BK7789-Beleidsplan Wegen 2027-2031 def.pdf
Tekst van het document
RAPPORT Beleidsplan Wegen 2027 t/m 2031 “Beheer op maat met oog voor kwaliteit en veiligheid..” Klant:
Gemeente Halderberge
Referentie:
BK7789-MI-RP-260225-1601
Status:
definitief
Datum:
17 maart 2026
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
HASKONING NEDERLAND B.V.
Laan 1914 no.35 3818 EX Amersfoort Netherlands Mobility & Infrastructure Trade register number: 56515154 Telefoon: +31 88 348 20 00 Fax: +31 33 463 36 52 E-mail: info@haskoning.com Website: haskoning.com
Titel document: Ondertitel: Referentie: Uw kenmerk Status: Datum: Projectnaam: Projectnummer: Auteur(s):
Beleidsplan Wegen 2027 t/m 2031 “Beheer op maat met oog voor kwaliteit en veiligheid..” BK7789-MI-RP-260225-1601 definitief 17 maart 2026 Halderberge - Beleidsplan Wegen BK7789 Haskoning - PdO
Opgesteld door:
P. den Otter / J. Borghouts
Gecontroleerd door: Datum:
17 maart 2026
Goedgekeurd door:
gem. Halderberge
Datum:
17 maart 2026
Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. Haskoning Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever. Let op: dit document bevat mogelijk persoonsgegevens van medewerkers van Haskoning Nederland B.V. Voordat publicatie plaatsvindt (of anderszins openbaarmaking), dient dit document te worden geanonimiseerd of dient toestemming te worden verkregen om dit document met persoonsgegevens te publiceren. Dit hoeft niet als wet- of regelgeving anonimiseren niet toestaat. Dit document kan zijn opgesteld met behulp van kunstmatige intelligentie (AI); alle door AI gegenereerde inhoud is beoordeeld en gevalideerd door onze experts. 17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
ii
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
Inhoud Inleiding
1
1
Beheerkaders
2
1.1
Landelijke wetgeving en normeringen
2
1.2
Beheerkaders beleid
2
1.3
Beeldkwaliteitsniveau
3
1.4
Beheersystematiek
5
1.5
Evaluatie beleidsplan wegen 2022 – 2026
6
2
Beheerstrategie
7
3
Huidige situatie
11
3.1
Areaal
11
3.2
Actuele kwaliteit
12
3.2.1 3.2.2 3.2.3
Kwaliteit per verhardingstype Kwaliteit trottoirs, fiets- en voetpaden Kwaliteitsverloop sinds 2018
12 13 13
3.3
Meldingen
14
4
Onderhoudsplanning
15
4.1
Integrale aanpak
15
4.2
Onderhoudsplanning groot onderhoud
15
4.3
Klimaatadaptatie en Duurzaamheid
16
4.4
Klein onderhoud en boomwortelopgroei
17
4.5
Onverharde wegen, bermen en markeringen
18
4.6
Bijkomende kosten
18
4.7
Investeringen
18
5
Financiën
20
5.1
Benodigde budgetten
20
5.2
Beschikbare budgetten
21
5.3
Vergelijk budgetten
22
5.4
Conclusie
22
5.5
Consequenties
23
6
Scenario’s
24
6.1
Samenvatting scenario’s
28
6.2
Meest kansrijke scenario
28
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
iii
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
7
Organisatie
29
8
Risicoparagraaf
30
Tabellen Tabel 1: Classificatie beeldkwaliteit
4
Tabel 2: Kansen meenemen opgaven
7
Tabel 3: Beheerstrategie t.a.v. wet- en regelgeving
9
Tabel 4: Beheerstrategie t.a.v. belanghebbenden
9
Tabel 5: Gegevens areaal per verhardingstype in 2026
11
Tabel 6: Gegevens areaal per wegfunctie in 2026
11
Tabel 7: Kwaliteit totaal
12
Tabel 8: Benodigd budget onderhoud, inclusief 3% indexatie
20
Tabel 9: Kosten groot onderhoud op de trottoirs, fiets- en voetpaden inclusief 3% indexatie
21
Tabel 10: Beschikbaar budget onderhoud inclusief 3% indexatie
21
Tabel 11: Verschil beschikbaar – benodigd budget (inclusief 3% indexatie)
22
Tabel 12: Gevolgen op doelstellingen gemeente
28
Tabel 13: Financiële gevolgen
28
Tabel 14: Benodigde organisatie in FTE
29
Figuren Figuur 1: Programmatisch werken
7
Figuur 2: Levenscyclus weg
10
Figuur 3: Kwaliteit per verhardingstyype 2026
12
Figuur 4: Kwaliteit trottoirs, fiets- en voetpaden
13
Figuur 5: Kwaliteitsverloop totale areaal vanaf 2018
13
Figuur 6: Kwaliteitsverloop trottoirs, voet- en fietspaden areaal vanaf 2023.
14
Figuur 7: Meldingen over de verhardingen per jaar
14
Figuur 8: Fases bij structureel tekort op onderhoud
23
Figuur 9: Kernactiviteiten conform Assetmanagement
29
Bijlagen Bijlage 1: Wettelijke kaders Bijlage 2: Financiële uitgangspunten 17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
iv
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
Inleiding Gemeente Halderberge is verantwoordelijk wegbeheerder De gemeente Halderberge is verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van het gemeentelijke wegennet. Het betreft hier de openbare wegen, waar de gemeente ook onderhoudsplichtige is. Het totale wegennet bestaat voornamelijk uit asfalt en elementen verhardingen en heeft een oppervlakte van ca. 2.217.000 m2. De waarde van al deze wegverhardingen samen bedraagt ca. € 300 miljoen. Wegenbeleidsplan toe aan actualisatie In Halderberge worden de wegen, pleinen en paden onderhouden op basis van de landelijke wegbeheermethodiek van het CROW. Hierbij heeft de raad van de gemeente Halderberge, naar aanleiding van de raadsmotie van 3 november 2022, op 6 juni 2023 de keuze gemaakt voor de trottoirs, de fiets- en voetpaden het onderhoudsniveau minimaal beeldniveau B. Met het vaststellen van het beleidsplan 2022-2026 op 3 juni 2021 had de gemeenteraad een keuze gemaakt voor de overige verhardingen (straten en wegen) op minimaal beeldniveau C te houden. Beeldniveau C is de landelijk geaccepteerde ondergrens, waarbij nog net wordt voldaan aan wet- en regelgeving. Het huidige beleidsplan loopt tot en met 2026. Dit nieuwe beleidsplan heeft de looptijd van 2027 tot en met 2031 en bevat de nieuwe inzichten en optimalisaties die in de afgelopen jaren zijn ontstaan.
Dit plan geeft inzicht in: - De kaders voor het beheer (hoofdstuk 2). - De beheerstrategie (hoofdstuk 3). - Het areaal en de huidige onderhoudstoestand van de wegen (hoofdstuk 4). - De onderhoudsplanning, integrale aanpak en overige kosten (hoofdstuk 5). - De benodigde budgetten en financiële risico’s (hoofdstuk 6). - Mogelijke scenario’s voor het onderhoud (hoofdstuk 7) - Risicoparagraaf (hoofdstuk 8).
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
1
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
1
Beheerkaders
Dit hoofdstuk gaat over wet- en regelgeving waaraan de gemeente zich moet houden en de doelstellingen die de gemeente heeft. Ook wordt kort de methodiek van het Wegbeheer beschreven.
1.1
Landelijke wetgeving en normeringen
Er is geen volledige vrijheid in het vaststellen van het beleid voor wegbeheer. Het beheer van wegen is namelijk (deels) in nationaal geldende wetten en besluiten geregeld. Zij geven de instandhoudingskaders aan voor het beheer. De belangrijkste wet- en regelgeving: -
Grondwet Wegenverkeerswet (WVW) Wegenwet Burgerlijk Wetboek (BW) Omgevingswet
-
Wet Milieubeheer Code Milieu Verantwoord Wegbeheer Europese Richtlijn Omgevingslawaai Arbeidsomstandighedenwet (Wet Arbo) Gemeentewet Besluit Begroting en Verantwoording (BBV)
De omgevingswet is per 1 januari 2024 van kracht en vervangt enkele wetten. Meer informatie over de wet- en regelgeving en welke zijn opgegaan in de omgevingswet is opgenomen in bijlage 1. Door het CROW is een landelijk gebruikte systematiek ontwikkeld voor wegbeheer, waarmee de wetgeving is afgedekt. Zie ook paragraaf 1.4.
