CConstaterende datHarderwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

2a. Toelichting en regels - Small Smart Houses Horloseweg.pdf

Commissie Ruimte 24 juni 2021, gemeente HarderwijkBij agendapunt: Bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg21.763 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

Inhoudsopgave

Toelichting

5

Hoofdstukl

Inleiding

5

1.1

Aanleiding en doel

5

1.2

Ligging en beschrijving plangebied

5

1.3

Geldend bestemmingsplan

7

1.4

De bij het plan behorende stukken

8

1.5

Leeswijzer

9

Hoofdstuk2

Beleidskader

11

2.1

Algemeen

11

2.2

Ruimtelijk beleid

11

2.3

Woonbeleid

17

2.4

Archeologie en monumentenbeleid

19

2.5

Welstandsbeleid

19

2.6

Milieubeleid

20

2.7

Bodembeleid

21

2.8

Waterbeleid

21

2.9

Groenbeleid

25

2.10 Verkeers- en vervoersbeleid

25

2.11 Conclusie

26

Hoofdstuk3

Planbeschrijving

27

3.1

Inleiding

27

3.2

Context

27

3.3

Plangebied

29

3.4

Nieuwe situatie

30

Hoofdstuk4

Onderzoek

33

4.1

Algemeen

33

4.2

Cultuurhistorie en archeologie

33

4.3

Natuurwaarden

35

4.4

Watertoets

37

4.5

Milieu

39

4.6

Verkeer en parkeren

47

Hoofdstuk5 5.1

Juridische aspecten

49

Inleiding

49

2

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

5.2

Bestemmingsbepalingen - Wonen

49

5.3

Handhaving

50

Hoofdstuk6

Economische uitvoerbaarheid

53

Hoofdstukľ

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

55

7.1

Inspraak

55

7.2

Vooroverleg

55

57

Regels Hoofdstukl

Inleidende regels

59

Artikel 1

Begrippen

59

Artikel 2

Wijze van meten

63

Bestemmingsregels

65

Artikel 3

Wonen

65

Artikel 4

Groen

67

Hoofdstuk3

Algemene regels

69

Artikel 5

Anti-dubbeltelregel

69

Artikel 6

Algemene gebruiksregels

70

Artikel 7

Algemene aanduidingsregels

71

Artikel 8

Algemene afwijkingsregels

72

Hoofdstuk4

Overgangs- en slotregels

73

Artikel 9

Overgangsrecht

73

Artikel 10

Slotregel

74

Hoofdstuk2

Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1

Beeldkwaliteitcriteria

Bijlage 2

Natuurwaardenonderzoek

Bijlage 3

Watertoets

Bijlage 4

Akoestischonderzoek

Bijlage 5

Aanvulling akoestisch onderzoek

Bijlage 6

Verkennend bodemonderzoek asbest

Bijlage 7

Verkeerstellingen

Bijlage 8

Notitie vooroverleg

3

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

4

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

Toelichting Hoofdstuk 1

1.1

Inleiding

Aanleiding en doel

Het bestemmingsplan 'Drielanden - Groene Zoom' is op 24 april 2014 door de gemeenteraad vastgesteld en met ingang van 28 januari 2015 onherroepelijk geworden. In dit bestemmingsplan zijn voor tien locaties wijzigingsbevoegdheden opgenomen. Deze wijzigingsbevoegdheden voorzien onder ander in de ontwikkeling van nieuwe woningen. Voor het perceel aan de Horloseweg, naast nummer 60 (wijzigingsgebied 10) zijn de plannen inmiddels concreet. Op dit perceel zijn minimaal 20 micro-woningen ofwel 'Small Smart Houses' voorzien, waarbij ook sprake is van een hoogwaardige landschappelijke inrichting van het perceel. Vanwege het aantal woningen (20 in plaats van drie) is het niet mogelijk om dit plan mogelijk te maken binnen de voorwaarden van de geldende wijzigingsbevoegdheid. De voorgenomen ontwikkeling is in overeenstemming met de ambitie uit de vastgestelde structuurvisie 'De Groene Zoom' om binnen dit gebied kleinschalige woningbouwontwikkelingen toe te laten. Daarnaast wordt met dit plan bijgedragen aan de ambities uit de Woonvisie Harderwijk om goedkope koopwoningen te bouwen, waarbij invulling wordt gegeven aan de gewenste keuzevrijheid in diversiteit in woningtypologieën en woonmilieus. Hierom is besloten om deze ontwikkeling mogelijk te maken met deze herziening van het bestemmingsplan 'Drielanden - Groene Zoom'.

Het doel van het bestemmingsplan "Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg" is het vastleggen van de planologische juridische basis waarbinnen deze microwoningen mogelijk worden. Ook is het een toetsingskader voor de bouw- en gebruiksmogelijkheden van de woningen en alle bijbehorende gronden. Hierbij is gezocht naar een balans tussen het bieden van voldoende mogelijkheden voor de woningen, de gemeenschappelijke ruimte en de landschappelijke inrichting enerzijds en het bieden van voldoende rechtszekerheid anderzijds. Het bestemmingsplan "Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg" herziet voor het gedeelte van het plangebied het bestemmingsplan 'Drielanden - Groene Zoom'.

1.2

Ligging en beschrijving plangebied

1.2.1 Ligging Het plangebied (zie afbeeldingen) ligt ten zuid westen van Harderwijk en wordt globaal begrens door de Groene Zoomweg in het noorden, de gemeentegrens met Ermelo net ten noorden van de Horloseweg en Horloseweg 60 aan de westkant. De grens van het 'wijzigingsgebied 10' uit het geldende bestemmingsplan 'Drielanden - Groene Zoom' vormt de exacte begrenzing van het plangebied.

5

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

Wolderwijd

Afbeelding: ligging plangebied

Ş ;'

♦M-

' -.i„5 ŕ.

,_, ^

Afbeelding: ligging plangebied

6

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

1.2.2 Huidige situatie Het plangebied ligt aan de Horloseweg en wordt vanaf daar ontsloten. Op dit moment bestaat het plangebied uit twee vrij natte grasveldjes, gescheiden door een rij bomen en struiken. Ook rond het gebied staand verschillende bomen en struiken. Er is geen sprake van een actief gebruik van het plangebied.

Groene Zoomweg

Afbeelding: huidige situatie plangebied

1.3

Geldend bestemmingsplan

Het bestemmingsplan 'Drielanden - Groene Zoom' is op 24 april 2014 door de gemeenteraad vastgesteld en met ingang van 28 januari 2015 onherroepelijk geworden. Het plangebied heeft de bestemming 'Groen'. Het noordelijk deel van het plangebied heeft een dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2', het zuidelijk deel de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 1'. Voor het perceel is de aanduiding 'wetgevingszone - wijzigingsgebied 10' opgenomen.

7

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

f 4- 4- 4- 4 f4444444 f

4

4

4

4

4

+ + + + +

4

+ + 4

4 -

f 4- 4- 4- 4 f

4

4

4

4

4

f

4

4

4

4

4

f4444 4

+

4/4 ƒ4

4

4

4

t

-f

í

444444444444444

4

4

4

4

4

4

444444444

4

4

4

4

4

4

4

4

4

4

4

4

4

44444444444444

4 4

4

44444444444444

-1+Ĩ+

4/4

4/4

4

4

4

4

444444444444

4

4

4

4

4

44444444

444444444

4/444

444444444 4

4

4

Afbeelding: geldend bestemmingsplan

De gewenste ontwikkeling van de 20 Small Smart Houses kan niet binnen de mogelijkheden van de geldende bestemming of de wijzigingsbevoegdheid uitgevoerd worden. Via deze wijzigingsbevoegdheid kan het mogelijk gemaakt worden om maximaal 3 vrijstaande woningen op kavels groter dan 1000m2 te bouwen. Daarbij mogen de woningen maximaal 150m2 bedragen met daarbij maximaal 125m2 aan bijbehorende bouwwerken. Om de bouw van de 20 microwoningen mogelijk te maken moet het geldende bestemmingsplan herzien worden wat heeft geresulteerd in dit bestemmingsplan 'Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg'.

