CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Bodemonderzoeken.pdf

Gemeenteraad 25 november 2021, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 9: Vaststelling bestemmingsplan Ruimte voor ruimte Bornhemweg ong. naast nr 129a, Oudenbosch. ZIE TOELICHTING38.145 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

STAP-g

-

-

-

Altijd toepasbaar

STAP-g

lood

-

-

Altijd toepasbaar

STAP-g STAP-g STAP-g

lood, zink, PAK lood -

-

-

Klasse Industrie Klasse Wonen Altijd toepasbaar

STAP-g

-

-

-

Altijd toepasbaar

STAP-g

-

-

-

Altijd toepasbaar

STAP-g

lood

-

-

Altijd toepasbaar

STAP-g

-

-

-

Altijd toepasbaar

STAP-g

-

-

-

Altijd toepasbaar

STAP-g

kwik, lood, PAK, minerale olie kwik, lood, zink, minerale olie cadmium, koper, kwik, lood, zink, PAK -

-

-

Klasse Industrie

-

PAK

-

-

Niet toepasbaar (> Interventiewaarde) Klasse Industrie

M29

070(1,0-1,5)

STAP-g

M30

071(0,5-1,0)

STAP-g

MM31

Toetsing BesluitBodemkwaliteit (indicatief)

088(1,5-2,0)+088(2,0-2,5)+ STAP-g Altijd toepasbaar 088(2,5-3,0) MM1 OCB 052(0-0,5)+055(0,05-0,5)+ OCB Altijd toepasbaar1 060(0-0,5)+053(0,05-0,5) MM2 OCB 063(0,05-0,3)+065(0,07-0,57)+ OCB Altijd toepasbaar1 067(0,07-0,5)+068(0,07+0,57) Verhardingen en openbaar groen - afperking PAK M1001 070(0,57-1,0) PAK Altijd toepasbaar2 M1002 070(1,5-2,0) PAK PAK Klasse Industrie2 M1003 070-1(1,0-1,5) PAK PAK Klasse Industrie2 M1004 070-2(1,0-1,3) PAK PAK Klasse Industrie2 M1005 070-3(1,0-1,2) PAK Altijd toepasbaar2 M1006 070-4(1,0-1,3) PAK PAK Klasse Industrie2 M1007 070-3(0,6-1,0) PAK Altijd toepasbaar2 verklaring tabel m-mv meter beneden het maaiveld STAP-g standaardpakket grond: droge stof, organische stof, lutum zware metalen (Barium, Cadmium, Kobalt, Koper, Kwik, Molybdeen, Lood, Nikkel, Zink), minerale olie (GC), polychloorbifenylen (PCB (som 7)) en polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK VROM (som 10)) 2 op basis van PAK Toetsing Wet bodembescherming (Wbb): onderzochte parameter(s) niet aangetoond of in gehalte(n) beneden de achtergrondwaarde(n); >AW overschrijding achtergrondwaarde; >1/2 AW+I overschrijding helft achtergrondwaarde en interventiewaarde >I overschrijding interventiewaarde

17

Rapportnummer: 516469.001(00) Projectlocatie: Doorgaande Route Standdaarbuiten te Oudenbosch

In de bovengrond zijn plaatselijk licht verhoogde gehalten zware metalen (kwik, lood, zink), PAK en minerale olie gemeten. In de ondergrond zijn plaatselijk licht verhoogde gehalten zware metalen (cadmium, koper, kwik, lood, zink), PAK en minerale olie gemeten. PAK-verontreiniging Ter plaatse van Mgr. Dr. Poelsplein is in de zandige bodemlaag (1,0-1,5 m-mv) een sterk verhoogd gehalte PAK gemeten (boring 070) – de sterk verhoogde gehalten zijn gerelateerd aan bodemvreemde materialen. In de zintuiglijk schone ondergrond is geen verhoogd gehalte (> achtergrondwaarde) PAK gemeten. De sterke verontreiniging is horizontaal en verticaal afgeperkt en bevindt zich in de bodemlaag van 1,0 m-mv tot 1,5 m-mv. Met een oppervlakte van circa 40 m2 en een gemiddelde laagdikte van 0,5 meter bedraagt de omvang van de sterke verontreiniging circa 20 m3. Op basis van het volumecriterium is geen sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging (meer dan 25 m 3 bodemvolume verontreinigd boven de interventiewaarde). Asbest Plaatselijk zijn in de bodem op de deellocatie verhardingen en openbaar groen asbestverdachte (puin)bijmengingen aangetroffen. De (indicatieve) kwaliteit ten aanzien van asbest is bepaald (door middel van kwalitatieve analyse asbest). In tabel 5.4 zijn de analyse- en toetsingsresultaten samengevat. Tabel 5.4: Resultaten kwalitatieve analyse asbest in grond Analysemonster

Motivatie/ omschrijving

(Deel)monsters

Analysepakket

Asbest gedetecteerd

M1 asbest

puinhoudende zandige bovengrond

053 (0,05-0,5)

Asbest 500 gram methode (kwalitatief)

Ja

M2 asbest

puinhoudende zandige ondergrond

070 (1,0-1,5)

Asbest 500 gram methode (kwalitatief)

Nee

M3 asbest

puinhoudende zandige bovengrond

088 (0,07-0,57)

Asbest 500 gram methode (kwalitatief)

Nee

M4 asbest

puinhoudende zandige ondergrond

088 (2,0-2,5)

Asbest 500 gram methode (kwalitatief)

Nee

Ter plaatse van de Strijmondlaan (boring 053) is asbest aangetoond. In de overige geanalyseerde monsters is geen asbest aangetoond. Civieltechnische hergebruikskwaliteit zand Van het zand is de civieltechnische kwaliteit (indicatief) bepaald. De toetsingsresultaten zijn opgenomen in tabel 5.5. Tabel 5.5: civieltechnische toetsing korrelgrootteverdeling (indicatief) monstercode

traject m-mv

(Deel)monsters

Toetsing RAW criteria (indicatief) zand in zandbed

zand in aanvulling of ophoging draineerzand

Noordelijke waterbergingsvoorziening Zeef1

0-1,0

001, 005, 007, 014, 016

Voldoet

Voldoet

Voldoet niet

Zeef2

1,3-4,0

012, 024, 028, 039, 042, 050

Voldoet

Voldoet

Voldoet niet

Verhardingen en openbaar groen Zeef3

0,05-0,8

055, 063, 065, 068

Voldoet

Voldoet

Voldoet niet

Zeef4

1,0-3,0

053, 056, 065, 068

Voldoet

Voldoet

Voldoet niet

Zeef5

0-0,6

069, 075, 078, 087

Voldoet

Voldoet

Voldoet niet

Zeef6

1,0-4,0

072_N, 076, 077, 087

Voldoet

Voldoet

Voldoet niet

Uit de zeefkromme-bepalingen blijkt dat het zand van de boven- en ondergrond van zowel de deellocatie noordelijke waterbergingsvoorziening en de deellocatie verhardingen en openbaar groen voldoet aan de criteria van zand in aanvulling of ophoging en zand in zandbed. Het zand voldoet niet aan de criteria draineerzand.

18

Rapportnummer: 516469.001(00) Projectlocatie: Doorgaande Route Standdaarbuiten te Oudenbosch

5.3 Grondwater De analyses zijn uitgevoerd volgens de bepalingsmethoden zoals vermeld op de analyserapporten (bijlage 4.1 en 4.2). De analyseresultaten van de grond zijn getoetst aan de streef- en interventiewaarden. Het analyseprogramma voor de grondwatermonsters is samengevat in tabel 5.5. In deze tabel zijn tevens de aangetoonde verontreinigingen opgenomen. Tabel 5.5: Geanalyseerde grondwatermonsters Watermonster

Filterdiepte (m -mv)

Analysepakket

Toetsing Wet bodembescherming (Wbb) >S

>½S+I

>I

STAP-w

barium, dichloorpropanen

-

-

STAP-w

naftaleen

-

-

STAP-w

barium, xylenen, naftaleen

-

-

STAP-w

xylenen, dichloorpropanen

-

-

STAP-w

barium, molybdeen, nikkel, xylenen, naftaleen

-

-

STAP-w

-

-

-

STAP-w

molybdeen

-

Noordelijke waterbergingsvoorziening

015 020 041 045

2,0-3,0 2,0-3,0 2,0-3,0 2,0-3,0

Verharding en openbaar groen

061 073 083

2,0-3,0 2,0-3,0 2,0-3,0

verklaring tabel m-mv meter beneden het maaiveld STAP-w zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, lood, nikkel, zink), vluchtige aromatische koolwaterstoffen, vluchtige organische chloorkoolwaterstoffen en minerale olie (GC) Toetsing Wet bodembescherming (Wbb): onderzochte parameter(s) niet aangetoond of in gehalte(n) beneden de streefwaarde(n) >S overschrijding streefwaarde > ½ S+I overschrijding helft streefwaarde en interventiewaarde >I overschrijding interventiewaarde

In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties barium, molybdeen, xylenen, naftaleen en dichloorpropaan aangetoond. 5.4 Waterbodem De analyses zijn uitgevoerd volgens de bepalingsmethoden zoals vermeld op de analyserapporten (bijlage 4.1). De analyseresultaten zijn getoetst aan de normen uit het Besluit bodemkwaliteit. Het analyseprogramma voor de waterbodemmonsters is samengevat in tabel 5.6. Tabel 5.6: geanalyseerde (meng)monsters en analyseparameters Monstercode

Toelichting

Samenstelling (boringnummer met monstertraject in m)1

analyseparameters

MMwb1

humeus zand

Wb01(0-0,3)+Wb02(0-0,3)+Wb03(0-0,2)+Wb04(0-0,1)+Wb06(0-0,3)+ Wb07(0-0,2)+Wb08(0-0,1)+Wb09 (0-0,2)+Wb10(0-0,3)

