CConstaterende datHarderwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Tweede turap 2023 werkbestand 25-10

Raadsvergadering 7 december 2023, gemeente HarderwijkBij agendapunt: Tweede tussentijdse rapportage 2023 (Bestuursrapportage peildatum 1 september) en Septembercirculaire 202318.319 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Tweede tussentijdse rapportage 2023

0

Inhoudsopgave

1

Inleiding.....................................................................................................................................................2

2

Financiële recapitulatie .............................................................................................................................3

3

Programma’s.............................................................................................................................................4 Programma 0 Bestuur en ondersteuning ........................................................................................................4 Programma 1 Veiligheid ..................................................................................................................................7 Programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat ................................................................................................8 Programma 3 Economie .................................................................................................................................9 Programma 4 Onderwijs ...............................................................................................................................11 Programma 5 Sport, cultuur en recreatie ......................................................................................................12 Programma 6 Sociaal domein .......................................................................................................................13 Programma 7 Duurzaamheid en milieu .........................................................................................................17 Programma 8 Ruimte en wonen

...................................................................................................................18

4

Managementinformatie ...........................................................................................................................21 4.1 Analyse personeelslasten .......................................................................................................................21 4.2 Overzicht taakstellingen ..........................................................................................................................22

5

Overige onderwerpen .............................................................................................................................23 5.1 Analyse kapitaallasten ............................................................................................................................23 5.2 Kredietverantwoording ............................................................................................................................23 5.3 Voortgang onderhanden werk .................................................................................................................24 5.4 Aanvragen voor onderhanden werk / budgetoverheveling ......................................................................30 5.5 Nog openstaande taakmutaties lopende jaar ..........................................................................................32

6

Technische wijzigingen ...........................................................................................................................33

1

1

Inleiding

De tweede tussentijdse rapportage (peildatum 1 september 2023) ligt nu voor u. Deze tussentijdse rapportage is zowel een beleidsmatige als een financiële tussentijdse rapportage, waarbij geldt: management by exception. Tevens wordt deze rapportage ook gebruikt om daar waar nodig bij te sturen en de begroting middels expliciete besluiten te wijzigen. Aan de taakveldverantwoordelijken is gevraagd een inkijk en doorkijk te geven in de ontwikkeling van beschikbaar gestelde middelen en uit te voeren beleid. Geconstateerde financiële afwijkingen zijn veelal incidenteel van aard. De grootste uitschieters komen door CAO-effecten 2023, voorziening voor voormalig personeel, de effecten van de septembercirculaire 2023, vrijvallende gelden uit de Oekraïne regeling en de prognose van de zorgkosten in het sociaal domein. Daarnaast zijn er enkele onvoorziene tegenvallers in kosten en/of minder opbrengsten. In totaal is er in 2023 een positief effect op het begrotingssaldo in deze tussentijdse rapportage. Ontwikkeling subsidies en indexatie In de begroting 2024-2027 is als kader meegegeven dat er een index is gehanteerd van 3%. Vanuit samenleving en de gesubsidieerde instellingen worden op dit moment de subsidie aanvragen behandeld en beoordeeld. Hiervan bereiken ons signalen dat de nu gehanteerde indexatie met name door CAO ontwikkelingen mogelijk niet toereikend zijn.

Het college ziet ruimte om dit mogelijk op te rekken voor die subsidierelaties die kampen met boven trendmatige loonstijgingen en zal met nadere advisering naar uw Raad komen hoe hier, ook in het gedachtengoed van de nota Sociaal Domein, tijdelijk invulling aan kan worden gegeven. Deze advisering zal in het 4e kwartaal naar de Raad komen, waardoor gesubsidieerde instellingen voor het einde van dit jaar duidelijkheid hebben voor 2024. Opbouw begrotingssaldo Het begrotingssaldo is opgebouwd vanaf het begrotingssaldo van de eerste tussentijdse rapportage waarna tussentijdse effecten van raadsbesluiten of circulaires zijn weergegeven. Samen vormen deze posten het vertrekpunt voor de tweede tussentijdse rapportage. Programma/onderwerp

Bedrag

Begrotingssaldo 2023 1e Turap Afronding begrotingswijziging n.a.v. 1e Turap Effecten overige raadsbesluiten Meicirculaire Gemeentefonds 2023 Begrotingssaldo voor 2e Turap Effect 2e Turap per programma Programma 0 Programma 1 Programma 2 Programma 3 Programma 4 Programma 5 Programma 6 Programma 7 Programma 8 Analyse kapitaallasten Totaal effect 2e Turap

€ € € € €

-207.333 2.223 -34.011 -747.963 -987.084

€ € € € € € € € € € €

-202.514 -16.000 80.453 -185.646 2.782.700 -93.377 -371.233 96.000 2.090.383

Begrotingssaldo 2023 na 2e Turap

€

1.103.299

Korte leeswijzer Per taakveld zijn alle belangrijke inhoudelijke afwijkingen en financiële afwijkingen met budgettair effect te vinden. Het financiële effect wordt bovenaan bij het taakveld weergegeven en is een opsomming van de dikgedrukte financiële effecten uit de tekst van dat taakveld. In het hoofdstuk managementinformatie wordt kort ingegaan op de bedrijfsvoeringsbudgetten en de voortgang van taakstellingen. Onder overige onderwerpen zijn de analyse kapitaallasten, taakmutaties en onderhanden werken opgenomen. In de technische wijzigingen zijn wijzigingen zonder budgettair effect verzameld waarvan de bevoegdheid op college- of raadsniveau ligt.

2

2

Financiële recapitulatie

. Taakveld/onderwerp 0.1 Bestuur 0.2 Burgerzaken 0.3 Beheer overige gebouwen en gronden 0.4 Overhead 0.61 OZB Woningen 0.62 OZB Niet-wonen 0.64 Belastingen overig 0.7 Algemene uitkering (stelpost taakmutaties) 1.2 Openbare orde en veiligheid 2.2 Parkeren 2.4 Economische havens en waterweg 4.2 Onderwijshuisvesting 5.2 Sportaccommodaties 5.4 Musea 5.6 Media 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie Programmagelden/zorgkosten sociaal domein 7.1 Volksgezondheid 7.5 Begraafplaatsen en crematoria 8.1 Ruimtelijke ordening 8.3 Wonen en bouwen

€ € € € € € €

2023 -58.000 -116.636 -143.000 -1.023.544 400.000 250.000 -46.000

€ € € € € € € € €

534.666 -56.000 40.000 80.453 -202.446 -33.000 49.800 910.000

€ € € € €

1.872.700 -21.210 -72.167 -353.233 -18.000

Analyse kapitaallasten

€

96.000

Saldo 2e Tussentijdse rapportage

€

2.090.383

Begrotingssaldo na 1e Turap 2023* Begrotingssaldo 2024-2027 met voorgestelde besluitvorming* Verwerkings- en afrondingsverschillen Effecten overige raadsbesluiten** Meicirculaire Gemeentefonds* Begrotingssaldo na 2e Tussentijdse Rapportage

€

-207.333

€ € €

2.223 -34.011 -747.963

€

1.103.299

2024

2025

2026

€ € €

-7.340 -75.000 -10.146

€ € €

-1.503 -75.000 -6.818

€ € €

-1.503 -75.000 9.793

€ €

274.000 -

€ €

201.000 -

€ €

79.000 -10.663

€ €

91.953 15.296

€ €

91.953 15.296

€ €

91.953 15.296

€

288.763

€

224.928

€

108.876

€

1.641.000

€

595.000

€

-6.675.000

€

-11.511

€

-11.511

€

-11.511

€

1.918.252

€

808.417

€

-6.577.635

Bij het geprognosticeerde saldo 2023 wordt uitdrukkelijk opgemerkt dat dit is gebaseerd op de gegevens over de eerste acht maanden van het jaar. Dit zal afwijken van het uiteindelijke saldo van de jaarrekening 2023, maar geeft wel inzicht in de huidige stand van zaken. Er zijn meerdere factoren die de komende maanden nog een rol spelen. Te denken valt o.a. aan de uitkomst van de decembercirculaire Gemeentefonds, de herziening van de grondexploitaties. *Het begrotingssaldo 2024-2027 is onder voorbehoud. De begroting 2024-2027 incl. besluitvorming is vastgesteld in het college maar moet nog voor besluitvorming in de raad behandeld worden. Indien daar nog wijzigingen uit voortkomen zal het perspectief ook wijzigen. Hetzelfde geldt voor de effecten van de meicirculaire 2023. De meerjarige effecten van de meicirculaire en de 1ste turap zijn vanaf 2024 onderdeel van het begrotingssaldo 2024. **De effecten overige raadsbesluiten bestaat het besluit rondom de beleidsnotitie aanwijzen gemeentelijke documenten én het verwerken van het raadsbesluit om het oude krediet voor de zonnecarports af te voeren.

