2. Aanbiedingsbrief, jaarverslag en jaarrekening 2023 - Veiligheidsregio IJsselland
Tekst van het document
Stand van zaken na afloop van het jaar In samenwerking met de GGD zijn we in 2023 gestart met een projectopdracht ‘Versterking bedrijfsvoering’. Deze opdracht moet ertoe leiden dat er meer samenhang en gezamenlijke focus komt in de uitvoering van de bedrijfsvoeringstaken die voor beide organisaties worden uitgevoerd. Beide MT’s zijn in gesprek met de bedrijfsvoeringsteams over het verbeteren van de samenwerking tussen VR en GGD en tussen de vier teams. Concreet gaat het over de inrichting van de processen en de onderlinge samenhang, cultuuraspecten en governance. In 2023 zijn alle bouwstenen verzameld om de bedrijfsvoering voor de Veiligheidsregio en de GGD gezamenlijk te versterken. In 2024 krijgt dit verder vorm door nieuwe samenwerkingsafspraken vast te leggen voor de gezamenlijke bedrijfsvoering. HRM Het afgelopen jaar hebben we geïnvesteerd in onze arbeidsmarktcommunicatie en weten we onze maatschappelijke rol beter te benutten in onze uitingen. Ook weten we per functie specifieker en beter sociale media in te zetten. We hebben nog steeds te maken met krapte op de arbeidsmarkt en dat zal de komende jaren niet veranderen. De krapte speelt vooral bij bepaalde functies zoals de financiële adviseur, en is minder aan de orde bij het vinden van brandweerpersoneel, alhoewel er hier ook wel minder reacties komen op vacatures.
Daarnaast was er veel extra werk door de langdurige crisissituaties zoals de oorlog in Oekraïne en de vluchtelingenproblematiek. Met de ervaringen van dit jaar en met de inzet van een recruiter denken we dat we hier goed op in kunnen blijven spelen in de toekomst.
32
I&A De digitale ontwikkelingen gaan in een enorm tempo en dat stelt steeds meer eisen aan onze organisatie. De behoefte van gebruikers verandert en neemt toe, wat effect heeft op het ICT-landschap. Tegelijkertijd neemt ook de complexiteit rondom informatieveiligheid toe. Daarom is het van belang dat I&A zich verder ontwikkelt naar een volwassener beheersorganisatie. De afgelopen tijd is gebruikt om in kaart te brengen wat daarvoor nodig is. Aan hand van verschillende bouwstenen, waar de komende tijd de focus op ligt, brengen we de basis van I&A op orde en verstevigen we dit. Informatiemanagement De ontwikkelingen op informatievoorziening gaan in een razend tempo. Hierop is afgelopen jaar de benodigde versterking voor georganiseerd om enerzijds een basis te leggen (BIO, AVG, archief- wetgeving) en anderzijds de ontwikkel vraagstukken te kunnen behappen. De extra capaciteit (vanuit de BDuR-gelden) op informatievoorziening zijn ingevuld. De functies informatiespecialist, data engineer en privacy officer versterken het gehele informatiemanagementproces. Digitalisering kent veel mogelijkheden, en tegelijkertijd echter ook veel valkuilen. De expertise die is binnengehaald helpt ons om ontwikkelingen op digitalisering en automatisering ook op een juiste en veilige manier te kunnen aanbieden.
Op het gebied van informatieveiligheid is inmiddels de tweefactorauthenticatie (grotendeels) geïmplementeerd en onze informatiespecialisten zijn nauw betrokken bij de landelijke ontwikkelingen van het landelijke KCR2 en binnen Oost5 bij de Informatie Gestuurde Veiligheid. Het privacybeleid is in ontwikkeling en voorbereiding voor een veilige digitale werkomgeving zijn in gang gezet. Daarnaast weten collega’s steeds beter waar ze terecht kunnen met vraagstukken rondom informatieveiligheid. Financiën In 2023 zijn vorderingen gemaakt om de werkprocessen te verteren en te borgen. Het proces verloopt door ziektegevallen minder snel dan vooraf gepland. De komende tijd zal gericht zijn op het verder optimaliseren en borgen van de processen. Medio 2023 is de frequentie van (financiële) verantwoording verhoogd om het actuele inzicht in cijfers te vergroten. Vanuit interne beheersing vormen de ervaringen uit de rechtmatigheidsverantwoording 2023 de basis voor verder professionalisering van de ICfunctie en de ontwikkeling van de VR naar het model van ‘3 lines of defence’. Rechtmatigheid Het dagelijks bestuur legt vanaf 2023 verantwoording af over rechtmatigheid in de jaarrekening (zie bijlage 3) en in deze paragraaf over rechtmatigheid in overeenstemming met de financiële verordening Veiligheidsregio IJsselland 2024.
Het dagelijks bestuur heeft geen onrechtigheden boven de daarvoor gestelde grens van 3% geconstateerd. Ten aanzien van rechtmatigheid is het dagelijks bestuur onder andere geïnformeerd door de accountant via de managementletter en het accountantsverslag en via de het verslag van de adviseur Interne Beheersing. Het verslag van de adviseur interne beheersing volgt uit de werkzaamheden volgens het controleplan over 2023. De opvolging van de bevindingen van de accountant en de adviseur interne beheersing wordt bewaakt door het management en gerapporteerd aan het dagelijks bestuur. Klachten Er zijn geen klachten ingediend, die het werk van de veiligheidsregio aangaan.
33
AVG datalekken Datalekken worden opgenomen in het datalekkenregister van de veiligheidsregio. Er zijn 31 meldingen gedaan van (potentiële) datalekken of beveiligingsincidenten. Daarvan bleken uiteindelijk 11 werkelijk een (potentieel) datalek te zijn. Deze (potentiële) datalekken waren gelegen in de omstandigheid dat er persoonsgegevens bij een onbevoegd persoon waren terecht gekomen (denk aan een onjuist e-mailadres invullen), er gegevensdragers (laptops/ipad’s) zijn kwijtgeraakt of er onterecht toegang is geweest tot bepaalde data (omdat bijvoorbeeld de toegangsrechten niet juist stonden). Géén enkel datalek bracht een dermate hoog risico met zich mee dat deze gemeld hoefde te worden bij de Autoriteit Persoonsgegevens of betrokkenen. Open overheid De Wet open overheid (Woo) trad op 1 mei 2022 in werking. Volgens deze wet moeten wij in de jaarverantwoording een openbaarheidsparagraaf opnemen en daarin verslag doen van de uitvoering van de wet. In 2023 heeft de veiligheidsregio geen Woo-verzoeken ontvangen. De MT’s van GGD en VRIJ vormden in mei 2022 een gezamenlijk projectteam om na te gaan en te adviseren over wat er nodig is om tot een goede in- en uitvoering van de Wet open overheid te komen, op korte en langere termijn. Dat projectteam ging van start in juni 2022. Kort na de start stelde het projectteam een overzicht op van uit te werken onderwerpen.
In november 2022 bood het team aan beide MT’s de eerste voorstellen en het 1e beeld van voortgang en planning aan. In april 2023 gevolgd door enkele nieuwe voorstellen en het 2e voortgangsbeeld. Begin 2024 wil het projectteam komen met de laatste vervolg- en afrondende voorstellen, met het 3e voortgangsbeeld en met een totaaloverzicht van bereikte resultaten. Uitgangspunt zijn de regels van de Wet open overheid en het ambitieniveau, dat door het dagelijks bestuur is vastgesteld. Hoofdpunten van de werkzaamheden en resultaten in 2023 zijn: • De informatie over de Woo op de websites van GGD en VRIJ is up to date. Er is voor inwoners en bedrijven duidelijk aangeven waar en hoe documenten kunnen worden opgevraagd en met welke medewerker contact kan worden opgenomen. • Verzoeken om documenten worden behandeld volgens een nieuw stappenplan, dat in overeenstemming is met de Woo. • Om ervaring op te doen met actieve openbaarmaking van documenten is, vooruitlopend op de wettelijke verplichting, een pilot gestart waarbij de volgende documenten al vast openbaar zijn gemaakt: voor beide organisaties: het organogram en de jaarstukken. Daarnaast voor VRIJ de beleidsagenda en het dekkingsplan en voor de GGD de bestuursagenda en de organisatieagenda.