Waterbodem2

MMwb2

zand

Wb01(0,3-0,7)+Wb02(0,3-0,7)+Wb03(0,2-0,7)+Wb04(0,1-0,6)+ Wb05(0-0,5)+Wb06(0,3-0,8)+Wb07(0,2-0,7)+Wb08(0,1-0,6)+ Wb09(0,2-0,7)+Wb10(0,3-0,5)

Waterbodem2

MMwb3

slib

Wb11(0,02-0,5)+Wb12(0,07-0,4)+Wb13(0-0,5)+Wb14(0-0,5)+ Wb15(0,1-0,5)+Wb16(0,1-0,5)+Wb17(0,15-0,5)+Wb18(0,2-0,3)+ Wb19(0,1-0,3)+Wb20(0,1-0,3)

Waterbodem2

MMwb4 1 2

OCB+PFAS

OCB+PFAS

zand

Wb11(0,5-0,7)+Wb12(0,4-0,9)+Wb13(0,5-1,0)+Wb14(0,5-1,0)+ Waterbodem2 Wb16(0,5-1,0)+Wb17(0,5-1,0)+Wb18(0,3-0,8)+Wb19(0,3-0,8)+Wb(0,3-0,9) meter beneden wateroppervlak; droge stof, organische stof (gloeirest) en lutumpercentage, zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK), minerale olie en polychloorbifenylen (PCB’s).

In tabel 5.7 is een overzicht gegeven van de toetsingsresultaten. Het resultaat van deze toetsing (met de klassebepalende parameters) is opgenomen in bijlage 5.1. Voor een toelichting op het toetsingskader wordt verwezen naar bijlage 6.

19

Rapportnummer: 516469.001(00) Projectlocatie: Doorgaande Route Standdaarbuiten te Oudenbosch

Tabel 5.7 overzicht toetsingsresultaten monstercode

Toelichting

Toepassen op/in landbodem

Toepassen in oppervlaktewater en kwaliteit ontvangende waterbodem

Toepassen in grootschalige bodemtoepassing (GBT) landbodem

oppervlaktewaterlichaam

Verspreidbaar op aangrenzend perceel

MMwb1

humeus zand

Klasse Industrie

Altijd toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Verspreidbaar

MMwb2

zand

Altijd toepasbaar

Altijd toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Verspreidbaar

MMwb3

slib

Niet toepasbaar (> Industrie)

Klasse A

Toepasbaar

Toepasbaar

Verspreidbaar

MMwb4

zand

Altijd toepasbaar

Altijd toepasbaar

Toepasbaar

Toepasbaar

Verspreidbaar

De humeuse toplaag van de droge sloot in het noorden van de onderzoekslocatie (van deellocatie noordelijke waterbergingsvoorziening) is toepasbaar als klasse Industrie (op basis van OCB) op landbodem en altijd toepasbaar in oppervlaktewater. De zandlaag daaronder is altijd toepasbaar op landbodem en in oppervlaktewater. De waterbodem van de watergang in het westen van de deellocatie noordelijke waterbergingsvoorziening is niet toepasbaar (op basis van OCB) op landbodem en wel toepasbaar als klasse A in oppervlaktewater. De zandlaag daaronder is altijd toepasbaar op landbodem en in oppervlaktewater. 5.5

PFAS in grond, grondwater en waterbodem

Grond en waterbodem De analyseresultaten van grond en waterbodem zijn getoetst aan de toepassingsnormen opgenomen in het Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie (geactualiseerde versie van 29 november 2019). De toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie met PFAS (en GenX) op landbodem boven grondwaterniveau zijn opgenomen in tabel 5.8. Tabel 5.8: Toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie op de landbodem boven grondwaterniveau (in µg/kg d.s.) Bodemfunctieklasse (Bbk) Landbouw/ natuur

1

PFOS

PFOA

GenX

Overige PFAS

0,9

0,8

0,1

0,8

Wonen

3,0

7,0

3,0

3,0

Industrie

3,0

7,0

3,0

3,0

Bovengenoemde toepassingsnormen gelden ook voor grootschalige bodemtoepassingen. Voor toepassing van grond en baggerspecie in grondwaterbeschermingsgebieden, in oppervlaktewater en toepassing onder grondwaterniveau gelden strengere eisen. Hiervoor wordt verwezen naar het tijdelijk handelingskader. In de tabel 5.9 zijn de analyseresultaten van PFAS in grond en waterbodem opgenomen. Tabel 5.9: Analyseresultaten PFAS en GenX in grond (µg/kg d.s.) Monstercode mengmonster

Samenstelling (boring / traject in m-mv)

PFOS (µg/kg.ds)

PFOA (µg/kg.ds)

GenX (µg/kg.ds)

Overige PFAS (µg/kg.ds)

Geschikt voor functieklasse BBK1

Noordelijke waterbergingsvoorziening MM1

001(0-0,5)+005(0-0,5) 007(0-0,5)+014(0-0,5)

0,53

0,34

<d

<d

Landbouw/ natuur

MM2 PFAS

005(0,5-1,0)+007(0,5-1,0)+ 014(0,5-1,0)

0,14

0,24

<d

<d

Landbouw/ natuur

MM3 PFAS

017(0-0,5)+019(0-0,5)+ 030(0-0,5)+037(0-0,5)

0,61

0,77

-

PFBA(0,14)

Landbouw/ natuur

MM4 PFAS

021(0-0,5)+024(0-0,5) 032(0-0,5)+034(0-0,5)

0,34

0,55

-

<d

Landbouw/ natuur

MM6

042(0-0,5)+044(0-0,5)+ 046(0-0,5)+048(0-0,5)

0,72

1,0

-

PFBA (0,18)

Wonen/Industrie

20

Rapportnummer: 516469.001(00) Projectlocatie: Doorgaande Route Standdaarbuiten te Oudenbosch

Tabel 5.9 (vervolg): Analyseresultaten PFAS en GenX in grond (µg/kg d.s.) Monstercode mengmonster

Samenstelling (boring / traject in m-mv)

PFOS (µg/kg.ds)

PFOA (µg/kg.ds)

GenX (µg/kg.ds)

Overige PFAS (µg/kg.ds)

Geschikt voor functieklasse BBK1

MMog1 PFAS

010(1,7-2,2)+028(0,5-1,0)+ 034(1,5-2,0)+035(2,0-2,5)+ 037(2,0-2,5)+039(1,0-1,5)+ 042(1,5-2,0)+050(1,8-2,3)

0,12

0,61

-

PFBA(0,18)

Landbouw/ natuur

MMog2 PFAS

012(3,8-4,3)+024(3,0-3,5)+ 030(4,0-4,6)+035(3,0-3,2)+ 037(3,5-4,0)+046(2,5-3,0)+ 047(3,5-4,0)+050(3,3-3,8)

<d

<d

-

<d

Landbouw/ natuur

MMwb1 (waterbodem)

Wb01(0-0,3)+Wb02(0-0,3)+ Wb03(0-0,2)+Wb04(0-0,1)+ Wb06(0-0,3)+Wb07(0-0,2)+ Wb08(0-0,1)+Wb09 (0-0,2)+ Wb10(0-0,3)

0,34

0,24

-

<d

Landbouw/ natuur

Wb11(0,02-0,5)+Wb12(0,07-0,4)+ Wb13(0-0,5)+Wb14(0-0,5)+ Wb15(0,1-0,5)+Wb16(0,1-0,5)+ Wb17(0,15-0,5)+Wb18(0,2-0,3)+ Wb19(0,1-0,3)+Wb20(0,1-0,3) Verharding en openbaar groen

0,30

<d

-

N-EtFOSAA(0,21) Landbouw/ natuur

MM5pfas

060(0-0,5)+066(0-0,5)+ 071(0-0,5)+083(0-0,5)

1,4

0,72

<d

PFBA (0,14)

Wonen/Industrie

MM6pfas

061(0,5-1,0)+066(0,5-0,8)+ 075(0,5-1,0)+083(0-0,5)

0,51

0,38

<d

<d

Landbouw/ natuur

055(0,05-0,5)+067(0,07-0,5)+ 0,32 0,14 074(0,07-0,5)+087(0,07-0,57) : meter beneden het maaiveld : deze toets is alleen gebaseerd op de analyseresultaten PFAS : niet geanalyseerd

<d

<d

Landbouw/ natuur

MMwb3 (waterbodem)

MM7pfas m-mv 1

-

In de bodem, met name de bovengrond, zijn verhoogde gehalte PFAS gemeten (vanaf ca. 2,5 m-mv). GenX is niet aangetoond. Op basis van het Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie (geactualiseerde versie van 29 november 2019) kan de grond worden hergebruikt in de gebieden waarvoor de toepassingseis Landbouw/ natuur en (voor MM6 en MM5 pfas) Wonen of Industrie geldt De waterbodem (MMwb1 en MMwb3) is met betrekking tot PFAS ook verspreidbaar op aangrenzend perceel (onderzoek op PFAS is niet verplicht). De waterbodem is niet toepasbaar in oppervlaktewater, behalve in nietvrijliggende diepe plassen die in open verbinding staan met een rijkswater. PFAS in grondwater De analyseresultaten van het grondwater zijn getoetst aan de risicogrenswaarden voor PFOS (RIVM 2016-0001), PFOA (RIVM 2018-0060) en voor GenX (RIVM 2019-0027). Onderstaand zijn de door RIVM afgeleide risicogrenzen voor grondwater samengevat. Tabel 5.10: Overzicht risicogrenzen PFOS en PFOA Risicogrenzen PFOS en PFOA grondwater

