Jaarstukken 2021 versie 3.0 d.d. 24-05-2022.pdf
Tekst van het document
Afschrijvingslasten
42
47
44
Lasten programma 4
Voor bruggen geldt een afschrijvingstermijn van 10 jaar. OPENBARE VERLICHTING Vastgesteld door raad Looptijd Doel
Investeringen en ambitieniveau Planning actualisatie Jaarstukken 2021
September 2017 2017-2026 Het beheerplan is een uitwerking van de in het beleidsplan openbare verlichting (2017-2026) vastgelegde beleidsuitgangspunten. In het beheerplan wordt beschreven welk beheer en onderhoud uitgevoerd moet worden om de installatie en de verlichting op een gewenst kwaliteitsniveau te brengen of te houden en welke financiële middelen daarvoor nodig zijn. De jaarlijkse kapitaallasten worden gedekt uit de reserve. gepland 2026 81
Beheerplan Openbare verlichting
(bedragen x € 1.000) Begroting Rekening 2021 2021
Rekening 2020
Product Openbare Verlichting
Programmakosten en -baten Kapitaallasten (afschrijvingen en rente) Mutatie voorzieningen Toerekeningen programma Bedrijfsvoering
130
160
183
47
56
52
0
0
0
9
11
17
Saldo programmalasten
186
226
252
Bestemmingsreserve Openbare Verlichting
Dotaties
53
53
53
Onttrekkingen afschrijvingslasten, onderhoud
-52
-63
-57
1
-10
-4
187
217
248
Mutatie reserve Totaal lasten beheerprogramma OV
Investeringen in straatverlichting worden in 15 jaar afgeschreven. De afschrijvingslasten worden geëgaliseerd via de reserve Openbare Verlichting. STEDELIJK WATERPLAN Vastgesteld door raad Looptijd Doel Investeringen en ambitieniveau Planning actualisatie
Stedelijk waterplan
2003 2003-2011 Verbetering kwaliteit en belevingswaarde van het oppervlaktewater. Uitvoering convenant met het Waterschap Rivierenland. Gebaseerd op het plan 2003-2011 en uitgevoerd. De afschrijvingslasten worden gedekt via de gemeentelijke exploitatie. Het plan is uitgevoerd. Het plan is samen met het Waterschap geëvalueerd. De uitkomsten van de monitoring van de waterkwaliteit door het Waterschap geven geen aanleiding tot extra maatregelen. De maatregelen uit het waterplan hebben voor een kwaliteitsverbetering gezorgd van het oppervlaktewater. Actualisatie of een nieuw plan is niet aan de orde. (bedragen x € 1.000) Rekening Begroting Rekening 2020 2021 2021
Kapitaallasten investering wateroverlast 2015 Lasten programma 4
37 37
37 37
37 37
BAGGERPLAN Vastgesteld door raad Looptijd Doel
Investeringen ambitieniveau
Planning actualisatie Jaarstukken 2021
en
2019 / 2020 2019 - 2029 Uitvoeren reguliere baggerronde inclusief de acceptatiekosten voor baggerwerkzaamheden van het waterschap. Zorgdragen voor een goede afstroming van het regenwater. In 2019 is het baggerplan gereedgekomen. Deze is in 2020 vastgesteld door het college en betreft de baggercyclus van 2021-2024. In het plan zijn het ambitie niveau en de benodigde middelen opgenomen. Ter dekking van onderhouds- en afschrijvingslasten is een bestemmingsreserve Baggerplan in het leven geroepen. 2029 82
(bedragen x € 1.000) Begroting Rekening 2021 2021
Rekening 2020
Baggeren Product Waterlossingen en sloten
Programmakosten en -baten Kapitaallasten (afschrijvingen en rente) Mutatie voorzieningen Toerekeningen programma Bedrijfsvoering
78
128
125
62
63
54
0
0
0
33
39
53
Saldo programmalasten
173
230
233
Dotaties
35
183
183
Onttrekkingen afschrijvingslasten, onderhoud
-57
-63
-63
Mutatie reserve
-22
120
120
Totaal lasten Baggeren
152
350
352
Bestemmingsreserve Waterbeheerplan
Voor egalisatie van de kosten over de jaren heen is een reserve ‘waterbeheerplan’ (voorheen reserve ‘baggeren’) gecreëerd. VERBREED GEMEENTELIJK RIOLERINGSPLAN (vGRP)
Vastgesteld door raad Looptijd Doel Investeringen ambitieniveau
Planning actualisatie
Jaarstukken 2021
en
23 juni 2011 2011-2020 De exploitatielasten en investeringen zijn gebaseerd op het vGRP. De voorziening riolering is bedoeld voor tariefegalisatie. Deze worden in het vGRP aangegeven en zijn gericht op de inzameling van afvalwater en de inzameling van hemelwater dat niet kan of mag worden gebruikt voor de lokale waterhuishouding. Om de doelen te concretiseren zijn hieraan functionele eisen en maatstaven gekoppeld. De huidige toestand van de riolering wordt aan deze doelen getoetst, maatregelen worden opgesteld en er is een strategie uitgewerkt hoe de maatregelen - technisch en financieel - in de tijd gerealiseerd kunnen worden. Met de gemeenten in de Alblasserwaard en Vijheerenlanden is een overeenkomst afgesloten tot samenwerking in de waterketen. Deze samenwerking zal voor de uitvoering van de werkzaamheden volgens het vGRP worden voortgezet. Herziening vGRP staat gepland voor 2022. Periodiek vindt een toetsing op de actualiteit van het vGRP plaats. In 2021 is het BRP geactualiseerd, waarin het gehele rioolstelsel op haar functioneren wordt berekend en mede als basis dient voor de actualisatie van het vGRP. Hierin wordt een relatie gelegd met de gevolgen van klimaatverandering. Voor de actualisatie zijn ook de gegevens van de riolering nodig. De actualisatie hiervan vindt volgend jaar plaats.
