240 Smart Delta Drechtsteden - Uitnodiging Raadsdialoog 17 juni 2026.pdf
Tekst van het document
We onderscheiden drie verschillende fasen in het projectenportfolio: Verkenning Dit is een idee, ‘droom’ of concept. Het vereist verdere studie, analyse, ontwerp en uitwerking om van idee naar concreet project te komen.
Ontwikkeling
Een concreet gedefinieerde bestuurs- of projectopdracht in ambitie, doelstelling en proces dat inhoudelijke ontwikkeling en besluitvorming behoeft.
Uitvoering
Een concreet uitvoerbaar investeringsproject waarvoor nadere besluitvorming en/of (mede) financiering nodig is om tot uitvoering te komen.
41
Voorbeelden van projecten in een projectenportfolio: Verkenning • •
Water in de delta: visie op de Waterveiligheid en bodemdaling in de regio, met aandacht voor dijkversterking en aanpassing van het aan- en afvoersysteem van water. Gebiedsgerichte agenda bedrijventerreinen: verkenning naar kansen en mogelijkheden voor uitruil, kavelruil en herschikking van bedrijven in regionaal verband.
Ontwikkeling • •
Afstemmen van regionale voorzieningen: verkenning naar kansen en mogelijkheden voor samenwerking op grote maatschappelijke voorzieningen tussen gemeenten. Werf van de Toekomst: ontwikkelen van innovaties voor de verduurzaming van de maritieme industrie met digitalisering en robotisering en inzet van duurzame energiebronnen, w.o. waterstof.
Uitvoering • •
Energienetwerk: verzwaring en uitbouw van het elektriciteitsnet en uitbreiding van het warmtenetwerk en lokale energiehubs naar andere woon- en werkgebieden in de regio. Doorfietsroutes: verbeteren en afmaken van doorfietsroutes F15 en F16 - missing links verbeteren.
Afwegingskader voor projectselectie
Het opstellen van een RIA vraagt om een duidelijke keuze voor een selectief aantal projecten. Daarom wordt op basis van de Ruimtelijke Strategie een afwegingskader voor de RIA uitgewerkt. Dit afwegingskader helpt met het inventariseren, beoordelen en prioriteren van projecten die mogelijk een plek moeten krijgen in de RIA. De keuze voor projecten wordt uiteindelijk gebaseerd op hun impact op een aantal criteria, zoals bijdrage aan de gebiedsopgaven, impact op lange termijn, regionale meerwaarde, omvang van bijdrage en de beschikbaarheid van cofinanciering.
42
Spelregels
Samenwerken doen we ook met een verschillende mate van intensiteit. Dat is niet vrijblijvend, maar vraagt om afspraken over het gewenste niveau van intensiteit. Elkaar informeren of met elkaar afstemmen heeft bijvoorbeeld een lager intensiteitsniveau dan samen beleid maken of samen investeren. Hier horen de volgende spelregels bij: • We betrekken vroegtijdig elkaar en andere stakeholders bij planvorming en uitvoering; • We zetten in op samenwerking met verschillende intensiteiten: niet iedereen kan of hoeft mee te doen; • We werken samen in triple-helix allianties rond concrete uitvoeringsprojecten; • We spreken elkaar aan op onze ambities, inzet en betrokkenheid, ook in mindere tijden; • We zetten in op het lokaal doorvertalen van de Ruimtelijke Strategie in gemeentelijke Omgevingsvisies.
Verankering en borging van projecten
Naast het uitvoeren van regionale projecten heeft ook de beleidsmatige afstemming een belangrijke rol in de regionale samenwerking. In het ruimtelijk domein gaat het primair om het afstemmen van de woningbouwprogrammering en van nieuwe gebiedsontwikkelingen (transformatie en uitleg). Ook het afstemmen van werkfuncties en bedrijventerreinen is een belangrijk vraagstuk. Dergelijke vraagstukken vragen ook om het onderlinge afstemmen van de gemeentelijke Omgevingsvisies. Daarnaast vragen de gebiedsprogramma’s met hun projectenportfolio’s om een goede verankering en borging in lokale beleidsplannen en investeringsprogramma’s.
43
BIJLAGEN
VERHAALLIJNEN VAN DE GEZONDE MARITIEME DELTA 2050 In hoofdstuk 2 is het gewenste toekomstbeeld van de Gezonde Maritieme Delta uitgewerkt aan de hand van meerdere verhaallijnen, namelijk: • • • • • •
Een veilige en klimaatbestendige delta Versterking biodiversiteit en gezond groen Robuust decentraal energiesysteem Duurzaam bereikbare regio Wonen en voorzieningen in balans Innovatieve maritieme topregio
In deze bijlage wordt toegelicht wat de achtergrond is van iedere verhaallijn (wat is er aan de hand?) en een verdieping van hoe dit opgepakt gaat worden (wat is onze aanpak?). Per verhaallijn is er ook een voorbeeld opgenomen uit de praktijk. Het laat zien dat deze verhaallijnen niet uit de lucht komen vallen en dat er in deze regio al wordt gewerkt aan deze opgaven.
1. WATERVEILIGE EN KLIMAATBESTENDIGE DELTA Wat is er aan de hand?
Als regio staan we voor uitdagingen in waterveiligheid, klimaatverandering, bodemdaling en drinkwater. Overstromingsrisico’s nemen toe door de stijgende zeespiegel en piekbelasting van rivieren, terwijl kwetsbare dijken extra onderhoud vergen. Voortgaande bodemdaling door veenoxidatie verergert dit en maakt infrastructuur kwetsbaar evenals funderingen van gebouwen. Klimaatverandering brengt intensieve regenval en langere perioden van droogte met zich mee. Dit vergroot het overstromingsgevaar, beperkt de beschikbaarheid van zoetwater en bedreigt de waterkwaliteit. Zoutintrusie door stijgend zeewater bedreigt onze zoetwaterbronnen, waardoor de drinkwaterreserves en waterkwaliteit onder druk staat.
Wat is onze aanpak?
We pakken water gerelateerde uitdagingen aan met innovatieve maatregelen die veiligheid en duurzaamheid vergroten, maar niet ten koste van de beleving van water. Ruimte voor rivieren biedt overstromingsruimte en creëert getijdennatuur die piekbelasting opvangen en biodiversiteit bevorderen. Adaptieve klimaatdijken, met natuurvriendelijke oevers en slimme monitoring, zorgen voor een stabiele waterkering en vergroenen het landschap. Natuurlijke waterbergingen vangen regenwater op in groene zones en zorgen voor verkoeling tijdens droge en hete periodes, om wateroverlast en watertekorten tegen te gaan. Daarnaast passen we zoet-zoutwaterfilters toe om zoutintrusie in waterbronnen te beperken. Door verhoogde bouwnormen krijgen gebiedsontwikkelingen water robuuste kenmerken, zoals evacuatieroutes en hogere vloerniveaus en waterbergende tuinen en daken.
Voorbeeld uit de regio - Dordrecht, Zwijndrecht, Papendrecht en Hendrik-Ido-Ambacht
Aanpak en onderzoek bodemdaling openbaar gebied De vier gemeenten werken samen met de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid en het waterschap Hollandse Delta in het kader van het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie om bodemdaling en klimaatadaptatie aan te pakken in het stedelijk gebied. Hierbij wordt ook gekeken naar de gevolgen van bodemdaling voor funderingen en wateroverlast. De werkregio Drechtsteden heeft onlangs subsidie aangevraagd bij de provincie Zuid-Holland. De aanpak laat zien hoe gemeenten en instanties onderling kunnen samenwerken aan deze opgave en hoe je als regio kan lobbyen.
2. NATUUR: BIODIVERSITEIT EN GEZOND GROEN Wat is er aan de hand?
De natuur in de regio staat onder druk door versnippering en intensiever recreatief gebruik. De biodiversiteit neemt af omdat natuurgebieden kleiner worden en onderling slechter verbonden zijn. Recreatie groeit, wat leidt tot verstoring van kwetsbare soorten, terwijl groene ruimtes juist essentieel zijn voor gezondheid en welzijn. Klimaatverandering zorgt voor hittegolven en extremere weersomstandigheden, terwijl het verlies aan bomen en natuur deze effecten verergert. Stikstofuitstoot en vervuiling door landbouw en industrie leiden tot verarming van flora en fauna. Er is steeds minder ruimte voor natuurlijke klimaatbuffers en biodiversiteitsherstel door concurrerende ruimtelijke claims. Een geïntegreerde aanpak is nodig om natuurbehoud en maatschappelijke behoeften in balans te brengen.
