20210603 VisieRuimtelijkeKwaliteit.pdf
Tekst van het document
Visie Ruimtelijk Kwaliteit
Gemaal en boezem Hardinxveld-Giessendam 1
Colofon Projectgegevens Opdrachtgever Waterschap Rivierenland Project A5H Verkenning Watersysteemmaatregelen Projectnummer 100534 (Waterschap), 18i178 (Infram) Opdrachtnemer Infram B.V. Documentinformatie Documenttitel Auteur(s)
Visie Ruimtelijke Kwaliteit gemaal en boezem Hardinxveld Matthijs Willemsen, Maaike Rimmelzwaan, Flore Bijker
Interne verificatie Infram Reviewer(s) Berthe Brouwer Getoetst aan Werkpakket 2.5.1 Voldoet Ja Omschrijving afwijking Noties tbv van concept naar definitief Zie paragraaf 6.8 Versiebeheer Versie Definitief 1.1 2
Datum 03-06-2021
Inhoudsopgave 1.
Inleiding 5 1.1 Aanleiding 5 1.2 Gekozen alternatief: Hardinxveld en de technische opgave 7 1.3 Waarom een visie Ruimtelijke Kwaliteit 9 1.4 Leeswijzer 9 2. Kenmerken van het landschap 11 2.1 Landschappelijke context 11 2.2 Geschiedenis Hardinxveld-Giessendam 13 2.3 Gebiedsbeschrijving en gebiedskenmerken 17 2.4 Conclusie landschappelijke kwaliteiten en opgaven 23 3. Autonome ontwikkelingen en wensen en ambities vanuit de omgeving 25 3.1 Inleiding 25 3.2 Trends en ontwikkelingen 25 3.3 Wensen, ambities (meekoppel)kansen 27 4. Intermezzo: onderzoek landschappelijke koersen 31 4.1 Waarom een ontwerpend onderzoek? 31 4.2 De vier landschappelijke koersen 31 4.3 Reflectie locatie van het nieuwe boezemgemaal 33 4.4 inzichten uit ontwerpend onderzoek 35 5. Visie 37 5.1 Inleiding 37 5.2 De vier pijlers van de visie 37 6. Bouwstenen voor ontwerp 38 6.1 Inleiding 38 6.2 Bouwstenen voor tracé, kunstwerken/kruisende structuren 38 6.3 Bouwstenen voor profielen 41 6.4 Bouwstenen voor kunstwerken/kruisende structuren 43 6.5 Bouwstenen locatiekeuze gemaal ‘kort’ en ‘lang’ en het poldergemaal 45 6.6 Bouwstenen voor natuuropgave/ duurzaamheid 49 6.7 Kaart ruimtelijke spelregels 50 6.8 Noties voor vervolg (dd 14 mei 2021) 51 3
Het watersysteem van de Alblasserwaard: Voormalig systeem (links): vrije afwatering, bebouwing op hogere delen Huidig systeem (linksonder): opdeling in twee gebieden, beide wateren af via boezemsysteem naar Kinderdijk Toekomstig systeem (rechtsonder): nieuwe indeling Overwaard en Nederwaard, toevoeging nieuw boezemgemaal
Huidige opgave • Het huidige boezemsysteem is moeilijk beheersbaar • Historisch gegroeide onlogische afwateringen • Verbeteren >100 km boezemkades Wateropgave, toekomst • Meer en zwaardere piekbuien • Hogere rivierwaterstanden • Langere periodes van droogte 4
Robuust watersysteem 2050: • Voorbereid op klimaatverandering • Betere waterafvoer bij piekbuien • Minder last van wind • Betere zoetwaterinlaat bij droogte • Vispassage • Vermindering kadeopgave
1. Inleiding 1.1 Aanleiding Het watersysteem zit aan zijn grenzen Het watersysteem van de Alblasserwaard is in de loop van ruim 650 jaar ontstaan. De Overwaard en de Nederwaard bestaan reeds sinds die tijd. De maatregelen die in de loop van de eeuwen zijn genomen om het gebied te ontwateren zijn ingenieus en hebben de tand des tijds doorstaan; ze staan aan de basis van het Unesco Werelderfgoed Kinderdijk-Elshout. Toch zit het watersysteem nu aan zijn grenzen. Het lukt niet meer om de peilen op het boezemstelsel met de twee boezemgemalen in Kinderdijk onder de extremere omstandigheden te beheersen, met name bij westenwind. Daardoor stroomt het water op sommige plaatsen soms (bijna) over de boezemkades heen. Mede daardoor zijn de regionale kades niet sterk en/of hoog genoeg over een lengte van tientallen kilometers, waardoor ze niet voldoen aan de veiligheidseisen.
Door klimaatverandering nemen deze problemen in de nabije toekomst verder toe. Door de toename van neerslag en piekbuien zijn de mogelijkheden om water vast te houden en te bergen in de polders samen met de afvoercapaciteit van de boezem en de boezemgemalen onvoldoende om het overtollig water af te voeren. Daarnaast neemt door toenemende droogte de watervraag in de zomer juist toe. Tegelijkertijd neemt de kans op het moeten inlaten van steeds zouter wordend water op de Lek bij Kinderdijk ook verder toe.
Nieuwe indeling van het watersysteem van de Alblasserwaard Het waterschap heeft in 2017 een historisch besluit genomen door het boezemwatersysteem in de Alblasserwaard anders in te gaan richten, als antwoord op de hierboven genoemde uitdagingen. Na zes eeuwen water aan- en afvoer via Kinderdijk is het tijd om een nieuw hoofdstuk aan de geschiedenis van het waterbeheer toe te voegen. In een integrale visie is door het Algemeen Bestuur Bij Elshout-Kinderdijk laat het waterschap in van Waterschap Rivierenland in september tijden van droogte water uit de Lek in de boezem 2017 een nieuwe indeling van dit watersysteem om zowel het boezempeil als de polderpeilen te handhaven. Door de lage rivierstanden in de zomer vastgesteld, waarbij het waterbeheer gesteld staat voor de toekomst. Aangeduid als “een nieuw begin en zeespiegelstijging, dringt het zoute zeewater verder de rivier op. Hierdoor wordt zilter water de voor een iconische polder” en een historische boezem ingelaten. Dit zilte water is niet goed voor wijziging in het huidige watersysteem van de Overwaard en de Nederwaard. de landbouw en natuur.
Door in het Achterwaterschap een ‘knip’ te leggen met de realisatie van een afsluitmiddel in het Achterwaterschap en een opening in de Middelkade, ontstaat een nieuwe indeling van het gebied. In de Overwaard neemt hierdoor de afvoerlengte aanzienlijk af, en het opstuwende effect van de westenwind wordt een stuk minder, waardoor de waterpeilen van de boezem beter beheersbaar zijn. De maximale waterstanden zijn dan lager dan in de huidige situatie, waardoor minder kades versterkt hoeven te worden. De Nederwaard wordt robuuster door de grotere omvang en krijgt een grotere bergings- en bemalingscapaciteit. Om het water uit de nieuwe Overwaard af te kunnen voeren is een nieuw boezemgemaal aan de noordzijde of zuidzijde nodig. Tevens zal hier een nieuwe inlaat gerealiseerd worden om water in tijden van droogte aan te voeren. Voor de locatie van het nieuwe boezemgemaal in de Overwaard zijn drie locaties onderzocht, die in de grote kaart op pagina 4 in rood zijn weergegeven: twee bij Groot-Ammers (gelegen in gemeente Molenwaard) en één bij Hardinxveld (gelegen in gemeente Hardinxveld-Giessendam).
