Regels en toelichting bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53 en 54 Bergentheim
Tekst van het document
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 83
3.5
Wijzigingsbevoegdheid
3.5.1
Wijzigingsbevoegdheid natuurontwikkeling
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan zodanig te wijzigen, dat op de gronden als bedoeld in artikel 3.1, de bestemming wordt gewijzigd in: a. Natuur - Besloten veenontginningslandschap; b. Groen - Landschapselement; c. Water. Het wijzigen mag uitsluitend geschieden ten aanzien van gronden waarvan vaststaat dat: 1. daarop de agrarische bedrijvigheid is of zal worden beëindigd, 2. de agrarische functie van aangrenzende, niet bij het bedrijf behorende gronden en bebouwing niet onevenredig wordt belemmerd, 3. daar natuurontwikkeling zal plaatsvinden of heeft plaatsgevonden; 4. de gerechtigden ten aanzien van de betreffende gronden daarmee instemmen.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 84
Artikel 4 4.1
Wonen - Besloten veenontginningslandschap Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen - Besloten veenontginningslandschap' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen, met inbegrip van aan-huis-gebonden beroepen; b. tuinen en erven; met daaraan ondergeschikt: c. bed and breakfast; d. boerderijkamers; e. statische opslag in bestaande gebouwen; f. ontsluitingsvoorzieningen; g. landschappelijke inpassing. 4.2
Bouwregels
4.2.1
Toegestane bouwwerken
Op de gronden als bedoeld in 4.1 mogen uitsluitend worden gebouwd; a. woningen; b. bijbehorende bouwwerken; c. andere bouwwerken. 4.2.2
Bouwen
Voor het bouwen van bouwwerken als bedoeld in 4.2.1 gelden de volgende bepalingen: a. de woning mag vrijstaand worden gebouwd, overeenkomstig de bestaande vorm; b. het aantal woningen per bouwperceel bedraagt niet meer dan het bestaande aantal; c. bij herbouw, verbouw en uitbreiding van een woning mogen de gevels niet gesitueerd worden op een afstand van minder dan 200 meter van een agrarisch bouwvlak, indien de huidige gevels al zijn gelegen op een kortere afstand, dan mogen de gevels niet dichterbij een agrarisch bouwvlak gesitueerd worden dan de bestaande gevels; d. de inhoud van een woning mag niet meer bedragen dan 750 m3 of niet meer dan de bestaande inhoud indien deze meer dan 750 m3 bedraagt; e. de gezamenlijke oppervlakte van de bij de woning behorende bijgebouwen en overkappingen mag niet meer bedragen dan: 1. 100 m2 als de oppervlakte van de bij de woning behorende en aansluitend gelegen gronden minder dan 1 hectare bedraagt; 2. de bestaande oppervlakte indien deze meer bedraagt dan het onder 1 bepaalde, met dien verstande dat de te slopen bebouwing niet wordt meegerekend in de oppervlaktebepaling; f. bijgebouwen en overkappingen mogen uitsluitend worden gebouwd op ten minste 1 m achter het verlengde van de voorgevel van de betreffende woning; g. voor de goothoogte, bouwhoogte en dakhelling van bouwwerken gelden de volgende bepalingen: Bouwwerken max.
goothoogte max. bouwhoogte min. dakhelling (1) 6m 10 m 30° bijgebouwen 3m 6m 18° overkappingen 3,5 m erf- of 2m perceelsafscheiding op ten minste 1 m achter de voorgevelrooilijn overige erf- of 1m perceelsafscheidingen overige andere 10 m
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 85
h.
i.
bouwwerken (1) met dien verstande dat de woning voor maximaal 30 m2 van een platte afdekking mag worden voorzien een bouwwerk dat afwijkt van het bepaalde onder d, e, f en g op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het bestemmingsplan aanwezig is of gebouwd kan worden krachtens een vergunning voor het bouwen is toegestaan en mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, geheel of gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd. in voorkomend geval artikel 9.1 (Afstanden tot wegen).
