CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Begroting 2022 Werkplein Hart van West-Brabant.pdf

Gemeenteraad 24 juni 2021, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 9: Werkplein Hart van West-Brabant18.234 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Voor de begroting 2022 bedraagt de kasgeldlimiet € 8,0 mln. Rentekosten Wij streven ernaar om onze renteresultaten te optimaliseren. Dit betekent dat wij geen middelen onbenut laten, maar streven naar zo hoog mogelijke renteopbrengsten (c.q. zo laag mogelijk rentekosten) zonder dat daarbij overmatige risico’s worden gelopen. De prioriteiten van de treasuryfunctie liggen in eerste instantie bij het beheersen en beperken van financiële risico’s. Binnen het acceptabele risicoprofiel zoals vastgesteld in de Wet fido en het treasurystatuut kan desondanks worden gestreefd naar optimalisatie van de renteresultaten. Schatkistbankieren Op 16 november 2015 heeft het Werkplein een kredietfaciliteit met de Bank voor Nederlandse gemeenten (BNG) afgesloten. Dit betekent dat het Werkplein in voorkomend gevallen tot maximaal een bedrag van € 2.000.000 rood mag staan. Deze kredietfaciliteit is door de gemeenten gegarandeerd. 7.2 Paragraaf bedrijfsvoering Zoals reeds is aangegeven, is de omgeving van de Gemeenschappelijke Regeling volop in beweging. Dit betekent dat de interne organisatie hierop zo ingericht moet zijn dat op veranderingen flexibel ingespeeld kan worden. De flexibiliteit wordt onder andere gerealiseerd door de onderstaande punten.

26

Personeel Vaste formatie en flexibele schil Door het algemeen bestuur is besloten de formatie voor het Werkplein als gevolg van het incorporeren van de Publiek Private Samenwerking Randstad en WSP uit te breiden in 2021 met 5,89 fte. Per saldo nam de formatie toe van 129,56 fte tot 135,45 fte. Startformatie 2015 Taakstelling 2017 Taakstelling 2018 Taakstelling 2019 Taakstelling 2020 Nieuwe taken participatiewet (besluit AB 19-012017) Uitbreiding ondersteunende diensten inclusief directiesecretaris (besluit AB 19-01-2017) Integratie DIV (besluit AB 29-11-2018)

122,2 Toelichting -1,48 -2,56 -2 -2 6 (was 7,2 besloten) 1 (was 0,5 besloten)

Taakstelling 2020 vervallen ivm uitvoering jaarplan 2020 (besluit AB 27-01-2020) Integratie PPS Randstad/WSP in eigen organisatie (besluit AB 28-10-2020) Formatie 2022

6,4 (7,5 fte wordt richting 2021 afgebouwd naar 5,75) 2 5,89 (was 6 maximaal). Bekostiging blijft uit participatiebudget. 135,45

De insteek van het Werkplein is om te streven om vacatures en inhuur op projecten zoveel mogelijk via reguliere dienstverbanden in te gaan vullen. In 2022 wordt nog circa 9 fte ingehuurd. Het nadeel van de eerder gehanteerde flexibele invulling is dat de kosten daarvan flink hoger zijn dan een normaal dienstverband waardoor minder formatie kan worden ingevuld. Voordeel was dat er geen sprake is van wachtgeld en de formatie kan dalen wanneer het werk afneemt of wanneer er efficiency-slagen gemaakt worden. Voor projecten wordt in 2022 circa 22 fte in 2022 ingehuurd. Dat is inhuur voor Werkplein Actief (doelgroep C), Werkgeversservicepunt (doelgroep A), Frequent Intensieve aanpak (doelgroep B), intensivering fraudeaanpak etc. Taakstelling Bij de vorming van het Werkplein is afgesproken dat er op de formatie/bedrijfsvoering een taakstelling van 15% in vier jaar tijd zou worden doorgevoerd. De realiteit is echter geweest dat sinds het bepalen van de uitgangspunten voor de samenwerking het klantenbestand met meer dan 35% is toegenomen. Weliswaar is het bestand in 2018 en 2019 afgenomen, echter voor de komende jaren Is sprake van een behoorlijke stijging. Grotendeels vanwege Covid-19 maar deels ook door een reguliere toestroom van voormalig Wajongers en SW’ers.

Gezien de toestroom van deze nieuwe doelgroep in de komende jaren is het niet meer aannemelijk dat het niveau van 1 oktober 2015 (3.752) zal worden gehaald. Prognose ontwikkeling bestand bijstandsontvangers Aantal bijstandontvangers eind van het jaar Prognose in % Verloop in aantallen

2020 4.048

2021 4.291 6,0% 243

2022 4.463 4,0% 172

2023 4.574 2,5% 112

2024 4.574 0,0% 0

2025 4.574 0,0% 0

27

Zoals al aangegeven rekent het CPB voor de jaren 2021 tot en met 2024 met een stijging van het aantal bijstandsontvangers van in totaal 12,5%. In de ontwikkeling van de Buig-kosten hebben we gerekend met deze percentages. Dit in het licht van realistisch in begroten en ambitieus in sturen. Eerder is besloten om de taakstelling niet alleen in te vullen middels afname van het klantenbestand maar ook door de organisatie zo efficiënt mogelijk in te richten. Door uniformering werkprocessen, harmonisatie van beleid en de aanvang van digitalisering hebben we flinke stappen kunnen zetten in het efficiënter kunnen werken. Dit heeft geresulteerd in het realiseren van 6 formatieplaatsen minder in de periode 2017-2019. In ons jaarplan voor 2020 hebben we aangegeven, gezien de ontwikkeling die het Werkplein wil doormaken, geen ruimte meer te zien voor het invullen van de taakstelling. Rekenregel De formatie van het Werkplein is voor een groot gedeelte afhankelijk van het aantal klanten dat zich bij ons meldt en aan wie uiteindelijk inkomen verstrekt moet gaan worden. Omdat het huidige bestand uitkeringsgerechtigden nog steeds hoger is dan ten tijde van de besluitvorming over het Werkplein blijft er sprake van meer werk, met name op het gebied van inkomensverstrekking en inkomensondersteuning (bijzondere bijstand/minimabeleid).

Om dit inzichtelijk te maken is er een rekenregel vastgesteld waarmee bij toe- of afname van het klantenbestand kan worden bepaald hoeveel formatie er meer of minder nodig is (ten opzichte van het ijkmoment oktober 2015). Tevens is bepaald dat de formatie alleen mee beweegt met de aan het onderdeel inkomen gerelateerde werklast. De rekenregel is in 2018 nog geëvalueerd en voorlopig gehandhaafd. Zoals eerder bij taakstelling al is aangegeven is onze doelgroep veranderd en daarmee ons klantenbestand en de aard van de werkzaamheden. Daarnaast hebben wij de Visie Werkplein 2024 ontwikkeld naar een meer mensgerichte organisatie die ook de verbinding met partners in het sociaal domein actief opzoekt. Dit noopt tot het goed in beeld brengen van de benodigde formatie en organisatie. Dit proces wordt in 2021 doorlopen in de vorm van formatieonderzoek. Totdat de uitkomsten van dit formatieonderzoek bekend worden gaan we vooralsnog uit voor deze begroting van de huidige rekenregel. Die ontwikkelt zich als volgt: Rekenregel

aantal

mutatie

mutatie

uitkering uitkerings formatie

Stand per:

Benodigd budget

dossiers dossiers begin vh jaar t.o.v. 2015 rekenregel

Mutatie voor 2021:

4.048

31-12-2020 296

4,42

€ 385.264

Mutatie voor 2022:

4.291

31-12-2021 539

8,04

€ 701.389

Mutatie voor 2023:

4.463

31-12-2022 711

10,60

€ 924.783

Mutatie voor 2024:

4.574

31-12-2021 822

12,27 € 1.069.990

Mutatie voor 2025:

4.574

31-12-2021 822

12,27 € 1.069.990

Bij het bepalen van de rekenregel is uitgegaan van 3.850 bijstandsgerechtigden eind 2019. Voor het jaar 2022 resulteert de rekenregel op basis van de hier genoemde cijfers in een tijdelijke uitbreiding

