Programmabegroting 2024 DEFINITIEF.pdf
Tekst van het document
Beleidsvoornemens:Voor 2024 is geen specifiek beleid aangegeven
Borchwerf II B.V. Doel of belang dat wordt behartigd:
Doel van de vennootschap is het oprichten en als beherend vennoot optreden van de commanditaire vennootschap Borchwerf II en het doen realiseren van de ontwikkeling van het bestemmingsplan / bouwplan Borchwerf II.
Beleidsvoornemens:Voor 2024 is geen specifiek beleid aangegeven
Borchwerf II C.V., gevestigd in Oud Gastel (Gemeente Halderberge) Doel of belang dat wordt behartigd:
Het doel van de vennootschap is het uitoefenen van een onderneming, omvattende de realisatie van de ontwikkeling van het bedrijventerrein Borchwerf 2 en het beheer van en beschikken over registergoederen, het verstrekken en aangaan van geldleningen en het stellen van zekerheden. Als beherend vennoot treedt op Borchwerf II B.V.
Beleidsvoornemens:Zie de bovenstaande toelichting bij het onderdeel beleidsvoornemens bij Borchwerf II B.V.
Richtlijnen 2025
Niet van toepassing
Stichting Beheer Borchwerf II Doel of belang dat wordt behartigd:
De stichting heeft tot doel het parkmanagement van Borchwerf 2 uit te voeren. De gemeente Halderberge draagt hierin bij en heeft zitting in het bestuur.
Beleidsvoornemens:Voor 2024 is geen specifiek beleid aangegeven.
Richtlijnen 2025
34
Niet van toepassing
Brabant Water N.V. Doel of belang dat wordt behartigd:
De levering van drinkwater van hoge kwaliteit, water op maat en water gerelateerde producten en diensten.
Beleidsvoornemens:Voor 2024 is geen specifiek beleid aangegeven.
Richtlijnen 2025
Niet van toepassing
Samenwerkingsverband Reinigingsdiensten N.V. (SAVER) Doel of belang dat wordt behartigd:
Uitvoering van de wettelijke en autonome taken op het gebied van reiniging en afvalverwijdering.
Beleidsvoornemens:Voor 2024 is geen specifiek beleid aangegeven.
Richtlijnen 2025
Niet van toepassing
REWIN NV Doel of belang dat wordt behartigd:
De regionale ontwikkelingsmaatschappij REWIN West-Brabant is actief voor een economisch veerkrachtig West-Brabant. REWIN voert daarbij de Economische Agenda uit; de visie voor de regio zoals vastgesteld door de Economic Board West-Brabant, door overheid, onderwijs en bedrijfsleven samen. Met de inzet van regionale programma’s gericht op het versterken en vernieuwen van de sectoren maintenance, logistiek en agrofood/biobased. En door het bevorderen van startups & innovatief mkb en het aantrekken van nieuwe vestigers die een meerwaarde vormen voor de West-Brabantse economie.
Beleidsvoornemens Voor 2024 is geen specifiek beleid afgegeven.
Richtlijnen 2025
Niet van toepassing
1.4.8 Wat mag het kosten? In onderstaande tabel zijn de baten en lasten van het programma Ruimtelijke en economische ontwikkelingen opgenomen (x € 1.000). Programma Ruimtelijke en economische ontwikkelingen
2023
2024
2025
2026
2027
2.3 Recreatieve havens
65
151
353
344
345
3.1 Economische ontwikkeling
593
637
605
621
639
3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur
241
273
273
273
273
3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
47
23
23
24
25
3.4 Economische promotie
270
253
259
259
264
3.824
4.007
4.231
4.469
4.719
877
1.622
1.667
1.122
1.163
Lasten per taakveld
7.3 Afval 7.4 Milieubeheer
35
Programma Ruimtelijke en economische ontwikkelingen
2023
2024
2025
2026
2027
8.1 Ruimte en leefomgeving
1.335
1.298
1.654
1.256
1.362
8.2 Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen)
5.864
6.419
13.022
1.966
50
8.3 Wonen en bouwen
1.480
1.515
1.569
1.618
1.646
Totaal lasten Ruimtelijke en economische ontwikkelingen
14.597
16.197
23.656
11.953
10.486
117
142
200
193
191
Kapitaallasten Investeringsprogramma 2024 - 2027
0
0
110
109
109
Kapitaallasten grondexploitaties
49
-45
-21
47
0
Direct toe te rekenen salarislasten
3.100
3.428
3.533
3.652
3.771
2.3 Recreatieve havens
21
53
54
56
57
3.1 Economische ontwikkeling
6
6
6
6
6
3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur
0
0
0
0
0
3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
20
21
21
22
23
3.4 Economische promotie
660
661
662
664
665
4.747
5.062
5.332
5.618
5.920
6
579
585
7
7
8.1 Ruimte en leefomgeving
153
298
303
307
312
8.2 Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen)
6.043
6.509
13.383
6.461
40
516
511
526
457
296
Totaal baten Ruimtelijke en economische ontwikkelingen
12.173
13.700
20.872
13.597
7.325
Saldo
-2.424
-2.498
-2.784
1.644
-3.161
Waarvan: Kapitaallasten bestaande activa
Baten per taakveld
7.3 Afval 7.4 Milieubeheer
8.3 Wonen en bouwen
36
Programma Zorg, jeugd en participatie
1.5.1 Inleiding Het uitgangspunt voor zorg, jeugd en participatie in het bestuursakkoord Samen aan de Slag is dat het huidige beleid wordt voortgezet. De uitgangspunten hierin zijn: de mens centraal, de kracht van samen, de touwtjes zelf in handen hebben en preventie. Veel mensen kunnen goed meedoen in de huidige samenleving. Voor wie dit niet vanzelfsprekend is, bieden we samen met inwoners en regionale en maatschappelijke partners ondersteuning waar dat nodig is. 1.5.2 Wat willen we bereiken (speerpunten)? Inwoners van Halderberge zijn zo gezond mogelijk. De inwoners van Halderberge doen mee naar vermogen en zijn financieel gezond. De inwoners van Halderberge ondersteunen elkaar en zetten zich actief in voor hun omgeving. Halderbergse kinderen kunnen opgroeien tot zelfredzame volwassenen.
1.5.3 Wat doen we al? Huidig beleid (wat voortgezet wordt): • Beleidsplan sociaal domein “de kracht van samen” • Verordeningen Jeugdwet, Wmo en Participatiewet • Regiovisie Jeugd • Regiovisie Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang • Beleidsplan Hulp bij Financiële Zorgen • Regionale nota ‘Integraal Armoede- en schuldenbeleid’ • Regionaal beleidsplan inburgering ‘Iedereen doet mee’ • Regionaal beleidsplan Aanpak Laaggeletterdheid • Beleidskader Geweld in afhankelijkheidsrelaties en Meldpunt Crisiszorg • Regionaal Beleidsplan aanpak mensenhandel 2022-2025 De Markiezaten Huidige werkzaamheden: Samen met partners organiseren we passende ondersteuning voor en met inwoners, wanneer zij het zelf niet redden. We werken dichtbij onze inwoners en zetten in op preventie. We luisteren naar de vraag en kijken met een brede blik samen met de inwoner naar wat nodig is. Ook voeren we de regie op uitvoeringsorganisaties en werken we in de regio intensief samen. Hierbij geven we kaders mee voor de uitvoering. We leven in onzekere tijden. De tweedeling in de samenleving neemt toe en er is veel zorg over de financiële draagkracht van inwoners. Ook staan de budgetten voor het sociaal domein onder druk terwijl we een hogere zorgvraag zien. We zetten daarom alle zeilen bij om de gestelde doelen op een efficiënte manier uit te voeren.
Jaarlijks bepalen we in het uitvoeringsprogramma sociaal domein ‘De kracht van samen’, waar we dat jaar op inzetten. Deze werkwijze blijven we voortzetten.
37
Om de zorg in de toekomst toegankelijk en betaalbaar te houden is (landelijk) ingezet op een meer gezonde generatie (Gezond en Actief Leven Akkoord) en een transformatie in de zorg (Integraal Zorg Akkoord). De landelijke afspraken vanuit het Gezond en Actief Leven Akkoord en het Integraal Zorgakkoord zijn vertaald naar een lokaal plan van aanpak ‘Gezond en Actief Halderberge’. De inzet van dit plan is de preventie te versterken en te verduurzamen door meer samenhang aan te brengen tussen gezondheid, sport en bewegen, cultuur en de sociale basis waaronder welzijn. We werken hier samen met onze inwoners, lokale en regionale partners aan. De activiteiten die hieruit voortvloeien nemen we op in het uitvoeringsprogramma sociaal domein ‘De kracht van samen'. 1.5.4 Kritische succesfactoren Medewerking van externe partners kunnen we niet afdwingen zoals bijvoorbeeld bij het Bravis/Medisch Centrum Oudenbosch. 1.5.5 Ontwikkelingen jeugdzorg Binnen de jeugdzorg staan ons een aantal grote opgaves te wachten te verbetering van de jeugdzorg. Eén van deze opgaves is de hervormingsagenda die op 19 juni 2023 is vastgesteld. De hervormingsagenda bevat een groot pakket maatregelen om de jeugdzorg te verbeteren en financieel houdbaar te krijgen waarin gemeentes een taak in hebben. Er zal structureel worden geïnvesteerd in de landelijke kwaliteit en effectiviteit van jeugdhulp.