Wat is onze aanpak?
We hanteren een integrale aanpak om de druk op natuur en landschap te verminderen en de biodiversiteit te versterken. De natuur laten we ongestoord haar gang gaan in bepaalde gebieden. Daar staat tegenover dat we de natuur de bebouwde kom intrekken en ecologische verbindingen maken om ook de natuurbeleving te versterken. Daarom werken we aan een regionaal recreatief netwerk met voorzieningen voor bezoekers langs getijden- en stadsparken, sportvoorzieningen, scholen en toeristische trekpleisters. Zo stimuleren we actieve mobiliteit, sporten en spelen in een gezonde en groene leefomgeving. De Nieuwe Dordtse Biesbosch een voorbeeld van hoe natuur en recreatie hand in hand gaan. Dit 530 hectare grote gebied biedt ruimte voor natuurontwikkeling en recreatie, met een duurzaam watersysteem dat bijdraagt aan waterkwaliteit en -berging.
Voorbeeld uit de regio - Papendrecht en Sliedrecht
Groenblauwe verbindingen Dit project is gericht op het realiseren van groenblauwe verbindingen bij gebiedsontwikkelingen in zowel Papendrecht als Sliedrecht. In Papendrecht krijgt de rivieroever een impuls met nieuwe klimaatadaptieve maatregelen, sport, recreatie, evenementen en leisure. Deze ontwikkeling wordt ontsloten naar de polder. In Sliedrecht wordt met een Noord-zuidverbinding als overbrugging van de A15 en een verbinding met Sliedrecht Noord gerealiseerd. Hierbij maken we een groene verbinding tussen de polder van Molenlanden, Sliedrecht en de Merwede/ Biesbosch in samenwerking met de Alblasserwaard.
3. ROBUUST REGIONAAL ENERGIESYSTEEM Wat is er aan de hand?
De transitie van fossiele naar schone en duurzame energie stagneert door de groeiende overbelasting van het elektriciteitsnet. De beschikbaarheid en betaalbaarheid van duurzame energie is in het geding. Zo kampen veel inwoners met hoge energiekosten, kunnen ondernemers niet verduurzamen en groeien, kan laadinfrastructuur niet worden uitgerold en kan netcongestie ruimtelijke ontwikkelingen fors belemmeren. Dat vraagt om uitbreiding en verzwaring van het elektriciteitsnet. Het gaat hierbij onder meer om 800 extra trafostations en ook nieuwe warmtestations bovengronds, naast zwaardere kabels en leidingen. Daarnaast zijn slimme, innovatieve, lokale oplossingen nodig om de energietransitie verder te brengen bij de lokale industrie en woonkernen.
Wat is onze aanpak?
We zetten in op een flexibel regionaal energiesysteem waarbij vraag en aanbod gekoppeld is: altijd en overal stroom is niet meer de standaard, zeker niet voor bedrijven. We zetten ons proactief en systematisch in om congestieproblemen in het elektriciteitsnet te verzachten door lokale opwek en opslag te stimuleren. We innoveren om slimmer schone energie te transporteren en op te slaan (groene waterstof, regionaal warmtenet, trafohuisjes, grote batterijen) en optimaliseren het gebruik van energie (afstemming in energiecoöperaties en verduurzaming bebouwde omgeving en schone industrie).
Voorbeeld uit de regio - Sliedrecht
De Driehoek De Driehoek is een gebied van ongeveer 12 hectare tussen de Betuweroute, MerwedeLingelijn en de A15. Het gebied wordt ingericht met initiatieven die bijdragen aan duurzaamheidsdoelen van de regio. Er wordt gewerkt aan de realisatie van een geothermiecentrale, een hoogspanningsstation, zonne-energie en een elektrolyse-installatie voor de productie van waterstof. De ontwikkeling vindt plaats door regionale inspanning (Regio Deal) en zorgt voor een betere energiebalans in de regio.
4. DUURZAAM BEREIKBARE REGIO Wat is er aan de hand?
De regio Drechtsteden is een Europese vervoerscorridor voor goederen en mensen. De verkeerscongestie in de regio neemt toe door bevolkingsgroei en toenemende economische activiteit en groot onderhoud van Rijkswaterstaat dat duurt tot 2035. Dit leidt tot langere reistijden en verhoogde uitstoot. Hoofdwegen (A15, A16 en N3) - en gemeentelijke wegen raken overbelast, waardoor de bereikbaarheid en doorstroming van het verkeer verslechteren en de uitstoot van auto’s toeneemt. Het openbaar vervoer is op dit moment geen goed alternatief voor de auto door een langere reistijd, beperkte frequenties en onvoldoende verbindingen, wat leidt tot meer autogebruik. Logistieke activiteiten, economische groei en zwaar vrachtverkeer zorgen voor extra druk op de infrastructuur en verhogen het risico op ongevallen. Milieuproblemen zoals luchtvervuiling en geluidsoverlast hebben negatieve gevolgen voor de gezondheid van inwoners. Voor de inwoners die geen auto hebben en afhankelijk zijn van openbaar vervoer dreigen minder kansen op de arbeidsmarkt, slechter toegang tot voorzieningen en vereenzaming. Verstedelijking en economische groei dreigen deze problemen te verergeren zonder duurzame mobiliteitsoplossingen.
Wat is onze aanpak?
In de Ruimtelijke Strategie zetten we in op duurzame en actieve mobiliteitsopties en in het kader van het STOMP principe geven we voorrang aan openbaar vervoer, fietsen, wandelen en deelmobiliteit. In het kader van minder transport- en verkeersbewegingen werken we samen met bedrijven en onderwijs om locaties met passende mobiliteitsopties te vinden: scholen, kantoren en voorzieningen plaatsen we nabij stations of we realiseren een station; werklocaties met kades maken we vrij voor watergebonden bedrijven. We investeren in regionale doorfietsroutes, we zetten in op verdubbeling van de MerwedeLingelijn en ontwikkelen een regionale spoorzone waar woningbouw en andere functies rondom ov-knooppunten worden gerealiseerd met lagere parkeernormen voor een betere benutting van het spoor. We maken een hubstrategie om OV (trein, bus en vervoer over het water), deelmobiliteit en first en last mile voorzieningen te verbeteren en de snelwegen te ontlasten. Hierbij leggen we ook een koppeling met energieopwek en -opslag en de elektrificatie van mobiliteit en voorzieningen.
Voorbeeld uit de regio
STOMP-principe: regionale fietspaden Er wordt regionaal ingezet op het verbeteren van de bereikbaarheid op de fiets. Twee fietspaden lopen al langs de A15 en A16 om de verschillende gemeenten te verbinden. Daarnaast wordt een derde fietspad aangelegd die ook de fietsbare verbinding van Dordrecht naar Rotterdam maakt, genaamd de Metropolitane Fietsroute. Door de regio beter bereikbaar te maken door te trappen (de T van STOMP) wordt duurzame mobiliteit versterkt, met positieve effecten op de leefbaarheid van wijken en de gezondheid van inwoners.
5. WONEN EN VOORZIENINGEN IN BALANS Wat is er aan de hand?
Diverse en toekomstbestendige woningvoorraad De regio wil verder groeien en heeft naast het huidige tekort, veel meer woningen nodig. De autonome woningbehoefte is in acht jaar tijd met 60% gegroeid. Woningen moeten in een hoger tempo en in een hoger aantal gebouwd worden dan tot nu toe het geval is geweest. De ruimte voor en betaalbaarheid van woningen is in het gedrang. Veel huizen zijn verouderd, hebben funderingsproblematiek en zijn niet energiezuinig. De maatschappij is constant aan verandering onderhevig: er komen meer eenpersoonshuishoudens en ouderen die langer zelfstandig blijven wonen. Daarnaast is de woningvoorraad ten aanzien van woningtypologie en voor diverse doelgroepen niet evenwichtig verdeeld over de regio. Evenwichtig aanbod van voorzieningen Ontmoetingsplekken en (zorg)voorzieningen zijn belangrijk om eenzaamheid tegen te gaan en dragen bij aan een gezonde samenleving. Toch zien we in de regio dat voorzieningen steeds vaker onder druk staan. Verouderde voorzieningen zorgen voor stijgende vaste lasten, terwijl vervanging of renovatie steeds duurder wordt. Door een daling van de gemiddelde woningbezetting (het aantal mensen per woning) de laatste decennia, is er minder draagvlak in sommige wijken. Naast dagelijkse voorzieningen staan ook regionale voorzieningen zoals zwembaden, bioscopen en theaters onder druk.
