2022-10-06 toelichting vastgesteld bestemmingsplan Bosschendijk 215a Hoeven.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
In opdracht van: Uitgevoerd door: Versie: IMRO-code: Datum:
Familie De Bont Pieter de Vries, AGROM Vastgesteld NL.IMRO.1655.BP6028-C001 6 oktober 2022
Inhoudsopgave HOOFDSTUK 1: 1.1. 1.2. 1.3. 1.4.
AANLEIDING ............................................................................................................................ 1 LIGGING EN BEGRENZING PLANGEBIED .......................................................................................... 2 VIGEREND BESTEMMINGSPLAN ................................................................................................... 3 LEESWIJZER ............................................................................................................................. 5
HOOFDSTUK 2: 2.1. 2.2. 2.3. 2.4.
GEBIEDSVISIE ................................................................................................ 6
BESTAANDE SITUATIE OMGEVING PLANGEBIED ............................................................................... 6 BESTAANDE SITUATIE PLANGEBIED ............................................................................................... 7 BESCHRIJVING EN MOTIVERING NIEUWE SITUATIE............................................................................ 9 VERTALING VAN DE GEWENSTE ONTWIKKELING IN HET BESTEMMINGSPLAN .......................................... 9
HOOFDSTUK 3: 3.1. 3.2. 3.3. 3.4.
INLEIDING ..................................................................................................... 1
VIGEREND BELEID ....................................................................................... 11
INLEIDING............................................................................................................................. 11 RIJK ..................................................................................................................................... 11 PROVINCIAAL BELEID ............................................................................................................... 13 GEMEENTELIJK BELEID ............................................................................................................. 19
HOOFDSTUK 4:
MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN............................................................. 22
4.1 WATER ................................................................................................................................ 22 4.2 BODEM ................................................................................................................................ 24 4.3 FLORA EN FAUNA ................................................................................................................... 25 4.4 CULTUURHISTORIE EN ARCHEOLOGIE .......................................................................................... 26 4.5 GELUID ................................................................................................................................ 30 4.6 LUCHT.................................................................................................................................. 30 4.7 EXTERNE VEILIGHEID ............................................................................................................... 33 4.8 MILIEUZONERINGEN ............................................................................................................... 35 4.9 BESLUIT MILIEUEFFECTRAPPORTAGE ........................................................................................... 37 4.10 VERKEER EN PARKEREN ............................................................................................................
38 4.11 LUCHTVAART ......................................................................................................................... 38 4.12 GEUR ................................................................................................................................... 39 4.13 VOLKSGEZONDHEID ................................................................................................................ 41 4.13.1VEEHOUDERIJ ........................................................................................................................ 41 4.13.2 SPUITZONES ......................................................................................................................... 43 HOOFDSTUK 5: 5.1. 5.2.
FINANCIËLE UITVOERBAARHEID ................................................................................................. 45 MAATSCHAPPELIJKE UITVOERBAARHEID ...................................................................................... 45
HOOFDSTUK 6: 6.1. 6.2. 6.3.
UITVOERBAARHEID ..................................................................................... 45
JURIDISCHE PLANBESCHRIJVING ................................................................. 47
ALGEMEEN ........................................................................................................................... 47 HOOFDOPZET ........................................................................................................................ 47 ALGEMENE INDELING PLANREGELS ............................................................................................. 47
HOOFDSTUK 7:
HANDHAVINGSPARAGRAAF ....................................................................... 49
BIJLAGEN Omgevingsdialoog in het kader van bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven. Vooroverlegreacties op voorontwerpbestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
HOOFDSTUK 1: 1.1.
INLEIDING
Aanleiding
Initiatiefnemer is decennia eigenaar geweest van het tuincentrum aan de Bosschendijk 140, te Hoeven en woont aan de overzijde van de weg aan de Bosschendijk 215A in de bij het bedrijf behorende bedrijfswoning. Deze woning is rond de millenniumwisseling gebouwd ter vervanging van een woning die eerder op het perceel Bosschendijk 140 stond. Initiatiefnemer heeft het bedrijf aan de Bosschendijk 140 onlangs verkocht, waarbij de bedrijfswoning buiten de koop is gebleven. De kopers van het bedrijf hadden geen interesse in een bedrijfswoning en initiatiefnemer heeft de intentie om zelf in de voormalige bedrijfswoning te blijven wonen. Op basis van de vigerende planologische situatie is dit niet mogelijk en ontstaat bij de gewenste situatie een illegale woonsituatie daar in de bedrijfswoning uitsluitend een aan het bedrijf gelieerd persoon mag wonen. Om deze problematiek te ondervangen dienen het bedrijf en de bedrijfswoning planologisch van elkaar gescheiden te worden, met dien verstande dat de bedrijfswoning naar een burgerwoning wordt omgezet. Hiertoe is bij de gemeente Halderberge een principeverzoek ingediend. De gemeente Halderberge heeft in haar schrijven d.d. 14 maart 2017 aangegeven bereid te zijn om medewerking te verlenen aan de ruimtelijke procedure waarmee genoemd initiatief mogelijk gemaakt kan worden.
Als voorwaarde voor de medewerking wordt onder andere gesteld dat de realisatie van een nieuwe bedrijfswoning uitgesloten dient te worden. Daartoe wordt het bestemmingsplan voor de kavels aan de Bosschendijk 215A en Bosschendijk 140 herzien. Met dit bestemmingsplan wordt een juridisch planologisch kader geboden, waarin de gewenste situatie wordt vastgelegd.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 1
1.2.
Ligging en begrenzing plangebied
Het plangebied ligt binnen de gemeente Halderberge aan de Bosschendijk 215A en Bosschendijk 140 te Hoeven. Het plangebied betreft de volgende kadastraal geregistreerde percelen: onder gemeente Hoeven, sectie H, nummer 2410 (het zuidelijk deel van dat perceel) en sectie F nummers 862 en 864. De begrenzing van het deel van het plangebied aan de Bosschendijk 215a is als volgt: - aan de zuidzijde grenst het plangebied aan de Bosschendijk; - aan de oostzijde grenst het plangebied aan het woonperceel ter plaatse van de Bosschendijk 217; - aan de noordzijde grenst het plangebied aan de tuin/agrarische grond behorend bij het perceel Bosschendijk 215a. ; - aan de zuidwestzijde wordt het plangebied begrensd door het woonperceel aan de Bosschendijk 215. De begrenzing van het deel van het plangebied aan de Bosschendijk 140 is als volgt: - Aan de noordzijde grenst het plangebied aan de Bosschendijk; - Aan de westzijde grenst het plangebied aan het perceel Bosschendijk 138; - Aan de zuidzijde grenst het plangebied aan agrarische gronden; - Aan de oostzijde grenst het plangebied aan het perceel Bosschendijk 150 en de daarachter gelegen agrarische gronden.
Afbeeldingen: ligging van het plangebied in relatie tot de wijde omgeving (links). Het plangebied ter plaatse van de Bosschendijk 125A en 140 is weergegeven op de rechterafbeelding, het plangebied is bij benadering met een rood kader weergegeven.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 2
1.3.
Vigerend bestemmingsplan
Het bestemmingsplan ‘Eerste herziening bestemmingsplan Buitengebied Halderberge’ is door de gemeenteraad van Halderberge vastgesteld op 14 december 2017 en naar aanleiding van een uitspraak van de Raad van State per oktober 2019 onherroepelijk geworden.
Uitsnede van de verbeelding van het vigerend bestemmingsplan ‘Eerste herziening bestemmingsplan Buitengebied Halderberge’ ter plaatse van het plangebied. Het plangebied is bij benadering met een rood kader aangeduid.
