CConstaterende datHaarlemmermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota Voortgangsrapportage Luchthavenzaken 2020.pdf

Raadsplein: Agenda en raadsstukken 14 oktober 2021, gemeente HaarlemmermeerBij agendapunt: SESSIE 2: 20.30 - 22.00 uur: Sessieverzoek GroenLinks over Kaders en mandaat vervolgtraject m.b.t. Luchtvaartnota 2020-205018.700 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

In 2021 wordt een dergelijk onderzoeksvoorstel uitgewerkt, waarbij ook de naderingsroutes en de oorzaken en effecten van afwijkingen in tijden van beperkt vliegverkeer worden meegenomen. Quickscan NADP2 Er zijn mogelijkheden om hinder te beperken van startend verkeer. De quickscan beoogt inzicht te bieden in de verschillende keuzes die gemaakt kunnen worden binnen de Noise Abatement Departure Procedure 2 (NADP2) startprocedures, de effecten van veel voorkomende varianten (ten opzichte van NADP1) en de mogelijkheden die de regelgeving biedt om hier beperkingen aan te stellen. In 2014 is op Schiphol een nieuwe startprocedure geïntroduceerd: NADP2. Deze nieuwe startprocedure moest zorgen voor een afname van het brandstofverbruik en minder uitstoot van schadelijke stoffen. Ook werd verwacht dat er minder geluidsoverlast zou zijn, zowel vlak bij de luchthaven als verder weg.

17

NADP2 is tot een hoogte van 1500 voet identiek aan de vorige startprocedure, NADP1. Daarna wordt eerder en bij lagere hoogte begonnen aan de continue klim met klimvermogen.

Bron: KLM Vanwege de verwachtte positieve effecten van NADP2 heeft de Alderstafel, de voorganger van de ORS, destijds steun uitgesproken om deze procedure op Schiphol te introduceren. Deze quick scan was nog niet afgerond in 2020. De bespreking in de werkgroep gaf aanleiding om een tussenstap te zetten in de werkgroep, voordat eindresultaten gepresenteerd worden. Die tussenstap heeft tot doel om eerst een gemeenschappelijk beeld te ontwikkelen van de feitelijke informatie die voorhanden is over de huidige praktijk van toegestane en gekozen startprocedures, ontwikkelingen daarin en effecten daarvan op de omgeving. Op basis van die gemeenschappelijke feitenbasis doet de werkgroep een voorstel voor eventuele vervolgstappen in de analyse.

3.1.3 Stichting Leefomgeving Schiphol De Stichting Leefomgeving Schiphol (SLS) is onderdeel van het in 2008 aan de Alderstafel afgesloten convenant Omgevingskwaliteit. De provincie Noord-Holland, het Rijk (IenW) en Schiphol Group hebben in 2009 gezamenlijk de SLS opgericht. De SLS heeft als doel de kwaliteit van de woon- werk- en leefomgeving in de Schipholregio te vergroten en geeft een bijdrage aan projecten die de leefbaarheid in een bepaald gebied verbeteren. Het gaat zowel om grote (ruimtelijke) projecten als kleine initiatieven en activiteiten die de sociale cohesie verbeteren. De stichting had voor de periode tot en met 2020 € 30 miljoen te verdelen. De SLS had voor de tweede tranche van de SLS-subsidies € 4,5 miljoen voor Haarlemmermeer gereserveerd. Dit bedrag was bedoeld voor vier dorpshuizen (de Reede in Rijsenhout, Marijke in Burgerveen, het Dijkhuis in Oude Meer en het Dorpscentrum Spaarndam), twee sportcomplexen (in Rijsenhout en Spaarndam) en een aantal steigers in de Ringvaart. Het bestuur van de SLS heeft al subsidie-beschikkingen afgegeven voor de Reede, Marijke, het Dijkhuis, het Dorpscentrum en de sportverenigingen in Rijsenhout, in totaal voor €3.056.500. Deze projecten zijn nu in uitvoering. De subsidie-beschikking voor de steigers is nog afhankelijk van de vergunning van de provincie Noord-Holland.

Over het sportproject van de sportverenigingen in Spaarndam vindt nog nader overleg plaats met de gemeente over de haalbaarheid binnen de gemeentelijk beleidskaders. 18

Het is de bedoeling dat Stichting SLS wordt opgeheven en er een Omgevingsfonds voor in de plaats komt. Dit fonds is echter nog niet opgericht. De Raad van Toezicht (RvT) heeft besloten de SLS tot die tijd voort te zetten. De verwachting is dat het om een periode van twee jaar gaat. Er resteert nog een bedrag van € 8,5 miljoen euro. De RvT heeft op 8 mei 2020 besloten het bestemmingsreglement aan te passen. Dit betekent dat individueel gedupeerden ook na 2020 een beroep kunnen doen op de SLS voor hulp. Daarnaast blijft het mogelijk om een bijdrage te vragen voor een klein particulier initiatief vanuit het Initiatievenfonds SLS tot maximaal € 10.000 per aanvraag. Ook is er een belangrijke uitbreiding: er wordt een budget van € 3 miljoen beschikbaar gesteld voor onderzoeken op het gebied van innovatie en technologische ontwikkeling. Mogelijk komt een deel van dit budget beschikbaar voor het Fieldlab Geluidsadaptief Bouwen in Hoofddorp. In paragraaf 3.3 wordt hier nader op ingegaan. Na 31 december 2020 kunnen geen subsidies meer aangevraagd worden voor gebiedsgerichte projecten.