Ook komt er een aanpassing van de Jeugdwet, waardoor duidelijker wordt waarvoor kinderen en ouders hulp kunnen krijgen. Gemeenten worden verplicht bepaalde specialistische zorg regionaal in te kopen om beschikbaarheid en continuïteit van zorg beter te organiseren. Er zal minder papierwerk en administratie nodig zijn, zodat medewerkers daar zo min mogelijk tijd aan kwijt zijn. Ook zullen wijkteams worden versterkt en moet betere samenwerking met bijvoorbeeld het onderwijs ervoor zorgen dat kinderen en jongeren meer met collectieve voorzieningen worden ondersteund. Uithuisplaatsingen willen we zoveel mogelijk voorkomen en terugdringen. Een andere opgave is het toekomstscenario. Dit is een landelijk programma. De huidige jeugdbeschermingsketen is complex georganiseerd met vele betrokken. De vele schakels sluiten niet altijd op elkaar aan, met als gevolg dat de juiste hulp en bescherming tekort kan schieten. Daar moet verandering in komen. Centraal in het scenario staat de hulp en bescherming van het kind en gezin in onveilige en bedreigende situaties. Daarbij is er niet alleen oog voor het kind, maar ook voor de volwassenen. Het doel is om tijdige en passende hulp en bescherming te bieden aan kinderen en gezinnen. Het is voor het kind, de ouders en de professionals belangrijk om de jeugdbescherming slimmer en effectiever te organiseren, als onderdeel van een brede, gezinsgerichte aanpak.
Een andere belangrijke opgave is de JeugdzorgPlus. Het streven is nul plaatsingen binnen de JeugdzorgPlus en de huidige grootschalige locaties zullen getransformeerd worden naar kleinschalige, open plekken in de samenleving. De verantwoordelijkheid van deze grote transformatie op inhoud en financiën wordt gedragen door de 3 jeugdhulpregio’s West Brabant Oost, Zeeland en West Brabant. De laatste opgave is dat we nog meer de verbinding en samenwerking dienen te zoeken tussen onderwijs en zorg. Het doel is dat alle kinderen gebruik kunnen maken van onderwijs. Zeker voor kinderen met een (grote) ondersteuningsbehoefte is het van belang dat zij onderwijs kunnen blijven volgen en niet thuis komen te zitten. Vaak hebben deze kinderen zorg nodig in de tijd dat zij op school zijn. Een manier om dit o.a. goed te kunnen bieden en te organiseren zijn de onderwijs-zorg arrangementen. In een onderwijs-zorg arrangement komen onderwijs en zorg zowel op inhoud en financieel vlak samen waardoor kinderen onderwijs kunnen blijven volgen en voorkomen wordt dat zij thuis komen te zitten. De opgaves zijn vooral maatregelen die een meerjarenplan omvatten waarvan de effectiviteit op langere termijn zichtbaar zal moeten worden. Met deze opgaves zijn financiële middelen nodig waarvan we nu nog niet weten wat de omvang zal zijn. Tevens staat ons vanaf 2026 en verder een bezuiniging te wachten.
38
1.5.6 Beleidsindicatoren Lokale indicatoren In het beleidsplan van het sociaal domein "de kracht van samen" zijn een aantal doelen gesteld. Het wel of niet behalen van deze doelen worden met een specifieke set aan indicatoren gemonitord door middel van de monitor sociaal domein. Deze monitor wordt jaarlijks opgesteld en via de reguliere P&C cyclus bij de jaarrekening aan uw raad aangeboden. BBV-indicatoren De onderstaande verplichte indicatoren vallen onder het programma Zorg, jeugd en participatie (bron: www.waarstaatjegemeente.nl; d.d. 4 september 2023). Indicator Banen1
Jongeren met een delict voor de rechter2
Kinderen in uitkeringsgezin3
Netto arbeidsparticipatie4
Werkloze jongeren5
Personen met een bijstandsuitkering6
Lopende re-integratievoorzieningen7
Jongeren met jeugdhulp8
Jongeren met jeugdbescherming9
Jongeren met jeugdreclassering10
2019
2020
2021
2022
Halderberge
549,0
512,2
520,2
540,3
Vergelijkbare gemeenten
585,4
584,0
587,2
603,9
Halderberge
1,0%
1,0%
1,0%
Vergelijkbare gemeenten
1,0%
1,0%
1,0%
Halderberge
6,0%
6,0%
6,0%
Vergelijkbare gemeenten
4,0%
4,0%
4,0%
Halderberge
70,0%
69,5%
70,5%
71,8%
Vergelijkbare gemeenten
70,4%
70,1%
71,0%
72,5%
Halderberge
1,0%
2,0%
1,0%
Vergelijkbare gemeenten
1,0%
2,0%
1,0%
Halderberge
225,8
337,8
269,1
Vergelijkbare gemeenten
253,8
325,8
277,7
Halderberge
100,8
106,8
149,3
152,9
Vergelijkbare gemeenten
188,1
194,0
?
192,0
Halderberge
11,2%
10,4%
Vergelijkbare gemeenten
12,0%
11,8%
Halderberge
0,8%
0,9%
Vergelijkbare gemeenten
1,2%
1,2%
0,3%
0,3%
Halderberge Vergelijkbare gemeenten
39
Indicator Cliënten met een maatwerkarrangement WMO11
2019
2020
2021
2022
Halderberge
730,0
740,0
770,0
780,0
Vergelijkbare gemeenten
643,0
676,0
689,0
?
1 Het aantal banen, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar. 2 Het percentage jongeren (12-21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen. 3 Het percentage kinderen tot 18 jaar dat in een gezin leeft dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen. 4 Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking. 5 Het percentage werkeloze jongeren (16-22 jaar). 6 Het aantal personen met een bijstandsuitkering, per 10.000 inwoners. 7 Het aantal re-integratievoorzieningen, per 10.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar. 8 Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzicht van alle jongeren tot 18 jaar. 9 Het percentage jongeren tot 18 jaar met een jeugdbeschermingsmaatregel ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar. 10Het percentage jongeren (12 tot 23 jaar) met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren (12 tot 23 jaar). 11 Aantal per 10.000 inwoners in de betreffende bevolkingsgroep. Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Voor de Wmo gegevens geldt dat het referentiegemiddelde gebaseerd is op 327 deelnemende gemeenten.
1.5.7 Wat gaan we daarvoor doen in 2024? Door de gemeenteraad is het beleidsplan sociaal domein “de kracht van samen” vastgesteld. Dit beleidsplan bepaalt de koers en kaders voor de komende jaren. Jaarlijks wordt samen met partners bepaald wat er gedaan wordt om aan de doelen uit het beleidsplan te werken. Dit wordt opgenomen, samen met alle acties uit het collegewerkprogramma, in een jaarlijks uitvoeringsprogramma. Eind 2023 wordt het uitvoeringsprogramma 2023 geëvalueerd en wordt een nieuw uitvoeringsprogramma 2024 opgesteld, wat ter informatie aan de gemeenteraad wordt verzonden. De verantwoording van (de hoofdlijnen van) het uitvoeringsprogramma vindt plaats in de monitor sociaal domein en bij de jaarrekening. Er worden daarom nu geen concrete acties/activiteiten opgenomen. Voor acties/activiteiten die bijdragen aan de doelstellingen van het beleidsplan en waar extra financiële middelen voor nodig zijn, wordt in eerste instantie de reserve innovaties en knelpunten sociaal domein ingezet. Als deze reserve is uitgeput of als het om een structurele actie/activiteit gaat, zal in de Zomernota 2024 een voorstel worden gedaan voor extra middelen.
40
1.5.8 Verbonden partijen Gemeenschappelijke regeling GGD West-Brabant Doel of belang dat wordt behartigd:
Het behartigen van de belangen van de gemeenten op het gebied van de publieke gezondheid. Het samenwerkingsverband beheert de GGD West-Brabant.
Beleidsvoornemens:De GGD ziet als belangrijkste ontwikkelingen voor 2024 onder meer de totstandkoming van het landelijke Integrale Zorg Akkoord (IZA) en Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA), de versterking van de Infectieziektebestrijding en Pandemische Paraatheid, de inrichting van een regionaal vaccinatie expertisecentrum, de Omgevingswet en de doorontwikkeling van de eigen organisatie.
