Bijlagen behorende bij toelichting bestemmingsplan 'Schuineslootweg 104, Schuinesloot'
Tekst van het document
Indien overschrijding van de restconcentratienorm plaatsvindt, dan dienen werkzaamheden met de betreffende bodem/puinverharding plaats te vinden onder asbestcondities. Bij asbestconcentraties lager dan de restconcentratienorm zijn geen aanvullende maatregelen noodzakelijk bij be- en verwerking van de grond of puinverharding. Voor puinverhardingen dient de asbestconcentratie te worden getoetst aan de normen uit het Besluit Asbestwegen Wet Milieugevaarlijke Stoffen (WMS). Hierin wordt tevens een restconcentratie van 100 mg/kg gewogen asbest genoemd. Het resultaat van het verkennend onderzoek is een indicatieve uitspraak over de mogelijke verontreiniging van het toegepaste bouw- en sloopafval of recyclinggranulaat / bodem op basis van verzamelde stukken asbesthoudend materiaal en (meng)monsters. Aan de hand van het verkregen indicatieve gehalte aan asbest wordt nagegaan of nader onderzoek asbest al dan niet noodzakelijk is. Door de lagere onderzoeksintensiteit van het verkennend onderzoek kan in deze fase niet direct worden getoetst aan de grenswaarde. In het verkennend onderzoek wordt het gehalte getoetst aan de grenswaarde gecorrigeerd met een factor 2. Deze correctiefactor is een maat voor de betrouwbaarheid van het verkennend onderzoek in relatie tot het nader onderzoek.
Bij een asbestgehalte groter dan de helft van de interventiewaarde is een nader onderzoek asbest verplicht. De hoogste bepaalde waarde binnen een (deel)locatie is hiervoor bepalend. Alleen als in het verkennend onderzoek de onderzoeksintensiteit (hoeveelheid geïnspecteerd materiaal in de gaten en aantal analyses) op hetzelfde niveau zit als in het nader onderzoek is een directe toetsing aan de grenswaarde mogelijk. Als het asbestgehalte kleiner is dan de helft van de grenswaarde is het statistisch aannemelijk dat ook in een nader onderzoekstraject de grenswaarde niet zal worden overschreden. In deze gevallen geldt er geen noodzaak tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest. Bij een asbestgehalte groter dan de helft van de grenswaarde is een nader onderzoek asbest verplicht. De hoogst bepaalde waarde binnen een(deel)locatie of (deel)partij is hiervoor bepalend.
maart ’23
22
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
Van de bodemlagen waarin zintuiglijk asbesthoudende materialen zijn aangetroffen in de fractie >20 mm is een berekening gemaakt van de asbestconcentratie. Hiertoe is gebruik gemaakt van de navolgende formule: Cmi=∑ (Mk x %k,I /100) / Mlok Cmi = De concentratie aan asbest van asbestsoort ‘i’ is afkomstig van de verzamelde asbesthoudende materialen van het type ‘k’, in mg/kg d.s.; Mk = de massa verzamelde asbesthoudende materialen van het type ‘k’, in mg; %k,i = het percentage aan asbest van het asbestsoort ‘i’ in de verzamelde asbesthoudende materialen van het type ‘k’, in %; Mlok = het drooggewicht van het verzamelmonster grond op locatie, in kg. Als het gewicht van het geïnspecteerde monster (gat of sleuf) op locatie exact is gewogen, moet het drooggewicht van het monster uitgegraven materiaal op locatie worden bepaald volgens: Mloc = Mvloc x Ma/Mva waarin: Mvloc is de massa van het uitgegraven veldvochtige materiaal op locatie, in kg; Ma is de massa van het gedroogde analysemonster, in kg; Mva is de massa van het veldvochtige analysemonster, in kg. Wanneer een groot monster (toplaag of sleuf of gat) is geïnspecteerd op locatie kan dit in principe niet worden gewogen.
In deze gevallen moet het drooggewicht van het monster worden afgeleid volgens: Mloc = (1 000 x V x ns) x (%E/100) x Ma/Mva waarin: V is het volume van het geïnspecteerde monster op locatie, in m3; ns is de volumieke massa van het geconsolideerde materiaal op locatie, in kg/dm3; %E is een schatting van de inspectie-efficiëntie, in %. waarin: V (in dm3) : volume (V) van de sleuf of het gegraven gat. Mk (in mg) : massa van de verzamelde asbesthoudende materialen van het type "k" (bijvoorbeeld asbestplaatjes). %k,i : gemiddeld % van asbestsoort "i" (bijv. chrysotiel) in de verzamelde asbesthoudende materialen van type "k". Ns (in kg/dm3) : stortgewicht van de grond/puin. ds : percentage droge stof
maart ’23
23
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
4.3
Analyseresultaten en interpretatie
In deze paragraaf zijn de resultaten van de chemische analyses van de grond- en grondwatermonsters, gerelateerd aan toetsingswaarden, weergegeven in tabelvorm. Na elke tabel worden de onderzoeksresultaten besproken. In bijlage 4 zijn van alle uitgevoerde analyses de analysecertificaten opgenomen. 4.3.1
Verkennend bodemonderzoek volgens NEN-5740
boven- en ondergrond (0.0-2.0 m-mv) In tabel 17 wordt een volledig overzicht weergegeven van de analyseresultaten getoetst aan de toetsingswaarde. tabel 17: gemeten gehaltes (mg/kg d.s.) in grond met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Project
23-M10707-Schuineslootweg 104, Schuineslootweg
Certificaat
13824042
Toetsing
12-Beoordeling kwaliteit van grond volgens Wbb
Toetsversie
Toetsversie 3.0.0, toetskader WBB, SIKB versie 13.3.0, toetsingsdatum: 17-03-2023 - 10:51
Parameters
Toetsing
13824042-001
13824042-002
13824042-003
MM1MM1, 01: 20-35, 02: 20-45, 03: 20-35, 04: 25-35, 06: 15-35, MM2MM2, 08: 20-45 01: 35-50, 03: 35-50, 04: 35-50, 05: 15-50, 06: 35-50, MM3MM3, 07: 0-50 01: 60-100, 01: 100-150, 01: 150-200, 02: 90-140, 02: 150-200
Analyse
Eenheid
AW
T
I
Grond (AS3000)
Grond (AS3000)
Overschrijding Achtergrondwaarde
Voldoet aan Achtergrondwaarde
SR
monster voorbehandeling
Ja
droge stof
88.7
%
BT
BC
BI
SR
BT
Grond (AS3000)
BC
Voldoet aan Achtergrondwaarde BI
Ja 88.7
89.2
SR
BT
BC
BI
Ja 89.2
93.9
93.9
gew icht artefacten g
<1
aard van de artefacten -
Geen
organische stof%(gloeiverlies)
3.8
3.8
3.5
3.5
0.4
0.4
<2
<2
<2
<2
<2
<2
<1
<1
Geen
Geen
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS
METALEN +
barium
mg/kg
920
53
205
--
<20
54.2
--
<20
54.2
--
cadmium
mg/kg
0.6
6.8
13
0.45
0.715
WO
0.01
<0.2
0.225
<=AW
0
<0.2
0.241
<=AW
0
kobalt
mg/kg
15
102
190
2.3
8.09
<=AW
0
<1.5
3.69
<=AW
0
<1.5
3.69
<=AW
0
koper
mg/kg
40
115
190
16
31.2
<=AW
0
6.1
12
<=AW
0
<5
7.24
<=AW
0
kw ik°
mg/kg
0.15
18
36
<0.05
0.0496
<=AW
0
<0.05
0.0497
<=AW
0
<0.05
0.0503
<=AW
0
lood
mg/kg
50
290
530
25
38.1
<=AW
0
13
19.9
<=AW
0
<10
11
<=AW
0
molybdeen
mg/kg
1.5
96
190
<0.5
0.35
<=AW
0
<0.5
0.35
<=AW
0
<0.5
0.35
<=AW
0
nikkel
mg/kg
35
68
100
5.5
16
<=AW
0
<3
6.12
<=AW
0
<3
6.12
<=AW
0
zink
mg/kg
140
430
720
120
272
IN
0.23
23
52.6
<=AW
0
<20
33.2
<=AW
0
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen
#
mg/kg
<0.03
0.021
<0.01
0.007
<0.01
0.007
21
40
3.981
3.98
WO
0.06
1.447
1.45
<=AW
0
0.083
0.083
<=AW
0
20
510
1000
8.68
22.8
WO
0.00
4.9
14
<=AW
-
4.9
24.5
<=AW
-
190
2595
5000
80
211
IN
0.00
<20
40
<=AW
0
<20
70
<=AW
0
pak-totaal (10 van mg/kg VROM) (0.71.5 factor)
POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) som PCB (7) (0.7 ug/kg factor)
MINERALE OLIE totaal olie C10 -mg/kg C40
Ve rk laring k olom m e n SR
Resultaat op het analyserapport
BT
Berekend toetsresultaat (omgerekend naar standaard b odem). Bij organische stof en lutum staan de voor de toetsing geb ruikte waarden.
