoering/primair proces bestaat het risico op extra personele en financiële inzet indien er een hoger dan voorzien beroep wordt gedaan op de dienstverlening in brede zin (Veilig Thuis, GGD, LVS en hiermee samenhangende ondersteuning) van de DG&J.
De DG&J kent een grote verscheidenheid aan producten. Om de kwaliteit hiervan te borgen worden de nodige inspanningen geleverd, mede in het kader van de HKZ-certificatie. Risico's op fouten (miscommunicatie, foutieve registraties) en hieruit mogelijk voortkomende schadeclaims zijn echter nooit in zijn geheel uit te sluiten. Jaarstukken 2022
39
De coronacrisis heeft gezorgd voor een verschuiving van prioriteiten bij de DG&J, de verantwoordelijkheid voor de testcapaciteit en vaccinaties. Door landelijke maatregelen hebben sommige programma's vertraging opgelopen en/of zijn uitgesteld. Voor de Serviceorganisatie Jeugd Zuid-Holland Zuid (SOJ) ligt het risico met name bij het feit dat de jeugdhulpvraag groter is dan het beschikbare budget. De rijksmiddelen zijn lager dan de realisaties. Indien maatregelen niet voldoende zijn en de jeugdhulp toch nodig is, zal extra budget moeten worden gevraagd aan de deelnemende gemeenten. De afschaffing van de solidariteit zorgt voor een extra risico op de begroting van gemeente Hardinxveld-Giessendam. Dit betekent een hogere bijdrage aan de SOJ. De transformatie en doorontwikkeling van het sociaal team moet er aan bijdrage dat de benodigde jeugdhulp binnen gereduceerde budgetten kan worden uitgevoerd. Een kritische toegang en het afbakenen van jeugdhulp zijn belangrijke knoppen. In het programmaplan van het netwerk MT staan regionale maatregelen beschreven die hier ook aan moeten bijdragen. Veel van deze maatregelen worden zowel lokaal als regionaal ingevoerd. Er wordt regelmatig geëvalueerd en de kostenontwikkeling wordt nauwlettend gevolgd. De huidige contractafspraken met zorgaanbieders hebben niet geleid tot de benodigde besparingen.
Wij verwachten dat dit met de nieuwe inkoopsystematiek (ingaande januari 2022) wordt ondervangen door het normenkader en er meer grip ontstaat op de zorg die door aanbieders wordt geleverd. Ontwikkelingen DG&J Het Meerjaren Beleidsplan (MJP) voor de DG&J werd vastgesteld in april 2020. Het MJP vormt de basis voor het beleid van de DG&J in de periode 2020 -2023. Hierin krijgen belangrijke lokale en regionale ontwikkelingen een plek, maar is er ook aandacht voor de effecten van landelijke ontwikkelingen zoals (infectieziekten)preventie, antibioticaresistentie, de dalende vaccinatiegraad, invoering van de omgevingswet, de positie van kwetsbare jongeren in het onderwijs en op de arbeidsmarkt en de landelijke impulsen op het voorkomen van huiselijk geweld en kindermishandeling. Gemeenten stellen 1 x per 4 jaar een lokale nota gezondheidsbeleid op. Voor HardinxveldGiessendam is het lokale gezondheidsbeleid in februari 2022 besloten door de gemeenteraad. De visie Sociaal Domein ligt ten grondslag aan de gezondheidsnota. SOJ De 10 gemeenten in Zuid-Holland Zuid voeren sinds 1 januari 2015 gezamenlijk de taken uit die voortvloeien uit de Jeugdwet. Hiertoe is besloten tot de vorming van de Serviceorganisatie Jeugd Zuid-Holland Zuid als onderdeel van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid.
Naar aanleiding van de eerste Bestuursrapportage 2022 wordt een begrotingswijzing voorgesteld van €10,3 mln. Deze overschrijdingen worden voornamelijk veroorzaakt door de hogere tarieven wegens landelijke afspraken over hogere zorgsalarissen, continuïteitsteun in de JeugdzorgPlus, het niet halen van de beoogde kostenreducties en groei van de jeugdhulpuitgaven. De afgelopen jaren behaalden wij al diverse resultaten in het kader van de transformatie. Desondanks waren de beschikbare Rijksmiddelen niet toereikend en waren de afgelopen jaren extra financiële bijdragen van gemeenten noodzakelijk. Wij verwachten dat ook de komende jaren dit het geval is. Naar aanleiding van het landelijke onderzoek van AEF zijn er voor 2021 en 2022 extra middelen van het Rijk toegekend. Deze middelen dienen tekorten vanuit het verleden te compenseren en acute problemen op te lossen. Interventies zijn hiervoor nodig op drie niveaus, te weten bij de gemeenten, bij de toeleiding en toegang tot de zorg en op de regionale zorgmarkt. Hardinxveld-Giessendam zet in op cijfermatige analyse van de bestedingen jeugdhulp, lokale maatregelen en meer sturing door de gemeente. Een normenkader onder de nieuwe contractafspraken 2022 met jeugdhulpaanbieders moeten hier ook aan bijdragen. Vooralsnog wordt een risicoclassificatie van hoog gehanteerd.
RAV Met ingang van 1 januari 2019 is de uitvoering van de taken op het gebied van de ambulancezorg ondergebracht in de Coöperatie AmbulanceZorg ZHZ (CAZ-ZHZ), een zelfstandige coöperatie met DG&J en Erasmus Medisch Centrum (EMC) en Albert Schweitzer Ziekenhuis (ASZ) als leden. In verband met hoge overgangskosten blijven medewerkers die al voor 1 april 2018 in dienst waren bij DG&J ook in de nieuwe situatie nog in dienst van DG&J (onderdeel RAV). Deze medewerkers worden vanuit DG&J gedetacheerd bij de coöperatie. In de begroting 2021 zijn met betrekking tot de RAV alleen nog de loonkosten meegenomen. Daarbij is het resultaat nihil, omdat de loonkosten volledig worden doorbelast aan de coöperatie. Jaarstukken 2022
40
Wat heeft het gekost? Bedragen x € 1.000
Programma 9 Zorg en welzijn
Primaire begroting Lasten
105 Sociaal Domein 110 Volksgezondheid 115 Peuterspeelzalen/Kinderopvang 125 Huisvesting maatschappelijk Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Resultaat
-12.956 -135 -80 -38 -13.209 0 -13.209
Baten 82 0 1 14 97 370 467
Begroting na wijziging
Saldo
Lasten
-12.874 -135 -79 -25 -13.112 370 -12.742
-15.446 -137 -104 -36 -15.723 -430 -16.153
Baten 536 0 1 14 550 620 1.170
Realisatie
Saldo
Lasten
-14.910 -137 -103 -23 -15.173 190 -14.982
-15.291 -121 -120 -28 -15.561 -430 -15.990
Baten 762 0 5 16 783 620 1.403
Verschil Saldo -14.529 -121 -115 -13 -14.778 190 -14.587
Lasten 155 16 -16 8 162 0 162
Baten 227 0 4 2 233 0 233
Saldo 381 16 -12 10 395 0 395
- = Nadelig / + = Voordelig
Jaarstukken 2022
41
Programma 10 Gezondheid en Milieu Beleidsverantwoording Wat wilden we bereiken?
Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan?
Project Boezemgemaal en -kanaal
Project Boezemgemaal en -kanaal
Het Algemeen Bestuur van Waterschap Rivierenland heeft in 2017 een historisch besluit genomen door het boezemwatersysteem in de Alblasserwaard anders in te gaan richten als antwoord op de hierboven genoemde uitdagingen. Na een uitgebreid locatieonderzoek in 2020 heeft het waterschap op 11 mei 2021 een gebied in HardinxveldGiessendam gekozen voor de realisatie van een nieuw boezemkanaal en –gemaal. Na zes eeuwen water aan- en afvoer via Kinderdijk is het noodzakelijk om een nieuw hoofdstuk aan het waterbeheer toe te voegen. Op 27 november 2020 heeft het Algemeen Bestuur van Waterschap Rivierenland de nadere locatiekeuze voor nieuwe boezembemaling voor de Overwaard definitief vastgesteld in de gemeente Hardinxveld-Giessendam. Daarna zijn er diversie (digitale) bijeenkomsten en keukentafelgesprekken door het waterschap georganiseerd.
