CConstaterende datHarderwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Drielanden - Groene Zoomweg 49_Bijlagen bij toelichting-gecomprimeerd

Raadsvergadering 9 november 2023, gemeente HarderwijkBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 4920.188 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Drielanden - Groene Zoomweg 49

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Inhoudsopgave Bijlagen bij toelichting

3

Bijlage 1

Beeldkwaliteitsplan

4

Bijlage 2

Ecologische quickscan

16

Bijlage 3

Beoordeling stikstof

45

Bijlage 4

Bomen effect analyse

146

Bijlage 5

Boominventarisatie en veiligheidsinspectie

185

Bijlage 6

Archeologisch onderzoek

290

Bijlage 7

Digitale watertoets

314

Bijlage 8

Aanmeldnotitie m.e.r.

326

Bijlage 9

Onderzoek milieuzonering

339

Bijlage 10

Akoestisch onderzoek

370

Bijlage 11

Akoestisch onderzoek warmtepompen

544

Bijlage 12

Verkennend bodemonderzoek

585

Bijlage 13

Onderzoek externe veiligheid

696

Bijlage 14

Onderzoek trillingen

741

Bijlage 15

Quickscan explosieven

752

Bijlage 16

Verslag omgevingsdialoog

781

Bijlage 17

Reacties vooroverlegpartners

783

2

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Bijlagen bij toelichting

3

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Bijlage 1 Beeldkwaliteitsplan

4

project:

Beeldkwaliteitsplan: ‘Brinken in de Zoom’ onderwerp:

BKP

werknummer:

22255

datum:

24 februari 2023

Locatie

locatie:

plangebied

locatie:

luchtfoto

noord

schaal:

-

pagina:

2

Verkaveling

Verkaveling

ontwerp:

verkaveling

noord

schaal:

1:1000 pagina:

4

Twee landelijke woonsferen

Stoer

Rustiek ontwerp:

verkaveling

noord

schaal:

1:1000 pagina:

5

Schetsen woningtypen

pagina:

6

Referenties ‘‘rustiek’’

Woningen worden persoonlijk gemaakt d.m.v. unieke huisnummers en armaturen

pagina:

7

Referenties ‘‘stoer’’

pagina:

8

Vogelvlucht

pagina:

9

Vogelvlucht

pagina:

10

Veranda’s

Er zullen incidenteel veranda’s worden toegepast georienteerd richting de groene binnenplaatsen (Brinken).

pagina:

11

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Bijlage 2 Ecologische quickscan

16

QuickScan Wet Natuurbescherming

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Colofon Opdrachtgever

Van der Kolk Ontwikkeling B.V. Koningsweg 29 3886 KC Garderen

Rapportnummer

2021-003

Versienummer

D2

Status

Definitief

Datum

8 november 2021

Vestiging Ecologisch Advies

Kaales Natuur & Ondernemen Angerenstein 13 7339 BJ Ugchelen 06 - 51833870

Veldwerk:

Kaales Natuur & Ondernemen

Opsteller

-2-

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Inhoudsopgave 1

Inleiding ------------------------------------------------------------------------ - 4 -

2

Gebiedsbeschrijving & Ingreep ----------------------------------------------- - 7 2.1

Inleiding ------------------------------------------------------------------- - 7 -

3

Methode van onderzoek ------------------------------------------------------ - 11 -

4

Gebiedsbescherming --------------------------------------------------------- - 13 4.1

5

Soortenbescherming---------------------------------------------------------- - 15 5.1

Inleiding ------------------------------------------------------------------ - 15 -

5.2

Resultaten bureaustudie ------------------------------------------------- - 15 -

5.2.1

Relatie tussen Habitat en Ecologische functionaliteit ------------- - 15 -

5.2.2

Bekende soorten in het plangebied -------------------------------- - 17 -

5.3

6

7

Inleiding ------------------------------------------------------------------ - 13 -

Resultaten veldbezoek --------------------------------------------------- - 17 -

5.3.1

Aanwezig habitats --------------------------------------------------- - 18 -

5.3.2

Waarnemingen van soorten en vastgestelde sporen -------------- - 22 -

Conclusie & Advies ----------------------------------------------------------- - 24 6.1

Gebiedsbescherming ----------------------------------------------------- - 24 -

6.2

Soortenbescherming ----------------------------------------------------- - 24 -

Gebruikte Bronnen ----------------------------------------------------------- - 25 7.1

Literatuur ----------------------------------------------------------------- - 25 -

7.2

Websites ------------------------------------------------------------------ - 25 -

Bijlage 1 - Fotobijlage ------------------------------------------------------------- - 26 -

-3-

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

1 Inleiding Inleidende vragen

Beschrijving

Wat is de aanleiding van deze QuickScan?

Er zijn plannen voor de herontwikkeling van de percelen Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk.

Waar ligt het plangebied?

Het plangebied ligt in gemeente Harderwijk, ten zuidwesten van Harderwijk aan de rand van een drukke rondweg. Zie hiervoor Afbeelding 1.

Wat is de reikwijdte van deze QuickScan?

Het onderzoek naar Beschermde Houtopstanden en een Stikstofdepositieberekening zijn geen onderdeel van deze QuickScan. De QuickScan is een globale toets en geen soortgericht onderzoek.

Afbeelding 1: De rode stip geeft de geografische ligging van het plangebied aan. Bron: OpenStreetMap.

-4-

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Inleidende vragen

Waarom wordt er een QuickScan uitgevoerd?

Beschrijving

Kaales Natuur & Ondernemen heeft dit onderzoek in opdracht van Van de Kolk B.V. uit Garderen uitgevoerd. De herontwikkeling gaat namelijk mogelijk gepaard met effecten op beschermde natuurwaarden onder de Wet natuurbescherming. In dit globale onderzoek is beoordeeld of de voorgenomen werkzaamheden conflicteren met de wettelijke bescherming van natuurwaarden. Het uitvoeren van een QuickScan is een eerste stap voor een dergelijke beoordeling. Uit de QuickScan blijkt of er een aanleiding is voor een vervolgstap. Een vervolgstap kan zijn het uitvoeren van een Voortoets in het kader van gebiedsbescherming of het uitvoeren van een soortgericht Nader onderzoek in het kader van soortenbescherming waarbij bepaald wordt of er als gevolg van de ingreep een essentieel leefgebied negatieve effecten ondervindt of verdwijnt.

Wat is een QuickScan en wat is het doel ervan?

Een QuickScan is een globale natuurtoets. Het is een eerste stap om te onderzoeken of er mogelijk beschermde natuurwaarden als gevolg van de voorgenomen ingreep een negatief effect zullen ervaren. Een QuickScan kan daarbij ingaan op Beschermde gebieden, Beschermde soorten en beschermde Houtopstanden. Voor het onderdeel soortenbescherming wordt er een habitatgeschiktheidsonderzoek uitgevoerd. Hierbij wordt onderzocht in hoeverre de aanwezige habitats geschikt zijn als leefgebied voor beschermde soorten. Middels dit onderzoek wordt beoordeeld voor welke soortgroepen en soorten het plangebied geschikt is of ongeschikt is als leefgebied.

Welke onderzoeksvragen worden er beantwoord?

Ligt het plangebied in een nabij een beschermd gebied? Is het aannemelijk dat de herontwikkeling negatieve gevolgen heeft voor beschermde gebieden? Welke habitats komen er in het plangebied voor? Zijn er habitats in het plangebied die geschikt zijn als leefgebied, of een deel daarvan, voor beschermde soorten? En zo ja, voor welke soorten/soortgroepen zouden er op basis van de aanwezige habitats, waargenomen soorten en vastgestelde sporen in het plangebied een leefgebied (of een deel daarvan) kunnen hebben?

-5-

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Is er een aanleiding van een nader onderzoek?

-6-

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

2 Gebiedsbeschrijving & Ingreep 2.1 Inleiding In dit hoofdstuk wordt het gebied beschreven en wordt kort ingegaan op de ingreep om een indruk te krijgen wat dit betekent voor de huidige situatie.

Afbeelding 2: Begrenzing van het plangebied. Bron: OpenStreetMap.

Onderzoeksvragen

Beschrijving

Wat zijn de grenzen van het plangebied?