• Een procedure/werkwijze om documenten, die bekend gemaakt (kunnen) worden, vooraf te ontdoen van persoonsgegevens en/of andere informatie die niet voor openbaarmaking in aanmerking komen. • Voorbereiding van adviezen over nieuwe landelijke keuzes (een verwijsindex) en regels (richtlijnen voor selectie) wat betreft verplichte actieve openbaarmaking van documenten. Alsmede voor verbetering van de informatiehuishouding (opslag van te bewaren documenten en van werkgerelateerde digitale berichten). • In beeld brengen van structurele Woo-onderwerpen voor overdracht van het projectteam aan reguliere teams/functionarissen van GGD en VRIJ.
34
Verplichte beleidsindicatoren Taakveld
Naam
Eenheid
Begroting 2023
Realisatie 2023
0. bestuur en ondersteuning
Formatie
FTE per 1.000 inwoners
0.53fte
0,52fte
0. bestuur en ondersteuning
Bezetting
FTE per 1.000 inwoners
--
0,50fte
0. bestuur en ondersteuning
Apparaatskosten
Kosten per inwoner
€ 42.34
€ 42.09
0. bestuur en ondersteuning
Externe inhuur
Kosten als % totale loonsom + totale kosten inhuur externen
2%
8,8%
0. bestuur en ondersteuning
Overhead
% van de totale lasten
18%
19,9%
35
Financiering Inleiding De kaders voor financiering zijn gebaseerd op de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) en de daaruit voortvloeiende uitvoeringsregelingen. Het eigen treasurybeleid van Veiligheidsregio IJsselland is vastgelegd in het treasurystatuut. In de Wet Fido is bepaald dat een financieringsparagraaf in de begroting wordt opgenomen. Ook is vastgelegd welke informatie de financieringsparagraaf dient te bevatten. Dit zijn: • het kasgeldlimiet; • de renterisiconorm; • de liquiditeitsplanning en de financieringsbehoefte; • de rentevisie; • de rentekosten en renteopbrengsten verbonden aan de financieringsfunctie. Risicobeheer Dit onderdeel geeft een samenvatting van het (verwachte) risicoprofiel van de organisatie. Het bevat tevens de gegevens die op grond van de Wet Fido voor de toezichthouder nodig zijn waaronder de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Renterisicobeheer Voor het renterisicobeheer gelden de volgende criteria: • Conform de Wet FIDO wordt de kasgeldlimiet niet overschreden; • Nieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning; • De rentetypische looptijd (periode waarvoor de rente vaststaat) en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie. De renterisiconorm beperkt het renterisico op de vaste schuld.
Deze wettelijke norm bepaalt dat maximaal 20% van de totale omvang van de begroting in aanmerking mag komen voor aflossing of renteherziening. In de uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden zijn 2 modelstaten opgenomen om de risico’s in beeld te brengen te weten: • Berekening kasgeldlimiet (model A) • Renterisiconorm (model B). Berekening kasgeldlimiet en bepaling financieringspositie 2023 De kasgeldlimiet voor gemeenschappelijke regelingen bedraagt 8,2%. Het gaat bij de kasgeldlimiet om het beperken van renterisico’s op de korte schuld (korter dan een jaar). Korte schuld is bedoeld voor het financieren van lopende uitgaven. Daarom wordt de kasgeldlimiet gekoppeld aan het begrotingstotaal, dat wil zeggen de totale lasten van de begroting inclusief tegelijkertijd met de begroting vastgestelde begrotingswijzigingen. In de praktijk is dat de begroting zoals die naar de toezichthouder wordt gezonden. Als, naar het oordeel van de toezichthouder, de begroting doelbewust is opgeblazen, dan kan de toezichthouder maatregelen nemen om het totaal te corrigeren. De kasgeldlimiet voor Veiligheidsregio IJsselland bedraagt 8,2% van 47,6 miljoen euro = 3,9 miljoen euro. Tot aan deze limiet kan kort (looptijd < 1 jaar) worden geleend. In begin 2023 had de organisatie een kasgeldlening aangetrokken van € 3.000.000. Deze lening is
36
21 februari 2023 afgelost. Verder is er geen kortgeldlening meer aangetrokken in 2023. Hier volgt een totaaloverzicht van het jaar 2023 van de modelstaten per kwartaal. Kwartaal
Gemiddelde vlottende schuld
Gemiddelde vlottende middelen
Netto vlottend tekort (+) of overschot middelen (-)
Kasgeld limiet
Ruimte (-) of overschrijding (+)
1e kwartaal
4.854.661
42.194.000
-37.339.339
3.903.200
-41.242.539
2e kwartaal
3.113.046
32.243.026
-29.129.980
3.903.200
-33.033.180
3e kwartaal
2.500.678
21.263.181
-18.762.503
3.903.200
-22.665.703
4e kwartaal
5.432.935
13.827.714
-8.394.779
3.903.200
-12.297.979
Als meer dan twee achtereenvolgende kwartalen de kasgeldlimiet wordt overschreden, moet de toezichthouder (provincie) hiervan op de hoogte worden gesteld. Uit bovenstaand overzicht blijkt dat de kasgeldlimiet niet meer dan twee achtereenvolgende kwartalen wordt overschreden. Renterisiconorm Door berekening van de renterisiconorm verkrijgen wij inzicht in de omvang van de schuld waarover in enig jaar renterisico’s worden gelopen. De renterisiconorm is gebaseerd op het begrotingstotaal en schrijft voor hoeveel maximaal geleend (herfinanciering) mag worden voor een periode langer dan een jaar. De renterisiconorm bedraagt 20% van het begrotingstotaal. In 2023 heeft de Veiligheidsregio één langlopende lening van 4.000.000 euro afgesloten waarmee de renterisiconorm niet is overschreden. In onderstaand overzicht wordt dit risico in beeld gebracht: Model B
2023 (bedragen x € 1000,--)
1.
Renteherzieningen/ herfinanciering
4.000
2.
Aflossingen *
3.
Renterisico (1+2)
4.000
4.
Renterisiconorm
10.123
5a.
Ruimte onder renterisiconorm (4>3)
6.123
5b.
Overschrijding renterisiconorm (3>4)
-
4a.
Begrotingstotaal
-
50.616
37
4b.
Percentage regeling
20%
4.
Renterisiconorm
10.123
* Dit is exclusief de aflossingen van de gemeentelijke leningen m.b.t. de overname van de kazernes. Met deze aflossing vervalt ook de boekwaarde van de kazernes en gaan de kazernes weer gehuurd worden. Er vindt dus geen herfinanciering plaats.
Liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte De liquiditeitspositie wordt maandelijks opgemaakt. Op basis hiervan wordt de samenstelling van de financiering bepaald. Met betrekking tot de lasten wordt de liquiditeitspositie bepaald door de uitgaven ten behoeve van de exploitatie en de investeringen. De exploitatie uitgaven zijn min of meer gelijkmatig over het jaar verdeeld. Maar door de toename van materieel en kapitaalgoederen en de tijdelijke overname van een deel van de jonge brandweerkazernes en -posten heeft Veiligheidsregio IJsselland een financieringsbehoefte. Dit leidt tot omvangrijke uitgaande kasstromen waardoor het aantrekken van leningen noodzakelijk was en is.
Uit het overzicht blijkt dat wij een overschot aan financieringsmiddelen hebben van circa 1.287.000 euro (2022 = overschot 162.000 euro). Ook in 2023 is een groot deel van de uitgestelde investeringen ingehaald. Hiervoor is in 2023 een aanvullende langlopende lening van 4.000.000 euro afgesloten. Met betrekking tot de baten wordt de liquiditeitspositie met name bepaald door de gemeentelijke bijdragen en de rijksbijdrage Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) uitkeringen. De gemeentelijke bijdragen worden maandelijks gefactureerd en de BDuR uitkeringen worden per kwartaal uitbetaald. Renterevisie In de begroting 2023 zijn wij uitgegaan van de werkelijke rente op de langlopende leningen. In 2023 is er een extra lening aangetrokken. Dit resulteerde enerzijds in extra rentekosten, maar anderzijds leidde het ook tot extra renteopbrengsten op het schatkistbankieren, vanwege uitgestelde investeringen tot 2024. Deze zijn via begrotingswijzigingen in de tussentijdse bestuursrapportages gerapporteerd. Over de reserves en voorzieningen is geen rente berekend.
