Jaarverslag Zorgkosten 2022 EHZ-gemeenten.pdf
Tekst van het document
Vastgesteld door MT domein sociaal van Meerinzicht op 4 april 2023
Inhoudsopgave Samenvatting Hoofdstuk 1 Zorgkosten Jeugdwet Hoofdstuk 2 Zorgkosten Participatiewet Hoofdstuk 3 Zorgkosten Wmo Hoofdstuk 4 Zorgkosten Wet Inburgering Hoofdstuk 5 Covid-19 gerelateerde dienstverlening regio v.w.b. Jeugd en Wmo Bijlage 1: Gedetailleerd overzicht Ermelo Jeugd Participatie Wet maatschappelijke ondersteuning Bijlage 2: Gedetailleerd overzicht Harderwijk Jeugd Participatie Wet maatschappelijke ondersteuning Bijlage 3: Gedetailleerd overzicht Zeewolde Jeugd Participatie Wet maatschappelijke ondersteuning
2 4 15 19 22 24 27 27 30 33 36 36 38 41 44 44 47 49
Pagina 1 van 53
Samenvatting Voor u ligt het jaarverslag 2022 inzake de zorgkosten voor het sociaal domein van de drie brongemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde. Hierin vindt u de inhoudelijke en financiële verantwoording ten aanzien van de zorgkosten. De voorliggende rapportage is opgebouwd uit vijf hoofdstukken, waarbij respectievelijk de zorgkosten van de Jeugdwet, Participatiewet, de Wet Inburgering en de Wet maatschappelijke ondersteuning aan bod komen. Hierbij wordt het EHZ-beeld geanalyseerd en wordt ingegaan op de ontwikkelingen per wet en worden eventuele bijzonderheden per gemeente aangestipt. Hoofdstuk 5 gaat in op Covid gerelateerde dienstverlening. In bijlage 1, 2 en 3 is gedetailleerde (financiële) informatie opgenomen voor respectievelijk de gemeente Ermelo, Harderwijk en Zeewolde. Kijkend naar de financiële uitkomsten van de zorgkosten zijn er bepaalde trends die opvallen bij de EHZ gemeenten: Jeugdhulp: daling in uitgaven voor jeugdhulp in 2022 De vergelijking van de cijfers tussen de rekening 2021 en de rekening 2022 laat een daling zien van de uitgaven Jeugdhulp op regionaal niveau (Ermelo, Harderwijk, Zeewolde, Nunspeet, Elburg en Oldebroek) van 11,0% naar €48,4 miljoen euro in 2022. Deze daling wordt ook teruggezien in de EHZ gemeenten waar de uitgaven Jeugdhulp zijn gedaald met 14,8% naar €28,5 miljoen euro.
De verlaging van de zorgkosten wordt met name veroorzaakt door de relatief grote impact van de Wet wijziging woonplaatsbeginsel (WPB) op de kosten voor jeugdhulp met verblijf. De daling van de zorgkosten hoeft overigens niet te betekenen dat dit tot een voordeel voor de gemeente leidt, aangezien de rijksbijdrage ook gewijzigd is vanwege de nieuwe wet. De uitgaven voor jeugdhulp zijn voor het eerst sinds 2018 gedaald, maar dit betekent nog niet dat de daling een voorbode is van een structurele wijziging van het uitgavenpatroon in de toekomst. Opvallend is dat de daling zichtbaar is in vrijwel alle segmenten ondanks de hogere tarieven op basis van de aanbesteding en de hogere trajectprijzen, die worden veroorzaakt door de toenemende complexiteit van de hulpvraag. Participatie: Verstrekte uitkeringen dalen Het aantal verstrekte uitkeringen in 2022 in EHZ gemeenten is gedaald ten opzichte van 2021, met respectievelijk 5,9% in Ermelo, 6,1% in Harderwijk en 1,3% in Zeewolde. Daarnaast is het opvallend dat in Harderwijk de instroom significant is afgenomen. De verklaring hiervoor is deels te vinden in de krappe arbeidsmarkt, die kansen biedt aan alle inwoners die op zoek zijn naar een baan. Daarnaast levert ook de samenwerking met de Inclusief Groep op basis van de nieuwe overeenkomst een gewenst effect op.
De uitstroom is gelijk gebleven in Harderwijk en licht verhoogd voor Ermelo en Zeewolde, terwijl de samenstelling van het klantenbestand een grotere afstand tot de arbeidsmarkt heeft. Participatie: groter beroep op minimaregelingen in 2022 Door de energiecrisis en de hoge inflatie in 2022 kwamen meer huishoudens in de financiële problemen, waardoor het beroep op inkomensondersteuning vanuit bestaanszekerheid sterk is gestegen. In 2022 zijn er 6.420 aanvragen voor minimaregelingen afgehandeld (exclusief energietoeslag) ten opzichte van 4.843 afgehandelde aanvragen in 2021. Het aantal aanvragen is fors gestegen, ook is een toename te zien in het aantal afwijzingen. De stijging van de aanvragen voor minimaregelingen is met name veroorzaakt door een toename van het aantal inwoners dat in aanmerking komt voor deze regelingen. Daarnaast heeft mogelijk ook een betere toegankelijkheid (door verbetering van het aanvraagproces) en vindbaarheid voor de inwoner een verhogend effect gehad. Participatie: Energietoeslag en Leefgeld Oekraïne Meerinzicht heeft in 2022 twee Rijksregelingen uitgevoerd in opdracht van de EHZ gemeenten. In de meicirculaire 2022 is de energietoeslag van € 800 per aanvraag beschikbaar gesteld voor huishoudens met een laag inkomen. Bij aanvang van het zomerreces 2022 heeft het kabinet de energietoeslag verhoogd naar € 1.300. Deze nieuwe regeling
Pagina 2 van 53
heeft geleid tot veel aanvragen. De bedrijfsvoering en dienstverlening zijn hierop ingericht en in totaal zijn ruim 4.500 aanvragen afgehandeld. Met de komst van de Oekraïense vluchtelingen hebben gemeenten de verplichting gekregen om aan deze ontheemden leefgeld te verstrekken. Ook deze opdracht is in opdracht van de gemeenten door Meerinzicht uitgevoerd. In 2022 hadden de Oekraïense ontheemden recht op leefgeld wanneer er geen sprake was van betaalde arbeid. In totaal hebben 370 ontheemden in de EHZ gemeenten leefgeld ontvangen via Meerinzicht. Beide regelingen lopen ook na 2022 nog door. Wmo: Positief effect genomen maatregelen Al jaren blijft de vraag naar maatwerkvoorzieningen via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) toenemen vanwege factoren zoals vergrijzing, afname van mantelzorgers, groei van de bevolking en weinig doorstroming op de woningmarkt. Hoewel de landelijke trend een groeiende vraag laat zien, lijkt de vraag naar Wmo voorzieningen in de EHZ gemeenten op hetzelfde niveau te blijven. Beleidsmaatregelen en ontwikkelingen hebben geleid tot meer controle over de kwaliteit van dienstverlening en kostenbeheersing. Voor de komende jaren wordt qua volume een stijging verwacht, die meer aansluit bij de landelijke trend, en zullen ook door inflatie de kosten naar verwachting stijgen.
Inburgering: Het jaar 2022 stond ook in het teken van de start van de nieuwe wet Inburgering. Hoewel er enkele opstartproblemen waren (o.a. aanbesteding taallessen, vertraging bij portaal DUO) zijn de taallessen na de zomer 2022 gestart en zijn er concrete afspraken gemaakt met de Inclusief Groep ten aanzien van participatietrajecten. De basis ten aanzien van dienstverlening, administratieve verwerking en monitoring en sturing is gelegd. In het najaar van 2022 is de taakstelling voor 2023 bijgesteld naar boven, gezien de verwachte instroom van statushouders naar de EHZ gemeenten. Dit vraagt aanpassing van de bedrijfsvoering in 2023.
Pagina 3 van 53
Hoofdstuk 1 Zorgkosten Jeugdwet In dit hoofdstuk worden de zorgkosten van de Jeugdwet behandeld. Er wordt een toelichting gegeven op de cijfers van 2022. Belangrijk om te vermelden is dat de tabellen ten aanzien van de verstrekkingen, cliënten en unieke cliënten mogelijk afwijkende cijfers bevatten dan eerdere rapportages (o.a. Q-rapportages). De cijfers kunnen afwijken omdat de cliëntenadministratie met terugwerkende kracht cliënt-mutaties verwerkt. De producten jeugdhulp met verblijf (residentieel/pleegzorg) en jeugdbescherming en jeugdreclassering (JB/JR) vallen in 2022 voor Zeewolde onder de inkoop in de regio Flevoland en zijn niet in deze rapportage opgenomen. Uitvoering Wet wijziging woonplaatsbeginsel De Wet wijziging woonplaatsbeginsel is op 1 januari 2022 in werking getreden. Aan de hand van de woonplaats wordt bepaald welke gemeente verantwoordelijk is voor (betaling van) de jeugdhulp. Hierbij wordt uitgegaan van het woonadres van de jeugdige op het moment dat de zorg wordt beschikt. Het proces van de migratie jeugdigen de in- en uitstroom per 1 januari 2022 binnen de regio Noord Veluwe is door Meerinzicht in 2022 afgerond. In december 2022 waren er bijna 1.700 berichten verstuurd tussen Meerinzicht en gemeenten in relatie tot de overdracht van jeugdigen.
