Jaarstukken 2021 domein sociaal 3D-programmagelden EHZ.pdf
Tekst van het document
Jaarstukken 2021 Programmagelden sociaal domein Ermelo, Harderwijk en Zeewolde
Eindversie, 4 mei 2022
Inhoudsopgave Inleiding
2
Hoofdstuk 1 Programmagelden Jeugdwet
4
Hoofdstuk 2 Programmagelden Participatiewet
14
Hoofdstuk 3 Programmagelden Wmo
17
Bijlage 1: Gedetailleerd overzicht Ermelo
20
Financiële uitkomst programmagelden P-wet, Wmo en jeugdhulp 2021
20
Participatie
25
Wmo
27
Bijlage 2: Gedetailleerd overzicht Harderwijk
30
Financiële uitkomst programmagelden P-wet, Wmo en jeugdhulp 2021
30
Jeugd
31
Participatie
34
Wmo
36
Bijlage 3: Gedetailleerd overzicht Zeewolde
40
Financiële uitkomst programmagelden P-wet, Wmo en jeugdhulp 2021
40
Jeugd
41
Participatie
45
Wmo
47
1
1. Inleiding Voor u ligt de jaarstukken 2021 Programmagelden sociaal domein van de reguliere programmagelden sociaal domein van de drie brongemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde. Hierin vindt u de inhoudelijke en financiële verantwoording ten aanzien van de programmagelden. In hoofdstuk 1 tot en met 3 wordt ingegaan op de financiële ontwikkelingen van respectievelijk de programmalasten Jeugdwet, Participatiewet en Wmo en worden deze beleidsmatig geduid. Hierbij wordt het EHZ beeld geanalyseerd en wordt ingegaan op eventuele lokale verschillen met de bijbehorende beleidsmatige toelichting. In de bijlage is per gemeente een gedetailleerd overzicht opgenomen met aanvullende informatie. Kijkend naar de financiële uitkomsten van de programmakosten van de afgelopen vier jaren zijn er bepaalde trends die opvallen bij de EHZ gemeenten (zie onderstaande tabellen). Bij de jeugdwet is net als in voorgaande jaren sprake van een significante stijging van de zorglasten, hetgeen ook een landelijk beeld is. Zeewolde lijkt hierin in 2018 af te wijken, maar de door Meerinzicht verwerkte programmalasten zijn niet het complete beeld van de zorglasten, omdat via de Aankoopcentrale ook jeugdzorg wordt bekostigd. Bij de drie EHZ gemeenten zijn sinds 2019 de Wmo-lasten gestegen met name vanwege de landelijke invoering van het abonnementstarief.
Doordat de bijdrage voor huishoudelijke hulp niet inkomensafhankelijk is, heeft dit geleid tot meer gebruik van deze voorzieningen. Bij de Participatiewet is met name door uitvoering van de TOZO regeling in 2020 een stijging bij Harderwijk en Ermelo te zien, die vanwege versobering van de regeling en significant minder gebruik in 2021 weer is afgevlakt. In Zeewolde blijft de financiële uitkomst bij de Participatiewet stabiel de afgelopen jaren. In 2020 is afwijkend ten opzichte van Harderwijk en Ermelo geen stijging te zien, doordat de uitvoering van TOZO niet bij Meerinzicht maar het Zelfstandigenloket Flevoland (ZLF) is belegd. Ermelo Boekjaar Jeugd
Wmo
P-wet
Totaal
2018
9.197
4.321
6.419
19.937
2019
10.879
4.716
6.788
22.383
2020
11.915
5.408
9.586
26.909
2021
12.890
5.336
7.645
25.871
Harderwijk (excl. beschermd wonen en maatschappelijke opvang) Boekjaar Jeugd
Wmo
P-wet
Totaal
2018
9.608
7.078
15.140
31.826
2019
10.466
7.684
15.568
33.718
2020
12.617
8.734
21.294
42.645
2021
15.150
9.524
17.806
42.480
Zeewolde (excl. inkoop via Aankoopcentrale) Jaar
Jeugd
Wmo
P-wet
Totaal
2018
4.329
2.191
4.937
11.457
2019
3.702
2.615
4.765
11.082
2020
4.302
3.155
4.875
12.332
2021
5.398
3.299
4.857
13.554
Waar in dit boekwerk de programmakosten worden verantwoord, staan de bedrijfsvoeringskosten van Meerinzicht centraal bij de op 6 april 2022 door het bestuur vastgestelde Jaarstukken 2021. Hierin wordt onder andere ingegaan op de organisatieontwikkeling domein sociaal, ontwikkelingen in de (digitale) dienstverlening en op welke manier
2
Covid-19 impact had in de manier van werken voor inwoners en personeel. Voor meer achtergrondinformatie ten aanzien van de bedrijfsvoering kunnen de Jaarstukken 2021 Meerinzicht geraadpleegd worden.
3
Hoofdstuk 1 Programmagelden Jeugdwet In dit hoofdstuk worden de programmagelden van de Jeugdwet behandeld. Net als bij de Wmo (hoofdstuk 3) geldt dat de tabellen ten aanzien van de verstrekkingen, cliënten en unieke cliënten mogelijk afwijkende cijfers bevatten ten opzicht van eerdere rapportages (met name halfjaarsrapportage 2021). De cijfers kunnen afwijken omdat de cliëntenadministratie met terugwerkende kracht cliënt-mutaties verwerkt. Dit betreft onder andere nagekomen facturen van zorg geleverd voor 2021. Hierbij worden de lasten in het boekjaar 2021 verwerkt indien bij het opstellen van de jaarrekening van dat betreffende boekjaar deze posten nog niet in beeld waren. De indicatie- en cliëntgegevens worden echter verwerkt in de periode waar de zorg geleverd is. De producten jeugdhulp met verblijf (residentieel/pleegzorg) en jeugdbescherming en jeugdreclassering (JB/JR) vallen voor Zeewolde onder de inkoop in de regio Flevoland. De betalingen hiervoor lopen niet via Meerinzicht, enkel de toewijzingen. Aangezien in dit hoofdstuk de programmagelden worden toegelicht, worden voor Zeewolde ook de (voorlopige) aantallen en financiële cijfers vanuit de Aankoopcentrale en Meerinzicht meegenomen en in een voetnoot vermeld om een zo compleet mogelijk overzicht te geven.
Voorbereiding op Wet op Nieuw Woonplaatsbeginsel 2022 De Wet Nieuw Woonplaatsbeginsel is per 1 januari 2022 van kracht. Aan de hand van de woonplaats wordt bepaald welke gemeente verantwoordelijk is voor (betaling van) de jeugdhulp. Hierbij wordt uitgegaan van het woonadres van de jeugdige op het moment dat de zorg wordt beschikt. Het jaar 2021 stond in het teken van de voorbereidingsfase en de implementatiefase. In de voorbereidingsfase is het cliëntenbestand van de gemeenten uitgezocht. Deze fase is afgerond binnen de daarvoor vastgestelde tijd. Vanaf augustus volgde de implementatiefase waarin de migratie jeugdigen plaatsvond. In het najaar 2021 bleek dat veel landelijke gemeenten (te) laat waren gestart met de uitzoekwerkzaamheden. Hierdoor kwam de migratie van instromende jeugdigen naar de regio Noord Veluwe moeizaam op gang. Jeugdigen konden tot en met 31 december worden overgedragen, maar in de praktijk bleek dat medio december nog geen volledige overdracht van de muterende jeugdigen (met jeugdhulp met verblijf) had plaatsgevonden. Eind 2021 is contractmanagement begonnen met het contracteren van zorgaanbieders van de tot dan toe bekende instromende jeugdigen. Daarnaast zijn er gesprekken gevoerd met de lokale toegangsteams over de wetswijziging en de gevolgen daarvan voor de regievoering instroom/uitstroom jeugdigen.
In maart 2022 is een eerste voorlopige financiële prognose opgesteld. De verwachting is dat begin juli 2022 de volledige migratie en financiële afwikkeling is afgerond. Gevolgen Wet op Nieuw Woonplaatsbeginsel voor compensatieregeling Voogdij/18+ Een deel van het rijksbudget voor de gemeenten voor de uitvoering van jeugdhulp bestaat uit geld voor kinderen met een voogdijmaatregel en voor 18+ers. Een aantal gemeenten ervaart een verschil tussen het budget dat zij op grond van de beleidsinformatie krijgt toegewezen en de werkelijke kosten voor voogdij en 18+. Om de verschillende soorten problemen met de verdeling van het (historisch verdeelde) budget voor kinderen met een voogdijmaatregel en voor 18+ers op te lossen, is de compensatieregeling voogdij/18+ door het Rijk ingericht. In verband met het ingaan van de nieuwe regeling Woonplaatsbeginsel per 1 januari 2022 vervalt per genoemde datum ook de compensatieregeling voogdij. In tegenstelling tot voorgaande jaren (aanvraag per jaar) kan in 2022 compensatie worden gevraagd over twee jaren tegelijk, namelijk over de boekjaren 2020 en 2021. Dit betreft een afsluiting van genoemde regeling. Het proces voor de aanvraag zal voor Meerinzicht starten in de zomer van 2022.