3.2

Geluid

3.2.1 Grondgeluid In 2003 heeft Schiphol de Polderbaan in gebruik genomen. Bij gebruik van de baan voor taxiën en voor starts levert de baan veel geluidsoverlast op voor de mensen die in Hoofddorp Noord wonen. De Bewonersvereniging Vrijschot Noord heeft de overlast geagendeerd en gevraagd om maatregelen. In 2006 hebben de Bewonersvereniging, Schiphol Group, de Commissie Regionaal Overleg Luchthaven Schiphol (voorganger van de ORS) en de gemeente Haarlemmermeer een overeenkomst getekend waarin afspraken staan over het terugdringen van de hinder van het grondgeluid. De afspraak in de overeenkomst was dat partijen maatregelen zouden treffen om de overlast te beperken met een geluidsreductie van tenminste 10 dB. Deze afspraak werd ook vastgelegd in het convenant Hinderbeperking van het Aldersakkoord in 2008. In het kader van de gemaakte afspraken heeft Schiphol vervolgens nader onderzoek laten doen naar de effectiviteit van verschillende soorten van maatregelen. Schiphol heeft daarop zogenaamde geluidswerende ribbels in het landschap aangelegd in park Buitenschot, op het luchthaventerrein nabij de Polderbaan en aan de Vijfhuizerweg. Na de aanleg bleek uit metingen dat de beoogde geluidsreductie van 10 dB niet volledig werd behaald. In 2017 heeft TNO-onderzoek gedaan naar het effect van de geluidsribbels tegen grondgeluid in HoofddorpNoord4.

Het rapport van TNO gaf aan dat de ribbels een reductie van het grondgeluid realiseerden van 6 dB. Daarbij kon een geluidsreductie van 1 dB worden opgeteld die door de jaren heen was gerealiseerd door het uitfaseren van verouderde types vliegtuigen. Gezamenlijk werd geconcludeerd dat de volledige 10 dB niet was gehaald en aanvullende maatregelen nodig waren om dit alsnog te bereiken. Uit onderzoek van TNO bleek dat extra isolatie van de woningen zelf het beoogde resultaat zou opleveren. In 2020 hebben Schiphol en de Bewonersvereniging de afspraken over isolatie vastgelegd. De verwachting is dat de extra isolatie van de woningen in 2021 wordt aangebracht. Er is blijvend aandacht voor de complexiteit van de problematiek van grondgeluid, veroorzaakt door vliegtuigen. Dit speelt ook in Badhoevedorp. Tot nu toe is geen oplossing gevonden om de hinder van grondgeluid daar te verminderen. Dit heeft zowel met de complexiteit van hinderbeperkende maatregelen op de locatie te maken als erkenning voor de problematiek.

4 In het Alders advies uit 2008 is afgesproken dat Schiphol maatregelen treft om het grondgeluid in Hoofddorp-Noord met

ten minste 10 dB terug te dringen. Om dat te bereiken heeft Schiphol medio 2011 ten zuidwesten van de Polderbaan geluidwerende ribbels aangelegd. In 2016 zijn extra ribbels aangelegd op het perceel dicht naast de Polderbaan. In 2017 is door de TNO-onderzoek gedaan naar het effect van de ribbels. Geconcludeerd is dat er een geluidsreductie van 6 dB is gerealiseerd. Daarbovenop geldt nog dat een reductie van 1 dB heeft plaatsgevonden als gevolg van de uitfasering van de meest geluid producerende vliegtuigen op Schiphol. Hiermee komt de totale geluidreductie op 7 dB.

19

In het verleden is samen met de ORS, gemeente en inwoners gekeken of hinderbeperking mogelijk was. Na onderzoek bleek destijds dat hinderbeperking niet mogelijk was. Er is geen ruimte voor ribbels in het landschap, zoals in Hoofddorp Noord, tussen de banen en Badhoevedorp. In 2019 heeft de gemeente in samenwerking met verschillende partijen en de dorpsvereniging Badhoevedorp verkend of gewijzigde omstandigheden, zoals de toename van het aantal vliegtuigbewegingen of de omlegging van de A9 en nieuw onderzoek aanleiding gaven tot het herzien van eerder getrokken conclusies dat er geen technische maatregelen mogelijk zijn die merkbaar effect hebben op het verminderen van de omvang van het grondgeluid. In 2019 heeft de gemeente samen met de dorpsvereniging Badhoevedorp, ORS-bewonersvertegenwoordiger, Schiphol en een aantal experts bekeken of er mogelijkheden zijn om toch gezamenlijk iets met de problematiek van het grondgeluid in Badhoevedorp te kunnen doen. Hierbij is gekeken of nieuwe kennis en inzichten mogelijkheden bieden om hinder te beperken of dat hinderbeleving positief kan worden beïnvloed. Hieraan moet verder vormgegeven worden en hiervoor is verdere samenwerking en erkenning van het probleem nodig. In 2020 is ingezet op het opnieuw agenderen van de problematiek van grondgeluid in Badhoevedorp.