PFOS

PFOA

GenX

Bovengrens - direct gebruik grondwater als drinkwater (ad-hoc interventiewaarde) (gebaseerd op levenslange consumptie van 2 liter ongezuiverd grondwater per dag)

4,7 µg/l

0,39 µg/l

0,66 µg/l

21

Rapportnummer: 516469.001(00) Projectlocatie: Doorgaande Route Standdaarbuiten te Oudenbosch

In de tabel 5.11 zijn de analyseresultaten van PFAS in grondwater opgenomen. Tabel 5.11: Analyseresultaten PFAS en GenX in grond (µg/l) Monstercode mengmonster

Filterdiepte (m -mv)

PFOS (µg/l)

PFOA (µg/l)

GenX (µg/l)

Overige PFAS (µg/l)

Noordelijke waterbergingsvoorziening 015

2,0-3,0

0,004

0,043

<d

PFBS(0,0079), PFPeS(0,00086), PFHxS(0,0027, PFPeA(0,0021), PFHxA(0,0074), PFHpA(0,0033), PFBA(0,014)

041

2,0-3,0

0,00027

0,0027

<d

FPBS(0,0016), PFHeA(0,00061), PFHxA(0,0011), PFBA(0,0058)

Verharding en openbaar groen 061

2,0-3,0

0,0059

0,26

<d

PFBS(0,026), PFPeS(0,0046), (PFHxS(0,014), PFHpS(0,00037), PFPeA(0,017),PFHxA(0,025), PFHpA(0,022), PFBA(0,12)

083

2,0-3,0

0,0015

0,01

<d

PFBS(0,01), PFPeS(0,00061), PFHxS(0,002), PFPeA(0,0057),PFHxA(0,0087), PFHpA(0,01), PFBA(0,021)

m-mv

: meter beneden het maaiveld

In het grondwater zijn verhoogde concentraties PFAS gemeten (GenX is niet aangetoond). De risicogrenswaarden (RIVM) voor PFOS, PFOA en GenX in het grondwater worden niet overschreden. 5.6 Afwijkingen laboratoriumonderzoek Bij de uitvoering van het laboratoriumonderzoek zijn geen kritische afwijkingen opgetreden.

22

Rapportnummer: 516469.001(00) Projectlocatie: Doorgaande Route Standdaarbuiten te Oudenbosch

6

Conclusies en advies

6.1 Conclusies In opdracht van de gemeente Halderberge heeft RSK Netherlands een asfaltonderzoek (teerhoudendheid), een verkennend en aanvullend bodemonderzoek en een waterbodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van Doorgaande Route Standdaarbuiten te Oudenbosch. De aanleiding voor het verkennend onderzoek is de herinrichting van de locatie, waarbij de riolering zal worden geoptimaliseerd, de openbare ruimte opnieuw wordt ingericht en een waterbergingsvoorziening wordt gerealiseerd. Met het onderzoek is de milieuhygiënische kwaliteit (teerhoudendheid) van het asfalt, de milieuhygiënische en (hergebruiks)kwaliteit van de grond en waterbodem en de civieltechnische hergebruikskwaliteit van de grond bepaald. In verband met een sterke grondverontreiniging met OCB (toekomstige waterbergingsvoorziening) en PAK (Mgr. Dr. Poelsplein) is aanvullend onderzoek uitgevoerd naar de omvang van de verontreinigingen. Asfalt De asfaltverharding van de rijbaan en fietspaden van de Bornhemweg is teervrij. Bodemkwaliteit In de onverharde bodem ter plaatse van de beoogde waterbergingsvoorziening zijn plaatselijk licht verhoogde gehalten (> achtergrondwaarde) aan zware metalen gemeten. In de bodem ter plaatse van de verharding en openbaar groen zijn plaatselijk licht verhoogde gehalten aan zware metalen, PAK en minerale olie gemeten.

In de bodem zijn bodemvreemde materialen (waaronder asbestverdachte bijmengingen) aangetroffen. Plaatselijk wordt analytisch asbest aangetoond, gerelateerd aan bijmengingen puin in de bovengrond. In overige bodemlagen met asbestverdachte bijmengingen wordt (op basis van indicatief onderzoek) geen asbest aangetoond. OCB-verontreiniging Ter plaatse van de noordelijke waterbergingsvoorziening is sprake van een sterk verhoogd gehalte OCB (DDT), gerelateerd aan een voormalige boomgaard, waarschijnlijk (op basis van historische informatie) in de periode van eind jaren ’60 tot circa 1980. De sterke verontreiniging bevindt zich in de bovengrond tot een diepte van circa 0,5 mmv en plaatselijk tot 1,0 m-mv. De verontreiniging is (globaal) horizontaal en verticaal afgeperkt en bevindt zich in de bovengrond tot een diepte van circa 0,5 m-mv en plaatselijk tot minimaal 1,0 m-mv. Met een oppervlakte van circa 8.750 m2 en een gemiddelde laagdikte van 0,5 meter bedraagt de omvang van de sterke verontreiniging circa 4.375 m3. Op basis van het volumecriterium is sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging (meer dan 25 m3 bodemvolume verontreinigd boven de interventiewaarde). PAK-verontreiniging Ter plaatse van Mgr. Dr.

Poelsplein is in de zandige bodemlaag (1,0-1,5 m-mv) een sterk verhoogd gehalte PAK gemeten (boring 070) – de sterk verhoogde gehalten zijn gerelateerd aan bodemvreemde materialen. Met een oppervlakte van circa 40 m2 en een gemiddelde laagdikte van 0,5 meter bedraagt de omvang van de sterke verontreiniging circa 20 m3. Op basis van het volumecriterium is geen sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging (meer dan 25 m3 bodemvolume verontreinigd boven de interventiewaarde). Hergebruik grond Op basis van indicatieve toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit is de grond over de gehele onderzoekslocatie toepasbaar als Achtergrondwaarde, Wonen of Industrie met uitzondering van de sterke verontreiniging met OCB (waterbergingsvoorziening) en PAK (Mgr. Dr. Poelsplein). In de (boven)grond worden verhoogde gehalten PFAS gemeten (GenX is wordt niet aangetoond). Op basis van PFAS kan de bovengrond van het zuidelijk deel van de waterbergingsvoorziening en de bovengrond van het openbaar groen van de zuidelijk deellocatie worden toegepast binnen de toepassingszones Wonen en Industrie. 23

Rapportnummer: 516469.001(00) Projectlocatie: Doorgaande Route Standdaarbuiten te Oudenbosch

De overige grond kan worden toegepast binnen de gebieden waarvoor de toepassingseis Landbouw/ natuur, Wonen en Industrie geldt. Grondwater In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties (> streefwaarde) barium, molybdeen, xylenen, naftaleen en dichloorpropaan gemeten. De concentraties PFAS worden verhoogd gemeten (GenX is niet aangetoond); de risicogrenswaarden (RIVM) voor PFOS en PFOA worden niet overschreden. Waterbodem De humeuse toplaag van de watergang ten noorden van de geplande waterbergingsvoorziening is toepasbaar als klasse Industrie op landbodem en altijd toepasbaar in oppervlaktewater. De zandlaag daaronder is altijd toepasbaar op landbodem en in oppervlaktewater. De waterbodem van watergang ten westen van de waterbergingsvoorziening is niet toepasbaar (op basis van OCB), maar wel toepasbaar als klasse A in oppervlaktewater. De zandlaag daaronder is altijd toepasbaar op landbodem en in oppervlaktewater. Civieltechnisch hergebruikskwaliteit Het zand van de boven- en ondergrond van de hele onderzoekslocatie voldoet aan de criteria van zand in aanvulling of ophoging en zand in zandbed. Het zand voldoet niet aan de criteria draineerzand.

Veiligheidsklasse Conform de CROW400 ‘Werken in en met verontreinigde bodem’ is voor de werkzaamheden in grond (inclusief de sterke OCB en PAK verontreinigingen) en met betrekking tot grondwater (bemaling) geen veiligheidsklasse van toepassing. Dit betekent dat voor deze werkzaamheden de basishygiëne geldt. 6.2

Advies

Verkennend onderzoek asbest In verband met de asbestverdachte puinfunderingen, (puin)bijmengingen in de bodem en de resultaten van het indicatieve asbestonderzoek wordt geadviseerd een verkennend onderzoek asbest uit te voeren op de onderstaande locaties: ▪ ter plaatse van de Strijmondlaan (boringen 052 en 053); ▪ ter plaatse van de kruising Beatrixlaan en Rooseveltlaan (boring 088); ▪ ter plaatse van de (fundering van) Strijmondlaan (boring 054); ▪ ter plaatse van de (verhoogde) kruising Mgr. Dr. Poelsplein en Bornhemweg (boring 072). Met een verkennend bodemonderzoek asbest wordt nagegaan of sprake is van een verontreiniging met asbest. Optimalisering verontreinigingssituatie De OCB-verontreiniging ter plaatse van de noordelijke waterbergingsvoorziening is (globaal) afgeperkt. Met een nader onderzoek kan de (sterke) verontreiniging meer gedetailleerd worden bepaald, teneinde een optimalisatie van de omvang van de OCB verontreiniging (eventueel in relatie tot de beoogde planontwikkeling) te verkrijgen. Sterke verontreiniging De grond ter plaatse van de noordelijke waterbergingsvoorziening (OCB) en Mgr. Dr. Poelsplein (PAK) is sterk verontreinigd. Mede afhankelijk van de (grond)werkzaamheden voor de herinrichting en planontwikkeling dient een melding bij het bevoegd gezag Wbb te worden gedaan.

PFAS ▪ Voor meer informatie over hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie, het volledige toetsingskader en voorwaarden wordt verwezen naar het ‘Tijdelijk Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie (geactualiseerde versie van 29 november 2019)’.