BC
Toetsoordeel
AW
Achtergrondwaarde (door SGS b eheerd)
T
Tussenwaarde (door SGS b erekend en b eheerd maar niet meer b eschreven in de wetgeving)
I
Interventie waarde (door SGS b eheerd)
BI
SGS b erekende BodemIndex waarde: =(BT - (S of AW) ) / (I - (S of AW) )
#
Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat
<=AW
Kleiner dan of gelijk aan de achtergrondwaarde
WO
Wonen
IN
Industrie
>I
Groter dan interventiewaarde
>IND
Groter dan industrie
Kle ur inform atie Rood
> Interventiewaarde
Oranje
>= Tussenwaarde (BI ligt tussen 0.5 en 1)
Blauw
>= Achtergrond waarde
maart ’23
24
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
grondwater In tabel 18 wordt een volledig overzicht weergegeven van de analyseresultaten getoetst aan de toetsingswaarde. tabel 18: gemeten gehaltes (µg/l) in grondwater met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Project
23-M 10707-Schuine s lootw e g 104, Schuine s lootw e g
Certif icaat
13830605
Toetsing
13-Be oor de ling k w alite it van gr ondw ate r volge ns Wbb
Toetsversie
Toe ts ve r s ie 2.0.0, toe ts k ade r WBB, SIKB ve r s ie 13.3.0, toe ts ings datum : 17-03-2023 - 10:56
Parameters
Toetsing
13830605-001 Pb1Pb1, 01-Pb1: 230-330 Grondw ater (AS3000) Ove r s chr ijding Str e e fw aar de
Analys e
Ee nhe id
S
T
I
SR
BT
BC
BI
barium
ug/l
50
338
625
<20
14
<=S
-
cadmium
ug/l
0.4
3.2
6
<0.2
0.14
<=S
-
kobalt
ug/l
20
60
100
<2
1.4
<=S
-
koper
ug/l
15
45
75
16
16
>S
0.02
kw ik
ug/l
0.05
0.18
0.3
<0.05
0.035
<=S
-
lood
ug/l
15
45
75
<2
1.4
<=S
-
molybdeen
ug/l
5
152
300
6.1
6.1
>S
0.00
nikkel
ug/l
15
45
75
<3
2.1
<=S
-
zink
ug/l
65
432
800
59
59
<=S
-
M ETALEN
VLUCHTIGE AROM ATEN benzeen
ug/l
0.2
15
30
<0.2
0.14
<=S
-
tolueen
ug/l
7
504
1000
<0.2
0.14
<=S
-
ethylbenzeen
ug/l
4
77
150
<0.2
0.14
<=S
-
xylenen (0.7 f actor) ug/l
0.2
35
70
0.21
0.21
<=S
-
styreen
ug/l
6
153
300
<0.2
0.14
<=S
-
naf taleen
ug/l
0.01
35
70
<0.02
0.014
<=S
-
GEHALOGENEERDE KOOLWATERSTOFFEN 1,1-dichloorethaan ug/l
7
454
900
<0.2
0.14
<=S
-
1,2-dichloorethaan ug/l
7
204
400
<0.2
0.14
<=S
-
1,1-dichlooretheen ug/l
0.01
5.0
10
<0.1
0.07
<=S
-
<0.1
0.07
trans-1,2-dichlooretheen ug/l som (cis,trans)ug/l 1,2- dichloorethenen 0.01 (0.7 f actor) 10
20
0.14
0.14
<=S
-
dichloormethaan ug/l
1000
<0.2
0.14
<=S
-
1,1-dichloorpropaan ug/l
<0.2
0.14
1,2-dichloorpropaan ug/l
<0.2
0.14
1,3-dichloorpropaan ug/l
<0.2
0.14
0.01
500
som dichloorpropanen ug/l (0.7 f actor) 0.8
40
80
0.42
0.42
<=S
-
tetrachlooretheen ug/l
0.01
20
40
<0.1
0.07
<=S
-
tetrachloormethaan ug/l
0.01
5.0
10
<0.1
0.07
<=S
-
1,1,1-trichloorethaan ug/l
0.01
150
300
<0.1
0.07
<=S
-
1,1,2-trichloorethaan ug/l
0.01
65
130
<0.1
0.07
<=S
-
trichlooretheenug/l
24
262
500
<0.2
0.14
<=S
-
chlorof orm
ug/l
6
203
400
<0.2
0.14
<=S
-
vinylchloride
ug/l
0.01
2.5
5
<0.2
0.14
<=S
-
630
<0.2
0.14
---
600
<50
35
<=S
tribroommethaan ug/l
M INERALE OLIE totaal olie C10 -ug/l C40
50
325
-
Ve rk laring k olom m e n SR
Resultaat op het analyserapport
BT
Berekend toetsresultaat (omgerekend naar standaard b odem). Bij organische stof en lutum staan de voor de toetsing geb ruikte waarden.
BC
Toetsoordeel
AW
Achtergrondwaarde (door SGS b eheerd)
T
Tussenwaarde (door SGS b erekend en b eheerd maar niet meer b eschreven in de wetgeving)
I
Interventie waarde (door SGS b eheerd)
BI
SGS b erekende BodemIndex waarde: =(BT - (S of AW) ) / (I - (S of AW) )
#
Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat
<=AW
Kleiner dan of gelijk aan de achtergrondwaarde
WO
Wonen
IN
Industrie
>I
Groter dan interventiewaarde
>IND
Groter dan industrie
Kle ur inform atie Rood
> Interventiewaarde
Oranje
>= Tussenwaarde (BI ligt tussen 0.5 en 1)
Blauw
>= Achtergrond waarde
maart ’23
25
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
interpretatie onderzoeksresultaten grond en grondwater In tabel 19 staat een samenvatting weergegeven van de toetsresultaten van de onderzochte monsters. tabel 19: samenvatting toetsresultaten
Mengmonster Boringen plangebied
Diepte
Zintuiglijk
>AW / >S
>T
>I
Indicatieve toetsing Bbk
grond
MM1
1 t/m 4+6+8
0.15-0.45 puinresten
cadmium, zink, PAK’s (som 10), PCB’s (som 7), minerale olie
-
-
Industrie*
MM2
1+3 t/m 7
0.0-0.5
-
-
-
Achtergrondwaarde*
MM3
1+2
0.6-2.0
-
-
-
-
Achtergrondwaarde*
1
2.3-3.3
-
koper, molybdeen
-
-
nvt.
