CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Rapportage waterkwaliteitsonderzoek.pdf

Gemeenteraad 17 oktober 2024, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 10: Herstellen van monumentale kademuren, bestrijding blauwalg en verbetering waterkwaliteit in de haven van Oudenbosch10.877 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

RAPPORT Watersysteemanalyse Havenvisie Oudenbosch

Klant:

Gemeente Halderberge

Referentie: BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001 Status:

Definitief/F01

Datum:

11 juni 2024

Open

HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.

Laan 1914 no.35 3818 EX Amersfoort Netherlands Water & Maritime

+31 88 348 20 00 T +31 33 463 36 52 F info@rhdhv.com E royalhaskoningdhv.com W

Titel document: Watersysteemanalyse Havenvisie Oudenbosch Sub titel: Referentie: BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001 Uw kenmerk Status: Definitief/F01 Datum: 11 juni 2024 Projectnaam: Havenvisie Oudenbosch & Stampersgat Projectnummer: BI8866 Auteur(s): Marijn de Kool & Ton Schomaker Opgesteld door: Marijn de Kool Gecontroleerd door: Ton Schomaker Datum: 7 juni 2024 Goedgekeurd door: Tim Bouwsma Datum: 11 juni 2024

Classificatie Open

Disclaimer Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever. Let op: dit document bevat mogelijk persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V.. Voordat publicatie plaatsvindt (of anderzins openbaarmaking), dient dit document te worden geanonimiseerd of dient toestemming te worden verkregen om dit document met persoonsgegevens te publiceren. Dit hoeft niet als wet- of regelgeving anonimiseren niet toestaat. 11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

ii

Open

Inhoud Samenvatting

v

1

Inleiding

1

1.1

Aanleiding

1

1.2

Doel van de analyse

1

1.3

Aanpak van de analyse

1

1.4

Doelgroep & leeswijzer

2

2

Plangebied

3

2.1

Algemeen & gebruiksfunctie

3

2.2

Genomen maatregelen

3

3

Watersysteemanalyse – Ecologische Sleutelfactoren

5

3.1

ESF 1 Productiviteit water

5

3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.1.4

Inleiding Methode Resultaten Conclusie

5 5 6 9

3.2

ESF 2 Lichtklimaat

9

3.2.1 3.2.2 3.2.3

Inleiding Methode Conclusie

9 10 13

3.3

ESF 3 Productiviteit bodem

13

3.3.1 3.3.2 3.3.3 3.3.4

Inleiding Methode Resultaten Conclusie

13 13 14 15

4

Bevindingen & diagnose

16

4.1

Inleiding

16

4.2

Samenvatting bevindingen

16

4.3

Diagnose

17

5

Maatregelen

18

5.1

Inleiding

18

5.2

Maatregelen

18

5.3

Beoordeling kansen maatregelen

19

5.4

Effecten van maatregelen

20

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

iii

Open

6

Kosten

21

6.1

Inleiding

21

6.2

Raming kosten verbetermaatregelen

21

7

Conclusie en aanbevelingen

22

7.1

Inleiding

22

7.2

Conclusie

22

7.3

Aanbevelingen

22

7.4

Disclaimer

23

8

Referenties

25

Bijlagen Bijlage 1 Water- en stoffenbalans

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

iv

Open

Samenvatting Het havenkanaal van Oudenbosch ondervindt jaarlijks (in de zomerperiode) problemen met de waterkwaliteit. Deze problemen uiten zich vooral in het voorkomen van (blauw)algen. Het doel van de in opdracht van Gemeente en Waterschap uitgevoerde watersysteemanalyse is om voor het havenkanaal van Oudenbosch inzicht te verkrijgen in de oorzaak van de waterkwaliteitsproblemen en om te bepalen welk handelingsperspectief er is om die oorzaak weg te nemen of te minimaliseren, zodat het watersysteem gaat voldoen aan voorwaarden voor de basiskwaliteit van overig water in stedelijk gebied. Dit inzicht is verkregen doormiddel van een watersysteemanalyse, waarbij de eerste drie ecologische sleutelfactoren zijn uitgewerkt en er een water- en stoffenbalans is opgesteld. De resultaten van de watersysteemanalyse zijn samengevat in onderstaande tabel:

ESF

Conclusie

Eindoordeel

De kritische grens van fosfor wordt overschreden. Er zijn dus te veel voedingsstoffen aanwezig in het havenkanaal van Oudenbosch. Er dringt te weinig licht door tot op de bodem, mogelijk vanwege de groei van algen, de diepte van het kanaal en de aanwezigheid van zwevend materiaal in het water door een onstabiele sliblaag. Er is een relatief forse sliblaag aanwezig in het watersysteem. Ook wordt de kritische grens van totaal-P overschreden en is er een matige kans op P-nalevering. Tijdens perioden met lage zuurstofgehaltes en tijdens bodemwoeling van vissen kan de kans op P-nalevering verder toenemen.

Uit de watersysteemanalyse van het havenkanaal is gebleken dat een te hoge nutriëntenbelasting een grote rol speelt in het vóórkomen van bovengenoemde knelpunten. De hoogste concentratie van voedingsstoffen komt van het afwaterend oppervlak en de overstort. De grootste hoeveelheid water, echter, komt uit de Dintel. In het noordelijk en zuidelijk deel van het havenkanaal zijn de verblijftijden te hoog. Daarnaast dringt er niet genoeg licht tot de bodem en is er een matige kans op P-nalevering vanuit de bodem. Als verbetermaatregel richting het bereiken van de basiskwaliteit van overige water in stedelijk gebied worden in volgorde van prioriteit aanbevolen: 1. Baggeren van de haven en het havenkanaal Het verwijderen van de bestaande (sinds circa 2002 opgebouwde) laag sediment uit het havenkanaal. Hiermee wordt de nutriëntenbelasting op het havenkanaal verminderd. Hierdoor zal de kans op algenbloei afnemen, wat ten goede komt aan het lichtklimaat. Waar het licht de bodem van de haven en/of het havenkanaal bereikt zullen groeikansen voor waterplanten ontstaan. 2. Bezanden van de kop van de haven Het na het baggeren bezanden van circa 3000 m² waterbodem in de kop van de haven met een circa 200 mm dikke zandlaag. Hierdoor wordt de P-nalevering van de bodem verminderd en zal de nutriëntenbelasting op het havenkanaal verminderd worden.

Hierdoor zal de kans op algenbloei afnemen, wat ten goede komt aan het lichtklimaat. Op zijn beurt zal dit groeikansen voor waterplanten creëren.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

v

Open

3. Creëren van stroming in de haven en het havenkanaal Het realiseren van een bellenscherm of jetpomp in de kop van de haven. Dit bevordert de doorstroming van het kop van de haven (jachthaven) richting het havenkanaal en de Dintel. Ook zorgt doorstroming voor een betere verdeling van zuurstof en koel (dieper) water over de waterkolom. Daarnaast voorkomt doorstroming de ophoping van nutriënten en algenbloei in de kop van de haven. Dit biedt, zoals voorgaand beschreven, kansen aan het lichtklimaat en waterplanten. De doorstroming kan het vóórkomen van stroming minnende vissoorten bevorderen. Ook wordt geadviseerd om een monitoringsplan op te stellen, waarmee na het uitvoeren van de aanbevolen maatregelen de conditie van de waterkwaliteit in het havenkanaal kan worden bepaald en door de tijd kan worden gevolgd. Op basis daarvan kunnen beheer-, onderhouds-, en vervangingsplannen worden aangescherpt. Ook kan met deze data de nu uitgevoerde watersysteemanalyse verder worden verrijkt, waardoor het inzicht in het functioneren (en vervuild raken) van het havenkanaal kan worden vergroot/verdiept. Dit helpt bij het nemen van eventueel benodigde toekomstige maatregelen.