Ter plaatse van het plangebied aan de Bosschendijk 215A en Bosschendijk 140 geldt de bestemming ‘Bedrijf’, Bovendien geldt voor de zuidzijde van het plangebieddeel aan de Bosschendijk 140 de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 2. Voor delen van het plangebied is voorts een aanduiding ‘Luchtvaartverkeerzone – 9/10/11 opgenomen. Bestemming ‘Bedrijf’ (artikel 6) Deze bestemming geldt ter plaatse van de bestaande bedrijfswoning aan de Bosschendijk 215a en de direct aangrenzende gronden. Het bestemmingsvlak is gekoppeld aan de bedrijfsbestemming ter plaatse van de Bosschendijk 140. Binnen deze bestemming zijn een bedrijven in milieucategorie 1 en 2 en agrarisch verwante en agrarisch technische hulpbedrijven in categorie 3.1 toegestaan. Met een nadere aanduiding is aangegeven dat aan de Bosschendijk 140 ook een tuincentrum toegestaan is.
Verder is in het bestemmingsplan bepaald dat de gronden gebruikt mogen worden voor één bedrijfswoning per bestemmingsvlak, aan-huisverbonden beroepen of bedrijven, groenvoorzieningen, (onverharde) paden, wegen en parkeervoorzieningen, water, waterhuishoudkundige en nutsvoorzieningen, de ontwikkeling van natuurwaarden, ecologische waarden en/of landschappelijke waarden en voor statische opslag met een maximale oppervlakte van 1000 m2 Volgens de bouwregels geldt voor een bedrijfswoning een maximum goothoogte en bouwhoogte van respectievelijk 6 en 9 meter. De inhoud mag niet meer dan 750 m³ bedragen. Bijbehorende bouwwerken bij bedrijfswoningen zijn toegestaan indien de goothoogte en bouwhoogte niet meer dan respectievelijk 3 en 5,5 meter bedragen en voorts dienen de bijbehorende bouwwerken ten
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 3
minste 2 meter achter de voorgevelrooilijn van de bedrijfswoning te worden gebouwd. De gezamenlijke oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 100 m² bedragen. De afstand van vrijstaande bijgebouwen tot de bedrijfswoning mag niet meer dan 25 meter bedragen. Voor het bestemmingsvlak ter plaatse van de Bosschendijk 140 geldt dat er 5100m2 aan bebouwing mag worden gerealiseerd, waarbij een maximum goothoogte geldt van 4 meter en een maximum bouwhoogte van 5,5 meter. Wijzigingsbevoegdheid Wijzigen naar ‘Wonen’ (artikel 6.6.3) Met artikel 6.6.3 wordt het college van burgemeester en wethouders middels een wijzigingsbevoegdheid toegestaan om de bestemming ‘Bedrijf’ voor zover het de voormalige bedrijfswoning betreft, bij een bedrijfsbeëindiging, onder voorwaarden, te wijzigen in de bestemming ‘Wonen’. Voorliggend initiatief gaat echter niet uit van een bedrijfsbeëindiging, maar betreft een afsplitsing van de voormalige bedrijfswoning van het actieve bedrijf. De wijzigingsbevoegdheid kan daarmee niet toegepast worden. Dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 2’ (artikel 29) Gronden aangewezen met de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 2’ zijn mede bestemd ter bescherming van eventueel voorkomende archeologische waarden.
Gebiedsaanduidingen ‘Luchtvaartverkeerzone 9/10/11’ (artikel 36.11) Het plangebied is, als onderdeel van een groter gebied, voorzien van de gebiedsaanduidingen ‘Luchtvaartverkeerzone – 9’, ‘Luchtvaartverkeerzone – 10’ en ‘Luchtvaartverkeerzone – 11’. Binnen deze zones gelden, ten behoeve van de obstakelvrije (start- en landings)zone van vliegveld Breda International Airport, een maximale bouwhoogte liggend tussen de lineaire interpolatie van 84,14 m en 94.14 m boven NAP ter plaatse van ‘Luchtvaartverkeerzone -9, van 92,26 tot 101,4 meter boven NAP ter plaatse van ‘Luchtvaartverkeerzone – 10’ en van 101,4 tot 110,54 meter boven NAP ter plaatse van ‘Luchtvaartverkeerzone – 11’ . Gebiedsaanduiding ‘Overige zone – bebouwingsconcentraties’ Gronden met de aanduiding ‘Bebouwingsconcentraties’ maken deel uit van een kernrandzone, bebouwingscluster of bebouwingslint. Ter plaatse van het plangebied geldt de aanduiding bebouwingsconcentraties voor het deel van het plangebied aan de Bosschendijk 140. Met de aanduiding kan afgeweken worden van de bouw- en gebruiksregels. Conclusie De gewenste situatie waarbij de bedrijfswoning ter plaatse van de Bosschendijk 215A als reguliere woning gebruikt wordt is niet toegestaan op basis van het vigerende bestemmingsplan.
Er is daarmee strijdigheid met het toegestane gebruik: de bedrijfswoning mag uitsluitend gebruikt worden door een aan het bijbehorend bedrijf gelieerd persoon. Om bewoning door derden
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 4
mogelijk te maken is een herziening van het planologische regime nodig. Op basis van het vigerend bestemmingsplan is een bedrijfswoning toegestaan. Om te voorkomen dat, na de omzetting van de bestaande bedrijfswoning in een reguliere woning, wederom een bedrijfswoning wordt gerealiseerd, dient de mogelijkheid van het bouwen van een bedrijfswoning geschrapt te worden. Ook daar is een herziening van het bestemmingsplan voor nodig. Met voorliggend bestemmingsplan wordt een passend planologisch kader geboden. 1.4.
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 zijn de bestaande en nieuwe situatie beschreven. In hoofdstuk 3 wordt de gewenste ontwikkeling getoetst aan het relevante rijksbeleid, provinciale beleid en gemeentelijk beleid. In hoofdstuk 4 is de toetsing van de gewenste ontwikkeling aan de relevante sectorale milieuaspecten beschreven. Hoofdstuk 5 gaat in op de maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid. In hoofdstuk 6 wordt de juridische regeling nader toegelicht. Tot slot bevat hoofdstuk 7 een toelichting op het aspect handhaving.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 5
HOOFDSTUK 2: 2.1.
GEBIEDSVISIE
Bestaande situatie omgeving plangebied
Het plangebied ligt binnen de gemeente Halderberge aan de Bosschendijk 215A en Bosschendijk 140 te Hoeven. Het plangebied betreft de volgende kadastraal geregistreerde percelen: onder gemeente Hoeven, sectie H, nummer 2410 (het zuidelijk deel van dat perceel) en sectie F nummers 862 en 864. De Bosschendijk verbindt als provinciale weg N640 onder andere de kern Oudenbosch met de oostelijker gelegen kern Hoeven. De planlocatie maakt deel uit van het buitengebied dat gelegen is tussen Oudenbosch en Hoeven. Het gebied wordt gekenmerkt door een weids landschap met een gevarieerde en relatief kleinschalige verkavelingsstructuur. De percelen worden van elkaar gescheiden door waterlopen en zijn hoofdzakelijk in gebruik als grasland, akkerland en voor bomenteelt. Langs het lint van de Bosschendijk, waarvan de planlocatie onderdeel is, liggen diverse, door bosschages omringende, woon- en bedrijfskavels. De bebouwingsdichtheid varieert daarbij: de kavels zijn als solitaire eenheden, maar ook als deel van lintbebouwing in het landschap gesitueerd. Ter plaatse van een kruising van wegen, zoals ter plaatse van het projectgebied alwaar de Bosschendijk met de wegen de Gors en de Oude Antwerpsepostbaan kruist, zijn veelal clusters van bebouwing aanwezig.