4.2.3
Bepalen inhoud bouwwerk
De inhoud van een bouwwerk waarvoor in Artikel 4 een maximale inhoudsmaat is vastgelegd, dient bepaald te worden overeenkomstig het bepaalde in artikel 2.5. 4.3
Afwijken van de bouwregels
4.3.1
Herbouw - verbouw- uitbreiding woning
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 4.2.2 onder c, mits een voldoende woon- en leefklimaat gegarandeerd kan worden en de bedrijfsvoering van omliggende (agrarische) bedrijven of recreatiebestemmingen hierdoor niet wordt belemmerd. 4.3.2
Vergroten inhoud woning
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 4.2.2 onder d voor het vergroten van de inhoud van de woning tot 1.000 m3, mits de inpassing op het erf en in het landschap op zorgvuldige wijze plaats vindt, aan de hand van een ruimtelijke kwaliteitsplan. 4.3.3
Kleinere dakhelling gebouwen
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 4.2.2 onder g voor het toestaan van een kleinere dakhelling van gebouwen, mits: a. het oppervlak waarvoor een kleinere dakhelling voor bijgebouwen wordt toegestaan niet groter is dan 15% van het totale oppervlak van het gebouw; b. een kleinere dakhelling past binnen de aard, schaal en het beeld van het perceel. 4.4
Specifieke gebruiksregels
4.4.1
Strijdig gebruik
Onder strijdig gebruik met deze bestemming wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijving, waaronder in ieder geval wordt begrepen: a. wonen in een woning, anders dan ten behoeve van een huishouding, met dien verstande dat een huishouden wel mag worden aangevuld met een huishouding in verband met dringende sociale, verzorgings- of sociaal-economische redenen; b. het gebruik van gronden en bouwwerken in combinatie met bedrijfsdoeleinden anders dan een aan-huis-gebonden beroep. 4.4.2
Aan-huis-gebonden beroep
De uitoefening van aan huis gebonden beroepen is alleen toegestaan met inachtneming van de volgende bepalingen: a. de aan-huis-gebonden activiteiten voor het beroep mogen uitsluitend inpandig worden verricht; b. de vloeroppervlakte mag niet meer bedragen dan 100 m 2 of niet meer dan de bestaande oppervlakte indien deze meer dan 100 m2 bedraagt; c. degene die de gebruiker is van de woning moet ook degene zijn die het aan-huis-gebonden beroep uitoefent; d. er mag geen detailhandel plaatsvinden, behoudens ondergeschikte verkoop, in direct verband met het aan-huis-gebonden beroep; e. het parkeren dient op eigen terrein plaats te vinden.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 86
4.4.3
Bed and breakfast
Het gebruik voor bed and breakfast is alleen toegestaan met inachtneming van de volgende bepalingen: a. de bed and breakfast voorziening mag in de woning en in maximaal één bijgebouw worden gevestigd; b. de gezamenlijke vloeroppervlakte mag niet meer bedragen dan 100 m2 of niet meer dan de bestaande oppervlakte indien deze meer dan 100 m2 bedraagt; c. de bed and breakfast voorziening mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; d. het parkeren dient op eigen terrein plaats te vinden. 4.4.4
Boerderijkamers
Het gebruik van boerderijkamers is alleen toegestaan met inachtneming van de volgende bepalingen: a. de boerderijkamers mogen alleen worden gevestigd in een voormalige boerderij; b. de gezamenlijke vloeroppervlakte van de boerderijkamers mag niet meer bedragen dan 100 m2 of niet meer dan de bestaande oppervlakte indien deze meer dan 100 m 2 bedraagt; c. de aanwezigheid van de boerderijkamers mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; d. het aantal slaapplaatsen mag niet meer bedragen dan 15; e. vrijstaande appartementen/huisjes zijn niet toegestaan, er dienen meerdere boerderijkamers per gebouw gevestigd te zijn; f. het parkeren dient op eigen terrein plaats te vinden. 4.4.5
Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing
Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend: a. het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig de in lid 4.1 opgenomen bestemmingsomschrijving zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform de in Bijlage 3 Ruimtelijk kwaliteitsplan Broekdijk, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing; b. in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken overeenkomstig de in lid 4.1 opgenomen bestemmingsomschrijving worden gebruikt onder de voorwaarde dat binnen één jaar na onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor het bouwen van de nieuwe gebouwen uitvoering wordt gegeven aan de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform de in Bijlage 3 Ruimtelijk kwaliteitsplan Broekdijk, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 4.4.6
Voorwaardelijke verplichting sloop
Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend: a. het gebruik van en in het gebruik laten nemen van nieuwe bouwwerken overeenkomstig de in lid 4.1 opgenomen bestemmingsomschrijving zonder de afgeronde sloop van de voormalige bedrijfsbebouwing met een omvang van 1407 m2 aan de Broekdijk 81/81a. b. in afwijking van het bepaalde onder a mogen nieuwe bouwwerken overeenkomstig de in lid 4.1 opgenomen bestemmingsomschrijving worden gebruikt onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na onherroepelijk worden van dit bestemmingsplan de voormalige bedrijfsbebouwing is gesloopt.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 87