Voor alle beheergegevens gaat gebruik gemaakt worden van één systeem om hiermee de integraliteit in het beheer te verbeteren. Door de vertraging bij de invoer van het nieuwe beheersysteem (zie ook beheerplan wegen) vindt de afronding van het vGRP plaats in 2022.
83
Gemeentelijk Rioleringsplan
Rekening 2020
(bedragen x € 1.000) Begroting Rekening 2021 2021
Product Pompen en riolen Programmakosten en -baten
148
141
135
Kapitaallasten (afschrijvingen en rente)
361
386
477
Toerekeningen programma Bedrijfsvoering
242
277
345
Saldo programmalasten
751
804
958
1.243
1.337
1.409
-1.803
-1.864
-1.861
560
527
452
Voorziening Riolering
Lasten GRP (incl btw en overig toe te rekenen) Baten (legesopbrengsten) Mutatie voorziening Riolering
De Investeringen in de programmabegroting zijn gebaseerd op het vGRP dat in 2011 is vastgesteld. Ten aanzien van de rioolheffing is sprake van 100% kostendekkendheid. Bij de uit het rioolheffing te dekken kosten wordt ook rekening gehouden met de toerekenbare btw en een deel van de kosten van straatreiniging. Het verschil tussen de totale kosten en de opbrengst uit het rioolheffing wordt verrekend met de voorziening Riolering.
Jaarstukken 2021
84
GROENBELEIDSPLAN Vastgesteld door raad Looptijd Doel
27 september 2007 10 jaar Strategisch plan op gemeentelijk- en wijkniveau voor het beleidsmatig sturen en planmatig beheren van groen. Geeft met zijn uitgangspunten en richtlijnen richting aan de ontwikkeling van het openbare groen. Geeft inzicht in de groenstructuren, zonering en groentypen, beheer-, onderhoud- en inrichtingsmaatregelen en financiële en organisatorische consequenties. en Investeringen zijn gebaseerd op groenbeleidsplan en worden vastgelegd in een uitwerkingsplan. Onderhoud wordt uit exploitatie bekostigd. Voor uitgaven op grond van het nieuwe groenbeleidsplan is jaarlijks € 38.000 opgenomen. in april 2022 zal het geactualiseerde groenbeleidsplan door de raad worden vastgesteld
Investeringen ambitieniveau
Planning actualisatie
(bedragen x € 1.000) Begroting Rekening 2021 2021
Rekening 2020
Groenbeleidsplan Product Openbaar groen
Programmakosten en -baten Kapitaallasten (afschrijvingen en rente) Mutatie voorzieningen Toerekeningen programma Bedrijfsvoering
397
293
246
5
8
6
0
0
0
668
739
781
1.071
1.040
1.032
56
22
22
Onttrekkingen afschrijvingslasten, onderhoud
-208
-160
-160
Mutatie reserve
-152
-138
-138
Totaal lasten Groenbeleidsplan
919
902
894
Saldo programmalasten Bestemmingsreserve openbaar groen Dotaties
De kosten voor beleid en beheer van het openbaar groen zijn opgenomen op product 560.00 GEBOUWENBEHEER Vastgesteld door raad
Looptijd Doel
Investeringen ambitieniveau Planning actualisatie
Jaarstukken 2021
en
April 2000 In 2014 heeft een nulmeting plaatsgevonden. Het planmatige onderhoud is hierop bijgesteld. 4 jaar Het planmatig beheren van alle bij de gemeente in eigendom zijnde gebouwen. Per gebouw zijn bouwkundige voorzieningen, technische installaties en de opstal opgenomen. Investeringen zijn gebaseerd op het beheerplan. Voor het gebouwenbeheer wordt gebruik gemaakt van de in 2016 door de raad vastgestelde 'Bestemmingsreserve Onderhoud Gebouwen'. Iedere 4 jaar wordt een nulmeting/actualisatie uitgevoerd en wordt de dotatie opnieuw vastgesteld. Het te doteren bedrag is gebaseerd op een meerjarig gemiddelde. De nulmeting is in 2019 gestart en komt in 2020 tot afronding Daarnaast wordt jaarlijks, voorafgaand aan het nieuwe jaar, een uitvoeringsplan bijgesteld op basis van o.a. inspectie en bouwkundige en installatietechnische levensduur cq. cycli.