Op basis van een analyse van de data wordt bepaald welke gemeente in aanmerking komt voor compensatie en een eventuele aanvraag wordt dan voor 1 oktober 2022 ingediend. Aanbesteding jeugdhulp vanaf 1 april 2022 De zeven gemeenten Elburg, Ermelo, Harderwijk, Nunspeet, Oldebroek, Putten en Zeewolde (ten aanzien van ambulante hulp) kopen gezamenlijk jeugdhulp in. In 2021 is een aanbestedingstraject doorlopen, waarvan de nieuwe contracten in zijn gegaan op 1 april 2022. In de aanbesteding is uitgegaan van vier segmenten: 1. Hoog specialistisch / weinig voorkomend; 2. Wonen; 3. Dagbesteding en dagbehandeling 4. 4 Specialistisch / veel voorkomend. 5. Voor segment 5 Crisis is een apart aanbestedingstraject doorlopen, waarvan het nieuwe contract is ingegaan op 1 januari 2022.
4
Bij de nieuwe inkoop stelde de regio zich het doel ‘goede jeugdhulp binnen budget’ centraal. Om dat te bereiken voerde de regio een aantal aanvullende of nieuwe eisen in, bracht het aantal zorgproducten en zorgaanbieders terug waarbij de kwaliteit van zorg centraal stond. Bij de voorbereiding op de inkoop werd de toegang tot jeugdhulp betrokken. Ook de zorgaanbieders kregen op verschillende momenten inspraak in de procedure en resultaten. De tarieven in de nieuwe contracten zijn over alle segmenten wat gestegen ten opzichte van de tarieven in de voorgaande contracten . Doordat ingezet is op meer kwaliteit is de verwachting dat zorgaanbieders met kortere trajecten en minder verlengingen de ondersteuning kunnen organiseren. De hogere tarieven leiden dus niet automatisch tot hogere kosten op jaarbasis. In de bijlage Jeugd worden de financiële gegevens voor wat betreft de EHZ-gemeenten inzake rekening 2021, liquiditeitsbegroting 2022 en gewijzigde liquiditeitsbegroting 2022 gepresenteerd in de nieuwe indeling per 2022, namelijk de indeling in bovengenoemde segmenten. Per 1 maart 2021 is gestart met het OJA Verschoorschool te Nunspeet. De eerste resultaten zijn volgens betrokken beleidsmedewerkers veelbelovend, meer dan 50 leerlingen van de school worden nu volgens de nieuwe OJA-werkwijze ondersteund.
Bij de opstartfase van de pilot is geconstateerd dat er veel geregeld was, maar op het gebied van bedrijfsvoering er nog een aantal zaken niet afgehandeld en geborgd zijn. Onder andere de financiële beheersing, doorbelasting naar gemeenten en de verantwoording bleek nog niet afdoende geregeld te zijn. Daarom is een tijdelijke regionale werkgroep gevormd bestaande uit beleidsmedewerkers Jeugd Elburg en Harderwijk, financieel adviseur Elburg, financieel adviseur en businesscontroller MIZ. De werkgroep komt bijeen om de bedrijfsvoeringsaspecten OJA voor 2021 (=reparatie) en 2022 (=borgen) uit te werken en daar waar noodzakelijk voorstellen doet ter besluitvorming. Afname aantal cliënten, toename complexiteit en kosten Op basis van voorgaande jaren heeft op basis van peildatum 1 januari een lichte stijging van het aantal cliënten in Harderwijk en Ermelo plaatsgevonden. In Zeewolde daarentegen was wederom een lichte daling zichtbaar ten opzichte van voorgaande jaren. Over heel 2021 is in alledrie de EHZ gemeenten een daling van aantal cliënten zichtbaar. Het aantal cliënten op 01-01-2021 voor Ermelo, Harderwijk en Zeewolde samen was 2.741, op 31-12-2021 waren dit er 2.547. Dit is een daling van 7%, deze daling ligt een fractie lager ten opzichte van de daling van 9% in de regio. De grootste daling is net als op regionaal niveau zichtbaar in de eerste 9 maanden van 2021.
Door de Coronacrisis was de inzet van zorg niet altijd mogelijk. Verschillende aanbieders hebben dit gemeld. Sommige zorg is in die periode daardoor niet ingezet of afgeschaald. Vanaf oktober stijgt het aantal cliënten weer licht in alle drie de gemeenten. Tabel 1.1. Ontwikkeling aantal Cliënten Jeugdwet Gemeente
Stand Stand Stand Stand Stand Stand Stand 31-12-2018 1-1-2019 31-12-2019 1-1-2020 31-12-2020 1-1-2021 1-6-2021
Stand Stand 13-9-2021 31-12-2021
Ermelo
855
636
518
626
619
690
610
632
625
Harderwijk
1.498
1.237
1.045
1.298
1.209
1.402
1.235
1.263
1.318
Zeewolde*
726
670
527
635
553
649
573
599
604
2.559
2.381
2.741
2.418
2.494
2.547
Totaal 3.079 2.543 2.090 1 * exclusief aantallen JmV /JB Zeewolde (zie voetnoot)
In 2021 stegen de gezamenlijke jeugdhulp kosten voor EHZ van € 28.834.000,- in 2020 naar € 33.438.000,- in 2021, een toename van bijna 16%.2 De EHZ-gemeenten vertegenwoordigen circa 60% van het regionaal ingekochte volume. Regionaal stegen de kosten over 2021 met bijna 13% van € 48.221.000,- in 2020 naar € 54.360.000,- in 2021. In 2021 heeft een indexatie van de tarieven plaatsgevonden van 2,92%. Dit verklaart voor een klein deel de stijging in kosten. Het grootste deel van de toename valt te verklaren door complexere problematiek bij cliënten die in zorg 1
Exclusief aantal unieke cliënten Zeewolde Jeugdhulp met Verblijf (2019:91 - 2020: 84 - 2021: 82) en JB/JR (2019:79 2020: 85 - 2021:64 - exclusief cliënten bij onderaannemers) 2 Kosten Zeewolde regio Flevoland: 2021 - JmV € 1.655.442,- en JB/JR € 537.419,- totaal € 2.192.861,2020 - JmV € 1.833.883,- en JB/JR € 471.818,- totaal € 2.305.701,2019 - JmV € 1.809.585-, en JB/JR € 424.097,- totaal € 2.233.682,-
5
zijn. Dit uit zich in intensievere (duurdere zorg) en langdurige zorg. De grootste relatieve stijging in uitgaven bij de EHZ-gemeenten is te constateren bij de onderdelen ambulant en GGZ. Daarnaast is er een hogere gemiddelde kostprijs voor een deel van de jeugdhulp.3 Dit komt overeen met de landelijke trend waarbij sinds 2015 de kosten per cliënt per jaar met 16% gestegen zijn. Tabel 1.2 Ontwikkeling kosten Jeugdhulp regiogemeenten EHZNEO
Rekening
Rekening
Rekening
2019
2020
2021
Ambulant
14.081.000
15.968.000
19.213.000
GGZ
10.170.000
10.508.000
13.003.000
Dyslexie
835.000
956.000
1.138.000
Pleegzorg
2.612.000
2.808.000
3.022.000
JB / JR
2.900.000
3.302.000
3.821.000
Residentieel
12.617.000
11.931.000
13.052.000
849.000
689.000
446.000
Overig-Covid-19 Continuïteitsbijdrage 2020
0
1.454.000
-28.000
Overig-Covid-19 Meerkostenregeling 2020
0
345.000
-75.000
Overig-Covid-19 Meerkostenregeling 2021*
0
0
268.000
Overig-Onderwijs Jeugd Arrangementen
0
0
369.000
Woonplaatsbeginsel oude jaren
0
434.000
131.000
Innovatie
0
-174.000
0
Overig
Totaal 44.064.000 48.221.000 54.360.000 *= deze kosten worden gedekt door de te ontvangen rijksbijdragen in 2021 inzake meerkostenregeling COVID-19
3
‘De financiële staat van het Sociaal Domein van Nederlandse gemeenten in 2020’, BDO, maart 2022, 16.