In aanvulling op deze maatregelen in de haven en het havenkanaal wordt aanbevolen om de afkoppelplannen van de gemeente en de studies naar de waterkwaliteit in de Dintel en verbetermaatregelen daaraan voort te zetten en tot uitvoering te brengen. Daarmee kan de belasting van de haven en het havenkanaal (de influx) zover als mogelijk (doelmatig) worden beperkt en kan de waterkwaliteit zo hoog mogelijk worden gehouden.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

vi

Open

1

Inleiding

1.1

Aanleiding

In het havenkanaal van Oudenbosch ontstaan jaarlijks problemen met de waterkwaliteit. Zo worden er veel (blauw)algen aangetroffen, is er last van stank en/of aanwezigheid van dode vissen. Als onderdeel van de ontwikkeling van een havenvisie voor Oudenbosch is door de Gemeente Halderberge een verzoek gedaan tot het aanreiken van meer inzicht in de problematiek rondom de waterkwaliteit in de haven van Oudenbosch. Naar aanleiding daarvan is er een bronnenstudie (RHDHV 2022) uitgevoerd en is er een meetplan opgesteld (RHDHV 2023) op basis waarvan er in 2023 twee separate onderzoeken zijn uitgevoerd naar de kwaliteit van het oppervlaktewater (Aquon 2023) en de waterbodem (B-WARE 2024) van het havenkanaal van Oudenbosch.

1.2

Doel van de analyse

Het primaire doel van de watersysteemanalyse is om voor het watersysteem van de haven Oudenbosch inzicht te verkrijgen in de oorzaak van de waterkwaliteitsproblemen. Daarnaast heeft de analyse als doel inzicht te geven in het handelingsperspectief dat er is om die oorzaak weg te nemen of te minimaliseren, zodat het watersysteem gaat voldoen aan de voorwaarden voor de basiskwaliteit van overig water.

1.3

Aanpak van de analyse

Een watersysteemanalyse is in principe een goede methode om inzicht te krijgen in de werking van een watersysteem. Een risico bij dit soort systeemanalyses is dat deze blijven ‘hangen’ in theoretische analyses en modelstudies, en dat daarbij de praktijk onderbelicht wordt (en blijft). De uitkomsten van een modelstudie lijken exact, maar een model is niet meer dan een weergave van de werkelijkheid (gebaseerd op gehanteerde parameters) en zijn niet de werkelijkheid zelf. De uitgevoerde studie in het kader van de havenvisie Oudenbosch zien we dan ook vooral als een hulpmiddel om het inzicht in de werking van het watersysteem in en rond het havenkanaal te vergroten. Over het algemeen is er veel (meet)data over de waterkwaliteit in het havenkanaal van Oudenbosch beschikbaar. Op basis van het opgestelde meetplan is er recent (2023) een uitgebreide onderzoeksessie (ter plaatse) en analyse geweest naar de verschillende waterkwaliteitsparameters in het havenkanaal Oudenbosch. De analyse in dit rapport is dan ook voor een groot gedeelte gebaseerd op deze recente meet, onderzoek- en/of analysegegevens. Daarnaast is er gebruik gemaakt van gegevens die beschikbaar zijn gesteld door Waterschap Brabantse Delta (hierna WBD).

De theoretische en modelmatige aanpak (zie in dit kader de eerste alinea van deze paragraaf) zijn bij het uitvoeren van de watersysteemanalyse aangevuld, verrijkt en/of getoetst aan de beschikbare meetdata (zie in dit kader de tweede alinea van deze paragraaf). Daarmee is in overleg en samenwerking met Gemeente en Waterschap geborgd dat theorie en praktijk elkaar zo dicht mogelijk benaderen, en op basis daarvan zijn (kwalitatieve) beoordelingen van drie Ecologische Sleutelfactoren, te weten de productiviteit van het water, het lichtklimaat en de productiviteit van de bodem uitgevoerd. Gezamenlijk levert dit een betrouwbaar genoeg beeld op van de huidige status van het watersysteem havenkanaal Oudenbosch, dat past bij het detailniveau van de vraag en bij de planning waarbinnen de werkzaamheden stapsgewijs moesten worden uitgevoerd.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

1

Open

De resultaten van de watersysteemanalyse zijn input voor oplossingsrichtingen waarvan de effecten inzichtelijk kunnen worden gemaakt door middel van modelberekeningen en expert judgement. De uiteindelijke keuze voor een maatregelpakket ligt bij de Gemeente en het Waterschap, waarbij de kosten tegen de baten worden afgewogen. De gehanteerde aanpak voor de watersysteemanalyse is in overleg met Gemeente en Waterschap tot stand gekomen, volgt op hoofdlijnen het standaard protocol dat het Waterschap bij het bestrijden van (blauw)alg problematiek hanteert, en heeft draagvlak bij betrokken partijen. Gedurende het doorlopen proces, vanaf de bronnenstudie, richting het meetplan, het uitvoeren van praktijk onderzoeken, de analyse van onderzoeks- en meetdata tot en met het uitvoeren van de watersysteemanalyse hebben partijen intensief samengewerkt en elkaar van input en feedback voorzien.

1.4

Doelgroep & leeswijzer

Deze rapportage is geschreven voor het projectteam van Gemeente en Waterschap dat belast is met het tot stand brengen en realiseren van de havenvisie Oudenbosch en/of het beheren van (de waterkwantiteit en/of kwaliteiten) in het havenkanaal te Oudenbosch. Dit is ook het projectteam dat inhoudelijk heeft samengewerkt aan de totstandkoming van deze watersysteemanalyse. Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 een beknopte beschrijving gegeven van het plangebied en de afbakening daarvan. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de ecologische sleutelfactoren ESF 1 tot en met 3. In hoofdstuk 4 volgt de diagnose. In hoofdstuk 5 en 6 wordt ingegaan op verbetermaatregelen en kosten. Hoofdstuk 7 bevat de conclusie en aanbevelingen. In hoofdstuk 8 wordt de rapportage afgesloten met een overzicht van geraadpleegde en/of gehanteerde bronnen (referenties).

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

2

Open

2

Plangebied

2.1

Algemeen & gebruiksfunctie

Het havenkanaal van Oudenbosch, zie onderstaande figuur, vindt zijn oorsprong in het overgangsgebied van de Mark naar de Dintel. In het zomerhalfjaar stroomt het water in het havenkanaal en wordt het ingelaten naar de omringende polders. In het winterhalfjaar wordt voornamelijk water vanuit de omgeving (de omliggende polders) uitgeslagen/uitgelaten op het havenkanaal. Er zijn in totaal twee inlaten die het buitengebied met het havenkanaal verbinden: één aan de oostoever en de ander aan de westoever van het havenkanaal. Vanaf de monding (noord) tot aan de kop van het kanaal (zuid) neemt de diepte toe. Bij de overgangszone op waterlichaam de Dintel is het havenkanaal gemiddeld gezien niet dieper dan twee meter. In de kop bereikt het havenkanaal een maximale diepte van bijna drie meter. Het havenkanaal verleent voornamelijk de gebruikersfunctie voor recreatievaart.

Figuur 2-1: Overzicht van het watersysteem havenkanaal van Oudenbosch (plangebied).

2.2

Genomen maatregelen

Uitgaande van archiefonderzoek door de gemeente is er rond 2002 voor het laatst grootschalig baggerwerk in het havenkanaal uitgevoerd. In dat kader is de nautische diepte van de haven hersteld en is door het afvoeren van slib de kwaliteit van de waterbodem verbeterd. Parallel daaraan zijn werkzaamheden uitgevoerd aan beschoeiingen en walkanten die in het kader van het Masterplan haven noodzakelijk waren.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

3

Open

Rond 2008-2009 heeft een grootschalige revitalisering van de kop van de haven in het centrumgebied van Oudenbosch plaatsgevonden. Voor zover bekent zijn daarbij (en daarna) in de haven geen specifieke maatregelen meer getroffen ter bevordering van de waterkwaliteit. In de periode rond 1995 is de gemengde riolering in het bemalingsgebied dat grenst aan de haven voorzien van een randvoorziening (vuil insluitend riool (afgekort VIS-riool), waarmee de vuilvracht die tijdens hevige of langdurige neerslag uit de riolering in de haven stroomt wordt beperkt. Vanaf circa 2015 wordt er vanuit de rioleringszorg planmatig ingezet op het realiseren van gescheiden riolering in ditzelfde bemalingsgebied en het afkoppelen van regenwater van de gemengde riolering. Hierdoor neemt de hoeveelheid gemengd rioolwater die, vooral tijdens langdurige en in mindere mate tijdens zeer hevige neerslag, naar de haven stroomt stapsgewijs af. De historisch gegroeide structuur van het (gemengde) rioleringsstelsel laat het (hydraulisch) niet toe dat de overstorten op de haven gesaneerd worden. Dat zal leiden tot zeer omvangrijke overlast- en schade situaties en de daarmee verbonden gezondheidsrisico’s (contact met vuil afvalwater) in bewoond gebied.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