1.2
Beheerkaders beleid
De gemeente, winkeliers, bedrijven en gebruikers hebben, naast een gezamenlijk belang met de openbare ruimte, een individueel belang. De gebruikers zijn het belangrijkst, zij maken dagelijks gebruik van de wegen en paden en vervullen ook een participatierol. Bedrijven zijn belangrijk voor onder andere de werkgelegenheid in de lokale economie en hebben belang bij een goede bereikbaarheid. De gemeente heeft in het coalitieakkoord 2022-2026 en de omgevingsvisie relevante doelstellingen vastgesteld voor het beheer van de verhardingen: - Algemeen: Een openbare ruimte die uitnodigt tot lopen, fietsen, buitenspelen en ontmoeten, waarbij het onderhoudsniveau van de wegen op orde is. - Bereikbaarheid: Halderberge moet goed bereikbaar zijn en goede doorstroming is belangrijk. Daarnaast streeft de gemeente naar gezond leven o.a. door lopen en fietsen aantrekkelijk te maken via goede fiets- en looproutes. - Leefbaarheid en aanzien: Halderberge is een groene woon- en recreatiegemeente, met een goed onderhouden, aantrekkelijke en evenwichtige openbare ruimte met goed bereikbare voorzieningen. - Veiligheid: in Halderberge moeten mensen zich vrij en veilig kunnen bewegen. Belangrijke aandachtspunten daarbij zijn toegankelijkheid, veilige schoolroutes en veiligheid van de langzaam verkeersroutes.
- Duurzaamheid: Bij beheer en onderhoud moet er aandacht zijn voor de uitvoering van verduurzaming, bijdragen aan de circulaire economie (o.a. hergebruik van vrijkomende materialen) en de jaarlijkse reductie van CO2 uitstoot. Ook wordt bij het plannen van wegonderhoud zoveel mogelijk aangesloten bij mogelijke uitvoeringsprojecten op het gebied van warmte- en energietransitie en klimaat.
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
2
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
Integraliteit met andere beleidsterreinen Het uitgangspunt is dat werkzaamheden integraal worden opgepakt. Daarom zijn ook de overig vastgestelde beleidsdocumenten van belang bij het bepalen van het juiste onderhoud en onderhoudsmoment. De meest belangrijke bij onderhoud aan verhardingen zijn hierbij: - Gemeentelijk waterprogramma 2024-2027: Voor wegbeheer is het integraal vervangen van riolering en verharding en mogelijke bijdragen aan regenwateroverlast, grondwateroverlast en verdroging, door bijvoorbeeld waterpasserende verharding, het belangrijkste aandachtspunt. - Mobiliteitsvisie 2023-2027: Voor wegbeheer is een goede bijdrage aan de bereikbaarheid het belangrijkste aandachtspunt. Bij onderhoudsnoodzaak aan verhardingen wordt vastgesteld of en hoe de bereikbaarheid verbetert kan worden, door bijvoorbeeld verandering van de inrichting of meer focus op het langzame verkeer. - Duurzaam Halderberge: Bij groot onderhoud aan verhardingen wordt ingezet op een waterrobuuste en klimaatbestendige leefomgeving. Daarnaast wordt bij onderhoud bepaald wat de mogelijkheden zijn om een bijdrage te leveren aan meer groen. - Transitievisies Warmte en Energie: Voor wegbeheer is de relatie met de kabels en leidingen van belang. Deze liggen veelal onder verhardingen.
Het onderhoud aan verhardingen wordt afgestemd op deze transities om zoveel als mogelijk werkzaamheden te combineren en overlast voor bewoners te beperken. Daarbij wordt rekening gehouden met toekomstige ontwikkelingen, bijvoorbeeld uitbreiding van elektriciteitsnetten of warmtenetten. - Groenbeleidsplan en koersplan bomen: met name voor vergroening en boomwortelopdruk. Uitgangspunt is dat iedere schop in de grond klimaatbestendig en natuur inclusief is. Vergroening wordt integraal meegenomen bij verhardingsprojecten zoals herinrichtingen en groot onderhoud. - Maatschappelijk Verantwoord Inkopen (MVI): voor bijdragen vanuit wegbeheer om te komen tot een circulaire economie, de CO2 doelen vanuit het Klimaatakkoord en doelen die door het college van Halderberge zijn vastgesteld. - Actieplan geluid: met name voor het vaststellen van overlastlocaties door wegverkeersgeluid en mogelijkheden voor vermindering van deze overlast. De kans is aanwezig dat aansluiting op de beleidsdoelstellingen verder gaat dan regulier beheer. Onderhoud kan daarom niet meer vanuit het onderhoudsbudget alleen worden betaald, maar vraagt een (integrale) investering. Bijvoorbeeld bij een herinrichting van de weg.
1.3
Beeldkwaliteitsniveau
Voor de kwaliteitsbeoordeling gebruikt de gemeente de beeldkwaliteitssystematiek zoals vastgelegd in de Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte van het CROW (publicatie 380). Bij de verhardingen is de ambitie van de gemeente vastgelegd op: - Bij de trottoirs en voet- en fietspaden is de ambitie beeldniveau B. - Bij de overige verhardingen is de ambitie beeldniveau C. Beeldniveau C is het laagste niveau dat gehanteerd kan worden, alles onder beeldniveau C wordt gezien als achterstallig onderhoud en wordt niet meer voldaan aan wet- en regelgeving. Dit is ook landelijk gezien de huidige trend. Voor het bepalen van de kwaliteit van het verhardingen en het op basis daarvan opstellen van het onderhoudsprogramma gebruikt wegbeheer de landelijk gehanteerde CROW-systematiek, vastgelegd in CROW-publicaties 146 en 147 (zie paragraaf 1.4). 17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
3
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
De onderstaande tabel 1 laat zien wat de relatie is tussen deze systematiek en de gebruikte termen in het beleidsplan. Beeldkwaliteit CROW
A+
A
Handboek Beeldkwaliteit
Technische Kwaliteit
Zeer Hoog
Nagenoeg ongeschonden, goed verzorgd en schoon beeld in een verkeersveilige situatie
Zeer goed
Er is geen schade, de verharding is (zo goed als) nieuw
Hoog
Aantrekkelijk, goed verzorgd en schoon beeld in een verkeersveilige situatie
Goed
Er is (zeer) lichte schade, maar niet hinderlijk
B
Voldoende
Verzorgd en schoon beeld in een verkeersveilige situatie
Voldoende
Er is schade aanwezig. De waarschuwingsgrens wordt bereikt en soms overschreden (onderhoud binnen 3-5 jaar te verwachten)
C
Matig
Onrustig beeld, discomfort of enige vorm van hinder
Matig
De richtlijn is overschreden (onderhoud binnen 2 jaar noodzakelijk)
Laag
Kapitaalvernietiging, uitlokking van vervuiling, functieverlies, juridische aansprakelijkheid of sociale onveiligheid
Onvoldoende
De richtlijn is meer dan een klasse overschreden (onderhoud=herstand)
D
Voorbeeld
Tabel 1: Classificatie beeldkwaliteit
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
4
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
1.4
Beheersystematiek Voor het onderhouden van de verhardingen zijn richtlijnen/ systematieken ontwikkeld die een hulpmiddel zijn om tot de meest optimale meerjarenplanning te komen. Deze wegbeheersystematiek is vastgelegd in publicaties 146 en 147 van het CROW. (https://www.crow.nl/publicaties/wegbeheer-2011).
Deze landelijk gebruikte systematiek bestaat al sinds 1986 en is in die tijd in samenwerking met diverse gemeenten ontwikkeld. Het is gebaseerd op een praktische benadering die ‘voorspelt’ hoe een weg in de toekomst slijt. Op basis van de technische urgentie wordt een planning opgesteld voor het uitvoeren van onderhoud en/of een reconstructie. Hierbij houdt men zo goed mogelijk rekening met de behoefte van de belanghebbenden (ambities), de wet- en regelgeving en overige zaken die specifiek zijn voor de gemeente. De technische urgentie is gebaseerd op het effect van schade op de aspecten veiligheid, bereikbaarheid, duurzaamheid en beeldkwaliteit. Daarnaast wordt door het CROW het uitvoeren van werkzaamheden aan verhardingen vanuit technisch en financieel oogpunt onderscheiden naar de volgende typen: Kleinschalig onderhoud Het uitvoeren van relatief kleinschalige activiteiten om de oorspronkelijke functie, uitstraling en/of kwaliteit van het object te herstellen. Bij klein onderhoud kunnen er onderdelen vervangen of gerepareerd worden. De scheidslijn tussen groot- en klein onderhoud is afhankelijk van het objecttype. Klein onderhoud borgt de vooraf bepaalde gebruiksduur van het object. Groot onderhoud Het uitvoeren van relatief grootschalige activiteiten om de oorspronkelijke functie, uitstraling en/of kwaliteit van het object te herstellen.
