Bijlage 1 Beleidsuitwerking Natuur en Groen 2024
Tekst van het document
Harderwijk Natuurlijk Groen!
Omdenken van ‘de natuur heeft ons nodig’ naar ‘wij hebben de natuur nodig’.
NATUUR & GROEN Beleidsuitwerking en uitvoeringsagenda
P R O J E C T DATA Projectnaam
Beleidsuitwerking Natuur en Groen
Locatie
Harderwijk
Opdrachtgever
Gemeente Harderwijk; Sylvia de Groot
Opgesteld door
BoschSlabbers landschapsarchitecten: Ian Officer, Delina Wilbrenninck, Tijs van Loon
Datum
Januari 2024
Projectnummer
BS21-106
2
- BoschSlabbers
I N H O U D S O P G AV E Inhoud
Strategisch
Tactisch
Operationeel
1. Inleiding............................................................. 4 1.1 Beleidsuitwerking, gebiedsuitwerkingen en uitvoeringsagenda..................................... 4 1.2 Omgevingsvisie is leidend........................ 4 1.3 Samenhang met natuurwaardenkaart..... 4 1.4 Strategisch, tactisch en opereationeel deel .................................................................... 4 1.5 Samen opgesteld....................................... 4
2. Visie en principes voor natuur en groen........ 7 2.1 Vastgestelde visie in een notendop......... 8 2.2 Vertrekpunt: de basis waarop we bouwen.. 9 2.3 Principes voor natuur en groen.............. 10 2.3.1 We zijn zuinig op onze bodem, water, natuur en groenelementen..................... 10 2.3.2 Natuurinclusief is de norm............. 10 2.3.3 We zorgen voor voldoende natuur en groen .................................................. 11 2.3.4 We zorgen voor betere biodiversitei in natuur en groen...................................... 11 2.3.5 We werken aan omdenken.............. 11 2.3.6 We werken samen.......................... 11 2.3.7 We versterken de beleving van natuur en groen...................................................... 11
3. Basisstructuur en opgaven voor heel Harderwijk en per deelgebieden..................................... 13 3.1 Acht opgaven bouwen aan de basisstructuur natuurlijk groen ....................................... 14 3.2 Opgaven voor de deelgebieden............. 24 1. Centrum............................................. 26 2. Waterfront en dolfinarium.................. 28 3. Zeebuurt & Friese Gracht................... 30 4. Stadsdennen & Wittenhagen.............. 32 5. Strokel, Slingerbos en de Sypel.......... 34 6. Stadsweiden...................................... 36 7. Drielanden.......................................... 38 8. Frankrijk.............................................40 9. Industrieterrein Lorentz..................... 42 10. Hierden Dorp.................................... 44 11. Randmeer en oeverzone.................... 46 12. Mheenlanden, Stadslanderijen en Hierdense beek...................................... 48 13. Hierdense enken en kampen............. 50 14. Eendengebied en Duinen.................. 52 15. Groene zoom.................................... 54 16. Veluwe.............................................. 56 3.3 Opgaven voor de verbindende structuren .................................................................. 58
4. Praktische zaken, beheer en uitvoeringsagenda ................................................................... 61 4.1 Praktische zaken...................................... 62 4.2 Plantenwijzer........................................... 64 4.3 Beheer en onderhoud.............................. 66 4.4 Wat kunt u bijdragen ............................. 68 4.5 Uitvoeringsagenda natuurlijk groen...... 69
Beleidsuitwerking Natuur en Groen
- 3
1.Inleiding Voor u ligt ‘Harderwijk Natuurlijk Groen!”. Dit is een uitwerking van de Omgevingsvisie Harderwijk (2024) en natuur- en groenvisie ‘Harderwijk Natuurlijk Groen!’ (2022).
1.1 B E L E I D S U I T U I T W E R K I N G , GEBIEDUITWERKING EN U I T VO E R I N G SAG E N DA De beleidsuitwerking richt zich op het grondgebied van de gemeente Harderwijk, met hierin de bebouwde kommen van Harderwijk en Hierden, het buitengebied en het deel van de Veluwe en Randmeren dat binnen de gemeentegrenzen valt. Deze beleidsuitwerking bouwt voort op de concept Omgevingsvisie Harderwijk (2024). ‘Het natuurlijk systeem is drager’ en ‘het welbevinden van onze inwoners staat voorop’ en de Basisstructuurkaart Omgevingsvisie uitgewerkt in 3 doelen en 8 opgaven in de inmiddels vastgestelde natuur- en groenvisie ‘Harderwijk Natuurlijk Groen!’. Deze beleidsuitwerking legt een aantal principes vast om de komende 10 jaar de drie speerpunten en 8 opgaven uit de Visie ‘Harderwijk Natuurlijk Groen!’ te behalen. Hierbij wordt naast gemeentegronden ook gekeken naar kansen op particulier terrein zoals tuinen en agrarische gronden. Per deelgebied (wijken/buurten) wordt in deze beleidsuitwerking concreet aangegeven hoe we dit gaan bereiken, wat we waar en wanneer gaan doen (uitvoeringsagenda), wat de kosten zijn en hoe deze kosten gedekt zijn. Deze beleidsuitwerking wil ten slotte een toevoeging zijn op wat er al is (Natura2000, provinciaal beleid, de gemeentelijke visie) en zich richten op het niveau van de inwoner en gemeente.
1.2 D E O M G E V I N G S V I S I E I S L E I D E N D De omgevingsvisie bevat de hoofdlijnen van beleid. In dertien thema’s, waaronder ‘Natuur en groen’, worden doelen en ambities opgesomd die via te hanteren principes bereikt moeten worden. In deze beleidsuitwerking werken we het thema Natuur en Groen meer in detail uit en bepalen we welke maatregelen er moeten worden genomen om de doelen te behalen. In een ideale wereld doen we dat in samenhang met andere thema’s en allemaal op 4
- BoschSlabbers
hetzelfde moment. In dit geval wordt dat per thema opgepakt en is geanticipeerd op de komst van de omgevingsvisie. Uiteindelijk worden deze thematische uitwerkingen met maatregelenpakketten toegepast op gebieden. Na verloop van een aantal jaren zijn systematisch alle gebieden uitgewerkt en zijn daar de principes uit de omgevingsvisie op los gelaten. 1. 3 SA M E N H A N G M E T D E N AT U U R WA A R D E N K A A R T Gelijktijdig met het totstandkomen van dit rapport is een Natuurwaardenkaart opgesteld aan de hand van een inventarisatie natuurwaarden. Hiervoor zijn deelgebieden afgebakend, gebaseerd op de ondergrond ‘het uniek natuurlijk systeem’ en cultuurhistorie (geomorfologie). Deze Natuurwaardenkaart (Natuurwaardenkaart) vormt belangrijke input voor deze beleidsuitwerking maar is een op zichzelf staand document dat dynamisch is en de komende jaren aangevuld kan worden. Deze kaart met gebiedspaspoorten brengt de ecologische waarden in beeld en staat online. Om deze informatie goed aan te sluiten op deze beleidsuitwerking zijn dezelfde deelgebiedsgrenzen gehanteerd en is er wederzijds gebruik gemaakt van kennis en resultaten. In deze beleidsuitwerking wordt in de deelgebiedsuitwerkingen verwezen naar de bewuste gebiedspaspoorten van de Natuurwaardenkaart.
1.4 S T R AT E G I S C H , TAC T I S C H E N O P E R AT I O N E E L D E E L Dit document is opgezet als A3 boekwerk en leest het beste als de twee opeenvolgende pagina’s naast elkaar bekeken worden, waardoor beeld en tekst elkaar aanvullen. Deel 1 is Strategisch: Het somt de Visie op en beschrijft aan de hand van de drie speerpunten een aantal princpes voor natuur en groen. Deel 2 is Tactisch: het geeft meer detail aan de in de Visie benoemde 8 hoofdopgaven
voor Harderwijk als geheel en werkt deze uit in deelgebieden. Deel 3 is Operationeel: het beschrijft een aantal praktische zaken, beheer en de uitvoeringsagenda voor de komende 10 jaar. 1.5 SA M E N O P G E S T E L D Naast de gebruikelijke landschapsanalyse en beleidsanalyse is de Visie en het opvolgende beleidsuitwerking samen met mensen vanuit verschillende disciplines en platformen opgesteld. Er is zowel een interne klankbordgroep -met ambtenaren vanuit verschillende disciplines- als ook een externe klankbordgroep geraadpleegd, bestaande uit leden vanuit verschillende belangenorganisaties. Voor het opstellen van de beleidsuitwerking hebben inwoners inbreng geleverd via enquêtes en inloopavonden. De inbreng is gebruikt op drie wijzen: • Bij de deelgebieden zijn gedeeltelijk quotes van inwoners gebruikt om kwaliteiten te benoemen (lichtgrijze teksten); • De inbreng is gebruikt bij het benoemen van de kwaliteiten en knelpunten bij de deelgebieden; • Een aantal specifieke suggesties voor te verbeteren plekken zijn overgenomen als project bij de deelgebieden; • Een aantal suggesties zijn overgenomen bij de rubriek ‘wat kunt u bijdragen’.