Dit vraagt om een gezamenlijke aanpak, waarbij de bereikbaarheid en toegankelijkheid van grote voorzieningen centraal staat.
Voorbeeld uit de regio - Zwijndrecht
Gebiedsontwikkeling Spoorzone Zwijndrecht De Spoorzone in Zwijndrecht wordt een stedelijke en duurzame woon- en werkomgeving. Er komen zo’n 1.500 nieuwe woningen en moderne voorzieningen. Het stationsgebied wordt een economisch knooppunt met kantoren en werkplekken. Mobiliteit verbetert door betere OV-verbindingen en minder autoverkeer. Groen, energiezuinig bouwen en sociale verbindingen staan centraal.
Wat is onze aanpak?
Diverse en toekomstbestendige woningvoorraad De woningbouwopgave vraagt om grote binnenstedelijke herstructurering met oog voor het historische karakter, gezonde leefomgeving, nabijheid van dagelijkse voorzieningen en actieve mobiliteit. Binnen onze dagelijkse wereld - het daily urban system - hebben kernen en wijken verschillende kenmerken die huishoudens in verschillende stadia aantrekken, zoals reuring of rust, nabijheid van natuur, voorzieningen en/ of OV etc. Deze elementen vragen om een sterkere sturing op de woningbouwopgave. De regio maakt werk van het realiseren van de woningbouwplannen die nu al hard zijn en goedgekeurd door de provincie, goed voor zo’n 9.000 woningen. De harde plannen worden aangevuld met nieuwe zachte plannen voor 3.000 woningen (binnen de plancapaciteit van 12.000 woningen) en hiervoor spreken we af 67% betaalbaar te bouwen en 30% sociaal. Bovenop deze 12.000 woningen worden ook nog afspraken gemaakt voor 4.000 woningen waaraan een acuut tekort is, in lijn met de uitkomsten van het RIGO-onderzoek (2024) Evenwichtig aanbod van voorzieningen We werken toe naar een '15-minutenregio, waarbij alle belangrijke bestemmingen in het dagelijkse leven te voet of fiets bereikbaar zijn binnen 15 minuten van huis.
Regionale voorzieningen worden op elkaar afgestemd en geplaatst op plekken die te voet, per fiets en openbaar vervoer en eventueel per deelvervoer en auto bereikbaar en toegankelijk zijn. Dat zijn onder andere: stationsgebieden, bushaltes, waterbushaltes en regionale fietsroutes. Gemeenten verkennen samen welke regionale voorzieningen (zoals een zwembad of sporthal) eventueel gezamenlijk ontwikkeld en beheerd kunnen worden. Hierdoor is het mogelijk om een kwalitatief betere voorziening neer te zetten voor minder geld.
Voorbeeld uit de regio - Dordrecht/Papendrecht
Dordrecht en Papendrecht – Impuls Gezonde Wijken en Inwoners Zowel wijken in Dordrecht als Papendrecht hebben opgaven als het gaat over de bestaanszekerheid en de gezondheid van inwoners. Om de bestaanszekerheid, kansengelijkheid en gezondheid van inwoners in Dordrecht en Papendrecht impuls te geven wordt in een aantal wijken in deze gemeentes gewerkt aan een gezonde leefomgeving (Papendrecht), gezondheid door meer sporten en bewegen van zowel jongvolwassenen en ouderen (Crabbehof en Krispijn) en positief en gezond ouder worden (Sterrenburg). Hier wordt op ingezet door het initiëren van innovatielabs waarin bewoners, professionals en kennisinstellingen uit verschillende domeinen samenwerken aan vraagstukken om de leefstijl, leefomgeving en levensverwachting van bewoners in de wijken in Dordrecht en Papendrecht te verbeteren.
6. INNOVATIEVE MARITIEME TOPREGIO Wat is er aan de hand?
De maritieme sector en (technologische) maakindustrie zijn van oudsher sterk geworteld in onze regio. Het is in het belang van de regio dat de maritieme maakindustrie daarom toekomstbestendig is. Dit is een flinke uitdaging door buitenlandse concurrentie en de noodzaak om stevig te verduurzamen. Er is daarnaast een aanhoudend tekort aan gekwalificeerd personeel in de maritieme maakindustrie. Deze sector is sterk afhankelijk van technisch geschoolde werknemers, en de vergrijzing van het personeel vormt een extra uitdaging. Tegelijkertijd liggen er kansen door het nieuwe Europese beleid gericht op strategische autonomie, als reactie op recente geopolitieke ontwikkelingen. We willen onze koploperpositie in de maritieme economie versterken, daarom werken we aan de transitie naar schone hightech en circulaire maakindustrie. Daarvoor is innovatiekracht en ruimte op bedrijventerreinen en aan het water nodig.
Wat is onze aanpak?
We blijven inzetten op een sterke samenwerking van het praktijk- en hoger onderwijs en het bedrijfsleven in de verschillende samenwerkingsverbanden die de regio telt. We investeren in de benodigde infrastructuur en ruimte voor innovatieve projecten. Zo verstevigen we onze koploperspositie in de hightech maakindustrie in Nederland en Europa. Deze samenwerking op het gebied van innovatie strekt zich niet alleen uit tot de maritieme- en maakindustrie, maar omvat ook de energietransitie en de zorgsector. We werken aan de duurzame energietransitie, bouwen aan een circulaire economie van grondstoffen en diensten en clusteren bedrijven die elkaar kunnen ondersteunen in logistieke en energieketens.
Voorbeeld uit de regio - Hardinxveld-Giessendam
Voorbeeld uit de regio - Alblasserdam
Innovatieve scheepsbouw (Werf van de Toekomst)
Verplaatsing Peute-Nedstaal
In Hardinxveld-Giessendam zijn scheepswerven toonaangevend door innovaties in de scheepsbouw, zoals het produceren van emissieloze (werk)schepen, smart shipping en het verduurzamen van de schepen. De regio heeft al verschillende allianties die werken aan het verduurzamen en schoner maken van de maritieme industrie. Als regio blijven we deze initiatieven ondersteunen.
In 2023 is recyclebedrijf Peute Group verhuisd van Dordrecht naar het Nedstaalterrein in Alblasserdam. Hierdoor heeft het bedrijf meer ruimte gekregen om de geprojecteerde groei te realiseren. Zo is de watergebonden bedrijvigheid en het goederenvervoer over water versterkt. Daardoor zorgt de verplaatsing voor een jaarlijkse afname van bijna 30.000 vrachtwagens en dus minder files op de A15/N3.