Het plangebied wordt aan de noordkant en oostkant begrensd door de Fokko Kortlanglaan. Ten zuiden wordt het plangebied begrensd door een begroeide zandwal en ten westen door een grasland en het kantoordeel van de voormalige hovenier en bijbehorend erf.

-7-

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Wat is het karakter van het plangebied?

De gemeente Harderwijk geeft aan dat de De Groene Zoom een stadsrandzone is ten zuiden van Drielanden: een groen, stedelijk uitloopgebied tussen Ermelo en Harderwijk. In deze zone komen woningen, mogelijkheden voor sport en uitgaan.

een

park,

en

In de nabijheid van het plangebied zijn twee drukke wegen; de Groene Zoomweg en Kolbaanweg.

Afbeelding 3: Een van de eigenschappen van het plangebied is dat ongeveer 80% van het plangebied verhard is. Meer foto's zijn te zien in de fotobijlage (Bijlage 1).

Onderzoeksvragen Wat is het doel van de ruimtelijke ontwikkeling?

Beschrijving Het doel van de herontwikkeling is het realiseren van woningen dat het groene karakter van de Groene Zoom versterkt.

-8-

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Staat er bebouwing in het plangebied? Zo ja, welke gevolgen heeft de herontwikkeling voor de aanwezige bebouwing?

Het plangebied is voor 80% verhard. De opstallen wordt gebruikt als kantoor en grote schuren met een enkel steensmuur en stalen dak. De daken sluiten naadloos aan, er wordt groot materieel in opgeslagen en het heeft een schoon en opgeruimd karakter. Deze opstallen worden geamoveerd.

Wat is het karakter van het huidige gebruik?

Op het terrein zelf is materieel tijdelijk opgeslagen waardoor het een dynamisch karakter kent in gebruik. Het groenafval dat vrijkomt bij de werkzaamheden van het hoveniersbedrijf wordt tijdelijk op het terrein opgeslagen met als doel dit binnen enkele dagen te verwerken. Er is bedrijvigheid door mensen en rijdende auto's.

Is er groen aanwezig in het plangebied? Zo ja, welke gevolgen heeft de herontwikkeling voor dit groen?

Groenelementen liggen vooral aan de rand van het plangebied in de vorm van met heesters begroeide zandwallen. Deze groene wallen zijn voor een groot deel van binnen hol waardoor er geen gronddekking is. Dit duidt vaak op achterstallig onderhoud. Er is een groepje bomen aanwezig en op het terrein staan solitaire bomen. Daarnaast zijn er enkele compartimenten met een beukenhaag of dicht begroeide cotoneaster in combinatie met klimop (Afbeelding 9 en zie Bijlage 1). Het groen aan de rand van het gebied wordt versterkt en meer biodivers in de nieuwe situatie. Ruigtevegetatie of kruidenrijke vegetatie komen niet in het plangebied voor.

Is er water aanwezig in het plangebied? Zo ja, welke gevolgen heeft de herontwikkeling voor dit aanwezige water?

Het enige wat dat aanwezig is betreft een vijver. Zie Afbeelding 4 en naar Bijlage 1. Dit water zal in de herontwikkeling gehandhaafd blijven. In de nieuwe situatie worden de oevers meer open waardoor er meer kansen voor biodiversiteit ontstaat.

-9-

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Afbeelding 4: Ligging van het water aan de rand van het plangebied. Bron: OpenStreetMap.

Afbeelding

5:

eenvoudige

weergave

van

het

OpenStreetMap.

- 10 -

huidige

gebruik

en

terreinindeling.

Bron:

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

3 Methode van onderzoek Onderdelen onderzoeksmethode Methode Bureaustudie

Beschrijving Er is begonnen met een bureaustudie om na gaan of het plangebied binnen beschermde gebieden ligt. Dit onderzoek houdt in dat er wordt onderzocht hoe groot de afstand is tot de dichtstbijzijnde Natura 2000gebieden, NNN gebieden en eventueel andere gebieden die beschermd zijn door provinciaal beleid zoals weidevogelgebieden. Er wordt onderzoek verricht naar het vigerend provinciaal en gemeentelijk natuurbeleid ten aanzien van beschermde gebieden en beschermde soorten. Dit kan per provincie verschillend zijn. Ook is de bureaustudie gebruikt om uit te zoeken of beschermde soorten bekend zijn in en rondom het plangebied. Hiervoor is gebruik gemaakt van beschikbare bronnen. Het bestuderen van verspreidingsgegevens en naslagwerken die ingaan op de specifieke habitateisen van de beschermde soorten behoort ook tot de bureaustudie (zie 8 Gebruikte bronnen).

Methode Veldwerk / Locatiebezoek

De verzamelde informatie uit de bureaustudie vormt de basis voor het veldbezoek dat op 19 maart 2021 is uitgevoerd. Het plangebied en de directe omgeving (zone 50 meter) is onderzocht door één persoon. Tijdens het veldonderzoek lag de focus op geschiktheid van de aanwezige habitats voor beschermde soorten waarvan de verblijfplaats jaarrond beschermd is. Er is in kaart gebracht of (mogelijke) nesten van jaarrond beschermde broedvogels en nesten, holten en holen van grondgebonden zoogdieren zich in het plangebied bevinden. Daarnaast zijn bomen gecontroleerd op hun geschiktheid als vaste verblijfplaats voor vleermuizen. De bebouwing is aan de buitenzijde geïnspecteerd of dit habit geschikt is al op verblijfplaatsen voor vleermuizen, Steenmarter en jaarrond beschermde nesten van soorten als Gierzwaluw en Huismus. Ook is er gericht gezocht naar soorten en diersporen omdat dit enerzijds de mate van geschiktheid kan bevestigen en anderzijds een indruk kan geven over het huidige gebruik. Weersomstandigheden en bereikbaarheid zijn geregistreerd omdat dit van invloed kan zijn op de

- 11 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

verkregen resultaten. Tijdens inventarisatie in het veld zijn foto's gemaakt van relevante onderdelen van de habitats en gebiedskenmerken wat ter illustratie dient voor de gebiedsbeschrijving en de resultaten voor het het onderdeel soortenbescherming. Voor het waarnemen is gebruik gemaakt van een verrekijker Swarovski EL 10x42 en voor het vastleggen een camera Panasonic Lumix (tot 600mm) en en iPhone 7+. Methode Analyse

Op basis van de uitgevoerde bureaustudie en het veldbezoek is beoordeeld voor welke soorten de aanwezige habitats geschikt zijn en is bepaald of het plangebied gelegen is binnen de invloedsfeer van beschermde gebieden. Vervolgens is op basis van de geplande ingrepen bepaald welke effecten kunnen optreden op beschermde soorten en gebieden. Indien sprake is van mogelijke negatieve effecten is advies gegeven over te nemen vervolgstappen.

- 12 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

4 Gebiedsbescherming 4.1 Inleiding Inleidende vragen

Beschrijving

Wat wordt er in dit hoofdstuk beschreven?

In dit hoofdstuk wordt aangeven op welke afstand het plangebied van beschermde gebieden ligt en of er sprake is van een mogelijke invloed.

Welke bronnen zijn er voor de bureaustudie gebruikt?

O. a. PDOK-viewer en natura2000.nl. Zie voor meer bronnen; 8. Gebruikte bronnen.

In onderstaande matrix wordt per beschermingsregime aangegeven wat het kader is en welke resultaten van de bureaustudie daarbij horen. Europees beschermingsregime

Bureaustudie Plangebied

Kader: Twee Europese richtlijnen; Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn.

De kortste afstand tot een Natura 2000-gebied is de Veluwe dat met een uitloper tussen de bebouwing richting Harderwijk loopt en ligt op 1,3 km afstand (bron: PDOK Viewer) van het plangebied.

Doelstelling Habitattypen Natura 2000

De Veluwe is aangewezen voor een aangewezen voor 19 Habitattypen. Bron: natura2000.nl

Doelstelling soorten Natura 2000

Habitatrichtlijnsoorten voor de Veluwe zijn: Gevlekte witsnuitlibel, Vliegend hert, Beekprik, Rivierdonderpad, Kamsalamander, Meervleermuis, Drijvende waterweegbree. Aangewezen broedvogels zijn: Wespendief, Nachtzwaluw, IJsvogel, Draaihals, Zwarte specht, Boomleeuwerik, Duinpieper, Roodborsttapuit, Tapuit en Grauwe klauwier.