Op 11 mei 2021 is het gebied ten oosten van de Sluisweg tussen het Mr. Dr. G. Kolff gemaal en de Giessen gekozen voor de nieuwaanleg van een boezem en boezemgemaal. In het vierde kwartaal van 2021 zijn een aantal varianten uitgewerkt, waarna het waterschapsbestuur in maart 2022 een definitieve voorkeursvariant (variant A) ter inzage heeft gelegd. Hierop zijn 6 zienswijzen binnengekomen. In augustus 2022 is het definitief voorkeursalternatief met het gemaal op afstand, door het Waterschap vastgesteld. In het middengebied zaten daar subvarianten A1 en A2 in, afhankelijk van de effecten op het kanaal van Steenenhoek. Zowel A1 als A2 gingen daarbij buiten de NNN-percelen om. Medio 2022 is de planfase gestart, waarin het voorkeursalternatief verder wordt uitgewerkt tot een definitief ontwerp. Vanwege het initiatief zonneveld ’t Groene Hartingshof, wordt in deze fase onderzocht of het tracé van de Boezem toch in het NNN gebied kan worden geschoven. Dit is tracé A3.
In navolging van de Locatiekeuze in het Algemeen Bestuur heeft het College van Dijkgraaf en Heemraden (CDH) op 11 mei 2021 het Locatiebesluit vastgesteld, waarmee de locatie ten oosten van de Hardinxveld is aangewezen voor de bouw van het nieuwe boezemgemaal en een nieuw boezemkanaal tussen de Giessen en de locatie van het nieuwe boezemgemaal. Het afgelopen jaar heeft het Waterschap de gemeenteraad een aantal keer schriftelijk en mondeling geïnformeerd over de voortgang van het project “Verkenning nieuwe boezembemaling voor de Overwaard”. In september 2021 heeft de gemeenteraad een ruimtelijke inpassingsvisie voor boezem en gemaal vastgesteld. Hieraan voorafgaand is een inspraak georganiseerd. In het vierde kwartaal 2021 werkt het waterschap een aantal varianten uit, waarbij naar verachting begin 2022 een definitieve voorkeursvariant zal worden aangewezen door het waterschap. Om werk-met-werk te kunnen maken en projecten die een raakvlak met de plannen van het waterschap hebben, wordt een inventarisatie van meekoppelkansen opgesteld. Wanneer hiervoor planologische besluiten of budget nodig is (dit laat-ste alleen als het om gemeentelijke projecten gaat), zullen hier in 2022 e.v. aparte procedures voor worden doorlopen.
Om werk-met-werk te kunnen maken van projecten die een raakvlak met de plannen van het waterschap hebben, is een inventarisatie van meekoppelkansen opgesteld. Vanuit de gemeente zijn het wandelrondje Hardinxveld en verkeersveiligheid Kanaaldijk Noord en Rivierdijk daarin opgenomen. De realisatie van een Ecologische verbindingszone en de Snelfietsroute Sliedrecht-Gorinchem, zijn door de Provincie ingebracht. Na vaststelling van het definitieve tracé van de boezem en de locatie van het gemaal, zal het waterschap een definitief ontwerp opstellen, waarin deze meekoppelkansen zijn onderzocht en afgewogen. Tevens zal het verwervingstraject worden opgestart. De gemeente blijft bestuurlijk en ambtelijk betrokken.
Na vaststelling van het definitieve tracé van de boezem en de locatie van het gemaal, zal een het waterschap een definitief ontwerp opstellen en zal het verwervingstraject worden opgestart. De gemeente blijft bestuurlijk en ambtelijk betrokken. Plaatsen ondergrondse containers Rivierdijk (biedingen)
Plaatsen ondergrondse containers Rivierdijk (biedingen)
De voorbereidingen zijn gestart. Inmiddels heeft onze gemeenteraad op 24 juni 2021 ingestemd met het nieuwe afval- en grondstoffenplan. In dit plan is opgenomen dat alle ondergrondse containers worden afgesloten en worden voorzien van een registratiesysteem. Om dubbele (ombouw)kosten te voorkomen willen we bovenstaande gelijk meenemen in deze nog te plaatsen ondergrondse containers. Hierdoor zal de plaatsing niet eerder dan in 2022 plaatsvinden.
In 2022 is een intensief traject doorlopen om toestemming te kunnen krijgen van het waterschap Rivierenland voor het plaatsen van de semi ondergrondse afvalcontainers. De ingediende plannen zijn begin 2023 definitief door het waterschap afgewezen. De komende tijd wordt onderzocht of er alternatieven zijn waarmee het waterschap uiteindelijk wel mee kan instemmen.
Jaarstukken 2022
42
Beleidsindicatoren Vanaf de begroting 2017 moeten enkele beleidsindicatoren verplicht worden opgenomen in zowel de begroting als in de jaarstukken. De beleidsindicatoren zijn verdeeld over de programma's waar ze betrekking op hebben. Nr. Indicator
Hardinxveld - Giessendam
Bron Gemeenten < 25.000 inw. Rekening Rekening per. waarde per. waarde 2021 213 2021 114 CBS - Statistiek Huishoudelijk afval 2020 12,1 2018 17,6 Rijkswaterstaat Klimaatmonitor
23 Fijn huishoudelijk restafval 24 Hernieuwbare elektriciteit
Begroting per. waarde 2020 210 2020 12,3
Beschrijving 23. Niet gescheiden ingezameld huishoudelijk afval. 24. Hernieuwbare elektriciteit is elektriciteit die is opgewekt uit wind, waterkracht, zon of biomassa.
Verbonden partijen Verbonden partijen zijn privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisaties waarin de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. In lijn met de vernieuwde voorschriften van het BBV worden per programma de verbonden partijen vermeld die een relatie hebben tot het betreffende programma. Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid Risico’s Het weerstandsvermogen van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) is op peil. Op het moment van schrijven zijn er nog geen definitieve cijfers over 2022, maar de verwachting is dat de gevolgen van de inflatie opgevangen kunnen worden binnen de begroting. Voor 2023 is dat waarschijnlijk niet meer het geval en wordt er een exploitatietekort verwacht. Het Algemeen Bestuur (AB) van de dienst heeft besloten om niet op voorhand de begroting 2023 aan te passen, maar het verwachte tekort na afloop te verrekenen. Dat kan via een directe eenmalige bijdrage van de gemeente of door het aanspreken van het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen zal dan door de deelnemende gemeente aangezuiverd moeten worden. Met de beoogde invoering van de Omgevingswet per 1-1-2024 komen er meer wettelijke (milieu)taken voor de gemeente bij. De belangrijkste nieuwe taak betreft de uitvoering van bodemtaken.
Tot inwerkingtreding van de Omgevingswet is de provincie bevoegd gezag en dus verantwoordelijk voor de financiering. OZHZ voerde deze taken al uit namens de provincie en zal dit voortzetten als de gemeente bevoegd gezag wordt. Lange tijd was het onduidelijk of de financiering vanuit het Rijk voldoende zou zijn om deze taken op hetzelfde uitvoeringsniveau voort te kunnen zetten. Inmiddels wordt er vanuit gegaan dat het grootste deel van de kosten voor rekening komen van de deelnemende gemeenten, maar het is nog niet goed inzichtelijk wat de financiële impact op langere termijn zal zijn. Ontwikkelingen Met de beoogde inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1-1-2024 komen er meer wettelijke taken naar de gemeente en zal de systematiek op diverse milieuaspecten wijzigen. De Omgevingsdienst levert een belangrijke bijdrage als het gaat om uitvoering van deze wettelijke milieutaken, o.a. op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH-taken). Daarnaast spelen in het kader van duurzaamheid, ecologie en aanverwante thema's steeds meer onderwerpen waar de Omgevingsdienst een adviserende of uitvoerende rol in heeft. Een voorbeeld hiervan is de uitvoering van de Energieagenda, waarbij gestuurd wordt op vermindering van CO2uitstoot bij bedrijven. Een andere ontwikkeling is de groeiende aandacht voor Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS).
Dit zijn stoffen die vrijkomen bij bedrijfsmatige activiteiten en schadelijk zijn voor mens en milieu, zoals PFAS en lood. Dit onderwerp heeft binnen de keten van Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) op het gebied van milieu een steeds nadrukkelijkere plaats.
