CConstaterende datHarderwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3. BP Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen

Raadsvergadering 10 juni 2024, gemeente HarderwijkBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan "Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen"28.782 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Te nemen maatregelen: • Op basis van resultaten van de jaarlijkse veldcheck voldoende afstand houden van broedende vogels en verblijfplaatsen van soorten; • Verblijfplaatsen van verschillende soorten niet direct te verlichten en de verlichting enkel op het evenemententerrein te richten; • Afstand is afhankelijk van de locatie en aanwezige soort; • Plaatsen van afschermende hekken op aanwijzing van de ecoloog die de jaarlijkse veldcheck uitvoert, indien nestlocaties worden aangetroffen. 4.8.2 Stikstofdepositie Doordat de evenemententerreinen op geringe afstand liggen van Natura 2000-gebied Veluwerandmeren is niet bij voorbaat uit te sluiten of negatieve gevolgen voor instandhoudingsdoelen ontstaan. In Natura 2000-gebied Veluwerandmeren bevinden zich geen stikstofgevoelige habitats of leefgebied. Effecten door stikstofdepositie kunnen echter ver reiken. Hierom is ook gekeken naar mogelijk negatieve gevolgen voor instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebied Veluwe. Omdat effecten door stikstofdepositie niet op voorhand uitgesloten kunnen worden is een enkelvoudige AERIUS berekening uitgevoerd. Uit deze berekening blijkt dat de beoogde evenementenprofielen op basis van de hier ingevoerde uitgangspunten niet leiden tot een toename van stikstofdepositie (0,00 mol/ha/jaar) op Natura 2000-gebied Veluwe en andere Natura 2000- gebieden.

Deze stikstofberekening is terug te vinden in Bijlage 1 Quickscan natuurtoets Harderwijk 2023 van de toelichting.

Conclusie Het aspect ecologie vormt geen belemmering voor de uitvoering van dit plan.

26

bestemmingsplan Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen (vastgesteld) NL.IMRO.0243.BP00304-0003

Hoofdstuk 5

Juridische aspecten

Binnen de ruimtelijke ordening staat het beschermen van een goed woon- en leefklimaat centraal. Evenementen kunnen voor overlast zorgen en hebben daarmee invloed op het woon- en leefklimaat. Om evenementen te mogen houden, dient dat geregeld te zijn in het bestemmingsplan. In dit paraplubestemmingsplan is het ruimtelijk kader aangegeven waarbinnen evenementen kunnen plaatsvinden met oog voor de leefkwaliteit van de omwonenden. Bij de wijze van bestemmen is gestreefd naar een evenwicht tussen de verschillende belangen rondom een evenement. Door het aantal evenementen, de duur van evenementen, de omvang van evenementen en de geluidbelasting te begrenzen (inclusief de toegestane tijd voor op- en afbouw) is er meer en betere sturing mogelijk op de balans tussen leefbaarheid en levendigheid.

5.1

Juridische regeling

In deze 'Partiële herziening evenementenprofielen binnenstad ' is een regeling opgenomen voor evenementen in de buitenruimte van het openbaar toegankelijk gebied. Het gaat daarbij om de publieke ruimte in de open lucht. Locaties waar evenementen gehouden worden, die toegestaan zijn door middel van een vergunning en verbonden zijn aan een, in een bestemmingsplan bestemde, (horeca)inrichting, vallen niet onder dit paraplubestemmingsplan. Met dit paraplubestemmingsplan wordt door middel van het opnemen van specifieke gebiedsaanduidingen op de verbeelding de functie 'evenementen' toegevoegd aan de geldende bestemmingsplannen. Voor de goede orde wordt opgemerkt dat, om een evenement daadwerkelijk te kunnen houden, naast de ruimtelijke aspecten ook de regels op grond van de openbare orde dienen te worden afgewogen. Dit laatste blijft plaatsvinden in het kader van de procedure voor een evenementenvergunning op grond van de APV. Dit paraplubestemmingsplan geeft het ruimtelijk kader voor evenementen waarbinnen een flexibel vergunningen- en handhavingsapparaat op basis van de APV kan functioneren.

5.2

Hoofdstuk opbouw van de regels

De regels zijn, zoals voorgeschreven in de 'RO standaarden 2012', verdeeld over 4 hoofdstukken: Inleidende regels In dit hoofdstuk worden begrippen verklaard die in de regels worden gebruikt (artikel 1). Dit gebeurt om een eenduidige uitleg en toepassing van de regels te waarborgen. In artikel 2.1. is de reikwijdte van dit bestemmingsplan opgenomen. In dit artikel is een tabel opgenomen met daarin vermeld de namen van alle geldende bestemmingsplannen waarop de regels van dit paraplubestemmingsplan van toepassing zijn verklaard.

Bestemmingsregels In artikel 3 worden de gebiedsaanduidingen voor alle aangewezen evenemententerreinen in Harderwijk benoemd. Dit artikel is nodig om de gebieden aan te wijzen waarin de bestaande bestemmingsplannen worden aangevuld met een algemene regeling voor het gebruik van de daartoe aangewezen gronden als evenemententerrein.

Algemene regels In dit hoofdstuk zijn bepalingen opgenomen met een algemeen karakter. Ze gelden dus voor het hele plan. Het zijn achtereenvolgens: a. algemene bouwregels: Dit artikel regelt dat tijdelijke bebouwing ten behoeve van evenementen is toegestaan. b. algemene gebruiksregel: In dit artikel zijn gebruiksregels opgenomen die gelden voor alle vier de

27

bestemmingsplan Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen (vastgesteld) NL.IMRO.0243.BP00304-0003 evenemententerreinen. In paragraaf 3.2 van de toelichting worden deze bepalingen toegelicht. c. algemene aanduidingsregels: Dit artikel bevat voor elk aangewezen evenemententerrein een algemene regeling die gericht is op het gebruik als evenemententerrein. Deze algemene regels zijn gekoppeld aan de op de verbeelding aangegeven gebiedsaanduidingen voor de vier evenemententerreinen. In deze algemene regels worden per evenemententerrein de ruimtelijk relevante uitgangspunten voor het gebruik als evenemententerrein beschreven. Ook is voor elk evenemententerrein een voorwaardelijke verplichting opgenomen op grond waarvan is bepaald dat de evenemententerreinen uitsluitend mogen worden gebruikt conform het bij elk evenemententerrein behorende locatieprofiel en de locatieprofielen evenemententerreinen algemeen. De locatieprofelen zijn toegevoegd in dit paraplubestemmingsplan in Bijlage 1 en Bijlage 2 van de regels. d. algemene afwijkingsregels: In dit artikel wordt aangegeven in hoeverre met een evenementenvergunning kan worden afgeweken van het plan voor evenementen die beeldbepalend zijn, waarbij dit noodzakelijk is in het kader van de openbare orde en/of veiligheid en bij evenementen die een hoge maatschappelijke relevantie hebben.

Het gaat daarbij om relatief kleinschalige ruimtelijke ingrepen. Hiermee kan in specifieke situaties maatwerk worden geboden en biedt het bestemmingsplan voldoende flexibiliteit. Ook is een afwegingskader toegevoegd op basis waarvan bij het verlenen van evenementenvergunningen de beslissing kan worden genomen of er afgeweken kan worden van dit paraplubestemmingsplan. Overgangs- en slotregels Tenslotte wordt in de regels vastgelegd op welk moment het bestemmingsplan is vastgesteld en welke naam het plan heeft.

5.3

Verantwoording Handboek Harderwijk

De regels van dit bestemmingsplan zijn opgesteld aan de hand van de Standaard Handboek Harderwijk, versie 2019-02. Vanwege het ontbreken van dergelijke regels in het handboek is het volgende toegevoegd: de gebiedsaanduiding 'overige zone - Evenemententerreinen', zodat planologisch mogelijk gemaakt kan worden dat de 4 locaties zijn aangeduid als evenemententerrein.

