CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

Transitievisie Warmte gemeente Halderberge 2021.pdf

Gemeenteraad 16 december 2021, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 10: Vaststellen Transitievisie Warmte gemeente Halderberge16.429 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Transitievisie Warmte Lo

Gemeente Halderberge

Transitievisie Warmte Opdrachtgever: Contactpersonen:

Gemeente Halderberge Maud Overbeek, Chantal van den Heuvel

Projectnummer: Auteurs:

DWTM21025-GHA De WarmteTransitiemakers (DWTM): Christiaan van Soest, Joachim Kooijinga

Datum:

10-11-2021

Vastgesteld in de raadsvergadering van 16-12-2021 (ov)

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 2

Inhoud Voorwoord................................................................................................................... 4 1.

Inleiding ........................................................................................................ 5 1.1

Waarom een warmtevisie? ................................................................................................ 5

1.2

Doel van dit plan ................................................................................................................... 5

1.3

Wie heeft dit plan gemaakt? ............................................................................................ 6

1.4

Hoe gaat het hierna verder? ............................................................................................. 6

2.

Wat verandert er in de woning? ................................................................ 8

3.

Hoe maken we keuzes? ............................................................................. 10 3.1

De aanpak in Halderberge.............................................................................................. 10

3.2

Algemene uitgangspunten ............................................................................................. 10

3.3

Hoe kiezen we de verkenningsbuurten? .................................................................. 13

3.4

Participatie............................................................................................................................. 13

4.

Warmtevraag ........................................................................................................................ 14

4.2

Warmtebronnen.................................................................................................................. 21

5.

6.

Verkenningsbuurten Halderberge............................................................................... 32

6.2

Natuurlijk tempo (2020-2050) ...................................................................................... 36

6.3

Middellange termijn (2030-2045) ................................................................................ 36

6.4

Lange termijn (2040-2050) ............................................................................................. 36

6.5

Bedrijventerreinen .............................................................................................................. 36

6.6

Snelheid van de lokale warmtetransitie .................................................................... 37

7.

8.

Warmtevraag en warmtebronnen ........................................................... 14 4.1

6.1

Warmtevisie Halderberge 2050 ............................................................... 26

Stap voor stap aan de slag met aardgasvrij ........................................... 38 7.1

Inzetten op energie besparen en isoleren ............................................................... 38

7.2

Aanpak verkenningsgebieden ...................................................................................... 39

7.3

Aanpak bedrijven en utiliteit.......................................................................................... 39

7.4

Regionale afstemming en updaten TvW .................................................................. 39

7.5

Communicatie ...................................................................................................................... 39 Nawoord ...................................................................................................... 42

Bijlage A.

Overzichtskaarten gemeente Halderberge .................................... 43

Bijlage B.

Detailkaarten woonkern Oudenbosch ............................................ 49

Bijlage C.

Detailkaarten woonkern Oud-Gastel .............................................. 53

Bijlage D.

Detailkaarten woonkern Hoeven ..................................................... 57

Bijlage E.

Detailkaarten woonkern Stampersgat en Bosschenhoofd ........... 61

Bijlage F.

Specificatie verschillende individuele oplossingen ....................... 65

5.1

Woonwijken .......................................................................................................................... 26

5.2

Bedrijven en kantoren ...................................................................................................... 29

Bijlage G.

Toelichting andere rekenmodellen ................................................. 66

5.3

Toets op betaalbaarheid ................................................................................................. 29

Bijlage H.

De warmtetransitie en de impact op de energie-infrastructuur . 69

In fases naar een aardgasvrij Halderberge ............................................. 30

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 3

Voorwoord Een eerste stap richting een aardgasvrij Halderberge Voor u ligt de Transitievisie Warmte van de gemeente Halderberge. We hebben twee varianten uitgewerkt: 1. Een samenvatting met belangrijkste onderdelen. 2. Een uitgebreide variant waarin meer op de inhoud wordt ingegaan. U leest nu onze uitgebreide Transitievisie Warmte. In dit document onderbouwen we hoe we als Halderberge stapsgewijs uiterlijk in 2050 aardgasvrij willen zijn. Een enorme opgave die als we het slim aanpakken geen wensdenken is, maar realiseerbaar. Het afbouwen en uiteindelijk stoppen met aardgas voor de verwarming van gebouwen moet een flinke reductie opleveren in de CO2-uitstoot. Ik wil benadrukken dat er met deze Transitievisie Warmte geen besluiten worden genomen. De uiteindelijke keuzes worden op buurtniveau bepaald. Dat doet de gemeente in samenspraak met inwoners, ondernemers en andere lokale partijen in zogenaamde ‘buurtuitvoeringsplannen’. Hierbij is draagvlak vanuit de buurt een erg belangrijke graadmeter om wel of niet door te gaan met een plan. Als gemeente Halderberge voorzien we dat er vóór 2030 geen hele wijken aardgasvrij worden gemaakt. Het tempo en de realiseerbaarheid van de transitie wordt bepaald door het voldoen aan twee belangrijke uitgangspunten: haalbaarheid en betaalbaarheid.

Hiervoor is financiële steun van het Rijk noodzakelijk en deze ontwikkelingen volgen wij op de voet. Met deze Transitievisie Warmte zetten we een eerste stap naar een aardgasvrij Halderberge.

Hans Wierikx Wethouder duurzaamheid

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 4

1. Inleiding verwarming en warm water. In het klimaatakkoord is bepaald dat elke gemeente uiterlijk in 2021 een plan maakt voor de overstap van aardgas op andere, duurzame warmtebronnen. Dat plan presenteren we in deze eerste Transitievisie Warmte. Voor de uitvoering van de transitie hebben we tot 2050 de tijd.

In Nederland gaan we stoppen met het gebruik van aardgas. Ook in Halderberge zullen we tussen nu en 2050 het aardgas vervangen door duurzame warmte. Dat doen we buurt voor buurt en stap voor stap. Samen met inwoners, bedrijven en maatschappelijke partners gaan we als gemeente op zoek naar de beste oplossingen voor een duurzaam Halderberge, waar onze én volgende generaties een prettige en leefbare toekomst hebben. In deze Transitievisie Warmte stippelen we het pad uit naar een duurzame en toekomstbestendige warmtevoorziening.

1.2 Doel van dit plan De Transitievisie Warmte (verder in dit document: de transitievisie) heeft tot doel om de stappen naar een aardgasvrije gemeente in 2050 uit te stippelen. We gaan daartoe in op drie hoofdvragen: ● Welk alternatief voor aardgas is geschikt in de verschillende gebieden in Halderberge? Een warmtenet, individueel elektrisch of duurzaam gas? ● Wanneer gaan de verschillende buurten en woonkernen van het aardgas af? We schetsen een globaal tijdpad tussen nu en 2050. ● Welke stappen gaan we de komende jaren zetten? We zetten de hoofdlijnen uit voor een uitvoeringsstrategie.

1.1 Waarom een warmtevisie? Het klimaat verandert door toename van CO2 in de lucht en de negatieve gevolgen daarvan worden steeds zichtbaarder. Tijdens de klimaatconferentie van de Verenigde Naties in Parijs, eind 2015, bereikten bijna 200 landen overeenstemming over een klimaatakkoord. Daar werd afgesproken dat de opwarming van de aarde beperkt moet worden tot maximaal 2 graden, met 1,5 graad als streefwaarde. Vervolgens ondertekenden in Nederland in 2019 meer dan 100 partijen het landelijke klimaatakkoord. In 2050 moet de CO2-uitstoot met 95% verminderd zijn. Dit vraagt ingrijpende veranderingen in allerlei sectoren: industrie, landbouw, mobiliteit, de productie van elektriciteit en de wijze waarop we gebouwen verwarmen.

We streven ernaar om de warmtetransitie zoveel mogelijk samen met inwoners, maatschappelijke partners en bedrijven uit te voeren. De Transitievisie Warmte is dan ook geen dichtgetimmerd plan, het geeft de kaders aan waarbinnen de komende jaren projecten zullen worden opgestart.