Nationaal beschermingsregime NNN, is een beleidsmatige

Bureaustudie Plangebied

Het plangebied ligt niet in een NNN gebied. De kortste

- 13 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

gebiedsbescherming en was voorheen bekend als de Ecologische Hoofdstructuur.

afstand tot het dichtstbijzijnde NNN-gebied (PNN) bedraagt 0,7 km. Het NNN kent geen externe werking vervolgstappen niet aan de orde zijn.

zodat

De voorgenomen ingreep heeft geen op effect op de dichtstbijzijnde beschermde gebieden: De habitattypen, habitatsoorten en broedvogels waarvoor de Veluwe is aangewezen en het Natura 2000 gebied zelf ondervinden geen effect van de voorgenomen

herontwikkeling.

Voor

het

overzicht

van

deze

habitattypen,

habitatsoorten en broedvogels is gebruikgemaakt van de website natura2000.nl Er is geen sprake van externe werking op de 'uitloper' van het Natura 2000 gebied en de aangewezen soorten komen ook niet in het plangebied voor door afwezigheid van geschikte omstandigheden. Het plangebied ligt op een afstand van circa 1,3 km van Natura 2000-gebied Veluwe. In de directe omgeving komen geen kwalificerende habitattypen voor. De ontwikkeling vindt plaats in het gebied De Groene Zoom dat wordt gekenmerkt door groen, verspreide bewoning en recreatiegebieden. De locatie was in gebruik als Hoveniersbedrijf. In vergelijking met dit gebruik en inrichting zal het toekomstige gebruik naar verwachting minder intensief zijn maar ook jaarrond optreden. Het plangebied ligt op 1,3 km buiten het Natura 2000-gebied. Op grond hiervan zijn oppervlakteverlies en versnippering uit te sluiten. In de aanlegfase is tijdelijk een verhoogd geluids- en wellicht lichtniveau te verwachten in en rond het plangebied. Het te verwachten geluidsniveau is vergelijkbaar met regulier groen- en terreinonderhoud. Gelet op de afstand tot het Natura 2000-gebied is een negatief effect hiervan te uit te sluiten. Optische verstoring speelt bij de gegeven afstand en vanwege de al aanwezige bebouwing en infrastructuur geen rol in geval van besloten habitats.

De werkzaamheden tijdens de aanlegfase zijn van dien aard dat mechanische effecten zijn

uit

te

sluiten.

Van

de

bewoning

van

het

plangebied

zijn

geen

grensoverschrijdende effecten te verwachten. Mede vanwege de afstand tot het Natura 2000-gebied is externe werking in zowel de aanleg- als de gebruikersfase uit te sluiten.

- 14 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

5 Soortenbescherming 5.1 Inleiding Inleidende vragen

Beschrijving

Wat wordt er in dit hoofdstuk beschreven?

In dit hoofdstuk worden de resultaten van de habitattoets weergegeven. Het gaat in op de geschiktheid van de aanwezige habitats als leefgebied voor beschermde soorten. Daarnaast worden vastgestelde sporen gepresenteerd.

Welke bronnen zijn er voor de bureaustudie gebruikt?

Veldbezoek, Kennisdocumenten BIJ12 en Handreiking Kleine Marters in relatie soortbescherming Provincie Noord-Brabant gebruikt. Zie ook H8.

de tot zijn

In onderstaande matrix wordt per beschermingsregime aangegeven wat het kader is en welke resultaten van de bureaustudie daarbij horen.

5.2 Resultaten bureaustudie 5.2.1 Relatie tussen Habitat en Ecologische functionaliteit Om de resultaten van een veldbezoek goed te kunnen interpreteren en op waarde te kunnen inschatten is het van belang te begrijpen welke terreineigenschappen van belang zijn voor (beschermde) soorten. De sleutelfactor voor biodiversiteit is de mate van variatie; hoe meer variatie des te meer biodiversiteit. Onderstaande matrix gaat daar verder op in waarbij de relatie tussen habitat, de eigenschappen van een habitat en de ecologische functionaliteit duidelijk wordt. Betreft

Toelichting

Habitat (het landschap en de geografische ligging van het plangebied zijn ook van invloed op het voorkomen van biodiversiteit).

Bebouwing en type bouwwerk; zoals woning in een woonwijk, industrie, agrarisch landschap | solitaire woning, hoogbouw, laagbouw, boerderij. Groen; groenstructuur, bomenlaan, bosplantsoen, gras, gazon, berm, tuin, haag / heg, oever, riet en ruigte;

- 15 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Water; oppervlaktewater, meer, poel, vijver, kanaal, sloot, rivier, beek. Eigenschappen habitat

De eigenschappen van een habitat is bepalend voor de mate van geschiktheid voor een bepaalde ecologische functionaliteit. Eigenschappen hebben betrekking op toegankelijkheid van de habitats, de diversiteit van de habitats, de grootte van habitats, de kwaliteit ervan en de onderlinge verbinding. Voor het habitat Bebouwing zijn de volgende eigenschappen relevant: pannendak, rieten dak, plat dak, hoek van het dak, kapotte pannen, nok - kopse kant, boeibord | stenen muur, spouw met open stootvoegen, hoogte van het gebouw en totale verharding van het plangebied. Voor het habitat Groen zijn de volgende eigenschappen van belang: de diversiteit in landschap en schaalgrootte, groenstructuur en aanwezige type groen zoals inheemse soorten, bosplantsoen, kruidenrijke graslandvegetaties, -bermen, -oevers, -riet en -ruigte, verbinding tussen verschillende habitats en ecologische functionaliteiten, aanwezigheid van rust (dit staat in relatie tot het gebruik en beheer van het habitat), bodemtype en aanwezigheid van ongestoorde bodem, beheer (of het traditioneel intensief of extensief ecologisch beheerd wordt). Voor het habitat Water zijn de volgende eigenschappen van belang: grootte, diepte, stilstaand of stromend water, beschaduwing, aanwezigheid van waterplanten, aanwezigheid van vis, beheer.

Ecologische functionaliteit

Deze ecologische functionaliteiten zijn voortplanten (verblijfplaatsen), schuilen en rusten inclusief verplaatsen tussen ecologische functionaliteiten (vliegroute, looproute), voedsel zoeken (foerageren / jagen). Voor de ecologische functionaliteit voedsel zoeken betekent dat het specifieke voedsel in het plangebied aanwezig moet zijn. Voor herbivore soorten is de aanwezigheid van planten van belang. Voor carnivore soorten zoals vleermuizen betekent dat er voldoende prooidieren bereikbaar moet zijn. Omnivore soorten, zoals kleine marterachtigen, zijn alleseters en voeden zich zowel met plantaardig als dierlijk voedsel.

Het doel met betrekking tot het soortenbeschermingsdeel van de Quickscan is het aantonen of het plangebied geschikt is als leefgebied voor beschermde soorten of aantonen dat het plangebied ongeschikt is als leefgebied voor beschermde soorten. - 16 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

De mate van geschiktheid wordt bepaald door aanwezigheid van habitats die voldoen aan de eisen die beschermde biodiversiteit stelt aan een leefgebied. Dit uit zich in de relatie tussen aanwezig habitat, de eigenschappen van het habitat en de (potentiële) ecologische functionaliteit ervan. Om dit aan te kunnen tonen worden aan de hand van de resultaten van het veldonderzoek in 5.3 de habitats, de eigenschappen ervan, de ecologische functionaliteiten, de waargenomen soorten en vastgestelde diersporen gevisualiseerd en beschreven. Voor een eerste indruk van mogelijk voorkomende soorten zijn diverse bronnen geraadpleegd (5.2.2).

5.2.2 Bekende soorten in het plangebied Beschermingsregime

Kader

Bureaustudie Plangebied

Europa

Europees beschermde soorten

Er zijn geen waarnemingen in het plangebied bekend van Europees beschermde soorten.

Rijk

Nationale lijst

Er zijn geen waarnemingen in het plangebied bekend van nationaal beschermde soorten.

