172c Waardlanden - Jaarrekening 2025.pdf
Tekst van het document
38.000
Overige bijdragen handhaving
-46.000
Verkoop bedrijfsmiddelen
9.000
Totaal
1.000
Tabel 36: Afwijkingen overige baten 2025
De kosten voor het vervangen van afvalpassen bij verlies worden met ingang van 2025 doorberekend aan de burger. Dit heeft geleid tot extra opbrengsten van afgerond € 30.000. Het restant betreft het saldo van diverse kleinere voor- en nadelen. Hierin zijn geen bijzonderheden te melden. De overige bijdragen uit handhaving zijn lager uitgevallen als gevolg van een verminderde inzet van handhavers door vacatures, verlof en ziekte.
69
u
Gerealiseerde baten en lasten (exclusief overhead)
Realisatie 2025
Gerealiseerde lasten Overhead (bedragen x 1.000 euro)
(bedragen x 1.000 euro)
Lonen en salarissen Inhuur derden Overige personeelslasten Afschrijvingen Huisvestingskosten Kantoorkosten Voertuigkosten Materieel Bankkosten Rente Overige kosten Verwerkingskosten Vennootschapsbelasting Totaal lasten
6.596 1.427 264 2.584 739 891 2.468 863 5 508 1.526 6.117 1 23.988
Algemene baten Doorbelastingen Overige baten Nedvang Verwerkingsopbrengsten KWD opbrengsten Dividend Vennootschapsbelasting Totaal baten
19.688 685 1.248 4.519 1.877 77 28.094
Saldo van baten en lasten
4.106
Toevoegingen (-) en onttrekkingen aan de reserves Bestemmingsreserve Diftar Resultaat
2025
Lonen en salarissen Inhuur derden Overige personeelslasten Huisvestingskosten Overige kosten Kantoorkosten Rente
1.424 1.597 300 281 238 -
Gerealiseerde overhead
3.839
75 4.181
Tabel 37 en 38: Gerealiseerde baten en lasten exclusief overhead en gerealiseerde overhead 2025
70
Realisatie
u
3.3
Afval- en grondstoffenbeheer
Het resultaat op de afvalinzameling bedraagt € 267.000 positief, vóór resultaatbestemming en mutaties in reserves.
3.4
Afvalverwerking
Het resultaat op de verwerkingskosten bedraagt afgerond € 1.488.000 positief. Op hoofdlijnen wordt het voordelige verschil ten opzichte van de begroting hieronder per afvalstroom weergegeven (een minbedrag betreft een negatief verschil). Betreft
(bedragen in euro)
Matrassen
95.000
Metaal
-76.000
Huis-aan-huis
303.000
Papier
106.000
Papier verenigingen
326.000
Glas
71.000
Grof
94.000
PMD
661.000
GFT
79.000
Textiel
-69.000
Overige
-102.000
Totaal
(bedragen in euro)
1.488.000
Tabel 39: Resultaat verwerkingskosten
Ter verduidelijking van bovenstaande cijfers is in hoofdstuk 2 een tabel opgenomen met een overzicht van het totaal aantal tonnages per afvalstroom, uitgesplitst naar huishoudelijk afval, afval milieupark en afval milieustraat.
71
u
3.5
Overige diensten (DVO’s)
In onderstaande tabel zijn de kosten van de DVO’s per gemeente in 2025 weergegeven. Overige diensten (DVO+)
Gorinchem
(bedragen x 1.000 euro)
Hardinxveld-
Molen-
Vijfheeren-
Totaal
Giessendam
landen
landen
2025
Straatreiniging uitvoering
451
73
127
199
850
Straatreiniging verwerkingskosten
95
20
2
40
157
Onkruidbestrijding
-
153
-
-
153
DVO’s extra
626
-
-
-
626
Werkplaats
121
-
-
-
121
Polderbus
-
-
50
21
71
1.293
246
178
261
1.977
Totaal Tabel 40: Overige diensten (DVO+)
3.6
Overhead
Onderstaande tabel geeft inzicht in het aandeel van de overheadkosten ten opzichte van de totale begrotingsomvang over 2024 en 2025. In 2024 bedroeg het overheadpercentage 17,5%. In de begroting 2025 is uitgegaan van een lager percentage van 13,0%, voornamelijk doordat de begrotingsomvang toenam terwijl de geraamde overheadkosten lager waren. In de realisatie 2025 komt het aandeel overhead uit op 13,9%. Dit is hoger dan begroot doordat de overheadkosten iets hoger zijn uitgevallen dan geraamd (met name de inhuurkosten en de automatiseringskosten), terwijl de totale lasten lager zijn uitgekomen dan in de begroting was voorzien. Ten opzichte van 2024 is het aandeel overhead echter afgenomen.