Daar komt bij dat de aardgaswinning in Groningen wordt afgebouwd. Tientallen jaren heeft de aardgasvoorraad in Groningen Nederland voorzien van een goedkope manier om onze huizen te verwarmen, te douchen en te koken. Maar aardbevingen dwingen ons de aardgaswinning af te bouwen. De Nederlandse overheid wil niet afhankelijk worden van buitenlands gas. Het omschakelen van aardgas op een nieuwe warmtebron, geeft de gelegenheid de warmtevoorziening te verduurzamen. Om de klimaatdoelen te behalen moeten we uiterlijk in 2050 afscheid nemen van fossiele brandstoffen en dus ook van het gebruik van aardgas voor koken,

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 5

1.3 Wie heeft dit plan gemaakt? De gemeente heeft dit plan niet alleen opgesteld. We spraken met allerlei partijen om hun mogelijkheden en wensen in kaart te brengen. We werkten samen met een werkgroep met daarin verschillende gemeenteambtenaren, netbeheerder Enexis, woningcorporatie Woonkwartier, Waterschap Brabantse Delta, energie coöperatie Energiek Halderberge en drinkwaterbedrijf Brabant Water. Tijdens bewonersavonden zijn we het gesprek met inwoners van Halderberge aangegaan. Alle input van de verschillende stakeholders en belanghebbenden in Halderberge hebben we zoveel mogelijk meegenomen in deze transitievisie.

Figuur 1. Na de Transitievisie Warmte (TvW) volgen buurtuitvoeringsplannen. De Transitievisie Warmte wordt iedere 5 jaar geüpdatet.

1.4 Hoe gaat het hierna verder? De transitievisie geeft een beeld van wat ons de komende dertig jaar te doen staat. Bewoners weten daardoor beter waar ze aan toe zijn, en kunnen beslissingen over hun woning hierop afstemmen.

De transitievisie zal globaal eens in de vijf jaar bijgesteld worden en in de loop van de tijd steeds nauwkeuriger beschrijven welke warmteoplossing het beste past in elke buurt. Hierin kunnen dan ook de laatste technologische ontwikkelingen worden meegenomen. Daarnaast is de gemeente bezig met het opstellen van een Omgevingsvisie. De tijdspaden van de Transitievisie Warmte en de Omgevingsvisie lopen niet synchroon. De transitievisie zal eerder gereed zijn dan de Omgevingsvisie. De transitievisie vormt daarom (net als de Regionale Energiestrategie) een bouwsteen voor de Omgevingsvisie.

Dit is de start van een proces om Halderberge stap voor stap aardgasvrij te maken. We kijken in deze transitievisie of er nu al ‘verkenningsbuurten’ in Halderberge zijn die kansrijk zijn om als eerste van het aardgas af te gaan (voor 2030). Voorzien is dat voor deze buurten de komende jaren ‘buurtuitvoeringsplannen’ worden gemaakt (zie Figuur 1). In deze buurtuitvoeringsplannen worden de plannen concreter, en zal per buurt of zelfs per huishouden worden gekeken wat er mogelijk is. Deze buurtuitvoeringsplannen maken we samen met bewoners en andere betrokkenen – hiervoor volgt per buurt een participatietraject. Het besluit om daadwerkelijk over te stappen wordt pas genomen als bekend is wat de consequenties zijn voor de woonlasten van bewoners en ondernemers, er een gedegen haalbaarheidsstudie is afgerond en er voldoende draagvlak is. Als het aardgas in een buurt wordt afgesloten, krijgen bewoners dat ruim van tevoren te horen.

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 6

Samenhang met ander beleid en plannen Uiteraard kijken we verder dan onze gemeentegrenzen. Belangrijk hierbij is onder meer de wisselwerking met de Regionale Energiestrategie (RES). Samengevat ziet de RES West-Brabant toe op de strategie voor het grootschalig opwekken van energie binnen de regio. Een onderdeel van de RES is de Regionale Structuur Warmte (RSW). Hierin wordt bijvoorbeeld bekeken of er warmtebronnen in de buurt van de gemeentegrens liggen, en door welke gemeente die dan het best gebruikt kan worden. Hier vormt de RES dus input voor de Transitievisie Warmte. Andersom werkt input vanuit de Transitievisie Warmte door in de RES. Zo maakt de transitievisie inzichtelijk of en waar binnen de gemeente vóór 2030 de eerste stappen worden voorzien in de lokale warmtetransitie. Als er wordt voorzien dat er in de toekomst bijvoorbeeld veel elektrisch wordt verwarmd, dan geeft de transitievisie warmte een indicatie van de additionele hoeveelheid lokale duurzame opwek die daarvoor nodig zou zijn.

arijs akkoord regelgeving limaatakkoord armte et nergie et mgevings et

eer details on reter egionale nergie trategie egionale tru tuur armte

ransitievisie

armte

uurtuitvoeringsplan uurtuitvoeringsplan oertuitvoeringsplan

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 7

verwarmingen stroomt verlaagd worden. Dat maakt het systeem efficiënter en zorgt voor extra besparing. Met het isoleren van huizen en bedrijfspanden kan nu al worden gestart.

2. Wat verandert er in de woning? Het omschakelen van verwarming met aardgas naar verwarming met een duurzame bron is complex. Vrijwel alle huishoudens en bedrijven in Halderberge krijgen hier tussen nu en 2050 mee te maken. In dit hoofdstuk omschrijven we welke mogelijkheden er zijn en wat de keuze voor die opties betekent in het dagelijks leven van bewoners en ondernemers.

Verwarming en warm water De oplossingen die er zijn in plaats van aardgas, zijn in te delen in drie groepen:

Bijna alle huizen in de gemeente gebruiken nu aardgas. Het wordt gebruikt om het huis te verwarmen, om te koken, en voor warm water uit de kraan. Ook de meeste bedrijven gebruiken aardgas om te verwarmen.1 De belangrijkste aanpassingen die in woningen en andere gebouwen nodig zijn om over te stappen op een duurzame warmtebron, zijn hieronder kort toegelicht.

Koken Koken kan met een inductieplaat, elektrische kookplaat of keramische kookplaat. De meeste mensen kiezen voor inductie. Dat verbruikt minder stroom dan andere elektrische kookplaten, en het lijkt op koken op gas: je kunt de temperatuur snel regelen.

Individuele oplossingen: een oplossing per woning, gebouw of woonblok. Dit is meestal een luchtwarmtepomp, maar alternatieven zijn ook bodemwarmtepomp, zonneboiler of infraroodpanelen.

•

Warmtenet of buurtenergiesysteem: dit is een collectieve oplossing voor de hele buurt. Warm water stroomt vanaf een (duurzame) warmtebron door leidingen onder de grond naar de huizen. Een buurtenergiesysteem kan honderden woningen op een lokale (duurzame) warmtebron aansluiten.

•

Duurzaam gas: we stappen over op een ander type gas, zoals biogas of waterstof. Hierbij gebruiken we dan zoveel mogelijk de bestaande gasleidingen.

Het hangt onder andere van het type woning en type buurt af, welke oplossing het meest geschikt is. Welke aanpassingen nodig zijn in de woning verschilt per oplossing. Op de volgende pagina worden de verschillen tussen de drie hoofdgroepen weergegeven. De pagina daarna kijkt specifieker naar verschillende individuele oplossingen, waaronder verschillende soorten warmtepompen.

Isoleren Om aan de klimaatdoelstelling te voldoen, is energie besparen een belangrijke eerste stap. Veel duurzame warmtebronnen zijn niet onbeperkt groot of beschikbaar. Het is daarom goed om eerst het energiegebruik zo veel mogelijk terug te dringen, voordat op een duurzame warmtebron wordt overgestapt. Daarom is het van belang om huizen beter te isoleren. Dat is niet alleen goed voor het milieu, het verlaagt ook de energierekening, en verbetert het comfort in de woning. Het isoleren van de buitenmuur, dak en vloer en het plaatsen van goed isolerend glas zijn effectieve maatregelen. Daarna kan ook de temperatuur van het water dat door onze

1

•

In hoofdstuk 4 en 5 komt aan bod welke oplossing het beste past bij de verschillende gebieden in Halderberge.