grondwater Pb1 Legenda >AW/>S
overschrijding achtergrondwaarde / streefwaarde (bodemindex =<0,5)
>T
overschrijding tussenwaarde (criteria voor nader onderzoek, bodemindex >0,5)
>I
overschrijding interventiewaarde (bodemindex >1)
Bbk
besluit bodemkwaliteit
*= beoordeling is excl. onderzoek naar PFAS-verbindingen, onderzoek naar deze verbindingen is vanaf 8 juli 2019 verplicht bij beoordeling van hergebruiksmogelijkheden van de grond
bovengrond (0.0-0.5 m-mv) Bovengrondmengmonster MM1 bevat een verhoogd gehalte cadmium, zink (zware metalen), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s, som 10) en PCB’s (som 7) t.o.v. de achtergrondwaarde. De verhoogd gemeten gehalten in het bovengrondmengmonsters MM1 zijn mogelijk deels te relateren aan de zintuiglijk waargenomen puinresten in het opgeboorde monstermateriaal. In algemene zin geldt dat in gebieden welke reeds langere tijd door de mens in gebruik zijn (o.a. langdurige bewoning of menselijk gebruik) vaker verhoogde gehalten aan o.a. zware metalen, PAK’s, PCB’s en/of minerale olie in de grond gemeten. In algemene zin wordt opgemerkt dat antropogene beïnvloeding van een locatie in de meeste gevallen een negatief effect heeft op de kwaliteit van de bodem. Zware metalen bezitten veelal een geringe mobiliteit in de bodem en hechten zich met name aan sliben kleideeltjes. Zware metalen komen van nature in bepaalde concentraties in de bodem voor. Deze concentraties kunnen verhoogd voorkomen in het stedelijk milieu. De afgifte vindt onder andere plaats door dakpannen, dakgoten, kabels en leidingen, verkeer en afval. Ook depositie van zware metalen op de bodem door industriële activiteiten is een mogelijke oorzaak van verhoogde concentraties.
maart ’23
26
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) omvat een groep van meer dan 200 stoffen, die bestaan uit twee of meer aan elkaar verbonden benzeenringen, die ontstaan bij de onvolledige verbranding van koolstofbevattende materialen. Het zijn teerachtige stoffen die ontstaan bij de onvolledige verbranding van koolstofhoudende materialen als hout, fossiele brandstoffen, tabak of levensmiddelen. De aanwezigheid van PAK’s in de bodem zijn vaak het gevolg van de aanwezigheid van teerhoudende of koolstofhoudende stoffen, zoals bv. koolas, verbrandingsresten of teerresten. Ze kunnen zowel een synthetische als een natuurlijke oorsprong hebben. PAK’s kunnen ook worden aangetroffen bij de vervaardiging en verwerking van rubber, kunststoffen, verf, lakken, minerale olie en teerproducten. In de chemische grondstoffenindustrie dienen ze als tussenproducten bij verschillende syntheses, bijvoorbeeld van verfstoffen en farmaceutica. Ten aanzien van de gemeten gehalten aan PCB’s (som) wordt vermeld dat PCB's polychloorbifenylen) al tientallen jaren in de belangstelling staan als bedreiging voor de volksgezondheid. Dat danken ze aan een slechte afbreekbaarheid, een neiging tot stapelen in dierlijk (en dus ook humaan) vetweefsel en uiteenlopende toxische eigenschappen.
Verspreiding van persistente verontreinigingen gaat hoofdzakelijk via de lucht, ze komen vervolgens terecht op gewassen, de bodem en in water. Door hun lipofiele eigenschappen (vetoplosbaar) treedt vervolgens stapeling op in met name dierlijk vetweefsel. PCB’s zijn geen natuurlijk voorkomende stoffen. De aanwezigheid van PCB's in het milieu is met name het gevolg van industriële productie en het gebruik van PCB's van ongeveer 1930 tot 1980. Polychloorbifenylen (PCB’s) zijn op zeer uiteenlopende manieren toegepast: als isolatie vloeistof in transformatoren en condensatoren, als hydraulische- of warmtegeleidingsvloeistoffen, koelvloeistof, smeermiddel en weekmaker in kunststoffen, en verder in verf, inkt, lak, kit, lijm, koolstofvrij kopieerpapier en bestrijdingsmiddelen. Aangezien productie en gebruik van PCB's sinds 1985 volledig zijn verboden, zijn dit soort PCB-houdende producten al lange tijd niet meer in de handel. Bovengrondmengmonster MM2 bevat geen van de onderzochte componenten verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde. ondergrond (0.6-2.0 m-mv) Ondergrondmengmonster MM3 bevat geen van de onderzochte componenten verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde. grondwater peilbuis 1 (2.3-3.3 m-mv) Het grondwater ter plaatse van peilbuis 1 bevat een verhoogd gehalte koper en molybdeen (zware metalen) t.o.v. de streefwaarde.
Ten aanzien van het voorkomen van verhoogde gehaltes zware metalen in het freatisch grondwater kan worden opgemerkt dat dergelijke verhoogde gehaltes op tal van onverdachte locaties in Nederland regelmatig voorkomen. De gehaltes worden vaak in verhoogde mate aangetoond zonder dat daarbij sprake is van een verontreinigingsbron. De verhoogde gehaltes zware metalen kunnen o.a. worden veroorzaakt door wisselende milieuomstandigheden in de bodem alsmede door diverse bodemprocessen. Zo kan het onvoldoende herstelde evenwicht tussen grond en grondwater ten tijde van de bemonstering een mogelijke oorzaak zijn van het verhoogd voorkomen van zware metalen. Deels kunnen zware metalen van nature, door uitloging uit sedimenten, afhankelijk van het redoxpotentiaal, in verhoogde mate in het grondwater voorkomen, het betreft in deze gevallen natuurlijk verhoogde achtergrondwaarden. Opmerking: Op basis van de circulaire bodemsanering 2009 zijn de toetsingswaarden voor barium (zware metalen) tijdelijk ingetrokken. Indien er op een locatie sprake is van een antropogene bron kan het gemeten gehalte barium indicatief worden getoetst aan de voormalige interventiewaarde. Wanneer het gehalte van een parameter beneden de rapportagegrens van AS3000 ligt mag er, conform de Wijziging Regeling Bodemkwaliteit (Stc.
122, 27 juni 2008), voor de betreffende parameter van uit worden gegaan dat deze voldoet aan de achtergrondwaarde (AW2000) resp. streefwaarde, e.e.a. geldt voor de gecorrigeerde som 1,2-dichlooretheen, gecorrigeerde som dichloorpropaan en som xylenen. maart ’23
27
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
4.3.3
verkennend onderzoek asbest in grond volgens NEN-5707+C2
In deze paragraaf zijn de resultaten van de analyses van de grondmonsters, gerelateerd aan toetsingswaarden weergegeven in tabelvorm. Na elke tabel worden de onderzoeksresultaten besproken. In bijlage 4 zijn van alle uitgevoerde analyses de analysecertificaten opgenomen. De totale concentratie aan asbest per inspectiegat wordt conform NEN-5707+C2 bepaald door de concentratie visueel zichtbaar asbest in de grove zeeffractie (fractie >20 mm) te sommeren met de concentratie visueel niet zichtbaar asbest in de fijne zeeffractie (fractie <20 mm). Door het gewicht te bepalen van de evt. handmatig verzamelde asbesthoudende materialen en dit te delen door de massa (inhoud / soortelijk gewicht) van het betreffende inspectiegat wordt de concentratie asbestverdacht materiaal in het inspectiesleuf bepaald. Deze concentratie moet echter nog worden gecorrigeerd voor het percentage asbest in de materiaalmonsters dat door het laboratorium is bepaald. De analyseresultaten van de monsters zijn samen met de interpretatie opgenomen in tabel 20 t/m 22. tabel 20: resultaten asbestanalyse materiaal verzamel monsters in de fractie > 20 mm (absoluut gewicht) Monsteromschrijving
Vorm
Asbestgehalte (%)
(inspectiegat)
Serpentijn
Amfibool
chrysotiel
Amosiet
crocidoliet
(mg)
(mg)
(mg)
maaiveld
-
-
-
-
inspectiegat 1 t/m 4+6+8
-
-
-
-
Toelichting HB = hecht gebonden
tabel 21: resultaten asbestanalyses grondmengmonsters uit de fractie <20 mm inspectiegat
monstercode
diepte in m-mv
gewogen asbestconcentratie < 20 mm
serpentijn amfibool
1 t/m 4+6+8
M1
0.0-max.0.5
crysotiel -
amosiet -
asbest (gewogen) afgerond crocidoliet mg/kg <2
Op de analysecertificaten staan de bovengrenzen van de analyses vermeld. Deze gelden als detectiegrenzen en zijn qua hoogte afhankelijk van de onderzochte monstervolumes en de samenstelling van de monsters.