5
Alternatief Lang
Alternatief Middel
Alternatief Kort
Tracé A
Tracé B
Tracé C
6
1.2 Gekozen alternatief: Hardinxveld en de technische opgave Op basis van een integrale afweging, mede middels een milieueffectrapportage, is gekozen voor een nieuw boezemgemaal aan de oostzijde van de kern Hardinxveld-Giessendam. Deze heeft een afvoercapaciteit van 1200 m3/minuut en is inclusief een nieuw te graven boezemkanaal tussen de Giessen de Beneden Merwede. Tevens wordt gebruik gemaakt van een deel van de bestaande gemaalcapaciteit bij Kinderdijk tot ca. 2035 (maximaal 350 m3/minuut). In dit alternatief is de capaciteit van het boezemgemaal 1200 m3/ minuut, omdat dit de maximale capaciteit van de Giessen is waardoor de afvoer naar het gemaal zal plaatsvinden. Uitbreiding van de Giessen is niet haalbaar doordat de kades en buitendijkse gebieden voor het overgrote deel zijn bebouwd. Alleen de bocht bij Giessen-Oudekerk zal verruimd moeten worden om 1200 m3/minuut door te kunnen laten. Boezemgemaal Dit alternatief omvat een boezemgemaal nabij het huidige Kolffgemaal. Het gemaalhuis wordt ontworpen met visvriendelijke pompen, bijbehorende instroomkokers om water in te laten, persleidingen inclusief uitlaatwerk om water naar de Beneden-Merwede uit te malen en bodembescherming bij de uitstroom van de Beneden-Merwede. Voor het gemaal zijn drie locaties in beeld: 1. Alternatief Lang: een boezemgemaal ten noorden van het Kanaal van Steenenhoek en
lange ondergrondse perskokers naar de Beneden-Merwede Het boezemgemaal wordt gebouwd ten noorden van het kanaal van Steenenhoek. De persleidingkokers gaan onder de KanaaldijkNoord door en kruisen de regionale kering van het Kanaal van Steenenhoek. Een deel van het Kanaal van Steenenhoek wordt afgedamd en gedempt zodanig dat de regionale kering naast de persleidingkoker komt te liggen. Naast de Schutsluis liggen de restanten van een waaiersluis. De persleidingkokers kunnen bij dit alternatief mogelijk door de nog ondergronds aanwezige kolk van de waaiersluis aangelegd worden. Voor zover deze in de weg ligt, dient deze kolk uit de bodem verwijderd te worden. De uitstroomopening wordt ten zuiden van de Rivierdijk aan de BenedenMerwede gerealiseerd. Bij dit alternatief is geen vispassage opgenomen vanwege een te lange ondergrondse vispassage, vismigratie kan dan worden bevorderd tussen een nieuwe verbinding elders in het gebied. 2. Alternatief Middel met een gemaal ten noordwesten van woning Rivierdijk 519, met kortere perskokers naar de Beneden-Merwede Het boezemgemaal wordt gebouwd ten noordwesHet boezemgemaal wordt gebouwd ten noordwesten van het Kanaal van Steenenhoek. De locatie is in zuidwestelijke richting verschoven ten opzichte van alternatief Lang. Hierdoor ligt de persleidingkoker in de grond en is geen demping van een deel van het Kanaal van Steenenhoek nodig.
De persleidingkoker wordt met twee flauwe bochten om de woning aan Rivierdijk 519 gelegd.
Resten van de oude waaiersluis liggen niet in lijn met de persleidingkokers en zullen tenminste deels verwijderd moeten worden. De uitstroomopening wordt ten zuiden van de Rivierdijk aan de Beneden-Merwede gerealiseerd. Bij dit alternatief is geen vispassage opgenomen vanwege een te lange ondergrondse vispassage, vismigratie kan dan worden bevorderd tussen een nieuwe verbinding elders in het gebied. 3. Alternatief Kort met een gemaal naast de schutsluis naast het Kolffgemaal Het nieuwe boezemgemaal wordt gesitueerd naast deze Schutsluis Kolffgemaal en vóór de Rivierdijk. Het gemaal is gesitueerd voor de oude waaiersluiskolk waarbij de persleidingkokers door de nog ondergronds aanwezige kolk van de waaiersluis worden aangelegd. Indien onderdelen van de sluiskolk in de weg liggen, dienen deze verwijderd te worden. De boezem wordt doorgetrokken tot het gemaal, waarbij de weg op de Kanaaldijk-Noord middels een brug de boezem kruist. De nieuwe boezem en het Kanaal van Steenenhoek worden gescheiden door een kerende constructie (bijvoorbeeld een kistdam). Middels persleidingkokers wordt het water onder de dijk afgevoerd en stroomt uit in de Beneden- Merwede. De uitstroomopening wordt ten zuiden van de Rivierdijk aan de Merwede gerealiseerd. De vispassage is door middel van een vissluis op locatie opgenomen direct naast de persleidingkokers.
Boezemkanaal Een nieuw boezemkanaal wordt aangelegd vanaf de Giessen naar het nieuwe gemaal. In eerdere 7
Boezem en gemaal
Ruimtelijke kwaliteit + duurzaamheid Wensen/ ambities omgeving
Gebiedskwaliteiten en - opgaven
Visualisatie uit de Watervisie 2050 van Waterschap Rivierenland 8
fases zijn verschillende tracés in het gebied tussen Giessen en Kanaal van Steenenhoek integraal beschouwd (zie afweging notitie Reikwijdte en detailniveau, 2020). Dit heeft uiteindelijk tot een zoekgebied geleid voor het nieuwe boezemkanaal, met tracés vanaf de Giessen die de Parallelweg óf tussen woningen 122-123 óf tussen woningen 133-136 passeren. Vandaaruit is een zoekgebied voor de tracés tussen de Parallelweg en de A15 ontstaan die in meer of mindere mate het NNNgebied raken of omzeilen. Tussen het Kanaal van Steenenhoek en de A15 is de locatie van het tracé mede afhankelijk van de locatie van de sifon waarmee de A15 wordt gekruist. De boezem heeft een waterbreedte van ca. 50 meter bij groene kades en kan op locaties met beperkte ruimte door middel van damwandconstructies over korte afstanden worden teruggebracht tot ca. 30 meter waterbreedte. Over langere lengtes levert zo’n versmalling te veel opstuwing op. Voor de kruisende infrastructuur zijn bruggen nodig bij de Achterdijk-oost, de Parallelweg en het spoor; en afhankelijk van de keuze voor de locatie van het gemaal bij de Kanaaldijk Noord. Voor de A15 is vanwege de lage ligging ten opzichte van het maaiveld een sifon nodig om het nieuwe boezemkanaal de A15 te laten kruisen. Polderwatersysteem Tot slot zijn aanpassingen aan het Polderwatersysteem nodig omdat het nieuwe boezemkanaal de huidige polder doorsnijdt.
Voor het poldergebied westelijk van de boezem zijn daarom een nieuw poldergemaal en aanpassingen
en nieuwe watergangen nodig om de polder te bemalen en om water in te laten.
1.3 Waarom een visie Ruimtelijke Kwaliteit Een nieuw boezemkanaal en -gemaal heeft grote impact op het huidige landschap aan de rand van de Alblasserwaard en heeft uitstraling op het grote iconisch landschap van de Alblasserwaard. Een van de centrale vragen daarbij is: wat is de huidige identiteit, en hoe ontwikkelt deze zich met de aanleg van boezem en gemaal? Dit vraagt een integrale aanpak waarbij we op zoek gaan naar synergie tussen techniek, omgeving en gebiedskwaliteiten. Het opstellen van een visie Ruimtelijke Kwaliteit draagt hieraan bij door de waterstaatkundige blik expliciet te verbreden naar een integrale blik. Dit is ook passend bij de gewenste werkwijze van waterschap Rivierenland: proactief en omgevingsgericht, zoals verwoord in de Watervisie 2050 van het waterschap. Met een Visie Ruimtelijke Kwaliteit voor het projectgebied zet het waterschap in op inpassing van de maatregelen in de omgeving. Hierbij wordt rekening gehouden met zowel reeds in beleid genoemde doelstellingen als mogelijke toekomstige ontwikkelingen van medeoverheden. De gemeenteraad stelt deze visie vast vanuit haar rol in het ruimtelijk domein in de aanloop naar een nieuwe Omgevingsvisie. Op de relevante aspecten uit deze visie kan in de Omgevingsvisie worden voortgebouwd.
1.4 Leeswijzer Eerst worden de kenmerken, kwaliteiten en opgaven van het landschap in beeld gebracht in hoofdstuk 2. De realisatie van een nieuwe boezemkanaal en -gemaal is een grote ingreep in het gebied en biedt kansen om in te spelen op wensen, ambities en (meekoppel)kansen van de omgeving. Hiermee kan rekening worden gehouden in het ontwerp en de inpassing ervan, maar ook kunnen bijvoorbeeld aanvullende opgaven gelijktijdig worden uitgevoerd. Daarnaast wordt de ruimtelijke kwaliteit ook in de context van ander ruimtelijk beleid geduid. Deze aspecten zijn uiteengezet in hoofdstuk 3. Aan de hand van ontwerpend onderzoek is in hoofdstuk 4 een intermezzo te vinden waarin de opgave beschouwd wordt door deze vanuit vier landschappelijke koersen te schetsen. Het is hierbij niet de bedoeling om een keuze te maken voor een bepaalde koers, maar om mogelijke ontwikkelrichtingen en bijbehorende ruimtelijke uitgangspunten en bouwstenen te onderzoeken. Het ontwerpend onderzoek is daarmee een middel om de visie ruimtelijke kwaliteit en bouwstenen voor de uitwerking van de boezem en het gemaal te bepalen; deze zijn in hoofdstuk 5 (de visie) en hoofdstuk 6 (bouwstenen) beschreven. De visie en bouwstenen zijn het vertrekpunt voor de uitwerking van ontwerpen van het gemaal en het boezemkanaal in hun ruimtelijke context.
