CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan "Parallelweg 134 en 135" incl bijlagen.pdf

Gemeenteraad GHG 26 september 2024, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 24: Vaststellen Bestemmingsplan Parallelweg 134-135 - Raadsvoorstel29.206 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Advieswaarde (WHO) 10 µg / m³

15 µg / m³

5 µg / m³

In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt bij het opstellen van ruimtelijke plannen, uit oogpunt van de bescherming van de gezondheid van de mens, rekening gehouden met de luchtkwaliteit. In het Besluit NIBM (Niet in Betekenende Mate) en de bijbehorende regeling is exact bepaald in welke gevallen een project vanwege de beperkte gevolgen voor de luchtkwaliteit niet aan de grenswaarden hoeft te worden getoetst. Dit kan het geval zijn wanneer een project een effect heeft van minder dan 3% van de jaargemiddelde grenswaarde NO2 en PM10. Planspecifiek Een plan blijft in de regel onder het NIBM-criterium als het minder dan 1.500 woningen betreft dan wel als er sprake is van een BVO van maximaal 100.000 m2. In het onderhavig plan is hiervan sprake. Nader onderzoek in het kader van luchtkwaliteit is dan ook niet noodzakelijk. Om te beoordelen of de bestaande luchtkwaliteit voldoende is in het kader van een goede ruimtelijke ordening is de NSL-kaart geraadpleegd, waarbij een meetpunt ter plaatse van de A15 is gekozen. Aan de Parallelweg zijn namelijk geen meetpunten beschikbaar. Uit de waarden van de NSL-kaart komen geen aanvullende maatregelen van toepassing, zie tabel 2. In deze tabel zijn ook de rekenjaren van de luchtkwaliteit opgenomen.

Pagina 24 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

Tabel 2: NSL-waardes NO2, PM2,5 en PM10 voor de jaren 2021 en 2030 ter plaatse van het plangebied (Receptor 27364178_685375, naast A15).

Stof Stikstofdioxide (NO2)* Fijn stof (PM10)* Fijn stof (PM2,5)*

Waarde µg / m³, rekenjaar 2021 26,2

Waarde µg / m³ , rekenjaar 2030 20,5

Grenswaarde µg / m³ 40

Advieswaarde (WHO) µg / m³ 10

17,1 9,2

15,5 8,0

40 25

15 5

Uit bovenstaande tabel blijkt ook dat ruimschoots aan de wettelijke normen voor luchtkwaliteit wordt voldaan. Verwacht wordt dat de luchtkwaliteit ter plaatse van het plangebied beter is dan de dichtstbijzijnde receptor van wegverkeer, omdat deze naast de A15 ligt. Het aspect ‘Luchtkwaliteit’ vormt daarom geen belemmering voor het planvoornemen.

4.6

Externe veiligheid

Sommige activiteiten brengen risico's op zware ongevallen met mogelijk grote gevolgen voor de omgeving met zich mee. Externe veiligheid richt zich op het beheersen van deze risico's. Het gaat daarbij om onder meer de productie, opslag, transport en het gebruik van gevaarlijke stoffen. Dergelijke activiteiten kunnen een beperking opleggen aan de omgeving. Door voldoende afstand tot de risicovolle activiteiten aan te houden kan voldaan worden aan de normen. Aan de andere kant is de ruimte schaars en het rijksbeleid erop gericht de schaarse ruimte zo efficiënt mogelijk te benutten. Het ruimtelijk beleid en het externe veiligheidsbeleid moeten dus goed worden afgestemd. De wetgeving rond externe veiligheid richt zich op de volgende risico’s: • risicovolle (Bevi-)inrichtingen; • vervoer gevaarlijke stoffen door buisleidingen; • vervoer gevaarlijke stoffen over weg, water of spoor. Daarnaast wordt er in de wetgeving onderscheid gemaakt tussen de begrippen kwetsbaar en beperkt kwetsbaar en plaatsgebonden risico en groepsrisico. Kwetsbaar en beperkt kwetsbaar Kwetsbaar zijn onder meer woningen, onderwijs- en gezondheidsinstellingen, en kinderopvang- en dagverblijven, en grote kantoorgebouwen (>1500 m²). Beperkt kwetsbaar zijn onder meer kleine kantoren, winkels, horeca en kampeerterreinen.

De volledige lijst wat onder (beperkt) kwetsbaar wordt verstaan is in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) opgenomen. Plaatsgebonden risico en groepsrisico Het plaatsgebonden risico wordt uitgedrukt in een contour van 10 -6 als grenswaarde. Het bouwen van kwetsbare objecten binnen deze contour is niet toegestaan. Het bouwen van beperkt kwetsbare objecten binnen deze contour is in principe ook niet toegestaan. Echter, voor beperkt kwetsbare objecten is deze 10-6 contour een richtwaarde. Als een goede onderbouwing wordt gegeven dan kan worden afgeweken van deze waarde tot de 10-5 contour. Bij groepsrisico is niet een contour bepalend, maar het aantal mensen dat zich gedurende een bepaalde periode binnen de effectafstand van een risicovolle activiteit ophoudt. Bij groepsrisico wordt gewerkt met een oriëntatiewaarde en niet met een grenswaarde. Hoe meer mensen dicht op de bron zijn bij een bepaalde calamiteit, hoe groter het effect. Het Bevi stelt dat bij elk bestemmingsplan, waar een relevant groepsrisico aanwezig is dit moet worden verantwoord, ook wanneer dit onder de oriëntatiewaarde ligt. Hierbij geldt hoe hoger het groepsrisico hoe zwaarder de verantwoording is. Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) Voor (de omgeving van) de risicovolste bedrijven is het 'Besluit externe veiligheid inrichtingen' (Bevi) van belang.

Het Bevi legt veiligheidsnormen op aan bedrijven die een risico vormen voor mensen buiten de Pagina 25 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

inrichting. Het Bevi is opgesteld om de risico's, waaraan burgers in hun leefomgeving worden blootgesteld vanwege risicovolle bedrijven, te beperken. Het besluit heeft tot doel zowel individuele als groepen burgers een minimaal (aanvaard) beschermingsniveau te bieden. Via een bijhorende ministeriële regeling (Revi) worden diverse veiligheidsafstanden tot kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten gegeven. Aanvullend op het Bevi zijn in het Vuurwerkbesluit en het Activiteitenbesluit (Besluit algemene regels inrichtingen milieubeheer) veiligheidsafstanden genoemd die rond minder risicovolle inrichtingen moeten worden aangehouden. Het Bevi is gericht aan het bevoegd gezag over de Wet milieubeheer en de Wet ruimtelijke ordening en heeft onder meer tot doel om bij nieuwe situaties toetsing aan de risiconormen te waarborgen. Voor de toepassing van het Bevi, wordt een nieuw ruimtelijk besluit gezien als een nieuwe situatie. Vervoer van gevaarlijke stoffen over weg, water of spoor Het toetsingskader voor het onderdeel transportroutes gevaarlijke stoffen is het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt). Dit besluit is op 1 april 2015 in werking getreden. Bepaald moet worden of binnen de invloedssfeer van deze transportassen gevoelige functies mogelijk zijn. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in plaatsgebonden risico (PR) en groepsrisico (GR).

Een onderdeel van het Bevt houdt in dat voor sommige transportassen rekening moet worden gehouden met het Plasbrandaandachtsgebied (PAG.). Het PAG. is het gebied tot 30 meter van de transportas waarin, bij de realisering van kwetsbare objecten, rekening moet worden gehouden met de effecten van een plasbrand. Transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen Het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) en de bijbehorende Regeling externe veiligheid buisleidingen (Revb) zijn op 1 januari 2011 in werking getreden. Het Bevb regelt onder andere welke veiligheidsafstanden moeten worden aangehouden rond buisleidingen met gevaarlijke stoffen. Op basis van het Bevb wordt het voor gemeenten verplicht om bij de vaststelling van een bestemmingsplan, op basis waarvan de aanleg van een buisleiding of een kwetsbaar object of een risico verhogend object mogelijk is, de grenswaarde voor het plaatsgebonden risico in acht te nemen en het groepsrisico te verantwoorden. Het Bevb vervangt hiermee de circulaires Zonering langs hoge druk aardgasleidingen (1984) en Zonering langs transportleidingen voor brandbare vloeistoffen (1991). Planspecifiek Het planvoornemen maakt gevoelige objecten mogelijk waar langdurig verblijf plaatsvindt. Om te beoordelen of er Externe Veiligheidsrisico’s spelen is de signaleringskaart Externe Veiligheid (IPO) geraadpleegd.