Hierbij zijn tevens de jeugdigen administratief verwerkt van gemeenten, die tot 1 juli 2022 uitstel hadden gekregen vanwege vertraging van het migratieproces veroorzaakt door gemeenten buiten de regio Noord-Veluwe. Cliënten, die na deze datum zijn overgedragen, zijn financieel verwerkt vanaf de datum dat de jeugdige bij Meerinzicht is aangemeld. Voor de gemeente Zeewolde is enkel het aandeel ambulante producten meegerekend. De residentiële producten zijn op basis van een lumpsum financiering ondergebracht bij het Samenwerkingsverband in de regio Flevoland. De verwachting is dat er pas in Q2-2023 inzicht komt bij de jaarrekening inzake onderdeel Flevoland. Eind 2022 is een eind memo van de projectgroep WPB opgeleverd, waarbij een correctie is aangekondigd ten aanzien van de door WPB veroorzaakte financiële effecten. De positieve effecten ten opzichte van de 2e prognose jeugd waren veroorzaakt doordat in de voorgaande analyses dubbelingen zijn ontstaan, hetgeen bij het aanleveren van de gegevens voor opstellen van de prognose destijds niet was onderkend. Gevolgen Wet wijziging woonplaatsbeginsel voor compensatieregeling Voogdij/18+ Om de verschillende soorten problemen met de verdeling van het (historisch verdeelde) budget voor kinderen met een voogdijmaatregel en voor 18+ers op te lossen, is de compensatieregeling voogdij/18+ door het Rijk ingericht.
Deze compensatieregeling is vervallen per 1 januari 2022 in verband met het ingaan van de nieuwe Wet wijziging woonplaatsbeginsel. In tegenstelling tot voorgaande jaren (aanvraag per jaar) kan door afsluiting van de regeling in 2022 compensatie worden gevraagd over 2 jaren tegelijk, namelijk over de administratieve jaren 2020 en 2021. Per juni 2022 is de compensatieregeling voogdij/18+ voor 2020 en 2021 weer opengesteld. Meerinzicht heeft medio 2022 geïnventariseerd welke gemeenten in aanmerking komen voor de aanvraag compensatieregeling Voogdij/18+. Op basis van de uitkomsten van de eerste inventarisatie zijn berekeningen op cliëntniveau gemaakt inzake gezamenlijke kosten voogdij 2020 en 2021 voor de gemeenten Ermelo, Elburg en Zeewolde. De gemeenten Harderwijk, Nunspeet en Oldebroek kwamen in deze eerste berekening qua kosten voogdij al niet boven het drempelbedrag uit. De gemeenten Elburg en Zeewolde komen via de berekening in tweede instantie op cliëntniveau qua kosten ook niet boven het drempelbedrag uit. De gemeente Ermelo komt wel boven genoemd drempelbedrag uit, echter door VWS is de berekeningsystematiek aangepast waarbij het drempelbedrag fors hoger is bepaald. De consequentie daarvan is dat het terug te vragen bedrag fors lager is ten opzichte van de voorgaande jaren.
Het bovenstaande heeft tot gevolg dat een berekening op cliëntniveau is gemaakt en dat Meerinzicht ultimo september 2022 de aanvraag voor € 483.313,-, voor de gemeente Ermelo voor compensatie bij het Ministerie heeft Pagina 4 van 53
ingediend. Op 23 maart 2023 heeft het Ministerie van VWS naar Meerinzicht bericht dat de begeleidingscommissie de aanvraag van de gemeente Ermelo heeft goedgekeurd. Gezien de grote omvang van (toegekende) aanvragen hebben de fondsbeheerders besloten het beschikbare budget te verdubbelen, zodat gemeenten rekening kunnen houden met 80% uitbetaling ten aanzien van het ingediende verzoek. Voor de gemeente Ermelo betekent dit een bedrag van ca. €386.650,-. De definitieve bedragen per gemeente worden in de meicirculaire 2023 bekendgemaakt.
Aanbesteding jeugdhulp vanaf 2022 De zeven gemeenten Elburg, Ermelo, Harderwijk, Nunspeet, Oldebroek, Putten en Zeewolde (ten aanzien van ambulante hulp) kopen gezamenlijk jeugdhulp in. In 2021 is een aanbestedingstraject doorlopen, waarvan de nieuwe contracten in zijn gegaan op 1 april 2022. In de aanbesteding is uitgegaan van vier segmenten: 1. Hoog specialistisch / weinig voorkomend; 2. Wonen; 3. Dagbesteding en dagbehandeling 4. 4 Specialistisch / veel voorkomend. Voor segment 5 Crisis is een apart aanbestedingstraject doorlopen, waarvan het nieuwe contract is ingegaan op 1 januari 2022. Bij de nieuwe inkoop stelde de regio zich het doel ‘goede jeugdhulp binnen budget’ centraal. Om dat te bereiken voerde de regio een aantal aanvullende of nieuwe eisen in en werd het aantal zorgproducten en zorgaanbieders teruggebracht waarbij de kwaliteit van zorg centraal stond. Bij de voorbereiding op de inkoop werd de toegang tot jeugdhulp betrokken. Ook de zorgaanbieders kregen op verschillende momenten inspraak in de procedure en resultaten. De tarieven in de nieuwe contracten zijn gemiddeld genomen over alle segmenten wat gestegen ten opzichte van de tarieven in de voorgaande contracten. De verwachting is dat door de inzet op meer kwaliteit zorgaanbieders met kortere trajecten en met minder verlengingen zorg kunnen organiseren.
De hogere tarieven leiden dus niet automatisch tot hogere kosten op jaarbasis. Vanaf 1 april 2022 wordt gewerkt aan de implementatie van de nieuwe contracten. Aanbieders die niet opnieuw gecontracteerd werden, hebben de mogelijkheid om lopende casussen uit te dienen tot uiterlijk 31 maart 2023. Het jaar 2022 is daarmee een overgangsjaar geweest tussen de oude en nieuwe contracten en producten.
Aantal cliënten Bij het aantal unieke cliënten met aanvang zorg is een lichte stijging zichtbaar voor de EHZ gemeenten als geheel met 0,2%. Het aantal unieke cliënten in Zeewolde is nagenoeg gelijk gebleven met een stijging van 0,1%. Het aantal unieke cliënten in Harderwijk is met 2,7% gestegen. Daar staat tegenover dat het aantal unieke cliënten in Ermelo juist met 4,8% is gedaald. In Ermelo is de relatief hoge uitstroom van 4,8% van de cliënten het gevolg van de Wet wijziging woonplaatsbeginsel. Deze cijfers wijken af van het landelijk gemiddelde. Landelijk gezien daalde het aantal unieke cliënten met 2,9%. Het aantal unieke cliënten in Ermelo daalde relatief sneller. Het aantal cliënten in Harderwijk en Zeewolde is tegen de landelijke trend in (licht) gestegen. In de regio Noord-Veluwe daalde het aantal unieke cliënten met 0,5%.
Pagina 5 van 53
Aantal cliënten met aanvang zorg inzake de EHZ-gemeenten:
Gemeente
Stand per
Toename(+)/afname(-) 31-12-2022 t.o.v.
per periode 31-12-2022
31-12-2022
31-12-2021
31-12-2021
Stand per Instroom/uitstroom 1-1-2022
Ermelo
Stand per
Toe/afname 1-1-2022
579
275
854
275
897
-43
Harderwijk
1.262
602
1.864
602
1.815
49
Zeewolde
539
273
812
273
811
1
2.380
1.150
3.530
1.150
3.523
7
Totaal
Bron: data regionaal dashboard Jeugd op 13 februari 2023, rapport Management - Cliënten
Aantal toewijzingen per gemeente Aansluitend bij het beeld in de regio daalt het aantal toewijzingen ook in Ermelo, Harderwijk en Zeewolde. Het aantal toewijzingen jeugdhulp is in de regio gedaald met 8,3% in vergelijking met de stand per 31-12-2021 en 31-12-2022. Bij de EHZ gemeenten is die afname met 7,4% iets kleiner. In Ermelo is de grootste daling zichtbaar met een afname van 14,2%. In Harderwijk daalde het aantal toewijzingen met 2,7% en in Zeewolde met 10,3%. In de nieuwe contracten met zorgaanbieders zijn verschillende maatregelen getroffen om goede zorg binnen het budget mogelijk te maken. De regio heeft hierbij de volgende doelstellingen benoemd: a. Alle vormen van jeugdhulp zijn systeemgericht. b. We werken aan passende GGZ zorg voor jeugd en opvoeders. c. We maken werk van het normaliseren van opgroeien en opvoeden. Hierbij hanteert de regio de visie ‘doen wat nodig is’ waarbij de basisprincipes bij de inzet van jeugdhulp zijn: dichtbij, hulp op maat, zo licht als mogelijk en intensief als nodig, ruimte voor de professionals en slimmer samenwerken. Dit is onder andere vormgegeven door nieuwe voorwaarden binnen de producten in het productenboek te stellen (kortere doorlooptijden, werken met bewezen effectieve interventies) en het inzetten van de verklarende analyse als startpunt voor de inzet van hulp.