Jaarstukken 2022
43
Gemeenschappelijke Regeling GEVUDO: Gemeenschappelijke Vuilverwerking Dordrecht en Omstreken en Huisvuilcentrale Alkmaar Risico’s Geen risico's. Ontwikkelingen Geen ontwikkelingen. Gemeenschappelijke Regeling Reinigingsdienst Waardlanden Risico’s Het beheerbaars houden van de stijging van de kosten voor afvalverwerking blijft een punt van aandacht. Ontwikkelingen De invoer van het nieuwe afval- en grondstoffenbeleid per 1 januari 2023 heeft vertraging opgelopen. De invoer van het nieuwe beleid wordt nu in 2023 gefaseerd ingevoerd. Vanaf 1 januari 2024 zal er voor het aanbieden van restafval per keer een bedrag een rekening worden gebracht ook wel diftar genoemd.
Wat heeft het gekost? Bedragen x € 1.000
Programma 10 Gezondheid en milieu
Primaire begroting Lasten
135 Milieu 136 Duurzaamheid 140 Reiniging 145 Riolering 150 Begraven en lijkbezorging Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Resultaat
-167 -74 -1.956 -1.258 -401 -3.856 -15 -3.871
Baten 0 0 2.256 1.824 383 4.463 249 4.712
Begroting na wijziging
Saldo -167 -74 300 566 -18 607 234 841
Lasten -589 -375 -2.337 -1.180 -439 -4.921 -133 -5.054
Baten 0 199 2.470 1.728 321 4.718 356 5.074
Realisatie
Saldo -589 -176 132 549 -119 -203 223 20
Lasten -617 -283 -2.271 -1.271 -461 -4.903 -133 -5.036
Baten 0 106 2.465 1.730 298 4.597 308 4.905
Verschil Saldo -617 -178 194 459 -163 -305 175 -131
Lasten -28 92 67 -91 -21 18 0 18
Baten 0 -94 -5 2 -23 -121 -48 -169
Saldo -28 -2 61 -90 -45 -103 -48 -151
- = Nadelig / + = Voordelig
Jaarstukken 2022
44
Programma 11 Bouwen, Wonen en Gebruiken Beleidsverantwoording Wat wilden we bereiken?
Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan?
Werken aan gebiedsontwikkeling en projecten
Werken aan gebiedsontwikkeling en projecten
Na een dal in de oplevering van woningen komt de woningbouwproductie in 2022 weer goed op gang. Van verschillende plannen is de bestemmingsplanprocedure in 2021 afgerond, waardoor de daadwerkelijke realisatie van de woningbouw een versnelling kan krijgen. Hierdoor zal invulling gegeven worden aan de woonvisie met plannen die goed ingepast worden hun omgeving. Ook aan nieuwe plannen wordt gewerkt om de woningbouwbehoefte van onze gemeente invulling te geven. Daarnaast worden plannen van andere overheden zoals de nieuwe boezem en het boezemgemaal zo goed mogelijk begeleid voor een optimale ruimtelijke inpassing.
Er is goede voortuitgang geboekt om de realisatie van woningen mogelijk te maken. Meerdere plannen zijn een ontwikkelfase verder gekomen. De ruwbouw van de Rokerij is inmiddels gereed en ook de IJzergieterij is volop in uitvoering. Bewoners van de nieuwbouwwoningen bij scheepswerf De Giessen en het plan Buitengewoon aan Buitendams 301 konden vanaf eind 2022 hun woningen betrekken. Het bestemmingsplan voor 't Oog 1e fase is vastgesteld maar nog niet onherroepelijk door een procedure bij de Raad van State. Voor de starterswoningen aan de Pieter de Hooghstraat heeft het voorontwerp-bestemmingsplan ter inzage gelegen en het ontwerpplan is begin 2023 gereed voor besluitvorming. Ook voor de locaties Nederveen-Huisman aan Buitendams en Buitendams 45 geldt dat het voorontwerp-bestemmingsplan in 2022 gereed is gekomen. De bestemmingsplannen Zwaluwpad, Blauwe Zoom Ons Dorp en de Stationsstraat zijn vastgesteld en onherroepelijk geworden. De bouwfase hiervan is nu begonnen waardoor inwoners in 2023/2024 deze woningen in gebruik kunnen nemen. Met Fien Wonen wordt gesproken over de toevoeging van een beperkt aantal woningen voor jongeren in onze gemeente.
Lokale woonvisie
Lokale woonvisie wordt Lokale Bouwvisie
In de Lokale paragraaf Wonen (lokale woonvisie) is een uitvoeringsprogramma opgenomen deze wordt in 2021 geactualiseerd.
In 2019 stelden we de Lokale paragraaf Wonen vast. Met dit beleidsdocument gaven we als gemeente HardinxveldGiessendam uitvoering aan ons woonbeleid. Inmiddels is de Lokale paragraaf Wonen aan actualisatie toe. We borduren met deze actualisatie voort op de Lokale paragraaf Wonen, maar trekt deze naar de huidige tijd. We focussen ons de komende jaren met name op het bouwen van nieuwe woningen. Daarom dopen we dit document de Lokale paragraaf Bouwen (welke in december 2022 is vastgesteld). De drie thema’s die in onze actualisatie centraal staan, zijn: 1. Vaart maken met woningbouw 2. De juiste woning op de juiste plek 3. Een leven lang prettig wonen
Voldoende woningen toevoegen We zetten in op minimaal de lokale behoefte en een organische groei ten behoeve van de regionale behoefte. Nieuwbouw moet passen bij de schaal van de kern. Aansluiten bij de behoefte doen we door te werken vanuit een continue bouwstroom en monitoring van de marktopnamecapaciteit bij planontwikkeling. De bouwwerkzaamheden van de projecten zoals de IJzergieterij, Rokerij en Rivierdijk/Kromme Gat zijn/worden gestart in 2021. Ook de bestemmingsplannen Blauwe Zoom "Ons Dorp", 't Oog fase 1 en de Stationsstraat zijn in voorbereiding. De komende jaren (vanaf 2022) liggen er nog meer woning-bouwplannen zoals Middenwetering, HKCterrein, Kerk Buitendams als ook de ontwikkeling op Buitendams 348-352 (Huisman Nederveen). In deze projecten helpen we mee aan de regionale opgave. Hierover maken we afspraken met de regiogemeenten. Kwalitatief goede woningen toevoegen Dit doen we door in te zetten op de toevoeging van woningen die bijdragen aan de gewenste doorstroming binnen de gemeente. Voor de primaire (lokale) behoefte is de opgave met name gericht op starters en doorstromers (gezinnen en 50+). Ook een passend aanbod aan sociale huurwoningen is gewenst. Voor de doelgroep starters richten we ons op goedkope koopwoningen tot circa €200.000, deze zullen gerealiseerd gaan worden binnen het woningbouwplan op het HKC-terrein.
Voor de doorstromers zorgen voor een verscheidenheid aan woonvormen vanaf circa €300.000 zoals wordt uitgevoerd in het de vervolgfase van De Blauwe Zoom "Ons Dorp'. De opgave in de sociale huur is vooral gericht op vernieuwen en passend maken van het bestaande aanbod. De gewenste uitbreiding is beperkt.
Jaarstukken 2022
Ad 1. Dit doen we door; Zoeken naar mogelijkheden voor nieuwbouw, Het realiseren van gemiddeld 80 woningen per jaar (zie onder Werken aan gebiedsontwikkeling en projecten), Uitbouwen periodieke bijeenkomsten met het Bouwberaad Hardinxveld-Giessendam, Verbeteren communicatie rond nieuwbouwprojecten. Ad 2. Dit doen we door; Onderzoeken inzet koopconstructies bij nieuwbouwprojecten. Bouwen aan een gevarieerd woningaanbod dat aansluit op de lokale woningbehoefte. Ad 3. Dit doen we door; Onderzoeken mogelijkheden voor doorstroombeleid, Informatievoorziening over preventieve aanpassingen, Toevoegen gelijkvloerse/levensloopbestendige woonvormen Realiseren hoogwaardige koopappartementen.