6
Gemeenten: EHZ Tabel 1.3 Ontwikkeling kosten Jeugdhulp gemeenten EHZ
Rekening
Rekening
Rekening
2019
2020
2021
Ambulant
7.837.000
9.673.000
12.043.000
GGZ
5.879.000
6.238.000
7.934.000
Dyslexie
502.000
497.000
640.000
Pleegzorg
1.351.000
1.511.000
1.716.000
JB / JR
1.577.000
1.867.000
2.139.000
Residentieel
7.909.000
7.680.000
8.184.000
-5.000
179.000
422.000
Overig-Covid-19 Continuïteitsbijdrage 2020
0
783.000
-14.000
Overig-Covid-19 Meerkostenregeling 2020
0
191.000
-42.000
Overig-Covid-19 Meerkostenregeling 2021*
0
0
147.000
Overig-Onderwijs Jeugd Arrangementen
0
0
249.000
Woonplaatsbeginsel oude jaren
0
302.000
20.000
Innovatie
0
-87.000
0
Overig
Totaal 25.050.000 28.834.000 33.438.000 *= deze kosten worden gedekt door de te ontvangen rijksbijdragen in 2021 inzake meerkostenregeling COVID-19
Doelstellingen lokaal en regionaal De transformatie van het jeugdhulplandschap krijgt steeds verder inhoudelijk en financieel vorm. Er zijn acties ondernomen op zowel lokaal, regionaal als bovenregionaal niveau om de sturing op zorg en aanbieders verder te versterken. Centraal hierbij staan het beter betaalbaar maken van de zorg, vroegtijdig interveniëren, de juiste zorg inzetten en slimmer werken. Gemeenten hebben de taak om voor hun inwoners de zorg en ondersteuning mogelijk te maken die ze nodig hebben. De ambitie daarbij is kwalitatief goede zorg bieden, die aansluit bij de behoeften en mogelijkheden van jeugdigen, ouders en gezin. Zorg die bovendien betaalbaar is. Niet alleen nu, maar ook in de toekomst. Grip krijgen op de financiën binnen het domein Jeugd blijft een uitdaging. De afgelopen jaren blijven de uitgaven stijgen op zowel lokaal als regionaal niveau. Ook op landelijk niveau blijft de jaarlijkse toename in uitgaven Jeugdhulp doorzetten.4 Hier tegenover staat dat door de sturing het aantal cliënten zichtbaar daalt. De gestage stijging in uitgaven kan worden verklaard door een hogere kostprijs en langere doorlooptijden van de trajecten. Zowel lokaal als regionaal wordt eraan gewerkt om goed sturing te geven op beide componenten. Zodat niet alleen het aantal cliënten maar ook de uitgaven niet verder stijgen.
Om te komen tot een gezond financieel en inhoudelijk zorglandschap is een duurzame oplossing nodig. Samenwerking en goed opdrachtgeverschap zijn daarbij cruciaal. In 2021 is de ambitite door gemeenten in regionaal verband samen met regionale partners vormgegeven via de Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO). De NvO is in juni 2020 in een resolutie vastgesteld door gemeenten in VNG-verband. Gemeenten erkennen hiermee dat op onderdelen (boven)regionale samenwerking essentieel is. Een belangrijk onderdeel van de NvO was het opstellen van een Regiovisie waarin een duidelijke beschrijving van de regionale uitvoering jeugdhulp is vastgelegd en door de gemeenteraden vastgesteld. 4
‘De financiële staat van het Sociaal Domein van Nederlandse gemeenten in 2020’, BDO, maart 2022, 16.
7
De samenwerking en ambities tussen de regiogemeenten waren al eerder in 2020 verwoord in strategische doelen waaraan elke gemeente zich heeft verbonden. Per productcategorie zal een kort overzicht (financieel en inhoudelijk) worden gegeven van de ontwikkelingen die in 2021 hebben plaatsgevonden en de resultaten die daaraan gekoppeld zijn behaald. Minder kinderen residentieel Eén van de doelstellingen is om minder kinderen residentieel te plaatsen en meer in te zetten op intensieve ambulante begeleiding thuis. Residentiële jeugdhulp is één van de duurste producten en daarnaast inhoudelijk de minst wenselijke optie. Bij alle EHZ gemeenten is net als in 2020 een daling in het aantal verstrekkingen zichtbaar. Deze dalende trend is ook terug te vinden in de regio. De gemiddelde looptijd van de indicatie residentieel is eind 2021 in Ermelo met 1,25 jaar hoger dan Harderwijk en Zeewolde waarbij de gemiddelde looptijd 1 jaar is. De gemiddelde looptijd in de regio zit hier met 1,1 jaar precies tussenin. Tabel 1.4 Verstrekkingen en uitgaven Residentieel
Gemeente
Verstrekkingen per 31-12-2020
Rekening 2020
Verstrekkingen per 01-01-2021
Verstrekkingen Rekening per 31-12-2021 2021
Ermelo
50
6.067.000
53
48
6.137.000
Harderwijk
50
1.259.000
54
41
1.639.000
Zeewolde*
23
354.000
24
20
408.000
7.680.000
131
109
8.184.000
Totaal 123 * aantal unieke cliënten JmV Zeewolde zie voetnoot 5
De kosten voor residentieel stijgen in 2021 in Ermelo en Harderwijk. De procentuele stijging per gemeente in kosten is voor Ermelo 1,2%, Harderwijk 30,2%. In de regio zien we een gemiddelde stijging van 9,4% in de residentiële kosten. De relatief sterke stijging in Harderwijk is het gevolg van de plaatsing van cliënten in de producten Wijkgezinshuis plus, Leefgroep en Drie Milieu. Dit zijn relatief dure residentiële producten waar cliënten bij zijn ingestroomd. De stijging is daarnaast te verklaren door een opname van een gezin met drie kinderen in een residentiële voorziening voor specialistische trauma gerelateerde behandeling. Bij de gemeente Ermelo is residentieel met name gestegen voor de onderdelen wonen met behandeling en begeleiding, Wonen met intensieve behandeling en begeleiding in een kleine groep, Wonen met zeer intensieve behandeling en begeleiding, Gezinshuis op locatie aanbieder en Leefgroep. Jeugdhulp met Verblijf (Flevoland) voor de gemeente Zeewolde daalt in kosten ten opzichte van 2020.6 De definitieve cijfers en duiding worden aangeleverd door de Aankoopcentrale Flevoland. Er is op verschillende gebieden actief ingezet op voorkomen en verminderen van het aantal residentiële plaatsingen. Vanuit het Rijk zijn in 2020 SPUK-middelen beschikbaar gesteld om de afbouw JeugdzorgPlus te versnellen.
Er is een bovenregionaal plan vastgesteld in samenwerking met de aanbieders om toe te werken naar kleine groepen en afbouw van de plaatsingen. Daarnaast wordt gewerkt aan het ontwikkelen van intensieve ambulante producten. Eind 2021 zijn daarnaast extra SPUK-middelen beschikbaar gesteld voor de transformatie van de drie milieuvoorzieningen. De eerste gesprekken zijn daarvoor gestart en in juli 2022 wordt daarvoor een door alle betrokken partijen gedragen plan aangeboden. Bij zeer complexe problematiek bij jeugdigen is het noodzakelijk om direct de juiste zorg in te zetten en een goede analyse te maken. Bij zeer complexe problematiek binnen de gemeenten Ermelo en Harderwijk is er een Regionaal Experteam (RET) dat kijkt naar passende en integrale hulp bij zeer complexe zorgvragen waar aanbieders geen standaard aanbod voor hebben of kunnen creëren. Vaak gaat het hier om specifieke residentiële zorg. In 2021 is het bovenregionaal expertisecentrum (BOEG - G7 niveau) verder doorontwikkeld en van start gegaan. Casussen die niet 5
aantal unieke cliënten Zeewolde JmV Flevoland: 82 Voor Zeewolde producten Flevoland: 2021 - JmV € 1.655.442,2020 - JmV € 1.833.883,2019 - JmV € 1.809.585,6
8
door het RET kunnen worden opgelost kunnen worden opgeschaald richting BOEG. Ook kan een procesregisseur vanuit BOEG worden ingezet waar nodig. Op deze manier maken we de beweging om ook bij complexe casussen sneller en kwalitatief goede jeugdhulp in te zetten, passend bij de problematiek van de jeugdige. De gemeente Zeewolde kan voor complexe problematiek opschalen naar de regionale experttafel in Flevoland. Hier wordt de complexe casuïstiek besproken en naar een passende zorg gekeken. Bij zeer complexe problematiek kan gebruik worden gemaakt van het expertisenetwerk. De bovenregionale tegenhanger van BOEG voor de regio Flevoland/Utrecht. De doelstelling die is gesteld om residentiële plaatsingen af te bouwen is de afgelopen twee jaar behaald. Er worden stappen gezet om verdere afbouw te realiseren in toekomstige jaren en alternatieven te ontwikkelen in samenwerking met de betrokken aanbieders. Jeugdbescherming/Jeugdreclassering In alle EHZ-gemeenten is een lichte stijging zichtbaar in de uitgaven aan JB/JR maatregelen.7 Dit sluit aan bij cijfers op regionaal niveau. In tegenstelling tot vorig jaar is het aantal verstrekkingen gedaald in Harderwijk en Ermelo. In Zeewolde is het aantal verstrekkingen gelijk gebleven voor de Noord Veluwe maar gedaald in Flevoland. De stijging in uitgaven wordt verklaard door langere trajecten.