COLOFON De Ruimtelijke Strategie is opgesteld in opdracht van de Smart Delta Drechtsteden in nauwe samenwerking met de gemeenten, zowel bestuurlijk als ambtelijk. Tevens zijn private en maatschappelijke partners via de ‘Zomergesprekken’ geconsulteerd. De strategie is een nadere uitwerking van de Groeiagenda en de Verbindende Gebiedsstrategie. Het werkproces is ondersteund door UUM | Unlimited Urban Management met inhoudelijke uitwerkingen, verbeelding en procesbegeleiding. Bestuurlijke consultaties:
Maarten Burggraaf Frederik de Gier Arjan Meerkerk Jauharina Oelfke Arno Janssen Roelant Bijderwieden Robert Kreukniet
Gemeente Dordrecht - voorzitter Bouwen & RO Gemeente Alblasserdam Gemeente Hardinxveld-Giessendam Gemeente Hendrik-Ido-Ambacht Gemeente Papendrecht Gemeente Sliedrecht Gemeente Zwijndrecht
Deelnemers Werkplaatsen:
Alwin Notenboom Arjan Boersma Astrid Spek Bart Mol Berry Gersonius Daan Willems Dana Huibers Danli Sheng Elisabeth de Nooijer Ellen Kelder Erwin Blanker Frenkie van den Broek Hilbert de Jong Janine veenstra Jan-Peter Hoste Jory Rombouts Krijn Janssen Lars van der Kaa Lars van Genderen Lauran Cornax Ludmilla van Doorn Mariëlle Overboom Mark van Oosterhout Martijn Noorland Melanie Lopes Carrilho Patricia Kramers
Gemeente Alblasserdam Gemeente Dordrecht/Smart Delta Drechtsteden Gemeente Dordrecht/Smart Delta Drechtsteden Waterschap Hollandse Delta Gemeente Dordrecht Waterschap Rivierenland Gemeente Dordrecht Gemeente Papendrecht Waterschap Rivierenland Gemeente Dordrecht Gemeente Hendrik-Ido-Ambacht Gemeente Sliedrecht Gemeente Dordrecht/Smart Delta Drechtsteden Gemeente Sliedrecht Gemeente Papendrecht Smart Delta Drechtsteden Gemeente Hendrik-Ido-Ambacht Gemeente Papendrecht Gemeente Dordrecht/Smart Delta Drechtsteden Gemeente Dordrecht Waterschap Hollandse Delta Gemeente Dordrecht/Smart Delta Drechtsteden Gemeente Dordrecht Gemeente Sliedrecht Gemeente Alblasserdam Omgevingsdienst Zuid-Holland-Zuid
René Ritmeijer Reza Alkaabi Richard Boot Rick Aarnoudse Rico Hakkers Rudolf Verver Sjako Janse Thom van der Boon Wouter Ramp Xander Linthorst Yari Baars Yvonne de Knecht
Gemeente Sliedrecht Gemeente Papendrecht Gemeente Alblasserdam Gemeente Papendrecht Gemeente Zwijndrecht Omgevingsdienst Zuid-Holland-Zuid Gemeente Hardinxveld-Giessendam Gemeente Alblasserdam Gemeente Dordrecht Gemeente Zwijndrecht Gemeente Alblasserdam Gemeente Hendrik-Ido-Ambacht
Kernteam Smart Delta Drechtsteden: Nicole Op de Laak Bram Kraaieveld Luut Schneider
Programmamanager Bouwen & RO, Regio Deals Programma Bouwen & RO Programma Bouwen & RO, Regio Deals
Bas Pijl Gerard de Jong Riëtte van der Werff
Gemeente Zwijndrecht – stedenbouwkundige Gemeente Hardinxveld-Giessendam – strategie Gemeente Papendrecht – strategie
Werkteam:
Edwin van Uum Anke van Eijk Rick Groeneveld
UUM - procesmanager/planoloog UUM - stedenbouwkundig ontwerper UUM - stedenbouwkundige/planoloog
Regionale Investeringsagenda Drechtsteden Discussienotitie – versie april 2026 Inleiding Samen investeren in de toekomst van de Drechtsteden De komende jaren staan we voor belangrijke keuzes over wonen, bereikbaarheid, economie en leefomgeving. Opgaven die bepalend zijn voor de kwaliteit van leven in onze regio, nu en in de toekomst. Veel van deze vraagstukken spelen niet alleen lokaal, maar juist op regionale, provinciale en landelijke schaal. Daarom werken wij (de Drechtsteden en Gorinchem) samen aan een Regionale Investeringsagenda (RIA). Dat doen we met de triple helix partners: bedrijven, onderwijsinstellingen, maatschappelijke organisaties én acht gemeenten. De RIA is ons gezamenlijke instrument om de komende vijf jaar te investeren in een aantal doorslaggevende projecten die de brede welvaart, ofwel de kwaliteit van leven van inwoners, in onze regio merkbaar verbeteren, waarmee we stappen zetten om de Ruimtelijke Strategie 20501 te realiseren en waarmee we concreet laten zien hoe we bijdragen aan ruimtelijke opgaven van de provincie ZuidHolland en het Rijk. Deze discussienotitie is een tussenstap: een 60%-versie die we voorleggen aan partners, gemeenteraden en colleges in het tweede kwartaal (april, mei en juni 2026). Wat u leest is dus niet af, het is een uitnodiging om mee te denken.
Uw inbreng gebruiken we om de RIA verder aan te scherpen en om keuzes beter te onderbouwen. De RIA wordt voor de zomer afgerond en na het zomerreces ter besluitvorming aangeboden aan de gemeenteraden. Wat u in deze discussienotitie vindt Deze notitie is opgebouwd uit de volgende delen. (1) De Drechtsteden als regio: wie we zijn en wat ons bindt. (2) De Regionale Investeringsagenda: wat de RIA is en moet opleveren. (3) De doorbraakprojecten van de RIA: wat we de komende vijf jaar willen bereiken. (4) De investeringen: een eerste beeld van de beschikbare en benodigde financiering. (5) Hoe we samen verder werken aan de RIA: de stappen tot de zomer: we maken helder wat elk project concreet inhoud en oplevert voor inwoners en ondernemers en welke investeringen nodig zijn, hoe we samen de regionale uitvoeringskracht versterken en in gesprek blijven met elkaar (de gemeenteraden, partners en Smart Delta Drechtsteden). Waarom doen we dit? Omdat de opgaven in onze regio urgent zijn, met elkaar samenhangen en niet alleen lokaal op te lossen zijn. Denk aan bereikbaarheids- en netcongestieproblemen die woningbouw blokkeren, luchtkwaliteit die gezondheidsklachten veroorzaakt, of bedrijven die willen verduurzamen maar geen ruimte op het net krijgen. Met de RIA bundelen we de kracht en de middelen, zodat de hele regio, alle gemeenten, inwoners en ondernemers vooruitgaan.
Wat vragen we van u? Deze notitie is een uitnodiging. Graag halen we als samenwerkende gemeenten uw Ruimtelijke Strategie 2050 Smart Delta Drechtsteden vormt basis voor Regionale Investeringsagenda Smart Delta Drechtsteden 1
1
ideeën, aandachtspunten en zorgen op, om deze mee te kunnen nemen in het opstellen van de definitieve RIA. We vragen gemeenteraden, colleges en partners om mee te denken en te doen, maar ook om kritisch te zijn: • • • •
Waar ziet u kansen die we nog niet benutten? Welke accenten zouden we anders kunnen leggen? Welke uitdagingen moeten we adresseren? Welke voorwaarden zijn nodig om samen verder te komen?
De ideeën en antwoorden die u ons geeft helpen ons om de RIA beter, scherper en realistischer te maken.
2
Regionale investeringsagenda Drechtsteden Uitvoering geven aan de Ruimtelijke Strategie Gezonde Maritieme Delta 2050 – discussienotitie ter bespreking met partners, gemeenteraden en colleges, april 2026
1. De Drechtsteden als regio Dit is wie we zijn Acht gemeenten rond een kruispunt van rivieren. Alblasserdam, Dordrecht, Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht: samen vormen wij de Drechtsteden 2. We liggen daar waar de Noord, de Oude Maas en de Boven- en Beneden-Merwede samenkomen, een van de drukst bevaren rivierpunten van Europa, waar jaarlijks meer dan 160.000 schepen passeren. Zo vormt de regio de toegangspoort tot Europa. Mensen voelen zich hier thuis door de manier waarop we dingen doen: nuchter, samen en met de handen uit de mouwen. Dat zie je terug in de polder, op de werven en in de bedrijven. We zijn groot genoeg om slagkracht te organiseren, maar klein genoeg om elkaar echt te kennen. Het zit in ons DNA om verantwoordelijkheid te nemen en problemen samen op te lossen. Dat is onze kracht en maakt ons wendbaar.
Een regio met wereldklasse vakmanschap Onze regio is gebouwd aan het water. Al "Al eeuwenlang maken, eeuwenlang maken, bouwen en innoveren mensen hier. Die traditie leeft. Vandaag zijn bouwen en innoveren wereldspelers als Damen, Boskalis, Van Oorden mensen hier. Die traditie Fokker hier geworteld. Niet toevallig, maar omdat zij zijn gegroeid uit dezelfde cultuur van leeft." vakmanschap en ondernemerschap die deze regio al generaties kenmerkt. Samen met meer dan 1.200 gespecialiseerde bedrijven in de maritieme maakindustrie zijn zij goed voor €15–20 miljard omzet, circa 30% van de nationale maritieme sector. Eén op de vier werknemers in onze regio werkt in deze sector. Dat is niet alleen economisch belangrijk. De bedrijven in onze regio leveren ook een belangrijke bijdrage aan defensie en maritieme veiligheid, bijvoorbeeld via technologie, scheepsbouw en gespecialiseerde productie voor de defensieketen. Tegelijkertijd spelen zij een rol in grote transities waar Europa voor staat, zoals schonere scheepvaart, duurzame energie en technologische innovatie. Kortom, in de Drechtsteden werken we aan oplossingen die belangrijk zijn voor het Nederlandse verdienvermogen, onze nationale weerbaarheid én voor de strategische positie van Europa.