28

van de formatie met 8,04 fte. De stijging komt vanwege de geraamde toename van de doelgroep met 6% in 2021 en 4% in 2022 vanwege de Corona pandemie. Ziekteverzuim Ons doel is het ziekteverzuim zo laag mogelijk te houden, door actief te sturen op ons verzuimbeleid. Belangrijk hierbij is dat we zorgdragen voor een goede balans aan inzet van het personeel. Gestuurd wordt op kort verzuim en op de verzuim frequentie. Bij langdurig zieken zal indien nodig worden ingehuurd, zodat de direct betrokken collega’s niet nog eens extra werkzaamheden krijgen waardoor de druk bij hen ook te veel wordt verhoogd. Afgelopen jaren lag het verzuimpercentage op ruim 8% en was het langdurig verzuim erg hoog (ruim 6%). In 2020 is het gedaald naar 4,9%. In de begroting voor 2022 is met 2% van de loonsom rekening gehouden voor vervanging. Informatievoorziening/veiligheid Het doel van de informatievoorziening en informatiebeveiliging in 2022 is het creëren van een passende dienstverlening voor de inwoners en medewerkers de middelen aanreiken zodat ze (op afstand) op een efficiënte wijze samen kunnen werken met elkaar en met ketenpartners. Om dit doel te bereiken worden de volgende projecten opgestart of verder uitgebreid. Voor iedere project is het uitgangspunt dat de inwoner en/of de medewerker centraal staat. Dienstverlening - Status aanvraag en communicatie via mijn.werkpleinhartvanwest-brabant.nl.

- Wijzigingen en aanvragen via webformulieren. Basis op orde - Implementatie AVG maatregelen. - Maatregelen informatiebeveiliging bij Werkplein en bij ICT WBW. - Beheer van contracten/documenten. - Managementinformatie. Bedrijfsvoering - Digitaal werken / M365 apps / Zaaksysteem. - Archiefbeheer. - Formatie applicatiebeheer. Samenwerking - Kennis, ervaringen en documenten delen met collega’s. - Keteninformatisering met derden. Financieel beheer Naast de zorg om uitkeringen op tijd uit te betalen aan klanten, is het ook onze verplichting om op periodieke wijze verantwoording af te leggen over het gevoerde (financieel) beleid. Deze verantwoording vindt plaats via de bestuursrapportages en in de diversie gremia. Naast de begroting en jaarrekening worden er drie bestuursrapportages na elk kwartaal aan het bestuur voorgelegd. Huisvesting Het Werkplein heeft twee locaties, Etten-Leur en Roosendaal. Het aantal werkplekken bedraagt oorspronkelijk 134. In de werkelijkheid is dit door de diverse projecten en het hebben van twee locaties een stuk hoger (161 stuks). Uitgangspunt is dat we de kosten van werkplekken voor projecten doorberekenen aan de projecten om de kosten van huisvesting te beperken. 29

Naar alle waarschijnlijkheid zal in 2022 de verhuizing van de Dunantstraat Roosendaal plaatsvinden naar het vernieuwde stadskantoor. 7.3 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheer Om weerstand te kunnen bieden tegen substantiële tegenvallers, zonder aantasting van het uit te voeren beleid, is een bepaald weerstandsvermogen onontbeerlijk. Dit vormt een buffer om onverwachte en onvoorziene tegenvallers op te kunnen vangen. Bepaling weerstandsvermogen Bij het bepalen van het weerstandsvermogen en de omvang daarvan wordt gekeken naar de algemene reserve en de post onvoorzien. Deze twee tezamen bepalen het weerstandsvermogen. Het Werkplein beschikt niet over een algemene reserve, wel over een post onvoorziene uitgaven van € 50.000. Het Werkplein is een gemeenschappelijke regeling waarvoor de gemeenten garant staan. Het aanhouden van een eigen vermogen om risico’s te kunnen opvangen is derhalve niet strikt noodzakelijk. Reserve en Voorzieningen Het Werkplein beschikt niet over reserves. Er is één voorzieningen voor toekomstige arbeidsverplichtingen. Risicoparagraaf Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen, moet de beschikbare weerstandscapaciteit worden afgezet tegen de risico’s.

Bij het inventariseren van de risico’s is de volgende definitie van risico’s gehanteerd: ‘het betreft risico’s die een financieel gevolg kunnen hebben en die (nog) niet op een andere manier zijn ondervangen, bijvoorbeeld door het afsluiten van een verzekering, het treffen van een voorziening of het nemen van een beleidsmaatregel’. Onderstaand zijn de volgende risico’s te benoemen en te kwantificeren: indien het risico zich voordoet, komt dit ten laste van de deelnemende gemeente omdat het Werkplein geen algemene reserve kent.

30

Risico

Oorzaak

Hoger ziekteverzuim dan geraamd

Ziekteverzuim w ordt hoger Hoog door blijvend hoge w erkdruk, niet optimale arbeidsomstandigheden en persoonlijke omstandigheden (langdurig zieken)

Informatielek

Onvoldoende kennis en capaciteit in de organisatie

Hoog

Hogere kosten BUIG en BB/Minimabeleid

Sneller oplopende klantenaantallen dan geraamd

Beperkt

Hogere uitvoeringskosten

Sneller oplopende klantenaantallen dan geraamd

Hoog

Participatiemiddelen niet toereikend om cliënten naar w erk te begeleiden

Niet alle participatiemiddelen Laag zijn door gemeenten aan het Werkplein HvWB overgedragen

Vorderingen in kader van Tozo-regelingen zijn niet (geheel) invorderbaar

Door w egvallen Gemiddeld steunmaatregelen Rijk kunnen ondernemers f ailliet gaan. Door onvolledige of Beperkt onvoldoende verantw oording

ESF-subsidie

Kans

Gevolg

Financieel gevolg

Beheersmaatregel

Moeten/gaan meer € 500.000. Uitgaand van inhuren dan geraamd, meer dan 5% ziekteverzuim omdat niet inhuren i.r.t. bij formatie van 135,45 continuïteit en kw aliteit dienstverlening niet meer verantw oord is. De uitvoeringskosten zullen stijgen Gevolgen bij misbruik Maximale boete € 820.000 en/of verlies van privacygevoelige inf ormatie kan geldboete zijn van autoriteit persoonsgegevens of naam schade. Meer uitkeringen en inkomensoverdrachten

Vanuit HR en leidinggevenden w ordt extra aandacht gegeven aan het ziekteverzuimbeleid, w aardoor vroegtijdig preventieve maatregelen genomen kunnen w orden. Informatieveriligheid en privacy heeft sterke aandacht in onze organisatie. Per kw artaal w ordt hierover gerapporteerd, ook naar het dagelijlks bestuur.

Hogere kosten Buig, deze w orden doorbelast aan de gemeenten

In de begroting voor 2022 is realistisch begroot en rekening gehouden met een stijging van het bestand vanw ege de effecten van Corona pandemie. Meer personeel nodig Extra inhuurkosten Besloten is om de huidige respectievelijk extra rekenregel te hanteren tot loonkosten. 2021. Deze rekenregel voorziet in een daling of stijging van de formatie bij een dalend of oplopend bestand. Uitkeringslasten zijn Extra kosten w orden Instrumenten w orden hoger dan nodig; deel doorbelast naar de periodiek getoetst op hun klanten participeert gemeenten, Inw oners blijven effectiviteit. Hierdoor kunnen minder (naar vermogen) in de bijstand. beschikbare middelen zo dan mogelijk efficiënt mogelijk w orden ingezet en w ordt jaarlijks bij de DVO de inzet bepaald. Afboeking van oninbare Afboekingen komen ten laste Actief vorderingen verhalen. vorderingen van voorziening dubieuze levenonderhoud of debiteuren gemeenten. bedrijfskredieten Minder subsidie P.M. Vooraf subsidie afstemmen w aardoor kosten niet met regio en meer gedekt zijn. verantw oordingsaf spraken intern vantevoren vastleggen.

Financiële kengetallen

Financiële kengetallen

2019

2020

2021

2022

Netto schuldquote

-0,36%

-4,38%

-0,40%

0,13%

Netto Schuldquote gecorrigeerd voor alle -0,36% leningen

-4,38%

-0,40%

0,00%

Solvabiliteitsratio

0,38%

11,11%

0,38%

0,00%

Structurele exploitatieruimte

-0,03%

0,70%

0,00%

0,00%

Netto schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Het Werkplein heeft geen geldleningen afgesloten. Voor het werkplein is het risico dat niet voldaan kan worden aan de terugbetaling van de lening dus niet aanwezig.