Sommige bedrijven gebruiken aardgas voor hoge temperatuur processen, dit noemen we proceswarmte. De transitievisie warmte draagt geen alternatieven voor proceswarmte aan.

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 8

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 9

3. Hoe maken we keuzes? oplossingen. We maken duidelijk welke maatregelen je nu al kunt nemen, hoe de techniek zich verder ook zal ontwikkelen (zogenoemde ‘geen-spijtmaatregelen’, zoals isolatie).

De warmtetransitie gaat de komende 30 jaar een grote impact hebben op onze gebouwde omgeving en gaat uiteindelijk iedereen aan. Het brengt belangrijke keuzes met zich mee. Waar gaan we starten en waarom? Voor welke alternatieve warmteoplossing kiezen we? Om deze beslissingen weloverwogen te maken, benoemen we in deze transitievisie een aantal belangrijke uitgangspunten. Deze staan gedurende het hele proces centraal.

Voorzien wordt dat we de transitievisie om de 5 jaar updaten met de nieuwste kennis, en nieuwe technieken opnemen. Vernieuwing zoeken we ook door op innovatieve manier met elkaar samen te werken. Denk bijvoorbeeld aan bewonerscollectieven die initiatief nemen en/of eigenaar worden van (een deel van) een energiesysteem.

3.1 De aanpak in Halderberge De gemeente Halderberge heeft het doel om met haar bewoners te komen tot een nieuwe energievoorziening die betaalbaar, betrouwbaar, veilig en duurzaam is.

De transitievisie geeft een langetermijnvisie, maar is vooral het startpunt om met elkaar aan het werk te gaan. We zoeken daarom naar pilotprojecten, afspraken over samenwerking tussen verschillende partijen en een heldere tijdlijn.

Daar staan we nuchter in: ➢ Halderberge hoeft geen koploper te zijn, maar we gaan wel aan de slag en staan open voor kansen.

Deze aanpak hebben we vertaald naar vijf hoofduitgangspunten, die in de energietransitie onze richtlijn vormen. We spraken hiervoor onder meer met de werkgroep.

3.2 Algemene uitgangspunten

Deze transitie doorlopen we samen met onze inwoners, en stap voor stap. We streven naar projecten die bijdragen aan de lokale economie en waar dat mogelijk is leiden tot extra banen en bedrijvigheid. Daarbij zoeken we naar logische samenhang met projecten van het bedrijfsleven, onderwijs, zorginstellingen, wijkverenigingen, etc. We zoeken handige combinaties met verbetering van de leefomgeving of de woningkwaliteit. Bij de eerste buurten die van het aardgas af gaan, worden in de basis geijkte technieken gebruikt. Daarbij blijven we oog houden voor nieuwe ontwikkelingen en innovatie en nemen deze mee in de overweging voor de keuze van toekomstige

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 10

We doen het samen: Bewoners, ondernemers en andere lokale partijen betrekken we intensief, hun wensen en zorgen nemen we serieus. Bewoners en gebouweigenaren kunnen meepraten én meebeslissen over welke warmtevoorziening er in hun buurt komt. Zo willen we plannen maken waar een groot deel van Halderberge zich prettig bij voelt. Dat begint met helderheid: de gemeente verstrekt duidelijke informatie en we wekken geen verwachtingen die we niet waar kunnen maken. Kortom, we zijn zorgvuldig en transparant in het proces. Daarnaast maken we de stap van het aardgas af voor bewoners zo simpel mogelijk, bijvoorbeeld met goede informatie.

b.

Daarnaast kijken we naar de kosten voor de eindgebruiker 3. Bij de kosten voor de eindgebruiker streven we naar woonlastenneutraliteit4.

Betaalbaarheid bepaalt ook mede de volgorde waarin kernen of buurten van het aardgas afgaan. Voor buurten waar de overstap nu nog lastig of extra kostbaar is, wachten we eerst technologische ontwikkeling af en kiezen we voor een lager tempo of een betaalbare tussenstap zoals hybride oplossingen. Als blijkt dat de kosten relatief laag zijn kunnen we lokaal opschalen naar een hoger tempo. Energiebesparing: Het belangrijkste doel van de warmtetransitie is om de CO2-uitstoot terug te dringen. Daarmee verminderen we onze bijdrage aan klimaatverandering. We zetten daarom vol in op energiebesparing. Het goed isoleren van gebouwen en daarmee de energievraag verminderen is een belangrijke eerste stap en zorgt ervoor dat er meer (midden & lage temperatuur) duurzame bronnen ingezet kunnen worden voor het verwarmen van woningen.

We vinden het belangrijk diverse groepen – jongeren, ouderen, gezinnen, huurders, kopers – te betrekken. Ook gaan we de samenwerking aan met lokale ondernemers, agrariërs, de woningbouwcorporatie, energie coöperatie en verenigingen, als daar kansen liggen. Betaalbaar: Voor zowel huurders, eigenaren van een woning als ondernemers moet de energietransitie betaalbaar zijn. Ook mensen met minder geld moeten mee kunnen doen. De kosten van een warmtetechniek zijn daarom altijd een bepalende factor, zowel de investeringskosten aan het begin, als de maandelijkse energierekening voor de eindgebruiker. Het uitgangspunt is dat we het Klimaatakkoord volgen, te weten: a. e kijken naar de zogeheten laagste “nationale kosten”: Dit zijn de totale kosten van alle maatregelen die nodig zijn om een warmteoplossing uit te voeren, ongeacht wie die kosten betaalt2.

Ook staan we open voor tussenstappen, zoals een hybride warmtepomp. Hybride oplossingen kunnen het gasverbruik flink verlagen, waarna pas in een volgende stap echt van het aardgas af wordt gegaan.

2

3

In de nationale kosten zijn onder andere opgenomen: investeringskosten voor isolatie, meerkosten voor verzwaring van het elektriciteitsnetwerk, kosten voor aanleg van warmtetransportleidingen en energieverbruikslasten. Het is exclusief belastingen, heffingen en subsidies. Voor de berekening wordt aangesloten bij de Startanalyse van het PBL. In het klimaatakkoord is afgesproken dat de laagste nationale kosten een belangrijke sturende factor zijn.

In de eindgebruikerskosten worden alle kosten meegenomen die een eindgebruiker (eigenaar-bewoner of huurder) betaalt, waaronder de maandelijkse energielasten, isolatie, aanschaf en onderhoud van installaties en een eventuele aansluitbijdrage. Ook subsidies en belastingen worden meegerekend. Belangrijk bij de bepaling van de eindgebruikerskosten is de kostenverdeling tussen partijen (bijv. tussen verhuurder en huurder). 4 Zie ook amendement van 24 okt 2019 bij het beleidsplan Energie transitie: "De gemeente Halderberge streeft ernaar de energietransitie voor de inwoners van Halderberge, m.b.t de energiekosten, woonlastenneutraal uit te voeren"

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 11

Natuurlijke momenten: Waar we werkzaamheden kunnen combineren, doen we dat. De onderhoudsplanning van de woningbouwcorporatie of werkzaamheden aan de openbare ruimte, kunnen aanleiding zijn om direct ook de energie-infrastructuur in een buurt aan te pakken. Ook gepland onderhoud aan het aardgasnet is een belangrijke factor om mee te nemen. Voor particulieren en bedrijven zijn een verhuizing of verbouwing vaak een geschikt moment om ook energiemaatregelen te nemen.

Aandachtspunt woonlastenneutraliteit In het Klimaatakkoord is woonlastenneutraliteit als uitgangspunt opgenomen. Dat houdt in dat de maandelijkse lasten die een huishouden betaalt aan energie (gas, elektriciteit, warmte) en hypotheeklast of huur, niet mogen stijgen. De kosten van huurstijging, of van een lening (rente en afbetaling) om energiemaatregelen uit te voeren, moeten dus lager of gelijk zijn dan de besparing op de maandelijkse energierekening. Zo is men uiteindelijk even duur, of zelfs voordeliger uit.

