Bijlage 1 Regioarrangement Ermelo Harderwijk Putten en Zeewolde versie 0.6 (26 juni 2023)
Tekst van het document
Regioarrangement Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde
C O N C EP T
Werktitel: “Handreiking voor samenwerking”
1
Regioarrangement Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde Inhoudsopgave 0. Voorwoord 1. Waarom een regioarrangement voor Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde 1.1 Aanleiding 1.2 Wat is een Regio arrangement 2. Wat voor regio zijn we? 2.1 Waarden en kwaliteiten van de regio 2.2 Afwegingen en keuzes
C O N C EP T
3. Sturende principes 3.1 Inleiding 3.2 Ruimtelijke kwaliteit 3.3 Bodem en water sturend 3.4 Brede welvaart
4. Ruimtelijke samenhang: drie perspectieven 4.1 Welke verhaallijnen ontstaan er? 4.2 Perspectief natuur en landbouw 4.3 Ordenende netwerken voor energie en circulaire economie 4.4 Leefbare dorpen en steden 5. De afwegingen met elkaar 5.1. Welke leidende principes kennen we 5.2. Hoe wegen we die tegen elkaar 5.3 De voorgestelde keuzes voor de inrichting van onze regio 6. De regio in 2030 met doorkijk naar 2050 6.1 Inleiding 6.2 Regionale perspectief 6.3 Ruimtelijke effecten van het regionaal perspectief 6.4 Integrale uitwerking in gebieden
7. Hoe worden we deze regio? 7.1 Hoe bereiken we onze doelen? 7.2 Mijlpalen en planning 7.3 Inzet van instrumenten
8. Hoe werken we samen 8.1 Welke samenwerkingsvorm kiezen we 8.2 Hoe sturen we op de voortgang 8.3 Wat is daarvoor nodig? 8.4 Samenwerking en overleg met betrokkenen in gebied Bijlagen Volgt
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
2
0. Voorwoord Dit regioarrangement van de EHPZ-regio, de jongste regio (2023) in de provincie Gelderland, geven wij de werktitel: “Handreiking voor samenwerking”, mee. De gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde kennen een langere samenwerkingsgeschiedenis. In de periode 2021 - 2022 is met medewerking van de provincies Flevoland en Gelderland de Gebiedsagenda-EHZ op- en vastgesteld. Daarnaast wordt al jaren samengewerkt in de gemeenschappelijke regeling Meerinzicht (bedrijfsvoering en sociaal domein). Voor de EHPZ-regio is nog geen identiteit bepaald.
C O N C EP T
Voor het regioarrangement is op aangeven van de provincie Gelderland in afstemming met de provincie Flevoland, de gemeente Putten toegevoegd aan de EHZ-regio. Vanuit het perspectief van het regioarrangement spreken we over de EHPZ-regio. Bij ons regioarrangement zijn acht overheden betrokken: ● de waterschappen Zuiderzeeland en Vallei en Veluwe ● de gemeenten Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde ● de provincie Flevoland en Gelderland De provincie Flevoland is al verder in het proces. Door de provincie, het waterschap en de zes gemeenten is in het manifest ‘Wij zijn Flevoland’ aangegeven hoe Flevoland een bijdrage levert aan de landelijke opgaven. Met het Rijk is een strategische agenda ‘Over de brug’, inclusief een dynamische uitvoeringsagenda, gesloten. Dit regioarrangement is de basis voor het ruimtelijk voorstel dat de provincie Gelderland bij het Rijk gaat indienen over de drie landelijke opgaven (energietransitie, verstedelijking en landelijk gebied). Het ruimtelijk voorstel is de eerste opstap naar het ruimtelijk arrangement dat het Rijk en de provincie met elkaar sluiten. De provincie moet het eerste concept van het ruimtelijke voorstel op medio oktober 2023 bij het Rijk indienen. Het accent van dit regioarrangement ligt dan ook op het Gelderse. De samenwerking tussen de acht overheden voor ons regioarrangement is nieuw.
Provinciale Staten, gemeenteraden en de Algemeen Besturen zijn nog niet geconsulteerd. Dit gebeurt na de zomer. De inhoud van dit regioarrangement is gebaseerd op bestaand beleid en (concept) omgevingsvisies: ● Gebiedsagenda EHZ; ● Regionale Energiestrategie 1.0 Noord-Veluwe; ● Regionale woondeal Noord-Veluwe 2022 - 2030; ● Woondeal Flevoland ZUND 2022-2030; ● CONCEPT Gebiedsagenda Noord-Veluwe (Naar een integrale aanpak van de opgaven in het landelijk gebied van de Noord Veluwe) ● (Concept) Omgevingsvisies Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde De looptijd van het regioarrangement is 20 tot 30 jaar (2050). Dit betekent concreet dat de tijdshorizon verder ligt dan de tijdshorizon van de omgevingsvisies (2040). Dit is de reden dat er gebiedsopgaven zijn geformuleerd. Dit betreft ontwikkelkansen voor de toekomst die we willen onderzoeken. De kracht van het regioarrangement is dat we de bovenliggende (ruimtelijke) vraagstukken in ons gebied samen en integraal oppakken. Door het verbinden van onze individuele waarden bereiken we meer voor onze inwoners. “Alleen ga je sneller, maar samen kom je verder”.
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
3
C O N C EP T
Het regioarrangement in schema:
Proces april- juni 2023 De afgelopen maanden lag het accent op de ruimtelijke puzzel; het vervaardigen van een dialoogkaart en mogelijkheden voor gebiedsopgaven. Op ambtelijk niveau zijn enkele werkateliers gehouden. Bestuurlijke afstemming vond plaats via de Integrerende EHPZ-tafel. De dialoogkaart (versie 0.9 van 20 juni 2023) is onderdeel van dit regioarrangement. De tekst van het regioarrangement is dynamisch en nog niet af. We werken de komende maanden aan een definitie versie voor 2023. De gemeenteraden en Provinciale Staten zijn via informatiebrieven over het proces geïnformeerd. Proces juni - december 2023 Begin juli vindt de consultatieronde in de colleges plaats over de dialoogkaart en de concepttekst van het regioarrangement. We ontvangen rond 7 juli 2023 de definitieve versie van de gebiedsagenda Noord-Veluwe over het landelijk gebied. We hopen dan ook op meer duidelijkheid over het landbouwakkoord. Ook wordt in deze periode de kaart geoptimaliseerd en de tekst van het regioarrangement 2023 aangevuld op basis van bestuurlijke consultaties. Tot slot De lezer krijgt misschien de indruk dat het regioarrangement een bestuurlijke aangelegenheid is. Niets is minder waar: bij de concretisering van het regioarrangement worden inwoners, bedrijven en (maatschappelijke) organisaties (triple helix) betrokken. Samen werken we aan de toekomst van de EHPZ-regio.
Een handreiking voor samenwerking voor de komende 20 - 30 jaar. Dit regioarrangement is de eerste stap.
4 juli 2023
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
4
1. Waarom een Regioarrangement voor Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde 1.1 Aanleiding We hebben als gemeente, waterschap, Rijk en provincie veel plannen op het gebied van wonen, infrastructuur, natuur, landbouw, recreatie, bedrijven, energieopwekking en -opslag. En we moeten generatieoverstijgende problemen oplossen op het gebied van stikstof en klimaat en de kwaliteit van ons bodem en het watersysteem. Ook hebben we de zorg voor voldoende gronden drinkwater. Veel ruimtevragers als wonen, natuur en landbouw overlappen elkaar en onze ruimte is schaars. Daarom moeten we slimme keuzes maken voor de korte én lange termijn. Dat kunnen we niet alleen en is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle betrokken overheden.
