Bijlage 3 PvE P7 Harderwijk
Tekst van het document
7.5
Sanitaire voorzieningen
7.5.1 Functionele eisen 7.501 De Parkeervoorziening dient te voorzien in een vuilwaterafvoer van het toiletsysteem cf. Bijlage 9: ‘Specificatie toiletsysteem Sanitronics’ (positionering en doorsnede). 7.502 De Parkeervoorziening dient te voorzien in een wateraansluiting t.b.v. van het toiletsysteem cf. Bijlage 9: ‘Specificatie toiletsysteem Sanitronics’ (positionering en capaciteit). 7.502 De Parkeervoorziening dient te voorzien in de ventilatie van het toiletsysteem cf. Bijlage 9: ‘Specificatie toiletsysteem Sanitronics’. Toelichting: het toiletsysteem is voorzien van een eigen ventilatie-unit. De Parkeervoorziening dient zorg te dragen voor de noodzakelijke sparingen en overige voorzieningen t.b.v. een ongestoorde werking van deze ventilatie-unit.
7.6
Ventilatiesystemen
7.6.1 Functionele eisen 7.601 Indien de Parkeervoorziening niet volledig natuurlijk geventileerd kan worden, beschikt de Parkeervoorziening over een mechanisch ventilatiesysteem dat: a. voldoet aan de in de NEN2443 hieraan opgenomen eisen; b. regelbaar is; c. een minimale capaciteit heeft van tenminste 3 dm3/s per m2 gebruiksoppervlak; Programma van Eisen Versie CONCEPT v0.740i
56 / 68
7.602
7.603 7.604
7.7
d. aangesloten is op CO, LPG en brand/rookdetectiesystemen; e. ervoor zorg dat: – het koolmonoxideniveau in de Parkeergarage niet boven 50ppm komt gedurende normale verkeersdrukte; – het koolmonoxideniveau in de Parkeergarage niet boven 100ppm komt bij verkeersstromen tijdens piekuren; f. functioneert als rookwarmte-afvoerinstallatie (RWA) bij brand. Het gemiddelde geluidsdrukniveau bij inschakeling van de (brand)ventilatie bedraagt ten hoogste 87 dB (A). Op geen enkele plaats in de parkeergarage, gemeten op een hoogte van 1,60 meter boven het wegdek, is een geluidsdrukniveau van meer dan 90 dB(A) toegestaan. Indien de Parkeervoorziening niet volledig natuurlijk geventileerd is, is de Parkeervoorziening voorzien van een LPG-detectie installatie. Indien de Parkeervoorziening niet volledig natuurlijk geventileerd is, is de Parkeervoorziening voorzien van een CO-detectie installatie.
Brandmelding en -bestrijding
7.7.1 Functionele eisen 7.701 De Parkeervoorziening dient uitgerust te zijn met een brandbestrijdingsinstallatie die tenminste voldoet aan de NEN-EN 12845:2015 + NEN 1073:2017. Toelichting: Eventueel door bevoegd gezag en/of Veiligheidsregio op te leggen nadere eisen aan de (uitvoering van de) brandbestrijdingsinstallatie, dienen door Opdrachtnemer toegepast te worden. Toelichting: De maximaal beschikbare aansluiting op het distributienet van het waterleidingbedrijf is beperkt. Een maximale aansluiting van 4m3/uur kan gegarandeerd worden. Aangenomen dient te worden dat deze onvoldoende zal zijn voor een sprinklerinstallatie. Het aanbrengen van een brandput ten behoeve van de brandbestrijdingsinstallatie is eveneens niet mogelijk in verband met de aanwezige bodemverontreiniging. Opdrachtnemer dient in overleg met Opdrachtgever en de veiligheidsregio tot overeenstemming te komen over een aansluiting op het oppervlaktewater of een alternatieve oplossing. 7.702 De Parkeervoorziening dient uitgerust te zijn met een gecertificeerde brandmeldinstallatie op basis van volledige bewaking die tenminste voldoet aan de NEN 2535. Toelichting: Uitgangspunt is een onderhoudsvrij lineair detectiesysteem (glasvezel of weerstandskabel), of gelijkwaardig en automatische melders in alle technische ruimten.
