Bijlage 1 Locatieonderzoek AZC definitief
Tekst van het document
co
Locatieonderzoek AZC Verkenning van mogelijke locaties in de gemeente Harderwijk
8 mei 2025
1
Inhoud 1.
2.
3.
4.
Locatie A. De Sypel 2 (hoogbouw Morgen College) ............................... 14
Inleiding ............................................................................................... 4 1.1.
Aanleiding .................................................................................... 4
1.2.
Plan van aanpak........................................................................... 4
1.3.
Locatieonderzoek i.r.t. eerste screening ..................................... 4
1.4.
Uitgangspunten locatieonderzoek .............................................. 5
1.5.
Draagvlak ..................................................................................... 6
1.6.
Onderwijs .................................................................................... 6
Mogelijke locaties................................................................................ 7 2.1.
Omgevingsvisie ............................................................................ 7
2.2.
Toetsing mogelijk nieuwe locaties .............................................. 7
2.3.
Op voorhand afgevallen locaties ................................................. 7
2.4.
Uitsluitingsgronden ..................................................................... 7
2.5.
Locaties uit de eerste screening: ................................................. 8
Beoordelingen per locatie .................................................................. 14
Locatie B. 2.0. Verkeersweg ................................................................... 21 Locatie C. Drielanden Noord .................................................................. 28 Locatie H. Parallelweg ............................................................................ 35 Locatie I. Krommekamp (Kwekerij Welkooplocatie) .............................. 43 Locatie J. Glindweg ................................................................................. 49 Locatie L. Korhoenlaan (Camping Konijnenberg) ................................... 56 5.
Overzicht en conclusie ....................................................................... 63 5.1.
Overzichtstabel .......................................................................... 64
5.2.
Conclusie .................................................................................... 65
5.3.
Kanttekening .............................................................................. 65
5.4.
Vervolgproces............................................................................. 65
Toelichting Normering ............................................................................... 66
Beoordeling en selectie eerste locaties............................................... 9 3.1.
Resultaten van de eerste screening ............................................ 9
3.2.
Consultatie externe partijen........................................................ 9
3.3.
Milieutechnische beoordelingscriteria ...................................... 10
Milieu-impact van een AZC ............................................................... 10 Geluid Wettelijk kader....................................................................... 10 Externe veiligheid .............................................................................. 12 Ecologie ............................................................................................. 13 Stikstof ............................................................................................... 13 2
3
1. Inleiding 1.1. Aanleiding De afgelopen jaren heeft de gemeente Harderwijk op Kranenburg Noord een locatie verhuurd aan het COA voor een AZC. Het betrof een tijdelijke bestuursovereenkomst met een looptijd van 2 x 5 jaar. Deze termijn verstrijkt op 1-6-2026. Op 1 februari 2024 is de Spreidingswet gepubliceerd in de Staatscourant1. Het bijbehorende capaciteitsraming geeft het aantal benodigde opvangplaatsen per provincie aan en ook een indicatieve verdeling per gemeenten. Omdat de gemeente Harderwijk per 1-7-2025 op dit moment plaats biedt aan 800 vluchtelingen in het huidige AZC, is dit aantal in het provinciaal plan (provincie Gelderland) opgenomen. Op basis van de provinciale plannen heeft de minister van Asiel en Migratie op 20 december 2024 een verdeelbesluit genomen. Op basis van dit verdeelbesluit heeft Harderwijk de verplichting om per 1-7-2025 te voldoen aan 800 opvangplekken. De minister heeft het aantal van 800 plekken uit het provinciaal plan overgenomen in het verdeelbesluit. Op 3 september 2024 besloot het college van B&W opdracht te geven op basis van vastgestelde uitgangspunten voor een locatieonderzoek.
1.2. Plan van aanpak Dit locatieonderzoek betreft een uitbreiding op de eerste screening waarin is bekeken of en welke locaties mogelijk geschikt zijn voor de vestiging van een AZC. Ook komt aan de orde voor hoeveel mensen het centrum ruimte moet bieden. Een grotere opvang betekent meer faciliteiten in de vorm van zorg, onderwijs en ondersteuning. Dat betekent dat bestaande faciliteiten voor huidige inwoners eventueel beschikbaar blijven. 1
Dit nadere onderzoek vindt plaats na een eerste screening waarin zeventien locaties zijn beoordeeld en gescoord. Om te voorkomen dat op veel plekken in de gemeente onrust ontstaat zijn de resultaten van deze eerste screening voorgelegd aan het college en is op basis van een objectieve beoordeling een eerste schifting gemaakt waardoor in deze versie verder is ingezoomd op zeven locaties. Het is een opsomming met voors- en tegens per locatie. Het document dient om inzage te krijgen over (on)mogelijkheden en de consequenties daarvan. Dat is gedaan op basis van objectieve criteria.
1.3. Locatieonderzoek i.r.t. eerste screening Volgend op de eerste screening van zeventien locatie een nader onderzoek. Het doel van dit locatieonderzoek is te komen tot conclusies over een voorkeurslocatie voor het al dan niet tijdelijk vestigen van een AZC. De locaties zijn in de op basis van objectieve criteria gescoord op basis van de vastgestelde uitgangspunten. Deze zijn: ● Omgevingsvisie ● Grootte van de kavel ● Overige ruimtelijke claims. Is deze locatie ook in zicht voor andere planvorming of lopen er al andere gesprekken. ● Milieukundige normen (ecologie, bodem, water, externe veiligheid, geluid, en luchtkwaliteit). ● Ontsluiting auto, bezoekers en hulpdiensten). O.b.v. verkeerstoename en is deze weg geschikt of mogelijk te maken. ● Bereikbaarheid van voorzieningen (voor AZC-bewoners) ● Bijdrage verbetering omgevingskwaliteit (win-win) ● Tijdelijkheid ● Combinatie kansen ● Nuts ● Eigendomssituatie in combinatie met de huidige situatie.
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-2938.html
4
●
Planologische haalbaarheid
In de bijlage is een tabel opgenomen waarin deze criteria smart zijn gemaakt ten opzichte van de 5-puntsschaal waarop is gescoord. Op basis van de eerste scores in de eerste screening is inzichtelijk gemaakt welke locaties het minst haalbaar zijn voor de realisatie van een AZC. Deze zijn niet meer meegenomen in dit nadere locatieonderzoek. Hiermee is een eerste selectie van locaties gemaakt voor het verdere locatieonderzoek, waarin de locaties uitgebreider gescoord worden op alle criteria zoals opgenomen in het plan van aanpak. Het gaat bij dit nadere onderzoek om inzicht te krijgen over een mogelijke locatie. Zodra een voorkeurslocatie uit het locatieonderzoek naar voren komt, zal het onderdeel van de ontwerpopgave worden hoe deze locatie precies stedenbouwkundig kan worden ingericht met aantallen opvangplekken en bijbehorende voorzieningen. Ook zal dan een ruimtelijke procedure moeten worden doorlopen om daarmee een planologische titel te verkrijgen waarop een vergunning is te verlenen. Er is daarin nog onderscheid te maken in een permanente vestiging van woningen die een periode van 10 jaar gebruikt worden door het COA ten behoeve van een AZC en daarna kunnen worden toegevoegd aan de sociale woningvoorraad of een tijdelijk AZC. Met permanent wordt dus een permanent gebouw bedoeld.
Bij een gebouw dat meer permanent van aard is, zijn gemakkelijker benodigde maatregelen door te voeren. Gedacht moet worden aan dove gevels in verband met geluid of externe veiligheid. Voor de businesscase is van belang of de kosten daarvoor over 10 jaar of over bijvoorbeeld 40 jaar kunnen worden afgeschreven. Permanent heeft hier niets te maken met
2
Voor basisonderwijs wordt uitgegaan van een voorziening op de locatie van het AZC of, als de locatie nabij een geschikt gemeentelijk geschikt (school)gebouw
de tijdsduur van de vestiging van een AZC. Voor een AZC wordt uitgegaan van een tijdsduur van maximaal 10 jaar.