C O N C EP T
Het Rijk wil weten wat er vanuit de nationale opgaven ruimtelijk wel of niet kan in de provincie Gelderland. Voor de overheden in Gelderland vraagt dit om een eenduidige koers voor de komende 25 jaar. In dit regioarrangement leggen we met elkaar vast wat onze gezamenlijke agenda en ambitie is voor de regio EHPZ. En welke afspraken we daarbij maken met elkaar, op basis van een gezamenlijke agenda die aansluit bij de identiteit en de ambitie van Gelderland en deze regio. Om de grote opgaven gerealiseerd te krijgen, hebben we elkaar hard nodig. Daarom is dit regioarrangement onderdeel van een langjarige samenwerking in de regio. Zo zorgen we met elkaar voor welvaart en welzijn voor deze en volgende generaties in Gelderland en in de regio EHPZ in het bijzonder. Het bijzondere aan dit regioarrangement voor de gemeenten Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde is dat er twee provincies (Flevoland en Gelderland) en twee waterschappen (Zuiderzeeland en Vallei en Veluwe) betrokken zijn. Bij de voorbereiding van dit regioarrangement hebben alle bestuurlijke partijen via de bestuurlijke integrerende EHPZ-tafel inbreng gehad. De provincie Flevoland heeft samen met het waterschap en de zes gemeenten (één regio) in het manifest ‘Wij zijn Flevoland’ aangegeven hoe Flevoland een bijdrage levert aan de landelijke opgaven.
Met het Rijk is een strategische agenda ‘Over de brug’, inclusief een dynamische uitvoeringsagenda, gesloten. Het toekomstperspectief bestaat uit drie pijlers: vitale dorpen en steden, toekomstige regionale economie en robuust natuurlijk fundament. Er is sprake van een verscheidenheid aan ruimtelijke oriëntaties. Flevoland maakt deel uit van verschillende regionale netwerken, zoals de Metropoolregio Amsterdam (MRA), regio Zwolle en de regio Ermelo, Harderwijk en Zeewolde. De gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde hebben in 2022 samen met de provincies Flevoland en Gelderland een gebiedsagenda vastgesteld. Op aangeven van de provincie Gelderland is in afstemming met de provincie Flevoland, de gemeente Putten voor het regioarrangement toegevoegd aan de EHZ-regio. Vanuit het perspectief van het regioarrangement spreken over de EHPZ-regio. Voor de gebiedsopgave landelijk gebied zoekt de gemeente Putten aansluiting bij de regio Foodvalley.
1.2 Wat is een regioarrangement In het regioarrangement beschrijven we de gezamenlijke ambities, doelen en opgaven voor de leefomgeving in regio EHPZ voor de komende tijd vanuit de drie hoofdopgaven: verstedelijking en wonen, energievoorziening en landelijk gebied. Dit doen we met een regionaal perspectief 2030 en een doorkijk naar 2050. Het uitgangspunt is dat met het regioarrangement in aanvang geen nieuw beleid wordt vastgesteld. Daar waar bijstelling van bestaand beleid nodig is, is het regioarrangement agenderend voor bestuurlijk en politieke besluitvorming bij de betreffende overheden. De zeven regioarrangementen in Gelderland vormen de basis van het provinciale, ruimtelijke voorstel aan het Rijk. Daarop maken wij verdere afspraken met het Rijk en leggen dit vast in wat het ruimtelijk arrangement heet. Dit zijn wederkerige bestuurlijke afspraken over de
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
5
ruimtelijke inpassing en uitvoering van nationale opgaven inclusief wat daar voor nodig is aan instrumenten en middelen. Het regioarrangement staat voor een langjarige samenwerking, met daarbinnen afspraken over verdeling van rollen en verantwoordelijkheden, uitvoering van maatregelen en de inzet van instrumenten, zoals het aanwijzen van gebieden waarvoor een gebiedsprogramma dient te worden opgesteld. In deze samenwerking zijn we gelijkwaardig en niet gelijk; we hebben ieder onze eigen verantwoordelijkheden. Voor de uitvoering van onderdelen van het regioarrangement bieden we elkaar de mogelijkheid om de eigen verantwoordelijkheid te bepalen en af te spreken, vanuit de gezamenlijke ambities en doelstellingen voor de hele regio.
C O N C EP T
Participatie met maatschappelijke organisaties vindt met name plaats bij het opstellen van de gebiedsprogramma’s. Deze bevatten een integrale gebiedsvisie met ruimtelijk perspectief en scenario’s voor integrale oplossingen voor doelen en ambities die in het regioarrangement zijn meegegeven. Hier hoort een opsomming bij van maatregelen, projecten en instrumenten die nodig zijn voor de uitvoering op gebiedsniveau. Ook beschrijft het de uitvoeringsorganisatie en de wijze van monitoring van de voortgang. Het gebiedsprogramma wordt vastgesteld door bevoegde gezagen in het gebied (de drie overheden). Dit regioarrangement is dynamisch; we actualiseren dit document als daar aanleiding toe is. Bijvoorbeeld omdat we opgaven moeten bijstellen. In voorliggende versie zijn de opgaven voor de regio’s helder benoemd inclusief hun onderling samenhang. We staan stil bij wat dit vraagt van de uitvoering en hoe de opgaven aansluiten bij bestaand beleid van de gemeenten, waterschappen, provincie en, zover mogelijk, het Rijk. Daarnaast maken we een doorkijk wat er in de versie van eind 2023 kan worden opgenomen. Bijvoorbeeld in welke mate en hoe abstract of concreet daarin al ruimtelijke keuzes gemaakt kunnen worden. Het regioarrangement is primair gericht op het integraal en interbestuurlijk oplossen van ruimtelijke vraagstukken tot 2050.
Het is een enorme puzzel om alle wensen en ambities in de beschikbare ruimte in te passen. Maar laten we niet vergeten dat wat we doen, we voor en met onze inwoners doen! Naast de (fysieke) leefbaarheid in de regio, stad, dorpen en wijken is ook het welbevinden van mensen belangrijk. Deze component voegen wij toe aan ons regioarrangement.
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
6
2. Wat voor regio zijn we? 2.1 Waarden en kwaliteiten van de regio Het profiel van on EHPZ-regio is nog niet bepaald. Hieronder volgt een algemene beschrijving. Het bepalen van een gezamenlijk profiel is een van de eerste opgaven.
C O N C EP T
De gemeenten Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde omsluiten het Wolderwijd en het Nuldernauw. De vier gemeenten zijn onderdeel van hetzelfde Daily Urban System (Tordoir). Wij ontwikkelen ons naar een zelfvoorzienende regio, gelegen tussen economisch sterke regio’s. De vier gemeenten brengen verschillende kwaliteiten in. De landschappelijke kwaliteit met historische landgoederen, de bossen en heidevelden van Ermelo en Putten, de stedelijke kwaliteit met de regionale voorzieningen van Harderwijk en de ruimtelijke kwaliteit met natuur, landbouw en het dorpse karakter van Zeewolde. De kracht van deze regio ligt in verbinding tussen de steden Amersfoort - Zwolle en tussen het groen van de Veluwe en het blauw van de Randmeren. Mensen willen hier graag wonen. Vlakbij de Randstad en diverse andere steden om de hoek, zoals Amersfoort, Almere, Apeldoorn, Lelystad en Zwolle. Harderwijk heeft het grootste aaneengesloten regionale bedrijventerrein in de provincie Gelderland. Bedrijven willen zich hier graag vestigen, omdat de arbeidsethos hoog is. Kenmerkend voor de regio is hoe de gemeenschappen door elkaar heen lopen. Je kunt kiezen voor ruimte en groen, of je woont juist graag in een stedelijke gemeenschap, maar werkt of recreëert in de regio. Verhuizingen vinden veel binnen de regio plaats en ook voor werk en recreëren wordt graag gebruikgemaakt van het hele gebied.
Juist die combinatie en vervlechting van verschillende woon-, leef- en werkklimaten is een kwaliteit van deze regio. De vier gemeenten liggen verspreid over twee provincies: Flevoland (Zeewolde) en Gelderland (Ermelo, Harderwijk en Putten). Harderwijk heeft met ongeveer 48.800 de meeste inwoners van de vier en ook de hoogste bevolkingsdichtheid. De gemeente heeft een sterk stedelijk karakter en een hoge omgevingsadressen dichtheid. Qua oppervlakte is Harderwijk verreweg de kleinste gemeente. Ermelo is minder stedelijk en heeft circa 27.500 inwoners een groot buitengebied. Putten heeft een dorps karakter met ongeveer 24.600 inwoners en een groot buitengebied. Zeewolde (circa 23.300 inwoners) is ook weinig stedelijk en heeft met 92 inwoners per km2 een zeer lage bevolkingsdichtheid, omdat het landoppervlakte van de gemeente in verhouding tot de drie andere gemeenten groot is. Wonen Mede door de hoge woningprijzen in de Randstad en het toenemende thuiswerken sinds de coronacrisis, wint het gebied aan populariteit. De prognose is dat de bevolking van Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde de komende jaren blijft stijgen. In deze laatste gemeente zelfs met 20% tot aan 2050. Alles wijst erop dat de vraag naar woningen in het gebied de komende decennia blijft groeien. De woningvoorraad moet dus uitgebreid worden, zoals ook al (deels) is voorzien bij Oosterwold.
