Zomernota 2021 DEFINITIEF.pdf
Tekst van het document
ZOMERNOTA
2021
INHOUDSOPGAVE Aanbiedingsbrief .......................................................................................................................................................
3
1 Samenvatting financieel beeld 2021 - 2025 ..........................................................................................................
5
2 FINANCIËLE MUTATIES ......................................................................................................................................... 7 2.1 Programma Bestuur en burgerzaken ................................................................................................................ 9 2.2 Programma Veiligheid ....................................................................................................................................... 11 2.3 Programma Openbare ruimte ............................................................................................................................ 13 2.4 Programma Ruimtelijke en economische ontwikkelingen ................................................................................. 17 2.5 Programma Zorg, jeugd en participatie ............................................................................................................. 21 2.6 Programma Onderwijs, sport en cultuur ............................................................................................................ 27 2.7 Algemene dekkingsmiddelen ............................................................................................................................
31 2.8 Overhead ........................................................................................................................................................... 33 2.9 Post onvoorziene uitgaven ................................................................................................................................ 37 3 GEVOLGEN CORONACRISIS ................................................................................................................................ 39 3.1 Impact coronacrisis ........................................................................................................................................... 41 3.2 Financiële mutaties ........................................................................................................................................... 47 4 KADERNOTA 2022 - 2025 ....................................................................................................................................... 53 4.1 Uitgangspunten Programmabegroting 2022 ..................................................................................................... 55 4.2 Ontwikkeling lokale heffingen en tarieven .........................................................................................................
59 4.3 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ....................................................................................................... 65 4.4 Meerjaren Perspectief Grondexploitaties .......................................................................................................... 71
1
2
Aanbiedingsbrief
Hierbij bieden wij u de Zomernota 2021 aan. Deze Zomernota is een samenvoeging van de Voorjaarsnota 2021 en de Kadernota 2022. De Voorjaarsnota 2021 is een voortgangsrapportage over de lopende begroting 2021. De Kadernota 2022 is een vooruitblik naar de meerjarenraming 2022 – 2025, waarbij ook de uitgangspunten voor het opstellen van de Programmabegroting 2022 worden voorgesteld. In het hoofdstuk Samenvatting financieel beeld 2021-2025 is een overzicht opgenomen van de saldi van de Zomernota 2021. Vervolgens worden in het hoofdstuk Financiële mutaties per programma alle mutaties in beeld gebracht en toegelicht. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in mutaties bestaand beleid en mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen. Ook is een overzicht opgenomen van de post onvoorziene uitgaven 2021. In het hoofdstuk Gevolgen coronacrisis wordt ingegaan op de maatschappelijke en financiële gevolgen van de coronacrisis voor onze gemeente. In het hoofdstuk Kadernota 2022-2025 wordt ten eerste ingegaan op de voorgestelde uitgangspunten voor de opstelling van de Programmabegroting 2022. Vervolgens wordt nader ingegaan op de uitgangspunten voor de lokale heffingen, het weerstandsvermogen en de ontwikkeling van de financiële kengetallen. Ten slotte is een samenvatting opgenomen van het Meerjaren Perspectief Grondexploitaties.
3
4
Samenvatting financieel beeld 2021 - 2025
In onderstaand overzicht is een samenvatting opgenomen van de financiële bijstellingen voor de jaren 2021 - 2025 (x € 1.000). De mutaties ten opzichte van de huidige meerjarenraming 2021 - 2024 zijn onder te verdelen in de volgende onderdelen: 1. Stand meerjarenbegroting 2021 - 2025 2. Mutaties Zomernota 2021 bestaand beleid, inclusief raadsbesluiten tot en met juni 2021 3. Mutaties Zomernota 2021 nieuw beleid en ontwikkelingen 4. Mutaties Zomernota 2021 coronacrisis In de volgende hoofdstukken worden alle mutaties nader in beeld gebracht en toegelicht. Samenvatting financieel beeld
2021
2022
2023
2024
2025
0
235
142
611
611
Mutaties bestaand beleid
547
-309
-282
-560
550
Mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen
-209
-349
-170
-261
-350
Mutaties coronacrisis
-74
-46
0
0
0
Dekking reserve compensatie coronacrisis
74
46
0
0
0
Saldo Zomernota 2021 - 2025
338
-422
-309
-210
811
Stand meerjarenbegroting 2021 - 2025
Saldo Zomernota Het saldo van de Zomernota bedraagt voor het jaar 2021 € 337.526 positief. De saldi van de meerjarenraming variëren van € 422.456 negatief in 2022 tot € 811.383 positief in 2025. Hierbij moet wel worden aangetekend dat het jaar 2025 nog geen onderdeel uitmaakte van de huidige meerjarenraming. Bij de opstelling van de Begroting 2022 wordt de jaarschijf 2025 opnieuw opgebouwd, hetgeen nog tot aanpassingen kan leiden. Het jaar 2025 kan dan ook als indicatief worden beschouwd. De saldi van de Zomernota zijn negatief voor de jaren 2022, 2023 en 2024. Dit wordt mede veroorzaakt door een forse stijging van de kosten voor jeugdzorg. Onlangs is bekend geworden dat gemeenten ook extra middelen van het Rijk zullen ontvangen voor jeugdzorg. De hoogte hiervan is echter nog niet bekend. In het raadsvoorstel bij deze Zomernota wordt dit nader toegelicht. De saldi van de Zomernota zijn samenvattend als volgt: 2021: € 337.526 positief 2022: € 422.456 negatief 2023: € 309.433 negatief 2024: € 210.023 negatief 2025: € 811.383 positief 5
6
2 Financiële mutaties
7
8
Programma Bestuur en burgerzaken
2.1.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in het programma Bestuur en burgerzaken opgenomen (x € 1.000). Bestuur en burgerzaken
2021
2022
2023
2024
2025
V/N
Overheids- en burgerparticipatie
0
-5
-5
-5
-5
N
Bijdrage Regio West-Brabant (excl. deeltaxi)
0
1
5
8
4
V
Totaal mutaties bestaand beleid
0
-4
0
3
-1
Gemeenteraad
0
-47
-32
-32
-32
Totaal mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen
0
-47
-32
-32
-32
Totaal Mutaties Bestuur en burgerzaken
0
-51
-32
-29
-33
Mutaties bestaand beleid
Mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen N
2.1.2 Toelichting Bestaand beleid Overheid- en burgerparticipatie Om de Samenstichtingen en de ambassadeurs van de diverse kernen te ondersteunen bij de uitvoering van hun activiteiten, dient het budget voor overheid- en burgerparticpatie structureel verhoogd te worden. Bijdrage Regio West-Brabant (excl. deeltaxi) Op basis van de conceptbegroting 2022 van de Regio West- Brabant, behandeld in de raadsvergadering van 24 juni 2020, worden de bijdrages meerjarig bijgesteld. Nieuw beleid en ontwikkelingen Gemeenteraad In 2022 worden de gemeenteraadsverkiezingen gehouden. Met ingang van 2022 wordt de gemeenteraad uitgebreid met twee nieuwe raadsleden. Dit is het gevolg van de groei van het aantal inwoners van onze gemeente. Daarbij ontvangen alle raadsleden een nieuwe I-pad inclusief toebehoren en benodigde applicaties.
9
10
Programma Veiligheid
2.2.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in het programma Veiligheid opgenomen (x € 1.000). Veiligheid
2021
2022
2023
2024
2025
V/N
Bijdrage Veiligheidsregio
28
29
45
63
64
V
Totaal mutaties bestaand beleid
28
29
45
63
64
Advieskosten spoor
80
0
0
0
0
V
Toevoeging bestemmingsreserve spoor
-80
0
0
0
0
N
Monitor veiligheidsbeleving vitaal buitengebied
-10
0
0
0
0
N
0
0
-7
-6
-6
N
Totaal mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen
-10
0
-7
-6
-6
Totaal Mutaties Veiligheid
18
29
38
57
58
Mutaties bestaand beleid
Mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen
Vervanging auto BOA's
2.2.2 Toelichting Bestaand beleid Bijdrage Veiligheidsregio Op basis van de Begroting 2022 van de Veiligheidsregio Midden- en West Brabant, behandeld in de raadsvergadering van 24 juni 2021, wordt de bijdrage voor de komende jaren bijgesteld. Door een opgelegde bezuinigingsopgave dalen de bijdrages voor de komende jaren. Het voordeel in 2021 komt uit het voordelige resultaat van de Jaarrekening 2020. Nieuw beleid en ontwikkelingen Advieskosten spoor Naar verwachting zal er uit het project Spoorzone Moerdijk Halderberge Roosendaal ongeveer € 300.000 overblijven voor de gemeenten. Per gemeente dus € 100.000. Van dat bedrag wordt € 20.000 in 2021 gebruikt voor het voeren van een lobby om het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor te verminderen. Het resterende bedrag van € 80.000 moet nog geoormerkt te blijven voor het spoor. Ten eerste omdat er in 2023 nog werkzaamheden aan de spoorwegovergangen worden uitgevoerd. Eventuele financiële tegenvallers kunnen dan worden opgevangen. Ten tweede betreft het een bijdrage van het Rijk specifiek voor het verbeteren van de veiligheid op het spoor. Voorgesteld wordt om deze € 80.000 te storten in een nieuw te vormen bestemmingsreserve spoor.
