CConstaterende datHarderwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

240201 BURWKA Harderwijk v8.2 - Hoofdrapport

Raadsvergadering 10 juni 2024, gemeente HarderwijkBij agendapunt: Beleidsuitwerking en Uitvoeringsagenda Riolering, Water en Klimaatadaptatie11.011 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

10 https://klimaatvalleienveluwe.nl/toolbox/klimaatadaptief-bouwen/

Riolering, Water en Klimaatadaptatie

Beleidsuitwerking en uitvoeringsagenda | Y0042 | 1-2-2024 18

Figuur 8 Afgekoppelde regenpijp.

staat bij ruimtelijke ontwikkelingen. We willen hiervoor expliciete beschermende regels voor opnemen in het Omgevingsplan. Voor hitte en droogte doorlopen we in bestaand stedelijk gebied het “gemeenschapsspoor”. Voor hittestress en droogte volstaan ambities en/of inspanning gestuurde doelen. Het is moeilijk om de doelen voor deze onderwerpen te kwantificeren. Daarom doorlopen we het “gemeenschapsspoor”. Het helpt ons verder als we ook met betrekking tot hitte en droogte regels opstellen voor klimaatadaptatie bij nieuwbouw.

Proces

klimaatadaptatie brengen we transparant in beeld. We voeren inspecties uit volgens een vaste cyclus, waarbij de riolen met een groot risico bij falen eerder en vaker worden geïnspecteerd dan riolen met een laag risico. Samenwerkingsafspraken met de provincie over klimaatadaptatie leggen we beter vast. We willen klimaatadaptatie meenemen in ons denken en handelen. Dit doen we door de acceptatiecriteria voor wateroverlast bij elk rioleringsproject mee te nemen. Ook toetsen we alle ontwerpen voor nieuwbouw en informeren de collega’s van handhaving en toezicht hierover. We voeren met de collega’s kansendialogen over klimaatadaptatie, zodat het meer voor ze gaat leven. Alle eisen voor klimaatadaptatie in de openbare ruimte leggen we vast in een programma van eisen of integraal beheerplan openbare ruimte.

Samenwerking in de afvalwaterketen We zetten in op een professionele samenwerking met de partners in de afvalwaterketen (waterschap en buurgemeenten). We plannen elke zes tot acht weken een fysiek overleg met alle partners in de afvalwaterketen. De Omgevingsdienst Veluwe (ODV) wordt meer betrokken. We stellen een gezamenlijk programma voor kennisdeling op. We oefenen elke drie jaar de calamiteitenplannen. Werkwijze binnen de gemeente We willen onze eigen werkprocessen verder verbeteren. Eén van de onderdelen is dat we de data van de afvalwaterketen beter op orde willen houden. Dit doen we door de rioolbeheergegevens in een standaard uitwisselingsformaat te ordenen (het zogenaamde GWSW). Jaarlijks werken we de rioolbeheergegevens bij in het databestand. We zetten in op monitoring van de afvalwaterketen en breiden het huidige grondwatermeetnet verder uit. Klachten van inwoners registreren we onder een duidelijk herleidbare categorie, en ook de uitgaven voor water riolering en

Riolering, Water en Klimaatadaptatie

Om de bewustwording van Harderwijk verder te vergroten stellen we een communicatieagenda op. Voorbeelden hiervan zijn deelname aan het NK-tegelwippen, de tegeltaxi en tuinschetsdagen. Ook willen we de mensen verleiden tot actie. Hiervoor bieden we subsidies voor klimaatadaptatie van tuinen aan en ook voor gebouwgebonden maatregelen (groende daken, zonwering en regenwater buffering voor drinkwater vervangende toepassing in de woning) aan de inwoners van Harderwijk via een stimuleringsregeling.