Naast dit document is er is een bijlage aanwezig in een apart boekwerk. Daarin vindt u onder anderen revelant provinciaal en gemeentelijk beleid, inventarisatie natuur en groen, de 3-30-30 regel en een samenvatting van het participatietraject.
Terug naar Inhoudsopgave
B E L E I D SA N A LYS E HANDBOEK H A R D E R W I J KS GROEN DUURZAAMHEIDSVISIE + PIJLER BIODIVERSE S TA D
• • • • • • • • • •
Duurzaamheidsvisie Harderwijk 2020 Handboek Harderwijks Groen 2007 Regierapport Omgevingsvisie 2021 Atlas Harderwijk 2021 Beheerplan bossen gem.Harderwijk Omgevingsvisie ProvincieGLD Ambitiedocument natuur ProvGLD Kwaliteitsgidsen Gelderse Streken Regierapport omgevingsvisie Etcetera...
LANDSCHAPSA N A LYS E • • •
Kaartenstudie kwaliteiten & knelpunten Gebiedsbezoek
ENQUETE ONLINE S TA D S G E S P R E K
INTERNE & EXTERNE KLANKBORDGROEP
INPUT
INPUT
BELEIDSUITWERKING EN UITVOERINGSAGENDA
P R I K- O P - D E KAART ENQUETE EN DRIE I N LO O PAVO N D E N
INPUT
OUTPUT
NADERE A N A L SY E K WA L I T E I T E N & KNELPUNTEN
EXPTERT S E S S I E S: LANDSCHAP E C O LO G I E BOSBEHEER
Beleidsuitwerking Natuur en Groen
- 5
6
- BoschSlabbers
STRATEGISCH
2.Visie en principes voor natuur en groen
Beleidsuitwerking Natuur en Groen
- 7
2.1 Vastgestelde visie in een notendop
‘wij hebben de natuur hard nodig’ Het is tijd voor een nieuwe koers, waarin natuur en groen een volwaardige functie is bij politieke en economische afwegingen en wordt gezien als het fundament onder onze leefomgeving. Opgaven als biodiversiteit, klimaat, circulariteit, gezondheid vragen van ons dat we hierin een omdenkslag maken, van ‘de natuur heeft ons nodig’ naar ‘wij hebben de natuur hard nodig’. Dit betekent omdenken:
van restgroen naar groen als volwaardige ruimtelijke bestemming van groen als kostenpost naar groen als essentiële bron van systeemdiensten van sierwaarde (exoot) naar natuurinclusieve waarde (inheems) van ongedierte naar insecten en de duizendpoot als essentieel voor de biodiversiteit van chemische plaagbestrijding naar natuurlijke plaagbestrijding van monotone laan naar soortenrijke klimaatbestendige laan van strak gemaaid gazon naar kruidenrijk ongemaaid grasland gonzend van de krekels van blad opruimen naar blad en strooisel onder de bomen laten liggen voor insecten van intensief bespoten akkers naar akkers met rijk bodemleven van monocultuur van raaigras naar soortenrijk grasland geënt op de ondergrond van monocultuur productiebos naar veerkrachtig gemengd bos van diverse leeftijden van bouwen met groen als sluitpost naar natuurinclusief bouwen met groen als integraal onderdeel van biodiversiteit regelt de gemeente naar biodiversiteit maken we allemaal! -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- +
Drie speerpunten:
1. Uniek natuurlijk systeem als basis
van ‘de natuur heeft ons nodig’ naar ‘wij hebben de natuur hard nodig’ Laten we samen - inwoners, ondernemers en gemeentemedewerkers- deze omdenkslag maken. Door: • te werken aan natuur en groen waarin het unieke natuurlijk systeem van Harderwijk als basis dient, • te investeren in meer en natuurlijker groen en • in te zetten op natuurlijker samenwerken en beleven. Doen is keuzes maken en investeren. In een Basisstructuur en in 8 opgaven in het stedelijk gebied, buitengebied en beschermd gebied. Zorg er voor dat Harderwijk naast budget ook methoden heeft om natuur en groen volwaardig mee te waarderen, óók in
8
- BoschSlabbers
financiële afwegingen.
2. Meer en natuurlijker groen
En.. doen is ook laten! Dus afblijven van waar al groen- en natuurwaarden liggen: Groen (bomen!) heb je niet zomaar weer terug... Groen is geen restruimte of sluitpost, maar volwaardig onderdeel van de ruimtelijke ordening. En natuurlijk gaat Harderwijk niet op slot. Bij ontwikkelingen dient de kwaliteit van natuur en groen naderhand minstens zo hoog te zijn als voordat deze ontwikkelingen plaatsvonden.
3. Natuurlijk samenwerken en beleven
2.2 Vertrekpunt: de basis waarop we bouwen Unieke ligging op overgang van Veluwe naar Randmeren stuurt hele natuur- en groensysteem
Harderwijk kent een unieke ligging op de overgang tussen Veluwe en Randmeren. Hierbij horen geleidelijke overgangen van hoog-droog-infiltratie-besloten-zandig naar laag-nat-kwel-opener-klei&veen. Ook is er sprake van sterke hoogteverschillen. De in noordwestelijke richting afhellende ondergrond legt de basis voor een sterke landschappelijke gradiënt. Dit uit zich in een reeks van parallel gelegen landschapstypen die steeds ‘een niveautje lager liggen’, elk met een onderscheidende karakteristiek: van besloten bos, via enken en Stadslanderijen tot de open Mheenlanden, oevers van het Randmeer en het open water. Dankzij deze landschappelijke gradiënt zijn natuurwaarden goed vertegenwoordigd, want juist overgangen zijn ecologisch interessante gebieden.
• De huidige natuur is kwetsbaar door klimaatverandering (droogte, hevige regenval en stormen). • De natuurkwaliteit en variatie in planten- en diersoorten daalt binnen de provincie (en gemeente) (Provincie Gelderland, 2020, uitvoeringsprogamma Biodiversiteit) • Er is relatief weinig gelaagdheid in het stedelijk openbaar groen, dat concreet neerkomt op gras en bomen zonder struikenlaag. • In Slingerbos en Veluwe mist het evenwicht tussen jong en oud bos: weinig verjonging en lage bijgroei • Routes en padenstructuur moeten fijnmaziger en groen-aantrekkelijker, met herkenbare routes naar het buitengebied. • Het aandeel groen per wijk verschilt sterk, binnen het bebouwd gebied voldoet een ruime meerderheid van de bebouwing niet aan de 3-30-300 regel.
Kwaliteiten • Waardevolle landschapselementen die voor flora en fauna van belang zijn, zowel in als buiten de stad. • Groot aandeel beschermde natuur (Natura 2000, NNN, GO). • Natuur en groen zijn gedragen door cultuurhistorie. Harderwijk herbergt tal van historische elementen en structuren die bijdragen aan de natuur- en groenkwaliteit zoals de vestingwal, Hortus en monumentale bomen. • Het Harderwijks natuur en groen biedt een recreatief aantrekkelijke leefomgeving door de afwisseling in landschappen, flora en fauna. • Bijzondere en karakteristieke soorten in de stad zoals de stadsmuurvegetatie, gierzwaluwen, vleermuizen en mussen Knelpunten: • De sluipende stedelijke verdichting (inbreiding en herstructurering) heeft fragmentatie en verlies van groen en groene leefomgeving tot gevolg. • De groene inpassing van bebouwingsranden moet beter, zowel in de stad als in het buitengebied.
Beleidsuitwerking Natuur en Groen
- 9
2.3 Principes voor natuur en groen
Het natuurlijk systeem is de basis
De leidende principes uit de Omgevingsvisie ‘het natuurlijk systeem is drager ‘en ‘het welbevinden van onze inwoners staat voorop’ zijn in dit hoofdstuk per speerpunt verder uitgewerkt naar principes voor natuur en groen voor heel Harderwijk en Hierden.