Richtlijnen 2025
Beleidsmatige richtlijnen: 1. De GGD geeft in de kaders en Beleidsbegroting 2025 duidelijk weer met welke concrete plannen invulling gegeven gaat worden aan de in het beleidsplan 2023-2026 ‘Wij maken samen gezond gewoon’ opgenomen 4 ambities en laten ze hun 3 gezonde geluiden horen. 2. Met behulp van prestatie-indicatoren brengt de GGD de resultaten in beeld die zij bereikt op de diverse door haar uit te voeren taken. De GGD heeft aangegeven in de tweede helft van 2023 te starten met het formuleren van indicatoren, samen met een afvaardiging van de gemeenten. Gezien de gemaakte afspraak dient de GGD de indicatoren op te nemen in de begroting 2024 en dienen deze ook terugkomen (evt. met uitbreiding) in de Beleidsbegroting 2025. 3. In het kader van GALA gaat de GGD aan de slag met het versterken van de (regionale) kennisen adviesfunctie. Daarnaast gaat ze aan de slag met de coördinatie. De concretisering van de coördinerende rol van de GGD wordt later uitgewerkt, waarbij gekeken wordt welke regionale thema’s worden opgepakt. Ook de precieze rol inzake de ketenaanpakken (vanuit IZA) wordt hierin uitgewerkt. 4. De GGD heeft binnen het basispakket haar diensten in het kader van de Omgevingswet in 2024 uitgebreid. De algemene bijdrage is met € 0,13 per inwoner verhoogd.
In de begroting geeft de GGD aan wat zij gemeenten in 2025 binnen het basispakket biedt aan advisering in het kader van de Omgevingswet, waarbij het uitgangspunt is dat binnen het basispakket zo veel mogelijk tegemoet wordt gekomen aan de vraag van gemeenten. De genoemde aantallen en termijnen dienen indicatief te zijn zodat voor (harde) afspraken eerst ervaring opgedaan wordt in de eerste jaren van de Omgevingswet. Financiële richtlijnen: Voor de financiële richtlijnen 2025 verwijzen wij u naar de paragraaf Verbonden Partijen.
Gemeenschappelijke regeling Regionale Ambulancevoorziening Brabant, Midden-West-Noord (RAV) Doel of belang dat wordt behartigd:
Regionaal ambulancevervoer.
Beleidsvoornemens:De RAV ziet het als dé uitdaging voor de toekomst om kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van (acute) zorg voor iedereen te garanderen bij een toenemende vraag naar spoedzorg en een groter wordend tekort aan zorgmedewerkers. De RAV hoopt dat zij als gevolg van haar uitgezette acties in 2024 over genoeg personeelscapaciteit kan beschikken om de paraatheid conform het geldende referentiekader in te vullen. Zij streeft er in 2024 naar om binnen 15 minuten responstijd bij 95% van de inzetten met A1 urgentie ter plaatse te zijn. Tijdigheid is slechts een van de indicatoren om kwaliteit van zorg te meten. In het Kwaliteitsmodel Ambulancezorg is een groter aantal indicatoren opgenomen om dit te meten. In de loop van de jaren worden deze indicatoren stapsgewijs geoperationaliseerd en verwerkt in de RAV-begroting.
Richtlijnen 2025
Beleidsmatige richtlijnen:
41
Gemeenschappelijke regeling Regionale Ambulancevoorziening Brabant, Midden-West-Noord (RAV) 1. De RAV waarborgt onder de Wet ambulancezorgvoorzieningen de kwaliteit en continuïteit van de ambulancezorg in heel haar werkgebied. De ambulancezorg dient blijvend te worden uitgevoerd zonder gemeentelijke financiële bijdragen. 2. Het Landelijk Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0 bevat 26 indicatoren waarmee daadwerkelijk het niveau van de geleverde zorg wordt gemeten. Tijdigheid in het spoedvervoer is er hier één van. De indicatoren zijn onderverdeeld in zeven segmenten: Bereikbare en beschikbare zorg, Patiënt centraal, Veilige zorg, Professionaliteit, Samenwerken, Continue verbeteren en Basis op orde. De RAV informeert de gemeenten hoe zij voldoet aan het landelijke kwaliteitskader. 3. In 2025 is naar verwachting de nieuwe urgentie-indeling ambulancezorg ingevoerd. De nieuwe indeling kent zeven in plaats van drie urgentieniveaus. De RAV verwerkt de nieuwe urgentie-indeling in haar begroting waarbij inzage in de responstijden op A1 en A2 ritten behouden blijft. Uitgangspunt dient te zijn dat in het hele werkgebied de responstijd voor A1 ritten niet meer dan 5% wordt overschreden (melding-aankomst meer dan 15 minuten). 4. In haar begroting geeft de RAV aan wat de landelijke Beleidsagenda Toekomstbestendige Acute Zorg van VWS betekent voor de ambulancezorg in haar werkgebied.
De beleidsagenda kent drie kernpunten: Kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg, Zorgcoördinatie en Samenwerking in de regio. Financiële richtlijnen: De RAV wordt via de zorgverzekeraars gefinancieerd. Om die reden zijn de financiele richtlijnen niet van toepassing op de RAV. Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningschap Westelijk Noord-Brabant (WVS) Doel of belang dat wordt behartigd:
WVS voert de Wet Sociale Werkvoorziening (Wsw) uit en heeft tot doel voor personen uit het werkgebied, die op enigerlei wijze niet in staat zijn om op eigen kracht passende arbeid te verwerven en/of te behouden, of voor wie de maatschappelijke participatie dient te worden bevorderd, een traject te verzorgen dat hetzij leidt naar (gesubsidieerde) arbeid, hetzij een sociaal isolement voorkomt of doorbreekt; daarnaast heeft WVS tot doel het organiseren van werk in een beschutte omgeving voor diegenen die hierop zijn aangewezen en overige ondersteuning te bieden aan inwoners binnen de Participatiewet.
Beleidsvoornemens:WVS voert de Wsw en het onderdeel beschut werken binnen de Participatiewet uit. Daarnaast draagt WVS met haar kennis en ervaring bij aan de re-integratie van mensen die onder de Participatiewet vallen en dan met name voor de voor de Werkpleinen nieuwe doelgroepen. WVS is het regionaal ontwikkelbedrijf. WVS werkt samen met het Werkplein Hart van West-Brabant en de ISD Brabantse Wal in de keten van de Participatiewet en biedt als ontwikkelbedrijf optimale ondersteuning aan inwoners die vallen onder de Participatiewet in hun ontwikkeling naar een betaalde baan of als dat niet haalbaar is betaalde detachering of vrijwilligerswerk. Deze ketensamenwerking zal in 2024 verder worden doorontwikkeld.
Richtlijnen 2025
42
Beleidsmatige richtlijnen: 1. WVS houdt inzichtelijk welke activiteiten en risico’s verbonden zijn aan de afbouw van het huidige SW-bestand in combinatie met de opdrachtportefeuille en stelt maatregelen voor om nadelige financiële gevolgen daarvan zoveel mogelijk te beperken. 2. WVS besteedt in de begroting aandacht aan de visie en ambitie rondom de doorontwikkeling van het sociaal ontwikkelbedrijf. Daarbij verwachten we dat de gemaakte keuzes rond de verschillende leerroutes vertaald worden in concrete doelstellingen en acties die bijdragen aan het realiseren van de ketensamenwerking. 3. De begroting 2025 van WVS is opgesteld in lijn met de ambities en doelstellingen van de integrale ketensamenwerking met het Werkplein Hart van West-Brabant en de ISD Brabantse Wal. De ketenpartners dienen hun activiteiten en inspanningen in samenhang te bezien, waarbij het resultaat van de organisaties tezamen optimaal dient te zijn.
Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningschap Westelijk Noord-Brabant (WVS) Financiële richtlijnen: Voor de financiële richtlijnen 2025 verwijzen wij u naar de paragraaf Verbonden Partijen. Gemeenschappelijke regeling Werkplein Hart van West-Brabant (HvWB) Doel of belang dat wordt behartigd:
Het Werkplein Hart van West-Brabant (hierna: het Werkplein) ondersteunt inwoners waarvan het (tijdelijk) niet lukt om deel te nemen aan de arbeidsmarkt. Zo ondersteunt het Werkplein inwoners bij het vinden van een plek op de arbeidsmarkt. Wanneer dit niet direct mogelijk is helpt het Werkplein inwoners middels begeleiding, bemiddeling en scholing (kort, vakgericht) bij de groei en ontwikkeling naar de arbeidsmarkt. Dit met als doel om inwoners weer financieel zelfredzaam te laten zijn. Inwoners die niet economisch zelfredzaam zijn, biedt het Werkplein een financieel vangnet in de vorm van een uitkering. Wie echt niet kan werken, wordt ondersteund bij de groei en ontwikkeling zodat zij naar vermogen mee kunnen doen aan de samenleving. Daarnaast voert het Werkplein per 2022 regie op de uitvoering van de nieuwe Wet Inburgering met het doel om inburgeraars zich tot het hoogst mogelijke niveau te laten ontwikkelen, zodat zij maximaal kunnen deelnemen aan de samenleving.