Bij groot onderhoud kunnen er (hoofd)onderdelen vervangen of gerepareerd worden. Het wordt uitgevoerd wanneer klein onderhoud ontoereikend is. Groot onderhoud borgt de vooraf bepaalde gebruiksduur van het object. Vervanging /verbeteren /opheffen Het uitvoeren van activiteiten aan het einde van de technische, economische, wettelijke, politieke en/of functionele levensduur van het object of een gedeelte van het object. Hierbij wordt de constructie van het object (voor een deel) verwijderd (tegelwippen) en indien gewenst vervangen om de functie, uitstraling en/of kwaliteit van het object te herstellen al dan niet aangepast aan de huidige maatstaven, eisen en normen. Dit gaat vaak gepaard met integrale herinrichtingen, maar kunnen ook een op zichzelf staand project zijn.
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
5
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
1.5
Evaluatie beleidsplan wegen 2022 – 2026
In 2022 is het wegenbeleidsplan 2022-2026 vastgesteld. Op dat moment is gekozen voor een kwaliteitsmodel waarbij op basis van de ernst en omvang de reparaties aan verhardingen worden uitgevoerd. Hierbij was en is de ondergrens voor het onderhoud beeldniveau C-kwaliteit, zoals vastgesteld door het CROW. Er zou niet extra worden geïnvesteerd op de kwaliteit van trottoirs, voet- en fietspaden. De kaders bij aanvang van het huidige beleid waren: - Asfalt op orde te houden vanwege kapitaalvernietiging; - Elementenverhardingen alleen kleinschalig onderhoud als de verkeersveiligheid in het geding komt; - Onderhoud alle verhardingen gemiddeld op CROW-C kwaliteit. Bij aanvang van het nieuwe college in 2022 zijn er, door het raadsbesluit op 6 juni 2023, met ingang van 2024 extra middelen beschikbaar gesteld om de kwaliteit van trottoirs, voet- en fietspaden een extra impuls te geven, waarbij de ambitiekwaliteit is aangepast naar beeldniveau CROW-B. Deze wijziging van ambitiekwaliteit is opgenomen in dit beleidsplan en de beheerstrategie is hierop aangepast. Bewoners, weggebruikers en kabel- en leidingbeheerders hebben invloed op de kwaliteit van de verharding en met name op de trottoirs. Voornamelijk door hoe er gebruik van gemaakt wordt. Dit is zichtbaar in woonwijken waar bijvoorbeeld auto’s deels op de trottoirs worden geparkeerd als gevolg van de beperkte ruimte die er is.
Ook de aanleg van ondergrondse netwerken, die grotendeels onder de trottoirs liggen, kunnen gevolgen hebben voor de kwaliteit. Om de trottoirs en voet- en fietspaden op beeldniveau B te realiseren, moeten deze knelpunten worden opgelost en/of worden ingeperkt. De gemiddelde kwaliteit van de asfaltverhardingen is op orde en de gemiddelde kwaliteit van alle verhardingen raakt het CROW C-niveau. Echter, het gemiddelde onderhoudsniveau van de elementenverhardingen blijft onder het ambitieniveau C. Om de gemiddelde kwaliteit van de elementenverhardingen te verbeteren zal het onderhoud aan deze verhardingen, in plaats van kleinschalig, meer grootschalig opgepakt moeten worden en daarbij moet sneller worden overgaan naar reconstructies; in de voorgestelde beheerstrategie (scenario’s) is dit opgenomen. Door de extra investering in de trottoirs, voet- en fietspaden is de gemiddelde kwaliteit vanaf 2024 gestegen. Met name de kwaliteit van asfaltfietspaden is meer dan goed. Uit de laatste inspectie van februari 2026 is gebleken dat door het anders gebruik van de trottoirs (bijv. parkeren van auto’s). de gemiddelde kwaliteit van trottoirs, voet- en fietspaden nog niet het gewenste CROW B-niveau is behaald; 11% van alle trottoirs, voet- en fietspaden wijkt hier nog vanaf.
Vaak wordt kort na de uitvoering van werkzaamheden het trottoir weer als parkeervak of opslagruimte voor materialen gebruikt. Er zijn meer en meer andere ambities van bijv. kabel- en leidingbeheerders waarmee rekening moet worden gehouden. Onderhoudswerkzaamheden kunnen hierdoor onvoldoende (volgens planning van de gemeente) worden uitgevoerd.
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
6
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
2
Beheerstrategie
De gemeente staat de komende jaren voor grote opgaven in de openbare ruimte. De energietransitie doet een beroep op de schaarse ondergrondse ruimte, er is meer ruimte nodig voor fiets en voetganger. Vergroening is nodig om opgewassen te zijn tegen de gevolgen van klimaatverandering. Al deze opgaven vragen om actie in de voorbereiding en uitvoering. Dat is niet makkelijk en ook niet bij iedere onderhoudsvorm mogelijk. In tabel 2 wordt weergegeven waar per onderhoudsvorm de kansen liggen om deze opgaven integraal op te pakken.
Quick-wins (bv. drempel)
Duurzaam veilige inrichting (herinrichting)
Focus op langzaam verkeer
Goede doorstroming hoofdwegen
Ondergrondse infrastructuur
Energie-transitie
Afkoppelen
Mobiliteit
Ontharden vergroenen
Verkeersveiligheid
CO2-reductie
Klimaat-adaptatie
Circulariteit
Duurzaamheid
Klein onderhoud
-
x
-
-
x
-
-
-
-
Groot onderhoud (quick wins)
-/x
-/x
x
-/x
x
-
-/x
-/x
x
Vervanging
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Onderhoudsvorm
Tabel 2: Kansen meenemen opgaven
Integraal werken vraagt om flinke inspanningen, investeringen en afstemming. Het komt de betaalbaarheid en realiseerbaarheid van opgaven als vergroening en klimaatadaptatie ten goede als dit gecombineerd wordt met het reguliere beheer. Concreet betekent dit dat de gemeente bij groot onderhoud, vervangingen en herinrichtingen telkens kijkt welke andere werkzaamheden bekend zijn en meteen meegenomen kunnen worden. Daarmee kan een impuls gegeven worden aan, enerzijds de beheer- en onderhoudsopgave en anderzijds de ambities voor een sociale, leefbare en groene gemeente uit het coalitieakkoord en de beleidsdoelstellingen. Door op het moment dat er een schop in de grond gaat ook andere opgaven integraal mee te nemen, vermindert bovendien het aantal keer dat er in een straat of buurt gewerkt wordt. Met als resultaat minder overlast voor weggebruikers en omwonenden én minder kosten. Het is dus van belang om op tijd met beheercollega’s, beleidsmedewerkers, mogelijke partners en inwoners in gesprek te gaan over welke opgaven meegenomen kunnen worden bij werkzaamheden in de openbare ruimte. Het betekent een goede manier van (samen)werken. Goede integrale planningen voor de korte en lange termijn zijn van groot belang. Om het gesprek goed te kunnen voeren, maakt Wegbeheer inzichtelijk welke aanpak aan de verhardingen tot 2031 gedaan moet worden.
Met name vervangingen bieden een grote kans om beleidsopgaven (integraal) mee te nemen. Het proces is in figuur 1 weergegeven. De strategie is onder te verdelen in een aantal hoofdpunten, die hieronder worden uitgewerkt. Figuur 1: Programmatisch werken
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
7
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
Informatiestrategie: Voor de verhardingen wordt informatie bijgehouden, variërend van aanlegjaar tot de oppervlakte en kwaliteit van de objecten alsook van de uitgevoerde tweejaarlijkse inspecties. De eenvoudigste manier is om dit vast te leggen in een beheersysteem. De huidige informatie is momenteel compleet en voldoende accuraat. Inspectiestrategie: De verhardingen worden eens per 2 jaar geïnspecteerd, om zo de kwaliteit en vervolgens de maatregelen te kunnen bepalen waarmee de objecten, die niet voldoen aan de kwaliteitseisen, weer op het afgesproken kwaliteitsniveau worden gebracht. Onderhouds- en uitvoeringsstrategie: Voor verhardingen geldt dat zij worden onderhouden, met klein- en groot onderhoud. Dit om ervoor te zorgen dat de geplande levensduur wordt bereikt. Vanuit duurzaamheidsgedachte en circulaire economie is de insteek op hergebruik van materialen en/of kosten van hergebruik goed af te wegen. Het onderhoud wordt zoveel mogelijk integraal uitgevoerd en kansen om gelijk beleidsambities mee te nemen worden meegenomen. Regulier wordt de planning geactualiseerd. Het groot onderhoud wordt, volgens inkoop- en aanbestedingsbeleid van de gemeente, op regiebasis op de markt gezet bij een regionale aannemer.