5.4

Handhaving

Een stad is een levend organisme en heeft behoefte aan evenwicht in de ordening van schaarse ruimte. De samenleving en ruimte moeten zo goed mogelijk met elkaar in harmonie zijn. Omdat ruimtelijke ordening vaak grote objecten betreft, is handhaving erg belangrijk. Het nalaten van deze taak zou leiden tot een onevenwichtige stad, waar wonen, werken en infrastructuur niet op elkaar zouden zijn afgestemd. Via het voorliggende paraplubestemmingsplan worden de ruimtelijk relevante aspecten van de locatieprofielen evenemententerreinen Harderwijk juridisch vastgelegd en kan ook handhavend worden opgetreden tegen situaties waarbij de opgenomen regels niet worden nageleefd.

28

bestemmingsplan Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen (vastgesteld) NL.IMRO.0243.BP00304-0003

Hoofdstuk 6

Economische uitvoerbaarheid

Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in de plantoelichting minimaal inzicht te worden gegeven in de economische uitvoerbaarheid van het plan. Dit bestemmingsplan voorziet in een wijziging van de planregels van vastgestelde bestemmingsplannen in de binnenstad van Harderwijk, maar daarmee wordt niet een bouwplan als bedoeld in artikel 6.2.1 van het Bro mogelijk gemaakt. Het is daarom niet noodzakelijk een exploitatieplan op te stellen. Via dit bestemmingsplan worden geen ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk gemaakt. De kosten voor het opstellen en in procedure brengen van het bestemmingsplan worden gedragen door de gemeente Harderwijk. Hiervoor zijn in de begroting gelden gereserveerd. Gezien het bovenstaande is de economische uitvoerbaarheid van het plan voldoende gewaarborgd.

29

bestemmingsplan Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen (vastgesteld) NL.IMRO.0243.BP00304-0003

30

bestemmingsplan Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen (vastgesteld) NL.IMRO.0243.BP00304-0003

Hoofdstuk 7 7.1

Inspraak en overleg

Inspraak

Gelet op het feit dat dit bestemmingsplan slechts een herziening betreft waarbij voor het beleidsstuk Locatieprofielen evenemententerreinen Harderwijk al een inspraakprocedure is doorlopen kan bij dit bestemmingsplan het houden van inspraak achterwege blijven. Gelet op het voorgaande wordt, overeenkomstig de gemeentelijke Inspraakverordening Harderwiijk 2007, bij dit bestemmingsplan geen gelegenheid tot inspraak geboden. Dit bestemmingsplan is opgesteld op basis van het beleidsstuk locatieprofielen evenemententerreinen Harderwijk. Voor de totstandkoming van dit beleidsstuk zijn verschillende gesprekken gevoerd met belanghebbenden, evenementen organisatoren, bewoners, ondernemers en stichtingen. Ook is het beleidsstuk behandeld in de commissie beleid algemeen. Behalve de persoonlijke gesprekken die plaats hebben gevonden zijn er in december 2019 ruim 380 huis aan huis brieven verstuurd naar omwonenden en ondernemers van de vier locaties met uitnodiging voor een inloopavond. Ongeveer 35 mensen hebben daar gebruik van gemaakt en input geleverd voor het opstellen van de profielen. Ook zijn er verschillende bijeenkomsten georganiseerd met organisatoren van evenementen waarbij ze input, wensen en ervaringen konden leveren.

7.2

Vooroverleg

Bij het maken van een bestemmingsplan moet volgens artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening worden overlegd met partijen die belangen hebben bij dit bestemmingsplan. Dit kan bijvoorbeeld een andere gemeente of waterschap zijn, maar ook bedrijven, verenigingen of andere organisaties. Het voorontwerpbestemmingsplan Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen met de bijbehorende stukken is toegezonden aan de volgende instanties: Provincie Gelderland Waterschap Vallei en Veluwe Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland Omgevingsdienst Noord Veulwe Coöperatie Gastvrije Randmeren De reacties van deze instanties op het voorontwerpbestemmingsplan zijn toegevoegd in de nota vooroverlegreacties die is terug te vinden in bijlage 3 van de toelichting van dit bestemmingsplan. Ook is in deze nota beschreven of en zo ja hoe de reacties zijn verwerkt in dit bestemmingsplan.

7.3

Zienswijzen

Het ontwerpbestemmingsplan "Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen” heeft van 28 december 2023 tot 8 februari 2024 ter inzage gelegen. Binnen deze termijn is 1 zienswijze ingediend die in de commentaarnota wordt samengevat en beantwoord. De commentaarnota zienswijzen terug te vinden in bijlage 4 van de toelichting van dit bestemmingsplan.

7.4

Am btshalve wijzigingen

Na het verstrijken van de termijn van de terinzagelegging zijn er ambtshalve wijzigingen aangebracht aan het bestemmingsplan. De ambtshalve wijzigingen zijn terug te vinden in bijlage 5 van de toelichting van dit bestemmingsplan.

31

bestemmingsplan Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen (vastgesteld) NL.IMRO.0243.BP00304-0003

32

bestemmingsplan Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen (vastgesteld) NL.IMRO.0243.BP00304-0003

Bijlagen bij de toelichting

33

bestemmingsplan Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen (vastgesteld) NL.IMRO.0243.BP00304-0003

34

bestemmingsplan Partiële herziening evenementenprofielen bestemmingsplannen (vastgesteld) NL.IMRO.0243.BP00304-0003

Bijlage 1 Quickscan natuurtoets Harderwijk 2023

35

natuurtoets Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk Beoordeling in het kader van de Wet natuurbescherming en de provinciale regels ten aanzien van het NNN

Gemeente Harderwijk Definitief

Barchman Wuytierslaan 10 3818 LH Amersfoort T 0384236464 E info@ecogroen.nl I www.ecogroen.nl

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk Beoordeling in het kader van de Wet natuurbescherming en de provinciale regels ten aanzien van het NNN

23463

20 november 2023

Definitief

L. (Lisette) Klein & S. (Sebastiaan) Kraaijeveld D. (David) Sietses

Gemeente Harderwijk

© Ecogroen bv Alles uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt, mits onder vermelding van bron en status. Klein, L. & S. Kraaijeveld (2023). Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk. Beoordeling in het kader van de Wet natuurbescherming en de provinciale regels ten aanzien van het NNN. Rapport 21-343 (definitief). Ecogroen bv Zwolle.

Inhoud Samenvatting

1

1.

Inleiding 1.1 Aanleiding en doelstelling 1.2 Evenementenprofielen en voorgenomen activiteiten

4 4 4

2.

Kader en methode 2.1 Wettelijk kader 2.2 Onderzoeksmethode

8 8 9

3.

Soortbescherming 3.1 Flora 3.2 Zoogdieren 3.3 Vogels 3.4 Overige soorten

10 10 10 13 16

4.

Natura 2000 4.1 Ligging evenementenlocaties ten opzichte van Natura 2000-gebieden 4.2 Beschrijving Natura-2000 gebied Veluwerandmeren 4.3 Bepaling mogelijke effecten 4.4 Relevante natuurwaarden 4.5 Effectbeoordeling verstoring 4.6 Effectbeoordeling stikstof 4.7 Conclusie Natura 2000

17 17 18 18 20 22 27 30

5.

Natuurnetwerk Nederland 5.1 Inleiding 5.2 Het NNN in de provincie Gelderland 5.3 Selectie van deelgebieden GNN 5.4 Selectie van effecten en toetsingscriteria 5.5 Effectbeoordeling

32 32 33 33 33 36

6.

Geraadpleegde bronnen

40

Bijlagen Bijlage 1 – Overzicht evenementenlocaties – Instandhoudingsdoelstellingen Natura 2000-gebied Veluwerandmeren – Output AERIUS berekening – Kernkwaliteiten NNN-deelgebieden Randmeerkust (139) en Veluwerandmeer Gelderland (137) – Selectie van toetsingscriteria – deelgebied 139 – Selectie van toetsingscriteria – deelgebied 137

Samenvatting Aanleiding en doel De gemeente Harderwijk wil op vier locaties in het stadscentrum meerdere evenementen door het jaar houden. Voor de vier locaties zijn evenementenprofielen opgesteld. Dit zijn Boulevard, Vischmarkt, Markt en De Wellen. De benoeming van de verschillende locaties als ‘evenementenlocatie’ heeft consequenties voor de huidige bestemmingplannen. De evenementenprofielen geven aanleiding om de vigerende bestemmingsplannen op dit punt aan te passen. Deze profielen worden geïntegreerd in een nieuw bestemmingplan. Omdat uitvoering van het nieuwe bestemmingsplan negatieve gevolgen kan hebben voor beschermde natuurwaarden, dient dit initiatief getoetst te worden aan het natuurbeschermingsrecht. In de voorliggende natuurtoets zijn de effecten van evenementen op de vier evenementenlocaties beoordeeld op de onderdelen soortbescherming en gebiedsbescherming (Natura 2000 en NNN) ter onderbouwing van het nieuwe bestemmingsplan.