31

Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft een indicatie in de mate waarin een gemeenschappelijke regeling in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het totale vermogen. Aangezien het Werkplein geen eigen vermogen heeft bedraagt de solvabiliteitsratio 0%. Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Dit kengetal geeft een indicatie welke structurele ruimte aanwezig is om de lasten te dragen. De uitkomst van 0% geeft aan dat de structurele baten en lasten in evenwicht zijn. Dit is een gevolg van de financieringsconstructie die het Werkplein hanteert. De deelnemende gemeenten staan garant om alle kosten (dus ook eventuele tekorten) van het Werkplein af te dekken en indien er sprake is van een overschot wordt dit ook verrekend met de deelnemers. Beoordeling kengetallen De waarde van de kengetallen van het werkplein is enigszins beperkt vanwege de afspraken die in de gemeenschappelijke regeling zijn gemaakt over de financiering van het Werkplein. Zo worden eventuele overschotten of tekorten direct verrekend met de bijdragen van de deelnemende gemeenten en mogen geen reserves worden opgebouwd.

32

Financiële begroting

8.1 Staat van baten en lasten per programma Overzicht van baten en lasten

Jaarrekening 2020 Lasten Saldo

Baten Programma's : Programma Werk en Participatie Programma Inkomen Programma Inkomensondersteuning Subtotaal program m a’s Bedrijfsvoering: Loonkosten Rekenregel Overige loonkosten Overige personeelskosten Organisatiekosten Ondersteunende diensten Huisvestingskosten Facilitaire kosten Financiën Juridische kosten Communicatie ICT kosten Onvoorzien Subtotaal bedrijfsvoering Totaal lasten en baten Algemene dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdrage bedrijfsvoering Gemeentelijke bijdrage programma Werk en Participatie Gemeentelijke bijdrage programma Inkomen Gemeentelijke bijdrage programma Inkomensondersteuning Opbrengst overig Vergoedingen in personeelskosten Subtotaal algem ene dekkingsm iddelen Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten Toevoeging/onttrekking aan reserves Saldo

Baten

359.359 2.856.180 428.100 3.643.639

4.577.688 78.996.331 8.458.008 92.032.027

4.218.329 76.140.151 8.029.908 88.388.388

0

9.962.488 0 180.983 388.992 14.391 922.564 609.720 358.621 76.489 28.388 6.933 913.491 0 13.463.062

3.643.639

Begroting 2021 Lasten

Saldo

370.000 917.144 414.936 1.702.080

5.517.040 61.760.372 8.653.069 75.930.482

5.147.040 60.843.228 8.238.133 74.228.401

9.962.488 0 180.983 388.992 14.391 922.564 609.720 358.621 76.489 28.388 6.933 913.491 0 13.463.062

0

10.227.610 238.061 258.165 224.079 140.039 1.049.105 560.735 232.439 65.951 10.762 17.756 1.116.488 50.000 14.191.188

105.495.089

101.851.450

1.702.080

90.121.670

13.724.313 4.218.329

13.724.313 4.218.329

76.140.151 8.029.908

76.140.151 8.029.908

0

4.076.061 186.367 106.375.129

3.643.639

880.040

3.643.639

880.040

Begroting 2022 Lasten Saldo

Baten 1.190.255 445.407 1.635.662

5.455.743 68.761.331 8.354.517 82.571.591

5.455.743 67.571.076 7.909.110 80.935.929

10.227.610 238.061 258.165 224.079 140.039 1.049.105 560.735 232.439 65.951 10.762 17.756 1.116.488 50.000 14.191.188

0

10.531.232 701.389 261.797 242.976 127.918 1.074.744 573.416 279.564 71.175 10.912 18.004 1.227.557 50.000 15.170.684

10.531.232 701.389 261.797 242.976 127.918 1.074.744 573.416 279.564 71.175 10.912 18.004 1.227.557 50.000 15.170.684

88.419.589

1.635.662

97.742.275

96.106.613

14.191.188 5.147.040

14.191.188 5.147.040

15.170.684 5.455.743

15.170.684 5.455.743

60.843.228 8.238.133

60.843.228 8.238.133

67.571.076 7.909.110

67.571.076 7.909.110

4.076.061 186.367 106.375.129

88.419.589

0

0 0 88.419.589

96.106.613

0

0 0 96.106.613

4.523.679

90.121.670

90.121.670

0

97.742.274

97.742.275

0

4.523.679

0 90.121.670

90.121.670

0 0

0 97.742.274

97.742.275

0 0

Verschillenanalyse begroting 2022 t.o.v. begroting 2021 In vergelijking met de begroting 2021 zijn de programmakosten € 6.707.528 hoger. Bij de programma’s is dit verschil nader toegelicht. De kosten bedrijfsvoering in de voorliggende begroting 2022 zijn € 979.496 hoger dan in de begroting van 2021 is opgenomen. Dit kan als volgt worden verklaard: a. Hogere loonkosten € 303.621. Dit komt met name door indexatie van de loonkosten met 2,5% (septembercirculaire 2020-gemiddelde loonvoetontwikkeling sector overheid). Met een eventuele stijging van de pensioenpremie of andere premies is geen rekening gehouden. Mocht het percentage

33

b.

c. d.

e.

lager uitvallen (CAO onderhandelingen lopen nog) dan zullen wij dit uiteraard verwerken in een bijgestelde begroting. De kosten van toepassing van de rekenregel zijn € 463.328 hoger. Dit komt omdat rekening wordt gehouden met een toename in 2021 van 6% en in 2022 met 4% van het bestand. Dit betreft tijdelijke formatie die ingezet wordt bij werkelijke toename van het bestand. De extra formatie wordt dus niet allemaal op hetzelfde moment ingezet maar pas nadat sprake is van een toename van het aantal aanvragen om inkomensondersteuning. Kosten ondersteunende diensten zijn € 25.639 hoger dan in 2021. Dit heeft te maken met de gestegen loonkosten en toepassing prijsindexatie. De facilitaire kosten zijn € 47.126 hoger dan in 2021. Dit komt doordat er nog steeds behoorlijk veel post verstuurd wordt. Denk hierbij aan de reguliere beschikkingen voor inkomensverstrekking, bijzondere bijstand/minimabeleid, collectieve ziektekostenverzekering, loonopgaven etc. De eerder verlaagde raming vanwege digitalisering van producten heeft nog geen kentering bewerkstelligd. Hogere ICT kosten ad € 111.069. Dit komt door de volgende zaken: -hogere kapitaallasten (€ 27.671). Bij de invoering van TPO (Tijd- en plaatsonafhankelijk werken) in 2019 is voor de gehele investering, waaronder ook de laptops en smartphones, een afschrijvingstermijn van vijf jaar gehanteerd.

Dat bleek verre van realistisch te zijn voor de laptops, beeldschermen en smartphones. Deze worden nu in 3 jaar tijd afgeschreven. Dit staat gelijk aan de maximale economische levensduur van deze apparatuur. -in 2022 staat de vervanging van de telefonie (waaronder de centrale) op de planning (GT Connect). De kosten daarvan zullen behoorlijk hoger (€ 35.849) uitvallen. -de kosten van beheer en hosting vallen € 90.348 hoger uit. Dit komt door het functioneel beheer van Office365. Hiervoor is binnen de organisatie geen kennis en capaciteit voorzien en wordt nu ondergebracht bij ICT WBW. Tezijnertijd zullen de kosten van Citrix hierdoor wegvallen (€ 33.000). -de licentiekosten zijn € 42.799 lager geworden. Een deel van de geraamde kosten werden via de beheerkosten (door ICT WBW) verantwoord.