Onderzoek Met onderzoek vergroten we het begrip van het stedelijk watersysteem. Zo kunnen we verbetermaatregelen beter kiezen en onderbouwen. We maken een zogenaamd Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW), waarin we het volledige stedelijke watersysteem (inclusief riolering) doorrekenen en toetsen. Ook doen we een onderzoek naar rioolvreemd water. Dit is water dat niet in het riool thuishoort: illegale

Beleidsuitwerking en uitvoeringsagenda | Y0042 | 1-2-2024 19

lozingen, verkeerde aansluitingen of grondwater. We onderzoeken water(bodem)verontreinigingen en de omvang en ernst ervan. We doen onderzoek naar versterking van de water- en groenstructuur, in combinatie met potentiële nieuwbouwlocaties. We onderzoeken klimaatadaptatie-ontwerpeisen voor deze nieuwbouwlocaties en een drinkwater bespaarstrategie. We kijken in hoeverre inwoners regenwater kunnen hergebruiken en zo de gemeente-brede vraag naar drinkwater kunnen verlagen. Specifiek kijken we of een drinkwaterverbruik van 100 liter per persoon per dag haalbaar is (richtlijn vanuit de Kamerbrief “Water en bodem sturend”). De urgentie om er wat aan te doen is er, want uit gegevens van Vitens blijkt dat het drinkwaterverbruik per inwoner in gemeente Harderwijk relatief hoog is ten opzichte van het landelijk gemiddelde.

Voor elke actie geldt dat de agendatrekker een actietrekker aanwijst. Die is verantwoordelijk voor de uitvoering van de actie. Samen worden afspraken gemaakt over wanneer, hoe en waarover aan de agendatrekker wordt gerapporteerd. Specifiek per actie moet bekeken worden wie de betrokken stakeholders zijn (zowel intern binnen de gemeente, als met andere organisaties of personen) en dienen afspraken te worden gemaakt over rollen en verantwoordelijkheden.

Ten slotte onderzoeken we ook de inzet van personeel en de kansen die er liggen om met de buurgemeenten samen te werken hierin. Zo worden we als organisatie minder kwetsbaar bij uitval van personeel.

Rollen en verantwoordelijkheden De beleidsadviseur stedelijk water en klimaatadaptatie van de gemeente Harderwijk is aangewezen als trekker van de uitvoeringsagenda. Dat betekent dat deze persoon toeziet op de uitvoering ervan, voor het up-to-date houden en voor de signalering bij onvoldoende voortgang op de acties en/of de doelen. De agendatrekker maakt bijvoorbeeld jaarlijks een voortgangsrapportage met daarin: › ›

De voortgang en uitkomsten van de geplande acties De voortgang van de gestelde doelen (voor zover daar nieuwe informatie over beschikbaar is)

Riolering, Water en Klimaatadaptatie

Beleidsuitwerking en uitvoeringsagenda | Y0042 | 1-2-2024 20

Benodigde middelen Inleiding In hoofdstuk 5 presenteerden we de maatregelen die in de periode 2024-2028 nodig zijn voor zowel een goede waterketenzorg als om onze gemeente klimaatbestendiger te maken richting 2050. Hiervoor is geld nodig. In dit hoofdstuk laten we zien: › ›

hoeveel middelen nodig zijn, oftewel de kosten (§ 6.2) en hoe we dat gaan betalen, oftewel de financiering (§ 6.3).

Een groot deel van de kosten kunnen op basis van de “Wet bekostiging gemeentelijke watertaken” worden betaald vanuit de riool- en waterzorgheffing. In § 6.3 laten we zien welke ontwikkeling van de riool- en waterzorgheffing nodig is om 100% kostendekkend te zijn. Een gedetailleerde uitwerking van deze berekening voor het voorkeurscenario (de “kostendekkingsberekening”) staat in Bijlage XIV.

klimaatverandering te kunnen betalen. Op grond van de wet "bekostiging gemeentelijke watertaken" mogen klimaatadaptatie maatregelen die raakvlakken hebben met de gemeentelijke zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater worden betaald vanuit de inkomsten uit de riool- en waterzorgheffing. In veel gevallen is sprake van deze raakvlakken als het gaat om maatregelen in relatie met veel neerslag (wateroverlast) of weinig neerslag (droogte). De kosten (of lasten) onder de riool- en waterzorgheffing zijn onderverdeeld in twee soorten: exploitatielasten (waar beheer, klein onderhoud, personeel en onderzoek onder valt) en investeringen (waarmee groot onderhoud, vervangingen en verbeteringen uitgevoerd kunnen worden). De kosten voor klimaatadaptatiemaatregelen voor regen- en grondwater vallen hier ook onder. Verder zijn er nog kapitaallasten en BTW-lasten. De kapitaallasten volgen uit afschrijvingen en rentelasten op gedane investeringen. De compensabele BTW wordt als kostenpost meegenomen binnen de tariefberekening op basis van artikel 229b, lid 2b van de Gemeentewet. Een gedetailleerde uitwerking van kapitaallasten en BTWlasten is te vinden in Bijlage XIV-4. Korte en middellange termijn

