CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 1 Eindrapportage Invoering Omgevingswet Halderberge.pdf

Gemeenteraad 10 februari 2022, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 8: Rekenkameronderzoek invoering Omgevingswet25.525 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Welke handvatten leveren de good-practices op voor de verbindende rol? Hierna zullen per rol het oordeel van de raad, de handvatten en de leerpunten weergegeven worden.

46

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

4.1

Kaderstellende rol van de raad

4.1.1 Oordeel van de raad over de kaderstellende rol In deze paragraaf wordt het oordeel van de gemeenteraad over haar kaderstellende rol weergegeven. U treft hierin aan de gemiddelde score die de 19 raadsleden hebben gegeven tussen 1 (=onvoldoende) en 5 (=zeer goed). Vervolgens is de verklaring voor de score weergegeven. Dit gaat voor de kaderstellende rol over het oordeel van de gemeenteraad over: ▪ ▪

▪

Het nemen van verantwoordelijkheid voor inhoudelijke en procesmatige keuzen, Eigenaarschap Bewaking integraliteit van het omgevingsrecht

Oordeel om het nemen van verantwoordelijkheid om vooraf noodzakelijk inhoudelijk en procesmatige keuzen te maken De gemiddelde score is 3,1

Oordeel raad

De gemiddelde score laat zien dat dit net voldoende is. Sommige raadsleden zeggen dat het proces in Halderberge goed in elkaar zit. De raad wordt tijdig meegenomen en er worden stukken opgeleverd zodat de raad waar nodig kan bijstellen. Daarmee voelt de raad zich eigenaar. De werkgroep praat de raad bij na elk overleg. Maar een aantal individuele raadsleden die niet in de werkgroep zitten geven aan; ’eerlijk gezegd ben ik er als raadslid helemaal niet zo mee bezig. Ik leun daarbij teveel op de fractiegenoot die in de werkgroep zit.’ Anderen vinden dat de raad niet voldoende wordt ingelicht over de voortgang en is men bevreesd om meer achteraf aspecten op tafel te krijgen dan gedurende het proces. De raad probeert eigenaar te zijn maar dat vragen zij zich af. Er zijn vooralsnog volgens hen geen proces-keuzes in de raad geweest. De raad is afhankelijk van de informatievoorziening uit de gemeentelijke organisatie. De algemene richting is niet vastgesteld. Het college legt nu zaken voor en als raad tekenen we bij het kruisje. Tabel 17. Oordeel nemen van verantwoordelijkheid voor inhoudelijke en procesmatige keuzen.

47

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

Oordeel van de raad Oordeel raad in het bewaken van haar eigenaarschap en hoe in gezamenlijkheid de invoering wordt vorm gegeven en hoe zij heeft aangegeven hoe zij zich verhoudt tot andere actoren. De gemiddelde score is De gemiddelde score laat zien dat dit net voldoende is. 3,2 De ingestelde werkgroep geeft invulling aan de gezamenlijke invoering. De werkgroep is betrokken maar ook afwachtend en laat zich leiden door de ambtelijke ondersteuning. De discussie over de andere actoren is nog niet geheel en duidelijk bepaald en moet dus nog gevoerd worden. De raad is tot nu toe, nog niet nadrukkelijk bij dit proces betrokken. Anderen geven dat er nog niets door de raad is bepaald, het college heeft in deze de richting bepaald. Gemeenteraadsleden geven aan dat zij zelf ook niet die verantwoordelijkheid oppakken. Tabel 18. Oordeel eigenaarschap Oordeel bewaking van Oordeel raad de integraliteit van de omgevingsvisie door alle relevante beleidsterreinen met elkaar te verbinden De gemiddelde score is De gemiddelde score laat zien dat dit net niet voldoende is. 2,9 Enerzijds vindt de Raad dat ze dit nog niet voldoende doet. De gedachte van de Omgevingswet wordt nog niet begrepen en dat het daardoor niet wordt verbonden met andere beleidsterreinen.

Er is vanuit de raad nog weinig respons hierover en er is nog geen concrete uitwerking van de integraliteit van alle relevante beleidsterreinen. Soms komen er nog stukken langs waar geen link is gelegd met de Omgevingswet. Dat zou standaard moeten zijn voor beleidsvoorstellen die gaan over de fysieke leefomgeving. Anderzijds wordt aangegeven dat op bepaalde aspecten hier al wel goede voorbeelden van zijn. Tabel 19 Oordeel bewaking integraliteit Uit de bovenstaande oordelen van de gemeenteraadsleden over de kaderstellende rol blijkt dat het proces van de invoering van de Omgevingswet, mede door het instellen van de werkgroep, het vastgestelde ambitiedocument en implementatieplan, in het begin goed in elkaar is gezet. Echter niet-werkgroep leden in de gemeenteraad voelen zich meer op een afstand staan en hebben niet het gevoel betrokken te zijn bij het verdere invulling geven van de kaders en de aanpassing van de planning. Daarmee heeft de raad het gevoel dat het college/ambtelijke organisatie meer de richting bepaalt op dit moment. Gemeenteraadsleden geven aan dat na het goede begin, nu het gevoel overheerst dat het proces anderhalf jaar heeft stilgestaan en is het nu weer tijd om de kaders weer

48

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

verder te bepalen op het gebied van de planning en de inhoud. Hierin wil de raad ook bepalen hoe zij zich verhoudt tot andere actoren zoals medeoverheden en initiatiefnemers. Wel dient opgemerkt te worden dat gemeenteraadsleden dit hebben laten gebeuren en tot nu toe niet het initiatief hebben genomen op hierop te acteren. Hoewel er bepaalde goede voorbeelden zijn, bewaakt de raad de integraliteit niet voldoende. Er is nog geen concrete uitwerking van de integraliteit van alle relevante beleidsterreinen, waardoor het voorkomt dat er nog stukken langs komen waar geen link is met de Omgevingswet. 4.1.2 Handvatten en leerpunten voor de kaderstellende rol

Handvatten voor de kaderstellende rol De gemeenteraadsleden hebben de vraag beantwoord “welke handvatten levert de beantwoording van bovengenoemde vragen op voor de verbetering van de kaderstellende rol” en “Welke handvatten leveren de good-practices op de kaderstellende rol”. Hieruit komen de volgende punten naar voren: ▪

▪

▪ ▪

▪

▪ ▪

De gemeente Halderberge komt in een periode waarbij de voltallige raad aan de slag moet om het goed in de vingers te krijgen. Helaas is het proces al bijna anderhalf jaar gestokt. Dus is het nu zaak om als raad te bepalen om kaders en planning op een andere manier in te richten. Raadsleden geven aan dat zij zo snel mogelijk aan de slag willen gaan met de omgevingsvisie en het omgevingsplan. Bij de inrichting van nieuwe processen worden fundamentele keuzes gemaakt. Bijvoorbeeld als het gaat om ‘loslaten’ van regels. De raad zou daarin intensief moeten worden betrokken. Ondanks het instellen van de werkgroep moeten raadsleden ervoor waken dat de rest van de raad ook mee blijft gaan in het proces. Verder vinden enkele raadsleden dat er met regelmaat door het college naar de volledige raad gecommuniceerd zou moeten worden over voortgang van daadwerkelijke initiatieven vanuit de bevolking en experimenten. De raad zou zich meer moeten beseffen dat ze het hoogste orgaan is. Dan zullen raadsleden ook moeten weten hoe het één en ander in elkaar zit qua wet en welke keuzes de gemeenteraad heeft. Daarin zal de raad zich onafhankelijk moeten laten adviseren door ambtenaren. Raadsleden geven aan zich te willen spiegelen aan andere gemeenten en met name aan de gemeente Etten Leur.