Ze zijn samengevat in een conclusie kaartbeeld met spelregels en dwangpunten aan het einde van dit document. In bijlage 1 is een uitgebreide beschouwing van de gebiedskenmerken terug te vinden en in bijlage 2 zijn de beeldende schetsen uit het ontwerpend onderzoek in te zien. 9
Het gebied is onderdeel van het grotere veenweidegebied van de Alblasserwaard (Gebiedsprofiel, PZH)
Langs belangrijke lijnen (rivieren, dijken, boezemkades) is lintbebouwing ontstaan. Er zijn verschillende soorten linten – veenlinten (groen) zoals langs de Giessen, dijklinten (bruin) langs de grote rivieren en de Linge, en ruilverkavelingslinten (paars) (Gebiedsprofiel, PZH)
Langs de Beneden Merwede is een stedenband ontstaan, in combinatie met een bundeling van infrastructuur (Gebiedsprofiel, PZH)
Ter hoogte van het plangebied is een onderbreking in de stedenband, een ‘groene long’ en een snelwegpanorama (Gebiedsprofiel, PZH)
10
2. Kenmerken van het landschap 2.1 Landschappelijke context Aan de rand van de Alblasserwaard De Alblasserwaard is een streek van ongeveer 25.000 hectaren groot, gelegen in het zuidoosten van de provincie Zuid-Holland. Het gebied wordt begrensd door rivier de Lek in het noorden, de Noord in het westen en de Merwede in het zuiden. Het is een uitgestrekt veenweidegebied, dat tussen 1 en 1,5 m onder zeeniveau ligt. De Alblasserwaard is overwegend dunbevolkt en de bebouwing kenmerkt zich door historische bebouwingslinten, zoals veenlinten, dijklinten en ruilverkavelingslinten. De dichte bebouwing van de Drechtsteden ligt in het zuiden en westen van het gebied, voornamelijk tussen en langs water, snelweg en spoor. Het voornaamste landgebruik is landbouw, veehouderij. Daarnaast is het een belangrijk gebied voor recreatie (onder andere fietsen, wandelen, varen, vissen, schaatsen) en zijn er in bepaalde stukken, voornamelijk langs de Giessen, volkstuintjes en private percelen voor paarden, bos of ander gebruik.
De Alblasserwaard werd in de Middeleeuwen ontgonnen, hierdoor zijn systematisch ontgonnen kamers en het huidige kavelpatroon ontstaan. In de honderden jaren erna is een afvoersysteem ontstaan met de boezems van de huidige Nederwaard en de Overwaard. Het water wordt vanuit de polders op een lage en vervolgens hoge boezem (of maalkom) afgevoerd, waarna het onder vrij verval of met pompen wordt uitgemalen op de Lek bij Kinderdijk. Het water wordt door middel van afwateringssloten (weteringen), vlieten en boezemkanalen trapsgewijs afgevoerd. De historische ontwikkeling van het watersysteem heeft uiteindelijk geresulteerd in de huidige indeling van de Nederwaard en Overwaard. Kinderdijk is het enige afvoerpunt. De ondergrond in het gebied is voornamelijk veen en rivierklei. Door de bemaling van de polders vindt oxidatie van het aanwezige veen en bodeminklinking plaats.
Onderdeel van een stedenband tussen water, weg en spoor De rivier heeft de basis gelegd voor het ontstaan van de stedenband. Langs de rivier zijn verschillende steden ontstaan en er heeft zich op het water georiënteerde bedrijvigheid gevestigd. In de loop der jaren zijn de losse steden uitgegroeid tot een bijna aaneengesloten stedelijk gebied. Door de scheepswerven met bijbehorende industrie heeft het gebied een stoer en dynamisch karakter. Aan de noordzijde vormen de A15, het spoor en de Betuwelijn een vrij harde en ruimtelijk ook scherpe grens, met name in het westelijke deel. Het contact vanuit de steden met het aangrenzende veenweidegebied is beperkt tot een aantal routes. De laatste jaren is het binnen de stedenband woekeren geweest met de beschikbare ruimte. Hierdoor staan de groene tussenruimten onder druk.
11
1920
1940
1980 12
2020
2.2 Geschiedenis HardinxveldGiessendam Het projectgebied ligt ten oosten van de kern Hardinxveld-Giessendam. Hardinxveld is in de 11e eeuw ontstaan waar de veenrivier de Giessen in de Merwede uitmondt. Giessendam is een jongere nederzetting ontstaan bij de dam in de Giessen. In de 20e eeuw zijn beide dorpen samengevoegd. Na de bedijking in 1277 werd het land voornamelijk voor veeteelt en griendteelt gebruikt – passend bij de natte omstandigheden. De ontginning en ontwatering van het projectgebied start vanaf de Giessen in het noorden en de Merwededijk in het zuiden en heeft geleid tot de nog steeds herkenbare langgerekte noord-zuid verkaveling. Op de kaart uit 1920 is goed te zien hoe wijdverspreid de griendteelt rond die tijd is geweest. Er zijn ook nu nog enkele grienden te vinden in het projectgebied. Op de kaart is ook het kanaal van Steenenhoek te zien. Dit kanaal werd in het begin van de 18e eeuw gegraven voor de afwatering van de Linge. Door de monding van de Linge van Gorinchem naar de Merwede te verplaatsen zou er minder wateroverlast optreden; bij de Merwede was het rivierpeil lager en hierdoor zou natuurlijke afwatering langer plaats kunnen vinden. Op de kaart van 1920 zijn ook de spoorweg en de Parallelweg te zien,
inclusief een stationnetje op de plek van het huidige bedrijventerrein tussen het spoor en de Giessen (zie foto naast de kaart). De langgerekte verkaveling is goed zichtbaar, inclusief de Middenwetering, nu opgenomen in de bebouwing van Hardinxveld-Giessendam, en de Molentocht. Op de kaart uit ca. 1940 zien we twee verbindingswegen van noord naar zuid, tussen de Parallelweg en de Merwededijk. Een deel van de grienden maakt plaats voor grasland. Deze ontwikkeling zet zich verder voort: op de kaart uit ca. 1980 zijn nog maar een paar grienden over. Op deze kaart verschijnt ook de A15 als nieuwe lijn in het landschap. De kwadranten gevormd door de nieuwe verbindingswegen worden geleidelijk gevuld met bebouwing (woonwijken en bedrijventerreinen), waarbij de oorspronkelijke lintbebouwing wordt opgenomen in het stedelijk weefsel van Hardinxveld-Giessendam. De Sluisweg vormt nu de rand van de bebouwing. Op de laatste kaart, de huidige situatie, is goed te zien dat het gebied tussen Giessendam-Hardinxveld, de Giessen en het kanaal nog open is gebleven, en daarmee één van de laatste ‘open ruimtes’ is tussen de Merwede en de Alblasserwaard.
Kaart met inundatiegebied Oude Hollandse Waterlinie
13
Historie omgeving gemaal Steenenhoek Sluis
Gegraven 1815 spuisluis griendenlandschap
14
Steenenhoek Sluis
Schutsluis & Stoomgemaal
1863 Stoomgemaal griendenlandschap kleinschalige linten
Steenenhoeksche schutsluis – Motorgemaal
1940/45 Kolffgemaal rijksweg woningbouw scheepsbouw
Schutsluis & Kolffgemaal
Ca. 2020 corridor A15 Betuwelijn grootschalige werven versnippering woningbouw
Waterstaatsobjecten bij Kanaal van Steenenhoek De uitwatering van het Kanaal van Steenenhoek kwam bij het punt dat Steenenhoek werd genoemd. Hier werd in 1815 een uitwateringssluis gebouwd met daarachter een waaiersluis (die tegen de waterdruk geopend kan worden). Resten van de waaiersluis zijn nog in de grond te vinden. Omdat de natuurlijke afwatering soms niet functioneerde zoals men had verwacht werd in 1863 een markant stoomgemaal gebouwd, met drie schepradaren aan elke zijde en een schutsluis voor de scheepsvaart. In 1945 werd deze vervangen door het indrukwekkend aan de dijk tussen de dijklintbebouwing gelegen Kolffgemaal. Naast het Kolffgemaal kwam een schutsluis. Zowel het voormalige stoomgemaal als het Kolffgemaal zijn aangeduid als gemeentelijk monument. Ook de voormalige brugwachterswoning naast de schutsluis heeft de status gemeentelijke monument.
