CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag 2024-04-25 Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 25 april 2024, gemeente Haarlemmermeer16.189 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

VERSLAG VAN DE SESSIE VAN DE RAAD DER GEMEENTE HAARLEMMERMEER OP DONDERDAG 25 APRIL 2024 Onderwerp:

Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte

Voorzitter:

mw. N.M. Elfers

De leden: dhr. S.J. Bier, dhr. T.M. Blom, dhr. M.F. Boels, dhr. P.J. Boerman, mw. M.R. Hogervorst, mw. J.M. Hup, mw. J.B. Kamsteeg, mw. J. Koolmoes, mw. M.C.M. Roos, dhr. A. de Ruiter Griffier: dhr. B. Heerema Portefeuillehouders: dhr. C. El Idrissi Insprekers: Geen

De VOORZITTER: Welkom, het is 20.33 uur, dus ik wil graag starten. Voor nu voor de notulen: GEZOND Haarlemmeer, EEN Haarlemmeer en SRH ontbreken nog, maar wellicht komen zij later nog aan. Welkom bij de bespreking van het sessieverzoek van de VVD inzake beheer en onderhoud in de openbare ruimte. We hebben dus geen raadsvoorstel. De initiatiefnemer heeft wel een motivatieformulier ingevuld en dat geeft wellicht enkele handvatten om over dit onderwerp met elkaar in gesprek te gaan. Bij de motivatie van het sessieverzoek is daarnaast het college gevraagd om een informatieve bijeenkomst. Deze heeft plaatsgevonden op 18 april jl. De presentatie is terug te vinden onder de betreffende informatiebijeenkomst in iBabs. Er hebben zich geen insprekers gemeld voor dit sessieverzoek. We starten zo meteen met een eerste termijn. Op volgorde van aangeven kunt u zich aanmelden. Ter afronding van eerste termijn krijgt uiteraard het college nog ruimte om te reageren. Technische vragen behoren niet tot de mogelijkheden, maar dat weet u. Interrupties wel, ook even kenbaar maken graag en in de tweede termijn is er ruimte voor vrij debat. De VVD is indiener van dit sessieverzoek dus die krijgt als eerste het woord en heeft extra spreektijd, u allen wel bekend, dus wat mij betreft is het tijd om de VVD het woord te geven. Gaat uw gang mijnheer Boels.

De heer BOELS: Ja dank u wel voorzitter en dank ook collega's voor het steunen van het sessieverzoek, want in die zin gaat het vandaag echt wel ergens over. Ik heb een inleiding waarbij ik probeer alle aspecten die we vanuit de informatieve bijeenkomst hebben gehad en de stukken die we eerder al wel eens met elkaar hebben besproken recht te doen en een plek te geven. Ik wil eigenlijk beginnen met de dingen die ik terug heb gehoord vanuit de informatieve bijeenkomst. Beheer en onderhoud kost ongeveer € 80 miljoen per jaar voor onze gemeente en is daarmee 15% van de totale gemeentelijke begroting. 15%, het is behoorlijk wat en het interessante is dat er wonderwel vrij weinig landelijke verplichtingen, wetten en regels zijn waar we ons per se aan moeten houden. Dit is echt een onderwerp, daar gaan wij zelf over als gemeente, we bepalen zelf als raad en college wat we daar precies in gaan doen. Niets is zo lokaal als beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Daarnaast hebben we natuurlijk allemaal mooie kaders meegegeven voor het college en die zijn allemaal vastgelegd in kwaliteitsniveaus, in de beheerplannen en omgevingsvisie.

Even samenvattend, grotendeels is het allemaal kwaliteitsniveau B en in sommige gebieden kwaliteitsniveau A en dat is mede ingegeven door de stellingname van het college dat er bij een kwaliteitsniveau C kapitaalvernietiging zou plaatsvinden en veiligheidsrisico's maken dat je eerder moet gaan beheren. Een van de vragen die ik in ieder geval heb is, waar blijkt dat nou uiteindelijk uit en hoe zit dat nou eigenlijk echt in elkaar. Dus in die zin gaat dat wat verder. Het is eigenlijk een dubbele vraag. Aan de Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

1

ene kant is het gewoon een vraag om te weten hoe het zit met dat kapitaalvernietiging en over hoeveel euro's hebben we het dan. Dat laatste is wat technischer natuurlijk voorzitter, dus dat is dan ook mijn vraag meer aan de collega's in de tweede termijn om naar te kijken van ja, maar vinden we dit nou echt en hebben we die sturingsinformatie nou wel beschikbaar. De huidige kwaliteitsniveaus, en ik volg maar even de presentatie vanuit het college, zijn om meerdere redenen met het huidige budget waarschijnlijk niet uitvoerbaar. Het gaat om een hele brede reeks aan allerlei kosten-stijgende effecten. Van pieken in het te beheren areaal op verschillende beheerdisciplines, van personeelstekorten om de opgaves niet te kunnen vervullen, het intensiever gebruik van hetgeen we hebben door groei van onze gemeente, en in de recente jaren natuurlijk ook inflatie. En voorzitter, daar stopt het niet, want er komen ook nog problemen aan door de groeiende wensen van onze inwoners. We willen ook graag dat het integraal beheer is. We willen ook nog dat er een stapeling is en allemaal andere wensen. Het is eigenlijk de kers op de taart, dat het ook nog klimaatneutraal moet zijn. We willen ook nog dat er voldoende bomen zijn. We willen eigenlijk alles bij elkaar. En dat maakt natuurlijk gewoon wel dat je als je dat allemaal bij elkaar op zou tellen, tot een heel hoge kostenpost komt.

En die hoogte van die kostenpost, dat is precies waar we hier voor zitten, die is ons niet bekend. Dus daarin ook al de vraag of het verzoek aan het college en daarna ook aan de collega's om daar eens met elkaar over van gedachten te wisselen, wat wij daarvan vinden. Maar voordat ik verderga over de thema's om het met elkaar er echt over te hebben, wil ik ook nog aangeven dat er ook nog twee onderzoeken zijn die op dit moment plaatsvinden, die van invloed zijn. Eén is de pilot met gebiedsgericht werken in Welgelegen in Nieuw-Vennep. Ja, mooi dat dit eindelijk gaat gebeuren. Laten we het niet hebben over nut en noodzaak daarvan, maar vooral kijken hoe we daaruit lering kunnen trekken naar alle andere projecten in de gemeente, want het college verwacht hier nogal wat van, in de zin van het kunnen beheersen van de kosten. Het tweede dat ik nog wil benoemen is dat er ook een onderzoek loopt naar de mate waarin ons personeel aan de al genoemde ontwikkelingen het hoofd kan bieden, want dat onderzoek loopt ook nog. Dus dat zijn eigenlijk de twee aspecten die we nu niet hebben waarvan we weten dat ze later dit jaar komen. Ten slotte wil ik ook nog wel in herinnering roepen dat we als gemeenteraad tot nog toe, dankzij goede sturing, een positief resultaat hebben op de meerjarenbegroting, maar dat dit in 2025, het ravijnjaar wel heel anders is.

Stijgende kosten is natuurlijk daarin ook wel een hele lastige, zeker als het onvermijdelijke kosten zijn. Kortom, er moet echt wel iets gebeuren. Waar willen we het dan wat ons betreft verder over hebben? Dat gaat eigenlijk over sturing, over kaderstelling en controle. De kern van waar wij voor aan de lat staan als raadsleden. En eigenlijk wil ik het ook heel graag hebben over hoe we het samen kunnen oplossen. Het college en onze inwoners en wij om te kijken wat er nou nodig is om die kosten wat meer onder controle te krijgen en te kunnen sturen. En dan kijk ik graag naar de mogelijkheden. Ik loop ze gewoon langs. Het zijn er vier. Ik heb meer spreektijd voorzitter, dus in die zin heb ik ook nog vijf minuten. Dus ik bereid u gewoon voor op wat ik nog ga doen. Dat is wat het is. Ik ga mijn best doen. Maar het zijn er vier inderdaad. Het gaat over minder kwaliteit, over meer geld, over effectiviteit en over efficiency. Minder kwaliteit. Dit is eigenlijk het sturingsmechanisme in het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Het is eigenlijk het simpelste. Gewoon lagere kwaliteit. Dan hoef je ook minder te beheren, minder te investeren en dan ben je klaar. In de presentatie van het college blijkt heel duidelijk dat dat eigenlijk geen optie is.

