CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Werkplein jaarstukken.pdf

Gemeenteraad 23 juni 2022, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 13: Werkplein Hart van West-Brabant23.433 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Jaarstukken 2021

Dankzij een bedrijfsbezoek georganiseerd door het WSP kon ik laagdrempelig kennismaken met potientele werkgevers

1

Inhoudsopgave

1 INLEIDING ............................................................................................................................................. 4

2 JAARVERSLAG ....................................................................................................................................... 6 2.1 Terugblik 2021 ................................................................................................................................ 6 2.1.1. Missie en visie ................................................................................................................... 6 2.1.2. Organisatieontwikkelingen ............................................................................................... 6 2.1.3. COVID-19 .......................................................................................................................... 7 2.1.4 Voorbereidingen Wet inburgering .................................................................................... 8 2.1.5 Ketensamenwerking .......................................................................................................... 8 2.1.6 Programmatisch werken ................................................................................................... 9 2.1.7 Financieel ........................................................................................................................... 9 2.2 Strategische doelstellingen...........................................................................................................

12 2.2.1 Inleiding ........................................................................................................................... 12 2.2.2 Aanvragen levensonderhoud .......................................................................................... 12 2.2.3 Beschut werk en garantiebanen ...................................................................................... 13 2.2.4 Plaatsingen Werkgeversservicepunt ............................................................................... 14 2.2.5 Gebruik minimaregelingen .............................................................................................. 15 2.2.6 Doorlooptijden aanvragen............................................................................................... 16 2.2.7 (Lokale) ondersteuning en netwerken ............................................................................ 17 2.2.8 Wat mag het kosten? ...................................................................................................... 18 2.3 Algemene dekkingsmiddelen ........................................................................................................ 27 2.4 Paragrafen ..........................................................................................................................

28 2.4.1 Paragraaf Financiering ..................................................................................................... 28 2.4.2 Paragraaf Bedrijfsvoering ................................................................................................ 29 2.4.3 Paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing.................................................... 33 2

2.4.4 Informatie t.b.v. paragraaf verbonden partijen gemeenten ........................................... 36 2.4.5 Paragraaf Rechtmatigheid ............................................................................................... 36

3 JAARREKENING ....................................................................................................................................... 3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling .................................................................... 38 3.2 Balans en toelichting..................................................................................................................... 41 3.2.1 Toelichting op de balans .................................................................................................. 41 3.3 Overzicht baten en lasten ................................................................................................... 47 3.3.1 Toelichting kosten bedrijfsvoering .................................................................................. 48 3.3.2 Incidentele baten en lasten ............................................................................................. 53 3.3.3 Begrotingsrechtmatigheid ............................................................................................... 55 3.4 Informatie wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ....................................................................................................................................................

56 3.5 Verantwoording taakvelden jaarrekening 2021 ........................................................................... 57 3.6 SISA-bijlage bij de jaarrekening .................................................................................................... 58 3.7 Controleverklaring ........................................................................................................................ 61 3.8 Bijlagen ......................................................................................................................................... 62 3.8.1 Staat van personele sterkte ............................................................................................. 62 3.8.2 Staat van geactiveerde kapitaaluitgaven ........................................................................ 63 3.8.3 Specificatie gemeentelijke bijdragen jaarrekening 2021 ................................................ 63

3

Inleiding Voor u liggen de jaarstukken 2021 van de Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van WestBrabant (hierna Werkplein). Met het jaarverslag en jaarrekening leggen wij verantwoording af aan het Algemeen Bestuur van het Werkplein over de verschillen tussen begroting en daadwerkelijke resultaten in prestaties en financiën. De cijfers tot en met het vierde kwartaal 2021 worden in de verschillende programma’s in het jaarverslag verder toegelicht.

Jaarverslag Uitdagingen in 2021 We kijken wederom terug op een bijzonder jaar. Een jaar waarin we flinke stappen hebben gezet in de organisatieontwikkeling. We staan aan de vooravond van de overgang van ontwikkeling naar doen. Maar ook een jaar waarin corona helaas weer een prominente rol in nam. We hebben ons volledig ingezet om de ondernemers die werden geraakt door corona te ondersteunen met de tijdelijke steunmaatregelen vanuit het Rijk (Tozo en TONK). Maar daarnaast zijn we natuurlijk blijven doen waar we voor zijn. We hebben onze inwoners zo goed mogelijk ondersteund in hun route naar een glimlach. Resultaten 2021 Na een stijgende trend in het bestand kent het Werkplein voor 2021 een daling. Deze is te verklaren als gevolg van de meevallende economische gevolgen van de Corona crisis. In de 2de Bestuursrapportage 2021 hebben wij de gemeenteraden gemeld voor 2021 een stijging van het bestand te voorzien van 2,1%. Deze voorspelling is gelukkig niet uitgekomen. Het Werkplein heeft 2021 afgesloten met een bestandsdaling van 1,2%. Ten opzichte van de eindstand per 31 december 2020 is sprake van een daling van 48 dossiers voor de zes

gemeenten gezamenlijk. De uitgaven voor wat betreft de uitkeringen (Buig) zijn voor vier van de zes gemeente ruim binnen het rijksbudget gebleven. Alleen bij Rucphen en Zundert is sprake van een lichte overschrijding. Daarnaast kunnen we melden dat alle aanvragen voor een uitkering of bijzondere bijstand binnen de wettelijke termijnen zijn afgewikkeld. Gezien de druk die uitvoering van TOZO maatregelen ook in 2021 het Werkplein heeft opgeleverd zijn we trots op deze prestatie. Exploitatie 2021 De exploitatie van het Werkplein bestaat uit twee onderdelen: de programmakosten en de kosten van bedrijfsvoering. De programmakosten Werk en Participatie, Inkomen (met uitzondering van de kosten van Tozo die geheel door het Rijk wordt vergoed) en Inkomensondersteuning (met uitzondering van de kosten van TONK) worden volledig gedekt door gemeentelijke bijdragen. De gepresenteerde saldi worden derhalve volledig verrekend met de gemeenten. Voor het voordelige resultaat op de bedrijfsvoeringskosten wordt een gedeeltelijke bestemming voorgesteld in hoofdstuk 2.1.7.

4

2021 is uiteindelijk afgesloten met een bestandsdaling van 1,2%. In de bijgestelde begroting werd nog rekening gehouden met een stijging van 2,1%. Dit leidt tot een overschot op het programma inkomen van € 894.654. De lasten van de Tozo regeling zijn apart verantwoord. Hiervoor was € 7.285.158 begroot, uiteindelijk is € 5.051.264 uitgegeven. Deze kosten worden volledig door het Rijk vergoed. Bij het programma inkomensondersteuning is sprake van een kleine overschrijding van € 67.305. Dit komt door hogere kosten van bewindvoering. Programma Werk en Participatie sluit met een positief resultaat van € 1.324.244. Dit komt met name doordat er flink minder leerwerktrajecten en maatwerktrajecten zijn ingezet vanwege de beperkingen van Corona. Voor het voordelige resultaat op de Programma Werk en Participatie wordt een gedeeltelijke bestemming voorgesteld in hoofdstuk 2.1.7. Bij de afzonderlijke programma’s wordt een nadere toelichting op het saldo gegeven. De exploitatie van de kosten van bedrijfsvoering sluit dit jaar af met een positief saldo van € 985.135. Dit positieve resultaat wordt toegelicht In hoofdstuk 3.3. Coronavirus De beperkingen vanwege COVID-19 (Corona) had ook in 2021 een behoorlijke impact op ons allemaal. Voor de aanpak van COVID-19 hebben wij ons aan de landelijke maatregelen van het Rijk geconformeerd. Dit raakt veel beleidsterreinen van onze organisatie.