45
Wonen in alle levensfasen in Hardinxveld-Giessendam Hiermee willen we zorgen dat mensen langer en passend thuis kunnen wonen. Dit gaat zowel over het langer thuis wonen van ouderen als het bieden van een passend thuis voor kwetsbare doelgroepen. Dit doen we door het bouwen van gelijkvloerse woningen (zoals in de vervolgfase van De Blauwe Zoom "Ons Dorp') als het stevig inzetten op preventie met goede ondersteuning (ambulant) in de buurt. Energie en klimaatbestendig De visie is dat Hardinxveld-Giesendam in 2050 van het aardgas af is, de Transitie Visie Warmte 2021 geeft hier invulling aan.
Omgevingswet
Omgevingswet
De Omgevingswet is uitgesteld en treedt nu op 1 juli 2022 in werking. Al enige tijd bereiden we ons hier als gemeente op voor. In 2019 is door de gemeenteraad een keuze gemaakt voor een invoeringsstrategie en zijn centrale uitgangspunten voor de implementatie van de wet geformuleerd. We zijn van daaruit onder andere gestart met het opstellen van de Omgevingsvisie, maar concentreren ons de komende periode vooral op de minimale acties die noodzakelijk zijn voor de invoeringsdatum.
De inwerkingtreding van de Omgevingswet was aan het begin van 2022 voorzien op 1 juli 2022, daarna was de verwachting 1 januari 2023. Met dat perspectief voor ogen is het afgelopen jaar vooral gestreefd naar het doorvoeren van de minimale acties. Die stonden dan ook centraal in onze organisatie. Raadsbesluiten die op grond van die minimale acties genomen moesten worden, zijn in 2022 ook daadwerkelijk door de raad behandeld, laatstelijk in de decemberraad. Inmiddels heeft de Minister de Kamers geadviseerd in te stemmen met inwerkingtreding op 1 januari 2024.
De stelselwijziging Omgevingswet, samen met de invoering van de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen, zullen (ingrijpende) gevolgen hebben voor de legesheffing door gemeenten. Deze gevolgen zijn afhankelijk van de lokale ambitie, beleidsinvulling en inrichtingskeuzes. Minder legesinkomsten ontstaan door de 'knip' (het splitsen van de bouwtechnische en ruimtelijke vergunning) en bijvoorbeeld dat er lokaal wordt gekozen om meer vergunningsvrij te maken. Komende tijd worden de lokale ambitie, beleidsinvulling en inrichtingskeuzes duidelijker. Dan kunnen ook de gevolgen inzichtelijk worden gemaakt.
In het najaar van 2022 ontstond opnieuw onduidelijkheid over de inwerkingtreding van de wet. Daarom is er gewerkt aan twee legesverordeningen: een legesverordening onder de huidige wetgeving en een legesverordening onder de nieuwe wetgeving per 1 januari 2023. De raad heeft besloten de legesverordening onder de huidige regelgeving vast te stellen.
Duurzaamheid
Duurzaamheid
Met In 2021 is de Lokale Duurzaamheidsagenda opgesteld, in aanvulling op de Lokale Energie Agenda zoals die is vastgesteld in 2019. Met het uitvoeren van de Lokale Duurzaamheidsagenda doet de gemeente wat nodig is om de doelstellingen op het gebied van duurzaamheid te behalen. Er wordt daarbij een onderscheid gemaakt tussen primaire en secundaire opgaven. De primaire opgaven horen specifiek bij het beleidsterrein Duurzaamheid en omvat de grote opgaven op het gebied van energietransitie en klimaatadaptatie. Op basis van de Lokale Duurzaamheidsagenda wordt het programma Duurzaamheid ingericht en uitgevoerd In 2021 zijn de belangrijkste strategische documenten opgesteld, te weten:
In lijn met de Lokale Duurzaamheidsagenda 2021 zijn belangrijke stappen gezet op het vlak van Duurzaamheid. De volgende resultaten zijn in 2022 geboekt:
De Regionale Energiestrategie 1.0 [RES Regio Drechtsteden]. Deze beschrijft de doelstelling op het gebied van energie besparen en de opwek van schone energie middels zonnepanelen en, in regionaal verband waar mogelijk, windturbines. De volgende stap is het ten uitvoer brengen van deze strategie op lokaal niveau. De Transitie Visie Warmte 2021 [TVW 2021]: Deze visie beschrijft de manier waarop de omschakeling op welke wijze panden in de gemeente Hardinxveld-Giessendam gefaseerd om kunnen schakelen op duurzame warmtebronnen. Ook deze visie zal vertaald worden naar praktische uitvoering door middel van een clusteraanpak zoals die beschreven is in de TVW 2021. De Regionale Adaptatie Strategie regie A5H: De adaptatiestrategie beschrijft welke opgaven er regionaal liggen op het gebied van klimaatadaptatie, waaronder extreme droogte, hittestress, wateroverlast en biodiversiteit. Deze strategie wordt met name vertaald naar een Lokale Adaptatie Strategie op basis waarvan ook in de gemeente HardinxveldGiessendam concrete stappen gezet worden. Jaarstukken 2022
Regionale Energie Strategie (RES 1.0): Begin 2021 is, met regionale afstemming, het uitnodigingskader 'zon op land' opengesteld. Op basis hiervan konden initiatieven zich melden voor de uitwerkingsgebieden van de RES 1.0 (waarvan er twee in Hardinxveld-Giessendam liggen). Voor beide gebieden hebben zich initiatieven gemeld (overigens initiatieven die al langer in beeld waren). Daarnaast zijn er ook voorstellen voor initiatieven buiten de uitwerkingsgebieden ingediend. Deze zijn, op basis van de gedefinieerde uitwerkingsgebieden, aangehouden. Met de initiatieven passend in de contouren van de uitwerkingsgebieden is veel dialoog geweest om projecten een stap verder te brengen, met name ten aanzien van landschappelijke inpassing, participatie en afstemming met de in de RES betrokken overheden. Daarnaast is inzet gedaan op Energie Besparen, met als belangrijkste resultaten een succesvolle actie op spouwmuurisolatie en isolerend glas en het optuigen van een pilot-project voor de inzet van de gelden van het Nationaal Isolatie Programma (NIP) (het programma is in 2022 opgezet, uitvoering is in Q1 2023). Ten behoeve van de opvolging van de Transitie Visie Warmte 2021 is een projectleider geworven (najaar 2022) en is de projectuitvoering voor 2023 voorbereid. Daarnaast is bovengenoemde NIP-pilot opgezet in relatie tot de TVW 2021.
Op het gebied van Klimaatadaptatie is een lokaal een ambtelijke werkgroep ingericht waarin opvolging van de Lokale Adaptatie Strategie is belegd. Onder andere door te werken aan de doorvertaling in: Het Watertakenplan, verduurzaming van bedrijventerrein Nieuweweg, en de geplande ontwikkelingen van Pietersweer (dit laatste met het doel opgedane ervaring te verwerken in het handboek openbare 46
Daarnaast omvat de Lokale Duurzaamheidsagenda een opsomming van de opgaven die op andere beleidsterreinen liggen maar een sterke duurzaamheidscomponent kennen en welke vragen om een integrale aanpak. Bijvoorbeeld mobiliteit en de opgaven die er liggen ten aanzien van het realiseren van lokaal beleid ten behoeve van een laadinfrastructuur voor elektrisch rijden. Maar ook Omgevingsvisie is van groot belang omdat dit een belangrijk instrument is waarin uitvoering van onder andere de RES 1.0 geborgd kan worden. Vanuit het programma Duurzaamheid wordt waar nodig de gevraagde inzet op de andere beleidsterreinen gedaan. Tevens wordt regionaal inzet gevraagd en geleverd ten behoeve van onder andere de RES en RAS. Voor elk van deze opgaven geldt dat ze in grote mate afhangen van een gedegen inzet op zowel communicatie als participatie. Hier wordt dus vanuit het programma Duurzaamheid een accent op gelegd. Toekomstige ontwikkelingen Duurzaamheid De doelstellingen op het gebied van Duurzaamheid zijn er van de lange adem, waarbij ontwikkelingen van grote invloed zullen zijn. Allereerst is er de Regionale Energie Strategie. Hoewel hard aan de uitvoering wordt gewerkt zal deze elke twee jaar worden herijkt en, waar nodig, bijgesteld.