11
Monitor veiligheidsgevoel vitaal buitengebied In verband met het programma Vitaal Buitengebied wordt in 2021 een monitor gehouden. De extra middelen ad € 10.000 zijn nodig voor het versterken van onze informatiepositie in het buitengebied als het gaat om veiligheidsbeleving in dat gebied en de basis vormen voor beleidsvorming en uitvoering. Vervanging auto BOA's De dienstauto van de BOA's is aan vervanging toe. In 2022 wordt deze vervangen. De kosten van de vervanging worden geraamd op € 50.000. De kapitaallasten worden in de Begroting 2022 meegenomen.
12
Programma Openbare ruimte
2.3.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in het programma Openbare ruimte opgenomen (x € 1.000). Openbare ruimte
2021
2022
2023
2024
2025
V/N
Groot onderhoud wegen
-265
0
0
0
0
N
Dekking reserve groot onderhoud wegen
265
0
0
0
0
V
Waterschapsbelasting wegen
-18
-18
-19
-19
-19
N
Onderhoud openbare verlichting
-30
0
0
0
0
N
Gladheidbestrijding
-13
0
0
0
0
N
Vervangen afvalbakken
-8
0
0
0
0
N
Onderhoud openbaar groen
-16
-11
-11
-11
-11
N
Onderhoud speeltuinen
-5
0
0
0
0
N
Beleidsplan groen
0
-87
-88
-86
-91
N
Aanpassen afschrijvingstermijn investeringen verkeer
0
1
2
5
5
V
Beleidsplan wegen
0
-104
-147
-151
-203
N
-40
-80
-80
-80
-80
N
Vorming voorziening achterstalling onderhoud
-1.400
0
0
0
0
N
Dekking algemene reserve
1.400
0
0
0
0
V
Subtotaal beleidsplan wegen
-40
-184
-227
-231
-283
Totaal mutaties bestaand beleid
-129
-299
-342
-343
-401
Onderhoud en investeringen civieltechnische kunstwerken
0
-38
PM
PM
PM
Gebouwenbeheer
0
PM
PM
PM
PM
Evaluatie blauwe zones
0
-8
0
-8
0
Mutaties bestaand beleid
Structurele formatie beleidsplan wegen
Mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen N
N 13
Openbare ruimte
2021
2022
2023
2024
2025
V/N
Baggeren vijvers
0
-7
-70
-50
0
N
Recht van opstal verdeelhuisjes
9
9
9
9
9
V
Grondverkopen
38
0
0
0
0
V
Totaal mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen
47
-43
-61
-48
9
Totaal Mutaties Openbare ruimte
-82
-342
-403
-391
-391
2.3.2 Toelichting Bestaand beleid Groot onderhoud wegen In 2019 is vanwege de vertraging van het wegenonderhoud als gevolg van PFAS een reserve gevormd voor het groot onderhoud van wegen in de jaren na 2019. Een deel hiervan is in 2020 gebruikt, het restant ad € 265.000 wordt nu geraamd. Per saldo is dit budgettair neutraal. Waterschapsbelasting wegen In 2020 bleken de tarieven voor de waterschapsbelasting op de wegen fors gestegen te zijn. Het budget wordt nu dan ook structureel verhoogd met € 18.000. Onderhoud openbare verlichting De gemeente is momenteel druk bezig met het vervangen van de traditionele verlichting door LED-verlichting. Echter, bij de huidige verlichting is er nog veel incidentele uitval waardoor de kosten nog hoog blijven. Verder zijn er veel aanrijdschades die pas later worden teruggehaald bij de veroorzaker en soms zelfs niet. Al met al zorgt dit voor € 30.000 aan extra kosten in 2021. Gladheidbestrijding Vanwege het extreme winterweer in februari was er meer inhuur van extern materieel noodzakelijk om de wegen die zijn opgenomen in het gladheidbestrijdingsplan begaanbaar te krijgen en te houden. Het budget voor inhuur gladheidbestrijding door derden wordt incidenteel met € 9.500 verhoogd. Vervangen afvalbakken Als gevolg van veel schade door vuurwerk is een aantal afvalbakken vervangen. Dit zorgt voor een incidentele last van € 7.500.
Onderhoud openbaar groen In de periode januari - februari 2021 is aanzienlijk meer slootmaaisel, afkomstig van het uitmaaien van de sloten eind 2020, afgevoerd dan vooraf was voorzien. Gelet op de geraamde afvoer slootmaaisel in het najaar van 2021 is een incidentele verhoging van het budget met € 9.500 noodzakelijk. De afvoer van slootmaaisel vindt om organisatorische redenen plaats in zowel het najaar als in de aansluitende eerste maanden van het nieuwe jaar. Daarnaast is het budget voor het snoeien van bomen in 2022 ontoereikend om te kunnen voldoen aan de minimale zorgplicht voor boomonderhoud. De financiële consequenties voor de bomen binnen de bebouwde kom maken deel uit van het groenbeleid 2021-2025 'het groene doorgroeimodel'. Om te kunnen voldoen aan de minimale zorgplicht voor de bomen buiten de bebouwde kom is een structurele verhoging van het budget, per 2022, met € 9.700 noodzakelijk. Onderhoud speeltuinen Er is een incidenteel budget nodig om de schades aan de speeltuinen als gevolg van vuurwerk rondom de jaarwisseling op te vangen. Het reguliere budget voor onderhoud is hiervoor niet toereikend. Incidenteel is hiervoor € 5.000 extra benodigd. Beleidsplan groen De financiële gevolgen van het Groenbeleidsplan Basis ++ model welke is vastgesteld door de gemeenteraad op 3 juni 2021 zijn verwerkt in de Zomernota.
14
Aanpassen afschrijvingstermijn investeringen verkeer Met het raadsvoorstel over het Beleidsplan onderhoud wegen is de afschrijvingstermijn voor wegenbouwkundige infrastructurele werken aangepast van 25 jaar naar 40 jaar. Dit geeft een structureel voordeel voor de komende jaren. Beleidsplan wegen De financiële gevolgen van scenario 3 van het Beleidsplan onderhoud wegen, welke is vastgesteld door de gemeenteraad op 3 juni 2021, zijn verwerkt in de Zomernota. Nieuw beleid en ontwikkelingen Onderhoud en investeringen civieltechnische kunstwerken Het beleidsplan voor beheer en onderhoud van civieltechnische kunstwerken 2017-2021 (vastgesteld door de raad in oktober 2016) loopt eind dit jaar af. De intentie is om dit jaar voor de behandeling van de Programmabegroting 2022 dit beleidsstuk te actualiseren en voor te leggen aan de gemeenteraad. Naast het actualiseren van het beleid zal de onderhoudsbehoefte voor de komende jaren in beeld worden gebracht. Alle civieltechnische kunstwerken zijn recent opnieuw geïnspecteerd. Daarbij is duidelijk geworden dat de onderhoudsbehoefte toeneemt. Ook is geconstateerd dat de sterk stijgende materiaalkosten het beschikbare budget onder druk zetten.
In het nog op te stellen voorstel zal de raad gevraagd worden om voor de komende jaren budget beschikbaar te stellen voor het onderhouden en vervangen van de civieltechnische kunstwerken in onze gemeente. Vooruitlopend op de behandeling van dit beleidsstuk is voor 2022 een hoger onderhoudsbudget opgenomen, waarbij rekening is gehouden met de sterk stijgende materiaalkosten. Voor de vervanging van kunstwerken zijn bedragen opgenomen in het investeringsprogramma 2021-2024. Het investeringsprogramma biedt nu ruimte voor het vervangen van een kademuur aan de haven in Oudenbosch en het vervangen van de aanlegsteiger in de haven van Stampersgat. Ook voor deze investeringen kan nu al aangegeven worden dat de beschikbare budgetten te laag zijn om de benodigde werkzaamheden uit te voeren. Ook hier zijn de sterk stijgende materiaalkosten een belangrijke oorzaak van de stijging. De prijs van staal (benodigd in een damwand of kademuur) is afgelopen jaren met tientallen procenten gestegen. In het nog op te stellen beleidsplan onderhoud en beheer civieltechnische kunstwerken zullen ook deze bestaande investeringen worden geactualiseerd naar de huidige kostenraming.
