CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Aanvraag Vangnetuitkering - getekend.pdf

Gemeenteraad GHG 27 juni 2024, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 14: Aanvraag Vangnetuitkering Participatiewet 2023 - Raadsvoorstel16.369 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

versterken van de structuren en initiatieven op lokaal niveau en de aansluiting hiervan op regionale mogelijkheden is daarbij van groot belang. Om te zorgen dat de eerste stappen naar werk dichtbij de inwoner plaatsvinden, intensiveren we de samenwerking met lokale werkgevers en maatschappelijke organisaties en we benutten de lokale welzijns- en

werkgelegenheidsinitiatieven. Ook de aansluiting op de lokale wijkteams vormt hierin een belangrijke factor. In 2024 worden de periodieke overleggen tussen de GR Sociaal en de individuele gemeenten verder uitgediept op basis van de specifieke doelgroepen binnen het bestand van de betreffende gemeente. In 2023 zijn wij gestart met een pilot verbreding toepassing loonkostensubsidie voor een

proefperiode van drie jaar. Voor de doelgroep van SO personen gaan wij uit van inwoners, die al langer gebruik maken van de bijstand (ongeveer 2 jaar of langer), maar nog niet plaatsbaar zijn

vanwege hun instabiele situatie. Door het bieden van een werkplek met LKS bieden wij hen een mogelijkheid om hun positie te stabiliseren door het bieden van regelmaat en een inkomen op

WML-niveau. Met de pilot willen wij meer inzicht krijgen op het effect van de inzet van LKS op de doelgroep met een grote afstand tot de arbeidsmarkt als gevolg van complexe sociale en financiéle problematiek. De doelstelling van de pilot, naast de realisatie van uitstroom binnen de pilot, is gelegen in het ontwikkelen van richtlijnen voor het toepassen van LKS voor de brede doelgroep binnen de Participatiewet, zonder indicatie voor de Banenafspraak of beschut werk. Naast de pilot voor verbreding van de doelgroep voor de inzet van LKS wordt door de GR Sociaal in de loop van 2024 gestart met de maatschappelijke kosten- batenanalyse voor

loonkostensubsidie. Met deze rekentool, die door Cedris en Divosa is ontwikkeld, kan per

gemeente worden berekend wat het maatschappelijk kost en oplevert als er extra mensen aan de slag gaan met loonkostensubsidie. De no-riskpolis is een regeling voor werkgevers, een werknemer met een ziekte of handicap in

dienst nemen. Hierbij krijgt de werkgever een Ziektewetuitkering voor de werknemer als deze ziek wordt en hoeft de werkgever geen hogere premie te betalen voor de Ziektewet of als de

werknemer een WIA-uitkering krijgt. Momenteel is deze regeling alleen beschikbaar bij inwoners met een indicatie voor de Banenafspraak en Beschut werk. Al enige tijd wordt gewerkt aan de

opzet voor een pilot om de No-risk polis ook in te zetten voor langdurig bijstandsgerechtigden. Dit betreft een landelijke pilot, die geinitieerd door het Ministerie SZW wordt begeleid door bureau De Beleidsonderzoekers. Doordat er vanuit de werkgevers in de Drechtsteden behoefte

was aan een dergelijk instrument heeft de GR Sociaal zich hiervoor aangemeld. Door vertraging in de ontwikkeling van de landelijke pilot gaan we ervan uit dat een daadwerkelijke start pas in

de loop van 2024 kan beginnen. In het kader van het Breed offensief is de inzet van werkbegeleiding losgekoppeld van de

individuele loonwaardemeting en is de vergoeding aan werkgevers geiiniformeerd. Om de

werkbegeleiding bij beschut werk verder te stimuleren heeft het Rijk middelen beschikbaar gesteld. In dit kader worden nadere voorstellen geformuleerd, waarbij ook wordt gekeken naar een bredere inzet dan alleen beschut werk. Deze inzet sluit aan bij het streven om 25

werkbegeleiding een meer op ontwikkeling gericht karakter te geven waarbij de werknemers begeleid worden door ontwikkelingscoaches. Ook de inzet op jobcoaching en de harmonisatie met de inzet van jobcoaches van het UWV worden hierin betrokken. Daarnaast worden ook de resultaten van de meerjarige pilot bij de ontwikkelbedrijven Opnieuw & Co en het in 2023

gestarte ontwikkelcoachteam bij Drechtwerk hierin betrokken. Aan een concreet voorstel op dit viak wordt gewerkt. Beschut werk is een belangrijk instrument voor inwoners met een arbeidsbeperking die veel

begeleiding of aanpassingen aan het werk nodig hebben. Door het beschikbaar stellen van extra middelen vanuit het Rijk wordt het mogelijk om de begeleiding hiervan verder te verbreden en

te intensiveren. Naast de inzet op werknemersvaardigheden richten wij ons daarbij op de ontwikkeling van een sociaal netwerk en de versterking van de sociale en fysieke weerbaarheid van de inwoners. Door deze versterking van de persoonlijke ontwikkelmogelijkheden wordt het welbevinden en potentieel van de inwoners versterkt waardoor de kansen op doorstroom naar gedetacheerd werk of bij reguliere werkgevers worden vergroot. Binnen de aanpak Werk als beste zorg is ingezet op de begeleiding van inwoners met een psychische beperking naar werk. Momenteel is het bereik van deze inzet nog beperkt en wordt gezocht naar een passende wijze om deze doelgroep te verbreden en de samenwerking met de

GG7-instellingen te verbeteren. Voor inwoners binnen de Participatiewet zonder specifieke indicatie voor beschut werk of de banenafspraak wordt door de GR Sociaal een nieuwe ontwikkelafdeling opgezet door een samenvoeging en herinrichting van de bestaande afdelingen Start en Groei en Perspct. Dit programma beoogt door het bieden van meer maatwerk en variatie in het werkaanbod om het potentieel van inwoners te stimuleren en door te ontwikkelen in de richting van zo regulier

mogelijk werk en reguliere werkgevers. Hierbij is een keuze gemaakt voor een aantal kansrijke sectoren in de regionale arbeidsmarkt, die zich aan het ontwikkelprogramma willen (ver)binden. Deze bedrijven voeren werkzaamheden uit in de werksetting bij Drechtwerk, waarbij het

productief vermogen varieert in een productiviteit van 0 tot 100%. In 2024 maken 100 klanten met behoud van uitkering gebruik van het nieuwe ontwikkelprogramma. Social Return on Investment (SRol) is het stimuleren van arbeidsparticipatie voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, door in aanbestedingen van leveringen, diensten en werken te

eisen dat de winnende aanbieder banen, leerwerkplekken, stageplekken, ervaringsplaatsen of

andere maatschappelijke activiteiten biedt aan doelgroepen werkzoekenden. Binnen de