Voor een groot gedeelte van de dienstverlening aan

onze inwoners, met name op het gebied van Participatie heeft dit tot flinke beperkingen geleid. Daarnaast hebben wij adequaat de uitvoering van de landelijke maatregelen, zoals Tozo en TONK, ter hand genomen. Ook hebben we gezorgd voor zoveel mogelijk continuïteit van de reguliere werkzaamheden en van noodzakelijke (digitale) besluitvorming. Opzet en reikwijdte jaarstukken 2021 In deze jaarstukken worden de gerealiseerde cijfers van 2021 vergeleken met de begroting na wijziging. Dat betreft de cijfers zoals vermeld in de 2e begrotingswijziging 2021 die tegelijkertijd met de 2e Bestuursrapportage 2021 is opgesteld. In het jaarverslag en de programma’s zijn de toelichtingen zoveel mogelijk integraal opgenomen om een beeld van het totaal te kunnen geven. De jaarstukken worden aan het Dagelijks en Algemeen bestuur ter besluitvorming voorgelegd. Het Algemeen Bestuur stelt de jaarstukken in haar vergadering van 11 april 2022 vast. Opbouw jaarstukken 2021 De jaarstukken zijn opgebouwd uit vier hoofdstukken. De Inleiding met een algemeen beeld. In hoofdstuk 2 gaan we in het jaarverslag inhoudelijk in op de verschillende onderdelen van het Werkplein. In hoofdstuk 2.2 de strategische doelstellingen en 2.2.8 de programma verantwoording. In hoofdstuk 3 treft u de jaarrekening 2021 en de daarbij behorende bijlagen aan.

5

Jaarverslag Jaarverslag

2.1 Terugblik 2021 2.1.1. Missie en visie In 2021 hebben we aan de hand van de door het Werkplein en gemeenten gezamenlijk opgestelde programmaplaat gewerkt. De strategische doelstellingen daarin dienden als leidraad voor de inspanningen van gemeenten en het Werkplein in 2021. In de bestuursrapportages afgelopen jaar hebben we ieder kwartaal stil gestaan bij deze doelstellingen en de behaalde resultaten. Eind 2021 hebben gemeenten en het Werkplein de visie en doelstellingen in de programmaplaat verder verfijnd. In deze opdracht wordt de visie op de rol van het Werkplein in 2022 als volgt omschreven: “Wij vertrouwen in de talenten en kwaliteiten van onze inwoners. Daarom stimuleren wij iedereen om deze te ontwikkelen, met als doel werk, en als dat (nog) niet lukt, wel meedoen in de samenleving. Dat doen we samen met de inwoner, collega’s en partners op basis van maatwerk.” Deze visie sluit goed aan op de maatschappelijke bewegingen van het centraal stellen van de inwoner, en niet het proces. Evenals onze organisatieontwikkeling waar het Werkplein de menselijke maat als uitgangspunt hanteert. 2.1.2. Organisatieontwikkelingen Vanaf 2019 zijn we de weg van de vergroening in geslagen. Minder focus op het proces, des te meer op onze inwoners. Het doel is om te ontwikkelen van een proces- en taakgerichte organisatie naar een inwoner- en resultaatgerichte organisatie.

De medewerkers van het Werkplein zijn actief betrokken bij de ontwikkeling van de nieuwe koers van het Werkplein. Deze ontwikkelingen zetten we niet in zonder reden. De opgave in de Participatiewet is dat we inwoners aanspreken op hun zelfredzaamheid. Echter, wij zien in praktijk dat inwoners die gebruikmaken van onze diensten steeds vaker problematiek op meerdere leefgebieden hebben. Ook zien we de maatschappelijke wens om de inwoner centraal te stellen, en niet de dienst. Dit vraagt om een verdergaande samenwerking binnen het sociaal domein. Hier zien wij mooie kansen met de gebiedsgerichte werkwijze die we in 2022 gaan uitrollen. Begin 2021 hebben we onze nieuwe organisatievisie opgeleverd. Samengevat wordt de opgave voor het Werkplein om uit te gaan van de talenten en kwaliteiten van medewerkers. Proces en inhoud van de ondersteuning worden maatwerk. Onze medewerkers krijgen veel regelruimte om met de inwoner best 6

passende keuzes te maken. Samenwerking met collega’s in het sociaal domein wordt de norm. Door beter het effect te meten van wat we doen en een continue dialoog hierover verwachten we dat de kwaliteit van onze dienstverlening zal toenemen, en meer inwoners naar vermogen mee kunnen doen in de samenleving. Om deze visie ook daadwerkelijk tot leven te brengen is er veel werk verzet afgelopen jaar. Aan de hand van de verschillende thema’s uit de visie zijn medewerkers van het Werkplein in estafettes deze uit gaan werken aan de hand van een aantal fictieve personages. De daaruit opgeleverde groendrukken (diagnose, ontwikkeling, werkpunt, advies inwoners en leiderschap) vormden de basis voor de uitwerking van de nieuwe (hoofd)structuur bij het Werkplein. Om alle collega’s en partners zoveel mogelijk te betrekken zijn gedurende het jaar allerlei bijeenkomsten en communicatienetwerken georganiseerd. We zijn op expeditie gegaan, hebben inspiratiefestivals beleefd, hebben in estafetteteams een concretiseringsslag gemaakt, door middel van intervisie ervaringen gedeeld en met onze Expeditiejournaals houden we de collega’s en partners op de hoogte. Daarnaast is er een externe toetsingscommissie van deskundigen die meekijkt en feedback geeft op de plannen.

De basis staat er maar om daadwerkelijk de overstap naar de nieuwe structuur te kunnen maken moeten nog veel onderdelen van de nieuwe organisatie verder worden uitgewerkt. Het komende jaar werken we vooral aan de implementatie hiervan. Denk hierbij aan het plaatsingsproces, leerplein, (sturing op) resultaat, leidende principes, huisvesting, dienstverlening, ontmoeten, regels en vorming van teams. 2.1.3. COVID-19 Ook afgelopen jaar was corona onderdeel van ons dagelijks leven. Het ging met ups en downs evenals de daaropvolgende lockdowns. Het Werkplein heeft tot 1 oktober 2021 met grote inzet de Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandig Ondernemers (Tozo)-regeling uitgevoerd. Daarnaast is in 2021 de regeling Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) opgetuigd en uitgevoerd door de medewerkers van het Werkplein. Beide regelingen zijn per 1 oktober komen te vervallen. Hiervoor in de plaats zijn de voorwaarden van de bijstand voor zelfstandigen (Bbz) tijdelijke versoepeld (tot 1 april 2022). Het Werkplein en haar medewerkers hebben afgelopen jaren een grote flexibiliteit en veerkracht getoond om deze steeds wisselende regelingen goed uit te voeren en in te spelen op de behoeften van onze inwoners. Dit in combinatie met onzekere tijden en werken op afstand is een prestatie van formaat.

Het Werkplein heeft ook het afgelopen jaar de landelijke adviezen omtrent fysieke contacten en thuiswerken gevolgd. Inmiddels zijn we meer gewend aan het werken op afstand en zijn de digitale hulpmiddelen in het werk geïntegreerd. De noodzakelijke dienstverlening is het hele jaar in fysieke vorm aangeboden. Andere vormen van dienstverlening hebben gedeeltelijk of geheel op afstand plaats gevonden (telefonisch/digitaal). Als gevolg van de onzekere economische verwachtingen zijn de bestandsontwikkelingen meermaals bijgesteld. Uiteindelijk heeft de economie zich goed weten te herstellen en is de vraag naar personeel hoog. Het CPB heeft in juni en september landelijk een bijgestelde prognose gegeven. Aan de hand van deze bijgestelde prognoses is de begroting voor 2021 twee maal naar beneden bijgesteld. Bij het opmaken van de jaarcijfers komen we tot een nog wat scherpere daling van het bijstandsbestand dan eerder verwacht. We sluiten 2021 af met een bestand dat 1,2% lager is dan op 31 december 2020 tegenover een eerder verwachte stijging van 2,1%. 7

2.1.4 Voorbereidingen Wet inburgering Op 1 januari 2022 is de nieuwe Wet Inburgering in werking getreden. In voorbereiding daarop hebben de zes Werkplein gemeenten eind 2020 besloten om de uitvoering van de nieuwe wet bij het Werkplein weg te leggen. Gedurende 2021 hebben gemeenten en het Werkplein gezamenlijk een intensief traject doorlopen om voor te bereiden op de inwerkingtreding van deze nieuwe wet. Onder leiding van een externe projectleider zijn drie werkgroepen aan de slag gegaan.  Werkgroep regelgeving (beleidsregels, verordening en aanpassen GR) en het beleidsplan (begroting);  Werkgroep inkoop en aanbesteden. Inkoop en aanbesteden van de leerroutes, participatietrajecten en maatschappelijke begeleiding (financiële ontzorging. MAP en PVT);  Werkgroep organisatie heeft zich bezig gehouden met de voorbereidingen op de uitvoering van de nieuwe wet. Denk hierbij aan werkprocessen, de functie en taken van de regiehouder, ICT etc. Inmiddels zijn er veel partners rondom de Wet Inburgering waar we mee samenwerken. Er zijn twee taalaanbieders gecontracteerd voor de uitvoering van de leerroutes (inburgeringstraject) van onze inwoners. Vluchtelingenwerk heeft een grote rol in de maatschappelijke begeleiding van de statushouders in de zes gemeenten. In de uitvoering van de Wet Inburgering spelen veel partners een belangrijke rol.