3

3

Programma’s

Programma 0 Bestuur en ondersteuning Taakveld 0.1 Bestuur - € 58.000 Regioarrangement Het regioarrangement is het gezamenlijk perspectief van Rijk, provincie, gemeenten en waterschappen op de opgaven voor Gelderland voor de komende 20 tot 30 jaar. Zeewolde sluit met de provincie Flevoland een regioarrangement vanuit het programma ‘Samen maken we Flevoland’. Zeewolde levert daarnaast inbreng voor het regioarrangement Gelderland. Het regioarrangement wordt vanuit drie perspectieven opgesteld: ➢ Leefbare steden en regio’s; ➢ Landschap, natuur en landbouw (klimaat, stikstof en water/bodem); ➢ Energie en (circulaire)economie: ordenende netwerken. Begin juli 2023 is de eerste versie van het regioarrangement in de colleges van EHPZ en Gedeputeerde Staten van Gelderland besproken. De definitieve versie 2023 verschijnt medio november en wordt in december geagendeerd in de colleges van de provincies en gemeenten en het bestuur van de waterschappen. Dit najaar worden de raden meegenomen in het proces en contouren van het Regioarrangement.

Gebiedsagenda EHZ Er is een inhoudelijke samenloop tussen de gebiedsagenda EHZ en het Regioarrangement EHPZ. Dit betreft het ruimtelijk voorstel dat in het kader van het regioarrangement in voorbereiding is. Programma Dienstverlening Onlangs is er een raadsinformatiebrief naar de raad gestuurd met betrekking tot het programma dienstverlening om de raad actief te informeren over de uitvoering. Voor 2023 is de verwachting dat het Programma Dienstverlening € 318.400,- gaat uitgeven. De kosten zullen verdeeld worden tussen de drie gemeenten op basis van de verdeelsleutel van domein Bedrijfsvoering van Meerinzicht. De kosten kunnen deels gedekt worden uit de jaarlijkse bijdrage vanuit Ermelo, Zeewolde en Harderwijk (totaal € 57.000,-). Het restant zal gedekt worden voor Harderwijk vanuit de bestemmingsreserve programma Dienstverlening (€ 103.000,-). Het deel voor Ermelo (€ 91.400,-) en Zeewolde (€ 67.000,-) zal gedekt worden vanuit de overlopende passiva (vooruitontvangen bedragen). Met deze tussentijdse rapportage zullen de effecten op de begroting budgettair neutraal verwerkt worden. Representatiekosten college De overschrijding komt door een combinatie van onvoorziene kosten (afscheid burgemeester, ca. € 30.000,-), kosten gemaakt in 2022 maar geboekt in 2023 (€ 8.000,-) en een te conservatieve inschatting van het totale benodigde budget.

De post wordt gebruikt voor diverse uitgaven, zoals de Lintjesregen, Bokkingrace, Dodenherdenking, boeketten etc. Op het totaal van de onderdelen wordt een overschrijding verwacht in 2023 van ca. € 58.000,-. Taakveld 0.2 Burgerzaken - € 116.636 Verkiezingen In 2023 worden meerdere verkiezingen georganiseerd. In het voorjaar waren dit de geplande PS/WSverkiezingen en in het najaar worden de 2e Kamerverkiezingen vervroegd georganiseerd. De overschrijding op het budget verkiezingen van geraamd € 128.300,- is het rechtstreekse gevolg van de vervroegde

4

verkiezingen. In de Circulaire Tweede Kamerverkiezing 2023 is door het Rijk aangegeven dat er geen extra middelen beschikbaar komen specifiek voor deze taak. Aanpak adreskwaliteit en onderzoek adresfraude Met de jaarrekening 2022 is gehonoreerd om het werkbudget voor adreskwaliteit en onderzoek adresfraude over te hevelen. Dit moest verdeeld worden over 2023 en 2024. Echter is deze overheveling volledig verwerkt in 2023. Dit zal een eenmalig voordeel meebrengen in 2023 (€ 5.667,-), een eenmalig nadeel in 2024 (€5.500,-) en daarnaast een meerjarige bijstelling van ongeveer € 1.500,- vanaf 2024. Daarnaast zijn vanuit de septembercirculaire 2021 middelen beschikbaar gekomen voor de ondersteuning van gemeenten bij de uitvoering van projecten binnen de LSI (Landelijke structuur interventieteams) zoals voorkomen en terugdringen belasting- en premiefraude en toeslagenfraude. Dit gaat jaarlijks om ongeveer €6.000,-. De middelen voor 2023 van € 5.997,- kunnen vrijvallen ten gunste van het begrotingssaldo. De middelen worden voor 2024-2027 wel ingezet. Taakveld 0.3 Beheer overige gebouwen en gronden - € 143.000 Huuropbrengsten Molenweg 34-36 Lagere huuropbrengst dan geraamd; gaat om een bedrag van ca. € 53.000,-; gevolg van geen huuropbrengst zorgdeel Molenweg 34-36. Er volgt advisering over de meerjarige financiële consequenties.

Mogelijke dekking uit middelen beschermd wordt hierbij betrokken. Opbrengsten openbaar groen Lagere opbrengst dan geraamd; gaat om een bedrag van ca. € 90.000,- in 2023; er wordt terughoudender omgegaan met verkoop van openbaar groen en daarom is er minder grond verkocht. Er is sprake van een structureel effect. Voorgesteld wordt om de verwachte inkomsten vanaf 2024 te verlagen met € 75.000,-. Er is een overschrijding als gevolg van gestegen energiekosten m.b.t. pand Molenweg 34-36 en Fokko Kortlanglaan 181 van respectievelijk € 60.000,- en € 27.000,-. Voor het financiële totaalbeeld m.b.t. de inzet van de bestemmingsreserve energielasten wordt verwezen naar taakveld 0.4 Overhead. Taakveld 0.4 Overhead - € 1.023.544 Advieskosten juridische zaken Door een toenemende complexiteit in de juridische vraagstukken wordt het budget juridische kosten naar verwachting in 2023 overschreden met € 49.000,-. Druk- en bindwerk Er is een eenmalige overschrijding van ca. € 12.000,- als gevolg van de invoering van een nieuwe huisstijl. Daarbij zijn er één keer nieuwe voorraden van alle huisstijldragers aangelegd. De komende tijd is er voldoende drukwerk aanwezig, hierdoor is de verwachting dat we de komende jaren weer binnen het budget te blijven. Energielasten (bestemmingsreserve gemeentelijke energielasten) De energielasten zijn zoals verwacht in 2023 fors hoger dan begroot.

In de eerste tussentijdse rapportage was gerapporteerd dat er een totale overschrijding van ca. 1,5 miljoen werd verwacht. Deze verwachting blijft na toetsing gelijk. In het verwachte nadeel is rekening gehouden met de specifieke uitkering Meerkosten Energie Openbare Zwembaden (SPUK MEOZ), waar in programma 5.2 nader op wordt ingegaan. In onderstaande tabel een globaal overzicht van de diverse effecten. Het betreft de verwachte overschrijding en dit kan derhalve afwijken bij de jaarrekening. Prognose overschrijding energielast (afgerond) 87.000 301.000 192.000 145.000 34.000 22.500 64.500 420.000 51.000 144.000 43.000 1.504.000

Onderwerp per taakveld TV0.3 Molenweg 34-36 en Fokko Kortlanglaan TV0.4 Huis van de Stad en gemeentewerf TV2.1 Verlichting wegen en VRI’s / bewegwijzering TV2.2 Parkeren TV2.4 Havens TV3.3 Markten TV4.2 Onderwijshuisvesting TV5.2 Sportaccommodaties TV5.5 Cultureel erfgoed (oude stadhuis) TV6.1 MFC de Bogen TV7.5 Begraafplaatsen Totaal effect

5

Voorgesteld wordt de energiebudgetten in 2023 bij te stellen conform bovenstaande tabel en dit te dekken uit de bestemmingsreserve gemeentelijke energielasten. Door de energiebudgetten bij te stellen hebben de budgethouders beter in beeld wat het verwachte incidentele effect is in 2023. Voorgesteld wordt bij de jaarrekening 2023 de werkelijke overschrijding te onttrekken aan de bestemmingsreserve gemeentelijke energielasten. Hier zal dus de afwijking t.o.v. van deze bijgestelde raming worden weergegeven. De gevormde bestemmingsreserve gemeentelijke energielasten bedraagt € 4.200.000,-. Vanuit het raadsbesluit op 9 maart 2023 omtrent zonne-energie voor energieneutraal de Sypel ligt er een claim van € 500.000,- op deze reserve. De nog beschikbare ruimte in de bestemmingsreserve, na verwerking van bovenstaande claim van € 1.504.000,-, is daarmee een bedrag van € 2.196.000,-. De verwachting is dat dit voldoende is om de effecten 2024 op te vangen. Bij de begroting 2024 is een voorstel gedaan hoe om te gaan met de energielasten vanaf 2025. POK middelen In het collegeprogramma en het Integraal veiligheidsplan (vastgesteld door de gemeenteraad) is de verbinding tussen zorg en veiligheid een belangrijk speerpunt. De afgelopen periode hebben we ingezet op een effectieve persoonsgerichte aanpak voor de volwassenen (PGA).

