Bijlage 2 Werkplein begroting.pdf
Tekst van het document
Programmabegroting 2023 Meerjarenbegroting 2024-2026
Ik ga weer aan de slag dankzij het Werkplein
1
Inhoudsopgave
1 INLEIDING ............................................................................................................................................. 4 2 HET WERKPLEIN IN 2023 ...................................................................................................................... 8 2.1 Visie en strategische doelstellingen .............................................................................................. 8 2.2 Politiek speelveld........................................................................................................................... 8 2.3 Gebiedsgerichte aanpak ................................................................................................................ 9 2.4 Ketensamenwerking .................................................................................................................... 10 2.5 Complexe hulpvragen.................................................................................................................. 10 3 PROGRAMMA WERK EN PARTICIPATIE .............................................................................................. 12 3.1 Inleiding .......................................................................................................................................
12 3.2 Wat gaan we doen in 2023? ........................................................................................................ 13 3.2.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam ..................................................................................... 13 3.2.2 Meer inwoners krijgen passende ondersteuning ......................................................... 14 3.2.3 We werken meer samen in het sociaal domein ........................................................... 15 3.2.4 Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners ...................... 15 3.3 Wat mag het kosten? .................................................................................................................. 16 4 PROGRAMMA INKOMEN .................................................................................................................... 19 4.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 19 4.2 Wat gaan we doen in 2023? ........................................................................................................ 19 4.2.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam .....................................................................................
19 4.3 Wat mag het kosten? .................................................................................................................. 20 5 PROGRAMMA INKOMENSONDERSTEUNING ..................................................................................... 22 5.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 22 5.2 Wat gaan we doen in 2023? ........................................................................................................ 23 2
5.2.1 Minder inwoners leven in armoede ................................................................................ 23 5.3 Wat mag het kosten? .................................................................................................................. 24 6 PROGRAMMA INBURGERING ............................................................................................................. 26 6.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 26 6.2 Wat gaan we doen in 2023? ........................................................................................................ 26 6.2.1 Meer inwoners krijgen passende ondersteuning ......................................................... 26 6.2.2 We werken meer samen in het sociaal domein ........................................................... 27 6.2.3 Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners ...................... 27 6.3 Wat mag het kosten? .................................................................................................................. 28 7 ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN .......................................................................................................
31 8 PARAGRAFEN ...................................................................................................................................... 32 8.1 Paragraaf financiering ................................................................................................................. 32 8.2 Paragraaf bedrijfsvoering ............................................................................................................ 33 8.3 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheer ....................................................................... 35 9 FINANCIELE BEGROTING..................................................................................................................... 38 9.1 Staat van baten en lasten per programma.................................................................................. 38 9.2 Meerjarenraming per programma .............................................................................................. 40 9.3 Incidentele baten en lasten ......................................................................................................... 41 9.4 Verantwoording taakvelden begroting 2023 .............................................................................. 41 10 BIJLAGEN ..........................................................................................................................................
43 Financiële richtlijnen begroting 2023 ................................................................................................ 43 Beleidsmatige richtlijnen begroting 2023 ......................................................................................... 45 Staat van geactiveerde kapitaaluitgaven .......................................................................................... 47 Gemeentelijke bijdrage programma- en bedrijfsvoeringskosten 2023-2026 ................................... 47 Beleidsindicatoren ............................................................................................................................. 50 (Meerjaren) balans 2022-2025 .......................................................................................................... 51
3
Inleiding In deze onzekere tijd leggen wij u de begroting 2023 en de meerjarenbegroting 2024-2026 van de Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van West-Brabant voor; kortweg de Programmabegroting Werkplein Hart van West-Brabant 2023-2026.
Wereld in beweging Het Werkplein en de wereld om ons heen zijn volop in beweging. Maatschappelijke tendens is dat inwoners van de overheid een persoonlijke benadering, een unieke oplossing en een holistische aanpak verwachten. Deze tendens is vertaald naar politieke ambities. Het regeerakkoord van kabinet Rutte-IV spreekt van het belang van de menselijke maat. Lokale politieke partijen vragen verbonden partijen om een inwonergerichte aanpak en betere samenwerking tussen organisaties. Om aan de veranderende vraag van de samenleving tegemoet te kunnen komen moet het Werkplein veranderen. Het Werkplein is hier tijdig mee begonnen en pakt de transformatie grondig aan. Na een intensief intern traject konden wij in 2021 aan de gemeenten een visie voorleggen van het Werkplein van de toekomst. Deze visie is door de De6 gemeenten omarmd, waardoor er een goede basis is om onze inwonergerichte aanpak daadwerkelijk te verwezenlijken. De vergroening in praktijk brengen In 2023 gaan de zes gemeenten op verschillende manieren ervaren dat het Werkplein een andere koers gaat varen. Dat is te merken aan gewijzigde structuren en processen: Vanaf eind 2022 gaan medewerkers van het Werkplein te vinden zijn in de toegangen van alle zes gemeenten. Door te werken vanuit gebiedsteams kan een meer specifiek lokale agenda worden gevoerd.
Het Werkplein sluit aan op lokale structuren en bij lokale partners. Dat versterkt de samenwerking in het sociaal domein. Er wordt vooral ingezet op een interne cultuur die volledig is gericht op het centraal stellen van de inwoner. Dat doen we door het bieden van veel vrijheid en verantwoordelijkheid aan onze collega’s. Regels die hiertoe belemmeren worden gewijzigd. Door het inzetten van intervisie zorgen we ervoor dat de samenwerking en de kwaliteit van dienstverlening verbetert. Data-analyse gaat ons nieuwe inzichten geven in welke aanpak voor welke inwoners meer en minder effectief zijn. Het Leerplein dat in 2023 operationeel is wordt onze interne academie die medewerkers stimuleert om steeds te reflecteren op hun werk. Deze cultuur van samenwerken en continu leren en verbeteren moet de effectiviteit van het Werkplein verhogen.
4
Consequenties van de vergroening in de begroting 2023 De werkwijze van het Werkplein verandert. Dat betekent dat ook functies van medewerkers gaan wijzigen. Met de structuurwijziging is het Werkplein voornemens om de flexibelere schil kleiner te maken. Bij de start van het Werkplein telde onze organisatie een hoog aantal tijdelijke medewerkers, ongeveer 40% van onze organisatie. Ingehuurd personeel is uiteraard duurder dan vast personeel. Daarnaast willen wij onze medewerkers ook voor de lange termijn aan ons binden. Daarom is in de afgelopen jaren veel tijdelijke formatie omgezet naar vaste formatie. Na de structuurwijziging gaat de flexibele schil naar verwachting slechts 5% tot 7% uitmaken, wat een stabielere en goedkopere bedrijfsvoering mogelijk maakt. Deze flexibele schil maakt het mogelijk om bij een afnemend bestand mee te kunnen bewegen. Maar naast deze schil is flexibiliteit in de organisatie zeker van even groot belang waardoor we kunnen inspelen op niet te voorziene omstandigheden of zaken zoals we dat de afgelopen periode ook gedaan hebben met de uitvoering van de Tozo en Tonk regelingen en begin 2022 met de energietoeslag. Maar ook kunnen inspringen op lokale projecten of activiteiten.