24

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch

projectnummer 0456271.100 definitief revisie 01 18 februari 2020

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

1

Inleiding In opdracht van de gemeente Halderberge is door Antea Group in de periode september 2019 t/m januari 2020 een verkennend- en nader bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch.

Aanleiding De aanleiding tot het verkennend onderzoek is de voorgenomen verkoop van het terrein en de herontwikkeling (woningbouw). De aanleiding voor het nader onderzoek zijn de tussentijdse resultaten van het verkennend onderzoek, waarbij sterk verhoogde gehalten aan DDT in de bovengrond zijn aangetoond.

Doel Het doel van het verkennend bodemonderzoek is de bodemkwaliteit vast te leggen om in het kader van de voorgenomen verkoop de gebruiksmogelijkheden van het terrein te bepalen. Daarnaast wordt de bodemkwaliteit vastgelegd ten behoeve van het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor het onderdeel bouwen. Het doel van het nader onderzoek bestaat uit het vaststellen van de mate en omvang van de sterke verontreiniging met DDT (>interventiewaarde) en de aanwezigheid van risico’s ten aanzien van DDT.

Onderzoeksstrategie en kwaliteit Het bodemonderzoek is gebaseerd op de richtlijnen uit de NEN 5740+A1: 2016 (Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek) en NTA 5755 (juni 2010: strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek). Het onderzoek naar de aanwezigheid van asbest is uitgevoerd conform de NEN 5707+C2: 2017 'Bodem – Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond'. Met betrekking tot de kwaliteitsaspecten, toegepaste methoden en betrouwbaarheid/garanties van het onderzoek wordt verwezen naar bijlage 1. De rapportage betreft geen kwaliteitsverklaring waarvan gebruik kan worden gemaakt voor het bepalen van de geschiktheid van mogelijk toekomstige toepassingen van eventueel vrijkomende grond. Wel is de rapportage geschikt om een inschatting te kunnen maken van de mogelijke toepassingen. In dit rapport wordt verslag gedaan van de uitgevoerde werkzaamheden en worden de resultaten van het onderzoek beschreven.

Blad 3 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

2

Vooronderzoek

2.1

Algemeen Bij toepassing van de NEN 5740, NTA 5755 en NEN 5707 moet een hypothese worden opgesteld omtrent de aan-/ afwezigheid, de aard en de ruimtelijke verdeling van eventuele verontreinigingen. Ten behoeve van het opstellen van een hypothese dient een vooronderzoek te worden uitgevoerd overeenkomstig de NEN 5725: 2017 (Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek). De aanleiding tot het vooronderzoek is het opstellen van een hypothese over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek. De beschikbare historisch informatie is aangeleverd door de opdrachtgever. In dit hoofdstuk worden de bij de aanleiding behorende onderzoeksaspecten besproken. In bijlage 2 worden deze onderzoeksaspecten onderbouwd met de antwoorden op de verplichte onderzoeksvragen.

2.2

Locatiegegevens De beschrijving van de locatie is weergeven in figuur 2.1. Figuur 2.1: Globale situering onderzoekslocatie (rode lijn) en directe omgeving

(bron: AGODP: applicatie Antea Group, Copyright Esri Nederland en het Kadaster)

Blad 4 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

De onderzoekslocatie betreft een terrein aan de Bornhemweg in Oudenbosch, tussen de woningen met huisnummers 129a en 131a. De onderzoekslocatie is kadastraal bekend als gemeente Oudenbosch, sectie E, nummers 80 en 589. Deze percelen hebben een gezamenlijke oppervlakte van (afgerond) 52.900 m2. De situering van de onderzoekslocaties is weergegeven in de tekeningen 0456271.100-O-1 en 0456271.100- S-1.

2.3

Bodemopbouw en geohydrologie Voor de plaatselijke bodemopbouw wordt verwezen naar paragraaf 4.1. Ten aanzien van de bodemopbouw en geohydrologie kan het volgende worden vermeld: - freatische grondwaterstand: 0,7 à 1,1 m –mv. - regionale grondwaterstroming in het eerste watervoerend pakket: (zuid)oostelijk - verticale grondwaterstroming tot 10 m-mv: kwel / inzijging (afleiden uit de Grondwaterkaart Nederland) - voorkomen van oppervlaktewater in de directe omgeving: nee - voorkomen van brak/zout grondwater: nee - ligging binnen een grondwaterbeschermingsgebied: nee - ophogingen/dempingen/bodemvreemde lagen bekend? nee - overige informatie omtrent het voorkomen van ophoging of bodemvreemde lagen of beïnvloedingen van het grondwatersysteem door menselijk handelen (drainage, bemalingen, onttrekkingen, infiltratie) ter plaatse van de locatie is niet bekend. De gegevens over de geohydrologie zijn verkregen uit de Grondwaterkaart van Nederland (DGVTNO) en de actuele kaarten met grondwaterbeschermingsgebieden.

2.4

Verwachting ten aanzien van de bodemkwaliteit Bodemonderzoeken In januari 2007 is door Aqua Terra een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (kenmerk: 20061306). Het onderzoek had destijds ook betrekking op nog een ander perceel, dat nu geen deel uit maakt van de onderzoekslocatie. De globale conclusie is dat in de bovengrond licht verhoogde gehalten aan DDT, DDE en DDD, aldrin en dieldrin, koper, EOX en minerale olie zijn vastgesteld. In de ondergrond zijn geen achtergrondwaarde overschrijdingen aangetoond. In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties aan zware metalen (chroom, koper, kwik, lood, nikkel) aangetoond. De overschrijdingen aan bestrijdingsmiddelen (DDT, DDE en DDD, aldrin en dieldrin) zijn hoogstwaarschijnlijk te relateren aan activiteiten inzake de fruitteelt. Bodemkwaliteitskaart (BKK) en bodemfunctieklassekaart De bodemkwaliteits- en bodemfunctieklassen zijn gebaseerd op de interactieve bodemkwaliteitskaart van de regio Midden- en West-Brabant (december 2017). De boven- en ondergrond in de regio voldoet gemiddeld aan de bodemkwaliteitsklasse Landbouw en Natuur (AW2000). Het gebied heeft de bodemfunctieklasse Landbouw en Natuur (AW2000).

Blad 5 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

Overige historische gegevens Tijdens de uitvoering van het historisch onderzoek zijn geen gegevens gevonden over de verbranding of stort van afval, (her)gebruik van grond of andere bouwmaterialen, het (voormalige) gebruik van asbest, verkaveling, (sloot)dempingen, ontgrondingen, aanvullingen, afzetting van bodemvreemd materiaal, de verwachting ten aanzien van archeologische waarden, de verwachting van niet gesprongen explosieven en onbetrouwbaarheden of tegenstrijdigheden.

2.5

Gebruik en beïnvloeding van de locatie door gebruik

2.5.1

Voormalig, huidig en toekomstig gebruik Voormalig en huidig gebruik Door de opdrachtgever is aangegeven dat het terrein de afgelopen jaren in gebruik is geweest als landbouwgrond. Vanaf de jaren ’70 tot ongeveer 2008 is de grond in gebruik geweest voor fruitteelt (bron: Topotijdreis). Het naastgelegen perceel (bij huisnummer 131a) is nog steeds in gebruik voor fruitteelt. Voor zover bekend is de locatie niet bebouwd (geweest) en zijn geen (ondergrondse) tanks aanwezig (geweest). Voor zover bekend hebben er op de onderzoekslocatie wel/geen calamiteiten of overtredingen van voorschriften in het kader van de Wet milieubeheer en/of Wet bodembescherming en/of andere milieuregelgeving plaatsgevonden. Toekomstig gebruik In de nabije toekomst is men voornemens woningbouw te realiseren. De woningen zullen zich aan de oostzijde van de percelen bevinden, de westzijde van de percelen wordt ingericht als waterberging. In figuur 2.2 is een streefbeeld opgenomen. Figuur 2.2: Streefbeeld onderzoekslocatie

(bron: kaartmateriaal opdrachtgever)

Blad 6 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

2.6

Asbest Uit de digitaal verzamelde informatie zijn geen gegevens naar voren gekomen die erop wijzen dat de locatie als asbestverdacht dient te worden beschouwd. Wel wordt bij de terreinverkenning aandacht besteed aan de aanwezigheid van asbestverdachte (plaat)materialen en bij de veldwerkzaamheden worden nagegaan of in de bodem op de locatie bodemvreemde bijmengingen voorkomen in een mate waarvan deze als asbestverdacht dienen te worden beschouwd (>1%).

2.7

Poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) In juli 2019 is het tijdelijk handelingskader PFAS gepresenteerd. Zie hiervoor: https://www.bodemplus.nl/onderwerpen/wet-regelgeving/bbk/grond-bagger/handelingskaderpfas/tijdelijk/ . Op 28 november 2019 is door het RIVM een memo gepubliceerd met daarin de gewijzigde achtergrondwaarden voor PFAS. Dit handelingskader stelt dat onderzoek naar PFAS van toepassing is op onderzoeken waarbij verwacht wordt dat grond vrijkomt en elders dient te worden toegepast of wordt aangeboden aan een erkend verwerker. Tevens dient onderzoek naar deze stofgroep uitgevoerd te worden wanneer bekend is dat verhoogde waarden aan PFAS aanwezig kunnen zijn. Dit op basis van het historisch vooronderzoek conform NEN 5725. Gezien de aard van de beoogde werkzaamheden bestaat de kans dat grond bij de (graaf)werkzaamheden vrijkomt en afgevoerd dient te worden. Diverse partijen waaronder Rijkswaterstaat staan het toepassen van grond/ slib niet toe als er geen analyses op deze stoffen uitgevoerd zijn. Dit leidt er toe dat diverse grondverwerkers ook om deze gegevens vragen. Rijkswaterstaat heeft aangegeven dat het uitvoeren van een historisch onderzoek naar het voorkomen van deze stoffen als onvoldoende wordt beschouwd.