Rond dat bedrijfsleven staat een solide kennisnetwerk: het Da Vinci College, Hoger Onderwijs Drechtsteden, nauwe banden met TU Delft en Erasmus Universiteit, innovatieplatformen zoals I-lab, Yes!Delft! en de Smart Campus Leerpark waar onderwijs, innovatie en hightech maakindustrie samenkomen. Onze ziekenhuizen zijn ankers voor gezondheid, werkgelegenheid en talent. Samen zorgen deze instellingen ervoor dat mensen hier niet alleen kunnen werken, maar ook in goede gezondheid kunnen leren en groeien.
In deze discussienotitie bedoelen we met ‘Drechtsteden’ ook Gorinchem. En als we het over ‘we’ hebben, dan hebben we het over ons als samenwerkende gemeenten en partners. 2
3
Een waterlandschap dat betekenis heeft Water maakt de Drechtsteden uniek. Het typeert onze economie, natuur en identiteit: van de Biesbosch tot de Hollandse Waterlinie, van de historische binnensteden tot de polders, dijken en getijdennatuur. Dit landschap maakt de regio aantrekkelijk voor inwoners én bezoekers en biedt kansen voor ontspanning, bewegen en klimaatadaptatie. Daarnaast bieden deze kwaliteiten kansen om te vergroenen, vernieuwen en te groeien.
“Onze omgeving biedt ruimte om te groeien, groener te worden en te vernieuwen, op een manier die past bij wie we zijn en bij wat inwoners belangrijk vinden”
Waarom investeren nu noodzakelijk is De regio Drechtsteden is een regio om trots op te zijn. Maar wie eerlijk kijkt, ziet ook dat het niet alleen goed gaat. De brede welvaart in de Drechtsteden, hoe goed mensen hier kunnen wonen, werken, leven en gezond blijven, staat al langere tijd onder druk. In landelijke vergelijkingen komen we vaak in de onderste regionen uit3. Drie van onze gemeenten staan in de landelijke top 12 van gemeenten met de meest vervuilde luchtkwaliteit; alle Drechtstedengemeenten vallen in de slechtste 25% van het land4. Groene structuren zijn versnipperd, barrières als spoorlijnen (Betuweroute en MLL) en snelwegen (A15, A16 en A27) snijden door het omliggende landschap. Veel wijken hebben te weinig groen en zijn kwetsbaar voor hittestress en wateroverlast. De PFAS-verontreiniging door Chemours zet natuur en oevers extra onder druk. In wijken als delen van Dordrecht-West, Zwijndrecht en Gorinchem komt dit scherp naar voren. Daar stapelen problemen zich op: minder groen, meer drukte op de weg, slechtere luchtkwaliteit en meer gezondheidsklachten. Dit raakt juist de mensen die al kwetsbaar zijn in de wijken die onderaan de lijstjes staan. Het betekent dat onze inwoners gemiddeld minder gezonde jaren hebben, dat kinderen opgroeien in lucht die niet schoon genoeg is en dat te veel wijken te weinig groen, te veel drukte en te weinig perspectief kennen.
Ook ondernemers merken de gevolgen van de grote maatschappelijke opgaven. Door netcongestie is er te weinig ruimte op het elektriciteitsnet voor uitbreiding of verduurzaming, bedrijven die willen groeien komen op een wachtlijst, woningbouwprojecten en nieuwe bedrijven krijgen geen elektriciteitsaansluiting. Bovendien lopen energiekosten op en staat de structurele betaalbaarheid en beschikbaarheid van energie onder druk. De drukke A15, A16 en A27 zorgen voor files, slechtere lucht en onbetrouwbare reistijden. En het wordt de komende jaren erger: grootschalig onderhoud aan wegen, tunnels en bruggen in en rond de regio duurt tot 2035. Openbaar vervoer is geen volwaardig alternatief, de frequenties zijn te laag en niet alle gemeenten zijn goed aangesloten. Als we niets doen, raakt de regio verder achterop: economisch, sociaal en qua leefkwaliteit. Juist daarom is investeren nu nodig: het is noodzakelijk om als regio In de Index Brede Welvaart 2024 zijn de Drechtsteden terug te vinden op de plekken 231 tot 335 van Nederland. 4 Zie ook het Pointer onderzoek (2025) naar luchtkwaliteit in Nederland 3
4
vooruit te komen en ervoor te zorgen dat alle gemeenten meeprofiteren van betere voorzieningen, meer kansen en een gezondere leefomgeving. Door gericht te werken aan de vijf gebiedsgerichte opgaven uit onze Ruimtelijke Strategie.
De koers: een Gezonde Maritieme Delta in 2050 In 2025 hebben de Drechtsteden samen de Ruimtelijke Strategie Gezonde Maritieme Delta 2050 opgesteld. Daarin spreken we uit hoe we onze sterke punten (de ligging aan het water, de maritieme sector, onze compacte steden en mooie dorpen) beter willen benutten om de brede welvaart in alle gemeenten te vergroten. Het is een koers voor iedereen die hier leeft, werkt, leert of onderneemt. De vijf gebiedsgerichte opgaven vormen de kern van die strategie. Het verbeteren van onze mobiliteit met een betrouwbare en schone Drechtstedenring. Het ontwikkelen van vitale spoorzones waar wonen en werken samenkomen. Het versterken van onze maritieme maakindustrie. Het ontwikkelen van ons groenblauwe landschap met het Landschapspark Albert Cuyp. En het bouwen van een duurzaam energiesysteem waarmee we beschikbare en betaalbare energie veiligstellen. Deze opgaven horen bij elkaar en versterken elkaar: zonder energie geen economie en woningen, zonder bereikbaarheid geen banen, zonder gezonde leefomgeving geen brede welvaart.
“Door nu samen te investeren, buigen we de negatieve spiraal om en versterken we de brede welvaart van onze inwoners en ondernemers. Met de RIA zetten we de stappen die onze regio vooruit helpen”
5
2. De Regionale Investeringsagenda: van strategie naar uitvoering De stap van opgave naar doorbraakprojecten De Ruimtelijke Strategie geeft richting tot 2050. De RIA maakt de stap naar uitvoering. Het is het instrument waarmee we de komende vijf jaar samen met partners gericht investeren in doorbraakprojecten die de brede welvaart in de Drechtsteden merkbaar verbeteren.
“Met de RIA doen we samen wat nodig is: doorbraakprojecten realiseren die onze regio merkbaar vooruit helpen”
De RIA is geen wensenlijst en geen beleidsnotitie. Het is een investeringsprogramma voor de komende vijf jaar met concrete projecten, concrete partners en zicht op beschikbare financiering. Met twee heldere doelen:
1. Investeren waar het verschil maakt. Doorbraakprojecten die inwoners, ondernemers en gemeenten direct merken: schonere lucht, ruimte op het energienet, betaalbare woningen, betere bereikbaarheid. 2. Laten zien dat we klaar zijn om uit te voeren. Eén regionaal pakket waarin projecten, verantwoordelijkheden én financiering op orde zijn: we maken duidelijk wat we zelf investeren en welke cofinanciering nog nodig is. Zo weten provincie, Rijk, Europa en private partners dat investeren in de Drechtsteden loont. De RIA werkt van groot naar klein, in drie stappen. De gebiedsgerichte opgaven uit de Ruimtelijke Strategie zijn het vertrekpunt: de grote vraagstukken richting 2050. Daarbinnen kiezen we doorbraakprojecten: gerichte samenhangende inspanningen waarmee we binnen vijf jaar zichtbaar verschil maken op die opgaven. Ze bundelen geld, kennis en partijen en overstijgen gemeentegrenzen. Die doorbraken voeren we uit via deelprojecten: concrete acties die tastbaar resultaat opleveren op straat-, wijk- of gebiedsniveau. Niveau
Betekenis
Opgave (strategisch)
Een grote, structurele regionale uitdaging die richting geeft tot 2050. De vijf gebiedsgerichte opgaven uit de Ruimtelijke Strategie vormen samen de lange termijn koers voor de regio. Bepaalt het strategisch kader waarbinnen doorbraakprojecten worden gekozen. De ‘hoe’ wordt ingevuld via doorbraakprojecten.