7.703 De Parkeervoorziening dient uitgerust te zijn met een gecertificeerde ontruimingsinstallatie, uitgangspunt is type A, die voldoet aan de NEN 2575. 7.704 Bij alle toegangen van de (nood)trappenhuizen tot de parkeervloeren dienen droge blusleidingen opgenomen te zijn. Droge blusleidingen dienen gecertificeerd te zijn en voldoen tenminste aan de volgende eisen: a. de aansluitpunten op de parkeerniveaus dienen binnen handbereik van de toegang van het trappenhuis te worden gesitueerd; b. de aansluitpunten op maaiveldniveau dienen in een vergrendelbare behuizing te worden opgenomen, waarvan de locatie is afgestemd op het aanvalsplan van de brandweer;
Programma van Eisen Versie CONCEPT v0.740i
57 / 68
c.
7.705
7.706
de aansluitpunten op de parkeerniveaus dienen te zijn voorzien van afschroefbare deksel; d. het leidingwerk dient te zijn uitgevoerd met thermisch verzinkte stalen buizen die in een rode kleur zijn gepoedercoat; e. het leidingwerk, afsluiters, koppelingen en dergelijken dienen te voldoen aan de landelijke normen alsmede de vigerende regelgeving welke door de gemeente wordt gehanteerd. De Parkeervoorziening is voorzien van de noodzakelijke brandbestrijdingsmiddelen, conform de eisen van de Veiligheidsregio. Toelichting: Tenzij de Veiligheidsregio een afwijking voorschrijft of toestaat, dient de Parkeervoorziening op iedere verdieping in de directe nabijheid van elk trappenhuis te worden voorzien van twee poederblussers met een minimale capaciteit van 6kg, waarbij een minimum van 4 blusapparaten per 3.000m2 geldt. Blusapparaten dienen te worden opgesteld in een vergrendelde kunststof kast, of bouwkundige omkasting. Deze kasten zijn voorzien van breekglas met hamer. De blusapparaten dienen duidelijk zichtbaar te zijn in de kasten. Het eventueel aanbrengen van aanvullende aansluitpunten op het drinkwaternet ten behoeve van de brandweer, behoort tot de coördinatieverplichtingen van de opdrachtnemer.
Programma van Eisen Versie CONCEPT v0.740i
58 / 68
8. Parkeervoorziening – C-installaties 8.1
Algemeen
8.1.1 Functionele eisen Bieden ruimte 8.101 De Parkeervoorziening biedt ruimte voor het plaatsen en installeren van alle noodzakelijke netwerkcomponenten voor het laten functioneren van de dataverbindingen in en naar de Parkeervoorziening en de voor het functioneren noodzakelijke kabels en leidingen en overige voorzieningen. Toelichting: De (leverancier van de) Eigenaar, als toekomstig beheerder, levert en installeert noodzakelijke netwerkcomponenten (modem, routers, switches). Toelichting: De noodzakelijke data- en voedingsaansluitingen worden door Opdrachtnemer aangebracht conform door de leverancier op te geven specificaties inclusief de noodzakelijke kabelwegen en mantelbuizen (met trekdraad). Verificatie: Een specialist van de leverancier toetst of de voorgenomen positionering van componenten en de hiervoor benodigde data- en voedingsaansluitingen correct is toegepast. Faciliteren beheer 8.102 In de Exploitatieruimte is, als onderdeel van het gebouwbeheersysteem, een synoptisch paneel aangebracht waarmee alle te besturen installaties worden bediend en worden gemonitord. 8.103 De Exploitatieruimte dient te worden voorzien van tenminste 6 data aansluitingen. 8.1.2 Raakvlakeis Extern raakvlak 8.104 Alle netwerkcomponenten vanaf het ISRA-punt/internetaansluiting worden verzorgd door Eigenaar als toekomstige beheerder.
8.1.3 Realisatie-eisen 8.105 Opdrachtnemer dient een EMC (Elektro Magnetisch Compatibel) verklaring af te geven, waarmee aangetoond kan worden dat de aangelegde installaties geen storingen op andere installaties geven en niet gevoelig zijn voor storingen van buitenaf. 8.106 Opdrachtnemer heeft een coördinatieverplichting voor het tijdig laten plaatsen en installeren van de netwerkcomponenten.