Aandeel overhead
Realisatie Realisatie 2024 2024 voor na herberekening herberekening*
Begroting 2025
Realisatie 2025
Begrotingsomvang (bedragen x 1.000 euro)
26.481
26.120
28.537
27.828
Overheadkosten (bedragen x 1.000 euro)
4.572
4.572
3.719
3.839
Aandeel in percentage
17,3%
17,5%
13,0%
13,8%
Tabel 41: Aandeel overhead * In 2025 is de berekeningswijze van het overheadpercentage aangepast. Tot en met 2024 werd het overheadpercentage berekend ten opzichte van de totale baten. Met ingang van 2025 wordt het overheadpercentage berekend ten opzichte van de totale lasten. Aangezien overheadkosten onderdeel uitmaken van de totale lasten, geeft een berekening ten opzichte van de lasten een zuiverder en beter vergelijkbaar inzicht in de omvang van de overhead. 72
u
3.7
Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen (WNT)
De WNT staat voor de Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector. Als gevolg van de bepalingen in deze wet moeten voor de hoogste functionarissen die belast zijn met het toezicht houden op, en leidinggeven aan, de Reinigingsdienst Waardlanden de functies, dienstverbanden en beloningen openbaar worden gemaakt. De Reinigingsdienst Waardlanden heeft als hoogste orgaan het Bestuur. De leden van het Bestuur zijn niet in dienst bij Waardlanden. De bezoldiging van de leden van de Raad van Bestuur (en overige topfunctionarissen) over het jaar 2025 is als volgt: Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van functievervulling 1 2 3 4 5
Functie (functienaam) In dienst vanaf (datum begin functievervulling) In dienst tot en met (datum einde functievervulling) Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar Omvang dienstverband in uren Werkelijk uurtarief lager dan het (gemiddeld) maximum 6 uurtarief? 7 Totale bezoldiging 8 Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 12 1 2 3 4 5
Functie (functienaam) In dienst vanaf (datum begin functievervulling) In dienst tot en met (datum einde functievervulling) Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar Omvang dienstverband in uren Werkelijk uurtarief lager dan het (gemiddeld) maximum 6 uurtarief? 7 Totale bezoldiging 8 Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
73
2025 de heer J.A.P. Rau Directeur 1-jan-25 31-dec-25 12 1.620 ja, namelijk € 144,38 € 233.888 € 246.000
2024 de heer J.A.P. Rau Directeur 1-jan-24 31-dec-24 12 1.564 ja, namelijk € 137,50 € 215.050 € 325.200
u
Toezichthoudende topfunctionarissen met totale bezoldiging van € 2.100 of minder Naam De heer A. Bikker De heer A. Meerkerk De heer T. van Maanen De heer M. de Boer De heer J. Nederveen
2025 Functie Voorzitter bestuur Lid bestuur Lid bestuur Lid bestuur Lid bestuur
Tabel 42: WNT
Toelichting Het bezoldigingsmaximum voor de Raad van Bestuur bedraagt € 246.000. Voor de inhuur van de directeur wordt conform het WNT-bezoldigingsmaximum een bedrag van € 246.000 gehanteerd. Dit maximum wordt in beide gevallen niet overschreden. Het bijbehorende bezoldigingsmaximum voor de voorzitter van de Raad van Toezicht bedraagt € 36.900 en voor de overige leden van de Raad van Toezicht € 24.600. Deze maxima worden niet overschreden.
3.8
Incidentele baten en lasten
Hieronder staan de grootste incidentele baten en lasten uitgewerkt. Incidentele baten en lasten
Incidentele
Incidentele
(bedragen x 1.000 euro)
baten 2025
lasten 2025
Rekeningresultaat
342
Verkoop materieel
9
Zoutloods
10
Voorziening langdurige ziekte en voorziening WW-eigenrisicodrager
161
ICT-projecten Engage en Spotmaster
90
Onttrekking reserve Diftar
75
Incidentele baten en lasten
84
Incidenteel resultaat
-177
Structureel resultaat
518
Tabel 43: Incidentele baten en lasten
74
261
u
3.9
Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
In 2025 hebben er geen structurele toevoegingen of onttrekkingen aan reserves plaatsgevonden.
3.10 Rechtmatigheidsverantwoording bestuur Verantwoordelijkheid bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het bestuur van de “Gemeenschappelijke Regeling Bedrijfsvoeringsorganisatie Reinigingsdienst Waardlanden” toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het bestuur vastgestelde kaders
zoals
de
begroting
en
verordeningen
van
de
“Gemeenschappelijke
Regeling
Bedrijfsvoeringsorganisatie Reinigingsdienst Waardlanden” en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het bestuur op 8 december 2025 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het bestuur bepaald en bedraagt 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 554.880. De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV van september 2025. Bevinding Het bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen afgerond € 1.107.000 bedraagt. Dit is hoger dan de daarvoor gestelde grens van € 554.880. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het bestuur overigens een bedrag van € 0 acceptabel op basis van de door het bestuur vastgestelde financiële verordening. In onderstaande tabel wordt per begrotingscriterium een korte toelichting gegeven.
