CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

Gemeentelijk Water Programma (GWP) Halderberge (20230712 definitief).pdf

Gemeenteraad 28 september 2023, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 8: Gemeentelijk Water Programma 2024-202721.471 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

GWP 2024-2027 Waterkring West Gemeente Halderberge 10 juli 2023 - Internal

Contactpersoon TETJE HENSTRA Projectleider Stedelijk Water en Klimaatadaptatie

T +31 (0)6 15876322 E tetje.henstra@arcadis.com

Arcadis Nederland B.V. Postbus 1018 5200 BA 'sHertogenbosch Nederland

Coverfoto: Waterplein Velletri, gemeente Halderberge (Jim Janssens) Auteurs: Michel Moens Vera Kusters Suzanne Meeuwissen Tetje Henstra

2

Inhoudsopgave Inhoudsopgave

3

1

Inleiding

4

1.1

Belang en doelen

5

1.2

Scope

5

1.3

Samenwerking in de regio

1.4 1.5

2

3

4

Hemelwater

22

4.3

Grondwater

28

4.4

Overige zorgplichten in de waterketen

31

4.5

Bijdragen aan klimaatbestendigheid

32

4.6

Bijdragen aan een goede waterbalans

34

4.7

Bijdragen aan waardevol water

34

Uitvoeringsprogramma

36

5

5.1

Planvorming en onderzoek

37

Omgevingswet

6

5.2

Beheer en onderhoud

37

Leeswijzer

6

5.3

Uitvoeringsmaatregelen

37

Huidige situatie

8

5.4

Facilitair/overig

38

2.1

Areaal en toestand

9

2.2

Terugblik

10

6.1

Personele middelen Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

2.3

Ontwikkelingen

11

6.2

Financiële middelen

Visie en ambitie

15

3.1

Visie

17

3.2

Leidende principes

17

3.3

Basisopgave en Speerpunten

18

Strategie en verankering

21

4.1

22

Afvalwater

5

4.2

6

7

3

Middelen

Bijlagen

39

40

45

1 Inleiding

2 Huidige situatie

1

3 Visie en ambitie

4 Strategie en verankering

INLEIDING Halderberge ligt in een aantrekkelijke regio. Het is een fijne gemeente om in te wonen, werken en leven. Om dit zo te houden moet onder andere het watersysteem in het bebouwde en landelijke gebied tegen een stootje kunnen. Halderberge gaat voor een duurzame en klimaatbestendige gemeente. Voorliggend gemeentelijk waterprogramma (hierna: GWP) is een bouwsteen om dit te realiseren. Het laat zien hoe we als gemeente Halderberge (verder) werken aan een robuust en flexibel riool- en watersysteem. Het beschrijft wat we willen bereiken en wat de rol is van burgers en bedrijven. Het GWP is een goed planinstrument om mee te kunnen bewegen met de trends en ontwikkelingen binnen dit vakgebied. Zo is er bijvoorbeeld sprake van extremer weer door klimaatverandering, een veranderende verhouding tussen overheid en burgers en verandering in wetgeving. We stellen periodiek een nieuw plan op. Dit GWP is opgesteld voor de planperiode 2024-2027 en is een actualisatie van het gemeentelijk rioleringsplan (GRP) van 2020-2023 op, zodat het beleid goed aansluit op de komst van de Omgevingswet.

4

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

1 Inleiding

2 Huidige situatie

1.1

3 Visie en ambitie

BELANG EN DOELEN

Het GWP is een beleidsplan dat op hoofdlijnen de invulling van de gemeentelijke watertaken weergeeft. Door middel van het GWP leggen we vast wat we willen bereiken en wat de rol van burgers en bedrijven is ten aanzien van afval-, hemel-, en grondwater. Het GWP vervult vier hoofdfuncties: 1. Kader gemeentelijke zorgplichten overzicht beleidskeuzes en ambities ten aanzien van stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. 2. Interne afstemming met andere vakdisciplines binnen de gemeentelijke organisatie en met onze waterpartners. 3. Externe afstemming met burgers en bedrijven. 4. Continuïteit en voortgangsbewaking vanwege de relatief lange levensduur van stedelijke watervoorzieningen en kapitaalintensieve investeringen is een lange termijn aanpak essentieel (begroting, investeringen en evaluatie).

1.2

SCOPE

De Wet milieubeheer schrijft geen geldigheidsduur voor, hierin wordt de gemeente vrijgelaten. Om het zorgproces voor de riolering gaande te houden en aan te sluiten bij een raadsperiode hebben we gekozen voor een geldigheidsduur van vier jaar: 2024 tot en met 2027. De riolering ligt echter veel langer dan deze planperiode onder de grond. Om deze reden is dit GWP opgesteld met een doorkijk over de gehele gebruiksduur van de riolering. De rioolheffing en de lange termijn doelstellingen zijn (mede) gebaseerd op deze doorkijk, om zo te komen tot een doelmatige invulling van de gemeentelijke zorgplichten, tegen zo laag mogelijke lasten voor de burger. Het GRP is een planinstrument dat meerdere raakvlakken heeft met andere plannen en beleidsvelden. Er zijn een aantal dominante ontwikkelingen die directe aanleiding geven om deze planperiode verder te denken dan de traditionele invulling van de gemeentelijke watertaken. Ten eerste is dit het streven naar een klimaatbestendige leefomgeving. Hierdoor ontstaan nog meer dan vroeger raakvlakken met andere

4 Strategie en verankering

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

beleidsvelden die bijdragen aan de ruimtelijke inrichting: groen, weg en nieuwbouwplannen. In het vorige GRP zijn er stappen gezet met een ambitieus klimaatscenario. Deze ambities zetten we voort in het GWP 2024-2027. Ten tweede is dit de komst van de Omgevingswet in 2024, die de vorming van een integrale omgevingsvisie verplicht stelt. Dit GWP sluit aan op de omgevingsvisie die op 10 februari 2022 is vastgesteld door de Raad. Daarnaast hebben we als waterpartners communicatie en duurzaamheid hoog in het vaandel staan en willen we bewoners en bedrijven actief betrekken bij (uitvoering)plannen. In dit GWP houden we daar rekening mee.

1.3

SAMENWERKING IN DE REGIO

Sinds het in werking treden van het Bestuursakkoord Water (2010) werken we als gemeente Halderberge samen met waterschap Brabantse Delta, gemeenten Bergen op Zoom, Moerdijk, Roosendaal, Steenbergen en Woensdrecht en ook de waterbedrijven Brabant Water en Evides binnen het samenwerkingsverband Water- en Klimaatkring West (WKW). Dit is een werkregio in het kader van het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA). De werkregio heeft als doel: ▪

▪

Klimaatadaptatie: de regio klimaatbestendig en waterrobuust maken, zodat we in 2050 goed om kunnen gaan met het steeds vaker voorkomend extreem weer en voorbereid zijn op watertekorten, wateroverlast, overstromingsrisico’s en een warmer klimaat. Waterketen: Het verder professionaliseren van de beheertaken in de waterketen en de (personele) kwetsbaarheid verminderen.

De werkregio geeft gezamenlijk invulling aan beleid en strategie, met behoud van verschillen per bestuurlijke organisatie. Specifieke taken worden centraal binnen de Water- en Klimaatkring West en/of SWWB (Samenwerken aan Water in Midden en West Brabant) uitgewerkt op basis van doelmatigheid.

5

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

De waterketen bestaat uit alle schakels die nodig zijn om water te winnen en uiteindelijk na gebruik weer te lozen. De waterketen bevat ook het oppervlakte watersysteem. De primaire doelen betreffen: ▪ ▪ ▪ ▪

Beschermen van de volksgezondheid Bijdragen aan voldoende schoon water Zorgen voor droge voeten Bijdragen aan een goed en duurzaam leefmilieu

Bij het invullen van de zorgplichten riolering streven we naar zo laag mogelijke maatschappelijke kosten. Bij het treffen van maatregelen beschouwen we de hele waterketen en als waterpartners stellen we gezamenlijk beleid op en geven het een ‘couleur locale’. Om te komen tot voorliggend GWP hebben we het bestaande plan geactualiseerd op basis van gezamenlijke ambities en beleidskeuzes. Ook de financiële aspecten zijn herzien op basis van nieuwe inzichten en informatie.