Provincie

Soortenbeleid

Er zijn geen waarnemingen in het plangebied van provinciaal beschermde soorten zoals kleine marterachtigen bekend.

5.3 Resultaten veldbezoek Datum veldbezoek 19 maart 2021

Weersomstandigheden

Toegankelijkheid plangebied

Zacht zonnig droog weer Het gehele terrein was goed met stapelwolken. toegankelijk. Windkracht 1-2

- 17 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

5.3.1 Aanwezig habitats In onderstaande matrixen wordt naar aanleiding van het veldonderzoek per habitat en de eigenschappen ervan aangegeven welke ecologische functie het zou kunnen vervullen. Ook wordt aangegeven welke soorten er zijn waargenomen en welke sporen er vastgesteld zijn. Zie ook Bijlage 1 het foto-overzicht. Habitat gebouwen en eigenschappen

Ecologische functionaliteit

Dit habitat bestaat uit bebouwing Er is geen geschikt habitat aangetroffen (opstallen) inclusief de verharding van het voor gebouwbewonende soorten vanwege de afwezigheid van spouwmuren, het plangebied. missen van open stootvoegen en het In het plangebied staan een naadloos aansluiten van de dakrand. kantoorgebouw en schuren. De directe Gebouwbewonende soorten en buitenruimte er omheen is voornamelijk soortgroepen als Gierzwaluw, Huismus en verhard en in gebruik als aanrijroute, vleermuizen hebben geen mogelijkheid om ergens in weg of onder te kruipen. tijdelijk opslag en parkeerplaats.

Afbeelding 6: Opstallen met platen als dak, geen dakpannen, geen open stootvoegen.

- 18 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Afbeelding 7: Enkelsteens muren zonder open stootvoeg.

In de matrix hieronder wordt het groen in het plangebied nader beschreven. Er wordt aangegeven om welk type groen het gaat en in de beschrijving worden de eigenschappen ervan beschreven.

Habitat Groen

Ecologische functionaliteit

Dit habitat komt met name op de grens van het plangebied voor. Daarnaast is er ook homogeen groen in het plangebied dat met name een afscheidende functie heeft en zonder overgang grenst aan de verharding.

De grens van het plangebied zou een nietessentiële foerageerplek of vliegroute voor vleermuizen kunnen zijn. De aanwezige lantaarnpalen in het groen zou invloed kunnen hebben op het gebruik ervan als foerageergebied. In de omgeving van het plangebied zijn niet belichte groenstructuren Het groen in de zandwal bestaat deels uit aanwezig met randen van ruiggras. Het is laurierstruiken, diverse heesters en dan ook niet aannemelijk dat het in het enkele bomen. Er is voldoende structuur plangebied gaat om een essentieel aanwezig. foerageergebied of vliegroute.

- 19 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Er is relatief weinig structuur aan de randen omdat een ruigte en grasvegetatie laag ontbreekt. Ook de kwaliteit van het groen door gebrek aan diversiteit in soorten en opbouw van het groen. Door het gebruik van het terrein waar verschillende mensen werkzaam zijn en auto's heen en weer rijden is er weinig rust in het gebied overdag. Dit straalt uit op het groen.

Het aanwezige groen biedt weinig gronddekking, heeft weinig beplanting die insecten of vogels aantrekken waardoor het weinig interessant is voor verblijfplaatsplaatsen, looproutes en jachtgebieden van kleine marterachtigen. Het groen biedt dekking boven de grond in de struiklaag en is geschikt als broedplek voor vogels zonder een jaarrond beschermd nest.

Afbeelding 8: Een van de haagbeukenhaagjes in het plangebied ter afscheiding.

- 20 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Afbeelding 9: Een van de groene afscheidingen op het terrein. De dichte begroeiing van Contoneaster en Klimop reikt tot aan de verharding.

In de matrix hieronder wordt het water in het plangebied nader beschreven. Er wordt aangegeven om welk type water het gaat en in de beschrijving worden de eigenschappen ervan beschreven.

Habitat Water

Ecologische functionaliteit

Buiten een vijver is er geen water in het plangebied te vinden.

Hooguit dat algemene vrijgestelde soorten als Gewone pad en Bruine kikker hier voorkomen en dat de vijver als voortplantingswater dient.

Het water ligt omsloten door doorgroeide wilgen, is ondiep met veel bladafval en er komen geen waterplantvegetaties in het water voor.

- 21 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Afbeelding 10: Het enige water op de grens van het plangebied dat in de nieuwe situatie gehandhaafd blijft.

5.3.2 Waarnemingen van soorten en vastgestelde sporen

Soortgroep

=

Een bundeling van soorten die behoren tot een groep. Vleermuizen bijvoorbeeld is een soortgroep.

Soortgroep Vaatplanten/Flora

Beschrijving In het plangebied zijn algemene plantensoorten van groenstroken en ruderale/verharde omstandigheden aangetroffen.

- 22 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Zoogdieren

Er zijn waarnemingen gedaan van Huiskat (leek niet verwilderd) en enkele sporen gevonden (grondholen) van waarschijnlijk Bosmuis en Bruine rat.

Broedvogels

Hoewel rondom het plangebied soorten als Huismus, Heggemus en Koolmees te horen waren tijdens het veldonderzoek is er in het plangebied alleen enkele houtduiven waargenomen, waarvan 1 exemplaar broedend (zie foto).

Amfibieën

geen waarnemingen

Overige soortgroepen

geen waarnemingen

Afbeelding 11: Broedende Houtduif in de heesters van de zandwal.

Broedgelegenheid, schuilgelegenheid en foerageergebied vormen de basis voor het leefgebied van huismussen. Doordat het plangebied ongeschikt is als broedplek voor deze soort en zadenrijke ruigten of tuinen ontbreken in het plangebied, is het niet verwonderlijk dat er geen waarnemingen zijn gedaan van de Huismus ten tijde van het veldbezoek. En dat terwijl in de omgeving buiten het plangebied wel huismussen aanwezig waren en zich lieten zien en horen. - 23 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

6 Conclusie & Advies 6.1 Gebiedsbescherming Het plangebied ligt niet in Natura 2000-gebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000gebied is de Veluwe, gelegen op een afstand van 1,3 km Gezien deze afstand, de tussenliggende infrastructuur en bebouwing en de aard van de ingreep zijn geen negatieve effecten op instandhoudingsdoelen van het Natura 2000-gebied te verwachten. Er

is

geen

aanleiding

voor

een

nader

onderzoek

in

het

kader

van

gebiedsbescherming zoals het uitvoeren van een Voortoets. Sinds 1 juli is een Stikstofberekening voor de realisatiefase niet meer nodig, maar nog wel voor de gebruiksfase. Hoewel het voor de nieuwe situatie aannemelijk is dat er in de gebruiksfase minder stikstof dan in de huidige situatie wordt uitgestoten wordt geadviseerd om voor de gebruiksfase een Stikstofberekening te laten uitvoeren.

6.2 Soortenbescherming Er zijn geen geschikte habitats in het plangebied voor soorten met jaarrond beschermde verblijfplaatsen. Er zijn tijdens het veldonderzoek geen waarnemingen gedaan in het plangebied van beschermde soorten met jaarrond beschermde verblijfplaatsen. Ook zijn er geen sporen van soorten gevonden die tot deze categorie worden gerekend. Er is geen aanleiding voor een nader soortgericht onderzoek in het kader van de Wet natuurbescherming. Let op! De Algemene Zorgplicht geldt voor alle soorten altijd. Zorgvuldig handelen is dan ook van belang ten behoeve van beschermde en niet beschermde soorten.

- 24 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

7 Gebruikte Bronnen 7.1 Literatuur Handboek Natuurbeschermingsrecht (2017) - Berghauser Pont Publishing Natuurbeschermingsrecht (2017) - Sdu Europese Natuur in Nederland; Soorten van de Habitatrichtlijn - KNNV Europese Natuur in Nederland; Hoog Nederland, Natura 2000-gebieden - KNNV De amfibieën en reptielen van Nederland; Nederlandse fauna (9) - RAVON De Nederlandse biodiversiteit; Nederlandse fauna (10). - Naturalis Atlas van de Nederlandse Zoogdieren; Natuur van Nederland (12) Zoogdiervereniging Kennisdocumenten BIJ12 Handreiking Kleine Marters in relatie tot soortbescherming Provincie NoordBrabant (veel content ook bruikbaar voor andere provincies).