De regiehouders zijn in 2021 al gestart kennis te maken met partners in de drie gebieden. Er zijn afspraken gemaakt over rol- en taakverdeling om de inburgeraar samen zo goed mogelijk te ondersteunen bij het integreren in onze gemeenten. 2.1.5 Ketensamenwerking In het afgelopen jaar is hard gewerkt aan de inhoud van de Ketensamenwerking Werkplein, ISD en WVS, waarbij Corona het ons niet altijd even makkelijk heeft gemaakt. Op operationeel niveau is waar mogelijk invulling gegeven aan de Ketensamenwerking via de proeftuinen. Ook zijn op tactisch en strategisch niveau goede stappen gemaakt, o.a. tijdens de gezamenlijke heidag, waarbij gekeken is naar wat de Ketensamenwerking nu moet zijn en vooral wat het moet toevoegen voor onze inwoners. In de 3 proeftuinen is volop geëxperimenteerd met aangepaste werkwijzen. Zo’n 40 inwoners in totaal (9 gemeenten) zijn uitgenodigd voor gesprekken binnen de proeftuin Intensieve Start, Doelgroep C en Beschut Werk/Arbeidsmatige dagbesteding. De gesprekken met inwoners zijn in gezamenlijkheid gevoerd, meestal op locatie bij WVS. Zowel tijdens als vlak na deze gesprekken zijn direct passende trajecten ingezet. Voor inwoners met een indicatie Beschut Werk zijn voorschakeltrajecten ingezet om samen met de inwoner en zijn netwerk te ervaren welke werkplek, werkzaamheden en omstandigheden passend zijn in de huidige situatie.

Soms is dat inderdaad Beschut Werk gebleken, in andere gevallen werd dagbesteding passender gevonden. Hierin wordt steeds intensiever samengewerkt tussen klantmanager, WVS en WMO consulenten. In 2022 worden de ervaringen van inwoners en medewerkers binnen de proeftuinen gebundeld tot 1 aanpak, waar individueel maatwerk het uitgangspunt blijft. Vanuit zowel nieuwe instroom als bestaand bestand (Doelgroep C) worden in de loop van 2022 ca. 300 inwoners (200 Werkplein HvWB) uitgenodigd om middels deze aanpak te worden begeleid richting werk. Naast de proeftuinen is ook gezamenlijk gewerkt aan een koersdocument voor het publieke groenbedrijf. Dit koersdocument is akkoord bevonden door alle gemeenten. In 2022 wordt begonnen met de 8

uitwerking en implementatie van de aangepaste koers. Ook dit gebeurt in samenwerking met de drie organisaties. 2.1.6 Programmatisch werken In 2021 hebben de gemeenten en het Werkplein gezamenlijk een start gemaakt met programmatisch werken. Aan de hand van deze methode zijn we in gesprek gegaan om gezamenlijk de visie, doelen en resultaten voor het Werkplein vast te leggen. In een gezamenlijk proces zijn we gekomen tot een formulering van strategische doelstellingen voor de langere termijn, operationele doelstellingen en daaraan gekoppeld de inspanningen die nodig zijn om de resultaten te bereiken. Eind 2021 zijn we tot een aanscherping van de visie en doelstellingen gekomen die goed aansluiten bij de uitdagingen waar gemeenten en Werkplein voor staan de komende jaren. Hierbij staan vijf strategische doelstellingen centraal: 1. Meer inwoners zijn zelfredzaam. 2. Meer inwoners krijgen passende ondersteuning. 3. Minder inwoners leven in armoede. 4. We werken meer samen in het sociaal domein. 5. Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners. Hieraan zijn de indicatoren (per jaar) en inspanningen (per jaar) voor gemeenten en Werkplein gekoppeld. 2.1.7 Financieel De jaarrekening vertoont ten opzichte van de gewijzigde begroting 2021 een positief beeld. In totaliteit blijft een bedrag van € 3.105.832 over. Programma's

Werk en Participatie Inkomen Inkomensondersteuning Bedrijfsvoering Totaal

Jaarrekening Begroting Jaarrekening Saldo 2020 2021 na 2021 wijziging € 4.218.329 € 5.209.582 € 3.916.234 € 1.293.348 € 59.012.447 € 62.480.345 € 61.585.691 € 894.654 € 8.029.908 € 7.689.742 € 7.757.047 -€ 67.305 € 9.200.634 € 13.857.555 € 12.872.420 € 985.135 € 80.461.318 € 89.237.224 € 86.131.391 € 3.105.832

Bij bijna alle programma’s is sprake van positieve resultaten. Alleen bij programma Inkomensondersteuning is sprake van een klein nadelig resultaat. Voor het voordelige resultaat op de Programma Werk en Participatie wordt een gedeeltelijke bestemming voorgesteld in dit hoofdstuk. De rest van de resultaten worden evenals voorgaande jaren verrekend met de gemeenten (in dit geval terugbetaald). Bij de kosten van bedrijfsvoering wordt jaarlijks het resultaat ter bestemming aan het algemeen bestuur voorgelegd. Omdat dit jaar sprake is van bijzondere omstandigheden, waaronder de uitvoering van de Tozo-regeling, zal er voor bepaalde onderdelen een voorstel voor een resultaatsbestemming worden gedaan. Voor een uitgebreide analyse van het resultaat verwijzen wij u naar de drie programma’s in hoofdstuk 2.2.8 en voor de bedrijfsvoeringskosten naar hoofdstuk 3 paragraaf 3. Bestemming resultaat Voor de bedrijfsvoering stellen wij het volgende voor: >Voor de uitvoering van de Tozo-regelingen vloeien er nog werkzaamheden voort die in 2022 en verdere 9

jaren uitgevoerd moeten worden. Denk hierbij aan de achteraf controles die in het 1e en 2e kwartaal 2022 plaatsvinden en de terugvorderingsactiviteiten van ten onrechte of te hoog verstrekte uitkeringen levensonderhoud of bedrijfskredieten. Hiervoor vragen we de volgende middelen beschikbaar te stellen: • controle en terug- en invorderingsmaatregelen Tozo 1 -5 € 428.700 in 2022 -2024. Kosten uitvoering Tozo 2022-2024 Raming Inhuur t.b.v. controle, archivering, bezwaar en invordering € 363.700 Bereikbaarheid en communicatie (hulp ondernemers) € 30.000 Accountant € 15.000 Overige kosten (adviezen IMK) € 20.000 Totaal € 428.700

Al met al wordt gevraagd van het voordelig resultaat op de bedrijfsvoeringskosten ad € 985.135 een bedrag van € 428.700 voor de genoemde activiteiten te bestemmen. Na resultaatsbestemming wordt het resultaat als volgt aan de gemeenten terugbetaald: Resultaat bedrijfsvoering na resultaatsbestemming 2021 per gemeente Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal

Bijdrage

€ 100.605 € 62.316 € 70.890 € 246.188 € 44.592 € 31.843 € 556.435

Voor het voordelige resultaat op de Programma Werk en Participatie wordt een gedeeltelijke bestemming voorgesteld ad € 457.749. De drie hieronder genoemde projecten in het kader van beheersing en zo mogelijk daling van het bestand zouden in 2021 al starten maar vanwege capaciteit zijn deze projecten pas laat in 2021 van start gegaan. Resultaat te bestemmen voor projecten Intensivering nazorg Project bestandsbeheersing Project B-unit Totaal

Raming € 50.000 € 100.000 € 307.749 € 457.749

Na resultaatsbestemming wordt het resultaat als volgt aan de gemeenten terugbetaald: Resultaat Programma Werk en Particpatie na resultaatsbestemming 2021 per gemeente Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal

Bijdrage

€ 151.079 € 93.580 € 106.456 € 369.700 € 66.964 € 47.818 € 835.598

10

Besluit 1. Wij stellen het Algemeen Bestuur voor om het jaarverslag 2021 en de jaarrekening 2021 vast te stellen. 2. Wij stellen het Algemeen Bestuur voor om het niet bestede budget programmakosten te verrekenen met gemeenten. 3. Wij stellen voor het voordelig resultaat bedrijfsvoeringskosten € 985.135 als volgt te bestemmen: -controle en terug- en invorderingsmaatregelen Tozo 1 - 5 € 428.700 in 2022 - 2024 -aan gemeenten terug te storten € 556.435. 4. Wij stellen voor het voordelig resultaat van Programma Werk en Participatie € 457.749 te bestemmen voor de bovengenoemde projecten. Het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van West-Brabant, Hoogachtend, Marko Does

Hoogachtend, René van Ginderen

Secretaris/Directeur

Voorzitter

Vastgesteld door het algemeen bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van West-Brabant in zijn vergadering van 11 april 2022, Hoogachtend, Marko Does

Hoogachtend, René van Ginderen

Secretaris/Directeur

Voorzitter

11

2.2 Strategische doelstellingen 2.2.1 Inleiding De D6 gemeenten en het Werkplein hebben eind 2020 afgesproken om in de periode 2021 tot en met 2024 op de volgende strategische doelstellingen in te zetten: Zo min mogelijk inwoners zijn afhankelijk van een uitkering; Inwoners in het doelgroepenregister hebben een (betaalde) baan; Inwoners ontvangen laagdrempelige integrale ondersteuning bij hun ontwikkeling naar werk; Minder inwoners leven in armoede; Inwoners ontvangen tijdig en rechtmatig uitkeringen en/of inkomensondersteunende maatregelen; Inwoners hebben laagdrempelig toegang tot bemiddeling naar werk en inkomensondersteuning; Inwoners waarvoor werk (voorlopig) niet haalbaar is worden voor hun ondersteuning naar zelfredzaamheid overgedragen. In de volgende paragrafen laten we zien welke ontwikkelingen het Werkplein (in samenwerking met gemeenten en partners) op deze strategische doelstellingen hebben gerealiseerd. 2.2.2

Aanvragen levensonderhoud Draagt bij aan doelstelling 1: ‘Zo min mogelijk inwoners zijn afhankelijk van een uitkering’

In 2021 zien we het aantal aanvragen sterk teruglopen. Met name begin 2020 was er een piek in het aantal aanvragen die direct verband hielden met de Corona-maatregelen. Dat vlakt af in 2021. Niet alleen in het aantal aanvragen maar ook in het aantal uitkering dat met 1,2% gedaald is. Aantal aanvragen Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal

2020 247 166 188 623 118 86 1428

2021 189 141 141 481 80 66 1098

Aantal aanvragen: 2020 vs 2021

12

Bestandsontwikkeling 2021 D6 gemeenten gemeenten gezamenlijk 4100 4050 4000 3950 3900

Bestandsontwikkeling 2021 per gemeente 2000 1500 1000 500 0

Gemeente

Etten-Leur

Halderberge

Moerdijk

Roosendaal

Rucphen

Zundert

Verschil Verschil (%)

31-12-2020 710

jan-21 709

feb-21 721

mrt-21 723

apr-21 728

mei-21 726

jun-21 714

jul-21 702

aug-21 697

sep-21 696

okt-21 692

nov-21 693

dec-21 697

-13

-1,8%

Halderberge

447

445

451

455

462

456

463

467

460

456

454

456

456

9

2,0%

Moerdijk

499

496

495

505

506

509

507

509

496

489

497

494

500

1

0,2%

Roosendaal

1848

1846

1850

1846

1837

1839

1841

1836

1804

1797

1788

1806

1814

-34

-1,8%

Rucphen

334

330

331

335

333

334

327

330

335

332

322

319

318

-16

-4,8%

Zundert

210

209

210

212

213

215

211

207

209

209

210

214

215

5

2,4%

Totaal

4048

4035

4058

4076

4079

4079

4063

4051

4001

3979

3963

3982

4000

-48

-1,2%

Etten-Leur

2.2.3

Beschut werk en garantiebanen Draagt bij aan doelstelling 2: ‘Inwoners in het doelgroepenregister hebben een (betaalde) baan’

Iedere gemeenten krijgt jaarlijks een taakstelling met daaraan gekoppeld een budget voor de plaatsing van inwoners met een beschut werken indicatie. Alle inwoners met een beschut werken indicatie die kunnen werk zijn aan het werk bij WVS of een andere werkgever.

13

Beschut werk* D6 Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert

Taakstelling 2020 Taakstelling 2021 105 123 15 18 13 15 11 13 45 52 16 19 5 6

Plaatsingen 2021 111 20 12 8 52 14 5

De gemeente Etten-Leur heeft een hoger aantal plaatsingen dan de taakstelling. Het totaal aantal uur dat deze inwoners werken valt wel binnen de taakstelling. Voor wat betreft garantiebanen geldt een taakstelling van 100 plaatsen in 2021. Deze doelstelling is met 118 plaatsingen ruimschoots bereikt. 2.2.4

Plaatsingen WerkgeversServicepunt Draagt bij aan doelstelling 1 en 3: ‘Zo min mogelijk inwoners zijn afhankelijk van een uitkering’ en ‘Inwoners ontvangen laagdrempelige integrale ondersteuning bij hun ontwikkeling naar werk’ WSP 2021 2020

D6 537 507

Het aantal gerealiseerde plaatsingen per jaar

Ondanks dat het WerkgeversServicepunt (WSP) een lagere personeelsbezetting had in 2021 is het totaal aantal gerealiseerde plaatsingen in 2021 vergelijkbaar met 2020. Ter vergelijking, in 2021 zijn de plaatsingen beschut werk onderdeel van het totaal aantal plaatsingen WSP. In de dagelijkse praktijk is corona voor het tweede jaar op rij een belemmerende factor geweest. Fysieke bedrijfsbezoeken waren niet altijd mogelijk, minder instroom van jobready kandidaten, en een toename van inwoners met een langere afstand tot de arbeidsmarkt in combinatie met minder ondersteuning op ontwikkeling vanwege beperkende coronamaatregelen stelde het WSP voor uitdagingen. Kijkend naar de resultaten heeft het WSP wederom een topprestatie geleverd en is onverminderd door gegaan met plaatsingen van onze inwoners waardoor zij zoveel als mogelijk de stap naar betaald werk kunnen maken. Om te zorgen voor een optimale match van vraag en aanbod is het WSP in 2021 sectorgericht gaan werken. Dit heeft geleid tot voorschakeltrajecten in de logistiek, zorg en horeca. In de perioden dat het mogelijk was, heeft het WSP zoveel mogelijk inwoners meegenomen naar werkgevers.

14

2.2.5

Gebruik minimaregelingen

Draagt bij aan doelstelling 4: ‘Minder inwoners leven in armoede’

Bijzondere bijstand Aantal aanvragen Aantal toegekende aanvragen

2021 5.121 4.277

2020 5.100 3.918

Van de 4.277 toegekende aanvragen had 73% van de aanvragers een Werkplein-uitkering. Collectieve zorgverzekering Aantal deelnemers

1e kwartaal 2021 1e kwartaal 2020 7.273 7.392

In 2021 daalde het aantal deelnemers met 406 naar 6.867 op 1 december 2021. Belangrijkste redenen voor deze daling zijn: premieachterstand, overlijden en de uitgevoerde inkomens-controle. Overig gemeentelijk minimabeleid Het gaat hierbij om tegemoetkomingen voor maatschappelijke participatie (o.a. bezoek pretpark, bioscoop, dierentuin, theater, sportbeoefening etc.), schoolkosten, vakantieactiviteit en tijdschriftenregeling.