85
Meerjarenonderhoudsplan gebouwen
(bedragen x € 1.000) Begroting Rekening 2021 2021
Voorziening MJOP Gebouwen Saldo 1/1/2021 Dotaties aan voorziening tlv exploitatie
0
0
541
676
541
676
-539 3
-5 -3 -492 -28 -2 -1 -1 -96 -5 0 -1 -1 -634 42
Onttrekkingen aan voorziening Bellefleur 6 en 8 (CVO AV, Willem de Zwijger en SmallSteps) Bibliotheek Neder-Hardinxveld Zwembad De Duikelaar Sporthal De Wielewaal Sporthal De Appelgaard Ducdalf, Scheldestraat 1 Aula's begraafplaats Kerkweg Kromme Gat en Tiendweg en klok Gemeentehuis Gemeentewerkplaats PROJ Pompen riolering - groot onderhoud PROJ Afvalbrengstation - groot onderhoud PROJ Boorstraat 10 Keet, clubhuis - groot onderh. Totaal bestedingen Saldo 31/12/2021
SPEELRUIMTEN Vastgesteld door raad Looptijd Doel Investeringen ambitieniveau
Planning actualisatie
Jaarstukken 2021
en
De gemeenteraad heeft in zijn vergadering van 26 januari 2012 het Speelruimteplan 2012-2021 vastgesteld. 10 jaar Komen tot een weloverwogen, praktisch en breed gedragen speelruimtebeleid voor de komende 10 jaar. In het door het college van burgemeester en wethouders vastgestelde uitvoeringsplan voor 2012 en volgende jaren is invulling gegeven aan de opdracht uit bovengenoemd raadsbesluit om de uitvoering en de kosten te spreiden over de onderdelen reguliere vervanging en onderhoud, achterstand en aanpassing/vernieuwing. Jaarlijks wordt een uitvoeringsplan opgesteld waarin de planning wordt gevolgd en eventuele afwijkingen hierop worden gemotiveerd. Het accent ligt de komende jaren op de eerste twee onderdelen. Jaarlijks wordt gemonitord of de planningen worden gehaald. 2023
86
Beheerplan Speelplaatsen
(bedragen x € 1.000) Begroting Rekening 2021 2021
Rekening 2020
Product Speelplaatsen
Programmakosten en -baten Kapitaallasten (afschrijvingen en rente) Mutatie voorzieningen Toerekeningen programma Bedrijfsvoering
25 47 0 46
24 64 0 52
27 59 0 62
Saldo programmalasten
118
140
147
Bestemmingsreserve speelplaatsen
Toevoegingen Onttrekking afschrijvingslasten
48
48
48
-42
-51
-50
Mutatie reserve Speelplaatsen
6
-3
-2
124
138
146
Totaal lasten beheerprogramma Speelplaatsen
Investeringen in speelruimten worden in 15 jaar afgeschreven.
BEGRAAFPLAATSEN Voor de begraafplaatsen is er op dit moment nog geen beheerplan. Het beleidsplan begraafplaatsen is op 23 april 2015 door de raad vastgesteld. Er wordt gewerkt aan de hervorming van het product begraafplaatsen middels een vastgestelde actiepuntenlijst. Volgens deze lijst zou er in 2016 een beheerplan begraafplaatsen worden opgesteld. Door aanpassingen van de plannen bij begraafplaats Spindermolen waarbij in- en uitbreidingen zijn vastgesteld is de vaststelling van dit beheerplan voorzien voor 2022.