4

Open

3

Watersysteemanalyse – Ecologische Sleutelfactoren

3.1

ESF 1 Productiviteit water

3.1.1

Inleiding

De productiviteit van een water wordt voor een groot deel bepaald door de beschikbaarheid van nutriënten. Deze bevorderen de groei van planten en algen, en hebben dus invloed op de productiviteit van het ecosysteem. Om de beschikbaarheid van nutriënten in beeld te brengen moet worden vastgesteld wat de aanvoer is van buiten het watersysteem, ofwel wat de externe belasting is. De externe belasting van een watersysteem is de optelsom van alle bronnen die lozen op het systeem. De kritische belasting is de nutriëntenbelasting, waarbij het systeem overgaat van de ene stabiele ecologische toestand naar de andere toestand. Als de externe belasting hoger is dan de kritische belasting van het systeem dan zijn er te veel voedingstoffen in het water en is er sprake van eutrofiëring of vermesting. Dit betekent troebel en algenrijk water en de ESF 1 staat in dat geval op ‘rood’. Als de externe belasting onder de kritische grens blijft, dan vormt de hoeveelheid voedingsstoffen geen belemmering voor de groei van onderwaterplanten. In dat geval is er sprake van helder en plantenrijk water en staat de ESF op ‘groen’. Voor de watersysteemanalyse van havenkanaal Oudenbosch wordt ESF 1 behandeld voor twee periodes: het winter- en zomerhalfjaar. De externe belasting voor beide periodes verschillen van elkaar.

Het overstorten en hemelwatertoevoer in het zuidelijke, stedelijke deel tot de kop van het havenkanaal vindt jaarrond plaats. Echter, de externe belasting op het havenkanaal vindt in de zomer voornamelijk plaats via de aanvoer vanuit de Dintel naar de twee inlaten aan de oost- en westoever.

3.1.2

Methode

Voor deze ESF is een uitwerking van een methode beschikbaar (STOWA, 2015). De productiviteit van het water kan aan de hand van onderstaande zes stappen worden bepaald. In figuur 3-1 -is het beslisschema voor deze ESF weergegeven. 1. Stel een waterbalans op voor het betreffende watersysteem: De waterbalans geeft inzicht in het hydrologisch functioneren van het watersysteem en maakt het mogelijk om de verblijftijd van het water te bepalen. De waterbalans vormt ook de basis voor de stoffenbalans (stap 3); 2. Gebruik de verblijftijd voor het bepalen van het vervolg van de analyse: Als de gemiddelde verblijftijd korter is dan drie dagen is het systeem transport gestuurd. De samenstelling van het inlaatwater bepaalt of er algen in het water aanwezig zijn en of het water helder of troebel is. Wanneer de gemiddelde verblijftijd tussen de 3 en de 21 dagen bedraagt, dan wordt in de volgende stap bekeken welk nutriënt limiterend is in het systeem. Wanneer de verblijftijd langer is dan 21 dagen kan de externe P-belasting worden uitgezet tegen de kritische P-belasting. Het watersysteem is proces gestuurd; 3. Bepaal de N- en/of P-belasting: In deze stap worden de bronnen van de nutriënten vastgesteld. De belasting wordt bepaald door het opstellen van een stoffenbalans, op basis van de waterbalans in stap 1;

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

5

Open

4. Bereken de kritische P-belasting: De kritische grenzen van het watersysteem kunnen worden bepaald met behulp van het (meta)model PCDitch; 5. Bekijk of de P- (of N-)belasting hoger of lager is dan de kritische P- (of N-)belasting Afhankelijk van deze uitkomsten kunnen maatregelen worden geselecteerd. Als de actuele belasting hoger is dan de kritische belasting dan komen er nog te veel voedingsstoffen van buiten in het systeem om een goede ecologische toestand met ondergedoken waterplanten mogelijk te maken. De externe belasting moet eerst omlaag voordat andere maatregelen effect zullen sorteren. Als de ESF 1 geen probleem (groen) is, of er geen mogelijkheden zijn voor verbetering van de externe belasting, dan kan verder gezocht worden naar oorzaken en mogelijke maatregelen.

Figuur 3-: Beslisschema voor ESF 1 'Productiviteit Water' (kN is de kritische N-belasting en kP is de kritische P-belasting) (STOWA, 2015).

3.1.3

Resultaten

Waterbalans Een waterbalans wordt opgesteld om zicht te krijgen op de waterstromen die een watersysteem in komen en weer verlaten. De waterbalans wordt opgesteld op basis van gebiedskarakteristieken zoals het oppervlak land in het afwateringsgebied en het oppervlak water en hydrologische voorwaarden zoals inlaat, wegzijging of kwel, neerslag en verdamping. Het gaat dus om het in beeld krijgen van de waterstromen en de invloed van het dagelijks beheer hierop. De waterbalans vormt de basis voor de stoffenbalans. De resultaten van de waterbalans komen terug in deze paragraaf. De beschrijving van het opstellen van de waterbalans met de bijbehorende aannames is opgenomen in bijlage 1. Ook is een schematische weergave van de waterbalans weergegeven.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

6

Open

In overleg met het WBD is besloten om de waterbalans alleen op stellen voor het droogteseizoen, de maanden, juli, augustus en september. In de zomerperiode is de waterkwaliteit het meest kwetsbaar door de hogere temperatuur. Daarnaast is het havenkanaal opgedeeld in twee delen: het noordelijk en zuidelijk deel. Hierbij loopt het noordelijk deel van het havenkanaal vanaf de Dintel tot aan de twee inlaten halverwege het kanaal. Het zuidelijk deel loopt vanaf de helft van het kanaal (exclusief de inlaten en het gemaal) tot aan de kop van het havenkanaal. Het noordelijk deel van het havenkanaal kent een complexe hydrologische situatie. In de zomerperiode wordt er vanuit de Dintel circa 167 m³/uur water ingelaten, wat halverwege het kanaal weer naar het buitengebied wordt ingelaten. Het totaaldebiet in het zuidelijk deel van het havenkanaal bedraagt gemiddeld circa 14 m³/uur. Om de fosfaatbelasting op het kanaal te bepalen, is slechts een deel van het Dintel inlaatwater relevant. Daarom zijn de volgende aannames gedaan en/of keuzes gemaakt: [1] de verblijftijd is berekend volgens het bovengenoemde toevoerdebiet vanuit de Dintel; en [2] de P-belasting is berekend aan de hand van een virtueel debiet. Het virtuele debiet is vastgesteld door het volume van het noordelijk deel (circa 35.000 m³) te delen door de tijd (90 dagen ofwel 2.160 uur). Dit geeft een debiet van circa 16 m³/uur.

Samen met het P-gehalte van de Dintel en de oppervlakte van het noordelijk havenkanaal zorgt dit voor een belasting van circa 2,4 mg P/m²/d. Vergelijkbare P-concentraties zijn gemeten op diverse meetpunten in het havenkanaal. Voor het noordelijk deel van het havenkanaal van Oudenbosch geldt dat de verblijftijd, op basis van het totaaldebiet van 180 m³/uur, in de zomermaanden juli, augustus en september ongeveer 8 dagen is. Voor het zuidelijk deel van het havenkanaal is dit ongeveer 128 dagen. In figuur 3-4 is een overzicht te zien van de aandelen van de instromen en uitstromen van de waterbalans voor het noordelijk- en zuidelijk deel van het havenkanaal. Het verschil tussen het noordelijk- en zuidelijk deel wordt met name bepaald door water uit de Dintel. Door de aanwezigheid van twee inlaten halverwege het kanaal is de verblijftijd in het noordelijk deel korter.