Aantal aanvragen Aantal toegekende aanvragen Aantal ambtshalve continueringen

2021 1.070 786 724

2020 1.046 727 691

Van de huishoudens die deze voorziening in 2021 hebben ontvangen had 84% een Werkplein-uitkering. Bij vier van de Werkpleingemeenten verloopt de uitvoering via een webwinkelsysteem. Inwoners krijgen dan elk kalenderjaar een winkeltegoed waarmee zij zelf producten en diensten kunnen kopen/afnemen bij de aangesloten leveranciers. In 2021 is van het totaal toegekende budget (=€ 436.670) feitelijk € 288.725 (=66%) verbruikt. Door de coronamaatregelen zijn er perioden geweest dat pretparken, 15

bioscopen e.d. tijdelijk minder bezoekers mochten ontvangen, of zelfs tijdelijk helemaal moesten sluiten. Loketfunctie aanvragen persoonlijke lening Kredietbank Rotterdam In 2021 hebben we 52 aanvragen ontvangen tegenover 87 in 2020. Deze daling kan te maken met ontevredenheid over de dienstverlening van Plangroep en Kredietbank Rotterdam (zijn uitvoerders voor onderdelen van de schuldhulpverlening en verstrekking consumptieve kredieten). Om die reden wordt sinds het 4e kwartaal 2021 veel minder doorverwezen naar Plangroep en Kredietbank Rotterdam voor hulpverlening. Afwikkeling kinderopvangtoeslagaffaire Door de kinderopvangtoeslag (KOT)-affaire hebben gemeenten en Werkplein in 2021 een aantal extra werkzaamheden verricht. De werkzaamheden van het Werkplein bestonden uit:  Controle of gedupeerden een uitkering in het kader van de Participatiewet (Pw) ontvingen. De door de Belastingdienst uitgekeerde compensatiebedragen moeten immers vrijgelaten worden bij de bijstandsverlening. In 2021 zijn 325 huishoudens met een Pw-uitkering als gedupeerde aangemerkt.  Onderzoek naar recht op pauzering van de incasso en kwijtschelding van vorderingen. In 2021 heeft het Werkplein bij 26 debiteuren de incasso gepauzeerd en daarnaast is bij 24 debiteuren al besloten om de openstaande vorderingen buiten invordering te stellen. Het totaal buiten invordering gestelde bedrag is € 74.726,16.

 Onderzoek naar verstrekte bijzondere bijstand in de kosten van bewindvoering. Aan gedupeerden van de KOT-affaire heeft het Werkplein in 2020 € 39.217 en in 2021 € 33.368 aan bijzondere bijstand in deze kosten verstrekt. De gemeenten hebben recht op Rijksvergoeding van voor de hierboven vermelde werkzaamheden en gemaakte kosten. De totale tijdsinzet van het Werkplein is voor 2021 berekend op 556 uur. Deze ureninzet maakt onderdeel uit van de verantwoorde bedrijfsvoering kosten. Op grond van drie ministeriele regelingen z.g. specifieke uitkeringen (SPUK), compenseert het Rijk de Werkpleingemeenten voor de aan (mogelijk) gedupeerde ouders en hun gezinnen geleverde brede ondersteuning en voor de kwijtschelding van publieke vorderingen. De verantwoording en declaratie van die kosten bij het Rijk loopt via de jaarrekening met bijbehorende Single information Single audit-systematiek (SiSa) van de werkpleingemeenten. 2.2.6

Doorlooptijden aanvragen Draagt bij aan doelstelling 5: ‘Inwoners ontvangen tijdig en rechtmatig uitkeringen en/of inkomensondersteunende maatregelen’

Hieronder staan de doorlooptijden weergegeven van de aanvragen binnen het Werkplein Hart van WestBrabant. Er zijn met de gemeenten geen termijnen afgesproken waar binnen aanvragen afgehandeld moeten worden. Wel is er de wettelijke termijn van 8 weken en een interne streeftermijn van vier weken. Aanvragen levensonderhoud zijn in beginsel complexer en de doorlooptijden daardoor ook langer.

16

2.2.7

(Lokale) ondersteuning en netwerken Draagt bij aan doelstelling 3, 6 en 7: ‘Inwoners ontvangen laagdrempelige integrale ondersteuning bij hun ontwikkeling naar werk’, ‘Inwoners hebben laagdrempelig toegang tot bemiddeling naar werk en inkomensondersteuning (KTO) en organisatieontwikkeling’ en ‘inwoners waarvoor werk (voorlopig) niet haalbaar is worden voor hun ondersteuning naar zelfredzaamheid overgedragen’

Organisatieontwikkeling In hoofdstuk 2.1 zijn we al uitgebreid ingegaan op de organisatieontwikkeling in het afgelopen jaar. Alle teams van het Werkplein zijn onderdeel van de vergroening. Doordat er vanuit de hele organisatie mee wordt gedacht over de ontwikkelingen binnen het Werkplein en het maatschappelijke speelveld voelt ook iedereen de nut en noodzaak van veranderingen. Deze worden dan ook breed gedragen binnen de organisatie. Op deze manier verandert het DNA en daarmee samenhangende werkwijze van het Werkplein wezenlijk ten opzichte van de afgelopen jaren. En dit komt uiteindelijk vooral onze inwoners ten goede. Klanttevredenheidsonderzoek Klantbeleving is van grote invloed op de kwaliteit van de dienstverlening. In 2021 heeft het Werkplein voor de eerste keer twee klanttevredenheidsonderzoeken uitgevoerd onder bijstandsgerechtigden. De eerste meting in juni en de tweede in november. Deze laatste meting is aangevuld met een aantal verdiepende vragen. We hebben inwoners onder andere gevraagd mee te denken wat hen zou kunnen helpen om de bijstandstuitkering in de toekomst niet meer nodig te hebben. Concrete interventies die genoemd worden, zijn het volgen van een opleiding of training, het uitvoeren van vrijwilligerswerk of het verkrijgen van mentale hulp.

De meerderheid zegt tevreden te zijn over de diensten van het Werkplein en men vindt een ‘luisterend oor’ bij de begeleiding naar werk. De telefonische bereikbaarheid beoordeelt men met het cijfer 7.6.. In 2022 wordt bekeken hoe opvolging kan worden gegeven aan aangedragen verbetermogelijkheden. 17

Pilots Met de komst van de Participatiewet is er een steeds grotere groep inwoners bij het Werkplein met veelal complexe problematieken en zo’n grote afstand tot de arbeidsmarkt dat zij veelal niet bemiddelbaar naar werk zijn. De afgelopen jaren hebben we samen met de gemeenten verschillende pilots opgezet. In deze pilots in Halderberge, Roosendaal en Rucphen hebben we (een gedeelte) van de doelgroep op verschillende manieren benaderd met verschillende samenwerkings- partners. De ervaringen en uitkomsten van deze pilots helpen ons bij de verdere vergroening van het Werkplein. Het helpt ons om ook binnen de organisatie- ontwikkelingen de juiste keuzes te maken. Onze inwoners staan centraal waarbij we een integrale benadering willen. Hoe kunnen we onze inwoners het beste ondersteunen bij hun ontwikkeling richting werk, participatie of de juiste zorg -of hulpverlening. Het belangrijkste van alles is dat professionals elkaar weten te vinden als het nodig is. Kijk naar de inwoner wat nodig is. Bij de een kan dat zijn om samen met de meedenkcoach op huisbezoek te gaan bij de ander kan dat een gezamenlijke overdracht op het Werkplein zijn.

2.2.8 Wat mag het kosten? Programma Werk en Participatie De inzet binnen het programma Werk en Participatie is zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (qua personele inzet) als vanuit de re-integratiemiddelen binnen het participatiebudget. De re-integratiemiddelen zijn in de kern middelen die het Werkplein heeft ingezet om de re-integratie van inwoners te versnellen, te bevorderen dan wel mogelijk te maken. Het Rijk maakt een verdeling tussen de beschikbare middelen; klassieke bijstand en nieuw Wajong en nieuw Begeleiding. De Werkpleingemeenten hebben bepaald dat het Werkplein de beschikking heeft over 80% van het gemeentelijke participatiebudget (klassiek) en 100% met betrekking tot het onderdeel nieuwe doelgroepen. De achtergebleven 20% van het Participatiebudget kan door gemeenten ingezet worden voor projecten of aanpakken gericht op participatie voor inwoners die bij het Werkplein bekend zijn. In 2021 waren de totale kosten minus baten van re-integratie activiteiten € 3.916.234. Dat is € 1.293.347 minder dan de gewijzigde begroting. Voor het voordelige resultaat op de Programma Werk en Participatie wordt een gedeeltelijke bestemming voorgesteld in hoofdstuk 2.1.7. ad € 457.749. Dit resultaat geeft een totaal aan bijdragen van de gemeenten van € 4.373.984.