Om de vergroening van het Werkplein mogelijk te maken zijn ook een aantal nieuwe functies onmisbaar: De gebiedsgerichte aanpak wordt ondersteund door drie Gebiedsverbinders die eerste aanspreekpunt zijn in het uitvoeren van de lokale agenda. Coördinatie op het Leerplein waar het leeraanbod voor onze medewerkers gebundeld wordt. Om te leren van alle informatie die bij het Werkplein beschikbaar is, wordt een data-analist aangetrokken. In het Werkpunt wordt een projectleider voorzien die nieuwe lokale initiatieven waar inwoners kunnen uitstromen stimuleert. Gedacht moet worden aan een succesvol project als ZorgKracht. Om ook in de toekomst in control te blijven wordt een businesscontroller aangetrokken. Met alle plussen (voordelen van omzetting van flexibel naar vast) en minnen (nieuwe functies) laat de vergroening van onze organisatie in de begroting voor 2023 ruim 3 ton aan hogere loonkosten zien. Door autonome ontwikkelingen stijgen de loonkosten overigens ook. De nieuwe gemeente-CAO is ook van toepassing op het Werkplein, wat leidt tot een loonstijging. Een deel van deze stijging was al opgenomen in het meerjarenperspectief, maar dit dekt de CAO stijging slechts ten dele. Evaluatie 2025 Iedereen die in zijn leven wel eens het roer heeft omgegooid weet hoe moeilijk het is om te veranderen.
Hoe lastig het is om nieuw gedrag eigen te maken en hoe gemakkelijk om terug te vallen in oude patronen. Wij pakken de handschoen op door processen en structuur te verbeteren, maar vooral in te steken op de cultuurverandering die nodig is om inwonergericht te werken. Dit doen we onder andere met intervisie, het inzetten op talenten van medewerkers, programmatisch werken en een nieuwe wijze van leiderschap. Dat is geen garantie voor succes, het wordt een proces van vallen en opstaan. In den lande zien we dat veel meer diensten de inwoner centraal willen stellen, maar erg worstelen met de wijze waarop dat kan binnen de contouren van de Participatiewet. Een blauwdruk is er niet en met onze grondige aanpak lijkt het Werkplein voorop te lopen in deze beweging. We verwachten met onze toekomstige werkwijze, structuur en cultuur de politieke wens om inwoners centraal te stellen te kunnen verwezenlijken. Maar zeker weten doen we dat niet. Ook is voorstelbaar dat de 5
inhoudelijke en financiële voordelen van onze inwonergerichte aanpak niet landen bij het Werkplein, maar juist bij onze partners in het sociaal domein. Wij verwachten, conform onze visie, dat eind 2024 onze nieuwe dienstverlening is ingeregeld en afgesteld. Omdat ook wij zeer benieuwd zijn naar de maatschappelijke effecten van onze nieuwe koers stellen we voor om begin 2025 een gedegen evaluatie uit te (laten) voeren naar de effecten van onze nieuwe manier van werken. Corona De afgelopen jaren waren de onzekerheden rondom corona groot. De economische ontwikkelingen waren met grote onzekerheden omkleed en sterk afhankelijk van eventuele lockdowns. Het lijkt er op dat we corona steeds meer achter ons kunnen laten. Dit zal een positief effect hebben op de samenwerking en op de ontwikkeling van onze inwoners. Corona lijkt op dit moment meer op de achtergrond te raken. De economische ondersteuningspakketten zijn afgebouwd en gestopt. Onzekere tijden De begroting 2023 en verder wordt begin 2022 opgesteld. Er zijn op dit moment nogal wat ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op de uitvoering van het Werkplein in 2023 en verder. Het gaat dan om lokale en regionale ontwikkelingen maar net zo goed om ontwikkelingen van wereldformaat.
Denk aan de gemeenteraadsverkiezingen die in maart 2022 zijn gehouden en nieuwe raden en colleges die nieuwe programma’s voor de komende vier jaar gaan maken. Het nieuwe kabinet dat net gestart is (10 januari 2022) waarbij we nog moeten zien hoe de uitwerking van het coalitieakkoord ‘Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomt’ er uit gaat zien. Buiten deze politieke veranderingen hebben we ook nog steeds met de onzekerheden van COVID-19 te maken. En dan spelen nu ook nog de geopolitieke zorgen in het conflict in Oost-Europa die tot grote (financiële) onzekerheid in Europa en de rest van de wereld (kunnen) leiden. We hebben allemaal last van stijgende energieprijzen, boodschappen worden duurder en ook de brandstofprijzen zijn sky high. Deze stijgingen raken onze inwoners die rond moeten komen van een minimuminkomen des te harder. Het kabinet heeft inmiddels een besluit genomen over compensatie voor 2022, maar het ontbreken van concreetheid voor daarna leidt tot onzekerheden voor het jaar 2023. Of de gestegen prijzen vanwege de hoge inflatie ook van invloed zijn op de begroting voor 2023 is nu niet te zeggen. We gaan in deze begroting uit van de verwachting van het Centraal Plan Bureau (CPB) zoals deze in september 2021 zijn gepubliceerd en die ook meegenomen zijn in de gewijzigde begroting 2022.
Programma’s Werkplein De afgelopen jaren hebben het Werkplein en de gemeenten gezamenlijk geïnvesteerd in het programmatisch werken. Hieraan gekoppeld hebben we gezamenlijk een programmaplaat opgesteld met daarin de visie, strategische doelen en indicatoren. De gemeenten en het Werkplein bepalen jaarlijks de inspanningen die een bijdrage leveren aan deze doelstellingen. In deze begroting gaan we nog uit van de ‘oude’ opzet van de verschillende programma’s. Maar in de komende jaren willen we ook de opzet van de begroting meer aan laten sluiten bij de gezamenlijke doelstellingen. In deze begroting 2023 en meerjarenbegroting 2024-2026 geven wij aan wat het Werkplein in de komende jaren wil realiseren. De begroting is opgesteld langs de vier programma’s van dienstverlening aan onze inwoners: 6
In het programma Werk en Participatie staat de ontwikkeling en participatie van onze inwoners centraal. Waar kunnen we onze inwoners ondersteunen in hun ontwikkeling. Zowel in hun ontwikkeling naar werk en/of participatie (verticale groei) als in ondersteuning en/of doorverwijzing in hun zorgvraag op welk terrein dan ook (horizontale groei). Het programma Inkomen focust zich op het verstrekken van uitkeringen, terugvordering en verhaal, handhaving e.d. Een inkomen is van essentieel belang voor onze inwoners om uiteindelijk te kunnen groeien richting werk en/of participatie. Het programma Inkomensondersteuning kan met de inkomensondersteunende regelingen bijdragen aan de ontwikkeling van onze inwoners. Het programma Wet Inburgering 2021 is nieuw in deze begroting. Vanaf 1 januari 2022 voert het Werkplein de Wet Inburgering uit voor de zes gemeenten. Vanaf nu is dit programma onderdeel van de Werkplein begroting. Naast deze inhoudelijke programma’s maken we een doorkijk van de bedrijfsvoeringskosten. Onze insteek is om deze kosten zo beperkt mogelijk te houden door efficiënt om te gaan met de beschikbare middelen. In deze begroting staat de vertaling van de organisatieontwikkeling naar de praktijk centraal. De afgelopen jaren hebben we vol ingezet op de ontwikkeling naar een groen Werkplein waarbij de inwoners centraal staat.
De ontwikkelslag maken we óók om inwoners met een hele grote afstand tot de arbeidsmarkt (met complexere problematieken op allerlei leefgebieden) te kunnen blijven ondersteunen. In deze begroting komen we tot een omslagpunt van ontwikkeling naar doen. De personele consequenties van ‘groendoen’ zijn vertaald in deze begroting. Opbouw begroting 2023 De opbouw is als volgt: Na de inleiding in hoofdstuk 1 lichten we in hoofdstuk 2 toe hoe we het Werkplein in 2023 zien. In de daaropvolgende hoofdstukken gaan we zowel inhoudelijk als financieel in op de vier programma’s (Werk en Participatie, Inkomen, Inkomensondersteuning en de Wet Inburgering). De afsluitende hoofstukken 7 tot en met 10 zijn voor het grootste deel financieel ingestoken met verplichte onderdelen voor een begroting. Begrotingsrichtlijnen De gemeenteraden hebben voor het jaar 2023 een aantal begrotingsrichtlijnen meegegeven. Hoe wij daar vorm aan hebben gegeven, is terug te lezen in de tabellen in de bijlagen 1 (financiële richtlijnen) en 2 (beleidsmatige richtlijnen).