maart ’23
28
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
tabel 22: overschrijdingstabel resultaten totaal asbestanalyses inspectiegat (m-mv)
1 t/m 4+6+8 (0.0-max.0.5)
Berekende asbestconcentratie (fractie > 20 mm) mg/kg d.s. (gewogen) gem. ondergrens bovengrens conc.
Asbestconcentratie (fractie < 20 mm) mg/kg d.s. (gewogen) gem. ondergrens conc.
-
<2
-
-
<2
Totale asbestconcentratie mg/kg d.s. (gewogen) bovengrens
gem. conc.
ondergrens
bovengrens
<2
<2 (-)
<2
<2
toelichting * =gehalte is indicatief van betreffend monster is de fractie <20 mm niet onderzocht ** = de maaiveldinspectie is indicatief, het maaiveld kon slechts beperkt worden geïnspecteerd - =geen asbest aangetoond (concentratie beneden of gelijk aan de bepalingsgrens) +/- =concentratie boven de bepalingsgrens en beneden of gelijk aan de interventiewaarde: licht verhoogd + =concentratie boven de interventiewaarde: sterk verhoogd # = waarde is gecorrigeerd voor de fractie <20 mm
interpretatie resultaten maaiveld Op basis van de visuele locatie-inspectie is op het geïnspecteerde maaiveld geen asbestverdacht materiaal waargenomen. bovengrond (0.0 max. 0.5 m-mv) Ter plaatse van de inspectiegaten 1 t/m 4+6+8 is in de uitgegraven bovengrond (bodemlaag tussen 0.0- max. 0.5 m-mv) in de fractie >20 mm zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal waargenomen. In het geanalyseerde bovengrondmengmonster M1 (zeeffractie < 20 mm) van de inspectiegaten 1 t/m 4+6+8 de bodemlaag tussen 0.0-max. 0.5 m-mv) is een gemiddeld gewogen concentratie asbest asbest gemeten van <2 mg/kg d.s. Het totale gemiddeld indicatief gewogen gehalte asbest (fractie <20 mm + fractie >20 mm) in de bovengrond t.p.v. de inspectiegaten 1 t/m 4+6+8 bedraagt ter indicatie <2 mg/kg d.s en is daarmee niet verhoogd t.o.v. de bepalingsgrens. De interventiewaarde (100 mg/kg d.s) voor asbest alsmede het criterium voor nader onderzoek (> 50 mg/kg d.s.) wordt t.p.v. de inspectiegaten 1 t/m 4+6+8 niet overschreden. De bovengrond uit de inspectiegaten 1 t/m 4+6+8 is niet aantoonbaar verontreinigd met asbest. ondergrond (0.5-2.0 m-mv) fractie >20 mm Op basis van de uitgevoerde inspectie van het opgeboorde materiaal uit de inspectiegat 1 en 2 zijn vanaf ca. 0.5 m-mv visueel geen bodemvreemde materialen waargenomen.
fractie <20 mm Van de ongeroerde ondergrond vanaf 0.5 m-mv zijn in deze fase van het onderzoek geen grondmonsters geanalyseerd op de fractie <20 mm. Omdat geen asbestverdacht materiaal (met fractie > 20 mm) in de ongeroerde ondergrond is aangetroffen is de verwachting dat er geen asbest met fractie < 20 mm in de ongeroerde ondergrond aanwezig is.
maart ’23
29
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
5
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
Naar aanleiding van de resultaten van het verkennend- en nader bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond worden de volgende conclusies getrokken en aanbevelingen gedaan. 5.1
verkennend milieukundig bodemonderzoek NEN-5740+A1
grond Op basis van zintuiglijke waarnemingen zijn in het opgeboorde bodemmateriaal plaatselijk puinresten en asfaltgranulaat waargenomen. Een samenvatting van de toetsingsresultaten staat weergegeven in tabel 23. tabel 23: samenvatting toetsingsresultaten
Mengmonster Boringen plangebied
Diepte
Zintuiglijk
>AW / >S
>T
>I
Indicatieve toetsing Bbk
-
-
Industrie*
grond
MM1
1 t/m 4+6+8
0.15-0.45 puinresten
cadmium, zink, PAK’s (som 10), PCB’s (som 7), minerale olie
MM2
1+3 t/m 7
0.0-0.5
-
-
-
Achtergrondwaarde*
MM3
1+2
0.6-2.0
-
-
-
-
Achtergrondwaarde*
1
2.3-3.3
-
koper, molybdeen
-
-
nvt.
grondwater Pb1 Legenda >AW/>S
overschrijding achtergrondwaarde / streefwaarde (bodemindex =<0,5)
>T
overschrijding tussenwaarde (criteria voor nader onderzoek, bodemindex >0,5)
>I
overschrijding interventiewaarde (bodemindex >1)
Bbk
besluit bodemkwaliteit
*= beoordeling is excl. onderzoek naar PFAS-verbindingen, onderzoek naar deze verbindingen is vanaf 8 juli 2019 verplicht bij beoordeling van hergebruiksmogelijkheden van de grond
bovengrond (0.0-0.5 m-mv) Bovengrondmengmonster MM1 bevat een verhoogd gehalte cadmium, zink (zware metalen), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s, som 10) en PCB’s (som 7) t.o.v. de achtergrondwaarde, de tussenwaarde (indicatie voor nader onderzoek) en de bodemindex-waarde (>0,5) wordt in deze gevallen niet overschreden zodat er uit milieuhygiënische overweging, naar onze mening, geen directe aanleiding is tot het instellen van aanvullend onderzoek. Bovengrondmengmonster MM2 bevat geen van de onderzochte componenten verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde. ondergrond (0.6-2.0 m-mv) Ondergrondmengmonster MM3 bevat geen van de onderzochte componenten verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde.
maart ’23
30
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
grondwater peilbuis 1 (2.3-3.3 m-mv) Het grondwater ter plaatse van peilbuis 1 bevat een verhoogd gehalte koper en molybdeen (zware metalen) t.o.v. de streefwaarde, de tussenwaarde (indicatie voor nader onderzoek) en de bodemindex-waarde (>0,5) wordt in deze gevallen niet overschreden zodat er uit milieuhygiënische overweging, naar onze mening, geen directe aanleiding is tot het instellen van aanvullend onderzoek. toetsing hypothese Op basis van de vooraf gestelde hypothese is de onderzoekslocatie in eerste aanleg als milieuhygiënisch onverdacht aangemerkt. In tabel 24 is de hypothese en de noodzaak tot vervolgonderzoek beoordeeld aan de hand van de onderzoeksresultaten. tabel 24: toetsing hypothese Locatie
Hypothese
Correct?
