CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 - Ontwerp programma-begroting 2024 BWB.pdf

Gemeenteraad 22 juni 2023, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 16: Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB)14.042 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

4.

Niet van toepassing zijnde paragrafen

Binnen de BWB zijn de onderstaande, in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) vermelde paragrafen, niet van toepassing: -

Paragraaf lokale heffingen

-

Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen

-

Paragraaf verbonden partijen

-

Paragraaf grondbeleid

De BWB verzorgt de uitvoering van de belastingtaken voor een aantal deelnemers (waterschap en gemeenten). De aspecten die in beeld gebracht moeten worden bij de paragraaf lokale heffingen vallen daar in principe niet onder. Het heffingenbeleid, lastendruk en dergelijke behoren namelijk onder de verantwoording van de deelnemers. De BWB heeft verder geen kapitaalgoederen in eigendom. Zij huurt het kantoorpand op basis van een meerjarig huurcontract van derden. Bij het onderdeel “niet in de balans opgenomen verplichtingen” is een en ander toegelicht.

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 36 van 56

II FINANCIËLE BEGROTING 2024

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 37 van 56

1. ALGEMEEN Inleiding De financiële begroting geeft inzicht in algemene uitgangspunten waarop de geraamde baten en lasten van de verschillende programma’s tot stand zijn gekomen. Verder zijn, conform de voorschriften van de BBV, deze geraamde baten en lasten voor het jaar 2024 en voor het meerjarenperspectief 2025-2027 inzichtelijk gemaakt. In de toelichting op de baten en lasten zijn niet alleen de verschillen ten opzichte van de begrotingscijfers aangegeven, maar zijn ook de incidentele baten en lasten in een overzicht aangegeven. Tenslotte is op hoofdlijnen de financiële positie van de BWB uiteengezet.

Financiële uitgangspunten In de (besluitvorming omtrent) de kadernota 2024-2027 zijn algemene kaders en uitgangspunten geformuleerd, die gehanteerd worden bij het samenstellen van de programmabegroting voor het jaar 2024 en voor het meerjarenperspectief 2025-2027. In de kadernota 2024-2027 is ingegaan op de noodzaak van het herijken van de begroting 2023. Dit was nodig om een reële begroting 2024 te kunnen overleggen. In de toelichting op de baten en lasten is een confrontatie gemaakt tussen de kadernota 2024 en de uitwerking in de begroting 2023 en 2024. Algemene financiële kaders De volgende algemene en financiële kaders worden gehanteerd: •

De begroting en het meerjarenperspectief dienen meerjarig structureel en reëel in evenwicht te zijn.

•

Een positief resultaat vloeit terug naar de deelnemers, tenzij het AB hierin afwijkend besluit.

•

De begroting dient te voldoen aan het BBV, waarbij onder andere aandacht is voor: -

Overzicht van incidentele baten en lasten

-

Een specificatie van baten en lasten per programma

-

Opnemen van (prestatie) indicatoren in de begroting

-

Verwachte stand begin en eind begrotingsjaar van eigen en vreemd vermogen

-

De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Financieel technische uitgangspunten Bij het opstellen van het financiële gedeelte van de begroting en het financieel meerjarenperspectief zijn de financieel -technische uitgangspunten gehanteerd zoals opgenomen in de kadernota 2024-2027.

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 38 van 56

2. BATEN EN LASTEN BEGROTING 2024 – 2027 Overzicht van baten en lasten 2024 Naam Programma (× € 1.000)

Lasten 2024

Saldo per programma

Baten 2024

Mutaties reserves

Saldo na bestemming

Waarderen

5.820

-

5.820

N

-

5.820

N

Heffen

2.551

-

2.551

N

-

2.551

N

Invordering

2.388

-

2.388

N

-

2.388

N

Subtotaal programma’s

10.759

-

10.759

N

-

10.759

N

Overhead

9.970

225

9.745

N

-

9.745

N

Treasury

6

190

184

V

-

184

V

Bijdrage deelnemers

-

20.400

20.400

V

-

20.400

V

Vennootschapsbelasting

-

-

-

-

-

80

-

80

N

-

80

N

Subtotaal overhead/ dekkingsbijdrage

10.056

20.815

10.759

V

-

10.759

V

Totaal exploitatie

20.815

20.815

-

-

-

-

-

-

-

-

20.815

20.815

-

-

-

Post onvoorzien

Begrotingsresultaat 2024 Totaal exploitatie

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 39 van 56

Overzicht meerjarenperspectief baten en lasten 2024 – 2027

Naam Programma (× € 1.000)