1.4 De bij het plan behorende stukken Het bestemmingsplan "Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg" heeft als IMRO-idn NL.IMR0.0243.BP00254--0002 en bestaat uit een gml-bestand, regels en een toelichting. Het gml-bestand kent een analoge en digitale verbeelding. De analoge versie van het plan betreft een boekje met kaarten (PDF of hardcopy). De digitale versie is te raadplegen via de landelijke voorziening (www.ruimtelijkeplannen.nl). De verbeelding en de regels vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan en moeten in samenhang gelezen te worden. Indien er verschil bestaat tussen de analoge en de digitale verbeelding, gaat de digitale verbeelding voor. Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plangebied begrepen gronden en opstallen aangegeven. Aan deze bestemmingen zijn regels gekoppeld. De toelichting van dit bestemmingsplan heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting geeft aan wat de beweegredenen en achtergronden zijn die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen en doet verslag van het onderzoek dat aan het bestemmingsplan vooraf is gegaan. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan.

8

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

1.5 Leeswijzer De toelichting van het bestemmingsplan "Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg" begint met een beschrijving van de beleidskaders in Hoofdstuk 2. In Hoofdstuk 3 staat de planbeschrijving waarna in Hoofdstuk 4 de relevantie omgevingsaspecten als onder meer archeologie, ecologie, water en milieu worden behandeld. Vervolgens behandelen de hoofdstukken 5, 6 en 7 achter een volgens de juridische, economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.

9

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

10

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

Hoofdstuk 2 2.1

Beleidskader

Algemeen

Het (inter)nationale en provinciale beleid is neergelegd in verschillende nota's betreffende de ruimtelijke ordening, alsmede in de verschillende structuurvisies. Een "doorzetting" van dit beleid vindt veelal plaats in verschillende gemeentelijke en provinciale uitwerkingsnota's, beleidsplannen en bestemmingsplannen. Ook binnen de gemeente Harderwijk is dit het geval. Het beleid zoals dat door de hogere overheden wordt voorgestaan, is veelal van een andere schaal en aard dan de schaal die noodzakelijk is voor het opstellen van een (kleinschalig) bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is een herziening van het bestemmingsplan 'Drielanden - Groene Zoom'. In de toelichting van dit bestemmingsplan is uitvoerig ingegaan op nationaal, provinciaal en gemeentelijk beleid dat van toepassing is op het plangebied De Groene Zoom. Nu dit bestemmingsplan in 2015 onherroepelijk geworden is, kan in eerste instantie worden volstaan met een verwijzing naar de beschrijving van dit beleid in hoofdstuk 3 van de toelichting van dit bestemmingsplan. In dit hoofdstuk wordt uitsluitend ingegaan op de eventuele voor het plangebied relevante wijzigingen van dit beleid aangevuld met beleid dat relevant is voor de beoogde ontwikkeling.

2.2

Ruimtelijk beleid

2.2.1

Ladder voor duurzame verstedelijking

De Ladder voor duurzame verstedelijking is gewijzigd per 1 juli 2017. De Ladder als motiveergrond voor ruimtelijke plannen blijft, maar wordt lichter in het gebruik. Gemeenten moeten plannen die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maken, motiveren volgens de Ladder. Het doel van de Ladder is zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik, met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en ontwikkelingen in de omgeving. De Ladder geeft daarmee invulling aan het nationaal ruimtelijk belang gericht op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij ruimtelijke besluiten. Dit belang staat beschreven in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte binnen een breder kader van een goede ruimtelijke ordening. In de Handreiking ladder voor duurzame verstedelijking staat dat er geen ondergrens is bepaald voor wat een ‘stedelijke ontwikkeling’ is. Op basis van jurisprudentie blijkt dat voor woningbouwlocaties vanaf twaalf woningen sprake is van een stedelijke ontwikkeling (ABRvS 25 maart 2015, nr. 201407135/1/R1). Dit bestemmingsplan voorziet in de bouw van minimaal 20 Small Smart Houses. Dit betekent dat er sprake is van een stedelijke ontwikkeling waarbij een toets aan de Lader voor duurzame verstedelijking nodig is. Uit de Woonvisie Harderwijk blijkt een duidelijk tekort aan woningen in de prijsklasse tot 200.000 euro.

Deze ontwikkeling voorziet in minimaal 20 woningen die in deze prijsklasse liggen. Daarmee wordt bijgedragen aan het verkleinen van het genoemde tekort en geeft uitvoering aan het woonbeleid van de gemeente. De ambitie om specifiek in het plangebied woningbouw mogelijk te maken komt voort uit de vastgestelde structuurvisie 'De Groene Zoom'. De Groene Zoom wordt gezien als een stedelijk uitloopgebied voor Ermelo en Harderwijk, met daarin recreatieve functies die overeenkomen met de schaalgrootte van het gebied. Het groene karakter dient daarbij te overheersen. Nieuwe 'rode' functie moeten passen binnen dit groene karakter en vormen de financiële drager van deze groene functies. Daarbij is het van belang dat de rode ontwikkelingen aansluiten bij het behoud van het groene karakter en bijdragen aan de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit van het gebied. Het plangebied ligt in deelgebied A en bevindt zich in het meest westelijk deel van de Groene Zoom tussen kasteel Groot Horloo en de Groene Zoomweg. Dit gebied wordt gekenmerkt door drassige graslanden met natuurlijk grasland beheer.

11

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

LEGENDA

Spoofijn Amersfcort-Zwdl*

Ontsluiting mat laanbtpbnljng

OľC Larvgraarm'arVaarsrtxila

Rode ontekkellngt

Uitsnede Structuurvisie Groene Zoom

Het plangebied is in deze visie aangemerkt als een gebied waar mogelijkheden gezien worden voor kleinschalige woningbouwontwikkelingen. In de Groene Zoom zijn de nieuwe kleinschalige woningbouwontwikkelingen geprojecteerd in gebieden waar al woningen Z bebouwing aanwezig is. Samen met de bestaande bebouwing ontstaan er op die manier diverse woningbouwclusters die van elkaar gescheiden worden door onbebouwde groene ruimtes. In eerste instantie is hierbij gedacht aan het toevoegen van maximaal 3 vrijstaande woningen van maximaal 150m2 met daarbij maximaal 125m2 aan bijbehorende bouwwerken. Gezien de behoefte aan kleinere woningen in een goedkopere categorie, is gekozen voor de microwoningen op deze locatie. Gelet op het geringe verschil in vierkante meters bebouwing tussen de vrijstaande woningen en de microwoningen, wordt dit ruimtelijk aanvaardbaar geacht. In dit geval ontstaat er een kleinschalig woongebied , verscholen in het groen door een omheining van houtwallen en bos. Dit sluit aan bij de uitgangspunten van de structuurvisie. Verder zijn er - zoals blijkt uit de toelichting van het bestemmingsplan - geen belemmeringen die woningen op deze plek in de weg staan. Geconcludeerd mag worden dat er wordt voldaan aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. 2.2.2

Omgevingsvisie Gelderland en Omgevingsverordening Gelderland

Provinciale Staten hebben op woensdag 19 december 2018 de nieuwe Omgevingsvisie Gaaf Gelderland en geactualiseerde Omgevingsverordening vastgesteld. In deze omgevingsvisie wordt benoemd wat historisch en landschappelijk gezien van waarde is en wat beschermd moet worden. Daarnaast wordt beschreven wat 'cool’, nieuw en vernieuwend is en daarmee juist aantrekkelijk is voor nieuwe generaties. De omgevingsvisie schetst het beeld op de toekomst en geeft hiermee richting aan wat gewenst is en wat veranderd en ontwikkeld moet worden. Een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland staat daarbij centraal. Dat is het streven en waar aan gewerkt moet worden. Dit wordt gedaan door bij de uitoefening van de provinciale taken de focus te leggen op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Met behulp van zeven ambities - op het terrein van energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, economisch vestigingsklimaat en op het woon- en leefklimaat - wordt hier richting aan gegeven. Door vier ‘spelregels’ of ‘Doe-principes’ - DOEN, LATEN, ZELF en SAMEN - wordt hier vervolgens werking aan gegeven. Samen vormen zij het kader waar binnen de provincie Gelderland werkt en afwegingen maakt. De nadere invulling vindt plaats via provinciale uitvoeringsprogramma's en samenwerking met partners.

