Verslag 2024-04-25 Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte
Tekst van het document
Maar wat gebeurt er als we nou van een zes naar een zeven komen? Ik hoorde dat mevrouw Koolmoes zeggen. Ik vond dat wel een charmante. Want ja, eigenlijk willen we graag dat het wat beter wordt en dat betekent nog meer geld erbij. Maar dat inzicht hebben wij nodig om keuzes te maken en dan zou ik graag invalshoeken mee willen geven over geld, personeel, duurzaamheid, schoon, heel, veilig. Echt die hele rits die we daar hebben, het is best wel complex, maar dat gaat ons helpen om uiteindelijk de politieke weging te maken van wat ik nou belangrijk vind. Waar ga ik nou op sturen? Hebben we dan toch een pot met geld nodig om op een bepaalde begrotingspost te zetten? Of hebben we uiteindelijk een soort van pomp nodig die je af en toe wat meer aanzet en af en toe wat minder? Ja, we hebben best wel wat opties. De VOORZITTER: En dat heeft in ieder geval ook al twee reacties opgeleverd. Ik wilde zeggen mevrouw Koolmoes en ik kijk naar mevrouw Hogervorst. Mevrouw Hogervorst, Forza!, gaat uw gang. Mevrouw HOGERVORST: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat we het moeten opknippen in drie stukjes. Ten eerste de informatie. Ik denk dat we als informatie moeten hebben: welke rioleringen we hebben, van wanneer dateren ze, wanneer zijn ze aan vervanging toe, wanneer zijn ze aan onderhoud toe.
Dat er een soort overzicht gecreëerd wordt van wat we hebben en hoe het onderhoud is en wanneer het aan vervanging toe is, dat we wat inzicht krijgen. Vervolgens denk ik dat we een plan nodig hebben met de kostenraming erbij van wat het ongeveer kost om het op een hoger niveau te tillen. Dus wat houdt het in als we het hetzelfde houden, wat houdt het in als we het even in de getallen houden van mevrouw Koolmoes om er een 7 van te maken of een 8, want we zitten natuurlijk met die 6 wel heel erg laag. En als laatste zou ik willen voorstellen dat we net als bij de mobiliteit, en dat is het derde stukje, een soort monitor hebben waarin we kunnen bijhouden met zijn allen en kunnen zien: dit staat er voor dit jaar op de agenda, hoe gaat dat, zijn we bij, lopen we achter, lopen we voor en hoe is het met de kosten. En dan moeten we er natuurlijk ook weer voor waken dat we weer niet te veel werk creëren voor onze ambtenaren met drie nieuwe informatieposten, maar zo denk ik wel dat we het een stuk inzichtelijker krijgen en ik denk dat als er 15% of meer van onze omzet naartoe gaat, dat het wel belangrijk is dat we dat inzicht krijgen. De VOORZITTER: Ja, tot zover. Mevrouw Koolmoes, HAP, gaat uw gang. Mevrouw KOOLMOES: Ja, dank u wel. Ik wil toch even terugkomen op iets wat een aantal collega's ook hebben gezegd. De basis, we hebben een basisniveau.
Laten we alsjeblieft niet vergeten dat het basisniveau niet overal geldt. We hebben ook C- en D-niveaus. We hebben A+, in Hoofddorp-Centrum bijvoorbeeld. We hebben B op heel veel plekken, maar we hebben ook C- en D-niveaus. Wat wij hebben aangegeven was, kom alsjeblieft schriftelijk terug, college, met onze vragen. Hoeveel geld hebben we nodig om op een ruim voldoende te komen, dus de 7? En is het niet zo, en dat is een hele Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024
16
belangrijke, want er werd al gevraagd: waar halen we het geld dan vandaan, maar is het niet zo dat een ruim voldoende zorgt dat we op de lange termijn dit geld gewoon terug gaan verdienen? Want zo is het natuurlijk wel, want zoals we nu investeren, gaan we hogere kosten krijgen, want we zullen op een gegeven moment toch al dat achterstallige onderhoud moeten inhalen. Dus als we het nu naar een hoger niveau tillen, dan zullen we op de lange termijn geld gaan verdienen voor de raden die na ons komen. Dat is altijd fijn, denk ik. Dat laat een stukje geschiedenis achter. Dit zijn vragen die ik heb. Ik ben ook blij dat mijnheer Boels het ook aanhaalde en ook de steun van links van mij bij Forza! vandaan. Dan wil ik wel nog zeggen tegen die mevrouw naast mij dat de investeringen ook gewoon teruggevonden kunnen worden, dertig jaar voor bestratingen, de wijken, dat is allemaal terug te vinden, onder andere in de IBOR. Maar ik vind het wel fijn dat u me steunt en dat u dat ook gevraagd hebt. Dank u wel, tot zover. De VOORZITTER: Dan zag ik ook nog een reactie van mijnheer Boerman. Of zegt u… De heer BOERMAN: Nou, ik denk op dit onderwerp is wel vrij veel gezegd, dus laat maar. De VOORZITTER: Dan komt er nog naast u mijnheer Bier, D66. Gaat uw gang.