Om een verbetering van de kwaliteit van de elementenverharding te realiseren moet er meer worden ingezet op grootschalig onderhoud en sneller worden overgegaan op reconstructies. Het kleinschalig onderhoud zou moeten worden uitgevoerd door de serviceteams van de gemeente met ondersteuning van een aannemer voor de wat grotere en complexere werken. De kracht van de serviceteams zou moeten zijn dat zij ook inspecties uitvoeren, zaken in de openbare ruimte constateren, beoordelen en direct zelf oplossen. Het streven moet zijn om de inrichting en het gebruik van materialen af te stemmen op de beoogde snelheid van het verkeer met daarbij een voldoende mate van veiligheid, een en ander in lijn met het vigerende gemeentelijk Mobiliteitsplan. Dit zou dan gefaseerd gedaan moeten worden op het moment dat de verharding aan vervanging toe is. Vervangingsstrategie: Voor verhardingen geldt dat, net zoals bij de onderhoudsstrategie, bij het vervangen van de materialen en/of de gehele constructie aan einde levensduur wordt gekeken naar het integraal uitvoeren van de werkzaamheden. Transities, ambities, trends, functieverandering etc. worden, indien van toepassing en benodigd, tijdens de vervanging meegenomen. Ook wordt, waar mogelijk, aangesloten op de ontwikkelingen in de gemeente en de wensen van de bewoners en andere stakeholders.
Financieringsstrategie: De dekking van de kosten van het onderhoud en vervanging wordt afgestemd met de betreffende controllers. Rekening houdend met eisen vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) wordt er gebruik gemaakt van een voorziening voor groot onderhoud, exploitatiebudgetten voor inspecties en klein onderhoud en investeringen voor vervanging. Het streven is naar voldoende budget om de verhardingen in stand te houden en aan het einde van de levensduur te vervangen. Hierbij zijn ook kosten voor klimaatadaptatie en toekomstbestendigheid mee geraamd.
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
8
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
In tabellen 3 en 4 staat meer in detail beschreven hoe men invulling geeft aan de beheertaken. Algemene doelstellingen
Beheermaatregel/actie
Wet- en regelgeving Grondwet: Zorgen voor een goede weginfrastructuur
De weginfrastructuur is in de gemeente ingedeeld op basis van de beheerniveaus voor de verhardingen, met extra oog voor de aandachtsgebieden.
Burgerlijk wetboek: Aansprakelijkheid
De beheerafdeling laat weginspecties uitvoeren op basis waarvan ze planmatig onderhoud uitvoert. Door deze CROW-methodiek te volgen wordt het risico op aansprakelijkheidsstellingen geminimaliseerd.
Wegenwet en Wegenverkeerswet
De zorgplicht (Wegenwet artikel 15 en Wegenverkeerswet artikel 2) is geborgd door het ingestelde proces voor het beheren en onderhouden van wegen.
Wet milieubeheer: Regels rondom vrijkomende materialen
Onderhoudswerkzaamheden wordt via bestekken op de markt uitgezet, waarin is opgenomen dat vrijkomende materialen volgens de wet Milieubeheer worden behandeld, zoals asbesthoudende funderingen en vervuilde grond.
Code Milieu verantwoord Wegbeheer: Verwijderen teerhoudend asfalt
De beheerafdeling werkt volgens de richtlijnen voor het onderzoeken en verwijderen van teer en andere verontreinigingen uit de asfaltketen.
Wet geluidhinder (WGh): bestrijden en voorkomen van geluidshinder ten gevolge van wegverkeer, railverkeer en industrie
Voor wegen is dit onder andere bij de aanleg en wijzigingen van een weg, en de bouw van nieuwe woningen nabij de wegen. Dan kunnen er geluid reducerende deklagen toegepast worden. De beheerafdeling is terughoudend bij het toepassen ervan, omdat onderhoud aan geluid reducerende deklagen veel kostbaarder is dan reguliere deklagen.
Tabel 3: Beheerstrategie t.a.v. wet- en regelgeving Doelstelling belanghebbenden
Beheermaatregel/actie
Politiek Bereikbaarheid
Er wordt zo goed mogelijk rekening gehouden met de bereikbaarheid bij het prioriteren van het onderhoud en stellen projectmatig omleidingsroutes in. Onderhoud doet de gemeente zo integraal als mogelijk om het aantal onderhoudsmomenten (en dus belemmering van de doorstroming) te beperken.
Kwaliteit op peil houden
De kwaliteit van de verhardingen op ambitieniveau houden. Dit betekent dat het percentage wegen met matige en lage (onvoldoende) kwaliteit alleen incidenteel mag voorkomen. Daarnaast is er meer aandacht voor de (recreatieve) trottoirs, fiets- en voetpaden.
Veiligheid
De beheerafdeling borgt de veiligheid door het onderhoud te prioriteren, waarbij extra aandacht is voor de verkeersveiligheid op (recreatieve) trottoirs en fiets- en voetpaden.
Duurzaamheid
Er wordt, zoveel als mogelijk, duurzame materialen toegepast, gerelateerd aan de levensduur van de wegen. Hierbij worden de bekende strategische beleidsdoelen en de wensen vanuit de praktijk waar mogelijk meegenomen. Daarnaast wordt gestuurd op zo min mogelijk onderhoudsmomenten gedurende de levensduur van de wegen. Bij onderhoud is de insteek om niet herbruikbaar (rest)materiaal zoveel als mogelijk te voorkomen.
Bedrijven - Recreatie Bereikbaarheid
Bij het uitvoeren van onderhoud raakt de bereikbaarheid in meer of mindere mate belemmerd. Het uitvoeren van onderhoud gebeurt in goed overleg en met goede communicatie met de betreffende betrokkenen (actiekaart bedrijventerreinen, fietsroutes).
Inwoners Vlot en veilig bewegen
Voor het herstel van gaten in asfalt, verzakking van straatwerk en door boomwortels omhoog gedrukte trottoirtegels voert een serviceteam of de aannemer op regiebasis kleinschalig onderhoud uit. De beheerafdeling verzorgt snelle afhandeling van meldingen en levert duidelijke communicatie op basis van de binnenkomende meldingen van het meldingssysteem. De beheerafdeling levert informatie aan de inwoners over tijdelijke stremming van weggedeelten als gevolg van groot onderhoud.
Tabel 4: Beheerstrategie t.a.v. belanghebbenden
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
9
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
Bij het onderhoud van de wegen is het uitgangspunt dat door toepassing van alle soorten onderhoud de verhardingen uiteindelijk op een doelmatige wijze hun beoogde levensduur halen. Wanneer er geen tussentijds (klein of groot) onderhoud uitgevoerd wordt zal de verharding eerder vervangen moeten worden. Wanneer materialen nooit vervangen worden en dus eeuwigdurend worden onderhouden, leidt dit tot “verbrokkeling”. Niet alleen stenen brokkelen steeds verder af, maar ook een asfaltconstructie verbrokkelt inwendig. Lichte onderhoudsmaatregelen lijken op korte termijn voordeliger te zijn, omdat de verharding er voor het oog goed bijligt. Bijvoorbeeld de weg voorzien van een dunne laag asfalt. Bij de visuele inspectie zal de weg weer hoog scoren. Maar onder de deklaag kan de situatie niet zo goed zijn. De onderlagen en fundering hebben in de loop der tijd al veel te verduren gehad en hebben een groot deel van hun weerstand tegen de verkeersbelasting verloren. Deze verschijnselen werken uiteindelijk door aan de bovenkant. Steeds sneller moet een onderhoudsmaatregel uitgevoerd worden, wat weer leidt tot extra ongemak voor de gebruikers, maar ook tot extra kosten en kapitaalsvernietiging. Daarom is een levenscyclus benadering en dus tijdige vervanging uiteindelijk het meest (financieel) efficiënt. Het leidt tot een veel evenwichtigere verdeling van de onderhoudsmaatregelen.
Na de vervanging (rehabilitatie) is de weg weer als nieuw en heeft de weg dus weer een normale (lagere) onderhoudsfrequentie. Figuur 2 geeft een voorbeeld van deze cyclus.