Ook sociale en lokale ontwikkelingen kunnen een aanknopingspunt zijn. Wellicht ontstaan er kansen om energietransitie mee te nemen bij een kwaliteitsverbetering in buurten of bijvoorbeeld te verbinden aan initiatieven van Samenstichtingen en scholen.

Als amendement bij het beleidsplan Energie transitie heeft de gemeente gesteld dat ernaar wordt gestreefd om de energietransitie voor de inwoners van Halderberge woonlastenneutraal uit te voeren4. Gemeenten zijn op dat punt grotendeels afhankelijk van concretere steun van de Rijksoverheid. De Rijksoverheid is bezig om manieren te ontwikkelen om woonlastenneutraliteit mogelijk te maken, zoals het Nationaal Warmtefonds. Het doel van het Warmtefonds is het verstrekken van leningen voor het verduurzamen van woningen (of andere gebouwen) tegen een lage rente. Een lening bij het Warmtefonds kan voor diverse woningeigenaren uitkomst bieden. Woningeigenaren moeten echter wel een extra lening aangaan en dat is voor sommigen een drempel. Zeker als ze verwachten binnen enkele jaren te verhuizen.

Ruimte voor initiatief: De gemeente Halderberge kent ondernemende inwoners, en in de meeste kernen zijn al inwoners en bedrijven aan de slag met de energietransitie. De gemeente wil zoveel mogelijk ruimte laten voor initiatief en ondersteunt graag initiatiefnemers. Bijvoorbeeld door het verbinden van initiatieven met de juiste mensen binnen de gemeentelijke organisatie.

Op dit moment is de discussie over de betaalbaarheid van de warmtetransitie in volle gang. We verwachten dan ook dat de Rijksoverheid de belangrijke rol en verantwoordelijkheid op zich neemt om hier meer instrumenten voor beschikbaar te stellen en meer duidelijkheid over te verschaffen.

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 12

3.3 Hoe kiezen we de verkenningsbuurten?

3.4 Participatie

In de breedte zet de gemeente Halderberge in op het verbeteren van woningisolatie. De gemeente werkt hierin samen met Energiek Halderberge. Voor grotere trajecten zijn we afhankelijk van de landelijke overheid. Als gemeente is het in ieder geval nu al interessant om de verschillende oplossingsrichtingen verder te verkennen en de bijbehorende processen vorm te geven.

De transitie naar een warmtevoorziening anders dan aardgas is een verandering die bij veel van onze inwoners een impact tot achter de voordeur zal hebben. Het is daarom belangrijk om tijd en ruimte te nemen om de wensen, zorgen, behoeften en inzichten van onze inwoners op te halen. Het is belangrijk dat de meningen van onze inwoners worden meegenomen in de transitievisie warmte. Tegelijk benadrukken we wel dat de huidige transitievisie geen definitieve besluiten omvat, dit document voorziet in een eindvisie en een daarbij behorend tijdspad. Verdere uitwerking en besluiten zijn onderdeel van buurtuitvoeringsplannen.

Om tot een selectie van mogelijke verkenningsbuurten te komen zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:

Inwonersavonden Tijdens inwonersavonden is de mogelijkheid geboden om mee te denken over de transitievisie warmte. Een eerste inwonersavond (juli 2021) is vooral gefocust op een uiteindelijke warmtevisie voor Halderberge. Een tweede inwonersavond (oktober 2021) is vooral gefocust op een concept tijdspad bij deze lokale warmtetransitie.

Grote slagen: Als we kansen zien om grote slagen te maken, onderzoeken we of we daar kunnen starten. Voorbeelden zijn plekken waar veel van de panden in bezit zijn van de woningcorporatie, of waar scholen en verzorgingshuizen staan. Dit sluit aan bij het idee uit het klimaatakkoord dat corporatiewoningen fungeren als ‘startmotor’ voor veranderingen in de buurt.

Enquête Een tweede methode om input van inwoners op te halen is via een enquête. Vanuit de gemeente zijn in het voorjaar van 2021 verschillende enquêtes voorgelegd aan de inwoners van Halderberge. Daarom is besloten om een uitvraag over de warmtetransitie pas in 2022 aan de inwoners voor te leggen.

Ook als een buurt met relatief beperkte maatregelen over zou kunnen stappen op een aardgasvrij alternatief kan het interessant zijn om hier mee aan de slag te gaan. r kan zo ‘een grote slag’ orden gemaakt in bijvoorbeeld in buurten te starten aar woningen al relatief goed zijn geïsoleerd.

Raadswerkgroep Tijdens het vormingsproces van deze transitievisie is terugkoppeling opgehaald bij zowel een stuurgroep als ook bij de raadswerkgroep. Op deze manier zijn verschillende lagen uit de lokale volksvertegenwoordiging geïnformeerd over de conceptvoorstellen.

Collectieve systemen: We starten met een verkenning in buurten waar kansen liggen voor een collectieve oplossing. In die buurten is er een match tussen voorspelde warmtebehoefte en duurzame lokale warmtebronnen. Deze plekken zijn interessant, aangezien een collectieve oplossing minder ingrijpend is voor woningeigenaren en er grote stappen kunnen worden gezet.

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 13

4. Warmtevraag en warmtebronnen is daarom cruciaal in de energietransitie. Huishoudens gebruiken het aardgas hoofdzakelijk voor verwarming (75%), een kleiner deel wordt gebruikt voor warm water (20%) en om te koken (5%).

Dit hoofdstuk beschrijft de warmtevraag van woningen en bedrijven, nu en in de toekomst. Daarbij kijken we naar de hoeveelheid warmte die in een gebied nodig is en de temperatuur van de warmte die wordt gevraagd. Daarna beschrijven we het potentiële aanbod van duurzame warmtebronnen in Halderberge. Gegevens over de gebouwde omgeving zijn grotendeels afkomstig uit openbare data en deels uit kengetallen van De WarmteTransitieMakers. De Startanalyse van het Planbureau voor de Leefomgeving is gebruikt om inzicht te krijgen in de kosten voor verschillende oplossingen.

4.1 Warmtevraag Huidige situatie In Halderberge zijn in totaal 13.431 woningen en 1.349 bedrijfspanden5. Woningbouwcorporatie Woonkwartier heeft zo’n 30% van de woningen in de gemeente in bezit6. Het totale aardgasverbruik in Halderberge in 2019 was 1.098 TJ7. Bijna twee derde van het gasgebruik (620 TJ) werd gebruikt voor de woningen, de rest (477 TJ) ging naar bedrijven en industrie. Zie Figuur 2.

TJ of terajoule is een eenheid voor energie.

Figuur 2. Totaal energieverbruik in Halderberge Naast het aardgasverbruik zijn er ook woningen en bedrijven die (deels) verwarmen met houtkachels (59 TJ) en WKO-installaties (11 TJ)7.

1 TJ komt overeen met het gebruik van 31.600 m3 aardgas.

Bij bedrijven hangt het aardgasverbruik sterk af van het type bedrijf. Sommige bedrijven gebruiken aardgas namelijk niet alleen voor verwarming, maar ook in het bedrijfsproces. Te zien is dat in Halderberge slechts een klein deel van het gasverbruik bij de sector industrie ligt.

Dat is gelijk aan de warmtevraag van 21 gemiddelde Nederlandse woningen.

Het overgrote deel van de woningen en de bedrijven is aangesloten op het aardgasnet. Huishoudens verbruiken aanzienlijk meer energie uit aardgas dan uit elektriciteit (zie Figuur 2). Het stoppen met aardgas 5 6

7

Bron: BAG (2019) Bron: https://allecijfers.nl/gemeente/Halderberge/

Bron: Klimaatmonitor, 2018

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 14

zorgt een lager energiegebruik direct voor minder CO2-uitstoot en dus minder milieu-impact. De mogelijkheden voor isolatie verschillen per bouwperiode en type gebouw. Zie Figuur 4 voor een overzicht.

Gebouwen De mogelijkheden voor energiebesparing en voor een nieuwe warmtevoorziening, hangen sterk af van het bouwjaar en het energielabel van het gebouw. Het merendeel van de woningen in Halderberge is gebouwd in de periode 1941-1974. Ongeveer 13% van de woningen zijn vooroorlogse panden. Dit zijn vaak lastig te isoleren panden. In Bijlage A t/m Bijlage D staan kaarten met de bouwjaren. In Figuur 3 is de verdeling van energielabels in gemeente Halderberge te zien.