De heer BIER: Ja, ik zit nog even te denken over de opmerking van mevrouw Koolmoes, dat als we het van een 6 naar een 7, misschien wel een 8 gaan brengen, dat we dan iets nalaten. Als we het op dezelfde manier doen als nu, dan wordt het volgens mij alleen maar duurder. Dan laten we een extra onderhoudslast na over twintig jaar over vier colleges, dus volgens mij gaat het echt wel over of we die schutting nodig hebben. Wat dat betreft is dat volgens mij de aanleiding van vanavond ook kijken waar we keuzes maken, wat we gaan doen. En dat was mijn opmerking: gaan we bezuinigen aan het verkeerde eind, op het stuk dat het minste kost en volgens mij aan belevingswaarde het meeste oplevert? Of kunnen we daar wat aan doen. De VOORZITTER: Dat leverde een reactie op van mevrouw Koolmoes. Gaat uw gang. Mevrouw KOOLMOES: Ja, dank u wel. Ik werd toch een beetje getriggerd door mijnheer Bier, want laten we wel zijn, mijnheer Bier, bent u het met me eens, toen wij een aantal jaren geleden die bezuinigingen doordraaiden naar de basisbehoeften en er werden afvalbakken in de straten weggehaald, omdat ze niet meer geleegd konden worden, dat we toen een ander probleem kregen, namelijk meer zwerfvuil en dat was dus ook weer duurder om weer schoon te maken en op te ruimen.
Dus waarvan u denkt dat we nu duurder gaan worden, denk ik dat we op de lange termijn juist goedkoper gaan worden, omdat we het beter gaan onderhouden en beter gaan schoonhouden en veilig gaan houden. De VOORZITTER: Mijnheer Bier, u was direct aangesproken. Gaat uw gang. De heer BIER: Ja, volgens mij is dat beleidsdoel C en ik had het vooral over keuzes tussen A en D, dus tussen groen en verhardingen. Maar inderdaad, het moet ook schoon zijn. Het vuil moet inderdaad opgehaald worden. Dat lijkt me een hele belangrijke basis voor alle inwoners. De VOORZITTER: Ja, er kwam ook nog een reactie van mijnheer De Ruiter. Gaat uw gang. De heer DE RUITER: Ja, klopt. Naar aanleiding van de discussie voorzitter, tussen mijnheer Bier en mevrouw Koolmoes, misschien mag ik die samenvatten. Mijnheer Bier heeft het over of we die schutting echt nodig hebben. Ik zou liever willen vragen, want ik herken wat de wethouder schetst heel erg, van ja, we kunnen niet alles voorspellen, want we weten niet altijd als we wat open gaan halen, Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024
17
wat we tegenkomen en dan is het een goed punt om terug te komen bij de raad en om te zeggen ja, we hebben hier extra geld voor nodig, veel liever dat dan dat we een pot of een post daar van tevoren al voor bestemmen, want dan weten we zeker dat die opgaat. Ik zou veel liever de vraag willen stellen, en die heb ik hier nog niet gehoord vanavond, op het moment dat de wethouder komt van we hebben toch weer wat meer geld nodig, dan moeten we de wethouder als raad vragen, en dat is denk ik ook onze taak, van wat kost het als we het niet doen? Want iedereen weet wat we besparen, maar niemand weet wat dat kost. En onderhoud is echt gewoon een post, en dat ben ik met mevrouw Koolmoes eens, waarmee we ook gewoon op termijn kunnen besparen door nu wellicht wat meer uit te geven. Bent u dat met mij eens, mijnheer Bier vooral? De VOORZITTER: Nou, dan ga ik eerst een reactie ophalen bij D66. Gaat uw gang. De heer BIER: Ja, dank u wel. Ik heb deze week mijn schoenen bij de schoenmaker opgehaald. Kwaliteit betaalt zich altijd uit. Dus als je een hardhouten schutting hebt neergezet die niet geschilderd hoeft te worden om de tien jaar om hem in goede staat te houden, dan is dat qua onderhoudskosten beter dan dat hek dat wel geschilderd moet worden. Dat is waar. De VOORZITTER: Dan kijk ik even rond en zie ik volgens mij geen reacties meer op dit onderwerp ingebracht door mijnheer Boels.