Hiermee streeft de regio naar een goede triage vanuit de visie ‘in één keer goed’. Bovenstaande factoren dragen bij aan het afgeven van minder toewijzingen per jeugdige, omdat in één keer de juiste hulp wordt ingezet en de ingezette hulp ook effectiever is. Aantal toewijzingen per gemeente inzake de EHZ-gemeenten:
Gemeente
Stand per
Toename(+)/afname(-) 31-12-2022 t.o.v.
per periode 31-12-2022
31-12-2022
31-12-2021
31-12-2021
Stand per Instroom/uitstroom 1-1-2022
Ermelo
Stand per
Toe/afname 1-1-2022
778
980
1758
980
2.050
-292
Harderwijk
1.816
2.235
4.051
2.235
4.165
-114
Zeewolde
708
877
1585
877
1.767
-182
3.302
4.092
7.394
4.092
7.982
-588
Totaal
Bron: data regionaal dashboard Jeugd op 13 februari 2023, rapport Beleid - Toewijzingen
Pagina 6 van 53
Aantal cliënten gerelateerd aan uitbetaalde declaraties jeugd per segment Vergelijkbaar met de andere gemeenten in de regio zijn ook in Ermelo, Harderwijk en Zeewolde de meeste declaraties uitbetaald voor cliënten met een toewijzing voor zorg in het segment specialistisch. Hierna volgen van hoog naar laag de segmenten hoog specialistisch, dagbesteding/dagbehandeling, JB/JR en wonen. LTA en crisis hebben een beperkte omvang zowel regionaal als in de EHZ gemeenten. De volgorde voor de gemeente Zeewolde wijkt af en is niet representatief omdat Zeewolde voor segment 1, 2 en JB/JR in 2022 de inkoop in Flevoland heeft. Bij het totaal aantal cliënten van 3.858 is op dat moment een uitbetaald bedrag over declaratiejaar 2022 gemoeid van ca. 27,7 mln. euro ( peildatum 13 februari 2023). Aantal cliënten per segment inzake jaar 2022 op met aanwezigheid van een toewijzing , stand per 13 februari 2023: Gemeente
Segment 1: Segment 2:
Segment 3:
Segment 4: Segment 5: Segment
Segment Segment
Totaal segmenten
Hoog Specialistisch
Wonen
Dagbest/dagbehand
Specialistisch
Crisis
JB/JR
LTA
Overig
per 13 februari 2023
Ermelo
127
82
89
578
4
84
11
0
975
Harderwijk
279
87
228
1.333
20
156
15
0
2.118
Zeewolde
75
4
66
600
1
5
14
0
765
Totaal
481
173
383
2.511
25
245
40
0
3.858
Bron: data regionaal dashboard Jeugd op 13 februari 2023, rapport Meerjarenbeeld (data uitgeklapt per segment)
Pagina 7 van 53
Regio: EHZNEO Rekening
(Gewijzigde) Begroting
Rekening
1e Prognose 2e Prognose berekening berekening
Segment
Verschil Rekening 2022
Verschil Rekening 2022
t.o.v.
t.o.v.
gemeente 2021
2022
2022
2022
2022 **
begroting gemeente 2022
2e prognose 2022
=a
=b
=c
=d
=b-a
=b-d
7.529.000
7.683.000
-823.000
387.000
Segment 1: Hoog Specialistisch
9.022.000
8.893.000
8.070.000
Segment 2: Wonen
10.202.000
11.377.000
8.609.000 10.429.000 10.924.000
Segment 3: Dagbesteding/Dagbehandeling
6.075.000
5.814.000
6.187.000
5.879.000
373.000
308.000
Segment 4: Specialistisch
20.934.000
19.305.000 19.821.000 21.514.000 20.102.000
516.000
-281.000
6.153.000
-2.768.000 -2.315.000
Segment 5: Crisis
167.000
135.000
317.000
68.000
215.000
182.000
102.000
Segment JB/JR
3.820.000
3.781.000
3.124.000
3.752.000
3.601.000
-657.000
-477.000
Segment LTA
3.029.000
3.077.000
1.551.000
880.000
1.289.000
-1.526.000
262.000
Overig - niet cliëntgebonden zorg
446.000
924.000
161.000
635.000
686.000
-763.000
-525.000
Overig - Woonplaatsbeginsel oude jaren
131.000
0
0
0
0
0
0
Onderwijs Jeugd Arrangementen
369.000
609.000
674.000
674.000
681.000
65.000
-7.000
Covid-19 Continuïteitsbijdrage 2020
-28.000
-26.000
-34.000
-34.000
-34.000
-8.000
0
Covid-19 Meerkostenregeling 2020
-75.000
0
0
0
0
0
0
Covid-19 Meerkostenregeling 2021
268.000
0
-171.000
0
0
-171.000
-171.000
Covid-19 Meerkostenregeling 2022*
0
0
84.000
0
0
84.000
84.000
Totaal
54.360.000
53.889.000 48.393.000 51.600.000 51.026.000
-5.496.000 -2.633.000
*= deze kosten worden gedekt door de te ontvangen rijksbijdragen in 2022 inzake meerkostenregeling COVID-19 **= zie tevens memo december ‘22 NW WPB ‘22 inzake update financieel effect Nw WPB 2022 als aanvulling op afgegeven 2e prognose 2022.
Pagina 8 van 53
EHZ-gemeenten: Rekening
(Gewijzigde) Begroting
Rekening
1e Prognose 2e Prognose berekening berekening
Segment
Verschil Rekening 2022
Verschil Rekening 2022
t.o.v.
t.o.v.