Soortbescherming • In en nabij de vier verschillende evenementenlocaties is er potentie voor verblijfplaatsen van gebouwbewonende en boombewonende vleermuissoorten. Verstoring ten aanzien van licht is niet op voorhand uit te sluiten. Geluidsverstoring is niet te verwachten doordat de frequenties waarvoor vleermuizen gevoelig zijn niet overlappen met de frequenties die geproduceerd worden door geluidsinstallaties op evenementen. • Binnen de evenementenlocaties kunnen zowel vliegroutes als foerageergebieden van vleermuis voorkomen. Door de tijdelijke aard van de evenementen zullen foerageergebieden en vliegroutes niet permanent verloren gaan. Er zijn in de omgeving voldoende alternatieve foerageergebieden en vliegroutes aanwezig. Er is bij de evenementen geen sprake van de aantasting van onmisbaar foerageergebied of essentiële vliegroutes. Verstoring van foeragerende of zich verplaatsende vleermuizen als gevolg van verlichting is niet op voorhand uit te sluiten. • Vanwege de terreinkenmerken zoals het parklandschap van De Wellen is het voorkomen van eekhoorn niet op voorhand uit te sluiten. • In en nabij de verschillende evenementenlocaties zijn waarnemingen bekend van huismus, gierzwaluw en grote gele kwikstaart (NDFF, 2020). Nesten van deze vogelsoorten zijn jaarrond beschermd. Aanwezigheid van jaarrond beschermde nestplaatsen is niet uit te sluiten.

Negatieve effecten zijn niet op voorhand uit te sluiten. Wel kunnen deze middels aanpassingen gemitigeerd worden. • Door de aanwezigheid van groenstructuren en bomen in en rondom de evenementenlocaties is broedbiotoopaanwezig voor algemene vogelsoorten van tuinen, struweel en park zoals merel, winterkoning, koolmees of vink. Negatieve effecten zijn niet op voorhand uit te sluiten. Wel kunnen deze middels aanpassingen gemitigeerd worden.

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

01

Gebiedsbescherming (Natura 2000) • Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is Veluwerandmeren op minimaal 100 meter afstand van de evenementenlocaties. Op circa 2,4 kilometer afstand ligt Natura 2000-gebied Veluwe. • Doordat het plangebied buiten de begrenzing van Natura 2000-gebieden ligt, zijn negatieve effecten door oppervlakteverlies of versnippering bij voorbaat uitgesloten. Hierdoor beperken mogelijk negatieve effecten zich tot uitstralende effecten zoals verstoring (geluid, licht en /of optische verstoring) en verzuring en vermesting door stikstofdepositie. • In Natura 2000-gebied Veluwerandmeren komen geen stikstofgevoelige habitats of leefgebieden voor. Daarom beperken de mogelijke effecten zich tot verstoringseffecten. Negatieve gevolgen voor habitattypen (inclusief typische soorten) en habitatrichtlijnsoorten rivierdonderpad en kleine modderkruiper zijn uitgesloten. Omdat verlichting op de Wellen richting het water afgeschermd wordt, zijn negatieve gevolgen – door verstoring als gevolg van verlichting - voor de instandhoudingsdoelen van meervleermuis en (niet)-broedvogelsoorten eveneens uitgesloten. • Omdat effecten door stikstofdepositie niet op voorhand uitgesloten kunnen worden is een enkelvoudige berekening uitgevoerd.

Uit deze berekening (met kenmerk RVfFTV5vYWyp van 21 november 2023) blijkt dat de beoogde evenementenprofielen niet leiden tot een toename van stikstofdepositie (0,00 mol/ha/jaar) op Natura 2000-gebied Veluwe en andere Natura 2000-gebieden.

Gebiedsbescherming (Natuurnetwerk Nederland) • Evenementenlocatie De Wellen grenst aan het NNN van de provincie Gelderland (GNN). Het betreft hier deelgebied 139 (Randmeerkust), wat aangewezen is als Groene Ontwikkelingszone (GO). Verder ligt de evenementenlocatie op circa 100 meter van deelgebied 137 (Veluwerandmeer), wat wel aangewezen is als GNN. Evenementenlocatie Boulevard ligt op respectievelijk 50 en 200 meter van eerder genoemde deelgebieden. Evenementenlocaties Vischmarkt en Markt liggen op 300 meter afstand van het GNN. • Nadelige gevolgen (GNN) of significante aantasting (GO) door evenementendagen op Vischmarkt en Markt zijn bij voorbaat uitgesloten. • Omdat de evenementenlocaties De Wellen en Boulevard niet binnen het NNN liggen, blijven eventuele effecten beperkt tot uitstralende effecten. • Er is geen sprake van significante aantasting van de kernkwaliteiten, samenhang of oppervlak van deelgebied 139 (Randmeerkust). Er is tevens geen sprake van nadelige gevolgen voor de kernkwaliteiten, samenhang of oppervlak van deelgebied 137 (Veluwerandmeer).

Advies en vervolgstappen – Soortbescherming • Om verstoring van vleermuizen in hun verblijfplaatsen te voorkomen, adviseren wij de verblijfplaatsen niet direct te verlichten en de verlichting enkel op het evenemententerrein te richten en niet op de aanwezige bomen en / of omliggende bebouwing. Dit geldt voor alle evenementenlocaties.

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

02

• Er wordt vanuit zorgvuldigheid geadviseerd het evenemententerrein op de Wellen en de directe omgeving voor aanvang van een evenement te controleren op de aanwezigheid van eekhoornnesten. Deze check kan tegelijkertijd plaatsvinden met een eventuele broedvogelcontrole (zie hieronder). • Voor jaarrond beschermde nesten en broedvogels adviseren wij om jaarlijks in het voorjaar (bij voorkeur in mei) een controle uit te voeren om in beeld te brengen waar zich broedvogels en/of jaarrond beschermde nesten en potentieel geschikt broedbiotoop bevinden. Aangetroffen (potentieel geschikte) nestlocaties dienen tijdens evenementen ontzien te worden of te worden afgeschermd. Hiertoe kunnen hekken geplaatst worden die voorzien zijn van verduisterend zeil. Ook dient verlichting enkel op het evenemententerrein te worden gericht. Wij adviseren verder om tijdens de vestigingsperiode (15 maart – 15 mei) waar mogelijk evenementen door te laten gaan zonder versterkt geluid, of een maximum van 80 dB(A) aan te houden, om zo risico’s tot nestverlating te verlagen. Evenementen met tijdsblokken met een maximale geluidsnorm van 90 dB(A)1 zijn in de periode niet mogelijk.

Indien evenementen tijdens de vestigingsfase georganiseerd worden en uit de broedvogelcontrole blijkt dat broedvogels voorkomen waarvan de staat van instandhouding negatief is, dan dient per evenement in het kader van de evenementenvergunning nader gespecificeerd te worden hoe verstoring van aanwezige broedvogels daadwerkelijk voorkomen wordt. • Het plan is uitvoerbaar indien aan bovenstaande vervolgstappen wordt voldaan.