In de Haarlemmermeerse zienswijze op de Luchtvaartnota is uitgebreid ingegaan op het volledig ontbreken van grondgeluid in de Ontwerp-Luchtvaartnota. In de Nota van Antwoord wordt echter wel ingegaan op grondgeluid en wordt aangegeven dat het kabinet en de luchtvaartsector onderkennen dat grondgeluid hinder geeft voor de omgeving. Er wordt echter aangegeven dat onderzoek naar laagfrequent geluid uitwijst dat het meten en berekenen hiervan zeer complex is, waardoor het niet mogelijk is om hiervoor een handhaafbare norm te stellen. Het voorbeeld van de geluidribbels wordt ook genoemd. Hoewel er geen normen zijn, wordt aangegeven dat het kabinet wil inventariseren of er uitvoerbare mogelijkheden zijn om grondgeluid te verminderen. Vanuit Haarlemmermeer worden mogelijkheden gezien om het Rijk betrokken te krijgen bij een traject om alsnog hinderbeperking of verbeteringen ten aanzien van hinderbeleving te realiseren. In het hinderreductiepakket van Schiphol en de LVNL ontbraken maatregelen die betrekking hebben op grondgeluid. In de zienswijze van Haarlemmermeer is gevraagd om erkenning voor grondgeluid in Badhoevedorp en om ook maatregelen voor deze hinder onderdeel te maken van hun hinderreductiepakket, dat vooral uit maatregelen bestaat voor luchtzijdige hinder. Schiphol heeft daarop aangegeven dat hinder van grondgeluid alsnog een plek krijgt binnen hun hinderreductie pakket.

Schuilhoeve Haarlemmermeer heeft als onderdeel van de bij de omlegging van de A9 horende gebiedsontwikkeling plannen voor het ontwikkelen van 500 tot 700 woningen in het gebied Schuilhoeve in Badhoevedorp. De Raad van State heeft in april 2014 echter geoordeeld dat Haarlemmermeer de realisatie van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat onvoldoende heeft gemotiveerd. Eind 2016 is een nieuw bestemmingsplan ter visie gelegd met een nieuwe motivatie voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Hiervoor zijn verschillende vervolgonderzoeken uitgevoerd. Zo hebben TNO en Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum (NLR) het aspect grondgeluid voor Schuilhoeve onderzocht en heeft Royal Haskoning DHV het industriegeluid inclusief de piekniveaus nader onderzocht en voorzien van een doeltreffend maatregelenpakket. Naar aanleiding van zienswijzen heeft Haarlemmermeer samen met Schiphol gezocht naar een optimalisatie van het plan en zijn daarover afspraken gemaakt. De gemeenteraad heeft in november 2018 het bestemmingsplan Badhoevedorp Schuilhoeve vastgesteld. Tegen dit bestemmingsplan is beroep ingesteld. In 2020 zijn aanvullende onderzoeken in het kader van de procedure bij de Raad van State (RvS) gedaan. De RvS heeft in 2020 nog geen besluit genomen over het ingestelde beroep door KLM en heeft opnieuw om aanvullende onderzoeken en besluitvorming gevraagd.

Naar verwachting kan de RvS aan het einde van 2021 een definitieve uitspraak doen.

20

3.2.2 Meten en berekenen Er is breed draagvlak voor het meten van vliegtuiggeluid binnen de gemeente, de regio, het Rijk en binnen de ORS. Er wordt in de omgeving van Schiphol ook al gemeten met NOMOS5-geluidmeetposten. Het Rijk heeft een uitgebreide landelijke programmatische aanpak opgesteld. Ook heeft het Rijk gekeken naar de aanpak die in de ORS is opgesteld om te komen tot een nieuw meetsysteem. De wens binnen de ORS voor een nieuw meetsysteem wordt gedeeld maar met verschillende redenen. In Haarlemmermeer staan 14 van de 41 NOMOS meetposten. Voor sommige gemeentes geldt dat zij geen of minder meetposten binnen hun gemeentegrenzen hebben en behoefte hebben aan meetgegevens op verschillende plekken. Sommige bewonersvertegenwoordigers vinden de NOMOS-meetposten niet onafhankelijk. Hier is echter eerder in de ORS uitgebreid onderzoek naar gedaan en toen is vastgesteld dat de meetsystemen die in de omgeving van Schiphol worden gebruikt, waaronder NOMOS, weliswaar verschillend zijn, maar allemaal voldoen. De gemeente Haarlemmermeer wil dat metingen benut kunnen worden om berekend geluid te valideren. Daarnaast moet er goede informatievoorziening zijn voor omwonenden over gemeten geluid in de omgeving van Schiphol.