Programma van Eisen Versie CONCEPT v0.740i
59 / 68
9. Parkeervoorziening – PMS en VMS 9.1
Algemeen
9.1.1
Functionele eisen
Bieden ruimte 9.101 Het leveren, plaatsen en installeren van een Parkeermanagementsysteem (PMS) en Videomanagementsysteem (VMS) is geen onderdeel van de opdracht. De Eigenaar verleent hiervoor opdracht aan een derde partij. Speedgates, waarmee de in- en uitrit voor voertuigen wordt afgesloten, en geautomatiseerde hekwerken, waarmee het exclusieve bewonersdeel wordt afgesloten, maken onderdeel uit van het PMS. 9.102 De Parkeervoorziening biedt ruimte voor het plaatsen en installeren van alle afzonderlijke componenten van het PMS en VMS en de voor het functioneren noodzakelijke kabels en leidingen en overige voorzieningen. Toelichting: De noodzakelijke data- en voedingsaansluitingen worden door Opdrachtnemer aangebracht conform door de leverancier op te geven specificaties inclusief de noodzakelijke kabelwegen en mantelbuizen (met trekdraad). Verificatie: Een specialist van de leverancier toetst of de voorgenomen positionering van componenten en de hiervoor benodigde data- en voedingsaansluitingen correct is toegepast en of deze de werking van het PMS en VMS niet belemmert. Verificatie: Een specialist van de leverancier toetst of de Parkeervoorziening bouwkundig voldoet voor de plaatsing, installatie en probleemloos functioneren van door Opdrachtgever geselecteerde speedgates en geautomatiseerde hekwerken.
9.103 Het PMS omvat een centrale server en componenten voor het beheersbaar toegang verlenen van voertuigen (o.a. slagbomen, lussen, kaartgevers en -lezers, aansturing speedgates en geautomatiseerde hekwerken) en voetgangers (deurkaartlezers, aansturing schuif- en loopdeuren), betaalapparatuur alsmede componenten voor dynamische bewegwijzering (informatie over beschikbaarheid vrije parkeerplaatsen per etage) en het houden van cameratoezicht (VMS). Toelichting: De Parkeervoorziening bevat een gescheiden sectie welke uitsluitend voor bewoners toegankelijk is. Deze sectie dient voor voertuigen en voetgangers selectief toegankelijk te worden gemaakt middels geautomatiseerde hekwerken en loopdeuren met deurlezers. 9.104 Het VMS omvat zowel camera’s die toezicht houden op alle onderdelen van het parkeerproces (inrijden, vertrekken, betalen, aankomen, uitrijden) als camera’s die toezicht houden op de verblijfsruimten (serviceruimte, trappenhuizen, fietsenstalling, liften, parkeervloeren). Toelichting: De noodzakelijke data- en voedingsaansluitingen worden door Opdrachtnemer aangebracht conform door de leverancier op te geven specificaties inclusief de noodzakelijke kabelwegen en mantelbuizen (met trekdraad).
Verificatie: Een specialist van de leverancier toetst op basis van een door de leverancier te verstrekken cameraplan of de voorgenomen positionering van Programma van Eisen Versie CONCEPT v0.740i
60 / 68
9.105
9.106
componenten en de hiervoor benodigde data- en voedingsaansluitingen correct is toegepast en of deze de werking van het VMS niet belemmert. Ten behoeve van de door de leverancier te plaatsen centrale server van het PMS en VMS worden in de Exploitatieruimte ruimte en voorzieningen geboden voor een, tevens door leverancier te plaatsen afsluitbare systeemkast (19” rack) ten behoeve van de besturingskasten inclusief Uninterruptable Power Supply (UPS); De afmetingen van deze systeemkast bedragen 600mm (diep) x 800 mm (breed) x 2000 mm(h). Aan beide zijden van de systeemkast dient tenminste 800 mm vrije ruimte te zijn voor het wisselen van componenten. De Parkeervoorziening dient in de Serviceruimte ruimte te bieden voor het plaatsen van tenminste 2 betaalautomaten.