7.2 Websites natura2000.nl pdok.nl | PDOK-viewer https://www.gelderland.nl/Wet-Natuurbescherming-Beschermde-soorten-ontheffing

- 25 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

Bijlage 1 - Fotobijlage

- 26 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

- 27 -

Herontwikkeling Groene Zoomweg 49 en Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk

- 28 -

bestemmingsplan Drielanden - Groene Zoomweg 49

Bijlage 3 Beoordeling stikstof

45

Beoordeling stikstof Woningbouwplan Brinken in de Zoom Groene Zoomweg, Harderwijk

5 juli 2022

Van de Kolk Ontwikkeling B.V. Koningsweg 29 3886 KC Garderen

Craeft Advies B.V. Middelerf 14-b 3851 SP Ermelo 06-25472688 jvijfhuizen@craeftadvies.nl www.craeftadvies.nl Rapportnummer: 22.00261-1_R

Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

2

Inhoud 1.

Inleiding ...................................................................................................................................... 4 1.1.

Gegevens opdrachtgever ................................................................................................... 4

1.2.

Doel en afbakening beoordeling......................................................................................... 4

2.

Beoogde ontwikkeling................................................................................................................. 6

3.

Aanlegfase .................................................................................................................................. 7 3.1.

Uitgangspunten interne saldering ...................................................................................... 7

3.2.

Machines aanlegfase.......................................................................................................... 8

3.3.

Verkeersbewegingen ......................................................................................................... 9

3.4.

Uitkomsten en conclusies aanlegfase ............................................................................... 10

4.

Gebruiksfase ............................................................................................................................. 11 4.1.

Lijnbronnen gebruiksfase ................................................................................................. 11

4.2.

CROW-normering gebruiksfase ........................................................................................ 11

4.3.

Uitkomsten en conclusies gebruiksfase ............................................................................ 12

5.

Conclusie .................................................................................................................................. 13

Bijlagen: ........................................................................................................................................... 14 1.

Overzicht machines en verkeer aanlegfase ....................................................................... 14

2.

Vergunning Wet milieubeheer Groene Zoomweg 49 / Fokko Kortlanglaan 137 Harderwijk 14

3.

Aerius-berekening aanlegfase .......................................................................................... 14

4.

Aerius-berekening gebruiksfase ....................................................................................... 14

Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

3

1. Inleiding 1.1.

Gegevens opdrachtgever

De opdrachtgever van het voorliggende project is: Naam: Adres planlocatie:

Van de Kolk Ontwikkeling B.V. Groene Zoomweg nabij nr. 49 Fokko Kortlanglaan nabij nr. 137 Postcode / plaats: 3845 LC Harderwijk Kadastrale gemeente: Harderwijk Sectie: K Perceelnummer: 177, 179, 188, 1095, 1096 Gezamenlijk groot 04.09.91 ha Als adviseur treedt op: Craeft Advies B.V. Middelerf 14-b 3851 SP Ermelo

1.2.

Doel en afbakening beoordeling

Van de Kolk Ontwikkeling B.V. is voornemens om op het voornoemde percelen aan en nabij de Groene Zoomweg en Fokko Kortlanglaan te Harderwijk een voormalige bedrijfslocatie te saneren en op de betreffende gronden in totaal 98 nieuwe woningen met aanhorigheden te realiseren. Voormeld project dient onder meer te voldoen aan de vereisten uit de Wet natuurbescherming. Kortgezegd valt deze wetgeving voor dergelijke projecten uiteen in twee elementen, te weten ‘soortenbescherming’ en ‘gebiedsbescherming’. Deze rapportage dient ter beoordeling van de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden, waarvan het gebied de Veluwe het meest dichtbij is gelegen. Op grond van artikel 2.7 eerste lid Wet natuurbescherming dient het bevoegd gezag, in casu de gemeenteraad van Harderwijk, zich te verzekeren van het feit dat er geen sprake is van significant negatieve effecten op Natura 2000gebieden bij de vaststelling van een bestemmingsplan. Het bevoegd gezag dient na vaststelling van het bestemmingsplan een Omgevingsvergunning te verlenen voor de bouw van de woningen en de aanleg van infrastructuur.

Op grond van artikel 2.7 tweede lid Wet natuurbescherming kan de initiatiefnemer het project uitvoeren indien geen sprake is van significante effecten, of voor zover daar wel sprake van zou zijn, kan in combinatie met artikel 2.1 sub i Wet algemene bepalingen omgevingsrecht een zogenaamde VVGB worden aangevraagd. In beide gevallen, de vaststelling van het bestemmingsplan en de navolgende verlening van de Omgevingsvergunning, geldt dat er geen sprake is van significant negatieve effecten indien uit Aerius-berekeningen naar voren komt dat de activiteiten geen depositie opleveren en de uitkomst van de berekening 0,00 mol/ha/jr bedraagt. Alsdan kan het plan zonder nadere beoordeling worden uitgevoerd, het bestemmingsplan worden vastgesteld en vervolgens een Omgevingsvergunning worden afgegeven. Indien er wel sprake is van significante effecten dient een ecologische/passende beoordeling te worden opgesteld c.q. een Natuurvergunning te worden aangevraagd.

Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

4

De beoordeling staat stil bij de uitgangspunten voor de Aerius-berekeningen van zowel de aanlegfase als de gebruiksfase. De aanlegfase betreft de realisatie van de bouw van de woningen, zoals het uitgraven van de grond ten behoeve van de fundering, hijsen van bouwmateriaal alsmede de met de bouw samenhangende vervoersbewegingen, zoals het aanvoeren van materialen en de komst van bouwend personeel. Sinds 1 juli 2021 is artikel 2.9a toegevoegd aan de Wet natuurbescherming. Dit artikel biedt een vrijstelling voor bouwactiviteiten, welke nader is ingevuld in artikel 2.5 van het Besluit stikstofreductie en natuurverbetering (Bsn). De aanlegfase hoeft in beginsel dan ook niet beoordeeld te worden. De vrijstelling maakt onderdeel uit van de Wet natuurbescherming en het Besluit stikstofreductie en natuurverbetering en is derhalve direct toepasbaar. Het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft afspraken gemaakt met de bouwsector om de uitstoot van stikstof met 50% te verminderen in de aanloop naar 2030.

Er kan zich echter een situatie voordoen waarin gedurende het planproces door externe factoren anders naar deze vrijstelling moet worden gekeken omdat niet vast staat of de generieke emissiereductie van de bouwsector in juridische zin een voldoende compenserend effect heeft op eventuele emissies van individuele projecten of dat het Bsn qua aard en omvang naar ministeriële beoordeling wordt aangepast. In de beoordeling wordt derhalve, ondanks de vrijstelling, een korte beschouwing gegeven van de aanlegfase zodat, indien de vrijstelling onverhoopt niet meer toepasbaar zou zijn of zou wijzigen, toch sprake blijft van een toepasbare en standvastige beoordeling. Hierbij wordt interne saldering toegepast. Het gaat daarbij om een saldering in het planspoor op grond van artikel 2.7 lid 1 Wnb. Voor saldering in het planspoor geldt geen vergunningplicht. Daarnaast heeft te gelden dat als het vergunningspoor wordt beschouwd in het kader van de later aan te vragen Omgevingsvergunning voor het bouwen, de activiteiten eveneens vergunningsvrij zijn op grond van de uitspraak van 20 januari 2021 van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, genaamd ’Logtsebaan’ (ECLI:NL:RVS:2021:71). In deze beoordeling wordt voor de aanlegfase interne saldering toegepast. Hiermee volgt deze beoordeling een tweesporenbeleid ten aanzien van de aanlegfase: 1.