75
u
Begrotingscriterium 1A Overschrijding lasten programma’s (of indien van toepassing een ander door bestuur vastgesteld autorisatieniveau) 1B Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten) 2. Ongeautoriseerde reservemutaties p.s. veelal zijn dit ook getrouwe beeld fouten, die in de jaarstukken aangepast kunnen worden 3.Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of te laat aan het bestuur zijn gemeld (hangt af van de intern vastgelegde spelregels in bijvoorbeeld de financiële verordening art. 212 Gemeentewet over de planning & controlcyclus, budgetafwijkingen, budgetoverheveling etc.). Totaal begrotingsonrechtmatigheden 4. Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid vermelden en verwijzen naar dit vooraf vastgestelde beleid. 5. Resterend saldo aan begrotingsonrechtmatigheden (inhoudelijk hier toelichten en in de paragraaf bedrijfsvoering) Voorwaardencriterium Inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed. Betreft voornamelijk inhuur van juridische ondersteuning voor de afhandeling van bezwaren, inhuur van financieel adviseur(s), inhuur van een afdelingsmanager Informatiemanagement en de inhuur van de interim-directeur.
Ook een gedeelte van de verzekeringen (betrekking hebbende op het wagenpark) is niet aanbesteed. M&O criterium In 2025 zijn het bestuur geen gevallen van fraude bekend geworden.
(bedragen x 1.000 euro)
-
-
-
-
-
1.107
-
Tabel 44: Begrotingscriterium
In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. 76
u
3.11
Balans per 31 december 2025
Alle bedragen zijn in 1.000 euro.
Vaste activa Financiële vaste activa Deelnemingen Materiele vaste activa Gebouwen Grond en terreinen Vervoermiddelen Vervoermiddelen in ontwikkeling Machines, apparaten en installaties
31-dec-25
31-dec-24
Vaste passiva
1
Algemene reserve Waardlanden 4.226
4.538
4.617 3.723
4.676 3.918
-
80
11.623
12.004
Overige materiele vaste activa – inventaris Overige materiele vaste activa – inventaris in ontwikkeling
935
1.288
23
-
25.147
26.504
77
389
70
1
-
Totaal vaste activa
31-dec-24
Eigen vermogen
Machines, apparaten en installaties in ontwikkeling
Subtotaal
31-dec-25
Bestemmingsreserve Gerealiseerd resultaat Reserve eigen risico verzekering Reserve grondwaardering
342 250
661 250
1.175
1.035
Bestemmingsreserve Diftar
127
-
2.282
2.016
Voorziening groot onderhoud
666
641
Voorziening spaarverlof
105
76
Voorziening langdurige ziekte
118
-
Voorziening WW eigenrisicodrager
43
-
Subtotaal
932
717
Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Binnenlandse banken en overige financiële instellingen Langlopende leningen
23.248
25.808
Totaal vaste passiva
26.462
28.541
-
25.148
26.504
Subtotaal
Voorzieningen
u
Vlottende activa Voorraden
31-12-25
31-dec-24 62
Vlottende passiva
31-12-25
31-dec-24
87
Uitzettingen met een
Netto vlottende schulden
rentetypische looptijd <
met een rentetypische
1 jaar
looptijd < 1 jaar
Openbare lichamen
58
330
Overige schulden
784
1.301
Schatkistbankieren
3.750
2.814
BNG kasgeldlening
-
-
Overige vorderingen
423
1.336
Bank- en girosaldi
242
817
Voorziening dubieuze
-68
-35
4.163
4.446
Subtotaal
1.026
2.118
105
26
Kassaldi
3
1
Subtotaal
108
27
Transitoria
3.518
2.581
Omzetbelasting
525
725
debiteuren Subtotaal Liquide middelen Bank- en girosaldi
Overlopende activa Transitoria
Overlopende passiva 2.049
2.899
-
-
Subtotaal
2.049
2.899
Subtotaal
4.043
3.306
Totaal vlottende activa
6.382
7.458
Totaal vlottende passiva
5.069
5.424
Totaal activa
31.531
33.965
Totaal passiva
31.531
33.965
Omzetbelasting
Tabel 45: Balans per 31 december 2025
78
u
3.12 Toelichting op de balans 3.12.1 Vaste activa Financiële vaste activa De 100%-deelneming in Waardlanden Reinigingsbedrijf B.V. bedraagt € 1.000.
Materiële vaste activa Het verloop van de materiële vaste activa in 2025 is als volgt: Verloop materiële vaste activa
(bedragen x 1.000 euro)
Boekwaarde per 31 december 2024
26.504
Bij: Investeringen in 2025
1.227
Subtotaal
27.731
Af: Desinvesteringen 2025
155
Af: Afschrijvingen 2025
2.429
Boekwaarde per 31 december 2025
25.147
Tabel 46:Verloop materiële vaste activa
Voor een gedetailleerd overzicht van de materiele vaste activa wordt verwezen naar bijlage A van deze jaarrekening.
3.12.2 Voorraden De post voorraden betreft de voorraad brandstof per 31 december 2025 in de eigen opslagtank in Gorinchem. De opslagtank in Hardinxveld-Giessendam is in de loop van 2025 buiten gebruik gesteld.
79
u
3.12.3 Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar In onderstaand overzicht is het saldo openstaande vorderingen per 31 december 2025 weergegeven. Openstaande vorderingen
2025
(bedragen x 1.000 euro)
Openbare lichamen gemeenten
58
Overige vorderingen
339
Waardlanden Reinigingsbedrijf B.V.