De historische waaiersluis
15
Giessen
Natuurgebied
A15 Kleinschalig agrarisch gebied
HardinxveldGiessendam
tee
an S al v
a Kan
Oude gemaal Sluis Brugwachterswoning
Kolffgemaal
Rivierdijk
16
Beneden-Merwede
ek
ho nen
2.3 Gebiedsbeschrijving en gebiedskenmerken De luchtfoto op de linkerpagina geeft een goed overzicht van het plangebied, dat aan de noordzijde wordt begrensd door de Giessen, aan de zuidzijde door de Beneden-Merwede, aan de westzijde door de bebouwing van HardinxveldGiessendam en aan de oostzijde door het Kanaal van Steenenhoek. Het gebied kan grofweg in drie delen opgedeeld worden: zuidelijk deel ten zuiden van de A15, het middengedeelte tussen de A15 en de Parallelweg, en het gebied tussen de Parallelweg en de Giessen – zie ook de luchtfoto op deze pagina. Hieronder wordt het gebied aan de hand van de drie deelgebieden beschreven. Giessen en de Giessenzoom De Giessen is een natuurlijke veenstroom, met bebouwde kades met een meanderend verloop. De kades liggen daardoor op wisselende afstand van het boezemwater. Tussen het boezemwater en de kade liggen boezemlandjes. Veel van deze boezemlandjes zijn geprivatiseerd en er staan (recreatie)woningen, tuinhuisjes en worden gebruikt als volkstuinen Er is ook een gedeelte langs de Giessen publiek toegankelijk, natuurvriendelijk ingericht door waterschap en gemeente. Het oorspronkelijke groene karakter van dit gebied, met grienden, elzensingels, boomgaarden en knotwilgen, is de afgelopen decennia behoorlijk veranderd. Met name als gevolg van de aanleg van de spoorlijn in de 19e eeuw is de Giessenzoom geïsoleerd geraakt.
Omdat een groot gedeelte van het gebied erg nat en moeilijk bereikbaar was (het gebied is
extensief ontsloten voor autoverkeer), zijn deze gronden later omgevormd van landbouw tot volkstuinen. Sloten werden gedempt, met name in de vooroeverzone, en elke eigenaar richtte zijn stukje grond in naar de eigen wens. Er kwam een ontwikkeling op gang van het bouwen van tuinhuisjes die zich langzaam transformeerde tot permanente bebouwing. Daarmee zijn op de boezemlandjes aan de zuidzijde nu verblijfsrecreatiewoningen te vinden of ze worden gebruikt als (volks)tuin. Dit heeft met name een -private- kleinschalige groene kwaliteit. Op de kade loopt een pelgrimspad (wandelroute) met beperkte doorzichten op de Giessen als gevolg van het private gebruik van de boezemlandjes. Aan de andere kant van de kade is een open gebied, aan de zuidzijde begrensd door de Parallelweg en het spoor. Dit is een kleinschalig, open gebied met via de Neerpolderseweg een zichtrelatie naar het grotere poldergebied van de Alblasserwaard. Dit
gebied, met wat losse opgaande beplanting, is niet toegankelijk maar is wel goed beleefbaar vanaf de kade en de Neerpolderseweg. Het middengebied De Parallelweg ligt direct ten zuiden van de spoorlijn. Aan de zuidzijde van de weg is een lint van diverse -vrijstaande- woningen. De Parallelweg is een karakteristiek, beeldbepalend lint in de gemeente. Bepalend voor de ruimtelijke kwaliteit van het lint is een bepaalde maximale ‘’korrelgrootte’’ van de bebouwing, en een typisch profiel met een beperkte bandbreedte in de positie van de bebouwing ten opzichte van de weg. Ook een bepaalde mate van transparantie van het lint draag bij aan de ruimtelijke kwaliteit, waarbij doorzichten tussen bestaande bebouwing en bij bepaalde onbebouwde kavels het achterliggende landschap beleefbaar maken. Aan de westzijde van het middengebied zijn aan de rand van Hardinxveld een dicht woningbouwlint en diverse
Giessen Giessenzoom eg w l e l ral Pa
Kleinschalig agrarisch gebied
17
18
sportvelden langs de Sluisweg te vinden en een volkstuinencomplex aan de Parallelweg. Dit is een veelvoorkomende inrichting van een stadsrandzone.
met van oudsher veel scheepvaartindustrie. Het gaat om de volgende individuele gebouwen (incl. duiding van de waarde cf. de gemeentelijke monumentenstatus):
Tussen de infrastructuurbundels is echter nog kleinschalig agrarisch gebied te vinden dat landschappelijke kwaliteiten kent door de slotenstructuur en beplanting. Ook het natuurgebied met oude grienden (NNN: NatuurNetwerkNederland – provinciaal beleid) is een lokale landschappelijke waarde; ook vanuit de historische context waarbij dit gebied lange tijd grienden en bossen kende. Het gaat o.a. om het beheertype Wilgengriend: dit zijn knotwilgen in combinatie met een ruige onderbegroeiing. Het middengebied is beperkt ontsloten.
•
De A15 ligt hierbij autonoom in het landschap en biedt een mooi snelwegpanorama. Vanaf de Parallelweg is de A15 grotendeels vrij ver weg. Ten oosten van het plangebied vormt de A15 samen met de Betuwelijn een autonome lijn door het landschap. Het zuidelijke gebied en het gemaal ensemble De verhoogde ligging van het Kanaal van Steenenhoek vormt een duidelijk lijn door het gebied en een ruimtelijke en fysieke begrenzing. Op het kanaal is sprake van waterrecreatie met een aantal ligplaatsen op afstand van het Kolffgemaal. Aan het einde van het kanaal van Steenenhoek en nabij de Beneden-Merwede ligt het ensemble van het oude gemaal, de schutsluis, het Kolffgemaal en de brugwachterswoning. Deze liggen markant gesitueerd in een omgeving
•
•
Mr. Dr. Kolff-gemaal- Kanaaldijk Zuid 1. Van belang vanwege de functie en de daarmee samenhangende herkenbare typologie en vormgeving in Functionalistische trant. Gaaf in hoofdvorm, materiaalgebruik en detaillering. Zeer beeldbepalend gesitueerd langs de Rivierdijk. Hoge ensemblewaarde in relatie met het achtergelegen gemaal uit 1863. Stoomgemaal/ Woonhuis – Kanaaldijk Zuid 5 Van belang vanwege oorspronkelijk functie en de daarmee samenhangende typologie en de vormgeving in de ‘rondbogenstijl’, kenmerkend voor de bouwperiode. Afgezien van enkele moderniseringen in verband met nieuwe functie in hoofdvorm, materiaalgebruik en detaillering redelijk gaaf en goed herkenbaar. Zeer beeldbepalend gesitueerd in het Kanaal van Steenenhoek, in de nabijheid van het moderne Kolffgemaal. Brugwachterswoning/ woonhuis – Rivierdijk 519. Voormalige brugwachterswoning bij een reeds verdwenen brug over het Kanaal van Steenenhoek. Voor dergelijke dienstwoningen kenmerkende typologie. Gave hoofdvorm en voordeur, de kozijnen en het dak zijn vernieuwd. Ontsierende platen onder strekken boven de vensters. Beeldbepalende situering langs de Rivierdijk, mede vanwege het materiaalgebruik en de bomen op het erf.
Deze gebouwen vormen aan de kop van het kanaal van Steenenhoek een waardevol ‘waterstaatsensemble’: het waterprofiel van het kanaal en aan de zijde van de Merwede, het stoomgemaal, de brugwachterswoningen en de open ruimte eromheen, bestaande uit een groen erf. Ondergronds zijn nog resten van de oude sluis te vinden. De gebouwen vormen een set van drie generaties aan waterstaatsarchitectuur (waaiersluis, stoomgemaal, Kolffgemaal), met ieder een eigen architectuur. Het kanaal speelt hierbij en centrale rol, zijnde een autonome, historische lijn in het landschap die via de gemalen en de Merwededijk een relatie aangaat met de BenedenMerwede. Een kenmerk van het ensemble zijn de individuele gebouwen en hoe deze ten opzichte van elkaar en ten opzichte van het kanaal en de Merwede dijk gepositioneerd zijn. Waar het oude stoomgemaal min of meer in het midden van het kanaal ligt, omgeven door water, is het Kolffgemaal asymmetrisch geplaatst op de kop van het kanaal. Vanaf de dijk, Kanaaldijk Noord en, in iets mindere mate, Kanaaldijk Zuid is het ensemble inclusief het erf goed beleefbaar. Er zijn interessante en afwisselende doorkijkjes. Vanaf de dijk, de kades en het fietspad is er zicht op het achterliggende open landschap.