1.4

4 Strategie en verankering

Omgevingsplan In het Omgevingsplan worden alle regels ten aanzien van de fysieke leefomgeving opgenomen. De beleidsregels maken onderdeel uit van het beleidskader zoals opgenomen in hoofdstuk 4 en Bijlage D. Op onderdelen zijn regels gekoppeld aan (de functies in) gebieden en geven we expliciet aan als sprake is van een verplichting. Met de komst van de Omgevingswet vervallen bepaalde regels op Rijksniveau en hebben we keuzevrijheid om deze over te nemen of los te laten. Omgevingsprogramma Een Programma is een pakket van beleidsvoornemens en maatregelen om omgevingswaarden of doelen in de leefomgeving te bereiken en daaraan te blijven voldoen. De voorgenomen acties en (gebiedsgerichte en gezamenlijke) maatregelen voor het thema (stedelijk) water en de bijbehorende financiële middelen zijn opgenomen in hoofdstukken 5 en 6.

1.5

LEESWIJZER

De opbouw van dit programma is als volgt: Hoofdstuk 2: Hoofdstuk 3:

Hoofdstuk 4: Omgevingsvisie In de gemeentelijke Omgevingsvisie worden lange termijn beleidsdoelen opgenomen en kan worden aangegeven met welke instrumenten die beleidsdoelen zullen worden nagestreefd. Hoofdstuk 3 omvat de visie, ambitie, doelstellingen en leidende principes als bouwstenen voor een actualisatie van de

6 Middelen

gemeentelijke Omgevingsvisie. Ook geven we in de visie aan op welke wijze we participatie vormgeven.

OMGEVINGSWET

Na het van kracht worden van de omgevingswet (voorzien 1 januari 2024) is het gemeentelijk rioleringsplan niet langer een wettelijk verplichte planvorm maar kunnen elementen hiervan opgaan in respectievelijk de omgevingsvisie, -plan en -programma. Toch stellen we met dit GWP een opvolger van het GRP op. Het is immers een effectief planinstrument om de rioleringszorg te borgen en activiteiten af te stemmen. Daarbij houden we rekening met de beoogde opzet van de Omgevingsvisie, het Omgevingsplan en de programma’s.

5 Uitvoeringsprogramma

Hoofdstuk 5:

6

Beeld van de huidige situatie Evaluatie afgelopen planperiode en beeld van areaal en toestand Visie en ambities Omschrijving wat we de komende periode en op lange termijn willen bereiken Strategie en verankering Hoe we de ambities gaan realiseren, bijbehorende beleidskaders en een vooruitblik op de juridische verankering daarvan Uitvoeringsprogramma Het maatregelenprogramma voor de komende planperiode

1 Inleiding

2 Huidige situatie Hoofdstuk 6:

3 Visie en ambitie

4 Strategie en verankering

Middelen Benodigde personele en financiële middelen, evenals onderbouwing van de rioolheffing (Kostendekkingsplan)

Bijlagen:

7

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

1 Inleiding

2 Huidige situatie

2

3 Visie en ambitie

4 Strategie en verankering

HUIDIGE SITUATIE

Om de goede dingen goed te kunnen doen is inzicht nodig in de ontwikkeling van het te beheren areaal, de toestand van de objecten en in het functioneren van het systeem nodig. Dit hoofdstuk geeft een indruk hoe we ervoor staan. Ook kijken we terug op er goed gaat en waar er verbetering gewenst is. Dat vertaalt zich in aandachtspunten voor dit GWP voor de komende planperiode. Halderberge heeft alle gegevens van het rioolstelsel en de gemalen in een beheersysteem staan. Deze gegevens worden continu bijgehouden en steeds verbeterd door middel van inventarisaties en metingen in het veld.

8

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

1 Inleiding

2 Huidige situatie

2.1

3 Visie en ambitie

4 Strategie en verankering

AREAAL EN TOESTAND

Vrij vervalriolering 216 km totaal

Onderstaand is een overzicht opgenomen van het areaal, de toestand en het functioneren.

125 60 28 3

Kenmerken Voor het inzamelen en transporteren van het vrijkomende afval- en regenwater beschikken we als gemeente Halderberge over een rioolstelsel met een totale lengte van circa 300 km en 80 rioolgemalen (met bijbehorende persleiding). Om er voor te zorgen dat tijdens extreme neerslag geen wateroverlast optreedt, is het rioolstelsel voorzien van riooloverstorten en hemelwaterlozingspunten. Speciale rioolvoorzieningen (bergbezinkbassins) beperken de vuiluitworp van de riolering naar het oppervlaktewatersysteem. Het afvalwater in het buitengebied wordt ingezameld met 474 pompunits en verpompt via circa 78 km aan drukleidingen. Al dit afvalwater wordt gezuiverd op de rioolwaterzuiveringsinrichting (RWZI) Bath. In navolgende tabel hebben we de belangrijkste kenmerken van het stedelijk watersysteem van onze gemeente weergegeven. In 7Bijlage C is een overzicht met lozingspunten opgenomen. Komende planperiode starten we met een inventarisatie van duikers in de gemeente.

5 Uitvoeringsprogramma

km gemengd km hemelwater (incl. DT) km vuilwater km overig (overstortleiding)

6 Middelen

Drukriolering 85 km totaal 78 7

km drukleidingen km persleidingen

474 pompunits

Gemalen 80 totaal 73 4 3

hoofdgemalen gemalen draingemalen

Hemelwatervoorzieningen

4200 m2 wadi's/groene bergingen

Overig 17 bergbezinkbassins 39 externe overstorten 216 HWA uitlaten 58 IBA’s (septic tanks) 13500 kolken 44 meetpunten

Kwaliteitstoestand en functioneren Relatief gezien komen er weinig klachten over het functioneren van de riolering. Klachten die binnenkomen gaan voornamelijk over verstoppingen in de huisaansluitingen. Als er water op straat is, is deze periode zo gering, dat het overtollig water in een normale situatie binnen een half uur weer is verdwenen. Wateroverlastmaatregelen De laatste jaren is er gewerkt aan rioolstelsels in wateroverlastgebieden, zoals in Hoeven. De meest recente werkzaamheden vonden plaats in het rioolstelsel van de Sint Janstraat inclusief een grote waterberging in het Hertenpark. In de vorige planperiode zijn daarnaast een aantal grote projecten uitgevoerd om wateroverlast tegen te gaan. Zo is het stamriool van het centrum in Oud

9

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

Gastel, de Vlierstraat, de Pagnevaartweg en de Zouavenlaan aangepakt, net als het waterplein in Oudenbosch, de Margrietstraat en omgeving in Bosschenhoofd. Het regenwater is hier gescheiden van het afvalwater. Ook is de riolering in diverse straten gerelined.

4 Strategie en verankering

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

zandgronden van Bosschenhoofd. Deze gevolgen worden meegenomen in de peilbesluiten die op dit moment herzien worden door het waterschap. Gezamenlijk werken verschillende overheidslagen aan onderzoek naar droogte in de regio.

Rioleringsschade We voeren de rioolinspecties cyclisch uit: ieder jaar wordt een deel van het riool geïnspecteerd. In de periode voor 2017 is een inhaalslag gemaakt en is een cyclus gehanteerd van 5 jaar. In deze periode is er ook een grote inhaalslag gemaakt in het reinigen en inspecteren van hemelwaterstelsels. Na 2017 is de normale cyclus van 10 jaar weer opgepakt. De inspectiegegevens laten zien dat een groot gedeelte van de riolering tekenen van ouderdom begint te vertonen, maar dat de algemene kwaliteit nog best goed is. De toestand van de huisaansluitingen is kenmerkend voor de riolering van Halderberge. Deze aansluitingen vertonen vaak gebreken, waardoor lokaal veel zandinspoeling optreedt en er soms gaten in het wegdek ontstaan. Vervanging en reparatie Delen van de bestaande drukriolering komen aan het einde van hun levensduur. Het in stand houden van drukriolering kost relatief veel beheeren onderhoudskosten. Om deze redenen nemen we ook alternatieven in beschouwing, daar waar van toepassing. Komende planperiode houden we rekening met extra kosten voor het vervangen of repareren van de mechanische drukriolering en voor de renovatie van gemalen. Drainagevoorziening Een ander aandachtspunt voor de komende planperiode is het volledig in beeld brengen van de drainagevoorzieningen. Hiervoor is ruimte opgenomen in dit GRP (algemeen onderzoeksbudget).