2.8

Terreinverkenning Op 21 oktober 2019 is door Bodembasics een terreinverkenning uitgevoerd. Hierbij zijn geen bijzonderheden waargenomen.

2.9

Conclusie vooronderzoek en hypothese Uit de verzamelde informatie volgt dat de locatie in gebruik is geweest voor de fruitteelt. Op basis hiervan en op basis van de resultaten van voorgaand bodemonderzoek worden in de bovengrond verhoogde gehalten aan bestrijdingsmiddelen (OCB) verwacht. Vanwege het aantreffen van verhoogde gehalten aan chroom tijdens voorgaand onderzoek is aanvullend op chroom geanalyseerd. Er wordt niet verwacht dat de activiteiten op de omliggende percelen de bodemkwaliteit op het onderzoeksterrein negatief hebben beïnvloed. Gezien de verdachtmaking op bestrijdingsmiddelen (OCB) is gekozen voor de intensievere strategie onverdacht (ONV) in plaats van grootschalig onverdacht (ONV-GR). Ons inziens wordt met deze strategie voldoende dekking behaald om een gedegen uitspraak te kunnen doen over de bodemkwaliteit. De locaties van de diepe boringen en peilbuizen worden afgestemd met de locaties van de toekomstige ontwikkelingen (bv. waterberging), zodat een indicatie kan worden verkregen van de kwaliteit van de grond in de diepere bodemlagen met het oog op de voorgenomen afvoer van de grond.

Blad 7 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

Op basis van het vooronderzoek wordt geconcludeerd dat de locatie als onverdacht ten aanzien van asbest wordt aangemerkt omdat er geen aanwijzingen zijn voor bodembelastende activiteiten waarbij asbest op of in de bodem terecht is gekomen.

Blad 8 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

3

Verrichte werkzaamheden

3.1

Veldwerkzaamheden De veldwerkzaamheden zijn gefaseerd uitgevoerd in oktober, november 2019 en januari 2020. Het veldwerk is uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000. In bijlage 9 is aangegeven welke protocollen zijn gevolgd en welke veldmedewerkers zijn ingezet. Een overzicht van de uitgevoerde veldwerkzaamheden is weergegeven in tabel 3.1. De locaties van de boringen, proefgaten en peilbuizen zijn weergegeven op de situatietekeningen in de bijlagen. Tabel 3.1: Overzicht veldwerkzaamheden Onderzoek tot 0,5 m-mv. Verkennend bodemonderzoek

Nader bodemonderzoek

44 (002, 003, 005, 006, 008, 010, 011, 012, 013, 015, 017, 018, 019, 021, 022, 023, 024, 026, 028, 029, 030, 032, 033, 035, 037, 038, 039, 040, 041, 043, 044, 045, 046, 048, 049, 051, 052, 054, 055, 057, 059, 060, 061, 062) -

Aantal boringen en peilbuizen (boornummer) tot 1,0 m- Tot 1,5 m- Tot 2,0 m-mv. met proefgat mv. mv. (0,3 m x 0,3 m) 2 13 2 (064, 065) (001, 007, 014, (064, 065) 016,025, 027, 034, 036, 042, 050, 053, 056, 063)

8 (101 t/m 108)

(2 (21a, 33a)

-

-

met peilbuis 6 (004, 009, 009A, 020, 031, 047, 058)

-

De boringen voor het nader onderzoek zijn, ten behoeve van de inkadering in het horizontale vlak, geplaatst in een raster van circa 6 bij 6 meter, rondom de boringen 021 en 033 waar de sterk verhoogde gehalten zijn aangetoond. Voor de verticale inkadering zijn de boringen 021 en 033 herplaatst en doorgezet tot 1,5 m-mv. Om vast te stellen of in het grondwater verhoogde concentraties aan OCB’s aanwezig zijn, is peilbuis 20 herbemonsterd voor analyse op OCB’s.

Asbest Tijdens de terreininspectie en bij het uitvoeren van de boringen is aandacht geschonken aan de aanwezigheid van asbestverdachte materialen op het maaiveld en in het opgeboorde materiaal. Ten behoeve van het lokaliseren van verontreinigingsgebieden/-kernen binnen de onderzoekslocatie is de toplaag van het onverharde gedeelte van het terrein middels inspectiestroken met een maximale breedte van 1,5 m afgezocht naar de mogelijke aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Ter plaatse van de entree van het perceel zijn twee proefgaten (l x b x d = 0,3 m x 0,3 m x 0,5 mmv.) gegraven naar aanleiding van het aantreffen van puin. Opgemerkt wordt dat de meest verdachte lagen in voorliggend onderzoek zijn onderzocht.

Blad 9 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

Vanwege de aanwezigheid van vegetatie was het niet mogelijk om een volledige maaiveldinspectie uit te voeren. Het uitvoeren van een maaiveldinspectie wordt gebruikt om te beoordelen of er binnen de onderzoekslocatie gedeelten aanwezig zijn die als onverdacht ten aanzien van de aanwezigheid van asbest kunnen worden aangemerkt. In het geval geen inspectie mogelijk is wordt de gehele locatie als asbestverdacht aangemerkt. Sinds de inwerkingtreding van de NEN 5707 (versie 2015) wordt het niet kunnen uitvoeren van een maaiveldinspectie wegens teveel vegetatie niet meer als een afwijking gezien. Het opgegraven materiaal is uitgespreid, geharkt/gezeefd en visueel geïnspecteerd op het voorkomen van asbestverdachte materialen. Van de verdachte bodemlagen zijn representatieve monsters samengesteld van de gezeefde fractie (<20mm). Na inspectie en monsterneming zijn de gaten gedicht met het uitgegraven materiaal.

3.2

Laboratoriumonderzoek In de volgende tabel is een overzicht gegeven van de uitgevoerde analyses. Naar aanleiding van de tussentijdse analyseresultaten zijn enkele mengmonsters uitgesplitst. Dit houdt in dat de deelmonsters separaat zijn geanalyseerd op de verhoogd gemeten parameters met een index van >0,5. Tabel 3.1: Laboratoriumonderzoek (Mengmonster) (traject m -mv.)

Deelmonsters (traject m-mv)

Analyses1)

Grond Verkennend bodemonderzoek MM01 (0,00-0,50)

048 (0,00-0,50), 045 (0,00-0,50), 029 (0,00-0,50), 047 (0,00-0,50) 063 (0,00-0,50)

Standaardpakket grond, OCB en chroom

MM02 (0,00-0,50)

061 (0,00-0,50), 060 (0,00-0,50), 043 (0,00-0,50), 032 (0,00-0,50) 042 (0,00-0,50)

Standaardpakket grond, OCB en chroom

MM03 (0,00-0,50)

059 (0,00-0,50), 052 (0,00-0,50), 040 (0,00-0,50), 033 (0,00-0,50) 034 (0,00-0,50)

Standaardpakket grond, OCB en chroom

MM04 (0,00-0,50)

057 (0,00-0,50), 054 (0,00-0,50), 038 (0,00-0,50), 035 (0,00-0,50) 056 (0,00-0,50)

Standaardpakket grond, OCB en chroom

MM05 (0,50-2,50)

058 (2,00-2,50), 056 (1,00-1,50), 036 (1,50-2,00), 034 (0,50-1,00) 053 (0,50-1,00)

Standaardpakket grond en chroom

MM06 (0,50-2,00)

050 (1,50-2,00), 042 (0,50-1,00) 031 (0,50-1,00), 031 (1,00-1,50)

Standaardpakket grond en chroom

MM07 (0,50-2,00)

047 (1,00-1,50), 047 (1,50-2,00), 063 (0,50-1,00), 063 (1,00-1,50)

Standaardpakket grond en chroom

MM08 (0,00-0,50)

021 (0,00-0,50), 019 (0,00-0,50), 017 (0,00-0,50), 003 (0,00-0,50), 001 (0,00-0,50)

Standaardpakket grond, OCB en chroom

MM09 (0,00-0,50)

024 (0,00-0,50), 022 (0,00-0,50), 005 (0,00-0,50) 014 (0,00-0,50), 004 (0,00-0,50)

Standaardpakket grond, OCB en chroom

Blad 10 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

Tabel 3.1: Laboratoriumonderzoek (Mengmonster) (traject m -mv.)