Verkennend onderzoek met nieuwe hypothese?
Nader onderzoek?
Schuineslootweg 104, Schuinesloot
onverdacht
nee, er zijn verhoogde gehalten aangetoond
nee, onderzoeksinspanning voldoende
nee, er zijn geen matig tot sterk verhoogde gehalten in de bodem gemeten.
Op basis van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek blijkt dat de locatie niet geheel vrij is van bodemverontreiniging. De bovengrond en het grondwater ter plaatse van de onderzoekslocatie bevatten plaatselijk enkele gehalten verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde resp. de streefwaarde. Deze licht verhoogd aangetoonde gehalten overschrijden de tussenwaarde / bodemindex-waarde (>0.5) niet en geven daardoor geen formele aanleiding tot het instellen van een nader onderzoek.
maart ’23
31
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
5.2
verkennend onderzoek asbest in grond NEN 5707+C2
maaiveld Op basis van de visuele locatie-inspectie is op het geïnspecteerde maaiveld geen asbestverdacht materiaal waargenomen. bovengrond (0.0 max. 0.5 m-mv) Ter plaatse van de inspectiegaten 1 t/m 4+6+8 is in de uitgegraven bovengrond (bodemlaag tussen 0.0- max. 0.5 m-mv) in de fractie >20 mm zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal waargenomen. Het totale gemiddeld indicatief gewogen gehalte asbest (fractie <20 mm + fractie >20 mm) in de bovengrond t.p.v. de inspectiegaten 1 t/m 4+6+8 bedraagt ter indicatie <2 mg/kg d.s en is daarmee niet verhoogd t.o.v. de bepalingsgrens. De interventiewaarde (100 mg/kg d.s) voor asbest alsmede het criterium voor nader onderzoek (> 50 mg/kg d.s.) wordt t.p.v. de inspectiegaten 1 t/m 4+6+8 niet overschreden. De bovengrond uit de inspectiegaten 1 t/m 4+6+8 is niet aantoonbaar verontreinigd met asbest. ondergrond (0.5-2.0 m-mv) fractie >20 mm Op basis van de uitgevoerde inspectie van het opgeboorde materiaal uit de inspectiegat 1 en 2 zijn vanaf ca. 0.5 m-mv visueel geen bodemvreemde materialen waargenomen. fractie <20 mm Van de ongeroerde ondergrond vanaf 0.5 m-mv zijn in deze fase van het onderzoek geen grondmonsters geanalyseerd op de fractie <20 mm.
Omdat geen asbestverdacht materiaal (met fractie > 20 mm) in de ongeroerde ondergrond is aangetroffen is de verwachting dat er geen asbest met fractie < 20 mm in de ongeroerde ondergrond aanwezig is. toetsing hypothese Op basis van de vooraf gestelde hypothese is de onderzoekslocatie in eerste aanleg als verdacht voor asbest aangemerkt. Uit het onderzoek is gebleken dat de bovengrond t.p.v. inspectiegaten 1 t/m 4+6+8 niet aantoonbaar verontreinigd is met asbest. Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de vooraf gestelde onderzoekshypothese “verdacht” verworpen. Afwijkingen t.o.v. normen en protocollen Er hebben bij de uitvoering van veldwerkzaamheden geen andere afwijkingen plaatsgevonden t.o.v. de geldende protocollen BRL SIKB 2001, 2002 en 2108. Er hebben bij de uitvoering van analysewerkzaamheden geen afwijkingen plaatsgevonden t.o.v. de geldende protocollen AS3000 en/of overige geldende analysemethoden.
maart ’23
32
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
Aanbevelingen 1●) In het kader van de voorgenomen herontwikkeling van de locatie dient de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem zoveel mogelijk aan te sluiten bij het toekomstige bodemgebruik. Ter afstemming wordt geadviseerd om het onderhavige bodemonderzoek in dit kader voor te leggen aan het bevoegd gezag. 2●) In de grond zijn puinresten waargenomen. Bij het bouwrijp maken van het terrein dient rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van deze bijmengingen. Bij ontgraving en verwerking van (puinhoudende) grond dient men altijd alert te zijn op de eventuele aanwezigheid van asbest(nesten) welke niet in dit onderzoek zijn ontdekt. Bij het aantreffen van asbest tijdens grondwerk dienen veiligheidsmaatregelen getroffen te worden. 3●) Plaatselijk is asfaltgranulaat waargenomen. Bij afvoer van dit materiaal kan een verwerker inzicht wensen omtrent het teergehalte van het asfaltmateriaal. In dit onderzoek is de teerhoudendheid van het aanwezige asfaltgranulaat niet onderzocht. Geadviseerd wordt om bij afvoer het teergehalte van het asfaltgranulaat te onderzoeken. 4●) Indien de grond ontgraven gaat worden, bijvoorbeeld ten behoeve van bouwwerkzaamheden, is het Besluit Bodemkwaliteit van toepassing. Indien grond van het eigen terrein moet worden afgevoerd zal deze verwerkt dienen te worden conform de eisen van het Besluit Bodemkwaliteit.
De mogelijkheden hiertoe kunnen worden vastgesteld na overleg met de betrokken overheidsinstanties. Volledige duidelijkheid omtrent de bodemkwaliteitsklasse van vrijkomende grond wordt pas verkregen op basis van een partijkeuring conform het Besluit Bodemkwaliteit. Opgemerkt dient te worden dat de vertaalslag van verkennend bodemonderzoek naar hergebruik van grond volgens het Besluit Bodemkwaliteit, veelal, niet mogelijk is. In de meeste gevallen zijn aanvullende gegevens noodzakelijk, het bevoegd gezag (de gemeente waarin de grond wordt toegepast) kan hier uitsluitsel over geven. Op 8 juli 2019 heeft het Ministerie van Infrastructuur en Milieu een tijdelijk handelingskader vastgesteld voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie. Vanaf 8 juli 2019 is het verplicht om onderzoek naar de stofgroep PFAS uit te voeren bij o.a. partijkeuringen in het kader van afvoer van grond. In dit verkennend bodemonderzoek is geen onderzoek uitgevoerd naar PFAS stoffen in de bodem. De in dit onderzoek opgenomen indicatieve toetsing aan het Besluit Bodemkwaliteit is excl. onderzoek naar PFAS-stoffen, onderzoek naar deze verbindingen is bij definitieve beoordeling van evt. hergebruiksmogelijkheden van evt. af te voeren grond alsnog nodig.
Indien het noodzakelijk is dat er grond afgevoerd moet worden van de locatie zal er een melding grondverzet gedaan moeten worden via het landelijk meldpunt: www.meldpuntbodemkwaliteit.nl. Opgemerkt wordt dat evt. afvoer van grond met de bodemkwaliteitsklasse “wonen”, “industrie” en “niet toepasbare grond” meer kosten met zich meebrengt dan de afvoer van schone grond “achtergrondwaarde”. Mocht grondwater onttrokken worden t.b.v. bemaling, dient bekeken te worden in hoeverre de grondwaterkwaliteit de lozingsnormen overschrijdt.