De komende vier jaar zetten we in om ook voor de doelgroep 18- tot een juiste aanpak te komen om zo de jonge aanwas richting criminaliteit te voorkomen en de jeugdoverlast te verminderen. Om deze aanpak vorm te geven zijn middelen nodig voor een procesregisseur, ondersteuning en een systeem waarmee we veilig en AVG-proof kunnen werken. Hiervoor zetten we de versterkingsgelden in die we tot en met 2027 ontvangen n.a.v. de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK). Het doel van die middelen is om extra ondersteuning te organiseren voor mensen in kwetsbare posities en te voorkomen dat mensen in zo’n positie terecht komen. Deze doelen hebben grote overlap met PGA. Voorgesteld wordt om het gemiddeld bedrag van POK middelen over 5 jaar de komende jaren beschikbaar te stellen (ca. €110.000,-) en het restant ten laste of ten gunste te brengen van het begrotingssaldo. Inzet taakmutaties

2023

2024

2025

2026

2027

POK middelen Versterking Zorg en Veiligheid: - Regisseur Persoonsgerichte aanpak - Procesondersteuner regisseur PGA - Applicatie PGA-X Begrotingssaldo (effect)

107.156

99.854

103.182

119.793

119.706

24.000 9.300 10.000 63.856

72.000 28.000 10.000 -10.146

72.000 28.000 10.000 -6.818

72.000 28.000 10.000 9.793

72.000 28.000 10.000 9.706

Extra inzet communicatie Voor de voorbereiding van het afscheid van burgemeester Van Schaik is er vanuit Meerinzicht inzet geweest op communicatie. Meerinzicht heeft deze kosten doorbelast. De extra kosten voor Harderwijk zijn € 8.900,-. Analyse personeelslasten Voor de analyse van de personeelslasten verwijzen wij u naar hoofdstuk 4.1. Het financiële effect vindt plaats in dit taakveld van nadelig € 1.017.500,Taakveld 0.5 Treasury In maart 2023 is er een lening aangetrokken van € 35 miljoen. Er is toen aangegeven dat er wellicht een kasgeldlening verder in 2023 afgesloten moet worden (naast de kasgeldlening die begin 2023 was aangetrokken ter overbrugging tot de lening). Dit is tot op heden niet nodig geweest. In het derde kwartaal worden er nog grote uitgaven gedaan, waaronder nog ca. € 15 miljoen aan aflossingen en worden nog grote inkomsten verwacht uit grondexploitaties. Het huidige beeld laat zien dat er in 2023 geen kasgeldlening meer nodig is als inkomsten en uitgaven gerealiseerd worden volgens inschatting. Indien dit niet het geval is kan een kasgeldlening toch een de orde zijn. Taakveld 0.61 OZB woningen & + € 400.000 Taakveld 0.62 OZB niet-woningen + € 250.000 De OZB tarief wordt berekend over een gemiddelde (landelijke) waardestijging en de wens van de raad om niet meer dan trendmatig te verhogen. Op lokaal niveau kan de werkelijke waardestijging afwijken.

De lokale waardestijging is hoger dan het landelijk gemiddelde. Door deze hogere WOZ-waarde en de areaaluitbreiding van de woningen en niet-woningen is er meer OZB ontvangen. We zien een groter verschil tussen het eigenaren gedeelte ten opzichte van het gebruikersgedeelte. De oorzaak hiervan is dat door leegstand er geen OZB gebruikersgedeelte wordt ontvangen. Het totaal aan ontvangen OZB kan nog wel iets afnemen omdat nog niet alle WOZ-bezwaren zijn verwerkt. Tegelijkertijd zien we dat er in het gemeentefonds een uitname is door de WOZ waardestijgingen waarvoor gemeenten kampen met een nadeel in het ontvangen accres dit nadeel is bij de meicirculaire al via bijstelling van de algemene uitkering in de begroting geland.

6

Taakveld 0.63 Parkeerbelasting Opbrengsten uit parkeerboetes waren begroot binnen taakveld 2.2 Parkeren. Deze dienen echter te vallen binnen taakveld 0.63 Parkeerbelasting. In deze tussentijdse rapportage wordt daarom voorgesteld bijbehorend budgetten in 2023 om te zetten naar het juiste taakveld. Bij de Begroting 2024 zal dit structureel gebeuren. De evaluatie van de treintjes tussen boulevard en P8 Zonneweide heeft in 2022 niet plaatsgevonden. De prijs van een dagkaart is in 2023 gelijk gebleven zodat hiermee dekking is voor de kosten van de treintjes. In deze tussentijdse rapportage wordt voorgesteld de begroting aan te passen op verlenging van de treintjes. De evaluatie zal dan in het najaar van 2023 plaatsvinden. Taakveld 0.64 Belastingen overig - € 46.000 Hondenbelasting Er is minder hondenbelasting opgehaald dan verwacht. Hier kan aan het einde van het jaar na inspectie nog een kleine bijstelling in plaats vinden, maar er wordt een nadeel van € 10.000,- verwacht. Reclamebelasting Door leegstand en minder objecten blijft de opbrengst achter met ca. € 36.000,- voor 2023. In 2024 zal een controle op de reclamebelasting plaatsvinden. Dit kan de opbrengst enigszins verhogen maar zal het tekort niet volledig wegwerken. Structureel aframen is mede daarom nog niet nodig.

Taakveld 0.7 Algemene uitkering Gemeentefonds + € 534.666 Septembercirculaire De septembercirculaire is op Prinsjesdag uitgekomen. Het positieve effect voor 2023 bedraagt € 506.000,-, met name als gevolg van onderuitputting in het BTW compensatiefonds. Deze onderuitputting is toegevoegd aan het gemeentefonds. Via separate advisering aan het college worden de effecten van de septembercirculaire toegelicht (waarna deze ter kennisname naar de Raad gaat). Via deze tussentijdse rapportage worden de effecten in de begroting verwerkt. Het meerjarige effect vanuit de septembercirculaire is als volgt: bedragen x € 1.000

Onderwerp

2023

2024

2025

2026

2027

Septembercirculaire 2023

96.955

103.498

103.922

95112

96.251

Meicirculaire 2023

95.840

102.239

102.842

94159

93.714

Bruto effect Septembercirculaire

1.115

1.259

1.080

953

2.537

Taakmutaties (koppeling met beleidsterrein)

-210

-196

-79

-74

-63

Vrijval stelpost BTW compensatiefonds (BCF)

-300

Vrijval financieringssystematiek BCF

194

Stelpost loonontwikkeling 2024

-800

-800

-800

Stelpost volume ontwikkelingen

-800 -1.786

Effect 2021 en 2022 ten laste van 2023

-99

Netto effect Septembercirculaire

506

263

201

79

82

Vrijval uit taakmutaties De taakmutaties van omgevingsveiligheidsdiensten á € 11.000,- in 2023 en 2024 en de taakmutatie omtrent de donorwet á € 17.666,- in 2023 kunnen vrijvallen in het begrotingssaldo. Er zijn reeds voldoende middelen beschikbaar gesteld om de taken binnen formatie en/of budgetten uit te kunnen voeren.