Begraafplaatsen
(bedragen x € 1.000) Begroting Rekening 2021 2021
Rekening 2020
Product Begraafplaatsen Programmakosten en -baten
58
96
42
Kapitaallasten (afschrijvingen en rente)
52
62
48
Mutatie voorzieningen
0
9
9
Toerekeningen programma Bedrijfsvoering
239
286
295
Saldo programmalasten
350
453
395
Toevoegingen
20
63
63
Onttrekkingen afschrijvingslasten, onderhoud
-25
-4
-5
Mutatie reserve Speelplaatsen
-5
59
58
344
512
453
Bestemmingsreserve Begraafplaatsen
Totaal lasten beheerprogramma Speelplaatsen
Jaarstukken 2021
87
SAMENVATTING Samenvattend kan het volgende overzicht van het onderhoud kapitaalgoederen voor 2021 worden gegeven:
Beheersonderdeel
Programma kosten en baten
Kapitaal lasten
Dotatie voorziening
Aandeel bedrijfs voering
(bedragen x € 1.000) Onttrekking Totaal reserve
Dotatie reserve
456
260 44
0
728
322
-301
1.465
183
52
0
17
53
-57
248
54 477 6
37 0 452 0
53 345 781
183
-63
352
Openbaar groen
125 135 246
22
-160
894
Speelterreinen en - tuinen
27
59
0
62
48
-50
146
Begraafplaatsen
42
48
295
63
-5
453
1.214
1.000
9 676 1.174
2.281
691
-635
5.724
Wegen, straten en pleinen Bruggen Openbare Verlichting Stedelijk waterplan Waterlossingen en sloten Gemeentelijk Rioleringsplan
Meerjarenonderhoudsplan gebouwen
Jaarstukken 2021
44 37 1.410
676
88
1.13 Paragraaf Financiering en Treasury Algemeen In de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) is bepaald dat decentrale overheden een financieringsparagraaf moeten opnemen in zowel de begroting als in de jaarrekening. In de thans voorliggende jaarrekeningparagraaf wordt door het college verantwoording afgelegd over de uitvoering van het beleid op het gebied van treasury. Hierbij wordt onder andere ingegaan op de manier waarop de gemeente Hardinxveld-Giessendam met het aantrekken en, voor zover van toepassing, het uitzetten van geldmiddelen is omgegaan, zowel op korte als op langere termijn. Tevens worden de risico’s in beeld gebracht alsmede de eventueel genomen maatregelen om deze risico’s te beheersen. Externe ontwikkelingen Economische ontwikkelingen De Europese Centrale Bank (ECB) voert nog steeds een opkoopprogramma uit. In 2022 ligt de beslissing voor of dit programma verlengd zal worden of niet. De rente op de kapitaalmarkt vertoonde in 2021 een iets opwaartse lijn. De rente van een 10-jarige staatslening bedroeg begin januari 2021 ongeveer -/-0,49%. Eind december 2021 bedroeg de rente van een 10-jarige staatslening -0,04%. De 3-maands Euribor begon het jaar met een rente van circa -/- 0,54%. Gedurende het jaar is dit rentetarief bijna gelijk gebleven en eind december 2021 bedroeg de 3-maands Euribor ongeveer -/- 0,57%.
De constantheid van dit rentetarief ligt in lijn met de beleidsrente van de ECB die gedurende het jaar niet is aangepast. Onder de huidige marktomstandigheden blijft het uitgangspunt bij het aantrekken van vermogen, de kasgeldlimiet zoveel mogelijk optimaal te benutten en kort te financieren. De financieringsfunctie van de gemeente dient uitsluitend de publieke taak. Zij voert een prudent beleid binnen de kaders die zijn gesteld in de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido). De ontwikkeling van de rente gedurende 2021 kan als volgt worden weergegeven:
Renteverloop 1 jan 2021 - 1 jan 2022 0,50%
10-jaars IRS 3-maands Euribor
0,00%
-0,50%
-1,00%
Jaarstukken 2021
89
Bedacht moet worden dat, indien een langlopende lening daadwerkelijk wordt opgenomen, er thans opslagen gelden bovenop het IRS-tarief zoals hierboven weergegeven. Voor een 10-jaars lening bedroeg dit eind 2021 circa 0,1%. Interne rente Voor de interne doorberekening van de rentekosten naar de investeringen hanteert de gemeente een omslagrente van 1,0%. De BBV-notitie rente schrijft voor dat, indien de werkelijke rentelasten die over een jaar aan taakvelden hadden moeten worden doorbelast afwijken van de rentelasten die op basis van de voorgecalculeerde renteomslag aan de taakvelden zijn toegerekend, de gemeente kan besluiten tot correctie. Correctie wordt verplicht gesteld indien deze afwijking groter is dan 25%. In onderstaand renteschema worden de werkelijke rentelasten uiteen gezet, die gezamenlijk het renteresultaat bepalen. Daarnaast wordt bepaald of de eerdergenoemde afwijking niet groter is dan 25%. In de begroting is aan de taakvelden € 475.000 doorbelast in werkelijkheid is dit bedrag € 104.000. Dit verschil ligt ruim boven de 25%, zodat een herberekening van de doorberekende rentelasten heeft plaats te vinden. Daarbij is het rentepercentage bepaald op 0,25%.