7
Het Werkplein in 2023
2.1 Visie en strategische doelstellingen Eind 2021 hebben gemeenten en het Werkplein een gezamenlijke visie vastgelegd voor het Werkplein. In het werkprogramma 2022 wordt deze als volgt omschreven: “Wij vertrouwen in de talenten en kwaliteiten van onze inwoners. Daarom stimuleren wij iedereen om deze te ontwikkelen, met als doel werk, en als dat (nog) niet lukt, wel meedoen in de samenleving. Dat doen we samen met de inwoner, collega’s en partners op basis van maatwerk.” Deze visie is vertaald naar vijf strategische doelstellingen voor de periode 2022-2024: 1. Meer inwoners zijn zelfredzaam; 2. Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; 3. Minder inwoners leven in armoede; 4. We werken meer samen in het sociaal domein; 5. Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners. De inhoudelijke afzonderlijke programma’s in de volgende hoofdstukken zijn opgebouwd aan de hand van bovenstaande doelstellingen. Jaarlijks bepalen gemeenten en Werkplein gezamenlijk de indicatoren die bij de deze strategische doelstellingen horen. Daarnaast spreken we jaarlijks af welke inspanningen gemeenten en Werkplein leveren om de resultaten te behalen. In de bestuursrapportage rapporteert het Werkplein ieder kwartaal over de behaalde resultaten. 2.2 Politiek speelveld In maart 2021 waren de landelijke verkiezingen.
Vanwege de zeer langlopende kabinetsformatie is het regeerakkoord uiteindelijk pas op 10 januari 2022 gepubliceerd. We zien een veranderend politiek speelveld waarin de menselijke maat in de sociale zekerheid meer naar voren komt. Het kabinet lijkt oog te hebben voor de kloof op de arbeidsmarkt en de (financiële) kwetsbaarheid van een aanzienlijk deel (28%) van de bevolking. Daarnaast verandert de aard van ons werk door digitalisering, robotisering en globalisering. Dit maakt de toekomst onvoorspelbaar, maar biedt tegelijkertijd ook kansen. Na de landelijke verkiezingen staan zijn in maart 2022 de
8
gemeenteraadsverkiezingen geweest. Los van deze politieke ontwikkelingen houdt het Werkplein vast aan de ingezette koers. 2.3 Gebiedsgerichte aanpak Een belangrijke ontwikkeling om de visie en strategische doelstellingen te kunnen behalen is de ‘vergroening van het Werkplein’. De afgelopen jaren stonden in het teken van de organisatieontwikkeling. We zijn van een proces- en taakgerichte organisatie naar een inwoner- en resultaatgerichte organisatie gegaan. Kortom van ‘blauw’ naar ‘groen’. Alle medewerkers van het Werkplein hebben hier hun bijdrage aan geleverd. Dat doen we niet zonder reden. De opgave in de Participatiewet is dat we inwoners aanspreken op hun zelfredzaamheid. Echter, wij zien in praktijk dat onze doelgroep verandert. Inwoners die gebruikmaken van onze diensten hebben steeds vaker problematiek op meerdere leefgebieden. Dit komt omdat inwoners die voorheen werden opgevangen binnen de sociale werkvoorziening nu vaker terechtkomen bij de sociale dienst. De doelgroep wordt dus complexer en de afstand tot de arbeidsmarkt groter. Inhoudelijk is dit uiteraard een positieve verschuiving, maar dit maakt wel dat de samenwerking in het sociaal domein voor het Werkplein steeds belangrijker wordt.
We zien de maatschappelijke wens om de inwoner centraal te stellen, en niet de dienst. Deze omslag in denken en handelen is niet eenvoudig, maar vereist een verandering in structuur en cultuur. In 2023 is ‘de ontwikkeling naar’ een feit en hebben we de omslag naar ‘groendoen’ gemaakt. De zoektocht naar hoe we inwoners centraal kunnen stellen zal een blijvend leerproces zijn. Maar daar vinden we onze weg in samen met onze partners waarmee we vanuit de verschillende gebiedsteams intensief samenwerken.
9
Om beter aan te sluiten op wat de maatschappij van ons vraagt gaat het Werkplein in 2023 uit van de talenten en kwaliteiten van inwoners en medewerkers. Proces en inhoud van de ondersteuning zijn maatwerk. Onze medewerkers krijgen veel regelruimte om met de inwoner best passende keuzes te maken. Samenwerking met collega’s in het sociaal domein is de norm. Door het effect van wat we doen nog beter te meten en een continue dialoog hierover te voeren, verwachten we dat de kwaliteit van onze dienstverlening toeneemt en meer inwoners naar vermogen mee kunnen doen in de samenleving. Om deze werkwijze uit te kunnen voeren zijn aanpassingen nodig in zowel de structuur, als de cultuur van het Werkplein. Dat wordt per 1 september 2022 vorm gegeven. 2.4 Ketensamenwerking In het ketenjaarplan bepalen WVS, ISD Brabantse Wal en het Werkplein Hart van West-Brabant de doelstellingen voor de ketensamenwerking. Het doel is om als een gezamenlijk ontwikkelbedrijf, waar inwoners die binnen ons werkgebied wonen en vallen onder de Participatiewet optimaal worden ondersteund bij hun ontwikkeling naar een betaalde baan of als dat niet haalbaar is betaalde detachering óf vrijwilligerswerk. Op operationeel niveau wordt via de proeftuinen invulling gegeven aan de Ketensamenwerking.
Op tactisch en strategisch niveau wordt gekeken naar wat de Ketensamenwerking moet zijn en vooral wat het moet toevoegen voor onze inwoners. 2.5 Complexe hulpvragen Met de invoering van de Participatiewet is de doelgroep de afgelopen jaren veranderd. Mensen met een (gedeeltelijke) arbeidsbeperking die eerst onder de Wsw (Wet sociale werkvoorziening) of Wajong (Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jong gehandicapten) vielen komen nu bij het Werkplein terecht. Ook zijn er meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt die te maken hebben met brede problematiek. Een andere zichtbare verandering voor het Werkplein is de complexer wordende doelgroep. We zien dat de huidige doelgroep van het Werkplein een steeds grotere afstand heeft tot de arbeidsmarkt. Deze groep heeft steeds complexere problematieken op allerlei leefgebieden, waarbij betaalde arbeid niet altijd realistisch is. Voor deze doelgroep staat 10
ontwikkeling voorop. Elk stapje telt, hoe klein of groot. Hierbij is de samenwerking tussen professionals vanuit verschillende netwerken van onschatbare waarde. Prognose bijstandsvolume In de macro-economische verkenningen van het CPB (september 2021) is het CPB tot een gunstigere ontwikkeling van het bijstandsbestand gekomen dan in eerdere prognoses het geval was. In deze begroting gaan we uit van de prognose. Hierbij gaat het CPB uit van een lichte cumulatieve daling tot en met 2023. Daarna tot en met 2025 een lichte stijging van 2,6% in 2024 en daarna weer 0,%. Deze cijfers zijn uiterst precair gezien de huidige onzekere tijden in de wereld. Prognose ontwikkeling bestand bijstandontvangers Aantal bijstandontvangers eind van het jaar Stijging/daling per jaar Verloop in aantallen
2021 4.000
2022 3.948 -1,3% -52
2023 3.948 0,0% 0
2024 4.051 2,6% 103
2025 4.051 0,0% 0
Conform zoals aangegeven in de Kaderbrief 2023 hebben we de nieuwe inzichten van het CPB van september 2021 in deze begroting meegenomen. Hoewel voor het jaar 2023 nog niet alle onzekerheden in deze begroting kunnen worden opgenomen, geven wij de richting aan voor een blijvende inzet op de ontwikkeling van onze kandidaten. Zodra meer duidelijkheid ontstaat over de economische gevolgen van de instabiele situatie in Oost-Europa zullen wij dit, indien nodig, in een herziene begroting aan u voorleggen. Hoogachtend,
Hoogachtend,
Marko Does Secretaris/Directeur
René van Ginderen Voorzitter
11
Programma Werk en Participatie
3.1 Inleiding Met de invoering van de Participatiewet zijn er steeds meer inwoners met complexe problematieken die gebruik maken van de dienstverlening van het Werkplein. Ruim 65% van de inwoners die bij het Werkplein terecht komen hebben een grote afstand tot de arbeidsmarkt en een brede hulpvraag. We hebben gemerkt dat deze groep inwoners vraagt om een andere, bredere kijk op dienstverlening. Juist voor deze groep is het belangrijk dat de professionals binnen het sociaal domein en de lokale netwerken elkaar weten te vinden en samen werken. De afgelopen jaren hebben we de ontwikkeling ingezet van een op regels en wetten gerichte ‘blauwe’ organisatie naar een ‘groene’ organisatie die de mens centraal stelt. Het is nu aan ons om te laten zien dat we deze beloften waar maken en onze inwoners nog betere ondersteuning kunnen bieden in hun ontwikkeling. Zoals in het vorige hoofdstuk al was te lezen sluiten we aan bij onze visie; ‘Wij vertrouwen in de talenten en kwaliteiten van onze inwoners. Daarom stimuleren wij iedereen om deze te ontwikkelen, met als doel werk, en als dat (nog) niet lukt, wel meedoen in de samenleving. Dat doen we samen met de inwoner, collega’s en partners op basis van maatwerk’. Dit is de kern van de vergroening die we in richting 2024 willen realiseren. Opgave voor het Werkplein is om cultuur en structuur van de organisatie hierop in te richten.