Beleidsvoornemens:Het Werkplein zet zich in 2024 in om zoveel mogelijk inwoners naar vermogen te laten participeren op de reguliere arbeidsmarkt of, indien dit niet mogelijk is, in de samenleving. In 2024 staat het ‘nieuwe Werkplein’. Dit betekent dat de behoefte van de van de inwoner aan ondersteuning leidend is in de dienstverlening; het Werkplein lokaal werkt en continu aandacht heeft voor het versterken van de samenwerking met de partners in het sociaal domein, de regionale arbeidsmarkt en het onderwijs. Het Werkplein werkt samen met de WVS en de ISD Brabantse Wal aan de doorontwikkeling van het gezamenlijke ‘ontwikkelbedrijf’, waar inwoners die vallen onder de Participatiewet optimaal worden ondersteund in hun ontwikkeling naar een betaalde baan of als dat niet haalbaar is betaalde detachering of vrijwilligerswerk. Deze ketensamenwerking zal in 2024 verder worden doorontwikkeld.
Richtlijnen 2025
Beleidsmatige richtlijnen: 1. Het Werkplein HvWB stelt een begroting voor het jaar 2025 op waarin de ambities van de deelnemende gemeenten tot uitdrukking komen met betrekking tot duurzame uitstroom van uitkeringsgerechtigden, het beperken van uitkeringslasten, het bieden van inkomensondersteuning en armoedebestrijding en het integraal samenwerking binnen het Sociaal Domein. 2. De begroting 2025 dient een duidelijke onderbouwing te bevatten van de manier waarop het Werkplein HvWb de hiervoor genoemde ambities gaat realiseren, alsmede de lasten die daarmee gepaard gaan. 3. De onderbouwing bevat concrete maatregelen die afdoende zijn om aanspraak te kunnen maken op een uitkering in het kader van de vangnetregeling mocht er voor 2025 uiteindelijk onverhoopt toch sprake zijn van een overschrijding van de BUIG-budgetten. 4. De begroting 2025 van het Werkplein HvWB is opgesteld in lijn met de ambities en doelstellingen van de integrale ketensamenwerking met WVS en de ISD Brabantse Wal. De ketenpartners dienen hun activiteiten en inspanningen in samenhang te bezien, waarbij het resultaat van de organisaties tezamen optimaal dient te zijn. Financiële richtlijnen: Voor de financiële richtlijnen 2025 verwijzen wij u naar de paragraaf Verbonden Partijen.
43
Gemeenschappelijke regeling inzake Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en Meldpunt Crisiszorg WestBrabant (Veilig Thuis) Doel of belang dat wordt behartigd:
Met Veilig Thuis is er één advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling voor de regio West-Brabant. De missie van Veilig Thuis is om huiselijk geweld en kindermishandeling te stoppen, terug te dringen en de schade ervan te beperken en zo de cirkel van geweld, de overdracht van generatie op generatie te doorbreken. Ook heeft Veilig Thuis de taak sinds 2019 om te zorgen voor één Meldpunt Crisiszorg in de regio West-Brabant.
Beleidsvoornemens De ambitie blijft (net als de afgelopen jaren) het voorkomen, stoppen en blijvend oplossen van huiselijk geweld en kindermishandeling. Iedereen in West-Brabant verdient het om zich thuis veilig te voelen. Alleen dan zijn kinderen en volwassenen in staat zich te ontwikkelen, om mee te doen in de samenleving en om eigen keuzes te maken, nu en in de toekomst. Hiervoor is passende ondersteuning, hulp of behandeling, bescherming en toezicht nodig. Dichtbij, zo vroeg mogelijk en zo lang als nodig is. Om dit te bereiken wordt er verder gewerkt aan de doelen die gesteld zijn bij de start van het regionale programma Geweld Hoort Nergens Thuis wat we vanaf het jaar 2019 uitvoeren. Het gaat om dezelfde doelen / actielijnen die het landelijk programma Geweld Hoort Nergens Thuis had geformuleerd en waar goede resultaten mee geboekt zijn. Deze zijn daarom ook opgenomen in het regionaal beleidsplan Geweld in afhankelijkheidsrelaties en meldpunt crisiszorg: • Eerder en beter in beeld • Stoppen en duurzaam oplossen • Specifieke groepen beter bedienen; in dit geval geven we aandacht aan ouderenmishandeling.
Richtlijnen 2025
Niet van toepassing.
1.5.9 Wat mag het kosten? In onderstaande tabel zijn de baten en lasten van het programma Zorg, jeugd en participatie opgenomen (x € 1.000). Programma Zorg, jeugd en participatie
2023
2024
2025
2026
2027
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
3.783
4.587
5.267
5.679
5.438
6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
3.208
3.431
3.550
3.673
3.800
6.3 Inkomensregelingen
11.192
12.348
12.694
12.996
13.307
6.4 WSW en beschut werk
5.448
5.814
5.594
5.335
5.081
729
764
792
816
843
6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)
1.311
1.544
1.548
1.565
1.583
6.71a Huishoudelijke hulp (WMO)
2.954
3.060
3.147
3.236
3.329
6.71b Begeleiding (WMO)
2.850
2.544
2.617
2.693
2.770
6.71c Dagbesteding (WMO)
84
88
91
94
96
6.72a Jeugdhulp begeleiding
0
105
61
0
0
6.72b Jeugdhulp behandeling
0
1.393
1.451
1.494
1.539
Lasten per taakveld
6.5 Arbeidsparticipatie
44
Programma Zorg, jeugd en participatie
2023
2024
2025
2026
2027
0
692
712
734
756
4.937
266
271
276
281
561
603
621
640
659
6.73b Gezinsgericht
0
2.254
2.355
2.425
2.497
6.73c Jeugdhulp met verblijf overig
0
909
936
964
992
6.74a Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf
0
64
66
68
70
6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZverblijf
161
354
359
364
370
6.74c Gesloten plaatsing
222
340
340
340
340
6.81a Beschermd wonen (WMO)
130
130
130
130
130
6.81b Maatschappelijkeen vrouwenopvang
129
143
143
144
144
6.82a Jeugdbescherming
439
444
457
471
485
6.82b Jeugdreclassering
32
13
13
13
14
7.1 Volksgezondheid
1.345
1.469
1.520
1.573
1.628
Totaal lasten Zorg, jeugd en participatie
39.515
43.359
44.737
45.723
46.151
Kapitaallasten bestaande activa
77
152
390
436
431
Kapitaallasten Investeringsprogramma 2024 - 2027
0
0
103
435
445
2.691
2.850
2.964
3.081
3.201
516
1.276
1.899
1.462
1.108
0
0
0
0
0
7.037
7.883
8.156
8.327
8.502
6.4 WSW en beschut werk
0
0
0
0
0
6.5 Arbeidsparticipatie
0
0
0
0
0
6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)
295
309
311
312
313
6.71a Huishoudelijke hulp (WMO)
0
0
0
0
0
6.72c Jeugdhulp dagbesteding 6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig 6.73a Pleegzorg
Waarvan:
Direct toe te rekenen salarislasten
Baten per taakveld 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen 6.3 Inkomensregelingen
45
Programma Zorg, jeugd en participatie
2023
2024
2025
2026
2027
6.71b Begeleiding (WMO)
0
0
0
0
0
6.71c Dagbesteding (WMO)
0
0
0
0
0
6.72a Jeugdhulp begeleiding
0
0
0
0
0
6.72b Jeugdhulp behandeling
0
0
0
0
0
6.72c Jeugdhulp dagbesteding
0
0
0
0
0
6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig
0
0
0
0
0
6.73a Pleegzorg
0
0
0
0
0
6.73b Gezinsgericht
0
0
0
0
0
6.73c Jeugdhulp met verblijf overig
0
0
0
0
0
6.74a Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf
0
0
0
0
0
6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZverblijf
0
0
0
0
0
6.74c Gesloten plaatsing
0
0
0
0
0
6.81a Beschermd wonen (WMO)
0
0
0
0
0
6.81b Maatschappelijkeen vrouwenopvang
0
0
0
0
0
6.82a Jeugdbescherming
0
0
0
0
0
6.82b Jeugdreclassering
0
0
0
0
0
7.1 Volksgezondheid
8
8
8
8
8
7.855
9.476
10.373
10.109
9.931
-31.660
-33.883
-34.363
-35.615
-36.220
Totaal baten Zorg, jeugd en participatie
Saldo
46
Programma Onderwijs, sport en cultuur
1.6.1 Inleiding Het programma Onderwijs, sport en cultuur is gericht op het bieden van goed onderwijs in aantrekkelijke schoolgebouwen. Vanuit dit programma worden activiteiten op het gebied van sport en bewegen mogelijk gemaakt. Ook wordt de beleving van kunst, cultuur en cultuurhistorie aangemoedigd. 1.6.2 Wat willen we bereiken (speerpunten)? We voeren de plannen uit, zoals die zijn vastgelegd in het Integraal Huisvestingsplan (IHP) Opvang en onderwijshuisvesting. In dit plan nemen we ook onderwijs & spelen en de vergroening van schoolpleinen mee. Verdere ontwikkeling van de integrale kindcentra; hierin werken kinderopvang en (basis)onderwijs zoveel mogelijk samen. Sportverenigingen kunnen gebruik maken van goede voorzieningen. Er zijn betaalbare sportvoorzieningen binnen de hele gemeente. Inwoners kunnen sporten en bewegen bij sportvoorzieningen en ook in de openbare ruimte. De belevingswaarde vergroten van wat we hebben aan kunst, cultuur en cultuurhistorie. We willen samen met de inwoners zorgen dat er meer kunst in de openbare ruimte komt.