Drechtsteden wordt SRol op gemeentelijke én regionale aanbestedingen toegepast. WSP Baanbrekend Drechtsteden adviseert over de invulling van SRol en bewaakt de uitvoering ervan. Het SRol beleid en de invulling in de praktijk wordt momenteel geévalueerd. Aan de hand van de

resultaten van deze evaluatie worden in 2024 nadere beleidswijzigingen voorgesteld. Daarnaast zal, conform de Visie sociaal domein Drechtsteden, de komende jaren het versterken

van bestaanszekerheid (in de brede zin} een meer prominente plaats krijgen in de

dienstverlening van de GR Sociaal, door passende financiéle voorlichting, het optimaal benutten van financiéle voorzieningen en aandacht voor issues op het gebied van veiligheid, gezondheid

26

en wonen. Daarbij wordt zoveel mogelijk aangesloten op de maatregelen uit het wetsvoorstel e

Participatiewet in Balans. In januari 2024 is de Uitvoeringsagenda Arbeidsmarktregio Drechtsteden 2024 vastgesteld. Deze uitvoeringsagenda is gericht op de totstandkoming van een het Werkcentrum Drechtsteden per 1 januari 2025 en daarna, ondersteund door projecten en activiteiten. Met de uitgangspunten uit de Uitvoeringsagenda wordt een duidelijke verbinding gemaakt tussen het economisch en sociaal arbeidsmarktbeleid. Hierbij werken bedrijven, onderwijs en sociale partners samen om

meer inwoners aan het werk te krijgen en aan het werk houden. Mensen met een grote afstand

tot de arbeidsmarkt, werkenden en nog onbenut arbeidspotentieel krijgen zo een kans krijgen om vaardigheden te ontwikkelen die goed aansluiten op de (toekomstige) vraag van onze arbeidsmarkt. Per 1 juli 2024 werken de huidige drie organisaties voor werkzoekenden- en werkgeversdienstverlening (Kickstart, het Leerwerkloket en het WerkgeversServicepunt Baanbrekend Drechtsteden) samen binnen het Werkcentrum Drechtsteden. Per die datum opent ook de eerste fysieke proeflocatie, minimaal één extra locatie in 1 van de 6 andere gemeenten, kan bestaande locaties van partners informatie verstrekt worden over het Werkcentrum Drechtsteden en is de website van het Werkcentrum Drechtsteden ook online bereikbaar. @

Aanvullend zijn wij actief in landelijke netwerken en leergroepen zoals VNG, Cedris, Divosa en

andere gelegenheidscoalities om van elkaar te leren.

B1.

Beschrijving getroffen interne maatregelen

Voor 2023 getroffen maatregelen, die zijn voortgezet: Vrijwel alle maatregelen worden voortgezet. Al zijn we ons bewust dat we van de steeds veranderende dynamiek en omstandigheden en het belang van maatwerk. Ook wordt het voortzetten van de maatregelen beinvloed door de beschikbaarheid van personeel. De inbedding van de maatregelen past goed in de organisatieverandering die in 2023 is ingezet.

Maatregelen die na evaluatie niet meer worden voortgezet: Perspct wordt niet voortgezet. De activiteiten en de geleerde lessen worden ingepast in het Werk en ontwikkelcentrum Drechtwerk.

Maatregelen die nieuw zijn getroffen: De ontwikkeling van het Regionaal Werkcentrum, de nieuwe opdracht aan de arbeidsmarktregio's en

aan Regionale Werkcentra leveren nieuwe kansen op. Daarnaast werken we hard aan het beperken van

de stress door bestaanszekerheidsproblematiek. Deze stress ligt vaak ten grondslag aan het gebrek aan

ontwikkelvermogen van klanten. Daarnaast deelt de GR Sociaal mee aan het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid Dordt West en het programma Veerkrachtige buurten in Zwijndrecht. Deze programma bieden leerkansen die

bijdragen aan de gehele regio. 27

Beschrijving getroffen externe maatregelen

B2.

Elke getroffen maatregel wordt beschreven met de naam van de maatregel, een omschrijving van de

maatregel en gevolgd door de antwoorden op elk van de volgende drie vragen t.a.v. die maatregel: a)

Wat is (zijn) de externe bron(nen) (partij of 'schriftelijke' informatie) voor deze maatregel

geweest? b} Welk inzicht bij de gemeente is gekregen door die externe partij of externe 'schriftelijke' informatie? c)

Welke externe maatregel is getroffen naar aanleiding van de conclusie(s) uit deze consultatie?

Competensys

A)

In 2022 is door het externe bureau Competensys gestart met de uitvoering van een analyse van

de doelgroep met lichamelijke klachten. Het eindrapport hiervan is in juli 2023 gepresenteerd. B)

In de rapportage zijn een aantal leerpunten benoemd:

o

Competensys constateerde na dossieronderzoek dat de huidige invulling van de dossiers in Suite niet volledig is. Voor een groot gedeelte wordt dit veroorzaakt door het feit dat de (ook door Compentensys geconstateerde) goede gespreksvoering en uitgebreide

verslaglegging in het FO-verslag niet op de juiste manier wordt overgenomen/vertaald in de Suite. o

Het tweede leerpunt tijdens dit is dat de ontwikkeling van het bestand op dit moment

onvoldoende meetbaar kan worden geregistreerd in Suite. a

Het derde leerpunt is dat de werkinstructie verouderd is en dat in de loop van de tijd

nieuwe consulenten hun eigen werkwijze hebben gecreéerd afhankelijk van de collega die het inwerken voor zijn/haar rekening nam.

C)

Den.a.v.hetCompetensysrapportgetroffenmaatregelenbetroffen: a.

Samen met implementatie, databeheer en de betrokken consulenten is een verbeterslag

gemaakt in het registreren in Suite. De informatie werd wel op een gedegen (mensgerichte dienstverlening, motiverende gespreksvoering) verkregen, maar niet goed in Suite verwerkt.

28

b.

De manier van het naar de klant kijken, groeipotentiee! zien, blijkt na het afronden van de gespreksfase niet veel te verschillen (zienswijze Competensys versus zienswijze

consulent). c.

Eris geen voorstel gedaan welke interventies/instrumenten in te zetten om deze complexe doelgroep verder te brengen anders dan de inzet van onze eigen

dienstverlening Perspct. d.

Het beoogde leereffect voor de consulenten heeft zich beperkt tot de registratie. Ook

tijdens de driegesprekken is gebleken dat de SDD consulenten verder ontwikkeld zijn in het voeren van motiverende gespreksvoering dan de medewerkers van Competensys die meer in interviewstijl de vragen per leefgebied in kaart brengen zonder echt

contact/verbinding te maken met de klant.