En dat bijstelling en uitbreiding nodig zal zijn wordt al duidelijk aan het IPCC rapport van zomer 2021 dat laat zien dat we de komende decennia stevig aan de slag zullen moeten om de doelstellingen te halen: lokaal, regionaal, landelijk en internationaal. De lokale opgaven zullen hier mogelijk ook door geïntensiveerd moeten worden. Maar ook toekomstige technische ontwikkelingen zijn van belang. Met name als het gaat om de omschakeling naar duurzame warmtebronnen. De in 2021 opgestelde Transitie Visie Warmte laat zien dat de oplossingen voor een belangrijk deel aanwezig zijn, maar ook afhankelijk zijn van (door)ontwikkeling van bijvoorbeeld mogelijkheden om warmte uit riool- en oppervlaktewater te halen. De regierol die de gemeente heeft in de warmtetransitie is mede afhankelijk van deze ontwikkelingen. Daarnaast zal klimaatadaptatie steeds meer op de voorgrond komen. Zorgen dat ook de woon- en leefomgeving van Hardinxveld-Giessendam duurzaam klimaat adaptief en water robuust ingericht wordt vraagt een gedegen aanpak die nu nog in de kinderschoenen staat. Tot slot liggen de vraagstukken van Duurzaamheid niet één enkel beleidsterrein maar zal in de toekomst steeds meer een integrale aanpak gewenst zijn om de opgaven op adequate wijze op te kunnen pakken.
ruimte). Daarnaast is regionaal (RAS Regio A5H) intensief samengewerkt in het opstellen van een uitvoeringsagenda bij de in 2021 opgestelde Regionale Adaptatie Strategie. Binnen deze agenda zijn ook afspraken gemaakt over de mogelijke inzet van de impulsgelden 2022/2023. Ook is in 2022 de actie 'tegelwippen' wederom uitgevoerd. Op het gebied van communicatie en participatie is veel inzet gedaan. Er is een nieuwe communicatieadviseur geworven, een meerjarige communicatiestrategie ontwikkeld, kaders voor participatie ontwikkeld en het meest belangrijk: de rol van de Energiecontactfunctionaris is nieuw leven ingeblazen door veel inzet te doen op contact met de samenleving. Onder meer door op verschillende plekken (tijdelijke) loketten in te richten (bijvoorbeeld in samenwerking met Servanda en de Bibliotheek) de organisatie van een informatieavond met Buurt Bestuurt, werven van energiecoaches en het in relatie tot collectieve acties van deur tot deur gaan voor persoonlijke gesprekken. In samenwerking met diverse scholen is een wedstrijd voor de ontwikkeling van een campagne op duurzaamheid gehouden. Overige behaalde resultaten: Energiearmoede: 2022 was het jaar van Energiearmoede en er is veel inzet gedaan op het bereiken en ondersteunen van huishoudens waar energiearmoede speelt (minima).
Hierbij is samengewerkt met het Sociaal Domein en de Sociale Dienst, en gebruik gemaakt van Specifieke Uitkeringen. Hierbij is ingezet op samenhang tussen: uitkering bijdrage energiekosten (2 maal in 2022 via SDD), mogelijkheid voor specifieke doelgroep via een voucheractie duurzaam witgoed aan te schaffen en de opvolging hiervan middels de inzet van een ergiecoach die helpt met kleine maatregelen, ook op houding en gedrag. Goede voorbeeld: realisatie van zonnepanelen op de gemeentelijke werkplaats (Schrank 6), analyse en routekaart verduurzamen (deel) van het gemeentelijk vastgoed i.s.m. Royal Haskoning DHV, opstellen van CO2 voetafdruk in combinatie met gemeentelijke workshops, actieve deelname aan de klimaatweek. In een aantal gemeentelijke panden zijn energiebesparende maatregelen genomen (EML) en het label van het gemeentehuis is vastgesteld (A-label). Economie: inrichten van en uitvoering geven aan een projectgroep ten behoeve van het realiseren van een Green Deal met betrokken partijen ten behoeve van het verduurzamen van bedrijventerrein Nieuweweg. Daarnaast is via OZHZ ondersteuning geboden aan bedrijven op het gebied van verduurzaming en de C-label verplichting kantoren (Eagenda). Mobiliteit: inhoudelijk bijdragen aan de contouren voor het mobiliteitsplan (2023) en het aanjagen van de laadvisie en beleid.
Regiodeal (biedingen)
Regiodeal (biedingen)
Begin 2022 moet het plan van de kwaliteitsimpuls middels de regiodeal-gelden voor het plan IJzer-gieterij uitgewerkt zijn. De uitvoering van het plan zal samenlopen met de herontwikkeling van het gebied en zal enkele jaren duren.
De gezamenlijke investeringen die in de begroting zijn opgenomen voor het verhogen van de kwaliteit van het waterfront en de kruising zullen ingezet worden voor het plein aan de rivierdijk en de omgeving daaromheen tot de bocht bij de zuiveringsinstallatie. De aanpassing van de kruising wordt voor rekening van de ontwikkelaar van de IJzergieterij aangelegd, zodat alle gelden besteed kunnen worden aan het plein en het dijkgedeelte. Een deel van de kosten komen uit de regiodeal. Het ontwerpproces is 3e kwartaal 2022 gestart en 2e kwartaal zal een voorontwerp gereed zijn. De uitvoering staat gepland voor de periode 2024-2025. Er is bij complexe projecten extra aandacht besteed aan communicatie en participatie.
Ondersteuning van communicatie en participatie in ruimtelijke projecten Voor complexe nieuwe ruimtelijke projecten zoals 't Oog en Middenwetering zal extra inzet gepleegd worden op het gebied van communicatie en participatie. De bijdrage vanuit de plankostenscan bij anterieure contracten is hiervoor niet altijd voldoende. Door het goed betrekken van alle belanghebbenden bij de planvorming en -uitwerking zal het draagvlak voor de plannen en de kwaliteit hiervan toenemen.
Jaarstukken 2022
47
Beleidsindicatoren Vanaf de begroting 2017 moeten enkele beleidsindicatoren verplicht worden opgenomen in zowel de begroting als in de jaarstukken. De beleidsindicatoren zijn verdeeld over de programma's waar ze betrekking op hebben. Op dit programma zijn geen beleidsindicatoren van toepassing.
Verbonden partijen Verbonden partijen zijn privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisaties waarin de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. In lijn met de vernieuwde voorschriften van het BBV worden per programma de verbonden partijen vermeld die een relatie hebben tot het betreffende programma. Dit programma bevat geen verbonden partijen.
Wat heeft het gekost? Bedragen x € 1.000
Programma 11 Bouwen, wonen en gebruiken
Primaire begroting Lasten
155 Grondexploitatie 160 Omgevingszaken 165 Ruimtelijke ontwikkeling 170 Volkshuisvesting 175 Woonwagenzaken Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Resultaat
-8.248 -641 -1.176 -72 0 -10.139 0 -10.139
Baten 8.248 783 113 0 0 9.145 50 9.195
Begroting na wijziging
Saldo 0 142 -1.063 -72 0 -994 50 -944
Lasten
Baten
-14.423 -738 -879 -74 0 -16.114 -188 -16.302
14.423 671 113 0 0 15.207 139 15.346
Realisatie
Saldo 0 -67 -766 -74 0 -907 -49 -956
Lasten -5.490 -733 -1.372 -88 0 -7.683 -188 -7.871
Baten 4.879 708 285 1 0 5.872 890 6.762
Verschil Saldo -611 -24 -1.087 -88 0 -1.811 702 -1.109
Lasten 8.933 6 -493 -15 -1 8.431 0 8.431
Baten -9.544 37 172 0 0 -9.335 751 -8.584
Saldo -611 43 -321 -14 -1 -904 751 -153
- = Nadelig / + = Voordelig
Jaarstukken 2022
48
Programma 12 Woonomgeving Beleidsverantwoording Wat wilden we bereiken?
Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan?