Toekomstige warmtevraag Om een inschatting te maken van de verwachte energiebesparing van woningen tot 2050 is een analyse gemaakt van de woningvoorraad in Halderberge. Daarbij hebben we gekeken naar bouwjaar, energielabel en oppervlaktes van woningen. In Tabel 2 is te zien wat landelijk gezien de verwachte energiebesparing is voor een huis uit een bepaalde bouwperiode. We gaan hierbij uit van de isolatie die economisch rendabel is voor de woningeigenaar. Huizen van voor 1920 bijvoorbeeld, hebben vaak een energielabel G en zijn tot een energielabel C of D te isoleren. Deze isolatiestap betekent een energiebesparing van 18%. Voor Halderberge leidt dit model tot een besparingspotentie van ongeveer 24%. Het besparingspotentieel van bedrijven is ongeveer 30%, dat is een inschatting op basis van de landelijke trend. Omdat bedrijven meer divers zijn dan huizen (een kledingwinkel en opslagloods zijn heel anders qua comforteisen en bouwstijl), heeft het besparingspotentieel bij bedrijven wel een grotere onzekerheid. Tot slot worden er ook woningen gebouwd, deze zijn sowieso aardgasvrij en met een goed energielabel. Tot en met 2031 zijn dat er in ieder geval 900. De gemeente wil nog meer nieuwbouwwoningen realiseren, dus de verwachting is dat dit aantal nog gaat toenemen.

Door de toename van het aantal woningen zoals die nu gepland staan, neemt de totale warmtevraag binnen de gemeente toe met 16 TJ. Dit kan nog significant toenemen wanneer er, zoals verwacht, meer nieuwbouwwoningen worden gerealiseerd.

Figuur 3. Energielabels woningen in de gemeente Halderberge.

Energiebesparing Om de CO2-uitstoot terug te dringen en woningen van het aardgas af te halen, is energiebesparing vaak de eerste en belangrijkste stap. Voor woningcorporaties en eigenaren van kantoorpanden gelden strenge isolatie-eisen. Deze panden zullen, waar nodig, in de komende jaren grondig aangepakt worden. De verwachting is daarnaast dat de komende jaren ook veel particuliere woningeigenaren met isolatie aan de slag gaan. Voor woningeigenaren zijn er verschillende redenen om energie te gaan besparen. Allereerst zorgt een goed geïsoleerde woning voor een comfortabel en prettig binnenklimaat. Betere isolatie scheelt ook kosten op de energierekening. Daarnaast

Netto zal naar verwachting de totale warmtevraag voor woningen en bedrijven in Halderberge in de toekomst met 307 TJ afnemen. Daarna blijft dan een warmtebehoefte van 877 TJ/jaar bestaan.

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 15

Tabel 1. Overzicht huidige en voorspelde warmtevraag in de gemeente Halderberge. Huidige warmtevraag

Toekomstige warmtevraag

Woningen

679 TJ

535 TJ

Bedrijven en industrie

488 TJ

342 TJ

Totaal

1168 TJ

877 TJ

Hoge, midden- of lage temperatuur Hierboven hebben we een inschatting gemaakt van hoeveel warmte er nodig zal zijn. Het is ook belangrijk om in kaart te brengen welke temperatuur er nodig is om comfortabel te kunnen verwarmen. Dit noemen we het warmteprofiel. De temperatuur waarop warmte in de woning verspreid wordt moet passen bij de mate van isolatie van het gebouw en het type radiatoren (en andere installaties). Hoe beter de woning geïsoleerd is, hoe lager de afgifte-temperatuur in principe kan zijn (zie Tabel 2). Lagere temperatuur heeft als voordeel dat er meer duurzame warmtebronnen beschikbaar zijn. Ook zijn er minder warmteverliezen.

Tabel 2. Voorspelde energiebesparing en verbetering van het energielabel door isolatiemaatregelen. We gaan uit van de maatregelen die economisch rendabel zijn.

Figuur 4. Niet elke woning heeft dezelfde mogelijkheden voor isolatie.

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 16

2050 geschikt zal zijn voor lagere of middelhoge temperatuur warmte (zie Tabel 3). Bij andere bedrijfspanden hangt de warmtevraag sterk af van de functie van het gebouw. Zo is het vaak niet nodig om een opslagloods tot 20°C te verwarmen. Voor bedrijfspanden moet per pand gekeken worden welke warmtevoorziening volstaat. Industriepanden gebruiken soms ook warmte in processen. Hiervoor is vaak zeer hoge temperatuur warmte nodig. Deze panden zijn in de warmteprofielen (Figuur 5) niet meegenomen.

Woningen • Slecht geïsoleerde woningen, met energielabel G of F of bouwjaar voor 1940 hebben een beperkt aantal betaalbare isolatiemogelijkheden. Dit komt doordat er typisch geen spouwmuur aanwezig is en een deel van de woningen een beschermd aangezicht of monumentenstatus heeft. Als alleen economisch rendabele isolatiemaatregelen worden uitgevoerd, blijft de verbetering van het energielabel steken op label D of C. Hierdoor is ook in de toekomst waarschijnlijk een warmtevoorziening met hoge temperatuur nodig in deze woningen (ca. 70°C of hoger). De aardgasvrije technieken die deze hoge temperatuur warmteafgifte met een redelijk rendement kunnen leveren zijn biomassa, groen gas (waterstof en biogas) en een hoge temperatuur warmtenet. Ook zijn er hoge temperatuur warmtepompen met een redelijk rendement. •

Woningen met gemiddeld isolatieniveau, energielabel E t/m B of bouwjaar tussen 1940 en 2005, kunnen na isolatie goed verwarmd worden met een afgifte-temperatuur van 55 tot 70°C: midden-temperatuur warmte. Geschikte aardgasvrije technieken zijn warmtenetten met een midden-temperatuurbron, warmtenetten met lage-temperatuurbron waarbij op woningniveau de temperatuur verder verhoogd wordt, of (collectieve) warmtepompen.

•

Goed geïsoleerde woningen, energielabel A of beter, of bouwjaar na 2005, kunnen meestal zonder verdere isolatie verwarmd worden op lage temperatuur (<55°C). Er kan wel een aanpassing van de radiatoren nodig zijn en soms ook van het ventilatiesysteem. Daarna kunnen deze woningen verwarmd worden met vrijwel elke duurzame warmtevoorziening. Omdat lage temperatuur voldoende comfort kan bieden, is groen gas voor deze panden niet logisch.

Tabel 3. Voorspelde warmteprofielen bedrijven (exclusief industrie). Omdat voor kantoorpanden strengere regelgeving geldt, is de verwachting dat veel oudere kantoren grondig gerenoveerd (of nieuw gebouwd) gaan worden. Daardoor is een groot deel van de kantoorpanden in de toekomst geschikt voor lage-temperatuur verwarming.

Warmteprofiel In Figuur 5 is voor clusters woningen, kantoren en overige utiliteit het warmteprofiel weergegeven. Dit is de afgifte-temperatuur die nodig is om comfort te bieden. Op dit moment (2021) gebruiken bijna alle huizen in Halderberge nog een cv-ketel. Deze heeft een hoge afgifte-temperatuur, hoewel dat niet overal nodig is. Wanneer alle huizen passende besparingsstappen zetten, dan verbetert het warmteprofiel en kan met en minder hoge temperatuur ook comfort worden bereikt.

Bedrijfspanden Voor kantoorpanden gelden vanaf 2023 strengere energie-eisen. Label C is vanaf dan minimaal vereist voor grotere kantoren (>100 m2). Voor kleinere bedrijfsgebouwen gelden deze regels niet. De verwachting is dat de eisen voor utiliteitsbouw en kantoren binnen de EU en binnen Nederland verder aangescherpt zullen worden. De verwachting is daarmee dat het merendeel van de kantoren in

Overigens ligt de techniek die gekozen wordt voor de warmtevoorziening nog niet vast met een warmteprofiel. Voor elke temperatuur bestaan verschillende oplossingen.