Maatregelen die in voorgaande jaren zijn getroffenen en zijn voortgezet De maatregelen worden voortgezet. Al zijn we ons bewust dat we van de steeds veranderende dynamiek

en omstandigheden afhankelijk zijn. Daarnaast blijft maatwerk van groot belang. Ook wordt het

voortzetten van de maatregelen beinvloed door de beschikbaarheid van personeel.

Maatregelen die na evaluatie niet meer worden voortgezet Geen

Maatregelen die nieuw zijn getroffen De geleerde lessen zijn opgenomen in de organisatieverandering. Daarnaast hebben deze lessen ook

geleid tot het inzetten op beter gebruik van instrumentengids Eva en methodisch ontwikkelen d.m.v. Melba.

C. Beoogd effect van de genoemde maatregelen op de tekortreductie In dit onderdeel van de verklaring van het college wordt het beoogde effect beschreven van de

genoemde (aanvullende) interne en externe maatregelen, die een bijdrage leveren aan de verdere tekortreductie (C1). Het gaat hierbij om een inschatting van het beoogde effect. Ook wordt aangegeven hoe het effect van de maatregelen zal worden gemonitord (C3).

Het effect van de maatregel wordt zoveel mogelijk gekwantificeerd (C1). In bepaalde gevallen is het

kwantificeren van het effect van maatregelen slecht of niet mogelijk. In die gevallen wordt kort

toegelicht waarom alleen een kwalificering van het effect van de maatregel mogelijk is (C2}.

29

C1. Beoogd effect van de getroffen maatregelen op de verdere tekortreductie. De doelstelling op het bijstandsbestand wordt in de jaarlijkse Begroting, om ten aanzien van de landelijke

trend financieel in de pas te blijven, bepaald op basis van de meest recente Macro Economische

Verkenning (MEV, verschijnt jaarlijks in september) van het Centraal Planbureau (CPB). Voor het eerst in voor de begroting 2024 gekozen om ambitieuzer in te zetten dan de CPB norm. Bijsturing vindt gedurende het jaar tijdens de voorjaarsbrief en najaarsbrief plaats. Voor het jaar 2024 is het de ambitie om het uitkeringsbestand van 187 (1 januari 2024) per 31 december 2024 teruggebracht te krijgen op een totaal van 184. Deze daling is gebaseerd op de prognose van het CPB (MEV stijging 2,3%) met

daarnaast een eigen ambitie om het bestand te laten dalen met 3,7%. Dit resulteert in een daling van 1,4%. C2. Toelichting indien deze effecten niet kunnen worden gekwantificeerd.

Over de periode 2022 is eveneens gebruik gemaakt van de vangnetuitkering omdat er sprake was van een hoog tekort. Opnieuw heeft de gemeente Hardinxveld-Giessendam te maken met een hoog tekort

waardoor opnieuw gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid om een aanvraag in te dienen. In het afgelopen jaar is hard gewerkt aan de doelstelling om bestandsdaling te bewerkstelligen te behalen. Die bestandsdoelstelling is nagenoeg behaald. Op basis van de werkelijke kosten blijkt echter dat een grotere bestandsdaling nodig is om de kosten binnen de perken te houden. Dit is dan ook de reden dat de ambitie binnen de Drechtsteden om het bestand te laten dalen hoger is dan het CPB prognosticeert. Zoals in deze notitie omschreven zijn tal van maatregelen benoemd die aan die doetstelling moeten

bijdragen. Zoals hierboven omschreven voegen wij hierbij wel toe dat ondanks het treffen van maatregelen het behalen van de doelstelling uitdagend wordt. Bijvoorbeeld de instroom van statushouders heeft in

kleinere gemeenten als Hardinxveld-Giessendam een groot effect. Gezien de taakstelling huisvesting

statushouders houden wij er rekening mee dat ook 2024 geen meevallend jaar wordt. Zoals in het voorgaande is aangegeven, is het een blijvende zoektocht om de opwaartse doorstroom op de participatieladder en de uitstroom van het uitkeringsbestand te vergroten. Dit tegen de achtergrond

van een toenemende verzwaring van het uitkeringsbestand. Het realiseren van doorstroom en uitstroom

wordt voor de resterende doelgroepen een kwestie van lange adem. De in de vorige paragraaf

geschetste maatregelen zijn nog in ontwikkeling en het effect kan niet worden gekwantificeerd.

-

noch individueel, noch gezamenilijk

-

C3. De wijze waarop het effect van de maatregelen wordt gemonitord.

We houden de bestandsontwikkeling en de financiéle ontwikkeling nauwlettend in de gaten. Hierbij verwerken we de geleerde lessen uit het verleden. Hierover verantwoorden we in de reguliere cyclus naar de gemeenteraad.

30

D. Ondertekening

Een verzoek tot vangnetuitkering dient door het college van burgemeester en wethouders te worden

ingediend, ook indien de uitvoering van de Participatiewet aan een samenwerkingsverband is overgedragen {meer informatie hierover in de toelichting onderaan het formulier). Omdat de

financiering van de bijstand via de gemeenten verloopt, ligt het ook in de lijn dat de colleges en raden van gemeenten de aanvraag opstellen/indienen. De ondertekening geschiedt door burgemeester en secretaris. De ondertekening is volledig indien de naam van de gemeente en de naam van de

ondertekenaar zijn ingevuld, de datum is ingevuld en de handtekening is gezet. De verklaring is slechts geldig indien dit door middel van het door de minister van SZW ter beschikking

gestelde aanvraagformulier wordt aangeboden aan de raad. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hardinxveld-Giessendam verklaart dat

het voor 15 augustus 2024 de genoemde interne en externe maatregelen heeft getroffen om te komen

tot verdere tekortreductie. Datum: 21 mei 2024 De secretaris,

Naam van

de

ondertekenaar: mevrouw S.M. van der Stel

De burgemeester

Naant van de o

>

Heijkoop

31

2.

Instemming gemeenteraad

In artikel art. 10, eerste lid, onderdeel d, BPw staat dat de verklaring van het college de instemming van

de gemeenteraad moet hebben. De instemming is pas geldig indien de verklaring aan de raad is

aangeboden in de vorm van het door de minister vastgestelde aanvraagformulier. De gemeenteraad stemt in met de verklaring van het college. Daarmee bevestigt de gemeenteraad dat

het college: 1. 2. 3.

voldoende duidelijk heeft gemaakt wat de oorzaken zijn van het tekort; voldoende duidelijk heeft gemaakt dat het pakket van maatregelen effectief is om de geschetste problemen aan te pakken, binnen de mogelijkheden die de gemeente heeft; voldoende duidelijk heeft gemaakt dat dit pakket van maatregelen, voor zo ver door de gemeente beinvloedbaar is, leidt tot een beoogde tekortreductie. Daarbij wordt het effect van deze maatregelen kwantitatief dan wel kwalitatief inzichtelijk gemaakt.