Deelmonsters (traject m-mv)

Analyses1)

MM10 (0,00-0,50)

026 (0,00-0,50), 012 (0,00-0,50), 010 (0,00-0,50), 008 (0,00-0,50), 009 (0,00-0,50)

Standaardpakket grond, OCB en chroom

MM11 (0,50-1,50)

007 (0,50-1,00), 025 (1,00-1,50), 027 (0,50-1,00), 009 (0,50-1,00), 009 (1,00-1,50)

Standaardpakket grond en chroom

MM12 (0,50-2,50)

001 (1,50-2,00), 016 (0,50-1,00), 014 (0,50-1,00), 014 (1,00-1,50), 020 (2,00-2,50)

Standaardpakket grond en chroom

MM13 (0,50-2,50)

058 (0,50-1,00), 034 (1,00-1,50), 042 (1,50-2,00), 004 (1,50-2,00)

Standaardpakket grond en chroom

PMM01 (0,00-0,50)

062 (0,00-0,50), 046 (0,00-0,50), 044 (0,00-0,50), 028 (0,00-0,50)

PFAS (28), GenX, organische stof

PMM02 (0,00-0,50)

059 (0,00-0,50), 049 (0,00-0,50), 041 (0,00-0,50), 031 (0,00-0,50)

PFAS (28), GenX, organische stof

PMM03 (0,00-0,50)

055 (0,00-0,50), 037 (0,00-0,50), 035 (0,00-0,50), 053 (0,00-0,50)

PFAS (28), GenX, organische stof

PMM04 (0,00-0,50)

019 (0,00-0,50), 001 (0,00-0,50), 016 (0,00-0,50), 004 (0,00-0,50)

PFAS (28), GenX, organische stof

PMM05 (0,00-0,50)

013 (0,00-0,50), 011 (0,00-0,50), 027 (0,00-0,50), 009 (0,00-0,50)

PFAS (28), GenX, organische stof

PFAS

Uitsplitsing mengmonsters MM01, MM02, MM03, MM08 en MM09 n.a.v. matig (index >0,5) verhoogde gehalten DDT 001-1 (0,00-0,50)

001 (0,00-0,50)

OCB*

003-1 (0,00-0,50)

003 (0,00-0,50)

OCB*

004-1 (0,00-0,50)

004 (0,00-0,50)

OCB*

005-1 (0,00-0,50)

005 (0,00-0,50)

OCB*

014-1 (0,00-0,50)

014 (0,00-0,50)

OCB*

017-1 (0,00-0,50)

017 (0,00-0,50)

OCB*

019-1 (0,00-0,50)

019 (0,00-0,50)

OCB*

021-1 (0,00-0,50)

021 (0,00-0,50)

OCB*

022-1 (0,00-0,50)

022 (0,00-0,50)

OCB*

024-1 (0,00-0,50)

024 (0,00-0,50)

OCB*

029-1 (0,00-0,50)

029 (0,00-0,50)

OCB*

032-1 (0,00-0,50)

032 (0,00-0,50)

OCB*

033-1 (0,00-0,50)

033 (0,00-0,50)

OCB*

034-1 (0,00-0,50)

034 (0,00-0,50)

OCB*

040-1 (0,00-0,50)

040 (0,00-0,50)

OCB*

042-1 (0,00-0,50)

042 (0,00-0,50)

OCB*

043-1 (0,00-0,50)

043 (0,00-0,50)

OCB*

045-1 (0,00-0,50)

045 (0,00-0,50)

OCB*

Blad 11 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

Tabel 3.1: Laboratoriumonderzoek (Mengmonster) (traject m -mv.)

Deelmonsters (traject m-mv)

Analyses1)

047-1 (0,00-0,50)

047 (0,00-0,50)

OCB*

048-1 (0,00-0,50)

048 (0,00-0,50)

OCB*

052-1 (0,00-0,50)

052 (0,00-0,50)

OCB*

059-1 (0,00-0,50)

059 (0,00-0,50)

OCB*

060-1 (0,00-0,50)

060 (0,00-0,50)

OCB*

061-1 (0,00-0,50)

061 (0,00-0,50)

OCB*

063-1 (0,00-0,50)

063 (0,00-0,50)

OCB*

101-1 (0,00 - 0,50)

101 (0,00 - 0,50)

OCB, organische stof

102-1 (0,00 - 0,50)

102 (0,00 - 0,50)

OCB, organische stof

103-1 (0,00 - 0,50)

103 (0,00 - 0,50)

OCB, organische stof

104-1 (0,00 - 0,50)

104 (0,00 - 0,50)

OCB, organische stof

105-1 (0,00 - 0,50)

105 (0,00 - 0,50)

OCB, organische stof

106-1 (0,00 - 0,50)

106 (0,00 - 0,50)

OCB, organische stof

107-1 (0,00 - 0,50)

107 (0,00 - 0,50)

OCB, organische stof

108-1 (0,00 - 0,50)

108 (0,00 - 0,50)

OCB, organische stof

21a-3 (0,60 - 1,10)

21a (0,60 - 1,10)

OCB, organische stof

33a-3 (0,60 - 1,10)

33a (0,60 - 1,10)

OCB, organische stof

064 (0,00-0,50), 065 (0,00-0,50)

Asbest Grond NEN5898 2016

004-1-1

2,00 - 3,00

Standaardpakket grondwater en chroom

009A-1-1

3,00 - 4,00

Standaardpakket grondwater en chroom

020-1-1

1,50 - 2,50

Standaardpakket grondwater en chroom

020-1-2

1,50 - 2,50

OCB

031-1-1

1,50 - 2,50

Standaardpakket grondwater en chroom

047-1-1

1,50 - 2,50

Standaardpakket grondwater en chroom

058-1-1

1,50 - 2,50

Standaardpakket grondwater en chroom

004-1-1

1,50 - 2,50

Standaardpakket grondwater en chroom

Nader bodemonderzoek

Asbest AMM01 (0,00 - 0,50) Grondwater

1) Standaardpakketten: grond: zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polychloorbifenylen (PCB som 7), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK 10 VROM), minerale olie (GC), lutum en organische stof grondwater: zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromaten (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen, styreen en naftaleen), vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen (17 stuks), minerale olie (GC) * voor de organische stof gehalten is gebruik gemaakt van de getallen uit de relevante mengmonsters

Blad 12 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

4

Onderzoeksresultaten

4.1

Lokale bodemopbouw en veldwaarnemingen De profielbeschrijvingen van de verrichte boringen met de bijbehorende veldwaarnemingen zijn opgenomen in bijlage 3. Uit de profielbeschrijvingen blijkt dat de bodem tot de maximaal geboorde diepte van 4,0 m –mv. uit zand bestaat. In de ondergrond worden op wisselende diepte leemlagen aangetroffen. Behoudens ter plaatse van de boringen 064 en 065 (zand; sterk puin), zijn bij het uitvoeren van het veldonderzoek geen waarnemingen gedaan die duiden op bodemverontreiniging. In onderstaande tabel zijn de gegevens van de veldmetingen van het grondwater weergegeven. Tabel 4.1: Veldgegevens grondwater Peilbuis Grondwaterstand (filter, m -mv) (m -mv) 004-1-1 (2,00 - 3,00) 1,10 009A-1-1 (3,00 - 4,00) 0,77 020-1-1 (1,50 - 2,50) 0,72 020-1-2 (1,50 - 2,50) 0,68 031-1-1 (1,50 - 2,50) 0,79 047-1-1 (1,50 - 2,50) 1,04 058-1-1 (1,50 - 2,50) 0,69

Belucht? Ja Nee Nee Nee Ja Ja Nee

pH (-) 5,8 7,5 5,9 6,9 6,5 6,8 6,1

EC (µS/cm) 660 1.590 840 450 740 800 740

Troebelheid (NTU) 152 206 189 6 80,2 118 686

De zuurgraad (pH) en het elektrische-geleidingsvermogen (EC) zijn niet afwijkend van een natuurlijke situatie. In het bemonsterde grondwater uit de peilbuizen is een verhoogde troebelheid (> 10 NTU) vastgesteld. Een verhoogde troebelheid kan in sommige gevallen leiden tot een overschatting van de gehalten aan PAK, PCB, OCB, dioxines of andere matig/slecht oplosbare organische parameters. Dergelijke stoffen zijn in dit onderzoek niet onderzocht. Aanvullend onderzoek naar de verhoogde troebelheid is daarom niet uitgevoerd. Bij het onderzoek is afgeweken van de BRL SIKB 2000 c.q. het VKB-protocol 2002, aangezien het filter van enkele peilbuizen bij de bemonstering van het grondwater belucht is geraakt. De resultaten van het grondwateronderzoek worden daarom als indicatief beschouwd voor vluchtige parameters (aromaten en VOCl). Aangezien het onderzoek volgens de NEN 5744:2011 is uitgevoerd en in het grondwater zintuiglijk geen verdachte waarnemingen zijn gedaan die duiden op de aanwezigheid van vluchtige componenten kunnen de resultaten als betrouwbaar worden beschouwd.

Blad 13 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

4.2

Analyseresultaten

4.2.1

Toetsingskader Wet bodembescherming (Wbb) De getoetste analyseresultaten van de onderzochte grond- en grondwatermonsters zijn weergegeven in respectievelijk bijlage 4 en bijlage 5. De analysecertificaten zijn toegevoegd in bijlage 8. De resultaten zijn getoetst aan de actuele achtergrond-, streef- en interventiewaarden uit de Regeling Bodemkwaliteit en de Circulaire bodemsanering. Hiervoor is gebruik gemaakt van BOTOVA-gevalideerde software. De achtergrond-/streef- en interventiewaarden zijn opgenomen in bijlage 6. Een toelichting op het toetsingskader is opgenomen in bijlage 7. Een monster kan voldoen aan de achtergrondwaarde, terwijl een stof binnen het monster de achtergrondwaarde overschrijdt (Regeling bodemkwaliteit, art. 4.2.2). In de tekst zal de term 'verhoogd' worden gebruikt bij gehalten hoger dan de achtergrond- of streefwaarden en lager dan de interventiewaarden. De term 'sterk verhoogd' wordt gebruikt bij gehalten hoger dan of gelijk aan de interventiewaarden. Tevens is bij de getoetste waarden een index opgenomen. Deze index is als volgt berekend: Index = (GSSD - AW) / (I - AW). Een negatieve waarde voor de index houdt in dat de gestandaardiseerde meetwaarde (= GSSD) lager is dan de achtergrondwaarde (= AW). Bij een index boven de 1 ligt de gestandaardiseerde meetwaarde boven de interventiewaarde (= I).

Een index tussen de 0 en 0,5 betekent dat de gestandaardiseerde meetwaarde (ver) onder de interventiewaarde ligt. Een index tussen de 0,5 en 1 houdt in dat de gestandaardiseerde meetwaarde (dicht) bij de interventiewaarde ligt. Afhankelijk van de specifieke situatie geeft dit mogelijk aanleiding voor het uitsplitsen van een mengmonster en/ of het uitvoeren van een nader onderzoek.