Programma 1 Veiligheid Taakveld 1.1 Crisisbeheersing en Brandweer Brandweerkazerne Harderwijk Eind 2023 zal de Brandweerkazerne Harderwijk worden overgenomen van de VNOG. De nieuwbouw is destijds om fiscale redenen door de VNOG uitgevoerd. Destijds is afgesproken om na 10 jaar het pand weer terug te laten vloeien naar de gemeente. Met deze tussentijdse rapportage wordt gevraagd aan het college om een krediethouder aan te wijzen en aan de Raad de benodigde kredieten beschikbaar te stellen. Met de 1e tussentijdse rapportage 2024 zullen de financiële effecten verwerkt worden in de begroting. Deze zijn nu nog niet exact duidelijk. Het uitgangspunt is dat deze budgettair neutraal verwerkt kan worden. 7

Taakveld 1.2 Openbare orde en veiligheid Veiligheidsmonitor De gemeenteraad heeft besloten om het Integraal Veiligheidsplan (IVP) met 2 jaar te verlengen tot en met 2026. De resultaten van de veiligheidsmonitor zijn een belangrijke input voor het IVP. Dit is een tweejaarlijks– landelijk gestandaardiseerd -onderzoek naar veiligheid, leefbaarheid en slachtofferschap van veelvoorkomende criminaliteit. Gemeenten kunnen deelnemen in de oneven jaren. In 2019 is voor het laatst deelgenomen aan de veiligheidsmonitor voor de input van het huidige IVP. Vanwege het besluit om het IVP te verlengen is besloten om in 2023 niet deel te nemen aan de veiligheidsmonitor. In 2025 is het eerstvolgende moment om deel te nemen. Voor de input van het IVP 2027- 2031 wordt deelgenomen aan de veiligheidsmonitor in het jaar 2025. De resultaten hiervan volgen in 2026. Voorgesteld wordt het beschikbare bedrag van incidenteel € 29.000,- in 2023 af te ramen en te verschuiven naar 2025. Dit wordt meegenomen bij de technische wijzigingen. Exploitatievergunning In het kader van reëel ramen dient een negatief werkbudget gecorrigeerd te worden naar nul. Dit brengt een structureel nadeel mee vanaf 2026 van € 10.700,-.

Programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat Taakveld 2.1 Verkeer en Vervoer Er is sprake van kostenstijging door energie op openbare verlichting en VRI’s en Bewegwijzering. Voor het financiële totaalbeeld m.b.t. de inzet van de bestemmingsreserve energielasten wordt verwezen naar taakveld 0.4 Overhead. Taakveld 2.2 Parkeren - € 56.000 Planning was om de parkeervisie in 2023 ter bestuurlijke besluitvorming aan te bieden. Vanwege personele uitval zal dit doorschuiven naar het 1e halfjaar 2024. Volgens de kaders m.b.t. budgetoverhevelingen mag het bijbehorende incidentele restantbudget eind 2023 niet meer worden overgeheveld omdat dit vorig jaar ook is overgeheveld. In deze tussentijdse rapportage wordt voorgesteld dit toch te doen. Sinds 2020 is een pilot gestart waarbij toeristen die geparkeerd staan op P8 Zonneweide gebruik kunnen maken van de Boulevardtrein. De bijbehorende kosten (€ 78.500,-) worden gedekt uit een verhoging van de dagkaartprijs. Eind 2022 stond een evaluatie gepland waardoor kosten en opbrengsten in eerste instantie niet waren begroot voor 2023. Deze evaluatie is echter doorgeschoven naar het najaar van 2023 waardoor de inzet van de Boulevardtrein voor dit jaar is gecontinueerd. In deze tussentijdse rapportage worden de bijbehorende kosten en opbrengsten alsnog begroot voor 2023.

Doordat parkeerterrein P2 gedurende 2023 kwam te vervallen, is P8 veel meer benut en daarmee ook het gebruik van de Boulevardtrein. Dit leidt tot een aanvullende kostenpost van € 20.000,-. Alle parkeerterreinen en met name parkeergarage Houtwal kennen een forse overschrijding (€ 145.000,-) op energielasten. Hiervoor is een bestemmingsreserve beschikbaar ter dekking van deze hogere lasten. In afwachting van structurele keuzes wordt deze overschrijding nu alleen in 2023 bijgeraamd. Voor het financiële totaalbeeld m.b.t. de inzet van de bestemmingsreserve energielasten wordt verwezen naar taakveld 0.4 Overhead. De huurovereenkomst van het parkeerterrein aan Sint Jansdal is voor een langere periode aangegaan. De totale huuropbrengst wordt zodoende verspreid over meer jaren dan voorzien. Dit leidt tot een nadeel in 2023 van € 36.000,Taakveld 2.4 Economische havens en waterwegen + € 40.000 Baggeren havens In 2023 start Boskalis met een nadere analyse van de structurele baggerwerkzaamheden. De werkelijke baggerwerkzaamheden verschuiven hierdoor 1 jaar in de tijd. Aangezien het bijbehorende budget structureel is, leidt dit in 2023 tot een incidentele meevaller van € 175.000,-. Kostendekkendheid havens Om de havengelden meer kostendekkend te maken, worden de tarieven van havengelden stapsgewijs verhoogd.

Voor diverse havengelden (recreatievoertuigen Waterfront, woonschepen, historische schepen en historische schepen t.b.v. evenementen) is echter besloten om dit terug te draaien en enkel te verhogen met inflatie. Dit levert een nadeel op. Een projectgroep is nadrukkelijk met de kostendekkendheid bezig en zal met een advies komen inclusief structurele effecten.

8

Opbrengsten havengelden De opbrengsten in 2023 zijn geraamd op 75% van de kosten. Aangezien de stapsgewijze verhoging van bepaalde havengelden is teruggedraaid, ontstaat een nadeel van € 35.000,-. Vooralsnog wordt dit gezien als incidenteel nadeel in afwachting van de uitkomsten van de projectgroep die zich bezighoudt met de kostendekkendheid van de havens. Op basis van de geprognotiseerde verwachting blijven de opbrengsten in 2023 ca. € 100.000,- achter op de raming. Dit komt overeen met 18% van de begrote opbrengsten. De achterblijvende opbrengsten zijn een gevolg van een combinatie van factoren die leiden tot minder bezoekers/gebruikers van de havens: - delen van de Vissershaven waren in 2023 niet inzetbaar door werkzaamheden aan de Kleine Hellingkade en de Vissersbrug; - overslag in de Lorentzhaven is lager dan in voorgaande jaren; - de beroepsvaart heeft minder gebruik gemaakt van ligplaatsen in de Lorentzhaven voor de overbrugging tijdens hun zomervakantie; - overwinteraars hebben minder gebruik gemaakt van winterligplaatsen. Groot onderhoud Havenbeheerplan Het geraamde groot onderhoud voor jaarschijf 2023 in het huidige Havenbeheerplan valt lager uit. Aangezien dit groot onderhoud wordt gedekt uit een voorziening heeft dit geen budgettair effect. Bij de actualisatie van het Havenbeheerplan in 2024 wordt het groot onderhoud opnieuw geraamd.

Energielasten haven De diverse energieaansluitingen in de havens hebben te maken met het effect van hogere energielasten. Dit leidt tot een overschrijding van € 34.000,-. Hiervoor is een bestemmingsreserve beschikbaar ter dekking van deze hogere lasten. In afwachting van structurele keuzes wordt deze overschrijding nu alleen in 2023 bijgeraamd. Voor het financiële totaalbeeld m.b.t. de inzet van de bestemmingsreserve energielasten wordt verwezen naar taakveld 0.4 Overhead.

Programma 3 Economie Taakveld 3.1 Economische ontwikkeling Uitvoeringsprogramma Binnenstadvisie In het Collegeprogramma is voor het Uitvoeringsprogramma Binnenstadvisie € 200.000,- per jaar (voor 20232024-2025) opgenomen. Voorgesteld wordt om deze gelden conform het Collegeprogramma beschikbaar te stellen. De advisering over het uitvoeringsprogramma vindt eind 2023 plaats. De uitvoering loopt vervolgens van 2024 tot en met 2026. Vanwege het meerjarige incidentele karakter wordt een bestemmingsreserve als werkwijze voorgesteld. In 2023 zal er geen uitvoering meer plaatsvinden daarom wordt voorgesteld om het beschikbare bedrag van 2023 toe te voegen aan nieuw te vormen bestemmingsreserve. De benodigde beslispunten voor bovenstaande worden meegenomen in het raadsvoorstel van deze tussentijdse rapportage. Economische visie Conform Collegeprogramma gaan we in 2024 aan de slag met het opstellen van een nieuwe economische visie. Voorgesteld wordt het betreffende budget voor 2024 beschikbaar te stellen gedekt uit de reeds beschikbaar gestelde dekking. Taakveld 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur Op dit taakveld wordt de grondexploitatie van nieuwe bedrijventerreinen verantwoord. Jaarlijks worden de geraamde kosten en opbrengsten herzien bij vaststelling van de grondexploitatieberekeningen (grexen). Tussentijds vinden er geen bij- en aframingen plaats.