4.5
Afwijken van de gebruiksregels
4.5.1
Kleinschalige bedrijfsactiviteiten
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 4.1 en artikel 4.4 voor het gebruik van bestaande gebouwen voor een kleinschalige (bedrijfs)activiteit, met inachtneming van de volgende bepalingen: a. Toegestaan zijn: bedrijfsactiviteiten die voorkomen in, of gelijk te stellen zijn met categorie 1 van Staat van bedrijfsactiviteiten 1. en koffie- en theeschenkerij; 2. eenvoudige dagrecreatieve voorzieningen; 3. een museum of galerie, of daarmee gelijk te stellen voorziening; 4. internetwinkels, al dan niet in combinatie met de opslag van goederen; 5. zorgfuncties zoals een zorgboerderij. b. maximaal 30% van het gezamenlijke vloeroppervlak van de gebouwen mag worden gebruikt voor de onder a genoemde activiteiten; c. in afwijking van het bepaalde onder b kan een groter percentage van het gezamenlijke vloeroppervlak van de gebouwen worden gebruikt voor de onder a genoemde activiteiten, mits passend binnen de aard, schaal en het beeld van het perceel en de omgeving; d. degene die de bewoner is van de woning moet ook degene zijn die de bedrijfsactiviteit uitoefent; e. er mag geen opslag van goederen in de openlucht plaatsvinden; f. er mag geen detailhandel plaatsvinden, behoudens een beperkte verkoop in het klein, in direct verband met de (bedrijfs)activiteit; g. het parkeren dient op eigen terrein plaats te vinden; h.
in vergelijking met de bij recht toegestane functies mag geen onevenredig grotere verkeersbelasting op aangrenzende wegen en paden plaatsvinden; i. de (bedrijfs)activiteiten moeten vanuit milieuoogpunt toelaatbaar zijn; j. het gebruik dient qua aard en schaal te passen bij de specifieke kwaliteiten en schaal van de omgeving, met name op het gebied van visuele aspecten, zoals reclame-uitingen en technische installaties. 4.5.2
Afwijken van de voorwaardelijke verplichting
Bij een omgevingsvergunning kan, mits in overeenstemming met de gemeente, worden afgeweken van het bepaalde onder 4.4.5 indien in plaats van de landschapsmaatregelen zoals opgenomen in het Ruimtelijk kwaliteitsplan Broekdijk andere landschapsmaatregelen worden getroffen, met dien verstande dat: a. de landschapsmaatregelen minimaal gelijk zijn aan de in het Ruimtelijk kwaliteitsplan Broekdijk opgenomen landschapsmaatregelen en voorzien in een minimaal gelijk beschermingsniveau van de landschappelijke waarden waarvoor de in het genoemde landschapsmaatregelen zijn bepaald; b. er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de in de omgeving aanwezige functies en waarden.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 88
Artikel 5 5.1
Woongebied Bestemmingsomschrijving
De voor 'Woongebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen, met dien verstande niet meer dan één woning per bouwperceel; b. aan-huis-gebonden-beroepen; c. tuinen en erven; waaronder mede begrepen: d. verkeers- en verblijfsvoorzieningen; e. parkeervoorzieningen; f. openbare nutsvoorzieningen; g. groenvoorzieningen; h. speelvoorzieningen; i. water. met de daarbij behorende j. gebouwen; k. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 5.2
Bouwregels
5.2.1
Hoofdgebouwen
Voor het bouwen van hoofdgebouwen, niet zijnde woonwagens, gelden de volgende regels: a. de gebouwen mogen de rooilijn niet overschrijden; b. per bouwperceel mag één hoofdgebouw gerealiseerd worden; c. de hoofdgebouwen dienen te worden geplaatst binnen een strook gemeten vanuit de rooilijn met een diepte van 20 m; d. de afstand van een hoofdgebouw tot de zijdelingse bouwperceelgrens bedraagt ten minste 5 m; e. de goot- en bouwhoogte bedragen respectievelijk 6 m en 10 m; f. het bebouwingspercentage bedraagt niet meer dan 60% van het bouwperceel; g. de maximale inhoud van het hoofdgebouw bedraagt maximaal 750 m3. 5.2.2
Bijgebouwen en overkappingen
Voor het bouwen van bijgebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte bedraagt niet meer dan 6 m, met dien verstande dat de bouwhoogte minimaal 1 m lager moet zijn dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw; b. de goothoogte van een bijgebouw en de bouwhoogte van een overkapping bedraagt niet meer dan 3,5 m; c. de bijgebouwen en overkappingen worden minimaal 3 m achter (het verlengde van) de naar de weg gekeerde gevels van het hoofdgebouw gebouwd; d. de gezamenlijke oppervlakte van bijgebouwen en overkappingen, inclusief de oppervlakte van aan- en uitbouwen, die niet voldoen aan de eisen van het hoofdgebouw, bedraagt niet meer dan 60 m²; e. de onder d bepaalde oppervlakte is alleen toegestaan indien niet meer dan 60% van het bouwperceel wordt bebouwd, met dien verstande dat het maximale bebouwingspercentage van 60% ook van toepassing is op overkappingen. 5.2.3
Gebouwen en overkappingen voor openbare nutsvoorzieningen
Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen voor openbare nutsvoorzieningen en verkeers- en verblijfsvoorzieningen gelden de volgende regels: a. de inhoud bedraagt per gebouwtje niet meer dan 50 m³; b. de bouwhoogte bedraagt niet meer dan 3 m. 5.2.4
Bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 89
a.