Realisatie

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

2022

2023

2024

2025

2026

2027

LASTEN Waarderen

5.452

4.840

5.820

6.137

6.468

6.815

Heffen

2.142

2.146

2.551

2.654

2.761

2.873

Invordering

2.165

2.165

2.388

2.484

2.584

2.689

Subtotaal programma’s

9.759

9.151

10.759

11.275

11.813

12.377

Kosten overhead

8.324

8.888

9.970

10.288

10.617

10.958

Treasury

8

7

6

6

6

6

Vennootschapsbelasting

-

-

-

-

-

-

Post onvoorzien

-

80

80

83

86

90

Subtotaal overhead/ dekkingsbijdrage

8.332

8.975

10.056

10.377

10.709

11.054

Totaal lasten exploitatie

18.091

18.126

20.815

21.652

22.522

23.431

Realisatie

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

2022

2023

2024

2025

2026

2027

Naam Programma (× € 1.000) BATEN Waarderen

-

-

-

-

-

-

Heffen

-

-

-

-

-

-

Invordering

-

-

-

-

-

-

Subtotaal programma’s

-

-

-

-

-

-

Opbrengst overhead

378

255

225

232

239

247

Treasury

21

-

190

195

200

205

18.126

17.871

20.400

21.225

22.083

22.979

Vennootschapsbelasting

-

-

-

-

-

-

Post onvoorzien

Bijdrage deelnemers

-

-

-

-

-

-

Subtotaal overhead/ dekkingsbijdrage

18.525

18.126

20.815

21.652

22.522

23.431

Totaal baten exploitatie

18.525

18.126

20.815

21.652

22.522

23.431

434

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

434

-

-

-

-

-

Resultaat voor bestemming* Mutaties in reserves Resultaat na bestemming*

*Het resultaat wijkt af van de jaarrekening (€ 436.400). Dit komt tot stand door afrondingsverschillen.

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 40 van 56

3. TOELICHTING OP DE BATEN EN LASTEN 2024 Algemeen Voordat ingegaan wordt op de confrontatie tussen de begroting 2023 en 2024 voor de diverse programma’s wordt eerst inzicht gegeven van de uiteindelijke verwerking van de kadernota 2024. Er worden enkele componenten beschreven die in de verdere cijfers zijn verwerkt.

Omschrijving (× € 1.000)

Kadernota 2024

Begroot 2024

Verschil

Primaire begroting 2023

17.966

18.126

-130

Correctie indexatie 2023*

1.074

1.248

-174

Proceskosten NCNP uitspraak Hoge Raad*

300

300

-

Uitvoeringskosten toetreding Loon op Zand*

318

264

54

Tarief- en productiestijging 2024**

784

645

139

Proceskosten NCNP 2024

PM (42)

42

-

Totaal

20.514

20.625

-111

*) Zal naar verwachting de basis vormen voor de 1e bestuursrapportage 2023. **) Wordt in de kadernota 2024 uitgesplist naar Loon- en prijscompensatie 2024 en Ontwikkeling productiekwantiteiten 2024

Op basis van het bovenstaande beeld is de begroting € 111.000 nadeliger uitgevallen, dan in de kadernota is geschetst. Het algemeen bestuur heeft bij de behandeling van de kadernota 2024-207 besloten de meest actuele gegevens voor loon- en prijsontwikkeling te verwerken. Allereerst is de actualisatie tarief- en productiestijging 2023 doorgevoerd. In de kadernota 2024 staat beschreven dat dit 7,0% voor personele lasten bedraagt en 9,9% voor materiële lasten. De werkelijke uitvraag in de begroting is echter hoger omdat er actuelere inzichten zijn verwerkt zoals het principeakkoord cao 2023. Deze actuele inzichten leveren € 116.000 meer aan lasten op dan dat er in de kadernota is beschreven. Als de actuele inzichten niet verwerkt waren zou dit resulteren in een lagere wijziging ten aanzien van de financiële paragraaf in de kadernota. De toetreding van de Gemeente Loon op Zand valt € 54.000 voordelig uit als gevolg van een kleiner uitvraag van personeel als gevolg van de toetreding. De besparing van de huurlast en het kritisch kijken naar de budgetten zorgt er in de tariefberekening van 2024 voor dat de uitvraag € 139.000 voordeliger uitvalt. De waardebezwaren zijn als PM-post opgenomen, deze zijn op basis van de verwachtte stijging van het besluit proceskostenvergoeding gesteld op € 42.000.

