CConstaterende datHarderwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

160830 Getekende bestuursovereenkomst COA-gemeente.pdf

Raadsvergadering 7 januari 2021, gemeente HarderwijkBij agendapunt: Verlenging bestuursovereenkomst inzake opvang asielzoekers10.834 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

4. Doelgroep De leerlingen van het AZC Harderwijk worden fulltime gehuisvest in beide scholen.

5.Aantallen a) Het aantal leerlingen is moeilijk in te schatten. Vooralsnog wordt uitgegaan van de prognose van het COA van \0Vo van het totaal aantal bewoners AZC, dus bij 800 inwoners 80 leerlingen. b) De stuurgroep AZC scholen zal bij grote schommelingen in het leerlingaantal die tot problemen leiden in de huisvesting of de bekostiging overleggen met de gemeente.

6. Huisvesting a) De AZC-onderbouw school wordt gekoppeld aan het Brinnummer van openbare basisschool De Delta van schoolbestuur stichting Proo. b) De AZC-bovenbouw school wordt gekoppeld aan het Brinnummer van protestants christelijke basisschool De Wegwijzer, van schoolbestuur stichting VCO Harderwijk-Hierden. c) Indien er meer onderwijsruimte nodig is dan is dit een verantwoordelijkheid van de stuurgroep om gezamenlijk met een advies te komen voor de lokalenverdeling, of anders een onderling af-

Pagina 2 van 6 paraaf Gemeente

paraaf st Proo

paraaf VCO Hierden-Harderwijk

IfO

gestemde (spoed) aanvraag in te dienen. Uitgangspunt hierbij is de geldende wet en regelgeving rondom nieuwbouw en uitbreiding van scholen.

7.Bekostiging a) De schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het aanvragen van de gelden vanuit het Rijk die specifiek gelden voor deze doelgroep, en benutten ook de maatwerkregeling van het ministerie waarbij een extra teldatum kan worden opgevoerd, ten behoeve van de bekostiging van formatie. b) De schoolbesturen benutten waar mogelijk de gemeentelijke subsidieregeling voor onderwijsach­ terstanden beleid. Bij de beoordeling van de aanvragen wordt specifiek gekeken naar de bijzon­ dere omstandigheden die samenhangen met de AZC scholen, die mogelijk tot maatwerk leidt in de subsidiebeschikking. c) Uitgangspunt is dat de gebruikelijke procedure rond subsidieaanvragen, toewijzing en verant­ woording van gemeentelijke subsidieregelingen wordt doorlopen. d) Mochten de bekostigingsmogelijkheden genoemd onder a en b onvoldoende zijn om de kostenneutraliteit te borgen, dan kan het schoolbestuur jaarlijks, of zoveel eerder als nodig is, een on­ derbouwde aanvullend verzoek indienen bij de gemeente. De gemeente beoordeelt dit verzoek vervolgens. e) Op het moment dat het activiteitenniveau aanzienlijk daalt als gevolg van een terugloop in het aantal AZC leerlingen of aanzienlijk stijgt in verband met een groei van het aantal AZC leerlin­ gen treden partijen in overleg om te bepalen of er noodzaak is tot het indienen van een aanvul­ lend verzoek.

f) Voordat wordt overgegaan tot eventuele honorering van een aanvullend verzoek is er een geza­ menlijk signaal (van gemeente en schoolbesturen) afgegeven richting het miniserie van het OCenW over de tekortschietende financiering vanuit het Rijk. g) Voordat wordt overgegaan tot eventuele honorering van een aanvullend verzoek wordt inzichte­ lijk gemaakt in hoeverre er wel of geen sprake is van financiële en materiële gelijkstelling. h) De noodzaak voor een aanvullende bekostiging voor AZC leerlingen blijkt achteraf ook uit het financieel jaarverslag van de betreffende schoolbesturen. i) Kosten die voortvloeien uit het beëindigen van aanstelling of meerkosten die het gevolg zijn van flexibele inzet (zoals bijvoorbeeld de btw en de kosten voor de inzet van een bureau bij een uit­ zend constructie) komen in principe voor rekening van de schoolbesturen, die daar in de eigen bedrijfsvoering zelf beslissingen over nemen. Deze keuzes staan in verband met bijvoorbeeld het aantal personeelsleden dat binnen enige tijd de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Bij grote fluctuaties wordt indien nodig een aanvullende aanvraag ingediend bij het rijk of een aanvullend verzoek bij de gemeente. j) De gemeente waarborgt dat de bekostiging voor de schoolbesturen die het AZC-onderwijs ver­ zorgen kostenneutraal plaatsvindt.