b.
er zijn uitsluitend vergunningsvrije erf- en perceelafscheidingen toegestaan overeenkomstig artikel 2 van bijlage 2 van het Besluit omgevingsrecht (zoals dat geldt op het moment van vaststelling van dit bestemmingsplan); de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt niet meer dan 3 m.
5.3
Afwijken van de bouwregels
5.3.1
Afwijkende afstand zijdelingse perceelgrens
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 5.2.1 onder d, met dien verstande dat de afstand tot de perceelgrens ten minste 1 m dient te bedragen; 5.3.2
Afwijkende goot- en bouwhoogte hoofdgebouw
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 5.2.1 onder e, voor een afwijkende goot- en bouwhoogte van het hoofdgebouw, mits wordt aangesloten bij de gooten bouwhoogte van de in de directe nabijheid van de woning gelegen bebouwing; 5.3.3
Afwijkende goot- en bouwhoogte bijgebouw of overkappingen
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 5.2.2 onder b, voor een afwijkende goot- en bouwhoogte van het bijgebouw, mits bouwhoogte van het bijgebouw of de overkapping ondergeschikt blijft aan het hoofdgebouw, dan wel de goothoogte van het bijgebouw of de overkapping ondergeschikt blijft aan de goothoogte van het hoofdgebouw; 5.3.4
Afwijkende situering bijgebouwen en overkappingen
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde onder 5.2.2 onder c, voor een afwijkende situering van het bijgebouw of een overkapping, met dien verstande dat bijgebouwen en overkappingen op een kortere afstand tot (het verlengde van) de naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw, dan wel voor (het verlengde van) de naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw mogen worden gebouwd; 5.3.5
Afwijking aan-huis-gebonden beroepen
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 5.2.2 onder d, met dien verstande dat de maximum oppervlakte van een bijgebouw of overkapping 100 m2 bedraagt ten behoeve van een aan-huis-gebonden beroep, mits niet meer dan 60% van het bouwperceel wordt gebouwd. 5.3.6
Afwijking hoogte erf- en terreinafscheidingen
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 5.2.4 onder a en b voor een hoogte van 3 m voor erf- en terreinafscheidingen en 15 voor overige bouwwerken. 5.4
Afwegingskader
Bij een omgevingsvergunning zoals bedoeld onder 5.3 wordt niet verleend indien er sprake is van een aantasting van: de gebruismogelijkheden van aangrenzende gronden; het bebouwingsbeeld; de verkeersveiligheid; de parkeervoorzieningen.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 90
5.5
Specifieke gebruiksregels
5.5.1
Strijdig gebruik
Onder strijdig gebruik met de bestemming wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijving, waaronder in ieder geval wordt begrepen: a. het gebruik van gronden en bouwwerken in combinatie met bedrijfsdoeleinden anders dan een aan huis gebonden beroep; b. wonen in een woning, anders dan ten behoeve van een huishouding, met dien verstande dat een huishouden wel mag worden aangevuld met een huishouding ten behoeve van dringende sociale, verzorgings- of sociaaleconomische redenen; c. opslag voor de voorgevel van het hoofdgebouw; d. een gebruik van gronden als stort- en/of opslagplaats van grond en/of afval, met uitzondering van een zodanig gebruik voor het normale op de bestemming gerichte gebruik en onderhoud; e. een gebruik van gronden als stallings- en/of opslagplaats van één of meer aan het gebruik onttrokken machines, voer-, vaar- of vliegtuigen, met uitzondering van een zodanig gebruik voor het normale op de bestemming gerichte gebruik en onderhoud; f. een gebruik van gronden en bouwwerken voor een seksinrichting dan wel ten behoeve van prostitutie. 5.5.2 a. b. c. d. e.