Duidelijk wordt dat nabij het plangebied diverse Externe Veiligheidsrisicobronnen zijn. Het gaat om de nabijheid van een buisleiding gelegen direct ten noorden van de Parallelweg en om transport van gevaarlijke stoffen over spoor, de Betuwelijn, en over de weg, de A15 ten zuiden van het plangebied.

Pagina 26 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

Afbeelding 6: Uitsnede signaleringskaart Externe Veiligheid met plangebied nabij pijl (bron: IPO) Om te bepalen of het groepsrisico verantwoord moet worden is een beoordeling van de hoogte van het groepsrisico opgesteld, zie bijlage 5. In de bijlage is de hoogte van het groepsrisico bepaald en verantwoord op of aan de veiligheidsvoorwaarden voldaan kan worden. Zo is verantwoord dat er voldoende mogelijkheden zijn voor de bestrijding van een calamiteit en dat er voldoende mogelijkheden zijn om te vluchten (zelfredzaamheid). In de verantwoording wordt tevens geadviseerd om personen goed te kunnen beschermen tegen de effecten van een giftige wolk alle ramen en deuren goed gesloten moeten kunnen worden. Het advies is om uitschakelbare mechanische ventilatie in de geprojecteerde woningen aan te brengen, welke bij een (dreigende) calamiteit met één handeling uitgeschakeld kan worden. De beoogde ontwikkeling belemmert het realiseren van in één handeling uitschakelen van het aan te leggen ventilatiesysteem niet. Bij de omgevingsvergunning voor het bouwen zal dit uiteindelijk aangetoond worden. In de verantwoording van de hoogte van het groepsrisico wordt door middel van een Carola-berekening gemotiveerd dat geen significant groepsrisico berekend wordt in zowel de huidige- als toekomstige situatie. Deze berekening is opgenomen als bijlage 6.

Op basis van bovenstaande vormt het aspect ‘Externe veiligheid’ geen belemmering voor het planvoornemen.

4.7

Archeologie

In 1992 is in Valletta (Malta) het Europees Verdrag over de bescherming van het archeologisch erfgoed (Verdrag van Malta) ondertekend. Het Verdrag van Malta voorziet in bescherming van het Europees archeologisch erfgoed onder meer door de risico's op aantasting van dit erfgoed te beperken. Deze bescherming is in Nederland wettelijk verankerd in de Erfgoedwet. Op basis van deze wet zijn mogelijke (toevals)vondsten bij het verrichten van werkzaamheden in de bodem altijd beschermd. Er geldt een meldingsplicht bij het vinden van (mogelijke) waardevolle zaken. Het melden dient meteen te gebeuren. In het kader van een goede ruimtelijke ordening in relatie tot de Monumentenwet kan vooronderzoek naar mogelijke waarden nodig zijn zodat waar nodig die waarden veiliggesteld kunnen worden en/of het initiatief aangepast kan worden. Planspecifiek Het planvoornemen is om twee vrijstaande woningen mogelijk te maken. Op basis van de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologische verwachting 4’ overschrijdt het planvoornemen de Pagina 27 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

vrijstellingsgrenzen voor archeologisch onderzoek. Zodoende is een archeologisch onderzoek uitgevoerd, zie bijlage 7. De conclusie van het bureauonderzoek luidt: ‘Verkennende fase: 10. Wat is de aard (geologisch en bodemkundig) en intactheid (verstoringen) van het bodemprofiel? Het natuurlijke bodemmateriaal bestaat hoofdzakelijk uit bosveen. In het noorden van het plangebied (boorpunten 1, 2, 3 en 5) ligt onder het veen een pakket kalkrijke uiterst siltige klei en zwak zandige klei met kleine schelpfragmenten en plantenresten. De top van het pakket ligt tussen 230 en 305 cm -mv (302 en 389 cm NAP). Het pakket minimaal 145 cm dik. Dit pakket wordt geïnterpreteerd als crevasseafzettingen van de Spijk beddinggordel. Op de crevasse-afzettingen ligt een dunne laag slappe matig siltige kalkloze klei. Vergelijkbare kleilagen liggen elders vertand in het veen en in het hele plangebied óp het veen. Deze kleiige afzettingen worden geïnterpreteerd als komafzettingen. De top van het bodemprofiel bestaat uit bouwvoor van 15 tot 70 cm dik. 11. Zijn potentiële archeologische niveaus aanwezig, en zo ja, wat is de aard, diepteligging en verbreiding daarvan? De crevasse-afzettingen zijn weinig tot niet geconsolideerd (niet-gerijpt en kalkrijk). Het is onwaarschijnlijk dat hierin archeologische resten aanwezig zijn. In de rest van het plangebied zijn alleen veen en komafzettingen aangetroffen.

Deze pakketten bieden evenmin goede bewoningsmogelijkheden. Karterende fase: 12. Zijn archeologische lagen/indicatoren aanwezig, en zo ja wijzen deze op een vindplaats (geef aard, datering, ligging)? Er zijn geen archeologische indicatoren en geen archeologische lagen aangetroffen die wijzen op een vindplaats. Eindoordeel: 13. Indien (mogelijk) archeologische resten aanwezig zijn: a) Worden deze archeologische resten verstoord door de voorgenomen bodemingrepen? Zo ja, op welke wijze? Er worden waarschijnlijk geen archeologische resten verstoord door de voorgenomen ingreep. b) Welke maatregelen kunnen worden genomen om voldoende rekening te houden met deze archeologische resten? Maatregelen om rekening te houden met archeologische resten zijn niet nodig. 14. Indien vervolgonderzoek nodig is: Welke methode(n), techniek(en) en strategie(ën) van Inventariserend veldonderzoek zijn hiervoor geschikt? Vervolgonderzoek is niet nodig.’ Op basis van bovenstaande vormt het aspect ‘Archeologie’ geen belemmering voor het planvoornemen.

4.8

Waterhuishouding

Het aspect water is van groot belang binnen de ruimtelijke ordening. Door verstandig om te gaan met het water kan verdroging en wateroverlast (waaronder ook risico van overstromingen e.d.) voorkomen worden en de kwaliteit van het water hooggehouden worden. Op Rijksniveau en Europees niveau zijn de laatste jaren veel plannen en wetten gemaakt over water. De belangrijkste hiervan zijn het Waterbeleid voor de 21 e eeuw, de Waterwet en het Nationaal Waterplan.

Pagina 28 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

Waterbeleid voor de 21e eeuw De Commissie Waterbeheer 21ste eeuw heeft in augustus 2000 geadviseerd over het toekomstige waterbeleid in Nederland. De adviezen van de commissie staan in het rapport ‘Anders omgaan met water, Waterbeleid voor de 21ste eeuw’ (WB21). De kern van het rapport WB21 is dat water de ruimte moet krijgen, voordat het die ruimte zelf neemt. In het Waterbeleid voor de 21 ste eeuw worden twee keuzes (drietrapsstrategieën) voor duurzaam waterbeheer geïntroduceerd: •

•

vasthouden, bergen en afvoeren: dit houdt in dat overtollig water zoveel mogelijk bovenstrooms wordt vastgehouden in de bodem en in het oppervlaktewater. Vervolgens wordt zo nodig het water tijdelijk geborgen in bergingsgebieden en pas als vasthouden en bergen te weinig opleveren wordt het water afgevoerd. schoonhouden, scheiden en zuiveren: hier gaat het erom dat het water zoveel mogelijk schoon wordt gehouden. Vervolgens worden schoon en vuil water zoveel mogelijk gescheiden en als laatste komt het zuiveren van verontreinigd water aan het bod.