1.6.3 Wat doen we al? Huidig beleid (wat voortgezet wordt): • Beleidsplan sociaal domein "De kracht van Samen" • Integraal huisvestingsplan onderwijs (2021) • Visiedocument Kindcentra in de gemeente Haldeberge (2019) • Verordening Onderwijshuisvesting (2022) • Verordening leerlingenvervoer • Lokale meld en Coördinatiefunctie (LMC) • Sportnota Haldeberge in beweging (2010) • Kadernotitie buitensportaccommodaties (2017) • Kaders beheer en onderhoud buitensportaccommodaties (2019) • Oriëntatienotitie "Het culturele speelveld" 2017-2022 • Cultuurkompas (2017) • Beleidsnota archeologie "Ons ongeschreven verleden" (2011) • Beleidsnota Cultureel erfgoed "Inspirerend verleden" (2011) Huidige werkzaamheden: We voeren uit: Leerlingenvervoer, leerplicht, onderwijshuisvesting, coördinatie integrale kindcentra, beheer, onderhoud van sportvelden en huisvesting sportgebouwen (kleedlokalen en technische ruimtes), buurt- en schoolsportsportcoaches activiteiten, archeologie- en monumenten(subsidies), Lokale educatieve agenda, culturele activiteiten (bijvoorbeeld Cultuurmaand en Open Monumentendag), uitvoeringsregeling muziekeducatie en beeldende vorming, ONS WestBrabant, de Marktplaats Halderberge, welzijnssubsidies, heemkundekringen en musea, onderhoud aan kunst in de openbare ruimte.
47
We voeren onderwijsachterstanden beleid uit. Dit doen we in afstemming met kinderopvang, basisonderwijs en voortgezet onderwijs het. Het gaat onder andere om voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Daarnaast bieden we ondersteuning aan het Nationaal Programma Onderwijs. 1.6.4 Kritische succesfactoren De bereidheid van partners om samen te werken met de gemeente, de groei of krimp van het aantal leerlingen, en wisselende bouwkosten zijn bepalend voor het uitvoeren van de speerpunten. 1.6.5 Uitvoering subsidiebeleid 2024 Subsidiebudget 2024 In maart 2020 heeft de raad de Algemene Subsidieverordening en de bijbehorende subsidieregelingen vastgesteld. Zo sluiten de subsidies beter aan op de doelen van de gemeente in het sociaal domein. Daarnaast is het subsidieproces vereenvoudigd. Er is een onderscheid gemaakt tussen de budgetsubsidies (maatwerkafspraken voor organisaties die belangrijke taken uitvoeren, waarbij we sturen op gemeentelijke doelen) en de basissubsidies (een vast bedrag en weinig administratieve lasten, ter waardering van vrijwilligersorganisaties. Het overzicht beleidsregels welzijnssubsidie is het uitvoeringsinstrument van het college. Na vaststelling van de begroting zullen door het college de subsidiebeschikkingen aan de afzonderlijke instellingen worden afgegeven.
Het totaalvolume van het subsidiebudget voor 2024 is ten opzichte van het subsidiebudget 2023 met € 378.253 gestegen en bedraagt € 2.710.156. De volgende toelichting kan hierbij worden gegeven: Subsidie 2023
2.331.903
Mutaties Mutaties en indexering budget- en basissubsidies
11.708
Cultuur Erfgoed, locaties Saint Louis en Sint Anna
96.000
Stichting Exploitatie Het Kompas
-50.000
Dorpshuis Bosschenhoofd
75.296
Stichting Goed Ontmoet
5.000
Stichting Bibliotheek West–Brabant West
20.155
Surplus Welzijn – Algemeen Maatschappelijk Werk
25.224
Surplus Welzijn – Plusbus
1.694
Surplus Welzijn – Ouderenbeleid en vrijwilligerscentrale
62.440
Mantelzorgondersteuning
116.646
Slachtofferhulp en Radar
1.590
Cultuurinitiatieven
12.500
Totaal subsidies 2024
48
2.710.156
Begrotingssubsidies 2024 Onderstaand een overzicht van de voorgenomen begrotingssubsidies met daarbij de naam van ontvanger en het maximaal vast te stellen subsidiebedrag. Organisatie
Bedrag
Stichting Dorpshuisbeheer De Steiger
20.425
Cultureel Erfgoed, Fidei et Arti
105.000
Cultureel Erfgoed, Saint Louis
71.000
Cultureel Erfgoed, Sint Anna
25.000
Stichting exploitatie het Kompas
75.000
Dorpshuis Bosschenhoofd
72.596
Zwembad Blankershove
37.746
Stichting Bibliotheek West-Brabant West
538.358
Kringloper
69.500
Surplus Welzijn – AMW
272.799
Surplus Welzijn – Plusbus
12.250
Surplus Welzijn–Mantelzorgondersteuning
111.146
Surplus Welzijn – vrijwilligerscentrale
50.493
Stichting Cultuureducatie Halderberge
57.273
St. Nat.his. Volkenkundig museum
6.937
St. Nederlands Zouavenmuseum
6.200
St. Arbortum Oudenbosch
20.100
Vliegend Museum Seppe
1.500
Slachtofferhulp
11.477
Radar
14.878
Streekomroep West-Brabant
19.965
49
1.6.6 Beleidsindicatoren Lokale indicatoren Voor programma 6 zijn geen cijfers beschikbaar, welke één op één aansluiten bij de speerpunten van het collegewerkprogramma. Indien deze alsnog beschikbaar komen, dan zullen deze worden toegevoegd aan de basisset met beleidsindicatoren. BBV-indicatoren De onderstaande verplichte indicatoren vallen onder het programma Onderwijs, sport en cultuur (bron: www.waarstaatjegemeente.nl; d.d. 4 september 2023). Indicator Absoluut verzuim1
Relatief verzuim2
Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie3
Niet-sporters4
2019
2020
2021
2022
Halderberge
4,0
3,2
2,8
4,9
Vergelijkbare gemeenten
1,8
2,1
2,0
4,2
Halderberge
15,0
12,0
11,0
9,0
Vergelijkbare gemeenten
22,0
17,0
18,0
21,0
Halderberge
1,6%
1,4%
1,5%
Vergelijkbare gemeenten
1,7%
1,4%
1,6%
Halderberge
46,4%
Vergelijkbare gemeenten
50,7%
1 Het aantal leer- of kwalificatieplichtigen jongeren dat absoluut verzuimer is (geweest) gedurende het schooljaar: de jongeren is niet ingeschreven bij een onderwijsinstelling en beshcikt niet over een vrijstellingl; per 1.000 leerlingen. 2 Het relatieve aantal leer- of kwalificatieplichtige jongeren zonder vrijstelling dat langer dan 4 opeenvolgende weken niet ingeschreven was op school; per 1.000 leerlingen. 3 Vsv'ers zijn jongeren van 12 tot 23 jaar die zonder startkwalificatie het onderwijs verlaten (havo, vwo of minimaal mbo-2 diplome). Het vsv-percentage staat voor het aantal vsvérs asl percentage van het aantal onderwijsdeelnemers die aan het begin van het schooljaar ingeschreven staan; per 1,000 leerlingen. 4 Het percentage niet-wekelijks sporters t.o.v. bevolking van 19 jaar en ouder. Bevolking van 19 jaar en ouder dat niet minstens één keer per week aan sport doet.
50
1.6.7 Wat gaan we daarvoor doen in 2024? Doel
Wat gaan we daarvoor doen
Participatie
Wanneer
Onderwijshuisvesting
Knelpunten in de huisvesting bij de basisscholen (de Klinkert; De Regenboog; de Bukehof; Uniek; ’t Bossche Hart; Futura) en het voortgezet onderwijs (Markland College) worden opgelost. Hierbij wordt ook gezorgd voor de benodigde tijdelijke huisvesting.
Faciliteren
2022-2025
Het duurzamer maken van schoolpleinen en ze klimaatadaptief maken. Schoolpleinen aanpassen op de risico’s van een klimaat dat verandert. Denk aan: betere opvang van regenwater bij zware regenbuien.
Co-Creatie
2023-2026
Vanaf 2024 kunnen de kindcentra aanspraak maken op een vergoeding als zijnde stimuleringsbijdrage om te komen tot een kindcentra.