Bij de tussentijdse rapportage wordt een stand van zaken gegeven van de grondexploitatie(s).

Lorentz III Verreweg de meeste kavels op Lorentz III zijn verkocht, onder optie of er is een afspraak gemaakt wanneer de kavels worden afgenomen. De civieltechnische werkzaamheden zijn nog niet geheel afgerond, daar waar nieuwe bedrijven zich vestigen vinden nog werkzaamheden plaats, worden onder andere inritten en de resterende groenstroken aangelegd. In het gebied dienen nog de nodige waterhuishoudkundige werken uitgevoerd te worden. De realisatie van deze voorzieningen vindt in nauw overleg met het Waterschap Vallei en Veluwe plaats. Na realisatie worden deze voorzieningen in beheer overgedragen aan het Waterschap. Voor de groenstrook en het fietspad aan

9

de Newtonweg tussen de rotonde Newtonweg en de rotonde Morsestraat zal in overleg met de aanliggende bedrijven nog een plan worden gemaakt voor herinrichting. Netcongestie Netcongestie is een groot thema in Nederland, en in de regio Harderwijk speelt dit helemaal een grote rol. Netcongestie betekent dat het elektriciteitsnet niet voldoende capaciteit heeft om alle stroom die erover heen moet, aan te kunnen. Het gaat daarbij om de combinatie van stroom die wordt afgenomen van de leveranciers maar ook teruggeleverde energie, zoals zonne-energie en windenergie. Op zonnige en winderige dagen wordt er zoveel stroom opgewekt dat de capaciteit van het net tekort schiet. Dit heet netcongestie. Het hoofdnet wordt beheerd door Tennet. In Harderwijk staat een onderstation van Liander, dat de elektriciteit verdeelt naar de regiogemeenten. Daarnaast kent de regio een aantal schakelstations. De stations zijn te zien als een rangeerterrein en wissels. Omdat er veel ‘treintjes’ overheen moeten, moeten de stations worden uitgebreid. De uitbreiding van de stations gaat niet zo voorspoedig als was voorzien, door de stikstof-uitspraak van de Raad van State in de Porthos-zaak. Hieraan werken Liander, Harderwijk en de regiogemeenten en provincie Gelderland ambtelijk en bestuurlijk samen. Ook het rijk is aangehaakt via het Nationaal Programma Duurzaam en betrokken ministeries.

Hoewel er inmiddels mogelijk een oplossing voor dit stikstofprobleem tijdens de aanleg is, treedt een forse vertraging op. Effecten Op de korte tot middellange termijn zijn nieuwe netaansluitingen van bedrijven en mogelijk daaropvolgend, woningen, moeilijk of in het geheel niet mogelijk. Oplossingsrichtingen Naast deze problemen zijn er ook oplossingen. Zo wordt op dit moment gewerkt aan en onderzoek gedaan naar of zogenaamde Smart Energy Hubs een oplossing kunnen zijn. Door netcongestie kunnen bedrijven in Harderwijk hun huidige (grootverbruik) elektriciteitscontract niet uitbreiden en krijgen nieuw te vestigen ondernemers geen (grootverbruik) elektriciteitscontract. Dit remt de uitvoering van economische en duurzame ambities van bedrijven in Harderwijk. De ondernemers op Lorentz III hebben het initiatief genomen om zelf deze negatieve gevolgen van netcongestie te verminderen door een traject richting een virtueel lokaal energiesysteem/smart energy hub te starten. Dit traject wordt uitgevoerd door de bedrijven op Lorentz III, de bedrijvenkring Harderwijk, Oost NL, de RES regio Noord-Veluwe en de gemeente Harderwijk. In een gebied met netcongestie is het elektriciteitsnetwerk alleen maar vol op piekmomenten. Waarschijnlijk is er, een groot deel van de tijd, voldoende ruimte over op het netwerk om meer elektriciteit te vervoeren.

Met een virtueel lokaal energiesysteem gaan de bedrijven op Lorentz III samenwerken om de belasting op het elektriciteitsnetwerk beter te verdelen. Er is een grote kans dat hierdoor ruimte vrijkomt op het elektriciteitsnetwerk, wat de bedrijven vervolgens onderling kunnen verdelen. Hierdoor krijgen de bedrijven meer ruimte om, in afstemming met elkaar, meer elektriciteit te verbruiken en duurzaam opgewekte elektriciteit terug te leveren. In Waterfront wordt een vergelijkbare oplossing; de nieuwe plandelen voorzien van binnen het plangebied opgewekte stroom, onderzocht. Naast technische uitdagingen zitten hier ook in de wetgevende sfeer verschillende uitdagingen in. Hierop wordt ook op landelijk niveau gestudeerd. Regio Ook in het regio-arrangement is aandacht voor deze problematiek. In het regioarrangement is nu het volgende opgenomen: “Gelderse Energie Infrastructuur (GEIS) De afgelopen jaren is er groeiende schaarste op het elektriciteitsnet: vraag en aanbod van elektriciteit zijn hoger dan de beschikbare netcapaciteit. In de provincie Gelderland zit het elektriciteitsnet inmiddels op slot. Er is netcongestie (overbelasting van het elektriciteitsnetwerk) op landelijk (TenneT) en regionaal niveau (Liander). In een groot deel van Gelderland blijft zeker tot 2030 sprake van netcongestie.

Een energienetwerk met voldoende transportmogelijkheid is een belangrijke randvoorwaarde voor de realisatie van veel opgaven in deze regio: woningbouw, duurzame energieopwekking, mobiliteit, verduurzaming van bedrijven en meer. De congestie op het elektriciteitsnet vraagt om meer sturing vanuit de provincie. De provincie Gelderland werkt samen met Liander en de zes RES-regio's in Gelderland, via de aanpak GEIS, aan oplossingen voor netcongestie. De aanpak GEIS kent drie sporen: 1. Versnellen van de realisatie van energie-infrastructuur. 2. Uitwerken van slimme regionale energieoplossingen. 3. Integraal programmeren van energie-infrastructuur. “ Financieel Vooralsnog zijn de met de netcongestie gemoeide uren onderdeel van activiteiten met een eigen budget en/of krediet. Bijstelling is hierop nu niet nodig. Naarmate de problematiek en/of de intensiteit groter wordt of oplossingen langer op zich laten wachten, zal hiervoor extra financiële ruimte moeten worden vrijgemaakt.

10

Taakveld 3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen Energienoodfonds en Gelders Winterfonds Op 1 maart 2023 is de Tijdelijke verordening energienoodfonds voor MKB en maatschappelijke instellingen in de gemeente Harderwijk 2023 in werking getreden, een noodfonds van in totaal € 500.000,- voor maatschappelijke organisaties en MKB-ondernemingen om hen in zekere mate te compenseren voor de hoge energieprijzen. Eind 2022 heeft Provinciale Staten van Gelderland ingestemd met een plan om eenmalig € 10 miljoen beschikbaar te stellen onder de naam Gelders Winterfonds. Dit fonds is in het leven geroepen als tegemoetkoming voor het MKB en maatschappelijke organisaties die kampen met hoge energieprijzen. Voor Harderwijk is vanuit deze regeling € 230.019,- beschikbaar gesteld voor 2023. Voorafgaand aan de regeling is er vanuit de maatschappelijke instellingen en de MKB-ondernemingen veel vraag geweest naar financiële ondersteuning. Toch bleek het aantal daadwerkelijke aanvragen erg tegen te vallen. Nadat er lopende de regeling in de sociale media meer aandacht aan deze subsidieregeling is besteed, is er nog een aantal aanvragen ontvangen, maar het uiteindelijke aantal aanvragen was aanzienlijk minder dan verwacht. In 2023 is voor in totaal € 145.022,- aan subsidie verleend. Het grootste deel hiervan € 98.348,- (15 aanvragen) is uitgekeerd aan maatschappelijke instellingen.