Verschillenanalyse begroting 2022 t.o.v. jaarrekening 2020 Ten opzichte van de jaarrekening 2020 zijn de kosten van bedrijfsvoering met € 1.707.622 toegenomen. Belangrijkste verklaringen in hoofdlijnen hiervan zijn: a. Loonkosten begroting 2022 zijn € 568.743 hoger dan in 2020. Dit heeft te maken met de reguliere loonkosten stijgingen in 2021 (2,9%) en 2022 (2,5%). b. De kosten van toepassing van de rekenregel zijn € 701.389 hoger. Dit komt doordat er sprake is van een forse toename van de doelgroep in 2021 en 2022 vanwege de Corona pandemie. c. De kosten van ICT zijn € 314.066 hoger. Dit komt doordat in 2020 vanwege de Corona pandemie een deel van de geraamde uitgaven (€ 60.825) niet zijn gedaan. Daarnaast zijn de kosten hoger door het toepassen van prijscorrectie conform kaderbrief 2021 en 2022 en door hogere licentiekosten (€ 90.262) doordat niet alle geplande activiteiten konden worden uitgevoerd (doorontwikkeling digitalisering, uitbreiding Cognos licenties, koppeling zaaksysteem-Suite). De kosten van functioneel beheer Office365 ad € 90.348 zijn nieuw ten opzichte van 2020. In 2022 staat de vervanging van de telefonie (waaronder de centrale) op de planning (GT Connect). De kosten daarvan zullen behoorlijk hoger (€ 35.849) uitvallen.

34

Verdeelsleutel De organisatie- en uitvoeringskosten worden door de deelnemende gemeenten gedragen op basis van een reeds overeengekomen verdeelsleutel, gewogen gemiddelde van aandeel van Pwet-klanten in totaal klantenbestand van de zes gemeenten (85%) en aandeel inwoners (15%). De verdeelsleutel op basis van het aantal inwoners en klanten per 1-1-2021 wordt voor de begroting van 2022 gehanteerd. Begroting 2022 Verdeelsleutel

Klanten

Inw oners

2020

Etten-Leur

710

43.878

17,73%

Halderberge

447

30.284

11,33%

Moerdijk

499

37.129

12,87%

Roosendaal

1.848

77.251

43,77%

Rucphen

334

22.879

8,48%

Zundert

210

21.829

5,81%

Totaal

4.048

233.250

100%

Gemeentelijke bijdrage De gemeentelijke bijdrage voor de programmakosten zijn bij de programma’s opgenomen. De gemeentelijke bijdrage in de uitvoeringskosten/ bedrijfsvoeringskosten voor 2022 zijn in onderstaande tabel opgenomen. De geraamde bijdrage voor 2022-2025 is in de bijlage opgenomen. Ook de bijdrage in de programmakosten is in de bijlagen opgenomen. Gem eentelijke bijdrage

Overige

Uitvoerings-

uitvoeringskosten

bedrijfs-

kosten Partici-

2022 Etten-Leur

voering

patiew et

Totaal

2.614.910

77.252

2.692.162

Halderberge

1.671.511

52.186

1.723.698

Moerdijk

1.897.467

53.187

1.950.655

Roosendaal

6.455.633

174.439

6.630.072

Rucphen

1.251.337

40.334

1.291.671

Zundert

857.370

25.057

882.427

Totaal

14.748.229

422.455

15.170.684

8.2 Meerjarenraming per programma De tabel meerjarenraming per programma presenteert de baten en lasten voor het meerjarig perspectief. Hierbij vallen enkele zaken op die enige toelichting behoeven. 1. Het meerjarig perspectief programma Inkomen (Buig uitgaven) is gebaseerd op de ramingen van 2022. Voor 2023 is uitgegaan van een stijging van het bestand met 2,5% en een prijscorrectie van 1,8%. Voor 2024 en 2025 is uitgegaan van een stabiel bestand ten opzichte van 2023. Er is rekening gehouden met een prijscorrectie van 1,8% per jaar. 2. Bij Inkomensondersteuning is rekening gehouden met een jaarlijkse indexatie van respectievelijk 1,8%. Dit vanwege aanpassingen aan normbedragen als gevolg van stijging minimumloon. 3. In het meerjarig perspectief zijn de participatiemiddelen op basis van de in de septembercirculaire 2020 opgenomen. 4. De loonkosten zijn gebaseerd op de begrotingscijfers van 2022. Voor de jaren daarna is rekening gehouden met indexatie van de loonkosten voor 2023, 2024 en 2025 met respectievelijk 1,5%, 1,9% 35

en 1,9% (septembercirculaire 2020-gemiddelde loonvoetontwikkeling sector overheid) en de jaarlijkse periodieken. 5. De rekenregel is gebaseerd op de bestandsontwikkeling voor 2022 en verdere jaren. Meerjarenraming Programma's : Programma Werk en Participatie Programma Inkomen Programma Inkomens ondersteuning Subtotaal programma’s Bedrijfsvoering: Loonkosten Rekenregel Overige loonkosten Overige pers oneels kos ten Organis atiekosten Ondersteunende diensten Huisves tingskosten Facilitaire kosten Financiën Juridische kosten Communicatie ICT kosten Onvoorzien Subtotaal bedrijfsvoering Totaal meerjarenbegroting Algemene dekkingsm iddelen: Gemeentelijke bijdrage bedrijfsvoering Gemeentelijke bijdrage programma Werk en Participatie Gemeentelijke bijdrage programma Gemeentelijke bijdrage programma Inkomensondersteuning Subtotaal algemene dekkingsmiddelen Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten Toevoeging/onttrekking aan reserves Saldo

Baten

Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo 5.696.105 5.696.105 5.925.502 5.925.502 6.187.231 6.187.231 1.230.817 72.143.966 70.913.149 1.248.527 74.095.585 72.847.058 1.266.556 76.094.447 74.827.891 453.424 8.504.898 8.051.474 461.586 8.657.986 8.196.401 469.894 8.813.830 8.343.936 1.684.241 86.344.969 84.660.728 1.710.113 88.679.073 86.968.960 1.736.450 91.095.507 89.359.058

-

10.714.700 924.783 262.765 249.845 129.453 1.090.865 584.692 282.919 72.029 11.043 18.220 1.241.840 50.000 15.633.156

10.714.700 924.783 262.765 249.845 129.453 1.090.865 584.692 282.919 72.029 11.043 18.220 1.241.840 50.000 15.633.156

1.684.241

101.978.125

-

10.943.779 1.069.990 262.859 256.328 131.136 1.107.228 596.170 286.597 72.965 11.187 18.457 1.257.500 50.000 16.064.197

10.943.779 1.069.990 262.859 256.328 131.136 1.107.228 596.170 286.597 72.965 11.187 18.457 1.257.500 50.000 16.064.197

104.743.270

103.033.157

11.177.211 1.069.990 262.866 259.905 131.266 1.123.837 607.855 286.880 73.037 11.198 18.475 1.258.704 50.000 16.331.224

11.177.211 1.069.990 262.866 259.905 131.266 1.123.837 607.855 286.880 73.037 11.198 18.475 1.258.704 50.000 16.331.224

1.736.450 107.426.731

105.690.281

-

100.293.883

1.710.113

15.633.156 5.696.105

15.633.156 5.696.105

16.064.197 5.925.502

16.064.197 5.925.502

16.331.224 6.187.231

16.331.224 6.187.231

70.913.149 8.051.474

70.913.149 8.051.474

72.847.058 8.196.401

72.847.058 8.196.401

74.827.891 8.343.936

74.827.891 8.343.936

100.293.883

-

100.293.883

103.033.157

-

103.033.157

105.690.281

-

105.690.281

101.978.125

101.978.125

-

104.743.270

104.743.270

-

107.426.731

107.426.731

-

101.978.125

101.978.125

-

104.743.270

104.743.270

-

107.426.731

107.426.731

-

8.3 Incidentele baten en lasten Bij het opstellen van de begroting 2022 en het meerjarenperspectief, zijn geen posten opgenomen. 8.4 Verantwoording taakvelden begroting 2022 In de herziening van het BBV wordt voorgeschreven dat de colleges (bestuur gemeenschappelijke regeling) de ramingen en realisatiecijfers die zij moeten leveren voor de begrotingsuitvoering, indelen aan de hand van taakvelden, waaraan de bijbehorende baten en lasten moeten worden toegerekend. De gegevens dienen ook gebruikt te worden voor de financiële informatie die gemeenten/Werkplein aan het CBS moeten aanleveren om te voorzien in de informatiebehoefte van het Rijk, de EU en het CBS in verband met landelijke statistieken en ten behoeve van onderzoeksdoeleinden. Onderstaand zijn de cijfers van 2022 verdeeld naar taakvelden. Uitgangspunten zijn de volgende:  alle directe kosten worden aan een taakveld toegerekend, denk hierbij aan de kosten van uitkeringen, minimabeleid maar ook re-integratie activiteiten. De kosten van programma Werk en Participatie zijn geheel toegerekend aan Taakveld Arbeidsparticipatie (6.5). De kosten van programma Inkomen en Inkomensondersteuning zijn geheel toegerekend aan Taakveld Inkomensregelingen (6.3).  van de bedrijfsvoeringskosten vallen alle kosten onder overhead tenzij een directe relatie met een taakveld hebben.