Gebouwenbeheer Planaanpassingen in het project Religieus Erfgoed, maar ook de mogelijke ontwikkeling van dorpshuizen in de diverse kernen, hebben tot gevolg dat het beheer en de exploitatie van een aantal bijzondere gebouwen bij de gemeente Halderberge komen te liggen. Dit heeft consequenties voor taken en budgetten binnen het accommodatiebeleid. De huidige formatie voor accommodatiebeleid is niet berekend op toevoeging van deze nieuwe gebouwen. We beschikken bijvoorbeeld op dit moment niet over de kennis om monumentale panden te onderhouden. Onderzocht zal worden wat nodig is (budget en capaciteit) om onze gemeentelijke accommodaties goed te kunnen beheren en exploiteren. Exacte cijfers zijn nu nog niet te geven. Duidelijk is wel dat de huidige middelen niet afdoende zullen zijn. Evaluatie blauwe zones De blauwe zones worden eenmaal in de 2 jaar geëvalueerd. Dit budget ad € 7.500 is nog niet in de begroting opgenomen. In 2022 vindt de eerste evaluatie plaats. Baggeren vijvers Uit onderzoeken eind 2020 en begin 2021 blijkt dat er noodzaak is tot het baggeren, het ontdoen van de sliblaag, van de 2 vijvers in de Romelaan in Oudenbosch. Voordat er gebaggerd kan worden moet de exacte hoeveelheid te verwijderen slib te worden bepaald.
Uitgaande van een gefaseerde aanpak (vijver 1 uitvoering 2023 en vijver 2 uitvoering 2024) worden de incidentele kosten voor 2023 geraamd op € 70.000 en voor 2024 op € 50.000. Incidenteel is voor voorbereidende werkzaamheden in 2022 nog € 7.000 nodig. Recht van opstal verdeelhuisjes Het college heeft besloten om een recht van opstal te vestigen ten behoeve van het plaatsen van drie bovengrondse verdeelhuisjes op gemeentegrond. Dit is nodig voor de aanleg van drie glasvezelnetwerken in 3 kernen. Grondverkopen Gedurende 2021 is een aantal gronden verkocht voor totaal € 37.785. Deze incidentele verkopen zijn vooraf niet in te schatten.
15
16
Programma Ruimtelijke en economische ontwikkelingen
2.4.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in het programma Ruimtelijke en economische ontwikkelingen opgenomen (x € 1.000). Ruimtelijke en economische ontwikkelingen
2021
2022
2023
2024
2025
V/N
Parkmanagement Borchwerf
87
0
0
0
0
V
Actualisatie kosten en opbrengsten Saver
-38
0
0
0
0
N
Totaal mutaties bestaand beleid
49
0
0
0
0
Structurele formatie ruimtelijke ordening
0
0
-43
-43
-43
N
Structurele formatie vergunningverlening
0
-47
-47
-47
-47
N
Toerekening personele kosten
0
50
50
50
50
V
Beveiliging leegstaande panden
-9
0
0
0
0
N
Regionale Energiestrategie
0
-32
0
0
0
N
Omgevingswet
0
PM
PM
PM
PM
Bijdrage supermarkt Bosschenhoofd
-50
0
0
0
0
N
Dekking algemene reserve
50
0
0
0
0
V
Vitaal buitengebied
-166
0
0
0
0
N
Dekking algemene reserve
166
0
0
0
0
V
Winstuikering Borchwerf
720
3.030
0
0
0
V
Toevoeging algemene reserve
-720
-3.030
0
0
0
N
Totaal mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen
-9
-29
-40
-40
-40
Totaal Mutaties Ruimtelijke en economische ontwikkelingen
40
-29
-40
-40
-40
Mutaties bestaand beleid
Mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen
17
2.4.2 Toelichting Bestaand beleid Parkmanagement Borchwerf De bijdrage aan het parkmanagement in 2021 valt lager uit dan begroot en daarnaast is het voordelige resultaat over 2020 bekend en wordt in mindering gebracht op de bijdrage over 2021. Totaal een incidenteel voordeel van ca. € 87.000. Actualisatie kosten en opbrengsten Saver Er is een toename van de kosten die de gemeente betaald aan Saver voor de Kringloper. Eind vorig jaar is gebleken dat als gevolg van corona meer tonnage was aangeleverd ter verwerking. Deze stijging zet zich in 2021 nog verder door met meer dan een verdubbeling van het totaal benodigde budget als gevolg. Er wordt een extra budget opgenomen van € 75.000, maar omdat er een deel hiervan direct kan worden gerelateerd aan de coronacrisis wordt € 25.000 ten laste gebracht van de reserve compensatie coronacrisis. Verder worden enkele overige budgetten bijgesteld en is ook een toename van de te ontvangen vergoeding voor ingezamelde kuststofverpakkingen voorzien. Alle mutaties gezamenlijk zorgen voor een totaal nadeel van ca. € 38.000. Omdat het saldo van de egalisatievoorziening nihil is, komt dit als nadeel in de begroting 2021 terecht.
Nieuw beleid en ontwikkelingen Structurele formatie ruimtelijke ordening en vergunningverlening Binnen het ruimtelijk fysieke domein zien we al jaren een structurele stijging van het aantal nieuwe initiatieven en daarbij ook een stijging van gemeentelijke projecten en experimenten. Het aantal inwoners (afgelopen 7 jaar met ruim 1000) en bedrijven in Halderberge neemt gestaag toe. Dat leidt tot een steeds grotere vraag naar ruimte voor wonen, werken en voorzieningen. Hoe we daar verder in de toekomst mee omgaan, gaan we beschrijven in de omgevingsvisie. De verwachting is, dat ook na 2022 de extra capaciteit nodig zal blijven. Toerekening personele lasten Jaarlijks worden personele lasten toegerekend aan de riool- en afvalstoffenheffing en de grondexploitaties. Daarnaast worden op basis van de Nota kostenverhaal interne kosten voor projecten van derden doorberekend op basis van de Nota kostenverhaal en met ingang van 2021 worden er ook personele lasten toegerekend aan investeringen. In de uitgangspunten voor de Programmabegroting 2022 (paragraaf 4.1.7) is aangegeven welk deel als budgettair voordeel wordt meegerekend en welk deel wordt toegevoegd aan het personeelsbudget om zo ook extra formatie/inhuur in te zetten om de werkzaamheden ook daadwerkelijk uit te kunnen voeren.
In de begroting wordt tot nu toe het volgende als budgettaire voordelen meegenomen: • Investeringen - € 100.000 • Nota kostenverhaal – faciliterend grondbeleid - € 50.000 • Grondexploitaties (eigen grondpositie) - € 250.000 Hierbij is in de uitgangspunten opgenomen dat wanneer er meer werkzaamheden kunnen worden doorbelast, dit zal worden ingezet voor aanvullende capaciteit om deze projecten ook daadwerkelijk te kunnen realiseren. Voor de doorberekening op basis van de nota kostenverhaal is € 50.000 vorig jaar voorzichtig ingeschat. Op basis van de huidige en verwachte initiatieven is ook een budgettair voordeel van € 100.000 mogelijk, waarbij er nog voldoende over blijft om capaciteit voor in te zetten. Deze verhoging is opgenomen in de uitgangspunten voor de Programmabegroting 2022. De extra baten ad € 50.000 kunnen worden gezien als dekkingsmiddel voor de extra structurele formatie voor ruimtelijke ordening en vergunningverlening. Beveiliging leegstaande panden Voor alle leegstaande panden die in eigendom van de gemeente zijn, is beveiliging ingesteld om mogelijke vernielingen uit vandalisme te voorkomen. De kosten worden voor 2021 incidenteel opgenomen in verband met mogelijke ontwikkeling van panden waarna geen beveiliging meer nodig is.
18
Regionale Energiestrategie Vanuit het Nationaal Programma Regionale Energiestrategie (RES) wordt sterk aangedrongen om (financiële) ondersteuning aan regio’s en gemeenten te continueren. Het besluit hierover ligt bij het volgend kabinet. Omdat de bijdrage vanuit het Rijk nog onduidelijk is, is het verzoek gedaan vanuit RES West-Brabant om een eenmalige bijdrage die gelijk is aan de bijdrage voor RES 1.0. Dat komt voor Halderberge neer op € 7.000. Daarnaast is in het uitvoeringsprogramma RES melding gemaakt van een ontwikkelfonds. Binnen RES is daar onderzoek naar gedaan. Het idee is dat gemeenten én marktpartijen een geldbedrag inleggen. Een niet-commerciële initiatiefnemer (zoals energiecoöperatie of burgerinitiatief) kan dat gebruiken om de kosten van eerste onderzoeken te betalen. Als het project slaagt/ten uitvoer komt, dan wordt de investering met rente terugbetaald. Als het project niet lukt, dan hoeft er niet terugbetaald te worden. Het bedrag waarmee Halderberge deelneemt is geschat op € 25.000. Omgevingswet De Omgevingswet heeft gevolgen voor de leges. De omvang hiervan is op dit moment nog niet in te schatten. Dit hangt samen met de grote keuzevrijheid die naar gemeenten toekomt met betrekking tot het bepalen van vergunningplichten en het al dan niet heffen van milieuleges. Naar verwachting treedt de wet in werking per 1 juli 2022.