Noordelijk

Zuidelijk

40,0 30,0

m3/h

20,0 10,0 0,0 -10,0 -20,0 Overstort (GWA) Dintel

Neerslag (rechtstreeks) Havenkanaal

Afwaterend oppervlak (HWA)

Figuur 3-4: Overzicht aandelen instromen en uitstromen waterbalans voor het noordelijk en zuidelijk deel van het havenkanaal. Voor het noordelijk havenkanaal is het virtuele debiet van de Dintel gebruikt.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

7

Open

N of P limitatie De N of P limitatie geeft aan of stikstof of fosfor het limiterende element is voor primaire productie in een watersysteem. Dit is belangrijk om te bepalen welke sturingsmogelijkheden er zijn om de fosfor- dan wel stikstofbelasting in het water te verlagen. Bij een verblijftijd van het water tussen de 3 en 21 dagen is het van belang om de N en P ratio te bepalen om te zien of er sprake is van N of P limitatie. Voor het noordelijke deel van het havenkanaal van Oudenbosch is een N-P ratio van 5 berekend. Daarom is alleen de stoffenbalans voor P opgesteld. Voor het zuidelijke deel van het havenkanaal is de verblijftijd groter dan 21 dagen, waardoor alleen een stoffenbalans voor P is opgesteld. Stoffenbalans Een stoffenbalans geeft inzicht in de bronnen van nutriënten. Hiertoe worden P- en N-concentraties toegekend aan de waterstromen uit de waterbalans. Daarvoor zijn de beschikbare meetgegevens gebruikt, of kentallen indien er geen meetgegevens beschikbaar zijn. Een overzicht van de gebruikte data en kengetallen is opgenomen in bijlage 1. Daarnaast is aangenomen dat P-gehaltes uit neerslag verwaarloosbaar zijn. Omdat fosfor het limiterende element is in het Havenkanaal van Oudenbosch is alleen een stoffenbalans opgesteld voor fosfor. Hieronder wordt een samenvatting gegeven van de resultaten.

Voor beide delen van het havenkanaal is een aparte stoffenbalans opgesteld. De resultaten laten zien dat bij beide delen van het havenkanaal de overstort een klein aandeel heeft in de totale P vracht (Figuur 3-5). In het Noordelijke deel van het havenkanaal leveren de Dintel en HWA aanvoer een nagenoeg gelijk aandeel in de totale P vracht. De gemiddelde vracht van fosfor vanuit de bodem heeft het kleinste aandeel in de stoffenbalans in het noordelijk- en zuidelijk deel van het havenkanaal. Wanneer de gemiddelde vracht gedeeld wordt door het volume, is een duidelijk verschil te zien tussen het noordelijke en zuidelijke deel van het havenkanaal. De toevoer van fosfor vanuit de bodem is in het zuidelijke deel circa 2,5 keer zo groot als in het noordelijk deel van het havenkanaal van Oudenbosch. Naast de overstort, de Dintel, nalevering vanuit de bodem en het afwaterend oppervlak kunnen ook bladinval, vogel- en hondenpoep bronnen van nutriënten in het havenkanaal van Oudenbosch vormen. Gegevens van deze belastingen zijn niet bekend, maar waarschijnlijk beperkt. Naar verwachting zal de stoffenbalans dus enige onderschatting geven van de totale P-belasting.

Figuur 3-5 Overzicht van de stoffenbalans: jaarvrachten fosfor in de verschillende delen van het havenkanaal. Voor het noordelijk deel van het havenkanaal is gebruikt gemaakt van het werkelijke toevoerdebiet vanuit de Dintel.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

8

Open

Kritische belasting Een watersysteem kent twee stabiele ecologische toestanden: helder én plantenrijk of troebel met weinig diversiteit. Het omslagpunt van de ene naar de andere situatie wordt de kritische belasting genoemd. Voor het havenkanaal Oudenbosch is de kritische belasting bepaald met het ecologisch eutrofiëringsmodel PCDitch Metaversie (Witteveen+Bos, 2017). In Tabel 3-1 zijn de parameters en resultaten van het metamodel weergegeven. Tabel 3-1: Ingevulde parameters en resultaten, op basis van het werkelijke toevoerdebiet en het virtuele debietwaardes (tussen haken), van de kritische belasting berekend met het metamodel van PCDitch.

Deelgebied

Waterdiepte (m)

Zomerdebiet (mm/d)

Huidige belasting (mg p/m²/dag)

KP (mg p/m²/dag)

Noordelijk

2,0

246 (42)

58 (33)

6,7 (1,0)

Zuidelijk

2,5

20

31

0,3

Voor beide compartimenten valt de huidige belasting boven de kritische belasting. Dit betekent dat er in de huidige situatie te veel voedingsstoffen van buiten in het systeem komen om een goede ecologische toestand mogelijk te maken.

3.1.4

Conclusie

Het havenkanaal van Oudenbosch wordt voornamelijk gestuurd door de aan- of afwezigheid van aanvoerwater uit de Dintel. Daarnaast is een duidelijk verschil te zien in nalevering van P vanuit de bodem: het zuidelijk havekanaal deel geeft 2,5 keer zoveel P vanuit het slib ten opzichte van het noordelijk deel. Na toetsing met PCDitch geldt dat voor beide delen van het havenkanaal de kritische grens wordt overschreden. Er zijn te veel voedingsstoffen in het water en de ESF Productiviteit van water staat op ‘rood’.

3.2

ESF 2 Lichtklimaat

3.2.1

Inleiding

Met de ESF 2 wordt het lichtklimaat onder water (helderheid) in beeld gebracht, in relatie tot stoffen en factoren die daar invloed op kunnen hebben. Voor de groei van waterplanten is voldoende licht in het watersysteem nodig. Beschikbaarheid van licht kan worden beperkt door groei van algen en kroos, mechanische opwerveling van sediment door windwerking, activiteiten van recreanten of vissen, beschaduwing van bomen en door erosie van oevers. Tot slot kunnen ook humuszuren zorgen voor minder licht door verkleuring van het water. De vraag bij deze ESF is dus of er voldoende licht op de bodem valt voor (ondergedoken) plantengroei. Deze vraag kan worden beantwoord door te bepalen of het percentage licht op de bodem hoger is dan een vastgesteld minimaal (kritisch) percentage licht op de bodem dat nodig is voor plantengroei. Hierbij is aangenomen dat het lichtklimaat niet belemmerend is voor de groei van ondergedoken waterplanten wanneer, bij een minimale waterdiepte van 50 centimeter, op ten minste 70 procent van de bodem meer dan 4 procent van het opvallende licht valt (STOWA 2015).

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

9

Open

3.2.2

Methode

Het lichtklimaat van het water kan aan de hand van onderstaand beslisschema worden bepaald. 1. Bepaal de ratio doorzicht/diepte. Wanneer deze oppervlakte gewogen ratio groter is dan 0,6 (Hosper, 1997, Scheffer, 1998) is er sprake van bodemzicht en dit betekent in principe dat er voldoende licht op de bodem valt voor plantengroei; 2. Bereken de extinctie: Hiervoor kan de rekenmodule Onderwaterlicht (Deltares, 2015) gebuikt worden. Dit is een tool die via de STOWA beschikbaar is gesteld. Hiermee kan een onderscheid gemaakt worden in de bijdragen van algen, detritus, anorganisch materiaal en humuszuren aan het lichtklimaat. De tool geeft ook aan of er in potentie voldoende licht op de bodem valt.

Figuur 3-6 Beslisschema voor ESF 2 ‘Lichtklimaat’ (STOWA, 2015).

Met het programma Onderwaterlicht (Deltares, 2015) is het mogelijk om lichtkarakteristieken zoals uitdoving (Extinctie), doorzicht (Secchi diepte) en licht aan de bodem (bodemlicht) op basis van de in het water gemeten stoffen te berekenen. De berekening geeft inzicht in de bijdrage die verschillende in water aanwezige stoffen hebben aan de uitdoving van het licht onder water. Er zijn echter voor het havenkanaal onvoldoende specifieke gegevens beschikbaar om de benodigde input voor onderwaterlicht in te vullen. In deze analyse is daarom alleen ingezoomd op de diepte/doorzicht ratio. Voor het bepalen van het doorzicht in het havenkanaal is gebruikt gemaakt van de door Aquon bemeten meetpunten 200802, 200803 en 200804 (Figuur 3-1). De waterdiepte is bepaald aan de hand van gegevens uit een verkennend waterbodemonderzoek.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

10

Open

Figuur 3-1 Meetpunten in havenkanaal Oudenbosch

Resultaten Ratio diepte – doorzicht Op basis van bovengenoemde gegevens ligt het doorzicht in het havenkanaal tussen de 0,25 en 1,20 meter (Figuur 3-2). De ratio diepte/doorzicht is berekend voor de maanden mei tot en met november in 2023 (Figuur 3-3). Op basis hiervan is te zien alle metingen niet voldoen aan de diepte-doorzicht ratio norm van 0,6 m. Tot slot is er niet aangetoond dat het doorzicht, en daarmee de ratio, afneemt richting de kop van het havenkanaal. 11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

11

Open

1,40

Doorzicht (m)

1,20 1,00 0,80 0,60 0,40 0,20 0,00 mei

juni

juli

augustus

september

oktober

november

oktober

november

Datum 200802

200803

200804

Figuur 3-2 Doorzicht (m) in het Oudenbosch havenkanaal in de periode 2020 – 2022.