In Zeewolde is een sterke stijging in uitgaven zichtbaar. De procentuele kostenstijging voor de gemeente Ermelo is 8,4% en voor de gemeente Harderwijk 11,6%. De procentuele stijging in uitgaven de regio is met 15,7% hoger dan de stijging in Ermelo en Harderwijk. Zowel het aantal OTS <1 jaar en het aantal OTS >1 jaar zijn toegenomen. Dit is overigens een trend die niet alleen in onze regio voorkomt, maar ook in andere Gelderse regio’s. De gemiddelde looptijd van de JB/JR indicaties is eind 2021 het hoogst in Ermelo met 2,5 jaar. In Harderwijk is de gemiddelde looptijd eind 2021 net onder de 2 jaar en in Zeewolde net erboven. Regionaal zien we een gemiddelde looptijd van de indicatie JB/JR net boven de 2 jaar. Tabel 1.5 Verstrekkingen en uitgaven JB & JR
Gemeente
Verstrekkingen per 31-12-2020
Rekening 2020
Verstrekkingen per 01-01-2021
Verstrekkingen per 31-12-2021
Rekening 2021 **
Ermelo
110
812.000
126
89
880.000
Harderwijk
128
1.040.000
134
121
1.161.000
Zeewolde*
7
15.000
7
7
98.000
Totaal
245
1.867.000
267
217
2.139.000
* exclusief aantallen JB Zeewolde in Flevoland (zie voetnoot)8 **= In het jaar 2021 is door Meerinzicht voor de gemeente Zeewolde via berichtenverkeer ca. € 30.000,-- uitbetaald aan declaraties aan zorgaanbieders binnen het domein JB/JR. Tevens is voor genoemd domein een totaal verplichting berekend (o.b.v aanwezige indicaties) en opgenomen in de jaarcijfers 2021 van ca. € 68.000,--. Laatstgenoemd bedrag ad € 68.000,-- zal in de komende voortgangsrapportages van 2022 worden gevolgd.
Om te komen tot een betere samenwerking met de Jeugdbescherming is er op bovenregionaal niveau intensief samengewerkt aan de Gelderse Verbeteragenda Jeugdbescherming (GVJB). Er is een pakket aan samenwerkingsafspraken tussen alle Gelderse gemeenten, de vier GI’s, Raad voor de kinderbescherming en Veilig Thuis. Doelstelling is om gezamenlijk de kinderen en gezinnen beter en eerder te beschermen. Er wordt toegewerkt naar gelijke contractvoorwaarden, monitoring en kostprijzen op bovenregionaal niveau die op lokaal niveau worden toegepast. Door het verbeteren van de netwerksamenwerking, het meer standaardiseren om administratieve lasten te verlichten en afspraken over organisatie en uiteraard targets in uitvoering zal in 2021/2022 geïntensiveerd en met een andere insteek gewerkt worden aan het volume en kostenaspect. De activiteiten m.b.t. de verbeteragenda worden op dit moment uitgewerkt en geïmplementeerd. Een implementatie van resultaatafspraken zal per 1 juni
uitgaven JB/JR 2021 (Flevoland) € 537.419,- maakt totaal € 635.419,JB/JR Zeewolde cliënten 2019: 79 - cliënten 2020: 85 - cliënten 2021: 64 uitgaven JB/JR 2019 (Flevoland) € 471.818,- maakt totaal € 476.818,-. uitgaven JB/JR 2020 (Flevoland) € 424.097,- maakt totaal € 439.097,uitgaven JB/JR 2021 (Flevoland) € 537.419,- maakt totaal € 635.419,7 8
9
2022 voltooid zijn. Daarnaast wordt gestreefd naar preventieve jeugdbescherming op vrijwillige basis. Er wordt geprobeerd om uithuisplaatsingen te voorkomen waarbij ook gekeken wordt naar out of the box mogelijkheden. In de contractafspraken met de GI’s in de regio Noord Veluwe voor de gemeenten Ermelo en Harderwijk is voor de lopende contractperiode tot 1-1-2022 bepaald dat vanaf 2019 er een daling van 5% Ondertoezichtstellingen (OTS) per jaar moet worden gerealiseerd. Alhoewel het aantal verstrekkingen is gedaald is de daling van 5% nog niet gehaald. Een GI heeft enkel indirecte invloed op het aantal verstrekkingen, omdat de rechter bepaalt na advies van Raad van de Kinderbescherming (RvdK) of een OTS afgegeven of verlengd wordt. Vroegtijdige interventie en samenwerking in de jeugdhulp keten o.a. met het CJG of Jeugdhulp Zeewolde kunnen het aantal in te zetten OTS-en verlagen of mogelijk verkorten. Maatregelen worden genomen om de instroom en de uitgaven in de toekomst te stabiliseren en verminderen. Daarnaast wordt ingezet aan de voorkant om echtscheidingsproblematiek in een vroeg stadium te signaleren. Er is een link te leggen tussen de toename OTS-maatregelen en echtscheidingsproblematiek. In de komende jaren moet blijken of de maatregelen zich doorvertalen in de uitgaven.
De producten JB/JR voor Zeewolde zijn ingekocht middels een subsidie aan Samen Veilig binnen de regio Flevoland. In 2021 zijn er meerdere overleggen met SAVE geweest over de productie. Het afgesproken subsidiebedrag in 2019 is lager dan de huidige productie en de gestelde ambitie om jaarlijks 3% krimp te bewerkstelligen wordt niet gehaald. Vanwege de toenemende complexe zorgvraag en de problemen die SAVE ervaart met het plaatsen van jeugdigen binnen het Samenwerkingsverband is bestuurlijk besloten om de krimp van 3% voor 2021 en 2022 los te laten en voor deze jaren af te rekenen op de daadwerkelijke productie. Daarnaast blijft de regio samen met Samen Veilig werken aan de focus op daling instroom 1e jaars OTS, complexe echtscheidingsproblematiek en Jeugdreclassering. Toename GGZ uitgaven De productgroep geestelijke gezondheidszorg (GGZ) is al jaren een groot onderdeel van de uitgaven jeugdhulp. In de GGZ verstrekkingen (tabel 1.6) is in zowel Harderwijk, Ermelo als Zeewolde een lichte daling zichtbaar wanneer de stand van de verstrekkingen op 01-01-2021 wordt vergeleken met de stand per 31-12-2021. Deze daling is ook op regionaal niveau te zien. De gemiddelde looptijd van de indicaties GGZ is eind 2021 voor alle drie de EHZ-gemeenten 1 jaar. Ook dit beeld is vergelijkbaar met het beeld van de gemiddelde looptijd van de GGZ indicatie in de regio.
De kosten GGZ stijgen in 2021 in vergelijking met 2020 in alle drie de EHZ-gemeenten. De procentuele kostenstijging is voor Ermelo 46,1%, Harderwijk 20,8% en voor Zeewolde 20,9%. De procentuele kostenstijging in de regio is 23,8%. Dit is hoger dan de stijging in Harderwijk en Zeewolde maar lager dan de stijging in Ermelo. Tabel 1.6 Verstrekkingen en uitgaven GGZ
Gemeente
Verstrekkingen per Rekening 31-12-2020 2020
Verstrekkingen Verstrekkingen Rekening per 01-01-2021 per 31-12-2021 2021
Ermelo
330
1.564.000
393
375
2.285.000
Harderwijk
657
3.417.000
852
815
4.129.000
Zeewolde
242
1.257.000
301
295
1.520.000
Totaal
1.229
6.238.000
1.546
1.485
7.934.000
De kostenstijging past in het beeld dat de aanbieders geven in de Q-gesprekken. Hierin wordt aangegeven dat de problematiek complexer wordt. Daarnaast geven de aanbieders aan dat door Corona de looptijd van trajecten toeneemt en de wachtlijsten oplopen. Tot slot wordt aangegeven dat er meer zwaardere zorg wordt ingezet. Dit is ook terug te zien in de verdeling van het aantal cliënten over de diverse soorten GGZ. Het beeld hierbij is dat in zowel Harderwijk, Ermelo als Zeewolde de meeste cliënten gebruik maken van de (Hoog) specialistische GGZ. De kostenstijging in Ermelo is zichtbaar in zowel de basis-, specialistische- als Hoog Specialistische GGZ. Waarbij de grootste kostenstijgingen zichtbaar zijn in de (Hoog) specialistische GGZ. De reden dat de kostenstijging in Ermelo significant hoger is dan elders in de regio en in vergelijking tot Harderwijk en Zeewolde is nog niet bekend. In het tweede kwartaal 2022 zal dit nader worden onderzocht. De productgroep geestelijke gezondheidszorg (GGZ) is al jaren een groot onderdeel van de uitgaven jeugdhulp. In 2021 is wederom een stijging in het aantal verstrekkingen in Ermelo en Harderwijk te zien. Ook in Zeewolde is afgelopen jaar een stijging in het aantal verstrekkingen waar te nemen en ook financieel.
10
Bij de brongemeenten EHZ zijn lokale pilots gestart die bijdragen aan de daling van de GGZ-verwijzingen. In Ermelo en Harderwijk is de GGZ-expertise in 2019 in de huisartsenpraktijken gebracht. In Zeewolde sluit sinds 2020 een professional vanuit team Jeugd Zeewolde aan bij de huisartsen. Doel van de inzet in alledrie de gemeenten is om GGZ problematiek in een vroeger stadium te signaleren en betrokken worden voor de juiste verwijzing. Het is nog te voorbarig om een direct verband tussen de inzet van GGZ expertise bij huisartsen en het aantal GGZ cliënten te bevestigen. Naar verwachting zullen de pilots (blijven) bijdragen aan vermindering instroom en betere inzet GGZzorg. In 2020 is daarnaast een begin gemaakt om voor de gemeenten casusonderzoek te doen naar de verschuiving specialistisch - hoog specialistisch. Aan de hand van deze uitkomsten zijn in 2021 acties ondernomen om bij te sturen op de hoog specialistische GGZ. In de praktijk bleek de verschuiving goed te verklaren. Inmiddels vinden er periodiek (gezamenlijke) gesprekken plaats met de hoog-specialistische aanbieders over verdere verbetering van de GGZ-ondersteuning. Ook is er door gemeenten geïnvesteerd in een betere samenwerking tussen toegang en huisartsen. Hierdoor worden meer verwijzingen afgegeven door het CJG.