Toepassing vrijstelling artikel 2.9a Wnb jo. 2.5 Bsn 2. Indien deze vrijstelling vervalt kan worden teruggevallen op de beoordeling van de aanlegfase zoals in deze beoordeling nader wordt uitgewerkt met toepassing van interne saldering. Los van bovenstaande elementen met betrekking tot de aanlegfase dient de gebruiksfase te worden beoordeeld. Ten aanzien van de gebruiksfase worden de verkeersbewegingen beoordeeld die betrekking hebben op de toekomstige woningen. De nieuwe woningen worden overigens gasloos gebouwd en het is algemeen bekend dat deze daarmee als emissieloos beschouwd mogen worden – en dat feitelijk ook zijn.

Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

5

2. Beoogde ontwikkeling De beoogde ontwikkeling bestaat, zoals gezegd, uit de sloop van een voormalige bedrijfslocatie, waar voorheen een groenvoorziening-bedrijf met opstallen en kantoorruimte was gevestigd. Na deze sloop bestaat de ontwikkeling uit het bouw- en woonrijp maken en de realisatie van ca. 98 woningen met overige aanhorigheden zoals infrastructurele voorzieningen en terreininrichting. De woningen zullen (gemiddeld) twee lagen met een kap hebben. De terreinindeling ziet er (op hoofdlijnen) als volgt uit:

Voor de sloop-/aanlegfase is gewerkt met een geometrisch middelpunt in het plangebied voor de beoordeling van de emissie van mobiele werktuigen ten behoeve van de bouw. In deze aanlegfase wordt het bouwverkeer ontsloten via de Groene Zoomweg, alwaar dit verkeer vertrekt in noordoostelijke richting. Voor de beoordeling van de aanlegfase wordt uitgegaan van een realisatiefase van twee jaar met een gemiddelde bouwtijd van ca. 250 dagen per jaar. Voor de gebruiksfase wordt eveneens uitgegaan van verkeersafwikkeling langs de Groene Zoomweg.

Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

6

3. Aanlegfase In de sloop-/ en aanlegfase zal gekeken worden naar de sloop van de bestaande opstallen en bouw van de woningen. Zoals gezegd is voor deze fase gewerkt met een geometrisch middelpunt in het plangebied voor de beoordeling van de emissie van mobiele werktuigen ten behoeve van de bouw. Het bouwverkeer wordt ontsloten via de Groene Zoomweg. Er wordt gewerkt met interne saldering in het planspoor op grond van artikel 2.7 lid 1 Wnb. Voor saldering in het planspoor geldt geen vergunningplicht. Daarnaast heeft te gelden dat als het vergunningspoor wordt beschouwd in het kader van de later aan te vragen Omgevingsvergunning voor het bouwen, de activiteiten eveneens vergunningsvrij zijn op grond van de uitspraak van 20 januari 2021 van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, genaamd ’Logtsebaan’ (ECLI:NL:RVS:2021:71). Er wordt eerst stil gestaan bij de uitgangspunten voor interne saldering, daarna wordt de aanlegfase nader beschouwd.

3.1.

Uitgangspunten interne saldering

Er is op 26 augustus 1997 een vergunning verleend voor het op de planlocatie gevestigde groenbeheerbedrijf in het kader van de Wet milieubeheer. Op 7 maart 2006 en 12 februari 2008 zijn meldingen gedaan om veranderingen te melden. Deze meldingen hebben geen betrekking op de omvang van de vergunde situatie. De vergunde situatie van 1997 is tot dit moment onophoudelijk bestemd in het thans vigerende bestemmingsplan. Het plan heeft enkel een mogelijke invloed op het Natura 2000 gebied Veluwe. De Veluwe is aangewezen op 7 december 2004, derhalve na de afgifte van voormelde vergunning. Het amoveren van het bedrijf heeft een directe samenhang met de ontwikkeling van het plangebied: het bedrijf is op exact dezelfde percelen gevestigd en moet verwijderd worden om de woningbouw te kunnen plaatsen. Er is sprake van een private overeenkomst tussen de ontwikkelaar en de eigenaar van de locatie. Hiermee staat vast dat deze vergunde situatie ook kan dienen als referentiesituatie in het planspoor. In de vergunning zijn de volgende bronnen opgenomen welke te herleiden zijn tot hedendaagse emissiebronnen: -

75 vrachtwagens doen dagelijks de inrichting aan; 10 + 2 = 12 vrachtwagens doen incidenteel de inrichting aan; 100 parkeerplaatsen voor auto’s zijn aanwezig; 2 vorkheftrucks op diesel zijn aanwezig; 2 tractoren op diesel zijn aanwezig.

Het incidentele vrachtverkeer wordt buiten beschouwing gelaten omdat dit geen permanente emissie representeert. De overige bronnen worden wel opgenomen. Hierbij geldt het volgende: -

75 vrachtwagens doen dagelijks de inrichting aan: Er wordt uitgegaan van het feit dat deze slechts een keer de inrichting aan doen en ook weer vertrekken. Dit betekent een verkeersbeweging heen en weer terug. Derhalve wordt het aantal vermenigvuldigd met 2. Hierdoor is dus sprake van 150 bewegingen met vrachtverkeer. Om uit te gaan van een worst-case scenario is uitsluitend middelzwaar vrachtverkeer opgenomen en geen zwaar vrachtverkeer. Het vrachtverkeer wordt afgewikkeld via de Fokko Kortlanglaan, omdat daar de ingang van het huidige bedrijf is gevestigd, voor wat betreft de vrachtwagens. Er is een lijnbron opgenomen welke van het bedrijfserf afgaat en vervolgens op de openbare weg opgaat. Deze afstand bedraagt 138m.

-

100 parkeerplaatsen voor auto’s zijn aanwezig: Er wordt uitgegaan van het feit dat deze slechts een keer de inrichting aan doen en ook weer vertrekken. Derhalve wordt het aantal vermenigvuldigd met 2. Hierdoor is dus sprake van 200

Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

7

bewegingen met licht verkeer. Het verkeer wordt afgewikkeld via de Groene Zoomweg, omdat daar de ingang van het huidige kantoor is gevestigd, voor wat betreft het kantoorpersoneel. Er is een lijnbron opgenomen welke loopt van de parkeerplaats op het erf tot aan de openbare weg. Deze afstand bedraagt 200m. -

2 vorkheftrucks op diesel zijn aanwezig: Er wordt uitgegaan van het feit dat 2 vorkheftrucks gemiddeld 1,5u per dag draaien en worden ingezet en daarbij gemiddeld een liter brandstof per uur verbruiken. Dit leidt tot de volgende rekensom: 2 vorkheftrucks * 1,5u * 365 dagen = 1095 u/jr = 1095 l/jr.

-

2 tractoren op diesel zijn aanwezig: Er wordt uitgegaan van het feit dat 2 tractoren gemiddeld 2u per dag draaien en worden ingezet en daarbij gemiddeld twee liter brandstof per uur verbruiken. Dit leidt tot de volgende rekensom: 2 tractoren * 2u * 365 dagen = 1460 u/jr * 2l/u = 2920 l/jr.

Bovenstaande situatie is ingevoerd als referentiesituatie voor interne saldering in het rekenmodel Aerius.

3.2.

Machines aanlegfase

De inzet van machines is afgestemd op de hoeveelheid woningen en is vastgesteld op basis van ervaringen in andere, vergelijkbare projecten. Het terrein is grotendeels goed bereikbaar. Na sloop betreft het grotendeels snel te bewerken bouwgrond en het plangebied ligt op hoogte waardoor er geen grote hoeveelheid grondwerk nodig is. Het bouwend personeel zal tevens worden opgedragen om de machines zoveel mogelijk uit laten als deze niet gebruikt wordt. Dit voorkomt onnodig stationair draaien alsmede beperkt dit overlast in de buurt. De inzet van machines is daarmee relatief beperkt. De ligging van de planlocatie brengt met zich mee dat de bouwplaats vanaf de Groene Zoomweg benaderd zal worden. Voor de aanlegfase is gewerkt met een geometrisch middelpunt in het plangebied voor de beoordeling van de emissie van mobiele werktuigen ten behoeve van de bouw. Hier wordt dan ook rekening mee gehouden ten aanzien van de opstelplaatsen van de machines. Er is één puntbron in het benoemde geometrisch middelpunt ingevoerd, waar de machines opgesteld zullen staan, of waar deze gemiddeld werkzaam zullen zijn (meer noordelijk of meer zuidelijk gelegen activiteiten heffen zich op deze schaal op). Het percentage draailast is overgenomen uit de defaultwaarden van Aerius. Wel zijn de machines specifiek ingevoerd. Overig materieel zal elektrisch worden ingezet.