Als nieuwe procedures worden ingevoerd of er een experiment is met een maatregel die hinderbeperking beoogt, dan moeten de metingen bij een nul situatie en een nieuwe situatie met elkaar vergeleken kunnen worden. Binnen de ORS is onderzoek gedaan naar een nieuw meetsysteem om in beeld te brengen wat de mogelijkheden zijn voor het beheer en bekostiging van een meetsysteem waarbij niet alleen informatie beschikbaar is op de plekken waar meetposten staan, maar over een groter gebied rond Schiphol informatie over geluidmetingen beschikbaar wordt gemaakt. Er wordt gezocht naar een systeem dat geluidontwikkeling van de vloot inzichtelijk maakt en waarmee geluidberekeningen met geluidmetingen kunnen worden vergeleken. Berekend geluid kan zo worden gevalideerd. Daarnaast zijn mogelijkheden in kaart gebracht hoe meetgegevens van inwoners kunnen worden benut. Vanuit Haarlemmermeer en vanuit de BRS is de wens uitgesproken om aan te sluiten bij het landelijke programma. Zo kunnen metingen en berekeningen worden vergeleken en kan het geluidmeetnetwerk vanuit het Rijk worden gefinancierd. In 2020 is onderzocht of het plan dat in de ORS is ontwikkeld, past binnen de programmatische aanpak van het Rijk. Het plan van de ORS past binnen de programmatische aanpak van het Rijk. In 2021 wordt uitgewerkt wat ervoor nodig is om het plan daadwerkelijk uit te voeren.

Naast de uitvoerbaarheid dient ook een besluit te worden genomen over eigenaarschap en financiering. Het Rijk is hier wat ons betreft vanuit haar rol als bevoegd gezag primair verantwoordelijk voor. Ook Schiphol heeft aangegeven aan te willen sluiten bij de programmatische aanpak van het Rijk. Parallel aan dit traject is Schiphol bezig om het NOMOS-geluidmeetsysteem rondom Schiphol te verbeteren op basis van inzichten uit de aanpak van het Rijk. Er wordt bijvoorbeeld gekeken of de meetinformatie op de website van NOMOS nog beter kan aansluiten op de informatiebehoefte van inwoners. In 2020 heeft Schiphol samen met de dorpsraad Spaarndam en de gemeente een pilot gedaan met de NOMOS-meetpost in Spaarndam. Een belangrijk doel hierbij was om een vergelijking te kunnen maken tussen metingen van een Sensornet meetpost en van een NOMOS-meetpost op een vergelijkbare plek. Een van de doelen was om de informatie die de NOMOS-meetpost oplevert beter aansluit bij de informatiebehoefte van de dorpsraad. In 2021 wordt deze pilot geëvalueerd.

3.3

Gezondheid

Gezondheid is een belangrijk thema voor Haarlemmermeer. Bezorgdheid over de eigen gezondheid vanwege de nabijheid van de luchthaven is in toenemende mate aanwezig onder inwoners en daarom ook voor de gemeente. Gezondheidsissues beperken zich echter niet tot de gemeentegrenzen. Haarlemmermeer zet daarom in op kennisvergroting, in samenwerking met andere partijen, heldere communicatie en gezamenlijk handelen in de regio. Dat gebeurt onder meer in de periodieke Gezondheidsmonitor van de GGD, waar vragen 5 https://noiselab.casper.aero/ams

21

over hinderbeleving van vliegtuiggeluid onderdeel van uitmaken. Deze monitor verschijnt opnieuw in 2021. Daarnaast voert het RIVM een onderzoek uit naar ultrafijn stof. Haarlemmermeer neemt deel aan het lokaal uitvoeringsoverleg hiervan. Ook heeft Haarlemmermeer samen met de BRS aan het Rijk gevraagd om de Gezondheidseffectscreening (GES)6, die een aantal jaar geleden stopgezet is, weer te hervatten. Verder is in 2020 de deelname aan het “Schone Lucht Akkoord” onderzocht. De Rijksoverheid werkt aan een permanente verbetering van de luchtkwaliteit in Nederland. De ambitie van de Rijksoverheid is om toe te werken naar substantiële reductie van de gezondheidsschade door luchtverontreiniging in 2030. Hiervoor lanceerde de Rijksoverheid in 2020 het Schone Lucht Akkoord. In 2021 neemt gemeente Haarlemmermeer een besluit over deelname. RIVM-onderzoek naar Ultrafijn stof Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) voert in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat een meerjarig onderzoeksprogramma uit naar de gezondheidseffecten van ultrafijn stof, afkomstig van vliegverkeer. Het programma bestaat uit verschillende deelonderzoeken: 1. 2. 3.