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 17

Figuur 5. Warmteprofiel gemeente Halderberge: de afgifte-temperatuur die nodig is voor verschillende woonkernen. Woningen en bedrijven die dicht bij elkaar in de buurt staan en eenzelfde warmteprofiel hebben zijn geclusterd.

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 18

Concentratie van de warmtevraag Hoe de warmtevraag over de gemeente verdeeld is, is van belang voor de mogelijke alternatieven voor aardgas. Gebieden waar veel warmte wordt verbruikt zijn eerder geschikt voor de aanleg van een warmtenet of buurtenergiesysteem. Dit is dan vaak de goedkoopste oplossing. Als er in een gebied minder warmte wordt verbruikt, dan liggen individuele oplossingen zoals een warmtepomp meer voor de hand. Voor Halderberge is de verdeling van de toekomstige warmtevraag van woningen en bedrijven zichtbaar gemaakt in Figuur 6.

Warmtenetten Warmtenetten zijn leidingen onder de grond, die warm water transporteren van een warmtebron naar de woningen. Warmtenetten bestaan in verschillende soorten, maten en temperaturen. Een warmtenet met midden of hogere temperatuur voorziet in direct bruikbare warmte. Een lagere temperatuur warmtenet vereist dat de temperatuur in de woning nog wordt verhoogd. Dat laatste kan bijvoorbeeld met een (efficiënte) warmtepomp.

In de huidige markt is vanaf 1.000 GJ/ha en een minimumaantal woningen van ongeveer 200 (afhankelijk van de warmtebron) de kans op een rendabele business case voor een warmtenet relatief groot. Onder de 500 GJ/ha is een warmtenet bijna nooit een realistische oplossing. Tussen 500 en 1.000 GJ/ha hangt de financiële haalbaarheid af van de omstandigheden: het type warmtebron, de afstand tussen de woningen en de warmtebron en de gewenste afgiftetemperatuur zijn allemaal factoren die invloed hebben.

Waarom een warmtenet? Grotere warmtebronnen zijn alleen in te zetten als er een warmtenet wordt aangelegd. Een voordeel van een warmtenet is dat er minder isolatiemaatregelen nodig zijn om comfortabel en betaalbaar te verwarmen. Een voorwaarde voor een warmtenet is dat er voldoende woningen worden aangesloten. Prijzen en regelgeving Landelijk wordt de regelgeving over warmtenetten aangepast. Er is een nieuwe warmtewet aangekondigd voor 2022 . De verwachting is dat in ieder geval wordt vastgelegd dat (als er een warmtenet komt) bewoners het recht hebben op een aansluiting, maar niet worden verplicht. Voorzien is dat bewoners de vrijheid houden om andere duurzame oplossingen te kiezen.

In Halderberge is in verschillende woonkernen de warmtevraag hoog genoeg voor een warmtenet. In het buitengebied en de kleinere kernen, zoals Bosschenhoofd is de bebouwingsdichtheid lager. Daar zijn individuele oplossingen of duurzaam gas wellicht aantrekkelijker. Of een warmtenet echt kansrijk is, hangt overigens ook af van de aanwezige warmtebronnen. Hier kijken we in de paragraaf hierna naar.

De prijs van warmte uit een warmtenet wordt tot nog toe bepaald met het ‘Niet eer Dan Anders’ N DA -principe. Daarbij is de warmteprijs gekoppeld aan de prijs van aardgas. Dit staat momenteel ter discussie. In de nieuwe warmtewet komen mogelijk nieuwe afspraken over de prijsstelling. De gemeente houdt de landelijke ontwikkelingen en nieuwe wetgeving in de gaten.

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 19

Figuur 6. De verwachte toekomstige warmtevraagdichtheid in gemeente Halderberge. De warmtedichtheid is gebaseerd op de warmtevraag die over blijft na besparingsmaatregelen.

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 20

4.2 Warmtebronnen Hieronder staat een overzicht van de warmtebronnen die in Halderberge beschikbaar zijn om in 2050 in de warmtevraag te voorzien. Ter vergelijking, onze verwachting is dat we in Halderberge in 2050 ongeveer 877 TJ verbruiken (zie paragraaf 4.1).

Duurzame elektriciteit voor warmtepompen? Een warmtepomp verbruikt elektriciteit. Het is logisch om deze elektriciteit voor warmtepompen zoveel mogelijk lokaal en duurzaam te produceren. Want de energietransitie lukt niet als elke gemeente vindt dat windmolens en zonneweides vooral ergens anders moeten komen.

Warmtebronnen voor individuele oplossingen De volgende warmtebronnen zijn per woning, per gebouw, of per rijtje huizen in te zetten.

Het elektrisch verbruik van een warmtepomp wordt uitgedrukt met een ‘Coëffi iënt of erforman e’ C . en typis he C is , dat impli eert dat de warmtepomp één deel elektriciteit verbruikt om 3 delen warmte te produceren.

Luchtwarmtepompen Luchtwarmtepompen halen warmte uit de buitenlucht om de woning te verwarmen, en gebruiken hiervoor elektriciteit. Het is een individuele oplossing, die per woning of per appartementencomplex toegepast kan worden. De standaard luchtwarmtepomp geeft warmte op lage temperatuur. Een woning moet dan – net als voor andere lage temperatuur-oplossingen – goed geïsoleerd zijn en er is een passend warmte-afgiftesysteem nodig, zoals vloerverwarming of lage temperatuur-radiatoren. Er zijn ook midden- en hoge temperatuur warmtepompen op de markt, waarvoor vaak minder aanpassingen in de woning nodig zijn. Deze hebben wel een hoger elektriciteitsverbruik. Luchtwarmtepompen zijn op grote schaal inzetbaar in de gehele gemeente. Wel moet er dan worden gedacht aan een verzwaring van het elektriciteitsnet.

Om heel Halderberge met warmtepompen te verwarmen (877 TJ, zie Tabel 1) is dus ongeveer 287 TJ duurzame elektriciteit nodig zijn. Om dat te produceren met windmolens of zonneweides zijn nodig: • Ongeveer 8 windmolens, of • Ongeveer 223 voetbalvelden met zonneweide Dat is dan dus alleen al nodig om de elektriciteit op te wekken als we allemaal een warmtepomp nemen om onze gebouwen te verwarmen. Voor al het overige elektriciteitsverbruik zijn dan nog meer windmolens of zonneweides nodig. In de zomer wordt warmte ondergronds in de WKO opgeslagen, zodat die in de winter kan worden gebruikt. In de winter kan de WKO koude opslaan, zodat de WKO ook koeling kan leveren in de zomer. Om de bodem in balans te houden, moet de vraag naar warmte en koude in balans zijn, of er moet warmte uit een andere warmtebron worden toegevoegd.

Warmte-koudeopslag (WKO) en bodemwarmtepompen Omdat de bodem een vrij constante temperatuur heeft over het jaar, kan in de zomer koude en in de winter warmte gewonnen worden uit de bodem. Er bestaan individuele en collectieve vormen van bodemenergie, in zowel open als gesloten systemen.

De inzet van warmteopslag in de bodem is in een groot deel van de gemeente Halderberge mogelijk. Rondom Bosschenhoofd is wel een boringvrije zone. Daar zijn WKO-systemen niet mogelijk. De Warmteatlas schat de totale capaciteit voor WKOsystemen in Halderberge in op 650 TJ - 1.050 TJ.

WKO-systemen kunnen warmte opslaan bij lage temperatuur, typisch tot maximaal 30°C. Daarvoor benutten ze bodemlagen tussen 20 en 300m diep. Op deze diepte kan warmte op lage temperatuur gewonnen worden (< 20 °C).

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 21

De werkelijke potentie ligt waarschijnlijk lager. Dat is omdat bodemenergie op sommige plaatsen lastig is in te passen. Zo kan de afstand tot de gebouwen te groot zijn of kan er sprake zijn van een boringrestrictie.