Op welke wijze is de gemeenteraad geinformeerd door het college? Voorafgaand aan, het hiervoor opgenomen onderdeel A. Analyse, is door het college het proces op

hoofdlijnen beschreven hoe de raad betrokken is: vanaf het moment van signalering van het tekort op het BUIG-budget en het daarop volgend proces van bepalen en treffen van maatregelen, tot aan het

moment dat de verklaring van het college voor instemming wordt voorgelegd aan de raad. Hieronder is er ruimte voor de gemeenteraad voor aanvullingen op het qenoemde overzicht.

Samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad In de samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad staat op hoofdlijnen op welke

onderwerpen de raad heeft gereageerd op de verklaring van het college. De onderdelen van de verklaring zijn vaak al eerder in de raad besproken. Het gaat dus om het gehele proces vanaf de signalering van het tekort. Verder betreft het hier alleen onderwerpen die in de raadsbesluiten zijn opgenomen, die afwijkend zijn van het raadsvoorstel. 32

Om de beschrijving zo eenvoudig mogelijk te houden wordt gebruik gemaakt van een checklist die kan

worden aangevuld. Het verzoek is om aan te kruisen welke onderwerpen in de raadsbesluiten zijn opgenomen. Dit geschiedt d.m.v. het plaatsen van een X voor de betreffende onderdelen. Daarnaast is er ruimte voor aanvullingen.

x

Typering van de reacties die in de raadsbesluiten zijn opgenomen gedurende het gehele proces Expliciet goedkeurend, waardering over analyse en maatregelen uitgesproken Impliciet goedkeurend, is behandeld als hamerstuk

Afkeurend en gevraagd het plan te herzien

Verzoek om onderdelen van de globale analyse te herzien of aan te vullen Verzoek om bepaalde maatregelen te schrappen of aanvullend maatregelen te treffen.

Verzoek om het tempo van invoering en/of uitvoering van maatregelen te versnellen. Verzoek om extra informatie over maatregelen Verzoek on meer informatie t.a.v. de beoogde effecten van maatregelen Verzoek om gerealiseerde effecten te monitoren en terug te koppelen Motie om een andere beleidsmaatregel te treffen

Ondertekening De ondertekening geschiedt door voorzitter en griffier. De gemeenteraad dient voor het moment van

indiening van het verzoek zijn instemming te hebben gegeven. De aanvraag dient uiterlijk 15 augustus 2024 door de Toetsingscommissie te zijn ontvangen. De gemeenteraad van de gemeente Hardinxveld-Giessendam stemt in met de onder 1 afgegeven verklaring door het college van deze gemeente.

Ondertekening in dit formulier is een vormvereiste. Het is niet toegestaan om ter vervanging van onderstaande handtekeningen het gemeenteraadbesluit in te voegen of mee te sturen. De

ondertekening is volledig indien de naam van de gemeente en de naam van de ondertekenaars zijn ingevuld, de datum is ingevuld en de handtekeningen zijn gezet.

33

Met de ondertekening gaat de gemeenteraad akkoord met de beschrijving van de wijze waarop hij is geinformeerd door het college en met de weergave van de samenvatting van de opvattingen van de

gemeenteraad.

Datum: 27 juni 2024 De voorzitter,

Naam van

ekenaar: de heer D.A. Heijkoop

De griffier,

Naam van de ondertekenaar: mevrouw A. van der Ploeg

34

Toelichting op het aanvraagformulier bij het uitgebreide verzoek voor de ambtelijke ondersteuning van het college Voor de juistheid en de beoordeling van de aanvraag is het niet toegestaan dat u het format van de pagina's met de vragen en ondertekening aanpast. U vindt in deze toelichting

®

Hoe verloopt de aanvraagprocedure?

e

Waarom zijn er twee versies van dit formulier?

e

Hoe is het aanvraagformulier opgebouwd?

e

Waarom is er een samenvatting in het aanvraagformulier opgenomen?

®

Waarom is er een procesvraag in het aanvraagformulier opgenomen over de wisselwerking tussen het college en de gemeenteraad?

e

Hoe uitgebreid moet het aanvraagformulier worden ingevuld en is hier een extern bureau bij

nodig? ©

Toelichting per vraag

©

Wet- en regelgeving, relatie met Sisa verantwoording

e ®

Ondersteuning vanuit Divosa Toelichting op begrip 'externe maatregel' en voorbeeld van goede beantwoording

Op de website www.toetsingscommissievp.nl kunt u meer informatie vinden over de vangnetuitkering.

Hoe verloopt de aanvraagprocedure? Een verzoek om een vangnetuitkering over 2023 dient uiterlijk op 15 augustus 2024 te zijn ontvangen

door de Toetsingscommissie vangnet Participatiewet. Omdat sprake is van een fatale termijn worden

verzoeken, die na 15 augustus 2024 door de Toetsingscommissie vangnet Participatiewet worden ontvangen, niet in behandeling genomen. Het college dient het verzoek digitaal door middel van het webformulier op www.toetsingscommissievp.nt in te dienen. Na de aangegeven datum is dit webformulier niet meer beschikbaar. De toekenning van een vangnetuitkering gebeurt uitsluitend op verzoek van het college van

burgemeester en wethouders van de tekortgemeente en nadat is vastgesteld dat aan alle geldende eisen wordt voldaan. Blijkens artikel 8c, eerste lid, van de Participatiewet, kan het indienen van een verzoek

tot vangnetuitkering niet worden overgedragen aan het bestuur van een openbaar lichaam op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen.

Waarom zijn er twee versies van dit formulier? Van dit formulier bestaan twee versies: 'basisverzoek' en 'uitgebreid verzoek'. Tussen een 'basisverzoek' 35

en een 'uitgebreid verzoek' zijn inhoudelijke verschillen. De versie die

u

moet gebruiken is afhankelijk

van het volgende: e

indien uw gemeente zowel over 2021 als over 2022 geen vangnetuitkering is verleend, gebruikt u de versie 'basisverzoek'.

indien uw gemeente over 2021 en/of over 2022 wel een vangnetuitkering is verleend, gebruikt u de versie 'uitgebreid verzoek'.

De tool op de website ondersteunt u bij het aanvraagproces: "Tool toegang, berekening en keuze

formulier vangnetuitkering Participatiewet"

Hoe is het aanvraagformulier opgebouwd? De vangnetaanvraag bestaat uit twee gedeelten: 1.

De verklaring van het college en de toelichting op de verklaring

2.