Voor het Werkplein zijn de loonkosten van medewerkers die direct met de uitvoering van de taken arbeidsparticipatie en inkomensregelingen aan die taakvelden toegerekend. De overige loonkosten vallen onder overhead. Bij de kosten van ICT zijn de licentiekosten van het 36

betaalprogramma (Suite GWS) aan taakveld inkomensregelingen toegerekend. De overige ICT kosten en andere bedrijfsvoeringskosten aan taakveld overhead.

Taakveld Overhead (0.4)

Programma's : Programma Werk en Participatie Programma Inkomen Programma Inkomensondersteuning Subtotaal programma’s Bedrijfsvoering: Loonkosten Toepassing rekenregel Overige loonkosten Overige personeelskosten Organisatiekosten Ondersteunende diensten Huisvestingskosten Facilitaire kosten Financiën Juridische kosten Communicatie ICT kosten Onvoorzien Subtotaal bedrijfsvoering Totaal lasten en baten

Begroting 2022

Taakveld Overhead (0.4)

Taakveld Taakveld Inkomens Arbeids regelingen (6.3) participatie (6.5)

Taakveld Overige baten en lasten (0.8)

5.455.743

5.455.743 67.571.076

67.571.076

7.909.110 80.935.929

7.909.110 75.480.186

5.455.743

5.319.426 701.389 116.273 107.914

2.541.345 0 54.237 50.338

10.531.232 701.389 261.797 242.976 127.918 1.074.744 573.416 279.564 71.175 10.912 18.004 1.227.557 50.000 15.170.684

2.670.461 0 91.287 84.724 127.918 1.074.744 573.416 279.564 71.175 10.912 18.004 995.630 0 5.997.836

6.476.927

2.645.920

50.000 50.000

96.106.613

5.997.836

81.957.113

8.101.663

50.000

231.927

37

Bijlagen

Financiële richtlijnen begroting 2022 Nr.

Richtlijn begroting Financieel

1

Van het Dagelijks Bestuur (DB) van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) wordt verwacht dat zij een structureel financieelsluitende meerjarenbegroting 2022-2025 aanbiedt aan de deelnemers. De gehanteerde begrotingsuitgangspunten door de GR dienen in de begroting 2022 van de GR inzichtelijk te worden gemaakt. In de begroting 2022 dient een overzicht te worden opgenomen met de meerjarige bijdrage (2022 t/m 2025) per deelnemer. De begroting dient te worden opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Dat wil zeggen dat geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken in de primitieve begroting mogen worden opgenomen. Tenzij dit eerder door het Algemeen Bestuur is besloten. De begroting en jaarrekening dienen te voldoen aan het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Dit betekent dat de voorgeschreven gegevens dienen te worden opgenomen. Met name wordt aandacht gevraagd voor: a. een overzicht van incidentele lasten en baten per programma; b. een specificatie van lasten en baten per programma; c. het opnemen van een meerjarig investeringsplan in de begroting; d. het opnemen van (prestatie) indicatoren in de begroting; e. de verwachte stand begin en eind begrotingsjaar van Eigen en Vreemd vermogen. De begroting bevat een overzicht met het verloop de reserves. In dit overzicht is te zien wanneer en voor welk bedrag per jaar de reserve wordt ingezet. Ook bevat dit overzicht

2

3

4

Opnemen in begroting

Motivatie

38

een toelichting waar in het doel van de reserve wordt omschreven.

5

De begroting 2022 dient te worden opgesteld op basis van een gelijkblijvende gemeentelijke bijdrage ten opzichte van het begrotingsjaar 2021. Als dit leidt tot beleidsmatige keuzes dienen deze aangegeven te worden in de kaders voor de begroting 2022 (Etten-Leur, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen, Zundert).

6

De loonontwikkeling wordt geraamd conform de geldende CAO van de betreffende GR. Voor de meerjarige ontwikkeling van de salariskosten dient rekening gehouden te worden met de werkelijke periodieken. Meerjarige mutaties in de werkgeverslasten dienen onderbouwd te worden. Voor deze zaken kan niet worden volstaan met een vast percentage per jaar zonder onderbouwing (Halderberge). Indien voor het betreffende begrotingsjaar nog geen cao bekend is mag uitgegaan worden van het in de septembercirculaire 2020 (of een actuelere circulaire) opgenomen percentage van de prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers (dit is de loonontwikkeling exclusief de incidentele loonstijging), (EttenLeur, Roosendaal, Zundert) Het prijsindexcijfer van de algemene prijsontwikkeling Bruto Binnenland Product (BBP) uit de septembercirculaire 2020 (of een actuelere circulaire) is de basis voor de toe te passen indexering voor de begroting 2022 inclusief meerjarenraming (Halderberge en Roosendaal). Een positief resultaat vloeit terug naar de deelnemers.

De GR kan hiervan afwijken; hiertoe dient het DB een expliciet en gemotiveerd voorstel tot resultaatbestemming voor te leggen aan het Algemeen Bestuur van de GR In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing is aandacht voor de risico’s door deze te kwantificeren, te prioriteren en de beheersingsmaatregelen te benoemen Binnen twee jaar na inwerkingtreding van de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen brengen de deelnemers de regeling in overeenstemming met de gewijzigde Wgr. De gevolgen van de besluitvorming over de ketensamenwerking worden verwerkt in de begroting. Wat betreft gezamenlijke activiteiten met de WVS-Groep en de ISD Brabantse Wal, zorgt Werkplein HvWB er voor dat hetgeen daarover in haar begroting is opgenomen aansluit bij de begrotingen van de WVS-Groep en de ISD

7

8

9

10

11 12

Dit uitgangspunt is wat betreft programma Inkomen en Inkomensondersteuning niet realistisch. Het betreft tenslotte openeindregelingen. Overigens ontvangen gemeenten hiervoor ook meer inkomsten van het Rijk (Buig). De meerjarige loonkostenontwikkeling baseren we op de in de septembercirculaire 2020 gemiddelde loonvoetontwikkeling sector overheid. Voor 2022 bedraagt deze 1,5%, voor 2023, 2024 en 2025 respectievelijk 1,9%, 1,9% en 2,2%.

39

13 14

15

16

Brabantse Wal. De drie begrotingen zijn de basis voor de ketenbegroting. Het Werkplein HvWB maakt een meerjarige prognose van het aantal bijstandsontvangers. Het Werkplein HvWB neemt in de bijlagen van de begroting een overzicht op met het verloop van de vaste en tijdelijke formatie sinds 2015. Hieruit blijkt welke mutaties er sinds 2015 in de formatie zijn doorgevoerd en met welke reden en de besluitvorming hierover. Het Werkplein HvWB verschaft in de diverse P&C-documenten inzicht in de stand van de vorderingen en de voorziening dubieuze debiteuren. Het Werkplein HvWB biedt inzicht in de mogelijkheden om de kosten voor de bedrijfsvoering terug te brengen tot het noodzakelijke minimum. Hierin zijn ook de synergievoordelen door het samenvoegen van bedrijfsvoeringstaken binnen de ketensamenwerking opgenomen.

Mogelijkheden kunnen in beeld worden gebracht binnen de eigen bedrijfsvoering. Voor synergievoordelen ketensamenwerking zullen eerst de resultaten van de proeftuinen en overige samenwerking in 2021 moeten worden afgewacht.

Beleidsmatige richtlijnen begroting 2022 Nr.