Proces en inhoud van de ondersteuning zijn maatwerk. Onze medewerkers hebben veel regelruimte om met de inwoner best passende keuzes te maken. Samenwerking met collega’s in het sociaal domein wordt de norm. Door beter het effect te meten van wat we doen en een continue dialoog hierover (intervisie) verwachten we dat de kwaliteit van onze dienstverlening zal toenemen, en meer inwoners naar vermogen mee kunnen doen in de samenleving. Doelgroepenindeling De afgelopen jaren hebben we een traditionele doelgroepenindeling gehanteerd aan de hand van A, B en C. Doordat we nog beter kijken vanuit de inwoner en vanuit de drie gebieden sluiten we steeds meer aan op de behoefte van de inwoner ongeacht de doelgroepindeling. Het gaat niet om het aanbod van het Werkplein maar we kijken naar de talenten en kwaliteiten van onze inwoners. Om deze talenten en kwaliteiten te ontwikkelen werken we samen met onze inwoners, (gemeente)collega’s en partners bij de lokale en regionale netwerken. Het kan zijn dat een inwoner niet meer ontwikkelbaar is bij het Werkplein. Maar er is meer dan het Werkplein. We staan in verbinding met heel veel hulp/zorg/maatschappelijke organisaties die iemand wellicht wel datgene 12
kunnen bieden wat op dat moment nodig is. Dit maatschappelijk speelveld is van reuze belang voor onze inwoners. We gaan steeds meer kijken naar de ontwikkelbaarheid van onze inwoners. En dan gaat er om of iemand al dan niet ontwikkelbaar is bij het Werkplein. Gebiedsgerichte aanpak Vanaf 2023 werken we gebiedsgericht. De professionals van het Werkplein zijn lokaal in de gemeenten en bij onze maatschappelijke partners te vinden. Hierdoor is er meer ruimte voor deelname aan lokale projecten en aanpakken. Naast deze gebiedsgerichte aanpak blijft er oog voor specialisten teams. Er blijven specifieke groepen inwoners die de aandacht verdienen die ze nodig hebben. En soms is het handiger als dat wel regionaal wordt opgepakt met specialistische ontwikkelaars om een groter volume te creëren. Denk hierbij bijvoorbeeld aan beschut werk en garantiebanen, GGZ-problematiek, jongerenaanpak. 3.2 Wat gaan we doen in 2023? In deze begroting gaan we uit van de resultaatafspraken die het Werkplein en gemeenten gemaakt hebben in het werkprogramma 2022. De resultaatafspraken voor 2023 zullen eind 2022 vastgesteld worden. Aan de hand van de strategische doelstellingen gaan we in op de indicatoren en inspanningen. 1. Meer inwoners zijn zelfredzaam; 2. Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; 3. Minder inwoners leven in armoede; 4. We werken meer samen in het sociaal domein; 5.
Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners. Voor de overzichtelijkheid gaan we per programma in op de strategische doelstellingen waarvoor het programma de grootste bijdrage levert. In de praktijk zien we dat we vanuit elk programma inspanningen leveren die aan elke doelstelling bijdragen. De hieronder genoemde instrumenten en aanpakken zijn niet uitputtend voor de werkwijze van het Werkplein. 3.2.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam We vinden het belangrijk dat onze inwoners zelfredzaam zijn. We ondersteunen onze inwoners op verschillende manieren om dit te realiseren. Om dit te meten kijken we naar de mate van uitstroom (ook in relatie tot het landelijk gemiddelde), de tevredenheid van de inwoner over de dienstverlening, het aantal ontwikkelplekken voor de inwoners, de mate van ontzorging bij het vinden van passende (financiële) voorzieningen en de duurzaamheid van plaatsingen. In het kader van de bestandsbeheersing hebben we een aantal extra maatregelen die in 2022 en 2023 gerealiseerd worden.
Het gaat hierbij om: Extra ondersteuning voor inwoners die parttime werken om zo de stap naar (financiële) zelfredzaamheid te verkleinen; We versterken en evalueren de ondersteuning aan onze inwoners in samenwerking met Randstad; We bieden werkgericht taalaanbod om de aansluiting bij de arbeidsmarkt te vinden; We intensiveren de nazorg na plaatsing bij een werkgever om duurzame uitstroom (zowel regulier als indicatie banenafspraak) te versterken. 13
3.2.2 Meer inwoners krijgen passende ondersteuning De hieronder beschreven aanpakken zijn er op gericht dat zoveel mogelijk inwoners passende ondersteuning krijgen. Proeftuinen In 2021 zijn de drie proeftuinen ‘Intensieve Start’, ‘Doelgroep C’ en ‘Beschut Werk/Arbeidsmatige Dagbesteding’ van start gegaan. Een jaar later dan gepland in verband met de beperkingen die Corona met zich meebracht. Daarbij is uitdrukkelijk ruimte gegeven en genomen om te experimenteren met andere manieren van werken, hoe klein of groot de aanpassing ook was. Dit betekent dat elke uitkomst goed is. Immers, leren wat niet werkt is net zo waardevol als leren wat wel werkt. Uitgangspunten waren: ‘de inwoner centraal’ en ‘doen wat nodig is om de ontwikkeling van inwoners te ondersteunen’. Er is zoveel mogelijk ruimte aan de professionals gegeven om te experimenteren. Er is veel geleerd met betrekking tot het effectief samenwerken ten gunste van de inwoner. Samen optrekken als WVS en Werkplein/ISD, met de klant, geeft beter inzicht in de behoefte aan ondersteuning in ontwikkeling en daarmee een betere kans op het succesvol doorlopen van trajecten. Er is veel samenwerking ontstaan tussen de proeftuinen, waardoor deze nu ook samengevoegd worden: 1 voordeur met daarna direct alle ruimte voor individueel maatwerk. De ambitie is om ca.