Daling verstrekkingen en stijging uitgaven ambulante jeugdhulp Ermelo, Harderwijk en Zeewolde laten allemaal een daling in de ambulante verstrekkingen zien in de vergelijking van de stand per 01-01-2021 en 31-12-2021. (Tabel 1.7). Ook in de regio is deze daling in ambulante verstrekkingen zichtbaar. De gemiddelde looptijd van de ambulante indicaties is voor Ermelo, Harderwijk en Zeewolde eind 2021 gelijk aan het beeld in de regio en ongeveer 0,8 jaar. De kosten in het domein ambulant zijn in alle drie de EHZgemeenten gestegen in 2021 ten opzichte van 2020. In deze productgroep is de grootste relatieve stijging zichtbaar ten opzichte van andere productgroepen. De procentuele kostenstijging is voor Ermelo 38,2%, Harderwijk 20,5% en Zeewolde 24,2%. Deze stijging is bij de drie gemeenten hoger dan de stijging van 20,3% in de regio. Tabel 1.7 Verstrekkingen en uitgaven Ambulant
Gemeente
Verstrekkingen Rekening per 31-12-2020 2020
Verstrekkingen per 01-01-2021
Verstrekkingen per 31-12-2021
Rekening 2021
Ermelo
187
1.680.000
200
175
2.322.000
Harderwijk
562
5.517.000
607
510
6.647.000
Zeewolde
253
2.476.000
282
250
3.074.000
Totaal
1.002
9.673.000
1089
935
12.043.000
Op regionaal niveau wordt gewerkt aan een daling in de toewijzingen ambulante Jeugdhulp. Dit is in 2021, net als in 2019 en 2020 (Ermelo en Zeewolde) terug te zien in de cijfers. Ook in Harderwijk is nu een daling in het aantal verstrekkingen zichtbaar. De stijging in kosten is deels te verklaren door de complexere problematiek en tegelijkertijd de inzet van intensieve ambulante hulp ter voorkoming en vervanging van uithuisplaatsingen. In de Q-gesprekken met de zorgaanbieders wordt aangegeven dat de problematiek die wordt verwezen door CJG en GI’s als complexer wordt ervaren en dat vaker ingezet moet worden op hogere zorgzwaarte en intensiteit van zorg. Ook worden vaker meerdere interne medewerkers betrokken tijdens een zorgtraject. Dit beeld past bijvoorbeeld bij de inzet intensieve ambulante hulp ter voorkoming en vervanging van uithuisplaatsingen. Ook sluit dit aan op de kostenstijging die zichtbaar is in het ambulante domein.
11
Pleegzorg Ermelo en Harderwijk dalen in het aantal verstrekkingen in de vergelijking van de verstrekkingen per 01-01-2021 en per 31-12-2021. In Zeewolde is ook een daling zichtbaar van 59 cliënten in 2020 (data Flevoland) naar 46 cliënten in pleegzorg in 2021. Ook regionaal is een daling in de verstrekkingen pleegzorg zichtbaar. Tabel 1.8 Verstrekkingen en uitgaven Pleegzorg
Gemeente
Verstrekkingen Rekening per 31-12-2020 2020
Verstrekkingen per 01-01-2021
Verstrekkingen Rekening per 31-12-2021 2021
Ermelo
59
737.000
69
43
822.000
Harderwijk
66
759.000
78
57
893.000
Zeewolde*
0
15.000
0
1
1.000
Totaal
125
1.511.000 147
101
1.716.000
De gemiddelde looptijd van de indicatie is eind 2021 in Ermelo net onder de 3 jaar. In Harderwijk is deze wat hoger namelijk net boven de 3,5 jaar. Zowel Harderwijk als Ermelo hebben een langere gemiddelde looptijd als de 2,75 jaar in de regio. In Harderwijk en Ermelo is een kostenstijging zichtbaar in het domein pleegzorg in 2021 ten opzichte van 2020. De procentuele kostenstijging voor Ermelo is 11,5% en voor Harderwijk is deze 17,7%. Zowel Harderwijk als Ermelo zitten hiermee hoger dan de kostenstijging van 7,6% in de regio. Dit heeft te maken met een stijging van het aantal jeugdigen in pleegzorg en verhoging van de kosten voor de producten initiële en reguliere pleegzorg. Regionaal wordt gewerkt aan het werven en versterken van pleeggezinnen. Er worden inhoudelijke avonden georganiseerd over de meerwaarde van pleegzorg. We zetten als regio gezamenlijk in op de werving van pleegouders door gemeenten, toegang en pleegzorgaanbieders. Daarnaast wordt ingezet op het ondersteunen van pleegouders onder andere door het organiseren van gezamenlijke avonden waar manieren worden besproken met pleegouders om (onderling) elkaar te kunnen versterken.
Dyslexie Het aantal dyslexie verstrekkingen daalt in Ermelo en Zeewolde. In Harderwijk is een lichte stijging te zien in vergelijking tussen de stand per 01-01-2021 en 31-12-2021. In de regio is er net als in Harderwijk een lichte stijging waar te nemen in de verstrekkingen. Tabel 1.9 Verstrekkingen en uitgaven Dyslexie
Gemeente
Verstrekkingen Rekening Verstrekkingen per 31-12-2020 2020 per 01-01-2021
Verstrekkingen Rekening per 31-12-2021 2021
Ermelo
58
158.000
51
44
168.000
Harderwijk
83
259.000
83
92
309.000
Zeewolde
49
80.000
49
48
163.000
Totaal
190
497.000
183
184
640.000
De gemiddelde looptijd van de dyslexie indicaties liggen in de EHZ-gemeenten rond de 1,5 jaar. Dit sluit aan bij het beeld in de regio. De kosten stijgen voor het domein dyslexie in 2021 ten opzichte van 2020. De procentuele kostenstijging is voor Ermelo 6,3%, Harderwijk 19,3% en voor Zeewolde 103,8%. Regionaal is de stijging in kosten in het dyslexie domein 19,2%. Harderwijk en Zeewolde hebben een grotere stijging. De stijging in kosten kan in Harderwijk deels worden verklaard door de stijging van het aantal verstrekkingen. De stijging in kosten in Zeewolde voor 2021 ten opzichte van 2020 is vergelijkbaar met het jaar 2018-2019. Ook toen stegen de kosten van €51.000,- (2018) naar € 131.000,(2019). Het verschil tussen de jaren kan worden verklaard doordat aanbieders de trajectprijs deels aan het begin van
12
het traject en deels aan het einde declareren. Aangezien de gemiddelde looptijd van het traject op 1,5 jaar ligt kan het zijn dat in een jaar meer wordt gedeclareerd dan in een ander jaar. Toegang Jeugdhulp Zeewolde Jeugdhulp Zeewolde geeft samen met de beleidsambtenaren uitvoering aan de jeugdwet voor Zeewolde. De klantmanagers Jeugd zijn het lokale aanspreekpunt voor ouders en jongeren als er vragen zijn over de opvoeding en het opgroeien. Gezamenlijk wordt gekeken of er ondersteuning nodig is en welke ondersteuning passend is. In 2021 is uitvoering gegeven aan project waarbij klantmanagers op de PO-scholen aanwezig zijn. De klantmanager jeugd is contactpersoon en kan in een vroeg stadium ingeschakeld worden als er hulpvragen zijn. Ook is de samenwerking aangehaald met de huisartspraktijken. Een klantmanager jeugd zit op locatie om aansluiting vanuit de zorg beter gestalte te geven. Jeugdhulp Zeewolde is betrokken binnen twee regionale samenwerkingsverbanden: regio Flevoland (residentieel en veiligheid) en regio Noord Veluwe (ambulant). Aanbieders uit beide regio’s geven aan dat team Jeugd Zeewolde sterk is in het voeren van regie. Sinds 2020 is het voor het team mogelijk om zelf een Jeugdbeschermingstafel te kunnen initiëren. In 2021 is dit positief geëvalueerd en structureel geborgd.