38
Verbonden partijen Met het inzetten van verbonden partijen kunnen we bijdragen aan het realiseren van de doelstellingen van Veiligheidsregio IJsselland. Het deelnemen in een verbonden partij kan ook risico’s met zich meebrengen. Dit laatste is een belangrijke reden geweest om in het Besluit begroting en verantwoording (BBV) de verplichting op te nemen om de bijdrage/ het risico van verbonden partijen te melden in een afzonderlijke paragraaf van zowel de begroting als de jaarstukken. Een verbonden partij is een publiekrechtelijke of privaatrechtelijke organisatie waarin we zowel een bestuurlijk als een risicodragend financieel belang hebben. Een bestuurlijk belang is in deze context zeggenschap in de vorm van vertegenwoordiging in het bestuur of het hebben van stemrecht. Een risicodragend financieel belang wil zeggen dat we verlies kunnen lijden bij een eventueel faillissement van de verbonden partij en/of aansprakelijk kunnen worden gehouden voor een bepaald bedrag als de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt.
De Commissie BBV beveelt aan om, vanwege het maatschappelijke of algemene belang en de mogelijke risico’s, ook organisaties op te nemen in de paragraaf verbonden partijen indien: - formeel juridisch geen sprake is van een verbonden partij door het ontbreken van een financieel belang, zoals gedefinieerd in het BBV, maar er wel sprake is van een structurele bekostiging in overwegende mate van (de activiteiten van) een organisatie via één of meer geldstromen (begrotingsfinanciering, subsidie en overeenkomst van opdracht) én een bestuurlijke belang. Hieronder zijn vier partijen genoemd, die gezien kunnen worden als verbonden partijen van Veiligheidsregio IJsselland.
39
Meldkamer Oost-Nederland (MON) Doelstelling Veiligheidsregio IJsselland nam vanaf 2010 deel in de Gemeenschappelijke Regeling MON (GR MON) voor uitvoering van haar wettelijke meldkamertaken (artikel 35 Wet veiligheidsregio’s). De meldkamer was gevestigd in Apeldoorn en het bestuur van de gemeenschappelijke regeling was gevestigd in Zwolle. De deelnemers aan de GR MON hadden – om te voldoen aan een wetswijziging – het beheer en de bedrijfsvoering van de MON per 1 januari 2020 overgedragen aan de Politie/Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS). Eind maart 2023 ging de nieuwe Meldkamer Oost-Nederland (MKON) in Apeldoorn van start. Elf organisaties van Politie, Veiligheidsregio’s/Brandweer en Ambulancediensten werken daarin samen. De vorming van de MKON maakte opheffing en liquidatie noodzakelijk van de multidisciplinaire meldkamer voor de verzorgingsgebieden IJsselland en Noord- en OostGelderland (Oost2). Deze meldkamer was ondergebracht in de Gemeenschappelijke Regeling MON. Met instemming van alle deelnemers heeft het bestuur van de GR MON de rechtspersoon opgeheven per 1 juli 2023 en de financiële en materiële afwikkeling geregeld. Bestuurlijk en financieel belang De opheffing brengt mee, dat Veiligheidsregio IJsselland vanaf 1 juli 2023 geen bestuurlijk en financieel belang meer heeft in de Gemeenschappelijke Regeling MON.
Risico Tot de opheffing droeg de Politie het merendeel van de kosten van de GR MON. Voor het resterende deel is de opheffing bestuurlijk, juridisch en financieel afgewikkeld.
Gezamenlijke meldkamerfunctie van Brandweer/Multidisciplinaire Samenwerking Doelstelling
Gezamenlijke uitvoering van de wettelijke meldkamerfunctie en –taken voor de brandweer, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de geneeskundige hulpverlening door de 5 veiligheidsregio’s in Oost Nederland. De gezamenlijke meldkamerfunctie van Brandweer/Multi (MKBM), een zelfstandig onderdeel van de MKON in Apeldoorn, valt onder de verantwoordelijkheid van de vijf veiligheidsregio’s in Oost-Nederland. In 2022 hebben zij hierover afspraken gemaakt in het Organisatieplan. Zoals de Wet veiligheidsregio’s aangeeft hebben deze regio’s in 2023 hun afspraken over de meldkamersamenwerking vastgelegd in een bestuurlijk convenant. Bestuurlijk en financieel belang De besturen van de vijf veiligheidsregio’s worden voor het beheer van de MKBM vertegenwoordigd door een bestuursraad, samengesteld uit de portefeuillehouders meldkamer. In het convenant is afgesproken welke onderwerpen in de bestuursraad aan de orde komen en welke worden voorgelegd aan de besturen van de afzonderlijke veiligheidsregio’s voor besluitvorming. De kosten van het takenpakket volgens de eigen begroting MKBM worden gezamenlijk door de partijen gedragen op basis van de verdeelsleutel, die is vastgesteld door de besturen van de veiligheidsregio’s. Deze verdeelsleutel ondergaat geen jaarlijkse wijziging.
40
Risico Geen bijzondere risico's. Financiële gevolgen voor de deelnemende veiligheidsregio’s waarvoor niet reeds afspraken over de bekostiging gemaakt zijn, worden via het directieberaad en de bestuursraad aangeboden aan de besturen van de deelnemende veiligheidsregio’s.
Stichting Brandweeropleidingen Gelderland Overijssel (Stichting BOGO) Doelstelling Het ontwikkelen en verzorgen van opleidingen, oefeningen en trainingen van brandweermedewerkers in opdracht van zes veiligheidsregio’s, onder andere Veiligheidsregio IJsselland, op niet commerciële/ marktgerichte basis. Stichting BOGO is gevestigd in Hattem. Bestuurlijk en financieel belang Veiligheidsregio IJsselland heeft een bestuurlijk belang in Stichting BOGO. Er is sprake van zeggenschap en stemrecht door de vertegenwoordiging in het bestuur. De commandant brandweer/ directeur VRIJ heeft zitting in het bestuur van de BOGO. Hij is benoemd op voordracht van het bestuur van Veiligheidsregio IJsselland. Formeel heeft de veiligheidsregio geen financieel belang, zoals gedefinieerd in het BBV, in de Stichting BOGO. Veiligheidsregio IJsselland doet namelijk alleen betalingen aan de stichting voor afgesproken tegenprestaties. Formeel juridisch is Stichting BOGO daardoor voor de veiligheidsregio geen verbonden partij. Maar wat dit betreft volgen wij de aanbeveling van de Commissie BBV, genoemd in de inleiding, op en blijven wij Stichting BOGO opnemen in de paragraaf Verbonden partijen. Risico Als veiligheidsregio nemen we van de BOGO opleidingen af op basis van instroom en doorontwikkeling van beroepsbrandweerlieden/ brandweervrijwilligers.
Sinds enkele jaren factureert en ontvangt de BOGO de hele bedragen voorafgaand aan de opleidingen. Mocht de BOGO in financiële problemen komen dan kunnen de vooruitbetalingen voor de veiligheidsregio wel een risico opleveren als de afgesproken opleidingen niet of beperkt doorgaan en terugbetaling aan de veiligheidsregio niet mogelijk is. Het risico is klein omdat de Stichting BOGO een gedegen financieel beheer voert, vertegenwoordigers van de veiligheidsregio’s en drie gemeenten het bestuur vormen en omdat de zes veiligheidsregio’s geen andere financiële banden met de BOGO hebben dan alleen die van opdrachtgevers.