Onderzoek naar acute gezondheidseffecten door kortdurende verhogingen van de concentratie van ultrafijn stof en naar de toxiciteit van ultrafijn stof (al afgerond) Onderzoek naar de lange termijn concentraties ultrafijn stof Onderzoek naar de langetermijneffecten van ultrafijn stof

Ultrafijn stof is zo klein dat het lichaam het minder snel opruimt dan grotere deeltjes fijnstof. Daardoor blijft het langer in de longen achter na het inademen. Ook kunnen deze deeltjes makkelijker via de longen in het bloed terechtkomen en zo andere organen bereiken. Ultrafijn stof is daardoor mogelijk schadelijker voor de gezondheid dan grotere stofdeeltjes. Het onderzoekprogramma van het RIVM is bedoeld om daar meer zicht op te krijgen. Ultrafijn stof komt vrij bij verbranding. Bronnen zijn bijvoorbeeld transportmiddelen (auto's, schepen, vliegtuigen), huishoudens (koken, houtkachels en openhaarden) en de industrie. Behalve het vliegverkeer is er door de aanwezigheid van een aantal snelwegen ook veel wegverkeer. Het is daarom belangrijk dat meer inzicht komt in het effect van ultrafijn stof in de Schipholregio. Vanuit Haarlemmermeer wordt ingezet op goede informatie over de resultaten van het onderzoek. Haarlemmermeer organiseerde in december 2019 een brede en toegankelijke informatiebijeenkomst, in samenwerking met het RIVM en de GGD, over de resultaten van het deelonderzoek dat ingaat op de gezondheidseffecten van ultrafijn stof op de korte termijn. Dit deelonderzoek laat zien dat de blootstelling aan ultrafijn stof rond Schiphol op sommige dagen een kortdurend effect kan hebben op de gezondheid.

Op zulke dagen hebben kinderen meer last van luchtwegklachten, zoals kortademigheid en piepende ademhaling. De effecten treden vooral op bij kinderen die al klachten aan de luchtwegen hebben en hiervoor al medicijnen gebruiken. Deze kinderen gebruiken dan meer medicijnen. Bij kinderen en gezonde volwassenen zijn kortdurende verminderingen in de longfunctie gemeten. Bij gezonde volwassenen zijn ook vermindering van de hartfunctie gemeten door de kortdurende hogere blootstelling. Gemiddeld genomen zijn deze veranderingen klein en hoeven ze niet tot gezondheidsklachten te leiden. Deze veranderingen kunnen groter zijn voor mensen die hiervoor gevoelig zijn, bijvoorbeeld omdat ze astma of hartaandoeningen hebben. De conclusies van het onderzoek naar effecten op de korte termijn zijn gebaseerd op drie studies: - Een studie met 191 basisschoolkinderen in woonkernen vlakbij Schiphol. - Een studie met 21 gezonde volwassenen in een mobiel laboratorium direct naast Schiphol - Een laboratoriumstudie met longcellen.

6 Met een GES kan zowel inzicht worden verkregen in effecten van toekomstige ontwikkelingen op de gezondheid als de

huidige gezondheidskundige knelpunten vanwege verkeer of bedrijven in een gebied. Een GES wordt meestal door de GGD uitgevoerd.

22

Een basisschool uit Badhoevedorp en twee basisscholen uit Aalsmeer hebben deelgenomen. Daarnaast heeft een aantal inwoners uit Hoofddorp, Vijfhuizen en kernen uit andere gemeentes in de omgeving van Schiphol deelgenomen. Het RIVM stelt dat "de effecten zowel optreden bij ultrafijn stof, afkomstig van vliegverkeer als bij andere bronnen, zoals wegverkeer. Er zijn geen aanwijzingen dat de gezondheidseffecten van het vliegverkeer anders zijn dan die van het wegverkeer." De resultaten van dit onderzoek geven nog geen inzicht in mogelijke gezondheidseffecten van ultrafijn stof over een lange periode. Het RIVM doet ook onderzoek naar de effecten van langdurige blootstelling aan ultrafijn stof van vliegverkeer. Het RIVM heeft aangegeven dat de resultaten van alle deelonderzoeken eind 2021 beschikbaar zijn en worden dan in samenhang gepresenteerd. Het is op dit moment onbekend wat de gevolgen zijn van de coronacrisis op het onderzoek. Het is belangrijk dat onderzoek wordt gedaan naar de effecten van ultrafijn stof op de gezondheid. Doordat er wereldwijd nog geen andere grootschalige onderzoeken naar ultrafijn stof zijn gedaan, is nog veel onduidelijk. In gesprekken met de diverse partijen kijken we naar oplossingen om milieu en mens te ontlasten.