Waterwet Centraal in de Waterwet staat een integraal waterbeheer met de ‘watersysteembenadering’. Deze benadering gaat uit van het geheel van relaties binnen watersystemen. Denk hierbij aan de relaties tussen waterkwaliteit, waterkwantiteit, oppervlakte- en grondwater, maar ook aan de samenhang tussen water, grondgebruik en watergebruikers. Het doel van de Waterwet is het bij elkaar brengen van acht bestaande wetten voor waterbeheer. Door een watervergunning regelt de wet het beheer van oppervlaktewater en grondwater en de juridische toepassing van Europese richtlijnen, waaronder de Kaderrichtlijn Water. Via de Waterwet gelden verschillende algemene regels. Niet alles is onder algemene regels te vangen en daarom is er de integrale watervergunning. In deze integrale watervergunning zijn zes vergunningen uit eerdere wetten (inclusief keurvergunning) opgegaan in een aparte watervergunning. Nationaal Waterplan 2022-2027 Het NWP (maart 2022) bevat de belangrijkste punten van het nationale waterbeleid en de uitvoering ervan in de rijkswateren. Onderdelen hiervan zijn de stroomgebiedbeheerplannen, het overstromingsrisicobeheerplan en het Programma Noordzee. Het NWP beschrijft de nationale beleidsen beheerdoelen over klimaatadaptatie, waterveiligheid, zoetwater en waterverdeling, waterkwaliteit en natuur, scheepvaart en de functies van de rijkswateren.

Vanwege Europese regelgeving en de nationale Waterwet zijn iedere 6 jaar nationale plannen voor water nodig. In het NWP komen het oude Nationaal Waterplan (voor beleid) en het Beheer- en ontwikkelplan voor de rijkswateren (voor beheer) samen. Zo werken we al in de geest van de Omgevingswet. Daarnaast zijn het Programma Noordzee, de stroomgebiedbeheerplannen en de overstroming risicobeheersplannen onderdeel van het NWP. Hiermee geeft het programma-invulling aan de Europese richtlijnen voor water. Waterbeleid Waterschap Rivierenland Het beleid van Waterschap Rivierenland is vastgelegd in het Waterbeheerprogramma 2022-2027. In dit plan zijn beleid en wetgeving van hogere overheden en van Rivierenland zelf nader uitgewerkt. Hoofddoel van het plan is om het beheergebied klimaatbestendig te maken, toegespitst op de thema’s waterveiligheid, wateroverlast, watertekort, schoon en gezond water en crisisbeheersing. Planspecifiek In de hierna beschreven onderdelen wordt ingegaan op de aspecten over water. Deze zijn het bestaand watersysteem, het lozen van afvalwater, uitloogbare materialen, hemelwater, watercompensatie en de watersleutel. Pagina 29 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

Bestaand watersysteem Het planvoornemen grenst aan een c-watergang en een a-watergang. In het bestemmingsplan is in de planregels geborgd dat in de beschermingszone van de a-watergang geen gebouwen mogen worden gebouwd, waardoor de belangen van de beschermingszone niet worden geschaad. Daarnaast zal het plangebied voldoende ruimte behouden voor het onderhoud aan de a-watergang (uitgevoerd door Waterschap Rivierenland). Voor de c-watergang geldt een onderhoudsplicht voor de aangrenzende perceeleigenaren. In afbeelding 7 en 8 is de leggerkaart voor wateren en waterkeringen opgenomen. Met een rood kader is het plangebied weergegeven waarbinnen de bouwactiviteit plaatsvindt.

Afbeelding 7: Leggerkaart wateren. Bron: Waterschap Riviereland.

Afbeelding 8: Leggerkaart waterkeringen. Te zien is dat waterkeringen niet van toepassing zijn voor het plangebied. Bron: Waterschap Rivierenland. Pagina 30 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

Lozen van afvalwater De twee woningen zullen alleen huishoudelijk afvalwater generen dat geloosd wordt op het gemeentelijk riool. Uitloogbare materialen Voor de bouw van de twee woningen worden zo min mogelijk uitloogbare materialen toegepast: enkel een zinken goot. Hemelwater Het hemelwater wordt geloosd op het omliggende maaiveld waarbij het in de bodem infiltreert. Waterberging en verhard oppervlak Het huidige plangebied bestaat uit een graslandschap. Bij de uitwerking van een plan moet het oorspronkelijke oppervlak open water worden gehandhaafd. Daar bovenop dient de toename van het verhard oppervlak te worden gecompenseerd. Als vuistregel wordt in het waterschap Rivierenland gerekend met een bergingsvolume van 436 m3 per ha verharding. Voor particulieren geldt een eenmalige vrijstelling van 1.500 m2 als een plan in landelijk gebied ligt. Voor het plan wordt circa 990 m2 aan halfverharding toegevoegd in de vorm van grind en circa 500 m2 aan bouwoppervlak. De totale verharding komt daarmee uit op 445 m2 (halfverharding, telt voor 50% mee) + 500 m2 (bouwoppervlak) = 945 m2 verharding. Dit ligt ruimschoots onder de eenmalige 1.500 m 2 vrijstelling, waardoor watercompensatie niet noodzakelijk is.

Met het planvoornemen wordt echter het historische slotenpatroon hersteld met een oppervlak van 1.354 m2 voor het gehele plangebied, waarbij aandacht wordt besteed aan natuurvriendelijke oevers. Deze nieuwe lengtesloot wordt met een dwarsloot aan de voorzijde van het plangebied verbonden met de naastgelegen lengtesloten. Met de nieuwe lengtesloot wordt daarom gezorgd voor een klimaat adaptieve maatregel. Digitale watertoets De digitale watertoets is voor het planvoornemen uitgevoerd, zie bijlage 8. De normale procedure bij het Waterschap moet gevolgd worden. Op basis van bovenstaande argumentatie vormt het aspect ‘Water’ geen belemmering voor het planvoornemen.

4.9

Verkeer en parkeren

Onderdeel van een goede ruimtelijke ordening is het effect van een beoogd nieuw project op de verkeersstructuur en het parkeren in en rondom het plangebied. Planspecifiek Parkeerplaatsen Op 8 mei 2012 is het ‘Gemeentelijk Verkeer- en Vervoersplan 2012-2022’ (GVVP) opgesteld in opdracht van de gemeente Hardinxveld-Giessendam. Volgens het GVVP zijn voor het plangebied de CROWkentallen ten aanzien van parkeren van toepassing. Het plangebied ligt in een buitengebied in een weinig stedelijk gebied op basis van de kaart van het CBS (Omgevingsadressendichtheid buurten, 2020). Voor het plangebied geldt per woning op basis van de parkeerbehoefte(bovengrens) van 2,7 parkeerplaatsen per woning (CROW-publicatie 381, december 2018). In totaal moeten 5,4 parkeerplaatsen gerealiseerd worden. Concreet betekent dit dat er per woning 3 parkeerplaatsen worden gerealiseerd. Binnen het plangebied is voldoende ruimte om dit aantal parkeerplaatsen te realiseren.

Pagina 31 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

Verkeersgeneratie Het planvoornemen genereert in weinig stedelijk buitengebied minimaal 7,8 vervoersbewegingen en maximaal 8,6 vervoersbewegingen per etmaal per woning. In totaal worden er maximaal 8,6 * 2 = 17,2 vervoersbewegingen per etmaal door beide woningen gegenereerd. Over de parallelweg rijden gemiddeld 3.829 voertuigen per etmaal (opgave OZHZ 23-0502). Een toename van 17,2 voertuigen houdt een toename van de verkeersintensiteit van 0,004% in. Het is aannemelijk dat de aanwezige verkeerstructuur deze extra vervoersbewegingen aan. Het aspect ‘Verkeersgeneratie’ vormt daarmee geen belemmering voor het planvoornemen.

Pagina 32 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

5 Juridische planbeschrijving 5.1

Plansystematiek

Het bestemmingsplan heeft tot doel een juridisch-planologische regeling te scheppen voor de bebouwing en het gebruik van de gronden binnen het plangebied. Het bestemmingsplan maakt de ontwikkeling van twee woningen mogelijk. Bij het opstellen van voorliggend bestemmingsplan is aansluiting gezocht op het vigerende plan. Tot slot is aangesloten bij de in de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening geformuleerde uitgangspunten. Gestreefd is naar uniformering en standaardisering van bestemmingen en planregels. De Wet ruimtelijke ordening biedt mogelijkheden voor het opstellen van verschillende bestemmingsplanvormen, van zeer gedetailleerd tot zeer globaal. Voor iedere bestemming is een toegesneden bebouwingsregeling opgenomen. In het kader van de landelijke uniformering en standaardisering voldoet het plan aan de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) 2012.