Doorbraakproject (tactisch)
Een samenhangende, gebied overstijgende inspanning die binnen vijf jaar een zichtbare doorbraak realiseert op één of meer strategische opgaven en aantoonbaar bijdraagt aan brede welvaart. Het bundelt energie, middelen en partijen en is gericht op concrete vooruitgang. Bestaat uit één of meerdere deelprojecten die elkaar versterken. Vormt de kern van de RIA-portefeuille.
Deelproject (operationeel)
Een concreet, afgebakend onderdeel van een doorbraakproject dat een tastbaar resultaat oplevert. Is helder afgebakend in scope, planning, budget en partnerschap. Het kan zelfstandig worden uitgevoerd, maar ontleent zijn
6
strategische betekenis aan de samenhang met het doorbraakproject waar het onder valt. Maakt het doorbraakproject tastbaar en toetsbaar voor bewoners, ondernemers en bestuurders.
De keuzes die we met de RIA maken De Ruimtelijke Strategie bevat méér dan we in vijf jaar kunnen realiseren. Dat is geen probleem, het is een strategie voor 25 jaar. Maar het betekent wel dat we nu scherp moeten kiezen. Waar zetten we de komende vijf jaar extra tijd, middelen en regionale uitvoeringskracht op in? Welke doorbraakprojecten helpen de regio het meest vooruit én zetten andere ontwikkelingen in beweging? Om daar antwoord op te geven zijn de afgelopen periode opgavesessies georganiseerd met alle gemeenten en partners. In die sessies is gezamenlijk in beeld gebracht welke doorbraakprojecten nodig zijn om de vijf opgaven vooruit te helpen, en welke (deel)projecten en initiatieven daaraan kunnen bijdragen. Dat leverde een rijke oogst op: tientallen ideeën, lopende projecten en nieuwe initiatieven vanuit de hele regio. Vervolgens zijn deze gewogen op vijf criteria: Criterium
Wat dit betekent
Bijdrage aan brede welvaart
Maakt het merkbaar verschil voor inwoners en ondernemers? Schonere lucht, meer groen, betaalbare woningen, kansengelijkheid, energiezekerheid, ruimte voor groei.
Regionale meerwaarde
Helpt het meerdere gemeenten tegelijk vooruit?
Onderbouwde aanpak
Is er een heldere redenering waarom dit werkt en hoe het resultaat wordt bereikt?
Financiële haalbaarheid en uitvoerbaarheid
Zijn middelen grotendeels in zicht en is helder waar nog benodigde middelen gehaald kunnen worden, is er een realistische planning en zijn verantwoordelijkheden helder?
Urgentie en maatschappelijk draagvlak
Pakt het een probleem aan dat nu al knelt en waar bestuurlijke wil en maatschappelijk draagvlak voor is?
Op basis van die eerste weging zijn we tot acht doorbraakprojecten gekomen: de inspanningen die de komende vijf jaar het meeste opleveren voor de regio. Ze zijn bewust zo gekozen dat ze niet alleen zelf resultaat leveren, maar ook andere doorbraakprojecten in beweging zetten. Hoe dat werkt, laten we zien in het vliegwielkader verderop. De komende maanden concretiseren we samen met partners en gemeenten de onderliggende deelprojecten, zodat helder wordt wat er precies gebeurt, wie wat doet, wat het kost en wat het oplevert.
Niet alles kan in één keer Sommige doorbraakprojecten, zoals de MerwedeLingelijn, reiken verder dan vijf jaar. Binnen elke doorbraak liggen meerdere deelprojecten die we gefaseerd oppakken. Sommigen starten nu, andere vragen meer tijd, omdat beleid moet worden aangepast, grondposities nog niet rond zijn of de uitvoering nog te ver weg is. Dat is geen reden om te wachten. Het gaat erom dat we per doorbraakproject de goede richting kiezen en daar
7
nu de eerste concrete stappen op zetten, en dat we stap voor stap toewerken naar het grotere geheel voor de regio. Wat we nog niet in deze eerste RIA kunnen opnemen, agenderen we als regio gezamenlijk bij provincie, Rijk of andere partners, zodat die onderdelen in de volgende actualisatie wél een plek krijgen. Wat de RIA oplevert Als inwoner wil je weten: wat merk ik hiervan? Het antwoord: schonere lucht in je wijk. Meer groen om de hoek. Een betaalbare woning voor je kind. Sneller naar je werk via het OV of de snelfietspaden, zonder in de file te hoeven staan. Zekerheid dat je energie beschikbaar en betaalbaar blijft. Een leefomgeving waar je gezond oud kunt worden. Als ondernemer wil je weten: kan ik weer vooruit? Het antwoord: ruimte op het energienet om uit te breiden. Betere bereikbaarheid voor je personeel en klanten. Een regio die aantrekkelijk is voor talent om te komen wonen en/of werken. Ruimte om te innoveren en te verduurzamen. Als raadslid wil je weten: wat levert dit mijn gemeente op? Het antwoord: investeren in de regio is investeren in uw eigen gemeente. Uw lokale projecten lopen gewoon door. Maar een aantal problemen waar uw inwoners dagelijks tegenaan lopen (volle wegen, slechte lucht, het tekort aan woningen, onzekerheid over energie) zijn te groot om als gemeente alleen op te lossen. Niet te groot voor de Drechtsteden samen.
Dat is precies waar de RIA over gaat: regionale doorbraakprojecten die zo zijn gekozen dat ze meerdere gemeenten tegelijk versterken, en daarmee de hele regio. De RIA is daarbij geen nieuw beleid dat over lokale programma's heen komt. Het is een verlengstuk ervan. De RIA bouwt namelijk voort op ambities die gemeenten al hebben: in woonvisies, klimaatplannen, mobiliteitsbeleid of economische agenda's. De RIA voegt toe wat gemeenten afzonderlijk niet kunnen organiseren: de regionale schaal, de gebundelde financiering en de slagkracht om projecten van de grond te krijgen die lokaal blijven steken. Zo helpt de RIA om lokale programma's, ook die van een nieuw college, sneller en concreter te realiseren. Wat regionaal wordt afgesproken en opgepakt, werkt door in wat lokaal mogelijk wordt.
Wat de RIA toevoegt aan de regionale samenwerking Als Drechtsteden werken we op veel terreinen samen. De RIA bouwt daarop voort en versterkt die samenwerking op vijf punten. 1. Focus. De RIA brengt scherpte aan. Acht doorbraakprojecten die de komende vijf jaar het meeste regionale meerwaarde leveren. Daar organiseren we ons als regio en gemeenten ook op: met bestuurlijk commitment, heldere verantwoordelijkheden en de uitvoeringskracht om door te pakken. Kiezen voor deze acht projecten betekent ook dat we daar onze schaarse capaciteit, middelen en regionale bestuurlijke aandacht op richten, en niet laten verwateren over tientallen losse initiatieven. 2. Realisatiekracht en aantrekkingskracht. De RIA is geen intentie maar een investeringsagenda. Concrete doorbraakprojecten, concrete bedragen, concrete afspraken over wie wat doet. Dat geeft ons als regio realisatiekracht: het vermogen om projecten daadwerkelijk van de grond te krijgen. Maar het werkt ook de andere kant op. Door één overtuigend regionaal verhaal neer te zetten, met onderbouwde projecten en heldere cofinanciering, laten we provincie, Rijk, Europa en private partners zien dat investeren in de Drechtsteden loont. 3. Samenhang en multipliereffect. De doorbraakprojecten zijn niet los van elkaar gekozen. Ze werken op drie manieren door de opgaven heen.
We versterken wat de regio sterk maakt: onze ligging aan het water, de maritieme maakindustrie en de strategische positie langs de Oude Lijn en MerwedeLingelijn. Door deze kwaliteiten
8
uit te bouwen ontstaat ruimte voor groei waarvan alle gemeenten profiteren. We verbinden losse onderdelen tot één regionaal systeem. Mobiliteit, energie, kennis en landschap sluiten beter op elkaar aan, zodat inwoners, ondernemers en voorzieningen elkaar makkelijker vinden. Dat vermindert versnippering en vergroot de ontwikkelkracht van de hele regio. En we vergroten de veerkracht. Energie, mobiliteit en water bewegen mee met groei en kunnen tegen een stootje. Daardoor lopen woningbouw, bedrijvigheid en bereikbaarheid minder snel vast en krijgen gemeenten meer zekerheid bij hun eigen plannen. Zo ontstaat geen verzameling losse projecten, maar een vliegwiel: de ene investering zet de volgende in beweging. Een beter energiesysteem maakt woningbouw mogelijk. Woningbouw, werkgelegenheid en voorzieningen rond stations versterkt het draagvlak voor OV. Beter OV vermindert de autodruk en verbetert de luchtkwaliteit. Dat levert resultaten op die geen enkele gemeente alleen kan bereiken. Voor provincie, Rijk en Europa betekent dit dat investeren in de Drechtsteden rendabeler wordt: één maatregel raakt meerdere doelen tegelijk. 4. Langjarig commitment. De opgaven waar we voor staan lossen zich niet op in één raadsperiode. Het versterken van de brede welvaart, het verduurzamen van ons energiesysteem, het gezonder maken van onze leefomgeving, dat vraagt om langjarige inzet met elkaar.