De RIVMonderzoeksresultaten kunnen worden gebruikt voor de scherpte in deze gesprekken en worden meegenomen bij het maken van beleid of het nemen van besluiten. Gezondheidsvraagstukken beperken zich niet tot de gemeentegrenzen. Haarlemmermeer zet daarom in op kennisvergroting in samenwerking met andere partijen, heldere communicatie en gezamenlijk handelen in de regio. Het RIVM informeert omgevingspartijen, luchtvaartpartijen en overheden periodiek over de voortgang en tussenresultaten van onderzoeksprogramma.

3.4

Innovatie en verduurzaming

Geluidsadaptief bouwen Afgelopen jaren is promotieonderzoek uitgevoerd naar geluidsadaptief bouwen aan de University of Cambridge in Engeland, met een deeltijdaanstelling bij het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum (NLR). Het onderzoek is gericht op het beperken van vliegtuiggeluid en geluidshinder door het ontwerp van de bebouwde omgeving. Op basis van de bevindingen uit het promotieonderzoek willen we de conclusies verder testen in pilotprojecten in de Schipholregio, en zo de kansen die geluidsadaptief bouwen biedt in de praktijk brengen. Door vooraf slimme keuzes te maken bij het (planologisch) inrichten van een gebied, de vormgeving van bebouwing en het materiaalgebruik, zijn er talrijke potentiële mogelijkheden om de voortplanting van geluid te reduceren. De gemeente Haarlemmermeer heeft daarom, samen met Amsterdam Institute for Metropolitan Solutions (AMS institute), het voortouw genomen in het opzetten van vervolgonderzoeken. Daarbij heeft de gemeente de volgende kaders gesteld om verantwoord en snel vervolgonderzoek mogelijk te maken: 1. Verantwoord valideren Met verantwoord valideren wordt eerst gekeken naar het effect van de uitkomsten uit rekenmodellen voor gebouwen zonder woonfuncties. Daarbij is het uitgangspunt dat, als de effecten tegenvallen, burgers niet onnodig zijn blootgesteld aan geluid. 2.

Snelheid erin houden Met snelheid erin houden wordt bedoeld dat de gemeente zo snel mogelijk stappen wil zetten omdat de uitkomsten kunnen bijdragen aan leefbaarheidsvragen in verschillende kernen zoals Hoofddorp en Rijsenhout. Als praktijkonderzoek laat zien dat de resultaten uit de rekenmodellen kloppen, kan er worden onderzocht hoe dit kan bijdragen aan het realiseren van woonvormen in geluid-belast gebied. 3.

Duurzaam en lokaal waar mogelijk

23

Hiermee wordt bedoeld dat voor de realisatie van de proefopstelling er wordt geprobeerd zoveel mogelijk gebruik te maken van bestaande producten, idealiter lokaal af te nemen, binnen de geldende aanbestedingsregels. Vanuit deze twee uitgangspunten is er daarom gekeken naar het realiseren van een testfaciliteit zonder woonof werkfunctie (field lab) bestaande uit gestapelde zeecontainers. De verwachting is dat het Fieldlab in 2021 gerealiseerd zal zijn. Lancering Actieagenda Trein en Luchtvaart Versterk de positie van de internationale trein, zodat deze voor meer reizigers een aantrekkelijk alternatief wordt voor korte vluchten. Dat is de ambitie van de ‘Actieagenda Trein en Luchtvaart’ die in 2020 aan de Tweede Kamer is aangeboden. De agenda is in samenwerking met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) opgesteld door Schiphol, ProRail, KLM en NS. In de agenda staan acties en maatregelen om van de internationale trein op afstanden tot 700 kilometer een logische keuze te maken als alternatief voor en in aanvulling op het vliegverkeer. Er worden routes naar zes reisbestemmingen benoemd die vanaf Schiphol of Amsterdam ook met de trein te bereiken zijn. Voor elk van deze routes zijn de knelpunten en mogelijke acties in kaart gebracht. De routes die zijn onderzocht hebben als eindbestemming Brussel, Parijs, Londen, Frankfurt, Düsseldorf en Berlijn.

Deze zes bestemmingen zijn nu ook al goed bereikbaar via het spoor. Zo reden er voor de coronapandemie twaalf treinen per dag tussen Amsterdam en Parijs en ook de directe treinverbinding naar Londen maakt de trein een aantrekkelijk alternatief voor het vliegtuig. Maar om de trein nog aantrekkelijker te maken, moet er meer gebeuren. Daarom zal onderzocht worden of treinen van en naar Londen en Düsseldorf en Frankfurt een stop kunnen krijgen op Schiphol en hoe bagage vanuit het vliegtuig overgeslagen kan worden naar de trein. Duurzaam taxiën In het voorjaar van 2020 startte Schiphol een pilot met een taxibot, een vliegtuigtrekker die het vliegtuig van en naar de baan rijdt. Hierdoor kan een vliegtuig zonder motoren taxiën en stoot dus minder uit. De pilot gaat de veiligheid en operationele haalbaarheid vaststellen. Daarna kan worden gewerkt aan de introductie van duurzaam taxiën op Schiphol. Schiphol heeft deze proef gedaan samen met Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL), het ministerie van IenW, Corendon Dutch Airlines, KLM, Transavia, EasyJet en afhandelaren dnata en KLM Ground Services. De testen zijn begonnen door een leeg Corendon vliegtuig naar diverse startbanen te slepen. Bij succes wordt de proef in een volgende fase voortgezet met operationele vliegtuigen.