Grondwater In Halderberge is er een beperkt risico op grondwateroverlast, maar door klimaatverandering krijgen we wel te maken met grondwateronderlast. Te lage grondwaterstanden leiden tot droogte en beschadigen de natuur op de hogere

Figuur 1: In de afgelopen planperiode vonden verschillende renovatiewerkzaamheden plaats, bijvoorbeeld in Oud Gastel

2.2

TERUGBLIK

Om aandachtspunten voor de komende planperiode in beeld te brengen, kijken we terug naar de afgelopen planperiode. Zowel gezamenlijk als waterpartners in de regio, als individueel.

10

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

Evaluatie samenwerkende waterpartners Als waterpartners hebben we elkaar in de afgelopen planperiode nog beter leren kennen en er is inmiddels een voldoende vertrouwensbasis om bepaalde zaken gezamenlijk en efficiënt op te pakken. De verantwoordelijkheden zijn goed vastgelegd en het gezamenlijk optrekken bij beleid vertaalt zich in kennisopbouw en onderlinge afstemming. De uitbreiding van watertaken met klimaatzaken is erg waardevol gebleken. Als waterpartners maken we gebruik van elkaars bouwstenen, bijvoorbeeld de subsidieregeling klimaat. Het is wel zaak om een gezonde balans te houden tussen het gezamenlijk optrekken bij de gemeentelijke watertaken en bij klimaatzaken. Het ambitieuze uitvoeringsprogramma blijft op gespannen voet staan met de beschikbare personele capaciteit. Door onderbezetting en personele wisselingen zijn activiteiten doorgeschoven naar de komende planperiode. Kwetsbaarheid van de organisatie is een aandachtspunt. Evaluatie gemeente Halderberge Vervanging en renovatie In de afgelopen planperiode hebben we een deel van de drukriolering vervangen. Ook zijn er gemalen gerenoveerd. Bij nieuwe ontwikkelingen proberen we zoveel mogelijk af te koppelen. Waar dat mogelijk is, leggen we de nieuwe hemel- en afvalwaterstelsels gescheiden aan. Personele capaciteit Zowel intern als extern hebben we te maken met een personeelstekort.

Gebrek aan personele capaciteit zorgt ervoor dat we in de afgelopen periode niet alle geplande projecten uit konden voeren. Werkzaamheden die wel plaatsvonden duurden langer dan gepland in zowel voorbereiding als uitvoering. In de komende planperiode besteden we hier aandacht aan. Zie hoofdstuk 6.1 voor onze strategie voor de komende planperiode ten aanzien van onze personele middelen.

4 Strategie en verankering

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

projecten proberen we effectief de combinatie te maken met andere vakdisciplines. We zetten actief in op het klimaatbestendig maken en het ontharden en vergroenen van de openbare ruimte. Dit doen we onder andere in samenwerking met de vakgroep Groen en de buitendienst.

2.3

ONTWIKKELINGEN

Het gemeentelijke waterbeheer staat niet op zich, maar is continu in beweging door diverse uitdagingen en ontwikkelingen. De belangrijkste zijn onderstaand beschreven en vormen de basis voor de speerpunten komende planperiode (hoofdstuk 3). Klimaatverandering Het klimaat is aan het veranderen en leidt tot meer extremen. Het wordt natter, droger en warmer. In het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) en de klimaatadaptatiestrategie Halderberge zijn doelstellingen opgenomen om in 2050 een klimaatrobuuste leefomgeving te hebben. Het (hemel)watersysteem en de afvalwaterketen moet de neerslag zo goed als mogelijk kunnen verwerken. Het besef groeit dat dit niet meer uitsluitend met grotere rioolbuizen is op te vangen, maar dat een integrale aanpak noodzakelijk is. We zullen in het kader van klimaatadaptatie een afweging moeten maken tussen het accepteren of beperken van schade door wateroverlast bij extreme buien. Deze aanpak richt zich op afstemming binnen de waterketen, in de openbare ruimte (klimaatadaptatie) en op particulier terrein.

Landelijke Maatlat De Landelijke Maatlat (weblink) voor een groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving (ministerie van BZK, 23 maart 2023) is een gezamenlijk referentiekader van/voor overheden en partijen uit de bouwsector over hoe klimaatadaptief bouwen en inrichten eruitziet. Gemeente Halderberge onderschrijft deze richtlijnen. Bij nieuwe ontwikkelingen en bij ontwikkelingen in bestaand bebouwd gebied volgt gemeente Halderberge doelen en prestatie-eisen uit de maatlat.

Klimaatadaptatie op particulier terrein Afgelopen planperiode is er goed gebruik gemaakt van de subsidieregeling Klimaatbestendig Halderberge. Met deze regeling stimuleert de gemeente haar inwoners en ondernemers om water- en groenmaatregelen op eigen terrein te treffen. Ook in de komende planperiode kan voor maatregelen op particulier terrein gebruikt gemaakt worden van deze regeling. In 11

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

Naast extremere neerslag is verdroging een klimaatadaptatie opgave die plek heeft in het GWP. De afgelopen jaren hebben we te maken gehad met langdurige perioden van droogte. Door langdurige droogte kan schade ontstaan aan funderingen en gebouwen, aan groenvoorzieningen en mogelijk ook aan infrastructuur. Daarnaast zijn tijdens periode van droogte aanvullende kosten nodig voor het bewateren van de beplanting. Door droogte komen ook sectoren onder druk te staan zoals voedsel en drinkwaterproductie en (proceswater en koeling voor) industrie. Ook neemt de schade aan de natuur en het risico op natuurbranden en waterkwaliteitsproblemen toe.

4 Strategie en verankering

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

minder consumeren. In 2022 heeft de provincie Noord-Brabant samen met 13 waterpartners, het Grondwaterconvenant 2021-2027 opgesteld. De aanbevelingen van de Adviescommissie Droogte (gericht op lange termijn 2040) worden gecombineerd met de acties uit dit Grondwaterconvenant (korte termijn tot 2027) tot een Droogteagenda voor Brabant 2040. Met dit GWP willen we hieraan een bijdrage leveren en Halderberge minder kwetsbaar maken voor droogte.

Droogteagenda Brabant Rondom de droogteopgave en het grondwaterdossier spelen belangrijke ontwikkelingen in Noord-Brabant, ook voor de gemeente Halderberge. Met het Grondwaterconvenant 2021-2027 (weblink) sloten 13 Brabantse (water)partijen een overeenkomst om samen te werken aan herstel en bewaking van de grondwaterbalans. In september 2022 bracht de adviescommissie Droogte (weblink) met het rapport “Zonder water, geen later” voorstellen uit voor de aanpak van droogte in Brabant. De acties uit het Grondwaterconvenant (korte termijn tot 2027) en het adviesrapport (gericht op lange termijn 2040) zijn gecombineerd tot een Droogteagenda 2040 voor Brabant. Bij de Droogteagenda zijn ook gemeenten betrokken. In Halderberge borgen we de Droogteagenda waar mogelijk in ons beleid.

Figuur 2: Overtollig hemelwater wordt steeds vaker afgevoerd door middel van natuurlijke waterberging

Omdat het grondwatersysteem in Brabant nog steeds onder druk staat heeft provincie Noord-Brabant in 2018 nieuw grondwateronttrekkingsbeleid vastgesteld. De uitvoeringsregels zijn gericht op waterbesparing, terugdringen laagwaardig gebruik en

Water en bodem sturend Eeuwenlang hebben we het water en bodem aangepast, zodat we hier fijn kunnen wonen en leven. Door een veranderend klimaat lopen we steeds vaker tegen de grenzen van het water- en bodemsysteem aan en staat een veilig en gezonde leefomgeving onder druk. Bij ruimtelijke ontwikkelingen zetten we in op water en bodem als sturend element. We werken vanuit de randvoorwaarden die het water- en bodemsysteem stellen. Zo houden we publieke kosten voor risicomitigatie en schadelijke neveneffecten beperkt en passen we het principe ‘niet afwentelen’ toe. We willen keuzes niet afwentelen op de toekomstige generaties, andere gebieden of functies en van privaat naar publiek. We houden meer rekening met extremen en beschouwen het omgaan met wateroverlast, droogte en de bodem in samenhang.