Advies en vervolgstappen – Gebiedsbescherming • Natura 2000 habitatrichtlijnsoort meervleermuis is gevoelig voor lichtverstoring door lichtbronnen op land. Bovendien is er mogelijk sprake van overlap van evenementen op de Wellen met de aanwezigheid van niet-broedvogelsoorten in de maanden september-april. Lichtbronnen dienen te worden afgeschermd en van het water afgericht te zijn. Deze maatregel dient te worden geborgd in het bestemmingsplan. Bovendien worden lijnvormige elementen – en daarmee potentiële vliegroutes van vleermuissoorten – middels maatregelen in het kader van Soortbescherming afgeschermd. Hierdoor is er geen sprake van verlichting van potentiële migratieroutes (meervleermuis) en foerageergebieden (meervleermuis en niet-broedvogels). Dit is jaarrond van belang. • Negatieve gevolgen voor de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden zijn uitgesloten ten aanzien van stikstof. De Wet natuurbescherming vormt ten aanzien van gebiedsbescherming (stikstof) geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan. • Nadelige gevolgen voor – en significante aantasting van het NNN in de provincie Gelderland zijn uitgesloten. Het plan is uitvoerbaar.

________________________________________________________________________________ 1 Voor alle evenementenlocaties is beoordeeld of geluidsnormen tot 90 dB(A) negatieve gevolgen kunnen hebben voor beschermde

natuurwaarden. Voor het uiteindelijke toestaan van deze normen vindt een bredere afweging per locatie plaats. Deze verdere afweging wordt door de gemeente uitgevoerd.

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

03

1. Inleiding 1.1 Aanleiding en doelstelling De gemeente Harderwijk wil op vier locaties in het stadscentrum meerdere evenementen door het jaar houden. Voor de vier locaties zijn evenementenprofielen opgesteld. De benoeming van de verschillende locaties als ‘evenementenlocatie’ heeft consequenties voor de huidige bestemmingplannen. Omdat de uitvoering van het nieuwe bestemmingsplan negatieve gevolgen kan hebben voor beschermde natuurwaarden, is dit initiatief getoetst aan het natuurbeschermingsrecht. In voorliggende natuurtoets zijn in 2019 en 2020 de effecten van de evenementenprofielen en bijbehorende evenementen beoordeeld op de onderdelen soortbescherming en gebiedsbescherming (Natura 2000). Er worden geen houtopstanden geveld. Daarom wordt er niet getoetst aan de bescherming van houtopstanden (Wet natuurbescherming). Begin 2021 is eveneens een NNN-toets voor evenementlocaties De Wellen en Boulevard aan de natuurtoets toegevoegd. Het uitgevoerde onderzoek en de resultaten zijn in voorliggende rapportage beschreven. Het onderzoek zal worden gebruikt ter onderbouwing van het inpassen in het nieuwe bestemmingsplan.

1.2 Evenementenprofielen en voorgenomen activiteiten In de gemeente Harderwijk worden regelmatig evenementen georganiseerd. De gemeente heeft voor vier van de meest gebruikte evenementenlocaties locatieprofielen, ofwel evenementenprofielen, opgesteld. Deze profielen zijn enkel van toepassing op evenementen met meer dan 100 bezoekers. De evenementenprofielen worden gebruikt om duidelijkheid te scheppen over de mogelijkheden en randvoorwaarden voor het gebruik een evenementenlocatie (Gemeente Harderwijk, 2019), waaronder op gebied van de Wet natuurbescherming en het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). De evenementenprofielen stellen bovendien kaders voor de vergunningverlening. Het al dan niet toekennen van een evenementenvergunning blijft maatwerk en is ter beoordeling van de vergunningverlener. De volgende vier evenementenlocaties zijn aangewezen: Boulevard, Vischmarkt, Markt en De Wellen (figuur 1.1). Zie bijlage 1 voor een gedetailleerde weergave van de ligging en begrenzing van de verschillende evenementenlocaties. Hieronder worden de evenementenlocaties en bijbehorende geplande evenementen kort beschreven op basis van de conceptnotitie locatieprofielen d.d. 4 juni 2021 (Gemeente Harderwijk, 2020). In onderstaande beschrijvingen worden enkel het totaal aantal evenementendagen benoemd per evenementenlocatie.

In de effectanalyse in deze rapportage komen ook de effecten door de op- en afbouw aan bod. Verder is aangenomen dat bezoekers van de evenementen per auto, fiets of wandelend komen. De evenementenprofielen zijn getoetst op de aanname dat evenementen jaarrond kunnen plaatsvinden. Afbakening In de toetsing is het gebruik van vuurwerk en laserverlichting buiten beschouwing gelaten. Indien er tijdens een evenement gebruik wordt gemaakt van vuurwerk of laserverlichting dat dient de evenementenorganisator in de evenementenvergunning aan te tonen dat de aanwezige flora en fauna geen

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

04

schade/hinder ondervindt. Verder is ervan uitgegaan dat er bij de evenementen geen sprake is van het gebruik van stadsmuren die kan leiden tot negatieve effecten op muurflora.

Figuur 1.1 Overzicht ligging evenementenlocaties ten opzichte van elkaar en van Natura 2000-gebied Veluwerandmeren (groen vlak). Bron achtergrond: ESRI.

Boulevard Het evenemententerrein Boulevard is een wandelpromenade die ligt aan de Strandboulevard Oost en Strandboulevard West. De Boulevard ligt aan de Strandhaven en Stadshaven. Het bestaat momenteel uit een boulevard met horecaterrassen, lager gelegen groene taluds en kades waar plezierboten kunnen afmeren. De boulevard is deels beklinkerd en deels onverhard (gras). Op de locatie is ruimte voor nautische evenementen, culturele evenementen, markten en braderieën. Bovendien kan het direct aanliggende water als podium gebruikt worden, waarbij de Boulevard als ‘tribune’ dienst doet. Er wordt een groei in watersportevenementen voorzien. Er worden maximaal 12 evenementendagen toegestaan in een jaar. Per evenementendag zijn maximaal 9.500 bezoekers aanwezig. Er worden op basis van de huidige wet- en regelgeving omtrent geluid maximum geluidsnormen aangehouden gedurende maximaal 8 geluidsdagen per jaar. Hiertoe worden op maximaal 6 geluidsdagen een maximum geluidsnorm van 70 dB(A) en 83 dB(C) aangehouden, op maximaal 2 geluidsdagen ligt het

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

05

maximum op 80 dB(A) en 93 dB(C). Voor versterkt geluid geldt een eindtijd van 23.30 uur. dB(A) wordt gebruikt om de sterkte van een geluid weer te geven, gecorrigeerd naar de gevoeligheid van het menselijk oor. dB(C) wordt met name gebruikt voor muziekevenementen en is met name geschikt om hinderbeleving van lage basgeluiden in te perken.

Vischmarkt De Vischmarkt ligt aan een historisch plein in de binnenstad van Harderwijk. Het wordt omringd door historische bebouwing waarin nu woonhuizen en horeca gevestigd zijn. Ook maakt de Vischpoort en de oude Stadsmuur deels uit van deze bebouwing. Verspreid over het evenemententerrein staan verschillende loofbomen, waardoor een groot podium hier onmogelijk is. Wel kan het kunstwerk ‘Cascade’ aan de oostkant eventueel dienstdoen als podium. Het evenemententerrein is geschikt voor kleinschalige evenementen zoals muziek-, theater- of culinaire evenementen. Ook kan het onderdeel zijn van een (middel)groot evenement. Er worden maximaal 8 evenementendagen per jaar toegestaan. Per evenementendag kunnen maximaal 10.000 bezoekers aanwezig zijn. Er worden op basis van de huidige wet- en regelgeving omtrent geluid maximum geluidsnormen aangehouden gedurende maximaal 8 geluidsdagen per jaar. Hiertoe worden op maximaal 7 geluidsdagen een maximum geluidsnorm van 70 dB(A) en 83 dB(C) aangehouden, op één geluidsdag ligt het maximum op 80 dB(A) en 93 dB(C). Voor versterkt geluid geldt een eindtijd van 23.30 uur. De Wellen De Wellen is een groen stadspark dat ligt aan de oever van het Wolderwijd. Het beslaat een (wandel)gebied tussen het Plantagepark en de Strandboulevard West. In de winter wordt er o.a. een openluchtschaatsbaan gefaciliteerd.