Het contrast is goed beleefbaar tussen enerzijds de groene informele binnendijkse wereld en het kleinschalige dijklint en anderzijds de grootschalige scheepsindustrie; dit geeft de plek een bijzondere waarde. De tuinen langs de dijk zijn naar achteren naar het open landschap gericht. 19
De Giessen – een historische veenstroom – herkenbaar en (deels) beleefbaar als landschapsvormend element
Kleinschalige recreatie langs de Giessen met tuinhuisjes
De Achterdijk, tevens het Pelgrimspad
Kleinschalige openheid tussen de Giessen en het spoor, met gave landschapselementen
De regionale spoorlijn, langs de parallelweg
Wonen langs historische linten: Parallelweg
De parallelweg 20
Weids wonen aan de parallelweg; vanaf de weg af en toe mooie doorkijkjes
Privé weg de Griendenkavels in
Dorpsrand als ‘achterkant’ van HardinxveldGiessendam, en op voorgrond deel van het gemaal ensemble
Molensloot en grienden, overblijfsel van historisch cultuurlandschap
Langgerekte noord-zuid verkaveling, doorsneden door infrastructuur
Doorsneden landschap: A15
Zicht vanaf kanaaldijk Noord naar dorpsrand
De Merwede - contrast met binnendijkse landschap – grootschalig, dynamisch & diverse bedrijvigheid langs de dijk
Het Kolffgemaal
Het oude stoomgemaal
Het groene erf van de sluiswachterwoning en doorkijk naar open achterland
21
Giessen beperkt beleefbaar
Open, grootschalig
Open, grootschalig Besloten
doorsnijdende infrastructuur
Achterkant kern Open, randen dominant
ensemble gemaal 22
2.4 Conclusie landschappelijke kwaliteiten en opgaven Op de kaart zijn de landschappelijke kwaliteiten en opgaven uit het voorgaande hoofdstuk op hoofdlijnen samengevat, waarbij in wit de kwaliteiten en in oranje de belangrijkste opgaven zijn genoteerd.
De Giessenrand zelf is een waterrijke recreatierand met afwisselend enkele openbare verblijfsplekken, verblijfsrecreatie en dagrecreatie. Opgave is de kwaliteit van landelijke openheid te bewaren en indien mogelijk de relatie met de Giessen te versterken.
Van noord naar zuid gezien wordt de invloed van infrastructuur en dorpsrand op de landschappelijke kwaliteiten van het gebied steeds dominanter. De Giessen is een waardevolle landschappelijke structuur, met ruimte voor recreatie en bewoning. Voor recreanten is de rivier echter beperkt beleefbaar – er ligt een kans om dit te versterken. Het gebied tussen spoor en Giessen is open en kleinschalig en heeft een rustige landelijke sfeer. Dit is beleefbaar vanaf de kade en de Neerpolderseweg. Het gebied wordt begrensd door het Pelgrimspad en er is aan de noordoostkant een zichtrelatie met het open en grootschalige landschap van de Alblasserwaard. De Giessen is vanuit het gebied beperkt beleefbaar.
Het ’middengebied’, tussen de Parallelweg en de A15, heeft in het hart het besloten gedeelte van het NNN-gebied met de kenmerkende grienden. De karakteristieken van het lint van de Parallelweg zijn waardevol, zoals de doorzichten door de openingen tussen de woningen en kavels. Aan de oostkant is een open grootschalig gebied met vergezichten over de A15 heen richting de Rivierdijk. Ook aan de westkant van de grienden ligt een open gedeelte. Hier is de dorpsrand van Hardinxveld dominant, met volkstuinen en sportvelden. Het middengebied is nauwelijks toegankelijk. Opgave voor dit deel is het behouden of compenseren van de ecologische kwaliteiten en
het verzachten van de dorpsrand. Eventueel kan het gebied ontsloten worden voor (extensieve) recreatie. Het zuidelijk gebied bestaat uit een kleinschalige open ruimte, duidelijk fysiek begrensd door de stadsrand, de A15, het kanaal en de Rivierdijk. Er is een zichtrelatie over de A15 heen naar het open middengebied. De open ruimte in dit zuidelijke gebied vormt de achtertuin van de dorpsrand langs de Sluisweg en de bebouwing langs de Rivierdijk. Het is beperkt toegankelijk. Een ‘dorps ommetje’ zou hier een kans kunnen zijn. De snelweg en de dorpsrand zijn dominant. Het ensemble van Kolffgemaal, stoomgemaal en beheerderswoning zijn een bijzondere plek in dit deelgebied. Opgave voor dit gebied is de dominantie van de randen te verminderen en de kwaliteiten van het ensemble rond het Kollfgemaal te behouden of te versterken.
23
Bodemdaling Klimaatverandering
MIRT verkenning A15 Papendrecht - gorichem
beperkt ruimte voor toevoegen woonpercelen
Omgevingsvisie gemeente Hardinxveld-Giessendam Zoeklocatie voor zonne-energie langs de A15 vanuit de Regionale Energiestrategie Drechtsteden
24
3. Autonome ontwikkelingen en wensen en ambities vanuit de omgeving 3.1 Inleiding
•
De realisatie van een nieuw boezemkanaal en -gemaal is een grote ingreep in het gebied en biedt kansen om in te spelen op wensen, ambities en (meekoppel)kansen van de omgeving. Hiermee kan rekening worden gehouden in het ontwerp en de inpassing van kanaal en gemaal, maar ook door aanvullende opgaven gelijktijdig te realiseren met het project. Ook worden het nieuwe gemaal en kanaal beschouwd in relatie tot autonome ontwikkelingen. Hieronder worden deze aspecten kort geschetst.
3.2 Trends en ontwikkelingen
In dit gebied en dit deel van Nederland zijn een aantal relevante autonome ontwikkelingen te benoemen: • Bodemdaling: er is sprake van bodemdaling. Hierdoor zakken ook de kades in de komende jaren. Vanuit het klimaatakkoord uit het gebied is in 2020 gestart met het opstellen van een veenweidestrategie. Uitkomst hiervan is een maatregelenpakket tot 2030 om CO₂ uitstoot als gevolg van bodemdaling tegen te gaan. Mogelijk stelt dit nieuwe eisen aan het polderwatersysteem (maar niet aan het boezemwatersysteem). Overigens is de bodemdaling in dit gebied nabij Hardinxveld en de rivier relatief beperkt gezien de bodem uit klei op veen bestaat.
•
Klimaatverandering: de wateropgave van de Alblasserwaard zal veranderen door extremere weerpatronen. De kans op extreme droogte en extreme regenval zal toenemen. Er zal in moeten worden gezet op meer vasthouden, maar ook zal de afvoer van water in bepaalde periodes groter zal zijn. Vasthouden, bergen en afvoeren voldoet dan onvoldoende om het peil te handhaven. Hierbij moeten de watergangen voldoende debiet kunnen doorlaten en moeten de gemalen een grotere capaciteit hebben dan in de huidige situatie. Ook in geval van extreme droogte zal meer water ingelaten moeten worden in de Alblasserwaard. Optimalisatie van vasthouden, bergen en afvoeren is noodzakelijk. Woningbouwopgave: in heel Nederland, en zeker in het westen, is er een grote vraag naar -betaalbare- woningen. In Hardinxveld zijn een aantal locaties in beeld voor wat grotere woningbouwontwikkeling: ’t Oog, De Blauwe Zoom en een aantal binnenstedelijke locaties. In het plangebied wordt geen grootschalige woningbouw beoogd. Wel kan er gedacht worden aan kleinschalige woningbouw, bijvoorbeeld als compensatie naar aanleiding van dit project, en/of in relatie tot het project verbreding A15 (zie hierna). Een mogelijke locatie hiervoor is bijvoorbeeld het afronden van de oostrand van Hardinxveld.