U steekt wel uw hand op? Oké, nee, niet. U mag? Oké, dan laten we het gaan. Dan is dit onderwerp wat mij betreft afgesloten. Dan was het onderwerp van Forza!. Wil je hem afconcluderen? Ja uiteraard, excuus, sorry. Ik ben nog zo in de war. Gaat uw gang mijnheer Boels. De heer BOELS: Dank u wel voorzitter voor het woord. Wat ik wel mooi vind aan het gesprek dat zich zojuist ontvouwt, dat heeft alle aspecten die ik ook benoem in het willen hebben van meer grip. Het is de keuze wel of geen schutting, vind ik een heel goede vraag, kunnen we nu niet beoordelen op basis van de informatie die we hebben. Het is de vraag of je die schutting in een mooiere of nog betere onderhoudsstaat wil brengen, weten we ook niet. Ook niet hoeveel dat kost. Het is ook de vraag, stel dat je geen geld hebt, of je überhaupt dat onderhoud kan uitvoeren. Want ja, je kan nog zo mooi beitsen, die schutting, maar als je die beits niet kan kopen, dan wordt het toch ingewikkeld om dat te doen. Dus eigenlijk al die aspecten komen terug maar dan vertaald naar die € 80 miljoen en ook de keuze welk domein wel of niet en hoe die onderverdeling zou moeten zijn, ik hoor alles terugkomen dus daar ben ik eigenlijk wel stiekem heel erg blij mee, want dat geeft denk ik wat steun en richting.
De vraag is of dat met een motie moet, maar goed dat zien we dan wel weer maar ik hoor daar in ieder geval ondersteuning voor en dat doet mij deugd. De VOORZITTER: Dank u wel voor deze korte conclusie en dan geef ik nu graag het woord aan mevrouw Hogervorst van Forza!. Gaat uw gang. Mevrouw HOGERVORST: Dank u wel voorzitter. Ik hoor ook nog steeds heel veel vraagtekens bij mijnheer Boels, wat zijn de kosten, kunnen we die beits wel kopen, kunnen we de beits niet kopen? En ik denk om te kunnen sturen en om aan die knoppen te draaien, dat we eerst inzichtelijk moeten hebben hoe de staat is, wat de plannen zijn en vooral wat de kosten daar aan zijn. En we hebben daar natuurlijk ook extra aanvullend vragen over gesteld en daarin wordt ook duidelijk dat er niet echt een beeld is bij die kosten. Ik heb het idee dat we die kosten wel in beeld kunnen brengen. En een collega zegt ook dat dat staat in de IBOR en in de VOR, maar daar staat ook niet alles in, want die heb ik er heel nadrukkelijk op nagelezen toen we deze vragen gingen stellen. En ik ben eigenlijk wel heel benieuwd hoe de collega's erover nadenken. Tot zover.
Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024
18
De VOORZITTER: Hoe kunnen de kosten in beeld gebracht worden? Dat is even concreet het onderwerp dat hier ligt. Wie mag ik hiervoor als eerste het woord geven voor een reactie? Mijnheer Boels, gaat uw gang. De heer BOELS: Dank u wel en ook dank voor het opnieuw volgens mij onderschrijven van hetgeen ik net al zei. Er zijn niet zoveel vraagtekens bij mij, maar meer gewoon vragen over hoe het in elkaar zit en waar dan die sturing mogelijk is. Iedereen maakt zijn eigen weging, want dat blijf ik zeggen, die maken wij echt wel anders dan de collega's van GroenLinks en dat is helemaal prima, want daar is politiek nou juist zo mooi voor. Maar zonder die informatie over hoeveel het nu kost, hoeveel het in de toekomst kost, maar ook hoeveel het kost om het nog beter te doen, of dat dan een besparing is. Al die vragen wil ik graag beantwoord zien om daarna politiek te kunnen wegen. En ik denk dat dat ook voor het college heel erg gaat helpen om dan wel nu, dan wel in de toekomst gewoon te weten waar we dan aan toe zijn. Want ja als we de ruimte krijgen om te investeren, ja, ik denk dat we daar het college heel blij mee maken en met name ook de collega's die het uiteindelijk moeten uitvoeren. Maar of dat dan ook de uitkomst is van dat gesprek, ja dat vraag ik mij af. De VOORZITTER: Dank u wel. Iemand anders? Mevrouw Koolmoes, HAP, gaat uw gang. Mevrouw KOOLMOES: Ja, dank u wel.
Ik probeer toch met mijn buurvrouw mee te gaan, maar wat ik al eerder aangaf, in die IBOR staat best wel goed beschreven wat er aan vervanging toe is en waarom. Uiteraard kunnen we gewoon niet alles, denk ik, voor zijn. Neem een stormschade bij bomen bijvoorbeeld. Dat kan je niet van tevoren weten. Dat snap ik wel. Wateroverlast, klimaatbestendigheid, we hebben het er vaak genoeg over. Ik zal niet verder over de bomen beginnen, maar laten we dan een ander onderwerp nemen, want er wordt heel enthousiast gereageerd. Maar goed, wateroverlast, hitteoverlast, stormoverlast, dingen die je niet kan voorzien, dat blijft altijd natuurlijk een gokje soms, denk ik. En in de IBOR staat wel een leidraad, dat zou ik u echt aanraden om die nog eens na te kijken. En daar staan echt al die dingen in, de bomen, de verhardingen, zelfs begraafplaatsen, waarom daar elk jaar geld bij moet helaas. Dus dat is mijn dingetje voor de buurvrouw wat ik bij dezen wil. Mevrouw Hogervorst, dank u wel. De VOORZITTER: Uw betoog levert in ieder geval een reactie op, stormschade levert een reactie op bij GroenLinks. Gaat uw gang mijnheer Boerman. De heer BOERMAN: Dat punt hebben we vaker gemaakt. Als iets nu wel voorspelbaar is, dan is het stormschade. En we vinden ook dat dat structureel in de begroting zou moeten… Want nu komt het elk jaar en we weten het gewoon.
Het klimaat zal echt niet zomaar terug veranderen, ook al zou ik dat heel graag willen. Ik zou er ook nog wel graag iets voor doen, maar heel veel andere mensen helaas niet. Dus ik denk dat we... nou, laten we dat gewoon meenemen. We weten, het gaat gewoon heel veel geld kosten. Ja, we hadden er iets aan kunnen doen. De VOORZITTER: Mevrouw Hogervorst, ik had het idee dat u ook nog een interruptie had op mevrouw Koolmoes. Gaat uw gang. Mevrouw HOGERVORST: Dat klopt, voorzitter. Ja, ik vind het wel erg makkelijk om te zeggen, ja, er staat een overzicht in de VOR, want daar staat lang niet alles in. Daarnaast is het ook zo dat het nu zo een laag niveau is, is niet van vandaag of gisteren. Dat is een proces dat al langer aan de gang is. En dat betekent ook dat er gewoon de afgelopen jaren iets nagelaten is, want het is niet van maandag op dinsdag heel erg slecht. Daarnaast vind ik gewoon dat er heel weinig duidelijk is qua cijfers, qua hoe we dit probleem gaan oplossen. Ik denk dat als wij als raad daar beslissingen over moeten nemen, dat
Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024
19
we daar echt meer informatie voor nodig hebben en dat we niet zo heel makkelijk moeten zeggen, ja, er staat een overzichtje in de IBOR, want dat is gewoon niet genoeg. De VOORZITTER: Dat levert twee reacties op. Een bij mevrouw Koolmoes en een bij mijnheer Boerman. Excuus. Mevrouw Koolmoes, gaat uw gang. Mevrouw KOOLMOES: Ja, ik ga op de stoel van een lerares zitten en dat vind ik echt heel jammer, maar mevrouw Hogervorst, dit hebben wij bepaald. Wij hebben, ik dacht in 2019 of 2020, dat weten mijn collega's misschien nog, bepaald dat het kwaliteitsbeheerniveau wel wat naar beneden kon. Want we moesten bezuinigen. Daarvoor was het namelijk best wel heel goed bij ons in de gemeente Haarlemmermeer. We kregen daar ook complimenten over, maar er moest bezuinigd worden en wij wilden als raad niet dat het maatschappelijk middenveld geraakt zou worden. Helaas moest dat later alsnog. Maar toen hebben wij het bij een beeldkwaliteitsplan naar een basisniveau gezet. En dat wil ik u meegeven, dat is dus niet van de een op de andere dag. Dat is iets wat wij als raad bedacht hadden toentertijd. De VOORZITTER: Dank voor deze informatieverstrekking. Mijnheer Boerman van GroenLinks, u had ook nog een reactie op mevrouw Hogervorst. De heer BOERMAN: Bij mij zou het ook voor een groot deel informatieverstrekking zijn, maar het komt ook een beetje terug op wat ik in de eerste termijn zei.