12

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

4 Strategie en verankering

Nederland moet van een vergiet weer een spons worden. Structurerende keuzes zijn hierin voldoende water, schoon en gezond water en ruimte voor water.

6 Middelen

Water en Bodem Sturend Op landelijk niveau wordt gewerkt aan de uitwerking van het principe Water en Bodem Sturend. 25 november 2022 heeft het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat per brief (weblink) aan de Tweede Kamer het belang van onze bodem en ons water benadrukt. In de brief staan concrete, sturende en verstrekkende keuzes ten aanzien van water en bodem, die vragen om een integrale aanpak. Met het GWP sorteren we waar mogelijk voor op deze ontwikkeling en wat het betekent in de lokale context van gemeente Halderberge. Een greep uit de structurerende keuzes: ▪ We creëren ruimte voor het vasthouden, bergen en afvoeren van water in onze ruimtelijke inrichting, landgebruik en landbeheer. Dit wordt vanaf heden door het Rijk, de waterschappen, provincies en gemeenten uitgewerkt en in de gebiedsprogramma’s opgenomen. ▪ We passen de maatlat voor een klimaatadaptieve en natuurinclusieve bebouwde omgeving toe. ▪ Er komen afspraken om de bodem minder te bedekken, voor een gezondere bodem, minder hitte en wateroverlast. Denk aan minder stenen in de stad. ▪ Op verschillende plekken komt een hoger grondwaterpeil. Per gebied bekijken de betrokkenen in welk tempo welk doel kan worden bereikt. ▪ Water moet van goede kwaliteit blijven en bedrijven en inwoners gaan 20% minder drinkwater gebruiken.

▪ Lokale overheden worden verzocht zowel op dijken de biodiversiteit te bevorderen als binnendijks ruimte te zoeken voor natuurlijke achteroevers; ▪ We versterken de regie op de inrichting van de ondergrond. Rijk en gemeenten ontwikkelen hiervoor een gezamenlijk instrument.

Uitputting energie en grondstoffen Wereldwijd worden grondstoffen schaarser of raken zelfs helemaal uitgeput. Dit betekent onder meer dat de Nederlandse energiehuishouding duurzamer en minder afhankelijk van eindige fossiele brandstoffen moet worden. Afvalwater en reststromen worden daardoor steeds waardevoller, zowel vanuit het oogpunt van verduurzaming, maatschappelijke verantwoordelijkheid of een economisch rendabele business case. Veranderende wetgeving Een belangrijke ontwikkeling voor dit GWP is de komst van de Omgevingswet. De Omgevingswet stelt, veel meer dan de traditionele ruimtelijke ordening, de fysieke omgeving centraal. Leefbaarheid en gezondheid spelen hiermee een meer nadrukkelijke rol in de belangenafweging tussen mobiliteit, water, groen, bebouwing etc. Met het in werking treden van de Omgevingswet zal het GWP naar verwachting facultatief worden en opgaan in de omgevingsvisie, het omgevingsplan en programma’s. Energietransitie De openbare ruimte gaat veranderen. Zo zal met de verandering naar een aardgasloze samenleving een nieuwe ondergrondse energie-infrastructuur ontstaan, waarbij ook afvalwater steeds meer leverancier wordt van energie en grondstoffen. Met het ontkoppelen van gasleidingen en de (mogelijke) aanleg van ondergrondse warmwaterleidingen gaat de straat open.

Dit biedt kansen om de onderen bovengrondse infrastructuur kostenefficiënt te vernieuwen en samen meerwaarde te creëren. De regio West-Brabant heeft de ambitie om in 2050 energieneutraal te zijn. Om deze ambitie waar te maken is op korte termijn een versnelling van de energietransitie nodig. Met de regionale energiestrategie gaat de regio het tempo verhogen. Doel van de regionale energie- en klimaatstrategie is om op regionaal niveau stevig in te zetten op de energietransitie. Door krachten in de regio te bundelen, barrières te slechten, de totstandkoming van concrete projecten te versnellen en aan te haken op economische, ruimtelijke en maatschappelijke ontwikkelingen.

5 Uitvoeringsprogramma

Participatie en bewustzijn We kunnen de gebouwde omgeving niet in één keer klimaatbestendig en waterrobuust maken. Opgaven worden daarom steeds vaker integraal opgepakt en gekoppeld aan andere ruimtelijke ontwikkelingen. Op deze wijze lossen we niet alleen (potentiële) problemen op maar verhogen we tevens de

13

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

4 Strategie en verankering

leefbaarheid van de omgeving. Aangezien meer dan zestig procent van de gebouwde omgeving in handen is van particulieren/ private partijen, ligt het voor de hand om gezamenlijk op te trekken. Dit past in de geest van de Omgevingswet, waarin participatie wordt bevorderd door minder regels en meer speelruimte. Vitaliteit Bij langdurige uitval van de water infrastructuur, bijvoorbeeld door een langdurige stroomstoring of een massale hack, kan maatschappelijke ontwrichting optreden. In dat geval is sprake van een aanzienlijk verstorend effect, veel slachtoffers, grote (economische) schade en aantasting van vitale belangen. Bovendien kan adequaat herstel van deze infrastructuur zeer lang gaan duren en zijn er geen reële alternatieven voorhanden, terwijl grote groepen personen hier afhankelijk van zijn. Wanneer een verstoring of uitval van een proces maatschappelijke ontwrichting kan veroorzaken is dit proces vitaal. De waterketen heeft volgens het Deltaprogramma een vitale en kwetsbare functie en dient als zodanig benaderd te worden Het Rijk is verantwoordelijk voor de bescherming van vitale en kwetsbare functies die van belang zijn op nationaal niveau. Maar het Rijk kan deze taak niet alleen uitvoeren. Zij moet daarvoor samenwerken met beheerders, gemeenten, waterschappen, provincies en veiligheidsregio’s.

Veiligheid Bij het inrichten van riolering, transportsysteem en zuivering is het momenteel nog geen gemeengoed om rekening te houden met de risico’s en gevolgen van overstromingen. De kwetsbaarheid van de afvalwaterketen bij overstromingen is in het kader van het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) in beeld gebracht. Waterschap Brabantse Delta heeft in het kader van waterveiligheid stresstesten van het regionale watersysteem uitgevoerd. Gemeente Halderberge heeft de kwetsbare locaties in beeld gebracht voor wateroverlast (overstroming en hevige buien), droogte en hitte. De resultaten van deze stresstesten worden meegenomen in de integrale aanpak klimaatadaptatie met risicodialoog en uitvoeringsagenda.

14

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3

3 Visie en ambitie

4 Strategie en verankering

VISIE EN AMBITIE

In dit hoofdstuk kijken we vooruit, beschrijven we wat we willen bereiken en laten we zien hoe we daar vanuit een goede basis en met gepaste ambities en (gezamenlijke) strategieën naartoe werken. Een goede basis verkrijgen we met het continueren van de uitvoering van planmatige taken. Samen met onze waterpartners hebben we de Waterketenvisie geactualiseerd voor een toekomstbestendige waterkring. Deze visie geeft richting aan dit plan en vormt een bouwsteen voor de Omgevingsvisie.

15

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

4 Strategie en verankering

Figuur 3: Waterketenvisie Waterkring West 16

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3.1

3 Visie en ambitie

VISIE

Samenwerkingsverband Water- en Klimaatkring West streeft naar het ontwikkelen van een toekomstbestendig water- en klimaatsysteem. Binnen deze kring werkt gemeente Halderberge met partners samen aan gezamenlijk beleid, kennisdeling, innovaties, capaciteit en het verbinden van partijen. Het doel is om de totale waterketen optimaal in te richten en een veerkrachtig zoetwatersysteem te ontwikkelen. Hierbij staat de leefbaarheid van de omgeving centraal, waarbij waterbesparing, het waardevoller maken van water en het bevorderen van een gezonde bodem belangrijke speerpunten zijn. De bovenstaande illustratie (Figuur 3) weergeeft de geactualiseerde Waterketenvisie. In Bijlage E is de gezamenlijke visie uitgeschreven.