5.2

Opzet van de regels

Overeenkomstig de SVBP2012 zijn de regels van voorliggend bestemmingsplan onderverdeeld in vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. In hoofdstuk 2 zijn de bestemmingsregels opgenomen. Hoofdstuk 3 en 4 bevatten de algemene regels respectievelijk de overgangs- en slotregels. Hierna wordt de inhoud van de regels per hoofdstuk kort toegelicht. In paragraaf 5.3 wordt nader ingegaan op de bestemmingen die in het bestemmingsplan zijn opgenomen. Onderstaande beschrijving is een algemeen beschrijving van bestemmings- of wijzigingsplanregels. Omdat verwezen wordt naar het moederplan zijn de regels in dit plan zeer beknopt. Hoofdstuk 1 - Inleidende regels Dit hoofdstuk bevat twee artikelen. In het eerste artikel zijn de begrippen opgenomen die van belang zijn voor de toepassing van het plan. Het tweede artikel betreft de wijze van meten, waarin wordt aangegeven hoe bij de toepassing van de bestemmingsregels wordt gemeten. Hoofdstuk 2 - Bestemmingsregels In dit hoofdstuk zijn regels gegeven voor de binnen het plangebied voorkomende bestemmingen, zoals die zijn aangegeven op de verbeelding. Per bestemming zijn in de bestemmingsomschrijving de toegelaten gebruiksvormen van de gronden aangegeven. Daarnaast is per bestemming bepaald welke vormen van bebouwing zijn toegestaan.

In beginsel zijn hoofdgebouwen uitsluitend toegestaan binnen de op de verbeelding aangegeven bouwvlakken, waarbij dient te worden voldaan aan de voorgeschreven maatvoering (met name de maximale goot- en/of bouwhoogte). De verschillende bestemmingen bevatten, indien nodig, specifieke gebruiksregels. Per bestemming is daarnaast bepaald in welke gevallen burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bestemmingsplan. In paragraaf 5.3 wordt nader ingegaan op de afzonderlijke bestemmingen. Hoofdstuk 3 - Algemene regels Dit hoofdstuk bevat de volgende algemene regels: • de anti-dubbeltelbepaling; • algemene bouwregels; • algemene aanduidingsregels; • algemene afwijkingsregels; • algemene wijzigingsregels; • overige regels.

Pagina 33 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

Hoofdstuk 4 - Overgangs- en slotregels Hoofdstuk 4 van de regels bevat twee artikelen. In het eerste artikel is het overgangsrecht opgenomen, zoals dat door het Besluit ruimtelijke ordening is voorgeschreven. Het tweede artikel bevat de slotregel. In de slotregel is aangegeven hoe de regels kunnen worden aangehaald.

5.3

De bestemmingen

In het plangebied zijn verschillende bestemmingen weergegeven. Hieronder wordt een nadere beschouwing gegeven van deze bestemmingen. Artikel 3 Tuin De gronden met de bestemming 'Tuin' zijn bestemd voor het gebruik als tuin. Bebouwing is hier niet toegestaan; enkel bouwwerken geen gebouwen zijnde. De regels voor ‘Tuin’ zijn gebaseerd op de regels van het vigerende bestemmingsplan ‘Veegplan Buitengebied’ van de gemeente HardinxveldGiessendam. De planregels zijn echter aangepast om de bouwmogelijkheden van het plan en de beoogde uitstraling van het plan mogelijk te maken. Artikel 4 Wonen De gronden met de bestemming 'Wonen' zijn bestemd om de nieuw beoogde woningen planologisch mogelijk te maken. De regels voor ‘Wonen’ zijn gebaseerd op de regels van het vigerende bestemmingsplan ‘Veegplan Buitengebied’ van de gemeente Hardinxveld-Giessendam. De planregels zijn echter aangepast om de bouwmogelijkheden van het plan en de beoogde uitstraling van het plan mogelijk te maken. Ook is een voorwaardelijke verplichting opgenomen die de voorgestelde landschappelijke inpassing borgt. Artikel 5 Waarde – Archeologie 4 en Artikel 6 Waarde – Archeologische verwachting 7 Op de verbeelding van het bestemmingsplan zijn de gronden waar mogelijk archeologische waarden in de grond zitten aangeduid met ‘Waarde – Archeologische verwachting 4’ en ‘Waarde – Archeologische verwachting 7’.

Met deze dubbelbestemmingen blijven de eventueel aanwezige waarden in de ondergrond afdoende beschermd. Artikel 7 Waterstaat – Waterstaatkundige functie Aan de noordzijde van het plangebied is ter bescherming van de A-watergang een dubbelbestemming Waterstaat – Waterkering opgenomen. Dit is overeenkomstig het vigerende bestemmingsplan Buitengebied. Deze regeling borgt dat er geen graafwerkzaamheden of bouwwerkzaamheden toegestaan zonder dat het waterschap dit geaccordeerd heeft. Hiermee wordt het functioneren en het onderhoud van de watergang geborgd.

Pagina 34 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

6 Maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid 6.1

Economische uitvoerbaarheid

Vanwege de Grondexploitatiewet dient een exploitatieplan te worden vastgesteld bij het vaststellen van het bestemmingsplan of ander ruimtelijk plan, tenzij de economische uitvoerbaarheid op een andere manier is gegarandeerd. De procedurekosten voor het plan worden door de gemeentelijke legeskosten op initiatiefnemer verhaald. Ook wordt een anterieure overeenkomst en/of een planschadeovereenkomst tussen de gemeente Hardinxveld-Giessendam en de initiatiefnemer gesloten. Hiermee zijn kosten en risico’s verdeeld. Vanuit het plan vloeien geen overige kosten of risico’s voort die voor rekening van de gemeente zijn. De economische uitvoerbaarheid van het plan is daarmee verzekerd.

6.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Voor onderhavig ontwerpbesluit wordt de uniforme voorbereidingsprocedure gevolgd als bedoeld in hoofdstuk 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Het bevoegd gezag stuurt de aanvraag en het ontwerpbesluit toe aan de betreffende instanties in het kader van het vooroverleg. Participatie Ten aanzien van participatie is een overleg geweest met de bewoners van Parallelweg 133 en 136 op respectievelijk 11 februari 2023 en 15 februari 2023. Uit de gesprekken ten behoeve van participatie zijn geen bijzonderheden voortgekomen, zie ook bijlage 9. Ontwerp Het ontwerpbestemmingsplan heeft in de periode van donderdag 21 december 2023 tot en met woensdag 31 januari voor zes weken ter inzage gelegen voor het indienen van zienswijzen. Tegen het ontwerpbestemmingsplan is een viertal zienswijzen ingebracht. In de nota zienswijzen worden de zienswijzen samengevat en van een beantwoording voorzien. In de beantwoording is aangegeven of en zo ja hoe het bestemmingsplan aangepast is naar aanleiding van de zienswijze. De nota zienswijzen is als separate bijlage toegevoegd aan het bestemmingsplan.

Pagina 35 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

7 Bijlagen bij de toelichting 1

2 3 4 5 6 7 8 9

Akoestisch onderzoek Wet geluidhinder (wegverkeerslawaai en railverkeerslawaai) voor de bouw van 2 woningen aan de Parallelweg Hardinxveld-Giessendam. Weel geluidadvies, PLA.23.04, 17 juni 2023 QuickScan notitie agrarisch perceel Parallelweg Hardinxveld-Giessendam, Stadsecoloog 0183, 12-06-2023 Aeriusberekening, Versluis Advies, kenmerk: B3372/134_135, 29 november 2023 Verkennend bodemonderzoek Parallelweg 134 – 135, Inventerra, Rapportnummer 23-2098R01AvH, 14 juni 2023 Verantwoording hoogte groepsrisico Woningbouwplan Parallelweg, Kragten BV, Rapportnummer: 20230712-PLA013-NOT-VGR 1.0, 29 november 2023 Externe Veiligheid Buisleidingen, Woningbouwplan Parallelweg, Kragten BV, Rapportnummer: 20230712-PLA013-RAP-CAR 1.0, 12 juli 2023 Bureau- en inventariserend veldonderzoek Parallelweg 134 – 135, Bureau voor Archeologie, Rapportnummer 1353, 24 oktober 2023 Watertoets, Plannen-makers, 21 april 2023; Participatieverslag Parallelweg 133 en 136, Versluis Advies, 15 februari 2023.