1,00 0,90 0,80

Doorzicht (m)

0,70 0,60 0,50 0,40 0,30 0,20 0,10 0,00 mei

juni

juli

augustus

september

Datum 200802

200803

200804

Norm

Figuur 3-3 De ratio doorzicht-diepte voor de verschillende compartimenten. De donkerblauwe lijn geeft de grenswaarde van 0.6 aan.

Het slechte doorzicht in het havenkanaal Oudenbosch kan verschillende oorzaken hebben. De voornaamste oorzaak is de concentratie algen. Uit metingen van B-WARE (B-WARE 2024, o.b.v. onderzoek mei 2023) is geconcludeerd dat de algenconcentraties, uitgedrukt als de som van blauwalgen, groenalgen, diatomeeën en cryptofylen, in de kop van het havenkanaal hoog zijn (tot 100 ug/l in augustus). Dit duidt op voedselrijke omstandigheden.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

12

Open

3.2.3

Conclusie

Het lichtklimaat van het water is in het havenkanaal van Oudenbosch waarschijnlijk beperkend voor de ontwikkeling van (ondergedoken) waterplanten. Er dringt te weinig licht door tot op de bodem waardoor de waterplanten niet goed kunnen groeien. Het slechte lichtklimaat wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de groei van algen en de aanwezigheid van zwevend materiaal in het water door de onstabiele sliblaag. Aan de hand van deze bevindingen is bepaald dat ESF 2, zowel in het zuidelijke als in het noordelijke deel van het kanaal, op ‘rood’ staat.

3.3

ESF 3 Productiviteit bodem

3.3.1

Inleiding

Deze ecologische sleutelfactor is gericht op de beschikbare hoeveelheid nutriënten in de waterbodem. Wanneer er te veel nutriënten beschikbaar zijn in de waterbodem is de kans klein op een diverse, ondergedoken vegetatieontwikkeling en is er kans op nalevering.

3.3.2

Methode

De productiviteit van de bodem kan aan de hand van onderstaande drie stappen worden beoordeeld. In 3-9 is het beslisschema voor deze ESF weergegeven. 1. Neem waterbodemmonsters van het betreffende watersysteem; 2. Bepaal van deze waterbodemmonsters het totaal-P gehalte; 3. Bepaal of het totaal- P gehalte in de waterbodem onder of boven de grenswaarde ligt: Indien het totaal-P gehalte hoger is dan 500 mg/kg bodem, kan de bodem zorgen voor het ontstaan van een woekerende waterplantenvegetatie.

Figuur 3-9: Beslisschema voor ESF 3 'Productiviteit bodem' (STOWA, 2015).

De groei van waterplanten is deels afhankelijk van de hoeveelheid nutriënten in de bodem. Wanneer het totaal-P gehalte in de bodem hoger is dan 500 mg/kg, en ESF 2 op groen staat, kan er overlast van waterplanten ontstaan. In het havenkanaal van Oudenbosch wordt door de invloed van o.a. de overstort en de grote diepte een waterplanten dominerend (helder) watersysteem niet verwacht. Wegens mogelijke nalevering van P is het van belang het totaal-P gehalte in de bodem inzichtelijk te maken.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

13

Open

3.3.3

Resultaten

In Tabel 3-2 is voor elk meetpunt de berekende gemiddelde slibdikte en de gemiddelde gemeten diepte van de waterkolom opgenomen. De slibdiktes varieerden tussen de 0 en 1 m en de waterkolom diepte tussen de 1,1 en 2,9 m.

Figuur 3-4 Waterbodem- en waterkwaliteitsmeetpunten in het Oudenbosch havenkanaal. Tabel 3-2 Overzicht van de waterdiepte en slibdikte bij verschillende waterbodem- en waterkwaliteitsmeetpunten.

Locatie

Ligging

Waterdiepte (cm)

Slibdikte (cm)

1

Noord van gemaal

290

100

2

Noord van gemaal

290

50

3

Noord van gemaal

290

35

4

Recht voor gemaal

290

10-35

5

Vlakbij gemaal

290

30

6

Bij haven

290

80

7

In haven

110

30

8

Bij woonboot

290

30

9

Bij overstort

100

0

10

Bij kop van kanaal

290

40

11

Bij overstort

150

0

12

Kop van kanaal

290

35

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

14

Open

Het totaal-P gehalte is berekend voor het noordelijke en zuidelijke deel van het havenkanaal. De verschillende waterkwaliteitsmeetpunten, zoals zichtbaar in Figuur 3-4, zijn ingedeeld in de twee deelgebieden: noordelijk en zuidelijk. Tot het noordelijk deel van het havenkanaal behoren waterkwaliteitsmeetpunten 1 tot en met 4. De overige waterkwaliteitsmeetpunten, met uitzondering van 9 en 11, behoren tot het zuidelijk deel van het havenkanaal. Waterkwaliteitsmeetpunten 9 en 11 hebben geen sliblaag en worden daarom niet meegenomen in de berekening. In zowel het noordelijk als het zuidelijk havenkanaal deel is het totaal-P gehalte hoger dan de kritische grens van 500 mg/kg (Tabel 3-3). Tabel 3-3 Resultaten waterbodemmonsters en waterkwaliteitsmetingen op de bovengenoemde meetpunten.

Havenkanaal deel

Datum

Slib diepte (cm)

Totaal P (mg P/kg ds)

Noordelijk

05-09-2023

0-100

2.851

Zuidelijk

05-09-2023

0-80

3.037

3.3.4

Conclusie

Er is een relatief dikke sliblaag aanwezig in het watersysteem. Voor alle beschouwde (meet)locaties geldt dat het totaal-P gehalte de kritische grens van 500 mg/kg overschrijdt. Hierdoor staat ESF 3 op ‘rood’. De productiviteit van de bodem kan door voorgenoemde punten een bijdrage leveren aan de nutriënten belasting in het systeem.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

15

Open

4

Bevindingen & diagnose

4.1

Inleiding

Navolgend worden eerst de conclusies uit de ESF1 tot en met 3 samengevat als zijnde de objectieve bevindingen die nodig zijn voor het stellen van een diagnose. Daarna wordt op basis daarvan een diagnose geformuleerd.

4.2

Samenvatting bevindingen

Uit de analyse ESF-productiviteit water is naar voren gekomen dat tijdens de zomermaanden juli, augustus en september de problematiek met algen wordt veroorzaakt door een overschot aan nutriënten in het water. De hoogste concentratie nutriënten/voedingsstoffen, in milligram per liter, komt van de overstort en het afwaterend oppervlak. De grootste hoeveelheid water dat het havenkanaal binnenkomt, komt vanuit de Dintel. De concentratie nutriënten/voedingsstoffen in de Dintel is lager dan van de overstort en het afwaterend oppervlak. Naast de hoeveelheid nutriënten scoort ESF-lichtklimaat ook onvoldoende. In het havenkanaal van Oudenbosch dringt te weinig licht door tot de bodem. De belemmering van lichtinval tot de bodem kan meerdere oorzaken hebben: [1] de groei van algen; [2] het kanaal is te diep; en/of [3] er is veel zwevend materiaal in de waterkolom door een onstabiele sliblaag. Tot slot is ook ESF-productiviteit bodem als onvoldoende beoordeeld. In het havenkanaal Oudenbosch is een relatief forse sliblaag aanwezig. Wanneer naar de P-concentraties gekeken wordt kan geconcludeerd worden dat deze de kritische grens van 500 mg/l overschrijden. Daarnaast is er een matige kans op Pnalevering, die tijdens perioden met lage zuurstofgehaltes en tijdens bodemwoeling van vissen kan toenemen.

Tabel 4-1: Overzicht van alle Ecologische Sleutelfactoren (ESF) met bijbehorende conclusie en eindoordeel.

ESF

Conclusie

Eindoordeel

De kritische grens van fosfor wordt overschreden. Er zijn dus te veel voedingsstoffen aanwezig in het havenkanaal van Oudenbosch. Er dringt te weinig licht door tot op de bodem, mogelijk vanwege de groei van algen, de diepte van het kanaal en de aanwezigheid van zwevend materiaal in het water door een onstabiele sliblaag.