2.3.1. W E Z I J N Z U I N I G O P O N Z E B O D E M , WAT E R, N AT U U R E N G R O E N E L E M E N T E N • De in het natuurlijk systeem aanwezige landschappelijke- en groenelementen (houtwallen, volwassen bomen) vormen de basis bij ontwikkelingen. Als deze toch niet behouden kunnen blijven, worden deze natuurwaarden gecompenseerd door ingrepen van minimaal gelijkwaardige kwaliteit. • Natuur- en groenaanleg en -beheer richt zich op het behouden of ontwikkelen van natuurtypen die passen bij de lokale ondergrond (bodem en water, natuurlijk systeem). • We laten de bodem werken. Dit betekent: ontstenen en streven naar minder verharding, het vasthouden en laten infiltreren van water als natuurlijke waterberging tegen verdroging en hittestress, en het afkoppelen van hemelwater voor lokaal gebruik.
aan: • Houd rekening met de 5 v’s (verbinding, voedsel, veiligheid, verblijf, voortplanting en variatie). • Natuur in de woning: verblijfruimtes of nestelstenen in gevels en daken, voor soorten als de huismus, gierzwaluw en vleermuis. • Natuur rondom de woning: groene daken, groene gevels, natuurlijke tuinen. Groene daken zorgen voor betere isolatie en vangen, net als onverharde tuinen, regenwater op. • Natuur in de buurt: parken en perken in iedere wijk, met daartussen verbindingsroutes voor dieren.
2.3.2. N AT U U R I N C LU S I E F I S D E N O R M Natuurinclusiviteit, daar draagt iedereen aan bij. Of het nou gaat om bouwen, boeren of tuinieren, om tuinen, moestuinen, paardenweides. Om plantsoen, sportvelden, natuurterrein, begraafplaatsen, bos, bedrijventerrein of berm. Overal is natuurinclusief handelen de nieuwe norm! • Ontwikkel hiertoe een puntensysteem voor verplicht natuurinclusief ontwerpen&bouwen en renoveren. Dit geldt onder andere bij in- en uitbreiding van kernen, bedrijventerreinen en recreatieparken, maar ook functieveranderingen of (agrarische) bebouwing in het buitengebied. Denk hierbij
10 - BoschSlabbers
Terug naar Inhoudsopgave
Meer en natuurlijker groen
2.3.3. W E ZO R G E N VO O R VO L D O E N D E N AT U U R E N G R O E N Groen is belangrijk voor mens en dier. De ambitie voor 2030 is om te voldoen aan twee meetbare criteria die zorgen voor voldoende natuur en groen voor elke inwoner (mens én dier) van Harderwijk: • Het eerste criterium is de beschikbaarheid van minstens 75 m2 groen per woning, wat volgens de Nota Ruimte (2004) de minimale ondergrens is. Met groen wordt in deze norm alleen park en plantsoen, bos, natuurterrein en dagrecreatieterreinen bedoeld. • Het tweede criterium is voldoen aan de 3-30-300 regel voor iedere inwoner in 2030: Elke woning heeft zicht op minimaal 3 bomen, 30% van de bodem van de openbare ruimte is bedekt met bladerdak en het is maximaal 300 meter tot het dichtstbijzijnde park van minimaal 1 hectare.
2.3.4 . W E ZO R G E N VO O R B E T E R E B I O D I V E R S I T E I T I N N AT U U R E N G R O E N Niet alleen de voldoende hoeveelheid groen is belangrijk. Nog belangrijker is dat dit groen ook bijdraagt aan ecosysteemdiensten zoals biodiversiteit, verkoeling, klimaatregulering en meer. Monoculturen kunnen zelfs schadelijker zijn doordat ze minder plaagresistent zijn of slechts eenzijdig voedsel bieden voor een paar soorten. We zorgen voor kwalitatief groen op drie manieren: • Meer oude en gevarieerde bomen door goede groeiplaatsen - Oude bomen zijn belangrijk: blijf
Natuurlijk samenwerken en beleven
investeren om ze oud te laten worden door betere groeiplaatsen te creëren en te verbeteren, zowel boven- als ondergronds. Plant bomen niet voor 30-50 jaar maar voor ‘eeuwig’ en zorg dus bij voorbaat al voor voldoende ruimte. Bomen boven de 100 zijn ‘heilig’ en dienen beschermd te worden. Doorbreek monoculturen bij lanen door variatie in soorten aan te brengen bij vervangen/aanvullen. • Meer gelaagdheid - Zorg binnen het groen voor meer gelaagdheid. Hanteer daarbij de vuistregel 1 - 2 - 10: voor elke boom 2 struiken, voor elke struik 10m2 kruiden. Zet met name in op de (solitaire) struiklaag met meerwaarde voor fauna. Vorm gazon/berm om naar kruidenbermen. • Vergunningen, normen en vertaling in beleid Scherp de vergunningsaanvraag aan. Door als gemeente eisen te stellen aan een meer biodiverse invulling van (de landschappelijke inpassing) van ontwikkelingen in de vergunningsverlening, ontstaat direct meerwaarde voor de natuur (met hulp van derden). De ambitie is om in 2026 onderstaande zaken geregeld te hebben: • Maak de groennormen verplicht voor alle nieuwbouw en stadsvernieuwing. Bijvoorbeeld als beoordelingscriteria voor vergunningverlening. • Stel maatregelen voor natuurinclusief bouwen en renoveren verplicht, ook in de aanbestedingseisen en leg hier de ambitie voldoende hoog.
2.3.5. W E W E R K E N A A N O M D E N K E N Voorlichting en educatie vergen tijd en aandacht. Werk aan omdenken, zowel intern in eigen organisatie als in de hoofden van inwoners. Dit vraagt: • Intensivering van de communicatie om bewustwording te creëren samen met meer budget voor educatieve videos waar beleid en beheer wordt toegelicht: Een standaard duurzaamheidsrubriek op de gemeente website; • Beginnen bij de jongste generatie: inzetten op meer aandacht voor natuur in het onderwijs, groene schoolpleinen, (buiten)lesprogramma’s, etc.; • Werk aan omdenken binnen de gemeente; investeer in borging binnen eigen gemeente, bewustwording bij politiek. • Besteed in de media meer aandacht aan natuurtellingen (vogels, vlinders, hommels etc.). Zet een ‘Harderwijkse natuurteldag’ op en koppel die aan de week van de biodiversiteit. 2.3.6. W E W E R K E N SA M E N Werk samen, maak gebruik van elkaars kennis en maak gebiedspartnerschappen met (lokale) belanghebbenden. Want samen sta je sterker en bereik je meer: • Denk aan intergemeentelijk, met terreinbeheerders als Natuurmonumenten, Geldersch Landschap en Landschapsbeheer Gelderland, de Hortus, Groei&Bloei, IVN, KNNV Noordwest Veluwe, Waterschap Vallei&Veluwe, Vogelbeschermingswacht Noord Veluwe, ziekenhuizen, woningbouwcooperaties, scholen etc. • Koppel ingrepen mee met bestaande acties (zoals
groot onderhoud van wegen/riolering) • Stimuleer samenwerking tussen en met bewoners om niet alleen op eigen terrein inspanning te leveren maar ook in openbaar groen en in het buitengebied. Partijen zoals stichting Landschapsbeheer Gelderland kunnen hier een belangrijke vervullen om burgerparticipatie binnen groene projecten te stimuleren, en de onderlinge samenwerking en afstemming tussen groene vrijwilligersgroepen vorm te geven.
2.3.7. W E V E R S T E R K E N D E B E L E V I N G VA N N AT U U R & G R O E N De beleving van natuur en groen is het begin van het waarderen van groen en het erkennen van de waarde, voor onszelf en hoe hard we het nodig hebben voor onze leefomgeving. • Zet in op natuurbeleving in de stad in combinatie met gezondheid en bewegen: meer bomen en struiken rond speelplekken/schooltuinen, natuurlijke speelaanleidingen zoals een boomstam in een park, modderspeelplaats of stapstenen in een wadi. • Maak de belangrijkste natuurparels (Veluwe en Randmeren) kwalitatief beter beleefbaar, rekening houdend met recreatieve zonering. Bijvoorbeeld door 1 vogelkijkhut in plaats van 5 paden; • Vergroot de toegankelijkheid van het landelijk gebied vanuit de kernen verder door uitbreiding van het wandelroutenetwerk (zoals klompenpaden) gekoppeld aan biodiversiteit maatregelen; • Maak cultuurhistorische plekken beter beleefbaar met behulp van biodiversiteit maatregelen; Beleidsuitwerking Natuur en Groen
- 11
12 - BoschSlabbers
TACTISCH
3.Basisstructuur en opgaven voor heel Harderwijk en per deelgebied Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 13
3.1 Acht opgaven bouwen aan de basisstructuur natuurlijk groen
Basisstructuur Natuurlijk Groen! ...