Pagina 36 Toelichting BP Parallelweg 134 en 135 te Hardinxveld-Giessendam

Bijlage 1

Akoestisch onderzoek Wet geluidhinder en Besluit geluidhinder Parallelweg te Hardinxveld-Giessendam

Akoestisch onderzoek Wet geluidhinder (wegverkeerslawaai en railverkeerslawaai) voor de bouw van 2 woningen aan de Parallelweg Hardinxveld-Giessendam.

Rapporttitel: Akoestisch onderzoek Wet geluidhinder en Besluit geluidhinder Parallelweg te Hardinxveld-Giessendam Referentie: PLA.23.04 Datum: 17 juni 2023

Opdrachtgever:

Plannen-makers B.V. Europaweg 500 3526 KS Utrecht

Opgesteld door:

Weel geluidadvies ing. C.M. Weel van Noordtkade 18 B 1013 BZ Amsterdam tel. 020-6880214 06 – 44 57 47 83 e-mail: cmweel@yahoo.com Kvk: 51299739

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 2

1.

Inleiding. In opdracht van Plannen-Makers B.V. te Hardinxveld-Giessendam is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting op de gevels van 2 te realiseren woningen aan de Parallelweg te Hardinxveld-Giessendam. Dit onderzoek beschrijft de geluidhinder en het wettelijk kader met betrekking tot wegverkeerslawaai en railverkeerslawaai. De berekende geluidbelasting op de gevels wordt getoetst aan de grenswaarden uit de Wet geluidhinder, het Besluit geluidhinder en aan de eisen uit het gemeentelijke Hogere waardenbeleid. Daarnaast wordt ingegaan op mogelijke maatregelen om de geluidbelasting te verlagen voor zover van toepassing.

2.

Situatiebeschrijving. Aan de Parallelweg, tussen de nummers 133 en 136 ligt een perceel grond waar 2 woningen op worden gebouwd. Het perceel ligt ten noorden van de Rijksweg A15. Tevens ligt het dicht bij de Parallelweg en bij de spoorlijn Dordrecht-Geldermalsen. De Betuwelijn ligt op wat grotere afstand. De Neerpolderseweg ligt op ruim 300 meter afstand en is akoestisch niet relevant. Langs de A15 en langs de Betuwelijn staan op sommige plekken geluidschermen. Deze schermen zijn onderdeel van de download vanuit het geluidregister waarover verder in dit stuk meer. Figuur 1 toont de ligging van de 2 woningen in Hardinxveld-Giessendam, figuur 2 toont het plan.

Figuur 1: situering van het plan.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 3

3.

Wettelijk kader. Het onderhavige onderzoek wordt uitgevoerd op basis van de Wet geluidhinder en het Besluit geluidhinder. In de Wet geluidhinder wordt het begrip geluidzone gehanteerd. Een geluidzone langs een weg of spoorweg is een planologische aandachtzone. Ruimtelijke ontwikkelingen binnen deze zone dienen te worden getoetst aan de voorwaarden die de Wet geluidhinder stelt aan deze ontwikkelingen. De omvang van de zone is afhankelijk van het aantal rijstroken en de ligging van de weg, binnen- of buitenstedelijk. Het betreft hier een buitenstedelijk gebied. Aangezien het plangebied binnen meerdere zones ligt is een akoestisch onderzoek verplicht. Wegverkeerslawaai. De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai op de gevel van een geluidgevoelige bestemming bedraagt 48 dB (art. 82 lid 1 van de Wet geluidhinder). A15. Van de berekende geluidbelasting op die gevel mag, alvorens getoetst wordt aan de grenswaarden uit de Wet geluidhinder nog 2, 3 of 4 dB worden afgetrokken wegens het stiller worden van het wegverkeer in de toekomst (artikel 110g van de Wet geluidhinder). De aftrek van 2 c.q. 3 c.q. 4 dB geldt voor wegen met een maximum snelheid van 70 km/uur en hoger. Voor dit soort wegen geldt dat de aftrek afhankelijk is van de berekende geluidbelasting waarbij alleen het wegverkeer van die weg (in dit geval de A15) telt.

De aftrek is vastgelegd in artikel 3.4 lid 1 van het Reken- en Meetvoorschrift geluidhinder 2012. Naast deze aftrek geldt een aftrek voor de geleidelijke toekomstige invoering van stille banden. Deze aftrek (artikel 3.5 Reken- en Meetvoorschrift geluidhinder 2012) bedraagt 1 dB voor wegen met een snelheid van 70 km/uur en hoger en een wegdek met een grove toplaag zoals éénlaags en tweelaags ZOAB. Deze aftrek wordt automatisch toegepast door Winhavik, uiteraard indien van toepassing. Voor een geprojecteerde woning buiten de bebouwde kom geldt een maximale ontheffingswaarde van ten hoogste 53 dB worden vastgesteld (art. 83 lid 1 van de Wet geluidhinder). Het gebied binnen de zone van een Rijksweg is aangeduid als een buitenstedelijk gebied. De maximale ontheffingswaarde vanwege het wegverkeer op de A15 bedraagt 53 dB (artikel 83 lid 1 van de Wet geluidhinder). Dit geldt ook voor het wegverkeer op de Parallelweg. Railverkeerslawaai. Voor railverkeerslawaai geldt een voorkeursgrenswaarde van 55 dB voor een nog niet geprojecteerde woning binnen de zone van een spoorweg (art. 4.9 Besluit geluidhinder). De ten hoogste toelaatbare geluidbelasting vanwege een spoorweg op de gevel van een woning bedraagt 68 dB (artikel 4.10 Besluit geluidhinder).

De geluidbelasting voor zowel wegverkeerslawaai als railverkeerslawaai wordt berekend met de Standaard Rekenmethode II uit het Reken- en Meetvoorschrift geluidhinder 2012.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 4

4.

Verkeersgegevens. Voor de berekening van de geluidbelasting op de gevels van de te realiseren woningen zijn gegevens gedownload van de site van Rijkswaterstaat, het zogenaamde “geluidregister”. Tevens bevat de site onder meer gegevens over het soort wegdek en de hoogte en ligging van geluidschermen langs de weg. Ook deze gegevens zijn overgenomen van de site en worden direct in de modellering verwerkt. Toekomstige verkeersgroei op de snelweg is in het model gebracht door bij de berekende waarden een ophoging van 1,5 dB te voegen (Cplafond) De verkeersgegevens van de Parallelweg zijn geleverd door de OZHZ. Op deze weg ligt een wegdek van fijn asfalt. Op de Rijksweg A15 ligt 1-laags ZOAB (bron: geluidregister). Onderstaande tabellen tonen de gegevens van de Parallelweg. De OD heeft de gegevens geleverd als 2 rijrichtingen, oost en west. De etmaalintensiteit is dus het totaal van de twee.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 5

De omschrijving van de categorieën luidt:  Categorie 1: motorfietsen;  Categorie 2: lichte motorvoertuigen;  Categorie 3: middelzware motorvoertuigen (ongelede vrachtwagens met één achteras en bussen);  Categorie 4: zware motorvoertuigen (gelede vrachtwagens en/of vrachtwagens met meer dan één achteras). Voor de berekening van de geluidbelasting vanwege de spoorlijn Dordrecht Geldermalsen is een ander geluidregister geraadpleegd. Ook hier wordt de spoorligging, het aantal bakken per uur en de hoogte en ligging van de geluidschermen direct overgenomen uit het geluidregister. Deze intensiteiten staan niet vermeld. Het geheel is zeer omvangrijk en biedt geen aanvullend inzicht. De gegevens kunnen op verzoek worden toegezonden. Zie voor de ligging ten opzichte van de relevante wegen figuur 1.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 6

5.