Faciliteren
Doorlopend
Jongerenwerkers en buurtsportcoaches werken samen met scholen aan voorlichtingsactiviteiten over gezondheid en welzijn. De jongerenwerkers gaan ook meer de wijken in.
Co-creatie (met onderwijs)
Doorlopend
Voor de kinderen uit het basisonderwijs wordt met ingang van 2022 het educatieve doe-programma ‘Democracity’ ingezet. Hierin leren kinderen om actief deel te nemen aan de maatschappij (burgerschap). Ook doen we het voortgezet onderwijs het aanbod voor gastlessen over dit thema.
Faciliteren
2022-2026
Het behouden van het huidige basisaanbod van sportvoorzieningen. Waar mogelijk willen we dit verbeteren en verduurzamen. Hierbij is aandacht voor monitoring van de kwaliteit van de accommodaties en bijvoorbeeld het gebruik van LED verlichting.
Faciliteren
Doorlopend
Verdere ontwikkeling van de integrale kindcentra
Sport
De harmonisatie van de buitensport accommodaties (inclusief het rekenmodel) wordt geëvalueerd. Door het bundelen van activiteiten, geld en mensen willen we zoveel mogelijk mensen de kans geven om mee te doen aan sportactiviteiten bij een reguliere sportvereniging. Of aan speciaal opgezette sport- en beweegactiviteiten. Ook als zij te maken hebben met een lichamelijke en/of verstandelijke beperking of als zij chronisch ziek zijn. We zorgen dat tenminste één speelplek per kern inclusief is.
2024
Co-creatie
Doorlopend
51
Doel
Wat gaan we daarvoor doen
Participatie
Wanneer
De belevingswaarde vergroten van wat we hebben aan kunst, cultuur en cultuurhistorie
Bij de inrichtingsplannen voor openbare ruimte spelen we in op bijzondere cultuurhistorische waarde (zoals de waterput Oud Gastel).
Faciliteren
2022-2026
Er wordt een integrale visie opgesteld over cultuur. Dat doen we in samenspraak met de betrokken plaatselijke organisaties.
Adviseren
2024 e.v.
Met het uitschrijven van een prijsvraag stimuleren we acties om de belevingswaarde te vergroten op het gebied van cultureel erfgoed.
Raadplegen
2024: prijsvraag
De visie op de musea wordt afgerond. Aandachtspunten binnen de visie zijn gezamenlijke huisvesting van de musea en het creëren van een aantrekkelijker aanbod voor de bezoekers waardoor er meer betalende bezoekers komen.
Co- creatie
2024
Co creatie
2024 e.v.
Vasstelling van de visie is voorzien in Q1 2024. Vervolgens zal de implementatie plaatsvinden.
Vaststelling is voorzien in Q1 van 2024. Kunst in de openbare ruimte
52
Er wordt uitvoering gegeven aan het opgestelde actieplan ‘Kunst in de Openbare Ruimte’ opgesteld. Hierbij is aandacht voor o.a. kunst op rotondes, langs routes, en teksten op gevels, en bestickeren van stroomhuisjes ed. Hierbij betrekken we inwoners (waaronder jongeren) en ondernemers zoveel mogelijk met onder andere prijsvragen.
1.6.8 Verbonden partijen Gemeenschappelijke regeling Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten (RBL) Doel of belang dat wordt behartigd:
De gemeenschappelijke regeling is aangegaan met als doel het behartigen van de belangen van de deelnemende gemeenten op het gebied van de Leerplichtwet 1969 en de Regionale Meld en Coördinatiefunctie.
Beleidsvoornemens:In de begroting 2024 van het Regionaal Bureau Leren West-Brabant zijn de onderstaande beleidsvoornemens opgenomen: • Via een ‘thuiszitterspact’ zijn we verbonden aan de landelijke ambitie dat geen enkel kind langer dan drie maanden thuis zit zonder een passend aanbod van onderwijs en/of zorg. • Sluitend regionaal vangnet voor jongeren van 12 tot 23 jaar. • Aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt. • Extra inzet op VSV’ers die nog geen startkwalificatie hebben behaald en zijn uitgevallen op school.
Richtlijnen 2025
Beleidsmatige richtlijnen: Er zijn voor 2025 geen beleidsmatige richtlijnen voor het RBL opgesteld. Dit omdat Halderberge, samen met de gemeenten Bergen op Zoom, Roosendaal, Woensdrecht en Steenbergen, de beleidstaken uitvoert op het niveau van 5 West-Brabant West gemeenten (netwerksamenwerking WBW) en deze niet van het RBL afneemt. Deze netwerkgemeenten zijn de zogenaamde “Niveau 1 gemeenten”, die slechts de leerlingenadministratie van het RBL afnemen. De vijf gemeenten hebben hun beleidsvoornemens rond de aanpak van schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten in het LMC Uitvoeringsplan West-Brabant West 2021-2025 verwoord. Financiële richtlijnen: Voor de financiële richtlijnen 2025 verwijzen wij u naar de paragraaf Verbonden Partijen.
1.6.9 Wat mag het kosten? In onderstaande tabel zijn de baten en lasten van het programma Onderwijs, sport en cultuur opgenomen (x € 1.000). Programma Onderwijs, sport en cultuur
2023
2024
2025
2026
2027
4.2 Onderwijshuisvesting
2.664
2.007
2.154
2.149
2.151
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
2.701
2.714
2.779
2.845
2.914
227
367
322
228
243
1.064
1.135
1.149
1.168
1.189
5.3 Cultuurpresentatie, -productie en -participatie
232
240
249
252
254
5.4 Musea
82
89
90
92
94
5.5 Cultureel erfgoed
86
98
100
102
104
5.6 Media
552
627
646
665
684
7.607
7.277
7.489
7.500
7.634
Lasten per taakveld
5.1 Sportbeleid en activering 5.2 Sportaccommodaties
Totaal lasten Onderwijs, sport en cultuur
53
Programma Onderwijs, sport en cultuur
2023
2024
2025
2026
2027
1.293
1.353
2.046
2.024
2.008
0
0
0
0
0
618
755
783
810
839
122
61
196
202
208
1.266
1.056
1.087
1.120
1.153
5.1 Sportbeleid en activering
10
0
0
0
0
5.2 Sportaccommodaties
117
118
120
123
126
5.3 Cultuurpresentatie, -productie en -participatie
14
14
14
14
14
5.4 Musea
22
0
0
0
0
5.5 Cultureel erfgoed
0
0
0
0
0
5.6 Media
1
1
1
1
1
Totaal baten Onderwijs, sport en cultuur
1.553
1.250
1.419
1.461
1.503
Saldo
-6.054
-6.027
-6.070
-6.040
-6.131
Waarvan: Kapitaallasten bestaande activa Kapitaallasten Investeringsprogramma 2024 - 2027 Direct toe te rekenen salarislasten
Baten per taakveld 4.2 Onderwijshuisvesting 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
54
Algemene dekkingsmiddelen
1.7.1 Inleiding Ambities en financiële mogelijkheden moeten met elkaar in evenwicht zijn. Met het financiële beleid van de gemeente Halderberge bewaken we dit evenwicht en zorgen we voor de juiste verantwoording van de uitgaven en inkomsten van de gemeente. Om de ambities op het terrein van woningbouw, (ruimtelijke) projecten en verkeersveiligheid uit te voeren, zorgt het college voor voldoende capaciteit en flexibiliteit in de organisatie. We streven ernaar om één van de goedkopere gemeenten in de regio te zijn door een lage lastendruk voor inwoners en ondernemers. 1.7.2 Wat willen we bereiken (speerpunten)? De begroting is reëel en structureel sluitend. We streven naar een solvabiliteit van minimaal 20%. Dit doen we door het eigen vermogen te vergroten en de groei van de schulden zo beperkt mogelijk te houden. We streven naar een weerstandsvermogen dat minimaal ‘voldoende’ is. Dit doen we door het eigen vermogen te vergroten en de risico’s goed in beeld te houden. We zorgen voor meer flexibiliteit in de organisatie om projecten op het gebied van woningbouw en openbare ruimte goed uit te kunnen voeren. Hierbij zorgen we voor capaciteit die meebeweegt met het aantal en de omvang van de projecten. Een gezonde bedrijfsvoering staat hierbij voorop. We streven ernaar om één van de goedkopere gemeenten in de regio te zijn door een lage lastendruk voor inwoners en ondernemers.