Specifiek spelen drie concrete autonome ontwikkelingen: • Project A15 Gorinchem-Papendrecht (MIRT Verkenning): momenteel vindt een MIRT verkenning plaats naar de rijksweg A15 tussen Papendrecht en Gorinchem. Onderdeel daarvan is een mogelijke verbreding. Gezien de beperkte ruimte voor de verbreding zullen ook ruimteclaims op dit gebied kunnen komen. Deze verbreding raakt ook aan de voorgenomen maatregelen van een boezemgemaal en boezemkanaal nabij Hardinxveld, specifiek het ontwerp en de bouw van het sifon onder de A15. Er heeft echter nog geen besluitvorming plaatsgevonden, daarom vindt nauwe samenwerking tussen beide projecten plaats om het ontwerp en de realisatie hiervan goed vorm te geven. • RES Drechtsteden: regionaal worden door de verschillende regio’s regionale energiestrategieën (RES) opgesteld om een lokale/regionale invulling te geven aan het Klimaatakkoord (2019): de Nederlandse uitwerking van de internationale klimaatafspraken van Parijs (2015). De RES Drechtsteden is momenteel in de maak, waarin het projectgebied ten oosten van Hardinxveld als uitwerkingsgebied voor zonne-energie is aangewezen.
25
voorziening afvalwater verblijfsrecreatie
koppelen kadeversterking (indien van toepassing) nieuwe ligplaatsen
toegankelijkheid Achterdijk Oost
Versterken beleefbaarheid Pelgrimspad Faunapassages bij kunstwerken en ecologische verbindingszone langs boezem (bv. KRW- waterlichaam)
Snelfietsroute Sliedrecht-Gorinchem
Gemeentelijke grond voor toekomstige natuurcompensatie --> aansluitend op andere natuur compensatieopgave vormgeven
Versterken zichtbaarheid Oude Hollandse Waterlinie Extensieve recreatie versterken Natuur- en watercompensatie Watersysteem verbeteren
verbeteren(fiets)verkeersveiligheid 26
Werk met werk maken
•
Omgevingsvisie: de gemeente werkt aan een omgevingsvisie (de vervanger van de structuurvisie onder de nieuwe Omgevingswet). De omgevingsvisie is nog niet gereed ten tijde van het opstellen van de Visie Ruimtelijke Kwaliteit voor het boezemkanaal en gemaal. Daarom is in deze Visie Ruimtelijke Kwaliteit ook de bredere context van het gebied beschouwd en wordt voorliggende visie in nauwe samenwerking met de gemeente opgesteld. Na instemming door het Dagelijks Bestuur van Waterschap Rivierenland, wordt de Visie Ruimtelijke Kwaliteit vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Hardinxveld-Giessendam. Op de relevante aspecten uit deze visie kan in de omgevingsvisie worden voortgebouwd.
3.3 Wensen, ambities (meekoppel) kansen
Voor het project is tot nu toe een aantal wensen, ambities en (meekoppel)kansen door verschillende partijen ingebracht. Deze worden momenteel met betreffende partijen verkend en kunnen in de uitwerking van het ontwerp mogelijk een plek krijgen. Hieronder de kansen die nu in beeld (mei 2021) zijn en die kunnen bijdragen aan een ruimtelijke opgave: Provincie Vanuit de provincie zijn de volgende (meekoppel) kansen en wensen in beeld: • Gelijktijdig realiseren en/of inpassen van maatregelen voor een nieuwe snelfietsroute
•
• •
Sliedrecht-Gorinchem samen met gemeente en het waterschap (als wegbeheerder in het buitengebied). Realiseren van een ecologische verbindingszone met faunapassages bij de kunstwerken die nodig zijn om de nieuwe boezem te kruisen met bestaande infrastructuur (bij sifon onder de A15, en de bruggen bij de Parallelweg en het spoor). Daarbij het ontwikkelen en inrichten van een ecologische verbindingszone in en/of langs de boezem die migratie van verschillende soorten op regionaal en nationaal niveau mogelijk maakt en tevens de biodiversiteit vergroot. Dit kan al dan niet in combinatie met natuurvriendelijke oevers vanuit de KRW-opgave en/of de stedelijke wateropgave. Versterken van de zichtbaarheid van de oude Hollandse Waterlinie. Hierbij is nog onduidelijk om welke maatregelen het gaat. Versterken van de beleving van het Pelgrimspad. Het is nog onduidelijk om welke maatregelen het gaat.
Gemeente Hardinxveld-Giessendam Vanuit de gemeente zijn de volgende (meekoppel) kansen en wensen in beeld: • De gemeente heeft aan de oostzijde van het middengebied grond in bezit, die - ook afhankelijk van mogelijke effecten van het MIRT traject - ingezet kan worden ten behoeve van water- en natuurcompensatie voor gemeentelijke projecten of projecten van derden. Mogelijk is dat een aanleiding om op die locatie in samenhang ook andere natuurcompensatie-
•
•
opgave te realiseren (zowel binnen dit project als project A15 Gorinchem-Papendrecht). De gemeente ziet graag mogelijkheden om extensieve recreatie in het gebied te versterken of toe te voegen. Bijvoorbeeld een wandel/struinpad, of eventueel een fietspad op of langs de nieuwe boezemkade, conform de vigerende gemeentelijke structuurvisie uit 2016. De gemeente heeft de wens om de (fiets) verkeersveiligheid tussen Kanaaldijk Noord en de Rivierdijk te verbeteren bij de eventuele herinrichting voor de toegankelijkheid van het nieuwe gemaal.
Combinatie Rijkswaterstaat en Waterschap Rivierenland: De combinatie van dit project en project A15 Gorinchem-Papendrecht biedt de volgende kansen: • Natuur- en watercompensatie als gevolg van project A15 (indien van toepassing) en het project boezembemaling Hardinxveld mogelijk in samenhang organiseren in het gebied. • De benodigde aanpassingen van het polderwatersysteem en project A15 Gorinchem-Papendrecht kunnen aangegrepen worden om het watersysteem van Hardinxveld te verbeteren, o.a. de waterproblematiek bij de Nieuweweg. • Zowel de realisatie van de verbreding A15 als de bouw van het sifon onder de A15 tegelijk realiseren en zo voordeel van werk met werk en minder verkeersoverlast (dan los van elkaar). 27
28
Waterschap Rivierenland: Het waterschap ziet de volgende -mogelijkeaanvullende opgaven: • De nieuwe boezem wordt een KRW-waterlichaam waarvoor natuurvriendelijke oevers ingericht worden in de boezem, of andere maatregelen aan de polderzijde. Al dan niet kan dit versterkt worden door de combinatie met een faunapassage met ecologische verbindingszone, zoals door Provincie is aangedragen. • Indien uit het kadeversterkingsprogramma blijkt dat de kades aan de Giessen verbeterd moeten worden (hoogte/stabiliteit), kunnen deze mogelijk tegelijkertijd gerealiseerd en ruimtelijke ingepast worden in het ontwerp/ werk van de nieuwe boezem.
Particulier: Door particulieren zijn de volgende meekoppelkansen ingebracht: • Realiseren van enkele ligplaatsen ten noorden van het spoor voor pleziervaart met toegang tot de Giessen, aansluitend aan het terrein van NU buiten. • Bij de realisatie van de boezem en eventuele kadeversterking voorziening afvalwater voor de verblijfsrecreatiewoningen aanleggen. • Wens vanuit -een deel van- de gebruikers van de private recreatiepercelen langs de Giessen om de Achterdijk Oost beter toegankelijk te maken door bijvoorbeeld (half)verharding. Hier zijn niet alle gebruikers en omwonenden voorstander van, zij hebben zorgen over over-
• • •
last. De beperkte toegankelijkheid draagt nu bij aan de rust in het gebied. Toevoegen van nieuwe landelijke woonpercelen in het gebied, als eventuele compensatie voor directbetrokkenen. Bestaand gebruik zoals paardenweides, dagrecreatie of agrarisch gebruik in de directe nabijheid terugbrengen. Toevoegen van parkeerplaatsen aan de Kanaaldijk Noord ten behoeve van de gebruikers van de ligplaatsen voor recreatievaart in het kanaal van Steenenhoek. Aanwonenden aan de Kanaaldijk Noord vragen hierbij wel om het voorkomen van overlast.