Hoeven
Bosschendijk
Gors
Oudenbosch
Afbeeldingen: de afbeeldingen geven een indruk van de ligging van het projectgebied binnen de (wijde) omgeving. Het plangebied is bij benadering met een rood kader weergegeven.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 6
2.2.
Bestaande situatie plangebied
Het plangebied zelf bestaat uit een perceel met een bedrijfswoning ten noorden van de Bosschendijk (Bosschendijk 215a) en de bijbehorende bedrijfskavel met een tuincentrum aan de zuidzijde van de weg (Bosschendijk 140). De delen van het plangebied zijn derhalve ruimtelijk van elkaar gescheiden door de N640. Op het perceel aan de Bosschendijk 215a, waarvan circa 1190 vierkante meter binnen het plangebied valt, is in de periode 2002/2004 een bedrijfswoning met bijgebouw (parkeergarage en stalling) gerealiseerd. De gebouwen zijn aan de voorzijde van de kavel gesitueerd en bestaan uit één bouwlaag met een kapconstructie. De gronden aan de voorzijde van de gebouwen zijn ingericht als tuin en als erf. Hier wordt de kavel middels een duiker ontsloten op de Bosschendijk. De gronden achter de woning en het bijgebouw zijn in gebruik als tuin: deze gronden zijn recent landschappelijk hoogwaardig ingericht.
Afbeeldingen: de foto’s geven een impressie van de bebouwing op het woonperceel en de relatie tot de directe omgeving.
Het deel van het plangebied dat aan de Bosschendijk 140 gelegen is is in gebruik voor een tuincentrum. Het betreft een perceel van circa 2,2 hectare. Aan de voorzijde van de bedrijfskavel is een parkeerplaats aanwezig, welke ten dienste staat van het tuincentrum. Ter plaatse van de noordoostzijde van de kavel staat een gebouw van één bouwlaag met een kapconstructie: dit gebouw is reeds vele jaren als kantoor/opslagruimte in gebruik.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 7
Op het middendeel van de kavel is de bebouwing van het tuincentrum gerealiseerd. Het betreft hier bebouwing die in verschillende perioden, stijlen, materialen en bouwhoogten is opgericht. De bebouwing, welke grotendeels uit kassen bestaat, beslaat een oppervlakte van circa 5120 vierkante meter. De gronden direct ten zuiden en westen van de bebouwing zijn ook in gebruik als opstalruimte voor de verkoopwaar. Aansluitend op deze gronden zijn een extra parkeerterrein en opslagruimte ten behoeve van het bedrijf gerealiseerd. Het zuidelijke deel van de bedrijfskavel bestaat uit verruigd grasland. Dit grasland wordt deels van de overige delen van het perceel gescheiden door een wal van opgaand groen. De bedrijfskavel wordt aan de oost-, west- en zuidzijde van de aangrenzende percelen afgeschermd door een hoge haag.
Afbeeldingen: de foto’s geven een impressie van de bedrijfskavel.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 8
2.3.
Beschrijving en motivering nieuwe situatie
Voorliggend bestemmingsplan heeft tot doel om de bestaande bedrijfswoning ter plaatse van de Bosschendijk 215A te bestemmen als een burgerwoning. Initiatiefnemer betreft de voormalige eigenaar van het tuincentrum dat aan de Bosschendijk 140 gelegen is. Onlangs is het tuincentrum verkocht, waarbij de bedrijfswoning buiten de koop is gelaten. De kopers hadden geen interesse in de bedrijfswoning, welke voor de bedrijfsvoering niet meer nodig blijkt te zijn. Initiatiefnemer heeft echter de wens om in de voormalige bedrijfswoning te blijven wonen. Door het gescheiden verkooptraject van de bedrijfskavel aan de Bosschendijk 140 en de bedrijfswoning aan de Bosschendijk 215A is echter een onwenselijke woonsituatie en planologische situatie ontstaan. Zo mag de bedrijfswoning strikt genomen uitsluitend bewoond worden door aan het bedrijf gelieerden, waarvan sinds de verkoop van het bedrijf geen sprake meer van is. Het is voorts niet aannemelijk dat de woning ooit nog als bedrijfswoning gebruikt zal worden, hetgeen impliceert dat de woning niet bestemd is conform het meest doelmatige gebruik. Met dit bestemmingsplan wordt de ontstane situatie gecorrigeerd. Met dien verstande dat een correct planologisch kader wordt opgesteld, waarmee de initiatiefnemer legaal in de woning kan blijven wonen.
De bedrijfswoning aan de Bosschendijk 215A wordt daartoe planologisch losgekoppeld van het bedrijf aan de Bosschendijk 140 en omgezet in een burgerwoning. De woning kan daarmee vrij bewoond worden. Om te voorkomen dat er bij het bedrijf aan de Bosschendijk 140 alsnog een bedrijfswoning gebouwd kan worden, wordt de bestemming van dit perceel dusdanig aangepast dat deze mogelijkheid uitgesloten wordt. De nieuwe eigenaren van het tuincentrum zijn gekend in en akkoord met deze aanpassing. Aanvullend op de onwenselijke planologische en woonsituatie wordt ook gesteld dat er ruimtelijk gezien geen relatie is tussen de kavels die in stand gehouden dient te worden. Zo zijn de kavels ruimtelijk van elkaar gescheiden door de N640. De woning aan de Bosschendijk 215A voegt zich binnen de langs de noordzijde van de weg gelegen woonpercelen. Gezien deze situering van de woning ten opzichte van deze burgerwoningen, biedt de status van bedrijfswoning milieutechnisch geen meerwaarde ten opzichte van de status van een reguliere woning. De woning aan de Bosschendijk 215A, het bijgebouw, de tuin/ het erf rondom de woning en de tuin achter de woning blijven voorts ongewijzigd. Dit bestemmingsplan maakt derhalve geen nieuwe bouwtechnische ontwikkelingen mogelijk en ziet uitsluitend toe op de planologische gebruikswijziging van bedrijfswoning naar burgerwoning. 2.4.
Vertaling van de gewenste ontwikkeling in het bestemmingsplan
Om de gewenste situatie zoals verwoord in paragraaf 2.3 mogelijk te kunnen maken wordt de bestaande bestemming ‘Bedrijf’ ter plaatse van het plangebied aan de Bosschendijk 215A herzien in de bestemming ‘Wonen’. Voor wat betreft de gebruiks- en bouwmogelijkheden wordt met deze bestemming aangesloten bij de woonbestemming van het vigerende bestemmingsplan. Ter plaatse van het bestemmingsvlak wordt tevens een functieaanduiding ‘specifieke vorm van wonen – voormalig bedrijf’ opgenomen, waarmee duidelijk wordt dat de toegestane woning ter
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 9
plaatse een voormalige bedrijfswoning betreft. Ook dit is in lijn met de systematiek van het vigerende bestemmingsplan. Voor de gronden aan de Bosschendijk 140 is het bestaande planologische regime uit het vigerend bestemmingsplan ongewijzigd in dit bestemmingsplan overgenomen op de volgende uitzondering na: de realisatie van een bedrijfswoning wordt uitgesloten. Dit is in de regels bepaald en is op de verbeelding zichtbaar gemaakt met een aanduiding ‘bedrijfswoning uitgesloten’. Voor het overige zijn alle relevante bepalingen uit het vigerende bestemmingsplan conserverend opgenomen, waardoor alle bestaande rechten worden gerespecteerd.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 10
HOOFDSTUK 3: 3.1.