Er is een relatief forse sliblaag aanwezig in het watersysteem. Ook wordt de kritische grens van totaal-P overschreden

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

16

Open

4.3

Diagnose

De ligging, vormgeving en functies van het havenkanaal en de haven in Oudenbosch vormen een situatie of condities waarin een gezond (helder) watersysteem niet zondermeer kan worden verwacht. Als gevolg van slechte doorstroming, een laag doorzicht, de aanwezigheid van te veel nutriënten (nalevering bodem en aanvoer van buiten het systeem) en de aanwezigheid van (blauw)algen is de waterkwaliteit slecht en zijn de getoetste ESF’en (productiviteit water, lichtklimaat en productiviteit bodem) als onvoldoende beoordeeld. Als belangrijkste oorzaken voor de slechte waterkwaliteit gelden: Sliblaag Door de voedselrijke sliblaag, die over de gehele lengte van het havenkanaal aanwezig is, is de mate van nalevering naar de waterkolom hoog. Door de hoge nutriëntenbelasting in het havenkanaal is er een grote kans op (blauw)algenbloei, waardoor onder andere het doorzicht verminderd en plantengroei wordt beperkt. Daarnaast zorgen de anaerobe omstandigheden, die gepaard gaan met (blauw)algenbloei, voor een verdere toename van de nalevering van nutriënten vanuit de waterbodem. Aanvoer van buiten het systeem Het havenkanaal wordt belast met water dat aangevoerd wordt van buiten het systeem. Via het noordelijke deel van het havenkanaal wordt tijdens de zomermaanden, vermoedelijk met blauwalgen belast, water vanuit de Dintel ingelaten in het havenkanaal en de aangrenzende polders.

In de wintermaanden wordt polderwater vanuit het agrarische (en aangrenzende stedelijke) gebied uitgelaten op het havenkanaal waarmee water van slechte kwaliteit in het havenkanaal stroomt. In het zuidelijke deel van de haven, dat betreft het minst doorstroomde deel van het havenkanaal, wordt tijdens hevige of langdurige neerslag overtollig water overgestort vanuit de riolering op het havenkanaal. Hierbij stroomt er veelal in pieken verdund rioolwater in de haven. Dit water dat overstort zou anders (als dat niet zou kunnen) tot wateroverlast in het stedelijke gebied leiden. Dit overgestorte water heeft daarna, als gevolg van de minimale doorstroming, een grote verblijftijd in de kop van de haven. Momenteel is er geen onderhoudsprogramma (onderhoud haven/baggeren) van kracht dat recht doet aan en/of wanneer dat noodzakelijk is ingrijpt op deze situatie. De gemeente werkt wel planmatig aan het zover mogelijk beperken van het aantal overstortgebeurtenissen en de omvang ervan. Doorstroming Door de beperkte doorstroming in vooral het zuidelijke deel van het havenkanaal (de kop van de haven) zijn (daar) de verblijftijden hoog, waardoor nutriënten alle kans hebben om op te hopen. Dit heeft nadelige gevolgen voor o.a. zuurstofconcentratie, nalevering, algengroei en doorzicht.

Hoofdlijn verbetermaatregelen

Door het verwijderen van de voedselrijke sliblaag, het verkleinen van de nutriëntenbelasting, en door het creëren van meer (continue) doorstroming in vooral de kop van de haven kan het waterlichaam in kwaliteit bevorderd worden.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

17

Open

5

Maatregelen

5.1

Inleiding

Naar aanleiding van de bevindingen en diagnose worden in dit hoofdstuk voorstellen gedaan richting verbetermaatregelen die kunnen leiden tot een watersysteem dat gaat voldoen aan voorwaarden voor de basiskwaliteit van overig water in stedelijk gebied en wordt het handelingsperspectief van deze maatregelen geschetst. Omdat er aan de kant van de aanvoer van buiten het systeem (bronaanpak) op korte termijn géén substantiële verbeteringen (kunnen) worden verwacht, richten de voorgestelde verbetermaatregelen zich primair op de haven en het havenkanaal zelf.

5.2

Maatregelen

Navolgend worden een aantal kansrijke maatregelen beschreven die kunnen leiden tot een verbetering van de waterkwaliteit in het havenkanaal alsmede een betere uitstraling van het watersysteem voor omwonenden en recreanten. Baggeren Vanuit voorgaande hoofdstukken zijn er meerdere mogelijkheden om de problematiek, rondom de waterkwaliteit van het havenkanaal, aan te pakken. Een effectieve maatregel is het aanwezige (in de afgelopen jaren opgebouwde) sediment verwijderen om nalevering van nutriënten uit de waterbodem te verminderen. Dit kan door middel van het baggeren van de waterbodem van de haven(s). Deze fysieke techniek heeft een behoorlijke impact op het systeem en kan relatief kostbaar zijn. Het is echter wel een effectieve maatregel om opgeslagen nutriënten af te voeren (Lürling et al., 2020). Aangezien binnen de huidige situatie van het havenkanaal niet kan worden voorkomen dat er in de loop van de tijd opnieuw sediment wordt opgebouwd in het havenkanaal, dient er een meerjarig baggerplan te worden gemaakt, waarmee een periodieke ‘opschoonactie’ van de waterbodem wordt geborgd. Bezanden Ook kan de nalevering van nutriënten verminderd worden middels bezanding. De nalevering van P is het grootste in de kop van de haven (meetpunt 12).

Door het aanbrengen van zand op de waterbodem wordt de nutriëntrijke sliblaag (na baggeren) afgedekt, waardoor de hoeveelheid P-nalevering afneemt in het waterlichaam. Daarnaast zijn totaal P-gehalten lager in zandsedimenten, vergeleken met slibsedimenten (Osté et al., 2022). Stroming Daarnaast kan het creëren van meer stroming in de haven van Oudenbosch bijdragen aan het verminderen van blauwalg in de havens. Door meer stroming wordt de zuurstofhuishouding verbeterd en worden verblijftijden verlaagd. Er vindt meer menging van zuurstofrijk water plaats en dieper en kouder water wordt verspreid over de waterkolom. Het creëren van stroming is om deze reden een belangrijke maatregel. Het creëren van stroming kan op verschillende manieren worden gerealiseerd, bijvoorbeeld met een bellenscherm of een jetpomp. Bellenscherm Een mogelijkheid om meer stroming te creëren (en tevens enige zuurstofinbreng) is bijvoorbeeld de plaatsing van een bellenscherm. Door op de bodem van de haven over de breedte een buis met openingen te leggen en daar met een compressor lucht in te blazen, ontstaat een bellengordijn. De opstijgende luchtbellen wekken aan weerszijden van het gordijn een verticale stroming op. De opwekking van deze stroming vergt slechts een kleine verplaatsing aan watervolume waardoor de benodigde pompenergie minimaal zal zijn.

Voor deze oplossingsrichting is het mogelijk om gebruik te maken van duurzamere energiebronnen. 11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

18

Open

Jetpomp Een andere mogelijkheid is het (tijdelijk) plaatsen van een jetpomp in de havens en/of het havenkanaal. De jetpomp pompt, net zoals een bellenscherm, zuurstof in de waterkolom. Het belangrijkste voordeel is dat deze beluchters niet snel verstopt raken, aangezien ze zijn gebouwd met rioolpompen. Ze vergen hierdoor in een oppervlaktewater situatie betrekkelijk weinig onderhoud. Daarnaast geldt dat de jetpomp in en uit het water kan worden gelaten wanneer dat gewenst is (bijvoorbeeld als er (toch) explosieve bloei van blauwalgen plaatsvindt tijdens een warme zomermaand). Een nadeel van deze techniek is dat de jetpomp handmatig in en uit het water moet worden gehaald. Opmerking In het kader van de maatregelen is er ook gekeken naar meer ‘groene’ verbetermaatregelen, waaronder het realiseren van flauwere, natuurvriendelijker oevers en plasbermen met biezen e.d. In een vroeg stadium is echter vastgesteld dat de strakke vormgeving van het havenkanaal, met beschoeiing en damwanden, gehandhaafd zal blijven en dat korte stroken natuurvriendelijke oevers geen substantiële bijdrage zullen leveren aan de waterkwaliteit. Het toch inzetten van een dergelijke maatregel is als ‘uitsluitend een cosmetische ingreep’ beoordeeld alsmede slecht te beheren, slecht te onderhouden, en slecht te handhaven. Daarom zijn deze maatregelen in dit advies verder buiten beschouwing gelaten.