Werkgevers Vereniging Samenwerkende Veiligheidsregio’s (WVSV) Doelstelling De landelijke Werkgeversvereniging Samenwerkende Veiligheidsregio’s (WVSV) heeft tot doel het namens de veiligheidsregio’s, als gezamenlijke werkgeversorganisatie, voeren van onderhandelingen en sluiten van collectieve arbeidsovereenkomsten en arbeidsvoorwaardenovereenkomsten met werknemersorganisaties ten behoeve van het personeel van de veiligheidsregio’s. Bestuurlijk en financieel belang Veiligheidsregio IJsselland heeft een bestuurlijk belang in de WVSV. Volgens de statuten van de vereniging is de voorzitter van het algemeen bestuur van Veiligheidsregio IJsselland afgevaardigde naar de algemene vergadering van de WVSV. Een lid van het algemeen bestuur (de waarnemend voorzitter) is plaatsvervangend lid van die algemene vergadering.
41
De kosten van de vereniging worden gedekt uit de contributiegelden. Voor haar lidmaatschap is de veiligheidsregio per verenigingsjaar een contributie verschuldigd, waarvan de hoogte elk jaar door de algemene vergadering wordt vastgesteld. De contributie vormt geen risicodragend financieel belang in de zin van het BBV. De veiligheidsregio’s kunnen ook niet aansprakelijk worden gehouden voor een bepaald bedrag als de WVSV haar verplichtingen niet nakomt. De WVSV is daarmee geen verbonden partij, zoals omschreven in het BBV. Risico Geen bijzondere risico's.
Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) Doelstelling Het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid is ingesteld door de Wet veiligheidsregio’s en heeft wettelijke taken op het gebied van de brandweerzorg, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de geneeskundige hulpverlening. Daarnaast voert het NIPV werkzaamheden uit in opdracht van en voor een of meer veiligheidsregio’s. Bestuurlijk en financieel belang Het NIPV heeft een algemeen bestuur, dat bestaat uit de voorzitters van de veiligheidsregio’s gezamenlijk. Daarmee heeft Veiligheidsregio IJsselland een bestuurlijk belang in het NIPV. De bijdrage van Veiligheidsregio IJsselland voor collectieve en individuele dienstverlening van het NIPV bedraagt circa 380.000 euro per jaar. Formeel heeft de veiligheidsregio geen financieel belang, zoals gedefinieerd in het BBV, in het NIPV omdat de veiligheidsregio alleen betalingen doet aan het NIPV voor afgesproken tegenprestaties. Formeel juridisch is het NIPV daardoor voor de veiligheidsregio geen verbonden partij. We volgen echter wel de aanbeveling van de Commissie BBV, genoemd in de inleiding, op en blijven het NIPV opnemen in de paragraaf Verbonden partijen. Risico Het risico is nihil. Het NIPV is een publiekrechtelijk rechtspersoon, net als gemeenten en veiligheidsregio’s.
Onderhoud kapitaalgoederen De huisvesting wordt gehuurd van de elf gemeenten. De huurprijs wordt gebaseerd op de kostprijs. Op basis van de begrotingen van de gemeenten zijn de volledige huisvestingskosten in beeld gebracht inclusief de kosten voor groot onderhoud. Het groot onderhoud voor alle brandweerkazernes wordt uitgevoerd door de gemeentelijke vastgoedonderdelen. De kosten van dit groot onderhoud zijn in de nulmeting in beeld gebracht en maken naast de gemiddelde kapitaallasten deel uit van de huurprijzen. Binnen Veiligheidsregio IJsselland is het team Beheer & Techniek belast met het beheer en het onderhoud van al het rijdend materieel en de bijbehorende materialen. Er wordt continu gewerkt aan efficiencyverbeteringen op dit gebied, waarbij telkenmale de balans moet worden gezocht tussen betrokkenheid van vrijwilligers in brandweerkazernes en de nodige zakelijkheid vanuit de organisatie.
42
Sociaal jaarverslag Personele cijfers 2023 Formatie en bezetting beroepsmedewerkers In onderstaande tabel staat de formatie en bezetting aan beroepsmedewerkers. Het betreft alleen de medewerkers met een aanstelling voor (on)bepaalde tijd op 31 december 2023. Tijdelijke inhuur (ZZP’ers, uitzendkrachten, expertise, detacheringen) zijn niet meegenomen in de telling. Op 31 december 2023 hadden 29 medewerkers een aanstelling voor bepaalde tijd en werden 41 personen tijdelijk ingehuurd voor inzet op projecten of klussen. De kosten voor deze tijdelijke inhuur zijn hoofdzakelijk financieel gedekt uit beschikbare vacatureruimte dan wel uit onderbesteding van budgetten die oorspronkelijk waren bestemd voor andere doeleinden en nu worden aangewend ter dekking van de kosten van de tijdelijke inhuur. Formatie in fte
Bezetting in fte1
Ruimte in fte
Directie en ondersteuning
3
2,2
0,8
Staf en Beleid
17
19,1
-2,1
GHOR
8
9,8
-1,8
Veiligheidsbureau
10,4
12,1
-1,7
Risicobeheersing
27,6
28,2
-0,6
Brandweerzorg Deventer, OlstWijhe, Raalte
40,7
41,7
-1
Brandweerzorg Zwolle-Kampen
47,7
50,6
-2,9
Brandweerzorg Dalfsen, Hardenberg, Ommen
1,7
1
0,7
Brandweerzorg Steenwijkerland, Staphorst, Zwartewaterland
1,7
1,6
0,1
Incidentbestrijding
15
13,3
1,7
Vakbekwaamheid
16,7
19,1
-2,4
Beheer en techniek
18,5
19,1
-0,6
13
11
2
Team of onderdeel
Financiën 1
Het gaat hier om het aantal fte dat voor bepaalde of onbepaalde tijd in dienst is en niet om het absolute aantal medewerkers in de bezetting. Door een aantal deeltijders is het absolute aantal medewerkers in de bezetting hoger.
43
Formatie in fte
Bezetting in fte1
Ruimte in fte
19
14,1
4,9
Facilitair
13,9
15,2
-1,3
HRM
15,5
15,1
0,4
Flexibele schil
11,3
11,3
0
Totaal 2023
280,7
284,5
-3,8
Totalen 2022
282,6
283,3
-0,7
Team of onderdeel Informatisering & Automatisering
In en uitdienst Beroepsmedewerkers In 2023 zijn in totaal 33 medewerkers aangesteld voor (on)bepaalde tijd, waarvan vijf repressieve medewerkers bij brandweerzorg en 12 medewerkers bij bedrijfsvoering. Er zijn in totaal 29 medewerkers uitgestroomd, waarvan één repressieve medewerker bij brandweerzorg en tien medewerkers bij bedrijfsvoering. Vrijwilligers (repressief en niet repressief) Afdeling
Aantal op 31-12-2022 Aantal op 31-12-2023 Verschil
Balkbrug
15
15
0
Bathmen
27
24
-3
Bergentheim
15
17
2
Dalfsen
28
24
-4
De Krim
12
10
-2
Dedemsvaart
22
20
-2
Deventer
28
29
1
Diepenveen
19
17
-2
Genemuiden
21
20
-1
Giethoorn
20
16
-4
Gramsbergen
17
17
0
Hardenberg
40
34
-6
44
Afdeling
Aantal op 31-12-2022 Aantal op 31-12-2023 Verschil
Hasselt
22
21
-1
Heeten
16
18
2
Heino
23
19
-4
IJsselmuiden
21
20
-1
Kampen
46
39
-7
Kuinre
15
16
1
Lemelerveld
24
20
-4
Luttenberg
17
16
-1
Nieuwleusen
23
23
0
Oldemarkt
16
14
-2
Olst
17
17
0
Ommen
32
32
0
Raalte
23
23
0
Slagharen
17
16
-1
Staphorst
22
20
-2
Steenwijk
26
28
2
Vollenhove
21
21
0
Welsum
16
15
-1
Wesepe
16
22
6
Wijhe
16
17
1
Zwartsluis
17
14
-3
Zwolle
55
46
-9
Niet repressieve vrijwilligers
32
28
-6
Totalen
797
748
-49
45
In totaal zijn er in 2023 55 vrijwilligers uitgestroomd en 59 nieuwe vrijwilligers aangesteld. In de bovenstaande tabel wordt er een totaal van -49 aangegeven. Dit verschil ontstaat omdat er een aantal vrijwilligers is verbonden aan meerdere posten en verhuizingen of verandering van functie ook zorgt voor doorstroom tussen posten Een vrijwilliger kan bij één post vertrekken, maar nog verbonden zijn aan een andere post en dus wel als vrijwilliger voor de organisatie behouden blijven. Het totaal aantal vrijwilligers kan daarom afwijken van de som van in- en uitstroom van de individuele posten. Stagiaires Als overheidsorganisatie bieden wij de mogelijkheden om te leren. In het jaar 2023 hebben wij 15 stagiaires mogen verwelkomen: ▪ 4 bij Staf en Beleid; ▪ 4 bij Team I&A; ▪ 3 bij Team Facilitair; ▪ 1 bij Team Risicobeheersing ▪ 2 bij Team Incidentbestrijding; ▪ 1 bij Team GHOR
Deelname generatiepact In 2019 is gestart met het tijdelijk aanbieden van een generatiepact aan onze medewerkers. In totaal nemen nu 18 medewerkers deel aan het generatiepact, waarvan 11 gestart zijn in 2023. De regeling is per 1 juni 2023 vervallen en daarom is nieuwe instroom niet meer mogelijk.