RENTEOMSLAG a1. De externe rentelasten over de lange financiering a2. De externe rentelasten over de korte financiering b. De externe rentebaten Saldo rentelasten en rentebaten c1. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende het betreffende taakveld moet worden toegerekend c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (=projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
2021 457 -23 -19 415 -/-
127
-/-
191
+/+
0 -/-
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente e. De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) f. Renteresultaat op het taakveld treasury
-/-
318 97 0 0 97 104 -7
Uitzettingen Uitzettingen zijn binnen de Wet fido gedefinieerd als verstrekte geldleningen en beleggingen. De gemeente heeft geen beleggingen en geen uitzettingen. Financiering De totale langlopende schuld van de gemeente Hardinxveld-Giessendam bedroeg per 31 december 2021 € 18,360 miljoen. Dit betreft 12 leningen. De gemiddelde rente van deze leningenportefeuille per 31 december 2021 bedraagt 2,25%. De gemiddelde rente komt daarmee licht lager uit dan eind 2020 (2,33%). De lichte daling komt doordat er naar verhouding iets meer is afgelost op oudere leningen met hogere rentepercentages. De leningenportefeuille is als volgt opgebouwd:
Jaarstukken 2021
90
Nr. Leningverstrekker
Nominale hoofdsom
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16
1.500.000 1.500.000 1.500.000 3.500.000 2.500.000 2.500.000 2.000.000 2.000.000 3.000.000 5.000.000 4.000.000 7.000.000 5.500.000 4.500.000 3.500.000 3.000.000
Bank Nederlandse Gemeenten Nederlandse Waterschapsbank Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Nederlandse Waterschapsbank Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten
Restant Restant Rentegeldlening geldlening percentage 31-12-2020 31-12-2021 75.000 420.000 150.000 350.000 2.500.000 375.000 300.000 500.000 200.000 500.000 400.000 5.600.000 1.650.000 2.700.000 2.800.000 3.000.000
0 360.000 75.000 175.000 2.500.000 250.000 200.000 400.000 0 0 0 5.425.000 1.100.000 2.400.000 2.625.000 2.850.000
Looptijd in jaren
Jaar van laatste aflossing
20 25 20 20 20 20 20 20 15 10 10 40 10 15 20 20
2021 2027 2022 2022 2022 2023 2023 2025 2021 2021 2021 2052 2023 2029 2036 2040
5,090% 5,180% 5,390% 5,390% 5,140% 4,600% 4,075% 3,365% 3,580% 3,380% 2,520% 2,395% 1,899% 1,445% 1,130% 0,120%
52.500.000 21.520.000 18.360.000
Risicobeheer De belangrijkste financiële risico’s bij de uitvoering van het treasurybeleid zijn de kasgeldlimiet, de renterisico’s en de kredietrisico’s. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is het bedrag dat de gemeente per jaar maximaal met kort geld mag financieren. Volgens de Wet fido bedraagt deze limiet 8,5% van het totaal van de exploitatiebegroting. Gezien de omvang van de begroting 2021 (€ 45,9 miljoen) betekende dit dat de gemeente Hardinxveld-Giessendam haar financiële huishouding voor maximaal € 3,9 miljoen met kort geld mocht financieren. Conform voorschrift uit de Wet fido is in bijgaande tabel het verloop weergegeven van de gemeentelijke kortlopende middelen ten opzichte van de kasgeldlimiet gedurende 2021: Tabel 1 Verloop kasgeldlimiet 2021 Bedragen x € 1.000 1ste kwartaal 2de kwartaal 3de kwartaal 4de kwartaal Gemiddelde netto vlottende schuld (+) of gemiddelde netto vlottend overschot (-) Kasgeldlimiet Overschrijding kasgeldlimiet Ruimte onder kasgeldlimiet
2.743 3.903
4.826 3.903
-256 3.903
39 3.903
1.160
923 -
4.159
3.864
-
In 2021 is de kasgeldlimiet alleen in het tweede kwartaal overschreden. Dit is binnen het door de Wet fido toegestane maximum van drie kwartaaloverschrijdingen. In 2021 zijn tien kasgeldleningen opgenomen variërend van € 3 miljoen tot € 8 miljoen. De gemiddelde looptijd bedroeg tussen de 14 en 42 dagen en het gemiddelde rentepercentage kwam uit op -0,48%. Renterisiconorm De renterisiconorm heeft tot doel om binnen de portefeuille aan langlopende leningen een overmatige afhankelijkheid van de rente in een zeker jaar te voorkomen. Om dat te bereiken mag het totaal aan renteherzieningen en aflossingen op grond van deze norm niet meer dan 20% zijn van het begrotingstotaal, in 2021 bijna € 9,2 miljoen. Uit onderstaande berekening komt naar voren dat de gemeente Hardinxveld-Giessendam in 2021 binnen de renterisiconorm heeft geopereerd.