De instemming van de gemeenteraad

In gedeelte 1 licht het college toe wat de analyse is van oorzaken van het tekort (onderdeel A), wat de

maatregelen zijn gericht op tekortreductie (onderdeel B) en wat het beoogd effect is van de maatregelen op de tekortreductie (onderdeel C). Onderdeel D betreft de verklaring van het college en een toelichting van het college op deze verklaring. Deze toelichting gebeurt aan de hand van drie vragen (onderdelen A, B en C). Na iedere vraag kunt u het antwoord invoegen.

Om te verduidelijken wat de commissie van u verwacht, staan er verschillende tussenkopjes. U kunt

eventueel tabellen of grafieken invoegen. U kunt aangegeven op welke brondocumenten, die eventueel in de gemeenteraad zijn besproken, de aanvraag is gebaseerd. U kunt geen bijiagen toevoegen aan deze

aanvraag. Hieronder wordt per vraag aangegeven wat verwacht wordt van de beantwoording. Daarna dient in gedeelte 2 de gemeenteraad te tekenen voor zijn instemming met de verklaring van het

college. Dit mag niet worden vervangen door het in- of toevoegen van een gemeenteraadbesluit.

Waarom is er een samenvatting in het aanvraagformulier opgenomen? Uit het onderzoek naar de rol van de gemeenteraad is duidelijk geworden dat raadsleden behoefte

hebben aan beknopte informatie op hoofdlijnen, zodat de rol van de gemeenteraad om in te stemmen met de verklaring van het college beter uitvoerbaar wordt.

Waarom is er een procesvraag in het aanvraagformulier opgenomen over de wisselwerking tussen het college en de gemeenteraad?

36

In het aanvraagformulier is de volgende vraag opgenomen: 'op welke wijze is de gemeenteraad

geinformeerd door het college?' Onder deze vraag is een korte checklist opgenomen met een zestal punten die kunnen worden aangevuld.

Vanaf de invoering van de vangnetuitkering in 2015 heeft de gemeenteraad een inhoudelijkbeoordelende ten aanzien van de vangnetuitkering; deze rol lag voorheen bij de Toetsingscommissie vangnet Participatiewet. Uit een onderzoek door de Toetsingscommissie bleek dat gemeenteraden slechts beperkt de vangnetaanvragen inhoudelijk beoordeelden. De beantwoording van de procesvraag

geeft inzicht in de mate waarin de raad is betrokken bij de processtappen van signalering tot reductie van het tekort. Hoe uitgebreid moet het aanvraagformulier worden ingevuld en is hier een extern bureau bij nodig?

ongeacht het aantal zelfstandig de aanvraag moet kunnen voorbereiden en indienen. Dat houdt in dat alleen het

Het uitgangspunt van de aanvraag van de vangnetuitkering is dat elke gemeente

inwoners

-

-

opstellen van de aanvraag geen reden is om een extern bureau te betrekken. Daarbij wordt benadrukt dat het aan het lokale bestuur is hoe uitgebreid de vragen in het aanvraagformulier worden beantwoord, mits deze vragen duidelijk worden beantwoord. De beantwoording van de vragen in het

aanvraagformulier is verplicht. Dat geldt niet voor de suggesties in de onderstaande toelichting. Op de pagina 'beoordeling en advisering' over de VU 2023 wordt een en ander verder toegelicht.

Toelichting per vraag Het college van de tekortgemeente verklaart dat het interne en externe maatregelen heeft getroffen om

tot verdere tekortreductie te komen en geeft daarop een toelichting door het invullen van de onderdelen A, B en C. Alle vragen moeten worden beantwoord. Hieronder staat een toelichting bij vraag A, B en C. Hieronder staan suggesties bij vraag A, B en C. Bij D volgt ondertekening door het college van de gemeente. Alle onderdelen moeten worden ingevuld.

Onderdeel A In dit onderdeel van de verklaring van het college wordt een analyse van de oorzaken van het tekort

beschreven (onderdeel A1). Hieronder wordt verstaan: 'een analyse van de ontwikkeling van de uitgaven en de oorzaken daarvan.' Deze analyse dient specifiek in te gaan op de situatie in de eigen gemeente

en/of de eigen arbeidsmarktregio. De analyse dient cijfermatig te worden onderbouwd, zodat duidelijk is op basis van welke cijfers de conclusies over de oorzaken worden getrokken, anders wordt niet voldaan aan het vereiste.

Hierdoor krijgt de gemeenteraad voldoende inzicht in de analyse waarop de verklaring van het college is

gebaseerd. Daarnaast geeft de analyse andere gemeenten inzicht in de oorzaken van het tekort en de inspanningen van de gemeente om dit tekort te beperken. Navolgbaarheid is van belang met het oog op de onderlinge solidariteit tussen gemeenten en dit kan andere gemeenten ook helpen om lering uit te

trekken.

37

Geef bij onderdeel A2 een analyse van het effect van maatregelen die zijn getroffen in voorgaande jaren. Bij voorgaande jaren gaat het vooral om de afgelopen drie jaar en vooral het afgelopen jaar. Het

belangrijkste punt is dat als uit de analyse blijkt dat bepaalde maatregelen een beperkt of geen effect hebben dat dit voor het college een reden kan zijn om de maatregel te heroverwegen en niet langer mee

te nemen bij het pakket te treffen maatregelen voor het lopende jaar en volgende jaren.

Geef bij onderdeel A3 een korte algemene beschrijving van de gehanteerde bronnen die bij de analyse {A1) zijn gebruikt. Onder bronnen kan worden verstaan: gemeentelijke gegevens en analyses; gemeentelijke beleidsdocumenten waarin analyses zijn opgenomen; benchmarks van de gemeente in

relatie tot andere gemeenten; de informatie en analyse uit de SEO-tool gebaseerd op de informatie uit het verdeelmodel; UWV-rapportages; onderzoeksrapporten et cetera. Het is nadrukkelijk de bedoeling

om deze beschrijving op hoofdlijnen te houden. Het is dus niet wenselijk of noodzakelijk om per oorzaak

of maatregel de gehanteerde bronnen aan te geven. Suggesties bij de beantwoording van A e

Kunt u de omvang van het tekort betrekken bij uw analyse?

e

Kunt u aangeven op welke moment het college heeft gesignaleerd dat opnieuw een tekort zou

ontstaan? e

Wilt u in uw analyse van de oorzaken de nadruk leggen op factoren die door het college kunnen worden beinvloed? De analyse betreft dus vooral de ontwikkelingen in de uitgaven van de gemeente.

e

Ukunt hierbij ook gebruik maken van de rekentool Participatiewet 2023* en/of de Benchmark van Divosa?.

e

U kunt nagaan wat de eventuele gevolgen van de Coronacrisis zijn en wat dit betekent voor de

verschillende oorzaken van het tekort, zoals deze worden beschreven in de analyse.