3.2

4 Strategie en verankering ▪

We kijken zowel binnen als buiten de gemeentegrens of en hoe we, ontwikkelingen die gaande zijn, slim kunnen combineren. We wentelen waterproblemen niet af, tenzij dit op regionaal niveau doelmatiger is.

▪

In ons eigen handelen kijken we bewust naar hoe klimaatproof en energieefficiënt wij dit doen en leggen hierbij de nadruk op het bevorderen van duurzame initiatieven.

▪

Bij onze werkzaamheden kijken we of het meerwaarde heeft om gezamenlijk op te trekken binnen de waterkring. We verdelen de watertaken op zodanige wijze dat we optimaal gebruik kunnen maken van elkaars kennis en ervaring.

▪

We dragen (binnen de reikwijdte van de wettelijke zorgplichten) bij aan ontwikkelingen die meerwaarde hebben voor onze leefomgeving. Daarbij stellen we ons omgevingsgericht op en kijken nadrukkelijk ook naar mogelijke bijdragen aan of effecten op o.a. gezondheid en omgevingskwaliteit.

Het ingezette pad van uniformering op het vlak van o.a. maaien en baggeren, meten en monitoren, centraal databeheer, asset management, kostentoerekening en incidentenbeheersing zetten we door. We streven als waterpartners naar synergie door gezamenlijk infrastructurele werkzaamheden te plannen en verhogen daarmee tevens de kwaliteit.

▪

Voor een goede kwaliteit van ons water blijven we handelen in lijn met de Kaderrichtlijn Water (KRW) en Grondwaterrichtlijn (GWR). Daarbij hebben we oog voor de ecologie, de morfologie (beperken piekafvoeren), de stoffen in het water én het vermijden van (nieuwe) gezondheidsrisico’s.

Door gezamenlijk te meten en de data te analyseren ontstaat inzicht in kwetsbare onderdelen/locaties en onbenutte capaciteit. Door de verkeerstoren optimaal in te richten houden we een vinger aan de pols en kunnen we tijdig anticiperen op situaties.

▪

Voldoende gebiedskennis en systeemkennis zijn van belang om de juiste investeringsbeslissingen te kunnen nemen. Met het verminderen van de afhankelijkheid van derden ontwikkelen we eigen kennis en blijven we goed in staat om projecten in regie uit te voeren. Zeker op het gebied van asset

LEIDENDE PRINCIPES

Meerwaarde creëren Waar mogelijk creëren we vanuit de invulling van de zorgplichten meerwaarde voor de omgeving:

▪

6 Middelen

Doelmatig waterbeheer In lijn met het bestuursakkoord Water blijven we streven naar een zo doelmatig mogelijke werking van de waterketen:

Bij de invulling van onze wettelijke watertaken en het nastreven van onze ambities laten we ons leiden door onderstaande leidende principes:

▪

5 Uitvoeringsprogramma

17

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

management en klimaatadaptatie kunnen we nog veel kennis uitwisselen tussen de waterketenpartners onderling en daarbuiten. ▪

4 Strategie en verankering

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

geven aan deze gemeentelijke kerntaken (de basisopgave). Daarmee dragen we bij aan de volgende omgevingsgerichte lange termijn doelstellingen: ▪ ▪ ▪

Conform de “Aanvullende afspraken Bestuursakkoord Water” ontwikkelen we de komende planperiode een (gezamenlijke) visie en aanpak om de kansen van de informatiesamenleving beter te benutten en de risico’s van digitale dreigingen te beperken.

Bescherming van de volksgezondheid; Droge voeten (bebouwd gebied); Schoon water en een schone bodem.

▪

We vinden participatie van omwonenden en betrokkenen bij projecten in de buitenruimte een vanzelfsprekende zaak. Waar mogelijk willen we dat omwonenden ook feitelijk meedoen aan en kunnen profiteren van projecten.

In het verlengde van deze basisopgave hebben we de ambitie om, binnen de reikwijdte van de zorgplichten, bij te dragen aan gemeenschappelijke doelen zoals klimaatadaptatie, duurzaamheid en een gezonde leefomgeving. Om bovenstaande visie te verwezenlijken willen we niet alleen als partners in de (openbare) ruimte en in de waterketen samenwerken, maar ook met bewoners en bedrijven. Bewustwording van de uitdagingen waar we voor staan, is hiervoor een belangrijke eerste stap. Door samen te werken zetten we stappen en maken we impact.

▪

Inwoners en ondernemers willen we via gerichte communicatie betrekken bij het uitvoeren van onze watertaken en het nastreven van ambities. We richten onze communicatie in op een traject van waterbewust worden, naar waterbewust zijn en richting waterbewust handelen.

Om invulling te geven aan onze visie en bijbehorende ambities/gemeenschappelijke doelen werken we de komende planperiode (verder) aan drie speerpunten:

Participatie In lijn met het gedachtengoed van de Omgevingswet willen we de maatschappelijke betrokkenheid verhogen:

▪

3.3

In wateroverlastgevoelige gebieden raadplegen we perceeleigenaren en daar waar de urgentie hoog is zoeken we in de vorm van een risico- of klimaatdialoog naar een gedragen balans tussen korte en lange termijn oplossingen versus het accepteren van eventueel optredende waterschade.

BASISOPGAVE EN SPEERPUNTEN

Speerpunt 1: Werken aan klimaatbestendigheid Het klimaat is aan het veranderen. Dat leidt o.a. tot zwaardere buien, een toename van warme dagen en langdurig droge perioden en een verandering van de biodiversiteit. Deze verandering stelt nieuwe eisen aan het watersysteem, de waterketen en de omgeving willen we droge voeten en een leefbare omgeving behouden.

Als gemeente hebben we een wettelijke zorgplicht voor afvalwater, hemelwater en grondwater. Ook hebben we een rol in de zorg voor oppervlaktewater en drinkwater. Met dit GWP blijven we de komende planperiode planmatig en doelmatig invulling

18

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

Klimaatadaptatie is het proces waardoor we, als samenleving, de kwetsbaarheid voor klimaatverandering verminderen of waardoor we profiteren van de kansen die een veranderend klimaat biedt. In het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie ligt hierbij de focus op de thema’s waterveiligheid, wateroverlast, hittestress en droogte. Ook is er een toenemende aandacht voor behoud van biodiversiteit.

4 Strategie en verankering

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

opgenomen om Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust te hebben ingericht.

DPRA in Halderberge In lijn met het plan van aanpak van het landelijke DPRA, heeft de gemeente Halderberge net als andere gemeenten in Nederland klimaatstresstesten uitgevoerd, inclusief een regionale Klimaatonderlegger, en is daarover in gesprek gegaan met onze strategische partners in de klimaatdialogen. Deze inzet heeft in 2023 geresulteerd tot de klimaatadaptatiestrategie die in april 2023 is vastgesteld. In deze strategie staan de visie en doelen voor Halderberge op het gebied van klimaatadaptatie. Voor de invulling van onze gemeentelijke watertaken sluiten we aan op deze strategie. en andere landelijke ontwikkelingen zoals besproken in paragraaf 2.3.

Ambitie: Onze ambitie is om binnen de reikwijdte van de zorgplichten bij te dragen aan andere klimaatthema’s dan wateroverlast zoals droogte, hittestress en biodiversiteit door meekoppelkansen te benutten en belanghebbenden bij elkaar te brengen.