In de vastgestelde Visie ‘Harderwijk Natuurlijk Groen!’ zijn drie speerpunten en acht opgaven benoemd. In dit hoofdstuk werken we deze acht opgaven gedetailleerder uit en wordt per opgave een kaartbeeld getoond, die -wanneer op elkaar gelegdsamen resulteren in de gewenste Basisstructuur ‘Natuurlijk Groen’ waar Harderwijk zich de komende 10 jaar voor inspant. De Basisstructuurkaart uit de Omgevingsvisie diende hierbij als inbreng en basis. De nummering van de opgaven is zo gekozen dat de lagen van ‘onderaf aan’ opgebouwd worden, beginnend bij de basis van het natuurlijk systeem: de ondergrond. Deze Basisstructuur vormt het kader.
14 - BoschSlabbers
Terug naar Inhoudsopgave
... opgebouwd uit acht opgaven: 8
4 Versterk de verbindende structuren
Koester en ontwikkel de natuurwaarden
Dotterbloem
Scholekster
structuren haaks op de gradient.
Bouw voort op gebiedspecifieke
Merel
Huiszwaluw
Versterk de verbindende
Torenvalk Dagpauwoog
soorten en kenmerkende
Grote vos
Roodborstje Egel
Baardmannetje
Vuurjuffer
natuur&groenstructuren
Eekhoorn De mol Waterjuffer Putter
3 Bescherm de natuurgebieden
7
Stimuleer 1000 speldenprikken
Bescherm en versterk de gebieden
Zet in op kleine ‘speldenprik’
met een natuurbestemming
maatregelen door zowel gemeente als inwoners. Want 1000 prikken tezamen creëren een robuuster fijnmazig netwerk.
2 Bouw voort op het cultuurhistorisch landschap
6 Extra aandacht voor randen en routes Randen en routes zijn veelal de eerste
Versterk de karakteristiek, zodat
plekken voor verrommeling, geef hier
de verschillende landschapstypen
extra aandacht aan landschappelijke
weer herkenbaar worden.
1
Het natuurlijk systeem is leidend Laat het bodemtype en de waterhuishouding als basis dienen voor alle ingrepen.
inpassing
5
Versterk en verfijn fijnmazig groen netwerk Zet in op een fijnmazig wijkgroenstructuur die doorloopt tot in het buitengebied volgens de 3-30-300 regel
Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 15
1 Het natuurlijk systeem is leidend kwel LEGENDA
Vlakte van ten dele verspeolde dekzanden of löss
kwel
infiltratie
Laat het bodemtype en de waterhuishouding als basis dienen voor alle ingrepen. Dit is onder andere bepalend voor: • Soortenkeuze beplanting. Creëer herkenbaar onderscheid: natuur en groen op hoge, droge delen is zichtbaar anders dan op lage, natte delen van de gemeente; • Inrichting openbare ruimte i.r.t. watersysteem (infiltratie bevorderen, kwel benutten). 16 - BoschSlabbers
Terug naar Inhoudsopgave
2 Bouw voort op het cultuurhistorisch landschap Mheenlanden
Stadslanderijen
Randmeer
Enkenlandschap
LEGENDA
toewerken naar gemengd loofbos toewerken naar gemengd loofbos bevorder de dynamiek
Enkenlandschap
open enkencomplexen omrand met groen plant houtsingels op kavelgrenzen behoud rust en openheid
Kampenlandschap
voldoende brede rietoevers
Versterk de karakteristiek, zodat de verschillende landschapstypen weer herkenbaar worden. Dit is onder andere bepalend voor: • Het baseren van ontwikkelingen op kavelstructuur, landgebruik, karakteristieke beplantingselementen • Type beplantingselementen (bijv. houtwal, bos, rietzone, plasdras, ...)
Zuiderzeestraatweg
Boslandschap
• Inrichting openbare ruimte i.r.t. watersysteem (wadi’s, natuurvriendelijke oevers, plasdras, ...) Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 17
3 Bescherm de natuurgebieden
LEGENDA
Bescherm en versterk gebieden met een natuurbestemming: • Natura 2000 gebieden: Veluwe en Randmeer • NatuurNetwerkNederland in het buitengebied • Nationale landschappen: houd bij elke ontwikkeling rekening met de kernkwaliteiten landschap en versterk deze 18 - BoschSlabbers
Terug naar Inhoudsopgave
4 Versterk de verbindende structuren
LEGENDA
Versterk de verbindende structuren haaks op de gradient. Middels:
• Groene radialen (herstel en vul aan en maak lanen waar mogelijk diverser) • Doorlopende groen- en waterstructuren • Landschapsverbinding tussen Harderwijk en Hierden
Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 19
5 Versterk en verfijn het fijnmazig groennetwerk
LEGENDA
Water uitzichtpunt
Zet in op een fijnmazig wijkgroenstructuur die doorloopt tot in het buitengebied volgens de 3-30-300 regel • Voeg binnen de verschillende wijken extra groene en blauwe dooradering toe • Laat deze structuren lopen langs cultuurhistorische locaties • Koppel deze dooradering aan prettige langzaamverkeersroutes (fiets, wandel) via het groen naar het buitengebied 20 - BoschSlabbers
Terug naar Inhoudsopgave
6 Extra aandacht voor randen en routes
Open rand met kruidenrijk grasland aansluitend op karakter van mheenlanden
Dichte rand met moerasbos
Groene dorpsranden met elzensingels
Open karakter van het enkenlandschap Rand met stevige rietkragen en doorkijkjes op randmeer
Enkenrand met groene kamerstructuur
LEGENDA
Versterk langs stadsranden en routes het karakter van:
Parkoever Diverse stadsoeverarchipel Kruidenrijke weide
Randen en routes zijn veelal de eerste plekken voor verrommeling, geef hier extra aandacht aan landschappelijke inpassing. • Zorg dat de verschillende type landschappen langs randen en routes beleefbaar zijn • Maak gebruik van beplantingssoorten die kermerkend zijn voor het onderliggend landschap (wilgen en riet bij de oevers, dennen en ruige grassen bij de Veluwe).
Moerasbosrand Veluwebosrand Enkenrand Groene kamerstructuur Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 21
77. Stimuleer 1000 speldenprikken
+ + LEGENDA Bebouwing Perceelgrenzen (kadaster) Grens bebouwd gebied
Zet in op kleine ‘speldenprik’ maatregelen door zowel gemeente als inwoners. Want 1000 prikken tezamen creëren een robuuster fijnmazig netwerk. Denk hierbij aan: • Doorbreek de versteende tuintrend: Stimuleer het vergroenen van voor- en achtertuinen van particulieren en/of geveltuintjes • Aanplanten van boomspiegels met kruiden-en bloemrijk mengsel • Meer nestgelegenheden en voedsel voor verschillende soorten vogels en insecten • Pak dit aan op stads- of buurtniveau middels een enthousiaste gemeentelijke Tuincoach of de Aanjager Natuurlijk Groen die niet bang 22 - BoschSlabbers
is aan te bellen voor ongevraagd advies.
Kans gebieden zoals bij schoolpleinen, ziekenhuizen, pleinen en parkeerplaatsen Eigen bijdrage van inwoners aan lokale biodiversiteit door middel van; nestkasten, bijenhotels, insectvriendelijke planten, bomenaanplanten, geveltuintjes, tegelwippen, moestuinen, plantenbakken, klimplanten
Terug naar Inhoudsopgave
8 Koester en ontwikkel de natuurwaarden Dotterbloem
Scholekster
Merel
Huiszwaluw Torenvalk Dagpauwoog
Grote vos
Roodborstje Egel
Baardmannetje
Vuurjuffer
Eekhoorn De mol Vuurjuffer Putter
Bouw voort op gebiedspecifieke soorten en kenmerkende natuur&groenstructuren: • Zorg dat elk project goed aansluit op de behoeftes van de locale flora en fauna om deze verder te versterken. Betrek tijdig een ecoloog bij nieuwe ontwikkelingen. Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 23
3.2 Opgaven voor de deelgebieden In deze paragraaf is per deelgebied een uitwerking gemaakt, die de deelopgaven benoemt voor deze gebieden. Voor de uitwerkingen zijn dezelfde deelgebieds-grenzen gehanteerd als bij de Natuurwaardenkaarten (2023), zodat deze informatie makkelijk samen te raadplegen is. Er zijn 16 deelgebieden, elk met een gelijke opzet.
O P Z E T VA N D E D E E LG E B I E D E N Koers De deelgebieden beginnen met de koers voor natuur en groen. Binnen de koers worden de nodige maatregelen beschreven die ervoor moeten zorgen dat de koers gehaald wordt. Karakteristiek Binnen de karakteristieken wordt de identiteit van het deelgebied beschreven. De karakteristieken zijn o.a. bepalend voor welke natuur en groen maatregelen genomen kunnen worden om zo de unieke indentiteit te behouden en te versterken. Kwaliteiten en knelpunten De kwaliteiten en knelputen beschrijven puntsgewijs wat er momenteel goed en minder goed gaat m.b.t. natuur en groen in het deelgebied. Het formuleren van kwaliteiten en knelpunten is van belang om inzichtelijk te krijgen welke maatregelen nodig zijn om specifieke knelpunten te verbeteren of juist voort te bouwen op bestaande kwaliteiten. In de kantlijn: Plantwijzer en 8 opgaven In de linker kantlijn wordt middels iconen de verwijzing gemaakt naar de bij dit gebied horende beplanting uit de beplantingswijzer. Ook wordt de link gelegd met de acht opgaven, welke kort worden gespecificeerd voor dit deelgebied.