Het team kan hierdoor de regie nog sterker uitvoeren wat zorgt voor betere sturing en kwaliteit op zorg. Centra voor Jeugd en Gezin De Centra voor Jeugd en Gezin zijn, samen met de beleidsambtenaren en de uitvoering die in Meerinzicht is vormgegeven, de derde belangrijke spelers bij de uitvoering van de jeugdwet. De CJG's zijn het lokale aanspreekpunt voor ouders en jongeren met vragen over opgroeien, opvoeden en gezondheid, begeleiden gezinnen en voeren waar nodig samen met de ouders en jongeren regie over de hulpvraag. In 2021 heeft het CJG meegedacht in de aanbesteding jeugdhulp. De gezamenlijke verkenning over de wijze waarop het CJG als lokale toegang versterkt kan worden is in 2021 afgerond en vertolkt in het plan dat het CJG in 2022 gaat uitvoeren. Vergroten van expertise binnen het CJG zou ertoe moeten leiden dat cliënten beter geholpen worden, er minder verwijzingen naar de niet vrij toegankelijke hulp zullen plaatsvinden en de duur van de hulp wordt verkort. Naast de inhoudelijke rol op lokaal niveau en in het inkoopproces, heeft het CJG ook een bijdrage geleverd aan de lokale en regionale beleidsvorming. Dat gebeurde onder meer door participatie in het kernteam (+) en de daaraan gekoppelde werkgroepen, de uitvoering van een aantal plustaken in de verschillende gemeenten en de adviezen die het CJG uit hoofde van haar functie gevraagd en ongevraagd aan gemeenten gaf.
Overig: verzonden facturen zorgaanbieders m.b.t. inzet ten behoeve van CJG Voorgaande jaren (2018 t/m 2020) zijn de kosten inzake de betaalde facturen voor de inzet van GGZ-expertise in de CJG-teams door Meerinzicht vermeld onder het domein “overig’. Elk jaar werden deze kosten door Meerinzicht doorberekend aan de regiogemeenten als onderdeel van de programmakosten Jeugd. Vanaf het jaar 2021 worden deze facturen betaald door het CJG zelf en stuurt Meerinzicht hiervoor een totaal factuur aan het CJG. Voor deze post is de subsidie aan het CJG opgehoogd door de regiogemeenten. Dit zorgt voor een verlaging van de kosten in de doorberekening van Meerinzicht aan de regiogemeenten. In 2021 gaat het om een bedrag van afgerond € 243.000,--. Voor de gemeenten Ermelo en Harderwijk bedraagt het totaalbedrag 2021 ca. € 180.000,--. De gemeente Zeewolde heeft hier geen aandeel in. Voor het boekjaar 2022 worden de facturen van de zorgaanbieders rechtstreeks verzonden aan het CJG en verloopt dit niet meer via Meerinzicht. Het voordeel hiervan is dat de prestatie wordt gecheckt en betaald door de organisatie waar de activiteit ook plaatsvindt.
13
Hoofdstuk 2 Programmagelden Participatiewet Aantal uitkeringen verminderd. In 2021 was er sprake van een tekort op de arbeidsmarkt. Zo’n behoefte aan personeel betekent in principe dat er ook kansen ontstaan op werk voor inwoners met een uitkering en/of een afstand tot de arbeidsmarkt. Net als in 2020 was de Coronacrisis in 2021 van invloed op de dynamiek van de arbeidsmarkt. Voor een grote groep ondernemers waren het onzekere tijden en door de lockdowns viel de bedrijvigheid in een aantal sectoren (nagenoeg) stil. Enerzijds was er dus sprake van een vraag naar personeel anderzijds was er terughoudendheid om personeel aan te nemen veroorzaakt door onzekerheid of beperkingen die vooral doorwerkten in detailhandel en horeca. Over het gehele jaar bezien daalde het aantal uitkeringen in de brongemeenten. Er zijn wel verschillen. In Ermelo was de daling 9% terwijl die in Zeewolde minder was dan één procent. Harderwijk kende een daling van 5%. Aantal uitkeringen en inwoners met uitkering
Ermelo
Harderwijk
Zeewolde
ultimo 2020
ultimo 2021
ultimo 2020
ultimo 2021
ultimo 2020
ultimo 2021
Aantal uitkeringen
395
359
894
847
274
273
Aantal inwoners met een uitkering
463
426
1065
1004
320
320
De wisselwerking tussen de instroom en uitstroom is van invloed op het totaal aantal uitkeringen. Onderstaande tabel geeft inzicht in de instroom en uitstroom van het aantal uitkeringen over het gehele jaar. Instroom en uitstroom aantal uitkeringen
Ermelo
2020
Harderwijk
2021
2020
Zeewolde
2021
2020
2021
Instroom aantal uitkeringen
130
123
255
269
83
71
Uitstroom aantal uitkeringen
114
128
195
253
86
69
Aspecten die van invloed zijn op de instroom zijn bijvoorbeeld beëindiging van studie of werk. In alle brongemeenten veroorzaken deze twee aspecten ongeveer tien procent van de groei van de instroom en is de toename van het aantal statushouders de verklaring voor twintig procent van de groei. Ook verhuizingen zijn van invloed op de instroom. In Ermelo verklaart dat twintig procent van de groei, in Zeewolde vijftien procent en in Harderwijk tien procent. Daarnaast zijn er individuele of incidentele omstandigheden die leiden tot instroom. Bij uitstroom zijn de percentages voor start-studie, start als zelfstandige en verhuizingen in de drie brongemeenten vergelijkbaar. De uitstroom naar arbeid lag in 2021 voor Harderwijk en Ermelo op veertig procent. Voor Zeewolde was dat vijfentwintig procent. Anders dan bij Ermelo en Harderwijk, daalt in Zeewolde de uitstroom. Daar staat tegenover dat in Zeewolde ook de instroom daalt. Per saldo is het aantal inwoners met een uitkering in Zeewolde gelijk gebleven. Dat er sprake is van een vermindering van het aantal inwoners met een uitkering in de EHZ-gemeenten komt overeen met het beeld in de Divosa Benchmark Werk & Inkomen 2021. In 2021 daalde het aantal mensen in de bijstand landelijk gemiddeld met 2,4%. Voor de EHZ-gemeenten is dat gemiddeld 5%.
Divosa stelt: De vrees dat door de Coronacrisis meer mensen in de bijstand zouden instromen, is ongegrond gebleken. Want ondanks de lockdown in de eerste maanden van 2021 herstelde de arbeidsmarkt zich krachtig. Divosa ziet een uitstroom naar arbeid van 41%. Dat is vergelijkbaar met Ermelo en Harderwijk. Voor Zeewolde was dat 25% Ontwikkelingen Inclusief Groep Medio 2021 is Meerinzicht gestart met gesprekken om de bestaande samenwerking met Inclusief Groep te intensiveren en een nieuwe overeenkomst te sluiten. Deze vernieuwde aanpak voor 2022 kenmerkt zich door een
14
resultaatgerichte aanpak waarbij uitstroom van cliënten naar werk wordt gecombineerd met maximale duurzaamheid. In 2022 ligt de focus op de doelgroep, die binnen 12 maanden bemiddelbaar is naar betaald werk. De getroffen voorbereidingen in 2021 voor de opdracht aan Inclusief Groep en de structurele kosten passen binnen de inhoudelijke en financiële kaders van de (Programma)begroting. In de nieuwe opzet wordt op basis van duurzame uitstroom van cliënten afgerekend met de Inclusief Groep. Dit betekent dat er niet meer per traject of behandeld dossier wordt afgerekend, maar per resultaat. Het resultaat is gedefinieerd als duurzame uitstroom uit de bijstand en per vorm van uitstroom is een tarief vastgesteld. Wordt het resultaat niet geleverd, dan is er ook geen sprake van een betaalbaarstelling. Het betaalde tarief voor het resultaat is inclusief onderliggende trajecten, trainingen etc. De aanmeldingen van klanten is in december 2021 van start gegaan. Maatschappelijke Participatie In 2021 is uitvoering gegeven aan het project statushouders. Hierbij hebben we in de geest van de nieuwe wet Inburgering kunnen werken. Het jaar heeft verder in het teken gestaan van de voorbereidende werkzaamheden voor de implementatie van de nieuwe Wet Inburgering. Er zijn afspraken gemaakt met taalaanbieders, AZC, Vluchtelingenwerk Nederland en de Inclusief Groep.
Statushouders zijn op basis van een voltijd route geholpen met het verbeteren van hun taal en het vinden van werk. Het hogere taalniveau van de statushouders en de toeleiding naar arbeid leiden ertoe dat statushouders beter mee kunnen doen in de samenleving van de drie brongemeenten. Hierin wordt ook de participatie van inwoners via vrijwilligerswerk, leerwerkplekken en stages betrokken. Bestaanszekerheid aantal verstrekkingen De meest voorkomende regelingen en verstrekkingen voor bestaanszekerheid per gemeente worden weergegeven in onderstaande tabel9.