gemeente 2021
2022
2022
2022
2022 **
begroting gemeente 2022
2e prognose 2022
=a
=b
=c
=d
=b-a
=b-d
Segment 1: Hoog Specialistisch
5.714.000
5.927.000
4.826.000
4.699.000
4.740.000 -1.101.000
86.000
Segment 2: Wonen
5.644.000
6.697.000
4.639.000
6.183.000
6.181.000 -2.058.000
-1.542.000
Segment 3: Dagbesteding/Dagbehandeling
3.825.000
3.451.000
3.878.000
3.762.000
3.661.000
427.000
217.000
Segment 4: Specialistisch
12.629.000
12.118.000 11.741.000 12.847.000 12.117.000
-377.000
-376.000
Segment 5: Crisis
113.000
75.000
178.000
42.000
115.000
103.000
63.000
Segment JB/JR
2.138.000
2.283.000
1.666.000
2.101.000
2.051.000
-617.000
-385.000
Segment LTA
2.593.000
2.732.000
1.055.000
611.000
774.000 -1.677.000
281.000
Overig - niet cliëntgebonden zorg
422.000
679.000
73.000
362.000
421.000
-606.000
-348.000
Overig - Woonplaatsbeginsel oude jaren
20.000
0
0
0
0
0
0
Onderwijs Jeugd Arrangementen
249.000
461.000
465.000
456.000
461.000
4.000
4.000
Covid-19 Continuïteitsbijdrage 2020
-14.000
-19.000
-19.000
-19.000
-19.000
0
0
Covid-19 Meerkostenregeling 2020
-42.000
0
0
0
0
0
0
Covid-19 Meerkostenregeling 2021
105.000
0
-93.000
0
0
-93.000
-93.000
Covid-19 Meerkostenregeling 2022*
0
0
47.000
0
0
47.000
47.000
34.404.000 28.456.000 31.044.000 30.502.000 -5.948.000
-2.046.000
Totaal
33.396.000
*= deze kosten worden gedekt door de te ontvangen rijksbijdragen in 2022 inzake meerkostenregeling COVID-19 **= zie tevens memo december ‘22 NW WPB ‘22 inzake update financieel effect Nw WPB 2022 als aanvulling op afgegeven 2e prognose 2022
Sturing op uitgaven De afgelopen jaren bleek zowel regionaal als landelijk dat de sturing op de toenemende kosten jeugdhulp erg lastig was. In 2022 zijn de uitgaven voor het eerst licht gedaald, maar dit kan gedeeltelijk worden verklaard door de effecten van het nieuwe woonplaatsbeginsel. Zowel lokaal als regionaal wordt er sturing gegeven aan het verkorten van de doorlooptijden. De nieuwe contracten en productbeschrijvingen zijn hier ook op ingericht. Ook heeft de regio in de nieuwe contracten met zorgaanbieders afgesproken dat wordt gewerkt aan het normaliseren van opgroeien en opvoeden. Hieraan geven we onder andere invulling door van de lokale toegangen te vragen dat zij eerst kijken welk aanbod uit het voorliggende veld (ook) passend is of ingezet kan worden na afloop van een indicatie voor jeugdhulp. Daarnaast hebben een aantal regiogemeenten een deel van de (ambulante) jeugdhulp nu ook belegd bij de lokale toegang, zodat deze sneller en laagdrempeliger kan worden ingezet. Deze veranderingen bieden vanaf april 2022 meer mogelijkheden om te sturen op de uitgaven binnen jeugdhulp. Om te komen tot een gezond financieel en inhoudelijk zorglandschap is een duurzame oplossing nodig. Samenwerking Pagina 9 van 53
en goed opdrachtgeverschap zijn daarbij cruciaal. In de nieuwe inkoop komen beide componenten samen doordat de regio in partnerschap met aanbieders werkt aan de doorontwikkeling van het jeugdhulpaanbod en het minimaliseren van maatwerkovereenkomsten. De aanbieders die GGZ zorg leveren in de segmenten 1 en 4 geven in de kwartaalgesprekken aan dat de vraag naar GGZ zorg hoog blijft. Door de hoge vraag en het lastig kunnen vinden van personeel lopen de wachtlijsten bij meerdere aanbieders op. Verder is de complexer wordende problematiek een signaal dat regelmatig door aanbieders naar voren wordt gebracht. Door het toenemen van de complexiteit is vaker het inzetten van specialistische zorg noodzakelijk. In de nieuwe contracten voor jeugdhulp wordt gewerkt met het normaliseren van opgroeien en opvoeden en passende hulp op basis van de zorgvraag. De omschrijving van de zorgproducten is aangepast, zodat helder is welke zorgvorm passend is op basis van de situatie van de jeugdige en opvoeder. Zowel qua zwaarte als qua omvang en duur. Regionaal wordt gestuurd op het gebruik van een ‘verklarende analyse’ door verwijzers en aanbieders, waarbij niet alleen naar het gedrag gekeken wordt. Ook wordt meegenomen wat er met de jeugdige en opvoeders gebeurde, waarom de vraag nu aan de orde is én een probleem is, wat helpend is in de huidige situatie en wat niet.
Op basis daarvan stelt de verwijzer met de jeugdige en opvoeders vast wat passende zorg is en werken we hiermee aan het ‘in een keer goed’ inzetten van jeugdhulp.
Hoog specialistisch (segment 1) Onder de hoog specialistische zorg vallen de producten driemilieuvoorzieningen, intensief intramurale GGZ behandelingen, JeugdzorgPlus en intensieve ambulante producten. Na segment 4 gaat het om de grootste cliëntengroep. Relatief gezien liggen de uitgaven echter hoger doordat de doorlooptijd gemiddeld langer is en het tarief hoger. Op regionaal niveau is er een daling van 10,6% in de kosten voor dit segment in 2022 ten opzichte van de rekening 2021. Op EHZ-niveau is een daling van 15,5% gerealiseerd in 2022 ten opzichte van de rekening 2021. De rekening 2021 was €5.714.000,- en de rekening van 2022 is €4.826.000,-. De Wet wijziging woonplaatsbeginsel is, zoals eerder beschreven, van grote invloed op de daling in uitgaven in dit segment. Met name in de gemeente Ermelo is er een relatief groot aanbod van jeugdhulp met verblijf in segment 1. Een aanzienlijk deel van deze cliënten valt vanaf 2022 onder de verantwoordelijkheid van andere gemeenten. Dit is ook terug te zien in de cijfers per gemeente. In Ermelo zijn de kosten met 58,0% gedaald. In Harderwijk zijn de kosten met 9,7% gestegen. In Zeewolde zijn de kosten met 19% gestegen.
We zien op basis van de realisatie in 2022 in aantallen jeugdigen en gedeclareerde bedragen in segment 1 dat hoog specialistische GGZ, ambulante behandeling intensief specialistisch en drie milieuvoorzieningen het meeste voorkomen. De doelstelling om residentiële plaatsingen af te bouwen is in 2022, net als in de afgelopen drie jaar, behaald. Zorgaanbieders in segment 1 die GGZ aanbieden geven aan dat ze eerder kunnen afschalen of residentiële plaatsingen kunnen voorkomen wanneer ze aan het begin van de behandeling intensievere trajecten inzetten zoals de inzet van FACT teams. De zorgaanbieders die jeugdhulp met verblijf bieden vanuit segment 1 geven daarnaast aan dat ze meer afschalen naar zorg dicht bij huis of zelfs in de thuissituatie. Er wordt meer ingezet op ambulante ondersteuning, of op intensievere trajecten, ook tijdens het verblijf zodat het verblijf minder lang duurt. Bij zeer complexe problematiek, waarbij er sprake is van een (dreigende) vastgelopen situatie is er een Regionaal Expertteam (RET) in oprichting, dat kijkt naar passende en integrale hulp bij zeer complexe zorgvragen waar aanbieders geen standaard aanbod voor hebben of kunnen creëren. Vaak gaat het hier om specifieke (residentiële) zorg. Het RET is een samenwerking tussen zorgaanbieders en gemeenten in de jeugdhulp regio Noord Veluwe. Met Pagina 10 van 53
het RET willen we de samenwerking blijven stimuleren en komen tot oplossingen daar waar het reguliere aanbod van zorg niet voldoende passend is. Daarnaast is het bovenregionaal expertisecentrum (BOEG - G7 niveau) definitief ingericht. Dit expertisecentrum is bedoeld voor casussen die niet door de RET opgelost kunnen worden. De gemeente Zeewolde kan voor complexe problematiek opschalen naar de regionale experttafel in Flevoland. Hier wordt de complexe casuïstiek besproken en naar passende zorg gekeken. Bij zeer complexe uitzonderlijke problematiek kan gebruik worden gemaakt van het expertisenetwerk. De bovenregionale tegenhanger van BOEG voor de regio Flevoland/Utrecht. Wonen (segment 2) Onder segment 2 vallen de producten Pleegzorg, Gezinshuizen (intensiteit 1 t/m 3), Logeren, Wonen/Verblijf Groep met begeleiding (intensiteit 1 t/m 3) en het Moeder en Kind Huis. Op regionaal niveau is er een daling van 15,6% in de kosten voor dit segment in 2022 ten opzichte van de rekening 2021. Op EHZ niveau is een daling van 17,8% gerealiseerd in 2022 ten opzichte van de rekening 2021. De rekening 2021 was €5.644.000,- en de rekening van 2022 is €4.639.000,-. In Ermelo zijn de kosten voor dit segment met ongeveer €1.348.000,- gedaald. Voor Ermelo is dit een afname van 35,4%.
Deze daling hangt samen met het feit dat zich in Ermelo veel verblijfslocaties bevinden met een landelijke functie voor jeugdhulp met verblijf. De Wet wijziging woonplaatsbeginsel heeft veel invloed op de vergoeding van de kosten voor deze doelgroep. De gemeente Ermelo is verantwoordelijk voor 84,6% van de totale daling in de regionale kosten voor segment 2 wonen. De daling in Ermelo heeft daardoor ook veel invloed op het regionale beeld dat de kosten in dit segment fors dalen. Tegelijk brengt de verandering van het woonplaatsbeginsel voor de gemeenten, zonder grote verblijfslocaties, met zich mee dat ze juist verantwoordelijk zijn geworden voor jeugdigen die jeugdhulp met verblijf ontvangen in andere gemeenten. Veel van de andere gemeenten laten daardoor niet dezelfde trend zien als de regio en Ermelo in het bijzonder. In Harderwijk zijn de kosten met 17,6% gestegen en in Zeewolde met 48,5%. Voor Zeewolde geldt dat het overgrote merendeel van de kosten in segment 2 in 2022 nog via de inkoopsamenwerking Flevoland loopt. De stijging over 2022 voor Zeewolde is om die reden niet representatief te noemen. Op basis van de data met betrekking tot het aantal jeugdigen en gedeclareerde bedragen, is zichtbaar dat veruit de grootste groep jeugdigen zich in de categorie pleegzorg bevindt.