Daarmee is de Omgevingsvisie een 'plan' dat richting geeft en ruimte biedt; geen plan met exacte antwoorden. Ofwel: 'de Omgevingsvisie gaat over het speelveld en de spelregels, niet over de uitkomst

12

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

van het spel. In de Omgevingsverordening zijn regels en bepalingen over de inrichting en beheer van de ruimtelijke omgeving vastgelegd. Met de Omgevingsvisie en -verordening wordt vooruit gelopen op de aankomende Omgevingswet, die in 2022 van kracht wordt. Deze wet biedt meer ruimte voor initiatieven en ontwikkelingen in het fysieke domein, in gesprek met de omgeving. Wanneer het nodig is worden onderdelen van de Omgevingsvisie en -verordening geactualiseerd om verder in lijn te brengen met de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland en het coalitieakkoord. Ook zal de Omgevingsverordening anticiperen op de eisen van de Omgevingswet. Op 1 januari 2022 is er dan een Omgevingsverordening die aansluit bij de Omgevingsvisie en -wet. Met betrekking tot nieuwe woonlocaties is bijvoorbeeld in de Omgevingsverordening de volgende bepaling opgenomen: “In een bestemmingsplan worden nieuwe woonlocaties en de daar te bouwen woningen slechts toegestaan wanneer dit past in het geldende door Gedeputeerde Staten vastgestelde Kwalitatief Woonprogramma voor de betreffende regio successievelijk het door Gedeputeerde Staten vastgestelde Regionaal Programma Wonen.” Op basis van voornoemde afspraken is binnen de Regio Noord-Veluwe de regionale woonopgave voor de periode 2013-2024 verdeeld over de deelnemende gemeenten.

Als afgeleide daarvan is door de gemeente het Meerjarenprogramma Woningbouw 2014-2024 opgesteld. De 20 Small Smart Houses die voorzien zijn in dit plangebied passen binnen dit meerjarenprogramma. De omgevingsvisie en verordening zijn op 19 december 2018 door Provinciale Staten vastgesteld en is op 1 maart 2019 in werking getreden. 2.2.3 Structuurvisie Harderwijk 2031 De structuurvisie Harderwijk 2031 is op 20 december 2012 door de gemeenteraad vastgesteld. Deze integrale structuurvisie is een uitwerking van de in juni 2010 door de gemeenteraad vastgestelde stadsvisie. In de structuurvisie wordt aangegeven wat in de periode tot 2031 voor de gemeente Harderwijk de belangrijkste thema's zijn waar integraal aan gewerkt gaat worden door de gemeente, het bedrijfsleven, de maatschappelijke organisaties en door inwoners zelf. De visie is een document waar het economische, sociale en ruimtelijke beleid met elkaar in verband is gebracht. Het betreft een visie waarin kaders zijn gesteld met doelstellingen om de in de Stadsvisie verwoorde ambitie te verwezenlijken. Deze doelstellingen zijn ondergebracht in 4 ontwikkelsporen: Zorgzame stad, Ondernemende stad, Aantrekkelijke stad en Verbindende stad. De structuurvisie functioneer als beoordeling- en sturingsinstrument op alle gemeentelijke beleidsterreinen. Het is daarmee een beleidsdocument dat de gemeente bindt.

De gemeente kan daar alleen van afwijken indien daar een goede motivering voor is. Daarnaast wordt richting gegeven aan te verrichten inspanningen en te nemen maatregelen die moeten leiden tot de realisatie en totstandkoming van de in het beleid nagestreefde doelen. De structuurvisie is: « » «

een visie op de sociale, economische en ruimtelijke ontwikkelingen in Harderwijk voor de middellange en lange termijn; een integrale visie met de hoofdlijnen van voorgenomen ontwikkelingen betreffende het leven, werken en verblijven in Harderwijk; de wijze waarop de gemeente de doelstellingen denkt te realiseren.

Op de visiekaart 'Aantrekkelijke stad' is de Groene Zoom aangegeven als 'Groene stadsrand'. Dit geeft invulling aan de doelstelling uit de structuurvisie: 'Het waarborgen van een goede kwaliteit van de leefomgeving'. Plekken die een belangrijke publieke en/of toeristische functie hebben en het openbaar groen langs de hoofd-, recreatieve én cultuurhistorische infrastructuur alsmede de in deze structuurvisie benoemde ontmoetingsplekken krijgen een hogere onderhoudskwaliteit. Van belang voor de kwaliteit van de leefomgeving zijn ook de waterbelvedères en het groen in en om de stad die op de beleidskaart staan aangegeven, zoals de Poort naar de Veluwe, de Groene Zoom en de Natura-2000 gebieden.

13

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

Snutíiu jftKfafgrKÍ ńater ŕüMMsírucluiir

LEGENDA HeûfcffľelsaŕrtjiifLjiÂ' Cultuur - ŕvsáonscfi tint

Paorten van Hanļņrwp VeftJtrxŴnö NaturaĩOOO get*eó9n

Cu«uuř.!ìiăfiúr.lsċUìtì tocaita OnfwiïiAaüng natie natuur f irŵegrepe/i «waterftui&Douíing

wraíefí3ervtìíWrţ

Bmtaand bmòouwő gmtmti

Onŕmĥñaihg vnsnbgatad mod grachiwigorricrf

Uitsnede visiekaart aantrekkelijke stad

De algemene doelstelling is het realiseren en in stand houden van een aantrekkelijke stad om in te wonen, werken, leven en verblijven. Ieder ruimtelijk initiatief draagt bij aan de kwaliteit van de woonomgeving. De wijze waarop dat wordt bewerkstelligd, is o.a. door: »

Initiatieven bij te laten dragen aan de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Ter bevordering van de

14

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

»

»

aantrekkelijkheid van de stad is bij iedere ruimtelijke ontwikkeling ruimtelijke kwaliteitsverbetering voorwaarde. Waarborgen behoud van monumenten en cultuurhistorische waarden. De gemeente streeft naar het behoud, herstel en (her)gebruik van monumenten en cultuurhistorische waarden. Daartoe worden mogelijkheden gezocht om nieuwe functies toe te kennen aan monumenten. Cultuurhistorische waarden worden in ruimtelijke plannen zoveel mogelijk beschermd. Stimuleren van aansprekende architectuur. Het ontwerp van gebouwen en plekken dient bij te dragen aan de aantrekkelijkheid van de stad. De waarde van architectuur is: herkenbare beeldentaal uit het verleden als het ware door te vertellen, de bijdrage aan de inrichting van de openbare ruimte, gevelopeningen als ‘ogen’ van de openbare ruimte, begane grond als ondersteunende functie aan de openbare ruimte, herkenbaarheid/leesbaarheid van de stad en goede architectuur is duurzaam.

Toetsing aan de Structuurvisie Harderwijk 2031 Voorliggend plan betreft de planologische toevoeging van twintig Small Smart Houses. Deze duurzame woningen, waaraan hoge architectonische eisen worden gesteld worden ingepast in een kwalitatief hoogwaardig groene omgeving. Met deze ontwikkeling wordt een kwaliteitsverbetering van de leefomgeving bereik en een versterking voor het landschap in de omgeving. Geconcludeerd kan worden dat de planontwikkeling past binnen de structuurvisie Harderwijk 2031. 2.2.4 Structuurvisie Groene Zoom De Groene Zoom vormt de stadsrandzone ten zuiden van Drielanden, gelegen ten weerszijden van de Fokko Kortlanglaan en Horloseweg. Het gebied ligt op de overgang tussen oost-west georiënteerde zandruggen met landgoederen op Ermelo's grondgebied en het lager gelegen poldergebied Drielanden op Harderwijks grondgebied. Begin jaren negentig is voor de Groene Zoom een intergemeentelijke studie gemaakt. Doel van deze studie was het door de gemeenten Harderwijk en Ermelo gezamenlijk opstellen van een ruimtelijke visie op het gebied, zodat ruimtelijke ontwikkelingen op elkaar konden worden afgestemd. Op 21 juni 2001 is tussen de gemeenten Harderwijk en Ermelo een convenant gesloten over de Groene Zoom. In het convenant is een gezamenlijke ruimtelijke visie vastgelegd op de invulling van het gebied.