Kosten Alles wat met het stedelijk waterbeheer te maken heeft, betalen we vanuit de rioolen waterzorgheffing. Denk hierbij aan het gebruikelijke onderhoud aan de riolering, maar ook aan maatregelen voor klimaatadaptatie die te maken hebben met regen- en grondwater. Om de ambities klimaatadaptatie voor 2050 binnen de afgesproken kaders te gaan halen zijn aanvullende investeringen nodig om de effecten van klimaatverandering te beperken. Tot op heden was er niet structureel financiering beschikbaar om de investering voor maatregelen om de effecten van

Riolering, Water en Klimaatadaptatie

De totale exploitatielasten voor de periode waarvoor deze beleidsuitwerking is opgesteld (2024-2028) zijn geraamd op 13,6 miljoen euro. Dat is gemiddeld 2,7 miljoen euro per jaar. Tabel 3 laat de onderverdeling van de exploitatielasten per categorie zien.

Beleidsuitwerking en uitvoeringsagenda | Y0042 | 1-2-2024 21

Tabel 3 Onderverdeling exploitatielasten water en riolering in 2024-2028

Tabel 4 Onderverdeling investeringen in 2024-2028

Categorie

Totaal in 2024-2028

Gemiddeld per jaar

Categorie

Totaal in 2024-2028

Gemiddeld per jaar

Beheer en Onderhoud

€ 3.639.900

€ 727.980

Vervangen

€ 10.742.522

€ 2.148.504

Onderzoek

€ 655.140

€ 131.028

Groot Onderhoud

€ 666.688

€ 133.338

Lonen e.d.

€ 4.461.952

€ 892.390

Verbeteren

€ 2.189.315

€ 437.863

Planvorming (beleidscyclus)

€ 205.000

€ 41.000

Klimaatadaptatie

€ 1.626.925

€ 325.385

Facilitair (Overhead en indirecte kosten)

€ 4.679.175

€ 935.835

TOTAAL

€ 15.225.450

€ 3.045.090

TOTAAL

€ 13.641.167

€ 2.728.233

Voor een uitgebreide onderverdeling van de exploitatielasten, zie Bijlage XIII. Het totaal van de geraamde investeringen voor de periode 2024-2028 is 15,2 miljoen euro. Dat is gemiddeld 3 miljoen euro per jaar. In Tabel 4 staat de onderverdeling. ‘Vervangen’ gaat over het vervangen van rioolbuizen die niet meer functioneren of aan het einde van hun levensduur zijn. Onder ‘Groot Onderhoud’ valt ook het relinen van rioolbuizen. ‘Verbeteren’ is het aanleggen van extra buizen of voorzieningen om het systeem geschikt te houden voor de toekomst.

Riolering, Water en Klimaatadaptatie

De geraamde investeringen voor ‘Klimaatadaptatie’ in Tabel 4, ruim 3 ton per jaar, zijn gebaseerd op de “Gidsprincipes voor een klimaatbestendige inrichting in 2050” (Bijlage IV). Het betreft de jaarlijkse kosten voor maatregelen in openbaar gebied die nodig zijn om de gestelde doelen te halen voor het tegengaan van wateroverlast. De maatregelen hebben te maken met de gemeentelijke watertaken voor hemel- en grondwater, en mogen dus op basis van de “Wet bekostiging gemeentelijke watertaken” vanuit de riool- en waterzorgheffing bekostigd worden. Maatregelen die niet (direct) te maken hebben met hemel- of grondwater, zoals voor hittestress (tegengaan hitte-eilanden of juist het creëren van koelte-eilanden) en maatregelen op privaat terrein zijn niet altijd direct toe te schrijven aan riool- en waterzorg en daarom niet in de kostendekkingsberekening meegenomen. Niet in elke wijk kunnen we in openbaar gebied onze gestelde doelen bereiken. Specifiek voor wateroverlast zijn in

Beleidsuitwerking en uitvoeringsagenda | Y0042 | 1-2-2024 22

enkele wijken ook investeringen op privaat terrein nodig. Deze kosten zijn niet meegenomen in de investeringen onder de riool- en waterzorgheffing. In totaal verwachten we dat er bijna 19 miljoen euro nodig is om de gestelde doelen voor klimaatadaptatie te behalen. Een overzicht van alle geraamde investeringen voor klimaatadaptatie uit de Gidsprincipes, ook die buiten de berekening van de riool- en waterzorgheffing, staan in Tabel 5.