Opstellen nieuw groenbeheersplan
Opstellen nieuw groenbeheersplan
Om het groenbeleidsplan op te stellen is een evaluatie en een startnotitie geschreven. Beide documenten zijn zowel door het college als de raad vastgesteld. In de startnotitie worden doelen benoemd waar het groenbeleidsplan op in moet gaan. De doelen zijn onder andere: klimaatadaptatie, biodiversiteit, beeldkwaliteit, onderhouden van groen door bewoners, normen voor groen bij nieuwe ontwikkelingen. Ook zal een benchmark worden uitgevoerd om te bepalen hoe groen de gemeente is. Naast de doelen is in de startnotitie benoemd hoe de inwoners worden betrokken bij het opstellen van het plan. We willen de inwoners bij het plan betrekken door hen de mogelijkheid te geven om een enquête in te laten vullen. De gegevens worden gebruikt om het groenbeleidsplan op te stellen. Ook kan in de enquête worden aangegeven of er behoefte is om een mondelinge toelichting te geven. Naast de enquête wordt er ook gewerkt met een klankbordgroep waarin verschillende partijen zoals een Natuur- en Vogelwacht Alblasserwaard en een Stichting Dorpsbehoud mee kunnen praten over het plan. We streven er naar om het geactualiseerde groenbeleidsplan voor de verkiezingen in maart 2022 vast te laten stellen door de raad.
Het groenbeleidsplan is herzien en vastgesteld door de raad op 21 april 2022. Het plan is via de website van de gemeente te raadplegen.
Uitvoering motie 'Meer bankjes in ons dorp' In juli 2021 heeft de gemeenteraad besloten om de motie 'meer bankjes in ons dorp' aan te nemen. Hiervoor kunnen op verschillende locaties banken met afvalbak en zo nodig een fietsenbeugel worden geplaatst. De inwoners zullen, na een oproep van de gemeente via de gebruikelijke kanalen, locaties kunnen aangeven waar volgens hen een extra zitmogelijkheid gewenst is. De locaties zullen hierna door de gemeente worden beoordeeld waarna er zo nodig overleg zal plaatsvinden met Rijkswaterstaat of het Waterschap. Voorbereiding in 2021 en realisatie in 2022. Kosten voor beheer en onderhoud worden na uitvoering via de perspectiefnota op basis van werkelijk gerealiseerde locaties opgevoerd.
Jaarlijks zal aan het college een uitvoeringsplan worden aangeboden als uitwerking van het groenbeleidsplan. In het uitvoe-ringsplan is ook een doorkijk opgenomen voor de jaren na 2023. Het eerste uitvoeringsplan bij het groenbeleidsplan is opgesteld in het najaar van 2022 en is, na vaststelling, gedeeld met de inwoners, bedrijven en de gemeenteraad. Voor 2023 zal in hoofdzaak worden gewerkt aan: * het mogelijk maken voor burgers om groen te adopteren; * nadenken over andere invulling van de rotondes; * aanplant van bomen op de Koningin Wilhelminalaan; * inventarisatie van overbodige verharding, waar gazon omgevormd kunnen worden naar bloemrijke bermen en op welke plekken we kleur&fleur kunnen toevoegen; * opstart herziening bomenbeleidsplan en * voorbereiden van fase 2 Peulenpark, de omvorming oeverzone langs de Buiten Giessen (ter hoogte van Apollostraat). Uitvoering motie 'Meer bankjes in ons dorp' Na het aannemen van de motie en het beschikbaar hebben van de middelen is een oproep aan de inwoners geplaatst om de locaties te achterhalen waar plaatsen van een bankje gewenst is. In totaal zijn door onze inwoners, Stichting Dorpsbehoud en het WMO-platform een vijftigtal locaties aangeleverd. We overleggen met organisaties over de aangegeven locaties. Deze liggen veelal niet op grondgebied van de gemeente. Het overleg neemt meer tijd in beslag dan we hadden gedacht.
Het daadwerkelijk plaatsen van de banken zal plaatsvinden in 2023.
Om de motie uit te voeren wordt een investeringsbedrag van € 35.000,-- opgevoerd.
Beleidsindicatoren Vanaf de begroting 2017 moeten enkele beleidsindicatoren verplicht worden opgenomen in zowel de begroting als in de jaarstukken. De beleidsindicatoren zijn verdeeld over de programma's waar ze betrekking op hebben. Nr. Indicator
Hardinxveld - Giessendam
25 WOZ-waarde woningen 26 Nieuwbouw woningen
Begroting per. waarde 2021 266 2021 2
Rekening per. waarde 2022 290 2022 2,3
27 Demografische druk 28 Woonlasten éénpersoonshuishouden 29 Woonlasten meerpersoonshuishouden
2022 2022 2022
2022 2022 2022
Jaarstukken 2022
80,8 901 901
80,8 901 901
Bron Gemeenten < 25.000 inw. Rekening per. waarde 2022 344 CBS - Statistiek Waarde Onroerende Zaken 2022 8,7 Basisregistraties adressen en gebouwen bewerking ABF Research 2022 80,2 CBS Statistiek Bevolking - bewerking ABF 2022 823 COELO, Groningen 2022 905 COELO, Groningen
49
Beschrijving 25. De gemiddelde WOZ waarde van woningen. 26. Het aantal nieuwbouwwoningen, per 1.000 woningen. 27. De som van het aantal personen van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 20 tot 65 jaar. 28. Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een éénpersoonshuisouden betaalt aan woonlasten. 29. Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een meerpersoonshuisouden betaalt aan woonlasten.
Verbonden partijen Verbonden partijen zijn privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisaties waarin de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. In lijn met de vernieuwde voorschriften van het BBV worden per programma de verbonden partijen vermeld die een relatie hebben tot het betreffende programma. Dit programma bevat geen verbonden partijen.
Wat heeft het gekost? Bedragen x € 1.000
Programma 12 Woonomgeving
Primaire begroting Lasten
180 Openbaar groen Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Resultaat
-971 -971 -76 -1.048
Baten
Begroting na wijziging
Saldo 1 1 90 91
-970 -970 14 -957
Lasten -1.015 -1.015 0 -1.015
Baten
Saldo 1 1 14 15
-1.014 -1.014 14 -1.000
Realisatie Lasten -1.062 -1.062 0 -1.062
Baten
Verschil Saldo
2 2 14 16
-1.060 -1.060 14 -1.046
Lasten -48 -48 0 -48
Baten
Saldo 1 1 0 1
-46 -46 0 -46
- = Nadelig / + = Voordelig
Jaarstukken 2022
50
Financiering en Algemene Dekkingsmiddelen Beleidsverantwoording Wat wilden we bereiken?
Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan?
Gezonde financiële positie behouden en verbeteren
Gezonde financiële positie behouden en verbeteren
We wegen hierbij de ambities uit het coalitieakkoord en nieuwe ontwikkelingen af tegen deze uitgangspunten. Het eerder in gang gezette beleid wordt daarbij gecontinueerd en is gericht op het afbouwen van de schuldpositie.
Met de verkoop van de aandelen van Eneco in 2020 is de schuldpositie aanzienlijk verbeterd. Per eind 2022 bedraagt de leningenportefeuille € 21,4 miljoen. Daarnaast was per eind 2022 voor € 5,0 miljoen aan kasgeld aangetrokken. Voor 2022 is de financieringsbehoefte ingevuld met kasgeldleningen ingevuld. In het 4e kwartaal is, o.a. vanwege het anticiperen op de renteontwikkelingen, langlopende financiering aangetrokken (€ 7,5 miljoen). Door aflossingen in 2022 (€ 4,5 miljoen) is de schuldpositie ten opzichte van 2021 per saldo met € 3,0 miljoen toegenomen. Op (langere) termijn staan (grotere) uitgaven/investeringen geraamd. Het streven blijft daarbij om binnen de gestelde uitgangspunten dit te realiseren, waarbij ook afbouw van de schuldpositie van belang is en blijft. Om deze investeringen te financieren zal mede externe financiering nodig, waardoor naar verwachting de schuldpositie in deze jaren zal toenemen. Daarna wordt weer voorzien dat de schuldpositie zal afnemen.
Kostendekkendheid lokale heffingen actualiseren
Kostendekkendheid lokale heffingen actualiseren
Voor de OZB en andere tarieven passen we in beginsel alleen de inflatiecorrectie toe. Zo dekken we structurele uitgaven met structurele inkomsten.
In de begroting en jaarrekening worden jaarlijks de kostendekkendheid van de verschillende producten verantwoord (paragraaf Lokale Heffingen).
Daarnaast nemen we de opbouw van de tarieven van begraafplaatsen en evenementen onder de loep. We kijken daarbij naar zowel maatschappelijke effecten als de gevolgen voor andere begrotingsposten.