Raadsleden opperen om als gemeente pilots en initiatieven vanuit de bevolking op te gaan pakken en daar mee te experimenteren. Learning by doing: De gemeenteraad wil graag in samenspraak betrokken zijn bij de uitvoering van experimenten.

Uit deze handvatten en leerpunten blijkt dat de raad weer aan de slag wil met de Omgevingswet als voltallige raad om hernieuwd in het proces de kaders op het gebied van de planning en de inhoud neer te zetten.

4.2

Controlerende rol van de raad

4.2.1 Oordeel van de raad over controlerende rol In deze paragraaf wordt het oordeel van de gemeenteraad over haar controlerende rol weergegeven. U treft hierin aan de gemiddelde score die de 19 raadsleden hebben gegeven tussen 1 (=onvoldoende) en 5 (=zeer goed). Vervolgens is de verklaring voor de score weergegeven.

49

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

Dit gaat voor de controlerende rol over het oordeel van de gemeenteraad over: ▪ Hoe de raad de invoering van de Omgevingswet controleert. ▪ De informatievoorziening naar de raad. Oordeel hoe de raad Oordeel raad de invoering van de Omgevingswet controleert als het gaat om de voortgang van het proces, de inhoud van de verschillende deelproducten, de participatie van inwoners en het uitvoeren van de experimenten De gemiddelde score is De gemiddelde score laat zien dat dit net voldoende is. 3,0 Door respondenten wordt de invoering van de Omgevingswet niet veel anders gezien dan normaal, met als verschil dat er hier is gekozen voor een werkgroep. Daarmee erkent de raad dus het belang van een deugdelijke uitvoering. De werkgroep vanuit de raad zit er het dichtst bovenop. De raad wordt bijgepraat maar er is niet iets van een voortgangsbewakingsplan. Daarnaast vindt men dat er geen of geen goede voortgangsinformatie wordt verkregen door de raad. Graag willen raadsleden de grote lijnen en trends zien en waar het fout gaat. Graag per kwartaal rapporteren op voortgang en failures. De raad heeft niet aangegeven hoe zij dit proces wil controleren. Het lijkt erop dat de raad wacht op een voorstel van het college/de ambtelijke organisatie. De planning is niet helder vooral doordat het steeds weer wordt uitgesteld.

Bijstellingen van de planning zouden vaker formeel door het college richting de raad ter bespreking moeten. Tabel 20. Oordeel hoe de raad de invoering van de Omgevingswet controleert

50

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

Oordeel over de Oordeel raad informatievoorziening naar de raad; regelmaat en frequentie, tijdigheid De gemiddelde score is De gemiddelde score laat zien dat dit goed is. Raadsleden worden geregeld 4,1 bijgepraat als er iets is. Dit gebeurt via commissies, per mail, en in de eigen fractie via de werkgroepleden. Het mag volgens sommigen zelfs wel een tandje minder. De raad wordt overal in bijgepraat en meegenomen, daar waar het bij de Omgevingswet toch ook gaat om een stukje loslaten. Anderzijds wordt aangegeven dat er beperkte informatie wordt gegeven tijdens de commissievergaderingen over de daadwerkelijke voortgang van het proces van de invoering van de Omgevingswet. Het lijkt erop dat het momentum verloren is. Er is regelmatig weer een bijeenkomst die niet doorgaat. Tabel 21. Oordeel over informatievoorziening naar de raad Uit het bovenstaande oordelen gemeenteraadsleden over de controlerende rol van de raad dat er met de keuze van de werkgroep de voortgangsbewaking in principe naar behoren belegd is. De informatievoorziening is in de inrichting van het proces in de vorm van regelmatig bijpraten goed geregeld. Echter wordt er door de raad aangegeven dat er niet altijd de juiste meer formele voortgangsinformatie wordt verstrekt in relatie tot het bepaalde richtpunt in de toekomst waardoor de planning niet helder is.

Bijstellingen van de planning en verdere uitwerking van de kaders zijn na de vaststelling van het ambitiedocument en de implementatieplanning niet meer in de gemeenteraad geweest. De bijstellingen van de planning zouden vaker (per kwartaal) richting de raad moeten komen ter bespreking. 4.2.2 Handvatten en leerpunten voor de controlerende rol

Handvatten voor de controlerende rol De gemeenteraadsleden hebben de vraag beantwoord “welke handvatten levert de beantwoording van bovengenoemde vragen op voor de verbetering van de controlerende rol” en “Welke handvatten leveren de good-practices op de controlerende rol”. Hieruit komen de volgende punten naar voren: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

▪

Het college moet de raad per kwartaal informeren over de voortgang zodat duidelijk wordt of de planning wordt gehaald en wat de redenen daarvoor zijn. De raad moet tijd nemen om de informatie over de voortgang tot zich te nemen, De raad moet meegenomen worden in dilemma’s en moet keuzes voorgelegd krijgen en De raad moet zelf ook initiatief nemen om over die onderwerpen waarover zij nog vragen hebben een bijeenkomst te organiseren. Informatie wordt beter opgeslagen door er echt in initiatieven vanuit de bevolking mee te werken, dit wordt elders al gedaan. Het zou betere informatie moeten zijn, nu is de informatie vooral op het interne proces gericht. Laat een raadslid uit een koplopergemeente onze raad vertellen over hun proces.

Uit deze handvatten en leerpunten blijkt dat de gemeenteraad weer aan het stuur wil komen van het proces. De volledige raad zou per kwartaal geïnformeerd willen worden over voortgang en failures. Hoe heeft het zover kunnen komen, wat is de stand van zaken, hoe denkt de portefeuillehouder de planning te halen. En daarbij wat is het richtpunt voor de toekomst.

51

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

Raadsleden geven aan dat ze voortvarender met de planning om moeten gaan en hiervoor kaders vast stellen. De vastgestelde kaders moeten dan worden gecontroleerd door de raad.