Ziekteverzuim Het verzuimpercentage van de Veiligheidsregio IJsselland bedroeg 5,18% in 2023, waarmee we een lichte stijging (+0,40%) ten opzichte van 2022 konden waarnemen. Daarbij moet worden opgemerkt dat het verzuimpercentage net als de voorgaande vijf jaar wederom significant lager is dan het branchegemiddelde (openbaar bestuur en overheidsdiensten). Wat verder opvalt is dat het percentage langdurig verzuim onevenredig is toegenomen t.o.v. de stijging in het algemene verzuimpercentage. Het percentage langdurig verzuim (>6 maanden) ging namelijk van 2,86% in 2022 naar 3,59% in 2023. In 2024 verdient het langdurig verzuim en haar mogelijke oorzaken daarom extra aandacht. Jaar
Verzuimpercentage Veiligheidsregio IJsselland
CBS Landelijk gemiddelde Openbaar bestuur en overheidsdiensten
2017
4,77%
5,3%
2018
4,24%
5,6%
2019
3,89%
5,35%
2020
4,19%
5,48%
2021
3,83%
5,0%
46
2022
4,78%
5,2%
2023
5,18%
6,05%
Verdeling in leeftijd en man/vrouw In deze verdeling zijn alleen de beroepsmedewerkers met een aanstelling voor (on)bepaalde tijd meegeteld. Leeftijdscategorie
Vrouw
Man
Totaal
20 tot 25 jaar
3
3
6
25 tot 30 jaar
8
14
22
30 tot 35 jaar
7
21
28
35 tot 40 jaar
11
25
36
40 tot 45 jaar
11
18
29
45 tot 50 jaar
9
25
34
50 tot 55 jaar
11
31
42
55 tot 60 jaar
13
43
56
60 tot 65 jaar
14
26
40
65 jaar en ouder
2
13
15
Totaal
89
219
308
Arbeidsomstandigheden In deze paragraaf worden activiteiten toegelicht die in 2023 binnen Veiligheidsregio IJsselland op het gebied van arbeidsomstandigheden hebben plaatsgevonden.
Ongevallen en incidenten In 2023 zijn er 8 verschillende gevaarlijke situaties, 21 ongevallen en 17 bijna-ongevallen gemeld. De verhouding tussen deze categorieën geeft aan dat gevaarlijke situaties en bijna ongevallen minder snel gemeld worden dan ongevallen. Daarnaast blijken verkeersongevallen met schade niet worden beleefd als incidenten die gemeld moeten worden. Deze ontbreken dientengevolge in dit overzicht. Idealiter vertaalt een goed lopend meldingsproces zich naar een heldere input in opleidingen en vakbekwaamheid zodat de focus gelegd kan worden op het voorkomen van werk gerelateerde ongevallen. Het welzijn van de medewerkers en derden staat hierin voor ons centraal. In Q3 is er na het vertrek van de Arbo-coördinator in 2022, weer invulling gegeven aan de functie. Doorgaans zijn de volgende soorten ongevallen aan de orde:
47
Ongeval scenario Contact met wegvliegende objecten Tegen iets aanstoten Contact met heet of koud oppervlak of open vlammen Extreme belasting van lichaamsdelen Val op gelijke hoogte Val van hoogte onbeschermd Val van trap of helling Contact met hangende en/of zwaaiende objecten Contact met schadelijke atmosfeer via ademapparatuur De onderliggende oorzaken van het ontstaan van deze gevaarlijke situaties en (bijna-) ongevallen zijn geweest: • Motivatie/ alertheid: tekortschietende alertheid voor gevaren. We zien veel meldingen in de eindfase van incidenten en oefensituaties; • Overschatting van technische hulpmiddelen en onderschatting van de invloed van het individueel handelen. Deze ongevallen zijn geregistreerd en waar nodig zijn hier acties op ingezet met alle betrokkenen. Hierin staat het lerend vermogen van de organisatie centraal waarbij we uitgaan van de thema’s Goed gegaan & goed gedaan.
Positief gezond werkgeverschap Veiligheidsregio IJsselland hecht er vanuit de visie op gezondheid veel waarde aan dat medewerkers gedurende hun hele loopbaan gezond en vitaal hun werk kunnen blijven doen. Om hieraan bij te dragen wordt er sinds januari 2022 samengewerkt met arbodienst Rienks, die het gedachtegoed van positieve gezondheid onderschrijft, waarbij gezondheid gezien wordt als meer dan alleen de afwezigheid van ziekte. Ook zijn projecten doorontwikkeld die indirect bijdragen aan vitaal en gezond werken. Een voorbeeld hiervan is de nieuwe ontwikkelgerichte gesprekscyclus als onderdeel van ons nieuwe talent- en mobiliteitsbeleid (Talent in Beeld). Deze nieuwe vorm van gesprekken over ontwikkeling sluit aan bij de visie van de veiligheidsregio op positief gezond werkgeverschap en talentontwikkeling. De ontwikkelgerichte gesprekscyclus is erop gericht om de duurzame inzetbaarheid en eigenaarschap van medewerkers te versterken. De cyclus is flexibel en integreert continue feedback en zelfreflectie vanuit een positieve lading. Het is het doel dat medewerkers meer eigen regie nemen en doelgericht werken aan hun eigen ontwikkeling en werk.
Daarnaast is er gewerkt aan het opstellen van gedragsprofielen voor leidinggevenden, met daarbij ook specifiek aandacht voor de kwaliteiten en eigenschappen die nodig zijn om medewerkers te kunnen faciliteren in de eigen regie op gezondheid.
48
Ongewenst gedrag Gevolgen van ongewenste omgangsvormen kunnen een enorme impact hebben op medewerkers en in bijzondere situaties op de omgeving en de organisatie. Medewerkers kunnen gebruik maken van een speciaal opgeleide vertrouwenspersoon, gefaciliteerd door de organisatie (via OnzeCoach). De werkzaamheden van de vertrouwenspersoon bestaan uit de eerste emotionele opvang, hulp aan de betrokken medewerker, advisering voor een plan van aanpak, ondersteuning bij het realiseren van de gewenste aanpak, eventuele doorverwijzingen en nazorg. In 2023 zijn er vijf meldingen van ongewenste omgangsvormen bij de externe vertrouwenspersoon gedaan. Dit betrof meldingen van pesten, intimidatie en discriminatie. Eén melding is als ‘overig’ gedefinieerd. Daarnaast zijn er twee meldingen op het gebied van integriteitsschendingen bij haar gemeld.