Jaarstukken 2021
91
Tabel 2 Toetsing renterisiconorm 2020 Bedragen x € 1.000 Berekening renterisico Bedrag renteherzieningen Bedrag aflossingen Totaal renterisico
0 3.160 3.160
Renterisiconorm: Begrotingstotaal Percentage conform ministeriële regeling Renterisiconorm
45.910 20% 9.182
Toets renterisiconorm: Onderschrijding
6.022
Kredietrisico’s De gemeente Hardinxveld-Giessendam loopt kredietrisico op uitzettingen (o.a. verstrekte geldleningen) en op leningen waarop door haar een borgstelling is afgegeven. Tabel 3 Overzicht kredietrisico’s Bedragen x € 1.000
Categorie
1-1-2021 31-12-2021
Uitzettingen Borgstellingen
Direct Indirect Totaal
0
0
18.617 44.383 63.000
15.668 48.194 63.863
Het in bovenstaande tabel weergegeven bedrag aan directe borgstellingen per 31 december 2021 van € 15.668.000,- kan als volgt worden gespecificeerd: ▪ Fien Wonen € 11.678.000 (13 leningen) ▪ HVC, via GR Gevudo € 3.971.000 ▪ KV Vriendenschaar € 19.000. Daarnaast stond de gemeente per 31 december 2021 voor in totaal € 48,2 miljoen garant in het kader van de achtervangpositie in het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (indirecte borgstelling). Gezien de rond dat fonds gebouwde zekerheidsstructuur is hieraan een relatief laag risico verbonden. Sinds 1 augustus 2021 is er een nieuwe achtervangovereenkomst met WSW. De wijzigingen die zijn doorgevoerd in deze nieuwe overeenkomst leiden tot een andere toerekening van de achtervangpositie aan de gemeente. Dit betekent dat als een lening voor 1 augustus 2021 is afgesloten deze voor 100% meetelt in de verdeelsleutel (dit is identiek aan de systematiek van vorig jaar). Is de lening na 1 augustus 2021 afgesloten, dan is de verdeelsleutel gelijk aan het percentage van marktwaarde van het DAEB-bezit van de betreffende corporatie dat in deze gemeente ligt. Daarnaast is nieuw dat de gemeente borg staat voor een obligolening. Deze lening kan worden aangesproken indien er geld nodig is om grote verliezen te dekken en de obligoheffing van corporaties niet voldoende is.
Financieringspositie Een oordeel over een vermogenspositie kan worden gevormd door bepaling van de solvabiliteitsratio. Solvabiliteit geeft de mate aan waarin een instelling in staat is aan haar korte en lange termijnverplichtingen te voldoen. Deze maatstaf kan worden bepaald door de verhouding te bepalen tussen het eigen vermogen (reserves) en het vreemd vermogen (opgenomen financiering). Het spreekt voor zich dat de ratio wordt bepaald aan de hand van het eigen vermogen omdat dat immers als buffer dient voor het opvangen van eventuele stroppen. Jaarstukken 2021
92
Uit de voorliggende jaarstukken blijkt de volgende verhouding tussen eigen en vreemd vermogen per begin en eind 2021 (genormaliseerde cijfers, exclusief TOZO): Omschrijving Eigen vermogen Vreemd vermogen
Bedragen x € 1.000 1-jan-21
31-dec-21 34.122 49% 35.270 51%
33.683 50% 33.158 50%
Vooralsnog kan dit worden gekenmerkt als solide. Financiering activa Op grond van de staat van activa bezit de gemeente Hardinxveld-Giessendam per 31 december 2021 voor een bedrag van € 48,6 miljoen aan vaste activa en € 10,7 miljoen aan bouwgrondexploitaties (inclusief faciliterend deel). Van de vaste activa bedragen de investeringen in riolering en reiniging € 11,4 miljoen. Zoals in de nota Financierings- en rentevisie is aangeven worden de investeringen in riool en de bouwgrondexploitatie 100% extern gefinancierd. De overige activa worden deels extern gefinancierd en deels via het eigen vermogen. In een nota financieringvisie en rentebeleid is vastgelegd dat maximaal 40% van de exploitatie gerelateerde investeringen met vreemd vermogen wordt gefinancierd. Per 31 december 2021 is deze norm gerealiseerd. Samenvattend kan dat als volgt worden gepresenteerd: Bedragen x € 1.000 Boekwaarde per 31-12-2021