Het andere deel van € 46.674,- (7 aanvragen) is uitgekeerd aan het MKB. Op het moment van het opstellen van de tweede tussentijdse rapportage is de aanvraag en toekenningstermijn verstreken, wat betekent dat er € 84.997,- overblijft op de subsidie vanuit de provincie. In de uitvoering van deze regeling bleken de middelen vanuit de provincie toereikend te zijn voor zowel het MKB als voor de maatschappelijke instellingen. Daarom is vanuit de advisering van de kadernota 2024 besloten dat de € 500.000,- aan gemeentelijke middelen niet meer beschikbaar worden gesteld voor het energienoodfonds.

Programma 4 Onderwijs Taakveld 4.2 Onderwijshuisvesting + € 80.453 Integraal Huisvestingsplan Het Integraal Huisvestingsplan is vastgesteld. De kredieten 2023 die voortvloeien uit het IHP dienen nog beschikbaar gesteld te worden en dit is daarom meegenomen als beslispunt in deze tussentijdse rapportage. Dit zijn de volgende twee kredieten in 2023: Nieuwbouw school Drielanden twv € 5.253.336,-; Subsidieregeling binnenklimaat twv € 1.820.000,-. Schoolzwemmen en diverse bijstellingen Bij de eerste tussentijdse rapportage 2022 is een structureel bedrag opgenomen van € 65.220,- vanwege huurkosten ten behoeve van het schoolzwemmen. Het blijkt nu dat er voldoende structurele middelen beschikbaar zijn binnen de gemeentelijke begroting. Daarnaast wordt vanwege ontwikkelingen van leerlingaantallen en benodigde indexatie voorgesteld structureel een bedrag van € 10.767,- toe te voegen aan een aantal verschillende budgetten. In het kader van reëel ramen is de exploitatie van de Biezenplein 4 herzien. Dit betekent een voordeel in 2023 van € 26.000,- en vanaf 2024 structureel € 37.500,-. Dit voordeel ontstaat doordat in de begroting een te lage huur staat begroot. Per saldo kan er in 2023 een bedrag vrijvallen van € 80.453,- en vanaf 2024 een structureel bedrag van € 91.953,- vrijvallen. Als gevolg van de energiecrisis kampen ook de binnensportaccommodaties met hogere energieprijzen.

De overschrijding wordt gedekt vanuit de bestemmingsreserve gemeentelijke energielasten € 64.500,-. Voor het financiële totaalbeeld m.b.t. de inzet van de bestemmingsreserve energielasten wordt verwezen naar taakveld 0.4 Overhead. Taakveld 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken Invoeren nieuwe werkwijze vrijstellen leerplicht (psychische/medische gronden) De Invoering wacht op voldoende capaciteit bij de GGD of aanstelling van de andere partij. Implementatie van het uitvoeringsprogramma laaggeletterdheid Harderwijk 2021-2024 Volgens het uitvoeringsprogramma wordt in 2022 en 2023 gewerkt aan het onderwerp laaggeletterdheid op de kaart zetten bij werkgevers/werknemers. Hier is een voorzichtige start meegemaakt. Vanwege tijdelijk beperkte ambtelijke capaciteit zal dit in de loop van volgend jaar concrete vormen aannemen.

11

Het toezicht en handhaving is bij gastouders vanaf 2023 opgehoogd van 5% naar 50% toezicht per jaar. Door het extra toezicht op de kwaliteit zijn er ook meer vervolgonderzoeken. Daarnaast wordt de kwaliteit in de kinderopvang door het flexibel toezicht vanaf 2024 verplicht. Hierdoor zijn er meer nadere onderzoeken in 2023. De kosten van een onderzoek door de GGD zijn door de inflatie gestegen. De financiële impact in 2023 is reeds meegenomen bij de 1e Turap. Ook de komende jaren zal door genoemde ontwikkelingen extra budget nodig zijn.

Programma 5 Sport, cultuur en recreatie Taakveld 5.2 Sportaccommodaties - € 202.446 Nieuwbouw - De bouw van de sporthal is gestart. Het is de planning dat de nieuwe sporthal gereed is Q2 van 2024. Rondom de afronding van het project zitten een aantal risico’s; - Het is nog onduidelijk wat het vervolg is van de regeling SPUK/sport vanaf 2024. Het is dus ook niet helder of de btw op de investeringen die gedaan worden in 2024 terug te vorderen is. De verwachting is wel dat er een vervolg op de regeling komt. - De latere oplevering van de zonne-carports zorgt ervoor dat de energiekosten van de Sypel nog hoger zijn dan begroot. Daarnaast kan het zijn dat door de capaciteitsproblemen van Liander de energieneutraliteit voorlopig niet gehaald wordt. Dit zorgt ervoor dat er komende jaren nog gebruikt gemaakt moet worden van gas en er mogelijk extra investeringen gedaan moeten worden om uiteindelijk energieneutraal te worden. Buitensport - Bijdrage onderhoud kleedkamers voor Zwart-Wit en VV Hierden is volgens overeenkomst afgelopen. De structurele bijdrage van respectievelijk € 14.732,- en € 9.808,- hoeft niet meer in de begroting te worden opgenomen en kan vrijvallen. Binnensportaccommodaties en de Sypel - Het contract het automatiseringssysteem van de Sypel (verhuur binnensport-accommodaties en kassa/toegang- en lesregistratiesysteem zwembad) loopt per 31-12-2023 af.

Momenteel vindt er een aanbesteding plaats voor een nieuwe leverancier. - Bij het nieuwbouwproject van het binnenbad de Sypel is destijds voorzien in een kiosk om kleine consumpties aan te bieden aan bezoekers. Voor het in eigen beheer exploiteren van een kiosk is in een businesscase uitgewerkt. Voor 2023 wordt het tekort gedekt uit de stelpost onvoorzien. Hier was reeds een claim op gedaan van € 40.000,-. Echter blijkt uit de businesscase dat er voor 2023 slechts € 25.400,benodigd is uit de stelpost onvoorzien. Deze aanpassing wordt meegenomen in de technische wijzigingen. Voor de jaren 2024 en verder wordt het effect van de kiosk in de Sypel betrokken bij de herziening van de exploitatie van de Sypel in 2024. - Als gevolg van de energiecrisis kampen ook de binnensportaccommodaties met hogere energieprijzen. Binnen de Sypel wordt voor 2023 een nadeel verwacht van € 583.400,- op de energiekosten. Het Rijk heeft voor de openbare zwembaden een compensatieregeling in het leven geroep via een Specifieke uitkering (SPUK MEOZ) waar een deel van dit tekort uit gedekt kan worden. De compensatie over 2022 is: € 86.000,-. De verwachte compensatie over 2023 is: € 177.000,-. Het restant kan gedekt worden vanuit de bestemmingsreserve gemeentelijke energielasten € 320.400,-. De financiële gevolgen voor stijgende energieprijzen zijn centraal opgenomen binnen programma 0 – taakveld 0.4.

- In verband met een langere doorlooptijd van de realisatie van de leslokalen Landstede lasten kan € 11.500,incidenteel vrijvallen in 2023. Daartegenover staat dat de huurinkomsten ook afgeraamd moeten worden á € 42.906,- in 2023. - In maart 2023 is door de Raad besloten tot het afvoeren van het krediet INV0193 Zonnecarport Sypel. Bij de nadere financiële uitwerking is nadelig effect zichtbaar geworden van €37.080,- in 2023 en structureel € 9.244,- vanaf 2024 die niet was voorzien ten tijde van de advisering. - Het onderhoudsbudget voor de Sypel is niet toereikend voor 2023. Daarom dient dit budget bijgesteld te worden voor 2023 met € 143.000,-. De structurele bijstelling wordt betrokken bij de herziening van de exploitatie van de Sypel. - De gebudgetteerde schoonmaakkosten voor de Sypel zijn in 2023 niet toereikend. Daarom dient dit budget bijgesteld te worden met € 15.500,-. De structurele bijstelling wordt betrokken bij de herziening van de exploitatie van de Sypel.