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 41 van 56

In de kadernota is de post renteopbrengsten niet gepresenteerd. Deze wordt door de BWB aangemerkt als dekkingsmiddel buiten de kadernota. Het rekeningsaldo schatkistbankieren resulteert in een verwachte renteopbrengst van € 190.000. Verschillen begroting 2024 ten opzichte van begroting 2023 In de verdere toelichting is inzicht gegeven op de belangrijkste verschillen tussen de primaire begroting 2023 en 2024 per programma. Ook is de kolom realisatie 2022 te zien. In de toelichting omtrent de volgende programma’s wordt alleen ingegaan op wijzigingen van meer dan 0,5% ten aanzien van de gehele begroting. Dit betreft in absolute getalen alleen wijzigingen groter dan € 100.000. Programma Waarderen

€ 980.000 N

Het programma Waarderen is te specificeren in de volgende onderdelen: Omschrijving (× € 1.000)

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Verschil

Lasten

5.452

4.840

5.820

980 N

Loonkosten huidig personeel

2.861

3.675

4.230

555 N

Inhuur personeel

1.098

-

-

-

Beheer WOZ-administratie

317

325

360

35 N

Taxeren en herwaarderen

173

140

170

30 N

1.003

700

1.060

360 N

Baten

-

-

-

Saldo

5.452

4.840

5.820

Griffie- en proceskosten waarderen

-

980 N

Toelichting De personele lasten zijn verhoogd met een bedrag van € 555.000. Een uitgebreidere toelichting op de personele lasten wordt vermeld onder het hoofdstuk Overhead, Personeelslasten. Zoals in de kadernota is geschetst, wordt er vanaf 2024 een bedrag van € 300.000 opgenomen voor waardebezwaren ten aanzien van de uitspraak van de Hoge Raad. De toetreding van Loon op Zand betekent naar verwachting nog € 18.000 extra aan proceskosten. Daarnaast is er een stijging van tarieven meegenomen van € 42.000, waardoor het totaal op een stijging van € 360.000 neerkomt.

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 42 van 56

Programma Heffen

€ 405.000 N

Het programma Heffen is te specificeren in de volgende onderdelen: Omschrijving (× € 1.000)

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Verschil

Lasten

2.142

2.146

2.551

405 N

Loonkosten huidig personeel

1.667

1.956

2.342

386 N

Inhuur personeel

319

-

-

-

Kosten BAG

32

45

45

-

(Controle)kosten gegevensbeheer

110

125

147

22 N

Griffie- en proceskosten heffen

14

20

17

3 V

Baten

-

-

-

-

Saldo

2.142

2.146

2.551

405 N

Toelichting De personele lasten zijn verhoogd met een bedrag van € 386.000. Een uitgebreidere toelichting op de personele lasten wordt vermeld onder het hoofdstuk Overhead, Personeelslasten. Programma Invordering

€ 223.000 N

Het programma Invordering is te specificeren in de volgende onderdelen: Omschrijving (× € 1.000)

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Verschil

Lasten

2.165

2.165

2.388

223 N

Loonkosten huidig personeel

1.769

1.971

2.165

194 N

Inhuur personeel

205

-

-

-

Financiële invordering

164

137

164

27 N

Dwanginvordering

27

57

59

2 N

Baten

-

-

-

-

Saldo

2.165

2.165

2.388

223 N

Toelichting De personele lasten zijn verhoogd met een bedrag van € 194.000. Een uitgebreidere toelichting op de personele lasten wordt vermeld onder het hoofdstuk Overhead, Personeelslasten.

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 43 van 56

Overhead

€ 1.112.000 N

Het programma Overhead en financiering is te specificeren in de volgende onderdelen: Omschrijving (× € 1.000)

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Verschil

Lasten

8.324

8.888

9.970

1.082 N

Personeel

2.542

3.131

3.707

576 N

Inhuur derden

565

625

675

50 N

Overige personele kosten

336

380

415

35 N

Bedrijfsvoering

188

231

359

128 N

Kantoorkosten

716

599

759

160 N

1.789

1.975

2.055

80 N

950

867

800

67 V

1.238

1.080

1.200

120 N

Baten

378

255

225

30 N

Bijdragen loonkosten

93

-

-

-

Bijdrage garantiesalarissen

143

130

85

45 N

Bijdrage print en portokosten

80

115

115

-

Bijdrage overige goederen en diensten

62

10

25

15 V

7.946

8.633

9.745

1.112 N

Informatisering/automatisering Huisvesting Door te schuiven BTW

Saldo

Toelichting Personeelslasten (1.761.000 N) Personeelslasten (× € 1.000)