De totale inzet van machines komt neer op de volgende tabel en zijn in het rekenprogramma Aerius ingevoerd om te beoordelen of er sprake is van significante effecten: Hijskraan Hijsen vloerdelen Graafmachine Egalisatie ondergrond, funderingswerk Betonstorter Fundering storten

aantal woningen 98

draai-uren uren totaal 4 392

over 2 jr 196 uur p.j., ca. 55% draailast, 5l/u

98

8

784

over 2 jr 392 uur p.j., ca. 55% draailast, 4l/u

98

4

392

over 2 jr 196 uur p.j., ca. 69% draailast, 2l/u

98

4

392

over 2 jr 196 uur p.j., ca. 55% draailast, 3l/u

Bulldozer

Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

8

3.3.

Verkeersbewegingen

De voertuigbewegingen in de aanlegfase zijn verdeeld in ‘lichte voertuigen’: de personenauto’s en bestelbusjes van bouwend personeel. De vrachtwagenbewegingen zijn verdeeld in ‘middelzware vrachtwagens’ en ‘zware vrachtwagens’. De Provincie Gelderland c.q. de Omgevingsdienst Noord Veluwe heeft stelregels opgesteld voor de lengte van de verkeerslijnbronnen als volgt:

-

Binnen de bebouwde kom: 50 meter voor personenauto’s en 150 m voor vrachtverkeer; Buiten de bebouwde kom: 80 meter voor personenauto’s en 250 m voor vrachtverkeer.

Uitzonderingen:

-

Als het verkeer binnen de bovengenoemde afstand een kruising of splitsing bereikt, dan geldt die kortere afstand tot die splitsing. Als een weg (vrijwel) uitsluitend gebruikt wordt door één bedrijf (bijvoorbeeld een toegangsweg van een steenfabriek in de uiterwaarden), dan wordt de hele toegangsweg meegenomen plus de afstand die hierboven is genoemd

In casu wordt het gebied ontwikkeld tot en is het grenzend aan de bebouwde kom. Derhalve wordt met deze regels gewerkt. In de aanlegfase is één gezamenlijke lijnbron opgenomen voor het betreffende verkeer, ter lengte van 150m en wordt het bouwverkeer ontsloten via de Groene Zoomweg, alwaar dit verkeer vertrekt in noord-oostelijke richting. De totale verdeling van verkeer ziet er als volgt uit: Middelzwaar vrachtverkeer vrachtwagens steiger Beton á 13 m3/auto isolatie bouwplaats inrichting plaatsen en verwijderen betonpomp voor fundering isotras kozijnen vloerverwarming vensterbanken trappen diversen dakramen staal wapening

Zwaar vrachtverkeer silo mortels gevelstenen (15000 st á 18000/auto) begane grondvloer 1e verdiepingsvloer 2e verdiepingsvloer dak; kappen, dakplaten Gibo Kalkzandsteen

4 4 4 4 3 10 18 10 10 26 2 20 15 10 140 enkele reis

10 16 22 20 20 12 20 20

140 enkele reis

Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

9

busjes aantal weken

15 busjes bouwbedrijf 4 busjes W-installateur 4 busje E-installateur gibo stucadoor spuiter schilder nuts 1 busje (0,5 dag per woning) tegelwerk (0,5 dagen per woning

dag per week

28 10 10

totaal dagen

5 5 5

2100 200 200 25 35 35 35 35 35

2700 enkele reis 10,8 per werkbare dag auto's aantal weken uitvoerder bouwbedrijf uitvoerder E uitvoerder W uitvoerder gibo uitvoerder stucadoor uitvoerder schilder uitvoerder tegelwerk

hoeveelheid per weektotaal dagen 28 15 10 10 10 15 10

5 5 5 1 1 1 1

140 75 50 10 10 15 10 310 enkele reis 1,24 per werkbare dag

10,8+1,24 = 12,04 enkele reis per werkbare dag 12,04 * 2 = 24,08 retour per werkbare dag, afgerond 25 verkeersbewegingen per dag

De totale invoer aan verkeersbewegingen van de aanlegfase in het rekenprogramma Aerius dient te geschieden in een benadering waarbij de bewegingen ook ‘retour’ gaan. De enkele reis wordt derhalve maal twee ingevoerd, zijn ingevoerd op de tijdseenheid ‘per jaar’ en ziet er daarmee als volgt uit: -

Lichte voertuigen: 3010 x 2 = 6020 per jaar Middelzwaar vrachtverkeer: 140 x 2 = 280 per jaar Zwaar vrachtverkeer: 140 x 2 = 280 per jaar

3.4.

Uitkomsten en conclusies aanlegfase

In beginsel is de aanlegfase beoordelingsvrij op basis van artikel 2.9a Wnb jo. art. 2.5 Bsn. Vanuit een zorgvuldige voorbereiding en de invulling van het voorzorgbeginsel is toch een beoordeling gemaakt over de aanlegfase van het voornoemde project. Deze beoordeling is opgebouwd middels een interne saldering, welke vergunningsvrij is op grond van artikel 2.7 lid 2 Wnb en de uitleg van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State daaraan. Uit de bijgevoegde Aerius-berekening blijkt dat er geen significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden plaatsvinden. Het bestemmingsplan kan op dit onderdeel worden vastgesteld en een Omgevingsvergunning kan worden verleend. Omdat significante effecten ontbreken hoeft geen Natuurvergunning in het kader van de Wet natuurbescherming te worden aangevraagd.

Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

10

4. Gebruiksfase 4.1.

Lijnbronnen gebruiksfase

Ten aanzien van de gebruiksfase worden de verkeersbewegingen beoordeeld die betrekking hebben op de woningen. De nieuwe woningen worden overigens gasloos gebouwd en het is algemeen bekend dat deze daarmee als emissieloos beschouwd mogen worden – en dat feitelijk ook zijn. Om een enigszins overzichtelijk geheel aan lijnbronnen te geven zijn een aantal woningen gezamenlijk beoordeeld. De volgende uitgangspunten zijn gehanteerd: -

Lijnbronnen van ten minste 50m, want liggend binnen de bebouwde kom met uitsluitend licht verkeer. De lijnbronnen worden echter afgewikkeld totdat ze het plangebied hebben verlaten, omdat het gaat om een nieuw gebied. De woningen zijn gegroepeerd beoordeeld, waarbij het middelpunt van een groep woningen is aangenomen. Op deze schaal heffen bewegingen dichterbij en verder van elkaar af, zich af. De vrijstaande woning is zelfstandig beoordeeld. De twee-onder-één kapwoningen aan de zuidzijde van het plan zijn per acht beoordeeld, waarbij het vertrekpunt van de lijnbron het geometrische middelpunt van de betreffende woningen is. De meer oost- of westwaarts gelegen opritten heffen elkaar op deze schaal op. Rij- en hoekwoningen, rug-aan-rugwoningen zijn gezamenlijk beoordeeld vanuit een middelpunt van de betreffende rij. De woningen aan de westzijde van het plan wikkelen af op de Groene Zoomweg, aan de Oostzijde van het plan op de Fokko Kortlanglaan.

4.2.