Waarbij er aandacht moet zijn voor hoe de vier gemeenten complementair kunnen zijn en hoe inwoners binnen de grenzen daarvan een passende woonlocatie kunnen vinden. In de woondeals is vastgelegd dat we tot en met 2030 in totaal 10.100 woningen bouwen. Deze woningen worden gerealiseerd in de eigen gemeenten. Voor de periode na 2030 wordt met name in Harderwijk de ruimte voor het realiseren van woningen schaars.
2.2
Afwegingen en keuzes (Volgt) Randvoorwaarde voor het schrijven dit hoofdstuk is de beschikbaarheid van een gezamenlijk profiel van het gebied en 4 vastgestelde omgevingsvisies. Uitwerking van deze paragraaf volgt in het najaar 2023.
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
7
3. Sturende principes (Volgt: Tekst wordt deels nog aangeleverd vanuit de provincie) 3.1 Inleiding 3.2 Ruimtelijke kwaliteit (Uit: streekgids Randmeerkust, onderdeel EHP) Landschappelijke karakteristiek
C O N C EP T
Zand raakt de Zuiderzee Het deelgebied ligt tussen de voormalige Zuiderzeekust en de stuwwal van de Veluwe in en vormt een gradiënt van hoog naar laag. Het hoogteverschil van de kustlijn tot de bosrand aan de voet van de stuwwal is hier ongeveer 10 meter over 2- 3 km. Aan de rand van de stuwwal treed kwel aan de oppervlakte, wat in beken zoals de Horstse beek en Volenbeek haaks op het reliëf wordt afgevoerd naar de voormalige Zuiderzee. Bijzonder is dat op een aantal plekken, zoals het centrum van Harderwijk, Horst en ‘t Oever bij Putten de zandige uitlopers van de stuwwal direct raken aan de kustlijn,zonder tussenliggend veengebied zoals dat elders wel het geval is. Landschapsmozaïek op de zandige flank van de stuwwal Langs de bosrand van de Veluwe en op dekzandruggen die als uitlopers richting de Randmeerkust gaan, ligt een kleinschalig half-open coulissenlandschap met een afwisseling van oude bouwlanden, houtwallen, buurtschappen, lanen, landgoederen en parkbossen. Tussen deze ruggen ligt een landschap van jonge heide- en broektontginningen met meer rechtlijnige wegen en verspreide bebouwing. Het onderscheid tussen deze landschappen is veelal vervaagd, doordat veel van de oorspronkelijke houtwallen verloren zijn gegaan.
Langs de kust van de voormalige Zuiderzee ligt een smal voormalig kwelderlandschap met een onregelmatige blokverkaveling tussen het zandlandschap en de kustlijn. Het gebied is nooit bedijkt en direct langs de waterkant ligt een reeks strandwallen. Deze zijn tegenwoordig echter bijna onherkenbaar ingericht als recreatielandschap langs de randmeren, gescheiden van het achterland door de A28. Adellijk erfgoed Langs de beken liggen oude landgoederen, zoals aan de Groevenbeek/Volenbeek en de Kronkel het landgoed Oud Groevenbeek, kasteel Vanenburg en Landgoed Volenbeek.
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
8
Openheid, beslotenheid en ruimtebeleving.
C O N C EP T
De open enkcomplexen Op de flank van de Veluwe lagen oorspronkelijk grote aanééngesloten enkcomplexen, zoals van Harderwijk tot Hierden, bij Ermelo en bij Putten. Veel van deze enken zijn verdwenen onder de uitbreidingen van de kernen, maar deels zijn ze nog zichtbaar in het landschap en vormen ze waardevolle open ruimtes in het kleinschalige landschap. De openheid van het kustlandschap en de randmeren De onbedijkte kust van de voormalige Zuiderzee overstroomde voorheen regelmatig en daarom stonden hier geen bomen of bebouwing. De kweldergebieden waren in gebruik als weiland en vormen vandaag de dag nog steeds open ruimtes samen met de randmeren. Zichtlijnen op Veluwemassief en randmeren, inclusief het nieuwe land van Flevoland Vanuit de open gebieden steekt de beboste stuwwal van de Veluwe als heuvel af aan de horizon en is van ver te zien. Ook heeft men verre zichten over de randmeren, met op de achtergrond het nieuwe land van Flevoland met de dijk en de bossen. Het zeegevoel is nog aanwezig, door de verre zichten over het Wolderwijd en het Veluwemeer in het noorden. Landschappelijke bakens Bakens in het landschap worden gevormd door de kerktorens van de dorpen en het waterfront van Harderwijk. Ordende structuren.
Hierdense beek De Hierdense beek is een grote beek vanuit het achterland rondom Staverden. Het landgoed de Essenburg is gekoppeld aan de beek en rondom de beekmonding in het Veluwemeer liggen hoge ecologische waarden. De beek ligt verstop in het landschap en is vooral ter hoogte van spoorlijn en snelweg moeilijk traceerbaar. Randmeerkust met onderscheid tussen het oude en nieuwe land De golvende kustlijn van de voormalige Zuiderzee staat sterk in contrast met de bedijkte kustlijn van het ‘nieuwe land‘ van Flevoland. Het ‘Oude land’ is hier onbedijkt en haaks op de kustlijn monden van oudsher kronkelende beken vrij uit in de randmeren. De oeverlijn vormt deels een belangrijke ecologische verbinding. Historische Zuiderzeestraatweg van Amersfoort naar Zwolle De Zuiderzeestraatweg is de weg op de flank van de Veluwe langs de grotere kernen als Putten, Ermelo en Harderwijk, die de historische verbinding vormt tussen de het westen en Zwolle. Tussen de dorpen en steden liggen landelijke wiggen met bos, landgoederen en agrarisch gebied. A28 als belevingslijn van randmeer naar Veluwe Strak langs de Randmeerkust loopt de snelweg A28 tussen Amersfoort en Harderwijk.
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
9
Vanaf de weg heeft men fraaie zichten over de randmeren en het open voormalig kwelderlandschap, maar de weg vormt ook een enorme barrière tussen de meren en het binnenland. Bij Harderwijk en Ermelo loopt de snelweg door het stedelijk weefsel en gaat vervolgens door het bos van de Veluwe door richting Zwolle. N302 als belevingslijn van het oude naar het nieuwe land De weg van de Veluwe via Harderwijk naar Flevoland vormt een sterke belevingslijn van het oude naar het nieuwe land. Van het bos van de Veluwe loopt de weg door de stad en gaat vervolgens onder het randmeer door naar het nieuwe land. Stad-en landrelaties.
C O N C EP T
Dynamisch gebied op korte afstand van de A28 De snelweg A28 zorgt voor een goede bereikbaarheid van het gebied en een prettig vestigingsklimaat. Er is vooral veel stedelijke dynamiek rondom de kernen Harderwijk, Ermelo en Putten met onder andere de ontwikkeling van bedrijventerreinen, nieuwe woonwijken en tussen Harderwijk en Ermelo een groot cluster van oude instellingsterreinen, recreatieparken en nieuwe landgoederen. Het gebied biedt verder een prettig woonklimaat door het verspreid en landelijk wonen op de zandgronden, met de randmeren en de bossen van de Veluwe beide op fietsafstand. Rondom de kernen liggen groene uitloopgebieden als de Hierdense Enk, Parkzone Ermelo en de bossen van de Veluwe. Zuiderzeestad Harderwijk Harderwijk vormt van oudsher de grootste stad aan de Gelderse Zuiderzeekust. De stad ligt met haar historische centrum aan het water en ten noorden van de weg naar Flevoland ligt het industrieterrein Lorentzhaven en aan de zuidkant het waterfront van Harderwijk, met Dolfinarium, jachthavens en boulevard. Concentratie van recreatieve voorzieningen langs de bosrand en Randmeerkust In de bosrand van de Veluwe ligt een grote hoeveelheid verblijfsrecreatie met campings en vakantieparken. Tussen de randmeren en de A28 ligt een smalle strook met recreatievoorzieningen als jachthavens, golfparken en zwemstranden.