300 inwoners (Brabantse Wal en Hart van West-Brabant gezamenlijk) te laten instromen in de werkwijze van de gezamenlijke proeftuinen in 2022. Ontwikkelplekken We willen de ontwikkelmogelijkheden van onze inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt versterken. De lokale netwerken zijn hierbij van groot belang en dus ook de lokale samenwerking. We willen dat er voldoende verscheidenheid aan ontwikkelplekken is voor onze inwoners. Het kan hierbij gaan om ontwikkelplekken via Werkplein Actief. Werkgerichte trajecten Naast ontwikkelplekken bieden we onze inwoners ook werkgerichte trajecten. Het kan hierbij gaan om individuele maatwerktrajecten, leerwerktrajecten via WVS, taalaanbod, opleidingen of ondersteuning door onze klantmanagers. Het doel van een leerwerktraject is dat kandidaten zich dusdanig ontwikkelen dat ze na het leerwerktraject klaar zijn om aan het werk te gaan in een betaalde baan. De kwaliteit van de leerwerktrajecten en de ontwikkeling van onze inwoners is hierbij leidend. Een inwoner die een indicatie banenafspraak krijgt kan bij het Werkplein terecht voor ondersteuning richting werk bij een reguliere werkgever. Als dit (nog) niet mogelijk is dan wordt ingezet op het jobready maken van een kandidaat.
Daarnaast wordt maximaal ingezet op nazorg om uitval en verdere terugval te voorkomen, de werkgever te ontzorgen en uiteindelijk zoveel mogelijk duurzame plaatsingen te realiseren. Via de praktijkroute wil het Werkplein inwoners met een verminderde loonwaarde, waarvoor werken in een reguliere baan niet mogelijk is, via een garantiebaan toch een kans op de arbeidsmarkt geven. 14
Iedereen met een indicatie beschut werk die jobready is en binnen de taakstelling beschut werken valt, plaatsen we op een betaalde baan bij een werkgever of bij WVS. Beschut werk is voor de groep mensen met een blijvende arbeidsbeperking die dusdanige begeleiding nodig heeft dat dit niet van een reguliere werkgever verwacht kan worden. 3.2.3 We werken meer samen in het sociaal domein Integrale ondersteuning In 2022 en 2023 werken we verder aan de implementatie van de organisatievisie. We werken volgens een inwonergerichte aanpak dichtbij onze inwoners. Hierbij willen we een gelijkwaardige samenwerking met partners in het sociaal domein voor alle inwoners die daar behoefte aan hebben. In de komende jaren richting 2024 zal deze visie steeds verder praktisch uitgerold worden. Om onze inwoners optimaal te ondersteunen kijken we naar de vraag achter de vraag en werken we intensief samen met onze partners. Strategische samenwerking We versterken niet alleen op uitvoerend niveau de samenwerking met de D6 gemeenten. Het Werkplein en de zes gemeenten zijn samen de weg van het programmatisch werken ingeslagen. De komende jaren willen we deze manier van werken nog beter benutten om ieder vanuit zijn eigen professie bij te dragen aan de gezamenlijk doelstellingen. Om te kunnen sturen op strategische doelen is een sturingssysteem met betrouwbare data essentieel.
De opdracht en ontwikkeling van zo’n systeem is een van de opdrachten voor de komende jaren. 3.2.4 Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners SROI Deze D6 gemeenten hebben gezamenlijk SROI-beleid vastgesteld. Door gelijke spelregels tussen de gemeenten af te spreken en het beschikbare instrumentarium voor Social return helder in beeld te brengen maken we van Social return een effectief instrument. Bij grotere aanbestedingen vragen gemeenten aan leveranciers om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in te zetten bij de uitvoering van de opdracht. Afhankelijk van het soort opdracht wordt de SROI-waarde vastgesteld (een percentage van de aanneemsom). Om dit in goede banen te leiden is er een regionale SROI coördinator. Ketensamenwerking Om inwoners door te ontwikkelen en werkgevers aan ons te verbinden dragen we bij aan de ontwikkeling van het publiek Groenbedrijf binnen de ketensamenwerking. In 2021 hard gewerkt aan het koersdocument voor het Publiek Groenbedrijf. Uitgangspunten hierbij zijn de ontwikkeling van de mens staat centraal, het groenbedrijf is een gezamenlijk bedrijf van de ketenpartners en er is nauwe betrokkenheid van het reguliere bedrijfsleven. In 2022 wordt dit koersdocument omgezet naar een implementatieplan waarbij de ambitie is om 80 inwoners in de gelegenheid te stellen om zich via het Groenbedrijf te ontwikkelen.
15
3.3 Wat mag het kosten? De inzet binnen het programma Werk en Participatie wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (qua personele inzet) als vanuit het Participatiebudget. De bijdrage van de gemeente betreft het Participatiebudget (re-integratiebudget) dat door het Rijk beschikbaar word gesteld. Inmiddels is dat onderdeel geworden van de algemene uitkering van gemeenten. De integratie uitkering voor Nieuw Wajong en Nieuw begeleiding wordt volledig aan het Werkplein doorgesluisd. Progra mma Werk & Parti ci pa ti e Bijdrage aan bedrijfsvoering: Werkpunt Ontwi kkel i ng Inburgeri ng (i nvoeri ngs kos ten) Inzet instrumenten: Di a gnos ti s che tool en ma tchca re Szeebra Indi vi duel e tra jecten/Ma atwerk Leerwerktra jecten WVS Proeftui nen ketens amenwerki ng Prakti jkerva ri ngs pl ekpol i s Extra i nzet fra udepreventi e Bes chut werken Bes chut werken rei skos ten Jobcoa chi ng Loonwa a rdemeti ngen Nog na der i n te vul l en Intens i veri ng nazorg Project bes ta nds beheers i ng Project B-uni t Soci a l return on i nves tment (SROI) Tota al l a s ten Baten Sta tus houders Inburgeri ng (i nvoeri ngs kosten) Soci a l retutn op i nves tment (SROI) Tota al baten Sa l do va n l a s ten en ba ten Bi jdra gen gemeenten Etten-Leur Ha l derberge Moerdi jk Roos enda a l Rucphen Zundert Tota al bi jdra gen gemeenten Resultaat (bestemd)
Ja a rrekeni ng 2021
Begroti ng 2022
Begroti ng 2023
Mutati es
1.304.763 964.104 324.496
1.310.937 961.616 -
1.274.867 961.616
97.694 323.861 139.142 89.026 7.150 98.406 824.842 37.630 149.542 39.092
100.000 600.000 510.910 110.000 7.500 150.000 1.016.400 35.000 439.250 62.750 -68.191
132.245 600.000 484.500 190.000 7.500 150.000 1.185.600 42.500 439.250 62.750 19.504 94.830
30.898
200.000 5.436.172
-36.070 32.245 -26.410 80.000 169.200 7.500 87.695 94.830 -200.000 17.925 226.915
104.764 4.535.409 187.529 326.881 104.764 619.174 3.916.235 658.136 479.902 372.340 2.302.574 456.110 104.922 4.373.984 457.749
17.925 5.663.087
-
5.436.172
5.663.087
226.915
842.978 600.364 501.664 2.775.932 553.375 161.859 5.436.172
876.991 627.054 524.427 2.881.159 582.749 170.707 5.663.087
34.013 26.690 22.763 105.227 29.373 8.848 226.914
Analyse begroting 2023 t.o.v. begroting 2022 De begroting is gebaseerd op staand beleid en met de huidige inzichten en kaders opgesteld. Omdat er sprake is van een begroting die gebaseerd is op het werkprogramma 2022 kunnen er nog de nodige zaken veranderen.