Faciliteren beheer 9.107 Het PMS, inclusief speedgates en geautomatiseerde hekwerken, dynamische bewegwijzering (eventueel) en cameratoezicht (VMS), wordt geleverd en geïnstalleerd door een door Eigenaar te selecteren leverancier (werken derden). 9.108 Kabeltracé’s voor data- en voedingsaansluitingen dienen van elkaar gescheiden te zijn. 9.109 Leidingen dienen te eindigen in een inbouwdoos. De inbouwdoos dient te worden voorzien van een blindplaat en afdekraam overeenstemmend met het toegepaste schakelmateriaal. 9.110 Camera’s dienen aan het plafond en/of aan kolommen en wanden gemonteerd te kunnen worden. 9.1.2 Realisatie-eisen 9.111 Opdrachtnemer heeft een coördinatieverplichting voor het tijdig laten plaatsen en installeren van het PMS en VMS inclusief speedgates en geautomatiseerde hekwerken.
Programma van Eisen Versie CONCEPT v0.740i
61 / 68
10. Parkeervoorziening - Liften 10.1 Algemeen 10.1.1 Functionele eisen Afwikkelen gebruikers 10.101 De Parkeervoorziening is voorzien van twee liften in het Hoofdtrappenhuis, met voldoende capaciteit om alle gebruikers efficiënt en effectief af te wikkelen. Verificatie: Opdrachtnemer toont middels een liftberekening aan dat de capaciteit van de lift(en) op het maatgevende moment voldoet. 10.102 Een lift is toegankelijk en voldoende groot voor het gelijktijdig vervoeren van minimaal 13 personen. 10.103 De nominale snelheid van de liften dient minimaal 1,6 m/s te bedragen. 10.104 Liften hebben stopplaatsen op alle verdiepingen (incl. de begane grond) van de Parkeervoorziening. 10.105 Liften zijn eenvoudig toegankelijk voor, en te gebruiken door, mindervaliden en/of rolstoelgebruikers en voldoen aan NEN-EN 81-70:2018. Borgen veiligheid 10.106 De liftinstallatie(s) dienen te voldoen aan de Richtlijn liften 95/16/EG en NEN-EN 81-20:2020 en NEN-EN 81:50:2020. 10.107 Bij calamiteiten dienen de liften op het maaiveld te worden geparkeerd met geopende deur. De fixatie op maaiveld dient zodanig te zijn uitgevoerd dat deze onafhankelijk is van de energievoorziening. 10.108 In de liften worden rondom (behalve bij de deuren) leuningen aangebracht. 10.109 Alle liften in de Parkeervoorziening zijn toegankelijk voor een brancard met begeleider.
Verlichting 10.110 De algemene verlichting van de liftkooien voldoet aan: a. een gemiddelde luxwaarde van 100 lux op vloerniveau; b. een slagvastheid van minimaal IK08; c. lichtbronnen in LED uitvoering; d. inbouw uitvoering ten behoeve van plafonds in liftkooien. Faciliteren beheer 10.111 De lampen in de armaturen van de kooi- en schachtverlichting kunnen vanaf het kooidak worden vervangen. 10.112 De liften zijn voorzien van intercom apparatuur. 10.113 De liftintercoms maken middels VOIP een spreek-/luisterverbinding en cameratoezicht mogelijk tussen de apparatuur in de liftkooi en de meldkamer van de liftleverancier, dan wel, naar keuze van de Opdrachtgever, een (externe) meldkamer en de centrale beheerderspost op afstand. 10.114 Liftstoringen worden automatisch doorgemeld naar de centrale beheerderspost op afstand.