Bevindingen vanuit de analyse Binnen elk deelgebied bevindt zich een grijs vak met de analyse. Deze gaat in op de huidige staat van soortendiversiteit, hittestress en aandeel groen binnen de deelgebieden. Deze gegevens kunnen gezien worden als 0-meting om zo de effectiviteit van maatregelen de kunnen toetsen. Projecten De projecten gaan in op wat gemeente, bedrijven en grondeigenaren kunnen doen om natuur en groen in hun directe omgeving te verbeteren. De projecten sluiten aan op de karakteristieken van de deelgebieden, pakken knelpunten aan en bouwen voort op kwaliteiten en zijn gericht op het verbeteren van de habitat van de omschreven doelsoort. Wat kunt u bijdragen In dit stukje worden puntsgewijs maatregelen omschreven die bewoners en bedrijven zelf kunnen ondernemen om de biodiversiteit in deze wijk te verbeteren. Ambassadeur Een plant- of diersoort die representatief is voor het natuurdoel in dit deelgebied met een korte omschrijving van wat de ambassadeur precies nodig heeft om in de deelgebieden te gedijen. Ieder deelgebied heeft een unieke ambassadeur.
Deelgebieden op een rijtje
Ambassadeur
1
Centrum
Dagpauwoog
2
Waterfront en dolfinarium
Huiszwaluw
3 Zeebuurt en Friese gracht
Dagpauwoog
4 Stadsdennen en Wittenhagen
Egel
5 Strokel slingerbos en de sypel
Eekhoorn
6 Stadsweiden
Vuurjuffer
7
Drielanden
8 Frankrijk 9 Industrieterrein Lorentz 10 Hierden dorp 11 Randmeer en oeverzone
Roodborstje Scholekster
Merel Baardmannetje
12 Mheenlanden, stadslanderijen en Hierdense beek
13 Hierdense enken en kampen 14 Eendengebied en Duinen
24 - BoschSlabbers
Vuurjuffer
Dotterbloem
Torenvalk
Grote vos
15 Groene zoom
Putter
16 Veluwe
De mol
Terug naar Inhoudsopgave
Mheenlanden 12
9 Hierden
2
10
13
1
8
3
Randmeer
14
4
11
6 Harderwijk 5
16
7
Veluwe
15
Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 25
1. Centrum
LEGENDA Bescherm bestaande bomen
Bebouwd gebied - romantiek met monumentale bomen en overstekend groen
vergroen de pleinen met bomen die oud kunnen worden
KO E R S VO O R N AT U U R E N G R O E N Motto: 100 bomen 100 jaar Het spaarzame groen in het centrum dient van hoge kwaliteit te zijn en bij te dragen aan het cultuurhistorische karakter en ‘romantische’ beeld van een oude vestingstad. De ecologisch waardevolle hotspots kunnen een betere educatiefuncie krijgen, zoals rondom de stadsmuren en singel. Zet flink in op de bomen, zorg ervoor dat zeker 100 bomen 100 jaar kunnen worden! Bijvoorbeeld met nieuwe bomen op de pleinen, want daar valt nog wel wat te vergroenen. Zorg voor kwaliteit van de standplaats en ruime ondergrondse ruimte, zodat ze echt kunnen uitgroeien tot giganten. Deze (boom)beplanting wordt ingezet om historische plekken en structuren duidelijker te markeren, naast de pleinen ook het Hortuspark en de vestinggordel. Qua plant- en boomsoorten is het specifiek lokale historische karakter van de plek bepalend: dit vraagt iets anders voor de Hortus als voor de Markt. Het Hortuspark mag best als arboretum worden benaderd met klimaatrobuuste showbomen uit allerlei windstreken. Zorg hier voor meer stadskoelte (schaduw en/of water) en biodiversiteit. Idealiter wordt de sfeer van Plantagepark helemaal doorgetrokken tot de Scheepssingel. De singels zelf kunnen meer ecologische betekenis krijgen door drijvende eilanden.
Geef meer romatiek en kleur aan de straatjes: realiseer ‘overstekend’ groen (klimplanten langs draden en palen), moedig de huidige trend van geveltuintjes in de straten (tegelwippen) en scharrelgroen (bloempotten en zichzelf zaaiende soorten als akkelei en stokroos) aan.
Plantwijzer
1. natuurlijk systeem leidend: opgehoogde dekzandrug 2. bouw voort op cultuurhist. landschap: historisch centrum 3. bescherm natuurgebieden: nvt 4. verbindende structuren: vestinggordel 5. fijnmazig netwerk: straten en parken 6. beleefbare randen&routes: 7. 1000 speldenprikken: scharrelgroen, geveltuintjes 8. ontwikkel natuurwaarde: bloemrijke randen
K A R A K T E R I S T I E K: H I S TO R I S C H E H A N Z E S TA D A A N H E T WAT E R Het centrum bestaat uit de historische Hanze- en visserijstad, gelegen op een zandige uitloper van de Veluwe die grenst aan de oevers van de voormalige Zuiderzee, nu Wolderwijd en het Veluwemeer. Sporen van de historie zijn nog te vinden in de vorm van historische bebouwing, stratenpatroon en de oude singels rondom de binnenstad. Kenmerkend voor een historisch handelsstad is het bakstenige karakter van straatjes en pleinen, door de hoge bebouwingsdichtheid kent de binnenstad relatief weinig groen. De Vischmarkt, het Kerkplein, De Hortus en het Plantagepark vormen open groene plekken in het stedelijk weefsel. De binnenstad is van grote recreatieve betekenis voor zowel bewoners als bezoekers. Kwaliteiten • Het Kerkplein, de randen van het Kloosterplein (mooie oude haagbeuken), de Vischmarkt en de Hortus vormen bijzondere historische ‘groene eilanden’ in de stenige binnenstad. De Hortus is hierin uniek als groene oase van rust. • Monumentale bomen en bijzondere soorten zijn bepalend voor de sfeer in de oude parken. • Restanten van de oude vestinggordel zijn nog terug te vinden in de vorm van het Plantagepark, de gracht langs de Vitringasingel en op diverse plekken gedeeltes van de oude stadsmuur.
26 - BoschSlabbers
• Waardevolle waargenomen muursoorten zoals de muurleeuwebek, steenbreekvaren, muurbloem, mossen, etc. • Oude gebouwen bieden veel ruimte aan soorten als vleermuizen, (gier)zwaluwen en mussen • De Friese gracht en Diepegracht zijn goede blauwe verbindingen. Knelpunten: • De vestinggordel is niet meer herkenbaar als een ruimtelijke eenheid die de historische stad omringt. Verkeerswegen, parkeerterreinen en bebouwing fragmenteren de historische structuur. • In parken en groenstroken: beheer is gericht op kort gras met bomen, waarbij de tussenlaag - de struiklaag- ontbreekt. • Verharding tot aan de gevel. Ten dele weinig geveltuintjes.
“plantagepark is een super toffe en mooie plek. De grote mooie bomen zijn een lust om naar te kijken en van te genieten!”