Modellering. De wegen, het plan en de omgeving zijn schematisch gedigitaliseerd tot een model waarmee de geluidbelasting op de gevels wordt berekend. Daarbij is rekening gehouden met de variaties in hoogteligging van de diverse omgevingskenmerken en het geluidabsorberende effect van zachte bodemgebieden. Alle grasvelden in de omgeving zijn gemodelleerd als 100% absorberende bodem, het plan, een mix van weg, erf, tuin is ingevoerd als 50% absorberende bodem. Vorming van het model vindt plaats met het programma Winhavik versie 9.2.1, dit is de meest recente versie. Conform het Reken- en Meetvoorschrift wordt er gerekend met één reflectie en een sectorhoek van 2 graden. De geluidbelasting wordt berekend op gevels op relevante waarneemhoogten. Voor dit plan is een waarneemhoogte van 1,5 en 4,5 meter ten opzichte van het plaatselijke maaiveld aangehouden.

Figuur 2: het plan met de twee woningen.

In een eerdere versie is al geconstateerd dat niet volledig aan het hogere waardenbeleid kan worden voldaan. Daarom is het plan nu aangevuld met een gebouwgebonden geluidscherm, per woning.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 7

6.

Gebruikte externe documenten. De volgende documenten zijn gebruikt:  digitale ondergrond;  geluidregister Rijkswaterstaat en Prorail;  Hogere waardenbeleid van de gemeente;  plantekening Lagendijk Architecten.

7.

Rekenresultaten. Met het programma “Winhavik” is de geluidbelasting op de gevels van de te realiseren woning berekend, gebruik makend van de Standaard Rekenmethode II uit 2012. Alle hierna genoemde geluidbelastingen zijn inclusief een aftrek vanwege het stiller worden van het wegverkeer in de toekomst (art. 110g Wet geluidhinder) en inclusief de Cplafond (A15 en spoor). Een overzicht van de ligging van de waarneempunten is te vinden in bijlage 2, de invoergegevens zijn na te lezen in bijlage 4. In de navolgende figuren wordt de geluidbelasting per bron getoond. Steeds wordt de hoogste waarde per waarneempunt getoond. Dat is op 4,5 meter waarneemhoogte.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 8

A15. De geluidbelasting vanwege het wegerkeer op de A15 bedraagt maximaal 53 dB op de zuidgevel van de linker woning, en 52 dB op de zuidgevel van de rechterwoning. De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai, deze is 48 dB, wordt met maximaal 5 dB respectievelijk 4 dB overschreden; de maximale ontheffingswaarde wordt niet overschreden. Op begane grondniveau, waarneemhoogte 1,5 meter, wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde.

Figuur 3: geluidbelasting vanwege A15 (1,5 en 4,5 m)

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 9

Parallelweg. De geluidbelasting vanwege het wegverkeer op de Parallelweg bedraagt maximaal 58 dB op de voorgevel van de rechterwoning. De zuidgevel is geluidluw, de geluidbelasting bedraagt daar minder dan 48 dB. De maximale ontheffingswaarde, deze bedraagt 53 dB, wordt maximaal 5 dB overschreden.

Figuur 4: geluidbelasting vanwege de Parallelweg (1,5 en 4,5 m)

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 10

Spoorlijn Dordrecht-Geldermalsen. De geluidbelasting vanwege het spoorwegverkeer op deze lijn bedraagt maximaal Lden=62 dB op de voorgevel van de woning. De voorkeursgrenswaarde voor railverkeerslawaai van 55 dB wordt met maximaal 7 dB overschreden, de maximale ontheffingswaarde, deze is 68 dB, wordt niet overschreden. De achtergevel is geluidluw.

Figuur 5: geluidbelasting vanwege spoorlijn Dordrecht-Geldermalsen, hoogste waarde per waarneempunt.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 11

Betuwelijn. De geluidbelasting vanwege het spoorwegverkeer op deze lijn bedraagt maximaal Lden=49 dB op de voorgevel van de woning. De voorkeursgrenswaarde voor railverkeerslawaai van 55 dB wordt niet overschreden

Figuur 6: geluidbelasting vanwege Betuwelijn, hoogste waarde per waarneempunt.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 12

8.

Maatregelen om de geluidbelasting te verlagen. Volgens het Besluit geluidhinder, artikel 110a lid 5, dient te worden aangegeven welke ontheffingsgronden ten grondslag liggen aan het ontheffingsverzoek. Daartoe moeten de maatregelen die mogelijk genomen kunnen worden om de geluidbelasting te verlagen worden benoemd en beoordeeld. De volgende maatregelen in de aangegeven volgorde worden beoordeeld op hun haalbaarheid. Deze haalbaarheid kan zijn beperking vinden in bezwaren op onder andere stedenbouwkundig, landschappelijk en financieel gebied. 1. bronmaatregelen 2. overdrachtsmaatregelen 3. maatregelen bij de ontvanger. Bronmaatregelen. Het treffen van bronmaatregelen is technisch mogelijk; op de A15 ligt nu 1-laags ZOAB. Het is zeker niet ondenkbaar dat dit in de toekomst wordt vervangen door 2laags ZOAB. Dat zou een extra reductie van een kleine 2 dB opleveren. Het staat vast dat vervanging van het wegdek sec vanwege de realisatie van dit bouwplan veel te kostbaar is. Dit geldt ook voor het geluid vanwege het wegverkeer op de Parallelweg, op deze weg kan een geluidreducerend wegdek aangelegd, sec voor dit plan is dit veel te kostbaar. Hetzelfde geldt voor de spoorlijn. Raildempers zijn technisch bezien een optie, maar te kostbaar. Overdrachtsmaatregelen. Wat voor de bronmaatregelen geldt, geldt ook voor de overdrachtsmaatregelen (geluidschermen).

Het toevoegen van geluidschermen of het verhogen van de bestaande geluidschermen is op zich technisch goed mogelijk. De beperking ligt uiteraard weer in het feit dat dit veel te kostbaar is voor dit specifieke geval. Maatregelen bij de ontvanger. Duidelijk is dat bronmaatregelen en maatregelen in de overdrachtsweg, als het gaat om het volledig afschermen van de woning op een zodanige manier dat de voorkeursgrenswaarde niet wordt overschreden, financieel niet doelmatig zijn. De mogelijkheid om maatregelen bij de ontvanger te nemen zijn zeer beperkt. Wat mogelijk is, is een gebouwgebonden geluidscherm zoals nu is voorzien. Dit scherm meet 6,5 bij 3 meter (linker woning) en 4,20 bij 3,20 (rechter woning) en een hoogte van 2 meter. Er zou een geluidscherm op eigen terrein (aan de zijde van de Parallelweg) kunnen worden gerealiseerd. Deze maatregel zou op stedenbouwkundige bezwaren stuiten, en maakt de bereikbaarheid van de woningen nogal complex. Voor een volledig geluidluwe gevel zou een zeer hoog scherm nodig zijn.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 13

9.

Toetsing aan het gemeentelijk beleidskader. Hogere waardenbeleid Hardinxveld-Giessendam d.d. 4-9-2018. Het Hogere waardenbeleid van de gemeente, ‘Geluidbeleid goede ruimtelijke ordening, 2018 gemeente Hardinxveld-Giessendam” van 4 september 2018, is van toepassing. Voor woningen geldt dat er een geluidluwe gevel moet zijn en een tuin van minstens 20 m2 aan deze geluidluwe gevel. In bepaalde gevallen kan B&W van het beleid afwijken. Vooralsnog kunnen de woningen alleen worden gebouwd met een dove gevel aan de wegzijde. De toegang tot de woningen zou dan aan de zijgevel moeten worden getekend, of aan de achtergevel. Met het voorgestelde geluidscherm kan deels aan het beleid worden voldaan. Er is een geluidluwe buitenruimte, maar niet een volledig geluidluwe gevel. Een volledig geluidluwe gevel is voor deze woningen niet haalbaar.

10.

Cumulatie. De Wet geluidhinder schrijft voor dat het bevoegd gezag zich een oordeel moet kunnen vormen over de geluidbelasting indien er meerdere geluidbronnen, in dit geval weg- en railverkeer, tegelijkertijd een geluidbelasting leveren op een geluidgevoelig object, zie hoofdstuk 2, bijlage I Reken- en Meetvoorschrift geluid 2012. De gecumuleerde geluidbelasting is berekend, zie bijlage 3. De hoogste gecumuleerde geluidbelasting treedt op aan de voorgevel omdat deze gevel het meest onder invloed staat van zowel het wegverkeer als het railverkeer. Het bevoegd gezag dient zich een oordeel te vellen over de gecumuleerde geluidbelasting. Bij dit plan is de hoogste waarde L cum=65 dB.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 14

11.