De centrale doelstelling voor het gebied betreft: "Het realiseren van een samenhangend en aantrekkelijk vormgegeven stedelijk uitloopgebied tussen Ermelo en Harderwijk, waarbij het groene karakter overheerst en waarin rode elementen op een verantwoorde manier worden ingepast binnen dit groene kader." De Groene Zoom is een lang gerekt gebied met verschillende kenmerken en mogelijkheden. Daarom is het gebied gesplitst in een aantal deelgebieden. Het plangebied is gelegen in deelgebied A (zie afbeelding). Deelgebied A bevindt zich in het meest westelijke deel van de Groene Zoom tussen kasteel Groot Horloo en Groene Zoomweg. Dit gebied wordt gekenmerkt door drassige graslanden met natuurlijk grasland beheer.

15

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

--T

ore ; ŗįp -M 4

. ir

Ô

16

ö

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

LEGENDA Plangrems

Plangebied

Werklandschap

U

Schamerpunt

Wegen

Behoud of versterken groenkarakter

Spoorlijn Amersfoort-Zwolle

Gemeentegrens Ontsluiting met laan beplanting Gasleidimg viaduct HV —

Hoogspanningsleidmg

Langzaamverkeersroute Geluidswal

F iets verbinding Picnickplek Z speelplek i rustplaats

Beek

VerkeersremmerKle maatregel

Doorzicht ï open ruimten

Aanduiding deelgebied

Rode ontwikkelingen

Topografie en ondergrond

Uitsnede Structuurvisie Groene Zoom

De planlocatie is aangewezen als mogelijke locatie voor'rode ontwikkelingen'. In het bestemmingsplan 'Drielanden - Groene Zoom' is deze locatie aangewezen als wijzigingsgebied. In zowel de structuurvisie als het bestemmingsplan Groene Zoom is opgenomen dat het plangebied in de toekomst de mogelijkheid heeft om een nieuw erf met een gevarieerd woningbouwprogramma te ontwikkelen. De planontwikkeling zorgt voor een versterking voor het landschap in de omgeving. Door de instandhouding en versterkende aanvulling van natuurlijk groen, in de vorm van hagen, struweel/ houtwallen en bomenrijen (inheemse soorten) ontstaat een gebiedseigen en groen karakter. Geconcludeerd kan worden dat de planontwikkeling aansluit bij de ambities van de Structuurvisie Groene Zoom.

2.3

Woonbeleid

2.3.1 Woonvisie Harderwijk De uitgangspunten van het woonbeleid staan geformuleerd in de Woonvisie 2017-2027. Deze is op 24 mei 2018 door de gemeenteraad vastgesteld. Met het woonbeleid werkt de gemeente Harderwijk aan de balans tussen vraag en aanbod op de woningmarkt. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar de huidige bewoners, maar ook naar die van de toekomst. Uitgangspunt is dat iedereen in Harderwijk een woning kan vinden die past bij zijn of haar wensen en behoeften op het gebied van betaalbaarheid, toegankelijkheid en woonmilieu.

17

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

Door natuurlijke aanwas en migratie zal Harderwijk de komende decennia blijven groeien. Het aantal inwoners nu is 47.000 en zal naar verwachting toenemen tot 53.000 in 2040. Om deze groei te faciliteren wil de gemeente voor die tijd nog ruim 4.000 woningen bijbouwen. Voor ongeveer 3.400 woningen is inmiddels plancapaciteit beschikbaar. Qua woningbouwtypes wordt ingezet op variatie en aanpasbaarheid. Tijdelijke woningen om pieken in de vraag op te vangen. Aanpasbare woningen om flexibel mee te bewegen met veranderende wensen en behoeften. En gevarieerde woonwijken vooreen vitale mix van bewoners. Op deze manier blijft Harderwijk ook naar de toekomst betaalbaar en aantrekkelijk voor een breed publiek. Op dit moment worden uitbreidingswijken Waterfront en Drielanden in hoog tempo volgebouwd. De toekomstige nieuwbouwopgave zal grotendeels in de bestaande stad worden gerealiseerd. Binnenstedelijk bouwen brengt nieuwe uitdagingen met zich mee. Denk aan hogere bouwkosten, veel direct belanghebbenden en een meer complexe ruimtelijke inpassing. Het wordt een uitdaging om voldoende woningen te bouwen in de lagere prijssegmenten, draagvlak te creëren onder omwonenden en de ruimtelijke kwaliteit hoog te houden. Naast nieuwbouw wordt ook gewerkt aan de kwaliteit van de bestaande woningvoorraad.

Samen met de partners in het woondomein staat de gemeente voor een aantal grote maatschappelijke opgaven. Op het gebied van duurzaamheid wordt onder andere gestreefd naar een forse reductie van het energieverbruik, duurzame energie opwekking en ruimte voor klimaatadaptatie. Betaalbaarheid is daarbij een belangrijk aandachtspunt. Een andere opgave is de voortschrijdende vergrijzing. Om de veiligheid en het comfort van oudere bewoners te borgen, is het noodzakelijk om de toegankelijkheid van bestaande woningen te verbeteren. Ook moeten woningen geschikt worden gemaakt voor zorg- en dienstverlening aan huis. Daarbij gaat het niet alleen om individuele woningen maar ook om de woonomgeving en infrastructuur van de wijk. Samenvattend zijn de belangrijkste opgaven in het woondomein: Nieuwbouw » » » » »

Uitbreiding van het aanbod goedkope en middeldure woningen Terugdringen van de wachttijd in de sociale huursector Her- en deprogrammering in het dure segment Tijdelijke woonruimte om pieken in de vraag op te vangen Inbreiding en transformatie

Bestaande woningvoorraad » » »

Bevorderen van doorstroming op de woningmarkt Verduurzaming van de bestaande woningvoorraad Bestaande woningvoorraad toekomst- en zorgbestendig maken

Wijken en buurten » »

Ontwikkelen van woonzorgzones Gemixte en inclusieve wijken en buurten

Met het plan voor de 20 Small Smart Houses wordt bijgedragen aan de ambities uit de Woonvisie Harderwijk om woningen te bouwen in het goedkopere segment, waarbij invulling wordt gegeven aan de gewenste keuzevrijheid in diversiteit in woningtypologieën en woonmilieus.

18

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

2.4

Archeologie en monumentenbeleid

2.4.1 Archeologienota Op basis van de Erfgoedwet moet de gemeente bij het vaststellen van bestemmingsplannen rekening houden met de in de grond aanwezige dan wel te verwachten archeologische monumenten. Het gemeentelijk archeologisch beleid is verwoord in het in april 2011 vastgestelde archeologiebeleid 2011-1015. Hieraan is de beleidskaart archeologie gekoppeld. De Beleidskaart Archeologie is tot stand gekomen door onderzoek van archeologisch adviesbureau RAAP (RAAP- rapport 2050 "Een actualisatie en herziening van de archeologische verwachting"). In de beleidskaart Archeologie is aangegeven wanneer bij nieuwe planontwikkelingen archeologisch vooronderzoek plaats dient te vinden. Doel van het archeologisch (voor)onderzoek is het waar nodig beschermen van archeologische waarden en het streven naar behoud van de waarden in de bodem (in situ). De essentie van het archeologisch (voor)onderzoek is het verkrijgen van gegevens over de archeologische resten in de bodem teneinde in een vroeg stadium een goede afweging te kunnen maken van alle bij een ruimtelijk besluit betrokken belangen. Bij een bestemmingsplan kan worden bepaald, dat een aanvrager van een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit, of een aanlegactiviteit van werken geen bouwwerken zijnde, een rapport over de archeologische waarden dient te overleggen.

Aan de omgevingsvergunning kunnen indien nodig archeologische voorschriften worden verbonden. Deze verplichting geldt niet bij projecten met een oppervlakte kleiner dan 100 m2. Op de beleidskaart archeologie zijn per waarde- of verwachtingsgebied de vrijstellingsgrenzen aangegeven. Het beleid is om in bestemmingsplannen een dubbelbestemming "Waarde - archeologie" op te nemen met bijhorende bouwregels en aanlegvergunningstelsel met inachtneming van de vrijstellingsgrenzen. In paragraaf 4.2 wordt nader op dit onderwerp ingegaan.