18

Programma werk

Jaarrekening 2020

Begroting Jaarrekeni 2021 na ng 2021 wijziging

Verschil

Lasten Werkgeversbenadering € 1.031.566 € 680.659 € 579.081 € 101.577 Trainers € 184.028 € 150.257 € 154.196 € -3.939 Inhuur klantmanagers( wsp, jongeren, 50+, Fia) € 578.464 € 521.137 € 639.518 € -118.381 Diagnostische tool/Matchcare Szeebra € 98.083 € 110.000 € 97.694 € 12.306 Statushouders € 250.989 € 318.024 € 324.586 € -6.562 Inburgering € 88.385 € 419.315 € 324.496 € 94.819 Maatschappelijk Participeren € 389.917 € 371.798 € 323.880 € 47.918 Individuele trajecten/Maatwerk € 349.029 € 440.000 € 323.861 € 116.139 Leerwerktrajecten WVS € 240.408 € 510.910 € 139.142 € 371.769 Proeftuinen ketensamenwerking € 110.000 € 89.026 € 20.974 Praktijkervaringsplekpolis € 7.030 € 7.000 € 7.150 € -150 Extra inzet fraudepreventie € 149.381 € 104.245 € 98.406 € 5.839 Beschut werken € 864.375 € 877.800 € 824.842 € 52.958 Beschut werk reiskosten € 35.000 € 37.630 € -2.630 Jobcoaching € 102.538 € 160.000 € 149.542 € 10.458 Loonwaardemetingen € 33.000 € 39.092 € -6.092 Intensivering nazorg € 50.000 €0 € 50.000 Garantiebanen € 223.148 € 277.392 € 247.606 € 29.785 Nader te bepalen inzet € 0 € 199.088 € 0 € 199.088 Project bestandsbeheersing € 100.000 € 0 € 100.000 Project B-unit € 338.647 € 30.898 € 307.749 Social return op investment (SROI) € 20.346 € 97.554 € 104.764 € -7.209 Totaal lasten 4.577.688 5.911.826 4.535.409 1.376.417 Baten 250.628 € 185.374 € 187.529 € 2.155 Statushouders

Inburgering € 88.385 € 419.315 € 326.881 € -92.434 Social return op investment (SROI) € 20.346 € 97.554 € 104.764 € 7.209 Totaal baten 359.359 702.243 619.174 -83.070 Saldo van lasten en baten 4.218.329 5.209.582 3.916.234 1.293.347 Bijdragen gemeenten Etten-Leur € 632.788 € 809.215 € 658.136 € 151.079 Halderberge € 459.878 € 573.482 € 479.902 € 93.580 Moerdijk € 349.566 € 478.796 € 372.340 € 106.456 Roosendaal € 2.240.453 € 2.672.274 € 2.302.574 € 369.700 Rucphen € 436.751 € 523.075 € 456.110 € 66.964 Zundert € 98.893 € 152.740 € 104.922 € 47.818 Totaal bijdragen gemeenten € 4.218.329 € 5.209.582 € 4.373.984 € 835.598 Resultaat (te bestemmen) € 457.749 € 457.749 Tabel: Programma Werk en Participatie 2021

Verschillenanalyse In totaliteit is er een bedrag van € 3.916.234 in 2021 ingezet voor re-integratie activiteiten. Dat geeft een resultaat van € 1.293.347. Wij hebben een deel van dit resultaat bestemd voor een drietal projecten. Hieronder wordt een toelichting op de grote verschillen tussen de begroting na wijziging 2021 en de jaarrekening 2020 en 2021 gegeven. Resultaat te bestemmen Wij hebben een deel van het totaal resultaat bestemd voor Project B-Unit (€ 307.749), voor Project Bestandsbeheersing (€ 100.000) en voor Intensivering nazorg (€ 50.000). In totaal wordt een bedrag van 19

€ 457.749 bestemd om in 2022 in te zetten. Deze projecten zijn wegens omstandigheden niet (of laat) in 2021 opgestart. De verwachting is dat dit in 2022 gaat gebeuren. Werkgeversbenadering (€ 101.577) De kosten voor de werkgeversbenadering vallen ruim 1 ton lager uit dan begroot. Dit komt doordat één ingehuurde medewerker van het WSP binnen het budget van inhuur klantmanagers is verantwoord. Per saldo dus nagenoeg gelijk. Inhuur klantmanagers (WSP, jongeren, 50+, FIA) (- € 118.381) De inhuurkosten waren in 2021 hoger dan verwacht. Een werkgeversadviseur is onder deze post verantwoord. Dit leidt tot een voordeel bij werkgeversdienstverlening. Daarnaast heeft er uitleen naar de regio plaats gevonden waarbij de kosten van inhuur hoger waren dan de baten. Inburgering (€ 94.819) Voor de invoering van de nieuwe Wet Inburgering zijn in overleg met gemeenten uitvoeringskosten beschikbaar gesteld. Het betreft de kosten van een projectleider, een beleidsmedewerker voor de inzet in het project, kosten van communicatie en inkoop. Voor deze kosten hebben gemeenten een bijdrage van het Rijk gekregen. In de voorbereiding op de invoering van de nieuwe wet is een raming van de kosten gemaakt. Deze waren hoger dan de daadwerkelijke kosten in 2021. Tegenover de lasten staan gelijke baten vanuit de gemeenten.

Trajectbegeleiders Werkplein Actief ( € 47.918) De formatie bij Werkplein Actief was de eerste helft van 2021 niet volledig. Er is kritisch gekeken naar het nut om in coronatijd (waarbij volledige inzet niet mogelijk was) de formatie aan te vullen. Hierdoor vallen de lasten lager uit dan begroot. Individuele trajecten / Maatwerk ( € 116.139) Vanwege de coronabeperkingen in 2021 zijn er minder trajecten (en kosten die daarmee verband houden) ingezet dan vooraf begroot. Leerwerktrajecten WVS ( € 371.769) Vanwege de coronabeperkingen in 2021 zijn er veel minder leerwerktrajecten bij de WVS ingezet dan vooraf begroot. Proeftuinen ketensamenwerking (€ 20.974) De kosten voor de inhuur van de projectleider ketensamenwerking zijn lager uitgevallen dan begroot. Beschut werken (€ 52.958) Het gaat hier om de begeleidingsvergoeding die per beschut werken wordt betaald. Deze is iets lager dan begroot vanwege een iets lagere inzet op begeleiding. De kosten in 2021 zijn ook lager in vergelijking met 2020. Bij een aantal gemeenten zijn gedurende het jaar mensen verhuisd of uitgevallen waardoor de begeleidingskosten gedurende het jaar kunnen fluctueren.

20

Garantiebanen (€ 29.785) Vanwege interne personele wisselingen en overgang naar een vast dienstverband zijn de kosten garantiebanen lager dan begroot. Intensivering nazorg (€ 50.000) Dit is onderdeel van het project bestandsbeheersing waar in 2021 een voorstel aan de gemeenten voor is gedaan. Vanwege de krapte op de arbeidsmarkt is het nog niet gelukt om dit project op te starten. Inmiddels heeft team werk en participatie zicht op formatie waardoor we verwachten dat dit project, na een aantal interne verschuivingen, vanaf juni kan starten. Deze middelen maken derhalve deel uit van het resultaat dat bestemd is voor inzet in 2022. Nader in te vullen (€ 199.088) Er heeft zich geen kostenpost voorgedaan die we uit dit budget hebben moeten financieren en dus valt dit bedrag vrij. Project bestandsbeheersing (€ 100.000) In 2021 was € 100.000 beschikbaar voor de onderdelen parttimewerk en extra inzet op verduurzaming WSP plaatsingen. Vanwege de krappe arbeidsmarkt is het nog niet gelukt om in 2021 extra personeel in te huren voor deze projecten. Inmiddels heeft team werk en participatie zicht op formatie waardoor we verwachten dat dit project, na een aantal interne verschuivingen, vanaf juni kan starten. Ook deze middelen maken deel uit van het resultaat dat bestemd is voor inzet in 2022.

Project B-unit (€ 307.749) Eind 2021 is gestart met dit project als onderdeel van de maatregelen bestandsbeheersing. Dit loopt door in 2022. Ook deze middelen maken deel uit van het resultaat dat bestemd is in te zetten in 2022. Programma Inkomen Onze inzet binnen het programma Inkomen wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (qua personele inzet) als vanuit de BUIG-middelen. Deze laatste kosten worden 1op-1 op klantniveau verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten gemaakt worden c.q. wiens inwoners het betreffen. De besteding van het budget over 2021 waarover het Werkplein kon beschikken is weergegeven in onderstaande tabel.