5.3

Beoordeling kansen maatregelen

In de onderstaande tabel wordt de mate van kansrijkheid van de beschreven maatregelen beoordeeld. Er wordt onderscheid gemaakt naar: zeer kansrijk, kansrijk, minder kansrijk en niet kansrijk. Deze schaal is gebaseerd op de afweging van genoemde voor- en nadelen van de oplossingsrichtingen/maatregelen en de mogelijk tot inpassing daarvan in de lokale situatie van het havenkanaal Oudenbosch. Tabel 5-1 Voorgestelde maatregelen om de waterkwaliteit van het havenkanaal te bevorderen. Genoemde voor- en nadelen zijn niet limitatief

Maatregelen

Voordelen

Nadelen

Baggeren van het havenkanaal en de haven Bezanden van de kop van het havenkanaal

Effectieve manier om opgeslagen nutriënten af te voeren Effectieve manier om Pnalevering te verminderen

Relatief dure ingreep en een grote impact op het watersysteem

Creëren van stroming

Meer doorstroming in de haven Resulteert niet in het verlagen van de nutriëntenconcentraties Minder zuurstofarme condities in oppervlaktewater De jetpomp moet handmatig in en uit het water worden gelaten Relatief simpele en goedkope maatregel

Nieuw sliblagen kunnen zich afzetten op de gestorte zandsedimenten

Beoordeling maatregel Kansrijk Kansrijk

Kansrijk

Beperkte energievraag Makkelijk in te passen in het systeem door beperkte omvang

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

19

Open

5.4

Effecten van maatregelen

De navolgende tabel schetst verdeeld naar Ecologische Sleutelfactoren de mogelijke effecten van de voornoemde maatregelen, via verwachte effecten en een eindoordeel. Tabel 5-2 Het effect van verschillenden maatregelen op de in dit rapport beschreven ecologische sleutelfactoren.

ESF

Maatregelen Baggeren

Bezanden

Creëren van stroming

Baggeren

Bezanden

Creëren van stroming

Baggeren

11 juni 2024

Effect maatregel Eindoordeel Het baggeren zal geen effect hebben op de verblijftijden van het havenkanaal. Wel zal de Pnalevering in het gehele havenkanaal verminderen. Aangezien dit echter een klein deel van de totale vracht betreft zal er niet veel verandering optreden. Het bezanden van de havenkop zal geen effect hebben op de verblijftijden. Wel zal de Pnalevering in het zuidelijk deel van het havenkanaal afnemen. Aangezien dit echter een klein deel van de totale vracht betreft zal er niet veel verandering optreden Het creëren van stroming zal voornamelijk in het zuidelijk deel van het havenkanaal resulteren in een lagere verblijftijd. Hierdoor zal de kans op ophoping van nutriënten ook afnemen. Door het baggeren van het havenkanaal zal de kans op nalevering van fosfor ook afnemen, wat de algenconcentraties zal verminderen. Daarnaast zal er minder opwelling van slibdeeltjes in de waterkolom plaatsvinden. Door het bezanden van het zuidelijk deel van het havenkanaal zal hier de nalevering van fosfor afnemen, wat de algenconcentraties zal verminderen. Daarnaast zal er minder opwelling van slib/zanddeeltjes in de waterkolom plaatsvinden. Het creëren van stroming kan bijdragen aan het verminderen van (blauw)algen.

Hierdoor kan in theorie het doorzicht van het havenkanaal verbeteren Door het verwijderen van de sediment laag zal een groot aandeel van de nutriënten in de bodem verwijderd worden.

Bezanden

Door het bezanden van een deel van het havenkanaal zal totaal-P gehalte afnemen in het zuidelijk havenkanaal deel.

Creëren van stroming

Het creëren van stroming kan de zuurstofhuishouding in het havenkanaal verbeteren. Wanneer de zuurstofconcentraties in de bodem als resultaat ook toenemen, zal er minder nalevering van P mogelijk zijn.

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

20

Open

6

Kosten

6.1

Inleiding

Naast de inhoudelijke kans van verbetermaatregelen om tot een watersysteem te komen dat gaat voldoen aan voorwaarden voor de basiskwaliteit van overig water in stedelijk gebied, spelen ook de kosten die gemoeid zijn met een maatregel een rol in het afwegingsproces. Ook speelt mee in welke frequentie op een maatregel moet worden teruggekomen in de vorm van beheer en onderhoud. Ook daaraan zijn kosten verbonden.

6.2

Raming kosten verbetermaatregelen

Onderstaand wordt een overzicht gegeven van de kosten die worden verwacht bij de verschillende maatregelen. De kosten voor baggeren en bezanden zijn ontleend aan en/of geschat op basis van recente ramingen/aanbiedingen voor het uitvoeren van deze werkzaamheden (prijspeil mei 2024) in de situatie (vergelijkbaar met het) havenkanaal Oudenbosch. De overige kosten zijn gebaseerd op expert judgement. De geschatte (directe bouw)kosten zijn exclusief: uitvoeringskosten, algemene kosten, winst en risico en btw en gaan er vanuit dat het baggerwerk en bezanden als meekoppelkans in een groter (lokaal) baggercontract kunnen worden opgenomen. Baggeren Voor het verwijderen van de bestaande laag sediment in het havenkanaal, dat wordt gezien als het opruimen van een in de loop van de tijd opgebouwde ‘bedreiging’ voor de waterkwaliteit worden de kosten geschat op € 1,05 miljoen. Baggeren en bezanden Voor het verwijderen van de bestaande laag sediment in het havenkanaal gecombineerd met het bezanden van de kop van de haven worden de kosten geschat op € 1,6 miljoen,--. Het betreft het aanbrengen van een zandlaag van circa 200 mm dikte over een oppervlak van 3000 m².

Afhankelijk van de ontwikkelingen in de situatie, waaronder het gebruik van de haven, het voltooien van het afkoppelplan Oudenbosch, en het in-/uitlaten van water op het havenkanaal vanuit de Dintel en de polders, dient er periodiek onderhoud te worden gepleegd. Geschat wordt dat het baggeren van het havenkanaal om de 5 tot maximaal 10 jaar moet worden herhaald om een acceptabel onderhoudsniveau te behouden. Creëren doorstroming Voor het realiseren van een eenvoudig bellenscherm in de kop van de haven of meer noordelijk in de haven net onder de in/uitlaten worden de kosten geschat op € 50.000, --. Hiernaast moet rekening worden gehouden met jaarlijkse beheer en onderhoudskosten en een technische levensduur van de installatie van circa 5 jaar, waarna deze volledig moet worden vervangen. Voor het realiseren van een jetpomp in de kop van de haven worden de realisatiekosten geschat op € 75.000, --. Hiernaast moet rekening worden gehouden met jaarlijkse beheer en onderhoudskosten en een technische levensduur van de installatie van circa 10 jaar, waarna deze volledig moet worden vervangen.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

21

Open

7

Conclusie en aanbevelingen

7.1

Inleiding

Om aan het doel voor “basiskwaliteit van overig water in stedelijk gebied” te voldoen, mogen er zich in het havenkanaal van Oudenbosch géén knelpunten voordoen zoals stank en blauwalgenbloei. Uit de watersysteemanalyse van het havenkanaal in Oudenbosch is gebleken dat een te hoge nutriëntenbelasting, in combinatie met hoge verblijftijden, een grote rol speelt in het wél voorkomen van bovengenoemde knelpunten. Daarom zijn er verbetermaatregelen nodig om de gewenste basiswaterkwaliteit te bereiken en daarna te behouden. De voorgestelde maatregelen zijn daarom vooral gefocust op het reduceren van de nutriëntenbelasting op het systeem en het creëren van een betere doorstoom vanuit de kop van de haven.