VIGEREND BELEID
Inleiding
In dit hoofdstuk is het (relevante) vigerende beleid van het Rijk, de provincie Noord-Brabant en de gemeente Halderberge in samenhang met het bestemmingsplan nader beschreven. 3.2.
Rijk
Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Het Rijk geeft met de Nationale Omgevingsvisie een langetermijnvisie op de toekomst en ontwikkelingen van de leefomgeving in Nederland. In de NOVI wordt ingegaan op urgente opgaven die op verschillende schaalniveaus spelen. Het uitgangspunt in de aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Belangrijke opgaven in het novi zijn onder andere klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw. Vier prioriteiten Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Er zijn vier nationale belangen waar het Rijk op wil sturen en richting geven: -
Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie. Duurzaam economisch groeipotentieel. Sterke en gezonde steden en regio's. Toekomstbestendige ontwikkelingen van het land.
Afwegingsprincipes De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is om waar mogelijk combinaties te maken en win-win situaties te creëren. Soms zijn er echter scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. In de NOVI worden daartoe drie afwegingsprincipes toegepast: -
-
-
Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 11
Uitvoering Aan de NOVI is een uitvoeringsagenda gekoppeld. Daarin wordt niet alleen inzichtelijk gemaakt welke inzet Rijk en regio nu al plegen, maar ook welke (gezamenlijke) acties de NOVI daaraan toevoegt. Daarbij zijn de kansen en risico’s uit de plan MER betrokken. De bedoeling is daarbij dat de NOVI zich aan nieuwe ontwikkelingen kan aanpassen, in een permanent en cyclisch proces. Conclusie Met dit bestemmingsplan wordt een toekomstbestendig gebruik van de bij dit bestemmingsplan betrokken percelen geborgd. Het plan sluit aan bij het streven van het Rijk om steden en regio’s op een duurzame wijze te versterken. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Op 30 december 2011 is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) in werking getreden. Het Barro is op 1 oktober 2012 aangevuld. Het Barro stelt de begrenzing van de besluitmogelijkheden van de lagere overheden, indien nationale belangen dat met het oog op een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk maken. Als nationaal belang zijn benoemd de Mainportontwikkeling Rotterdam, het Kustfundament, de Rijksvaarwegen, de Waddenzee en het waddengebied, Defensie, Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde, buisleidingen van nationaal belang en de Ecologische hoofdstructuur. Conclusie Voorliggend plan heeft geen betrekking op deze door het Rijk benoemde nationale belangen.
Ladder Duurzame Verstedelijking Per 1 oktober 2012 is in artikel 3.1.6 een lid 2 ingevoegd waarin een motiveringsplicht is opgenomen voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen in bestemmingsplannen. In de toelichting van het bestemmingsplan moet hiervoor een verantwoording plaatsvinden aan de hand van een drietal opeenvolgende treden (de “ladder duurzame verstedelijking”). De eerste trede in deze ladder is een beschrijving dat de voorgenomen stedelijke ontwikkeling voorziet in een actuele regionale behoefte. Hierbij kan het gaan om zowel kwantitatieve als kwalitatieve aspecten.2 De beide vervolgstappen uit de genoemde ladder hebben betrekking op vraag of de ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied ingepast kan worden en als dat niet mogelijk is op andere locaties, die vooral goed ontsloten moeten zijn. Op 1 juli 2017 is het Besluit ruimtelijke ordening aangaande de Ladder voor Duurzame Verstedelijking gewijzigd. De belangrijkste wijzigingen die daarbij zijn doorgevoerd zijn onder andere: de drie zogenaamde treden van de ladder worden losgelaten; het begrip ‘actuele regionale behoefte’ wordt vervangen door de eenvoudiger term ‘behoefte’; het uitgangspunt wordt: voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen, zowel binnen als buiten het bestaand stedelijk gebied, moet de behoefte worden beschreven in de toelichting van het bestemmingsplan;
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 12
-
indien de nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt voorzien buiten het bestaand stedelijk gebied, dan dient dit daarnaast nadrukkelijk te worden gemotiveerd in de toelichting van het bestemmingsplan.
Conclusie Met dit bestemmingsplan wordt een bestaande bedrijfswoning omgezet naar een burgerwoning en wordt de realisatie van een nieuwe bedrijfswoning uitgesloten. Met het bestemmingsplan worden geen extra wooneenheden mogelijk gemaakt. Er is derhalve geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Nadere verantwoording aan de ladder voor duurzame verstedelijking is daarmee niet nodig.
3.3.
Provinciaal beleid
Brabantse Omgevingsvisie Op 14 december 2018 is de Brabantse Omgevingsvisie vastgesteld door de Provinciale Staten. De omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. In de Omgevingswet staan waarden als veiligheid, gezondheid en duurzame omgevingskwaliteit centraal. Rode draad in de visie is om de kwaliteit van de Brabantse leefomgeving te behouden, te versterken en door te geven aan volgende generaties. De visie benoemt ambities over hoe Brabant er in 2050 uit moet zien. En stelt mobiliserende tussendoelen voor 2030. Deze doelen zijn zelfbindend voor de provincie. De Omgevingsvisie kent één basisopgave: "werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit". Elke ruimtelijke ontwikkeling moet - ongeacht de omvang - hieraan bijdragen. In vier hoofdopgaven worden nadere accenten gelegd: • werken aan de Brabantse energietransitie; De doelstelling voor de energietransitie is tweedeling: het verminderen van energieverbruik en de verduurzaming van energie om in 2050 energieneutraal te zijn. • werken aan een klimaatproof Brabant; Als gevolg van klimaatverandering ontstaan meer extremen in temperatuur en neerslag. Dit heeft gevolgen voor de fysieke leefomgeving. De doelstelling is om in 2050 klimaatbestendig te zijn met een waterrobuuste inrichting.
• werken aan een slimme netwerkstad; De provincie Noord-Brabant heeft als doelstelling voor 2030 om met Brabantse partijen samen te werken aan de transformatie van het bestaand bebouwd gebied van Brabant. Binnen het netwerk Brabant vragen oplossingen voor een verschillende benadering. Enerzijds het ondersteunen en versterken van het centrale stedelijke netwerk en anderzijds zorgdragen voor de vitaliteit van krimpgebieden en het aanhaken op het centrale stedelijke netwerk. Daarnaast is het van belang rust, ruimte, cultuurhistorie en natuur binnen laag-dynamische gebieden te koesteren.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 13
• werken aan een concurrerende, duurzame economie. De provincie Noord-Brabant wil een top kennis- en innovatieregio blijven. Om dit te blijven zal een omslag gemaakt moeten worden naar een verregaande circulaire economie waarin digitalisering steeds belangrijker wordt. Conclusie Met dit bestemmingsplan wordt het mogelijk gemaakt om de bestaande bedrijfswoning aan de Bosschendijk 215a als burgerwoning te gebruiken. Tevens wordt het uitgesloten om een nieuwe bedrijfswoning op het bedrijfsperceel Bosschendijk 140 te realiseren. Door de bestaande bedrijfswoning als burgerwoning te kunnen gebruiken blijft de betreffende woning legaal bruikbaar en wordt leegstand voorkomen. Dit draagt bij aan de omgevingskwaliteit. Het bestemmingsplan is in lijn met de omgevingsvisie. Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant De omgevingsverordening bevat regelgeving die ook anticipeert op de komst van de Omgevingswet en kan gezien worden als een uitwerking van de ambities uit de Brabantse Omgevingsvisie in regels. De omgevingsverordening integreert regels uit zes provinciale verordeningen (waaronder de Verordening ruimte Noord-Brabant). De Interim omgevingsverordening trad op 6 november 2019 in werking. De omgevingsverordening heeft een beleidsneutraal karakter.