21

Programma inkomen

Jaarrekening 2020

Begroting 2021 na wijziging

Jaarrekening 2021

Verschil

Lasten Pwet BBZ BBZ (declarabel)

53.242.958 255.386 203.143

56.144.189 200.000 100.000

55.309.645 335.702 5.500

834.545 -135.702 94.500

IOAW/IOAZ

4.533.796

4.610.871

4.135.471

475.400

81.277

175.575

56.593

118.982

23.630 135.215 1.716.205 18.804.721 78.996.331

51.130 175.000 2.144.278

18.892 185.093 2.427.375

63.601.044

62.474.271

32.238 -10.093 -283.098 1.126.773

Onderzoeks- en advieskosten BBZ Invorderingskosten Externe controlekosten Loonkostensubsidie Tozo 1, 2 en 3 Totaal lasten Baten Baten debiteuren Pwet Baten debiteuren IOAW/IOAZ Baten debiteuren BBZ Baten debiteuren BBZ declarabel Baten Tozo 1, 2 en 3 Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten

827.318 74.397 78.828 198.622 1.677.016 2.856.180 76.140.151

875.037 75.661 120.000 50.000

869.645 15.201 92.443 -88.709

1.120.699 62.480.345

888.580 61.585.691

5.392 60.460 27.557 138.709 232.119 894.654

13.075.701 8.563.664 9.883.483 33.078.296 6.806.592 4.732.415 76.140.151

10.852.509 7.026.673 7.516.242 28.606.745 5.135.652 3.342.524 62.480.345

10.676.482 6.874.517 7.412.469 28.296.055 5.056.405 3.269.763 61.585.691

176.027 152.156 103.772 310.690 79.247 72.762 894.654

Tabel: Programma Inkomen 2021

Verschillenanalyse in hoofdlijnen Het programma inkomen valt in zijn geheel iets lager uit dan de gewijzigde begroting 2021. Aan het begin van de Coronacrisis was de verwachting dat het uitkeringsbestand in zijn geheel zou toenemen. In de loop van 2021 bleek dat de economie zich sneller heeft hersteld dan werd verwacht. Dit hangt voor een groot deel samen met de maatregelen die op Rijksniveau zijn genomen. Participatiewet Buig (€ 835.545) In de gewijzigde begroting is gerekend met een toename van het bestand met 2,1%. Uiteindelijk is het uitkeringsbestand over 2021 met 1,2% gedaald. Dat is een positieve ontwikkeling die overigens niet alleen bij het Werkplein zichtbaar is. De verklaring hiervoor is te vinden in de gunstige economische ontwikkeling in 2021. Dit bedrag valt nog iets positiever uit dan in de eerdere gewijzigde begroting van 2021. BBZ (€ -135.702) en BBZ (declarabel) (€ 94.500) In de gewijzigde begroting zijn we ervan uitgegaan dat deze kosten lager zouden uitvallen dan het vorige jaar. Bij de BBZ is de verklaring voor de hogere uitgaven te vinden in het stopzetten van de Tozo-regeling. Per 1 oktober 2021 is de Tozo-regeling gestopt en zijn de voorwaarden van de BBZ versoepeld. Daardoor zien we vanaf oktober 2021 het aantal uitkeringsdossiers bijna verdrievoudigen. Dit was op voorhand niet te voorzien.

In de wetswijziging is opgenomen dat deze uitkeringen na drie maanden weer stoppen. Bij de 22

BBZ declarabel zien we dat er weinig leningen zijn verstrekt. Deze post is klein en daardoor moeilijk voorspelbaar. Een grote lening heeft een grote invloed op het resultaat. Een deel van die leningen is natuurlijk ook verschoven richting de Tozo. IOAW / IOAZ (€ 475.500) IOAW en IOAZ laten een sterk dalende lijn zien in 2021. Als we kijken naar het aantal uitkeringen dan zien we in januari 287 dossiers IOAW/IOAZ. Dit daalt gedurende het hele jaar tot 245, dat is een daling van ongeveer 14,6 procent. De uitstroom is ongeveer gelijk aan vorig jaar, maar er zijn er veel minder mensen in de IOAW/IOAZ ingestroomd zijn dan vorig jaar. Onderzoeks- en advieskosten BBZ (€ 118.982) We zien de kosten voor de BBZ stijgen. De kosten BBZ stijgen door gebruik van de versoepelde BBZ in de laatste drie maanden van 2021. Voor de versoepelde BBZ hebben we specifieke afspraken gemaakt over het toepassen van een levensvatbaarheidsonderzoek. Daardoor zien we dat de onderzoek- en advieskosten niet evenredig meestijgen. Loonkostensubsidie (€ -283.098) Het aandeel loonkostensubsidie valt hoog uit. Enerzijds vanwege de taakstellingen met betrekking tot beschut werk anderzijds vanwege het groeiende aantal garantiebanen. Dit is het gevolg van de uitvoering van de doelstelling en gemaakte afspraken met de gemeenten. Dit bedrag wordt ieder jaar hoger omdat er jaarlijks meer mensen geplaatst worden.

Baten debiteuren IOAW / IOAZ (€ 60.460) en Baten debiteuren BBZ declarabel (€ 138.709) We hebben in 2021 minder baten debiteuren IOAW/IOAZ. Daar is geen eenduidige verklaring voor anders dan dat die post moeilijk voorspelbaar is. De baten debiteuren BBZ declarabel komt uit op een negatief bedrag. Er is weliswaar € 56.000 aan baten geboekt maar omdat we nog een correctie te boeken hebben uit 2020 à € 145.000 komt dit totaal uit op een negatieve baat. Met ingang van 2020 is de financiering van bedrijfskrediet gewijzigd en nemen we pas een baat op als deze werkelijk is ontvangen. Vangnetregeling Het Buig-budget wordt landelijk vastgesteld. Hieronder zijn de werkelijke uitgaven op het Buig-budget ten opzichte van het rijksbudget 2021 weergegeven. Zoals te zien, is door de Rijksoverheid een Buig-budget beschikbaar gesteld van ca. € 66,2 miljoen. De werkelijke uitgaven bedragen ca. € 61,5 miljoen. De werkelijke uitgaven liggen ca. 4,6 miljoen lager. De uitgaven van de meeste gemeenten blijven onder het Buig-budget. Alleen Rucphen en Zundert hebben een klein tekort op de uitgaven BUIG. Voor allebei de gemeenten blijft dit onder de 7,5% en daardoor is er geen (eventuele) aanspraak op de vangnetregeling. Gemeente

Etten Leur Halderberge

Definitieve Jaarrekening 2021 Verschil rijksvergoeding Buig 2021 11.102.991 10.676.482 6.950.303

6.874.517

Verschil in %

426.509

4,0%

75.786

1,1%

Moerdijk

7.863.928

7.412.469

451.459

6,1%

Roosendaal

32.214.951

28.296.055

3.918.896

13,8%

Rucphen

4.899.944

5.056.405

-156.461

-3,1%

Zundert

3.170.095

3.269.763

-99.668

-3,0%

Totaal

66.202.212

61.585.691

4.616.521

7,5%

Tabel: Uitgaven Buig per gemeente versus Rijksbudget 2021

23

Tozo (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers) Ook in 2021 heeft het Werkplein uitvoering gegeven aan de Tozo-regeling. Deze was bedoeld voor ondernemers die door de Covid-maatregelen met hun inkomen onder het voor hen geldende bijstandsniveau waren gedaald. Als gekeken wordt naar de bedragen dan gaat het in 2021 om een stuk minder verstrekte uitkeringen dan in 2020. Dat zit er voornamelijk in dat de eerste Tozo geen rekening hield met het inkomen van de partner waardoor er bij Tozo-1 een kleine 3.000 aanvragen binnen zijn gekomen. Het feit dat er minder aanvragen binnen waren, betekent niet dat het minder druk was. In 2021 is het Werkplein, naast de verstrekking van Tozo-4 en 5, druk bezig geweest met het controleren van verstrekte Tozo-uitkeringen van de Tozo-1, 2 en 3. Dit heeft opnieuw veel personeelsinzet gevraagd. Het controleren van een bedrijfsadministratie is een intensief proces en de Tozo is een volledig nieuwe regeling. Voor deze controles was dus nog geen bestaand kader beschikbaar. Op basis van die controles is er in totaal € 1.683.967 aan uitkeringen teruggevorderd. De terugvorderingen komen voort uit het feit dat mensen achteraf toch niet tot de doelgroep behoorden. Bijvoorbeeld omdat ze eigenlijk niet voldoende uren in hun bedrijf werkten of omdat ze toch voldoende inkomsten uit de onderneming hebben gehaald.