Veilige publieke taak (agressie & geweld) In het afgelopen jaar zijn er geen meldingen geweest van agressie en geweld. Dit wil niet zeggen dat het niet voorgekomen is. Want helaas is bekend dat ook medewerkers van de veiligheidsregio in de uitvoering van hun taken tegen agressie aanlopen. In hoeverre dit ‘als onderdeel van het werk’ wordt ervaren en niet als exceptioneel te melden incident is een vraag die aandacht verdient.
49
Bijlagen Bijlage 1: gegevens per gemeente Adviezen op evenementen
Aantal adviezen per gemeente op A- en Bevenementen 250
202
200
142
150
107
100
69
45
50
0
0
60
41
0
0
0
De A- en B-evenementen zijn de lichtere evenementen. De gemeente Kampen en Zwolle verzorgen zelf de advisering op de A- en B-evenementen. We focussen ons minder op aantallen en meer op de vakinhoud. Dat betekent dat we soms qua aantallen minder adviezen geven maar inhoudelijk wel langer of vaker op een aanvraag adviseren. Daarnaast zijn er geen gegevens beschikbaar als een gemeente niet werkt via LiveEvents. Het kan zijn dat er wel via de mail geadviseerd is, maar deze adviezen komen niet terug in de cijfers. Daarnaast zijn er in 2023 een aantal evenementenadviezen gegeven voor grote Cevenementen: 5 in Deventer, 1 in Olst-Wijhe, 3 in Raalte en 5 in Zwolle.
Adviezen omgevingsvergunning bouwen en brandweerveilig gebruik 281
300
247
250 198
200
173
150 97
100 50
14
78 32 9
23
40
0
50
Activiteiten brandveilig leven 75
80 70
60
60 45
50 40 30
21
20
18
16 8
10
11
15
15
13
0
GRIP-incidenten In 2023 zijn hebben zes GRIP-incidenten plaatsgevonden. Zie onderstaand overzicht. Nr.
Datum
GRIP
Plaats
Incident
Evaluatie
1
07-02-2023
GRIP 1
Zwolle
Verkeersongeval A28
Quickscan evaluatie
2
23-03-2023
GRIP 1
Genemuiden
Brand bij afvalverwerker
Quickscan evaluatie
3
31-08-2023
GRIP 1
Staphorst
Brand in een schuur met asbestdak
Quickscan evaluatie
4
02-10-2023
GRIP 1
Zwolle
Verkeersongeval bij kinderdagverblijf
Quickscan evaluatie
5
16-10-2023
GRIP 1
Zwolle
Gaslekkage en brand
Quickscan evaluatie
6
22-12-2023
GRIP 1
Heino
Verkeersongeval N35
Quickscan evaluatie
Bij een zevental dreigende situaties heeft het ROT actief voorbereidingen getroffen en de situatie gemonitord. Zie onderstaand overzicht. Daadwerkelijk inzet bleek echter niet nodig.
51
Nr.
Datum
GRIP
Plaats
Incident
1
Jan – feb
0
Regionaal
Oekraïne en Asiel
2
Maart
0
Regionaal
Boerenprotesten
3
April
0
Regionaal
Vodafone storing
4
Mei
0
Regionaal
Meldkamer storing eOCS
5
November
0
Regionaal
Storm Crian
6
November
0
Zwolle
Stroomstoring
7
Dec ’23 – jan ‘24
0
Regionaal
Verhoogde waterstanden
Aantal incidenten per gemeente en uitrukken per brandweerpost Hieronder volgt een overzicht van: • de unieke incidenten per gemeente. • de unieke incidenten per brandweerpost. Dit kan een inzet zijn geweest binnen de gemeente, maar ook een inzet buiten de gemeente. Bij een inzet binnen of buiten een gemeente kunnen meerdere posten betrokken zijn. Vandaar dat het totale aantal inzetten per gemeente lager is dan het totaal van de inzetten per post. Als er bijvoorbeeld een brand is in Lemelerveld, waar een voertuig van alle drie de brandweerposten binnen de gemeente Dalfsen naar uitrukt, dat telt deze mee bij de uitrukken per post, maar voor het totaal binnen de gemeente Dalfsen telt deze maar voor één incident. Ook worden de incidenten buiten de regio opgeteld bij de post. ‘Alarm’ betreft automatische brandmeldingen. In 2020 is vanwege corona de maatregel getroffen dat de meldkamer bij bijna alle automatische brandmeldingen verificatie toepast door contrabellen. Deze maatregel, die nog steeds van kracht is, beoogt dat de brandweer zo min mogelijk contact heeft met kwetsbare groepen, en met elkaar. Ook wordt bij een nodeloze melding de alarmering ingetrokken als voertuigen al vertrokken zijn. Aanrijdende brandweereenheden keren dan terug naar de kazerne.
Normaliter rijden de voertuigen door om op de locatie nog een gesprek te voeren over de nodeloze melding en hoe deze in de toekomst te voorkomen. Het aantal uitrukken als gevolg van automatische brandmeldingen is door deze maatregel gedaald ten opzichte van voorgaande jaren. Dienstverlening: Dit betreft onder andere de assistentie van de ambulancedienst, het redden van dieren, het opheffen van liftopsluitingen en het reinigen van het wegdek. Leefmilieu: Hier gaat het onder andere om assistentie bij storm- en waterschade. Alarm:
52
Van de incidenten over 2023 valt het volgende op: • Brand: In de media is benoemd dat het aantal woningbranden landelijk stijgt. Voor VRIJsselland geldt dat de branden woongebouw circa 3% zijn gestegen. Wanneer we dit vergelijken met de stijging van de populatie en het aantal woningen zien we een daling van circa 7% in de provincie Overijssel waarbij de trend in de woningbranden tussen de veiligheidsregio’s Twente en IJsselland gelijk zijn. • Branden waarbij voertuigen zijn betrokken laten een stijging zien van circa 50% • Natuurbranden: De natte zomer heeft geleid tot minder natuurbranden. • Stormincidenten en wateroverlast(vermeld onder ‘leefmilieu’): er waren geen noemenswaardige voorjaarsstormen en najaarsstormen. De hoge waterstanden zorgden voor meer incidenten met wateroverlast. Dat maakt dat de classificatie leefmilieu op een gemiddeld niveau ligt. • Hulpverlening buiten de regio: 381 eenheden van de Veiligheidsregio IJsselland hebben bij 299 incidenten buiten de Veiligheidsregio ondersteuning geboden.