16
Werkpunt Vanwege de nieuwe structuur bij het Werkplein zien de kostenposten er vanaf 2023 anders uit. De kosten voor Werkpunt (€ 1.274.867) zijn opgebouwd uit de werkgeversbenadering, maatschappelijk participeren, intensivering nazorg en garantiebanen. Deze posten zijn dus niet meer afzonderlijk geraamd in deze begroting. Ontwikkeling Vanwege de nieuwe structuur bij het Werkplein zien de kostenposten er vanaf 2023 anders uit. De kosten voor Ontwikkeling (€ 961.616) zijn opgebouwd uit de posten inhuur klantmanagers Werk, trainers en Statushouders. Deze posten zijn dus niet meer afzonderlijk geraamd in deze begroting. Diagnostische tool en matchcare Szeebra De kosten zijn € 32.245 hoger dan in de begroting van 2022. Dit komt doordat deze kosten eerst onderdeel waren van de werkgeversbenadering (licentiekosten matchingspakket Tulip). Nu wordt gebruikt gemaakt voor Salesforce om de matching van inwoners optimaal te ondersteunen. Individuele trajecten/maatwerk In verband met corona minder zijn er de afgelopen jaren minder maatwerktrajecten ingezet. We verwachten dat we in 2023 weer een normale inzet kunnen plegen waardoor de kosten tot een normaal niveau zullen gaan toenemen. Leerwerktrajecten WVS In de begroting is rekening gehouden met 155 leerwerktrajecten per jaar. Deze aantallen zijn puur rekenkundig voor de begroting. We leggen de focus op kwaliteit in plaats van kwantiteit.
Proeftuinen ketensamenwerking De kosten voor de ketensamenwerking zijn in 2023 € 80.000 hoger dan in 2022. Dit komt onder andere door een bijdrage van € 100.000 voor de doorontwikkeling van de drie proeftuinen tot één project waarbij we met de drie organisaties 300 inwoners uit de C doelgroep verder willen ontwikkelen. Daarnaast bestaat deze kostenpost uit een bijdrage voor de manager ketensamenwerking en een ontwikkelbudget. Extra fraudeinzet De begrote kosten zijn hoger dan de uitgaven in 2021. Dit komt doordat in coronatijd een vacature tijdelijk niet ingevuld is. Vanwege lockdownmaatregelen was de mogelijke effectiviteit van inzet laag hierdoor is op deze kosten bespaard. Beschut werk Dit bedrag is verhoogd met € 169.200 en gebaseerd op de begeleidingsvergoeding die vanuit het Rijk beschikbaar wordt gesteld van € 7.800 per beschutte werkplek. De raming voor 2023 is gebaseerd op 152 plaatsen. Nazorg intensivering Op basis van de notitie nieuwe doelgroepen is structureel 1 fte nazorg in de begroting opgenomen.
17
Jobcoaching De kosten van jobcoaching zijn flink hoger dan waarmee we 2021 zijn afgesloten. De verwachting is dat we door intensievere begeleiding en nazorg van de doelgroep garantiebanen meer gebruik zullen maken van het instrument jobcoaching. Daarnaast zijn de jobcoachtarieven verhoogd naar aanleiding van een wijziging in de beleidsregels. SROI Het betreft hier alleen nog de kosten van programmatuur en communicatie. Loonkosten zitten in programma bedrijfsvoering.
18
Programma Inkomen
4.1 Inleiding Het verstrekken van uitkeringen is het grootste onderdeel van de begroting van het Werkplein. Als mensen zich melden met een vraagstuk op het gebied van inkomen, dan zien we steeds meer de bredere problemen die iemand heeft. Hiervoor zoeken we de bredere samenwerking op in het sociale domein. De weg naar zelfredzaamheid is breder dan alleen werk en inkomen. Er kan ook sprake zijn van schulden, lichamelijke problemen of andere factoren die de zelfredzaamheid beïnvloeden. Door daar oog voor te hebben, kijken we breder en maken we inwoners zelfstandiger. Daarbij kijken we niet alleen naar wat het Werkplein kan bieden, maar ook wat de inwoner zelf aangeeft. 4.2 Wat gaan we doen in 2023? In deze begroting gaan we uit van de resultaatafspraken die het Werkplein en gemeenten gemaakt hebben in het werkprogramma 2022. De resultaatafspraken voor 2023 zullen eind 2022 vastgesteld worden. Aan de hand van de strategische doelstellingen gaan we in op de indicatoren en inspanningen. 1. Meer inwoners zijn zelfredzaam; 2. Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; 3. Minder inwoners leven in armoede; 4. We werken meer samen in het sociaal domein; 5. Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners. Voor de overzichtelijkheid gaan we per programma in op de strategische doelstellingen waarvoor het programma de grootste bijdrage levert.
In de praktijk zien we dat we vanuit elk programma inspanningen leveren die aan elke doelstelling bijdragen. 4.2.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam Wij verstrekken uitkering Hoewel het vaak als vanzelfsprekend wordt gezien, is de kerntaak van het Werkplein dat wij maandelijks ongeveer 4000 uitkeringen verstrekken. Veruit het grootste deel van onze begroting wordt gebruikt voor het betalen van uitkeringen. Dit doen wij op tijd en rechtmatig waardoor kwetsbare inwoners in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Een groot deel van de medewerkers 19
houdt zich bezig met het toekennen, wijzigen en betalen van deze uitkeringen. Dit is een onderdeel dat we al jaren doen en ook de komende jaren als een belangrijk onderdeel zien. Klanttevredenheid In 2021 zijn we begonnen met het meten van de klanttevredenheid. Dit wordt in 2022 omgezet naar concrete acties die we vervolgens weer willen meten. Niet alleen willen we dat inwoners tevreden zijn over onze dienstverlening maar we kijken ook waar de behoefte ligt. Hoewel de aard van onze dienstverlening er altijd voor zal zorgen dat niet iedereen tevreden kan zijn, streven we toch naar een optimale dienstverlening. Het meten van klanttevredenheid wordt een structureel onderdeel worden van de bedrijfsvoering binnen het Werkplein. We ondersteunen inwoners die parttime werken Eind 2021 zijn we begonnen om te kijken wat we kunnen doen voor inwoners die parttime werken. Met name bij inwoners die beginnen met werken en inwoners die wisselende inkomsten hebben, heeft dit gevolgen voor de hoogte en betaling van de uitkering. Het is belangrijk dat inwoners zoveel mogelijk ontzorgd worden binnen dat proces. Om dat te verbeteren zijn we met een interne werkgroep aan het kijken hoe we dit kunnen stroomlijnen. 4.3 Wat mag het kosten? Onze inzet binnen het programma Inkomen wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (qua personele inzet) als vanuit de BUIG-middelen.