Begroot 2023

Begroot 2024

Verschil

Loonkosten programma Waarderen

3.675

4.230

-555

Loonkosten programma Heffen

1.956

2.342

-386

Loonkosten programma Invordering

1.971

2.165

-194

Loonkosten Overhead

2.771

3.407

-636

Subtotaal salariskosten

10.373

12.144

-1.771

Garantiesalarissen Overhead

130

85

45

Woon-werkverkeer Overhead

170

150

20

Gratificaties Overhead

60

65

-5

Inhuur derden

625

675

-50

Subtotaal overige loonkosten

985

975

10

11.358

13.119

-1.761

Totaal personeelslasten

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 44 van 56

De salarislasten worden direct toegewezen aan de verschillende programma's waarop ze betrekking hebben. Vanaf de begroting van 2021 worden de kosten voor ingehuurde medewerkers volledig toegewezen aan het overheadprogramma en niet meer aan andere programma's. Wanneer er sprake is van inhuur binnen de programma's waarderen, heffen of invordering, dan wordt beoordeeld of het totale inhuurbudget voor toereikend is. Bij het opstellen van de jaarstukken worden de werkelijke kosten voor inhuur geboekt ten laste van de betreffende programma's. In bovenstaande tabel wordt een totaalbeeld geschetst van de totale personeelslasten in 2024. De stijging van de salarislasten met € 1.771.000 ten opzichte van 2023 wordt veroorzaakt door: 1. Toetreding Loon op Zand (197.000 N) In de begroting 2023 was nog geen rekening gehouden met de deelname van Loon op Zand. Het gevolg van de deelname is dat er 2,5 fte extra benodigd is ter waarde van € 197.000, waarvan € 82.000 betrekking heeft op het programma waarderen en € 115.000 op het programma heffen. 2. Formatiestijging (441.000 N) Per 2024 wordt een formatie gehanteerd van 143,3 fte. De formatiewijziging van 5,3 fte die hierbij gehanteerd wordt geeft een stijging van € 441.000. Deze stijging vindt met name plaats binnen de programma’s overhead en heffen. Deze uitbreiding is nodig om de taken uit te kunnen voeren. 3.

Salarisindexatie 2023 en 2024 (1.133.000 N) In de primaire begroting 2023 is rekening gehouden met een indexatie van 2,6%. Op basis van de kadernota 2024 wordt dit percentage gecorrigeerd aan de hand van de meest actuele inzichten. Op basis van het principeakkoord cao 2023 is rekening gehouden met een salarisstijging van € 240 per fte en 2% indexatie. Dit levert een extra last op van € 642.000 ten opzichte van 2023. Daarnaast is voor 2024 rekening gehouden met een indexatie van 4,2%, wat resulteert in een nadeel van € 491.000.

Bedrijfsvoering (128.000 N) De raming van de post bedrijfsvoering is verhoogd met € 128.000. Dit is met name het gevolg van het introduceren van het onderzoeks- en ontwikkelingsbudget (R&D), ter waarde van € 110.000. Dit budget is bedoeld om processen te verbeteren en vernieuwen. Deze inspanningen moeten ertoe leiden dat kostenstijgingen worden voorkomen . Daarnaast zijn nog enkele andere budgetten gewijzigd, wat resulteert in een nadeel van € 18.000. Kantoorkosten (160.000 N) De raming van de post kantoorkosten is verhoogd met € 160.000. Deze stijging is met name het gevolg van de aanbesteding print- en portokosten. Samen met het toetreden van Loon op Zand en de verwachte tariefstijging zoals beschreven in de kadernota bedraagt deze wijziging € 150.000. Verder zijn kleine indexaties doorgevoerd met een nadeel van € 10.000.

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 45 van 56

Door te schuiven BTW (120.000 N) Op basis van de in de begroting 2024 geraamde materiele en inhuurlasten, waarover BTW verschuldigd is, is de raming van de post door te schuiven BTW verhoogd met € 120.000 ten opzichte van de begroting 2023 tot een totaalbedrag van € 1.200.000. Dit bedrag ligt in lijn met de werkelijk door te schuiven BTW over het jaar 2022. Treasury

€ 191.000 V

De post treasury is als volgt te specificeren: Realisatie 2022

Omschrijving (× € 1.000)

Begroting 2023

Begroting 2024

Verschil

Lasten

8

7

6

1 V

Rentelasten

8

7

6

1 V

Baten

21

-

190

190 V

Rentebaten

21

-

190

190 V

Saldo

-13

7

-184

191 V

Toelichting Op deze post zijn de betaalde rentelasten verantwoord met betrekking tot de langlopende geldleningen. De

renteopbrengsten

zijn

de

verwachte

opbrengsten

in

2024

over

het

saldo

van

de

schatkistbankierenrekening. Er is een voorzichtige inschatting gemaakt dat het rentepercentage gemiddeld 2,0% bedraagt. Onvoorzien

€0

De post onvoorzien is als volgt te specificeren: Omschrijving (× € 1.000)

Realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Verschil

Lasten

-

80

80

-

Onvoorzien

-

80

80

-

Saldo

-

80

80

-

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 46 van 56

Bijdrage deelnemers De post bijdrage deelnemers ontwikkelt zich als volgt: Realisatie 2022

Omschrijving (× € 1.000)

Begroting 2023

Begroting 2024

Verschil

Baten

18.126

17.871

20.400

2.529 V

Bijdrage deelnemers

18.126

17.871

20.400

2.529 V

Saldo

18.126

17.871

20.400

2.529 V

Toelichting De kosten van de BWB worden volledig doorbelast aan de deelnemers. De stijging van de lasten leidt tot een verhoging van de deelnemersbijdrage met € 2.529.000. De stijging is hieronder gedetailleerd toegelicht. Vooraf dient te worden vermeld dat per 2023 de overgangsregeling, zoals deze ingevoerd bij de vaststelling van de nieuwe kostenverdeelsystematiek, niet meer van toepassing is. In de onderstaande specificatie wordt de bijdrage over 2022 gepresenteerd exclusief overgangsregeling en wijkt af van de werkelijk betaalde bijdragen. Dit om een goede vergelijking te maken van de werkelijke effecten volgend uit de kostenverdeling. Specificatie deelnemersbijdrage 2024 Het verloop van de deelnemersbijdrage over de periode 2023 en 2024 geeft onderstaand structureel beeld voor alle deelnemers.

Deelnemers (× € 1.000)

Jaarrekening 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Verschil 2023 - 2024 Bedrag %

Compensatie BTW 2024

Bergen op Zoom

1.613

1.670

1.838

168 N

10,1%

108

Breda

3.966

4.019

4.402

383 N

9,5%

259

Dongen

507

526

574

48 N

9,1%

34

Etten-Leur

969

904

1.094

190 N

21,0%

64

Halderberge

637

650

726

76 N

11,7%

43

Loon op Zand

-

-

507

507 N

-

30

Moerdijk

940

1.010

1.081

71 N

7,0%

64

Oosterhout

1.217

1.267

1.385

118 N

9,3%

81

Roosendaal

1.731

1.823

1.993

170 N

9,3%

117

Rucphen

436

428

502

74 N

17,3%

30

Woensdrecht

493

540

560

20 N

3,7%

33

Zundert

641

536

712

176 N

32,8%

42

Brabantse Delta

4.540

4.498

5.026

528 N

11,7%

-

Totaal

17.690

17.871

20.400

2.529 N

14,2%

905

NB: De verschillen in de deelnemersbijdragen ten opzichte van 2022 zijn weergegeven met een N (nadeel) of een V (voordeel). Dit nadeel c.q. voordeel moet gelezen worden vanuit het perspectief van de deelnemer. Een hogere bijdrage betekent uiteraard voor de BWB een voordeel.

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 47 van 56

Deelnemers (× € 1.000)

Begroting 2023

Mutatie A

Mutatie B

Mutatie C

Mutatie D

Begroting 2024

Bergen op Zoom

1.670

-17

-25

149

61

1.838

Breda

4.019

-108

-38

381

148

4.402

Dongen

526

-7

-9

45

19

574

Etten-Leur

904

82

-17

88

37

1.094

Halderberge

650

6

-11

57

24

726

Loon op Zand

-

-

450

40

17

507

Moerdijk

1.010

-27

-3

57

44

1.081

Oosterhout

1.267

-14

-23

109

46

1.385

Roosendaal

1.823

-21

-27

152

66

1.993

Rucphen

428

27

-9

39

17

502

Woensdrecht

540

-32

-11

45

18

560

Zundert

536

101

-11

62

24

712

Brabantse Delta

4.498

10

-2

354

166

5.026

Totaal

17.871

-

264

1.578

687

20.400

De wijziging van de deelnemersbijdrage bestaat uit vier componenten. Deze componenten zijn hierboven één voor één in beeld gebracht. Dit resulteert in een totale deelnemersbijdrage van € 20.400.000. De componenten zijn als volgt: A) De eerste mutatie bestaat uit de productiewijzigingen in de kostenverdeelstaat. Op basis van de totale bijdrage in de primaire begroting 2023 is een nieuwe doorrekening gemaakt met de begrote productiekwantiteiten en personeelsinzet per 2024. Dit zorgt voor een interne verschuiving van bijdrage. B) De tweede mutatie bestaat uit de deelname van Loon op Zand. De toetreding zorgt voor een bijdrage van € 450.000 voor Loon op Zand en een besparing van € 186.000 voor de overige deelnemers dankzij een herverdeling binnen de overheadlasten. C) De derde mutatie bestaat uit de indexatiecorrectie 2023 vanuit de kadernota 2024. De bijdragewijziging van € 1.578.000 bestaat voor een deel uit het principeakkoord cao 2023, 7% personeelslasten stijging en 9,9% materiële indexatie. D) De laatste mutatie bestaat uit de indexatie 2024 vanuit de kadernota 2024. De bijdragewijziging van € 687.000 bestaat uit 4,2% personeelsindexatie en 2,4% materiële indexatie. De onderlinge verschillen van 3,7% ten opzichte van 32,8% zoals op de vorige pagina getoond, zijn het gevolg van mutatie A. De overige mutaties hebben ongeveer een evenredig effect.