maart ’23
33
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
Algemeen/opmerkingen/betrouwbaarheid/uitsluitingen Het onderhavige onderzoek heeft betrekking gehad op een deel van de locatie gelegen aan de Schuineslootweg 104 te Schuinesloot (zie bijlage 2). Op basis van het onderhavige onderzoek kan alleen een uitspraak worden gedaan omtrent de bodemkwaliteit van het onderzochte terreindeel, zie bijlage 2. Op basis van het onderhavige onderzoek kan geen uitspraak worden gedaan: omtrent de milieuhygiënische bodemkwaliteit van niet onderzochte terreindelen, de milieuhygiënische bodemkwaliteit van niet bekende verdachte terreindelen op de locatie, de milieuhygiënische bodemkwaliteit onder gebouwen en/of gesloten verharding, de milieuhygiënische bodemkwaliteit van niet verkende bodemlagen, de milieuhygiënische kwaliteit van het diepere grondwater, het teergehalte van aanwezig asfaltgranulaat etc. In algemene zin wordt opgemerkt dat bij analyse van mengmonsters de gehalten in de individuele deelmonsters van een mengmonster zowel hoger als lager kunnen zijn dan de aangetoonde gehalten in het betreffende mengmonster. Er kan in gevallen waarbij sprake is van ruime overschrijdingen van de achtergrondwaarde, gemeten in een mengmonster, niet worden uitgesloten dat individuele deelmonsters gehalten boven de tussen- of interventiewaarde bevatten. T.a.v.
historische (bodem) informatie van de locatie wordt opgemerkt dat de geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Voor het verkrijgen van historische informatie is Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. afhankelijk van deze bronnen, waardoor Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie. Het kan voorkomen dat niet alle bronnen zijn geraadpleegd, doordat ze niet voorhanden waren. Hierdoor kan informatie ontbreken. Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving en methoden. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het, conform de geldende richtlijnen, steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem d.m.v. een representatief geacht aantal monsters, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is om garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Een verkennend bodemonderzoek geeft nooit volledige zekerheid omtrent de toestand van de bodem ter plaatse van een locatie. Het onderzoek dient geïnterpreteerd worden als een inschatting van de verontreinigingssituatie op een bepaald moment. Het is echter op basis van dit onderzoek nooit uit te sluiten dat er lokaal afwijkingen in de bodem voorkomen.
Het kan op basis van dit onderzoek niet uitgesloten worden dat zich op de locatie verontreiniging bevindt welke in dit onderzoek niet is aangetroffen/ontdekt. Het uitgevoerde verkennend bodemonderzoek is dan ook indicatief en een momentopname. De resultaten van het onderzoek kunnen minder representatief worden naarmate de tijd verstrijkt. Eventuele toekomstige activiteiten, calamiteiten, sloopwerkzaamheden, bouwrijp maken en/of aanvoer van grond van elders, kunnen de bodemkwaliteit (sterk) beïnvloeden. Tijdens werkzaamheden in de bodem dient men alert te blijven op waarneembare bijzonderheden, die kunnen duiden op eventuele verontreinigingen Het onderzoek is gebaseerd op informatie van derden en het verrichten van een beperkt aantal boringen en analyses, conform de geldende richtlijnen. Hierdoor is het mogelijk dat niet alle informatie is verkregen, dan wel dat niet alle afwijkingen in de bodem zijn geconstateerd. Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. aanvaardt derhalve op generlei wijze aansprakelijkheid voor de gevolgen/schade dan wel enige andere indirecte incidentele of gevolgschade welke voortvloeien uit beslissingen welke worden genomen op basis van de onderzoeksresultaten van het onderhavige onderzoek als in de praktijk blijkt dat de verontreinigingssituatie anders is dan in dit onderzoek vermeld.
maart ’23
34
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
6
LITERTUURLIJST 1. Bodemonderzoeksstrategie bij verkennend bodemonderzoek volgens de Nederlandse norm, NEN 5740+A1 (NNI, april 2016). 2. Boringen zijn geplaatst volgens de eisen uit het SIKB-protocol 2001 (vigerende versie). 3. Grondmonsters zijn genomen volgens de eisen uit het SIKB-protocol 2001 (vigerende versie), grondwatermonsters zijn genomen volgens de eisen uit het SIKB-protocol 2002 (vigerende versie). 4. De conservering van monsters in het veld is uitgevoerd volgens de eisen uit de SIKBprotocollen 2001 en 2002 (vigerende versie). 5. Regeling Bodemkwaliteit” (zie vigerende versies op www.wetten.overheid.nl of
www.rwsleefomgeving.nl) 6. Circulaire Bodemsanering (zie vigerende versies op www.wetten.overheid.nl of www.rwsleefomgeving.nl) 7. Classificatie van onverharde grondmonsters, NEN 5104, september 1989. 8. Geologische overzichtskaarten van Nederland, Rijks Geologische Dienst, 1995. 9. Grondwaterstromingsstelsels in Nederland, Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, 1989. 10. Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader bodemonderzoek, NEN 5725, (oktober 2017). 11. Bodem-Monsterneming van grondwater, NEN 5744, (NNI maart 2011). 12. NEN 5707+C2; Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond; uitgifte december 2017. 13. NTA 5755, Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek,NNI, juli 2010).
maart ’23
35
verkennend- en nader milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 te Schuinesloot
COLOFON opdrachtgever project
: :
omvang rapport datum projectleider
: : :
Auteur Ing. A.D.M. van Wuykhuyse
maart ’23
BZJ.nu verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond Schuineslootweg 104 Schuinesloot 36 blz. 17 maart 2023 ing. A.D.M. van Wuykhuyse
Paraaf
Gecontroleerd door H. Kroon
Paraaf
Datum
Status
17 maart 2023
definitief
36
BIJLAGE 1 TOPOGRAFISCH OVERZICHT IJij B ax F
2022
Sigma Geo- & Milieutechniek Phileas Foggstraat 153 7825 AW Emmen Tel. (0591) 65 91 28 http://www.sigma-bm.nl email: info@sigma-bm.nl
BIJLAGE 1 TOPOGRAFISCH OVERZICHT (HISTORISCH) IJij B ax F
2010
1980
1950
1925
Sigma Geo- & Milieutechniek Phileas Foggstraat 153 7825 AW Emmen Tel. (0591) 65 91 28 http://www.sigma-bm.nl email: info@sigma-bm.nl
1900
1850
Sigma Geo- & Milieutechniek Phileas Foggstraat 153 7825 AW Emmen Tel. (0591) 65 91 28 http://www.sigma-bm.nl email: info@sigma-bm.nl
onderzoek
onderzoek
onderzoek
m eet punt 03, laag 20-35
01
Pb 1
klinker / cm t ov m aaiveld
0
-6
1
35x32cm , zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, schep
2
50
0
-20
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal bruin, grijs, rest en puin fract ie > 20 m m : < 10%, schep
3 100
-35 4
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, schep -60
150
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, edelm an
5 200
-210
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, edelm an
230 250
300 330
-330 t ype dat um boorm eest er
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 2 2 -0 2 -2 0 2 3 V e ld w e r k e r
02
asfalt / cm t ov m aaiveld
0
0
30x35cm , schep, asfalt granulaat -20 1 50
2
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal bruin, grijs, rest en puin fract ie > 20 m m : < 5%, schep -45
100 3
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, schep -90
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, beige, edelm an 150 4 200
-200
laagje asfalt granulaat t ype dat um boorm eest er
in sp e ct ie g a t 2 2 -0 2 -2 0 2 3 V e ld w e r k e r
03
klinker / cm t ov m aaiveld
0 1 2
50 t ype dat um boorm eest er
0 -6
34x32cm , zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, schep -20