Onderdeel B

inleiding In dit onderdeel van de verklaring van het college wordt beschreven welke (aanvullende) interne en externe maatregelen zijn getroffen om een bijdrage te leveren aan de verdere reductie van het tekort. Bij onderdeel A2 is een analyse gegeven van de bijdrage van de maatregelen in voorgaande jaren aan de

reductie van het tekort. Bij B worden de uitkomsten van deze analyse expliciet meegenomen en vertaald naar de maatregelen. Dat houdt in dat als blijkt dat het effect van sommige maatregelen (sterk) achterblijft bij de

verwachtingen, dat de betreffende maatregelen dan niet terugkomen in de maatregelen voor dit jaar. Andersom als er sprake is van een grote bijdrage van bepaalde maatregelen, ligt het voor de hand deze

*

https://atlasresearch.shinyapps.io/rekentool-biistandsverdeelmodel/

5

www.divosa.ni/diensten/divosa-benchmark

38

maatregelen, waar nodig en mogelijk, te intensiveren. Het is de bedoeling om dit onderdeel op hoofdlijnen te beschrijven en alleen waar nodig en mogelijk van gedetailleerde informatie te voorzien. Onderdeel B bestaat uit:

©

B1. Beschrijf de getroffen interne maatregelen onder B1.

Onder interne maatregelen worden alle getroffen maatregelen verstaan die niet tot stand zijn e

gekomen door externe consultatie, maar door de gemeente zeif. B2. Beschrijf de getroffen externe maatregelen, waarbij ook wordt beschreven hoe de

consultatie van de externe partij of externe 'schriftelijke' informatie heeft geleid tot de getroffen externe maatregelen. En per onderdeel (interne c.q. externe maatregelen) zijn er drie sub kopjes gemaakt waaronder de

maatregelen kunnen worden toegevoegd: e

Voor 2023 getroffen maatregelen, die dit jaar zijn voortgezet;

e

Maatregelen die na evaluatie niet meer worden voortgezet dit jaar; Maatregelen die nieuw zijn getroffen dit jaar.

e

Daarmee wordt expliciet de reguliere P&C-cyclus doorlopen: er wordt nagegaan wat het daadwerkelijk

effect is van de getroffen maatregel afgelopen jaar, vervolgens wordt afgewogen of met die maatregel wordt doorgegaan of niet. Vervolgens wordt ingeschat welke extra maatregelen nodig zijn en wat de effecten zijn van allie maatregelen tezamen en tot slot wordt gevolgd wat de daadwerkelijke effecten zijn van de getroffen maatregelen. Hieronder staat toegelicht wat wordt bedoeld met 'getroffen externe maatregelen'.

Wat wordt verwacht van de beschrijving van de getroffen externe maatregelen? Van het college wordt verwacht duidelijk te beschrijven hoe externe consultatie heeft plaatsgevonden en hoe deze consultatie heeft geleid tot de getroffen externe maatregelen. Omschrijf hoe een externe

maatregel tot stand is gekomen. Hieruit moet blijken dat het college actief externe consultatie heeft verricht om te komen tot deze externe maatregel en hoe dit heeft geleid tot het treffen van de externe

maatregel(en) voorafgaand aan het moment van indiening door het college.

Beschrijving getroffen externe maatregelen Per getroffen maatregel dienen de volgende vragen te worden beantwoord: Naam van de maatregel, gevolgd door de antwoorden op de volgende drie vragen: a)

Wat is {zijn} de externe bron(nen) (partij of 'schriftelijke' informatie) voor deze maatregel

b)

geweest? Welk inzicht bij de gemeente is gekregen door die externe partij of externe 'schriftelijke' informatie? 39

c)

Welke externe maatregel is getroffen naar aanleiding van de conclusie(s) uit deze consultatie?

Alle drie de vragen dienen te zijn beantwoord, zodat een duidelijk inzicht wordt geboden dat hier sprake is van 'externe maatregel(en)'. Onderaan dit formulier staat in de bijlage een verdere toelichting op deze

vragen en een voorbeeld van een duidelijke beschrijving.

Suggesties bij de beantwoording van B e

U kunt waar mogelijk en voor zover relevant de relatie tussen oorzaken en maatregelen

e

aangeven. U kunt bij de getroffen maatregelen aangeven welke overwegingen hebben geleid tot het treffen van deze maatregelen en welke bronnen bij die afwegingen zijn gebruikt.

e

U kunt bij het antwoord aangeven of gebruik gemaakt is van de volgende tool{s):

o

derekentool SEO;

o

de benchmark Divosa;

o

de tool "informatie over eerdere aanvragen", te vinden via de gelijknamige pagina

"Informatie over eerdere aanvragen". Met deze tool kunnen aan de hand van kenmerken van gemeenten (grootteklasse, omvang tekort en arbeidsmarktregio)

vergelijkbare gemeenten worden gevonden, waarbij direct zichtbaar wordt welke maatregelen deze gemeenten hebben getroffen. Dit kan nuttig zijn bij het oriénteren op de externe maatregelen. e

U kunt hierbij ook de maatregelen aangeven die in het kader van de aanpak van uw

arbeidsmarktregio worden gedaan en waaraan uw gemeente een extra bijdrage levert. In het geval van externe maatregelen dient ook sprake te zijn van externe consultatie. e

U kunt bij het noemen van de maatregelen ook de samenhang met andere maatregelen of

effecten met de andere onderdelen in het sociale domein benoemen. e

U kunt nagaan wat de eventuele gevolgen van de Coronacrisis zijn, welke maatregelen de

gemeente om die reden minder, anders of extra heeft getroffen. Onderdeel C In dit onderdeel van de verklaring van het college wordt het beoogde effect beschreven van de

genoemde (aanvullende) interne en externe maatregelen, die een bijdrage leveren aan de verdere tekortreductie. Het gaat hierbij om een inschatting van het beoogde effect (C1). Het effect van de maatregel wordt zoveel mogelijk gekwantificeerd en wordt dus zoveel mogelijk

cijfermatig onderbouwd. Indien deze kwantificering niet mogelijk is wordt toegelicht waarom alleen een kwalificering van het effect van de maatregel mogelijk is (C2). Ook wordt aangegeven op welke wijze het effect van de maatregelen zal worden gemonitord (C3). Het

zoveel mogelijk kwantificeren maakt het beter mogelijk om de (deel)effecten te kunnen monitoren.