12

Taakveld 5.3 Cultuur Onderhoud en aankoop kunst Voor de plaatsing en restauratie van het katheder van de voormalige Universiteit van Harderwijk is een bedrag benodigd van € 30.000,-. Binnen het taakveld kan dit neutraal verwerkt worden aangezien de verwachting is dat er op de subsidieregeling Culturele Impuls een mogelijke onderbesteding ontstaat van circa € 30.000,- vanwege een te laag aantal subsidieerbare aanvragen. Dit wordt opgenomen in de technische wijzigingen. Vervlechting SAP/SPH Op het budget voor Stad als Podium zal mogelijk bij de jaarrekening een overschrijding ontstaan. De precieze kosten zijn nu nog niet bekend. Het gaat om uitgaven in het kader van de gewenste vervlechting van Stichting Podia Harderwijk en Stichting Stad als Podium: transitie- en reorganisatiekosten en advocaatkosten voor een due diligence-onderzoek. De gesprekken hieromtrent lopen nog. De raad zal hierover nader geadviseerd worden. Taakveld 5.4 Musea - € 33.000 Streekarchief De bijdrage voor het Streekarchief is in 2023 € 33.000,- hoger dan het beschikbare budget. De toename van de kosten van het Streekarchief zijn het gevolg van de toenemende vraag naar de diensten, de lopende functie herwaardering en de indexatie van de kosten.

De SNWV heeft verzuimd vorig jaar tijdig de begroting 2023 in te dienen waardoor de effecten niet meegenomen konden worden in de Programmabegroting 2023 van de gemeente Harderwijk. Aangezien een meerderheid beslist in een gemeenschappelijke regeling zijn daarmee de meerkosten voor 2023 a € 33.000,- onvermijdelijk. Stichting Stadsmuseum Harderwijk Onder de Stichting Stadsmuseum Harderwijk vallen zowel het Stadsmuseum Harderwijk als het Marius van Dokkum Museum. De subsidie aan de Stichting heeft uitsluitend betrekking op het Stadsmuseum. Het Marius van Dokkum Museum heeft geen subsidie nodig. Uit de baten van het Marius van Dokkum Museum wordt zelfs het Stadsmuseum ten dele gefinancierd, zodat de gemeentelijke subsidie voor het Stadsmuseum zo laag mogelijk kan blijven. Beide musea zijn van belang voor de stad, niet alleen als unieke en hoogwaardige culturele voorzieningen, maar ook in economisch opzicht. De bezoekers van beide musea besteden rondom hun museumbezoek in de stad het nodige in de Harderwijkse binnenstad. Het Marius van Dokkum Museum loopt echter aan tegen de gevolgen van zijn eigen succes: de huidige behuizing (de voormalige Snijkamer) is te klein voor de bezoekersaantallen die het museum inmiddels weer trekt. De Stichting Stadsmuseum Harderwijk heeft daarom plannen voor een ruimere locatie, waar ook nieuwe doelgroepen kunnen worden aangesproken.

Aanvullende advisering volgt. Taakveld 5.6 Media + € 49.800 Bibliotheek De bibliotheek heeft de verstrekte subsidie Laaggeletterdheid voor 2020 en 2021 niet volledig kunnen inzetten, onder andere door Corona. Hierdoor ontstaat een terugbetaling van € 49.800,-.

Programma 6 Sociaal domein Taakveld 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie + € 910.000 De Aanleg De exploitatie van De Aanleg is niet kostendekkend. Er is nog leegstand en dus verhuurmogelijkheden van De Aanleg. Er wordt verbetering gezocht in meer activiteiten o.a. het ontwikkelen van laagdrempelige dagbestedingsvormen, respijtmogelijkheden en aanpassingen van de indeling van het gebouw om de verhuurbaarheid te vergroten. Voor 2023 zijn er € 150.000,- lasten en € 60.000,- inkomsten (per saldo nadeel van € 90.000,-). Er volgt nadere advisering over de exploitatie van De Aanleg. Energielasten Overschrijding betreft hogere energielasten MFC De Bogen van ca. € 144.000,-; dit is het gevolg van gestegen energiekosten. Voor het financiële totaalbeeld m.b.t. de inzet van de bestemmingsreserve energielasten wordt verwezen naar taakveld 0.4 Overhead. Asielzoekers De gemeente Harderwijk heeft bij het Ministerie van J&V een aanvraag ingediend van € 50.000,- voor maatregelen ter vermindering overlast en criminaliteit asielzoekers. De aanvraag is toegekend en met de 2e tussentijdse rapportage wordt voorgesteld om deze middelen budgettair neutraal op te nemen in de begroting. 13

Opvang Oekraïne Inmiddels is duidelijk dat het bij de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne niet meer om tijdelijke opvang gaat. De instroom van Oekraïense vluchtelingen gaat nog steeds door en op veel plekken zitten grenzen aan de beschikbaarheid van locaties. Ook is er een ontwikkeling dat de particuliere opvangadressen onder druk staan. Het aantal opvangplekken voor Oekraïense vluchtelingen in Harderwijk is halverwege 2023 gedaald met 14 plekken naar 69 plekken in de gemeentelijke opvang. De tijdelijke huurovereenkomst van de pastorie in Hierden liep op 1-7-2023 af. Aangezien de gebruikers van het pand op dat moment reeds vertrokken waren was het niet nodig hiervoor extra opvang te zoeken. Landelijk is daarnaast de nodige aandacht voor de zogenaamde derdelander problematiek, Harderwijk kent geen derdelanders op dit moment. Direct zullen juridische uitspraken over het al dan niet behouden van verblijfsrechten voor deze groep geen effect hebben op Harderwijk, mocht de uitspraak zijn dat deze mensen recht houden op verblijf dan legt dat wel extra druk op de beschikbare plekken elders. Gemeenten ontvangen vanuit de bekostigingsregeling opvang Oekraïne een normbedrag (€ 83,-) per opvangplek per dag. Inmiddels is bekend dat het normbedrag in 2023 niet wijzigt.

Het rijk heeft in de zomer een kostenonderzoek bij gemeenten gedaan wat zal leiden tot een bijstelling van het normbedrag per 1 januari 2024. Op dit moment zijn de uitkomsten van het onderzoek nog niet bekend. De verwachting is dat het normbedrag in 2024 lager zal zijn dan in 2023. Voor 2023 wordt een overschot op de regeling verwacht van € 1 miljoen. Er zijn mogelijke ontwikkelingen rondom de huisvesting van Oekraïners, echter zijn deze nu nog te weinig concreet om extra middelen te reserveren. Vanuit de jaarrekening 2022 is € 250.000,- van het overschot 2022 toegevoegd aan de bestemmingsreserve Opvang Oekraïne. Deze middelen blijven gereserveerd totdat er meer duidelijkheid is over de vergoeding vanuit het Rijk voor 2024. Programmagelden/zorgkosten sociaal domein € 1.872.700 Op basis van de 2e prognose zorgkosten sociaal domein worden de volgende financiële afwijkingen gerapporteerd: Jeugd Terugvordering subsidie CJG 2022 Wmo Participatie Hogere rijksbijdrage Buig Dekking vanuit meicirculaire 2023 Totaal

-/- € 1.155.000,€ 370.000,€ 1.073.000,€ 136.000,€ 717.000,€ 155.700,€ 1.296.700,-

Voorgesteld wordt om het voordeel van bijna € 1,3 miljoen toe te voegen aan het begrotingssaldo. De prognosestand van de reserve sociaal domein bedraagt afgerond € 5 miljoen. Er is geen noodzaak om de reserve sociaal verder te voeden, daar deze ruimschoots voldoet aan het gewenste bodembedrag van € 4 miljoen (raadsbesluit bij begroting 2023-2026). Daarnaast is de begroting reëel opgesteld waardoor verder vasthouden van middelen niet noodzakelijk is en het geprognosticeerde overschot toegevoegd kan worden aan het begrotingssaldo. Onderstaand een toelichting op de verschillende onderdelen: Jeugd Voor de versterking van het CJG is in de begroting 2023 de subsidie aan de Stichting Jeugd Noord Veluwe opgehoogd ten laste van de maatwerkvoorzieningen jeugd (zorgkosten). Door het organiseren van de zorg van de ‘achterkant naar de voorkant’ is het de verwachting dat de uitgaven voor maatwerkvoorzieningen jeugd verminderen. Door krapte op de arbeidsmarkt lukt het de SJNV nog niet alle vacatures in te vullen. De niet ingezette middelen worden teruggevorderd. In 2023 wordt een bedrag van € 370.000,- teruggevorderd over de verstrekte subsidie 2022. Over de subsidie voor 2023 wordt ingeschat dat er ook teruggevorderd zal worden. Naar verwachting zal de formatie in de loop van 2024 op peil zijn, mede afhankelijk van de arbeidsmarkt.