Besluit bodemkwaliteit (Bbk) De resultaten van de (meng)monsters uit het bodemonderzoek zijn eveneens indicatief getoetst aan de samenstellingseisen uit het Besluit bodemkwaliteit, voor vrijkomende grond (generiek toetsingskader). De getoetste analyseresultaten zijn weergegeven in bijlage 10. In bijlage 11 is een toelichting op het toetsingskader van het Besluit bodemkwaliteit opgenomen.

Asbest De analyseresultaten van het asbestonderzoek zijn opgenomen in bijlage 8 en zijn getoetst aan het huidige beleid van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Dit beleid is beschreven in bijlage 12. Grond De resultaten van het NEN 5707 onderzoek worden conform het huidige overheidsbeleid getoetst aan de interventiewaarde uit de ‘Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013’. De interventiewaarde voor asbest in bodem, grond en baggerspecie bedraagt 100 mg/kg d.s. gewogen (de concentratie serpentijnasbest, vermeerderd met tien maal de concentratie amfiboolasbest). Wanneer in een verkennend asbestonderzoek de grenswaarde van 50 mg/kg d.s. aan asbest wordt overschreden, is er aanleiding voor een nader asbestonderzoek.

Blad 14 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

Voor het bepalen van de spoedeisendheid van een sanering van een bodemverontreiniging met asbest die is ontstaan voor juni 1993 dient gebruik te worden gemaakt van het protocol ‘Milieuhygiënisch Saneringscriterium Bodem – protocol asbest’. Dit protocol is opgenomen als bijlage 3 van de ‘Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013’. Op basis van het fysische en chemische karakter is er voor asbest geen sprake van verspreidingsrisico en ecologisch risico, maar wel van humaan risico. In dit kader worden twee categorieën van (humane) risico’s onderscheiden: Acceptabele risico’s Hierbij dient de plaats, mate en omvang van de bodemverontreiniging nauwkeurig geregistreerd te worden in het kadaster. Ook kan het bevoegd gezag voorschrijven om beheersmaatregelen te treffen om blootstelling aan de verontreiniging te voorkomen. Als de inrichting van de locatie wijzigt, dienen de locatiespecifieke risico’s opnieuw te worden beoordeeld. Onacceptabele risico’s Naast kadastrale registratie dienen spoedig saneringsmaatregelen te worden genomen op het betreffende deel van de locatie. De termijn ‘spoedig’ dient uitgewerkt te worden door het bevoegd gezag in een beschikking. Puin De resultaten van een NEN 5897 onderzoek worden conform het huidige overheidsbeleid getoetst aan de regelingeving zoals opgenomen in het Productenbesluit asbest 2005.

In het Productenbesluit asbest is vermeld dat het verboden is om asbest of asbesthoudende producten te vervaardigen, in Nederland in te voeren, voorhanden te hebben, aan een ander ter beschikking te stellen, toe te passen of te bewerken. Een product wordt niet als asbesthoudend beschouwd als aan het product geen asbest opzettelijk is toegevoegd en waarvan de concentratie serpentijnasbest, vermeerderd met tien maal de concentratie amfiboolasbest niet hoger is dan 100 mg/kg d.s. Deze waarde wordt in voorliggende rapportage aangeduid als restconcentratienorm. Hergebruik van grond en puin Indien de grond en het puin wordt hergebruikt, is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. In het Besluit is opgenomen dat voor asbest in grond en puin een gewogen gehalte van 100 mg/kg d.s. (de concentratie serpentijnasbest, vermeerderd met tien maal de concentratie amfiboolasbest) als maximale samenstellingswaarde geldt. PFAS De getoetste analyseresultaten van de onderzochte grondmonsters zijn weergegeven in bijlage 14. De analysecertificaten zijn toegevoegd in bijlage 8. Het toetsingskader is verwerkt uitgewerkt onder bijlage 7. De resultaten zijn getoetst aan de toetsingswaarden uit het Tijdelijk Handelingskader PFAS (conform Besluit Bodemkwaliteit). In het kader van de Wet bodembescherming is tot op heden geen beleid opgesteld.

Wegens het ontbreken van een toetsingskader worden de grenswaarden als referentiekader aangenomen. Wanneer gehalten boven de grenswaarde van 0,1 µg/kg.ds worden gemeten, is sprake van een verontreiniging. De CROW400-toetsing is op basis van de SRC-arbo waarden die het CROW op 23 juli 2019 zijn vastgesteld.

Blad 15 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

4.2.2

Grond In de tabel 4.2 zijn de parameters weergegeven, die de betreffende achtergrond- of interventiewaarde overschrijden. In tabel 4.3 zijn de resultaten van de toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit weergegeven. Tabel 4.2: Overschrijdingstabel grond NEN parameters (Wbb) Monster Deelmonster(s) BijzonderOverschrijdingen (m -mv) (m -mv) heden > AW (i <= 0,5) licht Verkennend bodemonderzoek MM01 048 (0,00-0,50), Koper (0,06), Kwik (-), (0,00-0,50) 045 (0,00-0,50), Lood (0,05), DDE (0,21), 029 (0,00-0,50), DDD (0,01) 047 (0,00-0,50) 063 (0,00-0,50) MM02 061 (0,00-0,50), Koper (0,08), Kwik (-), (0,00-0,50) 060 (0,00-0,50), Lood (0,19), DDE (0,24), 043 (0,00-0,50), DDD (0,01) 032 (0,00-0,50) 042 (0,00-0,50) MM03 059 (0,00-0,50), Koper (0,05), Kwik (-), (0,00-0,50) 052 (0,00-0,50), DDE (0,3), DDD (0,02) 040 (0,00-0,50), 033 (0,00-0,50) 034 (0,00-0,50) MM04 057 (0,00-0,50), Lood (0,1), Kwik (-) (0,00-0,50) 054 (0,00-0,50), 038 (0,00-0,50), 035 (0,00-0,50) 056 (0,00-0,50) MM05 058 (2,00-2,50), (0,50-2,50) 056 (1,00-1,50), 036 (1,50-2,00), 034 (0,50-1,00) 053 (0,50-1,00) MM06 050 (1,50-2,00), (0,50-2,00) 042 (0,50-1,00) 031 (0,50-1,00), 031 (1,00-1,50) MM07 047 (1,00-1,50), (0,50-2,00) 047 (1,50-2,00), 063 (0,50-1,00), 063 (1,00-1,50) MM08 021 (0,00-0,50), DDE (0,31), DDD (0,01) (0,00-0,50) 019 (0,00-0,50), 017 (0,00-0,50), 003 (0,00-0,50), 001 (0,00-0,50) MM09 024 (0,00-0,50), Koper

(0,07), Kwik (-), (0,00-0,50) 022 (0,00-0,50), DDE (0,17), DDD (0,01), 005 (0,00-0,50) Drins (-) 014 (0,00-0,50), 004 (0,00-0,50) MM10 026 (0,00-0,50), Koper (0,08), Kwik (-), (0,00-0,50) 012 (0,00-0,50), Lood (0,01), DDE (0,29), 010 (0,00-0,50), DDD (0,01), DDT (0,37) 008 (0,00-0,50), 009 (0,00-0,50)

Blad 16 van 25

> AW & <= I (0,5 < i <= 1) matig

>I (i > 1) sterk

DDT (0,53)

-

DDT (0,73)

-

DDT (0,93)

-

-

-

-

-

-

-

-

-

DDT (0,87)

-

DDT (0,6)

-

-

-

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

Tabel 4.2: Overschrijdingstabel grond NEN parameters (Wbb) Monster Deelmonster(s) BijzonderOverschrijdingen (m -mv) (m -mv) heden > AW > AW & <= I >I (i <= 0,5) (0,5 < i <= 1) (i > 1) licht matig sterk MM11 007 (0,50-1,00), (0,50-1,50) 025 (1,00-1,50), 027 (0,50-1,00), 009 (0,50-1,00), 009 (1,00-1,50) MM12 001 (1,50-2,00), (0,50-2,50) 016 (0,50-1,00), 014 (0,50-1,00), 014 (1,00-1,50), 020 (2,00-2,50) MM13 058 (0,50-1,00), (0,50-2,50) 034 (1,00-1,50), 042 (1,50-2,00), 004 (1,50-2,00) Uitsplitsing mengmonsters MM01, MM02, MM03, MM08 en MM09 n.a.v. matig verhoogde gehalten DDT 001-1 001 (0,00-0,50) DDE (0,1), DDD (-), (0,00-0,50) Drins (0,01) 003-1 003 (0,00-0,50) DDE (0,24), DDD (0,01), (0,00-0,50) DDT (0,34), Drins (0,01) 004-1 004 (0,00-0,50) DDE (0,23), DDD (0,01), DDT (0,6) (0,00-0,50) Drins (0,01) 005-1 005 (0,00-0,50) DDE (0,2), DDD (-), DDT (0,73) (0,00-0,50) Drins (0,01) 014-1 014 (0,00-0,50) DDE (0,15), DDD (0,01), DDT (0,5) (0,00-0,50) Drins (-) 017-1 017 (0,00-0,50) DDE (0,13), DDD (-), (0,00-0,50) DDT (0,24), Drins (-) 019-1 019 (0,00-0,50) DDE (0,02), DDD (-), (0,00-0,50) Drins (-) 021-1 021 (0,00-0,50) DDD (0,04), Drins (0,08) DDE (0,82) DDT (2,67) (0,00-0,50) 022-1 022 (0,00-0,50) DDE (0,18), DDD (-) DDT (0,93) (0,00-0,50) 024-1 024 (0,00-0,50) DDE (0,1), DDD (-) (0,00-0,50) 029-1 029 (0,00-0,50) DDE (0,14), DDD (-), (0,00-0,50) DDT (0,38) 032-1 032 (0,00-0,50)