De Wellen bestaat uit twee deelgebieden: De Stille Wei en De Ijsbaan. Het noordelijke gebied, de Stille Wei, is het meest geschikt voor het organiseren van evenementen. Op deze locatie kunnen met name grote evenementen plaatsvinden, evenals watergerelateerde evenementen. Er worden maximaal 9 evenementendagen per jaar toegestaan. Per evenementendag zijn maximaal 10.000 bezoekers aanwezig. Lichtbronnen op het land worden afgeschermd en van het water af gericht. (Deze maatregel dient te worden geborgd in het bestemmingsplan). In de effectbeoordeling zijn deze 9 evenementendagen beoordeeld. Eventuele overige evenementendagen op de IJsbaan zijn buiten beschouwing gelaten. Er worden op basis van de huidige wet- en regelgeving omtrent geluid maximum geluidsnormen aangehouden gedurende maximaal 8 geluidsdagen per jaar. Hiertoe worden op maximaal 4 geluidsdagen een maximum geluidsnorm van 70 dB(A) en 83 dB(C) aangehouden, op 4 geluidsdagen ligt het maximum op 80 dB(A) en 93 dB(C). De eindtijd van versterkt geluid ligt op 23.30. Daarnaast wordt op twee geluidsdagen per jaar een tijdsblok van maximaal twee aaneengesloten uren met versterkt geluid met een maximum geluidsnorm van 90 dB(A) toegestaan. Hiervoor geldt een eindtijd van uiterlijk 23.00 uur (digitale communicatie gemeente Harderwijk op 30 juli 2021). Markt De Markt ligt in de binnenstad van Harderwijk.

Het is een historisch plein die volledig is beklinkerd, wel zijn er enkele bomen. Het plein wordt volledig omsloten door bebouwing, waaronder diverse

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

06

winkelpanden, appartementen en horecavoorzieningen met terras. Per evenementendag zijn maximaal 5.000 bezoekers aanwezig. Het is geschikt voor muziekevenementen met podium maar ook voor kleinschalige culinaire en culturele evenementen. Er worden maximaal 15 evenementendagen per jaar toegestaan. Er worden op basis van de huidige wet- en regelgeving omtrent geluid maximum geluidsnormen aangehouden gedurende maximaal 15 geluidsdagen per jaar. Hiertoe worden op maximaal twee geluidsdagen een maximum geluidsnorm van 70 dB(A) en 83 dB(C) aangehouden, op dertien geluidsdagen ligt het maximum op 80 dB(A) en 93 dB(C). De eindtijd voor versterkt geluid ligt op 23.30.

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

07

2. Kader en methode 2.1 Wettelijk kader Wet natuurbescherming De Wnb regelt de bescherming van Natura 2000-gebieden, soorten en houtopstanden. Onderstaand kader 2.1 geeft een samenvatting van de relevante wetteksten. Voor de volledige wettekst van de Wnb wordt verwezen naar: http://wetten.overheid.nl/BWBR0037552/. Dit rapport gaat in op soort- en gebiedsbescherming (Natura 2000 en Natuurnetwerk Nederland). De bescherming van houtopstanden wordt achterwege gelaten omdat er geen houtopstanden worden gekapt. Kader 2.1 Wet natuurbescherming Zorgplicht (artikel 1.11) De Wet natuurbescherming (ook: Wnb) kent een zorgplicht voor natuur en soorten. De zorgplicht is altijd van kracht, ook ten aanzien van niet beschermde natuur. Artikel 1.11 schrijft voor dat iedereen voldoende zorg in acht neemt voor beschermde gebieden, in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving. Iedereen die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn/haar handelen of nalaten nadelige gevolgen kunnen worden veroorzaakt voor een beschermd gebied of voor in het wild levende soorten, laat deze handelingen achterwege of voorkomt de gevolgen. Dit laatste kan door het treffen van maatregelen ter voorkoming van schade of -als zelfs dat niet kan- de ontstane schade zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken.

Een voorbeeld van voorzorg is het werken in de minst kwetsbare periode van soorten. Natura 2000 (hoofdstuk 2) Hoofdstuk 2 regelt de bescherming van Natura 2000-gebieden, bestaande uit Habitatrichtlijngebieden (HR) en Vogelrichtlijngebieden (VR). Per Natura 2000-gebied zijn instandhoudingsdoelen geformuleerd voor de bescherming van natuurlijke habitats, habitats van soorten en leefgebieden van vogels. Artikelen 2.1 tot en met 2.11 van de Wet regelen de bescherming van (de doelen voor) Natura 2000-gebieden. Artikel 2.7 verplicht om vooraf te beoordelen of plannen en projecten in of in de nabijheid van Natura 2000-gebieden significant negatieve gevolgen kunnen hebben voor de voor deze gebieden geformuleerde doelen. Als uit de beoordeling blijkt dat geen significant negatieve gevolgen optreden dan kan een plan worden vastgesteld of is een vergunning voor een project niet nodig. Zijn significant negatieve gevolgen niet uit te sluiten dan is een nadere beoordeling nodig. Artikel 2.8 bevat de voorwaarden waaraan moet zijn voldaan voor het vaststellen van een plan of het verlenen van een vergunning. Het bevoegd gezag is meestal de provincie waar (het grootste deel van) de ingreep of handeling plaatsvindt, soms is dat het Rijk. Soorten (hoofdstuk 3) Hoofdstuk 3 regelt de bescherming van soorten. De bescherming van soorten is verdeeld over de artikelen 3.1, 3.5 en 3.10.

Het betreft de bescherming van:  Vogels zoals genoemd in de Vogelrichtlijn (artikel 3.1), in de praktijk vaak onderverdeeld in: – Vogels met jaarrond beschermde nesten, zoals huismus, gierzwaluw en buizerd. – Overige vogels, waarvan nesten alleen tijdens het broedseizoen zijn beschermd (periode van nestbouw, ei-leg, broeden en voeren van de jongen op het nest).  Soorten (exclusief vogels) van de Habitatrichtlijn (bijlage IV) en de Verdragen van Bern (bijlage II) en Bonn (bijlage I), zoals bedoeld in artikel 3.5.  Andere soorten (artikel 3.10), onderverdeeld in: – Soorten waarvoor een ontheffing vereist kan zijn. – Soorten waarvoor -op basis van de betreffende provinciale verordening- vrijstelling van de verbodsbepalingen geldt. Indien effecten niet zijn uit te sluiten moet -voorafgaand aan het vaststellen van een plan- zijn beoordeeld of er uitzicht is op het verkrijgen van een ontheffing. Als er aantoonbaar uitzicht is op het verkrijgen van een ontheffing dan kan het plan worden vastgesteld. Als bij ruimtelijke ingrepen verbodsbepalingen worden overtreden dan is het noodzakelijk om een ontheffing aan te vragen bij het bevoegd gezag, tenzij gewerkt kan worden volgens een goedgekeurde gedragscode. Het bevoegd gezag is meestal de provincie waar (het grootste deel van) de ingreep of activiteit plaatsvindt, soms is dat het Rijk. Voor het verkrijgen

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

08

van een ontheffing moet zijn beschreven hoe de initiatiefnemer er voor zorgt dat schade aan beschermde soorten tot een minimum beperkt blijft, welke mitigerende en compenserende maatregelen nodig zijn, dat alternatieven ontbreken en aan welk wettelijk belang wordt voldaan en dat de staat van instandhouding van de betreffende soort niet in gevaar komt.

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) De bescherming van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is vastgelegd in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro: Stb 2016 nr. 351) en uitgewerkt in provinciale verordeningen. In het Barro staat dat bij provinciale verordening gebieden moeten worden aangewezen die het Natuurnetwerk Nederland vormen. De ligging van die gebieden wordt geometrisch vastgelegd. Bij provinciale verordening worden in het belang van de bescherming, instandhouding en ontwikkeling van de wezenlijke kenmerken en waarden, regels gesteld omtrent de inhoud van bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen. Voor nieuwe ontwikkelingen binnen het NNN, waarbij wordt afgeweken van het bestemmingsplan, geldt een ‘nee, tenzij’-afweging. Dit houdt kortweg in dat significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN niet toegestaan is. Regels voor beoordeling van effecten op het NNN zijn vastgelegd in provinciale verordeningen.