De RIA is daarom geen eenmalig plan, maar een levende agenda die we elke vijf jaar actualiseren. We denken groot, maar doen gericht: welke stappen kunnen we nú zetten die doorwerken richting 2035 en 2050? 5. Verbinder van agenda's. Onze regionale keuzes sluiten direct aan op wat landelijk en provinciaal speelt: meer betaalbare woningen, minder netcongestie, een toekomstbestendige energievoorziening, een andere manier van reizen en beter omgaan met extreem weer. De kracht van de RIA is dat we die agenda's slim combineren. Investeren in de spoorzones helpt niet alleen bij de woningbouw in de Zuidelijke Randstad en de nationale woningbouwopgave, maar ook bij de ambitie van het Groene Hart om het OV te verbeteren. Het Landschapspark Albert Cuyp sluit aan bij de provinciale inzet op groen én bij de behoefte van onze inwoners aan een gezondere leefomgeving. Zo voorkomen we dat projecten los van elkaar worden uitgevoerd en ontstaat één geheel waarin regionale keuzes lokale, provinciale, nationale en Europese agenda's tegelijk ondersteunen. Het vliegwiel van de RIA in actie Stel: we investeren versneld in een sterker energiesysteem in de regio: lokale energiehubs op bedrijventerreinen waar bedrijven stroom en opslag delen, energiecoöperaties die zon en wind in de wijk organiseren, groen gas uit reststromen voor de industrie en het zware vervoer, en warmtenetten waar dat logisch is. Een
9
robuuster energiesysteem haalt druk van het volle elektriciteitsnet en creëert daarmee tegelijk ruimte voor bedrijven om uit te breiden én voor tienduizenden nieuwe woningen op de plekken waar we ze willen bouwen. Meer woningen in combinatie met een mix van werkgelegenheid en voorzieningen rond stations betekent meer reizigers, en daarmee een sterkere basis voor betere verbindingen van treinen en bussen. Beter OV haalt auto's van de weg. Minder auto's betekent schonere lucht en stillere straten. En schonere lucht betekent gezondere kinderen, fittere ouderen en een regio waar mensen willen blijven. Of de snelfietspaden F15 en F16: die verbinden alle gemeenten, verminderen de druk op de snelwegen en maken het mogelijk om rond OV-knooppunten te bouwen met lagere parkeernormen. Hetzelfde zie je bij de oevers langs de Noord en de Merwede. Als we daar investeren in vergroening, levert dat niet één voordeel op maar drie tegelijk: extra waterberging bij hoog water, meer plekken om te wandelen, sporten en recreëren, én een aantrekkelijke leefomgeving voor bedrijven en hun werknemers. Of neem de Drechtstedenring: een betere OV-verbinding maakt het niet alleen makkelijker om naar je werk te komen, maar maakt het ook voor de Zuidelijke Randstad en het Rijk aantrekkelijker om de woningbouw langs de Oude Lijn te versnellen. Zo werkt het vliegwiel: elke doorbraak versterkt de volgende.
10
3. De doorbraakprojecten van de RIA De vijf opgaven hangen onlosmakelijk samen, en dat geldt ook voor de doorbraakprojecten die eruit voortkomen. De RIA koppelt bewust: niet alles met alles, maar juist daar waar het echt nodig is om verder te komen. De regio werkt zo niet alleen aan welvaart voor nu, maar ook aan de veerkracht en weerbaarheid die nodig is voor wat komen gaat: klimaatverandering, vergrijzing, geopolitieke onzekerheid en een economie die in transitie is. In dit hoofdstuk beschrijven we per opgave de huidige situatie, de gewenste situatie en de doorbraakprojecten waarmee we de komende vijf jaar concreet verschil maken.
De vijf opgaven uit de ruimtelijke strategie In de Ruimtelijke Strategie hebben we als regio vijf opgaven benoemd die samen de basis vormen voor een sterke en toekomstbestendige Drechtstedenregio. A. Robuust regionaal energiesysteem, een energievoorziening die duurzaam, betaalbaar en weerbaar is, zodat inwoners warmte kunnen betalen, bedrijven kunnen groeien, netcongestie structureel afneemt en de strategische autonomie toeneemt. B. Drechtstedenring van OV en hubs een betrouwbaar en schoon vervoersnetwerk dat files beperkt, alle gemeenten goed verbindt en gebieden rond knooppunten maximaal benut voor wonen, werken en voorzieningen. C. Regionaal Landschapspark Albert Cuyp een verbonden, klimaatbestendig groenblauw netwerk met aantrekkelijke rivieroevers en toegankelijk groen voor bewegen, ontspannen en gezond leven. Met aandacht voor hitte, wateroverlast, bodemdaling en de kwaliteit van de directe woonomgeving. D. Ontwikkeling van regionale spoorzones langs de Oude Lijn en de MerwedeLingelijn als ruggengraat voor woningbouw, bereikbaarheid en economische ontwikkeling. E. Regionale maritieme clusters, een kwaliteitsimpuls voor onze wereldklasse maakindustrie, met vrijgespeelde oeverlocaties, een sterk innovatie-ecosysteem en bijdragen aan de strategische autonomie van Nederland en Europa.
11
A. Opgave: Een robuust regionaal energiesysteem Energie raakt alles. Zonder een betrouwbaar energiesysteem geen nieuwe woningen, geen groeiende bedrijven, geen verduurzaming. De opgave voor een robuust regionaal energiesysteem is daarmee geen technisch vraagstuk alleen: het gaat over bestaanszekerheid, over de vraag of warmte en energie betaalbaar en beschikbaar blijven, of bedrijven kunnen blijven investeren en of we als regio klaar zijn voor een wereld waarin energie schaarser en duurder kan worden.
Huidige situatie Het elektriciteitsnet in de regio zit vol. Stedin heeft voor vrijwel de gehele regio netcongestie afgekondigd. Bedrijven met een nieuwe aanvraag voor een aansluiting op het elektriciteitsnet worden op een wachtlijst geplaatst. Woningbouwprojecten krijgen bij gebrek aan capaciteit ook geen aansluiting. Structurele netuitbreiding is pas voorzien tussen 2032 en 2035. Tegelijk is de warmtevoorziening voor tienduizenden huishoudens nog afhankelijk van gas, terwijl het alternatief (het warmtenet) te langzaam opschaalt. Van de beoogde 60.000 aansluitingen is nog slechts een deel gerealiseerd, mede omdat de kosten te hoog zijn voor een grootschalige uitrol.
Doorbraakprojecten Doorbraakproject 1: Versneld realiseren van een regionaal warmtenet met 60.000 aansluitingen5 Doorbraakproject 2: Ontwikkelen van bouwstenen voor decentraal energiesysteem (groen gas, netcongestieverzachting, gelijktijdigheid)
Gewenste situatie Een robuust decentraal energiesysteem waarbij duurzame energie voor iedereen beschikbaar en betaalbaar is. Netcongestie is structureel verminderd door lokale opwek, opslag en energiedeling via energyhubs bij bedrijventerreinen en woonkernen. 60.000 woningen zijn aangesloten op het warmtenet, waardoor de elektriciteitsvraag voor verwarming nu en in de toekomst daalt. In 2030 wekt de regio minimaal 0,37 TWh aan duurzame elektriciteit op. Zo geven we invulling aan de nationale klimaatdoelstelling, dragen we bij aan de bestaanszekerheid van inwoners en verstevigen we het vestigingsklimaat.