Deze laatste kosten worden 1-op-1 op klantniveau verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten gemaakt worden c.q. wiens inwoners het betreffen. Programma inkomen Lasten Pwet BBZ BBZ (declarabel) IOA Onderzoekskosten Invorderings- en externe controlekosten Externe controlekosten Loonkostensubsidie Totaal lasten Baten Ontvangsten debiteuren Buig Ontvangsten debiteuren Ioaw/Ioaz Ontvangsten debiteuren BBZ Ontvangsten debiteuren BBZ (declarabel) Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten
Jaarrekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Mutaties
€ 55.309.645 € 335.702 € 5.500 € 4.135.471 € 56.593 € 18.892 € 185.093 € 2.427.375 € 62.474.271
€ 55.930.646 € 340.000 € 320.000 € 4.689.256 € 178.560 € 51.999 € 200.000 € 2.829.817 € 64.540.278
€ 56.003.429 € 340.000 € 360.000 € 4.281.478 € 175.000 € 50.000 € 240.000 € 3.736.805 € 65.186.712
72.783 0 40.000 -407.778 -3.560 -1.999 40.000 906.989 646.434
€ 869.645 € 15.201 € 92.443 -€ 88.709
€ 943.308 € 76.947 € 70.000 € 100.000
€ 900.349 € 75.000 € 70.000 € 100.000
-42.959 -1.947 0 0
€ 888.580 € 61.585.691
€ 1.190.255 € 63.350.023
€ 1.145.349 € 64.041.363
-44.906 691.341
€ 10.676.482 € 6.874.517 € 7.412.469 € 28.296.055 € 5.056.405 € 3.269.763 € 61.585.691
€ 11.157.653 € 7.147.110 € 7.521.280 € 28.841.724 € 5.285.541 € 3.396.715 € 63.350.023
€ 11.139.304 € 7.286.477 € 7.601.165 € 29.452.530 € 5.120.341 € 3.441.546 € 64.041.363
-18.350 139.367 79.886 610.806 -165.200 44.832 691.341
20
Analyse begroting 2023 t.o.v. begroting 2022 Voor de begroting voor 2022 wordt in de 1e bestuursrapportage van 2022 uitgegaan van de werkelijke Buig-uitgaven over 2021 gecorrigeerd met de verwachtingen qua ontwikkeling van het bestand in 2022. De verwachte bestandsdaling in 2022 is 1,3% ten opzichte van de jaarrekening 2021. De Buig-lasten voor 2022 komen dan uit op € 63.631,785. Dit is het uitgangspunt voor de berekening van de Buig-uitgaven voor 2023. De verwachting is dat het bestand in 2023 gelijk blijft ten opzichte van 2022 met een indexeringspercentage (vanwege stijging minimumloon) van 1,7% voor 2022 en 1,8% voor 2023. Prognose ontwikkeling bestand bijstandontvangers Aantal bijstandontvangers eind van het jaar Stijging/daling per jaar Verloop in aantallen
2021 4.000
2022 3.948 -1,3% -52
2023 3.948 0,0% 0
2024 4.051 2,6% 103
2025 4.051 0,0% 0
Participatiewet We leven nog steeds in onzekere tijden maar in de afgelopen jaren hebben we geen grote stijgingen in het uitkeringsbestand gezien. Ondanks dat dit wel de oorspronkelijke verwachting was vanuit het CPB en het Werkplein. De uitgaven op het gebied van de Participatiewet vormen veruit het grootste deel van de uitgaven binnen het BUIG-budget. Deze stijgen door de indexatie van het minimumloon. Loonkostensubsidie Dit is een post die jaarlijks stijgt door de taakstelling beschut werk en de garantiebanen. Door die twee vormen van werk komen er jaarlijks mensen bij die loonkostensubsidie ontvangen. Het is de verwachting dat dit de komende jaren alleen maar toe zal nemen en dat de uitgaven dus ook zullen stijgen. Dat is op zichzelf een positieve ontwikkeling omdat hierdoor mensen aan het werk gaan. Werkplein Hart van West-Brabant Doelstelling plaatsingen beschut werk Beschut werk toename per jaar Doelstelling plaatsing garantiebanen per jaar
2022 137
2023 152 15
2024 167 15
2025 182 15
2026 197 15
80
80
80
80
80
21
Programma Inkomensondersteuning
5.1 Inleiding Om onze inwoners te kunnen laten groeien in hun ontwikkeling en mee te laten doen in de maatschappij is inkomensondersteuning heel belangrijk. Ontwikkelingen die op termijn zonder twijfel effect op dit programma zullen hebben zijn de: nieuwe dienstverleningsvisie Werkplein waarbij de inwoner/het gezin centraal komt te staan, doorontwikkeling van het sociaal domein incl. integrale klantbenadering, ambities in het Werkplan Participatie 2022 (onderdeel armoede(nota)/voorliggende minimaregelingen t.w. opstellen uitvoeringsplan rondom armoede en schuldhulpverlening), invoering van een regelingencheck in de gemeentelijke toegangen (Participatiewet/ Werkplein, Jeugd, WMO, schuldhulpverlening) en misschien het algemeen maatschappelijk werk. Het is lastig om op dit moment een reële inschatting te maken van de omvang van alle ontwikkelingen en dus ook van de financiële impact voor de uitgaven 2023 voor het programma inkomensondersteuning. De historische ontwikkeling van het aantal verstrekte minimaregelingen en de gemaakte uitkeringskosten in de afgelopen jaren (2016-2021) vormen de basis voor de begroting 2023 van het programma inkomensondersteuning.
Weergave bijzondere bijstand en overig minimabeleid is op gezinsniveau. 22
5.2 Wat gaan we doen in 2023? In deze begroting gaan we uit van de resultaatafspraken die het Werkplein en gemeenten gemaakt hebben in het werkprogramma 2022. De resultaatafspraken voor 2023 zullen eind 2022 vastgesteld worden. Aan de hand van de strategische doelstellingen gaan we in op de indicatoren en inspanningen. 1. Meer inwoners zijn zelfredzaam; 2. Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; 3. Minder inwoners leven in armoede; 4. We werken meer samen in het sociaal domein; 5. Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners. Voor de overzichtelijkheid gaan we per programma in op de strategische doelstellingen waarvoor het programma de grootste bijdrage levert. In de praktijk zien we dat we vanuit elk programma inspanningen leveren die aan elke doelstelling bijdragen. 5.2.1 Minder inwoners leven in armoede In het programma inkomensondersteuning dragen we vooral bij aan de doelstelling dat minder inwoners in armoede leven. Dit doen we door de uitvoering van de minimaregelingen en bijzondere bijstand en de implementatie van de voorzieningenwijzer. Minimaregelingen en bijzondere bijstand Bijzondere bijstand kan ingezet worden voor de bijzonder noodzakelijke kosten van het bestaan.
Met de collectieve zorgverzekering voor minima bieden we inwoners met een inkomen tot 120% van de bijstandsnorm de mogelijkheid om zich via het Werkplein goed en betaalbaar te verzekeren tegen zorgkosten. Voor huishoudens met een inkomen tot 120% van de bijstandsnorm bevorderen we de maatschappelijke participatie door te ondersteunen in kosten om armoede en sociale uitsluiting te voorkomen en te beperken. Daarnaast is er bij onverwachte uitgaven of tegenvallers de mogelijkheid 23
om een persoonlijke lening daarvoor af te sluiten. Om de hoge bewindvoeringskosten meer beheersbaar te maken hebben de Werkplein-gemeenten in het Werkplan Participatie 2022 opgenomen dat zij willen onderzoeken of er mogelijkheden zijn om deze kosten te kunnen beperken. Voorzieningenwijzer Met de implementatie van de voorzieningenwijzer wijzen we inwoners op de mogelijkheden voor (extra) financiële ondersteuning. Hiermee streven we naar een toename van het gebruik van landelijk -en lokale armoede en minimaregelingen. Momenteel wordt in opdracht van de werkpleingemeenten onderzocht bij welke organisatie de uitvoering het best belegd kan worden. Streven is dat dit onderzoek in het 2e kwartaal 2022 wordt afgerond en hierbij wordt ook inzicht in de te verwachten kosten (=licentiekosten, personele inzet en verwachte stijging uitkerings-kosten) verwacht. 5.3 Wat mag het kosten? Onze inzet binnen het Programma Inkomensondersteuning wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (personele inzet en een beperkt materieel budget voor schuldhulpverlening) als vanuit de voorzieningen en overdrachten. Deze laatste kosten worden 1-op-1 verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten worden gemaakt. Het benodigde budget waarover het Werkplein moet beschikken, is weergegeven in onderstaande tabel.