1.7.3 Wat doen we al? Huidig beleid (wat voortgezet wordt): De begroting van de gemeente Halderberge is reëel en structureel sluitend. Dat willen we zo houden. Ook het weerstandsvermogen, de verhouding tussen de risico’s die de gemeente loopt en de financiële middelen die beschikbaar zijn om die op te vangen, willen we op peil houden. We gaan door met het verbeteren van de solvabiliteit: de verhouding tussen het eigen en het totale vermogen. Reguliere werkzaamheden: • Vastleggen van alle financiële handelingen in de financiële administratie; • Adviseren over en toetsen van voorstellen aan het college en de raad op financiële haalbaarheid; • Adviseren over de juiste inzet van de beschikbare middelen. Via de bestuursrapportages melden we geplande activiteiten en projecten, voortgang, behaalde doelen en inzet van beschikbare middelen. 1.7.4 Beleidsindicatoren Lokale beleidsindicatoren Conform de regelgeving BBV worden de verplichte indicatoren in diverse paragrafen van de P&C documenten opgenomen. BBV-indicatoren Voor het programma Algemene dekkingsmiddelen zijn in het BBV geen verplichte beleidsindicatoren opgenomen.
55
1.7.5 Wat gaan we daarvoor doen in 2024? Doel
Wat gaan we daarvoor doen
Wanneer
De begroting is reëel en structureel sluitend
Streven naar behoud van het repressief toezicht door de toezichthouder (de provincie Noord-Brabant).
Jaarlijks
Structurele lasten dekken met structurele baten.
Jaarlijks
Eigen vermogen vergroten door positieve rekeningresultaten, begrotingsoverschotten en positieve resultaten van grondexploitaties toe te voegen aan de algemene reserves.
Doorlopend
Beperking van de schulden door terughoudend te zijn met nieuwe investeringen.
Doorlopend
Het budget voor flexibele vervanging bij ziekte verhogen naar € 200.000 per jaar.
Doorlopend
De ambtelijke kosten die aan projecten worden toegerekend zoveel mogelijk inzetten voor de vorming van de jaarlijkse flexibele schil.
Doorlopend
Bij nieuwe taken gevolgen meenemen voor ambtelijke capaciteit.
Doorlopend
Benchmark over de lastendruk bij het opstellen van de begroting.
Jaarlijks
De afvalstoffenheffing en rioolheffing zijn 100% kostendekkend.
Jaarlijks
Door middel van het tarief voor de onroerendezaakbelasting sturing geven aan de positie in regio.
Jaarlijks
We streven naar een solvabiliteit van minimaal 20%
Realiseren van meer flexibiliteit in de organisatie
De gemeente Halderberge is voor wat betreft de lastendruk voor burgers en bedrijven in de regio één van de goedkopere gemeenten
1.7.6 Algemene dekkingsmiddelen De gemeente heeft een aantal algemene dekkingsmiddelen die de gemeente naar eigen inzicht mag aanwenden. Deze inkomsten zijn voor een belangrijk deel niet beïnvloedbaar. Daarbij kan worden gedacht aan de uitkeringen uit het Gemeentefonds. Voor een deel kan de gemeente de omvang zelf bepalen. Dit gedeelte wordt afgebakend door het eigen belastinggebied. De gemeentelijke belastingen kennen in tegenstelling tot de retributies, zoals het rioolrecht en de afvalstoffenheffing, geen vooraf bepaald bestedingsdoel. In de Gemeentewet is vastgelegd welke belastingen een gemeente mag heffen. Hieronder zijn in een overzicht de algemene dekkingsmiddelen van de gemeente Halderberge opgenomen (x € 1.000). Algemene dekkingsmiddelen
Begroting 2024
1. Onroerende zaakbelastingen
8.450
2. Uitkeringen gemeentefonds
61.415
3. Treasury/dividend
157
4. Post onvoorzien
-200
Totaal
56
69.822
Hieronder worden de verschillende onderdelen verder toegelicht. Onroerende zaakbelastingen De geraamde opbrengst van de onroerende zaakbelastingen bedraag voor 2024 € 8.450.000. Voor een verdere toelichting wordt verwezen naar de paragraaf lokale heffingen. Uitkeringen Gemeentefonds Algemeen In de Zomernota 2023 is als uitgangspunt voor de Begroting 2024 en de meerjarenraming 2025 - 2027 onder meer opgenomen dat de uitkomsten van de septembercirculaire 2022 meegenomen worden voor zover dat mogelijk is. Traditiegetrouw verschijnt de septembercirculaire Gemeentefonds op of direct na Prinsjesdag. De septembercirculaire geeft een actueel beeld van de (meerjaren)raming van de uitkeringen uit het gemeentefonds, waarvan de algemene uitkering qua omvang de belangrijkste is. De rijksbegroting 2024 (Miljoenennota 2024) vormt de basis van de meerjarenraming van de algemene uitkering in de septembercirculaire 2023. De Macro Economische Verkenning (hierna: MEV) van het Centraal Planbureau (hierna: CPB), die een actueel overzicht geeft van de economische verwachtingen c.q. kerncijfers van de Nederlandse economie, staat op zijn beurt weer aan de basis van de rijksbegroting.
Coalitie-akkoord en akkoord bevriezing volume accres 2022 - 2025 In de Startnota 2022 van het kabinet Rutte IV werd een belangrijke wijziging in de indexering van de algemene uitkering het belangrijkste onderdeel van het Gemeentefonds - aangekondigd. In het coalitieakkoord is besloten dat de algemene uitkering vanaf 2026 niet langer via de normeringssystematiek (ook wel trap-op-trap-afsystematiek) geïndexeerd wordt. Daarmee vervalt vanaf 2026 de koppeling van de algemene uitkering aan de (accresrelevante) rijksuitgaven. Daarnaast hebben de beheerders van het gemeentefonds - de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de staatssecretaris voor Fiscaliteit en Belastingdienst - in het bestuurlijk overleg financiële verhoudingen van 8 juni 2022 aan de VNG voorgesteld om het volume-accres van de algemene uitkering voor de jaren 2022 tot en met 2025 te bevriezen op de stand van de Voorjaarsnota 2022 (= Zomernota 2022). De VNG heeft ingestemd met het voorstel, wat betekent dat het volumedeel van het accres (accres = jaarlijks mutatie van de omvang) in de jaren 2022 tot en met 2025 niet meer wijzigt ten opzichte van de stand van de meicirculaire 2022.
De omvang van de algemene uitkering groeit vanaf 2022 dus niet meer mee met de (accresrelevante) rijksuitgaven; er vindt alleen een correctie plaats voor nominale ontwikkelingen op basis van actuele ramingen van het CPB (nominaal deel accres fluctueert nog). Met deze bevriezing van het volumedeel van het accres wordt beoogd de stabiliteit van de algemene uitkering uit gemeentefonds voor gemeenten te verbeteren. Nieuwe normeringssystematiek vanaf 2027 In de Voorjaarsnota 2023 is besloten de algemene uitkering vanaf 2027 te indexeren op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (hierna: BBP, de maatstaf voor de economische groei). De indexatie wordt gesplitst in een volumedeel en een nominaal- of prijsdeel. In de Miljoenennota 2024 is de indexering uitgewerkt. De volumeontwikkeling van het Gemeentefonds wordt gebaseerd op een achtjarig historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het BBP waardoor de algemene uitkering (naar verwachting) minder schommelt. De indexatie voor de inflatie volgt de prijsindex BBP van het lopende jaar, zodat het Gemeentefonds reëel op niveau blijft. De BBP groei, zowel voor volume als prijs, wordt gebaseerd op de CEP-raming van het CPB. In de meicirculaire 2023 is er voor de jaren 2027 - 2028 alvast een nominale bijstelling toegepast, in afwachting op de BBP indexatie.
In de septembercirculaire 2023 zijn de (geactualiseerde) indices (volume en prijs) van de nieuwe systematiek opgenomen, wat resulteert in hogere accressen voor deze jaren. Algemene mutaties septembercirculaire In de septembercirculaire 2023 is de accresraming voor het jaar 2024 en verder opgesplitst in een volumedeel en een nominaal deel (naar aanleiding van de afspraken tussen het Rijk en de VNG in de eerste helft van 2022 en de nieuwe normeringsystematiek, zie hiervoor). Voor de jaren 2024 - 2026 vindt er alleen een bijstelling voor de nominale ontwikkelingen plaats op basis van de actuele ramingen van het CPB (MEV 2024). De verwachte loon- en prijsontwikkeling voor het jaar 2024 valt hoger uit dan de CEP-raming waarop de accresramingen in de meicirculaire 2023 zijn gebaseerd. Deze opwaartse bijstelling van het nominale deel voor het jaar 2024 werkt structureel door naar de volgende jaren. In de MEV 2024 zijn de ramingen voor de loon- en prijsstijging in de jaren 2025 en 2026 ten opzichte van de CEP-raming nagenoeg ongewijzigd. Voor 2027 is er sprake van een (forse) opwaartse bijstelling van het accres, met name als gevolg van de volume-mutatie (BBP) op basis van de nieuwe normeringsystematiek (zie hiervoor). Het nominaal deel van het accres wordt voor het jaar 2024 vastgezet in de meicirculaire 2024.
Mocht de loon- en prijsontwikkeling in de meicirculaire 2024 lager uitvallen dan nu geraamd, dan kan het negatieve verschil (deels) worden gedekt uit de behoedzaamheidsreserve voor het jaar 2024 van € 300.000.