29
Waterrijk woonlandschap • • •
Boezem biedt kwaliteiten aan een nieuwe stedelijke structuur Veel ruimte voor diverse waterrijke/groene woonmilieus Recreatie; uitloopgebied, park, waterplein
Open polder Woon landschap
Open polder
Water & natuur
Landgoed
• • • •
Landgoed
Water & natuur • • • 30
Terugbrengen griendkavels/ nieuwe waterkavels, bospercelen; natuurvriendelijke oevers Kanaal ondergeschikt in nieuwe verdichte landschapsstructuur Recreatie; extensief, (beperkte) toegankelijke natuur
Polderidentiteit behouden; grasland, openheid Kanaal volgt kavels, ondergeschikt aan huidige landschapsstructuur Natuurvriendelijk oevers Recreatie; extensief, beperkt toegankelijk
• • •
Extensief parkbos; uitbreiden grienden, laanbeplanting Ruimte voor toekomstige Kleinschalige woonmilieus Recreatie; extensief, (gedeeltelijk) toegankelijke landgoed
4. Intermezzo: onderzoek landschappelijke koersen 4.1 Waarom een ontwerpend onderzoek?
Op basis van de hiervoor beschreven aanleiding, gebiedskenmerken, kansen en opgaven en autonome ontwikkelingen is een ontwerpend onderzoek gestart. Aan de hand van vier zogenaamde landschappelijke koersen zijn mogelijkheden verkend voor wat het nieuwe boezemkanaal en boezemgemaal kunnen betekenen voor het gebied en de leefomgeving. Deze landschapskoersen zijn een hulpmiddel om te bekijken op welke manier de boezem en het gemaal vormgegeven kunnen worden, er wordt dus geen landschapskoers voor het gebied vastgesteld. Wel kan de inrichting van de boezem een eerste stap zijn om eventuele toekomstige ontwikkelingen niet in de weg te staan. Het waterschap is hierbij nadrukkelijk geen gebiedsontwikkelaar - daarom zal dit traject ook met de gemeente doorlopen worden en door de gemeenteraad worden vastgesteld. De uitkomsten kunnen inspiratie en input zijn voor de nog op te stellen omgevingsvisie van de gemeente. De resultaten van het ontwerpend onderzoek bestaat uit verkennende schetsen (kaarten, doorsnedes) en referentiebeelden, en zijn opgenomen in bijlage B. De drie tracés (met
zoekgebieden) en de drie mogelijke locaties voor het gemaal dienen als uitgangspunt. De schetsen en beelden zijn een hulpmiddel om grip te krijgen op mogelijke ontwikkelingen in het gebied, en zijn geen doel op zich. Er is in de visualisaties geen rekening gehouden met -nieuwe- technische uitgangspunten en andere randvoorwaarden. Het ontwerpend onderzoek dient dan ook enkel ter inspiratie en vingeroefening en leidt niet tot reële ontwerpopties.
Water en natuurlandschap: hierbij is het uitgangspunt het terugbrengen van griendkavels, waarmee het gebied ook vroeger was ingericht, maar ook bijvoorbeeld nieuwe waterkavels en bospercelen. De nieuwe boezem is hier ondergeschikt in een nieuwe -half-verdichte, groene landschapsstructuur. Hierbij passen natuurvriendelijk oevers, plasdras natuur, rietlanden, grienden en eventueel toegankelijke natuur.
Voor de locatie van het gemaal is in bredere zin gekeken naar de effecten en impact op de ruimtelijke kwaliteit van de verschillende locaties.
Landgoed landschap: hierbij is het uitgangspunt een extensief parkbos door grienden, laanbeplanting en nieuwe bosblokken. Ook zouden in de toekomst eventueel kleinschalige woonmilieus mogelijk zijn en beperkte of gedeeltelijke toegankelijkheid van het gebied.
4.2 De vier landschappelijke koersen
De vier landschapskoersen die zijn bekeken zijn: open polder, water en natuurlandschap, landgoed landschap en waterrijk woonlandschap. Open polder: hierbij is het uitgangspunt dat de huidige polderidentiteit wordt behouden; grasland en openheid. Het nieuwe boezemkanaal volgt zoveel mogelijk de huidige kavelstructuur en is ondergeschikt aan de huidige landschapsstructuur. Hierbij passen natuurvriendelijke oevers en beperkte (extensieve) toegankelijkheid.
Waterrijk woonlandschap: een nieuwe boezem kan op termijn ook kwaliteiten bieden aan een nieuwe woonstructuur. Bijvoorbeeld als stadsrand van Hardinxveld. Je kunt daarbij denken aan ruimte voor diverse waterrijke en groene woonmilieus waarbij de boezem en het gebied gedeeltelijk toegankelijk worden als uitloopgebied. Ook een parkachtige zone tussen nieuw woongebied en boezem is dan denkbaar, of het toevoegen van (dag)recreatie zoals dat ook in het noordelijk gebied langs de Giessen het geval is.
31
Impressie van 1e technische uitwerking gemaal alternatief kort
Impressie van 1e technische uitwerking gemaal alternatief lang 32
4.3 Reflectie locatie van het nieuwe boezemgemaal
Vanuit landschap en ruimtelijke kwaliteit is op de locaties van het gemaal gereflecteerd: Kort Het alternatief kort vraagt een nieuwe ruimtelijke benadering om landschappelijk het bestaande ensemble en het nieuwe gemaal opnieuw vorm te geven en nieuwe kwaliteit toe te voegen. Dit zou verder vorm moeten krijgen met aandacht voor de bestaande (waterstaat)architectuur en zorgvuldige verhouding en inpassing ten opzichte van de nieuwe en bestaande objecten. Middel en lang Een gemaal ten noorden van de Kanaaldijk (middel en lang) heeft als voordeel dat het cultuurhistorisch en landschappelijk waardevolle ensemble intact blijft. Het gaat dan om de Schutsluis, Kolffgemaal, de voormalige brugwachterswoning en het voormalig
stoomgemaal. Het historisch en huidig functioneren van het Lingesysteem is logisch verbonden aan deze locatie. De leesbaarheid van het nieuwe watersysteem is bij deze opties echter minder logisch vanwege de afstand tussen Merwede en het nieuwe gemaal en het boezemsysteem van de Overwaard. De leesbaarheid van het watersysteem is ook een belangrijke kernkwaliteit van de Alblasserwaard. De inpassing in de open polder en daarin de verhouding tot het Kanaal van Steenenhoek zijn daarbij een belangrijke ontwerpopgave. Het nadeel van het alternatief midden is dat deze het kleinschalige lint langs de Rivierdijk aantast. NB: Om tot een locatiekeuze voor het gemaal te komen worden ook effecten op andere criteria beschouwd, zoals milieu en omgeving, technische uitvoerbaarheid, robuustheid functioneren gemaal, draagvlak en kosten en duurzaamheid.
33
Terugbrengen (dag)recreatie langs nieuwe boezem Behoud open agrarische polder; combi met water-natuur
water- natuur ontwikkeling (grond gemeente)
Stadsrandontwikkeling; aantrekkelijke rand met sport/ recreatie en evt kleinschalige woonmilieus aangesloten op landschap
Verkennen rondje Hardinxveld NB aandacht voor inpassing in huidige woonkwaliteit (rust/privacy)
Inpassing boezem in natuur/ agrarisch landschap
Behoud openheid, weidsheid, rust evt op termijn water en natuur. Behouden/ versterken ecologische waarden (NNN)
Brede natuur water compensatie benutten voor inpassing van -verbreding- A15; verminderen wateropgave, toevoegen gebiedskwaliteiten
behoud groene identiteit, openheid, combineren met natuurontwikkeling Aantrekkelijk gebied watersystemen, waardevol ensemble en open polderlandschap 34
4.4 inzichten uit ontwerpend onderzoek Het ontwerpend onderzoek heeft tot verschillende inzichten geleid. In gesprek met ingenieurs en ontwerpers zijn randvoorwaarden en wensen opgehaald voor de ligging van het gemaal en het tracé. In een serie werkateliers met overheden, bewoners en belangenpartijen zijn reacties opgehaald over de mogelijke landschappelijke richtingen en inpassing van het gemaal en boezem. Hieronder zijn de hoofdlijnen van de inzichten uit het ontwerpend onderzoek beschreven. Conclusies ruimtelijke kwaliteit en techniek • De impact van de boezem in dit landschap is groot, maar brengt ook potenties mee voor ontwikkeling. • Een landschappelijke koers mag geen afbreuk doen aan de noodzaak voor een robuust watersysteem. • Er dient synergie te zijn tussen de technische oplossing en de landschappelijke/ omgevingsopgave. • Deelgebieden kunnen verschillende landschappelijke koersen hebben. • Hierbij dient een balans gevonden te worden; hoe kan samenhang geborgd worden als deelgebieden verschillend ontwikkeld worden? Wat is de rol van de nieuwe boezem hierbij? • De aanleg van de nieuwe boezem is niet bedoeld om het landschap te transformeren maar kan aanknopingspunten bieden voor eventuele toekomstige ontwikkelingen.