Specifieke onderzoeken van de kostendekkendheid van belastingen en leges worden via een 4-jarige cyclus uitgevoerd. Daarbij wordt ook de toerekening van kosten tegen het licht gehouden en wordt eventueel de toerekening heroverwogen. De resultaten kunnen leiden tot bijstelling van tarieven. Daarbij wordt ook bezien hoe aanvragen zo eenvoudig mogelijk kunnen. De tarieven voor 2022 voor OZB en andere tarieven zijn geïndexeerd voor het inflatiepercentage. Voor de tarieven 2023 (vastgesteld in de raad van december 2022) is het indexpercentage van t-2 gehanteerd (2,7%). In 2023 wordt een eenmalige korting van € 15 per jaar toegekend bij alle onroerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen.
Bijhouding BAG/BGT (biedingen)
Bijhouding BAG/BGT (biedingen)
Om de data te actualiseren zoals hierboven omschreven wordt een vergelijking gemaakt tussen de data uit het bestand en actuele luchtfoto's. Afwijkende zaken worden verwerkt in de bestanden. Op deze wijze wordt voldaan aan de wettelijke bepalingen met betrekking tot de actualiteit van de gegevens.
Dit is een continue proces. De stand van zaken wordt verwoord in de z.g. Ensia-rapportage die jaarlijks wordt aangeboden aan de raad. Daaruit blijkt dat we aan de gevraagde kwaliteit voldoen.
Verbonden partijen Verbonden partijen zijn privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisaties waarin de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. In lijn met de vernieuwde voorschriften van het BBV worden per programma de verbonden partijen vermeld die een relatie hebben tot het betreffende programma.
Jaarstukken 2022
51
NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Risico’s Het risico voor de gemeente beperkt zich tot het verworven aandelenkapitaal. Het risicobeheer van BNG Bank is gericht op handhaving van het veilige risicoprofiel van de bank. Dit profiel komt tot uitdrukking in hoge externe credit rating. Ontwikkelingen Gedurende het begrotingsjaar hebben zich geen veranderingen voorgedaan in de belangen van aandeelhouders in BNG Bank. Over 2021 realiseerde BNG Bank een nettowinst na belastingen van € 236 miljoen (2020: 221 miljoen). Van de nettowinst is voorgesteld om € 127 miljoen (60% beschikbare winst) aan dividend uit te keren (2020 € 101 miljoen – 50% beschikbare winst). Voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam komt dit neer op € 71.492 (over 2020 in 2021 € 56.754).
Samenwerkingsverband Vastgoedinformatie Heffen en Waarderen (SVHW) Risico’s Uit onderzoeken naar vergelijkbare organisaties is gebleken dat SVHW de efficiëntste organisatie is. Dit houdt in dat de geboden kwaliteit tegen een scherpe prijs wordt aangeboden. Het doorvoeren van bezuinigingen heeft daardoor een direct effect op de geboden kwaliteit. Daarnaast bestaat het risico dat deelnemers uittreden, waarbij mogelijkerwijs de lasten voor de achterblijvende deelnemers hoger worden. Tegelijkertijd treden er ook nieuwe gemeenten toe. Ontwikkelingen Naar verwachting zullen in de komende jaren meerdere gemeenten aansluiting gaan zoeken bij het SVHW. Daar staat tegenover dat gemeenten ook kunnen uittreden. Dit betekent dat er zowel kan-sen als risico's zich voor kunnen doen.
Wat heeft het gekost? Bedragen x € 1.000
Programma 13
Financiering / Algemene dekkingsmiddelen
Primaire begroting Lasten
185 Belastingen 190 Beleggingen 205 Algemene baten en lasten 210 Uitkering gemeentefonds 215 Kapitaallasten Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Resultaat
-407 -1 209 0 157 -41 0 -41
Begroting na wijziging
Baten
Saldo
3.978 40 217 26.155 15 30.405 0 30.405
3.571 39 426 26.155 172 30.364 0 30.364
Lasten -385 0 81 0 9 -295 0 -295
Baten
Saldo
4.343 40 217 29.565 15 34.180 0 34.180
3.958 40 298 29.565 24 33.885 0 33.885
Realisatie Lasten -506 0 81 0 -1 -426 0 -426
Verschil
Baten
Saldo
4.334 71 18 30.273 19 34.715 0 34.715
3.828 71 99 30.273 18 34.289 0 34.289
Lasten -121 0 0 0 -10 -132 0 -132
Baten -9 31 -199 708 4 536 0 536
Saldo -130 31 -199 708 -6 404 0 404
- = Nadelig / + = Voordelig
Jaarstukken 2022
52
1.5
Algemene Dekkingsmiddelen
Kosten en opbrengsten die niet direct tot één van de vorengaande programma’s behoren vallen onder de noemer ‘algemene dekkingsmiddelen’. De algemene dekkingsmiddelen zijn: 1. Lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is De lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is zijn heffingen waarvan er geen duidelijke relatie is tussen de gemeentelijke dienstverlening en de belasting. Voorbeelden zijn de onroerend zaakbelastingen (OZB) en de hondenbelasting. Overigens zijn de rioolheffing en de afvalstoffenheffing voorbeelden van lokale heffingen waarvan de besteding wel is gebonden. Dergelijke heffingen worden op de desbetreffende programma’s verantwoord. Voor verdere informatie wordt u verwezen naar de paragraaf ‘Lokale heffingen’. 2. Algemene uitkering uit het gemeentefonds De algemene uitkering uit het gemeentefonds is de grootste inkomstenbron voor onze gemeente. Twee factoren bepalen de uitkering aan een gemeente: a. De omvang hangt af van de algemene groei en van taak- en andere veranderingen. Het gemeentefonds is gekoppeld aan de rijksuitgaven. Als het Rijk meer uitgeeft, gaat het gemeentefonds ook omhoog en omgekeerd. Twee voorbeelden van taak- en andere veranderingen: Toen de gemeenten de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) gingen uitvoeren, kregen ze daarvoor geld in het gemeentefonds. Het fonds groeide, maar het takenpakket ook. b.
Het aandeel van een gemeente in de totale omvang van het gemeentefonds hangt af van zogenaamde “verdeelmaatstaven”. Het aantal inwoners is zo een verdeelmaatstaf. Hoe meer inwoners een gemeente heeft, des te groter het aandeel in het totaal. Er zijn circa vijftig verdeelmaatstaven. 3. Dividend Hiertoe behoren de aandelen en daaraan verbonden dividenden die niet tot één van de vorengaande programma’s behoren. Voor onze gemeente zijn dat de aandelen en daaraan verbonden dividenduitkering van de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG). 4. Saldo van de financieringsfunctie Het saldo van de financieringsfunctie bestaat uit de lasten die verband houden met het niet doorbelasten van rente aan producten. 5. Overige algemene dekkingsmiddelen De overige dekkingsmiddelen bestaan hoofdzakelijk uit de baten en lasten die betrekking hebben op de waardering van onroerende zaken in het kader van de Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ). Hieronder vallen overigens niet de opbrengsten van de onroerend zaakbelastingen (OZB) en ook niet de lasten die zijn gemoeid met de heffing en invordering daarvan. Deze worden verantwoord bij de lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is. Bedragen x € 1.000
Omschrijving Lokale heffingen, waarvan de besteding niet gebonden is Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds: algemeen Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds: sociaal domein Dividend Saldo van de financieringsfunctie Overige dekkingsmiddelen Totaal
Rekening 2021 3.873 25.532 1.560 57 -13 -394 30.615
Begroting na wijziging 2022 4.251 29.565 0 40 -24 53 33.885
Rekening 2022
Afwijking 2022
4.283 29.456 817 71 -18 -321 34.289
31 -109 817 31 7 -373 404
Voor-/nadelig V N V V V N V
Lokale heffingen, waarvan de besteding niet gebonden is Onder de lokale heffingen, waarvan de besteding niet gebonden is vallen de opbrengsten onroerende zaakbelastingen (woningen en niet-woningen) en hondenbelasting. Dividend Het hierboven genoemde dividend betreft de dividenden van de Bank Nederlandse Gemeenten. In paragraaf 2.5.2. wordt een toelichting gegeven op bovenstaande afwijkingen.
Jaarstukken 2022
53
1.6 Overhead De overheadkosten laten het volgende verloop zien. Bedragen x € 1.000
Overhead Baten Lasten Saldo
Begroting primair 36 -5.980 -5.944
Begroting na wijziging 91 -6.327 -6.236
Rekening 193 -6.422 -6.228
Per saldo is er ten opzichte van de begroting na wijziging een voordeel van € 8.000. De overheadkosten worden grotendeels op de paragraaf bedrijfsvoering verantwoord.