Aan-huis-gebonden beroep
de aan huis gebonden activiteiten voor het beroep mogen uitsluitend inpandig worden verricht; de vloeroppervlakte mag niet meer bedragen dan 100 m²; degene die de gebruiker is van de woning moet ook degene zijn die het aan huis gebonden beroep uitoefent; er mag geen detailhandel plaatsvinden, behoudens een beperkte en ondergeschikte verkoop in het klein, in direct verband met het aan huis gebonden beroep; het parkeren dient binnen het erf op eigen terrein plaats te vinden, dan wel in alternatieve ruimte waarin in de nabijheid wordt voorzien. Het bevoegd gezag kan bij de omgevingsvergunning voorwaarden stellen ten aanzien van het realiseren en/of onderhouden van alternatieve parkeer- en of stallingsruimte.
5.5.3
Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing Kanaalweg-Oost
Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend: a. het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig de in lid 5.1 opgenomen bestemmingsomschrijving zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform de in Bijlage 4 Ruimtelijk kwaliteitsplan Kanaalweg-Oost, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing; b. in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken overeenkomstig de in lid 5.1 opgenomen bestemmingsomschrijving worden gebruikt onder de voorwaarde dat binnen één jaar na onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor het bouwen van de nieuwe gebouwen uitvoering wordt gegeven aan de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform de in Bijlage 4 Ruimtelijk kwaliteitsplan Kanaalweg-Oost, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 91
5.6
Afwijken van de gebruiksregels
5.6.1
Kleinschalige bedrijfsactiviteiten
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.5.1 ten behoeve van kleinschalige bedrijfsactiviteiten, met dien verstande dat: a. kleinschalige bedrijfsactiviteiten, met uitzondering van de bedrijfsactiviteiten genoemd onder c, behoren tot maximaal categorie 1 van de in de bijlage Staat van bedrijfsactiviteiten; b. kleinschalige bedrijfsactiviteiten, met uitzondering van de bedrijfsactiviteiten genoemd onder c, die niet zijn genoemd in categorie 1, van de in de bijlage opgenomen Staat van bedrijven eveneens zijn toegestaan nadat door aanvrager is aangetoond dat deze activiteiten wat betreft geur, stof en geluid en gevaar en wat betreft ruimtelijke uitstraling, omvang en intensiteit, met een bedrijf uit categorie 1 van de Staat van bedrijven gelijk kunnen worden gesteld; c. het bevoegd gezag geen omgevingsvergunning verleent voor: 1. een horeca-inrichting, met uitzondering van een bed- en breakfast voorziening; 2. detailhandel, behoudens: internetwinkels; een beperkte verkoop in het klein, in direct verband met de kleinschalige bedrijfsactiviteit anders dan internetwinkels; 3. groothandel; 4. reparatiewerkzaamheden voor particulieren van motoren, motorrijtuigen, vaartuigen, caravans, landbouwvoertuigen of bromfietsen; d.
de kleinschalige bedrijfsactiviteiten naar ruimtelijke uitstraling, omvang en intensiteit ondergeschikt dienen te zijn en te blijven aan de bestemming voor de woning, waarbij het bedrijfsvloeroppervlak niet meer mag bedragen dan maximaal 30% van de bruto vloeroppervlakte van de woning, met inbegrip van bijgebouwen; e. de kleinschalige bedrijfsactiviteiten: 1. geen onevenredige hinder mogen opleveren voor de omgeving; 2. geen onevenredige afbreuk mogen doen aan het ruimtelijk (woon)karakter van de buurt; 3. de bebouwings- en gebruiksmogelijkheden van de nabijgelegen gronden niet onevenredig mogen aantasten; 4. geen onevenredige nadelige invloed mogen hebben op de afwikkeling van het verkeer en mogen niet leiden tot onaanvaardbare parkeerdruk; 5. geen publieksgericht karakter mogen hebben, uitsluitend bezoek op afspraak is toegestaan; f. opslag van goederen of stalling van motorrijtuigen, aanhangwagens en fietsen die verband houden met de kleinschalige bedrijfsactiviteiten uitsluitend zijn toegestaan in gebouwen; g. degene die gebruiker is van de woning ook degene moet zijn die de kleinschalige bedrijfsactiviteiten uitoefent; h. de kleinschalige bedrijfsactiviteiten uitsluitend inpandig mogen worden verricht. 5.6.2
Zorgfuncties bij het wonen