40

Hierdoor wordt de gemeenteraad geinformeerd over de realisatie van de maatregelen en het

(totaal)effect op het terugdringen van het tekort. Er zijn meerdere factoren die een invloed hebben op het ontstaan en de ontwikkeling van het tekort. Om

die reden wordt gesproken van een bijdrage aan de reductie van het tekort. In de regelgeving staat dat het college verklaart dat het interne en externe maatregelen heeft getroffen

om tot verdere tekortreductie te komen. Het tekort verder reduceren betekent dat het college

inzichtelijk maakt dat het maatregelen heeft getroffen waarmee het college beoogt/verwacht dat deze bijdragen aan het verder reduceren van het tekort ten opzichte van voorgaande jaren. Verder reduceren kan ook worden geinterpreteerd als maatregelen die een reducerend effect hebben op de stijging van de

uitgaven. Dus wordt hier verwacht om inzichtelijk te maken dat maatregelen zijn getroffen waarmee het college verwacht/beoogt de eerdere bijdrage aan de neerwaartse trend van de uitgaven te vervolgen. De beschrijving van de effecten van maatregel kan per maatregel of per groep van maatregelen worden

beschreven, afhankelijk van de beschikbare informatie en de aard van de maatregel. De toetsingscommissie geeft geen oordeel over de mate waarin de maatregelen een bijdrage leveren aan het reduceren van het tekort en geeft ook geen oordeel over de mate van tekortreductie. De

commissie beoordeelt of een antwoord wordt gegeven op de hoofdvraag C. Het college geeft vervolgens aan op welke wijze de effecten worden gemonitord. Aan de wijze van

monitoring worden geen verdere eisen aan gesteld. Het is dus aan het college en de gemeenteraad hoe de monitoring precies wordt ingericht. De enige eis is dat de wijze van monitoring beschreven wordt onder vraag C2.

Onder monitoring wordt verstaan het volgen van de resultaten van de getroffen maatregelen in relatie tot de verwachte opbrengsten, zodat op grond van deze informatie bijstelling van het beleid en de uitvoering van maatregelen mogelijk is. De monitoring kan fijnmazig per maatregel of per totaalpakket van maatregelen worden uitgevoerd. De monitoring kan specifiek gericht zijn op het domein van de Participatiewet en/of de andere

onderdelen van het sociaal domein. Ook kan dit onderdeel uitmaken van een reguliere maand- of kwartaalrapportage. De monitorinformatie kan vervolgens worden gebruikt om de gemeenteraad te informeren en ook kan deze informatie worden gebruikt bij een analyse van het volgend jaar (zie vraag

Al). Het is aan het college en de gemeenteraad om de wijze van monitoring te bepalen die het beste aansluit bij het kunnen volgen van de uitgavenontwikkeling en zo een bijdrage levert aan de tekortreductie.

Suggesties bij de beantwoording van C 41

Geef inzicht in de redenering op basis waarvan het college verwacht dat het tekort verder reduceert met de onder B genoemde maatregelen. U kunt een inschatting van het beoogde effect kwantitatief uitdrukken en als dat niet mogelijk is

kunt u het beoogde effect kwalitatief uitdrukken. Onder kwantificering wordt verstaan: de

beoogde opbrengst in minder uitkeringen respectievelijk in het beoogde besparingsbedrag. U kunt de beoogde effecten presenteren per maatregel of als dat niet mogelijk is, voor meerdere

maatregelen gezamenilijk. U hoeft geen onderscheid te maken tussen beoogd effect van interne maatregelen en beoogd

effect van externe maatregelen. U kunt nagaan wat de eventuele gevolgen van de Coronacrisis zijn, welke maatregelen de

gemeente om die reden extra heeft getroffen en welk effect hiermee wordt beoogd.

42

Wet- en regelgeving en ondersteuning Wet- en regelgeving In het BPw is geregeld dat het college alleen via een door de minister van SZW beschikbaar gesteld

aanvraagformulier een verzoek tot een vangnetuitkering kan indienen, als bedoeld in artikel 74 van de Participatiewet. De verklaring van het college voor een basisverzoek kunt u vinden in het BPw, artikel 10,

eerste lid, onder d. De verklaring van het college voor een uitgebreid verzoek kunt u vinden in het BPw artikel 10, eerste lid, onder d, jo. artikel 10, tweede lid. In het BPw staat dat de verklaring van het

college een toelichting omvat zoals gevraagd in het modelaanvraagformulier (BPw, artikel 10, onderdeel e).

Via het aanvraagformulier hoeft het college geen informatie te verstrekken over de jaarcijfers

(toegekend budget, de netto uitkeringslasten en de door de accountant gerapporteerde foute of onzekere bestedingen), aangezien het ministerie -mede op basis van de SiSa-verantwoording- al over deze gegevens beschikt en zij de toetsingscommissie daarover zal informeren.

Ondersteuning Divosa Divosa, de vereniging van leidinggevenden in het Sociaal Domein, organiseert periodiek bijeenkomsten waarbij wordt ingegaan op de vangnetuitkering. Daarnaast wordt de Benchmark door Divosa ondersteund en heeft Divosa een aantal factsheets en handreikingen uitgegeven. Ook heeft Divosa bijgedragen aan het beschikbaar komen van een tool waarin de aanvragen van de

afgelopen drie jaar zijn verwerkt. De tool en aanvragen worden per VU-jaar op de website van de Toetsingscommissie gepubliceerd. Zie hiervoor de rubriek: informatie over eerdere aanvragen.

43

Bijlage 1: Toelichting op externe maatregel

Een voorbeeld® van een duidelijke beschrijving is:

Maatregel 1. Bevorderen ondernemerschap A) De externe bronnen voor deze maatregel zijn geweest: a Een rapport van Radar Advies: Werkzame bestanddelen van parttime ondernemen, dec 2019 b. Achterbanraadpleging ZZP Nederland, mei 2020 c Divosa, innoveren van het BBZ, november 2020 Welk inzicht B) bij de gemeente is gekregen door die externe partij of externe bron? Het inzicht dat investeren in begeleiding van en naar zelfstandig ondernemerschap bijdraagt aan het verkleinen van het bijstandstekort. C) Welke externe maatregel is getroffen naar aanleiding van de conclusie(s) uit deze consultatie? De maatregel die getroffen is om meer capaciteit beschikbaar te stellen. Hiermee kunnen naar schatting 45 bijstandsgerechtigden extra naar zelfstandige ondernemerschap worden begeleid en wordt tevens in 20 gevallen vroegtijdige beéindiging van zelfstandig ondernemerschap zoveel mogelijk voorkomen. Toelichting op de drie vragen. 1.