Doordat het CJG de vacatures nog niet allemaal heeft in kunnen vullen, bestaan er nog wachttijden bij het CJG. Hierbij constateren we ook dat de druk op het CJG de afgelopen jaren ook sterk is gegroeid door het groeiend aantal ondersteuningsvragen en door het toepassen van de verklarende analyse. De verklarende analyse is noodzakelijk om met de inwoners te bepalen welke ondersteuning doelmatig is. Er vinden in het vierde kwartaal van 2023 gesprekken plaats met het CJG om de wachttijden terug te dringen, de kwaliteit van de beschikkingen te optimaliseren en het aantal thuiszitters adequaat terug te dringen. De financiering hiervan kan plaatsvinden uit de niet ingezette middelen in 2023.

14

Er wordt met de uitbreiding van de formatie in het CJG meer ingezet op ambulante ondersteuning, of intensievere trajecten, ook tijdens het verblijf en met nazorg, zodat het verblijf minder lang duurt. Dit is terug te zien in de daling van het aantal cliënten en uitgaven. Residentiële jeugdhulp is een van de duurste productgroepen en is inhoudelijk de minst wenselijk optie. Als uithuisplaatsing toch onvermijdelijk is, wordt gekeken naar de best mogelijke plaatsing. Pleegzorg neemt hierbij een steeds belangrijkere plaats in binnen het zorglandschap. In 2021 is gestart met het inzetten van de volgende interventies, waarvan op termijn de effecten zichtbaar worden: 1. Het versterken van de toegang: a. meer kinderen ontvangen passende ondersteuning, door kwalitatieve diagnose (verklarende analyse) in te zetten binnen het CJG en door jeugd GGZ expertise toe te voegen; b. uitbreiden van de ambulante kwantiteit en kwaliteit binnen het CJG (direct hulp zonder doorverwijzing); c. CJG expertise in de huisartspraktijken; d. toekenning van gespecialiseerde ambulante jeugdhulp gebeurt op basis van de inkoopafspraken (inkoop 2022); e. afbakening jeugdhulp: Een duidelijke afbakening helpt bij het beheren van de verantwoordelijkheid, financiering en organiseren van jeugdhulp en zorgt ervoor dat de juiste hulp op de juiste plaats wordt geboden; f.

medicatie trajecten (JGGZ) worden laagdrempelig via jeugdarts in CJG opgepakt; g. normalisatie: Alternatieve oplossingen zoeken buiten geïndiceerde ondersteuning, voorkomen van geïndiceerde voorzieningen door preventieve inzet. 2. Grensvlak onderwijs/ jeugdhulp: a. heldere afbakening van verantwoordelijkheden bij de inzet van jeugdhulp op het grensvlak van Jeugdwet/ Passend Onderwijs en ouders; b. inzetten en doorontwikkeling van pilot onderwijs/ jeugdarrangement: Een samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp, speciaal voor kinderen die onderwijs- en zorgondersteuning nodig hebben. 3. Zicht op zorgpaden: a. actieve regie op bijzondere casuïstiek: Bij stapeling van ondersteuning onderzoeken we of er op andere wijze invulling gegeven kan worden (bijvoorbeeld meer preventief of meer collectieve ondersteuning in plaats van individueel aanbod). Wmo Ondanks de landelijke trend zien we een afvlakking van de uitgaven voor Wmo-voorzieningen. Beleidsmaatregelen en ontwikkelingen hebben geleid tot meer controle over de kwaliteit van dienstverlening en kostenbeheersing. De kosten van huishoudelijke hulp zijn ten opzichte van de begroting fors lager uitgekomen, voornamelijk door de dalende omvang van de indicaties. De beleidsmaatregelen hebben geen negatieve invloed gehad op de klanttevredenheid en hebben evenmin geleid tot een toename van bezwaarschriften.

Het cliënttevredenheidsonderzoek 2022 (het nieuwe normenkader wordt vanaf 1 juni 2022 toegepast) laat een gemiddeld cijfer voor de tevredenheid zien met een 7,9. Bij begeleiding was bij de begroting uitgegaan van een lager tarief op basis van de toen lopende aanbesteding. De verwachting voor 2023 en de daaropvolgende jaren is een stijging, die meer in lijn ligt met de landelijke trend. We zien een stabilisatie en zelfs een afname van het aantal inwoners dat gebruikmaakt van de Wmo. Deze trend staat echter in contrast met de verwachte groei volgens het voorspelmodel van de VNG. Hoewel de aantallen unieke cliënten zijn gestabiliseerd, zijn er verschillende factoren die de terugloop van het aantal verstrekkingen voor begeleiding kunnen verklaren. Het voorveld wordt verder versterkt, wat inhoudt dat er steeds beter aansluiting wordt gevonden bij voorliggende algemene voorzieningen. Daarnaast hebben nieuw beleid, inkoopmaatregelen en gerichte herindicatietrajecten geleid tot een betere beheersing van het klantenbestand. Bovendien zien we een stijging in het aantal mensen dat een beroep doet op de Wet langdurige zorg, wat zijn effect heeft op de inzet van Wmo maatwerkvoorzieningen. In de begroting 2023 was gerekend met een tariefstijging bij hulp in het huishouden in verband met de verhoging van 10,5% van het minimumloon.

Omdat veel zorgverleners van hulp in het huishouden boven het minimumloon worden uitbetaald en voor deze groep de verhoging van het salaris minder was dan de verhoging van het minimumloon, komen de kosten met name bij het product hulp in het huishouden lager uit.

15

Participatie en Rijksbijdrage BUIG Per 1 januari 2023 is het wettelijk minimumloon gestegen met 10,15% en per 1 juli 2023 met 3,13%. Hierdoor stijgt ook de hoogte van de bijstandsuitkeringen. De verhoging van het minimumloon is ook verwerkt in de rijksbijdrage. Het definitieve buigbudget 2023 is 1 oktober jl. bekend gemaakt en bedraagt afgerond € 14 miljoen. Dit is ruim € 700.000,- hoger dan waar in de begroting rekening mee is gehouden. In tegenstelling tot voorgaande jaren is de prognose is dat het rijksbudget voldoende is om de uitgaven van de bijstandsuitkeringen te kunnen dekken, mits het aantal uitkeringen nagenoeg gelijk blijft aan de stand per eind augustus 2023. Op het re-integratiebudget wordt een voordeel verwacht. De grote stroom van inburgeraars die door de Inclusief Groep wordt begeleid, is pas gedurende 2023 op gang gekomen, terwijl gerekend was met begeleiding vanaf het begin van het jaar. Met name in de eerste maanden van 2023 zijn er hierdoor minder kosten gemaakt dan geraamd. De kosten op de budgetten bestaanszekerheid zijn hoger dan begroot. Dit betreft met name de kosten voor de bijzondere bijstand, tegemoetkoming chronisch zieken en de Individuele inkomenstoeslag.

Amendement minimaregelingen In maart 2023 heeft de raad een budget beschikbaar gesteld van € 370.540,- voor het verstrekken en de uitvoering van het amendement Minimaregelingen en Participatieregelingen. De inkomenseis voor de Aanvullende ziektekostenverzekering (AZKV) en de Maatschappelijke bijdrageregeling (MBR) is in 2023 tijdelijk verhoogd naar 130% van het sociaal minimum. Tot eind augustus zijn er 27 aanvragen AZKV uitbetaald en 10 aanvragen MBR. Aanvragen over 2023 kunnen tot 1 februari 2024 ingediend worden. Eind 2023 zal het werkelijk uitbetaalde bedrag, inclusief de uitvoeringskosten onttrokken worden aan de reserve sociaal domein. Dekking vanuit meicirculaire 2023 In de meicirculaire 2023 is nog één keer loon- en prijsbijstelling toegekend voor de periode 2023-2025 voor onderdelen van het sociaal domein die vanaf 2023 overgeheveld zijn naar de algemene uitkering. Voor 2023 worden deze middelen nu als dekking ingezet. Bij de begroting 2024-2027 zijn de middelen voor 2024 en 2025 ingezet. Energietoeslag De eenmalige energietoeslag 2023 kan nog niet aangevraagd worden. Op 21 september 2023 is het wetsvoorstel Energietoeslag 2023 door de Tweede Kamer aangenomen. De Eerste Kamer moet nog over de wet beslissen. Zodra de wet in werking treedt, kan de energietoeslag 2023 worden uitbetaald.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Harderwijk&id=0bff4670-96ae-41b4-87b5-34a1300c261f