1, Vanwege de veiligheid, 2, vanwege kapitaalvernietiging en juist omdat we in recente jaren hebben geïnvesteerd in die openbare ruimte, dan zou dat helemaal zonde zijn. Maar die valt dan dus af als sturingsmogelijkheid. Dan blijft over, in ieder geval in de benadering van het college, meer geld. Met meer middelen kun je het huidige niveau overeind houden. Ja, klinkt wel logisch. Maar hoeveel meer middelen, dat blijft iedere keer niet duidelijk. De kosten in de VOR, ik houd het lekker bij vaktermen, die we in december 2023 hebben besproken, ja, die maken precies dat. Gewoon tekenen bij het kruisje, want anders kunnen we niet voldoen aan onze verplichtingen. Dat voelt niet echt als een sturingsmechanisme, als ik heel eerlijk ben. Maar daar moeten we het met elkaar over hebben, wat we daar eigenlijk van vinden als raadsleden. Vinden we dat ook? Vinden we dat in orde? Want ja, als we het in orde vinden is er ook niks aan de hand. Daar voeg ik dan graag Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

2

nog de thema's effectiviteit en efficiency aan toe. Dat is eigenlijk wat ik in de benadering van het college wat mis. Effectiviteit betekent gewoon meer impact voor dezelfde euro. Beleidswijziging is daar eentje van of dat gebiedsgerichte werken, is dat dan ook echt het wondermiddel om die effectiviteit te bereiken? Ik wil dat toch wel een keer graag zien. Ik wil die kosten zien en ik wil ook weten wat het betekent als je dat voor de hele gemeente gaat doen. En ten slotte, efficiency. Meer impact voor dezelfde euro's, wederom, maar dan net even anders. Beter organiseren, anders organiseren, minder eisen stellen aan de aanbestedingen, meer lokaler doen, percelen aan te passen. Ik denk dan 'Tom Poes, verzin een list', hier moet ook meer mee te doen zijn. Dus ik wil eigenlijk sturing geven op al die vier aspecten. Het gaat om geld, het gaat om kwaliteit, het gaat om effectiviteit en efficiency. Voorzitter, ik ga afronden met dat het duidelijk mag zijn dat we in ieder geval vanuit onze fractie ons best wel zorgen beginnen te maken over de mate waarin we de kwaliteit die we hebben in stand kunnen houden. En laat staan of we dat al voldoende vinden. Ik weet dat daar verschillend over gedacht wordt. Maar ik maak me echt wel zorgen, want we willen eigenlijk wel dat dat speelzand van onze kinderen steeds lekker ververst wordt.

Of dat die bankjes waar je lekker op kan zitten tijdens het wandelen, er ook gewoon zijn. Dus ja, weet je, als het zo doorgaat, dan moeten we alleen maar tekenen bij het kruisje voor meer geld en dan hebben we verder geen sturingsmogelijkheden. Dat moeten we zien te vermijden. Ik dank u wel. De VOORZITTER: Keurig binnen de tijd mijnheer Boels. Dan geef ik nu het woord aan mevrouw Koolmoes van HAP, gaat uw gang. Mevrouw KOOLMOES: Dank u wel voorzitter. En we willen vanaf deze plaats VVD bedanken, omdat we vanavond heel fijn even wat dieper in de beheerplannen duiken. Fysieke leefomgeving blijft een groot stuk bij ons in de raad. Dus bij dezen dank u wel. Tijdens de bespreking in december van het raadsvoorstel Beheer openbare ruimte werd ons ook al snel duidelijk dat we zitten aan de ondergrens van wat nodig is voor het onderhoud van de openbare buitenruimte. Een mager zesje, zei destijds het college, mocht je het willen vertalen in cijfers en dus niet in een a, b of c'tje. Mijn vader zei vroeger altijd: "Een zesje, dat is net met je hakken over de sloot. Volgende keer moet je het beter doen, Jeanette." Nog meer versoberen is niet meer garant kunnen staan voor de veiligheid en zal hogere kosten met zich meebrengen op de langere termijn, ook dat is gezegd door het college. In de ogen van HAP is dat een heel duidelijke boodschap.

Voorzitter, de keuze om ons beheer zo te verschralen was een lastige destijds. Er moest toen ook bezuinigd worden. En die keuze werd gemaakt dat liever te doen door te snijden in het budget voor het beheer van de openbare ruimte, dan te snijden in bijvoorbeeld maatschappelijke voorzieningen. En we weten hoe dat afliep, alsnog moesten we snijden in de maatschappelijke voorzieningen. We vragen ons daarom af, als we het beheer weer op een 7 of hoger willen krijgen, wat wij als raad daarvoor zouden moeten doen. Moeten we dan een onderzoek laten uitvoeren naar hoeveel geld er nodig zou zijn om weer op een ruim voldoende te komen? En is het niet zo dat een ruim voldoende zorgt dat op de langere termijn dit geld zichzelf terug gaat verdienen? Want voorzitter, dit zijn twee technische vragen, dat zijn we ons bewust en het college mag hier schriftelijk op terugkomen, voor HAP is het belangrijk dat de inwoners kunnen genieten van hun ommetje door de wijk. Toekomstbestendig, schoon, heel en veilig, maar ook verbindend en duurzaam. En voor ons als raad betaalbaar, want inwoners in een wijk veranderden van jonge ouders naar senioren, maar de wijken veranderden niet mee, en er kwamen meer inwoners bij, dankzij de verdichting. De oude wipkip in het hoekje van de oude speelplaats is vervangen door een hortensia, maar de inwoners verwachten meer van ons.

De investeringskosten, zoals ook mijn vader zei, zou dan zijn nattevingerwerk, een indicatiebedrag zei men in het eerder genoemde raadsvoorstel en de vraag van HAP vanavond is, als men de kwaliteit van het beheer niet meer kan waarborgen en de veiligheid niet meer kan garanderen en we op de langere termijn daardoor hogere kosten krijgen, hoe zetten wij onze instrumenten als raad dan in om dit tij te keren? Tot zover.

Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

3

De VOORZITTER: Dank u wel. Ook u bent keurig binnen de tijd. Dan geef ik het woord aan mevrouw Hogervorst van Forza!. Gaat uw gang. Mevrouw HOGERVORST: Dank u wel voorzitter en dank aan de VVD voor dit sessieverzoek. Het is goed dat we het wederom over het onderhoud van de openbare ruimte hebben. Wat Forza! betreft een van de belangrijkste taken van de gemeente, omdat dit zonder uitzondering alle inwoners aangaat. We onderhouden op een minimumniveau, waarbij we al tevreden zijn als het niet al te onveilig is. Ruimte voor het streven naar heel en schoon is er niet meer, maar desondanks jaarlijks € 80 miljoen aan kwijt. Verder moet er heel veel geïnvesteerd worden in vervanging van onder meer verhardingen en riolering. De fractie van Forza! is blij dat we tijdens de informatiesessie van 18 april jl. eindelijk het eerlijke verhaal hebben gehoord. Dat beeld sluit in ieder geval aan bij wat iedereen kan waarnemen. Het is nu ook beter te begrijpen waarom de gemeente zo gemakzuchtig bomen kapt, die met liefde en aandacht nog tientallen jaren mee kunnen. Het is gewoon de goedkoopste oplossing. De uitkomsten van de sessie kunnen aldus de VVD meegenomen worden als onderdeel van de voorjaarsbegroting. Forza! wil in ieder geval meegeven dat wat ons betreft de buitenruimte op de eerste plaats moet komen op de gemeentelijke prioriteitenlijst.

Als we naar een buitenruimte willen die overeenkomt met de ambities uit de omgevingsvisie, zullen we daar ook de prijs voor moeten betalen. Dat betekent dat er in de voorjaarsbegroting gezocht moet worden naar ruimte. We denken graag mee aan praktische oplossingen, oplossingen waarover we in de tweede termijn graag met de overige partijen van gedachten willen wisselen. Wat de uitvoering van het onderhoud betreft is Forza! voorstander van het gunnen van het werk aan lokale ondernemers, zodat het onderhoud uitgevoerd kan worden door mensen die in de gemeente wonen. Sterker, we zien ook graag dat we per dorp bedrijven van die kern ook de buitenruimte laten onderhouden. Een betere garantie voor kwaliteit is er wat Forza! betreft niet. Forza! is er voorstander van om ook de overige inwoners meer te betrekken bij de inrichting en het onderhoud van hun eigen leefomgeving. Hier moeten we echt actief werk van gaan maken. We kunnen niet voor alles naar de overheid blijven kijken, tenzij we accepteren dat we dan uiterlijk 100% van ons inkomen kwijt zijn aan belastingen. En graag hebben we het in de tweede termijn over de aanpak. De VOORZITTER: Dan nu naar mijnheer Blom van het CDA. Gaat uw gang. De heer BLOM: Dank u wel mevrouw Elfers, voorzitter. Ja, het beheer van de openbare ruimte, dat is waar we het over hebben. Waarom? Omdat wij zien dat de openbare ruimte onze aandacht verdient.