De impact in 2022 is daarmee beperkt omdat ook het overgangsrecht nog van toepassing is op vergunningen die zijn ingediend voor de datum van inwerkingtreding. Wel houden we nog een vinger aan de pols en volgen de ontwikkelingen in het verloop van de legesverschuldigde activiteiten. Bijdrage supermarkt Bosschenhoofd Om de leefbaarheid in Bosschenhoofd te behouden en te vergroten is door meerdere partijen de wens uitgesproken om het voorzieningenniveau te verhogen en daarom een supermarkt te realiseren. Op 11 februari 2021 heeft de gemeenteraad ingestemd met een financiële bijdrage aan Woonkwartier voor fase 4 van de centrumontwikkeling Bosschenhoofd. Hiervoor is € 50.000 beschikbaar gesteld met dekking uit de algemene reserve. Vitaal buitengebied Voor de drie pijlers van het vitaal buitengebied, die met het raadsbesluit van 11 februari 2021 zijn vastgesteld, is in 2021 nog een bedrag van € 166.000 beschikbaar uit de algemene reserve. Winstuitkering Borchwerf Uitgaande van de grex van 1 januari 2021 en de jaarrekening 2020 van Borchwerf II CV (hierna: CV) bedraagt de verwachte winstuitkering voor de gemeente Halderberge ca. € 3,9 miljoen. In dit bedrag is de lening van Halderberge Borchwerf I BV aan de CV (hoofdsom € 1.312.500 exclusief verschuldigde rente) opgenomen.
Ondanks dat de winstverwachting voor onze gemeente boven het eerder ingeschatte bedrag van € 3,75 miljoen uitstijgt, gaan we vooralsnog voorzichtigheidshalve van dat bedrag uit. De winstverwachtingen zijn in de afgelopen namelijk telkens (wat) neerwaarts bijgesteld. De laatste stukjes grond op het bedrijventerrein Borchwerf II moeten nog worden verkocht (op 1 januari 2021 bedragen de verwachte verkoopopbrengsten van de nog te verkopen percelen zo'n € 12,3 miljoen) en ondanks dat we zien dat er behoorlijk wat belangstelling is voor de resterende percelen grond op het bedrijventerrein Borchwerf II is het niet zeker dat alle resterende gronden ook eind 2021 verkocht zullen zijn tegen de huidige verwachte verkoopprijs. Op dit moment wordt er ook een scenario uitgewerkt waarbij de resterende percelen grond door de beide grondgemeenten worden gekocht van de CV. In dat geval zal de winstverwachting wellicht wat lager zijn en zal (een deel van de) de winst ook wat later in de tijd beschikbaar komen. In theorie is het mogelijk dat eind 2021 de CV is opgeheven en dat de winst aan de vennoten wordt uitgekeerd. Het is echter realistischer om te veronderstellen dat (een belangrijk deel van) de winstuitkering in 2022 volgt. Conform het collegewerkprogramma 2018 - 2022, Samen Vooruit! wordt voorgesteld de winstuikering toe te voegen aan de algemene reserve.
19
20
Programma Zorg, jeugd en participatie
2.5.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in het programma Zorg, jeugd en participatie opgenomen (x € 1.000). Zorg, jeugd en participatie
2021
2022
2023
2024
2025
V/N
-3
-64
-65
-66
0
N
Planvoorbereiding en onvoorzien religieus erfgoed
-100
0
0
0
0
N
Dekking algemene reserve
100
0
0
0
0
V
Laagcomplex arrangementen
-354
-254
-254
-254
-254
N
Hoogcomplex arrangementen
-509
-295
-295
-295
-295
N
Landelijk transitie arrangement
50
50
50
50
50
V
Woonzorg
-241
-237
-237
-237
-237
N
Jeugdbescherming en jeugdreclassering
-78
-66
-72
-79
-86
N
Jeugdzorg plus
38
38
38
38
38
V
Persoonsgebonden budget jeugd
63
63
63
63
63
V
Jeugdprofessionals
-51
-90
-94
-98
-102
N
Overige kosten jeugdzorg
-86
-51
-52
-52
-52
N
Inspiratiesessie pilot top 10 gezinnen
-6
0
0
0
0
N
Dekking reserve knelpunten en innovaties sociaal domein
6
0
0
0
0
V
Woonplaatsbeginsel
PM
PM
PM
PM
PM
Extra middelen jeugdzorg
PM
PM
PM
PM
PM
-1.166
-842
-852
-863
-874
Huishoudelijke ondersteuning
-60
-61
-63
-64
-65
N
Begeleiding
260
299
341
383
428
V
Persoonsgebonden budget begeleiding
-45
-45
-45
-45
-45
N
Bijdrage Regio West-Brabant deeltaxi
0
16
119
89
79
V
Mutaties bestaand beleid Exploitatie De Vossenberg
Subtotaal jeugdzorg
21
Zorg, jeugd en participatie
2021
2022
2023
2024
2025
V/N
Beschermd wonen
-56
0
0
0
0
N
Subtotaal Wmo
99
209
352
363
397
Bijdrage Werkplein HvWB
713
-205
-586
-817
-1.088
V/N
Rijkbijdrage BUIG
-270
144
531
758
895
N/V
Bijdrage WVS-Groep
54
-55
-10
-20
-7
V/N
Structurele formatie hulp bij financiële zorgen
0
-84
-84
-84
-84
N
Subtotaal participatie
497
-200
-148
-164
-284
Totaal mutaties bestaand beleid
-573
-897
-714
-729
-762
Inburgering
-48
0
0
0
0
N
Onderzoek dorsphuizen Stampersgat en Bosschenhoofd
-29
0
0
0
0
N
Dorpshuis De Blokhut Bosschenhoofd
0
0
-1
-9
-78
N
Dorpshuis De Steiger Stampersgat
0
0
-255
-21
-101
N
Dekking algemene reserve
0
0
255
0
0
V
Dorpshuis De Steiger - egalisatiereserve
0
0
86
0
0
V
Toevoeging algemene reserve
0
0
-86
0
0
N
Dorpshuis Hoeven
0
-8
-8
-8
-8
N
Religieus erfgoed
PM
PM
PM
PM
PM
Totaal mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen
-77
-8
-9
-38
-187
Totaal Mutaties Zorg, jeugd en participatie
-651
-905
-723
-767
-949
Mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen
2.5.2 Toelichting Bestaand beleid Exploitatie De Vossenberg De exploitatielasten van De Vossenberg waren tot medio 2021 in de begroting opgenomen in verband met de ontwikkeling van het nieuwe cultuurcluster en de daarbij voorziene verhuizing van o.a. KBO van de Vossenberg naar het nieuwe cultuurcluster. Gezien de ontwikkelingen binnen het nieuwe cultuurcluster en het onderzoek naar de mogelijke verplaatsing van basisschool de Regenboog en Bukehof naar de Vossenberg, worden de exploitatielasten van de Vossenberg tot en met 2024 bijgeraamd.
22
Planvoorbereiding en onvoorzien religieus erfgoed In het raadsbesluit van 20 april 2017 is een post voor onvoorziene uitgaven opgenomen welke gezien de ontwikkelingen de afgelopen jaren jaarlijks is doorgeschoven. Deze € 50.000 wordt nu in 2021 weer opgenomen. Het bedrag van € 50.000 welke in het raadsvoorstel van 15 oktober 2020 is opgenomen voor verdere planvorming, en met een amendement is vastgesteld, wordt nu geraamd in 2021. Beide bedragen worden onttrokken aan de algemene reserve conform eerdere besluiten. Jeugdzorg Vrij lange tijd zagen we binnen het jeugdzorggebruik nauwelijks gevolgen van de coronacrisis terug. Inmiddels is dat beeld veranderd en is in zeer korte tijd een andere werkelijkheid ontstaan. Dit is wat we nu zien: - forse toename duurzame zorg (langdurig dure zorg); - forse toename hoogcomplexe zorg (zeer intensieve, complexe dure zorg); - forse toename op maatwerk (geen passend zorgaanbod, daarom zorginzet op basis van 1-op-1 afspraken met zorgaanbieder); - forse toename op woonzorg (jongeren geplaatst in gezinshuizen). Door de coronacrisis is de noodzaak tot zorg zichtbaarder is geworden. Kinderen zijn veel thuis en daardoor vrijwel volledig in beeld bij ouders. De zorg die wordt ingezet is de preventie al voorbij en daardoor ook complexer en/of zwaarder.