overstekend groen en geveltuintjes
1 Vishmarkt
zuinig op groene parels voor verkoeling en rust
2 2 Hortuspark
Plantagepark
3
1
B E V I N D I N G E N VA N U I T D E A N A LYS E Bestaand aandeel groen
0
Hittestress (in graden)
+2°c
Soortendiversiteit (in aantal soorten)
0
1
K WA L I T E I T E N I N B E E L D 10
2
0.9
326
Bestaand aandeel groen: Scoort zeer laag op de 3-30300 regel, door het relatief versteende en boomarme karakter van de binnenstad. Wel liggen er waardevolle groene ‘eilandjes’ in de binnenstad die gekoesterd moeten worden. (bron: Cobra) Hittestress: Scoort relatief goed, men zal niet te veel hittestress ervaren. Ondanks het stennige karakter draagt de ligging aan het Randmeer bij aan een aangenamer klimaat. Ook schaduw door gebouwen draagt eraan bij. (bron: klimaateffectatlas) Soortendiversiteit: In de metingen zijn Centrum en Zeebuurt & Friesegracht samengevoegd. Totaal zijn 326 soorten waargenomen. De minst waargenomen soorten zijn reptielen, amfibieen & vissen, libellen, dagvlinders, vleermuizen en zoogdieren. (bron: Factsheet Natuurwaardenkaart)
0°c
1550
De Vischmarkt
De oude vestingsgordel in de vorm van het Plantagepark
Terug naar Inhoudsopgave
1
Ge op basee bewinbrenrd one g rs
1 00 B O M E N 1 00 JA A R Bescherm alle aanwezige gezonde bomen door verbetering plantplaats én zet in op nieuwe bomen met voldoende (ondergrondse) ruimte voor de monumentale bomen van de toekomst. Dat beperkt meteen het hitte-eilandeffect en daarbij gepaarde risico op hittestress! Vooral het Marktplein, één van de recreatieve verzamelplekken in het historisch centrum is nog sterk versteend en gevoelig voor hittestress. Niet alleen dragen bomen bij aan een beter lokaal klimaat maar ook aan de beleving en sfeer van de plek. Denk bijvoorbeeld aan de linde voor een ‘historische look’. Deze is in vele historische binnensteden te vinden op pleinen en bij kerken. Koester de (kleine) bomen die her en der in het straatprofiel staan (o.a. Kleine en Grote Marktstraat) en die tezamen het centrum vergroenen. Vergroen ook het Kloosterplein met bomen en beplanting: verbeter van de groeiplaats van de bestaande haagbeuken en hef de parkeerplekken op. Creëer een sfeervol kloosterplein met verwijzing naar klooster en bezinning. Het Lebuïnusplein in Deventer (voormalige parkeerplaats werd klimaatbewust kerkplein met historische verwijzing) kan hiervoor als inspiratie dienen.
2 ZGERTO IENN O P 1 K M E X T R A ‘OV E R S T E K E N D’ De ruimte binnen het centrum is beperkt, daarom is het vergroenen door middel van ‘overstekend’ groen langs draden over de straat een goed alternatief. Voor insecten en vogels de perfecte nest- en schuilplek! Kies voor snelle groeiers, anders moet je te lang wachten op het effect. De plant moet stevig zijn, maar niet te zwaar. Aanraders zijn de groenblijvende kamperfoelie, de wilde bosrank, de bergbosrank etc. De draden worden aangelegd door de gemeente, als ook de plantgaten. Ook beheer (snoei) vindt door de gemeente plaats, tenzij daar met omwonenden andere afspraken over gemaakt worden. Begin met niet-monumentale straten, zoals Rabbistraat, Doelenstraat, Molenstraat.
bomen: dit mag tweezijdig zijn om het robuuster te maken. Idealiter wordt ook de Vitringasingel flink vergroend; • Zorg voor oeverhabitat langs de gracht: door flauwe oevers, eilandjes of (drijvende) matten met oeverplanten; • Ecologische verbeteringen in beheer: minder maaien van gazons, met name bij Vitringasingel en Houtwal.
S P E L D E N P R I K - M E E R G E V E LT U I N TJ E S S.V. P. Geveltuintjes en bloempotten dragen sterk bij aan de groene en bloemrijke uitstraling van de straten! Ga door met het stimuleren hiervan middels ‘samen kleuren we de stad’-budget, eventueel in samenwerking met clubs als ‘Steenbreek’. Ook kunnen boomspiegels worden ingezaaid en onderhouden door aanwonenden, voor een nog bloemrijkere straat.
2
WAT K U N T U B I J D R AG E N • Creeër scharrelgroen: U kunt zelf bijdragen door het neerzetten van bloempotten langs de gevel of door de aanleg van kleine geveltuintjes. Zaai Stokrozen of Akelei langs de rand van de gevel of naast de regenpijp. Zie pagina 72 voor mogelijke maatregelen die u kunt treffen ter bevordering van de lokale biodiversiteit.
A M BA S SA D E U R : DAG PAU WO O G Deze soort is een liefhebber van bloemrijke randen in bermen langs de weg, parken en tuinen.
M E E R I N F O R M AT I E • Factsheet Natuurwaardenkaart • Brochure 100 bomen 100 Provincie Zuid-Holland
da
au gp
3
wo o g
Am
b a s s a d eu r -
de
3 V E RG RO E N D E V E ST I N G G O RDEL A L S GEHEEL
Versterk de herkenbaarheid van de doorgaande stadssingel rond het centrum, ook wanneer dat niet met water kan. Zorg voor een uitwerking in een integraal Schetsontwerp (SO) uitwerking voor het deel Vitringasingel tot Scheepssingel: • Trek de robuuste groenstructuur vanaf de Vitringasingel door over de Kuipwal tot aan de Scheepssingel. Plant meer bomen om de leesbaarheid van de vestinggordel te verbeteren. Voorbeeld is de Kuipwal die nu éénzijdig beplant is met fruit-
1
Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 27
2. Waterfront en dolfinarium
LEGENDA Jonge waterrijke wijk
Bebouwd gebied - De oeverarchipel
Ruimte voor natuurlijk spelen
KO E R S VO O R N AT U U R E N G R O E N Motto: De oeverarchipel voor mens en dier Er is recent veel winst behaald, behoud dit! Zet her en der nog de ‘waterrijke’ puntjes op de i. Onderzoek de mogelijkheden voor het vergroten van de diversiteit aan oeverhabitats! Bijvoorbeeld door helofytenzones langs kades/beschoeiingen, (drijvende) rieteilanden (bijv. tussen Vispoortbrug en Strandeiland) en meer onderwaternatuur door ondiepe, luwe zones en/of dood hout in het water als schuilplek en viskraamkamer. Houdt hierbij rekening met vaargebieden en aanmeerplaatsen. Mogelijk kunnen kades ruimte gaan bieden voor mossen en muurplantjes. Speeltuintjes mogen natuurlijk spelen bevorderen. In Fase 3 van het Waterfront worden drijvende eilanden aangelegd met oeverbeplanting om de biodiversiteit en waterkwaliteit in de waterlopen te versterken, een geweldig startpunt! Horend bij deze oeversfeer zijn echte oeverbomen, liefst overhangend over het water. Investeer in vestigingsmogelijkheden voor oeversoorten, zoals zwaluw(soorten) en libelles. Voor nieuwbouw geldt: Natuurinclusief is het nieuwe normaal! Zorg voor witte gevels of dakoverstekken rond het waterfront of maak gaten in een grondkeermuur (zwaluwmuur).
Wordt het Dolfinariumeiland stedelijk ontwikkeld, doe dit dan Stadspark met waterrijk karakter, zachte oevers, veel groen (3-30-300) als tegenhanger van het stenige verdichte karakter van Waterfront.
Plantwijzer
1. natuurlijk systeem leidend: opgespoten en opgehoogde grond 2. bouw voort op cultuurhist. landschap: n.v.t. 3. bescherm natuurgebieden: nvt 4. verbindende structuren: oeverzone 5. fijnmazig netwerk: groenstroken en groene binnentuinen 6. beleefbare randen&routes: stadsoeverarchipel 7. 1000 speldenprikken: nestkasten, inheemse vegetatie in tuinen 8. ontwikkel natuurwaarde: nestmogelijkheden aan gevels
K A R A K T E R I S T I E K: A R C H I P E L VA N STEDELIJKE EILANDEN Rondom de oude binnenstad heeft zich een aantal attractiepunten van stedelijk en regionaal niveau gevestigd zoals het Dolfinarium en de (jacht)havens. Met de ontwikkeling van het Waterfront versterkt Harderwijk haar relatie met het water. Het creëren van het ‘Dolfinariumeiland’ door graven van water en inrichten van de Strandboulevard heeft hier sterk aan bijgedragen. Het voormalig haventerrein wordt verderomgevormd tot een aantrekkelijke woonomgeving aan het water. Ten westen van het Dolfinariumeiland ligt Strandeiland, een evenemententerrein genaamd De Wijde Wellen met een hondenstrand en ijsbaan. Kwa lite i te n n a t uu r en g ro en : • Archipel van (schier)eilanden, omgeven door water. Grote diversiteit aan oevers, zowel parkachtig en groen als stenige kades. • Meeuwen, futen, zwanen en zwaluwen aan de waterkant, vlinders in de tuinen. Rond het Dolfinarium bevinden zich interessante soorten zoals verschillende soorten vlinders, klimop (interessant voor vogels) en meeuwen die daar ook graag komen (door afval van bezoekers). • De tijdelijk braakliggende terreinen brengen eigen natuurwaarden met zich mee. Kne l pu n te n n a t uu r en g ro en :
28 - BoschSlabbers
• Aanwezig groen heeft minimale ecologische waarde; • De inrichting van de boulevard is relatief stenig. Er is meer parkeerplaats dan fiets- en wandelruimte, en weinig zicht op de groene oever; • Heel weinig ruimte voor groen bij nieuwbouw. Keurig groen beeld, maar de kleine hagen hebben ecologisch gezien weinig ‘zin’. De kleine groene zones/binnentuinen hebben momenteel weinig ecologische waarde (groene woestijn). • Alle oevers zijn beschoeid; weinig ecologische waarde door afwezigheid van ecologische oevers • De buitenrand van het Dolfinarium met parkeerplaats en grasweides vraagt om een kwaliteitsslag voor groen en ecologie binnen de ontwikkeling die nog gaat komen. • Klimaatverandering: groter risico op opwarming van (stedelijk) oppervlaktewater, i.c.m. eutrofiering kan dit leiden tot slechte waterkwaliteit en verstoorde ecologie (algenbloei, vissterfte, botulisme).