2.5

Welstandsbeleid

Een bestemmingsplan is erg belangrijk voor het bouwen op en gebruiken van gronden. Vergunningsaanvragen worden immers getoetst aan de regels uit het bestemmingsplan. Naast de bestemmingsplanbepalingen en de bouwtechnische eisen waaraan een bouwwerk moet voldoen, is het uiterlijk ervan erg belangrijk. Hiervoor is een welstandsnota opgesteld. In de welstandsnota van Harderwijk wordt invulling gegeven aan de esthetische aspecten van het ruimtelijke kwaliteitsbeleid. De welstandsnota gaat daarbij vooral in op de architectonische aspecten van bouwwerken, zoals massa, vorm, positionering, kleur- en materiaalgebruik en detaillering. In stedenbouwkundige zin spreekt de welstandsnota zich uit over de uitstraling en ligging van de bebouwing in relatie tot de omgeving. Bij de vaststelling van het bestemmingsplan 'Drielanden - Groene Zoom' zijn beeldkwaliteitscriteria door de gemeenteraad vastgesteld, die zijn toegevoegd aan de Welstandsnota. Hierin zijn de richtlijnen beschreven voor de vormgeving van de nieuwe bebouwing en de openbare ruimte in het plangebied “Groene Zoom”. Het document geeft een ruimtelijk kader op basis waarvan woningen ontworpen kunnen worden. De beeldkwaliteitscriteria Groene Zoom zijn als Bijlage 1 toegevoegd aan deze toelichting.

De Commissie Ruimtelijke Kwaliteit heeft zowel de architectonische aspecten van dit plan als de relatie van dit plan tot de omgeving als positief beoordeeld.

19

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

2.6

Milieubeleid

Milieubeleidsplan Harderwijk 2.6.1 De gemeente Harderwijk streeft naar samenhang in het bestaande veelomvattende milieubeleid. Het milieubeleidsplan 2009-2012 maakt inzichtelijk waar Harderwijk voor staat, geeft richting aan het beleid voor de komende periode en vervult een aanjaagfunctie om verbeteringen te realiseren. Vanuit deze gedachte worden twee speerpunten benoemd waarbij rekening is gehouden met de landelijke beleidsontwikkeling: klimaatbeleid en een gebiedsgericht milieubeleid. Het zorgdragen voor een duurzame leefomgeving is het hoofddoel van dit milieubeleid. Onder een duurzame leefomgeving verstaan we het voorzien in onze behoeften, zonder de toekomstige generaties de mogelijkheden voor dezelfde behoeften te ontnemen. Dit milieubeleidsplan geeft kaders voor beleid en laat de bevolking van Harderwijk en Hierden zien hoe de gemeente zich inzet om de lokale milieuproblemen op te lossen. Binnen onze gemeentegrenzen bestaat een grote diversiteit in gebieden, met elk hun eigen kenmerken en functies. Bij ruimtelijke ontwikkeling streven we naar een optimale leefomgevingskwaliteit. Door gebieden te onderscheiden wordt duidelijk welke milieukwaliteit gewenst is en of een ontwikkeling in het desbetreffende gebied past. Deze gebiedsgerichte benadering biedt ruimte om milieubeleid beter te laten aansluiten bij de dynamiek van ruimtelijke ontwikkelingen.

2.6.2 Gebiedsgericht milieubeleid In het Milieubeleidsplan is voor verschillende delen van Harderwijk gebiedsgericht milieubeleid opgesteld. Door het opstellen van gebiedsgericht milieubeleid komen de specifieke kwaliteiten, knelpunten, de milieubelasting en de milieuambities van het gebied in beeld. Welk milieubeleid voor het voorliggende plangebied geldt, is weergegeven op een interactieve kaart op de gemeentelijke milieuwebsite. 2.6.3

Routekaart naar een klimaatneutraal Harderwijk: De Energieke stad

Harderwijk heeft vele kansen om zich te profileren op het gebied van duurzaamheid en in het bijzonder duurzame energie. Vanwege die kansen stelt de gemeente zich het volgende doel: in 2031 (Harderwijk 800 jaar) wordt binnen de gemeentegrenzen 45 /o minder CO2 uitgestoten (referentiejaar 2010). Deze ambitie zal worden bereikt door in te zetten op: » Energie besparing; » Opwekken van duurzame energie; » Compenseren (bijvoorbeeld door inkoop groene energie). Met het stellen van deze ambitie wil de gemeente in het bijzonder lokaal bijdragen aan de economische vitaliteit, leefbaarheid en identiteit van de gemeente. Het loont om te investeren in energiebesparende maatregelen vanwege lagere lasten en vanwege de toegevoegde waarde aan het investeringsobject. Maar het betekent ook dat het opwekken van energie geld oplevert, duurzame energie zal in de toekomst alleen maar waardevoller worden. Door nu te investeren in het opwekken van duurzame energie wordt de afhankelijkheid van stijgende energieprijzen en het opraken van fossiele brandstoffen in de toekomst beperkt. Het lokaal investeren van die opbrengsten of meedelen in revenuen draagt bij aan de vitaliteit en zelfvoorzienendheid van de gemeente. Daarnaast laat de gemeente met deze doelstelling zien dat zij haar principiële verantwoordelijkheid neemt ten aanzien van klimaatverandering.

Let op! Duurzaamheid is nadrukkelijk meer dan alleen het besparen van energie of het treffen van milieumaatregelen (people-profit-planet). Binnen het plangebied wordt o.a. invulling gegeven aan het duurzaamheidsbeleid door te bouwen met re­ en geupcyclebare materialen. De huizen zijn gasloos, energieneutraal en zeer goed geïsoleerd.

20

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

2.7

Bodembeleid

De gemeente heeft samen met de omliggende gemeenten Elburg, Ermelo, Nunspeet, Elburg, Oldebroek en Putten een bodemkwaliteitskaart en bodembeheernota opgesteld. De Nota bodembeheer regio Noord Veluwe is vastgelegd in het document met kenmerk R002-1206995LNH-baw-V02-Nl d.d 21 januari 2014 (Tauw). In deze nota is omschreven welke keuzes de gemeenten hebben gemaakt ten aanzien van generiek en gebiedsspecifiek beleid, en onder welke voorwaarden grond en bagger mag worden toegepast binnen de regio. In paragraaf 4.5.10 wordt nader op dit onderwerp ingegaan.

2.8

Waterbeleid

2.8.1 Europese Kaderrichtlijn Water De Europese Kaderrichtlijn Water gaat er vanuit dat water geen gewone handelswaar is, maar een erfgoed dat moet worden beschermd en verdedigd. Het hoofddoel van de richtlijn is daarop gebaseerd. De Kaderrichtlijn Water geeft het kader voor de bescherming van landoppervlaktewater, overgangswater, kustwater en grondwater. Dat moet ertoe leiden dat: aquatische ecosystemen en gebieden die rechtstreeks afhankelijk zijn van deze ecosystemen, voor verdere achteruitgang worden behoed; emissies worden verbeterd; duurzaam gebruik van water wordt bevorderd op basis van bescherming van de beschikbare waterbronnen op lange termijn; er wordt gezorgd voor een aanzienlijke vermindering van de verontreiniging van grondwater. 2.8.2

Nationaal Waterplan

De hoofddoelstelling voor waterbeheer in Nederland is vastgelegd in het Nationaal Waterplan (NWP): Nederland, een veilige en leefbare delta, nu en in de toekomst. Het Nationaal Waterplan is tevens een structuurvisie op basis van de Waterwet en de Wet ruimtelijke ordening en is opgesteld voor de planperiode 2016-2021. 2.8.3

Waterbeleid in de 21e eeuw

De hoge waterstanden in de rivieren in 1995 en 1996 en de klimaatscenario's waarin naast de zeespiegelstijging ook meer en heviger buien worden voorspeld hebben geleid tot vernieuwde aandacht voor water. Nederland is met zijn lage ligging en hoge verstedelijkingsgraad kwetsbaar voor wateroverlast en de veiligheid is in de toekomst in het geding. Maar ook door de drogere zomers is er het risico van water tekorten en verdroging. De commissie "Waterbeheer 21e eeuw" heeft in opdracht van de regering duidelijk gemaakt dat we anders moeten omgaan met water en ruimte. Ruimte die nu beschikbaar is voor de bescherming tegen overstromingen en wateroverlast moet ten minste behouden blijven. De aanwezige ruimte mag niet sluipenderwijs verloren gaan bij de uitvoering van nieuwe projecten voor infrastructuur, woningbouw, landbouw of bedrijventerreinen. Daarbij zijn De trits 'vasthouden, bergen en afvoeren' en' schoonhouden, scheiden en zuiveren' belangrijke uitgangspunten. De trits 'vasthouden, bergen en afvoeren' houdt in dat overtollig water zoveel mogelijk bovenstrooms in een stroomgebied wordt vastgehouden in de bodem en in het oppervlaktewater. Vervolgens wordt zo nodig het water tijdelijk geborgen in bergingsgebieden en pas als vasthouden en bergen te weinig opleveren, wordt het water afgevoerd.