2.2 Onderzoeksmethode Het onderzoek voor de quickscan natuurtoets bestaat uit een literatuuronderzoek. Het literatuuronderzoek bestaat uit de raadpleging van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF2), regionale verspreidingsatlassen, vakspecifieke literatuur en databases zoals Sovon en Ravon. Zie voor een volledig overzicht het hoofdstuk 6 ‘Geraadpleegde bronnen’. Daarnaast is nagegaan of het plangebied binnen of nabij beschermde gebieden (Natura 2000 en NNN) ligt en welke doelstellingen of wezenlijke kenmerken en waarden hiervoor gesteld zijn. Bij het gebruik van waarnemingen is rekening gehouden met de juridische houdbaarheid van gegevens (3-5 jaar). Oudere waarnemingen zijn gebruikt om een beeld van de ecologische potenties van een gebied te vormen. Er is geen verkennend veldonderzoek uitgevoerd omdat het voornemen geen fysieke ingrepen omvat. De evenementen vinden bovendien verspreid in het jaar plaats in binnenstedelijk gebied waar al veel activiteit plaatsvindt. Google Streetview is gebruikt om een beeld te krijgen van de plangebieden. Op basis van het uitgevoerde literatuuronderzoek is beoordeeld welke beschermde waarden (mogelijk) aanwezig zijn. Vervolgens is op basis van het voornemen bepaald welke effecten kunnen optreden op beschermde soorten (hoofdstuk 3) en gebiedsbescherming (hoofdstuk 4 en 5).

Indien sprake is van (mogelijke) negatieve effecten is advies gegeven over te nemen vervolgstappen.

________________________________________________________________________________ 2 Op de gegevens van de NDFF rusten auteursrechten.

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

09

3. Soortbescherming 3.1 Flora Op de verschillende evenementenlocaties zijn geen waarnemingen bekend van beschermde plantensoorten. De evenementenlocaties Vischmarkt, Boulevard en Markt bestaan uit kale bestrating en bomen. Op basis van de terreinkenmerken worden hier geen beschermde plantensoorten verwacht. De evenementenlocatie Stille Wei bestaat uit een gemeentelijk bijgehouden parkplantsoen met wandelpaden. Ook hier worden op basis van de terreinkenmerken en de bekende verspreidingsgegevens geen beschermde plantensoorten verwacht. Vervolgstappen ten aanzien van beschermde flora is niet aan de orde.

3.2 Zoogdieren Vleermuizen Het leefgebied van vleermuizen bestaat uit verblijfplaatsen, vliegroutes en foerageergebieden (zie ook kader 3.1). Hieronder worden deze onderdelen nader beschreven en op welke wijze ze beschermd zijn. Kader 3.1 Vleermuizen Verblijfplaatsen Verblijfplaatsen kunnen zich bevinden in donkere en voor vleermuizen bereikbare ruimten in bomen, huizen, kelders et cetera en kunnen aanwezig zijn in de vorm van kraamverblijven / zomerverblijven, baltslocaties / paarverblijven en winterverblijven. Verstoring, beschadiging, vernietiging of het verwijderen van deze verblijfplaatsen is verboden. Vliegroutes Voor oriëntatie tijdens de trek van en naar hun verblijfplaatsen en foerageergebieden gebruiken vleermuizen veelal jarenlang dezelfde structuren. Vanwege dit traditiegetrouwe gedrag van vleermuizen vormen bepaalde lijnvormige structuren (bijvoorbeeld rijen woningen, watergangen en bomenrijen) een belangrijk onderdeel van een vliegroute. Wanneer alternatieve structuren ontbreken zijn dergelijke structuren ‘onmisbaar’ en zodoende beschermd. Foerageergebieden Locaties waar insecten aanwezig zijn, bijvoorbeeld langs randen van bossen, bomenrijen of boven water zijn van belang als foerageergebied voor vleermuizen.

Foerageergebied van vleermuizen geniet binnen de Wet natuurbescherming echter geen juridische bescherming, tenzij het onmisbaar is voor het voortbestaan van een populatie.

Verblijfplaatsen In de nabije omgeving (<40 meter) van evenementenlocaties Boulevard en Stille Wei zijn losse waarnemingen bekend van ruige dwergvleermuis ter plaatse. Er is geen nadere informatie bekend over de aard van de meeste waarnemingen en of er een verblijfplaats is aangetroffen. Wel betreft één waarneming territorium indicerend gedrag (NDFF, 2020). Binnen de verschillende evenementenlocaties staan verschillende hoeveelheden bomen (Google Maps, 2020). Met name op Vischmarkt en Stille Wei is hierdoor potentie voor verblijfplaatsen van boombewonende vleermuizen. Verder is rondom en nabij de evenementenlocaties bebouwing aanwezig die potentie heeft voor verblijfplaatsen van gebouwbewonende vleermuizen. Hierbij kan gedacht worden aan de oude stadsmuur, waar verschillende openingen in zitten (Google Maps, 2020). Maar er zijn ook vele woonhuizen waar potentiële verblijfplaatsen aanwezig zijn door geschikte openingen in de betimmering, loodslabben, etc. Ook hebben verschillende woonhuizen

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

10

raamluiken waar vleermuizen achter kunnen gaan zitten (Google Maps, 2020). Hierdoor is de aanwezigheid van verblijfplaatsen van zowel boombewonende als gebouwbewonende vleermuizen niet uit te sluiten. Vleermuizen zijn (zeer) gevoelig voor verstoring door verlichting. Dit geldt met name voor de aanvliegroute richting en van de verblijfplaatsen. Volgens de artikel 3.5 lid 2 van de Wet natuurbescherming is het verboden vleermuizen te verstoren. Of sprake is van lichtverstoring door een evenement hangt enerzijds af van de aanwezigheid van vaste verblijfplaatsen, anderzijds van het gebruik van lichtbronnen. Afhankelijk van het seizoen zal de overlap tussen activiteiten (na zonsondergang) en het gebruik van verlichting variëren. De evenementenlocaties liggen in of nabij stedelijk gebied. Hierdoor zal al enige mate van verstoring aanwezig zijn door bestaande lichtbronnen. Om aanvullende verstoring te voorkomen dienen eventuele locaties met verblijfplaatsen (gevels, bomen) niet direct verlicht te worden, anderzijds kunnen de verblijfplaatsen ook afgeschermd worden. (Deze maatregel dient te worden geborgd in het bestemmingsplan). Uit literatuur blijkt dat luid ultrasoon geluid (geluid >20 kHz) vleermuizen uit hun verblijf kan jagen (Tauw & Peutz, 2017).

Dit geluid komt doorgaans niet voor op evenementen (Tauw & Peutz, 2017), waar sprake is van geluidsklanken die geschikt zijn voor het menselijk gehoor en basgeluiden. Bovendien bieden de verblijfplaatsen (zoals spouwmuren of boomholtes) een mate van isolatie waardoor met name hoge geluiden niet binnendringen in het verblijf. Bovendien blijkt uit verschillende studies dat verblijfplaatsen bekend zijn op plekken met veel lawaai, waaronder klokkentorens (Tauw & Peutz, 2017) en nabij jaarlijkse festivals (Shirley et al, 2001). Negatieve effecten op verblijfplaatsen door geluidsverstoring is daarom niet te verwachten. Vliegroutes en foerageergebieden Binnen en nabij de evenementenlocaties kunnen zowel vliegroutes als foerageergebieden voorkomen. Op de Vischmarkt kunnen bomenrijen en gebouwstructuren als vliegroute dienen. Ook kunnen foeragerende vleermuizen voorkomen nabij de bomen. Op de Markt is marginaal foerageergebied vanwege de complete bestrating en het gebrek aan groenstroken. Hierdoor ontbreekt vegetatie die insecten aantrekt, welke een voedingsbron voor vleermuizen vormen. Wel kunnen de gebouwstructuren als vliegroute dienen. Binnen Boulevard en Stille Wei zijn verschillende groenstroken, afwisselend parklandschap en aanliggende wateren aanwezig. Dit vormt potentieel foerageergebied voor soorten als gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en laatvlieger.