Nieuwe aaneengesloten drijven natuur eilanden
Waterfront
Stadspark op dolfinarium eiland met zachte oevers
1
Diverse oeverhabitats
2
Kwaliteitsimpuls in openbare binnentuinjtes
Dolfinarium
3
B E V I N D I N G E N VA N U I T D E A N A LYS E Bestaand aandeel groen
0
Hittestress (in graden)
+2°c
Soortendiversiteit (in aantal soorten)
0
K WA L I T E I T E N I N B E E L D 10
2
0.4
308
Bestaand aandeel groen: Scoort zeer laag op de 3-30300 regel, voornamelijk omdat kleine bomen niet in de meting worden meegenomen. Hun impact is momenteel minimaal. Deze zullen -naarmate ze groter worden- meer waarde toevoegen aan de omgeving. Wel mist er in het openbaar groen diversiteit en gelaagdheid van beplanting in nabijheid van de woningen. (bron: Cobra) Hittestress: Scoort zeer goed, het gemiddelde luchtemperatuursverschil tussen stedelijk en omliggende landelijk gebied is laag. Ondanks het lage groen percentage draagt de ligging aan het Randmeer bij aan een aangenaam stedelijk klimaat. (bron: klimaateffectatlas) Soortendiversiteit: Totaal zijn 308 soorten waargenomen. De minst waargenomen soorten zijn reptielen, amfibieen & vissen, Libellen, dagvlinders, vleermuizen, zoogdieren en mossen & schimmels. (bron: Factsheet Natuurwaardenkaart)
0°c
1550
Diversiteit aan oevers
Terug naar Inhoudsopgave
G R O E N E K WA L I T E I T S S L AG D O L F I N A R I U M 3 De buitenrand van het Dolfinarium met parkeerplaats
Ge op basee bewinbrenrd one g rs
en grasweides wordt op termijn stedelijk ontwikkeld en biedt in de tussentijd enorme kansen voor (tijdelijk) groen en ecologie. Ontwikkel de kale grasweides tot bloemrijk veld met enkele wilgen en maai hier plekken in uit. De parkeerplaats kan een halfverharde ‘pocketbosparking’ worden door deze te herinrichten met aanplant van 500 tot 1000 (!) elzenstaakjes. Neem de parkeerplaats van de Intratuin Elst maar eens als inspiratie als boomrijke overzichtelijke parking! Water vanaf de parkeerplaatsen wordt bij voorkeur gefilterd in helofyten voordat het afstroomt op het meer. K WA L I T E I T S I M P U L S I N S E M I - P U B L I E K E B I N N E N T U I N TJ E S - S P E L D E N P R I K De semi-publieke groene ruimtes binnen de woonwijk vormen zeer waardevolle plekken voor zowel mens als dier. Momenteel bestaan deze plekken uit gras en bomen. Gewenst is om deze interessanter te maken voor o.a. de huiszwaluw (ambassadeur van het gebied) aan de hand van de 5 V’s (verblijfplaats, voedsel, verbinding, veiligheid en variatie). Biedt nestmogelijkheden aan de onderzijde van uitstekende dakranden van crème of witte gevels, bij voorkeur op de noord- of oostzijde. De aanvliegroute naar het nest mag niet belemmerd worden door hoge bomen. Binnen een straal van 200 meter moet er modder, klei of leem te vinden zijn. Zet hiervoor in op speeltuintjes (zie hieronder).
Aanwezigheid van voedsel (insecten) is van belang. Creër meer gelaagdheid in het groen en meer natuurlijk beheer. Dit zorgt voor een groter
WAT K U N T U B I J D R AG E N • Overhangende daken/goten kunnen benut worden t.b.v. de huiszwaluw. In het bijzonder huizen met witte gevels. Mogelijk overlast door uitwerpselen van vogels kan verholpen worden door een plankje onder het nest. • Ook bij de tuinen geldt dat de biodiversiteit verhoogd kan worden door meer inheemse vegetatie aan te planten, waaronder jaarrond groenblijvende planten, bloemrijk een kruidenrijke vegetaties. • De aangelegde heggen zijn te smal om van nut te zijn voor soorten. Breid het groen uit met gevelbeplanting. Zie pagina 72 voor mogelijke maatregelen die u kunt treffen ter bevordering van de lokale biodiversiteit. A M BA S SA D E U R : H U I S Z WA LU W Vooral in open gebied, in de omgeving van allerlei typen gebouwen en bruggen, die voor de huiszwaluw als alternatieve nestgelegenheid kunnen dienen. Maakt nesten tegen de gevel. Vooral op waterrijke plekken wordt naar voedsel gezocht. Daar houden de grootste aantallen vliegende insecten (muggen) zich op.
1
2
3
M E E R I N F O R M AT I E • Factsheet Natuurwaardenkaart
de
N I E U W E A A N E E N G E S LOT E N D R I J V E N D E E I L A N D E N M E T N AT U U R F U N C T I E Onderzoek nut en noodzaak van extra oeveringrepen in het stedelijk gebied. Denk hierbij aan drijvende matten, land-water overgangen maar ook aan ingrepen in of onder water, zoals dood hout ten behoeve van schuilplaats voor vissen. De eilanden kunnen waardevol zijn voor watergebonden vogels en schuilplek bieden voor vissen.
voedselaanbod, en beschutting om te vluchten voor andere vogelsoorten. De tuintjes worden tevens interessanter voor vogels door open zand toe te voegen (vogelzand). Aangezien deze tuintjes in bezit zijn van de VVE’s vergt dit vanzelfsprekend afstemming.
hu
w isz
a lu w
b a s s a d eu r -
2
N AT U U R L I J K S P E L E N I N WAT E R F R O N T Een natuurlijke speelplaats is een mooi middel om spelen te combineren met lokale biodiversiteit. Gebruik hierbij toestellen of speelaanleidingen (stapstenen, klimstammen, etc.) van natuurlijke materialen. Zorg voor aanwezigheid van natuurlijke elementen als water, zand, gras en opgaand groen. Creëer waterspeelplekken voor kinderen die ook modderplekjes bieden voor zwaluwen.
Am
1
Ge op basee bewinbrenrd one g rs
Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 29
LEGENDA
3. Zeebuurt & Friese Gracht
Gemixte aaneengesloten lanen Groene straten en voortuinen met bloeiende beplanting
Bebouwd gebied - Nectarparadijs en groene voordeur
Flevowegpark
3
Vergroen ruimte die niet nodig is voor verkeer
KO E R S VO O R N AT U U R & G R O E N Motto: Nektarparadijs Friesegracht en groenbonte zeebuurtstraten In de oude Zeebuurt (oranje daken) ligt de belangrijkste opgave vooral in het vergroenen van de woonstraatjes door toevoeging van (kleine) bomen en bloemrijke boomspiegels in het straatprofiel. De soortenkeuze mag verwijzen naar het water, ook mogen hier kleurrijke gecultiveerde soorten en exoten staan als verwijzing naar hetgeen van ver werd aangevoerd. In oostelijk Zeebuurt (grijze daken, jaren ‘80) liggen kansen om te ontstenen door de vele parkeerstroken te voorzien van halfverharding en alle ruimte die niet nodig is voor verkeer te vergroenen. De hier aanwezige parkstrook kan anders beheerd om meer kruidenrijk gras met uitgemaaide paden en ruimtes toe te staan. Friese Gracht mag nog veel meer gaan verwijzen naar de voormalige kwekerijen, zowel in de straten als in het Friesegrachtpark. Zorg voor meer bloemen en fruitbomen zoals (sier)kers, appel en peer. Maak er een nektarparadijs van voor insecten; zorg voor aaneengesloten voedselaanbod door het jaar heen (bloeiboog). Bloemen geven een bijzondere sfeer aan bermen, overhoeken (bijv. rotonde Hierdenseweg/Newtonweg) en ook in voortuinen. En zijn goed voor de dagpauwoog! Grote winst valt ook te behalen rond de rotonde bij Bleek. Hier liggen ook kansen voor ‘muurgroen’ in de vorm van begroeide draden, palen e.d.