Dat houdt in dat de omgevingsverordening geen nieuwe beleidswijzigingen doorvoert tenzij dit nieuwe beleid reeds opgenomen is in vastgestelde beleidsdocumenten. De omgevingsverordening is een interimdocument en daarmee een tussenstap naar een definitieve provinciale omgevingsverordening. De Interim omgevingsverordening (IOV) heeft een opbouw naar de verschillende doelgroepen en kent rechtstreeks werkende regels voor activiteiten en instructieregels voor andere overheden (gemeenten/waterschappen). In relatie tot het plangebied gelden rechtstreeks werkende regels voor de waterhuishouding (diep grondwaterlichaam, geen attentiezone waterhuishouden), de bescherming van Natura 2000 en het landelijk gebied (regels voor de landbouw). Deze regels zijn niet relevant met betrekking tot dit bestemmingsplan: er vinden geen ontwikkelingen plaats die invloed kunnen hebben op de genoemde thema’s. Verder zijn ter plaatse van het plangebied diverse van de in hoofdstuk 3 opgenomen instructieregels aan gemeenten van toepassing. Veel van deze regels hebben betrekking op het mogelijk maken van duurzame ontwikkelingen (windmolens, zonneakkers), agrarische ontwikkelingen, landgoederen en ruimte-voor-ruimte-ontwikkelingen. Deze aspecten zijn niet relevant voor dit bestemmingsplan. Onderstaand worden de artikelen besproken die wel relevant zijn voor dit bestemmingsplan.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 14
Afbeelding: uitsnede van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant ter plaatse van het plangebied.
Artikel 3.9 Kwaliteitsverbetering landschap Met dit artikel is bepaald dat een bestemmingsplan dat een ruimtelijke ontwikkeling mogelijk maakt in Landelijk Gebied bepaalt dat die ruimtelijke ontwikkeling gepaard gaat met een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit van het gebied of de omgeving. In het bestemmingsplan dient gemotiveerd te worden dat de verbetering past binnen de gewenste ontwikkeling van het gebied én op welke wijze de uitvoering is geborgd . Met betrekking tot het bestemmingsplan wordt gesteld dat er, gezien de daartoe in de verordening gegeven definitie, sprake is van een ruimtelijke ontwikkeling. Er dient daarmee een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit van het gebied of de omgeving tot stand gebracht te worden. Een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit is ter plaatse van het plangebied niet mogelijk. Ter plaatse van het perceel Bosschendijk 215a, is reeds een natuurtuin gerealiseerd, waarbij er geen mogelijkheden zijn om deze bestaande natuurtuin te versterken. Het perceel Bosschendijk 140 biedt geen mogelijkheden daar de bestaande eigenaar van de gronden geen medewerking wil verlenen aan verdere landschappelijke inpassing. In artikel 3.9 wordt de mogelijkheid geboden om een financiële bijdrage in een landschapsfonds te doen, als bedoeld in afdeling 5.4 Regionaal samenwerken.
Met dit bestemmingsplan wordt voor deze optie gekozen. Dit wordt verderop in dit bestemmingsplan onder het kopje ‘ Notitie ‘kwaliteitsverbetering van het landschap in West-Brabant’ nader toegelicht. Artikel 3.16 Externe werking Natuur Netwerk Brabant In dit artikel wordt gesteld dat in een bestemmingsplan toegelicht wordt hoe eventuele aantasting van ecologische waarden en kenmerken in het Natuur Netwerk Brabant als gevolg van een ruimtelijke ontwikkeling beperkt en/of gecompenseerd kunnen worden. Met dit bestemmingsplan wordt geen ontwikkeling toegestaan die tot aantasting van het natuurnetwerk leidt.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 15
Artikel 3.68 Wonen in landelijk gebied / Artikel 3.69 Afwijkende regels (burger)woningen In artikel 3.68 is bepaald dat een bestemming in het landelijk gebied alleen bestaande woningen toestaat. In artikel 3.69 worden hier diverse afwijkingen voor gegeven, waaronder voor het gebruik van een voormalige bedrijfswoning als burgerwoning, als verzekerd is dat er geen splitsing in meerdere woonfuncties plaatsvindt en overtollige bebouwing wordt gesloopt. In de toelichting van de Interim omgevingsverordening wordt het volgende vermeld over artikel 3.69: ‘In het algemeen is er geen sprake van een voormalige bedrijfswoning indien op het perceel nog een agrarische of niet- agrarische functie wordt uitgeoefend. In zo'n geval is publiekrechtelijke afsplitsing van de bedrijfswoning in beginsel ook niet wenselijk. Als de bedrijfswoning feitelijk door derden wordt bewoond, biedt de Wet Plattelandswoning de mogelijkheid om burgerbewoning van de bedrijfswoning toe te staan. De bestemming blijft dan bedrijfswoning. Soms is verdergaand maatwerk gewenst, bijvoorbeeld in geval van een tweede bedrijfswoning die niet langer nodig is. Ook kan het vanwege een historisch gegroeide situatie wenselijk zijn om een eerste bedrijfswoning om te zetten naar burgerwoning.’ In de omgevingsverordening wordt vermeld dat de privaatrechtelijke situatie niet bepalend is voor het publiekrecht en het bestemmingsplan.
De Interim omgevingsverordening biedt echter wel de mogelijkheid tot verdergaand maatwerk bij uitzondering in het geval er sprake is van een historisch gegroeide situatie. Voor wat betreft de bedrijfswoning aan de Bosschendijk 215a is er sprake van een historisch gegroeide situatie. Vanwege de historisch ontstane situatie is het handhaven van de huidige juridisch-planologische situatie niet gewenst en is ervoor gekozen om, met inachtneming van een gebiedsgerichte aanpak, een passend juridisch-planologisch kader op te stellen. Met dit bestemmingsplan wordt mogelijk gemaakt dat de bestaande voormalige bedrijfswoning aan de Bosschendijk 215a als burgerwoning gebruikt kan worden. Tevens wordt de mogelijkheid om een nieuwe bedrijfswoning te realiseren uitgesloten. In het bestemmingsplan is verzekerd dat splitsing in meerdere eenheden niet plaatsvindt. Van overtollige bebouwing is, gezien de ruimtelijke situatie van gescheiden percelen en de voorzetting van het bestaande bedrijf (tuincentrum) geen sprake. In de huidige (feitelijke) situatie vormt de bedrijfswoning privaatrechtelijk geen onderdeel meer van de niet- agrarische functie, te weten het tuincentrum aan de Bosschendijk 140. Het tuincentrum is enige tijd geleden los van de bedrijfswoning verkocht. De koper en nieuwe eigenaar van het tuincentrum had geen behoefte aan een bedrijfswoning ter plaatse.