Figuur 2: Levenscyclus weg
De cijfers in de figuur staan voor de volgende onderhoudsmomenten: 1) Aanleg van de wegconstructie. 2) Klein onderhoud gericht op wegwerken plaatselijke schades, geven van een kwaliteitsimpuls en uitstel groot onderhoud. Voorbeelden klein onderhoud: plaatselijk herstraten oneffenheden, gaten in asfalt dichten, scheuren vullen
3) Groot onderhoud gericht op het waarborgen van de levensduur en het geven van een kwaliteitsimpuls. Voorbeelden groot onderhoud: geheel herstraten rijbaan, deklaag van asfalt geheel vervangen
4) Rehabilitatie van de weg en eventuele herinrichting bij einde van de levensduur van de weg. Hierbij wordt de gehele verhardingsconstructie (inclusief fundering) voor een deel of over de gehele breedte van de weg opgebroken en geheel opnieuw opgebouwd met nieuwe materialen (reconstructie). Optioneel kan worden gekozen de weg bij een rehabilitatie of reconstructie her in te richten. De levensduur van een verharding wordt grotendeels bepaald door het ambitieniveau, de materiaalsoort, de verkeersbelasting en hoe gebruikers en bewoners de verharding gebruiken (bijvoorbeeld half op de stoep parkeren).
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
10
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
3
Huidige situatie
3.1
Areaal
De gemeente Halderberge beheert circa 2.217.0000 m2 aan wegen. Het grootste deel van de verhardingen bestaan uit elementen en asfalt. In tabel 5 staat per verhardingstype de totale oppervlakte vermeld. Verhardingstype
Areaal in m2
Asfalt
Percentage
884.165
40%
1.290.127
58%
Beton
7.858
0%
Half- en Onverhard
34.684
2%
2.216.834
100%
Elementen
Totaal Tabel 5: Gegevens areaal per verhardingstype in 2026
Om keuzes te kunnen maken en prioriteiten te kunnen stellen zijn binnen de gemeente Halderberge de wegen, qua Wegtype, opgesplitst in een aantal wegfuncties. In tabel 6 is de verdeling weergegeven. Wegtype
Wegfunctie
Areaal in m2
Percentage
3. Gemiddeld belaste weg
Hoofdweg Doorgaande route Weg op industrieterrein
224.548
10%
4. Licht belaste weg
Wijkontsluitingsweg Ontsluitingsweg buiten de kom Wegen buiten de kom
667.436
30%
5. Weg in woongebied
Wegen in woongebied Wegen in het Centrum Weg met Recreatie
841.334
38%
6. Weg in verblijfsgebied
Voetpaden en trottoirs Voetgangers gebieden Licht belast/doodlopend
393.153
18%
7. Fietspad
Fietspaden
90.363
4%
2.216.834
100%
Tabel 6: Gegevens areaal per wegfunctie in 2026
De Hoofdwegen en ontsluitingswegen buiten de kom zijn van groot belang voor de bereikbaarheid. Zij bestaan voornamelijk uit asfalt met een hoge verkeersintensiteit. Ook gaan de routes voor openbaar
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
11
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
vervoer veelal over deze wegen. De wijkontsluitingswegen zijn van vitaal belang voor de afwikkeling van het lokale verkeer. De uitvoering van onderhoud aan al deze wegen heeft een grote invloed op de verkeersafwikkeling. De verhardingen in het centrum, de recreatiegebieden en op de voet- en fietspaden zijn belangrijk, omdat de gemeente zich wil profileren als een recreatiegemeente en belang hecht aan veilige routes voor langzaam verkeer.
3.2
Actuele kwaliteit
Begin 2025 zijn alle verhardingen geïnspecteerd. De laatste visuele weginspectie aan specifiek trottoirs, voet- en fietspaden is begin 2026 afgerond. In tabel 7 is de geconstateerde beeldkwaliteit van de verhardingen afgezet tegen de landelijk gehanteerde bandbreedtes, waarbinnen het areaal de beoogde beeldkwaliteit moet hebben om te voldoen aan beeldniveau C. Deze bandbreedtes zijn op basis van ervaringen binnen CROW en vele gemeenten tot stand gekomen.
Beeldkwaliteit
Situatie Gemeente 2026
CROW-norm voor beeldkwaliteit minimaal C
Hoog (A+ - A)
66%
10%-20%
Voldoende (B)
20%
50%-70%
Matig (C )
3%
0%-10%
Laag (D)
11%
0%-5%
Tabel 7: Kwaliteit totaal
Over het algemeen geldt dat de kwaliteit binnen de gemeente Halderberge niet geheel conform de CROWnormeringen is. De gemiddelde kwaliteit is beeldniveau C. Dit komt door het percentage Laag (beeldniveau D), wat te hoog is. Voor de bepaling van de kwaliteit is 11% onvoldoende kwaliteit wel maatgevend.
3.2.1
Kwaliteit per verhardingstype
In figuur 3 is de kwaliteitsverdeling weergegeven per verhardingstype.
Figuur 3: Kwaliteit per verhardingstyype 2026
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
12
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
De kwaliteit van de asfaltverhardingen is beter dan de kwaliteit van de elementenverhardingen. Vanuit de wegeninspectie blijkt verder dat de te nemen maatregelen voor het asfalt minder intensief zijn dan voor de elementen. De afgelopen jaren is (op basis van het door de raad gekozen scenario in 2022) de aandacht naar het asfalt is uitgegaan om kapitaalvernietiging te voorkomen. Daarbij is, conform het gekozen scenario, het onderhoud op de elementenverharding kleinschalig uitgevoerd. Kleinschalig onderhoud heeft geen kwaliteitsimpuls op de elementenverharding gegeven. Ook uitstel van investeringsprojecten (om werk met werk te kunnen maken) en werkzaamheden van Nuts- en Telecombedrijven helpen niet bij het realiseren van een kwaliteitsverbetering.
3.2.2
Kwaliteit trottoirs, fiets- en voetpaden
In figuur 4 is de kwaliteitsverdeling weergegeven van de trottoirs, fietspaden en de voetpaden.
Figuur 4: Kwaliteit trottoirs, fiets- en voetpaden
Uit de grafiek blijkt dat de kwaliteit van de fietspaden beter is dan de kwaliteit van de voetpaden (en trottoirs). Ook hier speelt het uitstel van investeringsprojecten en de werkzaamheden van nuts- en Telecombedrijven, waarvan de kabels voornamelijk onder de voetpaden liggen. Maar ook de aandacht voor asfalt in de afgelopen jaren en het gegeven dat de meeste fietspaden in asfalt zijn uitgevoerd. Algemeen geldt dat de percentages Matig (D) en Laag (C) nooit 0% zullen worden. Dit, als gevolg van het gebruik en de keuze van het huidige beleid om geen grootschalig onderhoud uit te voeren in elementenverhardingen. Daarbij kan er ook uitstel zijn doordat op korte termijn grootschalige herinrichtingen plaats gaan vinden of door de geplande werkzaamheden van andere stakeholders (energietransitie). Met plaatselijk onderhoud worden de verhardingen veilig en bereikbaar gehouden.
3.2.3
Kwaliteitsverloop sinds 2018
In figuur 5 is het kwaliteitsverloop sinds 2018 weergegeven voor Hoog (A+ - A) en Laag (D) voor het gehele areaal. In figuur 6 is dit weergegeven voor de trottoirs, voet- en fietspaden.
Figuur 5: Kwaliteitsverloop totale areaal vanaf 2018 17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
13
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
Figuur 6: Kwaliteitsverloop trottoirs, voet- en fietspaden areaal vanaf 2023.