Speerpunt 2: Werken aan een goede waterbalans tussen bebouwd en landelijk gebied Figuur 4: Tegels eruit, groen erin voor een klimaatadaptiever en biodiverser Halderberge

Rijk en decentrale overheden hebben met betrekking tot klimaatadaptatie afgesproken zich tijdig aan te passen aan de (versnelde) klimaatverandering om schade te beperken en kansen te pakken. In het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie is de ambitie

Wijzigingen in grondwateronttrekkingen en/of het optreden van langdurig droge of natte perioden als gevolg van klimaatverandering kunnen het verloop van de grondwaterstand beïnvloeden. Deze effecten kunnen we opvangen door de natuurlijke veerkracht van het watersysteem te versterken en te benutten. Open water is functioneel, maar draagt tegelijk ook bij aan de kwaliteit van de leefomgeving. De behoefte aan gezond, schoon en voldoende water zal er altijd zijn en 19

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

4 Strategie en verankering

5 Uitvoeringsprogramma

blijven. Vanuit de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) en de Europese Grondwaterrichtlijn (GWR) wordt gewerkt aan gezond en schoon water. Het waterschap en de gemeenten hebben een resultaatverplichting voor het realiseren van de maatregelen die bijdragen aan de KRW- en GWR-doelen. Vanuit het Deltaplan Hoge Zandgronden (DHZ) wordt gewerkt aan het keren van een dreigend watertekort op de hoge zandgronden in Zuid-Nederland. Er is echter een sterke afhankelijkheid van gebiedspartners om dit te kunnen bereiken. Alleen als ieder zijn deel doet en we gezamenlijke doelen in het oog houden leidt het totaal aan verbetermaatregelen tot een goede waterbalans en mogelijk zelfs een plus op de omgevingskwaliteit.

Ambitie: We streven naar een natuurlijke fluctuatie zonder dat hierdoor overlast wordt ervaren als gevolg van structureel te hoge of te lage grondwaterstanden. Met het oog op een duurzame drinkwatervoorziening beschermen we onze zoetwatervoorraad We sturen op afkoppeling van verhard oppervlak en infiltratie van hemelwater op de hoge(re) en droge(re) zandgronden.

Speerpunt 3: Waardevol water Als gemeenten zamelen we afvalwater in en het waterschap transporteert en zuivert dit afvalwater en verwerkt het tot reststoffen. Duurzaamheid, innovatie, klimaatbestendigheid, samenwerking en kostenbeheersing gaan hand in hand bij de verwerking van afvalwater. Om voorbereid te zijn op de toekomst en ook op de lange termijn kostenefficiënt te werken zullen we moeten vernieuwen. Bijvoorbeeld door energie en grondstoffen terug te winnen en schoon water opnieuw te gebruiken.

Figuur 5: Ruimte voor waterberging in Noord Oudenbosch

Ambitie: We volgen de ontwikkelingen op het vlak van terugwinnen en hergebruiken van water, energie en grondstoffen en koppelen belanghebbenden aan elkaar indien zich kansen voordoen.

20

6 Middelen

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

4 Strategie en verankering

4

STRATEGIE EN VERANKERING In hoofdstuk 4 laten we zien hoe we invulling geven aan de zorgplichten en aan onze speerpunten. Deze strategie betreft de gezamenlijke koers en eventueel gemotiveerde afwijking daarvan voor onze gemeente Halderberge. Ook omschrijven we, waar relevant, hoe we ons beleid juridisch (willen gaan) verankeren. In Bijlage D is dit beleidskader in meer detail overzichtelijk weergegeven in een Referentieschema Stedelijk Waterbeheer. Daarnaast schetst Bijlage B de context van taken en verantwoordelijkheden die bij de gemeente of juist bij andere partners of de particulier liggen.

21

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

1 Inleiding

2 Huidige situatie

4.1

3 Visie en ambitie

AFVALWATER

De inzameling en transport van (afval-)water is van belang voor een gezonde, veilige en comfortabele leefomgeving. Alle percelen in de gemeente waar afvalwater vrijkomt moeten zijn voorzien van een aansluiting op de gemeentelijke riolering, uitgezonderd bij specifieke situaties waar lokale verwerking (zonder rioolaansluiting) doelmatiger is. Afvalwater zamelen we zoveel mogelijk afzonderlijk van regen- en grondwater in en voeren het af naar een zuivering. Regen- en grondwater voeren we bij voorkeur niet af naar de RWZI.

4 Strategie en verankering

We kunnen als gemeente ervoor kiezen om de huidige afstandseisen te handhaven en indien nodig te werken met maatwerkvoorschriften óf te kiezen voor werkingsgebieden waarin we de afstandseisen loslaten. We kunnen hierbij ook nog kiezen voor één werkingsgebied of een werkingsgebied per lozingscategorie (afstand en omvang lozing). In principe houden we vast aan de bestaande criteria, maar totdat er een transparant afwegingskader is, blijft dit maatwerk. De komende planperiode

6 Middelen

bekijken we samen met waterschap of het doelmatiger is om, in het spoor van het omgevingsplan, de bestaande criteria te vervangen door een transparant afwegingskader. Onderhoud Het onderhoud aan de drukriolering voeren we als gemeente zelf uit. Het in stand houden van drukriolering kost relatief veel beheer- en onderhoudskosten. Om deze reden nemen we ook alternatieven in beschouwing, daar waar van toepassing.

Afvalwater en de Omgevingswet

Lozing van huishoudelijk afvalwater Bij de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater maken we naast riolering ook gebruik van drukriolering en individuele behandelingsinstallaties voor afvalwater (IBA’s). Een IBA-systeem is voor de lozing van huishoudelijk afvalwater niet toegestaan als binnen 40 meter van de erfgrens riolering ligt. Voor WM-inrichtingen is het afstandscriterium gekoppeld aan de omvang van de lozing (conform activiteitenbesluit). Onder de huidige wetgeving bepaalt de afstand tot de riolering of bij nieuwe aanleg/vervanging moet worden aangesloten op de riolering. Hier mag niet van worden afgeweken. De Omgevingswet geeft gemeenten de beleidsruimte om voortaan zelf te bepalen wanneer aansluiten op de riolering wenselijk/doelmatig is. De provincie heeft geen rol meer bij de invulling van de zorgplicht voor stedelijk afvalwater in het buitengebied. Gemeente en waterschap dienen samen de meest gewenste lozingsroute te bepalen.

5 Uitvoeringsprogramma

De activiteitengebonden verplichting tot het hebben van een vetafscheider komt te vervallen. Het is volgens het Kabinet effectiever om gemeenten in het omgevingsplan te laten bepalen wie wel een vetafscheider moet hebben. Omwille van de doelmatigheid vervalt met de komst van de Omgevingswet ook het afstandscriterium bij de keuze voor riolering of een gelijkwaardig alternatief. Ook is de provincie hierin geen bevoegd gezag meer. Gemeente Halderberge en waterschap Brabantse Delta maken per situatie een gezamenlijke doelmatigheidsafweging op basis van een gezamenlijk op te stellen transparant afwegingskader.

4.2

HEMELWATER

De zorgplichten voor hemelwater betreft nadrukkelijk een inspanningsverplichting. Periodiek terugkerende plaatselijke wateroverlast gaan we zoveel mogelijk tegen in openbaar gebied. Hemelwater voeren we bij voorkeur niet af naar de RWZI. Hemelwater dat valt in openbaar gebied verwerken we lokaal en anders regionaal, bij voorkeur door infiltratie of tijdelijke berging. Afkoppelen moet een meerwaarde opleveren voor het totale (stedelijke) watersysteem.