Conclusie. De geluidbelasting op de gevels van de te realiseren woningen aan de Parallelweg in Hardinxveld-Giessendam bedraagt maximaal Lden=58 dB ten gevolge van het wegverkeer op de Parallelweg. De maximale ontheffingswaarde wordt met 5 dB overschreden. De voorgevel zou doof moeten worden uitgevoerd, dat wil zeggen zonder te openen delen (ramen en deuren). De entree zou dan aan de zijgevel moeten worden ontworpen. Het wegverkeer op de A15 leidt tot een geluidbelasting van maximaal L den= 53 dB. De maximale ontheffingswaarde wordt niet overschreden, de voorkeursgrenswaarde wordt met 5 dB overschreden. Het railverkeerslawaai op de spoorlijn Dordrecht-Geldermalsen leidt tot een geluidbelasting van maximaal L den=62 dB op de voorgevel. De maximale ontheffingswaarde wordt niet overschreden, de voorkeursgrenswaarde wordt met maximaal 7 dB overschreden. Het goederenverkeer op de Betuwelijn leidt niet tot een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde. Toetsend aan het Hogere waardebeleid kan worden geconcludeerd dat er geen volledig geluidluwe gevel is. Het beleid schrijft een geluidluwe buitenruimte voor. Deze kan worden gecreëerd met een (groen) gebouwgebonden geluidscherm aan de zijde van de A15. Dit is in deze situatie het maximaal redelijkerwijs haalbare. Verder kan het bevoegd gezag voorsorteren op de Omgevingswet door de eis van de dove gevel te laten vervallen.

Uitgaande van de berekende geluidbelasting aan de voorzijde zou een dove gevel onder de Omgevingswet niet meer hoeven te worden geeist.

Amsterdam, Ing. C.M. Weel

Bijlagen: 1. toelichting bij enkele definities Wet geluidhinder (wegverkeerslawaai) 2. grafisch afdruk van het rekenmodel, overzicht ligging waarneempunten 3. tabel geluidbelasting per waarneempunt en cumulatie. 4. invoergegevens

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 15

Bijlage 1: Wegverkeerslawaai - de belangrijkste begrippen toegelicht. Voorkeursgrenswaarde De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai bedraagt sinds 1 januari 2007 48 dB. Dat betekent dat elke berekende geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai tot en met 48 dB toelaatbaar is. Indien de geluidbelasting meer bedraagt dan 48 dB, maar minder dan de maximale ontheffingswaarde, dan kan onder voorwaarden ontheffing van de voorkeursgrenswaarde worden aangevraagd. Daarbij speelt het Hogere Waardenbeleid dat de gemeente kan opstellen een belangrijke rol. Maximale ontheffingswaarde In de gevallen waarin de berekende geluidbelasting meer bedraagt dan maximale ontheffingswaarde is ontheffing niet mogelijk. Dat betekent dat er doorgaans, maar niet in alle gevallen, niet gebouwd mag worden. Aanvullend onderzoek is dan noodzakelijk. De hoogte van de maximale ontheffingswaarde is afhankelijk van de situatie. Men onderscheidt:  stedelijk gebied  buitenstedelijk gebied  bestaande situaties  nieuwe situaties  bestaande weg  nieuwe weg Verder kunnen er allerlei specifieke uitzonderingen bestaan die van invloed zijn op de maximale ontheffingswaarde, bijvoorbeeld bedrijfswoningen. Buitenstedelijk gebied.

De definitie van een buitenstedelijk gebied luidt: Het gebied buiten de bebouwde kom alsmede, voor de toepassing van de hoofdstukken VI en VII voor zover het betreft een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het “Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990“, het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs die autoweg of autosnelweg.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 16

Zone. In onderstaande tabel staat de omvang van een zone van een verkeersweg, gerekend vanaf de wegas, vermeld. De zone ligt aan elke zijde van de weg. Weg in stedelijk gebied buitenstedelijk gebied

Aantal rijstroken Een of twee Drie of meer Een of twee Drie of vier Vijf of meer

Zonebreedte [m] 200 350 250 400 600

Langs een weg waar een maximum rijsnelheid geldt van 30 km/uur ligt geen zone. Dit geldt ook voor wegen op een woonerf. Geluidbelasting in dB. De geluidbelasting in dB wordt berekend aan de hand van de bijdragen van de bron in de dagperiode van 7:00 tot 19:00, de avondperiode van 19:00 tot 23:00 en de nachtperiode van 23:00 tot 7:00. Deze rekenwijze geldt voor wegverkeerslawaai en railverkeerslawaai, niet voor industrielawaai. De formule voor de berekening van Lden is als volgt: Lden = 10 log *1/24 (12* 10log(L day/10)+ 4*log((Lev+5)/10) + 8*log((Lnight+10)/10))) De bijdragen van de dag-, de avond- en de nachtperiode worden energetisch gemiddeld, waarbij de geluidniveaus in de avond- en nachtperiode zwaarder meewegen doordat de ondervonden geluidhinder in deze perioden ernstiger is dan in de dagperiode.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 17

Bijlage 2: afdruk gehele model en van de ligging van de waarneempunten. Blauw=geluidscherm

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 18

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 19

Bijlage 3: tabel geluidbelasting per waarneempunt en cumulatie.

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 20

Bijlage 4: invoergegevens (volgende pagina)

Akoestisch onderzoek Parallelweg 134 en 135 Hardinxveld-Giessendam Weel geluidadvies

Pagina 21

1

Weel Geluidadvies

Projectgegevens projectnaam: opdrachtgever: adviseur: databaseversie: situatie: uitsnede:

Parallelweg 134 Chris Cor 920 eindsituatie basismodel

omschrijving rekenhart:

verkeerslawaai

railverkeerslawaai

17.3.1 (build0) srmii17;rekenhart17;rmg2022

17.3.1 (build0) srmspl17;rekenhart17;rmg2022

þ þ

þ þ

aut. berekening gemiddeld maaiveld: alleen absorptiegebieden( geen hz-lijnen): standaard bodemabsorptie: rekenresultaat binnengelezen (datum): rekenresultaat binnengelezen (tijd):

11:43

maximum aantal reflecties: minimum zichthoek reflecties: maximum sectorhoek: vaste sectorhoek: methode aftrek110g:

%

17-06-2023 1 graden 2 graden 5 graden 2

%

17-06-2023 11:40 1 graden 2 graden 5 graden 2

per wnp per weg RMG2012/2014 art 3.4

WinHavik 9.2.1(build 0) (c) dirActivity-software

17-06-2023 14:49

2

Weel Geluidadvies

Gebouwen noklijn nr adres 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44

WinHavik 9.2.1(build 0) (c) dirActivity-software

z,gem m,gem 10.0 5.5 8.0 8.0 8.0 9.0 8.0 2.5 6.0 3.0 3.5 7.0 5.0 2.8 9.0 5.0 7.0 7.0 8.0 6.5 9.0 6.0 5.0 6.0 11.0 10.0 6.0 5.5 6.0 8.0 7.0 4.0 5.0 2.8 7.0 3.0 3.5 2.5 8.0 8.0 7.8 5.5 8.0 8.0

0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0

noksoort 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn

reflectie gevel gekoppeld nokhoogte 1 nokhoogte 2

1

2

3

4 vl/rl

il

---------------------------------------------

80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80

80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80

80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80

80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80

¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨

¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨

---------------------------------------------

soort geb.

kenmerk

17-06-2023 14:49

3

Weel Geluidadvies

Schermen reflectie [%] nr 235 783 830 909 1357 1358 1518 1615 1923 2267 2391 2760 2885 2971 3604 3607 4087 4647 5446 5658 5874 5881 5918 5945 6383 8022 8024 8025 8032 8034 8035 8039 8043 8044 8061 10668 10673 10674 10677 12625 12626 12627 12630

z,gem m,gem 5.0 8.9 8.9 4.3 7.8 5.9 6.9 3.3 5.8 4.3 7.6 2.6 5.9 4.4 2.4 6.1 4.9 7.5 5.8 4.5 2.8 5.3 4.9 9.6 3.6 4.8 1.2 0.2 1.2 1.8 -1.3 2.2 2.5 2.3 4.0 2.4 2.1 2.4 2.0 0.0 0.0 2.0 2.0