84
Voorziening dubieuze debiteuren
-68
Subtotaal
413
Schatkastbankieren
3.750
Totaal
4.163
Tabel 47: Saldo openstaande vorderingen
Het weergegeven saldo van de openstaande debiteuren is op basis van rapportagedatum. De weergave op basis van rapportagedatum houdt in dat, ongeacht de factuurdatum, de baten worden toegerekend aan de periode waarop zij betrekking hebben. Deze werkwijze sluit aan bij het stelsel van baten en lasten, waarbij opbrengsten worden verantwoord in de periode waarin de prestatie is geleverd. Als gevolg hiervan kan het saldo van de vorderingen per balansdatum afwijken van het saldo op basis van uitsluitend de factuurdata. Voorziening dubieuze debiteuren Conform de voorschriften van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) wordt de voorziening voor dubieuze debiteuren in mindering gebracht op het bedrag aan openstaande debiteuren onder de vlottende activa. De voorziening wordt derhalve niet afzonderlijk als passiefpost op de balans opgenomen, maar als correctie op de boekwaarde van de openstaande vorderingen. De omvang van de voorziening wordt bepaald op basis van een ouderdomsanalyse van de openstaande vorderingen. Afhankelijk van de ouderdom van de vordering wordt een percentage gehanteerd dat als oninbaar wordt ingeschat. Naarmate de vordering ouder is, wordt een hoger percentage toegepast. In de voorziening worden uitsluitend vorderingen op particulieren en bedrijven betrokken.
Vorderingen op deelnemende gemeenten worden niet meegenomen, aangezien voor deze categorie geen invorderingsrisico wordt verondersteld.
80
u
Schatkistbankieren Door de invoering van schatkistbankieren mag Waardlanden per kwartaal gemiddeld maximaal € 1.000.000 aan liquide middelen aanhouden. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
1.000 Kwartaal 1
(2) (3a) = (1) > (2) (3b) = (2) > (1) (1) Berekening drempelbedrag
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
20
12
17
35
980 -
988 -
983 -
965 -
Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
28.537 28.537 -
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag Drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
1.000
Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
1.759
1.097
1.599
3.221
90
91
92
92
20
12
17
35
Tabel 48:Schatkistbankieren
Liquide middelen De stand van de liquide middelen per 31 december 2025 is als volgt: Liquide middelen (bedragen in euro)
Banksaldo Rabobank
2025 105
Kassaldi
3
Totaal
108
Tabel 49:Liquide middelen
81
u
Transitoria Specificatie transitoria
2025
(bedragen x 1.000 euro) HVC (verwerkingskosten)
884
Nedvang kunststof
236
Nedvang glas, dranken
35
Nedvang nascheiding
57
Overig
837
Totaal
2.049
Tabel 50: Transitoria activa
3.12.4 Vaste passiva Eigen vermogen Het verloop van de reserves is als volgt: Reserves
Bestemming Na resultaat resultaat bestemming 2024 01-01-2025
(bedragen x 1.000 euro)
Stand 31-12-2024
Algemene reserve
70
319
389
Reserve grondwaardering
1.035
140
Reserve verzekering eigen risico
250
Bestemmingsreserve Diftar Totaal
Dotaties 2025
Onttrekkingen 2025
31-12-2025
-
-
389
1.175
-
-
1.175
-
250
-
-
250
-
202
202
-
75
127
1.355
661
2.016
-
75
1.940
Tabel 51: Verloop reserves
Het resultaat 2025 bedraagt afgerond 342.000 en is afzonderlijk opgenomen onder het eigen vermogen. De bestemming van dit resultaat wordt voorgesteld bij de vaststelling van de jaarrekening. Reserve grondwaardering De reserve grondwaardering was oorspronkelijk bedoeld om financieringslasten die samenhangen met de aanschaf van grond te kunnen opvangen. Deze lasten kunnen niet via afschrijvingen in de exploitatie worden gedekt. In 2025 is besloten deze reserve op te heffen, het bestuurlijk besluit hiervoor is begin 2026 genomen. De oorspronkelijke noodzaak voor het aanhouden van deze reserve is niet langer aanwezig en de reserve wordt 82
u
binnen de huidige financiële systematiek niet meer als noodzakelijk beschouwd. Daarom heeft er in 2025 geen toevoeging aan de reserve plaatsgevonden. Het saldo van de reserve van € 1.175.000 valt in 2026 volledig vrij. Reserve verzekering eigen risico De reserve verzekering eigen risico was bedoeld om niet gedekte materiële schades, zoals het direct moeten vervangen van een relatief nieuw voertuig als gevolg van schade, te kunnen opvangen. De reserve werd opgebouwd uit het verschil tussen de premies voor WA-Top en WA-Casco. In 2025 is besloten deze reserve op te heffen, het bestuurlijk besluit hiervoor is begin 2026 genomen. Het risico op dergelijke schades wordt voortaan meegenomen in de risicoanalyse en betrokken bij de bepaling van het benodigde weerstandsvermogen, zoals toegelicht in paragraaf 2.4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Het saldo van de reserve van € 250.000 valt daarom in 2026 volledig vrij. Bestemmingsreserve Diftar De bestemmingsreserve Diftar is gevormd om kosten te dekken die samenhangen met de invoering en doorontwikkeling van diftar. In de resultaatbestemming 2024 is € 202.000 aan deze reserve toegevoegd. In 2025 is € 75.000 aan projectkosten ten laste van deze reserve gebracht voor werkzaamheden voortvloeiend uit de evaluatie van begin 2025. Per 31 december 2025 bedraagt de bestemmingsreserve derhalve € 127.000.