Alarm
Brand
Dienstverlening
Leefmilieu
Ongeval
Totaal
Gemeente Dalfsen
11
42
27
31
25
136
Post Dalfsen
4
24
17
13
13
71
Post Lemelerveld
2
14
7
12
5
40
Post Nieuwleusen
5
23
9
10
17
64
Totaal
175
Gemeente Deventer
78
200
151
88
54
571
Post Bathmen
1
27
4
18
8
58
Post Deventer
76
224
175
72
86
632
Post Diepenveen
4
18
14
15
4
55
Totaal
745
Gemeente Hardenberg
44
132
68
58
27
329
Post Balkbrug
11
27
9
10
4
61
Post Bergentheim
1
33
11
10
7
62
Post De Krim
1
19
5
1
11
37
53
Alarm
Brand
Dienstverlening
Leefmilieu
Ongeval
Totaal
Post Dedemsvaart
8
31
11
14
4
68
Post Gramsbergen
4
14
7
7
2
34
Post Hardenberg
16
85
45
21
8
175
Post Slagharen
5
24
12
3
8
52
Totaal
489
Gemeente Kampen
35
88
76
60
45
304
Post IJsselmuiden
10
33
21
21
11
96
Post Kampen
22
106
69
45
43
285
Totaal
381
Gemeente OlstWijhe
13
34
29
19
15
110
Post Olst
6
21
8
11
8
54
Post Welsum
0
1
3
2
1
7
Post Wesepe
0
16
2
4
7
29
Post Wijhe
5
25
8
3
3
44
Totaal
134
Gemeente Ommen
9
39
23
27
12
110
Post Ommen
9
44
18
15
12
98
Totaal
98
Gemeente Raalte
14
45
42
38
23
162
Post Heeten
2
11
6
11
5
35
Post Heino
8
14
8
11
9
50
Post Luttenberg
3
7
6
4
2
22
Post Raalte
6
40
24
14
15
99
54
Alarm
Brand
Dienstverlening
Leefmilieu
Ongeval
Totaal
Totaal
191
Gemeente Staphorst
4
39
16
18
20
97
Post Staphorst
6
40
13
12
18
89
Totaal
89
Gemeente Steenwijkerland
20
75
81
52
15
243
Post Giethoorn
4
17
19
14
9
63
Post Kuinre
0
7
5
3
0
15
Post Oldemarkt
0
9
7
10
2
28
Post Steenwijk
10
60
52
21
9
152
Post Vollenhove
6
36
12
8
6
68
Totaal
326
Gemeente Zwartewaterland
9
42
31
23
7
112
Post Genemuiden
4
22
10
12
2
50
Post Hasselt
3
39
16
11
9
78
Post Zwartsluis
3
26
11
6
3
49
Totaal
177
Gemeente Zwolle
116
269
201
165
58
809
Post Zwolle Noord
68
202
122
88
82
562
Post Zwolle Zuid
52
193
133
94
47
519
Totaal
1081
Totaal aantal unieke incidenten Veiligheidsregio IJsselland
2985
Aantal post inzetten
3886
55
Bijlage 2: oorzaken overschrijding opkomsttijden In 2023 is in 95,8% van de uitrukken voldaan aan de normtijden uit het dekkingsplan. In 4,2% van de incidenten wordt de opkomsttijd dus overschreden. Bij een veelvoud van de overschrijdingen ligt de overschrijding onder de twee minuten. De opkomsttijd bestaat uit de verwerkingstijd op de meldkamer, de uitruktijd (de tijd tussen alarmering en het uitrukken van het brandweervoertuig) en de aanrijtijd (de tijd tussen het wegrijden uit de post en de aankomst op de incidentlocatie). De overschrijdingen doen zich zowel voor bij de verwerking, het uitrukken en het aanrijden. Hieronder worden de oorzaken hiervan kort benoemd. Oorzaken overschrijding tijdens het verwerken van de melding Bij automatische brandmeldingen wordt tegenwoordig door de meldkamer contact opgenomen met het desbetreffende bedrijf om te checken of er daadwerkelijk sprake is van brand. Aangezien deze meldingen in circa 95% van de gevallen ‘nodeloos’ zijn, neemt daardoor het aantal nodeloze uitrukken af. Dit nabellen bij automatische meldingen zorgt echter wel voor langere opkomsttijden, indien het wel gewenst is dat de brandweer ter plaatse komt. Er wordt namelijk maximaal twee minuten op de uitslag hiervan gewacht.
Oorzaken overschrijdingen tijdens het uitrukken Het zijn vooral vrijwillige posten die de uitruktijden overschrijden (en niet de posten met beroeps-brandweer). Dat is natuurlijk niet zo vreemd, aangezien de vrijwilligers niet op de post verblijven, maar eerst van hun huis, werk of een andere locatie moeten komen. De uitruktijd is hiermee grilliger van aard. Daarnaast blijkt een oorzaak van de overschrijdingen tijdens het uitrukken te maken te hebben met de weersinvloeden waardoor het langer duurt voordat een vrijwilliger op de post arriveert. Oorzaken overschrijdingen tijdens het aanrijden De oorzaken van overschrijdingen op het gebied van het aanrijden komen door weersinvloeden, maar ook doordat het brandweervoertuig wat gealarmeerd wordt zich niet in de post bevindt. Dit is aan de orde wanneer het voertuig vertrekt vanaf een andere incidentlocatie, binnen het gebied aan het oefenen is of niet beschikbaar is. Dit laatste kan zich bijvoorbeeld voordoen als het brandweervoertuig al ingezet is bij een incident, waardoor een ander brandweervoertuig van een andere post, met een langere aanrijtijd, gealarmeerd moet worden. Ontwikkelingen Om te voldoen aan de opkomsttijden zoals die zijn gesteld in het bestuurlijk vastgestelde dekkingsplan lopen op dit moment verschillende verbeterprojecten.
Zoals projecten om het aantal nodeloze meldingen terug te dringen en het project ‘Uitruk op maat’.
56
DEEL B: JAARREKENING Overzicht van baten en lasten
57
Toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening Bij de analyse van het resultaat is het onderscheid tussen resultaatbepaling en resultaatbestemming van groot belang. Ingevolge het Besluit begroting en verantwoording (BBV) dient daarom een toelichting te worden gegeven op het gerealiseerde saldo baten en lasten, de mutaties in de reserves en het gerealiseerde resultaat. In het volgende overzicht wordt inzicht gegeven in de relatie tussen het gerealiseerde saldo van baten en lasten en het gerealiseerde resultaat.
De belangrijkste verschillen tussen de jaarrekening 2023 en de begroting 2023 (na wijzigingen) vóór mutaties in de reserves hebben zich voorgedaan op de volgende onderdelen:
Ons algemene standpunt en die van onze belastingadviseur is dat VRIJ niet belasting- en aangifteplichtig is voor de vennootschapsbelasting. Voor het overgrote deel van de activiteiten/ inkomsten is immers geen sprake van deelname aan het economisch verkeer en dus kan er geen sprake zijn van het drijven van een onderneming. Bij de activiteiten (bijvoorbeeld detachering personeel) waarmee VRIJ wel deelneemt aan het economisch verkeer wordt niet gestreefd naar winst en worden er geen structurele overschotten gerealiseerd. Vandaar dat het bedrag voor heffing van de vennootschapsbelasting nihil is.
58
In de begroting van Veiligheidsregio IJsselland zijn geen ramingen voor onvoorzien opgenomen. Derhalve is een overzicht van aanwending onvoorzien niet van toepassing.
59
Toelichting programma Veiligheid
De hogere kosten loonsom beroeps wordt met name veroorzaakt door de dotatie in de voorziening Spaarverlof. De meerkosten opvang ontheemden Oekraïne, crisisnoodopvang en de uitvoeringskosten Functioneel Leeftijd Ontslag worden volledig gedekt door ontvangen subsidie en facturering aan het COA en gemeenten. De overschrijdingen op meerdere kostencategorieën worden gedekt door extra opbrengsten.
60
Toelichting saldo algemene lasten en dekkingsmiddelen De afwikkeling afdracht premie reparatie WW 2023 en naheffing overschrijding algemeen forfait werkkostenregeling geeft een klein nadeel.
De verschillende teams van bedrijfsvoering ondersteunen de taken ook voor de GGD IJsselland. Hiervoor is een overeenkomst voor ‘kosten voor gemene rekening’ opgesteld. De verrekening vindt plaats op basis van werkelijk gemaakte kosten tegen de overeengekomen verdeelsleutel (56% VR en 44% GGD). De werkelijke bijdrage GGD aan de gemene rekening over 2023 is € 3.029.990 (begroting 2023 € 2.690.016).
61
Toelichting Overhead
De hogere kosten inhuur derden worden veroorzaakt door inhuur externe expertise informatieveiligheid en inhuur op leidinggevende- en adviserende functies binnen Bedrijfsvoering. De extra kosten worden gedekt door onderschrijding op de loonsom en onderschrijding/baten op de diverse kostencategorieën.
Incidentele baten en lasten
-
De meerkosten opvang ontheemden Oekraïne en crisisnoodopvang zijn gedekt door de ontvangen subsidie en verrekening met het COA. Het project vorming Meldkamer Oost Nederland is afgerond. Ondersteuning GGD COVID-19 door de GHOR.
62
Mutaties reserves De exploitatie van Veiligheidsregio IJsselland wordt beïnvloed door stortingen in reserves en door onttrekkingen uit reserves. Het BBV geeft aan dat het resultaat van de exploitatie onderverdeeld moet worden in een saldo baten en lasten (voor bestemming) en in een resultaat. Het verschil tussen beide is dat in het resultaat de mutaties in de reserves zijn verwerkt.
Zie voor nadere toelichting paragraaf ‘toelichting op de balans’.