CROW-normering gebruiksfase

Een veel gebruikte methode is om de verkeersbewegingen af te stemmen op de parkeernormentabel of de CROW-normering. In casu zijn een gemiddelde van de CROW-normeringen gebruikt. Harderwijk ligt in een ‘matig stedelijk gebied’ en het betreft hier de categorie ‘rest bebouwde kom’. De volgende kerncijfers worden hierbij door het CROW gehanteerd: -

Rijwoningen/hoekwoningen: 2^1 kapwoningen: Vrijstaande woningen:

7,0 – 7,8 7,4 – 8,2 7,8 – 8,6

Omdat niet duidelijk is welke woningen worden verkocht of verhuurd en om nog enige flexibilteit in segmentatie te behouden, wordt uitgegaan van een invulling met 100% koopwoningen, hetgeen welke de hoogste normen sorteren en derhalve leiden tot een worst-case benadering. Zoals te zien is, formuleert het CROW een bandbreedte. In de beoordeling is uitgegaan van het gemiddelde van deze bandbreedte. Een beoordeling op de ondergrens zou kunnen leiden tot een extra onderbouwing waarom dat in casu toelaatbaar zou zijn, een beoordeling op de hoogste norm levert een worst-case benadering op, maar dat is in casu niet noodzakelijk. Harderwijk is een gemengde stad met verschillende type bewoners. Er zijn gezinnen waar niet beide partners buiten de deur werken, maar er wordt ook een zekere trek van mensen buiten Harderwijk verwacht, die wellicht wat meer verkeersbewegingen sorteren. Er zal door verschillende leeftijdscategorieën gewoond worden. Kortom: een gemiddelde benadering is passend. Het gemiddelde van de drie categorieën samen bedraagt 7,8. Dit is afgerond naar 8,0 verkeersbewegingen per woning, ongeacht het type woning. Omdat er meer sociale dan dure woningen in het plan aanwezig zijn, is dit een worst-case benadering. Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

11

Naast de verkeersbewegingen met auto’s (licht verkeer) van de toekomstige bewoners, kan ook vrachtverkeer de woonwijk aandoen. Dit zal in alle gevallen bestemmingsverkeer zijn, daar de wijk de facto doodloopt. In de CROW uitgave (2018), ‘Toekomstbestendig parkeren – kencijfers parkeren en verkeersgeneratie’, staan opmerkingen bij tabel A6, waarin per type omgeving een percentage zwaar verkeer is opgenomen. De volgende voetnoten kunnen van toepassing worden geacht: “Het vrachtverkeer van en naar woongebieden is doorgaans verwaarloosbaar, maar is wel in de cijfers verwerkt. Als gemiddelde kan worden gehanteerd 0,02 vrachtautobewegingen per woning per werkdag-etmaal (licht + zwaar).” Hieruit volgt dat in de opgenomen lijnbronnen met bovenvermelde vervoerswegingen reeds rekening is gehouden met vrachtverkeer. Dit hoeft daarom niet apart berekend te worden. Desalniettemin wil het bevoegd gezag graag apart inzicht in de middelzware- en zware vrachtbewegingen verkrijgen. Op basis van de tabel bedragen deze: 98 woningen * 0,02 = 1,96 vrachtwagens (licht + zwaar). Deze zijn opgenomen in een lijnbron, welke vanuit het middelpunt van het plan noordwestwaarts loopt en zuidoostwaarts, en verdeeld is in 50% middelzwaar vrachtverkeer (1 bewegingen per etmaal) en zwaar vrachtverkeer (1 bewegingen per etmaal).

4.3.

Uitkomsten en conclusies gebruiksfase

Uit de bijgevoegde Aerius-berekening blijkt dat er geen depositie op Natura 2000-gebieden plaatsvindt. Er is daarmee geen sprake van significante effecten ten aanzien van de gebruiksfase. Het bestemmingsplan kan op dit onderdeel worden vastgesteld en een Omgevingsvergunning kan worden verleend. Omdat significante effecten ontbreken hoeft geen Natuurvergunning in het kader van de Wet natuurbescherming te worden aangevraagd.

Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

12

5. Conclusie In deze rapportage zijn de gevolgen van het voorgenomen woningbouwproject ‘Brinken in de Zoom’ te Harderwijk beoordeeld in het kader van de Wet natuurbescherming, onderdeel gebiedsbescherming, waarbij voornamelijk is ingezoomd op stikstofemissie. Andere effecten zijn voor die tijd al uit te sluiten, gelet op de ligging van de locatie. Het volgende kan geconcludeerd worden: Aanlegfase -

-

Op grond van artikel 2.9a Wnb jo. 2.5 Bsn zijn de bouwactiviteiten per 1 juli 2021 vrijgesteld van een beoordelingsplicht voor de Wet natuurbescherming. Met het oog op het voorzorgbeginsel wordt de aanlegfase toch beperkt beschouwd. Daarmee kan deze beoordeling onaangetast blijven indien iets aan de vrijstelling zou wijzigen of deze vervalt. Het bedrijf aan de Groene Zoomweg 49 / Fokko Kortlanglaan 137 te Harderwijk wordt beëindigd in het kader van deze ontwikkeling. Er is sprake van een vergunde situatie van voor de aanwijsdatum van het Natura 2000 gebied Veluwe en er is sprake van een directe samenhang. Ook zou de activiteit direct weer hervat kunnen worden. Hiermee kan derhalve intern gesaldeerd worden. Op grond van deze interne saldering is ook dan geen sprake van significante effecten. Intern salderen is vergunningsvrij op basis van de Logtsebaan-jurisprudentie.

De conclusie is dat de aanlegfase beoordelingsvrij is. Als deze zekerheidshalve wel beoordeeld wordt, is er eveneens geen sprake van significant negatieve effecten en is de gebruikte interne saldering vergunningsvrij. Significant negatieve effecten op Natura 2000 gebieden kunnen derhalve op voorhand worden uitgesloten. Gebruiksfase -

Op basis van de stelregels van de Provincie Gelderland en de Omgevingsdienst Noord Veluwe zijn lijnbronnen ten behoeve van verkeer van toekomstige bewoners ingevoerd. Er is een gedetailleerd overzicht van lijnbronnen gemaakt, welke per huizenblok uiteenvalt. Het verkeer in de gebruiksfase leidt niet tot stikstofdepositie.

De conclusie is dat in de gebruiksfase geen sprake is van significant negatieve effecten. Significant negatieve effecten op Natura 2000 gebieden kunnen derhalve op voorhand worden uitgesloten.

Op grond van de uitgevoerde Aerius-berekeningen blijkt dat zowel in de aanlegfase als gebruiksfase geen sprake is van stikstofdepositie op het Natura 2000 gebied Veluwe (en/of andere gebieden). Er is dan ook per definitie geen sprake van significant negatieve effecten en een nadere (passende en/of ecologische) beoordeling op grond van artikel 2.7:1 jo. 2.8:1 Wnb is dan ook niet aan de orde. Het bevoegd gezag kan derhalve medewerking verlenen aan het vaststellen van het bestemmingsplan en/of de afgifte van de Omgevingsvergunning.

Craeft Advies

© Niets uit deze rapportage mag zonder voorafgaande toestemming van de auteur worden overgenomen of gebruikt.

Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

13

Bijlagen: 1. Overzicht machines en verkeer aanlegfase 2. Vergunning Wet milieubeheer Groene Zoomweg 49 / Fokko Kortlanglaan 137 Harderwijk 3. Aerius-berekening aanlegfase 4. Aerius-berekening gebruiksfase

Beoordeling Stikstof – Brinken in de Zoom

14

Invoergegevens Aerius - bouw 98 woningen Groene Zoom Harderwijk bouwperiode ca. 2 jaar, berekening per jaar

Hijskraan Hijsen vloerdelen Graafmachine Egalisatie ondergrond, funderingswerk Betonstorter Fundering storten

aantal woningen 98

draai-uren uren totaal 4 392

over 2 jr 196 uur p.j., ca. 55% draailast, 5l/u

98

8

784

over 2 jr 392 uur p.j., ca. 55% draailast, 4l/u

98

4

392

over 2 jr 196 uur p.j., ca. 69% draailast, 2l/u

98

4

392

over 2 jr 196 uur p.j., ca. 55% draailast, 3l/u

Zwaar vrachtverkeer silo mortels gevelstenen (15000 st á 18000/auto) begane grondvloer 1e verdiepingsvloer 2e verdiepingsvloer dak; kappen, dakplaten Gibo Kalkzandsteen

Bulldozer

busjes 10 16 22 20 20 12 20 20

140 enkele reis

Middelzwaar vrachtverkeer vrachtwagens steiger Beton á 13 m3/auto isolatie bouwplaats inrichting plaatsen en verwijderen betonpomp voor fundering isotras kozijnen vloerverwarming vensterbanken trappen diversen dakramen staal wapening

4 4 4 4 3 10 18 10 10 26 2 20 15 10 140 enkele reis

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Harderwijk&id=fd0410a1-9fbe-497f-ab6b-6649ad07d7ca