Enerzijds omdat er veel geld aan wordt uitgegeven en anderzijds omdat het een grote impact heeft op ons welbevinden als wij ons in die openbare ruimte bevinden. In de loop der jaren is veel geld geïnvesteerd in onze omgeving en dit al dient ook onderhouden te worden. Onderhoud is belangrijk om al deze investeringen ten volle tot hun recht te laten komen en niet te laten verslonzen. Wegen, stoepen, bruggen, bomen, gras en ander groen, rioleringen en watergangen, alles vraagt om onderhoud om de levensduur te verlengen en zo zuinig met de materialen en omgeving om te gaan. Dichter bij huis heb ik dit ook ervaren. Onze kinderen kregen bij aanvang van de middelbare school een nieuwe fiets, en nu vijftien jaar later, kan ik goed zien welke fiets met aandacht is onderhouden en welke niet. Met lede ogen heb ik ook gekeken naar het raadhuis. Oh, sorry, dat konden we niet eens worden bij het CDA. Het onderhoud. Onderhoud is belangrijk en vraagt om een visie en een planning. Vervanging combineren met onderhoud kan voordelen opleveren, zoals nu gepland in de wijk Welgelegen en ook is gedaan in de wijk Linquenda in Nieuw-Vennep. Echter, bij de wijk Linquenda is de coördinatie vanuit de gemeente niet goed gegaan, want op specifieke technische vragen van het CDA kon geen antwoord gegeven worden.

De grootte van het project of de beperkte ambtelijke capaciteit kan de oorzaak van dit fenomeen zijn. Wij zijn daar niet in gekend. In de informatieve sessie kwam de ambtelijke capaciteit ook aan de orde, alsook het beperkte animo van de aannemers om deze werken aan te nemen. Het CDA is van mening dat als de werken in kleinere omvang in de markt Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

4

gezet worden, de kleinere aannemers ook mee kunnen dingen, waardoor de onderlinge concurrentie groter wordt. Plaatselijke aannemers kunnen hiervan profiteren en de gemeente ook. Het ambtelijke apparaat dient de kennis en de kunde in huis te halen om de werken tot een goed einde te begeleiden. Dit onderwerp verdient meer aandacht, niet alleen omdat er erg veel geld mee gemoeid is, maar omdat wij allemaal graag in een hele en schone omgeving vertoeven en moeite hebben met het minimale onderhoudsniveau dat nu aangehouden wordt. Voorzitter, tot zover. De VOORZITTER: Dank u wel mijnheer Blom. Wij dachten even gaat u het halen binnen de tijd en zeiden tegen elkaar, en dan komt de punt vanzelf, en daar kwam de punt. De heer BLOM: Voorzitter, de punt komt nooit vanzelf. De VOORZITTER: Oké, dan geef ik nu het woord door aan mevrouw Hup van ChristenUnie-SGP. Gaat uw gang. Mevrouw HUP: Dank u wel voorzitter. Onze fractie dankt ook de VVD natuurlijk specifiek gericht aan de heer Boels voor het aandragen van het onderwerp om het debat hierover te kunnen voeren. Het is ook belangrijk om hier te spreken over beheer en onderhoud in de openbare ruimte. Ik denk ook dat dit een onderwerp is waar je nooit uitgesproken over kunt raken. Het raakt namelijk iedereen binnen onze gemeente.

Afgelopen donderdag, 18 april jl., hebben wij een hoop informatie ontvangen tijdens die informatieve bijeenkomst over de huidige stand van zaken en mogelijke keuzes die we nog kunnen maken als gemeenteraad. Zoals al bekend is, zijn die beheerplannen voor 2024 vastgesteld door ons, maar de benodigde middelen voor 2025 wilden wij eventueel graag nog bespreken. Dat doen we vanavond, dus ik hoop in ieder geval dat we dat met elkaar kunnen gaan realiseren. Gelukkig is het sessieverzoek net voor het meireces ingepland, wat ook het verzoek was, dus dat is mooi, dat vinkje kunnen we alvast met elkaar zetten. Maar wij hopen zelf als fractie wel dat die uitkomst dan ook echt meegenomen kan worden en in behandeling kan worden genomen bij de voorjaarsrapportage. Dat staat ook in de opleg… of in ieder geval in het voorstel, dacht ik te hebben gelezen. Ik zie nee schudden, maar dat kan de heer Boels dan zo even toelichten. Wij vinden het heel belangrijk dat er ook daadwerkelijk toekomstbestendig kan worden beheerd en onderhouden, want het is heel erg belangrijk om die deelthema's van beheer en onderhoud goed te voorzien. Dus dat groen, grijs, blauw, et cetera, dat dat goed wordt geborgd. Ik luister nu graag voornamelijk mee met de discussie over de daarmee samenhangende kosten en waar sturing nodig is vanuit ons als raad. En natuurlijk ben ik heel erg benieuwd naar de andere partijen.

Ik ben nog wel even benieuwd naar de desbetreffende informatie die we hebben gehad in de presentatie. Wij vinden namelijk dat het belangrijk is om niet onnodig kwantitatieve keuzes te maken die het onderhoud gaan verminderen. Dat was de een-nalaatste slide van de PowerPoint. We pleiten namelijk best wel voor een gedegen beheer aanpak en het borgen van toekomstbestendig onderhoud. Dus dat zou dan betekenen, wat er staat, dat we minder bomen, minder groen en het stoppen met vergroenen dan gaan omarmen, maar dat lijkt me een beetje een vreemd iets. Minder speelvoorzieningen of minder voorzieningen in recreatiegebieden, dat zouden we helemaal niet willen. We kunnen het nu natuurlijk hebben over riolering en alles wat in de plannen staat, maar dat was wel een punt van aandacht, dat las ik in die slide. En ik dacht, dat willen wij in ieder geval niet. De VOORZITTER: Wilt u gaan afronden mevrouw Hup? Mevrouw HUP: Ja, de mogelijke impact is namelijk zeer groot als het om beheer en onderhoud gaat in de leefomgeving van onze inwoners. Dus laten we koesteren wat we hebben en verbeteren wat noodzakelijk is. Tot zover voorzitter.

Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

5

De VOORZITTER: Dank u wel. U heeft geen spreektijd meer, maar dat verbaast u niet denk ik. Dan geef ik nu het woord aan mevrouw Kamsteeg van de PvdA. Gaat uw gang. Mevrouw KAMSTEEG: Ja, dank u wel voorzitter. Nou, ter bespreking beheer en onderhoud in de openbare ruimte op verzoek van de VVD en ook onze dank hiervoor aan de VVD. Allereerst wil de PvdA ook bedanken voor de heldere presentatie en de duidelijke beantwoording van alle vragen. Wat mijn fractie duidelijk is geworden is dat er niet valt te bezuinigen op het onderhoud in onze gemeente omdat dit al op het minimale B-niveau gebeurt. Wat ons wel opvalt is de systematiek van de ramingen die, zo leert de ervaring, consequent te laag uitvallen, waardoor er steeds extra middelen aan de raad gevraagd moeten worden. Dit moet toch anders kunnen? Tijdens de presentatie werd uitgelegd dat assetmanagement geen instrument is om tot bezuinigingen te komen, maar dit model kan naar de mening van de PvdA wel een manier zijn om tot reëlere ramingen te komen. Hierin zit namelijk ook een onderdeel waardetoekenning in. Dit zou voor bijvoorbeeld de aanleg van nieuwe wegen betekenen al mee te nemen dat deze over een x-aantal jaar aan vervanging toe zijn en daar een bedrag aan toe te kennen. Graag een reactie van het college hierop. De mogelijke keuzes die aangeraakt zijn tot bezuiniging zijn wat de PvdA betreft niet bespreekbaar.