0.9 4.9 4.9 0.8 3.8 1.0 2.9 -0.1 1.0 0.0 2.9 -0.4 1.1 0.9 -0.4 2.4 0.2 3.5 1.0 1.8 -0.2 0.2 0.1 2.2 -0.4 1.3 0.1 -0.3 0.1 0.2 -0.3 -0.3 0.2 0.9 0.8 1.4 1.1 1.4 1.0 0.0 0.0 0.0 0.0

lengte type 231 47 87 23 168 8 5 20 148 127 5 18 8 23 10 546 88 170 144 10 16 243 245 306 10 67 48 30 833 699 50 10 300 163 167 0 169 0 168 209 236 9 7

scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp -scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp st.(-5dB) st.(-5dB) st.(-5dB) st.(-5dB) st.(-2dB) st.(-2dB) scherp scherp

WinHavik 9.2.1(build 0) (c) dirActivity-software

zwevend

gekoppeld

links rechts

vl/rl

il

80 20 0 20 20 0 0 20 20 20 0 20 0 20 80 20 20 20 20 80 20 0 20 0 80 50 0 0 0 0 0 0 100 100 100 0 0 0 0 0 0 80 80

¨ ¨ þ ¨ ¨ þ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ þ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ þ ¨ þ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨

¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨

80 20 0 20 20 0 0 20 20 20 0 20 0 20 80 20 20 20 20 80 20 0 20 0 80 50 0 0 0 0 0 0 100 100 100 0 0 0 0 80 80 80 80

schermverhogingen

kenmerk

scherm scherm scherm scherm scherm scherm scherm scherm scherm scherm perron perron perron perron tunnelrand

17-06-2023 14:49

4

Weel Geluidadvies

Bodemlijnen nr

z,gem

lengte

type

1 2 3 4

0.0 -0.2 0.0 -4.9

2297 503 3418 239

hoogtelijn + stomp scherm hoogtelijn hoogtelijn + stomp scherm hoogtelijn

WinHavik 9.2.1(build 0) (c) dirActivity-software

kenmerk

17-06-2023 14:49

5

Weel Geluidadvies

Waarneempunten met rekenresultaten (*) IL: inc. maatregel, VL:inc aftrek, RL: inc prognosetoeslag

nr

z1

m1 adres

1

0.0

0.0

2

3

4

5

0.0

0.0

0.0

0.0

0.0

0.0

0.0

0.0

WinHavik 9.2.1(build 0) (c) dirActivity-software

huisnr type afw.toets refl kenmerk gevel

gevel

gevel

gevel

gevel

rhart groep RL RL RL RL RL RL VL VL VL VL VL VL RL RL RL RL RL RL VL VL VL VL VL VL RL RL RL RL RL RL VL VL VL VL VL VL RL RL RL RL RL RL VL VL VL VL VL VL RL

totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0)

sh

wnh

1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1

1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5

dag avond nacht

Lden

55.40 57.53 41.87 42.71 55.21 57.38 61.00 61.80 46.47 47.34 60.84 61.64 51.36 53.22 39.55 40.95 51.07 52.95 56.16 57.56 48.05 49.51 55.43 56.82 34.44 26.13 32.29 25.95 30.35 12.15 48.00 52.82 47.85 52.80 33.40 30.31 51.61 53.55 37.83 38.78 51.42 53.41 56.66 57.73 48.11 49.19 56.01 57.08 55.89

59.78 61.87 48.64 49.48 59.44 61.62 61.70 62.50 48.51 49.40 61.49 62.28 55.82 57.65 46.32 47.73 55.29 57.19 57.03 58.44 49.97 51.45 56.08 57.46 40.39 32.82 39.06 32.72 34.60 16.42 49.92 54.76 49.80 54.75 34.02 30.93 55.98 57.91 44.60 45.55 55.65 57.65 57.51 58.58 50.05 51.13 56.65 57.72 60.25

54.58 56.67 43.73 44.57 54.21 56.39 58.00 58.79 43.32 44.16 57.85 58.64 50.63 52.46 41.41 42.82 50.07 51.96 53.17 54.56 45.03 46.46 52.45 53.83 35.39 27.90 34.15 27.81 29.36 11.16 44.92 49.77 44.76 49.74 30.35 27.25 50.78 52.69 39.69 40.64 50.42 52.41 53.67 54.73 45.08 46.11 53.02 54.08 55.04

52.74 54.82 42.01 42.85 52.36 54.54 51.91 52.71 40.51 41.42 51.59 52.38 48.79 50.62 39.69 41.10 48.21 50.11 47.54 48.95 41.82 43.32 46.18 47.56 33.65 26.18 32.43 26.09 27.53 9.36 41.78 46.64 41.70 46.63 24.12 21.03 48.93 50.86 37.97 38.92 48.57 50.57 47.98 49.06 41.91 43.02 46.75 47.82 53.20

af Lden(*) Letm

2 2 5 5

2 2 5 5

2 2 5 5

2 2 5 5

59.78 61.87 48.64 49.48 59.44 61.62 62 62 47 47 56 57 55.82 57.65 46.32 47.73 55.29 57.19 57 58 48 49 51 52 40.39 32.82 39.06 32.72 34.60 16.42 50 55 48 53 29 26 55.98 57.91 44.60 45.55 55.65 57.65 58 59 48 49 52 53 60.25

62.74 64.82 52.01 52.85 62.36 64.54 61.91 62.71 50.51 51.42 61.59 62.38 58.79 60.62 49.69 51.10 58.21 60.11 57.54 58.95 51.82 53.32 56.18 57.56 43.65 36.18 42.43 36.09 37.53 19.36 51.78 56.64 51.70 56.63 34.12 31.03 58.93 60.86 47.97 48.92 58.57 60.57 57.98 59.06 51.91 53.02 56.75 57.82 63.20

(^) VL: ex. optrektoeslag

af Letm(*)

2 2 5 5

2 2 5 5

2 2 5 5

2 2 5 5

62.74 64.82 52.01 52.85 62.36 64.54 62 63 49 49 57 57 58.79 60.62 49.69 51.10 58.21 60.11 58 59 50 51 51 53 43.65 36.18 42.43 36.09 37.53 19.36 52 57 50 55 29 26 58.93 60.86 47.97 48.92 58.57 60.57 58 59 50 51 52 53 63.20

dag(^) avond(^) nacht(^) ------61.00 61.80 46.47 47.34 60.84 61.64 ------56.16 57.56 48.05 49.51 55.43 56.82 ------48.00 52.82 47.85 52.80 33.40 30.31 ------56.66 57.73 48.11 49.19 56.01 57.08 --

------58.00 58.79 43.32 44.16 57.85 58.64 ------53.17 54.56 45.03 46.46 52.45 53.83 ------44.92 49.77 44.76 49.74 30.35 27.25 ------53.67 54.73 45.08 46.11 53.02 54.08 --

------51.91 52.71 40.51 41.42 51.59 52.38 ------47.54 48.95 41.82 43.32 46.18 47.56 ------41.78 46.64 41.70 46.63 24.12 21.03 ------47.98 49.06 41.91 43.02 46.75 47.82 --

17-06-2023 14:49

6

Weel Geluidadvies (*) IL: inc. maatregel, VL:inc aftrek, RL: inc prognosetoeslag

nr

6

7

8

z1

0.0

0.0

0.0

m1 adres

0.0

0.0

0.0

WinHavik 9.2.1(build 0) (c) dirActivity-software

huisnr type afw.toets refl kenmerk

gevel

gevel

gevel

rhart groep RL RL RL RL RL VL VL VL VL VL VL RL RL RL RL RL RL VL VL VL VL VL VL RL RL RL RL RL RL VL VL VL VL VL VL RL RL RL RL RL RL VL VL VL VL VL VL

totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (2) (2)

sh

wnh

1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1

4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: http://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/947/documents/30011