Landschap en erfgoed: -
Groenblauw raamwerk (NB: dit is de tekst van de toelichting op de kwaliteitskaart en kansenkaart Ermelo, Harderwijk en Zeewolde, onder de kop ‘Regionaal landschapspark’; oppassen voor doublures) o De verstedelijkende omgeving van Harderwijk-Ermelo-Putten vraagt om goede balans met het omliggend landschap. Creëer hier een gebiedsgericht project met als doel een regionaal landschapspark. Hierbinnen worden zaken als landschapsherstel, recreatie, ecologie, landbouw, energie, erfgoed en water- en klimaatopgaven met elkaar verweven. Zet hierbij specifiek in op stevig beboste ‘kapen’ als dragers voor recreatieve ontwikkelingen (Horst, Nulde), versterk het landschapsmozaïek en de kleinschaligheid op de flanken, versterk de openheid van de polders ten westen van de Waterweg, draag bij aan het vernatten van het natuurlijke beekdalen
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
10
(Groevenbeek/Volenbeek en Horstsche beek) en zorg voor aantrekkelijke recreatieve verbindingen. Zorg voor het open houden van landschappelijke tussengebieden tussen de kernen op de flank door deze te bestempelen en in te richten als groene wiggen. -
Hanzestad Harderwijk aan de Zuiderzeekust o De historische Hanzestad Harderwijk (en Elburg en Hattem in de zusterregio) dragen bij aan de attractie van de regio voor bewoners (leefklimaat) en bezoekers (toerisme). Instandhouding van het erfgoed kan gepaard gaan met het versterken van de toeristisch-recreatieve kracht van de stad.
-
Beleving van natuur en een stokoud land op de Veluwe
C O N C EP T
o Het Veluwemassief binnen Ermelo, Harderwijk en Putten is bijzonder rijk aan (zichtbare) archeologische relicten. Natuurontwikkeling en toeristische ontsluiting leveren kansen op om tegelijk de beleving van de prehistorie te versterken, aansluitend bij het regionale initiatief hiervoor.
-
Landgoederenland van Putten (en Nijkerk)
o In Putten ligt een zeldzaam gaaf en oud landschap waar op het natuurlijke landschap landgoederen liggen (Oldenaller, Kruishaar, Gerven en Hell). Deze zone loopt door in de gemeente Nijkerk. Hier liggen kansen om het oude landschap nieuwe betekenis te geven bij het vergroten van de biodiversiteit op basis van bodem en ondergrond, het verduurzamen van de landbouw en het versterken en vernieuwen van de functies in de agrarische gebouwenzwermen. In samenwerking met eigenaren en pachters.
Erfgoed/recreatie en toerisme 1. Landgoederen zijn verspreid over de regio. Erfgoed is interessant voor recreatie en toerisme 2. We nemen deel aan de netwerkorganisatie Veluwe-op-1. Er ligt een samenwerkingsovereenkomst tussen ongeveer 40 Veluwse partijen en gezamenlijk onderschrijven we de ambitie beschreven in de VeluweAgenda 2030; Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
11
C O N C EP T
3. De spreiding van toeristen over het gebied wordt steeds belangrijker, ook wel bestemmingsmanagement genoemd. Spreiding qua drukte maar ter plekke wel gecontroleerde stromen. Hier zijn de routenetwerken, ontvangstlocaties en de belevingsgebieden een middel voor; 4. Ook de Randmeren vormen een kans, ook wel vanuit het belevingsgebied ‘’de Veluwse Kust’’ genoemd. Door dit gebied beter te ontwikkelen wordt het Veluwemassief ontlast. Het ontwikkelen van dit gebied draagt bij aan bestemmingsmanagement. Het ontwikkelen van een Veluwse Kust ontvangstlocatie op het grondgebied van de gemeente Ermelo of Putten in samenwerking met Leisure Lands, als verbindende factor tussen de gemeenten wordt in de komende tijd nader onderzocht; 5. Het inzetten op duurzame mobiliteit, zoals het stimuleren van fietsen en het OV is ook in recreatie en toerisme een belangrijk speerpunt; 6. Recreatie en toerisme is voor ons gebied van enorm economisch belang. Zowel qua verblijf (campings, hotels, vakantieparken) als dagrecreatie (Hanzestad en musea). Daarnaast wordt recreatie en toerisme ingezet als middel wat bijdraagt aan ons welzijn en de leefbaarheid van een gebied vergroot; 7. Kijk naar de transformatie van vakantieparken (kan dit worden geconcretiseerd a.d.h. van het recente beleidskaderover vakantieparken?); 8. Overnachtingsplaatsen is aandachtspunt.
3.3 Bodem en water sturend Het water en bodemsysteem is de laatste decennia verslechterd. Wij komen steeds meer tot het besef dat water en bodem van het grootste belang zijn voor onze existentie. Zonder een vitaal water en bodemsysteem geen gezond voedsel en geen gezonde mens! Wij zetten daarom in op het verbeteren van het systeem. Sinds de kamerbrief van november 2022 staat water en bodem als sturend principe centraal op de agenda van ruimtelijke ordening en inrichting. Het doel is om een veerkrachtig en duurzaam water- en bodemsysteem te behouden of herstellen, waarmee ook in de toekomst zoveel mogelijk functies gediend kunnen worden. Een belangrijk deel van de oplossing is het creëren van meer ruimte voor natuurlijke processen. Om dit te bereiken zijn de uitgangspunten in de Rijksbrief water en bodem sturend vertaald naar een Gelders provinciaal handelingsperspectief Water en Bodem Sturend. Daarin staan de volgende principes:
⮚ Ruimte voor water, te weten: de rivieren, rivierwater binnendijks, toekomstige dijkversterkingen en water in regionale systemen. ⮚ Voldoende water: veerkrachtige watersystemen, ruimte voor waterberging en water vasthouden (ook in de bodem), hogere grondwaterpeilen rond natuurgebieden, voldoende drinkwaterbronnen en waterbesparing. 'In het proces om te komen tot verkleining en/of verdere invulling van de drinkwaterreserveringsgebieden (locatiekeuze, ontwerp en inpassing van de uiteindelijke drinkwaterwinning) maken we een integrale afweging met andere gebruiksfuncties. ⮚ Schoon water en schone bodem: water- en bodemkwaliteit op orde, bronnen van verontreinigingen worden aangepakt, voorkom lozingen van schadelijke stoffen uit industrie en RWZI, beperk gebruik van nutriënten en bestrijdingsmiddelen. ⮚ Vitale en efficiënt geordende bodem; regie op de ondergrond, behoud waardevolle bodems, duurzaam bodembeheer, verminder verstoring van de bodem en zet in op hergebruik, prioriteit aan preventie en sanering bodemverontreiniging, afdekking van de bodem tegengaan. ⮚ Een groene, klimaatadaptieve gebouwde omgeving.