4.3

Vertegenwoordigende rol van de raad

4.3.1 Oordeel van de raad over vertegenwoordigende rol In deze paragraaf wordt het oordeel van de gemeenteraad over haar vertegenwoordigende rol weergegeven. U treft hierin aan de gemiddelde score die de 19 raadsleden hebben gegeven tussen 1 (=onvoldoende) en 5 (=zeer goed). Vervolgens is de verklaring voor de score weergegeven. Dit gaat voor het oordeel van de vertegenwoordigende rol van de raad over: ▪

▪

Het oppakken van de vertegenwoordigende rol Hoe inwoners worden betrokken

Oordeel hoe de raad de invulling van haar vertegenwoordigende rol oppakt tijdens het invoeringsproces (en nadat de invoering is gerealiseerd als het gaat om de Omgevingswet.) De gemiddelde score is 3,1

Oordeel raad

De gemiddelde score laat zien dat dit net voldoende is. Raadsleden vinden dat dit goed is gedaan in de aanloop naar de kaderstelling, maar we moeten er voor waken dat we dit goed blijven oppakken nu en ook na de invoering. Er zijn in het begin pilots bepaald om te gaan oefenen met het gedachtengoed middels verschillende bijeenkomsten, trainingen en “table top” (spel)oefeningen. Anderzijds wordt aangegeven dat dit nog niet voldoende gebeurd. De vertraging met het uitstel van de Omgevingswet en nu met de coronacrisis zal hier ook geen goed aan doen.

Er wordt onvoldoende gesproken met externe stakeholders. In de vorming van de omgevingsvisie moet de raad het gesprek met buiten als basis nemen. Tabel 22. Oordeel oppakken vertegenwoordigende rol

52

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

Oordeel over hoe de Oordeel raad inwoners idealiter worden betrokken, (en is hierin een afweging gemaakt tussen de initiatiefnemers, het algemeen belang, en het belang van mogelijke opponenten van het initiatief) De gemiddelde score is De gemiddelde score laat zien dat dit onvoldoende is. 2,6 Dit is volgens raadsleden goed verwoord in het ambitiedocument. Er is binnen de werkgroep invulling gegeven aan een verkenning over hoe dit idealiter moet gebeuren. Anderen geven aan dat het is afgesproken in het begin en dat daar waar het kan ook burgerparticipatie vanaf het begin in het traject zou kunnen worden opgenomen. Dit is echter tot nu toe nog niet gebeurd. De Raad moet er nu voor waken dat dit wel goed vorm gaat krijgen. Het participatiebeleid moet nog door Raad worden vastgesteld. De Raad en de werkgroep worden nu teveel geleid door de ambtelijke organisatie. De bewoners zouden eerder bij het proces moeten worden betrokken. Als er nu in de wijken/dorpen zou worden gevraagd over de invoering van de Omgevingswet dan is zeker 8 van de 10 die zegt er nog nooit van gehoord te hebben. Tabel 23. Oordeel hoe inwoners worden betrokken In haar oordeel over de vertegenwoordigende rol van de gemeenteraad geven de gemeenteraadsleden aan dat de raad in de aanloop naar de kaderstelling (in de loop van 2018) de vertegenwoordigende rol goed heeft ingevuld.

Gemeenteraadsleden zijn van mening dat door vertragingen en uitstel er sindsdien niet meer voldoende voortgang geboekt is op verdere invulling van de vertegenwoordigende rol. Er is in het proces slechts aandacht geweest voor de interne aspecten, terwijl de Omgevingswet per definitie van buiten naar binnen moet werken en niet andersom. Externe stakeholders zoals medeoverheden en initiatiefnemers zijn onvoldoende betrokken in het proces tot nu toe. Gemeenteraadsleden geven aan dat de raad dit wil oppakken in de aanloop naar de omgevingsvisie. Vooral op het gebied van burgerparticipatie is tot nu toe onvoldoende gebeurd. Gemeenteraadsleden zijn van mening dat inwoners eerder bij het proces moeten worden betrokken. 4.3.2 Handvatten en leerpunten voor de vertegenwoordigende rol

Handvatten voor de vertegenwoordigende rol De gemeenteraadsleden hebben de vraag beantwoord “welke handvatten levert de beantwoording van bovengenoemde vragen op voor de verbetering van de vertegenwoordigende rol” en “Welke handvatten leveren de good-practices op de vertegenwoordigende rol”. Hieruit komen de volgende punten naar voren: ▪ Raadsleden geven aan dat ze van buiten naar binnen moeten denken. Het proces moet starten bij de initiatieven van de bevolking en niet bij de interne gemeentelijke organisatie.

53

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

▪

▪

▪ ▪

Na een goed begin anderhalf jaar geleden lijkt het voor raadsleden wat stilgevallen. Om het proces gaande te houden is continuïteit van communiceren noodzakelijk. In eerste instantie is communicatie naar de bevolking waar de initiatiefnemers uit voort komen noodzakelijk. Dit is tot nu toe niet/(niet voldoende) gebeurd. Raadsleden moeten het proces van burgerparticipatie nu oppakken en dit proces als raad blijven bewaken. Het gaat om de inwoners en de bedrijven en probeer die nu veel meer en veel indringender bij te betrekken. Raadsleden geven aan: “dat alles wat we tot nu toe gedaan hebben verloren moeite is omdat we vanuit binnenuit zijn gestart en niet van buiten naar binnen zijn gestart.” In het proces naar de omgevingsvisie is het belangrijk dat de raad deze vertegenwoordigende rol goed gaat definiëren. Raadsleden geven aan dat het goed zou zijn als de gemeente ook met omgevingstafels zouden starten.

Uit deze handvatten en leerpunten blijkt dat gemeenteraadsleden van mening zijn dat proces van burgerparticipatie nu opgepakt moet worden en dat dit proces door de raad nauwlettend moet worden bewaakt. De gemeente Halderberge moet vanaf nu in het proces van de invoering van de Omgevingswet van buiten naar binnen gaan denken. Gemeenteraadsleden vinden dat het om de inwoners en de bedrijven gaat. Probeer die nu veel meer en veel indringender bij te betrekken. Raadsleden geven aan: “dat alles wat we tot nu toe gedaan hebben verloren moeite is omdat we vanuit binnenuit zijn gestart en niet van buiten naar binnen zijn gestart.”

4.4

Verbindende rol van de raad

4.4.1 Oordeel van de raad over de verbindende rol In deze paragraaf wordt het oordeel van de gemeenteraad over haar verbindende rol weergegeven. U treft hierin aan de gemiddelde score die de 19 raadsleden hebben gegeven tussen 1 (=onvoldoende) en 5 (=zeer goed). Vervolgens is de verklaring voor de score weergegeven. Dit gaat over het oordeel van de verbindende rol van de gemeenteraad over: ▪ Het opnemen van de rol als verbinder. ▪ De verbinding van de raad met andere actoren.