22

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

Ingezette koers De komende periode zetten we de koers voort om anders om te gaan met hemelwater. We blijven actief bezig met het klimaatbestendig inrichten van de openbare ruimte en daarmee in te spelen op klimaatverandering. Om hemelwater te bergen wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van de sponswerking van de bodem. Ons groenbeleid linkt aan de visie op het hemelwaterbeheer omdat er met natuurlijke waterbergingsoplossingen méér groen en mínder wateroverlast in Halderberge gecreëerd wordt. Op dit moment wordt er een hemelwaterverordening opgesteld (vaststelling verwacht gelijktijdig met de vaststelling van dit GWP). Zowel bij grootschalige nieuwbouwprojecten als kleine ingrepen in de bestaande omgeving. We vinden dat dat de omgang met en verwerking van hemelwater een gedeelde verantwoordelijkheid is, waarvoor we samen met de burgers en de bedrijven aan de

4 Strategie en verankering

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

lat staan. We geven hier een praktische invulling aan door waterberging te eisen bij ontwikkelingen, een voorkeursvolgorde na te streven voor de omgang met water, voldoende open water te creëren, initiatieven vanuit de maatschappij te stimuleren en het beleid te verankeren in plan(ontwikkelingen). Verwerking van hemelwater Voor de omgang met hemelwater is het vertrekpunt dat we willen voorkomen dat hemelwater wordt afgevoerd uit het gebied. We hanteren de volgende voorkeursvolgorde: 1. Hergebruik Hergebruik van regenwater, om zuiniger om te gaan met water en minder drinkwater te verspillen 2. Bergen en infiltreren op eigen terrein Voorkomen van afwentelen van privaat naar publiek. Centrale voorzieningen zijn aanwezig om als buffer te fungeren. 3. Tijdelijke opslag in openbaar gebied met uitloop naar groen Bij voorkeur bovengrondse opslag. Uitloop naar groen om schadelijke neveneffecten zoveel als mogelijk te beperken. 4. Afvoeren op bovengronds afwateringsvoorziening Af te voeren water slim verdelen door waar het kan te lozen op bovengrondse afwateringsvoorziening (watergang, weg met afwateringsfunctie, etc.) 5. Afvoeren via een ondergrondse hemelwaterafvoer 6. Afvoeren op een gemengd rioolstelsel richting RWZI Inspelen op droogte In de voorkeursvolgorde staan de manieren van hemelwaterverwerking die bijdragen aan droogtebestrijding voorop.

Met het hanteren van deze voorkeursvolgorde sluiten we aan bij een aantal structurerende keuzes die water en bodem sturend maken (zie tekstkader paragraaf 2.3), namelijk dat we de bodem niet onnodig bedekken en hemelwater niet afwentelen van private naar publieke ruimte.

Figuur 6: Hemelwater wordt tijdelijk geborgen in de Opperstraat in Hoeven

In Halderberge zijn we ons bewust dat de water en bodem sturende aanpak ook gevolgen kan hebben voor de waterbergingsopgave. Er moet bijvoorbeeld meer 23

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

4 Strategie en verankering ▪

regenwater bovengronds worden opgevangen. Daar is ruimte voor nodig. De komende periode gaan we onderzoeken op welke locaties dit extra kansen biedt.

▪ Het benutten van hemelwaterbergingsvoorzieningen als zoetwatervoorraad is in het kader van droogte een interessante optie die echter op gespannen voet staat met de wens om berging weer tijdig beschikbaar te hebben. We gaan gezamenlijk met de waterpartners een onderzoek uitvoeren naar de (on)mogelijkheden van een dergelijke dubbelfunctie. Het gebruikmaken van meet- en regeltechniek, neerslagvoorspelling en/of een slimme inrichting biedt mogelijk perspectief. Daar hoort dan ook een transparant afwegingskader bij.

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

Bestaand gebied: geen water-op-straat bij een belasting met bui08 van de Kennisbank Stedelijk water (herhalingstijd van eens in de twee jaar) Nieuwe gebieden: geen water-op-straat bij een belasting met bui10 van de Kennisbank Stedelijk water (herhalingstijd van eens in de tien jaar)

Voorkeursvolgorde retentievoorzieningen Conform het voorgaande GRP gaat onze voorkeur bij retentievoorzieningen uit naar vasthouden. Hierdoor hebben we als gemeente Halderberge een voorkeur voor retentievoorzieningen die infiltratie van regenwater bevorderen of realisatie van oppervlaktewater (sloten, greppels en vijvers). Slechts in het geval dat bovengrondse retentie niet mogelijk blijkt te zijn, passen we maatregelen als ondergrondse bergingskelders (bergen) of verruimen van de (regenwater)riolering (afvoeren) toe. In de geest van de gehanteerde voorkeursvolgorde passen we als principe toe dat zoveel als mogelijk retentie (dicht)bij de bron moet worden gerealiseerd. In de praktijk komt dit neer op in eerste instantie realisatie van retentie op eigen terrein en in tweede instantie realisatie van retentie binnen de plangrenzen van het te realiseren project waarvoor de retentie wordt gerealiseerd. De retentie op eigen terrein komt bovenop de retentieopgave over het totaal toekomstig verhard oppervlak binnen het plangebied. Uitgangspunten onder- en bovengrondse verwerkingscapaciteit We onderhouden en verbeteren het stedelijk watersysteem en toetsen de gevoeligheid van het rioolstelsel op overlast met behulp van modelberekeningen. Daarbij hanteren we voor nieuwe gebieden een ander uitgangspunt dan in bestaand gebied:

Figuur 7: Bovengrondse retentie aan de Rietmade in Hoeven

Uiteindelijk moet de totale verwerkingscapaciteit van zowel de onder- als bovengrondse ruimte extreme buien kunnen opvangen, waarbij water niet wordt afgewenteld naar andere gebieden. Dat kan om verbetermaatregelen vragen. Hierbij maken we een afweging tussen de meerkosten van diameterverruiming en de potentie van de bovengrond om extra regenwater te kunnen verwerken (maatwerk).

24

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

Systeemoverzicht Stedelijk Water Voorafgaand aan dit plan hebben we voor iedere kern in Halderberge een basisrioleringsplan (BRP) opgesteld. Deze BRP’s worden in de komende planperiode geactualiseerd tot een systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW). SSW is de opvolger van het BRP, met als belangrijkste onderscheid een scopeverbreding van de riolering (ondergrondse infrastructuur) naar de openbare ruimte en het oppervlaktewater. Het SSW beschrijft alle deelsystemen van het stedelijk watersysteem (riolering, oppervlakte- en grondwater), het samenhangend functioneren, de beoordeling van het functioneren en de eventuele maatregelen. Inzicht in het functioneren wordt gebaseerd op modelsimulaties en op beschikbare metingen, meldingen, klachten en ervaringen. In dit programma hebben we structureel budget opgenomen voor het actualiseren van het SSW. De volgorde waarin

4 Strategie en verankering

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

berekeningen plaatsvinden hangt af van de urgentie, de nieuwste inzichten en stemmen we af met het waterschap. Composietbuien De komende planperiode gaan we met onze waterpartners onderzoeken of het gebruik van composietbuien een betere en kosteneffectieve benadering is voor het toetsen van de verwerkingscapaciteit. Een composietbui is een fictieve bui met een aan- en afloop en een piek in het midden. Deze bui is representatief voor een korte hevige bui. De intensiteit van de composietbui is hoger dan de intensiteit van de ontwerpbui en past beter bij de toenemende hevigheid van buien. We volgen hierbij ook de landelijke ontwikkelingen. Voldoende open water creëren We hebben de wens om voldoende open water binnen onze gemeentegrenzen te hebben. Doordat we de eis tot retentie combineren met de voorkeursvolgorde is het gevolg dat er van nature oppervlaktewater wordt gerealiseerd bij nieuwe ontwikkelingen. Door tevens in een vroeg stadium betrokken te zijn bij nieuwe ontwikkelingen vanuit de afdeling water en riolering, kunnen we ook in de ontwerpfase van een ontwikkeling al de aanleg van open water stimuleren.

Figuur 8: Oppervlaktewater, zoals sloten en meren, kunnen gebruikt worden als retentievoorziening

Burgerinitiatieven We creëren bewustwording en stimuleren maatschappelijke initiatieven. Middelen hiervoor zijn een goed toegankelijke en overzichtelijke website van onze gemeente, waarop informatie omtrent hemelwater en klimaatadaptatie duidelijk terug te vinden is. Op verzoek verstrekken we verdere informatie. Daarnaast zijn we als gemeente Halderberge ook actief betrokken bij communicatie- projecten zoals ‘de Week van ons water’. Deze week is gericht op waterbewust worden en waterbewust handelen. Al in de beginfase van een project maken we het ‘anders omgaan met hemelwater’ kenbaar bij betrokken inwoners, bedrijven en/of projectontwikkelaars. Hierin worden zij gevraagd met ons mee te denken over de kansen en mogelijkheden om water een volwaardige plaats te geven in een ontwikkeling. Sinds 2021 kunnen inwoners in Halderberge gebruik maken van een stimuleringsregeling voor afkoppelen en werkzaamheden op eigen terrein, zoals tegels inruilen voor groen en meer waterbergende functies. Komende periode willen we 25

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

aandacht besteden aan het oprichten van werk/bewonersgroepen in samenwerking met de Samenstichtingen (weblink) van Halderberge. Deze Samenstichtingen bestaan uit een aantal leden met een gezamenlijk doel, namelijk om de leefbaarheid van hun kern of wijk te verbeteren.