Ook in de toekomst bestaat deze behoefte niet bij de eigenaar van het tuincentrum, daar toezicht middels moderne technieken geregeld is en er geen bedrijfsprocessen plaatsvinden die continu aanwezigheid verlangen. Ook ruimtelijk zijn de bedrijfswoning en het tuincentrum al geruime tijd van elkaar gescheiden, hetgeen pleit voor een passende planologische regeling. Rond de millenniumwisseling is er vergunning verleend om de toenmalige bedrijfswoning op het perceel aan de Bosschendijk 140, dus op het perceel van het tuincentrum, te verplaatsen naar de huidige locatie aan de overzijde van de weg aan de Bosschendijk 215a. De bedrijfswoning is hier als onderdeel van de lintbebouwing gelegen tussen burgerwoningen. Een reguliere woonfuncties is derhalve passend
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 16
binnen de omgeving. Qua omvang en bebouwing sluit de huidige bedrijfswoning ook aan op de huidige systematiek die de gemeente hanteert. De meerwaarde van de planologische status van bedrijfswoning op deze locatie is voorts nihil. Zo zijn er op gelijke of kleinere afstand tot het bijbehorend bedrijf reeds andere burgerwoningen gelegen, welke (eveneens) maatgevend zijn voor wat betreft de bedrijfsmogelijkheden. Ook is er sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, zoals ook nader in hoofdstuk 4 onderbouwd wordt. Er is daarmee vanuit de planologie geen belemmering om ter plaatse geen reguliere woonfunctie toe te staan. Conclusie Het bestemmingsplan is in lijn met het gestelde in de provinciale interim omgevingsverordening. Notitie ‘kwaliteitsverbetering van het landschap in West-Brabant’ Om de kwaliteit van het landschap te versterken heeft de provincie Noord-Brabant het principe van ‘kwaliteitsverbetering van het landschap’ geïntroduceerd. Dit houdt in dat ontwikkelingen in bepaalde situaties worden toegestaan mits zij tot een kwaliteitsverbetering van het landschap leiden. Binnen de regio West-Brabant hebben tijdens het Regionaal Ruimtelijk Overleg op 26 juni 2013 16 gemeenten in West-Brabant ingestemd met de notitie “kwaliteitsverbetering van het landschap in West-Brabant”. Het betreffende afsprakenkader is door de provincie Noord-Brabant bevestigd.
De notitie, welke door de gemeenteraad van de gemeente Halderberge op 30 oktober 2014 is vastgesteld, is een uitwerking van de provinciale handreiking kwaliteitsverbetering landschap en heeft tot doel om op regionaal niveau tot een eenduidige invulling van de kwaliteitsverbetering van het landschap te komen. Het afsprakenkader is op 18 december 2014 opnieuw vastgesteld in het RRO West-Brabant. Het bepaalde tot kwaliteitsverbetering van het landschap is vastgelegd in de provinciale omgevingsverordening. Gemeenten dienen bij de vaststelling van hun bestemmingsplannen en andere ruimtelijke besluiten verplicht invulling te geven aan het bepaalde in de notitie. De notitie is bedoeld om initiatiefnemers en gemeenten bij grote ontwikkelingen in het buitengebied vooraf duidelijkheid te geven over de bijbehorende investering in het landschap. Beschouwing en conclusie Conform het bepaalde in de omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant dient bij een ruimtelijke ontwikkeling in landelijk gebied, zoals met voorliggende bestemmingsplan wordt mogelijk gemaakt, de systematiek van de bovengenoemde notitie toegepast te worden.
Verantwoord dient te worden dat de ruimtelijke ontwikkeling gepaard gaat met een verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap, cultuurhistorie of van de extensieve recreatieve mogelijkheden van het gebied of de omgeving. Deze passage uit de verordening van de provincie Noord-Brabant wordt door de gemeente Halderberge onderstreept. De gemeente schrijft voor dat de ruimtelijke ontwikkeling gepaard dient te gaan met een kwaliteitsverbetering van het landschap. In het afsprakenkader (Vastgesteld in het RRO West-Brabant, 18-12-2014) is opgenomen of en welke vorm van kwaliteitsverbetering van toepassing is bij ontwikkelingen, aan de hand van een drietal categorieën:
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 17
•
Categorie 1: Ruimtelijke ontwikkelingen met nauwelijks tot geen landschappelijke invloed en waarbij geen (extra) kwaliteitsverbetering van het landschap wordt geëist.
•
Categorie 2: Ruimtelijke ontwikkelingen met weinig landschappelijke invloed, dan wel ruimtelijke ontwikkelingen die van nature aan het buitengebied zijn gebonden, of plaatsvinden in hiervoor aangewezen gebieden. De kwaliteitsverbetering vindt plaats in de vorm van landschappelijke inpassingsmaatregelen. Deze categorie is niet limitatief.
•
Categorie 3: Ruimtelijke ontwikkelingen welke niet tot categorie 1 of 2 behoren. De kwaliteitsverbetering wordt berekend op basis van de bestemmingswinst.
Bij onderhavig bestemmingsplan is sprake van een categorie 3-ontwikkeling. De kwaliteitsverbetering van het landschap dient gelijk te staan aan 20% van de bestemmingswinst. Deze regeling komt overeen met een zogenaamde categorie 3-ontwikkeling, zoals verwoord is in de ‘Toepassing kwaliteitsverbetering van het landschap in de regio West-Brabant’ van de regio West-Brabant. In de notitie van de regio Brabant West is beschreven dat wanneer het een initiatiefnemer aan mogelijkheden ontbreekt om een fysieke tegenprestatie binnen het plangebied of de directe omgeving uit te voeren, de initiatiefnemer de mogelijkheid wordt geboden om een financiële bijdrage te storten in een gemeentelijk groenfonds. Door de bijdrage aan dit groenfonds kunnen natuur- en landschapsprojecten binnen die gemeente worden gerealiseerd. Een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit is ter plaatse van het plangebied niet mogelijk. Ter plaatse van het perceel Bosschendijk 215a, is reeds een natuurtuin gerealiseerd, waarbij er geen mogelijkheden zijn om deze bestaande natuurtuin te versterken. De tuin staat reeds vol met waardevolle flora; ingrepen in deze tuin leiden tot kapitaal/natuurvernietiging. Het perceel Bosschendijk 140 biedt geen mogelijkheden daar de bestaande eigenaar van de gronden geen medewerking wil verlenen aan verdere landschappelijke inpassing.
In afstemming met de gemeente is, bij gebrek aan een alternatieve mogelijkheid, in het kader van onderhavig bestemmingsplan afgesproken dat initiatiefnemer een storting gelijk aan 20% van de bestemmingswinst in het groenfonds zal doen. De bestemmingswinst is bepaald aan de hand van een actuele taxatie. Daarbij is er een vergelijk van de waarde van het object Bosschendijk 215a gemaakt onder het huidig planologisch regime en onder het nieuwe regime op basis van dit bestemmingsplan. Uit de verklaring blijkt dat de waarde met 95.000 euro zal toenemen, hetgeen leidt tot een afdracht van 19.000 euro (20% van de waardestijging). Dit is vastgelegd in een overeenkomst met de gemeente. Het bestemmingsplan is daarmee in lijn met het gestelde in de Notitie ‘kwaliteitsverbetering van het landschap in West-Brabant’.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 18
3.4.
Gemeentelijk beleid
Omgevingsvisie Halderberge De omgevingsvisie Halderberge is op 10 februari 2022 vastgesteld. Met de omgevingsvisie wil de gemeente bereiken dat Halderberge aantrekkelijk blijft én nog aantrekkelijker wordt door de kwaliteit van de leefomgeving te versterken. In de visie wordt gesteld dat dit bereikt kan worden door de waarden te versterken én door bij te dragen aan de opgaven. Bij de waarden gaat het om de vraag wat kenmerkend is voor Halderberge en wat Halderberge uniek maakt. Dit is per kern of gedeelte van het buitengebied beschreven. De opgaven zijn de speerpunten van beleid. Er zijn opgaven die voor de hele gemeente gelden. Ook is er per kern of deelgebied een aanvulling gemaakt. De omgevingsvisie kan gebruikt worden als een toetsingskader waarbij initiatiefnemers kunnen zien wat de gemeente belangrijk vindt en op welke vlakken inwoners, ondernemers en organisaties in Halderberge uitgenodigd worden om samen te werken aan de toekomst. De omgevingsvisie vraagt op sommige punten ook een actieve rol van een lokale overheid. De omgevingsvisie geldt daarom ook voor de gemeente en haar ketenpartners.