- overige activa - investeringen met een economisch nut, waarvoor heffing kan worden geheven - bouwgrondexploitaties (inclusief faciliterend deel)
Externe financiering*
Interne financiering
37.157 11.417 10.682
261 11.417 10.682
36.896 0 0
59.256
22.360
36.896
Leningenportefeuille (opgenomen) De financiering van de investeringen in meerdere grote projecten, waarop in de aankomende jaren ook revenuen uit grondverkopen (bouwgrondexploitaties) zullen gaan ontstaan wordt periodiek tegen het licht gehouden. Op basis van de ontwikkeling van de rentestanden voor korte en lange termijnleningen wordt daarbij bezien welke leningsvariant het meest gunstig is. In 2021 is geen nieuwe langlopende lening aangetrokken. De mutaties in de leningenportefeuille gedurende 2021 kunnen als volgt worden weergegeven:
00 Omschrijving
Bedrag
Bedragen x € 1.000 Gemiddeld Rentepercentage
Stand per 1 januari 2021 Nieuwe leningen
21.520 0
2,33% 0,00%
Reguliere aflossingen Vervroegde aflossingen Rente-aanpassing (oud percentage) Rente-aanpassing (nieuw percentage)
- 3.160 0 0 0
0,08%
Stand per 31 december 2021
18.360
2,25%
Uitzettingen (verstrekte langlopende geldleningen, beleggingen) Het totaalbedrag aan uitzettingen van de gemeente Hardinxveld-Giessendam bedraagt per eind 2021 € 0,04 miljoen en betreft overige verbonden partijen. Daarnaast heeft de gemeenten een belegd vermogen van € 0,8 miljoen. Op korte termijn bestaan geen plannen om langlopende leningen te verstrekken.
Jaarstukken 2021
93
KASSTROOMOVERZICHT RESULTAAT
1.185
Afschrijvingen Afschrijvingen immateriële vaste activa Afschrijvingen materiële vaste activa (EcN) Afschrijvingen materiële vaste activa (MaN) Totaal afschrijvingen
63 1.001 397
Reserves/voorzieningen Toename reserves/voorzieningen Afname reserves/voorzieningen Totaal mutaties reserves
7.321 -7.611
1.461
-290
KASSTROOM
2.356
Bouwgrondexploitaties (inclusief faciliterend deel) Toename voorraad bouwgrond Afname voorraad bouwgrond Totaal mutatie bouwgrondexploitaties
-5.434 3.210
Werk k apitaal Mutaties vlottende activa Mutaties vlottende passiva Totaal mutatie werk k apitaal
2.402 -444
-2.224
1.958
KASSTROOM VOOR INVESTERINGEN ACTIVA Netto-investeringen vaste activa Toename immateriële vaste activa Toename materiële vaste activa (EcN) Toename materiële vaste activa (MaN)
2.090
0 -1.252 -886 -2.138
OVERSCHOT AAN LIQUIDE MIDDELEN
-48
Dit is als volgt aangewend: Leningen u/g (Financiele vaste activa) Aflossingen/afschrijvingen financiele vaste activa Verstrekte financiele vaste activa
-45 0 -45
Leningen o/g Opgenomen langlopende leningen
0
Aflossingen langlopende leningen
3.160 3.160
Liquide middelen Kasgeldleningen Bank saldi
-4.000 837 -3.163 -48
Jaarstukken 2021
94
31-12-2021 -394 11 -383
Schatkistbankieren Banken Kassen Kruisposten Totaal Kasgeldlening
Langlopende leningen o/g Langlopende leningen u/g
31-12-2020 -1.230 12 -2 -1.220
Verschil 836 -1 2 837
-4.000
-
-4.000
-4.383
-1.220
-3.163
-18.360 860
-21.520 904
3.160 -45
-21.883
-21.836
-48
Relatiebeheer De Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) is huisbankier van de gemeente Hardinxveld-Giessendam. Administratieve Organisatie In 2021 heeft enkele keren ambtelijk en bestuurlijk overleg plaatsgevonden tussen gemeente en het SCD over de uitvoering van de financieringsfunctie. Schatkistbankieren Tot 1 juli mocht bij het verplicht schatkistbankieren tot een bedrag van 0,75% van het begrotingstotaal buiten de Schatkist worden gehouden, het zogenoemde drempelbedrag. Het drempelbedrag mag als gemiddeld creditbedrag per kwartaal niet overschreden worden. Uit onderstaande tabel blijkt dat het drempelbedrag van € 345 duizend voor het eerste halfjaar niet is overschreden. Na 1 juli is de berekening voor het drempelbedrag veranderd. In plaats van 0,75% van het begrotingstotaal mag nu tot 2% van het begrotingstotaal buiten de Schatkist worden gehouden. Daarbij is het minimumdrempelbedrag vastgesteld op € 1 miljoen. Omdat 2% van het begrotingstotaal lager uitkomt dan het minimum is het drempelbedrag gelijk aan het minimum en dus € 1 miljoen. Het verhoogde drempelbedrag van € 1 miljoen is in de tweede helft van 2021 niet overschreden. Tabel 5 Benutting drempelbedrag Schatkistbankieren