De reserve wordt aangehouden voor de verdere uitvoering van deze activiteiten. Verloop reserves na resultaatbestemming (bedragen x 1.000 euro) Stand per 31 december 2025: Toevoegen aan de algemene reserve Stand per 1 januari 2026 na resultaatbestemming
1.940 342 2.282
Voorgestelde resultaatbestemming: (bedragen x 1.000 euro) Toevoeging aan de algemene reserve Verdeeld
342 342
Tabel 52: Verloop reserves na resultaatbestemming
Door middel van de resultaatbestemming over het boekjaar 2024 is het resultaat op nihil gekomen. Over het jaar 2025 is er sprake van een resultaat ter grootte van € 342.000 positief.
83
u
Voorzieningen Voorzieningen (bedragen x 1.000 euro)
1-1-2025
Dotatie 2025
Onttrekkingen 2025
31-12-2025
Voorziening groot onderhoud
641
174
149
666
Voorziening spaarverlof
76
47
18
105
Voorziening langdurige ziekte
-
118
-
118
Voorziening WW eigenrisicodrager
-
43
-
43
717
382
167
932
Totaal Tabel 53: Voorzieningen
Voorziening groot onderhoud Op basis van een meerjarig onderhoudsplan is Reinigingsdienst Waardlanden een onderhoudsvoorziening gevormd. De jaarlijkse dotatie is vastgesteld op basis van dit onderhoudsplan. De onttrekkingen hebben betrekking op de in 2025 uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden. In 2026 zal er een herijking plaatsvinden in het kader van het opstellen van het meerjarig onderhoudsplan voor de periode met betrekking tot meerjarenonderhoudsplan 2026-2030. Indien nodig zal de hoogte van de voorziening hierop in 2026 worden aangepast. Voorziening spaarverlof Conform de richtlijnen BBV moet voor de verplichting met betrekking tot het spaarverlof een voorziening worden opgenomen. De voorziening bestaat uit het salaris, IKB en werkgeversdeel sociale lasten en pensioenpremie. Voorziening langdurige ziekte In het kader van de jaarrekening is een analyse uitgevoerd van het aantal langdurig zieke medewerkers per balansdatum over de afgelopen drie jaar. Hieruit blijkt dat het aantal langdurig zieken een stijgende lijn vertoont: per 31 december 2023 waren er 4 langdurig zieke medewerkers, per 31 december 2024 waren dit er 6 en per 31 december 2025 9 medewerkers. Een deel van deze medewerkers is inmiddels hersteld of kent een laag risico op langdurige loondoorbetaling.
Voor een aantal medewerkers bestaat echter nog onzekerheid over herstel, mogelijke gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid of een mogelijke uitstroom uit dienst in de komende jaren. Hierdoor bestaat per balansdatum een resterende loondoorbetalingsverplichting. Aangezien het niveau van langdurig zieke medewerkers over de afgelopen jaren niet gelijkblijvend is en er per balansdatum nog verplichtingen bestaan met betrekking tot loondoorbetaling bij ziekte, is in de jaarrekening een voorziening langdurig zieken gevormd. Deze voorziening is gebaseerd op een inschatting 84
u
van de resterende loondoorbetalingsverplichtingen voor de betreffende medewerkers, rekening houdend met de verwachte herstelkansen en mogelijke uitstroom. Voorziening WW eigenrisicodrager Waardlanden is eigenrisicodrager voor de Werkloosheidswet (WW). Als gevolg van uitdiensttredingen vóór balansdatum bestaat een verplichting tot betaling van toekomstige WW-uitkeringen en de daarmee samenhangende lasten. Ter dekking van deze op balansdatum bestaande verplichtingen is een voorziening gevormd. De hoogte van de voorziening is gebaseerd op een inschatting van de verwachte duur van de uitkeringen en de daarmee samenhangende lasten.
Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Het verloop van de vaste schulden met een rentetypische looptijd van meer dan één jaar in 2025 wordt in onderstaande overzicht weergegeven. Vaste schulden bedragen x 1.000
Stand per 31 december 2024 Opnamen in 2025 Subtotaal Aflossingen in 2025 Stand per 31 december 2025
25.808 25.808 2.561 23.248
Tabel 54: Vaste schulden
Voor een gedetailleerd overzicht wordt verwezen naar bijlage C van deze jaarrekening. De totale rentelasten over 2025 bedragen afgerond € 580.000.
85
u
3.12.5 Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar Overige schulden Openstaande crediteuren (bedragen x 1.000 euro)
2025
Openbare lichamen (gemeente)
-
Waardlanden Reinigingsbedrijf B.V.