Je hebt aan de ene kant die onderhoudsbudgetten, en daar hebben we niet altijd zicht op wat daar precies voor gebeurt. Aan de andere kant hebben we die VOR. Die VOR is de Vernieuwing Openbare Ruimte, dat is echt iets anders dan die dagelijkse onderhoudsbudgetten. Maar ik kan mevrouw Hogervorst wel volgen als ze zegt, hoe dat nou precies zit is voor heel veel raadsleden niet helemaal duidelijk. Voor mij ook niet helemaal, dus daarom lijkt het me goed dat we daar toch op een manier nog wat helderheid in proberen te verschaffen. Dat gaan we hier niet in het debat krijgen, dus dat moeten we op een andere manier gaan doen. De VOORZITTER: Dat ben ik volledig met u eens en daarom vraag ik mevrouw Hogervorst om dit onderwerp 'kosten wel in beeld' af te concluderen. Mevrouw HOGERVORST: Ik vind het ook wel heel frappant dat als we aan de ene kant zeggen, ja een paar jaar geleden hebben we er met elkaar voor gekozen dat er bezuinigd moet worden. Tegelijkertijd is er ook een paar jaar geleden besloten dat we van veilig, heel en schoon ook een aantal andere aspecten als klimaat en biodiversiteit en dat soort dingen erbij gaan betrekken, wat extra kosten met zich meebrengt. Ik denk dat je dan misschien moet bedenken dat je terug moet naar veilig, heel en schoon.
Een aantal jaar geleden deden we het heel goed op biodiversiteit, dus er is daar een stukje waarvan ik denk dat je winst kan maken en daardoor de situatie kan verbeteren, maar daar kom ik nog op terug. De VOORZITTER: Dat levert toch weer een reactie op. Gaat uw gang mijnheer Boerman. De heer BOERMAN: Even ter verheldering, klimaatadaptatie zijn geen extra kosten. Dat is investeren in de toekomst. Als er iets is wat kosten voorkomen is, dan is het nu al je samenleving inrichten om de klimaatverandering zoveel mogelijk te kunnen opvangen. Ik vind daarnaast dat je er heel veel aan moet doen om klimaatverandering te voorkomen. Daar denkt u anders over, maar daar hebben we het vanavond niet over, maar je moet het wel zo inrichten dat je de klimaatverandering die eraan komt, kunt opvangen, want anders heb je echt kosten.
Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024
20
De VOORZITTER: Mevrouw Hogervorst, wilt u uw ingebrachte onderwerp met één zin afronden? Dan kunt u uw gang gaan. Mevrouw HOGERVORST: Al sinds de aarde bestaat verandert het klimaat en dat zal niet veel anders worden en dat zal altijd gevolgen met zich hebben. Regen, kou, warmte, wind, zon, noem het allemaal maar op. Ik denk dat je dat nooit kan begroten. Alleen dat de straten kapot zijn en het gras te hoog of te laag is, dat kunnen we met elkaar wel oplossen. En ik denk dat je daar echt een inzichtelijk plan voor moet maken. En waar ik eigenlijk al op doel, dat dat gewoon Duisenberg-proof moet zijn, zodat we aan de juiste knoppen kunnen draaien en het juiste inzicht hebben, met een hele lange komma. De VOORZITTER: Goed, dan is dit onderwerp met een hele lange komma afgeconcludeerd. Dan staat nu op mijn lijstje voor het derde onderwerp, ChristenUnie-SGP, met de benodigde middelen bespreken. Dat kwam in uw eerste inbreng naar voren, dat u dat met de collega's wilde bespreken. Maar u was net heel even de zaal aan het verlaten, dus mijnheer Blom gaf aan, dan wil ik het onderwerp wel overnemen, maar mevrouw Hup, gaat uw gang. Mevrouw HUP: Nou, als de heer Blom mij wil vervangen, want ik ben helaas een beetje verkouden, dus ik ben niet helemaal in topvorm. Ik vertrouw alle kunde en kennis toe aan mijn buurman.
De VOORZITTER: Nou, dan geef ik bij dezen graag het woord aan mijnheer Blom van het CDA. Gaat uw gang. De heer BLOM: Ja, ik ben in topvorm. Punt. Maar in mijn bijdrage, een belangrijk onderdeel van mijn bijdrage, vond ik zelf, de kennis en kunde die wij in huis hebben. Dat is even de vraag. Want ik zie ook wel dingen fout gaan in de gemeente en dan denk ik 'dat kost gewoon heel veel geld'. Ik kan het misschien met een voorbeeld voor iedereen begrijpelijk maken. Het Venneperhout, in onze gemeente gelegen, een mooi bosje in Nieuw-Vennep. Onderhouden door Staatsbosbeheer geloof ik, niet door de gemeente zelf. Prachtig 550 mooie essen neergezet, twintig jaar geleden. Achttien jaar geen onderhoud gedaan, dus niet gesnoeid, niet het dode hout eruit gehaald en alles. Twee jaar geleden driftig gesnoeid en de takken die eraf zijn gehaald laten vallen op de grond. En afgelopen winter, dacht ik, zijn ze alle 550 omgezaagd omdat er zoveel schimmel in zit dat ze gewoon dood gaan. Wat is nou de moraal van het verhaal? Als er nou gewoon in die twintig jaar zo nu en dan eens iemand er de dode takken had uitgezaagd en ook gewoon op de grond gegooid, één dode tak maakt nog geen winter, maar dan was er waarschijnlijk niets aan de hand geweest, maar nu door het rigoureus en achterlaten van het hout slaat de schimmel toe en kost het ons 550 bomen.
Extra kapwerk, grote ergernis, we moeten herplanten. Dit kost gewoon heel veel geld, terwijl met eenvoudig onderhoud zulke fouten eigenlijk voorkomen hadden kunnen worden. De kennis en kunde in ons apparaat, hebben we die in huis? De VOORZITTER: Uw betoog, uw moraal van het verhaal levert al drie reacties op. Vier inmiddels. Mijnheer Boerman, GroenLinks, gaat uw gang. De heer BOERMAN: Ja, dank u voorzitter. De heer Blom is inderdaad echt in topvorm, maar ik vraag me toch echt af wat hij nu vraagt aan ons. Hij vraagt aan ons of er voldoende kennis in huis is. Nou, bij ons is die wel in huis hoor, maar daar heeft de heer Blom niet heel veel aan denk ik. Dus wat is zijn vraag aan het debat? De heer BLOM: Ja wij zouden graag... De VOORZITTER: Wel graag nog steeds via de voorzitter alstublieft. Mijnheer Blom, gaat uw gang. Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024
21
De heer BLOM: Zeker mevrouw Elfers. Ja, misschien moeten wij het college vragen of dat gerealiseerd kan worden of dat we die kennis steeds maar inhuren en dan tijdelijk. Het gaat er mij dus om, kunnen we de kennis en kunde van het gemeentelijke apparaat versterken zodat ze meer… De VOORZITTER: Zodat het ons wellicht wat geld op gaat leveren of besparen. De heer BLOM: Volgens mij is daar heel veel geld te verdienen. De VOORZITTER: Oké, ik zie geknik aan de rechterzijde, van begrip. Mijnheer Boerman, gaat uw gang. De heer BOERMAN: Ik begrijp van de heer Blom dat hij aan de rest van de raad steun vraagt met de vraag die hij stelt aan het college. Die mag hij van mij hebben, maar die vraag kan hij sowieso stellen hoor, daar heb ik niet heel veel moeite mee. De VOORZITTER: Dank u wel voor deze korte reactie. Dan was daarna mevrouw Koolmoes van HAP. Gaat uw gang. Mevrouw KOOLMOES: Ja dank u wel. Ik ben in de veronderstelling dat het Staatsbosbeheer is die daar alles onderhoudt en als die daar de bomen heeft omgekapt dan moeten we Staatsbosbeheer aan het jasje trekken. Dat doen we ook elk jaar, want we sturen elk jaar een zienswijze in dat ze het beter moeten doen. Maar voor de rest ben ik het wel met u eens.