Wat wordt verstaan onder een externe bron(nen): externe partij of externe 'schriftelijke' informatie? Een externe partij is een persoon of organisatie buiten de grenzen van de gemeente. o

Een veelgestelde vraag is of in geval van een gemeenschappelijke regeling (ISD of RSD) de

consultatie als extern wordt aangemerkt. Consultatie van gemeenten die onderdeel uitmaken van een gemeenschappelijke regeling wordt niet als extern gezien.

o

Dit ligt anders voor een SW-bedrijf. Inmiddels maken veel (voormalige) SW-bedrijven deel uit van een nieuwe GR of zijn uitvoeringsdiensten overgedragen aan SW-bedrijven. in andere gevallen is sprake van privatisering.. Omdat de situatie voor SW-bedrijven niet uniform is, is

ervoor gekozen om consultatie van het SW-bedrijf wel gezien als externe consultatie te zien. o

Onder externe 'schriftelijke' informatie wordt alle informatie verstaan die vastgelegd is in een document of een digitale drager (website, bestand etc.) en voortkomt uit een bron buiten de grenzen van de eigen gemeente respectievelijk ISD of RSD. Deze externe

informatie dient dan wel ook informatie te bevatten over het effect en de aanpak van deze

maatregel. Anders is raadpleging van de partij van wie de informatie komt noodzakelijk.

6

Dit voorbeeld is genomen uit een aanvraag VU 2018, met de daarbij behorende data.

44

2.

Wat heeft de externe consultatie opgeleverd? Welk inzicht bij de gemeente is gekregen door die externe partij of externe 'schriftelijke' informatie? Hier wordt beschreven welk inzicht door consultatie van die externe partij of externe 'schriftelijke' informatie is gekregen bij de gemeente, dat geleid heeft tot het treffen van de externe maatregel? ©

Wat wordt verstaan onder consultatie van een externe partij of externe 'schriftelijke' informatie? Onder consultatie wordt verstaan het raadplegen van een externe bron (partij of 'schriftelijke' informatie) buiten de gemeente respectievelijk ISD of RSD. Dat kan het raadplegen van een externe partij zijn, maar het kan ook het raadplegen van externe 'schriftetijke' informatie zijn, mits deze ook informatie over de toepasbaarheid (effect, uitvoerbaarheid en aanpak etc.) omvat, anders is het inwinnen van advies bij de betreffende

gemeente noodzakelijk. Voorbeelden van externe consultatie zijn onder andere: ®

gebruik maken van goed werkende maatregelen van andere

gemeenten/uitvoeringsorganisaties; gebruik maken van beleidsplannen e.d. van gemeenten en op basis daarvan inwinnen van advies over deze maatregelen (zoals werkwijze, uitvoering en effect etc.); inwinnen van advies bij andere gemeenten; ®

gebruik maken van een kennisgroep of leercirkel, biieenkomsten van Divosa; gebruik maken van de signalen op basis van benchmarking Divosa;

*

gebruik maken van de signalen op basis van de SEO-tool; gebruik maken von de publicatie van aanvragen van eerdere jaren en de betreffende tools op de website van de toetsingscommissie en op basis daarvan inwinnen van een

advies over deze maatregelen (zoals werkwijze, uitvoering en effect etc.); «

advies van een extern adviesbureau voor het nemen van extra maatregelen; onder voorwaarden kunnen samenwerking met en uitvoering door een externe partij ook onder externe consultatie vallen. Dat is alleen het geval indien de consultatie

duidelijk is beschreven en deze vervolgens leidt tot een mcatregel, zie ook onder punt 3 externe maatregel. De enige uitzondering hierop is de ISD/RSD zoals eerder beschreven.

Het inschakelen van een externe voor het opstellen van de aanvraag, is géén externe

maatregel. In geval van consultatie van een groep van externen, bijvoorbeeld bij het voorleggen van een

beleidsplan, volstaat het aangeven van de betrokken externen en de uit deze groepsconsultatie opgedane inzichten en tot welke (groep van) maatregelen dit heeft geleid. 45

3.

Welke externe maatregel is getroffen naar aanleiding van de conclusie(s) uit deze 'consultatie'?. Dit is een beschrijving van een getroffen externe maatregel.

Hierna volgen nog enkele toelichtingen over de externe maatregel (n.a.v. veelgestelde vragen):

o

Wat wordt verstaan onder een maatregel? Onder een maatregel wordt verstaan: een besluit over hoe iets wordt opgelost of

veranderd.

o

Met 'externe' maatregel wordt bedoeld: een maatregel die is getroffen naar aanleiding van externe consultatie. Onder voorwaarden gelden de volgende externe maatregelen ook: Het samenwerken met een externe partij voldoet als 'externe maatregel' mits binnen

deze samenwerking consultatie heeft plaatsgevonden. Beschrijf duidelijk op welke wijze de consultatie in deze samenwerking heeft geleid tot de getroffen maatregel. *

Het uitvoeren van een maatregel door een externe partij voldoet pas als 'externe

maatregel' indien deze maatregel is getroffen naar aanleiding van consultatie van een externe partij (dat kan de uitvoerende partij zijn). Indien maatregelen met een duidelijk herkenbare inbreng van externen (dus personen of organisaties buiten de eigen ©

gemeente) tot stand komen, worden ze als extern aangemerkt. Wat wordt verstaan onder een getroffen externe maatregel. ® Dit is een externe maatregel die voor het tijdstip van indiening van de aanvraag door het ®

college, de gemandateerde directeur en/of de wethouder is getroffen. Onder het treffen van een maatregel wordt verstaan dat het besluit is genomen en

waarvan de uitvoering in gang is gezet. ©

Moet het steeds een nieuwe (aanvullende) maatregel zijn? Van het college wordt verwacht om te analyseren wat de oorzaken zijn van het tekort, wat hieraan inmiddels is gedaan en wat hiervan de effecten per jaar zijn. En vervolgens of, in dat licht, al dan niet nodig is om tot extra maatregelen te komen ten einde het tekort verder te reduceren. Die afweging is aan het lokaal bestuur. Het college dient wel de gemeenteraad inzicht te verschaffen over deze afweging. Deze afweging dient dan ook in dit onderdeel te worden

beschreven. In alle gevallen dient het college externe maatregelen te nemen. Dat kunnen ook, afhankelijk

van de hiervoor genoemde afweging, bestaande maatregelen zijn, die in hun effect meerjarig ©

doorlopen. Om die reden staat "aanvullende" tussen haakjes. Hoeveel getroffen externe maatregelen zijn vereist? Het is aan het lokaal bestuur om te bepalen hoeveel maatregelen moeten worden getroffen om het tekort verder te reduceren. Dat houdt in dat de toetsingscommissie nagaat of één dan wel meerdere externe maatregel zijn getroffen. Het is aan het college en de

gemeenteraad om na te gaan of en te beschrijven dat de getroffen maatregelen tezamen het tekort verder reduceren (zie onderdeel effecten).

46

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: http://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/907/documents/29664