Verder kunnen de beplantingsstructuren en gebouwenlijnen gebruikt worden als vliegroute. Er zijn in de omgeving voldoende alternatieve foerageergebieden aanwezig. Hierdoor zal tijdens de evenementen geen onmisbaar foerageergebied verloren gaan. Verder zal er sprake van een tijdelijke situatie, waarbij foerageergebieden niet permanent verloren gaan. Bestaande groenstroken, bomenrijen en gebouwstructuren blijven behouden waardoor geen negatief effect optreedt op de aanwezigheid van permanente vliegroutes. Bovendien zijn vleermuizen voor foerageergebieden en vliegroutes in de stad niet van één specifieke locatie en er zijn voldoende alternatieven voorhanden. Hierdoor is geen sprake van aantasting van onmisbaar foerageergebied of essentiële vliegroutes door eventuele evenementen.

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

11

Verstoring van foeragerende of zich verplaatsende vleermuizen als gevolg van verlichting niet op voorhand uit te sluiten. Deze verstoring dient te worden voorkomen door verlichting niet te laten uitstralen op lijnvormige elementen zoals bomenrijen en gebouwen rond de evenementenlocaties. Zodoende worden er geen verbodsbepalingen van de Wnb overtreden.

Soorten van de Habitatrichtlijn, de verdragen van Bern en Bonn en soorten zonder provinciale vrijstelling Op basis van bekende waarnemingen (NDFF, 2020) en de terreinkenmerken is de aanwezigheid van bever en eekhoorn te verwachten. De mogelijke aanwezigheid van deze soorten wordt hieronder nader beoordeeld. Vaste verblijfplaatsen van overige zoogdieren die zijn opgenomen op de Habitatrichtlijn en de Verdragen van Bern en Bonn (zoals otter) en nationaal beschermde soorten zonder provinciale vrijstelling (bijvoorbeeld boommarter) worden op basis van de terreinkenmerken, habitateisen en bekende verspreidingsgegevens (NDFF, 2020) uitgesloten.

Grondgebonden zoogdieren Bever De bever leeft in overgangsgebieden tussen zoete wateren en land zoals moerassen, langs beken en rivieren en meren en kanalen. Op dergelijke plekken bouwt de bever zijn burcht. De soort foerageert langs en op structuurrijke oevers en voedt zich uitsluitend met plantaardig materiaal zoals kruiden, grassen, wilgen en populieren. Nabij het evenementenlocatie Stille Wei (< 100 meter) zijn sporen waargenomen van bever. Ook op ruimere afstand (< 800 meter) zijn nabij het water en in de bebouwde kom enkele waarnemingen van beversporen waargenomen (NDFF, 2020). Er is hierbij niet nader bepaald om wat voor sporen het gaat. Er zijn geen waarnemingen van territoriumgedrag en/of verblijfplaatsen binnen een straal van 4 kilometer bekend. Het gaat hierdoor zeer waarschijnlijk om waarnemingen van zwervende exemplaren. Bovendien is er geen sprake van onmisbaar foerageergebied in en nabij de evenementenlocaties, er is voldoende alternatief foerageergebied voorhanden. Op basis van de bekende waarnemingen, terreinkenmerken en habitateisen is negatief effect op bever niet aan de orde. Eekhoorn Gedocumenteerde waarnemingen van vaste verblijfplaatsen ontbreken in of rondom de evenementenlocaties (NDFF, 2020). Echter, vanwege het parklandschap van Stille Wei, is het voorkomen van eekhoorn niet op voorhand uit te sluiten.

Er wordt vanuit zorgvuldigheid geadviseerd het evenemententerrein Stille Wei en de directe omgeving voor aanvang van een evenement te controleren op de aanwezigheid van eekhoornnesten. Deze check kan tegelijkertijd plaatsvinden met een eventuele broedvogelcontrole voorafgaande aan het evenement (zie paragraaf 3.3). Omdat geen bomen geveld worden, is van aantasting van eventueel aanwezige nesten geen sprake en dus ook geen strijdigheid met de Wnb art. 3.10. Wel kunnen eventueel aanwezige nesten verstoord worden. In principe is verstoring van een eekhoornnest niet verboden bij de Wnb, tenzij de verstoring tot gevolg heeft dat de dieren het nest verlaten. Indien uit de controle toch blijkt dat eekhoornnesten aanwezig zijn, kunnen maatregelen genomen worden om de verstoring van eekhoorn te minimaliseren. Hierbij kan gedacht worden aan het afschermen van de verblijfplaatsen.

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

12

Overige zoogdieren met vrijstelling In het plangebied zijn vaste verblijfplaatsen van algemene grondgebonden zoogdiersoorten te verwachten. Dit zijn onder andere mol, huisspitsmuis, veldmuis en egel. Voor deze soorten geldt in de provincie Gelderland in voorliggende situatie vrijstelling van de verbodsartikelen uit de Wet natuurbescherming, waardoor het nemen van vervolgstappen niet aan de orde is. Wel geldt altijd de wettelijke zorgplicht (Wnb artikel 1.11). Bij de evenementen wordt echter niet verwacht dat deze grondgebonden zoogdieren of vaste verblijfplaatsen van deze soorten geschaad worden. Maatregelen in het kader van de zorgplicht worden daarom niet noodzakelijk geacht.

3.3 Vogels Bij broedvogels wordt onderscheid gemaakt in twee categorieën met een verschillend beschermingsregime (zie ook kader 3.1).

Soorten met jaarrond beschermde nesten Van veel broedvogels zijn de nesten alleen gedurende het broedseizoen beschermd. Voor een aantal vogelsoorten geldt dat de nestlocaties, inclusief de functionele omgeving, jaarrond beschermd zijn (kader 3.2). Kader 3.2 Broedvogels met jaarrond beschermde nestplaatsen Onder jaarrond beschermde nesten van broedvogels wordt in Overijssel verstaan: in functie zijnde nesten van ooievaar, boomvalk, bosuil, buizerd, havik, raaf, ransuil, roek, wespendief, zwarte wouw, zeearend, slechtvalk, sperwer, steenuil, kerkuil, oehoe, torenvalk, gierzwaluw, grote gele kwikstaart, boerenzwaluw, huiszwaluw, huismus en zwarte specht. Voor sommige andere soorten geldt dat de nesten jaarrond beschermd zijn als zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen. Hiertoe heeft zowel de provincie Gelderland als Overijssel een aanvullende lijst met soorten opgenomen. Deze zijn meegenomen in onderstaande analyse.

Huismus en gierzwaluw In en nabij de verschillende evenementenlocaties zijn waarnemingen bekend van huismus en gierzwaluw (NDFF, 2020). Huismus maakt het nest met name onder dakpannen en in gaten en kieren van gebouwen. Gierzwaluw is eveneens een gebouwbewonende soort en maakt het nest onder dakpannen, in gaten en kieren, achter regenpijpen van gebouwen. Nestlocaties liggen vrijwel nooit onder de drie meter en doorgaans niet in de nabije omgeving van bomen. De bebouwing liggend aan verschillende evenementenlocaties biedt zeer geschikte nestlocaties voor huismus en gierzwaluw. Aanwezigheid van jaarrond beschermde nestplaatsen is daarom niet uit te sluiten. Volgens artikel 3.1 lid 4 van de Wet natuurbescherming is het verboden vogels opzettelijk te storen. Artikel 3.1 lid 5 van de Wet natuurbescherming geeft aan dat het verbod op verstoren niet van toepassing is, indien de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. Vogelsoorten kunnen verstoord worden door optische verstoring, geluid en licht. Tijdelijke verlichting zoals gebruikt op evenementendagen heeft in principe enkel een tijdelijk effect. Tijdelijke

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

13

verlichting kan daarom voor verstoring zorgen maar zal niet van invloed zijn op het verlaten van nesten of het broedsucces (Tauw, 2018). Van huismus is bekend dat de soort zich weinig aantrekt van menselijke aanwezigheid of andere optische verstoring (Tauw, 2018). Een dergelijke conclusie is niet bekend voor gierzwaluw, hoewel wel bekend is dat optische verstoring wel degelijk van invloed is op (vlucht)reacties van vogels (Krijgsveld, 2008). Indien jaarrond beschermde nesten aanwezig zijn, dan adviseren wij deze af te schermen zodat optische verstoring geminimaliseerd wordt. Voor geluidsverstoring wordt voor vogels een ondergrens van 80 dB (A) aangehouden. Hierboven is er kans dat de vogels verstoord raken en hun nest verlaten (Tauw, 2018). Uit onderzoek van onder andere Tauw (2018) en Bureau Waardenburg (Krijgsveld, Jonkvorst & van der Vliet, 2012) blijkt dat geluidsverstoring leidt tot het tijdelijk verlaten van het nest. Er blijkt echter ook dat de vogels relatief snel weer terugkeerden naar het nest, ook wanneer de geluidsbron nog aanwezig was. Wel is er een grotere kans dat het nest verlaten wordt wanneer de vogel zich bevindt in de vestigingsfase, als er nog geen eieren zijn gelegd (hiervoor wordt meestal 15 maart – 15 mei aangehouden) (Tauw, 2018).