4 Strategie en verankering

▪

6 Middelen

Tabel 1 Waterhinder en -overlast: beeld, definities en strategie

Waterhinder Kenmerken: ▪ het water blijft staan in openbaar gebied, waardoor wegen tijdelijk niet begaanbaar zijn; ▪ (ernstige) waterhinder leidt niet tot schade aan gebouwen; ▪ waterhinder zal door klimaatverandering vaker voorkomen en vinden we acceptabel. Strategie: In geval van hinder treffen we als gemeente bij de uitvoering van reguliere reconstructiewerken zodanige maatregelen, dat de kans op het optreden van ernstige hinder aanmerkelijk kleiner wordt.

Heldere overlegstructuur Het ‘anders omgaan met hemelwater’ willen we binnen de gemeentelijke organisatie verankerd krijgen. Vanuit dit oogpunt is het van belang om dit regelmatig met andere disciplines te bespreken. Daarom streven we naar een heldere overlegstructuur, die op twee mogelijke wijzen ingevuld kan worden: ▪

5 Uitvoeringsprogramma

Bij een regulier overleg (zoals het projectleidersoverleg) voegen we het agendapunt ‘hemelwaterbeleid’ toe aan de agenda; Het organiseren van een nieuw overleg ‘integrale openbare ruimte’ met als uitgangspunt het hemelwaterbeleid en klimaatadaptatie.

Hemelwateroverlast Kenmerken: ▪ materiële schade: het water loopt vanaf de straat gebouwen in; ▪ risico’s voor de volksgezondheid: afvalwater stroomt in grote mate vanuit de riolering de straat op; ▪ belemmering voor hulpdiensten en economische schade: het water op straat blokkeert hoofdwegen Strategie: In geval van hemelwateroverlast treffen we als gemeente, indien mogelijk, (tijdelijke) bovengrondse kostenefficiënte maatregelen om het risico op schade te beperken. Ter voorkoming van structurele overlast onderzoeken we mogelijke oorzaken en oplossingsrichtingen en brengen deze, mits doelmatig, ten uitvoer.

We willen deze overleggen tweemaandelijks houden met een vast aanspreekpunt voor het overleg. Ter ondersteuning stellen we een toolbox op die informatie bevat over kosten en uitvoeringstijd voor de aanleg van voorzieningen zoals waterbuffers, grasstroken langs wegen, grasstroken voor waterberging, parkeren in grasbeton (halfverharding), wadi’s, doorlatende verharding, tuinvergroening, regentonnen, verlaagde banden voor overloop van de weg richting groen et cetera.

26

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

Uitgangspunten onder- en bovengrondse verwerkingscapaciteit We onderhouden en verbeteren het stedelijk watersysteem en toetsen de gevoeligheid van het rioolstelsel op overlast met behulp van modelberekeningen. Daarbij hanteren we voor nieuwe gebieden een ander uitgangspunt dan in bestaand gebied: ▪ Bestaand gebied: geen water-op-straat bij een belasting met bui08 van de Kennisbank Stedelijk water (herhalingstijd van eens in de twee jaar) ▪ Nieuwe gebieden: geen water-op-straat bij een belasting met bui10 van de Kennisbank Stedelijk water (herhalingstijd van eens in de tien jaar) ▪ Reconstructies: geen water-op-straat bij een belasting met bui10 van de Kennisbank Stedelijk water (herhalingstijd van eens in de tien jaar) Toetsing ondergrondse verwerkingscapaciteit De ondergrondse afvoercapaciteit van bestaande systemen toetsen we aan een ontwerpbui met een theoretische herhalingstijd van 1x per 2 jaar (Bui 08 uit de Kennisbank Stedelijk Water). In deze situatie dient de waakhoogte ten opzichte van maaiveld minimaal 30 cm te bedragen. Indien in theorie niet wordt voldaan aan het toetsingscriterium en in praktijk ook wateroverlast wordt ervaren, treffen we als gemeente passende en doelmatige maatregelen. De ondergrondse afvoercapaciteit van nieuwe systemen ontwerpen we op een bui met een theoretische herhalingstijd van 1x per 10 jaar (Bui 10 uit de Kennisbank Stedelijk Water).

Bij een dergelijke bui mag er geen water op straat optreden. Toetsing bovengrondse verwerkingscapaciteit De bovengrondse verwerkingscapaciteit van bestaande systemen toetsen we aan de voorgeschreven toetsbuien in het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA). Dit is een “stresstest” waarbij het hele plangebied tegelijkertijd dezelfde neerslaghoeveelheid te verwerken krijgt. Bij een dergelijke bui mag het water niet hoger dan 2 cm tegen de gevel staan. Wanneer de

4 Strategie en verankering

5 Uitvoeringsprogramma

6 Middelen

gemiddelde waterhoogte hoger is dan deze 2 cm zal dit leiden tot schade. Ook mag bij een dergelijke bui geen schade optreden aan essentiële voorzieningen (uitvallen elektra, begaanbaarheid hoofdinfrastructuur). Bij kleine ontwikkelingen mag worden volstaan met een praktische rekenmethode in plaats van een gedetailleerde berekening. Waterbergingseisen Zowel bij nieuwbouw als bij ontwikkelingen in bestaand bebouwd gebied wordt van de perceeleigenaar verlangt dat deze zijn/haar verantwoordelijkheid neemt om wateroverlast te voorkomen. Hierbij maken we onderscheid in de grootte van het oppervlak en/of de toename ervan en hanteren we de bergingseisen conform Tabel 2: Waterbergingseisen bij ontwikkelingen. Tabel 2: Waterbergingseisen bij ontwikkelingen Oppervlak <500 m² >500 m²

Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen 60 mm in het werkgebied 60 mm op openbaar terrein + 20 mm op eigen terrein

Ontwikkelingen in bestaand bebouwd gebied Gescheiden aanleveren en 20 mm bergen op eigen terrein 60 mm op openbaar terrein + 20 mm op eigen terrein

Toelichting bij en aanvullingen op de tabel: ▪ Het onderscheid tussen kleine (<500m 2) en grote (>500 m2) ontwikkelingen betreft het totale oppervlak van de ontwikkeling; ▪ Herbouw na sloop beschouwen we als nieuwe ontwikkelingen. Inbreidingen, verbouwingen en herstructureringen beschouwen we als ontwikkelingen in bestaand gebied; ▪ Een eis van 60 mm betekent ten minste 60 liter berging per m2 oppervlak; ▪ Het oppervlak waarover deze bergingseis berekend dient te worden, betreft het totale verhard1 oppervlak (100% van alle daken en 50% van de rest

1 Kunstgrasvelden beschouwen we als 50% verhard oppervlak. Groene daken beschouwen we

als onverhard oppervlak. 27

1 Inleiding

2 Huidige situatie

3 Visie en ambitie

van het perceel) binnen de werkgrenzen in de nieuwe situatie. Door ander materiaal te gebruiken, kan dit percentage worden verminderd (bij de aanleg van groene daken wordt 0% toegerekend). Kunstgrasvelden beschouwen we als 50% verhard oppervlak. Groene daken beschouwen we als onverhard oppervlak.); De bergingseisen zijn van toepassing op ieder individueel perceel. Bij een bouwblok moet elk perceel voorzien zijn van 20 mm berging op eigen terrein. Indien er geen openbare ruimte bij komt bij een ontwikkeling van >500 m2, dan dient de waterbergingsopgave geheel op eigen terrein gerealiseerd te worden. Indien er wel openbare ruimte bij komt (bijv. bij een nieuwbouwwijk) wordt 60 mm in openbaar gebied geborgen en 20 mm op particulier terrein.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/561/documents/16358