Uit beide figuren valt op te maken dat de kwaliteit tot 2025 langzaam is afgenomen, maar in 2025 is bij beide grafieken een verbetering te zien. Hiervoor zijn een aantal oorzaken te benoemen: - Het extra beschikbare onderhoudsgeld uit 2024 en 2025 is op uitgegeven, waarmee een kwaliteitsverbetering op met name de trottoirs, fiets- en voetpaden is bereikt. - Door de gemeenteraad is bij het vaststellen van het “beleidsplan 2022 t/m 2026”, besloten om kleinschalig onderhoud op elementenverharding uit te voeren. Hierdoor is alleen de ernstige schade hersteld op de overige elementenverhardingen. Er is daardoor geen significante kwaliteitsverbetering op de overige elementenverhardingen verkregen. De kwaliteitsverbetering is dus alleen op de trottoirs, fiets- en voetpaden behaald, maar nog niet op gewenst beeldkwaliteit B. Belangrijkste redenen hiervoor zijn: o Uitstel van investeringsprojecten waarbij de veiligheid van de wegen is geborgd door het uitvoeren van kleinschalig onderhoud, maar geen groot effect heeft op de beeldkwaliteit. o Anders gebruik van trottoirs en voetpaden bijv. door het gebruik als halve parkeerplaatsen. Hierdoor ontstaan er verzakkingen als gevolg van de hogere belasting en kan er met het uitvoeren van onderhoud geen kwaliteitsverbetering worden gerealiseerd voor de langere termijn.
o De Nuts- en Telecombedrijven zijn druk bezig in de kernen (energie, water, glasvezel). Deze leidingen liggen voornamelijk onder de trottoirs. Niet alle kosten voor het herstel van trottoirs zijn door te berekenen aan de kabel- en leidingbeheerders. Insteek is om zoveel als mogelijk na vertrek van de nutsbedrijven de straat geheel op te knappen (reconstructie). Dit vraagt meer middelen per locatie, waardoor de aanpak van andere locaties lastig wordt, niet alleen in middelen maar ook in tijd.
3.3
Meldingen
Om meer inzicht te krijgen in de beleving die de weggebruikers hebben van de verhardingen, zijn de binnengekomen meldingen geanalyseerd. In figuur 7 zijn de meldingen, uit de jaren 2016 tot en met 2025, onder elkaar gezet. Het aantal meldingen is vanaf 2022 afgenomen ten opzichte van het vorige beleidsplan en, met gemiddeld 280 meldingen, landelijk gezien laag. Bij vergelijkbare gemeentes ligt het gemiddelde op 450. Dit komt voornamelijk door de inzet van extra stratenmakers en voldoende beschikbaar budget voor klein Onderhoud.
Aantal
Aantal meldingen per jaar 500
383
350
405
351
346
304
261
261
300
250
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
-
Figuur 7: Meldingen over de verhardingen per jaar
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
14
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
4
Onderhoudsplanning
4.1
Integrale aanpak
Integrale projecten komen voort uit ruimtelijke projecten zoals herinrichting, functiewijziging en groot onderhoud. Vaak zijn rioolvervangingsprojecten of actuele thema’s (verkeersveiligheid, parkeren) aanleiding tot een complete herinrichting van de straat. Door gebiedsgericht de verouderde openbare ruimte compleet te vernieuwen en her in te richten, waarbij maximaal wordt ingestoken op een integrale aanpak, tezamen met maatregelen voor verkeer (duurzaam veilig) en actuele thema’s (klimaat, energie, circulair) worden grote effecten bereikt. Op deze manier wordt de gehele openbare ruimte opgeknapt gelijktijdig met diverse andere thema’s waardoor forse positieve effecten op de leefbaarheid en beleving van het gebied verkregen wordt. De planning voor de aanpak van wegen zou zoveel mogelijk hierop aan moeten sluiten. Bij een grootschalige aanpak van de wegverharding worden de nuts- en telecombedrijven de gelegenheid geboden om, indien zij hun kabels-en leidingen moeten vernieuwen of onderhoud moeten uitvoeren, mee te liften. In verband met een steeds meer beperktere ruimte in de openbare ruimte geeft dat steeds meer problemen en kan dit, naast een oplopend gebrek aan beschikbare aannemers leiden tot oponthoud tijdens een werk. Oponthoud bij de hoofdaannemer kost de gemeente extra geld (indexatie en stijgende kosten).
Een goede integrale planning met duidelijke afstemming en afspraken tussen de verschillende stakeholders wordt meer en meer belangrijker. Door een juiste keuze te maken in de noodzakelijke werkzaamheden in relatie tot de waargenomen gebreken wordt er een zuivere scheiding tussen de benodigde middelen voor onderhoud en de middelen voor investeringen gehouden. Eigen plannen en plannen van andere stakeholders worden op elkaar afgestemd. Als er in de tussentijd kleinschalig onderhoud nodig is om de veiligheid te waarborgen, moet dit voorzien zijn in de planning en de begroting van de wegbeheerder. Bij (kleine en reguliere) onderhoudswerkzaamheden worden waar mogelijk kleinschalige aanpassingen (quick-wins) meegenomen, zoals groenaanpassingen, klimaat adaptieve maatregelen en/of verkeersaanpassingen; aanleg parkeervak etc.
4.2
Onderhoudsplanning groot onderhoud
De inspectieresultaten van de gemeente Halderberge worden, conform de CROW-methodiek, vertaald naar een meerjarenplanning voor de periode 2027 t/m 2031. Hierbij is een toets op de maatregel en een analyse op risico’s een “must have”. De planning is een lijst, waarop per wegvakonderdeel is aangegeven welk onderhoud uitgevoerd moet worden en in welk jaar, mede afgestemd op planningen van andere stakeholders. Bij de maatregeltoets wordt beoordeeld of deze aansluit op de werkelijke situatie buiten. Hierbij wordt een risicoanalyse op veiligheid van de weggebruiker en technische levensduur uitgevoerd. Zo zijn de prioriteiten bepaald en wordt het onderhoud als eerste uitgevoerd op de wegen met het grootste risico. Om de verbetering van de kwaliteit van de elementenverharding te realiseren is het advies om het onderhoud meer grootschalig uit te gaan voeren en minder kleinschalig. Bij noodzaak wordt sneller overgegaan naar reconstructies in plaats van het uitvoeren van “lapwerk”. Er wordt gekeken naar het effect van de onderhoudsmaatregel op de restlevensduur van de verharding, zodat het onderhoud zo economisch mogelijk wordt uitgevoerd met weinig tot geen kapitaalsvernietiging. Hoewel de insteek is om zoveel als mogelijk materialen te hergebruiken is, waar nodig, bij volledig 17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
15
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
herstraten de vervanging van de oude stenen door nieuwe stenen meegenomen. Dit omdat ook betonstraatstenen en betontegels uiteindelijk kwalitatief slecht worden en de kosten voor vervanging soms opwegen tegen hergebruik. (Bij hergebruik moet ook worden gedacht aan extra kosten voor schoonmaken, stapelen etc.) Door deze maatregeltoets wordt de veiligheid geborgd en wordt het onderhoud zo economisch mogelijk uitgevoerd. Het operationele plan wordt opgesteld, waarbij de maatregelen zo in tijd zijn verschoven, dat de jaarlijkse kosten voor wegbeheer gelijk zijn. Hierdoor is er een evenwichtige belasting op de organisatie, de aannemerij en de bereikbaarheid van de gemeente, zonder dat er kapitaalvernietiging ontstaat. Wel wordt er rekening mee gehouden dat een deel van het nu voorziene groot onderhoud (extra wensen in de openbare ruimte, regelgeving en bijkomende ambities) omgevormd wordt tot reconstructies, waardoor het investeringen worden. Het benodigd jaarbedrag voor groot onderhoud en rekening houdend met meer reconstructies, kent pieken en dalen, maar bedraagt gemiddeld € 1.031.000 in de periode 2027-2031 (exclusief indexaties). Het groot onderhoud wordt betaald vanuit de onderhoudsvoorziening.
4.3
Klimaatadaptatie en Duurzaamheid
Grote 'nieuwe' overstijgende opgaven, zoals de energietransitie, ordening van de ondergrondse infrastructuur (zoals kabels en leidingen) vanwege steeds intensiever gebruik van de ondergrond, duurzaamheid en klimaatadaptatie zijn uitdagingen waar de gemeente voor staat en waarin ook vanuit wegbeheer een inbreng is. De gemeente kiest zoveel mogelijk voor de volgende, voor wegbeheer van belang zijnde, speerpunten: 1. Klimaatneutraal inkopen: Inkopen met een neutraal of positief effect op het klimaat en de natuur, zoals CO2-reductie, duurzame energie, schone lucht, biodiversiteit, waterbestendig maken; 2. Circulair inkopen: Inkopen zonder afval te generen door hergebruikte producten te kopen of producten te vragen die herbruikbaar zijn. Rekening wordt gehouden met onderhoud, retourname aan het einde levensduur en inbouwen van financiële prikkels om te toezeggingen te borgen; 3. Biobased inkopen: Stimuleren van de markt om producten aan te bieden die zijn gemaakt van hernieuwbare, organische grondstoffen in plaats van fossiele grondstoffen; 4. Social return (SROI): Onze opdrachtnemers bewegen om kansen op werk te creëren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt; 5. Aanpak van straatwerk door erkende stratenmakers in opdracht van of door de gemeente Halderberge. Bij elke onderhoudsopgave wordt zoveel als mogelijk invulling aan deze speerpunten gegeven.