Veiligheid voor onze inwoners staat voorop. Hieronder valt wat ons betreft ook de gezondheid van onze inwoners met betrekking tot het voorkomen van hittestress en wateroverlast. Dus zal het moeten komen van effectiviteit en efficiency voor zover dit mogelijk is. Tot zover. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan de laatste op mijn lijstjes mevrouw Roos van FVD. Had u ook al… Dan hebben wij jullie drie handjes gemist. Ik ga ze nu opschrijven, excuus. Mevrouw Roos, Forum voor Democratie, gaat uw gang. Mevrouw ROOS: Dank u voorzitter. Ik zal starten met een eigen observatie. Rijdend over de Van Heuven Goedhartlaan rijd ik met de auto de laatste tijd zigzaggend, dit om de grote gaten in de weg te omzeilen. Deze gaten zijn niet meer te kwalificeren als scheuren maar als kleine sinkholes, een categorie D++ zou ik zeggen. Sprake van onderhoudsachterstand is een understatement. Met grote regelmaat zijn in deze raad klachten van inwoners voorbijgekomen over het onderhoud. Steeds krijgen we te horen dat dit de aandacht heeft. Deze week kwam het nieuws over de slechte staat van de Bennebroekerbrug. De informatieve bijeenkomst over dit onderwerp heeft een wat beter inzicht gegeven. Er wordt beheerd op het minimale niveau, uitsluitend op veiligheid. Iets wat de inwoners al was opgevallen.

Ik heb de Actualisering Beheerplannen Fysieke Leefomgeving erop nageslagen, maar ik heb beheer op minimaal niveau uitsluitend op veiligheid niet gevonden. Wel gevonden heb ik dat de keuze is gemaakt om de openbare buitenruimte op beheerniveau basis te gaan onderhouden, maar dat dit kwaliteitsniveau voldoende is om aan onze ambities van een schone, hele en veilige openbare ruimte te voldoen. College, dat is iets anders dan beheer uitsluitend op veiligheid. Daar zou ik wat extra duiding over willen hebben. De insteek van het sessieverzoek was te spreken over eventuele besparingen in het beheer en onderhoud en het stevige grip krijgen op de mogelijke stijging van de kosten. Grip houden op de kosten is meer dan wenselijk natuurlijk, maar gezien het beheer nu denk ik dat er van ombuigingen geen sprake kan zijn. Aan het college de vraag, hoe vindt u zelf dat het gaat? Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel, en dan krijgt mijnheer Boerman van GroenLinks het woord. Gaat uw gang. De heer BOERMAN: Dan moet ik wel ingelogd zijn. Ja, dank u wel voorzitter. Er is veel al gezegd, dus ik zal op dit moment niet te veel zeggen. Ik denk wel dat het een onderwerp is dat nog wel, ook na vanavond, zeker nader de aandacht zal vragen. Dus misschien moeten we ook even denken aan een vorm om hierover verder te praten.

Een workshopachtig of iets waarmee we er als raad ook nog iets Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

6

verder kunnen induiken, want ik vond de informatiesessie heel fijn en vanavond ook heel fijn, denk ik nu al, maar ik denk dat er nog wel een vervolg is. Dat is 1. De VOORZITTER: Mijnheer Boerman, punt 1 levert een reactie op van mijnheer Blom. De heer BOERMAN: Ja, dat kan ik mij voorstellen. De VOORZITTER: Gaat uw gang, mijnheer Blom. De heer BLOM: Ik zie dan gelijk raadsleden met overalls aan en scheppen om gaten in de Van Heuven Goedhartlaan dicht te maken maar dat ziet u toch anders zeker? De heer BOERMAN: Dat zou ik de inwoners niet aanbevelen inderdaad, nee, dat wij dat gaan doen. De VOORZITTER: Gaat u verder met uw betoog, mijnheer Boerman. De heer BOERMAN: Laat het alstublieft over aan de professionals, maar ik bedoel inderdaad meer, en dat is meteen mijn opmaak naar mijn volgende punt, dat wij ons ook hebben verbaasd over de systematiek van de hele operatie. Ik denk niet meteen dat daar een bezuiniging op valt te halen, maar er valt in ieder geval wel meer duidelijkheid te halen, denk ik. Nu is het heel raar dat we een jaarschijf hebben die we voor drie jaar vaststellen. Dat halen we dan niet en dan komt er dan weer geld bij. Ondertussen komt er een nieuwe jaarschijf aan en daar hebben we dan wel weer de onderhoudsinvestering gepland staan, maar de vervangingsinvestering niet.

Ik denk dat we wat dat betreft het echt nog op een manier moeten kunnen doen die helder is voor de raadsleden, die meer in lijn is met wat we voor de rest doen met de begroting, op een manier die beter past bij de investeringssystematiek die we hier kennen, zodat de raad beter inzicht en meer grip krijgt. Dat wil niet zeggen dat meteen bezuinigen kan, maar wel dat we weten wat we krijgen voor de euro's die we eraan uitgeven. Dat brengt mij meteen bij een ander punt en dat zijn de verhardingen. Dat komt ook heel veel terug. We hebben in deze gemeente nu eenmaal heel veel verhardingen. Daar is blijkbaar in het verleden voor gekozen, politiek gezien. Ik heb daar weleens bij gezeten en heb er ook weleens iets van gevonden. En ik heb dan ook heel vaak gezegd dat als we die verhardingen aanleggen, die zijn niet voor eeuwig, die moeten we een keer gaan vervangen. Nou, daar werd toen schamper over gedaan. Ja, dat is voor over twintig jaar, wie dan leeft, die dan zorgt. Ik ben de enige die er nog zit na die twintig jaar. Maar dat is natuurlijk wel iets waar we wel lering uit moeten trekken denk ik en dat we ook naar de toekomst zouden moeten doen. Als we nog een keer iets gaan aanleggen laten we meteen dat ook meenemen en misschien ook wel ervan afzien omdat de kosten te hoog zijn.

Ik heb ook al iets gezegd… Ja over die verhardingen, ja dat zijn niet al onze inwoners die daar op die manier gebruik van maken en die ervoor zorgen dat die slijtage zo hard gaat. Dus laten we ook gaan nadenken over hoe we die gebruiker daar ook voor in aanmerking kunnen laten komen. We zeggen niet dat we dat onderhoud dan maar niet meer moeten doen. Aan die scheuren in de weg moeten we ook iets doen, maar ik denk wel dat we moeten kijken hoe we de veroorzaker hiervan ook meer kunnen aanspreken. Ik wil er ook wel bij zeggen, als we het hebben over dit klimaatadaptief vormgeven, laten we dan ook vaker denken aan bijvoorbeeld open verharding. Dat klinkt zo raar, maar aan klinkers in plaats van asfalt, want dat maakt het echt een stuk makkelijker. En dat kan misschien doorstroming schelen, maar het maakt het wel veiliger. Dat zijn de dingen die ik op dit moment heb toe te voegen aan hetgeen wat al gezegd is. De VOORZITTER: Dat is mooi, want u bent precies door uw spreektijd heen en daarmee geef ik graag het woord aan mijnheer Bier van D66. Gaat uw gang.

Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

7

De heer BIER: Ja, dank u wel voorzitter. D66 ziet denk ik vooral een gelegenheid om te investeren, want waar wij verbaasd zijn over pagina 17 van de presentatie over de keuzes, wordt dat vooral op beleidsdoel A geschoven. En de VVD vroeg welke keuzes we dan eigenlijk gaan maken. Dat vind ik een hele verstandige vraag, maar volgens mij wordt het aan de verkeerde kant aangepakt. Voor ongeveer 13 m2 groen geven wij € 14 miljoen uit aan beleidsdoel A. Voor ongeveer 9 kilometer verharding geven wij € 30 miljoen uit in beleidsdoel B. En als oplossing wordt geboden minder bomen, minder vergroenen, minder speelvoorzieningen. Dat is natuurlijk bezuinigen aan het verkeerde eind. Forza! heeft al gezegd, dan snappen we, als bomen kappen als de goedkoopste optie wordt gezien, dat we dat vrij makkelijk doen. Dan komt dat omdat wij bomen geen waarde toekennen en dat komt omdat niemand de prijs van bomen betaalt, maar uiteindelijk betalen wij de prijs. En volgens mij, volgens D66 bezuinigen we dan aan het verkeerde eind. De VOORZITTER: Dan neem ik aan dat dat uw betoog was. Ja, daar ga ik van uit, dank u wel. Dan is het woord aan mijnheer De Ruiter, BVNL. Gaat uw gang. De heer DE RUITER: Dank u voorzitter. Dank ook aan de heer Boels voor het aanvragen van de sessie. 15% van de begroting, de heer Boels zei het al, het gaat om een boel geld.