Effecten op jaarrond beschermde nestlocaties van huismus en gierzwaluw ten gevolge van tijdelijke geluidsverstoring zijn daarom niet bij voorbaat uit te sluiten. Bovendien is de staat van instandhouding van de huismus ongunstig. Daarom kan verstoring van broedgevallen en het verlaten van het nest van wezenlijke invloed zijn op de soorten. Wij adviseren daarom waar mogelijk evenementen door te laten gaan zonder versterkt geluid, of een maximum van 80 dB (A) aan te houden, tijdens de vestigingsperiode, om zo risico’s tot nestverlating te verlagen. Geluidsdagen met een maximum geluidsnorm van 90 dB(A) kunnen in deze periode geen doorgang vinden. Overige broedvogels met mogelijk jaarrond beschermd nest bij zwaarwegende ecologische omstandigheden Op basis van de terreinkenmerken, habitateisen en bekende verspreidingsgegevens worden in en nabij de evenementenlocaties (< 100 meter) mogelijk jaarrond beschermde nesten van ekster, grote bonte specht, spreeuw, koolmees en pimpelmees verwacht. Dit zijn zogenaamde ‘categorie 5’ soorten, waarbij de nesten bij zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden jaarrond beschermd zijn. In voorliggende situatie zijn voor deze soorten voldoende uitwijkmogelijkheden in de nabije omgeving voorhanden (zoals struweel, bomen of woningen) op grotere afstand van de evenementenlocaties.

Bovendien wordt de (lokale) staat van instandhouding van deze soorten als ‘gunstig’ ingeschat gezien de hoge aantallen waarnemingen (NDFF, 2023: enkele duizenden in de afgelopen 5 jaar) en ruime hoeveelheid geschikt broedbiotoop in de omgeving. Er is geen sprake van zwaarwegende ecologische omstandigheden die aanleiding geven om deze nesten als ‘jaarrond beschermd’ te kwalificeren. Nesten van ekster, grote bonte specht, spreeuw, koolmees en pimpelmees vallen hiermee onder het beschermingsregime van algemene broedvogels, wat betekent dat nesten alleen beschermd zijn wanneer zij in gebruik zijn (zie ook onderstaande paragraaf).

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

14

Overige broedvogels met jaarrond beschermd nest Op basis van de terreinkenmerken, habitateisen en bekende verspreidingsgegevens (NDFF, 2020) worden in en nabij de plangebieden (< 100 meter) geen jaarrond beschermde nesten van andere broedvogelsoorten te verwachten.

Overige broedvogels Door de aanwezigheid van groenstructuren en bomen in en rondom de evenementenlocaties is potentieel broedbiotoop aanwezig voor algemene vogelsoorten van tuinen, struweel en park zoals merel, winterkoning, koolmees of vink. Voor alle inheemse vogelsoorten geldt een verbod op handelingen die soorten, nesten, eieren of vaste rust- of verblijfplaatsen vernielen/beschadigen (artikel 3.1 lid 2 Wnb). In geval van de evenementen is hiervan geen sprake. Geen bomen of groenstructuren worden namelijk aangetast. Evenementen vinden plaats op gazon of bestrating, waar geen nesten van vogels aanwezig zijn. Volgens artikel 3.1 lid 4 van de Wet natuurbescherming is het verboden vogels opzettelijk te storen. In het kader van de Wet natuurbescherming wordt voor het broedseizoen geen standaardperiode gehanteerd, omdat deze per soort en vaak per jaar kan verschillen. Van belang is of een broedgeval wordt verstoord, ongeacht de datum. Voor de meeste soorten kan de periode tussen half maart en half juli worden aangehouden als broedseizoen. Artikel 3.1 lid 5 van de Wet natuurbescherming geeft verder aan dat het verbod op verstoren niet van toepassing is, indien de verstoring niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. De gevoeligheid van optische verstoring is afhankelijk van de broedvogelsoort.

Van soorten die broeden in gebouwen, boomholtes of nestkasten is het zicht onttrokken aan de menselijke activiteit. Wel kan de functionele leefomgeving rond deze broedplaatsen worden aangetast door optische verstoring. Dit geldt daarnaast voor vogels die broeden in bomen, bosjes, struweel en open landschap (Tauw, 2018). Optische verstoring is dus niet bij voorbaat uit te sluiten. Echter, de eventuele optische verstoring die tijdens een evenement optreedt is slechts tijdelijk. Uit onderzoek (Krijgsveld, Jonkvorst & van der Vliet 2012; Oudega 2012; Broeke 2015) is gebleken dat deze tijdelijke verstoring bij evenementen niet leidt tot het verlaten van het nest danwel een negatief effect heeft op het broedsucces. Mogelijk negatieve effecten door optische verstoring zijn naar verwachting niet van wezenlijke invloed op de gunstige staat van instandhouding van de betreffende broedvogelsoorten. Voor geluidsverstoring wordt voor vogels een grens van 80 dB (A) aangehouden. Hierboven is er kans dat de vogels verstoord raken en hun nest verlaten. Dit vormt met name een risico tijdens de vestigingsfase (15 maart – 15 mei). Tijdens deze fase is de risico het grootst dat vogels permanent het nest verlaten het grootst, wat een verboden opzettelijke verstoring kan opleveren (Tauw, 2018). Ook hier geldt dat geluidsverstoring leidt tot het tijdelijk verlaten van het nest.

Er blijkt echter ook dat de vogels relatief snel weer terugkeerden naar het nest, ook wanneer de geluidsbron nog aanwezig was (Tauw, 2018). Voor verschillende broedvogelsoorten is de staat van instandhouding negatief. Indien evenementen georganiseerd worden tijdens de vestigingsfase, en indien uit broedvogelonderzoek blijkt dat er dergelijke broedvogelsoorten aanwezig zijn binnen of nabij de evenementenlocatie, adviseren wij om een evenementenvergunning nader specifiek te maken. In de evenementenvergunning kan bijvoorbeeld opgenomen worden hoe

Quickscan natuurtoets – vier evenementenprofielen gemeente Harderwijk

15

dergelijke broedvogelsoorten ontzien kunnen worden zodat geen verder negatief effect op de staat van instandhouding veroorzaakt wordt. Hierbij kan aangesloten worden bij het advies om tijdens de vestigingsfase evenementen door te laten gaan zonder versterkt geluid, of een maximum van 80 dB (A) aan te houden, tijdens de vestigingsperiode, om zo risico’s tot nestverlating te verlagen. Geluidsdagen met een maximum geluidsnorm van 90 dB(A) kunnen in deze periode geen doorgang vinden. Mogelijk treedt er dus enige mate van optische -, licht- en geluidsverstoring van broedvogels op door de evenementen, maar leidt dit niet meteen tot het verlaten van nesten of verminderd broedsucces. De verstoring is daarmee niet van wezenlijke invloed op de staat van instandhouding van aanwezige broedvogelsoorten. Overtreding van de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming ten aanzien van broedvogels treden daarmee niet op. Wel adviseren wij verstoring waar mogelijk te reduceren door eventuele broedgevallen af te schermen. Advies broedvogels (met jaarrond beschermde nesten en overige broedvogels) Wij adviseren om vanuit zorgvuldigheid uitstralende effecten op de omgeving van de evenemententerreinen zoveel mogelijk te minimaliseren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Harderwijk&id=375c1d59-d835-46dc-99c9-04b2e4c7c57b