Inhoudelijke richtlijnen begroting 2022

1

Het Werkplein HvWB stelt een begroting voor het jaar 2022 op waarin de ambities van de deelnemende gemeenten tot het duurzaam terugdringen van het aantal uitkeringsgerechtigden en -lasten tot uitdrukking komt; Het Werkplein HvWB gaat voorafgaand aan het opstellen van de begroting 2022 met de deelnemende gemeenten in gesprek over de concrete ambities van de gemeenten voor 2022 op het terrein van werk, inkomensondersteuning en inburgering.

2

3

Het Werkplein HvWB stelt een begroting op waarin de ambities van de deelnemende gemeenten met betrekking tot de klantbenadering tot uitdrukking komt.

Opnemen in begroting

Motivatie

Gemeenten hebben aangegeven een begroting op hoofdlijnen te willen zodat op basis van de actualiteit in 2021 de ambities voor 2022 middels het Werkprogramma 2022 binnen de gestelde kaders kunnen worden bijgesteld. Het is een gezamenlijke ambitie van gemeenten en Werkplein om ambities op te nemen waarin de integrale en daarmee bredere klantbenadering tot uitdrukking komt. Dit is ook terug te lezen in het werkprogramma 2021 en de geactualiseerde opdracht aan het Werkplein. De invulling zal in de komende jaren door leren en ontdekken in nieuwe werkwijzen samen met 40

gemeenten verder worden ontwikkeld.

4

5

6

7

De begroting 2022 bevat een duidelijke onderbouwing van de manier waarop het Werkplein HvWB de hiervoor genoemde (1 t/m 3) ambities gaat realiseren. Het Werkplein brengt daar ook de kosten in beeld. In de onderbouwing is per doelgroep een ambitie en strategie benoemd inclusief de kosten, zodat de effectiviteit van de ingezette middelen achteraf kan worden gemeten. Daarnaast is de onderbouwing tot stand gekomen in afstemming met de WVS–Groep. Aantallen over het in te zetten instrumentarium zijn realistisch, afgestemd en afgesproken met de WVS-groep. Ook de gebruikte terminologie is op elkaar afgestemd. Wanneer er sprake is van een overschrijding van de BUIG-budgetten in 2022 dan moet de onderbouwing concrete maatregelen bevatten die voldoende zijn om aanspraak te kunnen maken op een uitkering van de vangnetregeling. In de begroting 2022 zijn maatregelen opgenomen om de financiële gevolgen van de coronacrisis (gedeeltelijk) op te vangen.

Het Werkplein kijkt voortdurend naar de maatregelen die een positieve bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van al onze inwoners. In deze tijd heeft het Werkplein specifieke aandacht voor de inzet van activiteiten en maatregelen die de financiële gevolgen door corona zoveel mogelijk beperken.

De begroting 2022 van het Werkplein HvWB is opgesteld overeenkomstig het gedachtegoed van de integrale ketensamenwerking met de WVS-Groep. Het Werkplein HvWB en de WVS-Groep moeten hun activiteiten en inspanningen op elkaar afstemmen. Het resultaat van de organisaties samen moet optimaal zijn. Dit moet tot uitdrukking te komen in een integrale ketenbegroting.

41

Staat van personele sterkte BEGROTING 2022

Organisatie-eenheid

Aantal Aantal personeels- formatieleden plaatsen

Vacatureruimte

Huidig personeel Directeur Team Werk en Participatie Team Inkomen Team Inkomensondersteuning Team Besturing en C ontrol Team Staf Totaal huidig personeel

1 40 40 30 14 30

1,00 35,05 35,94 27,63 13,95 21,88

155

135,45

Personeelsleden betreft vast personeel

STAAT VAN PERSONELE LASTEN Organisatie-eenheid

BEGROTING 2022 Netto salariskosten

Huidig personeel Directeur Werkplein Totaal huidig personeel

144.042 10.180.695 10.324.736

Voormalig personeel

Totaal voormalig personeel

TOTAAL GENERAAL

0

10.324.736

42

Staat van geactiveerde kapitaaluitgaven

Omschrijving

Aanschafwaarde begin jaar

Afgeschreven t/m vorig jaar

Boekwaarde begin jaar

Investeringen

Investerings- Afschrijvi bijdragen ng / aflossing jaar

Boekwaarde eind jaar Bedrag

Inrichting werkplekken 2019

303.871

290.430

13.441

5

6.721

6.721

Intranet/sharepoint 2019

31.257

18.129

13.128

5

6.564

6.564

14.776

10.388

4.388

5

2.194

2.194

73.785

45.216

28.568

5

14.284

14.284

Laptops 2020

57.230

35.769

21.461

3

21.461

0

Beeldschermen 2020

26.825

16.363

10.462

3

10.462

0

Laptops 2021

48.000

16.000

32.000

3

16.000

16.000

Beeldschermen 2021

7.000

2.333

4.667

C anon DX10R scanner DIV+software Aanschaf 4 servers (1 verkocht)

Laptops 2022

160.000

3

2.333

2.333

3

53.333

106.667

Beeldschermen 2022

7.000

3

2.333

4.667

Smartphones 2022

45.000

3

15.000

30.000

Vervanging scanners (div)

30.000

5

6.000

24.000

Persoonlijke interpagina

25.000

5

5.000

20.000

C liëntvolgsysteem

30.000

5

6.000

24.000

167.686

257.430

Totaal Werkplein

562.744

434.629

128.115

297.000

0

43

Gemeentelijke bijdrage programma- en bedrijfsvoeringskosten 2022-2025 Bevoorschotting begroting 2022 specificatie gemeentelijke bijdrage Etten-Leur

Halderberge

Moerdijk

Roosendaal

Rucphen

Zundert

Totaal

€ 494.185 € 105.213 € 246.756 € 10.338.180 -€ 170.553 € 697.721 -€ 13.912 € 41.455 € 61.473 -€ 12.725 € 57.857 -€ 18.080 € 9.452 € 36.161 € 32.459 € 519.596 € 831.086 -€ 74.798 € 677.975 € 222.276 € 6.611

€ 313.989 € 79.447 € 209.510 € 6.507.196 -€ 105.643 € 546.931 -€ 8.618 € 72.585 € 38.077 -€ 7.925 € 35.838 -€ 11.199 € 5.887 € 22.398 € 20.216 € 260.012 € 606.267 -€ 54.564 € 340.260 € 99.677 € 6.102

€ 212.189 € 111.655 € 181.575 € 7.095.403 -€ 120.178 € 652.609 -€ 9.803 € 31.906 € 43.316 -€ 9.119 € 40.768 -€ 12.740 € 6.774 € 25.480 € 23.262 € 409.606 € 595.056 -€ 53.555 € 252.286 € 97.643 € 6.102

€ 1.824.541 € 238.340 € 719.317 € 28.189.653 -€ 417.355 € 1.752.806 -€ 34.045 € 137.551 € 150.429 -€ 30.795 € 141.580 -€ 44.244 € 22.876 € 88.488 € 78.555 € 1.149.539 € 2.310.264 -€ 207.924 € 1.235.243 € 57.698 € 10.170

€ 228.809 € 68.710 € 258.395 € 4.956.392 -€ 75.596 € 391.905 -€ 6.167 € 87.220 € 27.247 -€ 5.580 € 25.645 -€ 8.014 € 4.145 € 16.028 € 14.233 € 272.798 € 353.209 -€ 31.789 € 215.867 €0 € 2.034

€ 49.609 € 34.355 € 79.148 € 3.064.876 -€ 53.982 € 207.117 -€ 4.403 € 69.449 € 19.457 -€ 3.856 € 18.312 -€ 5.723 € 2.864 € 11.445 € 9.835 € 218.266 € 253.081 -€ 22.777 € 149.836 € 23.740 € 2.034

€ 3.123.322 € 637.719 € 1.694.702 € 60.151.699 -€ 943.308 € 4.249.089 -€ 76.947 € 440.167 € 340.000 -€ 70.000 € 320.000 -€ 100.000 € 51.999 € 200.000 € 178.560 € 2.829.817 € 4.948.963 -€ 445.407 € 2.871.468 € 501.033 € 33.053