Reacties vanuit werkateliers overheden, bewoners en belangenpartijen • Er wordt hoge waarde gehecht aan de bestaande kwaliteiten: de openheid van de drie deelgebieden, de rust, het uitzicht en de beperkte toegankelijkheid van de deelgebieden. Voor de huidige grondeigenaren zijn dit heel belangrijke waarden die zij graag behouden. • In het noordelijke gebied en de Giessenzoom kan gedacht worden aan het (her)ontwikkelen van private (dag)recreatie, publieke recreatie en natuur langs het nieuwe boezemkanaal (zie ook 3.3). • De wens is om het Natuurnetwerk Nederland (NNN) zoveel mogelijk te behouden en te versterken. De ecologische waarde van het gebied wordt van groot belang geacht. Het daartoe beperkt toevoegen van natuur en water is als optie ingebracht; bijvoorbeeld langs de A15 of in het oostelijk deel in het middengebied (zie ook 3.3.). Er is ook aangegeven dat groene aanplant kan bijdragen het zicht op de A15 te verminderen. • Ook ligt er een kans voor bredere gebiedsontwikkeling in het middengebied, met bijvoorbeeld extensieve recreatie (uitloopgebied en waterberging, ook t.b.v. uitbreiding A15). De dorpsrand, met sportvelden en volkstuinen, vormt nu een achterkant. Met zo’n nieuwe ontwikkeling zou dit gebied een nieuwe kwaliteit kunnen krijgen, met een sterkere relatie met het nabijgelegen landschap. Hierbij kan
•
•
ook gedacht worden om beperkt kleinschalige woonmilieus toe te voegen. Bij het bepalen van het tracé van de boezem kan hiermee rekening gehouden worden. Daarbij kan worden onderzocht of er een bijdrage geleverd kan worden aan het verminderen van de wateropgave in het stedelijke gebied van Hardinxveld-Giessendam. Er is geen enthousiasme bij de bewoners voor (verdere) openstelling van het middengebied voor recreanten, hooguit op enige afstand van woningen en tuinen. Ook in andere gebieden is terughoudendheid gewenst voor extra recreatiemogelijkheden. De waarde van het huidige ensemble bij het Kanaal van Steenenhoek is hoog. Voor de gewenste locatie van het nieuwe boezemgemaal is een gemengd beeld aanwezig. Er is voorkeur voor de lange variant, met aandacht voor inpassing in de open polder; in dit geval staat het gemaal op afstand van de huidige woningen. Ook de korte variant heeft interesse zolang er aandacht is voor verkeersveiligheid en een goede inpassing in relatie tot het huidige waardevolle ensemble en het open polderlandschap.
Op de kaart is een en ander weergegeven. Dit kan vertrekpunten bieden voor de nog op te stellen omgevingsvisie door de gemeente HardinxveldGiessendam. 35
36
5. Visie 5.1 Inleiding
De ingreep heeft grote impact op het huidige landschap aan de rand van de Alblasserwaard en heeft uitstraling naar het grote geheel. Een van de centrale vragen daarbij is, wat is de huidige identiteit, en welke richting betekent de aanleg van boezem en gemaal? Na het beschrijven van de gebiedskwaliteiten en de trends en ambities vanuit de omgeving beschrijven we hier aansluitend op de bevindingen van het ontwerpend onderzoek in vier pijlers onze visie op de inpassing van de nieuwe boezem en het nieuwe gemaal.
5.2 De vier pijlers van de visie
Veerkrachtig, robuust, duurzaam en leesbaar watersysteem van de 21e eeuw De eerste voorwaarde is dat de boezem en het gemaal goed functioneren. Niet alleen straks, maar ook de komende decennia. De nieuwe boezem en gemaal moeten robuust worden aangelegd, met voldoende capaciteit, voldoen stevig geconstrueerd en goed te beheren. Daarnaast moet de boezem robuust zijn, wat inhoudt dat onverwachte ontwikkelingen en extreme gebeurtenissen opvangen kunnen worden. Het gaat hierbij om grote pieken in de afvoer en perioden van lange droogte, rekening houdend met de klimatologische ontwikkelingen de komende decennia.
Ook willen we een leesbare boezem. We willen dat passanten begrijpen hoe het systeem werkt. Een heldere en onderscheidende aansluiting op de Giessen, een tracé dat logisch in het landschap past, met zichtbare kruisingen met de infrastructuur. Daarnaast een duidelijke positionering van het gemaal: een relatie met de Merwede en met het huidig ensemble van stoomgemaal en Kolffgemaal zorgen hiervoor. Het nieuwe boezemgemaal en boezem hebben impact op bestaande natuurwaarden. Dit brengt inpassings- en compensatiemaatregelen met zich mee. Het is de nadrukkelijke ambitie om natuurinclusief te ontwerpen en natuurwaarden te versterken en ontwikkelen. Goede landschappelijke inpassing De druk op het landschap is groot. Juist ook in dit deel van de Alblasserwaard waar boezem en gemaal in een van de laatste stukken open landschap langs de Merwede worden aangelegd, hebben we de ambitie dit niet ten koste van het landschap te laten gaan maar juist iets toe te voegen. De nieuwe boezem willen we daarom niet als op zichzelf staand kanaal vormgeven. We beseffen ons goed dat bestaande waarden worden aangetast en willen graag iets teruggeven: door natuurvriendelijke oevers te maken, door beplantingsstructuren aan te brengen en door eventueel een recreatieve route toe te voegen.
Integrale aanpak: op zoek naar synergie tussen techniek, omgeving en gebiedskwaliteiten Zoals eerder gezegd zal het waterschap het gebied
niet ontwikkelen, daar zijn andere overheden verantwoordelijk voor. Wel kunnen boezem en gemaal gezien worden als eerste stap bij het invullen van ambities van gebiedspartijen en de eventuele ontwikkeling van de kwaliteiten van het landschap. Hierbij denken we aan de ontwikkeling van een nieuwe ecologische verbindingszone, bijdrage aan recreatief netwerk en de inpassing van een toekomstige snelfietsroute. Dat willen we doen door watersysteemmaatregelen, wensen en ambities van de omgeving en het versterken van gebiedskwaliteiten met elkaar in balans te brengen. Het ruimtelijk kwaliteitskader is daarbij een middel: door te verbreden van waterstaatkundig naar integraal en vervolgens te verdiepen naar bouwstenen voor het ontwerp van de boezem en het gemaal. Fundament en katalysator voor ontwikkeling: 1e stap! Een nieuwe boezem is naast een grote aanpassing aan het watersysteem een grote ingreep in het landschap. Dat beseft het waterschap zeer goed. Het waterschap heeft daarbij de ambitie niet alleen de techniek op orde te krijgen maar ook een bijdrage te leveren aan de omgeving. Daarvoor hebben we geïnventariseerd welke opgaven er spelen en welke wensen en ambities gebiedspartijen en anderen overheden hebben. Hier proberen we zo goed mogelijk rekening mee te houden. Dit komt onder andere tot uitdrukking in de bouwstenen die we hebben ontwikkeld. 37
6. Bouwstenen voor ontwerp 6.1 Inleiding
Op basis van de gebiedskenmerken, ontwikkelingen, wensen en kansen, het ontwerpend onderzoek en de visie zijn er bouwstenen voor het ontwerp bepaald, deze zijn onderverdeeld in: 1. Bouwstenen voor de ligging van het tracé en kunstwerken/kruisende structuren 2. Bouwstenen voor het boezemprofiel 3. Bouwstenen voor civiele kunstwerken 4. Bouwstenen voor het boezemgemaal en poldergemaal 5. Bouwstenen voor natuur Deze bouwstenen zijn richtinggevend voor het opstellen van verschillende mogelijke tracés en de locatiebepaling en uitwerking van het gemaal. De bouwstenen worden kort tekstueel toegelicht en als principes uitgetekend op de volgende pagina’s.
6.2 Bouwstenen voor tracé, kunstwerken/kruisende structuren Bouwsteen #1: Het tracé kent een eigen logica Het nieuwe boezemkanaal doorsnijdt het landschap met een herkenbare eigen logica, dit draagt bij aan een leesbaar watersysteem. Als vertrekpunt voor ontwerp zijn hierbij twee principes mogelijk: • Grotendeels de kavelstructuur volgen met schuine bochten (niet haaks, zie hierna). • Een nieuwe autonome lijn door het landschap. Een combinatie van twee principes is niet wenselijk; voor het gehele tracé wordt één principe gekozen.