Infraroodpanelen Infraroodpanelen maken stralingswarmte. In tegenstelling tot wat we gewend zijn, wordt dan niet alle lucht in de ruimte verwarmd, maar alleen die plekken waar mensen zijn. Ze gebruiken aanzienlijk meer elektriciteit dan een warmtepomp, maar doordat de warmte heel gericht wordt ingezet, kan het toch voordelig zijn. Infraroodpanelen zijn vooral geschikt voor ruimtes die maar af en toe gebruikt worden, zoals een zolder.

Zonnewarmte (dak) Warmte kan ook worden gewonnen met zonnecollectoren op het dak. Deze techniek wordt in Nederland nog niet op grote schaal ingezet, maar heeft wel een groot potentieel. In principe is elke goed geïsoleerde woning met voldoende ruimte op het dak geschikt voor zonnewarmte.

Warmtebronnen voor een warmtenet of buurtenergiesysteem Een warmtenet is een leidingstelsel waarmee warm water wordt geleverd aan aangesloten afnemers. Warmtenetten zijn meestal grootschalige systemen, waarop duizenden afnemers kunnen worden aangesloten. Warmtenetten kunnen gemeentegrens overstijgend zijn.

Zonnewarmte op een dak kan ongeveer 2 GJ per vierkante meter opleveren.8 Er bestaan ook gecombineerde panelen, dit zijn PVT-panelen. Die maken zowel elektriciteit als warmte. Belangrijk is dat er bij zonnewarmte ook opslag nodig is.

Een buurtenergiesysteem is een kleinschalig warmtenet met een lokale warmtebron. Het kan bijvoorbeeld zo’n 400-800 woningen van warmte voorzien. Het kan stap voor stap ontwikkeld worden, waarbij steeds meer straten of buurten worden aangesloten. Bijzonder aan een buurtenergiesysteem is dat het door een buurtcoöperatie ontwikkeld kan worden, en dan (mede)eigendom is van de buurtbewoners. Zie voor meer informatie https://www.buurtenergiesysteem.nl/.

Pelletkachels In een pelletkachel of pellet-cv worden korrels van houtachtig materiaal verstookt. Pelletkachels verstoken dus biomassa. Omdat hierbij fijnstof vrijkomt, is de techniek minder geschikt om op grote schaal toe te passen in woonwijken. De publieke opinie ten opzichte van biomassa is omgeslagen. Daarmee zijn ook de beschikbare subsidies voor dit type oplossing gaan schuiven. We zien pelletkachels hooguit als tussenoplossing op individuele schaal.

8

Een warmtenet of buurtenergiesysteem is een verbindende schakel tussen grotere warmtebronnen en een aangesloten groep afnemers. De warmtebronnen leveren bij voorkeur duurzame warmte. Hieronder geven we een korte toelichting bij verschillende duurzame warmtebronnen.

Bron: Berenschot, 2018, Kansen voor zonnewarmte in het hart van de energietransitie

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 22

Restwarmte uit riolen, gemalen en afvalwaterzuiveringsinstallaties In Halderberge bevinden zich ook verschillende rioolgemalen. Uit het water wat hier doorheen stroomt kan warmte worden onttrokken. De rioolgemalen in Halderberge hebben samen een potentie van ongeveer 12 TJ per jaar. Met name het rioolgemaal ten noorden van Oudenbosch is interessant, die heeft een potentie van 6-10 TJ per jaar.

Collectieve biomassa voor Halderberge?

De gemeente Halderberge zet vooralsnog niet in op grootschalige stook van houtachtige biomassa. Biomassa is de verzamelnaam voor diverse soorten organische materiaal, zoals voedselresten, snoeihout, meststromen en productiebossen. De lokale productie van biomassa is beperkt. Momenteel wordt er nationaal daarom al biomassa uit het buitenland geïmporteerd. Dat is op den duur geen wenselijke situatie.

Door de gemeente Halderberge loopt ook een afvalwaterpersleiding (AWP2.0) die mogelijk interessant is als warmtebron. Na overleg met het Waterschap blijkt warmte winnen uit de leiding zelf lastig gezien er grover afval doorheen gaat wat problemen kan leveren bij een warmtewisselaar.

In Halderberge beschouwen we het verwarmen met biomassa alleen op kleine schaal als potentieel interessant, bijvoorbeeld in pelletkachels. Die oplossing kan overwogen worden als andere mogelijkheden ontbreken.

Indirecte warmte uitkoppeling, via de buitenkant van de buis, is alleen mogelijk door delen van de leiding opnieuw te vervangen, wat gezien recente renovatie niet wenselijk is op korte termijn. Het is wel een alternatief die we in de gaten willen houden en in verdere onderzoeken waar mogelijk mee zullen nemen.

Thermische energie uit oppervlaktewater Uit oppervlaktewater is warmte te winnen met een warmtewisselaar. Deze warmte kan in WKO-systemen worden opgeslagen en in de winter worden gebruikt. Om een bruikbare temperatuur te maken is wel een warmtepomp nodig. In de gemeente Halderberge zien we de volgende bronnen voor thermische energie uit oppervlaktewater: Water Mark Vijvers ten zuiden van Oudenbosch Mark-Vlietkanaal Blankershove vijver Kibbelvaart Mark/Dintel

Dorpskern Oudenbosch Oudenbosch Oud-Gastel Oud-Gastel Hoeven Stampersgat, Oudenbosch

Zonnewarmte (veld) Warmte uit zonnecollectoren kan ook grootschalig worden ingezet. Zonnecollectoren of PVT-panelen (die warmte en elektriciteit opwekken) kunnen in veldopstelling worden geplaatst. Dat is dan een zonneweide. De warmte wordt via een warmtenet geleverd aan afnemers.

Potentie 65 TJ/jaar 42 TJ/jaar 160 TJ/jaar 24 TJ/jaar 33 TJ/jaar 110-475 TJ/jaar

Het maximaal potentieel voor zonnewarmte in veldopstelling is ongeveer 10 TJ per hectare.8 Gezien het potentieel is het wel interessant voor een landelijke gemeente zoals Halderberge, het kan een aanvullende duurzame warmtebron zijn voor een warmtenet. Restwarmte bedrijven Bij industriële processen blijft soms warmte over die niet binnen het bedrijf gebruikt kan worden. De temperatuur van de restwarmte is afhankelijk van het bedrijfsproces. Een warmtenet kan deze warmtebron verbinden met afnemers.

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 23

Een voorbeeld die net buiten de gemeentegrens valt is de Cosun Beet Company (Suikerunie) met minimaal 90 TJ restwarmte per jaar. Er is eerder verkend of Cosun Beet Company restwarmte kan leveren, maar die koppelkans lijkt klein. Het oogsten verwerkingsseizoen van de bieten is ook seizoensgebonden, waardoor er niet op alle wenselijke momenten restwarmte beschikbaar kan komen. De leveringszekerheid (op lange termijn) is bij alle restwarmte een aandachtspunt..

Biogas kunnen we maken uit verschillende grondstoffen. Voorbeelden zijn vloeibare mest en GFT-afval. In Halderberge is er in totaal voor ongeveer 132 TJ per jaar aan biogas potentie.9 Dat is relatief veel ten opzichte van andere gemeenten en hierboven genoemde warmtebronnen. Een keerzijde bij biogas is dat het verspreid beschikbaar is over de gehele gemeente. Het verbinden van bronnen en afnemers van biogas kan daarom uitdagend zijn.

Uit de analyse is daarom gebleken dat er (op dit moment) geen bedrijven in Halderberge zijn met een interessante hoeveelheid restwarmte.

In Nederland is niet voldoende biogas om in alle warmtebehoefte te voorzien. Dit geldt ook voor Halderberge. We kunnen dus niet alle woningen verwarmen met biogas. Daar komt bij dat biogas ook interessant is voor de industrie waar een hogere temperatuur nodig is.

Een provinciale warmteleiding?

Onze inschatting is dat in totaal 10-20% van de woningen in Halderberge op termijn verwarmd kunnen worden met biogas10. Het lokaal beschikbare biogas is daarom allereerst interessant voor lastig te isoleren panden of industriële activiteiten met een hogere temperatuur warmtebehoefte.