Een aantal kansen is hieronder weergegeven, waarbij wordt aangegeven dat veel mogelijkheden pas bij herinrichtingen uitvoerbaar zijn: Klimaatadaptatie: - Bij onderhoudsopgaven wordt gekeken naar mogelijkheden voor omvorming. Bijvoorbeeld parkpaden van asfaltverharding omvormen naar halfverharding (split, grind); - Het verminderen waar mogelijk van verhard oppervlak zodat er meer ruimte voor groen/bomen ontstaat; - Bij parkeervakken en -stroken kiezen voor de combinatie van groen en verharding (groen parkeren). Andere mogelijkheid is om waterdoorlatende of waterpasserende verharding samen met kolken of waterbergende fundering toe te passen; - Op specifieke punten kan mogelijk het afschot worden veranderd om te voorkomen dat water op plekken komt waar het niet behoort te komen.
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
16
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
Duurzaamheid: - Circulair inkopen: o Inzetten op hergebruik van materiaal of reststoffen. o Bij inkoop maximaal inzetten op circulaire materialen. - CO2-reductie: o Bij aanbestedingen van onderhoud kiezen voor een lage Milieukosten Indicator (MKI): bijvoorbeeld door hoge mate van hergebruik (PR) of door laagtemperatuur asfalt (LTA). Hierdoor wordt de uitstoot van CO2- beperkt. o Alleen nog materieel met lage uitstoot, dus hoge klasse van emissiereductie (minimaal euro 6) opnemen in onderhoudsbestekken (CO2-prestatieladder). Daarnaast wordt de markt uitgedaagd op de inzet van volledig elektrisch klein materieel (generatoren) en handgereedschappen. - Het onderhoud beperken door robuust ontwerp, maar ook robuust onderhoud. - Afvoer materialen op duurzame wijze, zodat zoveel mogelijk voor hergebruik in aanmerking komt. De werkwijze hiervoor zo nodig aanpassen: bijvoorbeeld apart frezen van teerhoudende asfaltlagen. Het realiseren van kansen bij het onderhoud zullen extra middelen vragen. Het extra benodigd bedrag is afhankelijk van de kansen en mogelijkheden. Nieuwe technologieën, die nu nog onbekend of in ontwikkeling zijn, gaan daarin op termijn een belangrijke rol spelen. Op basis van huidige ervaringen binnen andere gemeenten worden de extra kosten voor klimaat en duurzaamheid geschat op ca. 15% van het gemiddeld groot onderhoud ( gem.
€ 1.031.000,-), derhalve circa € 155.000 (exclusief indexaties) per jaar. Door aankomende jaren de werkelijke kosten te monitoren moet op termijn duidelijk worden wat het werkelijke bedrag is. Doordat de kosten onderdeel zijn van het groot onderhoud worden ze betaald vanuit de onderhoudsvoorziening. Dit is een keuze die nog moet worden gemaakt door de gemeenteraad
4.4
Klein onderhoud en boomwortelopgroei
Dit onderhoud is gericht op het wegwerken van plaatselijke schades, geven van een kwaliteitsimpuls en uitstel groot onderhoud. Het is essentieel voor het waarborgen van de veiligheid van de wegen. De kosten voor het klein onderhoud bestaan onder andere uit: - Asfaltreparaties; - Vullen van scheuren in asfalt; - Kleinschalig onderhoud aan de elementenverhardingen (rijschade); - Herstel van wortelopdruk rondom bomen; - Verzakkingen door schade aan het riool. Boomwortelopdruk (BWO) Bomen worden steeds belangrijker en er worden beleidskeuze gemaakt om meer bomen te plaatsen en/of te behouden. Boomwortels onder de verharding vormen in de gemeente een belangrijk risico, omdat ze kunnen leiden tot gevaarlijke situaties. Mensen kunnen hierover struikelen met alle gevolgen van dien. Daarnaast geldt dat de aanblik niet mooier wordt wanneer de verharding niet egaal oogt. Momenteel worden de gevaarlijke situaties met klein onderhoud opgelost. Op basis van de ervaringen van de afgelopen jaren wordt jaarlijks gemiddeld € 410.000 (exclusief indexaties) uitgegeven. Ca. 50% van dit bedrag wordt besteed aan het herstel van de wortelopdruk rondom bomen. Het klein onderhoud wordt betaald uit het exploitatiebudget.
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
17
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
4.5
Onverharde wegen, bermen en markeringen
Smalle asfaltwegen in het buitengebied, met een breedte smaller dan 4,0m, worden vaak bereden door groot en zwaar landbouwverkeer. Hierdoor bestaat er een kans op schade aan de bermen en in de rand van de verharding. Daar waar structureel schade aan de berm ontstaat worden er oplossingen bedacht om terugkomende schade te voorkomen en de beheerkosten dus te verlagen. Onverharde wegen worden twee keer per jaar geïnspecteerd (voor- en najaar) en ook, daar waar nodig, onderhouden. Het budget voor het onderhoud aan de bermen en onverharde wegen bedraagt € 87.000. Onderhoud aan wegmarkeringen komt niet vanuit de weginspectie. Vanuit veiligheid en aansprakelijkheid worden de locaties jaarlijks beoordeelt en indien nodig “opgefrist”. Hieraan wordt jaarlijks € 14.000 uitgegeven. Vooralsnog zijn de budgetten voor beide posten toereikend. De kosten zijn exclusief indexaties en worden betaald uit het exploitatiebudget.
4.6
Bijkomende kosten
Naast het onderhoud aan de verhardingen zijn er ook financiële middelen nodig voor aanvullende activiteiten. Dit zijn kosten zoals tijdelijke verkeersmaatregelen tijdens onderhoud of reconstructie, weginspecties (1 x 2 jaar), adviesdiensten door derden en onvoorziene kosten (calamiteiten). - VAT-kosten (Voorbereiding, Administratie en Toezicht) zijn kosten voor het opstellen van bestekken, begrotingen en tekeningen, V&G-plannen, aanbestedingsdocumenten, bodem- en asfaltonderzoeken en toezicht en directie bij uitvoering. Gemiddeld wordt voor deze kosten 15% van de benodigd onderhouds- en investeringsbudgetten aangehouden. - Kosten voor afvoeren verontreinigd materiaal, zoals teerhoudend asfalt. Hieraan wordt jaarlijks €10.500 uitgegeven. - Kosten voor de Weginspectie, adviesdiensten door derden ter ondersteuning, piketdiensten en onvoorziene kosten. Hieraan wordt jaarlijks € 12.500 uitgegeven. De bijkomende kosten zijn exclusief indexaties en worden betaald uit het exploitatiebudget.
4.7
Investeringen
Leeftijd is een eerste indicator waarmee de vervangingsbehoefte voorspeld kan worden. De stabiliteit van de ondergrond, wijze van aanleg (goede fundering), de duurzaamheid van de gebruikte materialen en de gebruikersintensiteit zijn belangrijke factoren, die de kwaliteit beïnvloeden en daarmee de feitelijke levensduur bepalen. Daarnaast heeft ook het integraal uitvoeren met rioleringswerken en nutsbedrijven, zodat het herstel van het één niet gefrustreerd wordt door het, op termijn, herstel van het ander. Landelijke ervaringen van gemeenten geven voor verhardingen, aangebracht op een goede fundering en rekening houdend met integrale uitvoering, een levensduur van minimaal ca. 40 jaar. Ook bij de gemeente Halderberge is de ervaring dat (door de goede ondergrond en duurzame constructies) deze levensduur realistisch is. Wel is er zettingsgevoelig gebied binnen de gemeente (Noordwestelijk gedeelte van Hoeven), waar de verwachte levensduur met 20-40 jaar lager is. Hoewel het niet geadviseerd wordt, kan het voorkomen, dat ervoor wordt gekozen om bij vervanging van verharding de riolering niet gelijktijdig mee te vervangen, omdat deze nog een groot aantal jaren mee kan.