Plangebied
Afbeelding: uitsnede van de kaart met waarden.
Uit de omgevingsvisie blijkt dat het plangebied voor wat betreft de waarden behoort tot het deelgebied bebouwingsconcentraties (het deel aan de Bosschendijk 140) en het deelgebied Kleinschalig landschap (het deel aan de Bosschendijk 215a). Kleinschalig landschap Op de zandgronden rond de kernen is sprake van een halfopen landschap dat voornamelijk is ontstaan in vroegere tijden. Houtwallen, bomenrijen, geriefhoutbosjes en verspreide bebouwing hebben het landschap een kleinschalig en halfopen karakter gegeven. Binnen dit kleinschalige / halfopen landschap liggen verschillende gebieden, zoals De Stoof, Kuivezand-Heinsberg en Gastels Laag. In sommige van deze gebieden is typerende lintbebouwing aanwezig, die omringd wordt door kleinschalige groen- en landschapselementen. Als waarden voor het kleinschalig landschap worden opgegeven: -
Landelijke omgeving waar recreatie, natuur, landbouw, wonen en water samenkomt;
-
Gemengd agrarisch gebruik
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 19
-
Rond de kernen: kleine bebouwingsclusters of verdichte lintbebouwing
-
Behoud grondwaterkwaliteit in het waterwingebied en het grondwaterbeschermingsgebied en boringsvrije zone daar omheen
-
Oude groenelementen als houtwallen, laanbeplanting en geriefbosjes
-
Onregelmatige verkaveling
-
Beken/beekdalen
In de visie wordt vermeld dat initiatiefnemers aan de waarden kunnen bijdragen door in te spelen op het gemengde agrarische karakter van dit gebied, het behoud van groene landschapselementen en door behoud/aanleg van natte / droge verbindingszones. Bebouwingsconcentraties Voor de verschillende bebouwingsconcentraties wordt verwezen naar de gebiedsvisie voor bebouwingsconcentraties van 24 september 2009. Daarin zijn de kwaliteiten beschreven en in beeld gebracht. Deze gebiedsvisie blijft van toepassing. In de visie maakt het plandeel aan de Bosschendijk 140 deel uit van de bebouwingsconcentratie Gors. In de gebiedsvisie wordt de bestaande situatie beschreven, waarbij vermeld is dat door de bebouwingsconcentratie aan te wijzen en herschikkingsmogelijkheden te bieden, het landelijke karakter versterkt kan worden. Gesteld wordt dat nieuwe functies en bebouwing binnen de aard en schaal van het gebied moeten passen. Ook wordt de laanstructuur langs de N640 als belangrijk element geduid. Beschouwing en conclusie Met dit bestemmingsplan wordt het mogelijk gemaakt om de bestaande bedrijfswoning aan de Bosschendijk 215a als burgerwoning te gebruiken. Tevens wordt het uitgesloten om een nieuwe bedrijfswoning op het bedrijfsperceel Bosschendijk 140 te realiseren.
Door de bestaande bedrijfswoning als burgerwoning te kunnen gebruiken blijft de betreffende woning legaal bruikbaar en wordt leegstand voorkomen. Dit draagt bij aan de omgevingskwaliteit en het versterken van de woonfunctie binnen het lint. Met de functiewijziging van de woning aan de Bosschendijk 215a wordt conform de daartoe bestaande regeling een bijdrage gedaan aan het gemeentelijk groenfonds. Het bestemmingsplan maakt geen andere functiewijzigingen/bouwmogelijkheden mogelijk. Zo blijft de natuurtuin ter plaatse van de Bosschendijk 215a in stand en heeft het bestemmingsplan geen invloed op de laanstructuur langs de N640. Het bestemmingsplan is sluit daarmee aan bij de waarden en doelen uit de omgevingsvisie.
Woonvisie Halderberge 2021-2025 Halderberge De Woonvisie Halderberge 2021-2025 is op 7 oktober 2021 vastgesteld door de gemeenteraad. In deze woonvisie wordt ingegaan op de hedendaagse ontwikkelingen op het gebied van wonen. Daarbij ligt het accent op 4 zogenaamde woonwaarden; deze lopen als een rode draad door de woonvisie: -
Goed wonen voor iedereen in een groen, veelzijdig en landelijk woonmilieu De vijf dorpen met unieke kernkwaliteiten Duurzame ontwikkeling in bouwen en wonen Ruimte voor initiatief en samenwerking
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 20
De gemeente zet daarbij de komende jaren in op: -
Leefbaarheid van de kernen Verduurzaming van de woningmarkt Betaalbaarheid en beschikbaarheid Levensloopbestendig en toekomstgericht Wonen en zorg
Conclusie Het bestemmingsplan maakt de omzetting van een voormalige bedrijfswoning naar een burgerwoning ter plaatse van de Bosschendijk 215A te Hoeven mogelijk. Ook wordt de realisatie van een nieuwe bedrijfswoning aan de Bosschendijk 140 uitgesloten. Op deze wijze wordt de woning planologisch losgekoppeld van het bedrijf aan de Bosschendijk 140, waardoor de woning vrij bewoonbaar is. Op deze wijze ontstaat een basis om de ruimtelijke kwaliteit ter plaatse van het woonperceel te waarborgen en verloedering te voorkomen. Door de omzetting wordt de woonfunctie ter plaatse versterkt en blijft een kwalitatief goede, moderne en duurzame woning binnen de woningvoorraad beschikbaar. Met het plan worden geen nieuwe wooneenheden toegestaan. Het plan is daarmee in lijn met het gestelde in de woonvisie.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 21
HOOFDSTUK 4: 4.1
MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN
Water
Het Rijk, de provincies, gemeenten en waterschappen hebben in februari 2001 de “Startovereenkomst Waterbeheer 21ste eeuw” ondertekend. Hierin is vastgelegd dat de betrokken partijen de “watertoets” toepassen op alle relevante ruimtelijke plannen met waterhuishoudkundige consequenties. In het Besluit ruimtelijke ordening is bepaald dat de betrokken waterbeheerders moeten worden geraadpleegd bij het opstellen van ruimtelijke plannen en bij de voorbereiding van een omgevingsvergunning die in strijd is met het bestemmingsplan. De watertoets is een instrument om ruimtelijke plannen, zoals bestemmingsplannen en een omgevingsvergunning voor de activiteit “bouwen in strijd met het bestemmingsplan”, te toetsen op de mate waarin rekening wordt gehouden met waterhuishoudkundige aspecten. Het gaat daarbij onder meer om aspecten als waterkwaliteit en waterkwantiteit (ruimte voor water) en veiligheid (bescherming tegen overstroming). Nationaal Waterplan Op 10 december 2015 hebben de minister van Infrastructuur en Milieu en de staatssecretaris van Economische Zaken het Nationaal Waterplan 2016 - 2021 vastgesteld. Het Nationaal Waterplan 2016-2021 vervangt het Nationaal Waterplan 2009 - 2015 en de partiële herzieningen hiervan. Op basis van de Waterwet is het Nationaal Waterplan voor de ruimtelijke aspecten tevens een structuurvisie en zelfbindend voor het Rijk.