Alleen in de eerste termijn heb ik ook gehoord dat we meer het werk moeten overlaten aan onze eigen mensen en onze eigen ondernemingen - wilt u niet zo boos naar mij kijken alstublieft? - want die hebben tenminste verstand van ons gebied en onze gronden. Daar kan ik het gedeeltelijk wel mee eens zijn, maar ik ben er ook van overtuigd dat als een grote speler iets krijgt toebedeeld, een aannemer, dat het dan goedkoper wordt en hij geeft het dan weer door aan die kruimelondernemers die wij hebben. Ik kan een aantal best wel opnoemen. Ja, en daar is er ook wel weer wat voor te zeggen, want het wordt wel weer goedkoper en het wordt toch goed gedaan. Bent u dat wel met mij eens, mijnheer Blom? De VOORZITTER: Mijnheer Blom, u wordt aangesproken, dus gaat uw gang. De heer BLOM: Ik heb er grote moeite mee als er een grote ondernemer de buit binnenhaalt en uit een gebied komt van veen en moerassen en hier in Haarlemmermeer op de klei het werk doet. Maar dat geeft niet, ik heb daar mijn vragen bij. De kennis en kunde moet je eigenlijk waarderen en neem de mensen die die kennis en kunde hebben aan. Misschien als het een knaak meer kost... Op het uiteindelijke resultaat win je er eigenlijk alles mee. De VOORZITTER: Mevrouw Roos heeft ook nog een reactie op mevrouw Koolmoes. Dus gaat uw gang, want dan kunnen we daarna door naar het originele onderwerp.
Mevrouw ROOS: Ja, dat was een dingetje wat mevrouw Koolmoes zei over als een grote aannemer een aanbesteding wint en dat gaat natuurlijk voor een bepaalde prijs en dan gaan de kleinere onderaannemers het uiteindelijk doen. Maar u snapt natuurlijk wel dat die grote aannemer ergens aan wil verdienen. Dat betekent dat die onderaannemers het voor een nog goedkopere prijs moeten gaan doen en dat levert vaak wel wat kwaliteitsvermindering op. De VOORZITTER: En ook dat levert twee reacties op, mevrouw Koolmoes en dan mevrouw Kamsteeg. Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024
22
Mevrouw KOOLMOES: Ik ben het met u eens mevrouw Roos, dat meen ik echt, want de kwaliteit en de kunde, wat mijnheer Blom ook zegt, die moeten we in huis halen. Maar wat ik wel denk, is als wij met 31 dorpen en wijken en kernen, en we gaan dat allemaal versnipperen en in Rijsenhout gaat die het gras maaien en in Zwanenburg gaat die het gras maaien, dan krijgen we en een hele hoge kostenpost, en wanneer is dan de kwaliteit hetzelfde overal? Ik ben echt bang dat dat gewoon een heel lastig traject wordt, als je het gaat versnipperen over 31 dorpen en daar mag die het doen, en daar mag die. Wat zal er dan wel niet gebeuren als concurrentiebeding alleen al? Neem ZwanenburgHalfweg, Spaarnwoude. Dank u wel. De VOORZITTER: Omwille van de tijd, mevrouw Kamsteeg, graag een korte reactie zodat we weer terug kunnen naar het originele onderwerp. Mevrouw KAMSTEEG: Ja, ik heb er twee. Ik heb er één op mevrouw Roos, want ik wilde nog even meegeven, misschien betalen we dan wel te veel voor die grote aannemer. Dat zou ook nog eens kunnen. En voor mevrouw Koolmoes, voor grasmaaien en zo, hebben wij ook nog de Waterwolf die voor ons allerlei groenonderhoud doet. Ja, dus die doet volgens mij het grasonderhoud. De VOORZITTER: Dan wil ik graag terug naar het ingebrachte onderwerp van het CDA. Dan is mijnheer Bier van D66 aan het woord. Gaat uw gang. De heer BIER: Dank u wel, voorzitter.