57
Taakmutaties septembercirculaire Het aantal taakmutaties in de septembercirculaire 2023 is qua omvang vrij beperkt gebleven. De, qua omvang, belangrijkste twee taakmutaties zijn de toevoeging van eenmalige middelen voor bijzondere bijstand en vroegsignalering in 2024 (voor de gemeente Halderberge zo’n € 61.000) en de loon- en prijsbijstelling jeugdzorg voor de jaren 2024 en 2025 (voor de gemeente Halderberge € 69.000 respectievelijk € 42.000). In beginsel staan tegenover deze extra rijksmiddelen ook extra lasten tegenover van, naar verwachting, ongeveer dezelfde omvang. BTW-compensatiefonds: algemene mutatie voor het jaar 2023 De fondsbeheerders maken, zoals gebruikelijk, in de septembercirculaire de verwachte onderuitputting op het BTW-compensatiefonds bekend. De verwachte onderuitputting voor het jaar 2023 bedraagt naar verwachting zo'n € 359 miljoen. In de meicirculaire 2024 volgt de definitieve afrekening. De gemeente Halderberge houdt bij de meerjarenraming van de algemene uitkering geen rekening met een eventuele onderuitputting op het BTWcompensatiefonds, zodat bij een eventuele onderuitputting dit resulteert in een, in beginsel, eenmalige meevaller. De algemene uitkering voor de gemeente Halderberge in 2023 valt mede als gevolg van deze onderuitputting op het BTW-compensatiefonds (eenmalig) ruim € 200.000 hoger uitvalt.
De hogere algemene uitkering voor het jaar 2023 zal worden meegenomen in de Slotwijziging 2023. Mocht de definitieve afrekening in de meicirculaire 2024 lager uitvallen, dan kan het negatieve verschil (deels) gedekt worden uit de reeds gevormde behoedzaamheidsreserve van € 300.000. Overige uitkeringen Het kabinet heeft besloten om gemeenten te compenseren voor de bijzondere verhoging van het wettelijk minimumloon voor medewerkers in de Wet sociale voorziening. Voor de gemeente Halderberge gaat om € 72.000 in 2024 dat afloopt naar zo'n € 55.000 in 2027. De middelen die de gemeente ontvangt van het Rijk ontvangen voor het onderdeel Participatiewet Wsw worden doorbetaald aan de WVS, zodat er sprake is van een budgettair neutrale mutatie. Totaaloverzicht gemeentefonds In onderstaande tabel treft u voor de jaren 2024 tot en met 2027 de mutaties (bedragen x € 1.000) van de algemene uitkering en de overige uitkeringen uit het gemeentefonds (ten opzichte van de stand Zomernota 2023) voor onze gemeente aan: 2024
2025
2026
2027
Algemene uitkering
455
340
290
1.211
Overige uitkeringen
77
73
67
55
Totaal Gemeentefonds
532
413
358
1266
Extra lasten agv taakmutaties en toegenomen decentralisatieen integratie-uitkeringen
-70
-66
-60
-55
Bijstelling stelpost extra bijdrage jeugdzorg
-37
-69
Bijstelling stelpost besparing uitgaven jeugdzorg
100
100
360
1.242
Totaal
462
347
Treasury/dividend De gemeente Halderberge bezit aandelen in diverse ondernemingen, waarvan twee jaarlijks dividend uitkeren, nl. BNG Bank NV en Saver NV. De volgende bedragen zijn in de begroting 2024 opgenomen. • Dividend BNG: € 80.000 • Dividend Saver: € 76.500 Een toelichting op het onderdeel Treasury treft u aan in de paragraaf Financiering. Post onvoorzien Voor de begroting 2024 en de meerjarenbegroting 2025 - 2027 is de post onvoorzien verhoogd naar € 200.000.
58
1.7.7 Verbonden partijen Gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB) Doel of belang dat wordt behartigd:
De BWB verzorgt de heffing en de inning van de belastingen voor de gemeenten, Bergen op Zoom, Breda, Etten-Leur, Halderberge, Oosterhout, Roosendaal, Woensdrecht, Dongen, Moerdijk, Zundert, Rucphen, Loon op Zand en het waterschap Brabantse Delta. Voor de gemeenten wordt ook de uitvoering van de Wet onroerende zaken verzorgd. De GR BWB biedt de mogelijkheid tot de uitvoering van de Wet Basisregistraties Adressen en Gebouwen (hierna BAG). Voor de gemeente Moerdijk wordt de BAG uitgevoerd.
Beleidsvoornemens:In de begroting zijn geen nieuwe beleidsvoornemens opgenomen. Wel volgt de BWB nauwgezet de landelijke ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op de werkzaamheden van de BWB, zoals de verruiming en/of verschuiving van de lokale belastingen en de komst van de Omgevingswet.
Richtlijnen 2025
Beleidsmatige richtlijnen: Van de BWB wordt verwacht dat ze op de hoogte blijft van nieuwe ontwikkelingen en mogelijkheden om de werkzaamheden zo efficiënt mogelijk uit te voeren. In dit kader wordt de BWB verzocht in de begroting aan te geven welke moderne ontwikkelingen er zijn, wat deze kunnen betekenen voor de BWB, welke daarvan daadwerkelijk ingezet gaan worden en wat het verwachte effect ervan is. Financiële richtlijnen: Voor de financiële richtlijnen 2025 verwijzen wij u naar de paragraaf Verbonden Partijen.
N.V. Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Doel of belang dat wordt behartigd:
De Bank Nederlandse Gemeenten is de bank van en voor overheden en instellingen voor maatschappelijk belang. Met gespecialiseerde financiële dienstverlening draagt de BNG bij aan zo laag mogelijke kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. Daarmee is de bank essentieel voor de publieke taak.
Beleidsvoornemens:Er zijn geen beleidsvoornemens voor 2024 bekend. Richtlijnen 2025
Niet van toepassing
1.7.8 Wat mag het kosten? In onderstaande tabel zijn de baten en lasten van de Algemene dekkingsmiddelen opgenomen (x € 1.000). Algemene dekkingsmiddelen
2023
2024
2025
2026
2027
0.5 Treasury
-29
-150
-173
-102
34
0.61 OZB woningen
451
501
521
543
566
0.62 OZB niet-woningen
51
56
58
61
63
0.64 Belastingen overig
60
60
60
60
60
0.7 Algemene uitk. en overige uitk. gemeentefonds
0
0
0
0
0
0.8 Overige baten en lasten
175
354
-533
-653
-653
Lasten per taakveld
59
Algemene dekkingsmiddelen
2023
2024
2025
2026
2027
0
0
27
0
0
2.080
1.759
1.884
5.195
235
0
0
0
0
0
2.787
2.581
1.845
5.103
305
Kapitaallasten bestaande activa
29
29
29
28
28
Kapitaallasten Investeringsprogramma 2024 - 2027
0
0
0
0
0
Direct toe te rekenen salarislasten
0
0
0
0
0
167
300
228
227
227
0.61 OZB woningen
3.918
4.087
4.217
4.358
4.498
0.62 OZB niet-woningen
3.788
4.363
4.493
4.628
4.767
0.64 Belastingen overig
68
68
68
68
68
56.320
61.415
64.035
60.586
62.907
0.8 Overige baten en lasten
0
0
0
878
745
0.9 Vennootschapsbelasting (Vpb)
0
0
27
0
0
3.007
1.527
1.451
776
519
0
0
0
0
0
Totaal baten Algemene dekkingsmiddelen
67.269
71.759
74.520
71.522
73.730
Saldo
64.482
69.178
72.675
66.419
73.425
0.9 Vennootschapsbelasting (Vpb) 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten Totaal lasten Algemene dekkingsmiddelen
Waarvan:
Baten per taakveld 0.5 Treasury
0.7 Algemene uitk. en overige uitk. gemeentefonds
0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten
60
Overhead
1.8.1 Inleiding Eén van de wijzigingen in het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) heeft betrekking op overhead. Vanaf 1 januari 2017 geldt er een algemene definitie van overhead. De definitie luidt: alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Uitgangspunt van deze definitie is dat kosten zoveel mogelijk moeten worden toegerekend aan het primaire proces. Kosten die niet kunnen worden toegerekend, moeten worden verantwoord op een apart taakveld en worden niet meer verdeeld op basis van allerlei verdelingsprincipes (fte, m2, aantal werkplekken, etc.). In de notitie worden de diverse onderdelen van de overhead toegelicht, waardoor duidelijkheid is ontstaan over de kosten die wel en die niet tot de overhead gerekend moeten worden. Wij sluiten aan bij de notitie en de definitie die de commissie BBV hiervoor heeft opgesteld. Het gevolg van deze wijziging is dat u bij de programma’s geen kosten van overhead meer aantreft. In dit hoofdstuk treft u een toelichting aan op de kosten van de overhead. 1.8.2 Overzicht overhead In onderstaand overzicht zijn de totale lasten van de overhead weergegeven voor de jaren 2024 tot en met 2027 (x € 1.000). Overhead