Deze schoolbesturen kunnen aanspraak maken op een bijdra­ ge (onder aftrek van de beschikbare en beschikbaar gestelde middelen van het rijk of van het COA) voor in ieder geval de volgende componenten: i. Opstart AZC-school: voor de opstartfase, vanaf 1 juli 2016 wordt door beide school­ besturen 1 fte ingehuurd. ii. Formatie: De minimum-formatie is gesteld op 1 groep per schoolbestuur (1 onder­ bouw- en 1 bovenbouwgroep). De extra formatiekosten die het schoolbestuur maakt als de school formatief geen eerste groep worden opgeteld bij de uitgaven voor de borgstelling door de gemeente Harderwijk. iii. Het schoolbestuur dient hiertoe een onderbouwd verzoek voor bevoorschotting in bij de gemeente Harderwijk.

Pagina 3 van 6

paraaf Gemeente

paraaf st Proo

paraaf VCO Hierden-Harderwijk

iv. Na de opstartfase wordt de AZC-school als een regulier bekostigde onderwijsinstel­ ling beschouwd. v. Per kwartaal verstrekt het schoolbestuur inzicht in de inkomsten en uitgaven van de AZC-locatie; beide besturen houden hiertoe een separatie-administratie bij. vi. Na de contractperiode (tussen gemeente en COA) zal het AZC weer verdwijnen: de mogelijkheid bestaat dat het schoolbestuur daarna nog inkomsten ontvangt (de rijksbekostiging gaat uit van een t+1 vergoedingsconstructie). Indien van toepassing worden deze inkomsten verrekend met eventuele bevoorschotting die het gemeente­ bestuur in de aanvangsfase heeft verstrekt. vii. Schoolbesturen en gemeente maken na afloop van de AZC-periode een finale afre­ kening. k) Zorgleerlingen die niet op de AZC scholen kunnen worden opgevangen worden via het Samen­ werkingsverband doorverwezen naar speciaal onderwijs. Uitgangspunt en verwachting is dat er een gelijk percentrage wordt doorverwezen naar speciaal onderwijs als bij een gemiddelde school in Harderwijk.

8. Doorstroom naar vervolgschool a) Het onderwijs op de AZC-scholen is schakelonderwijs en geen eindonderwijs. Na de periode van schakelonderwijs (maximaal anderhalf jaar waarbij getracht wordt één volledig schooljaar of korter) stromen de leerlingen door naar regulier onderwijs naar keuze. b) Het criterium voor plaatsing naar het regulier primair onderwijs is het voldoende beheersen van de Nederlandse taal. De toets resultaten (zoals: DMT, AVI, methode onafhankelijke spelling/ begrijpend lezen/ rekenen/ woordenschat toets) worden gedeeld met de nieuwe school. Het stre­ ven is dat een leerling in de nieuwe school wordt geplaatst in een groep met leeftijdsgenoten en maximaal 1 1/2 jaar onder het gemiddelde niveau zit van de klas. c) Voor elke leerling wordt gedurende de opvangperiode een onderwijskundig rapport bijgehouden dat bij doorstroom wordt overgedragen aan de basisschool waar de leerling wordt geplaatst. d) Ouders worden minimaal mondeling geïnformeerd over de uitkomsten van het onder c genoem­ de onderzoek. e) Vanwege de schoolkeuzevrijheid van ouders kunnen leerlingen doorstromen naar alle basisscho­ len. De AZC-scholen ondersteunen de ouders bij het vinden van een passende vervolgschool.

f) Basisscholen in Harderwijk en Hierden hebben in het overleg op 24 september 2015 aangegeven mee te werken aan de plaatsing van een leerling gedurende het schooljaar, volgens de reguliere aanmeldingsprocedure. Het geniet de voorkeur dat een kind instroomt na een vakantie periode (herfst, kerst, voorjaar of mei).