1.4. Uitgangspunten locatieonderzoek De gemeente Harderwijk heeft de afgelopen jaren veel ervaring opgedaan met het hebben van een AZC in de stad. Bij het opstellen van uitgangspunten en objectieve criteria heeft dit een rol gespeeld, er wordt deels geredeneerd vanuit de bestaande situatie. De bestaande situatie is een AZC met 500 plekken en een buffercapaciteit van 300 plekken. De buffercapaciteit is de afgelopen jaren volledig gebruikt waarmee de omvang van het huidige AZC 800 plekken betreft. Voorzieningen die het COA op het terrein realiseert zijn afhankelijk van het aantal opvangplekken. De keuze voor een kleinere omvang heeft gevolgen voor het aantal voorzieningen dat door het COA wordt gerealiseerd/gefinancierd. Het ontbreken daarvan zorgt voor druk op lokale voorzieningen. Het COA stelt een aantal richtlijnen aan de bereikbaarheid van externe voorzieningen in de omgeving van het AZC. ● ● ● ● ●
Supermarkt: Bij voorkeur < 15 loopminuten van de locatie, acceptabel is 30 loopminuten Basisonderwijs2: Bij voorkeur < 15 loopminuten van de locatie, acceptabel is 30 loopminuten Voortgezet onderwijs: Bij voorkeur < 30 fietsminuten van de locatie, acceptabel is 60 fietsminuten Aansluiting OV-net: Bij voorkeur < 5 loopminuten van de locatie, acceptabel is 15 loopminuten Daarnaast werkt het COA met een ruimtestaat waarin het aantal benodigde bruto vloeroppervlakte voor de woonruimtes en overige ruimtes is opgenomen. Daarnaast is de behoefte aan buitenruimte in de vorm van buitenspeelplaatsen
staat, dat gemeentelijke gebouw. In de criteria is dit daarom niet gescoord en meegenomen.
5
(speeltuin/trapveldje), sportveld(en), fietsenrekken en parkeerplaatsen opgenomen. Ter indicatie: Aantal bewoners 400 600 800 1000
Totaal centrum bvo in m2 7629 10843 14275 17518
Buitenspeelplaatsen Sportvelden
Minimaal 3 Minimaal 4 Minimaal 6 Minimaal 8
Minimaal 1 Minimaal 2 Minimaal 3 Minimaal 3
Gekozen aantallen zijn gebaseerd op de verschillende modaliteiten die door het COA worden gehanteerd in het Ruimtelijk Functioneel Programma van Eisen. Een en ander is gebaseerd op het benodigde vloeroppervlakte binnenruimte. Uiteraard is iedere situatie specifiek en kunnen diverse omstandigheden op of in de omgeving van een locatie leiden tot intensief of minder intensief ruimtegebruik.
1.5. Draagvlak Er zijn vanuit de inwoners van Harderwijk gemengde geluiden ontvangen het afgelopen jaar. Het college is zich bewust van het feit dat, ongeacht waar de locatie voor een AZC ook landt, er ook in Harderwijk discussies gevoerd worden en dat er voor- en tegenstanders zijn. In een eerdere fase is door het college aangegeven dat er tot het locatiebesluit vooral procesmatige informatie verstrekt wordt. En dat het communicatie- en informatietraject rondom de voorkeurslocatie start op het moment van de bekendmaking. Het college neemt de ervaring van de afgelopen tien jaar van het huidige AZC mee. Omwonenden worden uitgenodigd voor het omwonendenoverleg. En er zal ook in de toekomstige situatie, de Harderwijkse ketenaanpak, worden ingezet. Deze ketenaanpak stelt ons in staat bij overlast snel in te grijpen. Er is aan de wijkmanagers van de gemeente een inschatting gevraagd van het draagvlak. Daaruit bleek dat de verwachting is dat er geen grote verschillen bestaan per locatie.
1.6. Onderwijs In de uitgangspunten is gekeken naar de afstanden van een potentiële AZC-locatie tot onderwijsvoorzieningen. Voor het basisonderwijs geldt dat geen rekening is gehouden met de vestiging van een AZC in het Integraal Huisvestingsplan (IHP) onderwijs. De huidige locatie van basisschool De Vlieger is beschikbaar, maar zal vanwege een te grote afstand niet voor iedere locatie geschikt zijn. Het is echter mogelijk om dan op de AZClocatie een onderwijsvoorziening te realiseren waardoor dit criterium niet wordt meegenomen.
6
2. Mogelijke locaties Er zijn maar beperkt geschikte locaties voor een AZC. En op die geschikte locaties rust vaak al een claim. Daarnaast lopen er momenteel voor andere functies in de gemeente ook onderzoeken. Enkele locaties zijn ongeschikt door overlap met milieucontouren of (de nabijheid van) kwetsbare natuur. Een zoektocht naar de ‘perfecte locatie’ is daarom niet kansrijk. Inzet van het locatieonderzoek is het vinden van de ‘meest geschikte locatie’.
2.1. Omgevingsvisie Op voorhand zijn geen uitsluitingsgronden gehanteerd bij het zoeken naar het verplaatsen van de locatie voor een AZC, maar is gekeken binnen de kaders van de Omgevingsvisie Harderwijk 2040. Een locatie voor een AZC is in de omgevingsvisie niet aangewezen, maar er zijn wel mogelijkheden voor de functie ‘Wonen’. Uitgangspunt is dat de locatie een voldoende gezonde en veilige leefomgeving biedt.
2.2. Toetsing mogelijk nieuwe locaties Er is gekeken naar locaties die of onbebouwd zijn of waar mogelijkheden voor herontwikkeling liggen. Het huidige AZC is voor 800 bewoners aangelegd op ca. 2,5 ha. Deze locatie is fraai vormgegeven met veel groen en buitenruimte. Er is gebouwd in 2 bouwlagen. Op deze locatie is met 25.000 m2 / 800 inwoners een optimale situatie aanwezig. Voor een AZC met 500 inwoners zou een locatie van 1,5 ha een goede situatie geven. Volgens de cijfers van het COA is 9236 m2 ((7629+10843)/2) ongeveer de gewenste BVO voor een AZC met 500 bewoners. In 2 bouwlagen betekent dat 4618 m2 bouwvlak. Dit is 30% van 1,5 ha. Het COA gaat bij voorkeur uit van 2 hooguit 3 bouwlagen wanneer met units gewerkt wordt.
Als ondergrens is 1,5 ha aangehouden, dit is gebaseerd op de omvang van 500 opvangplekken wanneer sprake is van het ontbreken van bestaande bouw. Hier zijn vervolgens zeven locaties van verschillende omvang uit naar voren gekomen, die hieronder op criteria met dit locatieonderzoek zijn beoordeeld.
2.3. Op voorhand afgevallen locaties Vooraf zijn enkele locaties beoordeeld op bestaande ruimteclaims. Een aantal locaties is niet meegenomen omdat plannen inmiddels zo ver in ontwikkeling zijn, dat het stopzetten van deze plannen grote gevolgen heeft voor de woningbouwopgave van de gemeente. Het gaat dan om bijvoorbeeld Nieuw Weiburg waar plannen voor ca. 1.100 woningen worden ontwikkeld en waarvoor inmiddels al rijkssubsidie is toegezegd. Ook voor de huidige locatie op Kranenburg Noord zijn de woningbouwplannen inmiddels in vergevorderd stadium.
2.4. Uitsluitingsgronden Er is een brede eerste screening uitgevoerd voor zowel gemeentelijke- als private gronden. Omdat de datum van juli 2026 nadert, is een locatie op private grond waarover nog geen overeenstemming is met de eigenaar risicovol. Toch zijn deze in eerste instantie meegenomen in de eerste com een compleet overzicht te schetsen. Locaties die te klein bleken te zijn, of niet ontsloten kunnen worden zijn afgevallen. Dat is het geval bij de locaties aan de Rietmeen en de Melis Stokelaan vanwege het te kleine oppervlakte. De Ceintuurbaan/Deventerweg valt af omdat de ontsluiting niet op een verantwoorde wijze is te realiseren. Met eigenaren van private percelen is in deze fase van het onderzoek geen contact geweest anders dan dat een aantal locaties aan de gemeente is aangeboden nadat bekend werd dat het onderzoek naar een vervangende AZC locatie ging starten.
7
2.5. Locaties uit de eerste screening3: A: Sypel (hoogbouw Morgen College) A 2.0, Verkeersweg B: Rietmeen C: Drielanden Noord D: Weisteeg E: Ceintuurbaan/Harderwijkerweg F: Ceintuurbaan/Deventerweg G: Zandlaan H: Parallelweg I: Kwekerij Welkooplocatie J: Glindweg K: Mellis Stokelaan L: Konijnenberg M: Paasloweg N: Watervalweg O: Stadslanderijen P: Horloseweg
3
Doorgehaalde locaties vielen af na de QuickScan
8
3. Beoordeling en selectie eerste locaties 3.1. Resultaten van de eerste screening De zeventien locaties zijn beoordeeld en daarop zijn zeven locaties overgebleven: - Sypel 2 (hoogbouw Morgen College met omliggend terrein); - Verkeersweg nabij huisnummer 3; - Drielanden Noord; - Parallelweg; - Krommekamp (Kwekerij naast Welkoop); - Glindweg (hoek Newtonweg) - Korhoenlaan (camping Konijnenberg). Voor wat betreft de locatie Sypel 2 (hoogbouw Morgen College) en Verkeersweg nabij huisnummer 3 betreft het aan elkaar grenzende percelen. Voor de Verkeersweg is het onbebouwde gedeelte beschouwd.