Daarnaast zien we: - veel wachtlijsten bij zorgaanbieders, maar zeker ook lokaal bij jeugdprofessionals; - dat bij bestaande probleemgezinnen de zorginzet intensiever is geworden en verder is uitgebreid; - daar waar de zorginzet eerst enkel op de jeugdige plaatsvond, deze nu veel meer gezinsbreed plaatsvindt door oplopende spanningen; - een toename van eetproblematiek. Met de kennis van dit moment bedraagt het tekort op jeugdzorg ca. € 1,2 miljoen voor 2021. Ingeschat wordt dat hiervan ca. € 400.000 incidenteel is en ca. € 800.000 structureel. Dit betreft een inschatting op basis van de lopende jeugdzorg arrangementen op dit moment (begin mei 2021) en de arrangementen die naar verwachting dit jaar nog worden toegekend. Wat het verdere verloop van het begrotingsjaar zal zijn is normaal gezien al lastig te voorspellen, maar door de coronacrisis is dit nog vele malen moeilijker. Verwachting is wel dat we eerder een verdere toename van het zorggebruik zullen zien dan een afname (bijvoorbeeld door de heropening van de middelbare scholen). Inspiratiesessie pilot top 10 gezinnen Tijdens de casusverdiepingen vanuit de pilot top 10 gezinnen kwamen weinig out-of-the-box gedachten/oplossingen naar voren. Deelnemers waren dit ook niet gewend.
Als gemeente vinden wij het belangrijk om onze toegangsmedewerkers breed naar een gezin te laten kijken, het vertrouwen te geven dat ze verdienen en ze te stimuleren om verder te kijken dan het reguliere zorgpad en de gangbare kaders. Deze praktijkgerichte inspiratiesessie gaat hierover. Alle bij de pilot betrokken partijen worden voor deze inspiratiesessie uitgenodigd. De kosten voor de inspiratiesessie bedragen ca. € 5.500 en komen ten laste van de reserve knelpunten en innovaties sociaal domein. Woonplaatsbeginsel Vanaf 2022 verandert het woonplaatsbeginsel in de Jeugdwet. Het woonplaatsbeginsel bepaalt welke gemeente financieel en bestuurlijk verantwoordelijk is voor de jeugdhulp. Om het woonplaatsbeginsel eenduidiger te maken en beter te laten aansluiten op de doelen van de Jeugdwet, wordt per 1 januari 2022 de Jeugdwet gewijzigd in verband met de verduidelijking van het woonplaatsbeginsel. Ter voorbereiding hierop heeft de regionale werkgroep Woonplaatsbeginsel recent een simulatie uitgevoerd. Hieruit komt naar voren dat in onze regio de gemeente Halderberge (en de gemeente Roosendaal) te maken gaan krijgen met een stijging van het aantal cliënten. Het gaat om cliënten die jeugdhulp met verblijf ontvangen, welke volgens het nieuwe woonplaatsbeginsel onder de verantwoordelijkheid van de gemeente Halderberge gaan vallen.
De simulatie geeft geen exacte aantallen aan wat betreft de toename van cliënten, maar we mogen verwachten dat de toename van cliënten extra kosten met zich meebrengt. Extra middelen jeugdzorg Voor een toelichting op de extra middelen die van het rijk worden ontvangen voor jeugdzorg verwijzen wij u naar het raadsvoorstel bij deze Zomernota.
23
Huishoudelijke ondersteuning Dit budget dient verhoogd te worden met € 60.000. We verwachten op basis van de realisatiecijfers van 2020 en de clientaantallen van het eerste kwartaal meer budget nodig te hebben. Begeleiding Op basis van de Jaarrekening 2020 en het aantal cliënten in het eerste kwartaal kan het budget voor zorg in natura verlaagd worden. Daarentegen zien we een hogere besteding van de pgb budgetten. Dit budget wordt op basis van de realisatiecijfers 2020 en cijfers eerste kwartaal 2021 verhoogd. Bij andere gemeenten in de De6-regio wordt momenteel een stijging gezien van het aantal cliënten. Ook wordt landelijk een toename verwacht van het aantal cliënten als gevolg van corona. Dat zien we op dit moment nog niet in Halderberge. We houden dit wel scherp in de gaten. Bijdrage Regio West-Brabant deeltaxi Op basis van de conceptbegroting 2022 van de Regio West-Brabant, behandeld in de raadsvergadering van 24 juni 2020, worden de bijdrages meerjarig bijgesteld. Beschermd wonen Op basis van de prognose van centrumgemeente Bergen op Zoom wordt een tekort verwacht bij de maatschappelijke opvang. Het Halderbergse deel hiervan bedraagt € 56.371.
Op basis van het convenant Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang wat is afgesloten, dragen de gemeenten die vallen onder de centrumgemeente Bergen op Zoom gezamenlijk de financiële verantwoordelijkheid bij tekort en/of overschot. Gemeente Bergen op Zoom zet in op het beperkt houden van het tekort, maar net als landelijk wordt ook hier een stijging waargenomen van het aantal daken thuislozen. Bijdrage Werkplein HvWB Op basis van de conceptbegroting 2022 van het Werkplein Hart van West Brabant, behandeld in de raadsvergadering van 24 juni 2020, worden de bijdrages meerjarig bijgesteld. Het voordeel in 2021 komt uit het voordelige resultaat van de Jaarrekening 2020 en de bijstellingen op basis van de eerste bestuursrapportage van het Werkplein. Rijksbijdrage BUIG In tegenstelling tot voorgaande jaren heeft het Werkplein HvWB in de begroting 2022 de bijstandsuitgaven ook meerjarig doorgerekend in de meerjarenraming opgenomen. Als gevolg hiervan is het wenselijk om ook de verwachte ontwikkeling aan de batenkant, ofwel de rijksbijdrage BUIG, in de meerjarenraming op te nemen. Voor het ramen van de lasten kan uitgegaan worden van de p x q systematiek, waarbij de p staat voor de gemiddelde uitkering en de q staat voor het aantal bijstandsontvangers. Voor de inkomstenkant kan niet op dezelfde wijze te werk worden gegaan.
Er is in feite geen directe één-op-één relatie tussen de rijksbijdrage BUIG en de uitgavenontwikkeling. Hoewel het macrobudget BUIG voor een belangrijk deel bepaald wordt door het werkelijke aantal bijstandsontvangers op landelijk niveau, is deze relatie op gemeentelijk niveau minder eenduidig. Immers het gemeentelijke budget wordt in belangrijke mate bepaald door het objectieve verdeelmodel. Daarnaast is voor het macrobudget en het gemeentebudget voor het jaar t, de realisatie op landelijk niveau van het jaar t-1 bepalend. Anders gezegd, er is een vertraging van een jaar aan de inkomstenkant. Op basis van het nader voorlopig budget 2021 en de (landelijk) verwachte ontwikkelingen in aantallen bijstandsontvangers en minimumloon is een inschatting gemaakt van de BUIG-uitkering in de jaren 2022-2025. Op basis hiervan neemt de BUIG-uitkering in de komende jaren toe. Bijdrage WVS-Groep Op basisi van de conceptbegroting 2022 van de WVS-Groep, behandeld in de raadsvergadering van 24 juni 2020, worden de bijdrages meerjarig bijgesteld. Het voordeel in 2021 komt uit het voordelige resultaat van de Jaarrekening 2020 en de uitkering van de compensatie tranisitievergoedingen. Structurele formatie hulp bij financiële zorgen Op 3 juni 2021 heeft de raad het beleidsplan Hulp bij financiële zorgen vastgesteld. Voor de uitvoering hiervan is structureel 2,3 fte vaste formatie nodig.
Ten opzichte van de huidige formatie voor Hulp bij financiële zorgen betekent dat een uitbreiding van de vaste formatie met 1,0 fte (met ingang van 2022). De kosten hiervan bedragen € 84.000 per jaar. In de begroting 2021 was vanaf 2022 een PM-post opgenomen voor de benodigde capaciteit voor Hulp bij financiële zorgen. Met deze formatie-uitbreiding wordt invulling gegeven aan deze PM-post.