7.2

Conclusie

Uit de bevindingen is duidelijk geworden dat het havenkanaal van Oudenbosch zich in een slechte staat bevindt: de drie getoetste ESF’s (productiviteit water, lichtklimaat en productiviteit bodem) zijn als onvoldoende beoordeeld. Er zijn veel (blauw)algen, het doorzicht in het havenkanaal is te laag en in het water bevinden zich te veel nutriënten, mede door de nalevering uit de bodem en aanvoer van buiten het systeem (bijvoorbeeld overstort). Meerdere knelpunten kunnen zich voordoen als oorzaak voor de slechte waterkwaliteit van het havenkanaal. Een knelpunt is dat er overstort plaatsvindt op het minst doorstromende deel van het havenkanaal. Met een adequate doorstroom zal hier zich geen of veel minder ophoping van nutriënten afspelen. Ook is, doordat er een voedselrijke sliblaag over de gehele lengte van het havenkanaal aanwezig is, de mate van nalevering naar de waterkolom hoog. Door de hoge nutriëntenbelasting in het havenkanaal is er een grote kans op (blauw)algenbloei, waardoor op zijn beurt het doorzicht weer verminderd. Daarnaast zorgen de anaerobe omstandigheden die gepaard gaan met (blauw)algenbloei voor een verdere toename van de nalevering van nutriënten vanuit de waterbodem. Tot slot is het mogelijk dat de Dintel hoge (blauw)alg concentraties kent. Een nog lopend onderzoek zal dit wel/niet bevestigen.

Mocht het wel bevestigd worden, dan betekent dit dat er (blauw)algenrijk water vanuit de Dintel het havenkanaal wordt ingelaten. Het is dus van belang dat de nutriëntenbelasting (lees: overstort in het minst doorstromende havendeel en een voedselrijke sliblaag met veel nalevering) wordt geminimaliseerd. Alleen op die manier kan het waterlichaam in kwaliteit bevorderd worden.

7.3

Aanbevelingen

Als verbetermaatregel richting het bereiken van de basiskwaliteit van overige water in stedelijk gebied worden in volgorde van prioriteit aanbevolen: 1. Baggeren van de haven en het havenkanaal Het verwijderen van de bestaande (sinds circa 2002 opgebouwde) laag sediment uit het havenkanaal. Hiermee wordt de nutriëntenbelasting op het havenkanaal verminderd. Hierdoor zal de kans op algenbloei afnemen, wat ten goede komt voor het lichtklimaat. Waar het licht de bodem van de haven en/of het havenkanaal bereikt zullen groeikansen voor waterplanten ontstaan;

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

22

Open

2. Bezanden van de kop van de haven Het na het baggeren bezanden van circa 3000 m² waterbodem in de kop van de haven met een circa 200 mm dikke zandlaag. Hierdoor wordt de P-nalevering van de bodem verminderd. Hierdoor zal de kans op algenbloei afnemen, wat ten goede komt voor het lichtklimaat. Waar het licht de bodem van de haven en/of het havenkanaal bereikt zullen groeikansen voor waterplanten ontstaan; 3. Creëren van stroming in de haven en het havenkanaal Het realiseren van een bellenscherm of jetpomp in de kop van de haven. Dit bevordert de doorstroming van het kop van de haven (jachthaven) richting het havenkanaal en de Dintel. Tevens zorgt doorstroming voor een betere verdeling van zuurstof en koel (dieper) water over de waterkolom. Ook voorkomt doorstroming de ophoping van nutriënten en algenbloei in de kop van de haven. Dit biedt, zoals voorgaand beschreven, kansen aan het lichtklimaat en waterplanten. De doorstroming kan het voorkomen van stroming minnende vissoorten bevorderen. Geadviseerd wordt om er bij de voornoemde maatregelen ook rekening mee te houden dat het beheer en onderhoud van het havenkanaal, de jachthaven, voorzieningen en de installaties (waaronder bellenscherm en jetpomp) in meerjarige beheer- en onderhoudsprogramma’s en vervangingsprogramma’s worden opgenomen.

Afhankelijk van de plaats en omvang van de pompen (bellenscherm en jetpomp) kunnen deze bij de gemeentelijke rioleringszorg worden ondergebracht. Ook wordt geadviseerd om een monitoringsplan op te stellen, waarmee na het uitvoeren van de aanbevolen maatregelen de conditie van de waterkwaliteit in het havenkanaal kan worden bepaald en door de tijd kan worden gevolgd. Op basis daarvan kunnen beheer-, onderhouds-, en vervangingsplannen worden aangescherpt. Ook kan met deze data de nu uitgevoerde watersysteemanalyse verder worden verrijkt, waardoor het inzicht in het functioneren (en vervuild raken) van het havenkanaal kan worden vergroot/verdiept. Dit helpt bij het nemen van eventueel benodigde toekomstige maatregelen. In aanvulling op deze maatregelen die in de haven en het havenkanaal worden uitgevoerd wordt geadviseerd om de gemeentelijke afkoppelplannen, zoals die er liggen voor het hoofdbemalingsgebied (OA) Oudenbosch conform plan (BRP) te voltooien. Hiermee wordt de belasting van de haven via een overstortende vuilvracht uit de gemengde riolering zoveel als mogelijk beperkt. Deze kan niet worden voorkomen. Ook wordt aanbevolen om de studies naar de waterkwaliteit (en de blauwalg) in de Dintel die (zoals wij hebben begrepen) door het Waterschap zijn ingezet voort te zetten en te laten resulteren in passende maatregelen daartegen.

Daarmee kan worden voorkomen dat water van slechte(re) kwaliteit via de Dintel en de inlaten richting de polders in de haven terecht komen en daar tot overlast leiden.

7.4

Disclaimer

Het havenkanaal Oudenbosch ligt en functioneert in een historisch gegroeide situatie. Ook ondervindt het havenkanaal veel verschillende invloeden van buitenaf. Deze hebben allemaal een positief of negatief effect op de waterkwaliteit in het havenkanaal. Daarnaast hebben ook de (recreatieve) activiteiten op het havenkanaal en de haven zelf invloed op de waterkwaliteit en de uitstraling van het waterlichaam. Door middel van onderzoek, metingen, modellering en analyses is het functioneren van het havenkanaal zo goed mogelijk in beeld gebracht, waarbij theorie en concrete gegevens uit de praktijk met elkaar zijn verbonden.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

23

Open

Hiermee is het aannemelijk dat de aanbevolen verbetermaatregelen, gecombineerd met adequaat beheer, onderhoud, monitoring en vervangingen, zullen leiden tot een betere waterkwaliteit en een aantrekkelijker beeld dan momenteel (kennis per mei 2024) het geval is. Het is echter niet uit te sluiten dat de waterkwaliteit (op termijn) toch weer zal verslechteren, waarbij ook het ontstaan van (blauw)algen en de bijbehorende overlast niet zal kunnen worden voorkomen. Het havenkanaal blijft een ingekapseld natuurlijk systeem in en met invloeden van een stedelijke (en agrarische) omgeving.

11 juni 2024

BI8866-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

24

Open

8

Referenties

B-WARE (2024).

Waterbodemonderzoek Havenkanaal Oudenbosch.

Aquon (2023).

Resultaten meetprogramma oppervlaktewaterkwaliteit Oudenbosch.

RHDHV (2023).

Meetplan waterkwaliteit Halderberge.

RHDHV (2022).

Havenvisie Stampersgat en Oudenbosch, bronnenstudie waterkwaliteit.

Witteveen+Bos (2017). PCDitch metamodel. Deltares (2015).

ESF2-LICHT (onderwaterlicht.nl)

B-Ware. (2019).

Waterkwaliteitsproblemen tot in de bodem onderzocht – De relatie tussen waterbodem en waterkwaliteit. Onderzoekscentrum B-Ware.

Hosper, H. (1997).

Clearing lakes: an ecosystem approach to the restoration and management of shallow lakes in the Netherlands. Landbouwuniversiteit Wageningen.

Hin, J.A., L.A. Osté en C.A. Schmidt, (2010). Handreiking beoordelen waterbodems - Methoden ter bepaling van de mate waarin het realiseren van kwaliteitsdoelen van een watersysteem wordt belemmerd door verontreinigde waterbodems. Uitgegeven door het Ministerie van Infrastructuur en Milieu - DG Water. Lürling, M., Smolder, A. J., Douglas, G., Steinman, A., & Spears, B. (2020). Methods for the management of internal loading. Internal Phosphorus Loading in Lakes: Causes, Case Studies, and Management. J. Ross Publishing, Plantation, FL, 77-107 Osté, L., P. Overvest en J. Hemelraad, (2022). Sediment afdekken. Werkt dat langdurig tegen nalevering van nutriënten? H2O/Waternetwerk. https://www.h2owaternetwerk.nl/vakartikelen/sedimentafdekken-werkt-dat-langdurig-tegen-nalevering-van-nutrienten Scheffer, M. (1998).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/591/documents/17289