Het Rijk is in Nederland verantwoordelijk voor het hoofdwatersysteem en met het waterplan worden de strategische doelen voor het waterbeheer vastgelegd. Andere overheden worden gevraagd om het Nationaal Waterplan te vertalen in hun beleidsplannen. Het Nationaal Waterplan geeft de hoofdlijnen, principes en richting van het nationale waterbeleid in de planperiode 2016-2021, met een vooruitblik richting 2050. Het plan gaat in op de thema’s waterveiligheid, zoetwater en waterkwaliteit. zijn in het plan gebiedsgerichte uitwerkingen voor grote wateren en de zee en de kust opgenomen. Ook beschrijft het waterplan de relatie tussen water en de omgeving. In het Nationaal Waterplan 2016-2021 staan de volgende ambities centraal: • Nederland blijft de veiligste delta in de wereld; • Nederlandse wateren zijn schoon en gezond en er is genoeg zoetwater; • Nederland is klimaatbestendig en waterrobuust ingericht; • Nederland is en blijft een gidsland voor watermanagement; • Nederlanders leven waterbewust. Het initiatief is in lijn met het bepaalde in het waterplan. In deze paragraaf wordt nader ingegaan op de waterhuishoudkundige aspecten alsmede het beleid van het waterschap Brabantse Delta.
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 22
Waterbeheerprogramma 2022–2027 Klimaatbestendig en veerkrachtig waterlandschap Het plangebied maakt onderdeel uit van het beheergebied van het waterschap Brabantse Delta. Het bestuur van het waterschap Brabantse Delta heeft in december 2021 het Waterbeheerprogramma 2022-2027 vastgesteld. Het Waterbeheerprogramma is samen met gemeenten, industriële en agrarische ondernemers, natuurverenigingen, de provincie en het rijk opgesteld. Het waterschap richt zich op een goede uitvoering van de wettelijke taken rondom waterveiligheid, waterkwaliteit en watersysteembeheer. Daarbij houdt het waterschap rekening met de toekomstbestendigheid van het watersysteem. In algemene zin streeft het waterschap naar: -
het creëren van gunstige condities in het watersysteem en de afvalwaterketen, die aansluiten bij de behoeften van de huidige en toekomstige gebruikers (mensen, bedrijven, natuur);
-
een leefomgeving die de effecten van de klimaatveranderingen kan opvangen met acceptabele risico’s voor mens, milieu en economie;
-
tevredenheid van samenwerkingspartners over de open houding van het waterschap om kansen te bieden en te verzilveren voor koppeling van andere initiatieven.
Keur Het waterschap stelt regels op om te voorkomen dat dijken en oevers beschadigen. Ook zijn er regels voor het onderhoud van sloten, beken, rivieren en andere waterlopen om de waterafvoer in dit oppervlaktewater te waarborgen. Dat is noodzakelijk om West-Brabant te beschermen tegen overstromingen. Deze regels worden aangeduid als de Keur. Vanaf 1 maart 2015 geldt de Keur van de drie Brabantse waterschappen. De regels in de Keur hebben betrekking op het lozen, afvoeren, onttrekken of aanvoeren van grondwater en water uit sloten en andere watergangen. Ook kent de Keur verbodsbepalingen over zaken die niet mogen in of om waterlopen en dijken. Gemeente Halderberge, gemeentelijk rioleringsplan 2020-2023 (GRP) Het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan, vastgesteld in november 2013, is een gezamenlijk plan binnen de Waterkering West en vormt één van de stappen op weg naar een verdergaande, structurele werking binnen de regio. Om te kunnen anticiperen op actuele ontwikkelingen (en wettelijke plicht) dient het GRP te worden geactualiseerd, om die reden is in september 2019 het huidige GRP 2020- 2023 vastgesteld, waarbij ook is geanticipeerd op de komst van de Omgevingswet door rekening te houden met de beoogde opzet van de Omgevingsvisie, het Omgevingsplan en het bijbehorende Programma.
Het GRP stelt verschillende ontwikkelingen en uitdagingen vast die de basis vormen van de speerpunten in de periode van 2020-2023. De genoemde punten zijn: -
Klimaatverandering;
-
Uitputting energie en grondstoffen;
-
Veranderde wetgeving;
-
Energietransitie;
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 23
-
Participatie en bewustzijn;
-
Vitaliteit;
-
Veiligheid.
Aan de hand van deze punten zijn drie speerpunten (ambities en gemeenschappelijke doelen) voor de planperiode van het GRP vastgesteld: 1. Werken aan klimaatbestendigheid; 2. Werken aan een goede waterbalans tussen bebouwd en landelijk gebied; 3. Waardevol water. Blijkens de Wet milieubeheer en de Waterwet hebben gemeenten drie wettelijke zorgplichten t.a.v. afval-, hemel- en grondwater en een verantwoordelijkheid voor de zorgplicht drinkwater. Beschouwing Het bestemmingsplan maakt uitsluitend de omzetting van een bedrijfswoning naar een burgerwoning ter plaatse van de Bosschendijk 215A te Hoeven mogelijk. Ook wordt de realisatie van een nieuwe bedrijfswoning aan de Bosschendijk 140 uitgesloten. Er worden derhalve geen ontwikkelingen/activiteiten mogelijk gemaakt die van (negatieve) invloed kunnen zijn op de waterhuishouding (waterkeringen, waterstaatkundige elementen, verharding, oppervlaktewater, waterkwaliteit). Conclusie Het bestemmingsplan is in relatie tot het aspect water uitvoerbaar. 4.2
Bodem
Met het oog op een goede ruimtelijke ordening dient in geval van ruimtelijke ontwikkelingen aan te worden getoond dat de bodem geschikt is voor het beoogde functiegebruik. In het algemeen geldt dat verontreiniging van de bodem (grond en grondwater) moet worden voorkomen. Uitgangspunt is dat de bodem schoon is en dat dat zo moet blijven (zorgplicht). Voor vervuilde bodems geldt dat deze functiegericht en kostenefficiënt gesaneerd moeten worden. Voorwaarde is dat hierbij geen verspreiding van of ontoelaatbare blootstelling aan verontreiniging optreedt. De Wet bodembescherming geeft regels voor bodemverontreiniging, waarvan sprake is als het gehalte van een stof in de grond of in het grondwater de voor de stof geldende streefwaarde overschrijdt. Onderzoek naar bodemkwaliteit dient gedaan te worden wanneer initiatieven uitgaan van bodemroerende activiteit, dan wel functies mogelijk maken waarbij dezelfde mensen gedurende een langere periode minstens 2 uur per dag op de betreffende gronden verblijven. Beschouwing Het bestemmingsplan maakt uitsluitend de omzetting van een bedrijfswoning naar een burgerwoning ter plaatse van de Bosschendijk 215A te Hoeven mogelijk. Ook wordt de realisatie van een nieuwe bedrijfswoning aan de Bosschendijk 140 uitgesloten. Het feitelijke gebruik van de
Toelichting bestemmingsplan Bosschendijk 140 en 215a te Hoeven
Pagina 24
woning en de bijbehorende gronden verandert daarmee niet. Ook gaat het bestemmingsplan niet gepaard met bodemroerende activiteiten. Uit oude kaartbeelden (bron: www.topotijdreis.nl) blijkt dat het perceel ter plaatse van de Bosschendijk 215a tot de bouw van de woning rond de millenniumwisseling altijd onbebouwd is geweest. Het perceel stond ten dienste van agrarische functies. Raadpleging van de bodemkwaliteitskaart Midden- en West-Brabant leert dat de bodemfunctieklasse ter plaatse als natuur/agrarisch wordt gekwalificeerd. Gesteld kan worden dat de bodemkwaliteit volstaat voor het te consolideren woongebruik. Conclusie Voorliggende bestemmingsplan is in relatie tot het aspect bodem uitvoerbaar. 4.3