Waterwinning/grondwater Er zijn verschillende waterwingebieden. De kabinetsbrief (nov. 2022) over Water- en Bodem-sturend moet ook binnen EHPZ handen voeten krijgen. Het streven naar een Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
12
C O N C EP T
natuurlijk water- en bodemsysteem is (letterlijk en figuurlijk) de basis voor alle toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen?) 1. Verschillende beken/watergangen moeten worden hersteld, zodat water langer kan worden vastgehouden. (De provincie heeft in maart 2023 bestuurlijk het verzoek gedaan om een haalbaarheidsonderzoek te doen naar het realiseren van een "Wateraccu Veluwe". Met zo'n accu wordt de grondwatervoorraad op de Veluwe aangevuld. Dit jaar (2023) volgt ambtelijk een uitvraag voor dit onderzoek (= actiepunt regionaal ambtelijk overleg water en klimaatadaptatie - AOWK). 2. De grote ‘watervragers’ worden mogelijk een probleem. (Belangrijk hierbij: volgens de modellen (op basis van klimaatscenario's) moeten we rekening houden met méér hemelwater. De metingen van grondwaterstanden op de Veluwe laten echter een dalende trend zien. Oorzaak is waarschijnlijk heel veel meer verdamping door langer groeiseizoen en droger/heter voorjaar en zomer als gevolg van klimaatverandering). 3. Uiterlijk 2027 moet voldaan zijn aan de eisen van de Europese Kaderrichtlijn Water. Dit kan zich ontwikkelen als een vergelijkbaar dossier als het stikstofdossier. (Op de kaarten worden vaak KRW-watergangen vermeld, maar ook de overige watergangen (vooral de voormalige HEN/SED-watergangen) vragen om aandacht.
Hetzelfde geldt voor de kwaliteit van het grondwater, vooral (uiteraard) in de grondwaterbeschermingsgebieden). Watertekort en verdroging Weersextremen worden het nieuwe normaal. In een paar jaar tijd hebben we meermaals te maken gehad met grote wateroverlast en extreme droogte. De extremiteiten van nu (lange droogtes, wateroverlast door clusterbuien en hoge rivierafvoeren in zomer en winter) zijn straks mogelijk het nieuwe ‘normaal’. Dat vraagt aanpassing in termen van meer en langer water vasthouden, sterker fluctuerende peilen in landelijk en stedelijk gebied en het accommoderen van hogere rivierafvoeren. Maar ook voor een nieuwe samenhang van functies in het buitengebied, inclusief een passende agrarische productie. We moeten duiden welke gebieden nodig zijn voor waterberging, waterbuffering en waar we de grondwaterstand moeten verhogen om droogte op te kunnen vangen. De provincie Gelderland werkt in de verschillende regio’s aan de uitdagingen die daar liggen. Bijvoorbeeld in de zandgebieden houden we meer regenwater vast in het grondwatersysteem. Voor de Veluwe gaat het daarnaast ook om duurzaam beheer van de grondwatervoorraad onder de Veluwe. Beschrijving van de regio EHZ (P moet nog invulling krijgen) en de betekenis van water en bodem sturend In de regio Ermelo-Harderwijk-Zeewolde raakt het zand de zee.
De regio ligt op de overgang van de hoge gronden van het Veluwemassief naar de lagere gronden van de Randmeerkust en in westelijke richting naar de polder Arkemheen. Polder Arkemheen is één van de oudste polders van Nederland. Voor de bedijking werd dit gebied regelmatig overstroomd door de Zuiderzee en heeft een klei- en veenbodem. Het hoogteverschil van de kustlijn tot de bossen op de Veluwe is ongeveer 10 meter. Aan de rand van de stuwwal treedt kwel aan de oppervlakte, wat in beken zoals de Horstse beek en Volenbeek haaks op het reliëf wordt afgevoerd naar de Randmeren. Bijzonder is dat op een aantal plekken, zoals het centrum van Harderwijk en ’t Oever bij Putten, de zandige uitlopers van de stuwwal direct raken aan de kustlijn, zonder tussenliggend veengebied. Langs de kust ligt een smalle strandwal.
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
C O N C EP T
13
Figuur: kaart Water en bodem sturend Gelderland voor regio EHZ (bron: provinciaal handelingsperspectief 30 jan 2023) ‘Water en Bodem Sturend’ betekent voor de stuwwal van de Veluwe met name inzet op het vasthouden en inzijgen van water, verminderen van verdamping en het ontwikkelen van duurzame beeksystemen om het waterreservoir te blijven vullen en kwelsystemen te voeden. Door een geleidelijke omvorming van éénvormige naaldbossen naar structuur- en soortenrijke bossen met inheemse loofbomen wordt, door het ontstaan van een meer humeuze bodem met een gezonder bodemleven, het vasthouden van water bevordert. Dit levert een gezond en biodivers bos op. Echter door de klimaatverandering zal dit bos mogelijk meer gaan verdampen en zal de grondwateraanvulling verminderen als de water aanvoer vanuit de Veluwe vermindert. Ook bij de brongebieden van de beeksystemen en in de broeklanden moet de sponswerking van de bodem worden vergroot. Hiervoor is omvorming naar loofbos of natte heide van belang. Tevens is het behoud van het waardevol bodemarchief met aardkundige waarden, karakteristiek reliëf en archeologische sites zoals grafheuvels en Celtic Fields, van belang. Op de Veluweflank staat de ontwikkeling van nat-vochtig-droog gradientencentraal.
Het is de opgave het kwelwater zo lang mogelijk vast te houden en te benutten voor natuurontwikkeling en de beken tot dragende structuren op de gradiënt te ontwikkelen. Dit gaat goed samen met natuurontwikkeling, landschappelijke versterking, recreatieve paden en de aanleg van groene wiggen tussen de dorpen. In de Polder Arkemheen is het verminderen van de bodemdaling door veenoxidatie een belangrijke opgave. Het tegengaan van bodemdaling vraagt aanpassing van de waterhuishouding, zoals opzetting van het grondwaterpeil. Dit heeft gevolgen voor het grondgebruik. Meer extensieve veeteelt ligt voor de hand, samen met weidevogelbeheer. Eventueel kunnen nieuwe teelten worden geïntroduceerd aangepast aan de natte omstandigheden. In de meest natte delen ligt natuurontwikkeling voor de hand. Voor de
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
14
ruimtelijke kwaliteit is het belangrijk bij deze functieverandering de bestaande verkaveling en oude krekenstructuur als basis te gebruiken.
3.4 Brede welvaart Het begrip brede welvaart wordt steeds vaker gebruikt in de Nederlandse samenleving en economie. Zowel door de overheid als het bedrijfsleven. Lange tijd werd welvaart alleen in economische termen uitgedrukt als het bruto nationaal product (BNP). Een bredere benadering van welvaart gaat ook over de kwaliteit van leven en leefomgeving. Op het niveau van de EHPZ-regio heeft nog geen onderzoek plaatsgevonden. Wel op het niveau van de Veluwe (Gelderland Panel: Februari 2023). Begin dit jaar hebben 841 inwoners meegewerkt aan het onderzoek naar de verschillende aspecten van Brede Welvaart. Op hoofdlijnen zijn de conclusies: Gezondheid 64% van de inwoners van de Veluwe geeft aan een (zeer) goede gezondheid te hebben en 75% geeft aan gezond te leven.
C O N C EP T
1.
2. Veiligheid Veel inwoners van de Veluwe hebben aangegeven zich veilig te voelen in de omgeving waar ze wonen. 91% voelt zich altijd of meestal wel veilig. Daarnaast heeft het merendeel (78%) van de inwoners van de Veluwe geen tot weinig overlast van buurtbewoners. 8% ervaart expliciet (heel) veel overlast (stadscentra) 3. Materiële welvaart 68% van de respondenten geeft aan maandelijks geld over te houden om naar vrije wens te besteden. Daarentegen geeft 15% aan (helemaal) geen geld over te houden.Evenals bij het aspect met betrekking tot het maandelijks overhouden van geld, geeft de meerderheid van de respondenten (57%) aan makkelijk of heel makkelijk rond te kunnen komen van het totale huishoudinkomen. 4. Wonen De woning van inwoners van de Veluwe wordt over het algemeen goed beoordeeld, met gemiddeld een 8,0. De woonomgeving wordt in de Veluwe hoog beoordeeld, met gemiddeld een 7,8. 5.
Welzijn Over het algemeen beoordelen de ondervraagde inwoners van de Veluwe de mate van gelukkig zijn met een ruime voldoende (7,7). De hoeveelheid vrije tijd die men heeft wordt door inwoners van de Veluwe gemiddeld met een 7,5 beoordeeld.
6. Samenleving 66% van de respondenten geeft aan vertrouwen te hebben in de meeste mensen. Slechts 9% geeft aan geen vertrouwen te hebben in mensen. Waar het vertrouwen in de medemens relatief goed wordt beoordeeld, wordt het vertrouwen in de overheid door slechts 32% als goed beoordeeld. 30% geeft zelfs aan weinig of geen vertrouwen te hebben in de overheid. 7.