24
Nieuw beleid Inburgering In 2020 en 2021 ontvangt de gemeente middelen van het rijk voor de voorbereidings- en invoeringskosten van de nieuwe Wet inburgering. In de begroting 2020 was hiervoor een budget van € 60.110 opgenomen. Hiervan is in 2020 € 11.776 besteed door het Werkplein. Over 2020 resteerde dus € 48.334. Ook in de begroting voor 2021 is in de begroting budget opgenomen voor de verdere voorbereiding op de nieuwe Wet inburgering (€ 42.696). Naar verwachting is dit voldoende budget om de voorbereiding af te ronden. De raad heeft gevraagd om, indien mogelijk, de invoering van de wet op 1 januari 2022 niet af te wachten maar al eerder te starten met de begeleiding van statushouders volgens de werkwijze zoals die onder de nieuwe Wet inburgering gehanteerd gaat worden. De structurele middelen voor uitvoering van de nieuwe Wet inburgering worden echter pas vanaf 2022 ontvangen. Daarom wordt voorgesteld het resterende budget 2020 van € 48.334 in te zetten om in de 2e helft van 2021 al te kunnen starten met de uitvoering volgens de nieuwe werkwijze.
Onderzoeksbudget dorpshuizen Stampersgat en Bosschenhoofd Op 14 juli 2021 heeft de raad besloten om zowel voor de ontwikkeling van dorpshuis De Blokhut in Bosschenhoofd en dorpshuis De Steiger in Stampersgat een aanvullende onderzoeksbudget beschikbaar te stellen voor onder andere voor advieskosten inzake flora en fauna, fiscaliteiten, een subsidiescan en een onderzoek naar de ontwikkeling van appartementen bij dorpshuis de Steiger. Dit budget wordt nu bijgeraamd. Dorpshuis De Blokhut Bosschenhoofd Uit een peiling bij inwoners en verenigingen in bosschenhoofd blijkt dat er een grote behoefte aan een dorpshuisfunctie is. Voor het realiseren van de gewenste dorpshuisfunctie lijkt ouderensociëteit De Blokhut in Bosschenhoofd de meeste kansen te bieden.Om tot een volwaardig dorpshuis op die plek te komen waaraan binnen Bosschenhoofd behoefte is zijn aanpassingen aan - en uitbreiding van - het gebouw nodig. Conform het raadsbesluit van 14 juli 2021 worden de lasten voor de aanpassingen en uitbreiding bijgeraamd. Dorpshuis De Steiger Stampersgat In dorpshuis De Steiger in Stampersgat vinden vele activiteiten plaats, maar het dorpshuis moet duurzamer en gerenoveerd worden. Er is onderzoek gedaan naar wat nodig is om van De Steiger een toekomstbestendig dorpshuis te maken.
In het onderzoek is verkend welke aanvullende kansen er zijn voor een toekomstbestendig dorpshuis, zoals meer multifunctioneel gebruik, het realiseren van een horecafunctie en het benutten van het dorpsplein in relatie met het nabijgelegen water. Op 14 juli 2021 is door de gemeenteraad het voorkeurssceanrio vastgesteld en de lasten van dit scenario worden conform dat besluit bijgeraamd. Dorpshuis Hoeven Op 14 juli 2021 heeft de raad het plan vastgesteld voor de realisatie van het nieuwe dorpshuis als een multifunctioneel gebouw waarin verschillende partijen hun onderkomen vinden. Er is zowel een dag- als een avondbezetting, waardoor een dynamiek ontstaat die bijdraagt aan de verlevendiging van de Sint Janstraat en het centrum van Hoeven. De transformatie van de kerk wordt aangevuld en compleet door een herinrichting van het plein en de aanleg van parkeerplaatsen. Conform het raadsbesluit van 14 juli 2021 wordt het voorbereidingskrediet met € 25.000 verhoogd en wordt de erfpacht voor het gebruik van de St. Jan de Doperkerk in Hoeven in de meerjarenraming opgenomen. Religieus erfgoed In de huidige meerjarenraming zijn de budgetten voor het religieus erfgoed opgenomen op basis van de reeds genomen raadsbesluiten. De komende periode wordt per deelproject van het religieus erfgoed de balans opgemaakt.
De juridische, financiële en planning technische implicaties worden in beeld gebracht. Na de zomer wordt over het religieus erfgoed een voorstel aan uw raad aangeboden. In de Zomernota is hiervoor een PM-post opgenomen.
25
26
Programma Onderwijs, sport en cultuur
2.6.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in het programma Onderwijs,sport en cultuur opgenomen (x € 1.000). Onderwijs, sport en cultuur
2021
2022
2023
2024
2025
V/N
Actualisatie kapitaallasten investering Markland College
12
-35
-68
-20
33
V/N
Leerlingenvervoer
85
53
55
58
61
V
Advieskosten monumentencommissie
-10
-5
-5
-5
-5
N
Renovatie atletiekbaan AVO'83
0
-22
-22
-22
-21
N
Totaal mutaties bestaand beleid
87
-9
-40
11
67
0
0
0
-3
0
N
Huur noodlokalen Uniek
-10
-5
0
0
0
N
Ventilatie De Schittering
-24
0
0
0
0
N
Dekking reserve onderwijshuisvesting
34
5
0
0
0
V
Uitbreiding onderwijs- en opvangcapaciteit
20
35
86
4
7
V
Verlenging huurperiode noodunits Uniek
0
-22
-11
0
0
N
Verwijdering noodunits Uniek
0
45
-45
0
0
V/N
Tijdelijke huisvesting De Klinkert
0
-115
-29
0
0
N
Dekking reserve onderwijshuisvesting
0
92
85
0
0
V
Subtotaal Integraal Huisvestingsplan onderwijs
20
35
86
4
7
Totaal mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen
20
35
86
1
7
Totaal Mutaties Onderwijs, sport en cultuur
106
26
46
13
74
Mutaties bestaand beleid
Mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen Opstellen leerlingenprognose
27
2.6.2 Toelichting Bestaand beleid Actualisatie kapitaallasten investering Markland College Op 15 oktober 2020 heeft de gemeenteraad besloten om in te stemmen met de herziene plannen voor de nieuwbouw van het Markland College in Oudenbosch. Hiervoor heeft de gemeenteraad in totaal € 18.400.000 beschikbaar gesteld, bestaande uit het al uitgegeven deel van het voorbereidingskrediet ad € 432.000 en een uitvoeringskrediet van € 17.968.000. Hierbij informeren wij u over recente ontwikkelingen en de financiële gevolgen daarvan. Zoals in het raadsvoorstel gemeld wordt er voor dit project een aparte geldlening aangetrokken. De rentelasten worden direct bepaald door het rentetarief van de aangetrokken geldlening. Gezien de huidige zeer lage rente op de kapitaalmarkt en de planning van het project is de lening voor het gehele project in mei 2021 aangetrokken. De lening wordt in zes termijnen beschikbaar gesteld aan de gemeente. De termijnen zijn afgestemd op de verwachte uitgaven in de jaren 2021 t/m 2023. Het rentetarief van lening bedraagt gedurende de gehele looptijd 0,722%. Dit is een voordeel ten opzichte van de rente van 1% die in het raadsvoorstel is aangegeven. Bij de berekening van de rentelasten in de programmabegroting van 2021 is de algemene omslagrente herzien van 1% naar 0,5%. Hierbij is abusievelijk de projectrente van de nieuwbouw van het Markland College meegenomen.
Dit geeft een incidenteel nadeel op de rentelasten van ca. € 45.000 in 2023 en ca. € 50.000 in 2024. Voor de gehele levensduur van de investering levert de lagere rente echter een voordeel op van ca. € 1,1 miljoen. Het vroegtijdig afsluiten van de lening tegen een gunstig rentepercentage zorgt daarnaast voor extra rentelasten in 2021, 2022 en 2023, welke gedurende de gehele looptijd vanzelfsprekend worden terugverdiend. Omdat de voorbereiding en de uitvoering van het project gaandeweg in elkaar overlopen, stellen wij u voor om het al bestaande voorbereidingskrediet samen te voegen met het uitvoeringskrediet. Dit komt de duidelijkheid ten goede, ook voor de eenduidigheid in afschrijving en rentetoerekening. Door de samenvoeging wordt dit voor het gehele project gelijk. De kapitaallasten van het voorbereidingskrediet komen hierdoor te vervallen, wat een voordeel in de begroting oplevert van ca. € 18.000 in 2021 en ca. € 13.000 vanaf 2022 (loopt jaarlijks af). Hier staat tegenover dat de kapitaallasten van het uitvoeringskrediet wat hoger zullen zijn. Bij het samenstellen van het investeringsprogramma is er van uit gegaan dat het bestaande voorbereidingskrediet voldoende was voor de kosten van de voorbereidingsfase. De realisatie laat zien dat deze kosten hoger zijn dan aangenomen en doorlopen in de uitvoeringsfase.