3.2. Consultatie externe partijen De locaties zijn voorgelegd aan het COA om van hen de (on)geschiktheid te vernemen. Daarnaast zijn de locaties voorgelegd aan de Omgevingsdienst Veluwe (ODV). Hieronder volgt een beschrijving per locatie met een objectieve beoordeling per locatie op basis van de input van de Omgevingsdienst Veluwe. De onderzoeksvraag is of er milieutechnische belemmeringen zijn voor de gewenste activiteiten, wat deze belemmeringen inhouden en of er mogelijke oplossingen zijn. Het betreft hier een globaal onderzoek waarbij alleen wordt gekeken of het project wel of niet kansrijk is. Hierbij wordt ingegaan op de aspecten bodem, milieuzonering, trillingen, licht, geluid, geur, luchtkwaliteit, externe veiligheid, elektromagnetische straling, ecologie en m.e.r.(beoordeling).
9
Harderwijk beschermt tijdelijke woningen hetzelfde als woningen langer dan 10 jaar De omgevingsdienst heeft in haar adviezen onderscheid gemaakt in tijdelijke woningen die minder dan 10 jaar aanwezig zijn en woningen die langer dan 10 jaar aanwezig zijn. Voor een tijdelijke woonfunctie gelden de geluid- en geurnormen uit het Besluit Kwaliteit Leefomgeving (Bkl) niet voor geluid en geur ten gevolge van activiteiten. In het Bkl is wel opgenomen dat het geluid en/of de geur door een activiteit aanvaardbaar moet zijn. Dit zal dan onderbouwd moeten worden in de motivering over de evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Harderwijk heeft echter vanwege het belang van gezondheid in de Omgevingswet, bij het aanpassen van de Bruidsschatregels besloten om tijdelijke woningbouw in de overgangsfase naar het definitieve omgevingsplan te blijven beschermen, totdat hier een expliciete keuze over gemaakt wordt in het definitieve omgevingsplan. Bij het vaststellen van het uiteindelijke omgevingsplan Harderwijk dienen hierover afgewogen keuzes te worden gemaakt afgestemd op de specifieke locatie. Ook de Omgevingsvisie Harderwijk verwoord de doelstelling dat woningen beschermd moeten worden tegen geluid en dat het aantal gehinderden en slaapverstoorden terug gebracht moeten worden.
Hierdoor worden tijdelijke woningen (AZC) dus gelijk beschouwd aan woningen die langer dan 10 jaar aanwezig zullen zijn en waarvoor wel de geluid- en geurnormen uit het BKL gelden.
Algemene uitspraken Omgevingsdienst Veluwe
3.3. Milieutechnische beoordelingscriteria Milieu-impact van een AZC Het voorliggende initiatief is milieugevoelig, namelijk; opvang van vluchtelingen. Ook is het een initiatief met milieugebruiksruimte. Op basis van de VNG gids Bedrijven en Milieuzonering is deze activiteit vergelijkbaar van aard met een hotel/pension/congrescenter. Deze kennen een richtafstand van 0 meter, gecorrigeerd voor gemengd gebied. Voor een woonfunctie (meer dan 10 jaar) gelden de geluid- en geurnormen uit het Bestluit kwaliteit leefomgeving. Geluid Wettelijk kader In het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties is voor plannen inzicht noodzakelijk in de geluidkwaliteit. Het gaat daarbij om geluidgevoelige gebouwen binnen het geluidaandachtsgebied van bronnen. Het Besluit kwaliteit leefomgeving bepaalt in art. 3.21 , lid 1 dat een geluidgevoelig gebouw onder meer een gebouw(deel) is -of conform lid 3 aldaar gebouwd mag worden- met een woonfunctie. Een logiesfunctie valt daar niet onder. Een vakantiewoning is dus geen geluidgevoelige gebouw.
10
Het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) geeft aan dat asielzoekerscentra kunnen worden geschaard onder een woonfunctie, omdat mensen in een AZC geen ander hoofdverblijf hebben. Het Besluit kwaliteit leefomgeving, art. 5.78, lid 1 bepaalt verder dat het gaat om geluidgevoelige gebouwen in een geluidaandachtsgebied van wegen, spoorwegen en industrieterreinen met geluidproductieplafonds en van verharde gemeentewegen (niet zijnde een erf) met een verkeersintensiteit van meer dan 1.000 mvt/etm (motorvoertuigen per etmaal). De grens van het geluidaandachtsgebied (de standaardwaarde-contour) is voor rijkswegen, provinciale wegen in Gelderland en spoorwegen, samen met hun Besluit kwaliteit leefomgeving, vastgelegd in de Centrale Voorziening Geluid Gegevens (CVGG). Zolang voor gemeentewegen geen Basis Geluid Emissie (BGE) is vastgesteld, gelden de vaste aandachtsgebieden van artikel 17.5 Omgevingsregeling:
Aandachtsgebieden overgangsperiode (art. 17.5 Omgevingsregeling) Weg
Type
Zone
≤ 30 km/uur
1 of 2 rijstroken
100m
> 30 km/uur en spoor
1 of 2 rijstroken of sporen
200m
3 of 4 rijstroken of sporen
350m
Het Besluit kwaliteit leefomgeving kent een ondergrens (beneden 1.000 mvt/etm, straks 2.500 mvt/etm) waarvoor geen akoestisch onderzoek nodig is. Zolang er nog geen geluidproductieplafonds zijn vastgesteld voor gezoneerde industrieterreinen, geldt de huidige 50 dB(A) contour als grens van het aandachtsgebied. Bij het toelaten van een nieuw geluidgevoelig gebouw wordt erin voorzien, dat voldaan wordt aan onderstaande standaardwaarden en grenswaarden (Besluit kwaliteit leefomgeving, art. 5.78t. en 5.78u).
11
Geluidwaarden per bronsoort Geluidbronsoorten
Standaardwaarde (dB)
Grenswaarde (dB)
Rijks- en provincie wegen
50
60
Gemeentewegen
53
70
Spoorwegen
55
65
50 Lden 40 Lnight
55 Lden 45 Lnight
Gezoneerde Industrieterreinen
Geluid is altijd aanvaardbaar als voldaan is aan de standaardwaarde (art. 5.78s, lid 4), maar kan ook aanvaardbaar zijn als toepassing is gegeven aan art. 5.78u t/m 5.78y of 5.78aa (grenswaarde). Externe veiligheid Het voornemen is om op desbetreffende locaties een asielzoekerscentrum te realiseren. Volgens bijlage VI van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) is een woonfunctie een ‘kwetsbaar gebouw’. Het is echter zeer waarschijnlijk dat binnen het AZC mensen aanwezig zijn die de Nederlandse taal niet machtig zijn en hierdoor niet of beperkt zelfredzaam zijn. Derhalve is extra aandacht nodig voor risicocommunicatie. Om deze reden kan de gemeente ook overwegen om het AZC aan te merken als ‘zeer kwetsbaar gebouw’. Echter locaties met zeer kwetsbare gebouwen in een brand- of explosieaandachtsgebied moeten altijd worden aangewezen als voorschriftengebied in het omgevingsplan (art. 5.14 Besluit kwaliteit leefomgeving). Nieuwbouw binnen een voorschriftengebied moet voldoen aan de aanvullende bouweisen uit artikel 4.90 tot en met 4.96 uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Anders dan voor brandbestrijding zijn er momenteel geen inhoudelijke regels over externe veiligheid/omgevingsveiligheid die gelden bij de inrichting van een locatie. In het kader van de algemene zorgplicht dient er wel rekening te worden gehouden met omgevingsveiligheid.
Dit kan door in ieder geval de onderstaande maatregelen ter harte te nemen en te beschouwen in de motivering van de Evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL).