Tijdens de pilot periode is vanuit gemeente Haarlemmermeer een werkbezoek afgelegd om een toelichting te krijgen op deze pilot. Uitstootvrij airport hotel shuttlebus systeem De gemeente Haarlemmermeer, Amsterdam Airport Schiphol en Koninklijke Horeca Nederland (KHN) Haarlemmermeer (ook vertegenwoordiger van de samenwerkende airport hotels) hebben in 2020 de intentie uitgesproken om een nieuw emissieloos airport hotel shuttlebus systeem op te zetten. Dit nieuwe transportsysteem, met gezamenlijk elektrisch vervoer tussen de hotels in de gemeente Haarlemmermeer en de luchthaven Schiphol, draagt bij aan een verbeterde service voor de hotelgast en tegelijkertijd aan de leefbaarheid en verduurzaming van de gemeente Haarlemmermeer en Schiphol. Om ervoor te zorgen dat met de organisatie van dit systeem gestart kan worden, heeft KHN Haarlemmermeer in een intentieverklaring afspraken gemaakt met de partijen over het plan van aanpak rondom de realisatie ervan. In geleidelijke stappen zullen de hotels overstappen van een eigen shuttledienst met dieselbussen naar een gezamenlijke shuttle dienst met elektrische bussen. Medio 2024 moet het systeem volledig operationeel zijn. Dit nieuwe systeem, het eerste ter wereld, is efficiënt, economisch beheersbaar en duurzaam.

Zo zorgt het systeem voor een verbetering van de dienstverlening aan hotelgasten en passagiers, voor een reductie van verkeer- en parkeercongestie in Haarlemmermeer en op luchthaven Schiphol en een reductie van emissies. De lokale luchtkwaliteit verbetert bij invoering van dit systeem door enerzijds de inzet van minder shuttles en anderzijds door het gebruik van uitstootvrij vervoer.

24

Wanneer dit volledig is gerealiseerd, kunnen naar verwachting dagelijks 10.000 vervuilende kilometers worden bespaard. Dit betekent dat met dit systeem tot 1.900 ton CO2 op jaarbasis bespaard kan worden. Zero Emission Zone Schiphol Nederland bereidt zich voor op de invoering van zero emissiezones voor stadsdistributie in de grotere steden. Veel partijen treffen voorbereidingen om de invoering in diverse steden mogelijk te maken. De zero emissie zones richten zich, anders dan milieuzones, alleen op bevoorradingsverkeer (vrachtauto’s en bestelauto’s). Schiphol Centrum is ook een plek waar veel vrachtverkeer aanwezig is, vanwege de grote logistieke sector en de relatie met luchtvracht. Deze inzet op zero-emissiezones voor stadslogistiek komt voort uit het Klimaatakkoord. In het Klimaatakkoord is opgenomen dat in de veertig grootste gemeenten van Nederland zero-emissiezones worden gerealiseerd. Dit betekent dat voor heel Nederland dezelfde eisen worden gesteld aan voertuigen die een zero emissie zone in mogen en dat landelijk een duidelijk en haalbaar tijdspad is afgesproken. Dit is belangrijk voor bevoorraders en leveranciers, zodat zij tijdig kunnen inspelen op de eisen. Buck Consultants International (BCI) heeft onderzoek uitgevoerd naar de invoering van zo’n zero emissie zone op Schiphol.

De aanpak voor het onderzoek naar een zero emissie zone focust op het gebied van Schiphol Centrum. Schiphol onderschrijft deze aanpak en we zijn verheugd samen te kunnen optrekken in dit proces. Dit onderzoek past goed bij de door ons ondergetekende Green Deal ZES (2019.0030755). Dit onderzoek biedt een basis voor een eventuele invoering van een zero emissie zone. In 2020 is het onderzoek door BCI is opgeleverd. In 2021 wordt uitgezocht wat dit betekent voor verdere besluitvorming.