Als meer geld nou een mogelijkheid is om het onderhoud te verbeteren, dan mag deze raad ook de hand in eigen boezem steken. We trekken wel eindeloos veel geld uit voor een polderpaleis, maar onderhoud wordt dan ineens als duur ervaren. Dat is toch iets wat de fractie van BVNL wel frappeert. Verder, zonder direct invulling van de kwaliteitsniveaus ter discussie te stellen, vraagt BVNL zich ook af hoe de controle op de geleverde kwaliteit plaatsvindt en welke criteria daarvoor gelden en of daar wellicht een verbeterslag mogelijk is. Heb ik nou goed begrepen, voorzitter, dat deze controle ook weer uitbesteed is en, misschien dat de portefeuillehouder daar zijn visie op kan geven, dat deze uitbesteed is aan private bedrijven en zo ja waarom hebben we die expertise en capaciteit zelf niet in huis om gewoon te controleren wat we gekocht hebben en of dat dan ook zo uitgevoerd wordt. Minder eisen stellen aan aanbestedingen hoor ik de heer Boels zeggen, maar hoe verhoudt dat zich dan tot de kwaliteit? Misschien dat de portefeuillehouder daar ook een idee over heeft. Dan ben ik het ten slotte nog met mijnheer Blom eens dat plaatselijke aannemers natuurlijk een kans moeten krijgen om aan te bieden voor het onderhoud. Ook als dat betekent dat de contracten beperkt van omvang moeten zijn.

Groter is niet per se efficiënter en wij kunnen onze plaatselijke aannemers ook zeker daarmee een kans geven. Tot zover voorzitter, dank u. De VOORZITTER: Dank u wel. Ik had aan het begin al gezegd dat de partijen GEZOND Haarlemmeer, EEN Haarlemmeer en SRH op het begin van de sessie niet aanwezig waren en zij zijn nog steeds niet aangeschoven. Dus bij dezen definitief, voor de notulen, afwezig. Er zijn een aantal vragen aan het college gesteld en ook een aantal technische vragen. Dus ik laat aan het college welke vragen het nu beantwoordt en waar het schriftelijk op terugkomt. U heeft zeven minuten spreektijd portefeuillehouder El Idrissi, gaat uw gang. Wethouder EL IDRISSI: Dank voorzitter, voor het woord en dank ook aan alle bijdragen van alle fracties. Ik denk dat het goed is dat we op deze manier bij elkaar zijn gekomen om ook te kijken hoe we nou grip krijgen op die kosten. Ik begrijp heel goed dat de raad daar vragen over heeft en daar ook inzicht in wil hebben. Dus daar ga ik ook proberen om antwoord op te geven. Allereerst, voordat ik begin aan de individuele vragen die gesteld zijn, zou ik op een wat meer algemeen beeld willen schetsen over het beheer en onderhoud van de openbare ruimte van onze gemeente.

Aanleiding van deze sessie zijn wat u betreft de kostenstijgingen die hebben plaatsgevonden de afgelopen jaren, maar ook de kostenstijgingen die te verwachten zijn en uw zoektocht naar knoppen om aan te draaien. Ik heb er een aantal fracties ook al wat vragen over horen stellen. Ik denk dat het goed is om te beseffen dat bij alles wat we bespreken over dit onderwerp wat we beheren op echt het Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

8

basisniveau. Een aantal fracties hebben het ook al aangegeven, dat is gewoon een vriendelijk synoniem voor het minimumniveau. Dat betekent wel dat we nog wel voldoen aan die wettelijke eisen. Het is niet zo dat we daar los van zijn geraakt. Heel veel meer is het eigenlijk niet. De belangrijkste grens waar we per se niet onder willen komen is die van veiligheid. En daar waar veiligheid in het geding komt, moeten we adequaat optreden. Dus van die knop willen we hoe dan ook echt afblijven en dat zal ook wel moeten vanwege die wettelijke vereisten waaraan we moeten voldoen. In deze situatie is het eigenlijk gewoon niet aan te raden om de onderhoudsbudgetten terug te schroeven. Daar hebben we al eerder ook bij de informatieve bijeenkomsten over gezegd: doe dat niet. Het gevolg is namelijk een kortere levensduur en daardoor ook hogere vervangingsbudgetten. Het CDA gaf een heel mooi voorbeeld over die fiets. Ik ga een voorbeeld geven over die schutting die we allemaal wel hebben. Als je minder geld uitgeeft aan het verven en het schuren van de schutting dan verlaag je weliswaar ook de onderhoudskosten. Maar je hebt in een eerdere fase een nieuwe schutting nodig. Dus wat je aan de voorkant denkt te verdienen dat gaat er aan de achterkant keihard weer uit. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi, dat levert een reactie op van mijnheer Bier, D66. Gaat uw gang.

De heer BIER: Ja, de vraag is natuurlijk of we de schutting nodig hebben. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi, gaat uw gang. Wethouder EL IDRISSI: Ja, nee, die hebben we nodig laten we… De heer BIER: Sorry voorzitter, voor de sake of the argument. Wethouder EL IDRISSI: Laat ik zeggen, mijnheer Bier, dat we die schutting echt nodig hebben. En die fiets heeft de dochter of de zoon van de heer Blom ook hard nodig om naar school te gaan. Maar laten we dat verhaal over het niet nodig hebben of wel nodig hebben… Het is gewoon nodig. En de vraag is, hoe gaan we ons onderhoud plegen, en als we dat niet op een adequate manier doen, dat betekent dat we dan op de langere termijn hogere kosten gaan hebben. De VOORZITTER: En dat levert een reactie op van mijnheer Boerman, GroenLinks. De heer BOERMAN: Even aansluitend op wat de heer Bier zei. Of die schutting nodig is, of die schutting duurzaam is, dat bepalen we dus niet bij het aanschaffen van die schutting. Dat was onze vraag ook. Als je bijvoorbeeld verharding aanlegt, dan betalen we alleen voor die verharding. We trekken geen geld uit voor dat we die ooit moeten gaan vervangen. Hoe kijkt het college daarnaar? Kunnen we dat in de toekomst veranderen? Want dat is volgens mij echt het hele eieren eten. Heel veel dingen schrijven we af en kapitaliseren we, maar hierbij, we leggen hem aan en na twintig jaar is de rekening voor de gemeente.

En dat vind ik raar, daar moeten we al bij het begin rekening mee houden. De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi, gaat uw gang. Wethouder EL IDRISSI: Kijk het wordt nu heel technisch want de vervanging doen we ook. Die zie je terug in die VOR. Dat zijn die vervangingsinvesteringen die we doen. Het gaat hier nu puur om het onderhoud van wat we hebben. Het moment dat je zegt we gaan minder onderhoud plegen, dat betekent dat je op de langere termijn meer onderhoudskosten hebt en ook de vervanging duurder zal zijn. Dat is de causale relatie die er nu is en ik kan er niets anders van maken dan hoe het is.

Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

9

De heer BOERMAN: Die begrijp ik voorzitter, dank. Die onderhoudsbudgetten hebben we en daar hebben we het ook niet over nu. Het gaat over de systematiek van, denk ik, het gaat met name over de systematiek van de VOR. Dat we elk jaar, weer voor drie jaar, een pakket krijgen waar we dan vervolgens niet meer uitkomen. Dat is volgens mij waar we de grip verliezen, niet alleen bij de onderhoudsbudgetten. De VOORZITTER: De systematiek. Wethouder EL IDRISSI: Goed, laat ik op de systematiek later op terugkomen. Dat komt natuurlijk ook terug in mijn verhaal, maar de systematiek waar u het dan over heeft, want dan bent u wel duidelijk in de vragen die u stelt, laat ik daar dan op een later moment even op terugkomen. Als ik toch mijn verhaal even mag afmaken over de algemene zin van onderhouden. Die situatie waar we nu ook mee te maken hebben, we zitten nu ook echt in het piekverhaal. Als het gaat om die benodigde vervangingsinvesteringen. Dat heeft voornamelijk te maken met die enorme groei van onze gemeente sinds de jaren zestig. En zestig jaar later moeten dus echt onderdelen van die openbare ruimte op grote schaal worden vervangen. Dat hebben we gezien bij de PWRS. En zoals u weet praten we echt over een enorm areaal en over grote getallen. En als ik het heb alleen over het riool, dan is dat 1000 kilometer, gewoon eventjes in de verbeelding als het gaat om kosten.