54

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

Oordeel over het actief opnemen van de rol van verbinder tussen gemeente en bewoners De gemiddelde score is 2,8

Oordeel raad

De gemiddelde score laat zien dat dit net niet voldoende is. Raadsleden geven aan dat zij per definitie tussen gemeente en bewoners staan. Ook geven raadsleden aan dat zij als fractie goed benaderbaar zijn. Helpen is daarbij het motto al is het alleen maar om het proces te ondersteunen. Er is dagelijks contact vanuit de raad met de achterban door bijvoorbeeld een klankbordgroep en periodieke nieuwsbrieven. Sommige raadsleden zijn van mening dat hierover in de eerste bijeenkomsten van het proces van de invoering van de Omgevingswet wel over is gesproken maar dat ervoor gewaakt moet worden om dit nu goed op te pakken. Het proces is volgens veel raadsleden nog te intern gericht. Weer anderen geven aan dat met betrekking tot de Omgevingswet dit nog niet echt gebeurd. Het is vooral jammer dat er nog niet wordt gewerkt met echt initiatieven vanuit de bevolking.

Het is belangrijk om gezamenlijk als raad over de eigen rolinvulling te spreken, deze eenduidig te maken en op elkaar af te stemmen en dit dan ook goed met de bevolking te communiceren. Het is cruciaal hierin de eigen integriteit als raad en als raadslid te behouden. Tabel 24. Oordeel over opnemen rol verbinder Oordeel over hoe de raad zich verbindt met andere actoren (en zijn hier afspraken over gemaakt) De gemiddelde score is 2,4

Oordeel raad

De gemiddelde score laat zien dat dit onvoldoende is. Er zijn nog geen afspraken over omdat de raad hier nog een discussie over moet voeren. De raad is hier niet goed in. Vooral als het gaat over externe overheden. Ook hier heeft het uitstel en wijzigen ervoor gezorgd dat de burgerparticipatie nog niet echt op gang is gekomen in het proces.

Wellicht is het ook een stukje laksheid van de raad. Een nieuw proces zorgt voor nieuwe manieren en die moeten vaak nog ontdekt worden. Tabel 25. Oordeel verbinding raad met andere actoren

55

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

Het oordeel van de gemeenteraadsleden over de verbindende rol is in beginsel positief, maar niet wat betreft de Omgevingswet. Hoewel de raad per definitie een verbindende factor tussen gemeente en bewoners is en daartoe ook de middelen heeft, gebeurt dit nog niet op het gebied van de Omgevingswet. Dit komt vooral doordat er nog niet wordt gewerkt met initiatieven vanuit de bevolking. De raad wil de invulling van de verbindende rol bespreken, eenduidig maken, op elkaar afstemmen om hierin de integriteit te behouden. Dit moet daarna goed met de bevolking worden gecommuniceerd. Over de verbinding met de medeoverheden wil de raad afspraken maken. 4.4.2 Handvatten en leerpunten voor de verbindende rol

Handvatten voor de verbindende rol De gemeenteraadsleden hebben de vraag beantwoord “welke handvatten levert de beantwoording van bovengenoemde vragen op voor de verbetering van de verbindende rol” en “Welke handvatten leveren de good-practices op de verbindende rol”. Hieruit komen de volgende punten naar voren: ▪

▪

▪ ▪ ▪ ▪

Het verbinden zal minder gaan over de spreekwoordelijke stoeptegel en meer moeten gaan over maatschappelijke effecten in buurten en straten; omgevingswaarden die gerealiseerd moeten gaan worden. Het begrip omgevingswaarde is nog nooit ter sprake geweest in de raad en is de kern van de rol van de Raad en de verbinding met onze inwoners en ondernemers. Raadsleden geven aan afspraken te moeten maken over hoe deze rol beter en eenduidig op te pakken. En deze dan te communiceren met de bevolking. Integriteit behouden is daarin cruciaal. Raadsleden geven aan het contact met externe overheden te moeten verbeteren als raad. Raadsleden blijven hier traditioneel mee omgaan terwijl de Omgevingswet een andere werkwijze en cultuur in zich heeft. De belangrijkste les die raadsleden nemen is dat ze nu het echt moeten gaan doen vanuit de participatie van de bevolking en de initiatiefnemers. De gemeenteraad dient te weten wat er leeft bij de inwoners en hoe ze bepaalde zaken/processen etc. ervaren en wat voor hen de verwonderpunten en suggesties voor verbetering zijn. Gemeente Halderberge kan leren van andere gemeenten en dit breed in de gemeente te delen met alle betrokkenen.

Uit deze handvatten en leerpunten blijkt dat gemeenteraadsleden de kern van de verbindende rol wil richten op de bepaling van de omgevingswaarden. Het verbinden zal minder moeten gaan over de spreekwoordelijke stoeptegel en meer moeten gaan over maatschappelijke effecten in buurten en straten; omgevingswaarden die gerealiseerd moeten gaan worden. Het begrip omgevingswaarde is nog nooit ter sprake geweest in de raad en is de kern van de rol van de Raad en de verbinding met de inwoners en ondernemers.

4.5

Samenvattende bevindingen Rol van de raad

In deze paragraaf zal per rol van de raad een tussenconclusie worden geformuleerd. Kaderstellende rol: Het proces van de invoering van de Omgevingswet, mede door het instellen van de werkgroep, het vastgestelde ambitiedocument en implementatieplan, is in het begin goed in elkaar gezet. Echter niet-werkgroep leden in de gemeenteraad voelen zich meer op een afstand staan en hebben niet het gevoel betrokken te zijn bij het verdere invulling geven van de kaders en de aanpassing van de planning. Daarmee heeft de raad het gevoel dat het college/ambtelijke organisatie meer de richting bepaalt op dit moment. Na het goede begin heeft de raad het gevoel dat het proces anderhalf jaar heeft stilgestaan en is het nu tijd om de kaders en het tempo weer te bepalen. De raad moet nog bepalen hoe zij zich verhoudt tot andere actoren zoals medeoverheden en initiatiefnemers. Wel

56

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

dient opgemerkt te worden dat gemeenteraadsleden dit hebben laten gebeuren en tot nu toe niet het initiatief hebben genomen hierop te acteren. Controlerende rol: De gemeenteraad heeft geen zicht op de voortgang in relatie tot de vastgestelde ambitie en de originele planning. De raad heeft met de instelling van de werkgroep het college de mogelijkheid gegeven om de werkgroep te informeren over de voortgang. De verdere informatievoorziening is in beginsel geregeld via het regelmatig bijpraten van de raad door de werkgroepleden. De raad is van mening dat het college niet de juiste en adequate voortgangsinformatie verstrekt. De raad wordt bijgepraat over aanpassingen, bijstellingen en vertraging, maar krijgt geen formele informatie van het college over de voortgang en aanpassingen van de planning. Verder weet de gemeenteraad niet hoe dit verhoudt tot originele planning, waardoor de huidige planning niet helder is. De bijstellingen van de planning zouden vaker (per kwartaal) vanuit het college richting de voltallige raad moeten komen ter bespreking.