Totaal programmakosten Per maand

€ 14.088.388 € 1.174.032

€ 8.976.443 € 748.037

€ 9.580.234 € 798.353

€ 37.372.687 € 3.114.391

€ 6.795.493 € 566.291

€ 4.122.684 € 343.557

€ 80.935.929

Uitvoerings- en organisatiekosten Bedrijfsvoeringskosten Uitvoeringskosten Participatiewet Totaal bedrijfsvoeringskosten Voorschot btw

€ 2.614.910 € 77.252 € 2.692.162 € 125.302

€ 1.671.511 € 52.186 € 1.723.698 € 80.096

€ 1.897.467 € 53.187 € 1.950.655 € 90.923

€ 6.455.633 € 174.439 € 6.630.072 € 309.343

€ 1.251.337 € 40.334 € 1.291.671 € 59.962

€ 857.370 € 25.057 € 882.427 € 41.084

€ 14.748.229 € 422.455 € 15.170.684 € 706.710

Totaal bedrijfsvoeringskosten inclusief vs btw

€ 2.817.464

€ 1.803.794

€ 2.041.578

€ 6.939.415

€ 1.351.633

€ 923.511

€ 15.877.394

Totaal 2022

€ 16.905.852

€ 10.780.237

€ 11.621.813

€ 44.312.102

€ 8.147.125

€ 5.046.195

€ 96.813.323

Te betalen maandbijdrage productkosten Te betalen kwartaalbijdrage uitv.- en org.kst

€ 1.174.032 € 704.366

€ 748.037 € 450.948

€ 798.353 € 510.395

€ 3.114.391 € 1.734.854

€ 566.291 € 337.908

€ 343.557 € 230.878

€ 6.744.661 € 3.969.349

37.372.687 € 6.939.415 € 44.312.102 €

6.795.493 € 1.351.633 € 8.147.125 €

4.122.684 € 923.511 € 5.046.195 €

80.935.929 15.877.394 96.813.323

Productkosten P-Budget: WWB klassiek P-Budget: Nieuw Wajong P-Budget: Nieuw begeleiding Bijstandsverlening/P-wet Pwet vorderingen debiteuren IOAW bestedingen Verhaal normen IOAW IOAZ bestedingen BBZ uitkeringen BBZ baten BBZ uitkeringen Declarabel BBZ baten Declarabel Invorderingskosten Buig Externe controlekosten (sociaal rechercheur) Onderzoekskosten Loonkostensubsidie Bijzondere bijstand Vorderingen debiteuren bijzondere bijstand Collectieve ziektekosten Uitkering maatsch. Part. Webshop Externe adviezen

Productkosten Uitvoeringskosten Totaal 2022

€ € €

14.088.388 € 8.976.443 € 9.580.234 € 2.817.464 € 1.803.794 € 2.041.578 € 16.905.852 € 10.780.237 € 11.621.813 €

44

Bevoorschotting begroting 2023 specificatie gemeentelijke bijdrage Productkosten WERK & PARTICIPATIE: P-Budget: WWB klassiek P-Budget: Nieuw Wajong P-Budget: Nieuw begeleiding INKOMEN: Bijstandsverlening/P-wet WWB ontvangsten debiteuren IOAW bestedingen Verhaal normen IOAW IOAZ bestedingen BBZ uitkeringen BBZ baten BBZ uitkeringen Declarabel BBZ baten Declarabel Invorderingskosten Buig Externe controlekosten (sociaal rechercheur) Onderzoekskosten Loonkostensubsidie INKOMENSONDERSTEUNING: Bijzondere bijstand Ontvangsten debiteuren bijzondere bijstand Collectieve ziektekosten Uitkering maatsch. Part. Webshop Externe adviezen Totaal programmakosten Uitvoerings- en organisatiekosten Bedrijfsvoeringskosten Uitvoeringskosten Participatiewet Totaal bedrijfsvoeringskosten Totaal gemeentelijke bijdrage 2023 Voorschot btw Totaal gemeentelijke voorschot incl. btw 2023

Etten-Leur

Halderberge

Moerdijk

Roosendaal

Rucphen

Zundert

Totaal

500.115 109.820 272.230

317.757 82.925 231.139

214.735 116.544 200.321

1.846.435 248.776 793.578

231.555 71.719 285.072

50.204 35.860 87.319

3.160.802 665.645 1.869.658

10.782.722 177.887710.280 13.91242.202 61.473 12.72557.857 18.0809.452 36.161 32.459 648.275

6.787.005 110.186556.776 8.61873.891 38.077 7.92535.838 11.1995.887 22.398 20.216 339.717

7.400.506 125.346664.356 9.80332.480 43.316 9.11940.768 12.7406.774 25.480 23.262 500.278

29.401.807 435.3021.784.357 34.045140.027 150.429 30.795141.580 44.24422.876 88.488 78.555 1.464.425

5.169.517 78.847398.959 6.16788.790 27.247 5.58025.645 8.0144.145 16.028 14.233 329.834

3.196.665 56.303210.845 4.40370.699 19.457 3.85618.312 5.7232.864 11.445 9.835 258.994

62.738.222 983.8704.325.572 76.947448.090 340.000 70.000320.000 100.00051.999 200.000 178.560 3.541.523

846.045 76.144690.179 226.277 6.729 14.733.529

617.180 55.546346.384 101.472 6.212 9.389.402

605.767 54.519256.827 99.400 6.212 10.025.499

2.351.849 211.6661.257.478 58.736 10.353 39.083.697

359.567 32.361219.752 2.071 7.113.165

257.637 23.187152.533 24.167 2.071 4.315.436

5.038.044 453.4242.923.154 510.052 33.647 84.660.728

2.696.908 77.252 2.774.160

1.723.926 52.186 1.776.113

1.956.968 53.187 2.010.155

6.658.067 174.439 6.832.506

1.290.576 40.334 1.330.910

884.256 25.057 909.312

15.210.701 422.455 15.633.156

17.507.688 125.302 17.632.990

11.165.514 80.096 11.245.610

12.035.654 90.923 12.126.578

45.916.203 309.343 46.225.546

8.444.075 59.962 8.504.037

5.224.748 41.084 5.265.832

100.293.883 706.710 101.000.594

Bevoorschotting begroting 2024 specificatie gemeentelijke bijdrage Productkosten WERK & PARTICIPATIE: P-Budget: WWB klassiek P-Budget: Nieuw Wajong P-Budget: Nieuw begeleiding INKOMEN: Bijstandsverlening/P-wet WWB ontvangsten debiteuren IOAW bestedingen Verhaal normen IOAW IOAZ bestedingen BBZ uitkeringen BBZ baten BBZ uitkeringen Declarabel BBZ baten Declarabel Invorderingskosten Buig Externe controlekosten (sociaal rechercheur) Onderzoekskosten Loonkostensubsidie INKOMENSONDERSTEUNING: Bijzondere bijstand Ontvangsten debiteuren bijzondere bijstand Collectieve ziektekosten Uitkering maatsch. Part. Webshop Externe adviezen Totaal programmakosten Uitvoerings- en organisatiekosten Bedrijfsvoeringskosten Uitvoeringskosten Participatiewet Totaal bedrijfsvoeringskosten Totaal gemeentelijke bijdrage 2024 Voorschot btw Totaal gemeentelijke voorschot incl. btw 2024

Etten-Leur

Halderberge

Moerdijk

Roosendaal

Rucphen

Zundert

Totaal

506.617 114.597 295.433

321.888 86.532 250.839

217.526 121.613 217.394

1.870.439 259.597 861.215

234.565 74.839 309.369

50.857 37.419 94.762

3.201.892 694.598 2.029.012

10.976.813 181.089723.065 13.91242.961 61.473 12.72557.857 18.0809.452 36.161 32.459 781.420

6.909.172 112.169566.798 8.61875.221 38.077 7.92535.838 11.1995.887 22.398 20.216 422.189

7.533.715 127.602676.314 9.80333.065 43.316 9.11940.768 12.7406.774 25.480 23.262 594.097

29.931.030 443.1371.816.475 34.045142.547 150.429 30.795141.580 44.24422.876 88.488 78.555 1.790.242

5.262.566 80.266406.140 6.16790.389 27.247 5.58025.645 8.0144.145 16.028 14.233 388.849