Op de volgende pagina wordt dan ook een verdergaande analyse gegeven van de verschillen in mutatie A. Loon op Zand wordt in deze analyse buiten beschouwing gelaten.

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 48 van 56

Analyse procentuele verschillen per deelnemer Zoals reeds beschreven wijkt de deelnemersbijdrage procentueel af als gevolg van de productiewijzigingen ten opzichte van 2023, waarbij stijgende bijdragen in het rood zijn weergegeven. Per deelnemer is het effect als volgt: Bergen op Zoom

1,0%

Oosterhout

1,1%

Breda

2,7%

Roosendaal

1,2%

Dongen

1,3%

Rucphen

-6,3%

Etten-Leur

-9,1%

Woensdrecht

5,9%

Halderberge

-0,9%

Zundert

-18,8%

Moerdijk

2,7%

Brabantse Delta

-0,2%

De wijziging van de deelnemersbijdrage onderling vindt voornamelijk zijn oorsprong binnen de verwachte ingediende waardebezwaren. De forse stijging van de bijdrage van deelnemers Etten-Leur, Rucphen en Zundert is hieronder verklaard aan de hand van de productie. Dit ten opzichte van een dalende productie ten behoeve van de Gemeente Woensdrecht. De overige productie-aantallen zorgen voor kleinere onderlinge effecten. Gemeente

Productie 2023*

Productie 2024*

Verschil

Verschil %

Bergen op Zoom

1.670

1.690

20

1%

Breda

5.580

5.500

-80

-1%

Dongen

490

440

-50

-11%

Etten-Leur

710

910

200

22%

Halderberge

560

550

-10

-2%

Moerdijk

780

710

-70

-10%

Oosterhout

1.080

950

-130

-14%

Roosendaal

1.450

1.380

-70

-5%

Rucphen

300

330

30

9%

Woensdrecht

530

380

-150

-39%

Zundert

530

840

310

37%

Totaal

13.680

13.680

0

0%

*Dit zijn de begrote aantallen waardebezwaren per deelnemer.

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 49 van 56

Meerjarenperspectief deelnemersbijdrage Op basis van de algemene financiële uitgangspunten, zijn de deelnemersbijdragen in beeld gebracht voor de jaren 2024 tot en met 2027.

Deelnemer (× € 1.000)

Begroot 2024

Begroot 2025

Begroot 2026

Begroot 2027

Bergen op Zoom

1.838

1.912

1.989

2.070

Breda

4.402

4.580

4.765

4.959

Dongen

574

598

622

647

Etten-Leur

1.094

1.138

1.184

1.232

Halderberge

726

755

786

818

Loon op Zand

507

528

549

571

Moerdijk

1.081

1.125

1.170

1.218

Oosterhout

1.385

1.441

1.499

1.560

Roosendaal

1.993

2.074

2.158

2.245

Rucphen

502

522

543

565

Woensdrecht

560

582

606

630

Zundert

712

741

771

802

Brabantse Delta

5.026

5.229

5.441

5.662

Totaal

20.400

21.225

22.083

22.979

Incidentele baten en lasten Binnen de begroting 2024 zijn er geen incidentele baten en lasten.

Mutaties reserves Er vinden in de begroting 2024 geen mutaties in reserves plaats.

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 50 van 56

4. UITEENZETTING FINANCIËLE POSITIE Algemeen In dit hoofdstuk wordt op hoofdlijnen een uiteenzetting gegeven van de financiële positie van de BWB. In de paragraaf financiering is de financieringsfunctie van de BWB beschreven. Daar is met name aandacht besteed aan treasury, renterisico’s en de kasgeldlimiet. De BWB beschikt niet over een algemene reserve, aangezien hier in de Gemeenschappelijke Regeling BWB expliciet toe is besloten.

Geprognosticeerde balans In deze geprognosticeerde balans is uitgegaan van bestaand beleid. Er is rekening gehouden met verwachte investeringen zoals het investeringskrediet voor de vervanging van de belasting-, waarderings-, en financiële applicaties van de BWB.