Gorinchem valt onder een andere energieregio en haakt daarmee niet aan op dit doorbraakproject. In Gorinchem wordt overigens ook gewerkt aan uitbreiding van het warmtenet. 5
12
Doorbraakproject 1: Versneld realiseren van een regionaal warmtenet met 60.000 aansluitingen Kern van het doorbraakproject De regio heeft nu ongeveer 14.000 warmtenetaansluitingen. Het systeem werkt goed, maar de opschaling naar 60.000 aansluitingen stokt. De belangrijkste reden: de aansluitkosten zijn te hoog voor een brede uitrol. Daardoor blijft de warmtevraag drukken op een elektriciteitsnet dat al tegen zijn grenzen loopt. De doorbraak bestaat uit het wegnemen van dit betaalbaarheidsprobleem. Als we de financiering op orde krijgen, kan de uitrol in vijf gemeenten versnellen en kunnen de lokale warmtenetten uiteindelijk aan elkaar worden gekoppeld tot één regionaal systeem. 6 Wat dit doorbraakproject oplevert •
•
• •
•
Minder druk op het net. Tienduizenden (nieuwe) woningen schakelen over op duurzame collectieve warmte in plaats van naar stroom. Dat haalt druk van het volle elektriciteitsnet en maakt ruimte voor groei. Ruimte voor woningbouw en bedrijven. Bedrijven kunnen uitbreiden en woningbouwprojecten kunnen worden aangesloten zonder te wachten op nieuwe netcapaciteit. Betaalbare warmte voor inwoners. Dat is bestaanszekerheid in de praktijk: minder onzekerheid over de energierekening, meer financiële ruimte voor gezinnen. Sleutel voor andere doorbraakprojecten. Nieuwe OV‑knooppunten kunnen worden aangesloten, spoorzones kunnen sneller verdichten en innovaties in energie en industrie worden eenvoudiger op te schalen. Meer verkracht en weerbaarheid voor de regio. Een gediversifieerd decentraal energiesysteem is beter bestand tegen prijsschokken, geopolitieke onzekerheid en extreme weersomstandigheden
Hoe en met wie we het aanpakken Met de RIA zetten we er met partners zoals HVC, Stedin, provincie Zuid-Holland en de woningcorporaties Rhiant, Tablis, Trivire, Woonbron, Poort 6 en Woonkracht10 op in, om tot structurele afspraken te komen die het betaalbaarheidsprobleem oplossen. Dit om hiermee de uitrol in de gemeenten Dordrecht, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht te versnellen. De warmtenetten worden op termijn met elkaar verbonden tot één aaneengesloten systeem, gevoed door lokale duurzame warmtebronnen. Bijdrage aan lokale, provinciale en nationale programma’s •
•
Lokaal: Het warmtenet draagt direct bij aan de gemeentelijke warmteprogramma’s en de lokale inzet op betaalbaar en duurzaam wonen. Het biedt inwoners en ondernemers lagere energielasten, ruimte voor lokale bouwplannen en een stap richting een duurzame regio. Provinciaal: Sluit aan bij de Zuid-Hollandse warmtestrategie en de provinciale inzet op vermindering van netcongestie.
Dit doorbraakproject hangt direct samen met doorbraakproject 2 (decentraal energiesysteem): samen zorgen ze ervoor dat het stroomnet structureel wordt ontlast. Het maakt ook de doorbraakprojecten rond spoorzones (6 en 7) mogelijk: zonder energiecapaciteit geen verdichting, en versterkt de aantrekkingskracht van de regio voor de maritieme maakindustrie (doorbraakproject 8). 6
13
•
Nationaal: Draagt bij aan de nationale klimaatdoelstellingen en het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie en het Nationaal Programma Versnelling Verduurzaming Gebouwde Omgeving. Levert een bewezen model voor regionale warmtenetuitrol dat elders in Nederland toepasbaar is. Vergroot de strategische autonomie van de regio en Nederland.
Doorbraakproject 2: Ontwikkelen van bouwstenen voor decentraal energiesysteem (waterstof, groen gas, netcongestieverzachting) Kern van het doorbraakproject Ook als het warmtenet op volle kracht draait, is de netcongestie niet opgelost. De vraag naar stroom groeit sneller dan het net kan meegroeien. Structurele uitbreiding is pas voorzien na 2032, en ook daarna dreigt het net opnieuw vol te lopen als we blijven denken in centraal aanbod. De doorbraak zit in een fundamenteel andere benadering: energie lokaal opwekken, opslaan en energiedeling, zodat de regio minder afhankelijk wordt van het landelijke net en verlichting van het net wordt gerealiseerd. Dat maakt onze energievoorziening niet alleen slimmer, maar ook weerbaarder. Lokale energiehubs en coöperaties geven bedrijven en bewoners meer grip op hun eigen energievoorziening. Waterstofproductie biedt de maritieme sector een toekomstbestendig alternatief. Groen gas en circulaire CO₂-afvang verbreden het palet en verkleinen de afhankelijkheid van één bron of technologie. 7 Wat dit doorbraakproject oplevert •
•
•
• •
Extra ruimte op het elektriciteitsnet. Energiehubs op bedrijventerreinen en in woonkernen vangen pieken lokaal op, waardoor woningbouw en bedrijfsuitbreiding niet (langer) vastlopen op wachtlijsten. Meer eigen regie voor ondernemers. Energiecoöperaties en gezamenlijke opwek geven bedrijven zekerheid en lagere kosten. Ze worden minder afhankelijk van energiebronnen die ze niet zelf in de hand hebben. Snellere verduurzaming en innovatie. Bedrijven en instellingen krijgen meer mogelijkheden om te elektrificeren, productieprocessen te vergroenen en innovaties op te schalen. Daarnaast levert het de maakindustrie schone brandstof en versterkt de concurrentiepositie van de regio. Stabielere uitvoering van andere opgaven. Mobiliteitshubs, spoorzones, maritieme innovatie en warmtenetten profiteren direct van meer netcapaciteit. Meer veerkracht en weerbaarheid voor de regio. Een gediversifieerd decentraal energiesysteem (warmte, stroom, waterstof, groen gas) is beter bestand tegen prijsschokken, geopolitieke onzekerheid en extreme weersomstandigheden
Hoe en met wie we het aanpakken Met de RIA investeren we samen met partners als gemeenten, Stedin, HVC, energiecoöperaties, maritieme bedrijven, MKB, provincie Zuid-Holland in drie samenhangende onderdelen die de regionale energievoorziening direct versterken:
Dit doorbraakproject werkt direct samen met doorbraakproject 1: waar het warmtenet de vraag naar stroom vermindert, zorgt het decentrale systeem ervoor dat het aanbod slimmer wordt verdeeld. Samen maken ze ruimte voor de spoorzones (doorbraakprojecten 6 en 7) en versterken ze het vestigingsklimaat voor de maritieme clusters (doorbraakproject 8). 7
14
a. Energiecoöperaties. Het oprichten van nieuwe energiecoöperaties op bedrijventerreinen en het bouwen van een regionaal bedrijfsbureau dat de bestaande twintig coöperaties ondersteunt en een gezamenlijke projectpijplijn opbouwt; b. Waterstof- en energiehubs. De H2 Smart Energy Hub in Sliedrecht combineert geothermie, zonne‑energie en elektrolyse tot een waterstofgericht ecosysteem voor MKB en maritieme sector. In de regio Gorinchem-Leerdam wordt ook een waterstofenergyhub ontwikkeld. In Hardinxveld-Giessendam wordt door de energiecoöperatie een energiehub ontwikkeld ter ondersteuning van bedrijventerrein ’t Oog met potentie om breder uit te rollen. c. Groengas en CO2-afvang. We onderzoeken productie van groengas en circulaire CO₂ afvang bij de rioolwaterzuivering in Dordrecht om de toekomstige decentrale energiemix te verbreden. Bijdrage aan lokale, provinciale en nationale programma’s •
• •
•
Lokaal: Geeft gemeenten concrete instrumenten om netcongestie aan te pakken in lokale gebiedsontwikkelingen. Ondersteunt gemeentelijke duurzaamheidsambities en biedt ondernemers op bedrijventerreinen in onze regio direct perspectief. Provinciaal: Sluit aan bij het Zuid-Hollandse programma voor netcongestieverzachting en de provinciale waterstofstrategie. Nationaal: Draagt bij aan het Nationaal Programma Energiesysteem en de waterstofbackbone. De H2 Smart Energy Hub kan als proeftuin dienen voor het nationale waterstofbeleid. Europees: Versterkt de strategische autonomie van de Europese maritieme sector door schone energievoorziening aan de bron.