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 5.5.1 sub b voor het in gebruik nemen van een woning als zorgwoning voor speciale doelgroepen, zoals hulpbehoevenden met daarbij behorende speciale woon-zorgfuncties, met dien verstande dat de vestiging geen onevenredige afbreuk ten aanzien van het woon- en leefklimaat (waaronder geluidhinder) voor omwonenden zal opleveren. De aanvraag om een omgevingsvergunning dient in te gaan op de mogelijkheid van verstoring van het woon- en leefklimaat en eventueel noodzakelijke maatregelen die nodig zijn om hinder voor omwonenden te voorkomen.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 92
5.6.3
Afwijken van de voorwaardelijke verplichting
Bij een omgevingsvergunning kan, mits in overeenstemming met de gemeente, worden afgeweken van het bepaalde onder 5.5.3 indien in plaats van de landschapsmaatregelen zoals opgenomen in het Ruimtelijk kwaliteitsplan Kanaalweg-Oost andere landschapsmaatregelen worden getroffen, met dien verstande dat: a. de landschapsmaatregelen minimaal gelijk zijn aan de in het Ruimtelijk kwaliteitsplan Kanaalweg-Oost opgenomen landschapsmaatregelen en voorzien in een minimaal gelijk beschermingsniveau van de landschappelijke waarden waarvoor de in het genoemde landschapsmaatregelen zijn bepaald; b. er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de in de omgeving aanwezige functies en waarden.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 93
Artikel 6 6.1
Waarde - Archeologie 5 Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie 5' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud en bescherming van de verwachte archeologische waarden. 6.2
Bouwregels
6.2.1
Omgevingsvergunning voor het bouwen
Voor het bouwen overeenkomstig de regels voor de andere op deze gronden voorkomende bestemmingen, dient de aanvrager van een omgevingsvergunning, voor een of meerdere bouwwerken waarbij grond geroerd wordt met een (gezamenlijk) geroerde oppervlakte groter dan 2.500 m² en een diepte van 50 cm of meer, een rapport te overleggen waarin de archeologische waarden van de gronden die volgens de aanvraag zullen worden verstoord, in voldoende mate zijn vastgesteld. Een dergelijke rapportage is niet noodzakelijk als aangetoond kan worden dat de betreffende gronden geroerd zijn en de trefkans op archeologische waarden gering is. 6.2.2
Voorschriften
Indien uit het in lid 6.2.1 genoemde rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning zullen of kunnen worden verstoord, kan het bevoegd gezag één of meerdere van de volgende voorschriften verbinden aan de omgevingsvergunning die de verplichting inhouden: a. tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; b. tot het doen van opgravingen; c. de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties. 6.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 6.3.1
Vergunningplicht
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden uit te voeren, of te laten uitvoeren: a. het ophogen van de bodem, wanneer de oppervlakte 2.500 m2 of meer bedraagt; b. het aanleggen, verbreden en/of verharden van wegen, paden, banen en/of parkeergelegenheden en/of het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen, wanneer de oppervlakte 2.500 m² of meer en een diepte van 50 cm of meer bedraagt; c. het aanleggen, verbreden en dempen van sloten, vijvers en andere wateren, wanneer de oppervlakte van deze werken en werkzaamheden 2.500 m² of meer bedraagt; d. het verlagen of het verhogen van het waterpeil over een oppervlakte van meer dan 2.500 m²; e. het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie-, telecommunicatie- of andere leidingen en de daarmee verband houdende constructies, wanneer de oppervlakte van deze werken en werkzaamheden 2.500 m² of meer en een diepte van 50 cm of meer bedraagt waarbij de breedte van deze werken tenminste 1,25 m bedraagt; f. het bebossen van gronden die op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan niet als bos zijn bestemd, wanneer de oppervlakte van deze werken en werkzaamheden 2.500 m 2 of meer en een diepte van 50 cm of meer bedraagt; g.
het rooien van bos of boomgaard, waarbij de stobben worden verwijderd, wanneer de oppervlakte van deze werken en werkzaamheden 2.500 m2 of meer en een diepte van 50 cm of meer bedraagt;
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 94
h. i.
het aanleggen van bos of boomgaard, wanneer de oppervlakte van deze werken en werkzaamheden 500 m² of meer en een diepte van 50 cm of meer bedraagt; het uitvoeren van grondbewerkingen op een grotere diepte dan 50 cm, waartoe ook wordt gerekend woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, aanleggen van drainage en ontginnen, wanneer de oppervlakte van deze werken en werkzaamheden 2.500 m² of meer bedraagt.