Arbeid en vrije tijd De respondenten beoordelen het werk gemiddeld met een 7,6. Slechts een minimaal deel (5%) geeft zijn of haar werk een onvoldoende (cijfer 5 of lager). 69% van de inwoners van de Veluwe geeft aan een goede balans te hebben tussen werk en privé.
8. Milieu De meerderheid van de inwoners van de Veluwe is (zeer) tevreden over de kwaliteit Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
15
van natuur en landschap (81%). 9% is het er (helemaal) mee oneens dat ze tevreden zijn over de kwaliteit van natuur en landschap in de regio. Ten aanzien van de tevredenheid over hoe schoon de woonomgeving, geeft 67% aan hierover tevreden te zijn, tegen 16% die ontevreden is. De uitkomsten van dit onderzoek geven een indicatie, maar zijn niet één op één te vertalen naar de EHPZ-regio. Om een goed beeld te krijgen van de mening van onze inwoners over de aspecten van brede welvaart zal een nulmeting gehouden moeten worden en periodieke monitoring. Het welbevinden van inwoners is de basis voor een sterke samenleving en sociale cohesie. Welbevinden gaat over kwaliteit van leven. Naast de vervulling van basisbehoeften gaat het over mee (kunnen) doen in de samenleving: autonoom (heb je regie over je leven) en in verbinding met anderen.
C O N C EP T
Autonomie is voor veel inwoners vanzelfsprekend, maar niet voor iedereen. Vanwege een beperking, gemis aan vaardigheden of financiële redenen. Het SCP schat in dat zo’n 15% van de inwoners achterblijft op de rest. Verbinding met anderen vindt plaats op veel manieren. In de basis kan het ‘herkennen’ van gezichten in de openbare ruimte al bijdragen aan een thuisgevoel (‘publieke familiariteit’). Elkaar echt leren kennen (of dat nu in de buurt is, of via schoolplein en het verenigingsleven) vergroot de kans tot het gezamenlijk ondernemen van activiteiten. En indien nodig elkaar helpen. De maatschappelijke opgaven die er nu liggen, gaan onder andere over - het inspelen op de vergrijzing, en de gevolgen voor arbeidsparticipatie, woonbehoeften en voorzieningen - de verwachte groei in behoefte aan ondersteuning en zorg waarbij we willen inzetten op samenredzaamheid vs de individualisering, en - het verbeteren van inclusie, Gemeenten hebben de wettelijke taak om de inclusie in hun samenleving te verbeteren (Lokale Inclusie Agenda). Daarom zetten wij ons in voor een gezonde en veilige inrichting van de leefomgeving met sociale verbondenheid, een inclusieve gemeenschap, toegankelijke voorzieningen, duurzame en veilige vervoerssystemen voor iedereen, een goede milieukwaliteit en een aantrekkelijk vestigingsklimaat met bestaanszekerheid voor iedereen.
Bestaans- zekerheid is vooral gestoeld op het hebben van een woning en voldoende inkomen. De definitie van het welbevinden is: “Welbevinden gaat over kwaliteit van leven. Naast de vervulling van basisbehoeften gaat het
over mee (kunnen) doen in de samenleving. Dat gaat onder andere over autonomie (heb je regie over je leven) en verbinding met anderen. Daarom zetten ons wij in voor een gezonde en veilige inrichting van de leefomgeving met sociale verbondenheid, een inclusieve gemeenschap, toegankelijke voorzieningen, duurzame en veilige vervoerssystemen voor iedereen, een goede milieukwaliteit en een aantrekkelijk vestigingsklimaat met bestaanszekerheid voor iedereen. Bestaanszekerheid is vooral gestoeld op het hebben van een woning en voldoende inkomen”. De wijze waarop we dit de komende jaren met elkaar vormgeven volgt in 2024.
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
16
4. Ruimtelijke samenhang: drie perspectieven 4.1 Welke verhaallijnen ontstaan er? (Volgt) Beleidsmakers staan voor een groot aantal keuzes, waarbij de ene keuze de andere kan beïnvloeden. Wat zijn nu de belangrijkste keuzes die eerst gemaakt moeten worden, en waar andere keuzes uit kunnen volgen? Het kabinet heeft in de recente Kamerbrieven over de ruimtelijke ordening al een ordening aangebracht aan de hand van drie thematische ‘perspectieven’: 1) landbouw en natuur, 2) ordenende netwerken voor energie en (circulaire) economie, en 3) leefbare steden en regio’s. De draagkracht van het water- en bodemsysteem is een sturend element in alle drie de perspectieven.
C O N C EP T
4.2 Perspectief natuur en landbouw Volgt: Aanlevering door programma landelijk gebied. Hoe verenigen we klimaat en energie, stikstof en water met natuur en landbouw in deze regio? Dit hoofdstuk wordt na 4 juli 2023 verder uitgewerkt, nadat de Gebiedsagenda Noord Veluwe beschikbaar is en de landelijke richtlijnen bekend zijn.
Landelijk gebied (Concept) De tekst van deze paragraaf is gebaseerd op het concept Gebiedsagenda Noord Veluwe van eind mei 2023. De definitieve versie wordt rond 7 juli 2023 verwacht. Het Rijk zet sterk in op gebiedsgerichte aanpakken om tot oplossingen voor stikstofproblematiek te komen. De provincies, en daarmee ook de provincie Gelderland, gaan een ruimtelijk perspectief opstellen om dit handen en voeten te geven. De provincie levert tegen de zomer van 2023 de Gelderse invulling van het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NMPL) op. In Gelderland heet dat Vitaal Landelijk Gebied Gelderland (VLGG). Verder houdt Gelderland vast aan de aanpak van de Gelderse Maatregelen Stikstof, waarbij gezocht wordt naar een verbreding van de stikstofopgave in relatie tot water, wonen en CO2-reductie. In schema (concept) zijn de maatregelen:
1.
Nationaal Programma Landelijk Gebied Nederland staat voor een uitdagende transitie van het landelijk gebied. Het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) bepaalt in belangrijke mate de nationale doelen, de reikwijdte en het ritme van de transitie. Die transitie geven overheden, ondernemers en maatschappelijke organisaties samen vorm, op verschillende schaalniveaus. Het Rijk heeft alle provincies gevraagd om een Provinciaal Gebiedsprogramma op te stellen. Hierin stellen de provincies per gebied de doelen voor stikstof, natuur, water, klimaat en bodem vast. De provincies zijn gevraagd deze programma’s op 1 juli 2023 aan te leveren bij het Rijk. Het Rijk NPLG toetst of de provinciale programma’s optellen tot het landelijke doel van in totaal 50 procent minder stikstofemissie in 2030 en het halen van de instandhoudingsdoelen. In het najaar van 2023 wordt het eerste NPLG vastgesteld en wordt (meer) duidelijk welke
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
17
instrumenten in te zetten zijn bij de transitie in het landelijk gebied.
C O N C EP T
2. De Gelderse aanpak Het perspectief van de provincie Gelderland is een gezond, vitaal en leefbaar landelijk gebied met een duurzame land- en tuinbouw, gezonde natuurgebieden, groene industrie, wonen, werken en recreëren met de natuur, schoon en voldoende water en voorbereid op de klimaatverandering. De kenmerken en de identiteit van onze Gelderse gebieden staan hierbij centraal. a. Gelderse Maatregelen stikstof De provincie Gelderland werkt -samen met stakeholders binnen regio’s - aan aanvullende maatregelen die gericht zijn op het versterken van de natuur en het verminderen van de stikstofdepositie. Daarvoor is de aanpak Gelderse Maatregelen Stikstof (GMS) opgesteld. In de vervolgfase zet de provincie in op de creatie van uitvoeringsallianties voor de Veluwe, Achterhoek en Rijntakken. Deze allianties moeten voor de realisatie van de gestelde ambities zorgen. b. Vitaal Landelijk Gebied Gelderland De Gelderse stikstofaanpak heeft laten zien dat de provincie samen met alle betrokkenen werkt aan gedragen oplossingen voor een complexe problematiek. In het Programma Vitaal Landelijk Gebied Gelderland (VLGG) kiest de provincie voor verbreding van deze aanpak met klimaat en water en met een perspectief voor de landbouw. Dit is in lijn met het NPLG.