12
4. Maatregelen in het plangebied a. De meest kwetsbare gebouwen en locaties binnen bepaalde aandachtsgebieden (brand/explosie/gifwolk) uitsluiten. Aangezien het plangebied volledig binnen de aandachtsgebieden valt is deze maatregel in casus niet toe te passen.; b. Binnen een aandachtsgebied zoveel mogelijk afstand aanhouden tussen de woningen en de risicobronnen (buisleiding, spoorlijn en A28), als toch voor deze locatie wordt gekozen; c. De woonunits met de hoogste personendichtheid en langste aanwezigheidsduur het verst van de risicobronnen plaatsen; d. Bouwkundige maatregelen treffen gelet op bestendigheid van (zeer/beperkt) kwetsbare gebouwen tegen brand en/of explosie. Het aanwijzen van een voorschriftengebied waarbinnen dergelijke bouwkundige eisen gelden is verplicht indien het gaat om zeer kwetsbare gebouwen; e. Maatregelen treffen gelet op de zelfredzaamheid van aanwezigen, het veilig en snel kunnen schuilen of vluchten. De vraag is wel of aanwezigen daadwerkelijk zelfredzaam genoeg zijn om te vluchten. Het advies is om dit te bespreken met de veiligheidsregio; f. Maatregelen treffen gelet op de bestrijdbaarheid rondom de woningen, te denken valt aan de bereikbaarheid van hulpdiensten en de aanwezigheid van bluswatervoorzieningen. Het advies is om dit te bespreken met de veiligheidsregio. 2. Maatregelen in de omgeving a.
Bronmaatregelen gelet op de kans- en effectbeperking van een ongeval bij de risicobron, indien mogelijk. Bij een buisleiding kan bijvoorbeeld met de beheerder worden gesproken over afdekplaten; b. Omgevingsmaatregelen gelet op het beschermen van de woningen tegen een ongeval bij de risicobron, zoals een aarden wal. Ecologie In zijn algemeenheid heeft een ontwikkeling altijd impact op de ecologie, ook als er nu weinig groen is en wel gebouwen. Voor alle locaties moet een eerste screening en nader onderzoek plaatsvinden. Alle locaties zijn gecheckt met de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF). Dit is de nationale databank flora en fauna. Soorten die waargenomen worden, kunnen hier worden geregistreerd en geven dus een indruk van wat er voor kan komen. Het is echter nooit compleet, bv. vleermuizen staan er nauwelijks in omdat vrijwilligers nou eenmaal niet 's nachts voor de lol gaan inventariseren. Stikstof Voor wat betreft Natura-2000 gebied Veluwe: er zal voor iedere locatie een stikstofberekening met onderbouwing moeten worden gemaakt. AERIUS Calculator vormt daarbij het verplichte rekeninstrument (artikel 4.15 Or). De provincie Gelderland wil 500 meter brede zones rondom stikstofgevoelige leefgebieden (Habitats) op de Veluwe uitwerken. Het doel is om de stikstofuitstoot vlak bij stikstofgevoelige omgevingen in Natura 2000-gebieden te beperken.
Zij wil hiermee natuur herstellen en economische activiteiten vergunning-technisch weer mogelijk maken. Rondom Natura 2000 – gebied de Veluwe wil de provincie een zone van 500 meter instellen waarbinnen straks een maximale stikstofuitstoot geldt. Wat die norm gaat zijn en welke maatregelen getroffen moeten worden, wordt naar verwachting tot najaar 2026 nog nader uitgewerkt. Voor de Natura 2000 – gebieden die stikstofgevoelig zijn, wordt bekeken wat er extra nodig is aan natuurherstel en/of maatregelen tegen stikstofuitstoot in de buurt van het gebied. 13
4. Beoordelingen per locatie Locatie A. De Sypel 2 (hoogbouw Morgen College) Algemene beschrijving De Sypel 2 locatie betreft het schoolgebouw waar momenteel het Morgen College is gehuisvest. Landstede is nieuwbouw aan het plegen op Westeinde waardoor deze school in 2026 leeg komt en eigendom van de gemeente wordt (hierover bestaan reeds contractuele afspraken met Landstede). In de Omgevingsvisie Harderwijk 2040 is het perceel aangemerkt als ontwikkelgebied: ‘De gemeente kiest daarom, aansluitend op de principes uit de Omgevingsvisie, voor het efficiënt benutten van binnenstedelijke locaties.’ en ‘Om te zorgen voor leefbare en toekomstbestendige wijken, worden ook kleinere locaties tot ontwikkeling (voor woningen) gebracht.’ Recent heeft het college besloten een haalbaarheidsonderzoek te doen naar de ontwikkeling van een deel van het terrein voor de vestiging van speciaal basisonderwijs én de Verschoorschool. Daarvoor is het deel met de laagbouw voorzien. Ook zal een ontsluitingsweg voor het te ontwikkelen gebied nabij Verkeersweg 1 ruimte vragen. Dat betekent dat er netto ongeveer 12.200 m2 resteert en dit betreft de gronden in eigendom van de gemeente Inschatting COA Locatie is met behoorlijke aanpassingen geschikt te maken, zo moeten er bijvoorbeeld douche- en kookvoorzieningen worden gerealiseerd.
De maximale capaciteit dient nader onderzocht te worden met een vlekkenplan en unitbouw/COACH maar wordt nu geschat op 350 opvangplekken, maar er zijn dus wellicht uitbreidingsmogelijkheden met unitbouw of COACH (op de plek waar nu ook units geplaatst zijn). Het braakliggende achter terrein zou mogelijk gebruikt kunnen worden voor leefruimte. De hoogbouw en muur voor het gebouw is monumentaal en kent dus beperkingen in verbouwmogelijkheden. Splitsing van nutsvoorzieningen. MER-plicht Er is geen aanleiding om een m.e.r. of m.e.r.-beoordeling te doen. Er is geen sprake van categorie J11 ‘De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’, want er is nu ook al bebouwing op de locatie in reeds bestaand stedelijk gebied.
14
Grootte: circa 19.834 m2 en belendende percelen van respectievelijk 630 en 355 m2. In totaal 20.819 m2. Maar uitsluitend de hoogbouw, sportzaal en bijgebouwen en tussenruimte resulteert in ca. 12.200 m2
Eigendom: Vanaf ca. 1 januari 2026 in gemeentelijk eigendom, tot medio 2027 in gebruik bij het Morgen College.
15
Bestemming: Maatschappelijk (toegestaan educatieve, sociaal-medische, sociaal-culturele, levensbeschouwelijke, sportieve en recreatieve voorzieningen en voorzieningen voor openbare dienstverlening) Max. hoogte 14 meter; bebouwingspercentage 75%, Archeologische waarde 24
4
Bij een Archeologische waarde dient in het belang van de bescherming en veiligstelling van archeologische waarden en onder de voorwaarde dat de oppervlakte waarop de aanvraag betrekking heeft groter is dan 1.000 m² en de activiteit op een grotere diepte dan 0,3 m wordt uitgevoerd: de aanvrager van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk een rapport over te leggen waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld
16
Criteria Grootte in m2
12.200 m2 Dit is de beschikbare ruimte exclusief een reservering voor een onderwijsontwikkeling.
Ruimteclaims
Milieukundige normen
Beoordeling 0 3
++
5
Ecologie
0
3
Stikstof
++
5
Toelichting beoordeling De locatie is ruim voldoende met een kanttekening dat de hoogbouw die op de locatie staat monumentaal is. Hoe efficiënt dit object is te gebruiken als AZC is nog niet onderzocht. De schouw van het COA is gepland op 18 april 2025 Op de hoogbouw van het perceel en het bijbehorende terrein ligt geen ruimteclaim. Voor onderwijs wordt onderzocht of de laagbouw van de locatie (geen monument) kan worden gesloopt om ruimte te maken voor een school voor speciaal primair onderwijs eventueel in combinatie met de Verschoorschool. Dit heeft geen betrekking op de hoogbouw en het bijbehorende perceel. In het onderzoek is uitgegaan van de gronden die buiten de intentieovereenkomst met de eigenaar van de Verkeersweg 3 zijn gemaakt. In de OV HK2040 worden als invulling voor de hoogbouw startup plekken genoemd. Hiervoor is nog geen concrete invulling. Het vergt nader onderzoek om te bekijken of een school voor speciaal onderwijs én een AZC beide ontwikkeld kunnen worden. Soorten die in de NDFF zijn gevonden: eekhoorn, gierzwaluw, huismus. Dit is redelijk basis. Vanwege de ligging relatief ver buiten Natura 2000-gebied (ca. 1000 m) is alleen het aspect stikstof relevant. Er zal een stikstofberekening met onderbouwing moeten worden gemaakt. AERIUS Calculator vormt daarbij het verplichte rekeninstrument (artikel 4.15 Or).