6.3.2
Uitzonderingen
Het in lid 6.3.1 gestelde verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud of gebruik betreffen; b. reeds in uitvoering zijn, dan wel volgens een verleende vergunning reeds mogen worden uitgevoerd op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan; c. onderdeel zijn van werkzaamheden waarvoor reeds een omgevingsvergunning is verleend en in werking is; d. in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen, mits verricht door een ter zake deskundige; e. uitgevoerd worden op gronden waarvan aangetoond kan worden dat deze geroerd zijn en de trefkans op archeologische waarden gering is. 6.3.3
Toelaatbaarheid
De vergunning als bedoeld in lid 6.3.1 wordt verleend indien: a. op basis van een door de aanvrager van de vergunning bij de aanvraag te overleggen rapport van een archeologisch onderzoek waarin de archeologische waarde van het terrein dat volgens de aanvraag zal worden verstoord in voldoende mate is vastgesteld; en: b. is gebleken dat de in lid 6.3.1 genoemde werken en werkzaamheden dan wel de directe of indirecte gevolgen van deze werken en werkzaamheden niet zullen leiden tot een verstoring van archeologisch materiaal. Indien is gebleken dat de in lid 6.3.1 genoemde werken en werkzaamheden dan wel de directe of indirecte gevolgen van deze werken en werkzaamheden wel kunnen leiden tot een verstoring van archeologisch materiaal kan de vergunning worden verleend, indien aan de vergunning één of meerdere van de volgende voorschriften worden verbonden over of met betrekking tot: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het doen van opgravingen, of 3. de verplichting de oprichting van het bouwwerk te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties. 6.4
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen door de bestemming 'Waarde Archeologie 5' geheel of gedeeltelijk te doen vervallen, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 95
Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 7
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 96
Artikel 8 8.1
Algemene gebruiksregels Uitsluiting besluit-m.e.r.-(beoordelings)plichtige activiteiten
Onder strijdig gebruik met de bestemmingen van het bestemmingsplan wordt in ieder geval begrepen: het gebruik van de gronden en/of bouwwerken voor activiteiten die voldoen aan de omschrijvingen in kolom 1 alsmede aan de bijbehorende omschrijvingen in kolom 2 van de onderdelen C en D van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage. 8.2
Gebruik gewasbeschermingsmiddelen
Het bestemmingsplan verzet zich tegen het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen voor boomteelt en fruitteelt binnen 50 meter van: a. concentraties van woningen (in lintbebouwing, buurtschappen en bebouwde kom); b. Natuur Netwerk Nederland, zoals bepaald en begrensd in respectievelijk de artikelen 2.7.1 sub b en 2.7.2 onder 1 van de Omgevingsverordening Overijssel; c. recreatieve bestemmingen.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 97
Artikel 9
Algemene bouwregels
9.1
Afstanden tot wegen
9.1.1
Afstanden tot wegen
Op en in gronden die grenzen aan de gronden als bedoeld in de bestemming 'Verkeer - 2', van het bestemmingsplan "Buitengebied Hardenberg", mogen binnen de hierna bij de verschillende categorieën wegen genoemde afstanden, loodrecht gemeten uit de as van de weg, uitsluitend andere bouwwerken worden gebouwd: afstanden: Bestemming: 10 m Verkeer - 2 9.1.2
Afwijken afstand tot wegen
Burgemeester en wethouders kunnen afwijken, na advies te hebben ingewonnen van de desbetreffende wegbeheerder omtrent de aanvaardbaarheid daarvan uit oogpunt van wegbeheer en verkeersveiligheid, van artikel 9.1.1, voor het bouwen op een kleinere afstand tot de as van de weg.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 98
Artikel 10 10.1
Algemene afwijkingsregels
Afwijkingsmogelijkheden
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van de bouw- en gebruiksregels van het plan, mits de maximale (bouw)hoogte niet meer is dan 118 meter: a. voor het bouwen van niet voor bewoning bestemde bouwwerken voor nutsvoorzieningen, zoals gasdrukregelstations, wachthuisjes, fietsenstallingen, telefooncellen en transformatorhuisjes, uitgezonderd verkooppunten voor motorbrandstoffen, waarvan de oppervlakte niet meer dan 25 m2, de goothoogte niet meer dan 3 m en de bouwhoogte niet meer dan 5 m mag bedragen; b. voor het bouwen van niet voor bewoning bestemde bouwwerken voor ecologische voorzieningen, zoals uitkijkpunten en observatiehutten, waarvan de oppervlakte niet meer dan 25 m2 en de bouwhoogte niet meer dan 12 m mag bedragen; c. indien en voor zover afwijkingen ten aanzien van de ligging van bestemmings-, bouw- en aanduidingsgrenzen noodzakelijk zijn ter aanpassing van het plan aan de bij uitmeting blijkende werkelijke toestand van het terrein, of uit oogpunt van doelmatig gebruik van gronden en bebouwing, mits die afwijkingen ten opzichte van hetgeen is aangegeven niet meer dan 5 m bedragen; d. voor afwijkingen van bepalingen, gesteld ten aanzien van maten en percentages, tot ten hoogste 10% van de in het plan aangegeven maten en percentages; e. voor het bouwen van antennemasten tot een bouwhoogte van maximaal 40 m; f.