Vertegenwoordigende rol: De raad heeft in de aanloop naar de kaderstelling (in de loop van 2018) naar eigen zeggen de vertegenwoordigende rol goed ingevuld. Door vertragingen en uitstel is er sindsdien niet meer voldoende voortgang geboekt op bewonersparticipatie. Er is in het proces vooral aandacht geweest voor de interne aspecten. Externe stakeholders zoals medeoverheden en initiatiefnemers zijn onvoldoende betrokken in het proces tot nu toe. De raad wil dit oppakken in de aanloop naar de omgevingsvisie. Vooral op het gebied van burgerparticipatie is tot nu toe onvoldoende gebeurd. De raad is van mening dat inwoners eerder bij het proces moeten worden betrokken.

Verbindende rol: De raad wordt niet in positie gebracht om de verbindende rol te nemen, maar neemt ook zelf geen initiatief op dit vlak. Dit geldt zowel voor de verbindende rol naar bewoners als naar medeoverheden. Hoewel de raad per definitie een verbindende rol tussen gemeente en bewoners heeft en daartoe ook de middelen heeft, wordt deze rol nog niet genomen op het gebied van de Omgevingswet. Er wordt nog niet gewerkt met initiatieven vanuit de bevolking. Het verbinden zal minder gaan over de spreekwoordelijke stoeptegel en meer moeten gaan over maatschappelijke effecten in buurten en straten; omgevingswaarden die gerealiseerd moeten gaan worden. Het begrip omgevingswaarde is nog nooit ter sprake geweest in de raad en is de kern van de rol van de raad en de verbinding met de inwoners en ondernemers. De raad wil over de invulling van de verbindende rol spreken, eenduidig maken en op elkaar afstemmen en hierin de integriteit te behouden. Dit moet daarna goed met de bevolking worden gecommuniceerd. Over de verbinding met de medeoverheden wil de raad afspraken maken.

57

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

5.

Conclusies en aanbevelingen

In dit hoofdstuk presenteren we de overall conclusies en aanbevelingen.

5.1 1.

Conclusies Er is sprake is van rolvervaging van de raad als gevolg van het instellen van de werkgroep invoering Omgevingswet, waarin raadsleden zitten. De werkgroep wordt geconsulteerd op inhoud en voortgang. Daardoor komt de gemeenteraad op afstand te staan van het uitvoeringsproces en kan zijn rollen niet goed invullen.

Hoewel de ambtelijke organisatie en het college tevreden zijn met de rolinvulling door alle betrokkenen, wordt er vooral vanuit de raad kritisch gekeken naar de rolinvulling van de ambtelijke organisatie en het college, als wel naar de eigen rolinvulling. Werkgroepleden worden geconsulteerd op aanpassingen van de planning en de uitvoering. Daarmee wordt de werkgroep gebruikt als een soort van voorportaal van de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraad en vindt rolvervaging plaats. De gehele raad voelt zich niet betrokken in het proces en kan zijn kaderstellende en controlerende rol daardoor onvoldoende vervullen. Dit komt, zo blijkt uit de ambtelijke wederhoor, doordat het door de raad vastgestelde implementatieplan (februari 2019)4 een flexibele planning kent en dat er daarmee geen verantwoording nodig is aan de raad over voortgang en aanpassingen. De gemeenteraad is niet rechtstreeks vanuit het college formeel geïnformeerd over de voortgang van het proces maar wordt geïnformeerd door de werkgroep. Het college zou tevens aanpassingen in relatie tot het vastgestelde ambitiedocument en implementatieplan aan de gemeenteraad moeten voorleggen. Dit is tot nu toe niet gebeurd. De gemeenteraad heeft dit ook laten gebeuren. De gemeenteraad heeft de wens meer als volledige raad betrokken te worden. 2.

De aanpak van de invoering van de Omgevingswet in Halderberge is -van binnen naar buiten- in plaats van -van buiten naar binnen-.

De aanpak van de invoering van de Omgevingswet in de gemeente Halderberge is tot nu toe geweest om eerst binnen de organisatie aan de slag te gaan. Dit is niet in de lijn met de algemene strekking van de Omgevingswet waarbij het initiatief bij bewoners en bedrijven ligt en de gemeente acteert op basis van deze initiatieven en dus een beweging van buiten naar binnen beoogt. De huidige benaderingswijze van de gemeente heeft als risico dat mogelijk aanpassingen nodig zijn in de toekomst om in te spelen op de initiatieven, wensen, visie en meningen vanuit de bewoners, bedrijven en andere betrokkenen. De cultuuromslag die de Omgevingswet beoogt dient niet alleen binnen de gemeentelijke organisatie, maar juist ook daarbuiten en met inwoners en bedrijven te worden gerealiseerd. De uitvoering van experimenten is vooralsnog niet gedaan op basis van initiatieven die vanuit inwoners of bedrijven zijn gekomen. Het zijn vooral experimenten bedacht door de gemeentelijke organisatie. Een voorbeeld hiervan is het experiment Klimaatstraat dat door de gemeente geïnitieerd en bedacht is en dat geen initiatiefnemers vanuit de bevolking heeft opgeleverd. Experimenten worden nog te veel sturend ingezet door de gemeentelijke organisatie. Het zou beter zijn om met initiatieven vanuit inwoners en bedrijven te experimenteren.

De noodzaak hiervan wordt bevestigd doordat meerdere respondenten aangeven dat inwoners die willen ondernemen nog vaak tegen de ambtelijke organisatie aanlopen en dan stoppen met hun initiatieven. De gemeentelijke organisatie zou nog meer naar de mogelijkheden moeten kijken in

4

De aangepaste planning “Implementatieplan 2.0” is vastgesteld door het college van B&W op 3 maart 2020.

58

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

plaats van de onmogelijkheden. Tevens is aangegeven dat inwoners nog nauwelijks een idee hebben van wat er allemaal gaat veranderen met de Omgevingswet. Er is in het proces vooral aandacht geweest voor de interne aspecten, terwijl de Omgevingswet per definitie van buiten naar binnen werkt. Externe stakeholders zoals medeoverheden en initiatiefnemers zijn onvoldoende betrokken in het proces tot nu toe. Vooral op het gebied van burgerparticipatie is tot nu toe onvoldoende gebeurd. De raad is van mening dat inwoners eerder bij het proces moeten worden betrokken. 3.

De originele planning is niet gehaald en de huidige planning is voor de gemeenteraad onduidelijk. De gemeenteraad heeft geen initiatief genomen om dit te veranderen.