Jaarstukken 2022
54
1.7 Vennootschapsbelasting Uit de uitgevoerde inventarisatie van potentieel belastingplichtige activiteiten is geconcludeerd dat we geen of beperkt risico's lopen op het gebied van de vennootschapsbelastingplicht. Eind 2019/begin 2020 heeft een hertoets op de vennootschapsbelastingplicht plaatsgevonden. Hieruit bleek wederom dat we geen of beperkt risico's lopen op vennootschapsbelastingplicht. Op basis van deze inventarisatie, waarbij in 2022 geen nieuwe activiteiten zijn ontwikkeld, geldt dit ook voor het boekjaar 2022. Het enige discussiepunt over 2022 en voorgaande jaren betreft de reclame-opbrengsten. Uit analyse over 2016 t/m 2021 blijkt dat deze opbrengsten gemiddeld € 4.000 - € 6.000 bedragen, waarbij zich ook de vraag voordoet of sprake is van reclame-opbrengsten of beschikbaar stellen van onroerend goed. Voor de grondexploitaties worden in het kader van het MPG een quick-scan uitgevoerd op mogelijk Vpbverplichting. Uit de scan blijkt dat sprake is van negatieve uitkomsten en derhalve geen belastingrisico voor de Vpb. In 2022 heeft de Belastingdienst voorlopige beschikkingen voor opgelegd over 2018, 2019 en 2020, waarbij de fiscale opbrengsten zijn ingeschat op respectievelijk € 104.500, € 114.000 en € 123.500. De hieruit voortvloeiende Vpb bedraagt € 23.812, € 23.123 en € 21.201 (inclusief belastingrente). Tegen deze beschikkingen is bezwaar gemaakt.
Landelijk zijn er procedure bij rechtbanken geweest of deze lopen nog. Volgend hierop zijn ook beroepsprocedures gestart, welke naar verwachting een uitspraak langere tijd op zich laten wachten. Gelet op de hoogte van de opbrengsten in voorgaande jren en het vraagstuk of het om het beschikbaar stellen van onroerend goed gaat is verwachting is dat, gelet op de hoogte van de opbrengsten, dat geen of een beperkte aanslag zal worden opgelegd. De betaalde aanslagen zijn daarom als vordering op de balans opgenomen. Het blijft wel van belang om de kritische onderdelen goed in beeld te houden en ook alert te blijven bij toekomstige wijzigingen in beleid en/of tariefstellingen. We schatten het risico in op € 0.
Jaarstukken 2022
55
1.8 Onvoorzien
In de primitieve begroting is onder financiering en algemene dekkingsmiddelen een post voor onvoorziene uitgaven opgenomen ad € 25.000. In het begrotingsjaar is de post onvoorzien niet aangewend. Overzicht aanwending van het bedrag onvoorzien Bedragen x € 1.000
Nr. Begrotingswijziging / onderwerp
Datum
Bedrag 2022
0 Primitieve begroting Begrotingswijziging(en)
25 0
Saldo post onvoorzien na begrotingswijzigingen
25
Alle andere begrotingswijzigingen waren budgetneutraal of zijn gemuteerd op het exploitatiesaldo van de begroting. Het restant van de post onvoorzien bedraagt € 25.000,-.
Jaarstukken 2022
56
Paragrafen
Jaarstukken 2022
57
1.9
Paragraaf Bedrijfsvoering
Beleidsverantwoording Wat wilden we bereiken?
Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan?
Verdere organisatie-ontwikkeling
Verdere organisatie-ontwikkeling
In 2022 wordt via verschillende instrumenten in het bedrijfsvoeringdomein verder vorm gegeven aan de verdere ontwikkeling van de organisatie. We werken vanuit het adagium dat we klaarstaan voor de samenleving en werken aan het versterken van de collectieve sturing. Het verandertraject vraagt ook in 2022 tijd en capaciteit van de ambtelijke organisatie, terwijl gelijktijdig de reguliere processen ook blijven doorgaan. Daarnaast wordt inhoudelijk gewerkt aan het afronden van deze bestuursperiode en de voorbereiding van de nieuwe periode 2022-2026. Zie ook programma 1.
De doorontwikkeling van de organisatie naar een netwerkorganisatie vindt zijn herkomst in de raadsbesluiten van december 2020 ('Stutten en verstevigen van de organisatie') en februari 2021 ('Vervolg Stutten en Verstevigen'). In 2022 hebben we de reguliere processen door kunnen laten gaan en gelijktijdig hebben we gewerkt aan de afronding van de bestuursperiode, de voorbereiding van de nieuwe bestuursperiode en de doorontwikkeling van de organisatie. We hebben deze doorontwikkeling in 2022 verder vormgegeven aan de hand van de pijlers concernsturing, samenwerken, persoonlijk leiderschap, vertrouwen, inhoud en dienstverlening. In 2022 deden we hiertoe het volgende: Met het vormgeven van concernsturing zorgen we voor inzicht, overzicht en samenhang van de inzet van mensen, geld en werk. We maken een omslag van hiërarchisch naar persoonlijk leiderschap. In een netwerkorganisatie gaat het om samenwerken vanuit individuele persoonlijke kwaliteiten. Het persoonlijk leiderschapstraject geeft de medewerkers inzicht in hun kwaliteiten. Zo kunnen medewerkers en de organisatie hen nog beter op hun kwaliteiten in te zetten. We stellen de mens centraal en werken vanuit een mensbeeld van vertrouwen, in plaats van controleren en aansturen. We focussen op inhoud en doen dit door minder tijd te besteden aan het maken van beleid en het opstellen en uitvoeren van procedures.
Dit stelt ons beter in staat om flexibel in te spelen op vragen vanuit de samenleving en het bestuur. We zoeken zowel in- als extern persoonlijk contact i.p.v. via papier en mail te communiceren. We stellen 'mensen boven regels': regels moeten goed uitlegbaar zijn naar de samenleving toe. Dit vraagt van organisatie en bestuur om nog meer van buiten naar binnen te werken en zo de kracht van de samenleving beter te benutten en het (vrijwilligers)netwerk in Hardinxveld-Giessendam te vergroten. We brengen het bestuur beter en eerder in positie door vroegtijdig het gesprek aan te gaan over de belangrijke bestuurlijke projecten en processen, in plaats van te focussen op het uiteindelijke besluitvormingsproces. In december 2022 hebben we het koersdocument 'Op weg naar een netwerkorganisatie' vastgesteld. Hierin is onder meer beschreven langs welke weg wij die ontwikkeling vorm willen geven. Een onderdeel daarvan is het uitvoeren van zes vastgestelde bestuursopdrachten: Prioritering, Bestuurlijke processen, Persoonlijk leiderschap, Dienstverlening, Monitoring en Cultuur.
Beleidsindicatoren Vanaf de begroting 2017 moeten enkele beleidsindicatoren verplicht worden opgenomen in zowel de begroting als in de jaarstukken. De beleidsindicatoren zijn verdeeld over de programma's waar ze betrekking op hebben.
Jaarstukken 2022
58
Nr. Indicator
Hardinxveld - Giessendam
Bron Gemeenten < 25.000 inw. Rekening Rekening per. waarde per. waarde 2022 6,4 Eigen begroting/jaarrekening 2022 7,2 Eigen begroting/jaarrekening 2022 665 Eigen begroting/jaarrekening 2022 23 Eigen begroting/jaarrekening 2022 13 Eigen begroting/jaarrekening
30 Formatie 31 Bezetting 32 Apparaatskosten 33 Externe inhuur 34 Overhead
Begroting per. waarde 2022 6,22 2022 5,04 2022 625 2022 3 2022 14
Beschrijving 30. Fte per 1.000 inwoners 31. Fte per 1.000 inwoners 32. Kosten per inwoner 33. Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen 34. % van totale lasten
Wat heeft het gekost? Bedragen x € 1.000
Programma 14 Bedrijfsvoering (kostenplaatsen)
Primaire begroting Lasten
220 Bedrijfsvoering Saldo van baten en lasten Mutaties reserves Resultaat
-5.582 -5.582 -80 -5.662
Baten
Begroting na wijziging Saldo
36 36 674 710