Benutting drempelbedrag schatkistbankieren 2021: Begrotingstotaal Wettelijk percentage Drempelbedrag Kwartaaluitkomsten benutting drempelbedrag 2021: Gemiddeld positieve banksaldi
Bedragen x € 1.000 Vanaf 1 juli 52.940 2% 1.000 (minimum)
Tot 1 juli 52.940 0,75% 397 1ste kwartaal
2de kwartaal
3de kwartaal
4de kwartaal
193
339
55
106
Op hetzelfde moment als de verruiming van het drempelbedrag is BNG begonnen met het vragen van een rentevergoeding op positieve banksaldo's. Deze rente houdt verband met de kosten die BNG maakt voor het stallen van geld bij de ECB. We ontvingen al rente op negatieve saldo's en dus heeft een roodstand dus geen nadelige financiële gevolgen, mits we binnen de kredietlimiet blijven.
Jaarstukken 2021
95
1.14 Paragraaf Verbonden Partijen Inleiding Op 14 april 2019 heeft de gemeenteraad de Nota verbonden partijen Hardinxveld-Giessendam 2019 – 2022 vastgesteld. De nota geeft een beschrijving van het begrip verbonden partij en een afwegingskader voor het aangaan van een Verbonden partij. Daarnaast zijn een kader en instrumenten opgenomen voor sturing en toezicht. Dit laatste is het onderwerp van deze paragraaf. Voor de beleidsinhoud van de verbonden partijen wordt verwezen naar de programma's in de begroting. Op basis van een risicoprofiel en -classificatie is aan iedere verbonden partij een sturingspakket gekoppeld. Bij een hoger risicoprofiel worden zowel door het college als door de raad meer instrumenten ingezet. Overzicht verbonden partijen Hardinxveld-Giessendam neemt deel in de volgende verbonden partijen waarbij het openbaar belang per partij is weergegeven. Verbonden partij Opgenomen in risicoclassificatie 1. GR Drechtsteden (per 1 januari 2022 is de rechtsopvolger GR Sociaal)
Vestigingsplaats
Openbaar belang
Dordrecht
De GRD heeft tot doel draagvlak te creëren voor een evenwichtige ontwikkeling van het gebied. Hiertoe behartigt de GRD de gemeenschappelijke regionale belangen op de terreinen (a) Economie en bereikbaarheid, (b) Fysiek, (c) Sociaal, (d) Bestuurlijke ontwikkeling en grotestedenbeleid, (e) Staf- en ondersteunende diensten en de bedrijfsvoering en (f) beleidsonderzoek. Met de uitvoering van de aanbevelingen van de cie. Deetman uit het voorjaar van 2019 is De GR Drechtsteden opgevolgd door de GR Sociaal, waarbij behalve de sociale deel alle onderdelen vanaf 2022 zijn ondergebracht bij Servicegemeente Dordrecht.
2. GR Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid
Dordrecht
Het in algemene zin behartigen van belangen op het terrein van: volksgezondheid, maatschappelijke zorg en onderwijs.
3. GR Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
Dordrecht
Het in algemene zin behartigen van belangen op het terrein van: regionale brandweer, centrale post ambulancevervoer, geneeskundige hulpverlening, openbare orde en veiligheid.
4. GR Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
Dordrecht
De Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid is opgericht ter ondersteuning van de deelnemende regiogemeenten en de Provincie Zuid-Holland bij de uitvoering van hun taken op het gebied van het omgevingsrecht in het algemeen en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in het bijzonder, alsmede de taken op het terrein van vergunningverlening, toezicht en handhaving en op grond van de in artikel 5.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht genoemde wetten.
Jaarstukken 2021
96