In de Regionale Energiestrategie West-Brabant wordt de mogelijkheid van een grote warmteleiding tussen onder meer Moerdijk en Roosendaal. Die leiding zou dan Halderberge doorkruisen. Op dit moment is de komst van deze leiding nog niet zeker. Als gemeente volgen we deze ontwikkeling en passen daar zo nodig onze plannen op aan.

Is propaangas een duurzaam alternatief? Propaangas lijkt veel op aardgas, met kleine aanpassingen zijn cv-ketels ook geschikt te maken voor propaangas. Net als aardgas is propaangas in de basis niet duurzaam, het is een bijproduct bij olie- en er komen dus broeikasgassen vrij. Woningen in het buitengebied die niet zijn aangesloten op het gasnet gebruiken doorgaans propaangas in tanks voor hun gasbehoefte.

Duurzaam gas Een derde mogelijkheid is om een deel van de woningen in Halderberge met duurzaam gas te verwarmen. Daarbij zijn enkele verschillende opties. Biogas Biogas wordt geproduceerd door organisch materiaal te vergisten. De samenstelling van biogas is anders dan die van aardgas. Biogas is dus niet hetzelfde als aardgas. Biogas kan daarom niet zomaar worden ingevoerd op het bestaande gasnet. Eerst moet biogas worden opgewaardeerd tot ‘aardgask aliteit’. In dat geval spreken e van ‘groen gas’.

9

Gezien het een fossiele brandstof is willen we voorkomen dat inwoners van aardgas overstappen op propaangas. In eerste instantie willen we dit bereiken door goede informatie te geven over de duurzame alternatieven. Door het Rijk is aangegeven dat er zo nodig ook regels gesteld gaan worden aan het voorkomen van de overstap van aardgas op andere fossiele brandstoffen.

10

Bron: Verkenning bio-energie West Brabant

Bron: RES West Brabant

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 24

en ‘ aterstof’ gasnet kan waterstof-ketels voorzien. Belangrijk is dat bij een keuze voor waterstof de hele keten over moet gaan op waterstof. Het gasnet kan dan niet een gedeelte van de aansluitingen van aardgas blijven voorzien.

Waterstof Waterstofgas kan worden geproduceerd uit water of fossiele energie, het komt op zichzelf niet voor in de natuur. Er is veel energie nodig om waterstof te produceren. Het verwarmen via waterstof verbruikt daardoor veel meer elektriciteit dan bijvoorbeeld een verwarming via warmtepompen.

Relevant om te noemen zijn twee aandachtspunten: 1) Bij een overstap op waterstof is het nodig om alle cv-ketels hier correct op af te stellen. De branders moeten worden afgesteld, en in sommige gevallen zal de gehele ketel moeten worden vervangen. 2) Bij een overstap naar waterstof moet de gehele keten in een zo kort mogelijke periode worden omgezet. Want de beschikbaarheid van warmte wordt tijdens het overstappen onderbroken. Er mogen geen onveilige situaties ontstaan, terwijl tegelijkertijd een lange onderbreking voorkomen moet worden. Dit is een grote logistieke uitdaging.

Interessant aan waterstofgas is dat er bij verbranding geen CO2 vrijkomt. Keerzijde is wel dat diezelfde hoeveelheid CO2 elders in de (productie)keten kan ontstaan. Dat is afhankelijk van de productiemethode van waterstofgas. De opties zijn: •

Blauwe waterstof: In het geval van blauwe waterstof wordt fossiel aardgas gesplitst in een deel waterstof en een deel CO2. Hierna kan de CO2 worden opgeslagen in lege gasvelden of zoutcavernes. Bij een keuze voor blauwe waterstof blijven we dus afhankelijk van aardgas.

•

Groene waterstof: In het geval van groene waterstof wordt water (H2O) met elektriciteit gesplitst in een deel waterstof en een deel zuurstof (O2). Dan zijn we dus niet meer afhankelijk van aardgas. Wel is er veel elektriciteit nodig om groene waterstof te produceren. Die elektriciteit moet dan ook duurzaam worden opgewekt. Dat zou kunnen met windturbines en/of zonneweides.

Groene waterstof voor Halderberge? Waterstof is een energiedrager en moet worden geproduceerd. Het is logisch om de energie om waterstof mee te produceren dan lokaal en duurzaam wordt geproduceerd. Want de energietransitie lukt niet als elke gemeente vindt dat windmolens en zonneweides vooral ergens anders moeten komen. Het systeemrendement voor de productie, het transporteren en het verwarmen van een woning met waterstof is ongeveer 54%. Om 1 TJ verwarming te leveren met groene waterstof is daarom 1,85 TJ duurzame elektriciteit nodig. Voor de benodigde 877 TJ (zie Tabel 1) warmte in 2050 zou dan ruim 1.629 TJ duurzame elektriciteit nodig zijn. Daarvoor zouden dan extra windmolens of zonneweides nodig zijn. Omgerekend is het volgende aantal windmolens of oppervlak zonneweide nodig om de 1629 TJ per jaar aan duurzame elektriciteit voor groene waterstof te produceren: • Ongeveer 45 windmolens, of • Ongeveer 1.267 voetbalvelden

Groene waterstof is vooralsnog duur en weinig beschikbaar. Dat zal de komende 15 jaar waarschijnlijk zo blijven. Waterstof is bij uitstek geschikt om hoge temperaturen te maken. Het is dan ook het meest logisch om waterstof in eerste instantie in te zetten daar waar hoge temperaturen noodzakelijk zijn, zoals in de industrie. De waterstofladder van Natuur en Milieu laat dit mooi zien. Ook voor zwaar transport of het balanceren van het elektriciteitsnet kan waterstof interessant zijn. De bestaande gasinfrastructuur is met beperkte aanpassingen inzetbaar voor waterstof. Voorwaarde daarbij is wel dat er een keuze wordt gemaakt: en ‘aardgas’ gasnet kan traditionele cv-ketels voorzien.

Transitievisie Warmte Halderberge - Concept 25

5. Warmtevisie Halderberge 2050 In hoofdstuk 4 zijn de warmtevraag en de warmtebronnen in kaart gebracht. In dit hoofdstuk brengen we alle informatie samen en maken we een start met het matchen van de warmtebronnen en de warmtevraag. Welke bronnen zijn het best in te zetten op welke plek?

aantrekkelijk een buurtenergiesysteem of warmtenet aan te leggen. Ook zijn er enkele oudere linten waar hybride systemen van warmtepompen of een cv-ketel op duurzaam gas aantrekkelijk is. Welke warmtevoorziening waar het meest geschikt is, is te zien in Figuur 7. Op deze kaart zien we de volgende zones:

Dit hoofdstuk geeft een visie op de warmtevoorziening in 2050, een totaalbeeld van de gemeente Halderberge. Dit eindbeeld ligt nog niet vast. Voor de verkenningsbuurten (zie paragraaf 1.4) worden de komende jaren diverse s enario’s grondiger uitge erkt en met elkaar vergeleken. Pas na een gedetailleerd haalbaarheidsonderzoek en intensieve participatie in een buurt valt het definitieve besluit over welke warmtevoorziening er in die buurt zal komen, en per wanneer.

Het buitengebied van Halderberge en delen van Oudenbosch, Oud-Gastel, Hoeven en Bosschenhoofd.

Individuele oplossingen

In gebieden met een lagere bebouwingsdichtheid, waar bijvoorbeeld veel vrijstaande huizen of twee-onder-één-kap woningen staan, zijn oplossingen per woning de meest voordelige oplossing. Een buurtenergiesysteem of warmtenet is hier al snel te kostbaar om aan te leggen, omdat de huizen ver uit elkaar liggen. Als woningen goed geïsoleerd zijn (label A, of de groene gebieden in Figuur 5), dan is een luchtwarmtepomp of bodemwarmtepomp geschikt. Voor redelijk geïsoleerde woningen (de oranje gebieden in Figuur 5), kan gekozen worden om eerst te isoleren, of voor bijvoorbeeld een warmtepomp op middentemperatuur (circa 70 °C).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/510/documents/15244