9. Monitoren De AZC-scholen voeren een registratie van de leerlingen die deelnemen. De leerlingen worden bij aanvang getoetst, er wordt dan een beginsituatie vastgesteld. Op basis van de observatie van de eer­ ste maand, intakegesprek met de ouders en de intake toetsen wordt een perspectief van een minima­ le looptijd van een jaar opgesteld. Met een regelmatige interval van worden de leerlingen getoetst met methode onafhankelijke toetsen. Op het moment dat de leerling de streefdoelen heeft gehaald wordt er een overdrachtsdocument opgemaakt. Hierin zitten de toetsgegevens van alle methode onafhankelijke toetsen. Hiervoor is het inzichtelijk voor de ontvangende school wat de progressie van de leerling is geweest. Daarnaast deelt de school ook de handelingsplannen en vorderingen in

Pagina 4 van 6

paraaf Gemeente

paraaf st Proo

paraaf VCO Hierden-Harderwijk

de methoden en sociaal emotioneel. De leerling wordt hierna nog twee jaar gevolgd. De ontvangen­ de scholen leveren gevraagd de gegevens vanuit het LVS aan. De AZC-scholen hebben een database van alle toets resultaten. Jaarlijks analyseren zij deze resulta­ ten, dit is één van de instrumenten waarop zij hun kwaliteit intern beoordelen.

10. Verantwoordingen evaluatie Schoolbesturen regelen de eigen financiële bedrijfsvoering en verantwoording, voor de AZC leer­ lingen gelijk als voor de andere scholen. Als sprake is van aanvullende aanvragen bij de gemeente wordt de noodzaak daartoe onderbouwd, en blijkt ook uit het financieel jaarverslag achteraf ook dat er een noodzaak was voor die eventuele aanvullende bekostiging voor de AZC leerlingen.

11. Kwaliteiten bijzondere voorwaarden a) De AZC scholen vallen onder de directe verantwoordelijkheid van de genoemde schoolbesturen. Het schoolbestuur draagt in eerste instantie zorg voor de bekostiging van de AZC scholen. b) Het schoolbestuur waarborgt de beoogde kwaliteit. Het schoolbestuur heeft de vrijheid te antici­ peren op substantiële wijzigingen in leerlingenstromen. c) Wanneer de leerling overgaat naar een andere school dan dient de opvang van deze leerling door de ontvangende school gefinancierd te worden uit de eigen reguliere middelen, en daarnaast de gebruikelijke gemeentelijke regelingen voor onderwijsachterstanden. d) AZC scholen spannen zich in voor een spreiding van leerlingen over meer scholen en denomina­ ties. Dit gaat om een beperkt aantal leerlingen, de meeste leerlingen zullen verhuizen naar een andere gemeente. De AZC-scholen overleggen met de gemeente over de noodzaak tot het opstel­ len van een spreidingsbeleid. Een spreidingsbeleid laat onverlet dat er keuzevrijheid is voor ou­ ders, maar kan segregatie voorkomen.

12. Duur Dit convenant treedt in werking op 1 juli 2016 en eindigt op 1 juli 2026. Wanneer een van de partijen dit convenant wil opzeggen of wijzigen, dan wordt een opzegtermijn van tenminste zes maanden in acht genomen.

Pagina 5 van 6

paraaf Gemeente

paraaf st Proo

paraaf VCO Hierden-Harderwijk

13. Slotbepalingen Indien bij vaststelling van de gemeentebegroting de voorgenomen subsidiebedragen volgens dit convenant door de gemeenteraad van Harderwijk niet of niet geheel beschikbaar worden gesteld treden partijen met elkaar in overleg. Het gaat dan om beslissingen over de bekostiging voor garant­ stelling van fte’s, 7i en om eventueel aanvullende aanvragen in de bekostiging, 7d, omdat de ge­ meenteraad het budgetrecht heeft. Indien andere zwaarwegende, niet voorziene omstandigheden bij één van de partijen hiertoe nood­ zaken, treden partijen in overleg om te bepalen of deze overeenkomst in overeenstemming met de nieuwe omstandigheden dient te worden bijgesteld.

Getekend te Harderwijk d.d maart 2016

Gemeente Harderwijk P. Teeninga, wethouder onderwijs, Namens Burgemeester en Wethouders

Schoolbestuur st VCO Harderwijk-Hierden A.Palland, bestuurder

Schoolbestuur st Proo T. Huiskamp, gemachtigd namens bestuur,

Pagina 6 van 6

paraaf Gemeente

paraaf st Proo

paraaf VCO Hierden-Harderwijk

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Harderwijk&id=5c184db4-48ca-4738-9921-b2c77a823007