Lange termijn Naast de kosten op de korte termijn, houden we ook rekening met de kosten over een periode van 75 jaar. Dit doen we omdat een rioolbuis in onze gemeente na aanleg gemiddeld 75 jaar later aan vervanging toe is. De onderverdeling van de kosten voor exploitatie en investeringen ziet er dan uit zoals in Tabel 6 en Tabel 7. Tabel 6 Onderverdeling exploitatielasten water en riolering in 75 jaar

Tabel 5 Geraamde benodigde investeringen voor klimaatadaptatie tot 2050 o.b.v. “Gidsprincipes voor een klimaatbestendige inrichting”

Soort

Totaal in 75 jaar

Gemiddeld per jaar

Soort

Totaal tot 2050

Per jaar

Beheer en Onderhoud

€ 57.168.402

€ 762.245

Watermaatregelen op openbaar terrein

€ 8.785.400

€ 325.385*

Onderzoek

€ 5.669.100

€ 75.588

Hittemaatregelen op openbaar terrein

€ 7.000.000

€ 260.000**

Lonen e.d.

€ 68.321.603

€ 910.955

Watermaatregelen op privaat terrein

€ 3.000.000

€ 110.000**

Planvorming

€ 3.075.000

€ 41.000

TOTAAL

€ 18.785.400

€ 695.385

Facilitair

€ 68.626.625

€ 915.022

TOTAAL

€ 202.860.730

€ 2.704.810

* Bekostigd vanuit de riool- en waterzorgheffing. Opgenomen in Tabel 4. ** Niet bekostigd vanuit de riool- en waterzorgheffing. Andere financieringsbronnen nodig.

Riolering, Water en Klimaatadaptatie

Beleidsuitwerking en uitvoeringsagenda | Y0042 | 1-2-2024 23

Tabel 7 Onderverdeling investeringen water en riolering in 75 jaar

Investeringen per jaar Totaal in 75 jaar

Gemiddeld per jaar

Vervangen

€ 295.966.499

€ 3.946.220

Groot Onderhoud

€ 12.443.092

€ 165.908

Verbeteren

€ 30.195.381

€ 425.287

Klimaatadaptatie

€ 8.785.400

€ 325.385 (tot 2050)

€ 347.390.372

€ 4.862.800 (tot 2050)

TOTAAL

€ 4.537.415 (na 2050)

Wat opvalt, is dat de gemiddelde kosten voor investeringen naar de toekomst toe stijgen. Want over 75 jaar liggen de kosten naar verwachting op 4,5 miljoen euro per jaar, tegen 3 miljoen euro per jaar in de periode 2024-2028. Ter vergelijking: in de periode 2015-2023 is er gemiddeld 1 miljoen euro per jaar uitgegeven. In Figuur 9 zien we hoe de investeringen zich over de tijd ontwikkelen. Hier zien we waar de stijging van de gemiddelde investeringskosten vandaan komt. Opvallend zijn de pieken in 2032, 2058 en 2076. Rond 2032 is het nodig om veel grote buizen te relinen en worden een aantal gebieden afgekoppeld. In 2058 en 2076 zijn veel buizen tegelijkertijd aan het einde van hun levensduur en dus naar verwachting toe aan vervanging. Verdere details zijn te vinden in Bijlage XIV.

Riolering, Water en Klimaatadaptatie

25

bedragen in miljoen euro

Soort

20 15 10

5 0

Totale investeringen Figuur 9 Verwachte benodigde jaarlijkse investeringen over een periode van 75 jaar

Financiering We willen zowel op de korte als op de lange termijn de gemeentelijke watertaken goed blijven uitvoeren én de gemeente klimaatbestendig maken in 2050. Op basis van de investeringen die we hiervoor moeten doen, verandert de hoogte van de heffing over de tijd. In deze paragraaf leggen we uit wat dit betekent voor onze gemeente en welke keuzes er gemaakt moeten worden. De uitgebreide uitwerking hiervan is te vinden in Bijlage XIV.