Echter, de hoogst gedeclareerde waarde zien we terug bij de producten Wonen/Verblijf Groep met begeleiding (intensiteit 1 t/m 3). Dagbesteding / Dagbehandeling (segment 3) Onder segment 3 vallen de producten Ambulante begeleiding groep, Ambulante behandeling groep, KDV + met en zonder kinderopvangtoeslag en BSO+ met en zonder kinderopvangtoeslag vallen onder segment 3 Dagbesteding/Dagbehandeling. Op regionaal niveau is er een stijging van 1,8% in de kosten voor dit segment in 2022 ten opzichte van de rekening 2021. Op EHZ niveau is er een stijging van 1,4% in de kosten in 2022 ten opzichte van de rekening 2021. De rekening 2021 was €3.825.000,- en de rekening van 2022 is €3.878.000,-. Het valt op dat deze stijging alleen in Harderwijk zichtbaar is met een stijging van 8,0%. In Zeewolde is de grootste daling zichtbaar van 12,5%, gevolgd door een kleine daling in Ermelo van 0,7%. In de afzonderlijke EHZ gemeenten is op basis van de data met betrekking tot het aantal jeugdigen en gedeclareerde bedragen zichtbaar dat de grootste groep jeugdigen zichtbaar is in de Ambulante Begeleiding Groep. De hoogst gedeclareerde waarde zien we terug in het product Ambulante Behandeling Groep. Dit geldt voor de gemeenten Harderwijk en Ermelo. Bij Zeewolde zien we dat de Ambulante Behandeling Groep zowel qua aantal jeugdigen als gedeclareerde waarde het hoogst is.
Pagina 11 van 53
De stijging ten opzichte van 2021 is alleen zichtbaar in de gemeente Harderwijk. Deze stijging is deels een effect van de wijzigingen door de nieuwe inkoop.
Specialistisch (segment 4) Onder segment vier valt de veel voorkomende specialistische zorg voor jeugdigen met enkelvoudige- en/of kortdurende problematiek. Het gaat hierbij om producten waarbij ambulante en/of poliklinische hulp wordt aangeboden. Van alle segmenten worden de meeste cliënten binnen dit segment verwezen, het segment kost vanwege dit volume meer dan de andere segmenten. Gemiddeld genomen gaat het hier echter om goedkopere trajecten dan in de andere segmenten. Op regionaal niveau is er een daling van 5,3% in de kosten voor dit segment in 2022 ten opzichte van de rekening 2021. Op EHZ niveau is een daling van 7,0% gerealiseerd in 2022 ten opzichte van de rekening 2021. De rekening 2021 was €12.629.000,- en de rekening van 2022 is €11.741.000,-. In alle EHZ gemeenten is een daling te zien. In Zeewolde is de daling in de kosten het grootst namelijk 13,5%. In Ermelo is de daling 6,0% en in Harderwijk is de daling 4,4%. Het beeld in de data per gemeente sluit grotendeels aan bij het regionale beeld. Ook in de afzonderlijke EHZ gemeenten is op basis van de data met betrekking tot het aantal jeugdigen en de gedeclareerde bedragen zichtbaar dat de grootste groep jeugdigen en hoogste gedeclareerde waarde zichtbaar is bij de specialistische GGZ zorg.
Ook de Basis GGZ zorg, opvoedhulp, individuele begeleiding (specialistisch) vormen een groot deel van de realisatie in dit segment. In Zeewolde zijn ook de (specialistische) behandelingsproducten een groot deel van de realisatie. De daling ten opzichte van 2021 is ook in de EHZ-gemeenten met name zichtbaar in het aantal cliënten en het gedeclareerde bedrag bij opvoedhulp. In de diverse gemeenten zijn er ook andere producten die dalen in kosten en/of cliënten ten opzichte van 2021.
Crisis (segment 5) In dit segment valt de zorg die wordt ingezet voor jeugdigen in een crisissituatie. Het gaat hierbij om intensieve, kortdurende interventies die kostbaar en schaars zijn. Binnen dit segment is één aanbieder verantwoordelijk voor het coördineren en organiseren van alle benodigde ondersteuning. Deze aanbieder leidt een samenwerkingsverband van verschillende aanbieders met expertise op het gebied van jeugd- en opvoedhulp, GGZ en LVB. Gezamenlijk wordt door middel van een triage bepaald wie, welke interventie moet inzetten. Het doel van deze triage is om in één keer de juiste hulpvorm in te zetten waarbij het zoveel als mogelijk voorkomen van residentiële opvang één van de doelstellingen is. In Ermelo en Harderwijk is, net als in de regio, een kostenstijging zichtbaar in het segment crisis in de vergelijking tussen de jaarrekening 2021 en 2022. In Zeewolde is een daling zichtbaar. Dit heeft alles te maken met de nieuwe opzet per 1-1-2022 en toedeling van de kosten bij crisisinterventies naar segment 5 in de nieuwe opzet. De stijgingen en dalingen laten zich lastig duiden omdat de mate waarin dit product wordt ingezet afhankelijk is van individuele- of gezinsomstandigheden die per definitie onvoorzien zijn. De mate waarin dit product wordt ingezet bij crisis zal daardoor jaarlijks wisselen.
De aard van de problematiek brengt met zich mee dat een cijfermatige doorvertaling van eerdere gegevens geen garantie is voor de voorspelbaarheid. Op het moment van schrijven van het jaarverslag 2022 loopt er tegelijkertijd een evaluatie van segment 5 tussen gemeenten en aanbieders. De algehele indruk van de aanbieders en vooralsnog ook van gemeenten is dat er sprake is van effectieve en efficiënte hulpverlening. Het eea zal met behulp van wel of niet behaalde KPI's worden gestaafd. Zodra de evaluatie segment 5 crisis over 2022 is afgerond zal de rapportage gedeeld worden met de gemeenten.
Pagina 12 van 53
Segment JB/JR In dit segment vallen de kosten die voortkomen uit de Jeugdbeschermings- en Jeugdreclassering Producten. Op regionaal niveau is er een daling van 18,2% in de kosten voor dit segment in 2022 ten opzichte van de rekening 2021. Op EHZ-niveau is een daling van 22,1% gerealiseerd in 2022 ten opzichte van de rekening 2021. De rekening 2021 was €2.138.000,- en de rekening van 2022 is €1.666.000,-. In alle EHZ gemeenten is een daling te zien, omdat Zeewolde onder een andere regio valt met betrekking tot JB/JR gaan we hier vooral in op de cijfers van Ermelo en Harderwijk. In Ermelo is de daling in de kosten het grootst namelijk 38,0%. In Harderwijk is de daling 6,4%. De producten Ondertoezichtstelling en Voogdij zijn verantwoordelijk voor het grootste deel van deze kosten. Toezicht en begeleiding hebben een kleiner aandeel in de realisatie. De grootste kostendaling is waar te nemen bij het product Voogdij. Dit wordt verklaard door de invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel. Bij jeugdigen met een verblijfsproduct uit segment 1 of 2 staan relatief vaak onder voogdij. De relatief grote daling in Ermelo kan daarom op dezelfde manier worden verklaard als bij segment 1 en 2 als een gevolg van het nieuwe woonplaatsbeginsel. De afgelopen jaren is intensief gewerkt aan de samenwerking met de Jeugdbescherming aan de hand van de Gelderse Verbeteragenda Jeugdbescherming (GVJB).
De GVJB is een pakket aan samenwerkingsafspraken tussen alle Gelderse gemeenten, de vier Gecertificeerde Instellingen (GI’s), de Raad voor de Kinderbescherming en Veilig Thuis. Het uitgangspunt voor de betrokken partijen is om gezamenlijk de kinderen en gezinnen waarbij veiligheidsvraagstukken spelen eerder en beter te ondersteunen. Er is in 2022 toegewerkt naar gelijke contractvoorwaarden, monitoring en kostprijzen op bovenregionaal niveau. Doel is om de administratieve lasten te verlichten en daardoor betere zorg te kunnen leveren. Op lokaal niveau worden maatregelen genomen om de instroom en de uitgaven in de toekomst te stabiliseren en te verminderen. Onder andere door het project Toekomsttuinen dat ook een koppeling heeft met het Landelijke Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming en de Hervormingsagenda Jeugd. De gemeenten hebben geen directe invloed op de bepalingen jeugdhulp die vanuit de GI’s worden afgegeven voor de inzet van jeugdhulp, maar er is wel een samenwerking ontstaan tussen de GI’s en de lokale toegang waarbij afstemming plaatsvindt om te bepalen welke jeugdhulp aangewezen is. Dit heeft zijn uitwerking gekregen in de zogenaamde 301-route die in onze regio per 1-11-2022 van kracht is geworden.