Met het Vitaal Landelijk Gebied Gelderland voor 2024-2035 geeft de provincie invulling aan de doelen en ambities in het landelijk gebied voor natuur, water, klimaat en landbouw. Dit wordt uitgewerkt voor de Veluwe met de omliggende valleien, de Achterhoek & Liemers en het Rivierengebied als de meest kenmerkende landschappelijke eenheden (bodem-watersystemen) van Gelderland. Hiermee wordt het VLGG een belangrijke bouwsteen voor de transitie in het landelijk gebied van Gelderland. 3. Afbakening van het gebied Dit is de gebiedsagenda voor de Noord-Veluwe. Het gebied bestaat uit zeven gemeenten: Hattem, Oldebroek, Elburg, Nunspeet, Harderwijk, Ermelo en Putten en vallen onder het waterschap Vallei en Veluwe. Vanuit een geografisch standpunt wordt de regio Noord-Veluwe omringd door drie grote Natura2000 gebieden (Veluwe, Randmeren, Rijntakken). Voor dit gehele gebied stellen we een gebiedsagenda op. Voor dit regioarrangement EHPZ, zoomen we in op de gemeenten Ermelo, Putten en Harderwijk. De gemeente Zeewolde laten we buiten beschouwing. 4. Waarden en wensen gebied a. Ermelo Ermelo heeft een uitgebreide en visuele omgevingsvisie, die ondersteunend kan zijn in dit Gebiedsgericht Aanpak-gebied (GGA) proces. Een groot deel van de gemeente is N2000 gebied. De gemeente heeft een eigen boswachterij. In de omgevingsvisie staan verschillende plannen over heideontwikkeling en vernatting.
In het oosten van de gemeente ligt de agrarische enclave omringd door N2000 gebied. In dit gebied vindt op dit moment het gebiedsproces GEUS plaats (zie sectie 2.4.2). Afspraken en doelen die daar gemaakt worden, hoeven niet per definitie ook in de rest van de gemeente te gelden, maar het proces kan wel een voorbeeld zijn in de aanpak. Ten westen van de kern ligt nog een (agrarisch) gebied: Horst en Telgt. Dit is voor de gemeente het enige gebied waar ontwikkeling mogelijk is en hier ligt dan de ontwikkelambitie op zowel woningbouw, bedrijfslocaties als windmolens. De vraag daar is: waar ga je nu echt op inzetten?
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
18
b. Harderwijk Harderwijk heeft relatief weinig boeren en juist veel industrie/bedrijvigheid. Het bedrijventerrein Lorentz is het grootste aaneengesloten bedrijventerrein van Gelderland. De gemeente benadrukt dat stikstof voor hun ook of vooral te maken heeft met bedrijven, meer dan agrarisch, en onderdeel moet zijn van deze aanpak. De gemeente is wel in gesprek met de agrariërs. Met name in de eendensector willen boeren stoppen en sommigen zijn al gestopt. Ook woningbouw is een belangrijk thema voor de gemeente wat ruimte vraagt. Putten In de gemeente Putten is veel Natura2000 gebied en veel agrarisch gebied. Putten wil zelf aan het stuur zitten en niet afwachten qua aanpak. De afgelopen jaren zijn al een aantal boerenbedrijven gestopt (nertsen-houders). In de Puttense omgevingsvisie zijn deelgebieden/zoneringen aangegeven: sterk agrarisch, landgoederen, natuur, etc. Het gaat de gemeente om de kwaliteit van het landschap. Want wie beheert dat landschap als de boeren allemaal zouden moeten stoppen? Het buitengebied moet het buitengebied blijven; niet een veredeld recreatieterrein of elke kilometer een grote opslagloods. De ruimtelijke puzzel voor Putten is onderdeel van de EHPZ-ruimtepuzzel. Putten wil met deze gebiedsagenda een bepaalde gemeenschappelijkheid voor elkaar krijgen, zoals in de Gelderse Foodvalley bijvoorbeeld al het geval is.
C O N C EP T
c.
d. Gebiedsopgaven Om gebruik te kunnen maken van de middelen uit het Transitiefonds (1e tranche) moet de provincie Gelderland vóór 1 juli 2023 zogenaamde “no-regret”-opgaven bij het Rijk aanleveren. Deze opgaven moeten aantoonbaar bijdragen aan de doelen van het Programma Vitaal Landelijk Gebied Gelderland (VLGG) en kunnen worden beargumenteerd als geen spijt maatregel (oftewel altijd goed). Vanuit de Noord Veluwe zijn aangeleverd: i. Verkenning regionale grondbank ii. 3 Pilots nieuwe agrarische businessmodellen iii. Ontwikkelen overgangszones iv. Natuurprogramma Noord Veluwe v. Grondwateronttrekkingen (industrie) • vi. Lokale gebiedsprocessen: 1. Lopende processen: GEUS, Veenhuizerveld en Vier Merken 2. Nieuw op te starten projecten: Schuitenbeek, Eendengebied, en Landgoederenzone. Voor de nieuwe projecten zullen partnerschappen geïnitieerd moeten worden in de pre-verkenningsfase. Voor het proces Schuitenbeek zal het eerste initiatief liggen bij de gemeente Putten en Natuurmonumenten. Voor het “Eendengebied” (Harderwijk) ligt dat bij de gemeente Harderwijk. Voor de Landgoederenzone kan dat liggen bij een van de betrokken gemeenten of bij Gelders Particulier Grondbezit.
Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
19
Kansen en dilemma’s: 1.
Dilemma: er is nog veel onduidelijkheid over landelijke richtlijnen (we zijn in afwachting van de landelijke trajecten (landbouwakkoord, lijst piekbelasters, PAS-melders); 2. Dilemma: governance; veel partijen gaan over natuur, landbouw, water en bodem. Kans: Natura 2000 beslaat een groot deel van het buitengebied. We willen bekijken of en hoe we vanuit water en bodemsturend kunnen komen tot zones waar natuur de beste toekomst heeft. Maak van de Randmeeroeverzone aan de Gelderse kant een natuurgebied. Dit levert meer op voor de biodiversiteit. Opgave verstedelijking: stikstofnegatief dakbedekking.Veluwse bouwpartner. Terugbrengen footprint: hoe wonen met natuur te verbinden. 2. Kans: integrale gebiedsontwikkeling (landschap, natuur, wonen, werken, recreëren, energie, mobiliteit en sociaal) en inzet van participatie; 3. Kans: Landbouw en stikstof; de landbouwtransformatie die noodzakelijk en al gaande is om de natuur weer gezond te krijgen.
C O N C EP T
1.
Vragen perspectief natuur en landbouw 1. Overgang naar Veluwe; recreatiezonering-/druk, Poorten naar de Veluwe. Hoe kan de recreatieve aantrekkelijkheid van de Randmeerkust vergroot worden ter ontlasting van de Natura-2000 gebieden? 4.3 Ordenende netwerken voor energie en circulaire economie
Hoe realiseren we infrastructuurnetwerken voor energie, data en internet en mobiliteit voor het goed functioneren van de economie en samenleving? 4.3.1. Regionale Energie Strategie (RES) De energietransitie houdt niet op bij de gemeentegrens. Daarom werken overheden, inwoners, bedrijfsleven, netbeheerders en maatschappelijke organisaties in 30 regio's samen aan een Regionale Energiestrategie. In EHPZ hebben we te maken met twee RES gebieden, Flevoland en Noord-Veluwe. Flevoland De gemeente Zeewolde heeft samen met 5 andere gemeenten, het waterschap en provincie de RES 1.0 Flevoland gesloten. De RES 1.0 van Flevoland is gebaseerd op bestaand beleid De RES 1.0 gaat over de uitvoering van beleid om hernieuwbare energie op te wekken waarover besluitvorming al heeft plaatsgevonden bij de provincie, de gemeenten en het waterschap. Veel projecten zijn binnen dit kader al uitgevoerd of volop in uitvoering. Alles bij elkaar resulteert dit in een productie van 5,81 TWh in 2030. - Wind: 4,64 TWh - Zon: 1,17 TWh. Dit is de bijdrage van Flevoland aan de landelijke opgave om in 2030 35 TWh duurzame energie op te wekken. In het agrarisch Middengebied van Zeewolde wordt het aantal windmolens teruggebracht van 220 naar 91. De nieuwe molens krijgen een hogere capaciteit, zodat er per saldo een hogere opbrengst aan windenergie van in totaal 350 MW wordt opgewekt.