3.254.207 57.316214.640 4.40371.972 19.457 3.85618.312 5.7232.864 11.445 9.835 301.136

63.867.504 1.001.5804.403.433 76.947456.156 340.000 70.000320.000 100.00051.999 200.000 178.560 4.277.934

861.274 77.515702.602 230.350 6.851 15.136.065

628.289 56.546352.619 103.298 6.324 9.649.130

616.671 55.500261.450 101.189 6.324 10.304.195

2.394.182 215.4761.280.112 59.793 10.539 40.130.404

366.039 32.944223.708 2.108 7.312.900

262.274 23.605155.279 24.602 2.108 4.436.266

5.128.729 461.5862.975.771 519.233 34.253 86.968.960

2.773.333 77.252 2.850.585

1.772.779 52.186 1.824.965

2.012.424 53.187 2.065.612

6.846.743 174.439 7.021.183

1.327.148 40.334 1.367.482

909.314 25.057 934.370

15.641.742 422.455 16.064.197

17.986.650 125.302 18.111.952

11.474.095 80.096 11.554.191

12.369.807 90.923 12.460.731

47.151.586 309.343 47.460.929

8.680.382 59.962 8.740.344

5.370.637 41.084 5.411.721

103.033.157 706.710 103.739.867

45

Bevoorschotting begroting 2025 specificatie gemeentelijke bijdrage Productkosten WERK & PARTICIPATIE: P-Budget: WWB klassiek P-Budget: Nieuw Wajong P-Budget: Nieuw begeleiding INKOMEN: Bijstandsverlening/P-wet WWB ontvangsten debiteuren IOAW bestedingen Verhaal normen IOAW IOAZ bestedingen BBZ uitkeringen BBZ baten BBZ uitkeringen Declarabel BBZ baten Declarabel Invorderingskosten Buig Externe controlekosten (sociaal rechercheur) Onderzoekskosten Loonkostensubsidie INKOMENSONDERSTEUNING: Bijzondere bijstand Ontvangsten debiteuren bijzondere bijstand Collectieve ziektekosten Uitkering maatsch. Part. Webshop Externe adviezen Totaal programmakosten Uitvoerings- en organisatiekosten Bedrijfsvoeringskosten Uitvoeringskosten Participatiewet Totaal bedrijfsvoeringskosten Totaal gemeentelijke bijdrage 2025 Voorschot btw Totaal gemeentelijke voorschot incl. btw 2025

Etten-Leur

Halderberge

Moerdijk

Roosendaal

Rucphen

Zundert

Totaal

513.709 119.145 323.001

326.394 89.967 274.246

220.572 126.440 237.680

1.896.625 269.900 941.578

237.849 77.809 338.237

51.569 38.905 103.604

3.246.719 722.165 2.218.347

11.174.396 184.349736.080 13.91243.735 61.473 12.72557.857 18.0809.452 36.161 32.459 919.152

7.033.537 114.188577.000 8.61876.575 38.077 7.92535.838 11.1995.887 22.398 20.216 507.502

7.669.322 129.899688.488 9.80333.660 43.316 9.11940.768 12.7406.774 25.480 23.262 691.148

30.469.788 451.1141.849.172 34.045145.113 150.429 30.795141.580 44.24422.876 88.488 78.555 2.127.280

5.357.293 81.711413.451 6.16792.016 27.247 5.58025.645 8.0144.145 16.028 14.233 449.897

3.312.783 58.348218.504 4.40373.268 19.457 3.85618.312 5.7232.864 11.445 9.835 344.729

65.017.119 1.019.6084.482.694 76.947464.367 340.000 70.000320.000 100.00051.999 200.000 178.560 5.039.708

876.777 78.910715.249 234.497 6.974 15.552.141

639.599 57.564358.967 105.157 6.437 9.918.305

627.771 56.499266.156 103.011 6.437 10.592.225

2.437.277 219.3551.303.154 60.870 10.729 41.213.863

372.628 33.536227.735 2.146 7.521.350

266.995 24.030158.074 25.045 2.146 4.561.174

5.221.046 469.8943.029.335 528.579 34.870 89.359.058

2.820.678 77.252 2.897.929

1.803.043 52.186 1.855.229

2.046.779 53.187 2.099.967

6.963.627 174.439 7.138.066

1.349.805 40.334 1.390.138

924.837 25.057 949.894

15.908.769 422.455 16.331.224

18.450.070 125.302 18.575.372

11.773.534 80.096 11.853.630

12.692.192 90.923 12.783.115

48.351.930 309.343 48.661.273

8.911.488 59.962 8.971.450

5.511.068 41.084 5.552.152

105.690.281 706.710 106.396.992

46

Beleidsindicatoren Verplichte indicatoren in het kader van het BBV. Het gaat om de indicatoren opgenomen in de regeling van de Minister Van Binnenlandse Zaken van 24 maart 2016. De indicatoren per gemeente en voor heel Nederland zijn te vinden op waarstaatjegemeente.nl:

Gegevens zijn afkomstig uit Waarstaatjegemeente.nl.

De omvang van de formatie is licht toegenomen van 0,55 per 1.000 inwoners naar 0,58. Dit komt doordat de formatie van de voormalige PPS voor het WSP is beëindigd. In totaal is 5,89 fte overgeheveld van inhuur naar vaste formatie. De apparaatskosten zijn met 3% toegenomen. Dit komt door de toegepaste prijscorrectie, het toepassen van indexatie lonen met 1,5% en toename van de rekenregel vanwege de geraamde toename van het bestand met 6%. Demografische gegevens: Leeftijdsopbouw (per 1-3-2021) aantal klanten <18

Totaal 0

18-26

427

27-39

1205

40-49

1014

50-64

2022

65+

163

Totaal

4831

47

(Meerjaren) balans 2021-2024 Activa

Ultimo 2021 Ultimo 2022 Ultimo 2023 Ultimo 2024 Passiva

Vaste Activa

Ultimo 2022 Ultimo 2023 Ultimo 2024

Vaste Passiva

Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut

Ultimo 2021

Eigen vermogen 128.115

257.430

121.666

146.667 Gerealiseerd resultaat

0

0

0

0

128.115

257.430

121.666

146.667 Totaal vaste passiva

0

0

0

0

128.115

257.430

121.666

146.667

10.500.000

Financiële vaste activa Overige langlopende leningen Totaal vaste activa Vlottende activa

Vlottende Passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Banksaldi

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar Vorderingen op openbare licham en Vorderngen cliëntdebiteuren

10.500.000

10.500.000

10.500.000

10.500.000

Liquide middelen

Overlopende passiva Nog te betalen bedragen gemeenten ivm vorderingen cliëntdebiteuren

10.500.000

10.500.000

10.500.000

Kassaldi

Nog te betalen bedragen Werkplein

0

0

0

0

Vooruit ontvangen bedragen

0

0

0

0

Overige overlopende passiva

0

0

0

0

Banksaldi

0

Overlopende activa Nog te ontvangen bedragen

0

Vooruitbetaalde bedragen

0

Overige overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

0

Totaal vlottende activa

10.500.000

10.500.000

10.500.000

10.500.000 Totaal vlottende passiva

10.628.115

10.757.430

10.621.666

10.646.667

Totaal Activa

10.628.115

10.757.430

10.621.666

10.646.667 Totaal Passiva

10.628.115

10.757.430

10.621.666

10.646.667

Op basis van het besluit begroting en verantwoording (BBV) voor decentrale overheden wordt een balans in de begroting opgenomen. Omdat het Werkplein slechts op een beperkt gebied werkzaam is kunnen er in de balans slechts beperkt gegevens worden opgenomen. De gegevens die zijn opgenomen zijn de vaste activa (investeringen). De activa worden gefinancierd uit het rekeningcourant saldo op de bank. Een toe- of afname van de investeringen leidt derhalve tot een toe- of afname van het banksaldo. Bij de investeringen (activa) is geen sprake van nieuwe investeringen. De boekwaarde neemt af vanwege afschrijvingen. Daarnaast zijn de vorderingen op cliënten (terugvorderingen uitkeringen regulier en als gevolg van fraudeonderzoek) opgenomen als schuld aan de gemeenten. Daartegenover staat een vordering op de gemeenten voor een gelijk bedrag.

48

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/493/documents/14866