De originele planning om per 01-01-2021 klaar te zijn voor de invoering van de Omgevingswet wordt over de breedte niet gehaald op de drie in de planning onderscheiden projecten: Instrumenten, de DSO en de Veranderopgave. Volgens de gemeentelijke organisatie (ambtelijke organisatie en college) ligt de voorbereiding en invoering van de Omgevingswet op het gewenste tempo. De gemeente is, zo verklaart zij zich, in relatie tot de invoering van de Omgevingswet een pragmatische volger. De gemeente Halderberge heeft een duidelijke keuze gemaakt om eerst intern met de veranderopgave aan de slag te gaan alvorens naar buiten te gaan (van binnen naar buiten werken). Dit is in contrast met de oorspronkelijke planning waarin de projecten parallel zouden lopen. Er is een aangepaste planning gemaakt in maart 2020 tijdens de uitvoering van dit onderzoek. Echter hiervan wordt aangegeven dat deze planning vanwege huidige omstandigheden wederom aangepast gaat worden. Hoewel de werkgroep geïnformeerd is over de aangepaste planning voelen de raadsleden daarin zich niet betrokken. Gemeenteraadsleden hebben geen zicht op hoe de huidige planning zich verhoudt tot de originele planning. De gemeenteraad neemt (ook) zelf geen initiatief om zijn betrokkenheid te vergroten en grip te krijgen op het proces van invoering.

Ondanks het uitstel met een jaar van de invoering van de wet, is immers nog veel werk aan de winkel. Medeoverheden zien dat er grote faseverschillen zijn tussen gemeenten. Er zijn gemeenten die voorop lopen en waar veel contact mee is op het gebied van omgevingsvisie, omgevingsplannen, omgevingstafels en experimenten. En er zijn gemeenten die volgen (zoals Halderberge) waar nog niet veel contact mee is op het gebied van de invoering van de Omgevingswet. Medeoverheden zagen wel een goede start in Halderberge, maar het wordt nu als wat stiller ervaren. De raad heeft in haar controlerende rol met de keuze van de werkgroep de voortgangsbewaking naar behoren belegd. De informatievoorziening is in principe goed geregeld. Echter wordt er door de raad aangegeven dat er niet altijd de juiste voortgangsinformatie wordt verstrekt in relatie tot het bepaalde richtpunt in de toekomst, waardoor de planning niet helder is. De bijstellingen van de planning zouden vaker (per kwartaal) richting de raad moeten komen ter bespreking.

59

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

5.2

Aanbevelingen

Aanbeveling aan de raad: 1.

Zorg dat de raad in stelling komt en laat de werkgroep in de functie van meedenker en adviseur in het uitvoeringsproces.

De werkgroep heeft de rol van meedenken en advisering in de uitvoering. Gebruik het niet als een besluitvormend orgaan. Dat is de gemeenteraad. Stel geen implementatieplan vast waarin een flexibele planning wordt afgesproken en om die reden niet over de voortgang wordt gerapporteerd. Laat de raad de aangepaste planning vaststellen. Zorg dat de raad kan sturen op de voortgang door per kwartaal de raad te laten informeren over voortgang, stand van zaken en eventuele failures. Raadsleden geven aan dat ze voortvarender met de planning om moeten gaan en hiervoor kaders moeten vaststellen. Of zoals in het onderzoek is aangegeven: “Ons niet laten leiden door uitstel van buiten af, maar zelf de agenda bepalen.” De vastgestelde kaders moeten dan worden gecontroleerd door de raad. Aanbeveling aan de raad en het college: 2.

Werk vanaf nu van buiten naar binnen: Ga zo snel mogelijk aan de slag met het participatietraject, zodat bewoners meedenken en initiatief tonen. Experimenteer met echte initiatieven van bewoners en bedrijven om zo ook ervaring op te doen met de nieuwe manier van werken.

Het invoerings- en voorbereidingsproces moet vanaf nu vooral extern gericht zijn. Dus werk in participatietrajecten met bewoners en medeoverheden om te komen tot omgevingswaarden, de omgevingsvisie en een omgevingsplan. Ga experimenteren met echte initiatieven van bewoners en bedrijven om zo de gewenste werkwijze ook eigen te maken. Werk niet meer van binnen naar buiten maar van buiten naar binnen. Zorg dat het benodigde participatieproces hiervoor zo snel mogelijk start. Het proces van goed informeren van de inwoners waar de initiatiefnemers uit voortkomen is daarin van cruciaal belang. Door van buiten naar binnen te werken zal mogelijk ook het interne proces verder vorm krijgen en aangepast worden.

Aanbeveling aan het college: 3.

Stel samen met de gemeenteraad een nieuwe planning vast.

Maak een voorstel voor de aanpassing van de planning en de verdere invulling van de kaders en leg die voor aan de gemeenteraad. De gemeente Halderberge komt in een periode waarbij de voltallige raad aan de slag moet om de invoering en de beoogde omslag in denken en doen goed in de vingers te krijgen. Dus is het nu zaak om dit voor de raad op een andere manier in te richten. De raad wil voor een aantal aspecten de kaders stellen namelijk: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

aangepaste planning met heldere op te leveren resultaten en tijdspad het vaststellen van de omgevingswaarden verbinding met initiatiefnemers, bewoners en medeoverheden het participatiebeleid de invulling van de verbindende rol van de raad eenduidig maken en op elkaar afstemmen en om hierin de integriteit te behouden omgevingsvisie en omgevingsplan

Door hier op in te zetten, komt de raad niet alleen in het proces maar ook op de inhoud in positie. Daarin zal de raad zich onafhankelijk moeten laten adviseren door ambtenaren. De raad wil de controlerende rol op het proces goed uitvoeren en heeft daarvoor rechtstreeks vanuit het college adequate voortgangsinformatie nodig. Raadsleden geven aan zich te willen spiegelen aan andere

60

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

gemeenten en met name aan de gemeente Etten Leur. In hoofdstuk 3 en 4 zijn een veelheid van leerpunten en handvatten weergegeven van de verschillende leden van de werkgroep en de gemeenteraad. Het is aan te bevelen om deze te bespreken en waar nodig op te nemen in de aangepaste planning.

61

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

6.