5
Overige schulden
779
Totaal
784
Tabel 55: Openstaande crediteuren
Het weergegeven saldo van de openstaande crediteuren is op basis van rapportagedatum.
BNG kasgeldlening In 2025 is er geen gebruik gemaakt van een kasgeldlening. Hierdoor zijn in 2025 geen rentelasten uit hoofde van kasgeldleningen ontstaan.
Bank- en girosaldi Op de balansdatum is de schuld aan de BNG afgerond € 242.000.
86
u
Overlopende passiva Transitoria In de tabel hieronder zijn de transitorische kosten per jaareinde 2025 gespecificeerd. Specificatie transitoria (bedragen x 1.000 euro)
2025
Afrekening verwerkingskosten (gemeenten)
1.348
Afrekening DVO
271
Subtotaal
1.619
Te betalen salarissen
32
Tussenrekening afdracht loonheffing
716
Tussenrekening reservering verlofuren
470
Tussenrekening reparatie WW Overig
5 676
Subtotaal
1.899
Totaal
3.518
Tabel 56: Transitoria passiva
Als gevolg van het verschil tussen de begrote en de gerealiseerde verwerkingskosten, en de overlooppost DVO’s vanuit het boekjaar 2025, is er een terugbetalingsverplichting aan de gemeenten ter grootte van € 1.619.000. Omzetbelasting In de balans is een te betalen bedrag aan omzetbelasting opgenomen van afgerond € 525.000.
3.12.6 Niet in de balans opgenomen verplichtingen Onzekerheid CO₂-heffing De landelijke overheid heeft de grondslag van de CO₂-heffing aangepast. Afvalverwerker HVC, waarvan Waardlanden gebruikmaakt voor de verwerking van afval, is hierdoor geconfronteerd met een mogelijke aanvullende belastingheffing. HVC heeft aangegeven het niet eens te zijn met de aanpassing van de grondslag en onderzoekt momenteel of deze juridisch kan worden aangevochten. Als gevolg van deze situatie heeft HVC nog geen definitieve eindafrekeningen aan de deelnemende gemeenten verstrekt. Waardlanden heeft wel een pro forma afrekening ontvangen. Op advies van HVC is deze pro forma gebruikt als basis voor de afrekening richting de deelnemende gemeenten. De mogelijke financiële gevolgen van de aangepaste CO₂-heffing zijn op dit moment nog onzeker en kunnen nog niet betrouwbaar worden ingeschat. In de jaarrekening 2025 is daarom geen rekening gehouden met 87
u
eventuele aanvullende kosten. Indien in de toekomst alsnog een aanvullende heffing wordt opgelegd, zal dit alle deelnemers van HVC raken. HVC zal hierover communiceren via de aandeelhoudersvergadering. Recht van opstal en erfpacht De jaarlijkse vergoeding voor het recht van opstal en de erfpacht voor de aangekochte garage aan de Boezem 5 bedraagt € 48.000. Looptijd tot en met 2032 voor totaal € 480.000. VPB De verplichte post Vennootschapsbelasting is in de exploitatie opgenomen. De berekening hiervan is gebaseerd op afspraken tussen de belastingdienst en de Nederlandse Vereniging voor afvalreinigingsdiensten (NVRD). Overige niet in de balans opgenomen verplichtingen In de tabel hieronder staan de overige niet in de balans opgenomen verplichtingen. Looptijd
Omschrijving
Einddatum
20 jaar
Zon & Zo onderhoudscontract zonnepanelen
2035
Waarde € 56.680
Tabel 57: Overige niet in de balans opgenomen verplichtingen
3.12.7 Gebeurtenissen na balansdatum Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum te melden die een materiële impact zouden hebben op de nu voorliggende jaarrekening 2025.