Overige verstoringsfactoren zullen wel (kort) behandeld moeten worden.
17
Bodem
++
5
Water
++
5
Externe veiligheid
++
5
Geluid
++
5
Ter plaatse van De Sypel 2 zijn in de jaren 1990 twee kleinschalige bodemonderzoeken uitgevoerd. Hier zijn geen bijzonderheden naar voren gekomen. De locatie kent de bestemming ‘maatschappelijk’ en wordt daarom niet gevoeliger met de voorgenomen plannen. In kader van de BOPA/de wijziging van het Omgevingsplan is derhalve geen voorafgaand bodemonderzoek nodig. Voor een eventuele omgevingsvergunning bouwen, mocht er nieuwbouw plaatsvinden, moet wel voorafgaand bodemonderzoek worden uitgevoerd. Er kan beperkt wateroverlast optreden bij 1/100 en 1/1000 jr neerslaggebeurtenis Dat is niet zo zeer op het terrein zelf, maar wel op de ontsluitende toegangswegen. Bij locatie A 2.0 is dit een aandachtspunt, vanwege de schaal (de hele Verkeersweg staat dan blank), waardoor niet alleen toegang/uitgang voor de bewoners wordt bemoeilijkt, maar ook hulpdiensten gehinderd kunnen worden Met het initiatief worden (zeer) kwetsbare gebouwen (zoals genoemd in bijlage VI van het Besluit kwaliteit leefomgeving) gerealiseerd. Het initiatief ligt niet in een plaatsgebonden risicocontour 10-6, aandachtsgebied of voorschriften gebied van een risicovolle milieubelastende activiteit (zoals genoemd in bijlage VII van het Besluit kwaliteit leefomgeving). Externe veiligheid is voor deze ontwikkeling niet relevant.
Er is akoestisch onderzoek nodig voor eventuele woningen in het ‘gele’ gebied, (linksboven ten gevolge van de Verkeersweg, rechtsonder ten gevolge van de A28). Indien hieruit blijkt dat de standaardwaarde voor geluid wordt overschreden, moet in de BOPA/het Omgevingsplan worden onderbouwd waarom dat toelaatbaar wordt geacht. De grenswaarden mogen in principe niet worden overschreden. Er is geen sprake van relevante verkeersaantrekkende werking. 18
Ook is akoestisch onderzoek nodig naar geluidhinder vanwege het openluchtzwembad.
Overige milieuaspecten
Luchtkwaliteit
++
5
Geur
De nieuwe ontwikkeling ligt niet in een aandachtsgebied luchtkwaliteit zoals genoemd in artikel 5.51, lid 2 van het Besluit kwaliteit leefomgeving en grenst ook niet aan een gemeente die wel een aandachtsgebied is. Er is in dit plan geen sprake van een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit of de aanleg van een tunnel of auto(snel)weg. Er is geen onderzoek nodig. Geen onderzoek nodig omdat de locatie op meer dan 100 meter vanaf het spoor ligt. Op circa 45 meter vanaf de locatie zijn sportvelden met verlichting aanwezig. Redelijkerwijs is deze afstand voldoende voor een goed woon- en leefklimaat. In de omgeving zijn geen veehouderijen gelegen
Trillingen
+
4
Hinder door straling
Er zijn geen hoogspanningslijnen in de omgeving aanwezig
Lichthinder
Ontsluiting
5
Ontsluiting
++
5
Afstand tot supermarkt
+
4
Afstand tot voorgezet onderwijs5
++
5
Afstand tot aansluiting OV-net
+
4
Centraal gelegen in Harderwijk, zeer goede bereikbaarheid voor fietsers en voetgangers naar de belangrijkste voorzieningen als winkels, onderwijs, OV haltes. A1 Sypel is goed te ontsluiten voor autoverkeer via de route Couperuslaan/Hoofdweg. Loopafstand is 12 min en valt onder de voorkeur, is kleiner dan 15 min Fietsafstand is 4 min en valt onder de voorkeur: is kleiner dan 30 min. Loopafstand is 6 min en valt onder de voorkeur, is kleiner dan 15. In 11 min is men bij het treinstation en dat is een pluspunt voor deze locatie.
Gerekend is met de toekomstige vestiging van het ISK aan het Westeinde
19
Ontsluiting fiets/lopen
++
5
Bijdrage verbetering omgevingskwaliteit
0
3
Tijdelijkheid Druk op maatschappelijke voorzieningen Mogelijkheid van combineren Nuts
++ ++
5 5
++
5
+
4
Eigendomssituatie
+
4
Planologische haalbaarheid
-
2
Omgevingsvisie
+
4
In de huidige situatie is de bereikbaarheid per fiets/voet al zeer goed. Veel voorzieningen zijn op korte afstand gelegen. Voordeel is dat dit gebied behoorlijk autoluw is. De straat De Sypel wordt in de toekomst verder opgewaardeerd tot hoofdfietsverbinding. Er is sprake van gebruik van een bestaand gebouw met monumentale status. Er hoeft niet/minder gebouwd te worden. De omgeving verandert nauwelijks. 10 jaar is mogelijk, permanent ook Midden in de stad, voldoende voorzieningen waardoor de druk op voorzieningen zich spreidt. Ja met wonen, onderwijs en startup Het schoolgebouw heeft een aansluiting. Niet duidelijk is of de capaciteit voldoet. Vanaf 1-1-2026 in eigendom van de gemeente, maar tot 1-72027 in gebruik bij Landstede. Er is sprake van functieverandering van maatschappelijk naar wonen. Het AZC past dus niet in hetgeen het omgevingsplan toe staat op deze locatie. Er is een omgevingsvergunning (BOPA) nodig voor het (al dan niet tijdelijk) afwijken van de regels van dit omgevingsplan (plus de activiteiten bouwen, aanleggen, inrit e.d.) opgevolgd door een wijziging van het omgevingsplan (wanneer het niet tijdelijk is). In de omgevingsvisie is vermeld dat er ideeën zijn om het Morgen College te transformeren naar bijvoorbeeld een startup- en flexwerkplek, onderwijs of woonplek. Bij een nieuw AZC wordt er gewoond op de locatie en is het dus passend binnen de omgevingsvisie
20
Locatie B. 2.0. Verkeersweg Algemene beschrijving Verkeersweg nabij 3 betreft een locatie waar momenteel een brandstofpunt (Tinq), enkele bedrijven en tijdelijk Monkeytown zijn gevestigd. Daarnaast is het perceel deels braakliggend of in gebruik als moestuin. Met de eigenaar zijn afspraken gemaakt over herontwikkeling op termijn van het hele gebied. Denkbaar is dat de gronden met een laagwaardige functie dus zonder bebouwing worden benut voor een AZC. Dit betreft ca. 6400 m2. In de Omgevingsvisie Harderwijk 2040 is het perceel aangemerkt als ontwikkelgebied: ‘De gemeente kiest daarom, aansluitend op de principes uit de Omgevingsvisie, voor het efficiënt benutten van binnenstedelijke locaties.’ en ‘Om te zorgen voor leefbare en toekomstbestendige wijken, worden ook kleinere locaties tot ontwikkeling (voor woningen) gebracht.’ COA inschatting Zie Sypel 2 (hoogbouw Morgen College) MER-plicht Er is geen aanleiding om een m.e.r. of m.e.r.-beoordeling te doen. Er is geen sprake van categorie J11 ‘De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’, want er is nu ook al bebouwing op de locatie in reeds bestaand stedelijk gebied.
21
Grootte: circa 1,6 ha maar zonder het bebouwde gebied resteert ongeveer 6.400 m2.
Eigendom: particulier
22
Bestemming: sportvoorzieningen, groenvoorzieningen; waterlopen, waterpartijen en waterbergingen; speelvoorzieningen; voet- en fietspaden; verkeersvoorzieningen). Geen bouwvlak.