Daardoor is het nodig om te schuiven in de planning van het uitvoeringskrediet. Wij stellen u dan ook voor om het krediet beschikbaar te stellen op basis van de volgende jaarschijven: • 2021: € 1.600.000 (inclusief reeds uitgegeven deel van het voorbereidingskrediet) • 2022: € 9.000.000 • 2023: € 7.800.000 Door de genoemde ontwikkelingen ontstaan samengevat de volgende voor- en nadelen ten opzichte van de huidige begroting: • 2021: voordeel van € 11.655; • 2022: nadeel van € 34.745; • 2023: nadeel van € 68.258; • 2024: nadeel van € 19.882; • Vanaf 2024 is er een totaal voordeel van ca. € 1,1 miljoen op de kapitaallasten N.B. Vanzelfsprekend zou er in 2024 sprake zijn van een voordeel als bij de begroting 2021 het juist rentepercentage van 1% conform het raadsbesluit van oktober 2020 was gehanteerd. Leerlingenvervoer De kosten voor het leerlingenvervoer komen lager uit dan geraamd doordat er minder leerlingen gebruik maken van het leerlingenvervoer. Dit komt mede doordat een groter aantal leerlingen gebruik is gaan maken van het openbaar vervoer. Daarnaast zijn de kosten in de eerste maanden van 2021 lager geweest als gevolg van de sluiting van de scholen.
28
Advieskosten monumentencommissie In de eerste vier maanden van dit jaar is ruim de helft van het budget voor advieskosten al besteed. Het aantal aanvragen en grote projecten waaraan wordt gewerkt blijft ongewijzigd hoog in aantal en intensiteit van begeleiding/advisering. Denk hierbij o.a. aan het project religieus erfgoed Oudenbosch, herbestemming kerk Hoeven, kerk Stampersgat en Bovendonk in Hoeven. Een incidentele verhoging voor dit jaar met € 10.000 en een structurele verhoging met € 5.000 voor de jaren daarna is noodzakelijk. Renovatie atletiekbaan AVO'83 Op 22 april 2021 heeft de raad besloten om voor de renovatie van de atletiekbaan van atletiekvereniging AVO'83 een krediet van € 295.333 beschikbaar te stellen. Vanwege de toenemende scheurvorming in de kunststofatletiekbaan is renovatie noodzakelijk om veilig en verantwoord de atletiekbaan en het middenterrein te kunnen gebruiken. Conform het raadsbesluit worden de financiële gevolgen nu in de meerjarenbegroting opgenomen. Indien blijkt dat de werkelijke kosten van de renovatie lager vallen, wordt u hierover via de P&C-cyclus geïnformeerd. Nieuw beleid en ontwikkelingen Opstellen leerlingenprognose Op 18 maart 2021 heeft de raad het Integraal Huisvestingsplan opvang- en onderwijshuisvesting vastgesteld. Onderdeel van dit plan is het opstellen van een periodieke leerlingenprognose.
Voor de periode 2024 - 2035 wordt tweejaarlijks een leerlingenprognose opgesteld. Conform het raadsbesluit zijn de bijbehorende kosten bijgeraamd. Huur noodlokalen Uniek Op 28 mei 2020 heeft uw raad besloten om bij basisschool Uniek noodunits te plaatsten. Onderdeel van de dekking van de huurkosten was een bijdrage van de Borgesiusstichting van in totaal € 15.000 voor de jaren 2021 en 2022. De Onderwijsinspectie heeft aan de Borgesiusstichting medegedeeld dat zij geen huurvergoeding mag betalen voor het gebruik van de noodlokalen van basisschool Uniek. Dit wordt door de onderwijsinspectie als onrechtmatig beoordeeld, aangezien de gemeente verantwoordelijk is voor de tijdelijke onderwijshuisvesting. De Borgesiusstichting heeft bij de plaatsing van de noodunits diverse kosten (ca. € 15.000) betaald die voor rekening van de gemeente hadden moeten komen. De door de Borgesiusstichting gemaakte kosten worden verrekend met de nog te betalen huurbijdrage 2021 en 2022, zijnde € 15.000. Hiermee heeft Borgesius voldaan aan de afspraak om in totaal € 20.000 bij te dragen aan de plaatsing van de noodlokalen. De vervallen huurbijdrage van € 15.000 wordt onttrokken aan de reserve onderwijshuisvesting (onderdeel reguliere onderwijsdynamiek). Ventilatie De Schittering Bij Sterrenschool De Schittering zijn problemen met de ventilatie vastgesteld.
De problemen zijn het gevolg van constructiefouten. Omdat destijds bewust is gekozen om geen schoorsteen te plaatsen kan dit worden aangemerkt als constructiefout. De gemeente is verantwoordelijk voor het herstel hiervan en de daaruit voortvloeiende gevolgschade. De kosten om de constructie bij basisschool De Schittering aan te passen en de ventilatie te verbeteren bedragen € 23.809. Voorgesteld wordt om deze kosten te vergoeden en te dekken uit de reserve onderwijshuisvesting (onderdeel reguliere onderwijsdynamiek). Integraal Huisvestingsplan onderwijs De gemeente heeft de zorgplicht voor de onderwijshuisvesting van het primair, speciaal en voortgezet onderwijs. In het Integraal Huisvestingsplan (IHP) opvang- en onderwijshuisvesting zijn de schoolgebouwen in beeld gebracht waar gemeentelijke investeringen noodzakelijk zijn. Voor de basisscholen De Klinkert in Oudenbosch, Uniek in Hoeven en ’t Bossche Hart in Bosschenhoofd zijn in een businesscase de planvoorbereiding en investeringsanalyse uitgewerkt. Conform het raadsbesluit van 14 juli 2021 worden de financiele gevolgen van dit besluit in de begroting opgenomen.
29
30
Algemene dekkingsmiddelen
2.7.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in de Algemene dekkingsmiddelen opgenomen (x € 1.000). Algemene dekkingsmiddelen
2021
2022
2023
2024
2025
V/N
1.113
927
812
474
1.624
V
20
-30
-20
-28
-28
V/N
Totaal mutaties bestaand beleid
1.133
897
792
447
1.596
Totaal Mutaties Algemene dekkingsmiddelen
1.133
897
792
447
1.596
Mutaties bestaand beleid Uitkeringen gemeentefonds Bijdrage Belastingsamenwerking West-Brabant
2.7.2 Toelichting Bestaand beleid Uitkeringen gemeentefonds De meicirculaire 2021 geeft een actueel beeld van de uitkeringen uit het gemeentefonds voor de jaren 2020 tot en met 2025. In onderstaande tabel treft u de mutaties van de algemene uitkering ten opzichte van de begroting 2021 aan op basis van de meicirculaire 2021 en de geactualiseerde aantallen eenheden van de diverse verdeelmaatstaven (x € 1.000). De decentralisatie- en integratie-uitkeringen zijn in beginsel vrij besteedbaar, maar in de praktijk staan daar wel lasten (van ongeveer vergelijkbare omvang) tegenover elders in de begroting. Vervolgens worden een aantal aspecten uit de meicirculaire nader toegelicht. 2021
2022
2023
2024
2025
Algemene uitkering
1.607
518
403
66
1.222
Overige uitkeringen
213
447
427
472
337
Totaal Gemeentefonds
1.820
965
830
538
1.559
Toevoeging reserve compensatie coronacrisis
-639
Extra lasten agv taakmutaties en toegenomen decentralisatie- en integratie-uitkeringen
-68
-38
-18
-63
65
Totaal mutaties uitkeringen gemeentefonds
1.113
927
812
474
1.624
Ruimte onder het BCF-plafond De fondsbeheerders maken in de meicirculaire ook de ruimte onder het plafond van het BTW-compensatiefonds bekend. De ruimte onder het plafond bedraagt voor het jaar 2020 circa € 96 miljoen. Het plafond 2020 is ten opzichte van de septembercirculaire 2020 naar boven bijgesteld als gevolg van taakmutaties. Aangezien wij vooraf geen rekening houden met een ruimte onder het plafond, resulteert dit in een opwaartse bijstelling van de algemene uitkering over 2021 (via een opwaartse bijstelling van de uitkeringsfactor). 31
Corona compensatiepakket In de mutaties zijn ook de financiële gevolgen uit de maartbrief van het ministerie van BZK meegenomen. Dit betreft het vierde compensatiepakket corona. In de meicirculaire 2021 zijn geen nieuwe compensatiemaatregelen in de ramingen meegenomen. Er zijn wel een aantal compensatiemaatregelen gemeld. Deze worden in een later stadium meegenomen in de septembercirculaire 2021 en/of de decembercirculaire 2021. Behoedzaamheidsreserve Het Rijk en de VNG hebben naar aanleiding van het uitbreken van de coronapandemie vorig jaar besloten de accressen voor de jaren 2020 en 2021 te bevriezen naar de stand van de Voorjaarsnota 2020 van het Rijk. Het accres voor het jaar 2021 blijft dus ongewijzigd ten opzichte van de septembercirculaire 2020/meicirculaire 2020. Voor de jaren na 2021 hebben de fondsbeheerders de omvang van het gemeentefonds bepaald aan de hand van de thans vigerende normeringssystematiek. Voor de jaren vanaf 2022 hebben wij, zoals voorheen, rekening gehouden met een lager accres dan het Rijk/de fondsbeheerders nu verwacht(en). De inhouding bedraagt € 200.000 (behoedzaamheidsreserve) voor de jaren 2022 tot en met 2025. Eenmalig extra rijksmiddelen jeugdzorg 2021 In de mutatie voor het jaar 2021 is ook inbegrepen de extra rijksmiddelen die de gemeente ontvangen voor de jeugdzorg.