Regeling / aantal verstrekkingen*
Ermelo
Harderwijk
Zeewolde
2019
2020
2021
2019
2020
2021
2019
2020
2021
Individuele inkomenstoeslag
353
358
301
865
829
787
282
260
209
Maatschappelijke bijdrageregeling 18+
436
311
341
1061
719
839
328
283
252
96
87
249
257
84 10
Maatschappelijke bijdrageregeling 18Regeling Chronisch zieken
122
139
138
164
198
251
PC Regeling
15
12
14
40
46
46
14
15
11
TONK-regeling In het voorjaar van 2021 is de TONK-regeling door het Rijk in het leven geroepen. Tonk staat voor Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten. De regeling was bedoeld voor inwoners die door Corona hun vaste lasten niet meer konden betalen. Omdat deze regeling duidelijke raakvlakken heeft met andere regelingen uit de Participatiewet, is de uitvoering aan Meerinzicht gemandateerd. Het beroep op deze regeling is, ondanks inzet vanuit communicatie, zeer beperkt geweest. Dit was een landelijk beeld, waar de EHZ-gemeenten niet in afweken. De exacte cijfers komen terug in de bijlage per gemeente. De regeling is per 1 oktober 2021 komen te vervallen. Tozo-regeling De Tozo is één van de maatregelen die het Rijk heeft genomen om de gevolgen van de crisismaatregelen te dempen. In onderstaande tabel is zichtbaar dat 2021 het tweede Coronajaar was, waarin veel minder ondernemers een beroep konden doen op deze regeling. Tozo 3 startte in oktober 2020 en liep door tot 1 april 2021. In 2021 is de Tozo nog twee maal verlengd tot 1 oktober 2021 (Tozo 4 en 5). Het beroep op deze regelingen werd lager, naarmate het jaar vorderde. Ondernemers die na Tozo 5 nog door Corona financiële moeilijkheden hadden, konden vanaf die datum een beroep doen op een aangepaste Bbz, oftewel ‘Bbz light’. Het aantal Tozo-uitkeringen was eind 2021 daarom nihil. 9
De aantallen 2020 in de tabel zijn op basis van de betalingen 2020.
15
Daarnaast heeft in 2021 de afwikkeling van Tozo 1 en 2 plaatsgevonden en is gestart met de afwikkeling van tozo 3, 4 en 5. Door de snelheid waarmee de regeling in 2020 ten uitvoer gebracht is, hebben sommige ondernemers een te hoog bedrag aan Tozo ontvangen. Op de in 2020 en 2021 verstrekte kredieten is afgelost. Er is in Harderwijk over de jaren 2020 en 2021 meer terugbetaald dan dat er in 2021 aan bedrijfskredieten is verstrekt. Daarom is het saldo in voor 2021 op bedrijfskredieten negatief.
Werkelijke kosten TOZO
Gemeente Harderwijk
Gemeente Ermelo
2020
2021
2020
2021
Bedrijfskrediet
€355.231,02
-€4.352,40
€108.025,32
€4.157,85
Levensonderhoud
€5.306.532,69
€1.403.840,33
€2.345.236,36
€523.225,31
Bedrijfsvoeringskosten
€276.515,75
€205.600,00
€115.339,96
€87.500,00
Bedrijfsvoeringskosten Jaarrekening
€30.343,25
nvt
€12.656,75
nvt
€5.968.622,71
€1.605.087,93
€2.581.258,39
€614.883,16
141
23
39
7
1.445
416
629
182
Totaal kosten Aanvragen Krediet Aanvragen Levensonderhoud
16
Hoofdstuk 3 Programmagelden Wmo Er zijn verschillende factoren in de samenleving van invloed op de toename van het aantal mensen dat een beroep doet op maatwerkondersteuning via de Wmo. Landelijk is er de verwachting dat deze groei de komende decennia doorzet. De belangrijkste factoren lichten we toe. Ook gaan we in op waar in 2021 beleidsmatig de focus lag en welke effecten geconstateerd zijn. De jaarcijfers geven een enigszins afwijkend beeld. Er was meer groei verwacht dan dat de cijfers laten zien. Mogelijk speelt Corona daar een rol in. Na 2020, stond ook het jaar 2021 in het teken van Corona en werden er landelijk beperkende maatregelen ingesteld, die naar verwachting onder andere het effect van uitgestelde zorg met zich meebracht. Vergrijzing, langer thuis wonen en mantelzorg In Nederland stijgt al jaren het aantal mensen dat een zelfstandig huishouden voert. Mensen wonen langer zelfstandig. In 2040 is meer dan 1 op de 4 Nederlanders ouder dan 65. En binnen die groep 65 plussers, neemt het deel 80 plussers toe10. Momenteel zijn er in Nederland ongeveer 1,3 miljoen mensen ouder dan 75, in 2030 zullen dat er ongeveer 2,1 miljoen zijn en in 2040 ongeveer 2,5 miljoen. Het betreft een steeds grotere kwetsbare groep, welke zorgafhankelijk is. Tegelijkertijd neemt het aantal beschikbare mantelzorgers af.
Waar nu een 85-plusser een beroep kan doen op vijftien relatief ‘jonge’ ouderen (50-75 jaar), zullen dat er in 2040 nog maar zes zijn. Daarmee wordt duidelijk dat er een belangrijke uitdaging voor ons ligt om het stelsel van zorg en ondersteuning voor de lange termijn (functioneel en financieel) houdbaar te houden. Met een bevolking die steeds ouder wordt en met een relatief laag geboortecijfer, is er op termijn meer behoefte aan ondersteuning en zorg, maar zijn er minder mensen om ondersteuning en zorg te bieden. Zowel vanuit het (sociale) netwerk van mensen – zoals mantelzorgers en vrijwilligers – als op de arbeidsmarkt. Daarmee wordt een sterke sociale basis en het omzien naar elkaar steeds belangrijker. Toename complexiteit De zorgvragen van inwoners worden steeds complexer. De vragen strekken zich uit over verschillende levensgebieden. Met name in situaties waarin sprake is van een samengestelde zorgvraag – specifiek bij langdurige, complexe en/of domeinoverstijgende ondersteunings- en zorgvragen – worden problemen gesignaleerd. Meerkosten Covid-19 Ondanks de Corona pandemie konden aanbieders met de nodige aanpassingen wel de nodige ondersteuning blijven leveren bij onze inwoners. Aanbieders die vanwege Corona meerkosten gemaakt hebben voor bijvoorbeeld handgel of mondkapjes konden daarvoor via de meerkostenregeling een compensatie ontvangen.
Die kosten zijn gedekt vanuit de rijksbijdragen 2020 en 2021 (decembercirculaire). Stijging tarieven maatwerkvoorzieningen (indexatie) De tarieven voor Wmo voorzieningen moeten vastgesteld worden op basis van een reële kostprijs. Daarin is vooral de cao, met stijgende loonkosten de meest bepalende factor van de diverse kostprijselementen. Een ander element is bijvoorbeeld de sterk stijgende grondstofprijzen in de bouwsector, die invloed hebben op de kosten voor woningaanpassingen. Hulp bij het huishouden Het abonnementstarief, dat vanaf 2019 in de Wmo is ingevoerd, heeft nog steeds een aanzuigende werking bij met name huishoudelijke hulp.11 Onderstaande grafiek geeft inzicht in de ontwikkeling van het aantal klanten met hulp bij het huishouden vanaf eind 2015 tot en met 2021. De stijging van aantallen klanten na de invoering van het abonnementstarief in 2019 is duidelijk te zien. De vraag naar Hulp bij het Huishouden neemt nog steeds toe en dit schuurt met de arbeidsmarktkrapte. Door het tekort aan beschikbare huishoudelijk hulpen is de groei minder groot doordat er minder capaciteit is om in te zetten.
10 11
Dubbele vergrijzing. Zie o.a. de kamerbrief van VWS van 28 maart 2022, 330928-1026638-DMO
17
Voorzieningen De markt van hulpmiddelen is gestabiliseerd na het faillissement van het Hulpmiddelencentrum. De contractering van twee leveranciers (Welzorg en RSR) zorgt voor continuïteit voor onze inwoners. De samenwerking tussen de hulpmiddelenleverancier en gemeenten verloopt goed. De verstrekking van reguliere woonvoorzieningen zoals trapliften en elektrische deuropeners is toegenomen. De totale uitgaven van de woonvoorzieningen zijn grillig door incidentele grote woningaanpassingen (aanbouwen) en geven van jaar tot jaar een sterk fluctuerend beeld per gemeente. Dit is toe te schrijven aan de vraaggerichtheid en het gevolg van de ontwikkelingen van de krapte op de woningmarkt, de vergrijzing en het langer thuiswonen.
18
Begeleiding
Bovenstaande tabel laat zien dat het aantal verstrekkingen voor begeleiding voor de gemeenten Ermelo en Zeewolde stabiliseren en niet -zoals verwacht- verder zijn gestegen. Enerzijds kan de aanhoudende pandemie debet hieraan zijn geweest (uitgestelde zorg). Anderzijds kan de relatieve afvlakking in Ermelo en Zeewolde worden verklaard als gevolg van een aanbestedingstraject in 2021. Er bleek dat een aantal inwoners van de gemeente Ermelo en Zeewolde niet bij de Wmo thuis hoorden, maar bij de Wet langdurige zorg. Deze verstrekkingen zijn stopgezet onder de Wmo en voortgezet bij de Wlz.