Reactie college op conceptrapport

Op 26 oktober 2020 heeft de Rekenkamer het conceptrapport aangeboden voor bestuurlijk hoor en wederhoor. Er is hierop gereageerd bij brief van 26 november 2020. De inhoud van deze brief is onderstaand integraal verwoord. Geachte leden van de Rekenkamer, Op 26 oktober 2020 ontvingen wij de conceptrapportage van het onderzoek naar de ‘invoering van de Omgevingswet in de gemeente Halderberge’. U heeft ons in de gelegenheid gesteld om een reactie te geven op deze rapportage, hiervoor dank. Alvorens over te gaan tot een inhoudelijke reactie op de conceptrapportage, plaatsen wij enkele algemene reacties. We hebben aan het begin van het onderzoek met de leden van de Rekenkamer en later met bureau B&A gesproken over het onderzoek dat plaatsvindt naar een lopend proces. We hebben onze zorgen uitgesproken over de risico’s hiervan en het belang van een zo actueel mogelijk beeld in de op te stellen rapportage. Het proces van de invoering van de Omgevingswet is gestart in 2017 en dient uiterlijk in 2029 gereed te zijn. In de onderzoeksverantwoording is vermeld dat het onderzoek voor de factsheets heeft plaatsgevonden in de maanden januari en februari 2020. De factsheets zijn vervolgens gevuld met informatie en gekoppeld aan een stoplichtmodel. Bijvoorbeeld: onderdelen die volgens planning in Q3 2020 afgerond zouden zijn, hebben een rode kleur gekregen in de factsheet.

Dat resultaten kort na de interviews in april of mei 2020 zijn gerealiseerd, is niet meegenomen in het onderzoek. Tussen de momentopname en het opleveren van de conceptrapportage zijn uiteraard nog veel andere resultaten behaald. Wij constateren daarmee dat de rapportage, ondanks ook het verzoek van de werkgroep van de gemeenteraad aan het begin van het proces, toch niet aansluit bij de actuele situatie, maar (slechts) een momentopname behelst van de eerste maanden van 2020. Bij het opstellen van het implementatieplan hebben we de raad voorgesteld om de raadswerkgroep Omgevingswet een positie te geven als schakel tussen het college en de gemeenteraad. Wij hechten er waarde aan dat deze rol daadwerkelijk is opgepakt. Een andere algemene opmerking is dat bij de start van het proces we samen met alle gemeenten in Nederland, ondersteund door de VNG en BZK, aan de start verschenen. Gaandeweg hebben andere overheidspartijen handreikingen, planningen (routemap VNG), voorbeelden en verbindingen gemaakt. De eerste routemap van de VNG is in juni 2019 verschenen en inmiddels al op meerdere punten aangevuld. De gemeente Halderberge heeft ingezet op het vinden van het juiste netwerk en maakt daar slim en dankbaar gebruik van. Wij onderschrijven deze flexibiliteit.

Ten slotte merken we op dat in de conceptrapportage verbindingen worden gemaakt tussen de verschillende onderdelen van de Omgevingswet, die ons niet logisch lijken. Zo heeft bijvoorbeeld het proces om te komen tot een omgevingsvisie geen impact op de planning van andere instrumenten of het inrichten van werkprocessen in het VTH-domein. Onderdelen die ook nodig zijn om te werken met of in de geest van de Omgevingswet. In het document hebben we de volgende opmerkingen. 1.

62

Het implementatieplan 2.0 (datum 20 februari 2020) wordt regelmatig aangeduid als “het in april verschenen implementatieplan”. Dit plan bevat de inzichten van februari en is op 3 maart 2020 vastgesteld door het college en op 4 maart 2020 besproken met de werkgroep Omgevingswet vanuit de raad. Ook is daar die week over gesproken in de commissie van de gemeenteraad. Bij besluit van de werkgroepleden is de

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

2.

3.

4.

5.

informatiebrief van het college aan de raad omgebogen tot een informatiebrief vanuit de werkgroep aan de raad. Deze is in maart verzonden. In het project Instrumenten is, mede op basis van de adviezen van de VNG, een aantal producten toegevoegd die gerealiseerd moeten zijn op het moment dat de wet in werking treedt. Daarmee is de scope verbreed en zijn prioriteiten gesteld. Wat af moet per 1 januari 2022 heeft prioriteit gekregen. De omgevingsvisie die af moet voor 1 januari 2025 wordt in 2021 opgesteld. In de veranderopgave is de aangepaste planning (implementatieplan 2.0) niet goed weergegeven. We hebben in het nieuwe implementatieplan niet beschreven wat al was gedaan. We hebben vooruitgekeken en omschreven wat elk komend kwartaal onze focus heeft. Sinds de start van de leerkring De6 met de ketenpartners in oktober 2019 worden werkafspraken gemaakt, wordt daarmee geoefend en wordt geëvalueerd. Bij de veranderopgave hebben wij gekozen om deze met de leerkring (De6 gemeenten en ketenpartners) op te pakken. Dat in tegenstelling tot uw opmerking dat we dit intern hebben opgepakt. In het project Digitaal stelsel Omgevingswet (DSO) zijn we goed op weg. Op landelijke kaarten scoren we donkergroen. We zijn in mei 2020 aangesloten op hetgeen 1 januari 2022 minimaal moet en hebben ook andere stappen gezet. De tijdlijn in de factsheet loopt warrig.

De situatie in dit project in januari was wezenlijk anders dan in mei en afgelopen maanden. Bij deze paragraaf wordt niet goed aansluiting gevonden tussen de ‘gefotografeerde situatie’ in januari en de gerealiseerde situatie op dit moment. Er wordt wel benoemd dat we in mei zijn aangesloten, maar ook nog dat het project stil ligt en naar een projectleider wordt gezocht (situatie januari 2020). De projectinrichting is niet juist weergegeven. Het programmateam overlegt wekelijks via een scrummethode. De projectgroep heet inmiddels Werkgroep, Werkgroep Omgevingswet (WOW). Deze spreken elkaar elke maand met een vooraf verstuurde agenda. Vanuit het WOW-overleg worden die mensen bij elkaar gebracht die nodig zijn voor een opdracht. Dit heeft gezorgd voor een efficiënte inzet van onze menskracht, we hebben altijd de juiste mensen aan tafel die zelf beslissen over de benodigde inzet.

We gaan graag nog in op de conclusies, voor zover deze aan het college zijn gericht. De aanpak van de invoering van de Omgevingswet in Halderberge is – van binnen naar buiten – in plaats van – van buiten naar binnen - . Reactie college Wij herkennen ons niet in deze conclusie. Op basis van de toelichting lijken de processen Omgevingswet (meetbaar vanaf 1 januari 2022) en de aanloopfase van het initiatievenloket niet goed gecombineerd te worden. Tussen 1 januari en 1 september 2020 zijn 150 Ruimtelijke & Maatschappelijke Initiatieven ingediend. Wij hanteren hierbij een integrale blik en kiezen voor de ‘ja, mits’ houding. Daar waar we werken met ketenpartners aan de werkprocessen is dat om dit proces goed ingeregeld te krijgen. De participatie voor de omgevingsvisie wordt opgepakt zodra we de omgevingsvisie gaan opstellen. Dit proces heeft de raad bepaald in de omgevingsagenda. De originele planning is niet gehaald en de huidige planning is voor de gemeenteraad onduidelijk. De gemeenteraad heeft geen initiatief genomen om dit te veranderen. Reactie college We hebben er voor gekozen om flexibel in te spelen op de dynamiek van de wet en de begeleiding door VNG en BZK, binnen de gestelde kaders en beschikbare middelen door de gemeenteraad.