3.12.8 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De in de onderhavige jaarrekening gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn gebaseerd
op
de
veronderstelling
van
continuïteit
van
de
Gemeenschappelijke
regeling
Bedrijfsvoeringsorganisatie Reinigingsdienst Waardlanden. Algemeen: •
Het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten
•
Alle in het normen- en toetsingskader opgenomen relevante wetgeving
Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening Waardering van passiva en activa alsmede de bepaling van het resultaat vinden in principe plaats op basis van historische kosten. Activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarde, tenzij in deze grondslagen anders is vermeld. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben, onverschillig of zij tot inkomsten of uitgaven in dat jaar hebben geleid. Baten en lasten, waaronder ook begrepen de heffing van de vennootschapsbelasting, worden daarbij verantwoord tot hun brutobedrag. 88
u
Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar worden genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Alle materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) verminderd de jaarlijkse afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Materiële activa en afschrijving: Afschrijving vindt plaats op basis van de verwachte economische en/of technische levensduur. Afschrijvingen zijn lineair, zonder rekening te houden met een restwaarde. Betreft
Periode
Gronden en terreinen
0-20 jaar
Gebouwen
10-30 jaar
Wijkverzamelcontainers bovengronds, afzet-, bedrijfs- en minicontainers
10 jaar
Wijkverzamelcontainers ondergronds
15 jaar
Achterladers en transportauto’s
10 jaar
Zijladers
10 jaar
Overige dienstauto’s en pick-ups
10 jaar
Veegmachines
8 jaar
Onkruidmachines
8 jaar
Software
5 jaar
Overige materiële vaste activa
5 jaar
Tabel 58: Afschrijvingstermijnen
Tevens kunnen bij de aanschaf van gebruikte activa of activa met een beperkte economische gebruiksduur afwijkende afschrijvingstermijnen worden gehanteerd. Het afzonderlijk vermelden van deze afwijkende termijnen wordt niet noodzakelijk geacht voor het vereiste inzicht. Voorraad De voorraad brandstof is gewaardeerd tegen historische kostprijs. Indien de marktwaarde lager is, dan wordt tegen marktwaarde gewaardeerd. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. Deze voorziening wordt statisch bepaald. 89
u
Liquide middelen De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Overlopende activa De overlopende activa zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht. Deze voorziening wordt gevormd op basis van een individuele beoordeling op oninbaarheid. Eigen vermogen De reserves zijn onderverdeeld in algemene en bestemmingsreserves. Zodra het bestuur aan een reserve een bepaalde bestemming heeft gegeven, is er sprake van een bestemmingsreserve. Mutaties in reserves zijn enkel mogelijk op basis van een bestuursbesluit. De reserves worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voorziening De vorming van een voorziening, dan wel een dotatie aan een reeds bestaande voorziening, is als een last in het betreffende boekjaar verantwoord. Alle aanwendingen aan voorzieningen zijn rechtstreeks ten laste van de voorziening gebracht en in het verslagjaar niet ten laste van de exploitatie verantwoord. Vaste schulden, met een rentetypische looptijd langer dan één jaar De vaste schulden zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde (hoofdsom) verminderd met het totaal van de gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer.
Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Algemene grondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening 2025, het controleprotocol 2025 en op basis van de Kadernota Rechtmatigheid van de commissie BBV. Dit betekent dat: 1.
De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiîle rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van artikel 17 financiële verhoudingswet;
2. De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: a.
Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader 2025 zoals op 8-12-2025 door het bestuur is vastgesteld;
90
u
b. Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten op programmaniveau en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in het controleprotocol 2025 is beschreven wanneer deze overschrijdingen “acceptabel” zijn. Voor over- en onderschrijdingen van de investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het bestuur zijn gemeld (conform controleprotocol 2025). c.
Ten aanzien van het M&O criterium is het M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.
d. De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening 2025 en controleprotocol 2025. Dit betekent dat: -
Een verantwoordingsgrens van 2% (zijnde € 554.880) van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves is gehanteerd waarboven cumulatieve rechtmatigheidsfouten en rechtmatigheidsonduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen;
-
Een rapportagegrens van € 25.000 is gehanteerd waarboven individuele rechtmatigheidsfouten en rechtmatigheidsonduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen en toegelicht.
91
u
3.13 Taakvelden Hieronder is een overzicht opgenomen van de baten en lasten per taakveld. Vanaf 2024 is het taakveld 2.1 Verkeer en vervoer toegevoegd. Dit taakveld omvat onder meer activiteiten op het gebied van gladheidsbestrijding en straatreiniging. De uitsplitsing is opgenomen om de deelnemende gemeenten beter inzicht te geven in deze activiteiten ten behoeve van hun eigen verantwoording. Vanaf 2025 zijn daarnaast de taakvelden 0.62 OZB – niet-woningen en 7.2 Riolering aan het overzicht toegevoegd.
Taakveld
0.1 0.11 0.4 0.5 0.62 0.9 0.10 2.1 7.2 7.3
Omschrijving
Bestuur Resultaat Overhead Treasury OZB - niet woningen Vennootschapsbelasting Mutaties reserves Verkeer en vervoer Riolering Afval
Totaal Tabel 59: Taakvelden
92
Baten
Lasten
(bedragen x 1.000 euro)
(bedragen x 1.000 euro)
79 75 2.319 25.697
60 267 3.839 586 25 1 1.960 1 21.430
28.170
28.170
u
Taakveld 0.4 Overhead Hieronder het uitgebreide overzicht van het product “Overhead”.
Overhead (bedragen x 1.000 euro)
Begroting 2025 Lasten
Baten
Realisatie 2025
Resultaat
Lasten
Baten
Resultaat
Personeel Loonbetaling overhead functies
-
-
-
-
-
-
Loonbetaling directie, control & staf
501
-
-501
162
-
-162
Loonbetaling informatiemanagement
944
-
-944
609
-
-609
Loonbetaling planvorming (incl. planvorming BV)
124
-
-124
-19
-
19
Loonbetaling publiekszaken
151
-
-151
328
-
-328
Loonbetaling uitvoering overhead
431
-
-431
344
-
-344
Opleidingen
25
-
-25
22
-
-22
Inhuur directie
17
-
-17
381
-
-381
Inhuur informatiemanagement
77
-
-77
741
-
-741
Inhuur planvorming
-
-
-
202
-
-202
Inhuur publiekszaken
-
-
-
90
-
-90
Inhuur uitvoering overhead
-
-
-
183
-
-183
Personeel en organisatiekosten
115
-
-115
153
-
-153
Overige personeelslasten
45
-
-45
125
-
-125
-153
143
-
-267 -
137 -
Huisvesting Huisvesting vast (zakelijke lst., verz., storting voorz.)