Daarnaast wordt er door alle partijen ingezet om (echt-) scheidingsproblematiek in een vroeg stadium te signaleren om zodoende steeds verder escalerende problematiek tussen ouders te voorkomen. In de komende jaren moet blijken of de maatregelen zich ook zullen doorvertalen in de uitgaven. De producten JB/JR voor Zeewolde zijn ingekocht middels een subsidie aan Samen Veilig binnen de regio Flevoland. Bij het opstellen van deze rapportage waren de gegevens met betrekking tot de ontwikkelingen en productie van Jeugdbescherming en Jeugdreclassering nog niet voorhanden. Overig- niet cliëntgebonden zorg De specificatie van het segment “overig-niet cliëntgebonden zorg ” is in hoofdlijnen voor het jaar 2022 inzake de EHZ-gemeenten als volgt: ● ● ● ● ●
reguliere niet-cliëntgebonden kosten 2022 vrijval van de niet benutte post nog te betalen 2021 aan zorgaanbieders zorgkosten Oekraïense jeugd overig inzake facturatie Nieuw Woonplaatsbeginsel 2022 kosten vervoer 2022 Totaal voor 2022
€ 233.000,--/- € 226.000,-€ 2.000,--/- € 3.000,-€ 67.000,-€ 73.000,--
Pagina 13 van 53
Toegang Jeugdhulp EHZ Jeugdhulp Zeewolde is onderdeel van Meerinzicht en geeft samen met de beleidsambtenaren uitvoering aan de jeugdwet voor Zeewolde. De toegang tot jeugdhulp is bij de gemeente Harderwijk en Ermelo belegd bij het Centrum voor Jeugd en Gezin. De toegang is het lokale aanspreekpunt voor ouders en jongeren met vragen over opgroeien, opvoeden en gezondheid. Samen met ouders en jongeren voeren zij regie over de hulpvraag. Daarnaast begeleiden de Centra voor Jeugd en Gezin gezinnen waar nodig. En voeren waar nodig samen met de ouders en jongeren regie over de hulpvraag. De toegang is in alle drie gemeenten aanwezig op het onderwijs en bij huisartsen. Hierdoor staat de toegang dicht bij de ouders en jongeren en wordt eerder betrokken bij vragen en eventuele verwijzingen.
Pagina 14 van 53
Hoofdstuk 2 Zorgkosten Participatiewet Inleiding 2022 was een dynamisch jaar, waarin verschillende economische en maatschappelijke ontwikkelingen invloed hadden op de zorgkosten van de Participatiewet. Enerzijds was er een daling te zien in het aantal werkzoekenden, anderzijds was er een groei in het beroep op bestaanszekerheid. Deze ontwikkelingen betreffen onder andere: ● ● ●
Vergrijzing en economische groei → Krapte op de arbeidsmarkt Effecten Oekraïne crisis → o.a. ten aanzien van stijging van de kosten voor energie en grondstoffen en energiekosten voor bedrijven en consumenten. Inflatie op recordhoogte → prijzen (bestaans)goederen stijgen → financiële gezondheid huishoudens daalt
Zoals te zien is in bovenstaande opsomming, zijn er factoren die zorgen voor een groei van de werkgelegenheid, en factoren die effect hebben op de koopkracht. Het beroep op de bijstand is mede afhankelijk van deze factoren. Momenteel is er sprake van een zeer krappe arbeidsmarkt. Er zijn meer vacatures dan werkzoekenden. Het bijstandsbestand van Harderwijk is gedaald ten opzichte van eind 2021. In Zeewolde en Ermelo is het bestand nagenoeg gelijk gebleven. De mismatch tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt is nog altijd aanwezig. Gezien de krapte op de arbeidsmarkt zijn de mogelijkheden om inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt op een (aangepaste) baan verruimd en Meerinzicht zet zich in om dit te faciliteren. Verstrekte uitkeringen dalen Het aantal verstrekte uitkeringen voor de gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde is in 2022 gedaald ten opzichte van 2021. Dit komt doordat in 2022 de uitstroom uit de bijstand hoger was dan de instroom in de bijstand. In Harderwijk is daarnaast te zien dat de instroom sterk is afgenomen ten opzichte van vorig jaar. De verklaring hiervan is deels te vinden in de krappe arbeidsmarkt, waardoor mensen die hun baan verliezen, of dreigen te verliezen, sneller een andere geschikte baan kunnen vinden. Ook zien we dat de uitstroom is gestegen (Ermelo en Zeewolde) of gelijk is gebleven (Harderwijk).
Hierin zien we een positief effect van de samenwerking met de Inclusief Groep op basis van de nieuwe overeenkomst als in ogenschouw wordt genomen dat deze uitstroom van mensen met relatief grotere afstand tot de arbeidsmarkt.
Aantal verstrekte uitkeringen per gemeente Ermelo
Harderwijk
Zeewolde
2021
2022
2021
2022
2021
2022
Aantal uitkeringen
359
343
847
793
273
268
Instroom aantal uitkeringen
123
134
269
198
71
70
Uitstroom aantal uitkeringen
128
150
253
252
69
75
Aantal inwoners met een uitkering
426
401
1.004
943
320
316
Bovenstaande tabel geeft inzicht in de uitkeringen over heel 2021 en 2022. Door administratieve verwerking na peildatum kunnen aantallen over dezelfde periode verschillen.
Pagina 15 van 53
Tozo Over de periode van 1 december 2021 tot 1 april 2022 is de Tozo-regeling voor ondernemers omgezet in een aangepaste Bbz, oftewel ‘Bbz light’. Vanaf 1 april 2022 is het reguliere Bbz weer van toepassing. Meerinzicht voert deze regelingen uit voor de gemeenten Ermelo en Harderwijk. Zeewolde heeft deze dienstverlening uitbesteed aan het ZelfstandigenLoket Flevoland. Ontwikkelingen Inclusief Groep In 2022 heeft Meerinzicht met de Inclusief Groep in een hernieuwde samenwerking en werkwijzen ingezet op: 1. zoveel mogelijk personen in de uitkering optimaal te laten participeren in de samenleving door middel van werk en (gedeeltelijke) uitkeringsonafhankelijkheid; 2. bijdragen aan de behoefte van werkgevers om hun personele vraagstukken op te lossen; 3. de uitgaven op de uitkeringslasten voor gemeenten te reduceren; De overgang vroeg zowel van Meerinzicht als van de Inclusief Groep een andere manier van samenwerking, gericht op het zo optimaal mogelijk faciliteren van de betrokken deelnemers om de kortste route naar een duurzame baan te realiseren. De te behalen resultaten en voortgang zijn maandelijks gemonitord. Halverwege 2022 bleek dat er onvoldoende cliënten waren die in het profiel pasten om binnen 1 jaar naar werk te begeleiden. Ook vroeg de groepsgewijze aanpak bij Inclusief Groep om een omslag naar een meer individuele aanpak.
In de tweede helft van 2022 is de werkwijze aangepast. In het jaar 2022 zijn er 366 cliënten aangemeld en zijn er 99 cliënten gaan werken (zowel fulltime als parttime). Bestaanszekerheid aantal verstrekkingen Onder de verstrekkingen van bestaanszekerheid vallen onder andere de bijzondere bijstand, de Individuele Inkomenstoeslag (IIT), Individuele Studietoeslag (IST), de Maatschappelijke Bijdrageregeling (MBR), de Regeling Chronisch zieken en de PC-regeling. De ontwikkeling van het aantal verstrekkingen in het kader van bestaanszekerheid hangt samen met de economische ontwikkeling en het aantal verstrekte bijstandsuitkeringen. Door de energiecrisis en de hoge inflatie in 2022 kwamen meer huishoudens in de financiële problemen, waardoor het beroep op inkomensondersteuning vanuit bestaanszekerheid sterk is gestegen. Het aantal verstrekkingen van de meest voorkomende regelingen en verstrekkingen voor bestaanszekerheid per gemeente worden weergegeven in onderstaande tabel1. In onderstaande tabel is de realisatie van het aantal verstrekkingen voor 2020, 2021 en 2022 opgenomen. In 2022 zijn er 6.420 aanvragen voor minimaregelingen afgehandeld (exclusief energietoeslag) ten opzichte van 4.843 afgehandelde aanvragen in 2021. Het aantal aanvragen is fors gestegen, ook is een toename te zien in het aantal afwijzingen.
De stijging van de aanvragen voor minimaregelingen is met name veroorzaakt door een toename van het aantal inwoners dat in aanmerking komt voor deze regelingen. Daarnaast heeft mogelijk ook een betere toegankelijkheid (door verbetering van het aanvraagproces) en vindbaarheid voor de inwoner een verhogend effect gehad. Aanvraagprocessen voor de verschillende regelingen zijn sinds dit jaar samengevoegd en gebundeld. Met name de aanvragen voor de tegemoetkoming Algemene ziektekostenverzekering (AZKV) lijken hierdoor fors gestegen. De aanvragen voor de Regeling Chronisch zieken is ook gestegen waarbij de stijging voor Ermelo en Harderwijk niet direct te verklaren is door verbetering van aanvraagprocessen. De stijging van de regeling chronisch zieken in Zeewolde is te verklaren doordat Zeewolde sinds 2022 deze regeling ook aanbiedt. Door de verhoging van de bijstandsnorm wordt voor 2023 een verdere toename verwacht.