voor het realiseren bouwwerken ten behoeve van eenvoudige dagrecreatieve voorzieningen, zoals bijvoorbeeld schuilgelegenheden, rustpunten en informatieborden. een omgevingsvergunning wordt niet verleend indien: 1. daardoor op enig aangrenzend terrein de realisering van het bestemmingsplan wordt belemmerd; 2. daardoor onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende erven; 10.2
Paardenbakken buiten het bouwvlak
Bij een omgevingsvergunning kan, binnen de bestemming 'Agrarisch met waarden - Besloten veenontginningslandschap' worden afgeweken van het plan voor het realiseren van paardenbakken buiten bouw- of bestemmingsvlakken, voor het hobbymatig houden van paarden, met inachtneming van de volgende bepalingen: a. situering binnen het bouw- of bestemmingsvlak is niet mogelijk of niet doelmatig; b. de meest nabij gelegen grens van de paardenbak moet binnen 25 meter van het bouw- of bestemmingsvlak liggen; c. de bouwhoogte van de omheining mag niet meer bedragen dan 1,5 m; d. het bedrijfsmatig houden van paarden is uitsluitend mogelijk voorzover de paardenbak onderdeel uitmaakt van een agrarisch bedrijf; e. de situering van de paardenbak mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen. 10.3
Windturbines
Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van de regels voor het toestaan van één of meerdere windturbines, met inachtneming van de volgende bepalingen: a. Windturbines zijn niet toegestaan in de landschapstypen Beekdal- en Essen- en Hoevenlandschap; b. windturbines zijn niet toegestaan binnen 20 meter van de bestemmingen Leiding - Gas en de bestemming Leiding - Hoogspanning; c. windturbines zijn niet toegestaan in de gebieden zoals bepaald en begrensd in respectievelijk de artikelen 2.7.1 sub a en 2.7.2 onder 1 van de Omgevingsverordening Overijssel;
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 99
d. e. f. g.
10.4
binnen de bestemming Agrarisch met waarden - Besloten veenontginningslandschap zijn windturbines niet toegestaan. de maximale tiphoogte van windturbines bedraagt 25 meter; de windturbines moeten vanuit milieuoogpunt toelaatbaar zijn en niet leiden tot een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden; de inpassing van windturbines op het erf en in het landschap moet op zorgvuldige wijze plaatsvinden. Zonnecollectoren buiten het bouwvlak
Bij omgevingsvergunning kan binnen de Agrarisch met waarden - Besloten veenontginningslandschap worden afgeweken van de regels voor het toestaan van zonnecollectoren buiten agrarische bouwvlakken, met inachtneming van de volgende bepalingen: a. zonnecollectoren zijn niet toegestaan in de landschapstypen Beekdal- en Essen- en Hoevenlandschap en in het beschermd stads- en dorpsgezicht; b. zonnecollectoren zijn niet toegestaan in de gebieden zoals bepaald en begrensd in respectievelijk de artikelen 2.7.1 sub a en 2.7.2 onder 1 van de Omgevingsverordening Overijssel; c. de maximale (bouw)hoogte bedraagt 2 meter; d. de zonnecollectoren moeten vanuit milieuoogpunt toelaatbaar zijn en niet leiden tot onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden; e. de inpassing van zonnecollectoren op het erf en in het landschap moet op zorgvuldige wijze plaatsvinden aan de hand van een ruimtelijk kwaliteitsplan. 10.5
Uitsluiting besluit-m.e.r.-(beoordelings)plichtige activiteiten
Bij een omgevingsvergunning kan overeenkomstig de in het bestemmingsplan opgenomen afwijkingsbevoegdheden slechts worden afgeweken van het plan, mits geen activiteiten worden toegestaan die voldoen aan de omschrijvingen in kolom 1 alsmede aan de omschrijvingen in kolom 2 van de onderdelen C en D van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage.
bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, Broekdijk 81/81a, Bruchterveld en Kanaalweg Oost 53/...
|
PAGINA 100