Vroeger was het al heel wat hè, als de openbare ruimte schoon, heel en veilig was. Inmiddels worden er nu ook eisen gesteld op het gebied van, ja ik noem het ook even gewoon klimaatadaptatie, op het gebied van biodiversiteit, op het gebied van aantrekkelijkheid, op het gebied van groen en ook de energietransitie. Dat zijn gewoon eisen die aan ons worden gesteld. Dat betekent ook dat er meer kosten om de hoek komen kijken. Ik wil nogmaals maar zeggen, de kosten stijgen en dat valt absoluut niet te ontkennen, daar sta ik echt met de raad ook, maar de opgave wordt ook steeds groter en ook steeds complexer. De VOORZITTER: En daar hoorde ik een komma, dus kan ik mijnheer Boels van de VVD het woord geven. Gaat uw gang. De heer BOELS: Ja, dank u wel. Ik hoor van het college duidelijk de boodschap, dus de noodzaak van het een en het ander, dat is mij meer dan helder. Maar mij gaat het er met name om wat nu de mogelijkheden zijn om te sturen. Want die stapeling van al die zaken, en ik hoor dat collega's ook zeggen, wat nou als we er eentje uithalen? Wat nou als we schoon eruit halen? Wat nou als we veilig eruit uithalen? Wat nou als we duurzaamheid eruit halen? Wat nou als we de bomen niet doen? Of dit niet doen? Wat gebeurt er dan eigenlijk? En dat is waar ik toch wel echt naar op zoek ben.

Op deze manier nu door, dat betekent dat onze doelstellingen die wij als kader hebben meegegeven, feitelijk gezien niet uitvoerbaar zijn met deze middelen. En ik ben er wel benieuwd naar of de portefeuillehouder dat ook zo ziet. De VOORZITTER: Ziet u dat zo, mijnheer El Idrissi? Wethouder EL IDRISSI: Ja, mijnheer Boels, het kan heel duidelijk en helder zijn. Het moment dat u zegt dat we iets minder aan de energietransitie gaan doen, of dat we geen rekening houden met biodiversiteit of klimaatadaptatie dan kom je op een lager niveau. Dat is waar je dan voor kiest. Bovendien moeten we ons ook houden aan de wettelijke vereisten en daar horen die eigenschappen of die vraagstukken ook bij. Dus we kunnen er niet omheen. De VOORZITTER: U heeft nog spreektijd dus als u nog een verhelderde vraag wil, gaat uw gang. De heer BOELS: Ja, dank u wel. Dat is dan de vervolgvraag. Maar is het op dit moment dan, met dit budget dat we nu hebben, wel of niet uitvoerbaar? Want ik hoor stapelingen, ik hoor meer kosten, dus Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

10

moeten wij dan meer geld gaan alloceren of moeten we die keuze nog maken? Maar voor mijn gevoel, ik probeer het heel duidelijk te houden, we hebben allemaal ambities gesteld, hebben we nu voldoende middelen om die uit te voeren in de komende jaren of niet? De VOORZITTER: Concrete vraag, concreet antwoord. Mijnheer El Idrissi. Wethouder EL IDRISSI: U heeft in de IBOR kunnen lezen dat we een aantal, het wensbeeld dat we hebben en daar zijn al die eigenschappen als energietransitie, klimaatadaptatie, allemaal in meegenomen, ik geloof hoofdstuk 8 uit mijn hoofd, daar staat een stukje financiën bij, daar staan twee tabellen, één over het onderhoudsbudget en het andere gaat over de VOR, de investeringen die we willen doen, daar staan totaalbedragen bij. Dat is het wensbeeld dat we voor ogen hebben en daar horen de complexe vraagstukken ook gewoon bij, die zijn daarin meegenomen. De VOORZITTER: Mevrouw Koolmoes. Mevrouw KOOLMOES: Ja, daar wil ik wel even op reageren. Ten eerste, dank u wel mijnheer Boels dat u dit nogmaals gevraagd hebt. Hoofdstuk 8 heb ik toevallig voor me, ik heb het lijstje voor me. In 2024 moeten we € 2 miljoen erbij leggen. Volgend jaar leggen we er € 1 miljoen bij enzovoort, tot en met 2028 staat erin beschreven, moet er € 800.000,00 nu al bij. 2028 is er nog lang niet, dus dat is niet het eindbedrag waar we op eindigen.

En toch hoor ik u zeggen, we weten het allemaal al, ik denk dat ik toch wel met mijnheer Boels meega, dat hier wat meer moet gebeuren. Ik denk dat wij toch meer moeten gaan voorrekenen wat wij de komende jaren extra kwijt zullen zijn. Ook al zal het nattevingerwerk zijn en zijn het indicaties, dan moeten we wel hoger inzetten, denk ik. Bent u dat met mij eens? De VOORZITTER: En dat levert ook een vraag op bij mevrouw Hogervorst. En daarna zou ik heel graag het college verder willen laten gaan met zijn betoog, want wellicht dat er heel veel vragen dan toch beantwoord gaan worden. Mevrouw Hogervorst, gaat uw gang. Mevrouw HOGERVORST: Ja, ik ben het eigenlijk wel met de collega's Boels en mevrouw Koolmoes eens. Bij de informatieve sessie werd er duidelijk dat er steeds geld bij moet. Er werd ook duidelijk dat het bedrag overschrijdt. Wij hebben daar aanvullend ook nog informatieve vragen over gesteld en daar wordt ook duidelijk uit dat er geen beeld is van wat het nou precies uiteindelijk moet kosten. En ik denk toch dat we eerst dat inzichtelijk moeten maken met elkaar, zodat we weten waar we aan toe zijn en ook kunnen bepalen wat we wel en niet willen doen. De VOORZITTER: En dan is uw vraag aan het college of het college dat met u eens is. Mevrouw HOGERVORST: Ja. De VOORZITTER: Dank u wel. Ik geef het woord aan portefeuillehouder El Idrissi. Gaat uw gang.

Wethouder EL IDRISSI: Dank voorzitter. Ik hoor de kreet van de raad. De raad zegt dat de prognose niet helemaal klopt met de realiteit. En dat is ook zo. Laten we daar gewoon eerlijk over zijn. Ik heb al in een eerdere fase van mijn betoog aangegeven dat ik echt met de raad daarin sta. Maar ik zal u even kort een opsomming aangeven, dat heb ik ook zo nagevraagd bij de ambtenaren die hiermee bezig zijn, van wat is het nou de oorzaak van die mogelijke stijging van die kosten. De aankomende vijf jaar tot 2028 staat er een bedrag, dat is vier jaar hier vandaan. Dat kun je nooit echt exact op de euro na begroten. Ik noem even een aantal stijgingen van projectkosten, wat we al eerder hebben gezien. Bijvoorbeeld de ondergrondse situatie, dat kan bijvoorbeeld in oudere wijken heel onduidelijk Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

11

zijn. Dus dat je pas als je de grond induikt ziet: er zitten gewoon heel veel zaken die we nog moeten oppakken. Dat bijvoorbeeld is een verrassing, dat kun je op voorhand nooit inschatten. Dat is 1. De plotselinge stijging van de grondstofprijzen, dat hebben we ook kunnen zien, daar kun je ook niet op voortborduren. Je kunt niet in een hele korte periode zien dat die prijzen gaan stijgen. Bijvoorbeeld die staalprijzen, denk aan de bruggen, dat gaat ook aan de hand van staal en die staalprijzen zijn enorm gestegen. Dat is ook een verrassing geweest. De stijging van de energieprijzen, daar hoef ik u verder niet over te vertellen. Minder personeel ook in de uitvoerende, dat je op een gegeven moment aan een project gaat starten, dat je denkt, we komen personeel tekort. Daar lopen we ook tegenaan. Dan moet je weer een extra budget aanvragen. Minder inschrijvers op aanbestedingen, dat gebeurt ook. Dat betekent ook dat er minder concurrentie is en daardoor lopen die prijzen ook op. Daar loop je dus ook tegenaan. Met die algemene inflatiecorrectie waar de heer Boels het ook wel eerder over heeft gehad, houden we wel rekening. Maar al die andere zaken zorgen ervoor dat we weer naar de raad toe moeten komen en weer extra geld moeten aanvragen. En dan begrijp ik heel goed dat de raad zegt, maar u komt weer aankloppen voor geld, kunt het niet op een juiste manier begroten.