Zet in op lanen met een verscheidenheid aan soorten (bij vervanging, zie: overkoepelende structuren).
Plantwijzer
1. natuurlijk systeem leidend: hoge flanken, dekzandrug 2. bouw voort op cultuurhist. landschap: essenlandschap 3. bescherm natuurgebieden: n.v.t. 4. verbindende structuren: radialen, Het Sypelpark 5. fijnmazig netwerk: straten 6. beleefbare randen&routes: 7. 1000 speldenprikken: nestkasten, groene vooren achtertuinen 8. ontwikkel natuurwaarde: bloemrijke randen
K A R A K T E R I S T I E K - V E R Z A M E L I N G VA N B U U R TJ E S E N S T R AT E N R O N D O M O U D E CENTRUM Hoewel Zeebuurt & Friese Gracht direct grenzen aan het historisch centrum is het merendeel van de huizen relatief jong. Aan het begin van de 20e eeuw bevonden zich op de vruchtbare gronden direct rond de binnenstad vele stadskwekerijen en moestuinen/ boomgaardjes om de inwoners van voedsel te voorzien. Daarbuiten lagen akkers. De eerste uitbreidingen van de stad aan het begin van de eeuw vonden daarom vooral nabij het station plaats en niet hier. Geleidelijk aan raakte ook dit gebied bebouwd; in eerste instantie lintbebouwing langs de oude wegen zoals de Stationslaan (mede door de kazernes), Frisialaan en de Hierdenseweg. Friese Gracht kent door de geleidelijke groeiwijze een gevarieerde stedenbouwkundige opzet. Oudere bebouwingslinten worden afgewisseld door planmatig ontwikkelde buurten uit diverse tijdsperioden. Dwars door Friese Gracht loopt een brede parkstrook gekoppeld aan de Sypelloop. Pas na de oorlog werd in dit deelgebied de eerste planmatige wijk van Harderwijk ontwikkeld; de Zeebuurt. Ze dankt haar naam aan het gegeven dat in 1947 er woningen zijn gebouwd nabij de haven. Deze woningen werden voornamelijk bewoond door vissersgezinnen. In de jaren ’70-’80 zijn de resterende delen Zeebuurt bebouwd.
Het oorspronkelijke deel vormt een karakteristieke stedenbouwkundige eenheid, een oude volksbuurt. Recent zijn grote delen
30 - BoschSlabbers
Groen en klimaatbestendige pleinen en parken
2
1
3
Het Sypelpark
gerenoveerd, inclusief verbetering van de openbare ruimte. Kwaliteiten • Dwars door Friese Gracht loopt een parkstrook die de loop van de oude Sypelbeek volgt. Aan de parkrand ligt het Hoge Pad; een belangrijke langzaamverkeersroute richting de binnenstad. Hierlangs bevinden zich volkstuinen, die een sociale en recreatieve functie vervullen en verwijzen naar de voormalige kwekerijen. • Aanwezigheid van verschillende soorten zoals de huismus, gierzwaluw en vleermuis • Stevige groene bomenlanen en waterpartijen fungeren als groenblauwe vliegzones: Selhorstweg, Stationslaan,Hierdenseweg, parken. Knelpunten: • De Zeebuurt is een versteende wijk met weinig (openbaar) groen en natuurwaarden en smalle stenige straatprofielen. De renovatie heeft niet geleid tot bomen in het wegprofiel. Het spaarzame groen bezit op dit moment een lage kwaliteit. Ook delen van Friesegracht zijn heel stenig. • Het gebied rond de kruising Bleek/SelhorstwegHierdenseweg is -ondanks een aantal vergroenende ingrepen- nog steeds flink stenig. • In sommige renovatiegevels zijn geen voorzieningen voor vleermuizen of vogels meegenomen. • Versteende voortuinen.
B E V I N D I N G E N VA N U I T D E A N A LYS E
K WA L I T E I T E N I N B E E L D
Bestaand aandeel groen
0
3
10
Hittestress (in graden)
+2°c
1.4
0°c
Soortendiversiteit (in aantal soorten)
0
326
Bestaand aandeel groen: Scoort laag op de 3-30300 regel, doordat straten vrij stenig zijn met amper bomen. Dit geldt vooral voor de centraal en oostelijk gelegen buurten. De enige plek waar veel bomen staan is het Friesegrachtpark. (bron: Cobra) Hittestress: Scoort relatief slecht, het gemiddelde luchtemperatuursverschil tussen deze wijk en omliggende landelijk gebied is relatief hoog. Het verschil is het hoogst in de meest stenige buurten (midden en oost) en het laagst rond het Friesegrachtpark. (bron: klimaateffectatlas) Soortendiversiteit: In deze metingen van waargenomen soorten reptielen, amfibieen & vissen, libellen, dagvlinders, vleermuizen en zoogdieren zijn Centrum en Zeebuurt & Friesegracht samengevoegd. Totaal zijn 326 soorten waargenomen, relatief weinig. (bron: Factsheet Natuurwaardenkaart)
1550
Het Friesegrachtpark
Stevige groene bomenlaan
Terug naar Inhoudsopgave
1
G E M I X T E E N A A N E E N G E S LOT E N L A N E N HOGEWEG, HIERDENSEWEG, SELHORSTWEG E N S TAT I O N S L A A N Het toepassen van verschillende soorten binnen een bomenlaan zorgt voor meer biodiversiteit doordat elke soort boom een andere aantrekkingskracht heeft tot bijvoorbeeld insecten en vogels. Variëteit zorgt voor een robuuste en veerkrachtige groenstructuur bijvoorbeeld tegen ziektes/plagen. Bij het toepassen van meer diversiteit binnen bomenlanen kan vervanging geleidelijk plaatsvinden. Een variërend beeld kan bereikt worden door middel van (inheemse) soorten die in formaat, bladtextuur en transparantie verschillen.
2 Z E E P L E I N K L I M A AT B E S T E N D I G I N R I C H T E N
WAT K U N T U B I J D R AG E N • Installeren van nestkasjes voor vogels en vleermuizen. • Vergroenen van voor- en achtertuin • Bij vergroenen van tuinen maak gebruik van nectarproducerende en besdragende plantensoorten. Zie pagina 72 voor mogelijke maatregelen die u kunt treffen ter bevordering van de lokale biodiversiteit.
1
A M BA S SA D E U R : DAG PAU WO O G Deze soort is een liefhebber van bloemrijke randen in bermen langs de weg, parken en tuinen. M E E R I N F O R M AT I E • Factsheet Natuurwaardenkaart
2
Elke kans om de Zeebuurt de vergroenen moet gegrepen worden. Bij het Zeeplein onstaat nu een mooie kans om deze klimaatbestendig in te richten én te vergroenen voor de directe omgeving. Denk aan de ambassadeur ‘de dagpauwoog’: Plaats bijvoorbeeld (nectar)bomen en (vlinder)struiken met een kruidenrijke onderlaag. Bekijk dit in samenhang met de klimaatbestendigheidsopgave.
3
3 G R O E N E WO O N S T R AT E N
Z A A I B O O M S P I E G E L S I N M E T B LO E M R I J K MENGSEL - SPELDENPRIK Daar waar nog boomroosters zitten kunnen die vervangen worden door beplanting. De gemeente zou de mogelijkheid kunnen bieden aan bewoners om boomspiegels te ‘adopteren’ en zaad voor vlinderbloemen aan te bieden. Aanplant en onderhoud wordt door de bewoners gedaan.
d
p ag
au w
oog
b a s s a d eu r -
GROENE TUINEN! - SPELDENPRIK Doorbreek de versteende tuintrend! Er liggen veel kansen in het vergroenen van privé voortuintjes: meer groen, meer nectarplanten, meer vlinders! Deels is dit al eens opgepakt door een enthousiaste bewoner, waarmee de Steenbreektrofee is gewonnen. Pak dit aan op buurtniveau. In het aanpakken van de nog versteende voortuinen moet de gemeente de leiding nemen om de eerste stappen te zetten, bijvoorbeeld door de Aanjager Natuurlijk Groen in te zetten als ‘tuinkwartiermaker’ of de Tuincoaches in te zetten. Hierbij kan de gemeente de mogelijkheid bieden om maximaal 10m2 bestrating te vervangen door vlinderaantrekkelijke beplanting waarbij de gemeente de beplanting aanlevert. Voorwaarde kan zijn dat meerdere bewoners/buren uit de straat mee moeten doen. Men moet een voortuin hebben.
de
Vergroen de woonstraatjes met (kleine) bomen met ondergrondse voorzieningen en/of struiken. Benut het als meekoppelkans tijdens renovaties of rioleringswerkzaamheden. Dit kan in samenwerking met de gemeente en inwoners.