in sp e ct ie g a t 2 2 -0 2 -2 0 2 3 V e ld w e r k e r
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal bruin, grijs, rest en puin fract ie > 20 m m : < 10%, schep -35
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, schep -50
m eet punt 03, laag 20-35 400786923
bodem profielen BIJLAGE 3 : BOORPROFIELEN onderzoek project code get ekend conform
Sch u in e sloot w e g 1 0 4 , Sch u in e sloot w e g 2 3 -M 1 0 7 0 7 N EN 5 1 0 4
04
klinker / cm t ov m aaiveld
0
0 -6
1 2
50 t ype dat um boorm eest er
30x30cm , zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, schep -25
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal bruin, grijs, rest en puin puinrest en, fract ie > 20 m m : < 5%, schep
in sp e ct ie g a t 2 2 -0 2 -2 0 2 3 V e ld w e r k e r
-35
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, schep -50
05
klinker / cm t ov m aaiveld
0
0 -6
1 50 t ype dat um boorm eest er
-15
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, edelm an
g r on d b or in g 2 2 -0 2 -2 0 2 3 V e ld w e r k e r
-50
06
klinker / cm t ov m aaiveld
0 1 2
50 t ype dat um boorm eest er
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, edelm an
0 -6
31x32cm , zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, schep -15
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal bruin, grijs, rest en puin puinrest en, fract ie > 20 m m : < 5%, schep
in sp e ct ie g a t 2 2 -0 2 -2 0 2 3 V e ld w e r k e r
-35
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, schep -50
07
braak / cm t ov m aaiveld
0 1 50 t ype dat um boorm eest er
0
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, edelm an -50
g r on d b or in g 2 2 -0 2 -2 0 2 3 V e ld w e r k e r
08
asfalt / cm t ov m aaiveld
0
0
33x33cm , schep, asfalt granulaat -20 1 50 t ype dat um boorm eest er
in sp e ct ie g a t 2 2 -0 2 -2 0 2 3 V e ld w e r k e r
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal bruin, grijs, rest en puin puinrest en, fract ie > 20 m m : < 5%, schep -45
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, schep -50
laagje asfalt granulaat
bodem profielen BIJLAGE 3 : BOORPROFIELEN onderzoek project code get ekend conform
Sch u in e sloot w e g 1 0 4 , Sch u in e sloot w e g 2 3 -M 1 0 7 0 7 N EN 5 1 0 4
PEILBUIS
BORIN G
OLIE OP W ATER REACTIE
num m er
bodem m onst er, geroerd
Geen casing
Zwak
Mat ig
St erk
Uit erst
bodem laag
GEUR IN TEN SITEIT
bent oniet
grondwat erst and t ijdens boren
bodem m onst er, ongeroerd
filt ergrind
Geen Zeer zwak
Zwak
Mat ig
St erk
bodem laag filt ert raject grondwat erst and
links= cm -m aaiveld recht s= cm + NAP
GRON D SOORTEN
M ATE V AN BIJM EN GIN G
GRIND, grindig (G,g)
zwak - (0-5%)
ZAND, zandig (Z,z)
m at ig - (5-15%)
LEEM, silt ig (L,s)
st erk - (15-50%)
KLEI, kleiig (K,k)
uit erst - (> 50%)
VEEN, hum eus (V,h)
slib
V ERH ARD IN GEN
GRAD ATIE Z AN D
asfalt , bet on, klinkers, t egels st elconplaat , ondoordringbare laag
uf = uit erst fijn (63-105 um ) zf = zeer fijn (105-150 um ) m f = m at ig fijn (150-210 um ) m g = m at ig grof (210-300 um ) zg = zeer grof (300-420 um ) ug = uit erst grof (420-2000 um )
OV ERIG
GRAD ATIE GRIN D
bodem vreem de best andsdelen aanwezig
f = fijn (2-5.6 m m ) m g = m at ig grof (5.6-16 m m ) zg = zeer grof (16-63 m m )
wat er
BESCH RIJV IN G BOD EM LAAG pid = fot o ionisat ie det ect or bv = bodem vocht ow = olie op wat er
Zeer st erk
BIJLAGE 4 ANALYSECERTIFICATEN
SGS Environmental Analytics Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl
Analyserapport
Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. Bodem-Sigma Phileas Foggstraat 153 7825 AW EMMEN
Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer
Blad 1 van 8
: Schuineslootweg 104, Schuineslootweg : 23-M10707 : 13824042, versienummer: 1.
Rotterdam, 04-03-2023
Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project 23M10707. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de door SGS geteste monsters en zoals door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics, gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 8 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Per 1 september 2022 is SGS Environmental Analytics B.V. gefuseerd met SGS Nederland B.V. en handelt onder de naam SGS Environmental Analytics. Alle erkenningen van SGS Environmental Analytics B.V.
blijven van kracht en zijn/worden omgezet naar SGS Nederland B.V. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,
René Eugster Operations Manager Rotterdam
SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 2 van 8
Analyserapport Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. Bodem-Sigma Projectnaam Schuineslootweg 104, Schuineslootweg Projectnummer 23-M10707 Rapportnummer 13824042 - 1
Orderdatum 23-02-2023 Startdatum 23-02-2023 Rapportagedatum 04-03-2023
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002 003
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MM1 MM1, 01: 20-35, 02: 20-45, 03: 20-35, 04: 25-35, 06: 15-35, 08: 20-45 MM2 MM2, 01: 35-50, 03: 35-50, 04: 35-50, 05: 15-50, 06: 35-50, 07: 0-50 MM3 MM3, 01: 60-100, 01: 100-150, 01: 150-200, 02: 90-140, 02: 150-200
Analyse
Eenheid
Q
monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten
gew.-% g -
S S S S
Ja 88.7 <1 geen
Ja 89.2 <1 geen
Ja 93.9 <1 geen
organische stof (gloeiverlies)
% vd DS
S
3.8
3.5
0.4
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS
S
<2
<2
<2
METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
S S S S S S S S S
53 0.45 2.3 16 <0.05 25 <0.5 5.5 120
<20 <0.2 <1.5 6.1 <0.05 13 <0.5 <3 23
<20 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20
<0.01 0.11 0.02 0.33 0.13 0.16 0.13 0.19 0.18 0.19 2) 1.447
<0.01 <0.01 <0.01 0.02 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 2) 0.083
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 2) 4.9
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 2) 4.9
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
001
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN 1) naftaleen mg/kgds S <0.03 fenantreen mg/kgds S 0.35 antraceen mg/kgds S 0.08 fluoranteen mg/kgds S 0.98 benzo(a)antraceen mg/kgds S 0.38 chryseen mg/kgds S 0.45 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 0.31 benzo(a)pyreen mg/kgds S 0.50 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 0.49 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 0.42 2) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 3.981 (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds PCB 118 µg/kgds PCB 138 µg/kgds PCB 153 µg/kgds PCB 180 µg/kgds som PCB (7) (0.7 factor) µg/kgds
S S S S S S S S
1)
<1.8 1) <2.1 1) <1.7 1) <1.9 1) <1.8 1) <1.3 1) <1.8 2) 8.68
002
003
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 3 van 8
Analyserapport Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. Bodem-Sigma Projectnaam Schuineslootweg 104, Schuineslootweg Projectnummer 23-M10707 Rapportnummer 13824042 - 1
Orderdatum 23-02-2023 Startdatum 23-02-2023 Rapportagedatum 04-03-2023
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002 003
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MM1 MM1, 01: 20-35, 02: 20-45, 03: 20-35, 04: 25-35, 06: 15-35, 08: 20-45 MM2 MM2, 01: 35-50, 03: 35-50, 04: 35-50, 05: 15-50, 06: 35-50, 07: 0-50 MM3 MM3, 01: 60-100, 01: 100-150, 01: 150-200, 02: 90-140, 02: 150-200
Analyse
Eenheid
MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
Q
001
S
<5 14 33 37 80
002
<5 7 <5 8 <20
003
<5 <5 <5 <5 <20
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 4 van 8