Dat is iets wat we gewoonweg niet kunnen. Wat ik wel wil, en dat is misschien wel goed om nog te vertellen, wat zijn nou de maatregelen, want daar bent u volgens mij allemaal naar op zoek, om grip te krijgen op die projectbudgetten. Daar kan ik een drietal zaken voor opnoemen, waardoor u gewoonweg meer grip kan krijgen op die kosten en de vraag is of u daarmee akkoord gaat. De VOORZITTER: En dit betoog leverde drie vragen op van mevrouw Koolmoes, van mevrouw Hogervorst en van mevrouw Kamsteeg. In die volgorde kunt u ze ook nu gaan stellen. Gaat uw gang. Mevrouw KOOLMOES: Ja, dank u wel voorzitter. Nou, ik ben natuurlijk ontzettend nieuwsgierig naar de drie voorstellen. Maar wat ik hoor, mijnheer van het college, mijnheer Charif El Idrissi, is dat u zegt, ja de klimaatverandering, en laten we vooropstellen in de IBOR staat het, waarom de bedragen worden overschreden staat gewoon in de IBOR keurig onder dat tabelletje beschreven. Klimaat is veranderd, duurdere energiekosten, noem het maar op, maar eigenlijk hoor ik dat al een paar jaar en dan denk ik als ik dat al weet, en we weten het al een paar jaar, waarom wordt er nu al een begroting tot 2028 gegeven zonder die extra bedragen erbij. Zorg dan dat we er al meer rekening mee gaan houden dat we ook dan weer hogere kosten zullen hebben. Ik hoop dat ik te volgen ben, want ik vind mezelf nu verwarrend overkomen, maar bij dezen.

Mevrouw HOGERVORST: Het klinkt misschien een beetje hard, maar ik zou eigenlijk willen suggereren is het 'kan niet' of 'wil niet'. Want we hebben ook heel veel ondernemingen in de Haarlemmermeer. Die zijn verplicht om een administratie bij te houden. Als die gaan klussen, verbouwen of aanbesteden, moeten ze ook met een plan bij de bank komen en daar klopt het negen van de tien keer wel. Hoe kan het dan dat wij als gemeente dat niet kloppend krijgen? Daar gaat volgens mij iets niet goed. De VOORZITTER: Dat was een concrete vraag en daarmee bent u ook door uw spreektijd heen. Dus dat wil ik even meegeven. Mevrouw Kamsteeg van de PvdA, gaat uw gang. Mevrouw KAMSTEEG: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, mijn vraag is meer bij allerlei grote projecten die bij ons langskomen wordt… En ook net wat mevrouw Hogervorst zegt, als je zelf een verbouwing hebt, dan zit er altijd een post onvoorzien in. Zou dat niet een oplossing zijn of bent u die gewoon vergeten te noemen? De VOORZITTER: Mijnheer El Idrissi, drie concrete vragen, gaat uw gang.

Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

12

Wethouder EL IDRISSI: Ik ga met de laatste beginnen. Onvoorziene pot, als u zegt als raad, we gaan een onvoorziene pot aanmaken. Ik vind het goed, want dat betekent ook dat als er zaken worden overschreden, we dat uit die pot zouden kunnen halen. Maar het verhaal zoals we het nu hebben, hoe we het nu vorm gaan geven, is juist heel transparant naar de raad toe. Dus het moment dat het heel duidelijk is welke projecten we gaan doen, welke kosten daaraan verbonden zijn, dan komen we naar de raad en dan vragen we ook aan de raad: dit gaat het extra kosten, mogen we het geld van u? En als u dan zegt 'nee, dat willen we niet', nou dan kunt u daar iets over vinden. Maar dat is de meest transparante manier van hoe we naar de raad toe kunnen. Als u zegt 'nee, u heeft een onvoorziene pot, regel het maar', dan regelen we het ook zo. Dan hoeven we ook niet naar de raad, wij dekken het wel, maar dan heeft u geen inzicht in de kosten die wij maken en dat is juist wel wat we u willen geven. De VOORZITTER: Volgens mij, u bent door uw spreektijd heen, dus ik wil wel wat ruimte geven. Mevrouw Kamsteeg, gaat uw gang. Mevrouw KAMSTEEG: Even ter verduidelijking, ik bedoelde niet een pot, maar een post. Je hebt altijd ramingen en dan kan je ook een post Onvoorzien ramen. En dat uiteraard geef je daarna wel aan waar… (geluid valt paar seconden weg).

De VOORZITTER: Goed, dan zijn er nog van twee partijen openstaande vragen, want u begon net met de laatste vraag. Wethouder EL IDRISSI: Toch even over die onvoorziene pot, want ik vind dat toch echt een hele… Post, pot, het is hetzelfde. Het is een post en het is een pot met geld waaruit je kunt putten. Nee, niet potten, maar putten. Kijk, of we nou naar de raad toe komen en vragen om extra geld of dat u een onvoorziene pot aanmaakt, dat maakt op zich niet zoveel uit. Het gaat om de transparante manier van naar de raad toekomen. Maar als u zegt, we willen dat wel voor u doen binnen B&O, dan sta ik daar echt open voor. Dat is echt wat ik u mee wil geven. Maar eventjes over de maatregelen, want dan kom ik ook op de vragen van mevrouw Koolmoes. Hoe krijg je dan toch grip? De prognoserealiteit, dat moet toch gewoon goed komen. Je moet dat toch gewoon op de euro na kunnen berekenen. Maar ik heb nu net ook aangegeven dat er echt zaken zijn waar we geen rekening mee kunnen houden. En dat heeft ook te maken met dat die investeringen echt over vier jaar zijn, in 2028, maar hoe dichterbij die investeringen komen, hoe duidelijker je kunt prognosticeren en hoe duidelijker het getal wordt of het bedrag wordt dat we van u gaan vragen. Dat is hoe het werkt en we moeten ook aan die beheerplannen komen. Dat is wat Financiën ons vraagt.

We moeten voor de aankomende vier jaar echt wel met beheerplannen komen. Wat gaat dat ongeveer kosten? Die kapitaallasten worden ook meegenomen in de meerjarenbegroting, dus dat zijn zaken waar we gewoon niet omheen kunnen. We moeten de aankomende vier jaar tot 2028 laten zien wat we ongeveer zouden kunnen uitgeven en in de loop van die tijd gebeurt er van alles en moeten we weer terug naar de raad om extra geld te vragen. Ik wil als laatste toch nog meegeven, de maatregelen om meer grip te krijgen, want dat is volgens mij het idee waar u vandaag voor bijeen bent gekomen. Ik zou u een aantal zaken willen voorstellen om meer grip te krijgen, want volgens mij bent u daar naar op zoek. Kijk, op dit moment worden niet altijd eerst voorbereidingskredieten verleend. Het gebeurt nu met name voor de grote projecten. Dan vragen we een voorbereidingskrediet aan en dan weten we ongeveer wat het echt wel, nou ja niet op de cent nauwkeurig, maar wel wat het gaat kosten in de uitvoering. Bij kleinere projecten wordt één krediet verleend waarin zowel de voorbereiding zit als de uitvoering en wij gaan onderzoeken of voor meer projecten een splitsing moet worden aangebracht waardoor ook een uitvoeringskrediet meer op maat kan worden aangevraagd nadat de voorbereiding grotendeels is afgerond.

Het moment van kredietverlening en uitvoering liggen dan wat dichter bij elkaar waardoor de kans op afwijken gewoon echt wat kleiner wordt en dat is het voorstel dat ik u wil doen. Ik denk dat dat Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

13

een hele mooie zou zijn. Als het gaat om de gebiedsgerichte aanpak wijkvernieuwing, daar komen aparte raadsvoorstellen voor richting de raad en we leggen daarbij echt een uitgebreide beschrijving voor van het hele project, de budgetten, maar ook de planning. Ook daarin maken we een splitsing tussen de aanvraag van het voorbereidingskrediet en het uitvoeringskrediet voor die gebiedsgerichte aanpak, zodat je gewoon beter weet, al in de voorbereiding, wat het ongeveer zou moeten gaan kosten. En als laatste, we gaan in overleg met Financiën, want heel veel regels komen ook echt vanuit Financiën, daar moeten we ons echt aan houden, om te bekijken of de huidige manier van rapporteren in het SPI, voorheen was dat het MPI, overzichtelijker kan plaatsvinden en ook die informatiewaarde versterkt kan worden. Ik kijk nu even naar GroenLinks, die knikt ja. Dat is ook iets waar ik echt wel op in wil zetten, die informatiewaarde, want het is echt ontzettend lastig om al die bedragen goed bij elkaar te pakken. Vanuit B&O bestaat de voorkeur echt om uiteraard binnen die financiële spelregels, binnen de VOR-kredieten te kunnen schuiven. En nu is het zo dat als een bepaald bedrag ergens voor bestemd is, dan betekent ook dat je het daaraan uit moet geven en als je B&O de ruimte geeft om daar wat meer in te kunnen schuiven dan zou dat enorm schelen.