Bij 'schoonhouden, scheiden en zuiveren' gaat het erom dat het water zoveel mogelijk schoon wordt gehouden. Vervolgens worden schoon en vuil water zoveel mogelijk gescheiden en als laatste, wanneer schoonhouden en scheiden niet mogelijk is, komt het zuiveren van verontreinigd water aan bod.

21

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

2.8.4 Waterbeheer 21e eeuw (WB21) Het thema "water als ordenend principe" loopt als een rode draad door het gehele plan. Dit houdt in dat, voordat er beslissingen worden genomen op ruimtelijk gebied, er wordt bekeken welke gevolgen die hebben voor watersystemen. Het rijk, provincies, gemeenten, waterschappen en drinkwaterbedrijven, hebben besloten maatregelen voor een doelmatiger waterbeheer overeen te komen in dit Bestuursakkoord Water. Het waterschap gaat zich inzetten vooreen mooi, veilig, schoon, gezond en duurzaam beheer van het watersysteem en de waterketen. Het doel is om de kwaliteit van het beheer te vergroten tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten. De burger laten zien wat wordt bereikt en transparant zijn over de kosten. Dat doen de partijen vanuit eigen verantwoordelijkheden waarbij we de expertise en deskundigheid met elkaar delen. 2.8.5

Waterbeheerprogramma 2016-2021 Waterschap Vallei en Veluwe

Waterschap Vallei en Veluwe is beheerder en bevoegd gezag voor zowel waterkwantiteit als -kwaliteit van de primaire watergangen (voor gemeente Harderwijk ook de watergangen in het stedelijk gebied). Voor werkzaamheden op, aan of in nabijheid van watergangen en waterkeringen geldt de Keur en heeft het waterschap algemene regels opgesteld. In het Waterbeheerprogramma 2016 - 2021 heeft waterschap Vallei en Veluwe tactische doelen geformuleerd. Per jaarplan wordt concreet invulling gegeven aan de daadwerkelijke realisatie van deze doelen. 2.8.6

Keur Waterschap Vallei en Veluwe

Op 1 januari 2014 is de nieuwe Keur met de Algemene - en Beleidsregels van Waterschap Vallei en Veluwe in werking getreden. Het waterschap stelt deze regels vast ter behartiging van de waterschapstaak en het bereiken van de doelstelling zoals genoemd in artikel 2.1 van de Waterwet. Alle handelingen in of nabij een waterstaatswerk worden hieraan getoetst. Om zijn taak uit te kunnen oefenen, maakt het waterschap gebruik van de Keur en de Legger. De Keur is een door het waterschapsbestuur vastgestelde verordening waar gedoogplichten, geboden en verboden in staan. Deze regels gelden voor toestanden en handelingen op en vlakbij waterkeringen, watergangen en kunstwerken zoals duikers. De Legger bevat de ligging en maatvoering van waterstaatkundige werken en waterpartijen, alsmede de onderhouds- en beschermingszones. In de Legger wijst het waterschap tevens aan wie het onderhoud van een watergang, dijk of constructie moet uitvoeren. Ook wordt bepaald of er controle (schouw) wordt gedaan. De legger bepaalt samen met de keur welke regels er voor inwoners en gebruikers gelden en wordt daarom door het bestuur van het waterschap gesteld. Het waterschap levert de gemeente deze gegevens aan, teneinde de hoofdwatergangen en waterkeringen, inclusief de onderhouds- en beschermingszone in het bestemmingsplan te regelen en de bouwmogelijkheden, voor zover noodzakelijk, te kunnen regelen.

Algemene regels Veel handelingen op en nabij de waterstaatswerken zijn vrijgesteld van de vergunningsplicht. Deze handelingen heeft het waterschap in algemene regels opgenomen.

Verantwoordelijkheden Hemelwater. Een belangrijk principe is dat zoveel mogelijk van het hemelwater binnen het plangebied wordt vastgehouden en/of geborgen en dus niet direct afgevoerd wordt naar de riolering of het oppervlaktewater. Hiermee wordt bereikt dat de waterzuiveringsinstallatie beter functioneert, verdroging wordt tegengegaan en piekafvoeren in het oppervlaktewater (met eventueel wateroverlast in benedenstrooms gelegen gebieden) wordt voorkomen. Bij lozing op oppervlaktewater zal hiervan een melding gedaan moeten worden bij het waterschap.

22

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

Grondwater: Om grondwateroverlast te voorkomen adviseert het waterschap om boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) te ontwerpen. Dit betekent dat aspecten zoals ontwateringsdiepte en infiltratie van hemelwater, beschouwd worden ten opzichte van de GHG. Het structureel onttrekken Z draineren van grondwater is geen duurzame oplossing en moet worden voorkomen. Het waterschap adviseert de initiatiefnemer dan ook om voorafgaand aan de ontwikkeling een goed beeld te krijgen van de heersende grondwaterstanden en GHG. Eventuele grondwateroverlast is in eerste instantie een zaak voor de betreffende perceeleigenaar. Oppervlaktewater: Het waterschap is verantwoordelijk voor het peilbeheer in regionaal oppervlaktewater. Daarbij heeft het waterschap de taak om het oppervlaktewatersysteem zo in te richten dat er geen inundatie plaatsvindt tot 1 maal per 100 jaar in stedelijk en 1 maal per 10 jaar in landelijk gebied. 2.8.7 Waterplan Harderwijk 2013-2018 Het Waterplan Harderwijk 2013-2018 is op 8 oktober 2013 vastgesteld en is een gezamenlijk plan van de gemeente Harderwijk en Waterschap Vallei en Veluwe. Met dit plan willen beide partijen, samen met burgers, verenigingen en andere betrokkenen, verder werken aan het verbeteren van het water in Harderwijk.

De hoofddoelstelling van het Waterplan Harderwijk is: "In beeld te brengen en uitvoeren van de benodigde maatregelen voor het realiseren en behouden van een veilig, veerkrachtig en ecologisch gezond functionerend watersysteem met het oog op een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving". In dit Waterplan is onder meer een Kansen- en knelpuntenkaart opgenomen en een Visiekaart. Het plangebied staat op de Kansen en knelpuntenkaart als een gebied dat valt buiten de grondwaterfluctuatiezone. Voor alle wijken met een gemengd rioolstelsel geldt dat herstructureringsprojecten, daar waar mogelijk gecombineerd worden met het afkoppelen van hemelwater. Bij nieuwbouw dient de ontwateringsdiepte ten opzichte van het bouwpeil minimaal 0,9 m te zijn. 2.8.8

Zuiveringskring Afvalwaterketen Plan WHEP 2016-2020 (ZAP)

Het ZAP is een gezamenlijk plan van gemeenten Harderwijk, Ermelo en Putten alsmede Waterschap Vallei en Veluwe en heeft de status van het (wettelijk verplicht) verbreed gemeentelijk rioleringsplan (vGRP). In het plan zijn de volgende beleidsmatige uitgangspunten gedefinieerd voor de wettelijke gemeentelijk zorgplichten stedelijke afvalwater, hemelwater en grondwater: Stedelijk Afvalwater Uitgangspunt voor stedelijk afvalwater zijn de wettelijke verplichtingen Wet milieubeheer art. 10.33. Stedelijk afvalwater bestaat uit huishoudelijk afvalwater of een mengsel daarvan met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater. De zorgplicht voor stedelijk afvalwater kent in vergelijking met de andere zorgplichten weinig vrijheid: inzamelen, transporteren en zuiveren (door het waterschap) is verplicht. Hemelwater Op het gebied van hemelwater is de belangrijkste opgave de gevolgen van de klimaatverandering op te vangen. We doen dit door aanpassingen van onze systemen en door meer gebruik te gaan maken van de openbare ruimte voor opvang en afvoer van hemelwater. Vanuit de Waterwet artikel 3.5 zijn gemeenten verantwoordelijk voor een doelmatige inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater.