Omschrijving (× € 1.000)

Balans

Balans

Balans

Balans

Balans

Balans

1 jan ‘23

1 jan ‘24

1 jan ‘25

1 jan ‘26

1 jan ‘27

1 jan ‘28

ACTIVA Vaste activa Materiele vaste activa

1.178

1.344

1.004

674

381

220

5.247

4.498

4.688

4.868

5.011

5.022

Liquide middelen

3

-

-

-

-

-

Overlopende activa

314

314

314

314

314

314

6.742

6.156

6.006

5.856

5.706

5.556

Vlottende activa Uitzettingen korte dan 1 jr.

Totaal activa

Omschrijving (× € 1.000)

Balans

Balans

Balans

Balans

Balans

Balans

1 jan ‘23

1 jan ‘24

1 jan ‘25

1 jan ‘26

1 jan ‘27

1 jan ‘28

PASSIVA Vaste passiva Bestemmingsreserves

436

-

-

-

-

-

Voorzieningen

424

424

424

424

424

424

Vaste schulden langer 1 jr.

900

750

600

450

300

150

Schulden korter dan 1 jr.

3.270

3.270

3.270

3.270

3.270

3.270

Overlopende passiva

1.712

1.712

1.712

1.712

1.712

1.712

Totaal passiva

6.742

6.156

6.006

5.856

5.706

5.556

Vlottende passiva

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 51 van 56

5. EMU-SALDO In het BBV wordt middels artikel 23, lid d, voorgeschreven dat de ontwikkeling van het EMU-saldo moet worden opgenomen in de begroting en de jaarstukken. Het EMU-saldo is het saldo van inkomsten en uitgaven van de overheid op transactiebasis (moment van levering) in een bepaalde periode. Om de overheidsfinanciën in de Eurozone robuust te houden, zijn in Europees verband afspraken gemaakt over het toegestane maximale tekort van het EMU-saldo op nationaal niveau. Omdat het EMU-saldo van alle decentrale overheden onderdeel uitmaakt van het EMU-saldo op nationaal niveau is het daarmee ook relevant voor de decentrale overheden om het eigen EMU-saldo te volgen. Hieronder is een berekening van het EMU-saldo weergegeven. Mutaties (1 januari tot 31 december) Jaartal (× € 1.000)

T-1

T

T+1

T+2

T+3

2023

2024

2025

2026

2027

Kapitaalverstrekkingen en leningen

-

-

-

-

-

Uitzettingen

-

-

-

-

-

Uitzettingen

-1.173

190

180

143

11

Liquide middelen

-

-

-

-

-

Overlopende activa

-

-

-

-

-

-150

-150

-150

-150

-150

Vlottende schuld

-

-

-

-

-

Overlopende passiva

-

-

-

-

-

Eventuele boekwinst bij verkoop effecten en (i)materiële vaste activa

-

-

-

-

-

-599

340

330

293

161

Financiële vaste activa Activa Vlottende activa

Vaste Passiva Vaste schuld Passiva

Vlottende passiva

EMU-SALDO

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 52 van 56

6. OVERZICHT BATEN EN LASTEN PER TAAKVELD Op grond van artikel 7, lid 3 van de BBV-provincies en gemeenten dient in de begroting een overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld te worden opgenomen.

Nr.

Naam taakveld (× € 1.000)

Lasten 2024

Baten 2024

Saldo

0.10

Mutaties reserves

-

-

-

0.11

Resultaat van de rekening van baten en lasten

-

-

-

0.4

Ondersteuning organisatie (Overhead)

9.970

225

-9.745

0.5

Treasury

6

190

184

0.64

Belastingen overig

10.759

20.400

9.641

0.8

Overige baten en lasten

80

-

-80

20.815

20.815

-

Totaal

Voor de diverse belastingsoorten zijn in de BBV-voorschriften verschillende taakvelden toegekend. Voor de BWB is het in praktische zin niet mogelijk om de baten en lasten over deze diverse taakvelden toe te rekenen. In dat kader is ervoor gekozen om de baten en lasten die direct zijn toe te rekenen aan belastingen integraal te verantwoorden onder het taakveld 0.64 Belastingen Overig.

Programmabegroting 2024 Programmabegroting 2023

Pagina 53 van 56

BIJLAGEN Bijlage 1: Risicoprofiel BWB over 2024 en volgende jaren Risico

Toelichting

I(ncidenteel) S(tructureel)

Financiële omvang

Kans

Berekend risico

Risico’s primaire proces

Stijging waardebezwaren door No-CureNo-Pay -bureaus.