Dat zijn eigenlijk de drie zaken die ik jullie wil aanbieden om meer grip te krijgen op dit onderdeel. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan kijk ik even rond of er nog vragen zijn. Mijnheer De Ruiter, mevrouw Koolmoes, want anders, het is natuurlijk een debat ook met uw collega's, dus ik wil ook nog ruimte houden voor de tweede termijn. Mijnheer De Ruiter, gaat uw gang. De heer DE RUITER: Ja, dank u voorzitter. Ik wil de wethouder complimenteren met zijn goed volgbare argumentatie. Ik heb echter geen antwoord gehoord op een vraag die ik dacht toch wel gesteld te hebben en dat is namelijk de vraag van de controle op de geleverde diensten of het geleverde onderhoud. Is daar winst te behalen? De VOORZITTER: Dan wil ik graag eerst de vraag van mevrouw Koolmoes nog even ophalen, want wellicht kunt u ze in één geheel beantwoorden mijnheer El Idrissi. Mevrouw Koolmoes, gaat uw gang. Mevrouw KOOLMOES: Ja, dank u wel voorzitter. Nou, mijn vraag gaat eigenlijk over wat mijnheer El Idrissi aangaf over: we kunnen het niet voorzien, we kunnen niet zomaar, wat moet je dan in die pot stoppen? Nou, dat snap ik ook wel. Alleen ik denk dan laten we er gewoon geld in stoppen elk jaar. En wat overblijft gaat terug in de algemene dekkingsreserve. Dat is gewoon beleid maken, dat moet gewoon lukken. Ik denk dat wij hier wel mee uit de voeten kunnen als raad, denk ik zo.

De VOORZITTER: En wat is uw vraag aan het college? Mevrouw KOOLMOES: Mijn vraag aan het college is, kunt u een indicatie geven van wat we in zo een pot zouden moeten doen? Is dat die € 2 miljoen die we dit jaar nodig hebben? Of gaan we naar € 1 miljoen voor volgend jaar? Of beginnen we achteraan, wat in 2028 nu al gevraagd wordt? De VOORZITTER: Helder, dank u wel. Mijnheer El Idrissi, gaat uw gang. Wethouder EL IDRISSI: Ja, heel kort reagerend op de heer De Ruiter. Ja, dat doen we zelf. Dus daar kan ik kort in zijn. Dus inspectie pakken wij zelf op. Over die onvoorziene pot, mevrouw Koolmoes, welk bedrag dat zou moeten zijn. Ik zou echt even moeten uitzoeken wat dat bedrag zou kunnen zijn. Maar dat betekent ook, want het is natuurlijk heel makkelijk om een pot aan te maken of een voorziene post. Excuus mevrouw Kamsteeg. Maar het is natuurlijk ook zo, dat geld moet ergens worden vrijgemaakt. Dus dat betekent ook dat we een keuze moeten maken om het ergens anders niet te doen, maar die keuze ligt bij de voorjaarsrapportage, denk ik, voor u om over te besluiten.

Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

14

De VOORZITTER: Dan heeft mevrouw Kamsteeg op de valreep van de tweede termijn nog een vraag. Gaat uw gang. Mevrouw KAMSTEEG: Ja, dank u wel. Even een verduidelijkende vraag over wat de portefeuillehouder aangaf over het schuiven met geld waar iets voor bestemd is. Bedoelt hij dan, is dat dan geld dat bijvoorbeeld onverhoopt niet uitgegeven kon worden omdat een project niet uitgevoerd kon worden? Of hoe moet ik dat zien? De VOORZITTER: Het schuiven, hoe moet... Wethouder EL IDRISSI: Ja, het is nu zo dat we aan de raad vragen: we willen voor dit project dit bedrag hebben. Binnen B&O moet je dat bedrag dan ook uitgeven binnen dat jaar. Anders, vooral binnen de VOR is het zo dat het dan teruggaat naar de algemene dekkingsreserve. Nee, sorry, neem me niet kwalijk. Bij de VOR is het zo dat het overgeheveld wordt naar het volgende jaar. En bij het onderhoud, het budgetonderhoud, betekent dat het teruggaat naar de algemene dekkingsreserve. Uw vraag was, heel eventjes nog één keer? Mevrouw KAMSTEEG: Of dat geld is dat bijvoorbeeld niet uitgegeven wordt omdat een project niet doorgaat.

Wethouder EL IDRISSI: Ja, en de mogelijkheid om aan B&O aan te geven van oké, u heeft een bepaald project, maar dat is bestemd voor een bepaald bedrag, bestemd voor een bepaald project, dan zou B&O een keuze kunnen maken, 'hier zien we eigenlijk niet de urgentie of niet de noodzaak, we kunnen het beter hierin stoppen voor dat jaar, omdat de capaciteit bijvoorbeeld aanwezig is, en voor dit project hebben we gewoon net even wat meer mensen nodig en het kan nog wel even wachten.' Maar omdat het zo nadrukkelijk bestemd is, zegt Financiën, nee, u moet het daaruit geven en dan moet je soms ontzettend je best doen om het toch voor elkaar te krijgen en dat is een lastig verhaal. Als je die ruimte wat meer biedt aan B&O, zouden ze daar wat meer speling in kunnen krijgen en hoeven we ook wat minder terug naar de raad. De VOORZITTER: Ja, ik zie nog steeds dat er hier en daar wel wat vraagtekentjes leven. Echter, alle partijen zijn wel door hun spreektijd heen en er is nog ongeveer een halfuur op de klok voor de tweede termijn. Het debat dat u met elkaar kunt gaan voeren. Ik heb tijdens de inbrengen van de eerste termijn een aantal onderwerpen gehoord. Onder andere die als eerste van de VVD. Het sturings… en dan kan ik mijn eigen handschrift niet meer lezen. Er staat naar mijn idee info, maar dat kan bijna niet anders. Forza! heb ik gehoord, praktische oplossingen en de aanpak.

ChristenUnie-SGP, maar die is heel even weggelopen op dit moment, dus ik wil hierbij het woord geven aan mijnheer Boels om het eerste onderwerp voor de twee... De heer BLOM: Mevrouw de voorzitter, ik heb misschien nog wel een onderwerp. De VOORZITTER: Oké maar... De heer BLOM: Maar anders neem ik dat onderwerp van ChristenUnie over. De VOORZITTER: En ik zie volgens mij daar ook, dus ik ga ze heel even nu opschrijven. Dan geef ik nu het woord voor het eerste onderwerp van de tweede termijn aan mijnheer Boels. Gaat uw gang. De heer BOELS: Ja dank u wel voorzitter en dank ook collega's voor het delen van heel erg veel inzichten. Het zijn er best wel een aantal als ik heel eerlijk ben. Maar goed, ik krijg vast ook nog het Verslag Sessieverzoek VVD Beheer en onderhoud in de openbare ruimte 25 april 2024

15

slotwoord, dus dat scheelt weer. Als ik kijk naar sturingsinformatie, dan merk ik eigenlijk op dat wij vrij weinig gevoel en zicht hebben op wat er nou op iets langere termijn gebeurt. Dat blijft zo. Ik denk dat de toezegging van het college op de VOR een heel waardevolle is. Die heb ik in mijn boekje genoteerd. Maar tegelijkertijd is dat meer iets om af en toe wat beter bij te sturen. Maar dat betekent niet dat je structureel niet meer middelen nodig hebt want die blijven gewoon staan. Die is niet ineens anders geworden, die € 2 miljoen en daarna elke keer € 1 miljoen. Ik blijf ermee zitten, dat is geen sturen. Dat is gewoon elke keer € 1 miljoen erbij doen. En of je dat nou in een pot of in een post doet, het blijft het rondpompen van geld. Ik ben nog steeds wel op zoek naar hoe we dat nu kunnen doen. Eigenlijk ben ik vooral van plan om een motie te overwegen. Ik ben benieuwd hoe de collega's ernaar kijken om een aantal van die scenario's naast elkaar te zetten en het college te verzoeken om daar wat duiding aan te geven. Dus ik denk dan aan bijvoorbeeld 'wat gebeurt er nou als we geen verder geld eraan toekennen?' Wat is er nou nodig om het huidige onderhoudsniveau dat we eigenlijk al hebben afgesproken met elkaar vast te houden? Die staat dan al gelukkig in de cijfers, maar dat helpt. Dat is eigenlijk een referentie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=753fc97b-36b8-4b81-8aa3-3a9679a55262