1
op basis van datum betaalrun
Pagina 16 van 53
Regeling / aantal verstrekkingen
Ermelo 2020 2021
Harderwijk 2022
2020
Zeewolde
2021 2022
2020
2021
2022
Individuele inkomenstoeslag
358
301
361
829
787
855
260
209
256
Maatschappelijke bijdrageregeling 18+
311
341
330
719
839
917
283
252
277
Maatschappelijke bijdrageregeling 18-
96
87
94
249
257
270
0
84
95
Regeling Chronisch zieken
139
138
214
198
251
413
0
10
104
PC Regeling
12
14
15
46
46
58
15
11
20
Energietoeslag Om de forse stijging van de energierekening van huishoudens deels te compenseren, kunnen huishoudens met een laag inkomen een energietoeslag krijgen. Meerinzicht voert deze regeling uit voor Ermelo, Harderwijk en Zeewolde. In de meicirculaire 2022 is de energietoeslag van € 800 per aanvraag beschikbaar gesteld voor huishoudens met een laag inkomen. Bij aanvang van het zomerreces 2022 heeft het kabinet de energietoeslag verhoogd naar € 1.300. Deze nieuwe regeling heeft geleid tot veel aanvragen. De bedrijfsvoering en dienstverlening zijn hierop ingericht. Inmiddels zijn er in totaal meer dan 4.500 aanvragen afgehandeld, waarbij 3.563 aanvragen zijn toegekend. Daarnaast is het gelukt om de aanvragen voor 94% binnen de termijn af te handelen. De energietoeslag in het laatste kwartaal van 2022 is opnieuw verhoogd door het Rijk naar € 1.800. De financiële effecten hiervan zullen in 2023 zichtbaar zijn. De gegevens in onderstaande tabel zijn gebaseerd op de in 2022 uitbetaalde bedragen.
Energietoeslag
Aantal toekenningen Uitgekeerd bedrag in €
Ermelo
Harderwijk
Zeewolde
2022
2022
2022
905
2.027
631
1.173.529
2.605.649
804.522
Leefgeld Oekraïne Met de komst van de Oekraïense vluchtelingen hebben gemeenten de verplichting gekregen om aan deze ontheemden leefgeld te verstrekken. Deze opdracht is op basis van een besluit in de netwerkdirectie EHZM gemandateerd aan Meerinzicht. Ontheemden moeten zich inschrijven in de Basisregistratie Personen om hierop aanspraak te kunnen maken. In de beginfase kregen alle ontheemden contant geld uitgereikt, omdat de aanvraag en uitgifte van een bankrekeningnummer enige tijd in beslag neemt. Zodra de ontheemde over een IBAN-rekeningnummer beschikt, wordt overgegaan op betalingen per bank. In 2022 hadden de Oekraïense ontheemden recht op leefgeld wanneer er geen sprake was van betaalde arbeid. Het Rijk compenseert de gemeenten voor deze kosten. In de onderstaande tabel staan de aantallen die in 2022 leefgeld hebben ontvangen.
Pagina 17 van 53
Leefgeld Oekraïne
Ermelo
Harderwijk
Zeewolde
2022
2022
2022
Uitgekeerd bedrag in €
220.435
192.263
202.453
Aantal ontheemden ultimo boekjaar
Ermelo
Harderwijk
Zeewolde
2022
2022
2022
Gemeentelijke opvang
79
68
72
Particuliere opvang
54
51
46
Financiën Participatiewet Meerinzicht Onderstaande tabel geeft inzicht in de realisatie 2021 en 2022 van zowel Meerinzicht als de gezamenlijke gemeenten afgezet tegen de begroting 2022. Voor de financiën per gemeente wordt verwezen naar Bijlage 1. Wat opvalt is dat de dalende trend voor inkomen doorzet door een daling van het aantal bijstandsontvangers. Aan de andere kant is er een sterke stijging in de uitgaven voor bestaanszekerheid, doordat meer mensen een beroep doen op de bijzondere bijstand en het minimabeleid.
Meerinzicht Totaal
Realisatie 2021
Verschil realisatie t.o.v. begroting gemeenten
Verschil realisatie t.o.v. begroting Meerinzicht
Inkomen
22.258.000
22.904.000
21.824.500
21.716.997
-1.187.003
107.503
Participatie / re-integratie
1.969.000
2.102.000
2.171.000
1.814.672
-287.328
356.328
Bestaanszekerheid
3.634.000
3.697.000
3.806.500
4.124.444
427.444
-317.944
subtotaal regulier
27.861.000
28.703.000
27.802.000
27.656.113
-1.046.887
145.887
86.000
0
0
0
0
0
Tozo/Tonk baten
2.362.000
0
0
-270.813
-270.813
270.813
Energietoeslag**
0
4.973.750
0
4.583.700
-390.050
-4.583.700
Leefgeld Oekraïne**
0
0
0
615.151
615.151
-615.151
subtotaal overige
2.448.000
4.973.750
0
4.928.038
-45.712
-4.928.038
Totaal
30.309.000
33.676.750
27.802.000
32.584.151
-1.092.599
-4.782.151
Project Statushouders / inburgering*
Begroting gemeenten 2022
Begroting Meerinzicht 2022
Realisatie 2022
* Vanaf 2022 vallen deze kosten onder de nieuwe Wet Inburgering ** Regeling wordt bekostigd uit aanvullende Rijksmiddelen
Pagina 18 van 53
Hoofdstuk 3 Zorgkosten Wmo Wmo maatwerkvoorzieningen en tariefontwikkeling Inwoners in de EHZ-gemeenten die beperkingen hebben en niet zelfstandig of met hulp van hun omgeving ondersteuning kunnen regelen, worden geholpen bij het bevorderen van hun zelfredzaamheid en participatie in de samenleving door de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Om dit te bereiken worden er maatwerkvoorzieningen aangeboden, waaronder hulp bij het huishouden, individuele en groepsbegeleiding, logeeropvang, woon- en vervoersvoorzieningen en maatschappelijke opvang en beschermd wonen. In het jaar 2022 zijn er belangrijke stappen gezet om de dienstverlening aan inwoners van de EHZ gemeenten door te ontwikkelen. Met de totstandkoming van de beleidsregels maatschappelijke ondersteuning is in navolging op de integrale verordening sociaal domein (vastgesteld door de gemeenteraden in 2021) de regelgeving verder op orde gebracht. De beleidsregels bieden duidelijkheid aan zowel de inwoners als de klantmanagers binnen Meerinzicht over de wijze waarop al dan niet maatschappelijke ondersteuning wordt verleend. Daarnaast is er in 2022 een normenkader voor hulp bij het huishouden ingevoerd. Dit kader ondersteunt de toegangsmedewerkers bij het vaststellen van de omvang van de indicaties.
Dit draagt bij aan een zorgvuldige afweging van de benodigde hulp bij het huishouden en zorgt voor meer uniformiteit in de indicatiestelling. Ook sluit het kader beter aan bij de huidige opvattingen over ondersteuning op maat van inwoners bij het voeren van een huishouden als zij dit niet (meer) helemaal zelf kunnen. Verder zijn er in 2022 twee aanbestedingen afgerond, namelijk die van doelgroepenvervoer en medische advisering. Deze aanbestedingen zijn zorgvuldig en transparant verlopen en hebben geleid tot continuering van de dienstverlening van Meerinzicht. Ondanks de stabiele uitgaven in 2022 verwachten we in 2023 - in lijn met de landelijke trend - een groei van de vraag naar maatschappelijke ondersteuning. De meest belangrijke elementen zijn daarin: - toenemende vergrijzing; - toename van langdurige, complexe en of domeinoverstijgende zorgvragen; - afname van het aantal mantelzorgers en vrijwilligers; - groei van het aantal inwoners met name in Harderwijk en Zeewolde; - groei van het aantal mensen dat zelfstandig woont (in plaats van wonen in een instelling); - weinig doorstroming op de woningmarkt, waardoor woningaanpassingen noodzakelijk zijn; - doorontwikkeling van beschermd wonen (intramuraal) naar beschermd thuis; - ambulantisering GGZ.
Hulp bij het Huishouden Onderstaande staafdiagram geeft inzicht in de ontwikkeling van het aantal verstrekkingen bij hulp bij het huishouden vanaf eind 2015 tot en met 20222. Er is een trendbreuk waar te nemen vanaf 2019. Die hangt samen met de invoering van het abonnementstarief. De vraag naar Hulp bij het Huishouden is gestabiliseerd. Er is nog altijd een krapte op de arbeidsmarkt aanwezig. Door het tekort aan beschikbare huishoudelijk hulpen is de groei minder groot doordat er minder capaciteit is om in te zetten. Er is een beschikbaarheidswijzer ontwikkeld waardoor de inzet van hulpen efficiënter ingezet wordt. Met name in de drukke periodes (zomer en kerst) is de beschikbaarheidswijzer een uitkomst.