Programma inkomensondersteuning Lasten Bijzondere bijstand Minimabeleid (webshop) * Collectieve zvw premie Externe adviezen Totaal lasten Baten Ontvangsten debiteuren bijz. bijstand Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten
Jaarrekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Mutaties
€ 4.951.017 € 390.208 € 2.860.655 € 13.529 € 8.215.408
€ 4.948.963 € 501.033 € 2.871.468 € 33.053 € 8.354.517
€ 5.125.817 € 403.985 € 2.961.653 € 30.540 € 8.521.995
176.854 -97.049 90.185 -2.512 167.478
€ 458.361 € 458.361 € 7.757.047
€ 445.407 € 445.407 € 7.909.110
€ 468.280 € 468.280 € 8.053.715
-22.873 -22.873 144.605
€ 1.690.747 € 988.871 € 832.548 € 3.344.569 € 539.401 € 360.910 € 7.757.047
€ 1.663.150 € 997.742 € 897.532 € 3.405.451 € 539.321 € 405.914 € 7.909.110
€ 1.775.349 € 1.023.495 € 866.185 € 3.473.481 € 544.273 € 370.932 € 8.053.715
112.199 25.753 -31.347 68.030 4.952 -34.982 144.605
Tabel: Geraamde kosten voor inkomensondersteuning 2023
Analyse begroting 2023 t.o.v. begroting 2022 Bijzondere bijstand De raming voor 2023 is gebaseerd op het begrote bedrag voor 2022 verhoogd met een prijscorrectie van 1,8% voor 2023 conform CBS. Dit is op zowel de lasten als de baten toegepast. Op basis hiervan wordt voor 2023 een stijging ten opzichte van de jaarrekening 2021 voorzien van € 174.800. Van de totale jaarlijkse bijzondere bijstandskosten heeft 77% betrekking op slechts drie kostensoorten t.w.: bewindvoering (43%), individuele inkomenstoeslag (21%) en huisraad-woninginrichting (14%).
24
Minimabeleid inclusief webwinkel Net als 2020 kenmerkte ook het jaar 2021 zich door de coronacrisis en diverse maatregelen om het aantal reisbewegingen en contacten met andere mensen sterk te beperken. De uitgaven voor het onderdeel maatschappelijke participatie voor de jaren 2020 en 2021 liggen dan ook een stuk lager dan voor de coronacrisis (rekeningresultaat 2019 bedroeg € 465.121). De raming voor 2023 is daarom gebaseerd op het begrote bedrag voor 2022 verhoogd met een prijscorrectie van 1,8% conform CBS. Premiebijdrage collectieve zorgverzekering In de raming 2023 is er van uitgegaan dat de gemeentelijke premiebijdragen van de D-6 gemeenten € 17,00 bedraagt voor de polis gemeente extra en € 42,50 (en € 48,25 voor inwoners Etten-Leur) voor de polis gemeente extra uitgebreid. Het budget voor de Collectieve ziektekostenverzekering voor 2023 is gebaseerd op het aantal premieplichtige deelnemers per maart 2022 (6.827), de verwachte gemeentelijke premiebijdrage 2022 en verhoogd met een prijscorrectie van 1,8% conform CBS.
Tot slot De in de ‘Inleiding’ al genoemde ontwikkelingen (=geopolitieke zorgen in het conflict in Oost-Europa, een nieuw kabinet, gemeenteraadsverkiezingen en de organisatieontwikkeling van het Werkplein) en de door de Werkpleingemeenten voorgestane invoering van een regelingencheck in het sociaal domein medio 2022, zullen ongetwijfeld financiële effecten krijgen op de begroting 2023. Hoe vervelend ook, de omvang daarvan valt nu helaas nog niet te becijferen.
25
Programma Inburgering
6.1 Inleiding De uitvoering van de Wet inburgering 2021 is een nieuwe taak voor het Werkplein. Daarmee is dit een nieuw onderdeel in de gehele Werkpleinbegroting. De toestroom van vluchtelingen naar Nederland en vervolgens de taakstelling huisvesting van gemeenten is bepalend voor de Werkpleinbegroting. Deze cijfers zijn op dit moment nog niet inzichtelijk. De eerste inburgeringstrajecten onder de Wet inburgering 2021 zijn in 2023 volle gang in. Snelle inburgeraars binnen de B1-route zouden dan de inburgering zelfs al af kunnen ronden. Hierbij is het streven dat ze een zelfstandig en onafhankelijk leven leiden. Waarin ze op een zo hoog mogelijk niveau deelnemen aan de maatschappij. De ambities zijn gesteld dat meer inburgeraars deelnemen aan de maatschappij, meer inburgeraars zelfstandig zijn en meer inburgeraars taalniveau B1 behalen. 6.2 Wat gaan we doen in 2023? In deze begroting gaan we uit van de resultaatafspraken die het Werkplein en gemeenten gemaakt hebben in het werkprogramma 2022. De resultaatafspraken voor 2023 zullen eind 2022 vastgesteld worden. Aan de hand van de strategische doelstellingen gaan we in op de indicatoren en inspanningen. 1. Meer inwoners zijn zelfredzaam; 2. Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; 3. Minder inwoners leven in armoede; 4. We werken meer samen in het sociaal domein; 5.
Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners. Voor de overzichtelijkheid gaan we per programma in op de strategische doelstellingen waarvoor het programma de grootste bijdrage levert. In de praktijk zien we dat we vanuit elk programma inspanningen leveren die aan elke doelstelling bijdragen. 6.2.1 Meer inwoners krijgen passende ondersteuning Brede intake Door middel van de brede intake brengen we de situatie, behoeften en kansen in beeld van de inburgeraar. Het hiervoor genoemde netwerk zetten we hierbij in. Een belangrijk onderdeel van de brede intake is het meten van de leerbaarheid van de inburgeraar en het inzetten van de juiste 26
leerroute met bijpassend taalniveau. Hieruit volgt het Persoonlijk Integratie Plan (PIP) waarin de leerroute en de afspraken met de inburgeraar worden vastgelegd. Dit is maatwerk. Financieel ontzorgen Iedere inburgeraar met een bijstandsuitkering wordt financieel ontzorgd. De kredietbank verzorgt dit door vaste lasten door te betalen in de eerste 6 maanden. Tijdens de maatschappelijke begeleiding is er aandacht voor het financieel zelfredzaam maken van inburgeraars en indien nodig worden zij hierin actief getraind. Duale trajecten De leerroutes starten met een grote component aan taal. Als er enige taalbasis is, worden er participatie-activiteiten ingezet. Hier wordt de Nederlandse taal in de praktijk toegepast en ervaart de inburgeraar de Nederlandse normen en waarden ‘in het echt’. Een zinvolle daginvulling draagt bij aan participatie in de Nederlandse samenleving. Deze participatie-activiteiten zijn maatwerk. Er kan gedacht worden aan een participatieplek bij Kringloper, een leerwerktraject bij WVS, een werkstage bij een werkgever en een werkplek bij een lokale vereniging via Werkplein Actief. 6.2.2 We werken meer samen in het sociaal domein Gebiedsgebonden samenwerking met partners Het Werkplein werkt vanuit een gebiedsgebonden kernteam. Hierin zitten verschillende professionals van het Werkplein maar bijvoorbeeld ook Vluchtelingenwerk.
Op deze manier wordt er per gemeente een netwerk opgebouwd aan partners en organisaties rondom de inburgeraar. Onder andere woningcoöperaties, Wmo, Jeugd en schuldhulpverlening. Als kennismaking met de nieuwe woonplaats, gemeente en regio neemt de inburgeraar deel aan het welkomstprogramma. De nieuwe inwoners leren hun woonplaats kennen en de mogelijkheden die er zijn aan faciliteiten, ondersteuning en verenigingen. Het welkomstprogramma wordt vormgegeven samen met de gemeenten en lokale partners. Dit is geen vastomlijnd programma en kan wisselend zijn aan de behoefte van de inburgeraar en het aanbod per gemeente. 6.2.3 Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners Contacten met werkgevers Nu de eerste inburgeringstrajecten verder gevorderd zijn, wordt de rol van werkgevers steeds belangrijker. Zij zijn nodig om deze inwoners een plek te geven op de arbeidsmarkt en daarmee in de maatschappij. Werkgeversbenadering voor statushouders blijft een belangrijk speerpunt binnen het Werkgeversservicepunt. Terugblik naar de opstartfase Dit tweede jaar na ingangsdatum van de wet is een mooi moment om terug te blikken op de start en of wat we met elkaar voor ogen hebben gehad ook werkt in de praktijk. We kijken terug naar de nieuwe functie van regiehouder, het werken in kernteams en samenwerking met partners binnen en buiten het sociaal domein.