Analyserapport Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. Bodem-Sigma Projectnaam Schuineslootweg 104, Schuineslootweg Projectnummer 23-M10707 Rapportnummer 13824042 - 1
Orderdatum 23-02-2023 Startdatum 23-02-2023 Rapportagedatum 04-03-2023
Monster beschrijvingen
001
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
002
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
003
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
Voetnoten 1 2
De rapportagegrens is verhoogd i.v.m. noodzakelijke verdunning. De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 5 van 8
Analyserapport Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. Bodem-Sigma Projectnaam Schuineslootweg 104, Schuineslootweg Projectnummer 23-M10707 Rapportnummer 13824042 - 1
Orderdatum 23-02-2023 Startdatum 23-02-2023 Rapportagedatum 04-03-2023
Analyse
Monstersoort
Relatie tot norm
monster voorbehandeling
Grond (AS3000)
droge stof
Grond (AS3000)
gewicht artefacten
Grond (AS3000)
aard van de artefacten
Grond (AS3000)
organische stof (gloeiverlies)
Grond (AS3000)
lutum (bodem)
Grond (AS3000)
barium
Grond (AS3000)
cadmium
Grond (AS3000)
kobalt
Grond (AS3000)
koper
Grond (AS3000)
kwik
Grond (AS3000)
lood
Grond (AS3000)
molybdeen
Grond (AS3000)
nikkel
Grond (AS3000)
zink
Grond (AS3000)
naftaleen
Grond (AS3000)
fenantreen
Grond (AS3000)
antraceen
Grond (AS3000)
fluoranteen
Grond (AS3000)
benzo(a)antraceen
Grond (AS3000)
chryseen
Grond (AS3000)
benzo(k)fluoranteen
Grond (AS3000)
benzo(a)pyreen
Grond (AS3000)
benzo(ghi)peryleen
Grond (AS3000)
indeno(1,2,3-cd)pyreen
Grond (AS3000)
pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) PCB 28
Grond (AS3000)
Grond: NEN-EN 16179. Grond (AS3000): AS3000 en NEN-EN 16179 Grond: NEN-EN 15934. Grond (AS3000): AS3010-2 en NEN-EN 15934 AS3000 Idem AS3010-3 en NEN 5754. Grond: eigen methode. Grond (AS3000): AS3010-4 AS3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2 (ontsluiting NEN 6961) Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem AS3010-6 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem
PCB 52
Grond (AS3000)
PCB 101
Grond (AS3000)
PCB 118
Grond (AS3000)
PCB 138
Grond (AS3000)
PCB 153
Grond (AS3000)
PCB 180
Grond (AS3000)
som PCB (7) (0.7 factor)
Grond (AS3000)
totaal olie C10 - C40
Grond (AS3000)
Grond (AS3000)
AS3010-8 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem AS3010-7 en NEN-EN-ISO 16703
Monster
Barcode
Aanlevering
Monstername
Verpakking
001 001 001 001 001 001 002
O0264206 O0264186 O0264204 O0264205 O0264187 O0264194 O0264191
23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023
22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023
ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 6 van 8
Analyserapport Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. Bodem-Sigma Projectnaam Schuineslootweg 104, Schuineslootweg Projectnummer 23-M10707 Rapportnummer 13824042 - 1
Orderdatum 23-02-2023 Startdatum 23-02-2023 Rapportagedatum 04-03-2023
Monster
Barcode
Aanlevering
Monstername
Verpakking
002 002 002 002 002 003 003 003 003 003
O0264199 O0264200 O0264198 O0264196 O0264189 O0264188 O0264190 O0264202 O0264192 O0264203
23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023 23-02-2023
22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023 22-02-2023
ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 7 van 8
Analyserapport Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. Bodem-Sigma Projectnaam Schuineslootweg 104, Schuineslootweg Projectnummer 23-M10707 Rapportnummer 13824042 - 1
Orderdatum 23-02-2023 Startdatum 23-02-2023 Rapportagedatum 04-03-2023
Monsternummer:
001
Monster beschrijvingen
MM1MM1, 01: 20-35, 02: 20-45, 03: 20-35, 04: 25-35, 06: 15-35, 08: 20-45
Karakterisering naar alkaantraject benzine
C9-C14
kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie
C10-C16 C10-C28 C20-C36
stookolie
C10-C36
De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 8 van 8
Analyserapport Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. Bodem-Sigma Projectnaam Schuineslootweg 104, Schuineslootweg Projectnummer 23-M10707 Rapportnummer 13824042 - 1
Orderdatum 23-02-2023 Startdatum 23-02-2023 Rapportagedatum 04-03-2023
Monsternummer:
002
Monster beschrijvingen
MM2MM2, 01: 35-50, 03: 35-50, 04: 35-50, 05: 15-50, 06: 35-50, 07: 0-50
Karakterisering naar alkaantraject benzine
C9-C14
kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie
C10-C16 C10-C28 C20-C36
stookolie
C10-C36
De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
SGS Environmental Analytics Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl
Analyserapport
Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. Bodem-Sigma Phileas Foggstraat 153 7825 AW EMMEN
Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer
Blad 1 van 4
: Schuineslootweg 104, Schuineslootweg : 23-M10707 : 13824043, versienummer: 1.
Rotterdam, 03-03-2023
Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project 23M10707. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de door SGS geteste monsters en zoals door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics, gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 4 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Per 1 september 2022 is SGS Environmental Analytics B.V. gefuseerd met SGS Nederland B.V. en handelt onder de naam SGS Environmental Analytics. Alle erkenningen van SGS Environmental Analytics B.V.
blijven van kracht en zijn/worden omgezet naar SGS Nederland B.V. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,
René Eugster Operations Manager Rotterdam
SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 2 van 4
Analyserapport Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. Bodem-Sigma Projectnaam Schuineslootweg 104, Schuineslootweg Projectnummer 23-M10707 Rapportnummer 13824043 - 1 Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001
Asbestverdachte grond AS3000
M1 M1, M1: 0-50
Analyse
Eenheid
Q
VOORBEREIDENDE RESULTATEN totaal aangeleverd monster kg in behandeling genomen kg gewicht Mengmonster samengesteld totaal gewicht <20 mm na g drogen droge stof gew.-% KWANTITATIEF ASBESTONDERZOEK gemeten totaal mg/kgds asbestconcentratie gemeten hechtgebondenmg/kgds asbestconcentratie gemeten nietmg/kgds hechtgebondenasbestconcentratie ondergrens (95% mg/kgds betrouwb.interval) bovengrens (95% mg/kgds betrouwb.interval) gemeten hechtgebonden mg/kgds Serpentijn-asbestgehalte gemeten niet-hechtgebonden mg/kgds Serpentijn-asbestgehalte gemeten hechtgebonden mg/kgds Amfibool-asbestgehalte gemeten niet-hechtgebonden mg/kgds Amfibool-asbestgehalte berekende bepalingsgrens mg/kgds gewogen asbestconcentratie mg/kgds
Orderdatum 23-02-2023 Startdatum 23-02-2023 Rapportagedatum 03-03-2023
001
15.32 15.32 nee 14429 94.2
S
<2
S
<2
S
<2
S
<2
S
<2
S
<2
S
<2
S
<2
S
<2
S S
1.5 <2
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 3 van 4
Analyserapport Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. Bodem-Sigma Projectnaam Schuineslootweg 104, Schuineslootweg Projectnummer 23-M10707 Rapportnummer 13824043 - 1
Orderdatum 23-02-2023 Startdatum 23-02-2023 Rapportagedatum 03-03-2023
Analyse
Monstersoort
Relatie tot norm
totaal aangeleverd monster
Asbestverdachte grond AS3000
totaal gewicht <20 mm na drogen
Asbestverdachte grond AS3000
droge stof
Asbestverdachte grond AS3000
gemeten totaal asbestconcentratie ondergrens (95% betrouwb.interval) bovengrens (95% betrouwb.interval) gemeten hechtgebonden Serpentijn-asbestgehalte gemeten niet-hechtgebonden Serpentijn-asbestgehalte gemeten hechtgebonden Amfibool-asbestgehalte gemeten niet-hechtgebonden Amfibool-asbestgehalte berekende bepalingsgrens