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
18
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
Hierdoor heeft de nieuwe verharding een langere levensduur dan de onderliggende riolering. Als de riolering slecht wordt en vervangen moet worden zal ook de verharding daarboven vervangen worden, terwijl deze naar verwachting daar nog niet aan toe is. Dit komt doordat de verharding opgebroken moet worden om de riolering te kunnen vervangen. Hierdoor heeft de verharding een kortere levensduur en zal de investering over een kortere periode afgeschreven moeten worden. Deze kortere afschrijvingstermijn hoort dan echter ten koste van de rioolvervanging te worden gebracht. Ook de aanleg of vervanging van kabels en leidingen kunnen reden zijn om verharding eerder te vervangen. Ook hierbij worden de aanvullende kosten voor de aanpak van de verhardingen neergelegd bij de desbetreffende kabel- en/of leidingbeheerder. Uit de inspectie en maatregeltoets zijn locaties naar voren gekomen waarbij straten geheel vervangen en/ of onderdeel worden van grootschalige herinrichtingen. De gemeente heeft een integraal Meerjaren Investeringsplan. Daarin worden de alle investeringen aan de raad voorgelegd voor vaststelling en bij een positieve besluitvorming opgenomen op het zogenaamde Investeringsplan (IP). Op basis van de keuze voor een scenario, opgenomen in dit beleidsplan voor wegen, worden de benodigde bedragen voor wegen ook in het IP opgenomen.
Zo wordt een zuivere scheiding tussen benodigde middelen voor onderhoud en investeringen behouden, worden dubbele bedragen in de begroting voorkomen. De ramingen zijn gebaseerd op actuele prijspeilen. De verwachte jaarlijkse investering zijn opgenomen in de programmabegroting van de gemeente en bedraagt gemiddeld € 1.289.500 in de periode 2027-2031 (exclusief indexaties).
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
19
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
5
Financiën
Dit hoofdstuk maakt de benodigde onderhoudsbudgetten inzichtelijk, conform de kaders van de Notitie Materiele Vaste Activa van de commissie BBV. De budgetten zijn nodig om aan de ambities van de gemeente te kunnen voldoen. Het onderhoudsniveau voor de gemiddelde wegverhardingen minimaal CROW C te krijgen en te houden en mogelijk de trottoirs, voet- en fietspaden op CROW-B niveau. De benodigde middelen zijn bepaald voor de exploitatie (uitvoeren van onderhoud en de overige kosten) en voor de investeringen op basis van technische noodzaak (rehabilitatie) voor de verhardingen. Hierbij zijn de VAT-kosten (Voorbereiding, Administratie en Toezicht) voor groot onderhoud en de investeringen meegenomen. Er is rekening gehouden met jaarlijkse indexatie van 3%. Bij de exploitatie en vaste kosten is geen rekening gehouden met de kosten van de interne ambtelijke uren. De financiële uitgangspunten bij het vaststellen van de budgetten zijn opgenomen in bijlage 2.
5.1
Benodigde budgetten
De gemeente heeft voor het benodigde groot onderhoud een voorziening ingericht. Hierin zit het uitvoeren van reguliere groot onderhoud. Onderstaande tabel bevat de benodigde budgetten, voor de storting in de voorziening en de benodigde exploitatiebudgetten voor klein onderhoud en overige kosten. Ze zijn nodig om de wegen in de periode 2027-2031 op ambitieniveau te krijgen en daarna te houden. Kosten in €, incl. VAT en 3% indexatie
2027
2028
2029
2030
2031
Voorziening
€ 1.185.807
€ 1.106.851
€ 1.022.891
€ 933.686
€ 836.987
€ 568.560
€ 585.617
€ 603.185
€ 621.281
€ 639.919
€ 1.743.580
€ 1.697.007
€ 1.646.071
€ 1.590.552
€ 1.530.219
€ 8.240
€ 8.487
€ 8.742
€ 9.004
€ 9.274
Verwachting groot onderhoud wordt investering
-€ 1.289.573
-€ 1.328.260
-€ 1.368.108
-€ 1.409.151
-€ 1.451.425
Klimaat en duurzaamheid (optie)
€ 155.000
€ 144.000
€ 133.000
€ 122.000
€ 109.000
Exploitatie
€ 808.000
€ 815.900
€ 822.367
€ 829.418
€ 835.071
Budget voor voet- en fietspaden, trottoirs
€ 96.000
€ 98.880
€ 101.846
€ 104.902
€ 108.049
Klein onderhoud (incl. BWO)
€ 410.000
€ 422.300
€ 434.969
€ 448.018
€ 461.459
Onverharde en smalle wegen, Bermen
€ 87.000
€ 89.610
€ 92.298
€ 95.067
€ 97.919
Markeringen
€ 14.000
€ 14.420
€ 14.853
€ 15.298
€ 15.757
Bijkomende kosten (t.l.v. budget Groot Onderhoud)
€ 201.000
€ 190.690
€ 178.401
€ 166.133
€ 151.887
VAT-Kosten 15%
€ 178.000
€ 167.000
€ 154.000
€ 141.000
€ 126.000
Afvoer verontreinigd materiaal
€ 10.500
€ 10.815
€ 11.139
€ 11.474
€ 11.818
inspectie, advies, Piketdienst
€ 12.500
€ 12.875
€ 13.261
€ 13.659
€ 14.069
Investeringen
€ 1.289.573
€ 1.328.260
€ 1.368.108
€ 1.409.151
€ 1.451.425
Investeringen reconstructies en integrale projecten
€ 1.289.573
€ 1.328.260
€ 1.368.108
€ 1.409.151
€ 1.451.425
Groot Onderhoud Asfalt Groot Onderhoud Elementen Groot Onderhoud Beton
Tabel 8: Benodigd budget onderhoud, inclusief 3% indexatie
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
20
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
De kosten voor het groot onderhoud in bovenstaande tabel 8 is voor onderhoud aan alle typen onderdelen, waaronder de trottoirs, fiets- en voetpaden. In tabel 9 zijn de kosten om de trottoirs, fiets- en voetpaden op ambitieniveau B te krijgen apart weergegeven, maar maken dus deel uit van tabel 8. Kosten fiets- en voetpaden in €, incl. VAT en 3% indexatie
2027
2028
2029
2030
2031
Voorziening
€ 262.855
€ 270.740
€ 278.863
€ 287.228
€ 295.845
Groot Onderhoud Asfalt
€ 38.191
€ 39.337
€ 40.517
€ 41.733
€ 42.985
Groot Onderhoud Elementen
€ 545.877
€ 562.253
€ 579.121
€ 596.494
€ 614.389
€ 53
€ 55
€ 57
€ 58
€ 60
Groot Onderhoud Beton Verwachting groot onderhoud wordt investering
-€ 321.267 -€ 330.905 -€ 340.832 -€ 351.057 -€ 361.589
Tabel 9: Kosten groot onderhoud op de trottoirs, fiets- en voetpaden inclusief 3% indexatie
De kosten voor onderhoud aan de fiets en voetpaden betreft circa 25% van de totale kosten aan groot onderhoud, zoals weergegeven in tabel 8.
5.2
Beschikbare budgetten
De huidig beschikbare budgetten voor onderhoud en investeringen inclusief 3% indexatie zijn in tabel 10 weergegeven. Beschikbaar budget in €, incl. 3% indexatie
2027
2028
2029
2030
2031
Voorziening
€2.835.000
Stand per 1/1/2026
€ 795.000
Dotatie
€ 716.000
Exploitatie
€806.000
€830.180
€855.085
€880.738
€907.160
Budget voor voet- en fietspaden, trottoirs
€ 96.000
€ 98.880
€ 101.846
€ 104.902
€ 108.049
Klein onderhoud (incl. BWO)
€ 422.000
€ 434.660
€ 447.700
€ 461.131
€ 474.965
Onverharde en smalle wegen, Bermen
€ 86.000
€ 88.580
€ 91.237
€ 93.975
€ 96.794
Markeringen
€ 14.000
€ 14.420
€ 14.853
€ 15.298
€ 15.757
Bijkomende kosten
€ 188.000
€ 193.640
€ 199.449
€ 205.433
€ 211.596
Investeringen
€1.289.573
€1.328.260
€1.368.108
€1.409.151
€1.451.425
Vervangingen
€ 1.289.573 € 1.328.260 € 1.368.108 € 1.409.151
€ 1.451.425
Tabel 10: Beschikbaar budget onderhoud inclusief 3% indexatie
17 maart 2026
BELEIDSPLAN WEGEN 2027-2031
BK7789-MI-RP-260225-1601
21
Beleidsplan wegen 2027 - 2031
5.3
Vergelijk budgetten
De vergelijking tussen benodigd en beschikbaar budgetten zijn in tabel 11 weergegeven. Vergelijk in €, incl. VAT en 3% indexatie
2027
2028
2029
2030
2031
Stand voorziening op 1/1
€ 795.000
€ 435.193
€ 179.121
€ 32.534
€ 1.441
Dotatie Extra nodig dotatie Uitgaven Stand voorziening op 31/12