Programma van Eisen Versie CONCEPT v0.740i
62 / 68
10.1.2 Raakvlakeisen Intern 10.115 De liften hebben een directe ruimtelijke relatie met de trappenhuizen. 10.1.3 Aspecteisen Betrouwbaarheid 10.116 Alle onderdelen van het object liftinstallatie hebben een levensduur van tenminste 25 jaar. 10.117 De toegangen dienen zodanig te worden uitgevoerd dat het binnendringen van hemelwater in de liftschacht en/of liftkooi wordt voorkomen. De liftschacht dient te voldoen aan de meeste recente eisen van het Liftinstituut. Onderhoudbaarheid 10.118 De vandaalbestendigheid van de liften voldoet aan de NEN-EN 81-71:2018, liftcategorie 1. Toelichting: De geëiste transparante liftdeuren en rondom (met uitzondering van de deuren) aan te brengen leuning zijn uitgezonderd van deze eis. 10.119 De muurkopomkledingen dienen in roestvrijstaal te worden uitgevoerd en voorzien zijn van een ‘anti dreun vulling’. 10.120 Alle roestvast stalen delen dienen minimaal kwaliteit AISI-314 te zijn. Vormgeving 10.121 Liften zijn uitgevoerd met tenminste 70% transparante liftdeuren én lifthuisdeuren. 10.122 De vloer van de liften is donkergrijs. Toelichting: De definitieve kleur is door Opdrachtgever te bepalen op basis van bij de leverancier van de lift beschikbare standaardkleuren. 10.123 De horizontaal in te lijmen schachtdorpels dienen van een geprofileerd roestvaststaal te zijn met een minimum dikte van 4 mm.
Comfort 10.124 Noodzakelijke ventilatoren dienen zodanig te worden aangebracht dat er geen (geluid)hinder in de verblijfsruimte en via de constructie kan ontstaan. 10.1.4 Realisatie-eisen 10.125 De liften dienen bij oplevering te zijn goedgekeurd waarbij keuringsrapporten dienen te worden overlegd aan Opdrachtgever. Alle kosten voor de keuringen komen ten laste van de Opdrachtnemer.
Programma van Eisen Versie CONCEPT v0.740i
63 / 68
Overzicht bijlagen Bijlage 1: ‘Systeem- en werkgrenzen’ Bijlage 2: ‘Wijze van aanleveren’ Bijlage 3: ‘Bindende en informatieve documenten’ Bijlage 4: ‘Overzicht ontwikkelingen in de omgeving’ Bijlage 5: ‘Informatie over eisen’ Bijlage 6: ‘Principe-ontwerp Jan Krul garage’ Bijlage 7: ‘Gevelontwerp Jan Krul garage’ Bijlage 8: ‘Huisstijl gemeente Harderwijk’ Bijlage 9: ‘Specificatie toiletsysteem Sanitronics’ Bijlage 10: ‘Specificaties Middenspanningsinstallatie’ Bijlage 11: ‘Eisen verzekeraar Eigenaar m.b.t. PV panelen’ Bijlage 12: ‘Eisen verzekeraar Eigenaar m.b.t. laadpunten’
Programma van Eisen Versie CONCEPT v0.740i
64 / 68
Bijlage 1 Systeem- en werkgrenzen
Programma van Eisen Versie CONCEPT v0.740i
65 / 68
Bijlage 2 Wijze van aanleveren
Programma van Eisen Versie CONCEPT v0.740i
66 / 68
Bijlage 3 Bindende en informatieve documenten
Bindende documenten
● ●
Principe-ontwerp, dd. Gevelontwerp: Common Affaires, dd.
Informatieve documenten
Programma van Eisen Versie CONCEPT v0.740i
67 / 68
Disclaimer ©2024, Spark B.V. info@spark-parkeren.nl, 2266 AD Leidschendam tel +31 (0)70 31 77 005 Behoudens de door de Auteurswet 1912 gestelde uitzonderingen mag niets uit dit document worden verveelvoudigd (waaronder begrepen het opslaan in een geautomatiseerd gegevensbestand) of openbaar gemaakt, op welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Spark B.V. Alle rechten voorbehouden. All rights reserved. No parts of this publication may be reproduced, stored in a retrieval system, or transmitted in any form or by any means, electronic, mechanical, photocopying, recording or otherwise, without prior written permission of Spark B.V. Aan de inhoud van dit document kunnen geen rechten worden ontleend. Spark B.V. aanvaardt geen aansprakelijkheid voortvloeiend uit eventuele onjuistheid of onvolledigheid van de in dit document vermelde informatie.