2
Deze cijfers zijn gebaseerd op de gegevens uit de desbetreffende jaarverslagen. De cijfers in ons administratieve systeem zijn dynamisch en kunnen met terugwerkende kracht geactualiseerd worden; kleine afwijkingen zijn daarom niet uit te sluiten
Pagina 19 van 53
Begeleiding Hieronder is een staafdiagram weergegeven van de ontwikkeling van het aantal verstrekkingen bij Begeleiding 2017-20223. Opvallend is dat het aantal verstrekkingen bij begeleiding -tegen de verwachting in- in 2022 niet is toegenomen. Het totaal aantal meldingen is in vergelijking met 2021 gelijk gebleven. Datzelfde geldt voor de uitgaven. Die zijn nagenoeg gelijk gebleven in vergelijking met 2021. Er zijn verschillende factoren aan te wijzen die hebben geleid tot een lager gebruik van maatschappelijke ondersteuning dan vooraf werd verwacht: - Het een en ander is een effect van een sterkere sociale basis (geheel van informele en formele zorg) waardoor maatwerkondersteuning minder vaak hoeft te worden ingezet. Er zijn dan meer alternatieve vormen van ondersteuning beschikbaar (zoals een Odensehuis) die beter aansluiten bij de behoefte van mensen, met als gevolg dat men minder snel een beroep doet op begeleiding via de Wmo. - Een plausibele verklaring is dat het recent (2021/2022) ingevoerde beleid in combinatie met verbeterd inkoop- en contractbeheer heeft geleid tot minder toekenningen. Daarnaast zijn er verbeteringen aangebracht in werkprocessen en werkwijzen waardoor de efficiëntie is verhoogd. - Er zijn mogelijk meer inwoners met een verbeterde zelfredzaamheid.
Als mensen beter in staat zijn om voor zichzelf te zorgen en minder afhankelijk zijn van anderen, kan dit leiden tot minder aanvragen voor begeleiding. Dit kan bijvoorbeeld een gevolg zijn van betere positie op de arbeidsmarkt, gezondheid, nieuwe technologieën of andere ondersteuningsprogramma's in het voorveld. - De geestelijke gezondheid als geheel functioneert beter als keten: wanneer er preventief ondersteuning beschikbaar is (bijvoorbeeld door een initiatief als Welzijn op recept) dan krijgen mensen eerder ondersteuning en zijn ze minder terughoudend bij het aanvragen van psychische ondersteuning via de Zorgverzekeringswet.
3
Deze cijfers zijn gebaseerd op de gegevens uit de desbetreffende jaarverslagen. De cijfers in ons administratieve systeem zijn dynamisch en kunnen met terugwerkende kracht geactualiseerd worden; kleine afwijkingen zijn daarom niet uit te sluiten
Pagina 20 van 53
Stijging tarieven maatwerkvoorzieningen (indexatie) De tarieven voor Wmo voorzieningen zijn vastgesteld op basis van een reële kostprijs. Daarin is vooral de CAO, met stijgende loonkosten de meest bepalende factor van de diverse kostprijselementen. Een ander element is bijvoorbeeld de sterk stijgende grondstofprijzen in de bouwsector, die invloed hebben op de kosten voor woningaanpassingen. Covid Meerkosten 2021 en 2022 De corona pandemie heeft grote gevolgen gehad voor de gezondheidszorg en het sociaal domein. Zorgaanbieders hebben extra kosten moeten maken om de zorg en ondersteuning aan kwetsbare inwoners op peil te houden, terwijl er tegelijkertijd minder inkomsten waren door de crisis. Deze extra kosten worden ook wel de corona meerkosten genoemd. Om zorgaanbieders tegemoet te komen in deze extra kosten, heeft het Rijk financiële steun beschikbaar gesteld. De afwikkeling van de meerkostenregeling 2021 is vrijwel afgerond, voor 2022 worden de rijksbijdragen nu door Meerinzicht in rekening gebracht bij de gemeenten en worden de meerkosten 2022 conform de meerkostenregeling 2022 in de loop van 2023 vergoed aan de zorgaanbieders.
Pagina 21 van 53
Hoofdstuk 4 Zorgkosten Wet Inburgering Maatschappelijke Participatie statushouders Sinds 1 januari 2022 hebben gemeenten de wettelijke taak gekregen om regie te voeren op de inburgering van statushouders. De klantmanager heeft een centrale rol bij de route de statushouder aflegt.
Het jaar 2022 stond in het teken van het verder implementeren van de verschillende onderdelen van de wet. Doordat DUO problemen had met de ontsluiting van gegevens over inburgeringsplichtigen aan gemeenten, is de daadwerkelijke uitvoering van de Wet inburgering door gemeenten pas gestart in het tweede kwartaal van 2022. Het team inburgering heeft naast de nieuwe instroom ook te maken met de oude wetters. Dit zijn statushouders die vallen onder de oude inburgeringswet 2013 en nog wel inburgeringsplichtig zijn. Voor beiden doelgroepen ligt er een heldere werkwijze die besproken is met partners als vluchtelingenwerk Nederland, COA en Inclusief Groep. Dit is vervat in een afsprakenboek.
Pagina 22 van 53
Met de komst van de nieuwe wet hebben gemeenten de opdracht gekregen om de inburgeraar te kunnen voorzien van een leerroute. Het is gelukt om voor alle drie leerroutes een aanbieder te contracteren. Voor de B1-route en de Z-route is dat via een openbare aanbesteding gelukt, voor de onderwijsroute waren er geen inschrijvingen. Dit was een landelijk probleem en had een directe relatie met de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen voor de onderwijsroute. Inmiddels heeft het Rijk de vergoeding voor de onderwijsroute voor 2022 en 2023 verhoogd. Hierdoor is het alsnog mogelijk geweest om met twee regionale onderwijsinstellingen contractafspraken te maken, Deltion (MBO) en Windesheim (HBO), waardoor ook deze leerroute voor inburgeraars beschikbaar is gekomen. Met de gemeenten zijn er nieuwe subsidieafspraken gemaakt over maatschappelijke begeleiding door Vluchtelingenwerk. Daarnaast zijn er afspraken gemaakt voor het financieel ontzorgen bij de Kredietbank en Vluchtelingenwerk en zijn er uitvoeringsafspraken vastgelegd met de Inclusief Groep over de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP), het Participatieverklaringstraject (PVT) en het praktijkonderdeel van de B1-route. In september 2022 zijn de eerste statushouders ingestroomd in een leerroute.
Taalscholen hebben last van de krappe arbeidsmarkt en door het tekort aan docenten duurt het voor een inburgeraar gemiddeld langer voordat een traject van start kan gaan. Dit probleem wordt landelijk erkend en heeft ervoor gezorgd dat de overheid tijdelijke versoepelingen heeft aangekondigd omtrent de eisen die worden gesteld aan de docenten. Door al deze oorzaken zijn er in 2022 minder kosten gemaakt dan begroot. In afstemming met de gemeentelijke (financiële) vertegenwoordigers is besloten deze landelijke specifieke middelen over te hevelen van 2022 naar 2023, zodat deze alsnog in 2023 ingezet kunnen worden voor de doelgroep statushouders. Dit is conform het landelijke beleid ten aanzien van deze regeling.
Wet Inburgering
Ermelo
Harderwijk
Zeewolde
2022
2022
2022
Subsidie SPUK gelden 2022
197.000
347.000
167.000
Realisatie 2022
38.952
117.664
36.309
Mee te nemen budget naar 2023
158.048
229.336
130.691
Pagina 23 van 53
Hoofdstuk 5 Covid-19 gerelateerde dienstverlening regio v.w.b. Jeugd en Wmo Covid-19 gerelateerde dienstverlening Ook in het boekjaar 2022 heeft er Covid-19 gerelateerde dienstverlening plaatsgevonden. In deze paragraaf is de afhandeling van een aantal onderdelen opgenomen, die gerelateerd is aan de “declaratiejaren” 2020, 2021 en 2022. Dit betreft nog een positieve correctie ten aanzien van de continuïteitsbijdrage Jeugd 2020 en een definitieve stand van zaken ten aanzien van de afhandeling Meerkostenregeling 2021 inzake Jeugd en Wmo.
Specificatie Continuïteitsbijdrage COVID-19 periode maart t/m juni 2020 m.b.t. Jeugd 2020 Regio Continuïteitsbijdrage
Continuïteitsbijdrage
Continuïteitsbijdrage
reeds opgenomen kosten
minder kosten
in jaarrekening 2020 en 2021 exploitatie 2022*
exclusief LTA
LTA
inclusief LTA
Regio EHZNEO
1.387.962
4.865
1.392.827
1.426.431
-33.604
Totaal
1.387.962
4.865
1.392.827
1.426.431
-33.604
*=Voor 1 zorgaanbieder vindt geen uitbetaling plaats inzake afwikkeling CB-2020.De kosten waren reeds opgenomen in de jaarrekening 2021.