23
Criteria Grootte in m2
6.400 m2
Ruimteclaims
Milieukundige normen
Beoordeling ++ 5
--
1
Ecologie
0
3
Stikstof
+
4
Bodem
-
2
Water
++
5
Toelichting beoordeling De locatie is voldoende groot maar wordt voor een belangrijk deel gebruikt door diverse bedrijven waaronder een tankstation en een tijdelijke vergunning voor ca. nog 9 jaar voor Monkeytown. Overeenkomst Programmafase gesloten waarbij de eigenaar met een ontwikkelplan voor transformatie naar woningbouw kan komen. Er is een tijdelijke vergunning afgegeven voor 10 jaar voor Monkeytown. Soorten die in de NDFF zijn gevonden: eekhoorn, gierzwaluw, huismus. Dit is redelijk basis. Vanwege de ligging relatief ver buiten Natura 2000-gebied (ca. 800-900 m) is alleen het aspect stikstof relevant. Er zal een stikstofberekening met onderbouwing moeten worden gemaakt. AERIUS Calculator vormt daarbij het verplichte rekeninstrument (artikel 4.15 Or). Overige verstoringsfactoren zullen wel (kort) behandeld moeten worden. Om in de verkenningsfase, waarin het plan zich nu bevindt, een uitspraak te kunnen doen over eventuele belemmeringen ten gevolge van bodemverontreiniging, is een inschatting gemaakt op basis van beschikbare digitale informatiebronnen. Dit betreft echter geen historisch onderzoek conform NEN 5725. Er is al enige bodeminformatie bekend. Hieruit wordt geconcludeerd dat de voorgenomen plannen kansrijk zijn.
Er kan beperkt wateroverlast optreden bij 1/100 en 1/1000 jr neerslaggebeurtenis Dat is niet zo zeer op het terrein zelf, maar wel op de ontsluitende toegangswegen. Bij locatie A 2.0 is dit een aandachtspunt, vanwege de schaal (de hele Verkeersweg staat dan blank), waardoor niet alleen toegang/uitgang voor de bewoners wordt bemoeilijkt, maar ook hulpdiensten gehinderd kunnen worden
24
Overige milieuaspecten
Externe veiligheid
+
4
Geluid
+
4
Luchtkwaliteit
++
5
Trillingen
+
4
Lichthinder
Met het initiatief worden (zeer) kwetsbare gebouwen (zoals genoemd in bijlage VI van het Besluit kwaliteit leefomgeving) gerealiseerd. Het initiatief ligt niet in een plaatsgebonden risicocontour 10-6, aandachtsgebied of voorschriften gebied van een risicovolle milieubelastende activiteit (zoals genoemd in bijlage VII van het Besluit kwaliteit leefomgeving). Externe veiligheid is voor deze ontwikkeling niet relevant Er is akoestisch onderzoek nodig voor eventuele woningen in het ‘gele’ gebied, (linksboven ten gevolge van de Verkeersweg, rechtsonder ten gevolge van de A28). Indien hieruit blijkt dat de standaardwaarde voor geluid wordt overschreden, moet in de BOPA/het Omgevingsplan worden onderbouwd waarom dat toelaatbaar wordt geacht. De grenswaarden mogen in principe niet worden overschreden. Er is geen sprake van relevante verkeersaantrekkende werking. Ook is akoestisch onderzoek nodig naar geluidhinder vanwege het openluchtzwembad en bij gebruik als AZC-locatie binnen 30 meter afstand rondom Verkeersweg 3. De nieuwe ontwikkeling ligt niet in een aandachtsgebied luchtkwaliteit zoals genoemd in artikel 5.51, lid 2 van het Besluit kwaliteit leefomgeving en grenst ook niet aan een gemeente die wel een aandachtsgebied is. Er is in dit plan geen sprake van een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit of de aanleg van een tunnel of auto(snel)weg.
Er is geen onderzoek nodig. Geen onderzoek nodig omdat de locatie op meer dan 100 meter vanaf het spoor ligt. Op circa 45 meter vanaf de locatie zijn sportvelden met verlichting aanwezig. Redelijkerwijs is deze afstand voldoende voor een goed woon- en leefklimaat. Mede ook gezien de ligging van de lichtmasten op meer dan 50 meter. 25
Geur
Er zijn geen veehouderijen in de omgeving gelegen.
Hinder door straling
Er zijn geen hoogspanningslijnen in de omgeving aanwezig
Ontsluiting
Ontsluiting
0
3
Bereikbaarheid
Afstand tot supermarkt
+
4
Afstand tot voorgezet onderwijs
++
5
Afstand tot aansluiting OV-net
+
4
Ontsluiting fiets/lopen
+ ++
4 5
Tijdelijkheid
0
3
Druk op maatschappelijke voorzieningen Mogelijkheid van combineren Nuts Eigendomssituatie
++
5
Ontsluiting zal moeten gebeuren met een vijfde afslag aan de rotonde. Dat is niet wenselijk vanuit verkeerskundig oogpunt. Ontsluiten op de Stationslaan of Verkeersweg is ook mogelijk, maar komt de verkeersveiligheid en verkeersafwikkeling niet ten goede. Loopafstand is 14 min en valt onder de voorkeur, is kleiner dan 15 min Fietsafstand is 3 min en valt onder de voorkeur: is kleiner dan 30 min. Loopafstand is 6 min en valt onder acceptabel, kleiner dan 15 min. Bijzonder is wel dat men in 6 minuten bij het treinstation is waar zowel treinen als bussen rijden. Prima te ontsluiten per fiets en te voet. De locatie is deels in gebruik voor moestuinen, parkeerterrein voor Monkeytown en wat bedrijfsbebouwing. De aanwezigheid van een benzinepomp is een nadeel. Het saneren van de benzinepomp betekent een verbetering van de leefomgevingskwaliteit. Medewerking eigenaar ongewis, wellicht is huur voor 10 jaar bespreekbaar Midden in de stad, voldoende voorzieningen
0
3
Ja, met wonen. Combineren met Locatie A is goed denkbaar.
--
1 2
Planologische haalbaarheid
--
1
Geen aansluiting tenzij bedrijven verdwijnen De locatie zal verworven of gehuurd moeten worden. Momenteel zijn er meerdere bedrijven aanwezig die over uiterlijk 10 jaar zullen beëindigen (is vastgelegd in intentieovereenkomst). Het AZC past niet in hetgeen het omgevingsplan toe staat op deze locatie. Er is een omgevingsvergunning (BOPA) nodig voor het (al
Bijdrage verbetering omgevingskwaliteit
26
Omgevingsvisie
+
4
dan niet tijdelijk) afwijken van de regels van dit omgevingsplan (plus de activiteiten bouwen, aanleggen, inrit e.d.) opgevolgd door een wijziging van het omgevingsplan (wanneer het niet tijdelijk is). Locatie is in de Omgevingsvisie aangemerkt als ontwikkelgebied voor wonen
27
Locatie C. Drielanden Noord Algemene beschrijving De locatie Drielanden Noord is een locatie in gemeentelijk eigendom. Eerder bedoeld als kantorenlocatie maar inmiddels met een gemengde bestemming. Met 26.052 m2 is het de grootst beschikbare locatie. In de Omgevingsvisie Harderwijk 2040 is het perceel aangemerkt als studiegebied A28: ‘In de zoektocht naar nieuwe inbreidingsplekken is de verdieping van de A28 een kans waarmee bovengronds ruimte ontstaat om Stadsweiden en Drielanden met elkaar te verbinden en het gebied rondom Slenck en Horst en Tweelingstad te verbinden.’ De A28 verhindert een goede invulling van dit gebied. Een ontwikkeling met woningen kan niet zonder beschermende maatregelen. COA inschatting Locatie is met name vanwege de naastgelegen snelweg twijfelachtig tot ongeschikt bevonden. Dit heeft effect op de veiligheid van de locatie. Tevens zorgt dit ook voor te veel geluid en vervuiling op de locatie. Verder ontbreken er basisvoorzieningen (nutsaansluitingen). Het ontbreken hiervan en de aanwezigheid van de snelweg zorgen voor onzekerheden en enorm kostbare aanpassingen waardoor deze locatie twijfelachtig tot ongeschikt wordt ingeschat. MER-plicht Er is sprake van de volgende activiteit genoemd in een categorie in de Bijlage V van het Omgevingsbesluit.
- J11: ‘De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’, want er is nu sprake van een groenstrook en thans geen stedelijk gebied. Gezien de omvang van de gewenste activiteiten, kan dit worden gezien als een stedelijk ontwikkelingsproject. Het is dus nodig om voorafgaand aan de omgevingsplanwijziging/Bopa een procedure m.e.r.-beoordeling te doorlopen. Hiervoor dient een aanmeldnotitie opgesteld te worden. De aanmeldnotitie dient te voldoen aan de onderdelen uit Bijlage III van de Europese m.e.r. richtlijn.