Daarnaast zijn er nog 36 bestaande windturbines in de Zuidlob en 9 in het Sternweggebied (O-Flevoland). Van de opgave Zon op Land, die voor de hele provincie Flevoland 500 ha beslaat, vult Zeewolde 95 ha in. Voor Flevoland komt er dit jaar (2023) geen RES 2.0. Wel is een tussenrapportage (RES 1.5) in voorbereiding. Noord-Veluwe De gemeenten Ermelo, Harderwijk en Putten werken samen met de provincie Gelderland, waterschap Vallei en Veluwe en vier andere Gelderse gemeenten aan de RES Noord-Veluwe. De RES Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
20
Noord-Veluwe 1.0 is vastgesteld in 2021. Daarin is een bod gedaan om 0,53 Terawattuur (TWh) hernieuwbare energie op te wekken in de regio. Dit bod is als volgt onderverdeeld: • 0,19 TWh zon op dak (35%). • 0,12 TWh zon op land (23%). • 0,22 TWh windturbines (42%). In de RES Noord-Veluwe zijn zoekgebieden voor zonne-energie en windenergie vastgesteld. Het RES-bod is onderverdeeld in een ambitie- en reëel bod, ook per gemeente. Er zijn geen bovenlokale warmtebronnen beschikbaar in de regio, voor duurzame warmte richt de regio zich grotendeels op individuele all-electric oplossingen.
C O N C EP T
De RES-regio Noord-Veluwe monitort de voortgang van duurzame energieprojecten en de realisatie van het bod. In juli 2023 levert de RES-regio een voortgangsrapportage op, waarin de huidige cijfers en stand van zaken worden beschreven. De provincie Gelderland wil de RES Noord-Veluwe concretiseren en de uitvoering versnellen, door een RES 2.0 herijkingsdocument vast te stellen met alle RES-partners. Met de informatie uit de planMER en de voortgangsrapportage kan de RES worden verbeterd en geconcretiseerd. Voor windenergie wordt het in de regio EHPZ lastig om nieuwe zoekgebieden vast te stellen, omdat Gedeputeerde Staten hebben besloten windenergie te beperken in een zone van 1-8 km rondom de Veluwe om de wespendief te beschermen (PS2022-1007). In de RES-regio Noord-Veluwe is afgesproken om zoekgebieden te concretiseren via gebiedsprocessen, waarbij integraal wordt gekeken naar de verschillende opgaven in het gebied. Op basis van de zoekgebieden uit de RES, en gebieden die in dit regioarrangement kan in regioverband bepaald worden welke gebieden geschikt zijn voor deze integrale gebiedsprocessen. Gelderse Energie Infrastructuur (GEIS) De afgelopen jaren is er groeiende schaarste op het elektriciteitsnet: vraag en aanbod van elektriciteit zijn hoger dan de beschikbare netcapaciteit. In de provincie Gelderland zit het elektriciteitsnet inmiddels op slot.
Er is netcongestie (overbelasting van het elektriciteitsnetwerk) op landelijk (TenneT) en regionaal niveau (Liander). In een groot deel van Gelderland blijft zeker tot 2030 sprake van netcongestie. Een energienetwerk met voldoende transportmogelijkheid is een belangrijke randvoorwaarde voor de realisatie van veel opgaven in deze regio: woningbouw, duurzame energieopwekking, mobiliteit, verduurzaming van bedrijven en meer. De congestie op het elektriciteitsnet vraagt om meer sturing vanuit de provincie. De provincie Gelderland werkt samen met Liander en de zes RES-regio's in Gelderland, via de aanpak GEIS, aan oplossingen voor netcongestie. De aanpak GEIS kent drie sporen: 1. Versnellen van de realisatie van energie-infrastructuur. 2. Uitwerken van slimme regionale energieoplossingen. 3. Integraal programmeren van energie-infrastructuur. De realisatie van energie-infrastructuur kost ruimte, bijvoorbeeld voor onderstations en trafohuisjes. De ruimte voor toekomstige energie-infrastructuur moet in Gelderse ruimtelijke verkenningen en plannen worden meegenomen. De provincie Gelderland versnelt vergunningverlenings- en ruimtelijke procedures voor de geplande onderstations van de netbeheerder. Het versnellen van de realisatie van energie-infrastructuur is gericht op de korte termijn (voor 2030).
In de regio EHPZ is bijvoorbeeld de realisatie van het onderstation Harderwijk van groot belang voor het energienetwerk, ook voor de aangrenzende regio Kop van de Veluwe die hieraan verbonden is. Met slimme regionale energieoplossingen wordt gewerkt aan manieren om het elektriciteitsnet beter te balanceren. Dit kan door duurzaam opgewekte elektriciteit zoveel mogelijk lokaal te benutten of tijdelijk op te slaan om belasting op het elektriciteitsnet te voorkomen. Het uitwerken van slimme energieoplossingen is ook gericht op de korte termijn (voor 2030). Dit wordt in de regio EHPZ bijvoorbeeld gedaan via Smart Energy Hubs Lorentz in Harderwijk en Veldzicht in Ermelo. Integraal programmeren is een aanpak om integrale bestuurlijke keuzes te maken over de toekomstige ontwikkeling van energie-infrastructuur. Dit gaat over de lange termijn (na 2030) waarin bestuurlijke Datum: 26 juni 2023; Versie 0.6 (Versie voor de vergadering college van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de colleges van EHPZ op 4 juli 2023 )
21
keuzes gemaakt kunnen worden in de volgordelijkheid van realisatie van ruimtelijke ontwikkelingen. De Autoriteit Consument en Markt (ACM) wil af van het principe first come first serve en wil netbeheerders een nieuwe mogelijkheid geven om in specifieke gevallen hiervan af te wijken. Bijvoorbeeld door de aansluiting op het net van een ziekenhuis voorrang te geven op de aansluiting van een casino. Voor het opstellen van kaders voor prioritering willen netbeheerders samen met de provincies aan de slag. Een eerste stap om integraal te programmeren is de vaststelling van het Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (PMIEK). In het eerste PMIEK zijn de bovenlokale projecten voor de elektriciteitsinfrastructuur geïnventariseerd. Het PMIEK krijgt elke twee jaar een update en met de toevoeging van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen kan binnen GEIS de programmeercyclus worden doorlopen om te komen tot een verdere prioritering.
C O N C EP T
Botsproef energie infrastructuur als randvoorwaarde uitvoering bestaande plannen Netwerkcongestie beperkt in toenemende mate het realiseren van onze ruimtelijke doelen. In ieder geval de komende jaren. Tot 2030 zijn de grote uitbreidingen in het elektriciteit netwerk al gepland, daar is nog maar beperkt in bij te sturen. Dit omdat het ongeveer 7 jaar duurt om te komen tot een nieuw onderstation. Wel zijn er soms lokale maatwerk oplossingen mogelijk om tekorten (tijdelijk) het hoofd te kunnen bieden. Maar om die oplossingen effectief in te zetten moeten we tijdig weten waar en wanneer ze nodig zijn. We hebben op dit moment echter nog niet scherp wat er nog wel aan ontwikkelingen mogelijk met de bestaande restcapaciteit van de onderstations is en hoe zich dat verhoudt tot onze plannen tot 2030. Daarom gaan we onder regie van de provincie samen met de netbeheerder een feitenonderzoek doen op het niveau van de individuele onderstations: wat is de ruimte, welke stations worden wanneer uitgebreid, wat zijn de plannen voor nieuwe woningen, werklocaties etc en wanneer gaat het waar en hoe erg wringen. Wanneer we dat feitenrelaas scherp hebben gaan we lokale maatwerk-oplossingen ontwerpen, financieringsafspraken maken, programmeren en uitvoeren.