Want het hek werd net vervangen door de boom. In dit voorbeeld worden op vrij grote schaal, massaal, 550 bomen geplant en dat is eigenlijk een manier waarop je verwacht dat je er daarna onderhoud aan hebt. Dat is uitgebleven en nu zitten we met gebakken peren. Zoals de heer Blom aangeeft, nu moeten we vervangen, maar we moeten natuurlijk niks. De natuur kan heel goed voor zichzelf zorgen. En als je begonnen was met een ecoloog inhuren en zeggen hoe kunnen we dit gebied nu duurzaam inrichten, dan hadden we dit allemaal kunnen voorkomen waarschijnlijk. Dat is keuzes maken die op de lange termijn misschien eerst wel beginnen met kwaliteit, maar vervolgens eindigen in lagere kosten gedurende de looptijd. De VOORZITTER: Dank u wel. Ja en dan zijn we eigenlijk aan het einde van deze sessie, want het is al 21.59 uur en mijnheer Boels moet ook nog in de gelegenheid zijn om deze sessie te kunnen afconcluderen. Er staan echter ook nog zes mensen… Ik kom bij u. Zes mensen op het lijstje om te reageren op uw onderwerp dus u mag dit onderwerp, daar hebben we echt geen tijd meer voor dus we moeten of een vervolg doen, maar daarvoor kijk ik even naar mijnheer Boels. Mijnheer Blom, u krijgt wel de gelegenheid om uw onderwerp af te concluderen uiteraard. Gaat uw gang. De heer BLOM: Ik kan dat natuurlijk heel snel. Kijk, het zijn laanbomen.
Ze zijn prachtig geplant in een laan langs een fietspad en een wandelpad. En dat heeft natuurlijk echt wel een heel mooi effect als je dezelfde soort bomen plant ,maar het onderhoud is gewoon cruciaal in dit probleem gebleken. Ik kan ook nog wel uit gaan wijden over de fietsen van mijn kinderen, maar dat is helemaal niet nodig. Mijnheer Boels kan best even afronden nu. De VOORZITTER: Dan is het 22.00 uur en dan wil ik mijnheer Boels in de gelegenheid stellen om dit sessiedebat af te ronden als indiener van deze sessie. Gaat uw gang. De heer BOELS: Dank u wel voorzitter en dank nogmaals aan alle collega's voor alle inzichten en vergezichten die ik heb gehoord. Volgens mij zijn we het met heel veel woorden best wel met elkaar eens. Ik zie het voorbeeld van de bomen in het Venneperhout als een voorbeeld van effectiever werken. Dus dat is eigenlijk wel een interessante om te vertalen naar de hele gemeente, al dan niet Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024
23
het wel of niet terugplanten van de bomen. Kijk maar eventjes naar mijn linkerzijde. Dan de efficiencykant, die heb ik ook teruggehoord. Dat is namelijk het voorbeeld van anders of lokaler aanbesteden. Kan je dat niet anders doen en dan beter uitkomen? Het zijn eigenlijk allemaal vragen die allemaal weer terugkomen op de essentie van deze sessie. Hoe kunnen we meer sturing aanbrengen op dit domein? Dus ik denk dat wij ons gaan beramen op wat we hiermee precies gaan doen en ik heb geen behoefte, en volgens mij met mij de overigen ook niet, om dat voort te zetten in een volgende sessie. De VOORZITTER: Dank u wel voor het kort en bondig afconcluderen van deze sessie. Ik ga ervan uit dat u allen zich daarbij aansluit. Zo niet, dan kunt u allen alsnog een sessieverzoek indienen. Ik heb wel, mijnheer Boels, nog gehoord dat u een motie overweegt, dus dat wil ik hierbij nog even uitspreken. Ik heb ook vernomen dat er nog schriftelijk teruggekomen gaat worden op de technische vragen die gesteld gaan worden. Daarmee sluit ik in ieder geval deze sessie door te zeggen dat die voor nu voldoende besproken is.
Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024
24