19
Bijlage 1: Gedetailleerd overzicht Ermelo Financiële uitkomst programmagelden P-wet, Wmo en jeugdhulp 2021
Rekening
(Gewijzigde) Begroting
2e Prognose
Rekening
2020
gemeente
2021
2021
Domein
2021
Verschil rekening Verschil rekening 2021 2021 t.o.v. begroting
t.o.v. 2e prognose
gemeente
2021
Participatie
9.586.000
7.085.000
7.760.000
7.644.746
559.746
-115.254
Wmo
5.408.000
5.540.000
5.331.000
5.336.000
-204.000
5.000
Jeugd
11.915.000
12.641.000
12.737.000
12.890.000
249.000
153.000
Totaal
26.909.000
25.266.000
25.828.000
25.870.746
604.746
42.746
20
Jeugd
Ermelo: Rekening
(Gewijzigde) Begroting
Rekening
1e Prognose berekening
2e Prognose berekening
Verschil rekening 2021
Verschil rekening 2021
Liquiditeits begroting n.a.v. 1e prognose
gewijzigde Liquiditeits begroting n.a.v 2e prognose
t.o.v.
t.o.v.
begroting gemeente 2021
2e prognose 2021
2022
2022
Domein gemeente 2020
2021
2021
2021
2021
Ambulant
1.680.000
1.987.000
2.322.000
1.916.000
1.987.000
335.000
335.000
2.027.000
2.127.000
GGZ
1.564.000
2.573.000
2.285.000
2.374.000
2.573.000
-288.000
-288.000
2.474.000
2.711.000
Dyslexie
158.000
124.000
168.000
182.000
124.000
44.000
44.000
216.000
145.000
Pleegzorg
737.000
867.000
822.000
863.000
867.000
-45.000
-45.000
827.000
859.000
JB / JR
812.000
1.016.000
880.000
809.000
1.016.000
-136.000
-136.000
835.000
1.049.000
6.067.000
5.858.000
6.137.000
6.108.000
5.858.000
279.000
279.000
6.037.000
5.750.000
Overig
175.000
216.000
190.000
237.000
216.000
-26.000
-26.000
245.000
222.000
Overig-Covid-19 Continuïteitsbijdrage 2020
472.000
0
-10.000
0
0
-10.000
-10.000
0
0
Overig-Covid-19 Meerkostenregeling 2020
54.000
0
-11.000
0
0
-11.000
-11.000
0
0
Overig-Covid-19 Meerkostenregeling 2021*
0
0
42.000
0
0
42.000
42.000
0
0
Overig-Onderwijs Jeugd Arrangementen
0
0
45.000
0
96.000
45.000
-51.000
0
125.000
Woonplaatsbeginsel oude jaren
228.000
0
20.000
0
0
20.000
20.000
0
0
Innovatie
-32.000
0
0
0
0
0
0
0
0
11.915.000
12.641.000
12.890.000
12.489.000
12.737.000
249.000
Residentieel
Totaal
153.000 12.661.000 12.988.000
*= deze kosten worden gedekt door de te ontvangen rijksbijdragen in 2021 inzake meerkostenregeling COVID-19
21
Ontwikkeling zorggebruik en gemiddelde looptijd van indicaties Aantal Jeugd cliënten Eén manier om het zorggebruik te monitoren is door te kijken naar het aantal cliënten. In het begin van 2021 telde Ermelo 690 unieke cliënten, eind 2021 was dit aantal afgenomen tot 625.
Instroom en Uitstroom Unieke cliënten gemeente Ermelo Gemeente Ermelo
Stand per
Instroom
Uitstroom
1-1-2021
Totaal
Stand per
Toe/afname Toe/afname 1-1-2021 Stand per 13-9-2021
31-12-2021
31-12-2021 13-9-2021 31-12-2021 31-12-2020 31-12-2020
Stand per
Toe/afname per
690
239
304
625
-65
632
-7
619
-7
690
239
304
625
-65
632
-7
619
-7
Verstrekkingen in cijfers Er is bij een aantal cliënten sprake van meerdere voorzieningen. Daar waar Ermelo per 1 januari 690 unieke cliënten kende, werden aan die cliënten op 1 januari samen 892 voorzieningen verstrekt. Hieronder zijn de ontwikkelingen in 2021 weergegeven. Instroom en Uitstroom o.b.v. verstrekkingen aan cliënten gemeente Ermelo Toe/afname Toe/afname Domein Stand per Instroom Uitstroom Stand per 1-1-2021 Stand per 13-9-2021 per periode 31-12-2021 31-12-2021 13-9-2021
Stand per
Toe/afname per
31-12-2021 31-12-2020
31-12-2020
1-1-2021
per periode
Ambulant
200
94
119
175
-25
175
0
187
-7
Dyslexie
51
26
33
44
-7
50
-6
58
20
GGZ
393
164
182
375
-18
374
1
330
-22
JB/JR
126
43
80
89
-37
119
-30
110
-6
Pleegzorg
69
14
40
43
-26
63
-20
59
-2
Residentieel
53
30
35
48
-5
49
-1
50
-16
Totaal
892
371
489
774
-118
830
-56
794
-33
22
Gemiddelde looptijd indicaties in grafiekvorm Onderstaande grafiek geeft voor het jaar 2021 weer wat de gemiddelde looptijd van de afgegeven indicaties per zorgdomein en per kwartaal is.
Cijfers PGB’s Meerinzicht voert voor de gemeenten de administraties van de PGB’s die via de Sociale Verzekeringsbank worden verstrekt. De geldstroom loopt via de lokale administraties. Binnen de Jeugdwet gaat het voor 2021 voor de gemeente Ermelo om onderstaande bedragen: Ermelo: PGB bedragen via Sociale Verzekeringsbank (in '000') Jeugdwet
realisatie 2019
realisatie 2020
prognose 2021
248.000
220.000
204.000
Meerzorg (onderdeel residentieel) De vergoeding meerzorg wordt op basis van het goedgekeurde CCE-rapport verstrekt aan de cliënt/aanbieder. In de loop van 2021 is deze functie tijdelijk overgenomen door het CJG . Vanaf het jaar 2019 vindt de facturatie meerzorg via het reguliere berichtenverkeer plaats. De kosten inzake meerzorg 2021 bedragen ca.€ 777.000. Genoemd bedrag betreft meerzorg voor tien cliënten en heeft volledig betrekking op de gemeente Ermelo. In de loop van 2021 zijn zeven cliënten uitgestroomd waarbij ultimo 2021 nog drie meerzorg-cliënten in zorg zijn.
Gevolgen Wet op Nieuw Woonplaatsbeginsel voor compensatieregeling Voogdij/18+ Een deel van rijksbudget voor de gemeenten voor de uitvoering van jeugdhulp bestaat uit geld voor kinderen met een voogdijmaatregel en voor 18+ers. Een aantal gemeenten ervaart een verschil tussen het budget dat zij op grond van de beleidsinformatie krijgt toegewezen en de werkelijke kosten voor voogdij en 18+. Om de verschillende soorten problemen met de verdeling van het (historisch verdeelde) budget voor kinderen met een voogdijmaatregel en voor 18+ers op te lossen, is de compensatieregeling voogdij/18+ door het Rijk ingericht. In verband met het ingaan van de nieuwe regeling Woonplaatsbeginsel per 1 januari 2022 vervalt per genoemde datum ook de compensatieregeling voogdij. In tegenstelling tot voorgaande jaren (aanvraag per jaar) kan in 2022 compensatie worden gevraagd over 2 jaren tegelijk, namelijk over de boekjaren 2020 en 2021. Dit betreft een afsluiting van genoemde regeling. Het proces voor de aanvraag zal voor Meerinzicht starten in de zomer van 2022. Op basis van een analyse van de data wordt bepaald welke gemeente in aanmerking komt voor compensatie en een
23
eventuele aanvraag wordt dan voor 1 oktober 2022 ingediend. Deze analyse zal zeker plaatsvinden voor de gemeente Ermelo, dit mede gezien de historie van aanvragen in de afgelopen jaren voor de gemeente Ermelo inzake genoemde compensatieregeling voogdij.
Overig: De specificatie van het domein “overig“ is in hoofdlijnen voor het jaar 2021 als volgt: reguliere niet-cliëntgebonden kosten vrijval van de niet benutte post nog te betalen 2020 aan zorgaanbieders afboeken verschillen tussenrekening t/m 2019 kosten vervoer Totaal
-/-
149.000 9 .000 19.000 31.000 190.000
Woonplaatsbeginsel oude jaren: De specificatie van het domein “Woonplaatsbeginsel oude Jaren“ is voor het jaar 2021 als volgt: gemeente Almere: correctie woonplaatsbeginsel jaar 2016 20.000
24
Participatie
Realisatie
Begroting
Begroting
Realisatie
Verschil prognose
Verschil prognose
2020
gemeente
Meerinzicht
2021
t.o.v.
t.o.v.
2021
2021
begroting gemeente
begroting Meerinzicht
5.538.000
5.560.000
5.560.000
5.403.524
-156.476
156.476
553.000
510.000
510.000
496.023
-13.977
13.977
Zorg
1.013.000
1.015.000
1.015.000
1.076.333
61.333
-61.333
subtotaal regulier
7.104.000
7.085.000
7.085.000
6.975.881
-109.119
109.119
29.000
0
10.000
5.470
5.470
4.530
Tozo
2.453.000
0
665.000
661.251
661.251
3.749
Tonk
0
0
0
2.144
2.144
-2.144
subtotaal overige
2.482.000
0
675.000
668.865
668.865
6.135
Totaal