Deze verantwoordelijkheid geldt alleen zolang degenen die zich wil ontdoen van hemelwater niet redelijkerwijs de mogelijkheid heeft om het hemelwater zelf in de bodem of op een oppervlaktewater te lozen. Uitgangspunten hierbij zijn:

23

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

«

» » »

Perceeleigenaar is in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor inzameling en verwerking van hemelwater (infiltratie op eigen terrein). Indien dit redelijkerwijs niet van de perceeleigenaar kan worden verwacht, zal de gemeente de zorgplicht over moeten nemen. Perceeleigenaren van bestaande bebouwing worden gestimuleerd om hemelwater van de vuilwater riolering af te koppelen. Bij eventuele reconstructie: hemelwater van openbaar gebied afkoppelen van riolering, tenzij dit niet doelmatig blijkt te zijn. Bij eventuele nieuwe grootschalige ontwikkelingen (inbreiding en/of herinrichting): hemelwater in principe bij voorkeur lokaal inzamelen en verwerken (infiltratie of lozing op oppervlaktewater), tenzij dit ondoelmatig blijkt te zijn (bijvoorbeeld bij hoge grondwaterstand of bestaand dicht stedelijk gebied).

Om het afstromend hemelwater schoon te houden worden geen uitlogende materialen gebruikt bij de woningbouw en in de openbare ruimte (straatmeubilair en dergelijke). Op nieuwe bouwlocaties zal alleen het huishoudelijk afvalwater worden aangesloten op de gemeentelijke riolering. Voor het hemelwater moet een andere wijze van afvoeren worden gevonden. Hiervoor bestaan in principe twee mogelijkheden, namelijk infiltratie in de bodem en lozing op het oppervlaktewater. Grondwater De bewoner heeft de verplichting om grondwater op eigen terrein te verwerken (waterwet art. 3.6). De gemeente heeft een regierol wat inhoudt dat in overleg met degene die overlast ervaart er wordt gekeken naar een mogelijke oplossing. Uitgangspunten hierbij zijn: « » »

»

«

de perceeleigenaar: verwerkt grondwater op eigen terrein en zorgt voor een waterdicht pand. de gemeente: neemt meldingen in ontvangst en zoekt naar een oplossing. alleen als geen enkele andere partij een oplossing kan of hoeft te bieden, dan neemt de gemeente maatregelen. Er worden alleen maatregelen genomen als sprake is van structurele grondwateroverlast die de gemeente op een doelmatige manier kan oplossen. het waterschap; neemt peilbesluiten en beïnvloedt hiermee de grondwaterstand. Vooral buiten de bebouwde kom speelt het waterschap hiermee een belangrijke rol. Ook verleent het waterschap vergunning voor kleinere grondwateronttrekkingen. de provincie: verleent vergunningen voor grotere industriële grondwateronttrekkingen, onttrekkingen voor de drinkwatervoorziening en onttrekkingen voor een bodemenergiesysteem. Ook werkt de provincie aan natuurontwikkeling. Vooral als ergens sprake is van verdroging zal grondwater voor de provincie een belangrijk onderwerp zijn.

Grondwaterneutraal bouwen Voor de bouw van eventuele ondergrondse ruimten (kelders) moet de grondwaterstand gedurende de uitvoeringsperiode mogelijk worden verlaagd. De constructie van de kelder(s) moet zodanig waterdicht worden uitgevoerd dat na de bouw in de gebruiksfase geen (permanente) grondwaterstandverlaging nodig is. Tevens betekent dit ook, dat bij nieuwbouw het vloerpeil (bijvoorbeeld ophogen) of de bouwwijze (bijvoorbeeld kruipruimte loos) moet worden afgestemd op de grondwaterstand, zodat er geen permanente drainage nodig is. Om grondwateroverlast te voorkomen moet er een watertoets worden uitgevoerd. 2.8.9 Watertoets Sinds 1 november 2003 is voor alle ruimtelijke plannen de watertoets verplicht. Het doel van de watertoets is waterbelangen evenwichtig mee te nemen in het planvormingsproces van rijk, provincies en gemeenten. Hiermee wordt een veilig, gezond en duurzaam watersysteem nagestreefd. De toets omvat het gehele proces van vroegtijdig informeren, adviseren, afwegen en uiteindelijk beoordelen van de in ruimtelijke plannen voorkomende waterhuishoudkundige aspecten. In paragraaf 4.4 zijn de resultaten van de watertoets beschreven.

24

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

2.9

Groenbeleid

In het Handboek Harderwijks Groen staat het Harderwijkse groenbeleid voor stad, landschap en bos in samenhang met elkaar beschreven. Dit beleidsplan is in december 2007 door de raad van de gemeente Harderwijk vastgesteld. Hoofddoelstelling van beleid is de hoofdstructuur van stedelijk groen (de Groene Mal) in stand te houden en te versterken. De koers voor de Groen Zoom in dit beleid is een functie als stedelijk uitloopgebied. Om dit optimaal te kunnen vervullen, is een aantal maatregelen als wenselijk aangegeven: » »

» »

het ontwikkelen van een landschappelijke raamwerk dat het groene kleinschalige karakter van het landschap versterkt en verrommeling tegengaat. Als onderdeel van het raamwerk wordt er een aantrekkelijk recreatief netwerk ontwikkeld, dat enerzijds het gebied zelf ontsluit, maar anderzijds ook de verbinding legt met de omliggende woonwijken. Het Ermelose en het Harderwijkse grondgebied worden in samenhang bekeken. In het gebied dient ruimte gevonden te worden voor diverse recreatieve voorzieningen die passen binnen het groene kleinschalige karakter (bijv.: manege, speelbos,horeca)

Het ontwikkelen van een raamwerk (lanenstelsel, routenetwerk) kunnen de beide gemeenten grotendeels in eigen hand nemen. Voor andere zaken is samenwerking nodig met private initiatieven. Er kan bijvoorbeeld gedacht worden aan ‘Rood voor Groen’ projecten (bijv. nieuwe landgoederen) om het groene kleinschalige karakter van het landschap te versterken. Deze nieuwe rode ontwikkelingen moeten ondersteunend zijn aan het landschappelijke raamwerk en de kwaliteit van het landschap juist niet ondermijnen. Dit alles is uitgewerkt in het Masterplan Groene Zoom. De voorziene woningen kunnen worden gekenmerkt als wonen in de natuur, omringd door bomen, een fruitgaard en een gemeenschappelijke moestuin. De woningen zijn ondersteunend aan het landschap waarin zijn komen te liggen. Dit principe past binnen de eerder uitgezette koers voor de Groen Zoom en daarmee in het vastgestelde groenbeleid.

2.10 Verkeers- en vervoersbeleid 2.10.1

Verkeer

Het verkeers- en vervoersbeleid van de gemeente Harderwijk is opgenomen in het Verkeersstructuurplan (VSP). Het VSP is in december 2010 vastgesteld door de gemeenteraad van Harderwijk en het plan bestaat uit een deel Mobiliteitsvisie (met een doorkijk naar 2030) en een deel Gemeentelijk Verkeersen Vervoersplan. Het VSP geeft aan dat de komende jaren prioriteit wordt gegeven aan het aanpakken van verkeersonveiligheid in algemene zin en verkeersonveilige locaties in het bijzonder en daarnaast het stimuleren van het fietsverkeer in de gemeente Harderwijk. In paragraaf 4.6 wordt nader op dit onderwerp ingegaan. 2.10.2 Parkeren Op 23 mei 2013 is door de gemeenteraad een Parkeernormennota vastgesteld. Deze Parkeernormennota is een uitwerking van de vastgestelde visie op parkeren in Harderwijk (GVVP). De Parkeernormennota dient tevens als uitbreiding/toevoeging aan de parkeerfondsregeling. Omdat er geen wettelijke, door de rijksoverheid vastgestelde en voorgeschreven parkeernormen bestaan, heeft de gemeente Harderwijk besloten om de parkeernormen in één document vast te stellen met normen die specifiek toepasbaar zijn voor de situaties binnen de gemeente Harderwijk. Deze parkeernormen worden gebruikt bij het berekenen van de parkeerbehoefte bij voorzieningen als woningen, scholen, winkels, kantoren en bedrijven.