Grootte: circa 26.000 m2
28
Eigendom: gemeentelijk eigendom
Bestemming: Gemengd (toegelaten kantoren, educatieve, sociaalmedische, sociaal-culturele, levensbeschouwelijke, sportieve en recreatieve voorzieningen en voorzieningen voor openbare dienstverlening, sportvoorzieningen, ondergeschikte horeca) Uitgesloten: geluidsgevoelige gebouwen of terreinen. Bouwhoogte 20 m. Huidig gebruik: Grasland
29
Criteria Grootte in m2 Ruimteclaims
26.000 m2
Milieukundige normen
Ecologie
Bodem
Beoordeling ++ 5 ++ 5
-
2
+
4
+
4
Toelichting beoordeling De locatie is maar deels nodig. Er is gewerkt aan een gebiedsvisie. Deze is geparkeerd vanwege onvoldoende programma en financiële haalbaarheid. De locatie wordt onderzocht als locatie voor flexwonen. Dit is als combinatie ook een goede mogelijkheid. De grootte maakt dat het een het ander niet uitsluit. Ter info: ook hier speelt een herplantverplichting van RWS; dit betreft op het eigendom van RWS langs de A28, tussen zoekgebied en A28 zal een bosstrookje geplant worden. Het terrein ligt braak en wordt regelmatig tijdelijk verpacht voor extensieve agrarische doeleinden. Dit komt de flora in het gebied ten goede. Ook de bron met kwelwater (sprengkop) maakt dit aannemelijk. Soorten die uit de NDFF: steenuil waargenomen Verder veel soorten aangetroffen, ook beschermde flora. Vanwege de ligging relatief ver buiten Natura 2000gebied (ca. 600 m) is alleen het aspect stikstof relevant. Er zal een stikstofberekening met onderbouwing moeten worden gemaakt. AERIUS Calculator vormt daarbij het verplichte rekeninstrument (artikel 4.15 Or). Overige verstoringsfactoren zullen wel (kort) behandeld moeten worden. Verwachte bodemkwaliteit vormt geen belemmering. Geen recent bodemonderzoek bekend. Locatie heeft 30
Water
+
4
Externe veiligheid
-
2
Geluid
-
2
dekzand als ondergrond. Geschikt voor bouwen. Er moet een nieuw AZC gebouwd worden, dus is een uitgebreid bodemonderzoek nodig. Locatie heeft in het oosten wateroverlast bij extreme neerslag, waarbij er ongeveer tussen de 5 en 20 cm op het oppervlak komt te liggen. (Archeologie 4?) Wateroverlast aan westzijde bij 1/100 en 1/1000 jr neerslaggebeurtenis (vrij eenvoudig oplosbaar). Weinig schaduwgevende elementen in de directe omgeving: hoge (gevoels)temperatuur tijdens hittegolven. Risico natuurbrandrisico is volgens nationaal klimaateffectatlas "gemiddeld", vooral door groter kans ontstaan (snelweg), risico van rookontwikkeling is groter dan risico van nabijheid van brandhaard). Locatie heeft provinciaal belang: ‘intrekgebied’. Voor het uitvoeren van grondwaterbedreigende activiteiten kunnen verboden of vergunningplicht gelden. Daarnaast geldt er specifieke zorgplicht. Met het initiatief worden (zeer) kwetsbare gebouwen (zoals genoemd in bijlage VI van het Besluit kwaliteit leefomgeving) gerealiseerd. Deze locatie ligt zowel in het brand- , explosie- en gifwolkaandachtsgebied van de A28 en het explosieen gifwolkaandachtsgebied van het spoor. Dit zijn twee bronnen met cumulatie van externe veiligheidseffecten. Maatregelen zijn kostbaar doordat de locatie langwerpig is waardoor het op veel punten tegen de bronnen aanligt.
De geluidbelasting op deze locatie vanwege Rijksweg A28 is hoog. De hele locatie heeft last van geluidshinder dat tussen de 56 – 70 dB valt. Hiermee wordt de grenswaarde van 60 dB overschreden. Er is 31
momenteel al een geluidswal. Woningen zijn zonder vergaande maatregelen in de overdrachtsfeer (nog hoger geluidscherm) of bijvoorbeeld werken met ‘dove’ gevels niet mogelijk.
Overige milieuaspecten
Luchtkwaliteit
++
5
Trillingen
++
5
Lichthinder
Geur Hinder door straling Ontsluiting
Ontsluiting
++
5
De nieuwe ontwikkeling ligt niet in een aandachtsgebied luchtkwaliteit zoals genoemd in artikel 5.51, lid 2 van het Besluit kwaliteit leefomgeving en grenst ook niet aan een gemeente die wel een aandachtsgebied is. Er is in dit plan geen sprake van een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit of de aanleg van een tunnel of auto(snel)weg. Er is geen onderzoek nodig. Voor het bouwen in de nabijheid (zone 100 meter) van de spoorlijn kan gebruik worden gemaakt van de Handreiking Nieuwbouw en Spoortrillingen. Als er binnen 100 meter tot het spoor wordt gebouwd, dan dient een QuickScan Trillinghinder uitgevoerd te worden. Er kan buiten deze zone ontwikkeld worden. Er zijn geen sportvelden met lichtmasten of andere lichthinder veroorzakende activiteiten in de omgeving aanwezig Er zijn geen veehouderijen in de omgeving gelegen. Er zijn geen hoogspanningslijnen in de omgeving aanwezig Ontsluiting mogelijk via Drielandendreef. Bereikbaarheid is goed. Langzaam verkeer kan eenvoudig naar de belangrijkste voorzieningen. Prima ontsloten voor fietsers en voetgangers. Er liggen vrijliggende fiets- en voetpaden. 32
Bereikbaarheid
Ontsluiting voor autoverkeer is ook goed bij de locatie Drielanden Noord. Loopafstand is 12 min en valt onder de voorkeur, is kleiner dan 15 min Fietsafstand is 6 min en valt onder de voorkeur: is kleiner dan 30 min Loopafstand is 6 min en valt onder acceptabel, is kleiner dan 15 min Prima ontsloten voor fietsers en voetgangers. Er liggen vrij liggende fiets- en voetpaden. De locatie ligt al jaren braak. Voor de functie ‘wonen’ zal een betere geluidsbescherming moeten worden gerealiseerd. Dat zal ook een positief effect voor de wijk Drielanden hebben. Eigendom gemeente, kan permanent Voorzieningen zijn ruim voldoende aanwezig met een goed winkelcentrum.
Afstand tot supermarkt
+
4
Afstand tot voorgezet onderwijs
++
5
Afstand tot aansluiting OV-net
+
4
Ontsluiting fiets/lopen
+
4
Bijdrage verbetering omgevingskwaliteit
++
5
Tijdelijkheid Druk op maatschappelijke voorzieningen Mogelijkheid van combineren Nuts Eigendomssituatie
++ +
5 4
++
5
(flex)wonen, maatschappelijke doeleinden
-++
1 5
Planologische haalbaarheid
--
1
Locatie heeft geen aansluiting De locatie is gemeentelijk eigendom, zonder opstallen. Lopen geen overeenkomsten, alleen voor de bijenkast. Makkelijk op deze locatie te schakelen. Het AZC past niet in hetgeen het omgevingsplan toe staat op deze locatie, wat maakt dat er een omgevingsvergunning BOPA nodig is voor het (al dan niet tijdelijk) afwijken van de regels van dit omgevingsplan (plus de activiteiten bouwen, aanleggen, inrit e.d.) opgevolgd door een wijziging van het omgevingsplan (wanneer het niet tijdelijk is).
33
Omgevingsvisie
--
1
Locatie ligt in het studiegebied A28. Op de langere termijn kan hier wellicht een nieuwe gebiedsontwikkeling ontstaan, maar dat overstijgt hoogstwaarschijnlijk een termijn van 10 jaar. Op de korte termijn is de locatie (te) milieubelast zonder maatregelen.
34
Locatie H. Parallelweg6 Algemene beschrijving De locatie Parallelweg is gekozen vanwege de transformatie die dit gebied doormaakt. Agrarische activiteiten nemen sterk af vanwege de LBV+ regeling7 van het rijk. De locatie is indicatief. Dat wil zeggen dat meerdere percelen inmiddels braak liggen en gekeken kan worden naar de ‘beste’ plek voor de functie ‘wonen’. De grootte is variabel mits overeenstemming met een eigenaar kan worden bereikt. De omgevingsvisie heeft voor het gebied het concept ‘Bosfront’ benoemd als tegenhanger van het Waterfront. Dit concept betekent in grote lijnen een extensief bebouwd woongebied in een natuurlijke omgeving. Provincie Gelderland wil 500 meter brede zones rondom stikstofgevoelige leefgebieden (habitats) op de Veluwe uitwerken. Het doel is om de stikstofuitstoot vlakbij stikstofgevoelige omgevingen in Natura 2000-gebieden te beperken. Zij wil hiermee natuur herstellen en economische activiteiten vergunning-technisch weer mogelijk maken. Rondom Natura 2000 – gebied de Veluwe wil de provincie een zone van 500 meter instellen waarbinnen straks een maximale stikstofuitstoot geldt. Wat die norm gaat zijn en welke maatregelen getroffen moeten worden, wordt naar verwachting tot najaar 2026 nog nader uitgewerkt.