Beleidsuitwerking en uitvoeringsagenda | Y0042 | 1-2-2024 24

Een andere systematiek

Riool- en waterzorgheffing per systematiek

1. 2. 3.

riool- en waterzorgheffing in euro's

De afgelopen periode hebben we onze investeringen gefinancierd vanuit een spaarvoorziening. Binnen 10 jaar (rond 2032) komen er grote investeringen aan. Hiervoor zal de spaarvoorziening niet voldoende zijn. Om toch de benodigde investeringsprojecten uit te kunnen voeren, hebben we drie systematieken onderzocht: voor alle investeringen sparen (huidige situatie); voor alle investeringen lenen (ook wel ‘activeren’ genoemd); een combinatie van lenen en sparen.

De gevolgen voor de riool- en waterzorgheffing zijn in Figuur 10 te zien. Bij de huidige systematiek (alles sparen) is het nodig om de riool- en waterzorgheffing in één jaar tijd te verdubbelen. We zien dit als onwenselijk. De systematiek om alles te lenen is op de korte termijn een uitkomst om de riool- en waterzorgheffing laag te houden, maar op de lange termijn zien we dat de riool- en waterzorgheffing erg hoog wordt. Dit komt door de rente die moet worden betaald over de leningen. Mede daarom hebben we gekozen voor een combinatie van lenen en sparen. Dit houdt in dat we bij voorkeur geld uit de spaarvoorziening gebruiken. Op het moment dat dit niet voldoende is wordt er geld geleend. Dit geeft flexibiliteit om op basis van een spaarstrategie de riool- en waterzorgheffing niet te hoog te laten oplopen en tegelijkertijd voldoende geld beschikbaar te hebben om investeringen te blijven doen.

Riolering, Water en Klimaatadaptatie

600 500 400 300 200 100 0 20242029203420392044204920542059206420692074207920842089 Alles sparen

Alles activeren

Combinatie (20 jaar)

Figuur 10 De riool- en waterzorgheffing per systematiek voor het financieren van investeringen. De bedragen zijn exclusief inflatie en moeten jaarlijks geïndexeerd worden.

Beleidsuitwerking en uitvoeringsagenda | Y0042 | 1-2-2024 25

Keuze spaarstrategie De combinatie van lenen en sparen vraagt een keuze voor een spaarstrategie. We hebben drie strategieën uitgewerkt: 1. 2. 3.

In 10 jaar voldoende sparen voor alle investeringen In 20 jaar voldoende sparen voor alle investeringen In 40 jaar voldoende sparen voor alle investeringen

waterzorgheffing op langere termijn relatief laag. De riool- en waterzorgheffing bij de ’20 jaar opbouw’-strategie is op de lange termijn nog geen €10 hoger dan bij de ’10 jaar opbouw’-strategie. We zien de ’20 jaar opbouw’-strategie als voorkeursstrategie vanwege de voordelen op korte termijn en hebben deze daarom uitgebreid uitgewerkt in Bijlage XIV.

Riool- en waterzorgheffing per spaarstrategie riool- en waterzorgheffing in euro's per jaar

De gevolgen voor de riool- en waterzorgheffing zijn uitgewerkt in Figuur 11 en Tabel 8. De ’40 jaar opbouwen’-strategie is het aantrekkelijkste als het doel is om de riool- en waterzorgheffing op de korte termijn (2024-2028) zo laag mogelijk te houden. In 2028 is de riool- en waterzorgheffing nog onder de € 200,- bij deze variant, hoewel voor de andere varianten de riool- en waterzorgheffing al bijna de € 250,- bereikt. Voor de langere termijn is de ’40 jaar opbouwen’-variant een dure optie en lijkt erg op het de ‘alles activeren’ systematiek. Er wordt voor de eerste grote vervangingspieken veel geld geleend, waardoor de kapitaallasten hoog zijn (veel kosten voor rente en aflossen) en daardoor de kosten doorgeschoven worden naar de volgende generaties. De ’10 jaar opbouwen’-strategie verschilt niet met de ’20 jaar opbouwen’-strategie binnen de periode 2024-2028. Daarna verschillen ze wel: dan zet bij ’10 jaar sparen’ de stijging wel stevig door met 5%. Na 10 jaar stijging zal er (met uitzondering van inflatie) geen verhoging van de riool- en waterzorgheffing meer nodig zijn. Deze strategie houdt de kapitaallasten tot een minimum beperkt en levert daarom gemiddeld de laagste riool- en waterzorgheffing op van ruim € 300,- per heffingseenheid.