Het vaststellen van deze parkeernormen is onder meer voor burgers, projectontwikkelaars en de gemeente Harderwijk zelf van belang. Door het vaststellen is het namelijk voor iedere belanghebbende duidelijk en inzichtelijk welke parkeernormen

25

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

voor een bepaalde functie gehanteerd worden. Hierdoor ontstaat eenduidigheid in het parkeernormenbeleid. In paragraaf 4.6 wordt nader op dit onderwerp ingegaan.

2.11 Conclusie Voorliggend bestemmingsplan voorziet in de bouw van minimaal 20 micro-woningen ook wel Smart Small Houses genoemd en een gemeenschappelijke multifunctionele ruimte. De woningen worden gebouwd in een gemeenschappelijke landschapstuin. Uit voorgaande paragrafen blijkt dat deze ontwikkeling in overeenstemming is met de uitgangspunten van het relevante ruimtelijk beleid. Vanuit het beleidskader zijn er geen belemmeringen voor de uitvoering van dit project.

26

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

Hoofdstuk 3 3.1

Planbeschrijving

Inleiding

In de Groene Zoom aan de Horloseweg De locatie waar dit project voorzien is ligt in de Groene Zoom aan de Horloseweg, naast nummer 60. De ontwikkelaar van dit plan omschrijft het als volgt: "Small Smart Living, a litte peace of heaven Ontspannen wonen. Dicht bij de natuur. Met een minimale ecologische footprint. De huizen zijn klein en ongekend duurzaam: small en smart, groen en sociaal. Hier leeft je in een kleine community; jij kent je buren en de buren kennen jou. Denk niet dat dit ten koste gaat van je privacy, want je woning, die is alleen van jou. Klein, maar groots van ontwerp. Modem, maar moeiteloos opgaan in de omgeving. Dat is Small Smart Living, a little peace of heaven." Het plan voorziet in minimaal 20 micro-woningen of Smart Small Houses, een gemeenschappelijke ruimte, een parkeervoorziening en een gemeenschappelijke landschapstuin.

3.2

Context

De ontwikkeling van de locatie voor de Small Smart Houses is opgebouwd aan de hand van onder meer de historische geografie, de ontsluiting van de locatie op regionaal niveau en de inpassing in de regionale groenstructuren. Dit wordt als volgt verbeeld:

SesL-’

ş.'

Jìľľh/iiiixľ.

1850

1930

^LUWERANDMEFļEN

Į (Natuurreservaat! j

‘ İ- '

1970

heden

27

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

/'

P&ŕ-ųiCĩiL

'ĩeewolob

X W-^r'.ñ (tòJSL-ğįį

líl

... a

', \ .kï;

f&íťÚ» \

I

Locatie en ontsluiting op regionaal niveau

Wl lVH*diUuttinX W*14niO"Vtl «rtí wtH

O WŕļítlířlìifipŲlW»

AWŬM4

WJ ïttundfefcť rirwlutf W4 ml v^ryl iJÿ nwfkļnc üv W (ie ;u tìMìĩ ffiţţJņtín

Wį ÿ^EiļkvlŭrH wrrifjriļÿn " " -T V"ļ Nf'ikrt O WŬWVVWtfing ™

Locatie en ontsluiting op regionaal niveau

28

!

\

'*

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

cluster recreatie-eenheden cluster woningen in het groen •Q

vrijstaande erven f woningen autoverkeer fietsverkeer

Inpassing regionale groenstructuren

3.3

Plangebied

Het plangebied beslaat een perceel met een oppervlakte van circa 4400m2. Het perceel is op dit moment een nat grasland omkaderd met bomen en struiken langs de randen. Midden op het perceel staan eveneens bomen en struiken waardoor het perceel in tweeën gescheiden wordt. Aan de westkant van het plangebied bevindt zich een woning met bijbehorend bijgebouw. De noordkant wordt globaal begrensd door de Groene Zoomweg en de zuidkant door de Horloseweg.

Plangebied

29

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.1MRO.0243.BP00254-0002

3.4

Nieuwe situatie

De woningen worden geclusterd in blokken van maximaal 4 aaneen gebouwd en zijn vanaf een gemeenschappelijk entreegebied te bereiken. Elke woning krijgt een kleine privé tuin, maar de opzet is dat het perceel als een gemeenschapplijke landschapstuin wordt ingericht, vrij van losse (vergunningvrije) gebouwtjes, tevens gevuld met (fruit)bomen, struikgewassen en een gemeenschappelijke moestuin. Hiermee wordt uitvoering gegeven aan de ambitie om natuur- en landschapswaarden in stand te houden en ontwikkelen door het terrein te voorzien van een kwalitatief hoogwaardige groene inrichting passend bij de opzet van de ontwikkeling en de directe omgeving. Bij de entree van het perceel komt een centrale parkeervoorziening en staat een gemeenschappelijke gebouw met daarin onder meer functies als wasserette, techniekruimte, logeerkamer, bijeenkomstenruimte, berging en fietsenstalling. Via een nieuw aan te leggen fietspad wordt het perceel ontsloten richting de wijk Drielanden.

Impressie nieuwe situatie

30

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

y

Impressie nieuwe situatie

íiwjjtľ

Impressie centrale middengebied

Er komen verschillende typen woningen beschikbaar, waarbij het verschil met name zit in de oppervlakte en de indeling. Alle woningen worden voorzien van een entresolvloer. De woningen krijgen allemaal dezelfde minimale ecologische footprint. Er wordt energieneutraal gebouwd waarbij gebruik gemaakt wordt van re- en upcyclebare materialen.

.i— Impressie woning

Het centrale gebouw heeft ligt bij de entree van het perceel en krijgt dezelfde uitstraling als de woningen. Het vormt een geheel met het aangrenzende blok woningen. De verschillende functies van het gebouw zijn verdeeld over de begane grond en eerste verdieping. Via een overdekte buitenruimte is de fietsenstalling bereikbaar.

31

ty-A

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP0Ũ254-0ŨŨ2

wiíillĩĽ'ĩlĩľ

WMA

________

Ŷi ; ^/ř’įü’ü:

Mill

32

bestemmingsplan Drielanden - Small Smart Houses Horloseweg (ontwerp) NL.IMRO.0243.BP00254-0002

Hoofdstuk 4 4.1

Onderzoek

Algemeen

Volgens artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening wordt in dit hoofdstuk een beschrijving opgenomen van het verrichte onderzoek naar relevante feiten en af te wegen belangen (artikel 3.2. Algemene wet bestuursrecht). Per onderzoeksaspect wordt een beschrijving gegeven van de situatie ter plaatse.

4.2

Cultuurhistorie en archeologie

4.2.1

Inleiding

De Monumentenwet 1988 is per 1 juli 2016 vervallen. Een deel van de wet is op deze datum overgegaan naar de Erfgoedwet. Het deel dat betrekking heeft op de besluitvorming in de fysieke leefomgeving gaat over naar de Omgevingswet, wanneer deze naar verwachting in 2021 in werking treedt. Vooruitlopend op de datum van ingang van de Omgevingswet zijn deze artikelen te vinden in het Overgangsrecht in de Erfgoedwet, waar ze ongewijzigd van toepassing blijven zolang de Omgevingswet nog niet van kracht is. De Erfgoedwet bundelt en wijzigt een aantal wetten op het terrein van cultureel erfgoed. De kern van deze wet is dat wanneer de bodem wordt verstoord, de archeologische resten intact moeten blijven (in situ). Wanneer dit niet mogelijk is, worden archeologische resten opgegraven en elders bewaard (ex situ). Daarnaast dient ieder ruimtelijk plan een analyse van de overige cultuurhistorische waarden van het plangebied te bevatten. Voor zover in een plangebied sprake is van erfgoed, dient op grond van voorgaande dan ook te worden aangegeven op welke wijze met deze cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten archeologie rekening wordt gehouden. 4.2.2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Harderwijk&id=f4a9a088-0ab0-494c-9ac9-c1e5e37c4f1f