Tozo – Wat mag het kosten In de tabel hieronder staat weergegeven wat de baten en lasten voor de Tozo zijn geweest over het hele jaar 2021. De aard van de Tozo-regeling is dat de kosten van een verstrekte uitkering in beginsel volledig worden vergoed vanuit het Rijk. Ook voor de uitvoeringskosten wordt een bedrag per aanvraag vergoed. In totaal is er voor € 6.503.235 aan uitkeringen voor levensonderhoud verstrekt. Daarnaast zijn er voor € 231.996 aan bedrijfsleningen verstrekt. Deze moeten worden terugbetaald maar die verplichting is voorlopig uitgesteld tot 1 juli 2022.

24

TOZO

Lasten Tozo om niet Tozo bedrijfskapitaal Totaal lasten Tozo Opbrengst wegens terugvordering Tozo Opbrengst bedrijfskapitaal Correctie ontvangen rente Tozo 1, 2 en 3 in 2020* Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten

Jaarrekening 2020

Begroting Jaarrekening 2021 na 2021 wijziging

Verschil

17.236.509 1.568.212 18.804.721 92.836

7.735.156 384.633 8.119.789 446.809

6.503.235 231.996 6.735.231 1.618.527

1.231.920 152.637 1.384.558 -1.171.718

1.584.180

387.822

49.400

338.422

16.040

-16.040

1.677.016 17.127.704

834.631 7.285.158

1.683.967 5.051.264

-849.336 2.233.894

2.989.449 2.097.719 2.743.521 5.461.636 2.111.289 1.724.090 17.127.704

1.233.813 858.135 1.148.644 2.402.674 889.234 752.657 7.285.158

812.702 544.654 769.795 1.655.795 600.634 667.684 5.051.264

421.111 313.481 378.849 746.879 288.601 84.974 2.233.894

Programma inkomensondersteuning Onze inzet binnen het programma inkomensondersteuning wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (personele inzet) en gemeentelijke budgetten (programma). Deze laatste kosten worden 1-op-1 verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten worden gemaakt. Het door de gemeenten aan het Werkplein ter beschikking gestelde budget voor 2021, alsmede de ten laste van dat budget gebrachte uitgaven 2021 zijn weergegeven in onderstaande tabel. Programma inkomensondersteuning

Jaarrekening Begroting 2021 na 2020 wijziging

Lasten Bijzondere bijstand Minimabeleid (webshop) Collectieve zvw premie Externe adviezen Totaal lasten Baten Debiteuren bijz. bijstand Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten

Jaarrekening 2021

Verschil

4.784.894 363.417 3.288.102 21.595 8.458.008

4.866.237 405.498 2.823.469 32.500 8.127.703

4.951.017 390.208 2.860.655 13.529 8.215.408

-84.780 15.290 -37.186 18.971 -87.705

428.100 428.100 8.029.908

437.961 437.961 7.689.742

458.361 458.361 7.757.047

-20.400 -20.400 -67.305

1.666.280 930.106 852.337 3.665.107 526.174 389.905 8.029.908

1.590.213 965.690 868.705 3.333.443 530.306 401.386 7.689.742

1.690.747 988.871 832.548 3.344.569 539.401 360.910 7.757.047

-100.535 -23.182 36.157 -11.126 -9.095 40.475 -67.305

Tabel: Programma Inkomensondersteuning 2021 25

Verschillenanalyse in hoofdlijnen Naar aanleiding van de 2e Berap 2021 heeft er een begrotingswijziging plaatsgevonden. Het verschil tussen de gewijzigde begroting 2021 en de jaarrekening 2021 is heel gering namelijk € 67.305. Bijzondere bijstand (- € 84.780) Een opvallende kostensoort is die voor bewindvoering. In de afgelopen jaren zijn die uitgaven gestegen van € 1.483.712 in 2016 naar € 2.194.862 in 2021 (=stijging € 711.150 (47.9%)). Het aantal huishoudens wat de afgelopen 5 jaar hierop een beroep deed steeg van 1.270 (=2017) naar 1.570 (=2021). De Werkplein-gemeenten hebben in het Werkplan Participatie 2022 al opgenomen dat zij dit jaar willen gaan onderzoeken of er mogelijkheden zijn om deze kosten te kunnen beperken. Collectieve zorgverzekering (- € 37.186) De jaaruitgaven zijn beperkt hoger dan geraamd (€ 37.186). Reden: eind 2020 heeft de gemeente EttenLeur besloten om aan inwoners met de polis gemeente extra uitgebreid nog een extra premiecompensatie te verstrekken van € 70. De hiermee gemoeid zijnde extra premie -en uitvoeringskosten bedroegen afgerond € 105.000. Overig gemeentelijke minimabeleid De jaaruitgaven van het gemeentelijke minimabeleid wijken nauwelijks af van de begroting. In 2021 is de regeling Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) opgetuigd en uitgevoerd door de medewerkers van het Werkplein.

De TONK is bedoeld om inwoners die door de coronacrisis een terugval in inkomen hadden te ondersteunen bij hun woonlasten. De regeling liep in eerste instantie van 1 januari 2021 tot en met 30 juni 2021. Vervolgens is deze met drie maanden verlengd tot en met 30 september 2021.Deze regeling is per 1 oktober komen te vervallen. Er zijn in totaal 175 aanvragen ingediend waarvan er 77 zijn gehonoreerd. Gemeente

Uitkeringen Baten Tonk

Uitvoeringskst

Aanvragen

Toegekend

Etten-Leur

51.801

0

26.960

40

Halderberge

14.155

0

10.110

15

7

Moerdijk

19.029

0

14.154

21

9

Roosendaal

97.798

-1.095

47.854

71

32

Rucphen

10.153

0

8.762

13

3

Zundert

37.345

0

10.110

15

8

-1.095

117.951

175

77

Totaal bijdragen gemeenten 230.280

18

26

TONK – Wat mag het kosten TONK

Gewijzijgde Jaarrekening Jaarrekening Begroting 2021 2020 2021

Mutaties

Lasten Tonk uitkeringen

256.720

230.280

-26.439

Tonk kosten bedrijfsvoering

101.428

117.951

16.523

358.148

348.231

-9.917 1.095

Totaal lasten Baten

0

Ontvangsten debiteuren bijz. bijstand

0

1.095

Totaal baten

0

0

1.095

1.095

Saldo van lasten en baten

0

358.148

347.135

-8.822

Etten-Leur

73.107

78.761

5.654

Halderberge

25.121

24.265

-856

Moerdijk

29.391

33.183

3.791

Roosendaal

162.718

144.557

-18.161

Rucphen

22.679

18.915

-3.763

Zundert

45.132

47.455

2.323

358.148

347.135

-11.013

Bijdragen gemeenten

Totaal bijdragen gemeenten

0

2.3 Algemene dekkingsmiddelen Vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is voorgeschreven inzicht te geven in de algemene dekkingsmiddelen. Onder algemene dekkingsmiddelen wordt verstaan die middelen die niet aan een programma toegeschreven kunnen worden en algemeen inzetbaar zijn. De algemene dekkingsmiddelen bestaan uit de bijdragen van de deelnemende gemeenten in de uitvoeringskosten. Deze kosten worden omgeslagen naar de deelnemende gemeenten, via een in de begroting vastgesteld percentage. Algemene dekkingsmiddelen Gemeentelijke bijdrage bedrijfsvoering Baten subsidies Vergoeding uitvoeringskosten Tozo Vrijval reservering uitvoeringskosten Tozo 2020 Vergoeding uitvoeringskosten Tonk Bijdragen gemeenten plustaken Baten overig Correctie BTW compensatie 2015-2019 Vergoeding doorberekende loonkosten Doorberekende kosten Vrijgevallen jaarresultaat Subtotaal algemene dekkingsmiddelen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/529/documents/15555