De wet is uitgesteld, omdat er landelijk gezien meerdere redenen voor waren dat men er niet klaar voor was en gemeenten niet de dienstverlening konden waarborgen bij de uitvoering van de wet per 2021. Zodra het definitieve besluit volgt van de Kamer over de inwerkingsdatum, passen wij de

63

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

planning 2.0 aan naar de planning 3.0 en wordt de raad geïnformeerd. Wij bereiden ons voor dat de Omgevingswet per 2022 wordt ingevoerd en de data voor het opleveren van de omgevingsvisie en het plan aangepast worden naar oplevering in de jaren 2024 en 2029. We gaan graag in op de aanbevelingen, voor zover deze aan het college zijn gericht. Werk vanaf nu van buiten naar binnen: ga zo snel mogelijk aan de slag met het participatietraject, zodat bewoners meedenken en initiatief tonen. Experimenteer met echte initiatieven van bewoners en bedrijven om zo ook ervaring op te doen met de nieuwe manier van werken. Reactie college Dit is onze aanpak zoals opgenomen in de omgevingsagenda. De raad heeft hiertoe de kaders bepaald. De experimenten zijn opgepakt en de omgevingstafel is ingezet voor echte initiatieven met de initiatiefnemer aan tafel. Stel samen met de gemeenteraad een nieuwe planning vast. Voor de Omgevingswet worden de komende besluiten opgenomen in de raadsplanning 2021 in overleg met het seniorenconvent. De kaders die opgenomen staan bij deze aanbeveling hebben betrekking op de omgevingsvisie. Deze kaders, de omgevingswaarden, de participatieve aanpak zijn inmiddels door de raad vastgesteld in de raad van september. We vertrouwen er op u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Hoogachtend, burgemeester en wethouders van de gemeente Halderberge, de secretaris de (loco-)burgemeester,

mevrouw mr. C.G. Jacobs

64

de heer J.H.A. Mollen, MMO

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

7.

Nawoord

Op verzoek van de gemeenteraad van Halderberge heeft de Rekenkamer onderzoek verricht naar de invoering van de Omgevingswet in de gemeente. De raad wilde meer inzicht in het traject dat in de gemeente is/wordt uitgezet; is dit traject doelmatig en doeltreffend? En, hoe is de rol en positie van de gemeenteraad in de (voorbereiding van de) Omgevingswet. Een dergelijk onderzoek is een bijzonder rekenkameronderzoek, daar het wordt uitgevoerd, terwijl de gemeente nog bezig is met de voorbereidingen van de invoering van de wet. De conclusies en aanbevelingen zijn dan ook meer bedoeld om aandachts- en leerpunten mee te geven bij de procesinrichting en -bijsturing. Om er ‘tijdens de rit van te leren’. De invoering van de Omgevingswet is een complexe opgave. Niet alleen in de lokale context, de rolkeuze van de raad en de samenwerking met andere overheden, maar ook in de dynamiek van steeds opschuivende invoeringsdata en andere ontwikkelingen veroorzaakt door het Rijk. Deze dynamiek vraagt van de gemeente Halderberge een aanpak die steeds opnieuw wordt afgestemd op de lokale en landelijke ontwikkelingen. Dat maakt het ingewikkeld. We willen het college, de ambtelijke organisatie, de werkgroep en de raadsleden hartelijk bedanken voor hun actieve medewerking aan dit onderzoek. Hieronder gaan we kort in op de bestuurlijke reactie van het college.

We zijn verheugd te constateren dat u twee van de drie conclusies onderschrijft en de aanbevelingen daaruit overneemt of al in werking zet. U herkent zich niet in de conclusie “De aanpak van de invoering van de Omgevingswet is ‘van binnen naar buiten- en niet van -van buiten naar binnen-‘.” De onderzoekers hebben geconstateerd en dit is in het onderzoek door verschillende informanten (raadsleden, collegeleden en ambtenaren) aangegeven, dat tot begin 2020 het proces intern gericht is geweest en dat processen van buiten tot die tijd niet of beperkt zijn ingezet. Dat hier in de loop van 2020 een aanvang mee is gemaakt is zeer te waarderen. Het onderzoek is inderdaad een momentopname geweest. In uw meer gedetailleerde opmerkingen over de planning en inrichting geeft u aan dat u een aantal aspecten reeds heeft opgepakt of dit in de planning wegzet. Daarmee constateren wij dat het onderwerp, de procesinrichting en -uitvoering voortdurend in beweging is. Dit maakt het lastig voor de raad om grip te krijgen op de voortgang en de inhoud. Daarom blijft het van belang dat de raad in stelling wordt gebracht met regelmatige updates van planning, die bewust vaststelt en de voortgang daarvan kan bewaken. Wij gaan er van uit dat de aanbevelingen er vooral toe leiden dat de raad grip houdt op de voortgang en de inhoud van het invoeringsproces en wensen u veel succes bij de invoering van de wet.

65

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

66

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

Bijlage geraadpleegde documenten Geraadpleegde documenten ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

67

Koersdocument Omgevingswet Halderberge, april 2018 Raadsvoorstel en Motie bij besluit koersdocument Omgevingswet, 21 juni 2018, Aanvullende informatie gemeenteraad uitvoering experimenten, Implementatieplan invoering omgevingswet “in beweging met de omgeving”; 17-12-2018 Raadsvoorstel besluit implementatie plan in beweging met de omgeving. 21 juni 2018 Foto omgevingswet, 6 maart 2019 Implementatieplan 2.0 invoering omgevingswet, maart 2020 Werkgroep agenda’s, stukken en verslagen Agenda, stukken en verslagen bijeenkomsten gemeenteraad over invoering omgevingswet Kamerbrief voortgang stelselherziening omgevingsrecht met stukken: 2020 Omgevingsvisie Noord Brabant: de kwaliteit van Brabant, 2018 Plan van aanpak implementatieplan aanpak omgevingswet De6, 1 maart 2017 Veiligheidsregio Midden en West Brabant: beleidsplan 2019-2023: 2019 Visiedocument Brabantse GGD-en: 2019 Brabantse Omgevingsscan (GGD-en Noord Brabant): zie website Kadernota 2020-2029: Waterschap verordening Brabantse Delta; december 2019. Nationale Omgevingsvisie factsheets VNG, website VNG Rode Draden; Bergen Op Zoom ontwikkelt.

Februari 2020 Documenten Scrum invoering omgevingswet gemeente Etten Leur; februari 2020 Documenten invoering DSO gemeente Waalre; februari 2020 Omgevingsvisie Tilburg; september 2015 Omgevingsvisie Staphorst; 11 juli 2017 Verhaal Experiment vereniging Markdal definitieve versie: februari 2020

Onderzoek naar de invoering van de omgevingswet

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/514/documents/15321