De ‘20 jaar opbouw’-strategie zorgt aan de ene kant voor een mildere stijging na de periode 20242028, maar houdt de kapitaallasten wel laag. Hierdoor is er een langere opbouwperiode nodig om kostendekkend te blijven, maar blijft de riool- en

Riolering, Water en Klimaatadaptatie

450 400 350 300 250 200 150 100 50 0 20242029203420392044204920542059206420692074207920842089 10 jaar sparen

20 jaar sparen

40 jaar sparen

Figuur 11 Het verloop van de riool- en waterzorgheffing per jaar voor de verschillende spaarstrategieën. Bedragen zijn exclusief inflatie en moeten jaarlijks geïndexeerd worden.

Beleidsuitwerking en uitvoeringsagenda | Y0042 | 1-2-2024 26

Tabel 8 Stijging van het bedrag van de riool- en waterzorgheffing per woning per spaarstrategie (voorkeursstrategie is groen gemarkeerd). 10 jaar Startjaar

Bedrag

20 jaar Groei

Exclusief indexering

Bedrag

40 jaar Groei

Exclusief indexering

Bedrag

Groei

Exclusief indexering

2024

€ 155,50

20 %

€ 155,50

20 %

€ 155,50

20 %

2025

€ 186,60

10 %

€ 186,60

10 %

€ 186,60

1,5 %

2029

€ 273,20

2,5 %

€ 273,20

1,5 %

€ 198,05

2,2 %

2034

€ 309,10

0%

€ 294,32

0,75 %

€ 220,82

2,5 %

2044

€ 309,10

0%

€ 317,15

0%

€ 282,66

2,5 %

2054

€ 309,10

0%

€ 317,15

0%

€ 361,83

1,15 %

2064

€ 309,10

0%

€ 317,15

0%

€ 405,66

0%

Riolering, Water en Klimaatadaptatie

Beleidsuitwerking en uitvoeringsagenda | Y0042 | 1-2-2024 27

Overzicht kostendekking voor de planperiode Als laatste hebben we een overzicht gemaakt van de kostendekking op de korte termijn voor de voorkeursstrategie, 20 jaar opbouwen. Dit is te zien in Tabel 9. In sommige jaren zijn er meer inkomsten dan uitgaven, vanwege de keuze om te ze sparen. Dit is toegestaan als duidelijk is voor welke toekomstige uitgave gespaard wordt. De kostendekkingsberekening is zo opgebouwd dat dit is te achterhalen is tot op strengniveau. Tabel 9 Overzicht kostendekking voor de periode 2024-2028 met de strategie ’20 jaar opbouwen’.

2024

2025

2026

2027

2028

Riool- en waterzorgheffing per woning

€ 155,50

€ 186,60

€ 205,26

€ 225,79

€ 248,36

Totale lasten (ex. BTW)

€ 3.469.745

€ 4.217.972

€ 4.512.464

€ 5.219.705

€ 6.165.030

waarvan spaarbedrag

€ 938.482

€ 1.173.103

€ 1.642.344

€ 2.299.281

€ 3.218.993

25%

40%

40%

40%

toename spaarbedrag BTW compensatie

€ 304.062

€ 388.363

€ 334.205

€ 330.036

€ 333.416

Heffingseenheden

24126

24401

24676

24952

25227

Inkomsten riool- en waterzorgheffing

€ 3.751.593

€ 4.553.227

€ 5.064.996

€ 5.633.812

€ 6.265.494

Dekking

99%

99%

105%

102%

96%

Netto toevoeging aan de voorziening

-

-

€ 469.241

€ 735.497

€ 1.367.740

Netto onttrekking aan de voorziening

€ 3.345.722

€ 281.176

-

-

-

Saldo voorziening 31-12

€ 1.454.278

€ 1.173.103

€ 1.642.344

€ 2.377.841

€ 3.745.581

Riolering, Water en Klimaatadaptatie

Beleidsuitwerking en uitvoeringsagenda | Y0042 | 1-2-2024 28

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Harderwijk&id=4730710f-43bf-43a1-9af4-90005992de12