153
Huisvesting variabel (energie, onderhoud) Projectkosten
267 -
-
-
-143
-
-137 -
Bedrijfsvoeringskosten Automatisering (rente, afschrijving)
842
-
-842
72
-
-72
Accountantskosten + externe advieskosten
25
-
-25
165
-
-165
Dekking vanuit andere productgroepen
-
3.719
-
-
3.904
3.904
3.719
3.719
-
3.839
3.904
64
Totaal Tabel 60: Baten en lasten inclusief overhead
93
u
Taakveld 0.5 Treasury Hieronder het uitgebreide overzicht van het product “Treasury”. Renteschema (bedragen x 1.000 euro)
Renteschema Externe rentelasten over korte en lange financiering
Realisatie 2025 580 6
Externe rentebaten
-78
Saldo rentelasten en rentebaten
508
Rentelasten grondexploitatie
-
Rentelasten projectfinanciering
-
Aan producten toe te rekenen externe rente
508
Rente over eigen vermogen*
-
Rente over voorzieningen*
-
Totaal geraamde aan producten toe te rekenen externe rente
508
Aan producten toegerekende rente (renteomslag 1,97%)
508
Verwacht renteresultaat
-
Tabel 61: Renteschema * Waardlanden past deze werkwijze niet toe
Renteschema (bedragen x 1.000 euro)
Realisatie 2025
Voertuigen
75
Containers
252
Huisvesting
179
Automatisering Totaal doorbelaste rente Tabel 62: Doorbelaste rente
94
2 508
Overige gegevens 3333
95
u
4 Overige gegevens In overeenstemming met artikel 24, derde lid van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten zijn in deze paragraaf de overige gegevens opgenomen, waaronder de controleverklaring van de accountant.
4.1
96
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant
ONTWERPBESLUIT VASTSTELLEN JAARSTUKKEN
97
u
5 Ontwerpbesluit vaststellen jaarstukken Het Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Reinigingsdienst Waardlanden; gelet op het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten; besluit: 1)
de jaarstukken 2025, bestaande uit het jaarverslag, de jaarrekening en de overige gegevens, vast te stellen;
2)
het gerealiseerd positieve resultaat 2025 als volgt te bestemmen: Gerealiseerd resultaat 2025:
€ 342.000
Voorgestelde resultaatbestemming: Toevoeging aan de algemene reserve:
€ 342.000
Totaal verdeeld:
€ 342.000
Aldus besloten in de bestuursvergadering van 15 april 2026.
S. Kuils
A.C Bikker
Directeur Waardlanden
Voorzitter bestuur Waardlanden
98
BIJLAGEN
99
BIJLAGEN A. Staat van materiele vast activa Materiële vaste activa (bedragen x 1.000 euro)
Boekwaarde
Investeringen
Desinves-
Her-
per
in 2025
teringen in
rubricering
01-01-2025
Subtotaal
Afschrijving
Boekwaarde
in 2025
per
2025
31-12-2025
Gebouwen
9.215
12
-
-
9.227
384
8.843
Gorinchem (incl. grond) Hardinxveld-Giessendam
6.180 37
12 -
-
-
6.192 37
247 5
5.945 33
-
-
-
-
-
-
-
Groot-Ammers (incl. grond) Nieuw-Lekkerland
2.971
-
-
-
2.971
128
2.843
26
-
-
-
26
4
22
Vervoermiddelen
3.998
425
155
-
4.268
545
3.723
Inzamelauto’s achterladers
741
-
-
-
741
104
637
Inzamelauto’s zijladers
1.110
318
143
-
1.285
57
1.228
Transportauto’s
990
-
-
-
990
202
787
Handveegauto’s en veegmachines Strooimachines
388
-
12
-
376
62
314
32
100
-
-
132
17
115
Onkruidmachines
-
-
-
-
-
-
-
737
7
-
-
744
103
641
Machines, apparaten en installaties Afzet- en wisselcontainers
12.004
692
-
-
12.696
1.072
11.623
481
174
-
-
655
97
558
Huishoudelijke containers
279
-
-
-
279
91
188
-
-
-
-
-
-
-
Wijkverzamelcontainers
5.824
465
-
-
6.289
807
5.481
Wijkverzamelcontainers – strategie nota ABS
4.945
-
-
-
4.945
7
4.938
474
54
-
-
528
69
459
Overige materiële vaste activa Inventaris
1.288
97
-
-
1.385
427
958
1.213
97
-
-
1.310
412
898
Aanpassingen zuilen – strategie nota
75
-
-
-
75
16
60
26.504
1.227
155
-
27.576
2.429
25.147
Leerdam
Dienstauto’s en overige voertuigen
Bedrijfscontainers
Totaal
100