Het gaat om het eerder gemelde pakket van € 613 miljoen, waarvan € 493 miljoen via de algemene uitkering uit het gemeentefonds wordt verstrekt. In de meicirculaire 2021 is nog niet het volledige bedrag van € 493 miljoen verdeeld. Een restant van € 55 miljoen wordt in later stadium verdeeld. Naar verwachting wordt dat bekendgemaakt in de septembercirculaire 2021. Zoals bekend zijn deze extra middelen voor jeugdzorg vooralsnog eenmalig voor het jaar 2021. Voor een nadere toelichting op de extra middelen voor jeugdzorg verwijzen wij u naar het raadsvoorstel bij deze Zomernota. Ontwikkeling uitkeringsfactor Ondanks dat de accressen vanaf 2022 neerwaarts zijn bijgesteld ten opzichte van de vorige stand als gevolg van een lagere loon- en prijsontwikkeling (lagere rijksuitgaven en daarmee een lagere omvang van het gemeentefonds), stijgt de uitkeringsfactor in de komende jaren. Dit is het gevolg van de ontwikkeling van de uitkeringsbasis; het verwachte aantal bijstandsontvangers is neerwaarts bijgesteld evenals het verwachte aantal inwoners. Een daling van de uitkeringsbasis resulteert in een stijging van de uitkeringsfactor, die dus per saldo, ondanks de wat lagere accressen in de komende jaren, positief uitvalt.
Integratie uitkering voogdij/18+ Naast de taakmutaties, zoals de extra rijksmiddelen verbonden aan het vierde compensatiepakket corona en de extra eenmalige rijksmiddelen voor jeugdzorg in 2021, en de ontwikkeling van de uitkeringsfactor, is een andere opvallende ontwikkeling de opwaartse bijstelling van de integratie-uitkering voogdij/18+ voor onze gemeente. Het gaat om een opwaartse bijstelling van ruim € 400.000 vanaf het jaar 2022. Deze opwaartse bijstelling is grotendeels het gevolg van de wijziging van het woonplaatsbeginsel vanaf 1 januari 2022. Herijking verdeling gemeentefonds en normeringssystematiek Naar verwachting zal er in de maand juni 2021 een aangepast verdeelvoorstel gereed zijn. In dit aangepaste verdeelvoorstel is er een nieuwe verdeelmaatstaf voor het sociaal domein opgenomen. Bovendien heeft er een actualisatie van de onderzoeksgegevens plaatsgevonden (2019 versus 2017). De Raad voor het Openbaar Bestuur heeft inmiddels gereageerd op het concept verdeelvoorstel. De VNG zal ook nog om een advies worden gevraagd. De besluitvorming over de invoering van de nieuwe verdeling, voorzien per 1 januari 2023, is aan het nieuwe kabinet. Dat laatste geldt ook voor de normeringssystematiek (ook wel bekend als de trap-op-trap-afsystematiek).
Bijdrage Belastingsamenwerking West-Brabant Op basis van de Begroting 2022 van de BWB, behandeld in de raadsvergadering van 24 juni 2021, wordt de bijdrage voor de komende jaren bijgesteld. Het voordeel in 2021 komt uit het voordelige resultaat van de Jaarrekening 2020.
32
Overhead
2.8.1 Financiële mutaties In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties in de Overhead opgenomen (x € 1.000). Overhead
2021
2022
2023
2024
2025
V/N
Schoonmaakkosten
-10
-10
-10
-10
-11
N
Buitendienst
-6
-6
-6
-6
-6
N
CAR-verzekering
-21
0
0
0
0
N
8
-3
1
6
10
V/N
Diverse kleine mutaties (< € 5.000)
-18
-7
-7
-2
-6
N
Totaal mutaties bestaand beleid
-47
-26
-23
-12
-13
0
-14
-14
-14
-14
N
Capaciteitsplanning 2021-2022
-25
-80
0
0
0
N
Personele lasten ivm langdurige ziekte
-60
-30
0
0
0
N
Aanschaf materieel buitendienst
0
-12
-15
0
0
N
Investeringen voertuigen buitendienst
0
-2
-4
-9
-12
N
Investeringen automatisering
-65
-18
25
25
25
N/V
Wet Open Overheid en Wet Elektronische Publicaties
-30
-100
-100
-100
-100
N
Beveiliging
PM
PM
PM
PM
PM
Totaal mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen
-180
-257
-108
-98
-101
Totaal Mutaties Overhead
-227
-283
-130
-110
-114
Mutaties bestaand beleid
Bijdrage West-Brabants Archief
Mutaties nieuw beleid en ontwikkelingen Structurele formatie interne controle
2.8.2 Toelichting Bestaand beleid Schoonmaakkosten Als gevolg van de gestegen kosten voor schoonmaak en de doorbelasting van de kosten voor schoonmaakmiddelen is het beschikbare budget niet toereikend. Het budget dient structureel te worden verhoogd met € 10.000. 33
Buitendienst De budgetten voor het onderhoud van materieel en de schoonmaakkosten van de gemeentewerf zijn niet toereikend gebleken en worden structureel verhoogd, het onderhoud met € 3.000 en ook de schoonmaakkosten met € 3.000. CAR-verzekering Voor de CAR-verzekering heeft een naverrekening plaatsgevonden aan de hand van de definitieve investeringskosten over het jaar 2020. Na aftrek van de voorschotpremie moet een bedrag van ca. € 20.750 worden bijbetaald. Bijdrage West-Brabants Archief De deelnemersbijdrage aan het WBA valt voor 2021 lager uit. Conform de resultaatbestemming 2020 wordt het behaalde jaarresultaat van het WBA verrekend met de deelnemersbijdrage voor 2021. Voor 2021 betekent dit een voordeel van ca. € 7.500. Op basis van de conceptbegroting 2022 van het WBA, behandeld in de raadsvergadering van 24 juni 2021, wordt de bijdrage aan het WBA meerjarig bijgesteld. Diverse kleine mutaties (< € 5.000) Binnen de verschillende programma's zijn diverse kleine financiële mutaties (< € 5.000). Voor het overzicht en de leesbaarheid van deze Zomernota zijn deze posten niet afzonderlijk opgenomen en toegelicht. Nieuw beleid en ontwikkelingen Structurele formatie interne controle Over enige tijd (waarschijnlijk vanaf Jaarrekening 2021) wordt het verplicht om een rechtmatigheidsverantwoording door het college af te laten geven aan de raad.
Dit heeft gevolgen voor de manier waarop de interne controle is vormgegeven. Er is een routeplan uitgebracht om te komen tot een goede implementatie van de rechtmatigheidsverantwoording. De huidige capaciteit (kwantiteit en kwaliteit) verbonden aan de verbijzonderde interne controle onvoldoende is onvoldoende om de geformuleerde ambitie(s) ‘financiën aantoonbaar in control’ waar te maken. Hiervoor is 1 fte extra benodigd. Binnen de huidige formatie is 0,75 fte vacatureruimte beschikbaar. Daarnaast heeft de gemeenteraad in de Programmabegroting 2020 al een bedrag van € 20.000 per jaar beschikbaar gesteld voor de verandering op het gebied van rechtmatigheid. De extra kosten om een volledige fte in te kunnen vullen bedragen nog ca. € 14.000 per jaar. Capaciteitsplanning 2021-2022 In januari 2021 heet het college de capaciteitsplanning 2021-2022 vastgesteld. Op basis van de teamplannen en de ambities van het college is in beeld gebracht op welke onderdelen er knelpunten zijn in de capaciteit en welke mogelijkheden er zijn om deze op te lossen. Daarbij is ook gezocht naar dekkingsmogelijkheden binnen de bestaande begroting. Om de knelpunten in de capaciteitsplanning in 2021-2022 op te kunnen lossen is een bedrag benodigd van € 105.000.