DDE (0,29), DDD (-) DDT (0,93) (0,00-0,50) 033-1 033 (0,00-0,50) DDE (0,26), DDD (0,01) DDT (1,07) (0,00-0,50) 034-1 034 (0,00-0,50) DDE (0,23), DDD (0,01) DDT (0,8) (0,00-0,50) 040-1 040 (0,00-0,50) DDE (0,22), DDD (0,01) DDT (0,87) (0,00-0,50) 042-1 042 (0,00-0,50) DDE (0,19), DDD (-) DDT (0,67) (0,00-0,50) 043-1 043 (0,00-0,50) DDE (0,22), DDD (-) DDT (0,8) (0,00-0,50) 045-1 045 (0,00-0,50) DDE (0,16), DDD (0,01), (0,00-0,50) DDT (0,15) 047-1 047 (0,00-0,50) DDE (0,24), DDD (0,01) DDT (0,87) (0,00-0,50) 048-1 048 (0,00-0,50) DDE (0,23), DDD (-) DDT (0,8) (0,00-0,50)

Blad 17 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

Tabel 4.2: Overschrijdingstabel grond NEN parameters (Wbb) Monster Deelmonster(s) BijzonderOverschrijdingen (m -mv) (m -mv) heden > AW (i <= 0,5) licht 052-1 052 (0,00-0,50) DDE (0,37), DDD (0,01) (0,00-0,50) 059-1 059 (0,00-0,50) DDE (0,03), DDD (-), (0,00-0,50) DDT (0,04) 060-1 060 (0,00-0,50) DDE (0,19), DDD (0,01), (0,00-0,50) DDT (0,22) 061-1 061 (0,00-0,50) DDE (0,19), DDD (0,01) (0,00-0,50) 063-1 063 (0,00-0,50) DDE (0,17), DDD (0,01) (0,00-0,50) Nader bodemonderzoek 101-1 101 (0,00-0,50) DDE (0,14), DDD (0,01) (0,00 - 0,50) 102-1 102 (0,00-0,50) DDE (0,15), DDD (0,01) (0,00 - 0,50) 103-1 103 (0,00-0,50) DDE (0,19), DDD (0,01) (0,00 - 0,50) 104-1 104 (0,00-0,50) DDE (0,21), DDD (0,01) (0,00 - 0,50) 105-1 105 (0,00-0,50) DDE (0,2), DDD (0,01) (0,00 - 0,50) 106-1 106 (0,00-0,50) DDE (0,05), DDD (0,01), (0,00 - 0,50) DDT (0,2) 107-1 107 (0,00-0,50) DDE (0,26), DDD (0,02) (0,00 - 0,50) 108-1 108 (0,00-0,50) DDE (0,03), DDD (-), (0,00 - 0,50) DDT (0,16), 21a-3 21a (0,60-1,10) DDD (-), (0,60 - 1,10) 33a-3 33a (0,60-1,10) DDE (0,04), DDD (-), (0,60 - 1,10) DDT (0,14) Toelichting : geen bijzonderheden/geen overschrijding AW, I, i : AW = achtergrondwaarde, I = interventiewaarde, i = index

> AW & <= I (0,5 < i <= 1) matig DDT (0,8)

>I (i > 1) sterk -

-

-

-

-

DDT (0,8) DDT (0,6)

DDT (0,53)

-

DDT (0,53)

-

DDT (0,6)

-

DDT (0,93)

-

DDT (0,73)

-

-

-

DDT (0,93)

-

-

-

-

-

-

-

Tabel 4.3: Overschrijdingstabel grond NEN parameters (Bbk) Monster Deelmonster(s) Indicatieve kwaliteitsklasse (m -mv) (m -mv) Besluit bodemkwaliteit toe te passen grond Verkennend bodemonderzoek MM01 048 (0,00-0,50), 045 (0,00-0,50), (0,00-0,50) 029 (0,00-0,50), 047 (0,00-0,50) 063 (0,00-0,50) MM02 061 (0,00-0,50), 060 (0,00-0,50), (0,00-0,50) 043 (0,00-0,50), 032 (0,00-0,50) 042 (0,00-0,50) MM03 059 (0,00-0,50), 052 (0,00-0,50), (0,00-0,50) 040 (0,00-0,50), 033 (0,00-0,50) 034 (0,00-0,50) MM04 057 (0,00-0,50), 054 (0,00-0,50), (0,00-0,50) 038 (0,00-0,50), 035 (0,00-0,50) 056 (0,00-0,50) MM05 058 (2,00-2,50), 056 (1,00-1,50), (0,50-2,50) 036 (1,50-2,00), 034 (0,50-1,00) 053 (0,50-1,00)

Indicatieve kwaliteitsklasse Besluit bodemkwaliteit ontvangende bodem

Niet Toepasbaar > industrie

Niet Toepasbaar > industrie

Niet Toepasbaar > industrie

Niet Toepasbaar > industrie

Niet Toepasbaar > industrie

Niet Toepasbaar > industrie

Achtergrondwaarden

Achtergrondwaarden

Achtergrondwaarden

Achtergrondwaarden

Blad 18 van 25

Rapport Verkennend en nader bodemonderzoek Bornhemweg (percelen E 80 en 589) te Oudenbosch projectnummer 0456271.100 18 februari 2020 revisie 01

Tabel 4.2: Overschrijdingstabel grond NEN parameters (Wbb) Monster Deelmonster(s) BijzonderOverschrijdingen (m -mv) (m -mv) heden > AW > AW & <= I >I (i <= 0,5) (0,5 < i <= 1) (i > 1) licht matig sterk MM06 050 (1,50-2,00), 042 (0,50-1,00) Achtergrondwaarden Achtergrondwaarden (0,50-2,00) 031 (0,50-1,00), 031 (1,00-1,50) MM07 047 (1,00-1,50), 047 (1,50-2,00), Achtergrondwaarden Achtergrondwaarden (0,50-2,00) 063 (0,50-1,00), 063 (1,00-1,50) MM08 021 (0,00-0,50), 019 (0,00-0,50), Niet Toepasbaar Niet Toepasbaar (0,00-0,50) 017 (0,00-0,50), 003 (0,00-0,50), > industrie > industrie 001 (0,00-0,50) MM09 024 (0,00-0,50), 022 (0,00-0,50), Niet Toepasbaar Niet Toepasbaar (0,00-0,50) 005 (0,00-0,50) 014 (0,00-0,50), > industrie > industrie 004 (0,00-0,50) MM10 026 (0,00-0,50), 012 (0,00-0,50), Industrie Industrie (0,00-0,50) 010 (0,00-0,50), 008 (0,00-0,50), 009 (0,00-0,50) MM11 007 (0,50-1,00), 025 (1,00-1,50), Achtergrondwaarden Achtergrondwaarden (0,50-1,50) 027 (0,50-1,00), 009 (0,50-1,00), 009 (1,00-1,50) MM12 001 (1,50-2,00), 016 (0,50-1,00), Achtergrondwaarden Achtergrondwaarden (0,50-2,50) 014 (0,50-1,00), 014 (1,00-1,50), 020 (2,00-2,50) MM13 058 (0,50-1,00), 034 (1,00-1,50), Achtergrondwaarden Achtergrondwaarden (0,50-2,50) 042 (1,50-2,00), 004 (1,50-2,00) Uitsplitsing mengmonsters MM01, MM02, MM03, MM08 en MM09 n.a.v.

matig verhoogde gehalten DDT 001-1 001 (0,00-0,50) Industrie* Industrie* (0,00-0,50) 003-1 003 (0,00-0,50) Industrie* Industrie* (0,00-0,50) 004-1 004 (0,00-0,50) Niet Toepasbaar Niet Toepasbaar (0,00-0,50) > industrie* > industrie* 005-1 005 (0,00-0,50) Niet Toepasbaar Niet Toepasbaar (0,00-0,50) > industrie* > industrie* 014-1 014 (0,00-0,50) Industrie* Industrie* (0,00-0,50) 017-1 017 (0,00-0,50) Industrie* Industrie* (0,00-0,50) 019-1 019 (0,00-0,50) Industrie* Wonen* (0,00-0,50) 021-1 021 (0,00-0,50) Niet Toepasbaar Niet Toepasbaar (0,00-0,50) > Interventiewaarde* > Interventiewaarde* 022-1 022 (0,00-0,50) Niet Toepasbaar Niet Toepasbaar (0,00-0,50) > industrie* > industrie* 024-1 024 (0,00-0,50) Industrie* Industrie* (0,00-0,50) 029-1 029 (0,00-0,50) Industrie* Industrie* (0,00-0,50) 032-1 032 (0,00-0,50) Niet Toepasbaar Niet Toepasbaar (0,00-0,50) > industrie* > industrie* 033-1 033 (0,00-0,50) Niet Toepasbaar Niet Toepasbaar (0,00-0,50) > Interventiewaarde* > Interventiewaarde* 034-1 034 (0,00-0,50) Niet Toepasbaar Niet Toepasbaar (0,00-0,50) > industrie* > industrie* 040-1 040 (0,00-0,50) Niet Toepasbaar Niet Toepasbaar (0,00-0,50) > industrie* > industrie* 042-1 042 (0,00-0,50) Niet Toepasbaar Niet Toepasbaar (0,00-0,50) > industrie* > industrie* 043-1 043 (0,00-0,50) Niet Toepasbaar Niet Toepasbaar (0,00-0,50) > industrie* > industrie*

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/507/documents/15182