Niet tijdige en/of onjuiste informatie

Het aantal waardebezwaren van NCNP-bureaus stijgt (begin 2023) als gevolg van toenemende (media)inspanningen. Tegelijkertijd heeft de BWB beheersmaatregelen getroffen en heeft de staatssecretaris maatregelen aangekondigd om het verdienmodel voor NCNP-bureau minder lucratief te maken. Het (budgettaire) effect op de waardebezwaren 2024 is niet betrouwbaar vast te stellen. Voor het juist en volledig opleggen is het beschikken over tijdige en juiste informatie een basisvoorwaarde. Onjuiste dataaanlevering en koppelingen zorgen voor een risico voor het juist op kunnen leggen van aanslagen.

S

€ 450.000

50%

€ 225.000

I/S

€ 100.000

30%

€ 30.000

Risico’s m.b.t. bedrijfsvoering Invullen vacatures

De economie zorgt voor een krapte op de arbeidsmarkt. Hierdoor is het moeilijker en vergt het meer tijd om cruciale functies ingevuld te krijgen.

S

€ 200.000

75%

€ 150.000

Flexibiliteit personeelsbestand

Veranderende werkzaamheden binnen de BWB -door zowel interne als externe ontwikkelingen- zorgen voor andersoortige functies dan wel voor een flexibele invulling hiervan in de toekomst.

S

€ 50.000

30%

€ 15.000

Implementatie belastingapplicatie

De belangrijkste applicatie van de relatief complexe informatiearchitectuur van de BWB is inmiddels geïmplementeerd. Deze implementatie gaat gepaard met kinderziektes, dit zorgt voor onzekerheden in de uitvoering. De applicatie is inmiddels grotendeels opgeleverd en werkt steeds beter. Als gevolg hiervan is de risico-inschatting verlaagd.

I

€ 750.000

5%

€ 37.500

Aansprakelijkheid i.v.m. AVG

De uitvoering van de AVG is voor een data gestuurde organisatie als de BWB extra risicogevoelig. Ondanks getroffen maatregelen blijft het risico van bijvoorbeeld een datalek aanwezig.

S

€ 750.000

7,5%

€ 56.250

Risico’s m.b.t. automatisering

Totaal benodigde weerstandscapaciteit

€ 513.750

Pagina 54 van 56

Bijlage 2: Richtlijnen deelnemers Door de deelnemers zijn de onderstaande financiële richtlijnen vastgesteld. Hierbij is aangegeven op welke wijze hier bij de uitwerking in de begroting mee is omgegaan. 1. In de begroting 2024 wordt een overzicht opgenomen met de bijdrage (2024 t/m 2027) per deelnemer. Zie toelichting op de baten en lasten onderdeel ‘Bijdrage deelnemers’. 2. Een positief resultaat vloeit terug naar de deelnemers, tenzij het AB hierin afwijkend besluit. Het resultaat is onderdeel van de besluitvorming van het AB bij de jaarstukken. Het resultaat op begrotingsbasis is nihil (begroting is in evenwicht). 3. De begroting dient in principe opgesteld te worden op basis van bestaand beleid, tenzij eerder anders besloten door het Algemeen Bestuur. Strikte toepassing van dit uitgangspunt leidt ertoe dat de primitieve begroting 2023 als basis wordt gehanteerd. Om een reële begroting 2024 te overleggen is de begroting 2023 herijkt. Dit wordt als begrotingswijziging voorgelegd aan de deelnemers via de 1e bestuursrapportage. 4. De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting 2024 stijgt maximaal met de geldende cao-indexering en de prijsontwikkeling uit de septembercirculaire 2022 (of een actuelere circulaire). Ook wijzigt de bijdrage wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen.

Bij de uitwerking van de begroting is het uitgangspunt dat rekening wordt gehouden met een aanpassing aan de loon- en prijsontwikkeling om de koopkracht van de BWB op peil te houden. Dit vindt plaats door toepassing van: - De meeste actuele gegevens bij indexatie voor loon- en prijsontwikkeling; - nacalculatie op loon- en prijsontwikkeling. 5. In de ontwerpbegroting worden de mogelijkheden beschreven om de bijdrage van de deelnemende gemeenten te verminderen, bijvoorbeeld door besparingen voor te stellen of beleidsinhoudelijke keuzes aan te geven. Dit is onder andere opgenomen in de paragraaf bedrijfsvoering. 6. In de begroting wordt een paragraaf opgenomen (Weerstandsvermogen en risicobeheersing) waarin specifiek wordt ingegaan op de risico’s met de meeste impact en de getroffen beheersmaatregelen. Zie de uitwerking in de verplichtte paragrafen, paragraaf 1: Weerstandsvermogen & risicobeheersing.

Programmabegroting 2024

Pagina 55 van 56

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/555/documents/16173