Voor de Natura 2000 – gebieden die stikstofgevoelig zijn, wordt bekeken wat er extra nodig is aan natuurherstel en/of maatregelen tegen stikstofuitstoot in de buurt van het gebied. COA inschatting Het COA beoordeelt de locatie als twijfelachtig. Door de spoorlijn en A28 qua veiligheid en geluid geen optimale locatie. Wel een goede ontsluiting met de aanliggende wijken. Perceelgrootte is omvangrijk en de locatie kan onderdeel worden van een grotere gebiedsontwikkeling met als bestemming wonen. Geschatte capaciteit op basis van alle percelen is 640 bedden. Er liggen dus aandachtspunten op deze locatie.
Inschatting gemeente De locatie is in principe voldoende groot om afstand tot het spoor en A28 te houden. Bij permanente bouw kan worden gekozen voor geluiddichte gevels en aanvullende maatregelen. De door de provincie recent aangegeven buffer ivm stikstof van 500 meter betekent naar alle waarschijnlijkheid een te grote beperking. MER-plicht Er is sprake van de volgende activiteit genoemd in Bijlage V van het Omgevingsbesluit: 6
Dit perceel is indicatief en wordt bekeken vanuit het idee dat een perceel in het eendengebied geschikt zou kunnen zijn of geschikt te maken is. De Lbv-plus valt onder de aanpak piekbelasting. Het doel hiervan is de stikstofneerslag op kwetsbare natuur in Natura 2000-gebieden snel naar beneden te brengen. Zo kan de natuur weer herstellen. De aanpak richt zich op ongeveer 3000 bedrijven die zorgen voor de meeste stikstofneerslag op overbelaste Natura 2000-gebieden. Dit zijn landbouwbedrijven en industriële bedrijven. 7
35
J11: ‘De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’, want er is nu sprake van een weiland en als de locatie wordt volgebouwd, dan is er sprak van een (uitbreiding) van stedelijk gebied. Het is dus nodig om voorafgaand aan de omgevingsplanwijziging/Bopa een procedure m.e.r.-beoordeling te doorlopen. Hiervoor dient een aanmeldnotitie opgesteld te worden. De aanmeldnotitie dient te voldoen aan de onderdelen uit Bijlage III van de Europese m.e.r. richtlijn.
Grootte: Circa 3 ha
Eigendom: Particulier
36
Bestemming: Wonen (maximaal 2 woningen), Agrarisch met waarden – Natuur- en Landschapswaarden (agrarisch grondgebruik en behoud en herstel van natuur- en landschapswaarden) en ‘Bufferzone’ (aanplanting en instandhouding van bos en andere groenvoorzieningen) Huidig gebruik: Agrarisch met waarden - Natuur- en landschapswaarden en (deels) wonen
37
Criteria Grootte in m2
30.000 m2
Ruimteclaims
Milieukundige normen
Beoordeling ++ 5
++
5
Ecologie
-
2
Stikstof
--
1
Bodem
-
2
Toelichting beoordeling Ruim voldoende. Deze locatie is een indicatief voorbeeld. In het eendengebied stoppen diverse agrariërs. Het gekozen perceel is al gesaneerd maar mogelijk is ook een alternatief gebied beschikbaar en gemakkelijker te verwerven. Deze locatie is recent getransformeerd. In een motie is voor dit gebied, onderdeel van het Eendengebied, door de raad een visie gevraagd met een accent op woningbouw. In de Omgevingsvisie is het concept ‘Bosfront’ voorgesteld. Begin april heeft GS van de provincie Gelderland aangekondigd een 500 meter zone rondom de Veluwe te willen instellen waarbinnen vooralsnog geen nieuwe ontwikkelingen kunnen plaatsvinden. Daartoe wordt binnenkort een voorbereidingsbesluit gepubliceerd. Gezien de relatief korte afstand (< 500 m) kunnen door de ontwikkeling en gebruik negatieve effecten op Natura 2000-gebied Veluwe door bijvoorbeeld geluid, licht of trillingen niet op voorhand worden uitgesloten. Deze effecten dienen beoordeeld te worden. Voor de effecten van stikstof dient een stikstofberekening met toelichting te worden gemaakt. AERIUS Calculator is daarvoor een verplicht rekeninstrument (artikel 4.15 Or). De locatie is onbebouwd en ligt binnen de 500 meter contour Op grond van de beschikbare bodeminformatie wordt geconcludeerd dat de voorgenomen plannen minder kansrijk zijn. De locatie ligt in asbestverdacht gebied.
De locatie is verdacht op het voorkomen van bodemverontreiniging en er is onvoldoende inzicht in de daadwerkelijke kwaliteit van de bodem. In kader van de BOPA/de wijziging van het Omgevingsplan is 38
Water
+
4
Externe veiligheid
-
2
Geluid
0
3
voorafgaand bodemonderzoek nodig op het gehele plangebied (bodemgevoelige locatie). Voorafgaand bodemonderzoek is ook nodig voor de omgevingsvergunning bouwen. Uit dit voorafgaand bodemonderzoek moet blijken of er (financiële) belemmeringen zijn voor de realisatie van het plan. Wateroverlast bij 1/100 en 1/1000 jr neerslaggebeurtenis wordt veroorzaakt door plaatselijk lage ligging maaiveld t.o.v. omgeving (technische maatregel is plaatselijk ophogen met 0,5 m). Omgekeerd kan het lage deel juist ingezet worden als waterberging om regenwater dat afstroomt van verharding te bergen en te verwerken. Daarvoor is voldoende ruimte. Gevoeligheid voor hitte is minder dan bij andere locaties omdat er een verkoelend bos naast ligt. Dat kan bij andere percelen in Eendengebied anders liggen. Met het initiatief worden (zeer) kwetsbare gebouwen (zoals genoemd in bijlage VI van het Besluit kwaliteit leefomgeving) gerealiseerd. Het initiatief ligt in een brandaandachtsgebied van een aardgasbuisleiding en het explosie- en gifwolkaandachtsgebied van een spoorroute en de A28. Externe veiligheid is voor deze ontwikkeling relevant.
De geluidbelasting op deze locatie is vanwege Rijksweg A28 hoog. De grenswaarde van 60 dB wordt overschreden. Woningen zijn zonder vergaande maatregelen in de overdrachtssfeer of bijvoorbeeld werkend met ‘dove gevels’ niet mogelijk.Akoestisch
39
onderzoek naar verkeerslawaai (weg en spoor) is in beide gevallen nodig.
Overige milieuaspecten
Luchtkwaliteit
++
5
Trillingen
O
3
Lichthinder
Geur
De nieuwe ontwikkeling ligt niet in een aandachtsgebied luchtkwaliteit zoals genoemd in artikel 5.51, lid 2 van het Besluit kwaliteit leefomgeving en grenst ook niet aan een gemeente die wel een aandachtsgebied is. Er is in dit plan geen sprake van een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit of de aanleg van een tunnel of auto(snel)weg. Er is geen onderzoek nodig. Voor het bouwen in de nabijheid (zone 100 meter) van de spoorlijn kan gebruik worden gemaakt van de Handreiking Nieuwbouw en Spoortrillingen. Als er binnen 100 meter tot het spoor wordt gebouwd, dan dient een QuickScan Trillinghinder uitgevoerd te worden. Er zijn geen sportvelden met lichtmasten of andere lichthinder veroorzakende aktiviteiten in de omgeving aanwezig In de nabijheid zijn diverse veehouderijen gelegen. Er dient onderzoek gedaan te worden naar de geurbelasting voor zowel de voorgrond als achtergrondbelasting. Er zal nader onderzoek moeten plaatsvinden of er ter plaatse sprake is van een goede woon- en leefkwaliteit, ETFAL en of de veehouderijen planologisch belemmerd worden. Ook dient er minimaal 50 meter afstand te worden gehouden van agrarische percelen vanwege mogelijke 40