Publicatie bezoldiging topfunctionarissen De binnen onze organisatie geïdentificeerde leidinggevende topfunctionarissen met een dienstbetrekking hebben geen dienstbetrekking bij meerdere WNT-plichtige instelling(en) als leidinggevende topfunctionaris (die zijn aangegaan met ingang van 1 januari 2018) in de periode van de hier verantwoorde dienstbetrekking.
63
64
Alle leden van het AB en DB vanuit de Veiligheidsregio IJsselland zijn onbezoldigd.
65
Balans
Omschrijving der activa
Boekwaarde
Boekwaarde
31-12-2023
31-12-2022
Omschrijving der passiva
Vaste activa 34.769.504 34.769.504
32.716.371 32.716.371
31-12-2022
Eigen vermogen
5.416.956
- Algemene reserve - Bestemmingsreserves
Financiële vaste activa - Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
Boekwaarde
31-12-2023
Vaste passiva
Materiële vaste activa - Investeringen met een economisch nut
Boekwaarde
0 0
0
- Het gerealiseerde resultaat volgend uit ovezicht van baten en lasten
5.344.965
966.061
1.000.000
3.798.991
4.378.905
651.904
-33.939
0 Vreemd vermogen
Totaal vaste activa
34.769.504
32.716.371
-Voorziening Spaarverlof Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
Vlottende activa
38.881
31.000.000
27.460.750
Onderhandse leningen van: - Openbare lichamen
Voorraad
27.820
16.603
7.212.929
3.110.538
- Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
0
460.750
31.000.000
27.000.000
Totaal vaste passiva Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Vorderingen op openbare lichamen
954.366
2.708.492
- Overige vorderingen
74.376
109.758
6.184.187
292.287
- Uitzettingen in Rijks schatkist
291.773
36.708.728
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Overige schulden
Liquide middelen
1.052.229
- Banksaldi
1.009.013
- Kassaldi
43.216
32.844.596
1.025.392
- Overige kasgeldlening
4.047.446
885.500
4.047.446
885.500
0
0
1.008.894 16.498
Overlopende passiva
4.361.187
5.219.101
- De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen Overlopende activa - Vooruitbetaalde bedragen
2.054.879 1.831.981
2.080.292
voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel:
1.712.477
- Nog te ontvangen voorschotbedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen met een specifiek bestedingsdoel
0
0
- Overige nog te ontvangen bedragen
222.897
367.815
- Nog te betalen bedragen
Europese overheidslichamen
60.403
62.152
Overige Nederlandse overheidslichamen
672.010
928.212
3.628.774
4.228.737
Totaal vlottende activa
10.347.857
6.232.825
Totaal vlottende passiva
8.408.633
6.104.600
Totaal generaal
45.117.361
38.949.196
Totaal generaal
45.117.361
38.949.196
66
Toelichting op de balans Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de Financiële verordening Veiligheidsregio IJsselland 2024 ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het algemeen bestuur op 8 november 2023 de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgelegd. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Alle in deze jaarrekening verantwoorde bedragen zijn vermeld in hele euro’s. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben.
Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. De waarderingsgrondslagen per balansonderdeel worden in het vervolg van deze jaarrekening toegelicht. Algemene grondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: • •
De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet; De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: • Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op <datum vaststelling gemeenteraad> door de raad is vastgesteld; • Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de
67
•
•
financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderscheidingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan de raad zijn gemeld. Ten aanzien van het M&O criterium is de nota M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2023 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening. Dit betekent date een verantwoordingsgrens van 3% (zijnde € 1.641.000) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen. Relevante fouten en onduidelijkheden worden in de paragraaf bedrijfsvoering opgenomen.
Balans Materiële vaste activa met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de historische verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. In die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden het jaar na ingebruikneming lineair afgeschreven volgens een stelsel afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur. Voor de gehanteerde afschrijvingstermijnen wordt verwezen naar de nota ‘Activa en afschrijvingen 2020’. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Financiële vaste activa De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Voorraad De voorraad wordt gewaardeerd tegen de historische verkrijgingsprijs. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Op basis van verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting.
Voorzieningen worden gevormd voor verplichtingen die oorzakelijk samenhangen met de periode voorafgaande aan de balansdatum, waarvan de omvang en/of het tijdstip op
68
balansdatum onzeker zijn, doch redelijkerwijs en betrouwbaar zijn te schatten. Voor de afwikkeling van de verplichting is een uitstroom van middelen noodzakelijk. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossing. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Nadere toelichting op de balans Vaste activa Materiële vaste activa De investeringen met economisch nut kunnen als volgt worden onderverdeeld:
Het volgende overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met economisch nut weer:
In 2023 is er sprake van 447.536 euro aan desinvesteringen. Dit wordt veroorzaakt door het overdragen van kazerne Welsum aan gemeente Olst-Wijhe.
69
Financiële vaste activa
Vlottende activa Voorraad Het saldo van de voorraad bestaat uit de volgende component:
Dit betreft het centraal magazijn operationele kleding kazerne Raalte. Uitzettingen korter dan één jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden: Soort vordering
Boekwaarde per 31-12-2023
Voorziening voor oninbaarheid
Boekwaarde per 31-12-2023
Boekwaarde per 31-12-2022
Vorderingen op openbare lichamen
954.366
0
954.366
2.708.492
Overige vorderingen
74.376
0
74.376
109.758
Uitzettingen in Rijks schatkist
6.184.187
0
6.184.187
292.287
Totaal
7.212.929
0
7.212.929
3.110.538
Er zijn geen bedragen aan middelen, bedoeld in artikel 2, vierde lid, van de Wet financiering decentrale overheden, dat in het kader van het drempelbedrag door de veiligheidsregio buiten ’s Rijks schatkist is aangehouden. Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten:
Het krediet in rekening-courant is in 2023 vastgesteld op 1.000.000 euro.
70
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren Het drempelbedrag is bedoeld om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen: niet elke laatste euro hoeft in de schatkist te worden aangehouden. In principe hoeven dus alleen de liquide middelen die boven het drempelbedrag uitgaan in de schatkist te worden aangehouden. In 2023 hebben er geen overschrijdingen van het drempelbedrag plaatsgevonden.
Overlopende activa De post overlopende activa kan als volgt onderscheiden worden:
71
Specificatie vooruitbetaalde bedragen.
Specificatie overige nog te ontvangen bedragen. Omschrijving Afrekening Gemene Rekening VRIJ/GGD Belastingdienst restitutie BPM VNOG doorbelasting licentie Cyclorama LMO Eindafrekening energiekosten Nieuwe Stroom 2023
Bedrag 157.000 17.900 30.900 17.100 222.900
Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten:
Het verloop in 2023 wordt in volgend overzicht per reserve weergegeven.
72
De stortingen en onttrekkingen egalisatiereserve kapitaallasten zijn structureel van karakter daar deze verbonden is aan de meerjaren Investeringsbegroting en dient als opvang fluctuaties afschrijvingslasten. Toelichting reserves Algemene reserve Voor de organisatie heeft het eigen vermogen enerzijds een ‘financieringsfunctie’ van de materiële vaste activa en anderzijds een ‘bufferfunctie’ voor incidentele tekorten en bedrijfsrisico’s. De algemene reserve is het deel van het vermogen, waarop geen specifiek door het algemeen bestuur aangegeven bestemming rust. Na vaststelling van de jaarrekening 2023 van Veiligheidsregio IJsselland is de omvang van de algemene reserve 966.000 euro. Dit is genoeg om de risico’s te kunnen opvangen. Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves worden gevormd om aan reeds aangegane en toekomstige verplichtingen te kunnen voldoen. Het totaal van de bestemmingsreserves per 31 december 2023 is 3,8 miljoen euro. Reserve Ontwikkeling veiligheidsregio Bestemd voor de uitvoering van specifieke bestuursopdrachten/projecten, zoals ter dekking compensatie nadeelgemeenten herijking bijdrage naar 50% historische kosten en 50% realistische kosten vanaf 2023 (totaal 289.000 euro 3 jaar afbouwend) Reserve Vorming Landelijke Meldkamerorganisatie Eind 2012 is van het Rijk een incidentele bijdrage ontvangen van 400.000 euro.