25

4

Wonen en vliegen en ruimtelijke beperkingen

Wonen, werken en leven op en rondom de luchthaven bestaat uit vele aspecten die op elkaar ingrijpen zoals betaalbare woningen, goede bereikbaarheid en een gezonde leefomgeving. Wij staan voor het realiseren van een meer divers woningbestand en de bouw van betaalbare woningen in Haarlemmermeer en het leefbaar houden van de kernen. Diverse reserveringen en beperkingen door het Luchthavenindelingbesluit (LIB) in Haarlemmermeer beperken noodzakelijke ontwikkelingen in kernen zoals Zwanenburg en Rijsenhout. Er is slechts beperkt ruimte voor maatwerk. Haarlemmermeer agendeert blijvend de problematiek die de beperkingen met zich meebrengt bij het Rijk. Vaak gebeurt dit gezamenlijk met andere gemeentes, met de provincies Noord- en Zuid-Holland en met inwoners. Hoewel in het verleden bestuurlijke afspraken zijn gemaakt in het kader van wonen en vliegen, en er meer mogelijkheden voor een lokale afweging in LIB5 zijn gekomen in 2018, blijft een aantal problemen met het LIB bestaan. In de Luchtvaartnota staat wel dat de Rijksoverheid samen met regionale overheden wil verkennen of er meer maatwerk mogelijk is binnen de systematiek van de Omgevingswet. Dit is positief, maar er zijn voldoende verkenningen geweest. We blijven inzetten op concrete aanpassingen van het LIB.

Het vraagstuk van gebieden leefbaar houden waar het LIB een beperkende rol speelt, vraagt om meer dan alleen naar de regels en contouren kijken. Los van dat een aantal knelpunten moet worden opgelost, zet Haarlemmermeer daarom in op het versterken van de leefbaarheid in gebieden die op slot zitten. Dit doen we onder andere door wetenschappelijke kennis en innovatie over hoe de leefomgeving kan worden verbeterd in gebieden waar meerdere vraagstukken spelen in de praktijk brengen. Verschillende partijen, zoals Schiphol, het Rijk, AMS Institute en de provincie Noord-Holland doen dit samen. Zo starten we een pilot met geluidsadaptief bouwen. Ook zijn we betrokken bij het kennisprogramma van de provincie Noord-Holland.

4.1

Nieuwe rekenregels cumulatie geluid

In 2020 is de Ontwerp-Aanvullingsregeling geluid Omgevingswet van het Rijk openbaar gemaakt en is er mogelijkheid voor inspraak door middel van internetconsultatie. De voorgestelde aanpassing van de rekenregels voor de cumulatie van geluid voor luchtvaart geeft Haarlemmermeer reden tot grote zorg. Door de voorgestelde rekenregels wordt de hele regio bij voorbaat als ‘onleefbaar’ bestempeld. Hiermee gaat een enorm gebied rondom de luchthaven op slot. Haarlemmermeer heeft naast het indienen van een zienswijze de Ontwerp-Aanvullingsregeling geluid Omgevingswet op de aanvullingsregeling geluid (zie bijlage 4) een bestuurlijk overleg gehad met de minister van IenW en de BRS. Ook is er vanuit de BRS een brandbrief naar de minister gestuurd (zie bijlage 5) en is een gezamenlijke zienswijze ingediend (zie bijlage 6). In de media zijn verschillende berichten verschenen over de zorgen die er vanuit de gemeente en de regio zijn. De problematiek staat hoog op de agenda bij de gemeente, de provincies Noord- en Zuid-Holland, de Vereniging voor Nederlandse gemeenten (VNG) en in de Metropoolregio Amsterdam (MRA). Uiteindelijk heeft de minister de Aanvullingsregeling wel gepubliceerd, maar wordt pas een definitief besluit over het aanpassen van de nieuwe rekenregels genomen nadat een brede impactanalyse is uitgevoerd.

De brede impactanalyse wordt in gezamenlijk opdrachtgeverschap van de ministeries IenW, Binnenlandse zaken (BZK), provincies (Interprovinciaal Overleg, IPO) en gemeenten (VNG) gedaan. De definitieve oplossingsrichting ligt nog open. Volgens de nieuwe rekenmethodiek zouden mensen veel meer last van het luchtvaartgeluid hebben dan in het oude model. Driekwart van Haarlemmermeer wordt dan, qua geluid, aangeduid als ‘slecht’ of ‘heel slecht’. En dat betekent dat er niet meer kan worden gebouwd, maar ook kunnen er geen wegen aangelegd worden of nieuwe bedrijvigheid plaatsvinden. Kortom: Haarlemmermeer gaat op slot, met alle gevolgen van dien.

26

Vanzelfsprekend moet ook luchtvaartgeluid betrokken worden in de afweging waar we huizen en bedrijven bouwen en waar niet. Wij moeten immers zorgen voor een gezond woon- en leefklimaat voor onze inwoners, werknemers en bezoekers. Echter, nu wordt éénzijdig dit geluidsbeleid opgelegd bij de gemeente, zonder dat gekeken wordt naar de consequenties hiervan. En die consequenties zijn immens, en kunnen wij als gemeente niet oplossen. Ook is het in strijd met eerdere afspraken die we met het Rijk hebben gemaakt over wonen en vliegen in het SMASH traject. Het is voor ons ondenkbaar, dat élke ontwikkeling zal moeten stoppen. Het gaat hierbij om een enorm gebied van 206,31 km², gelegen in het hart van de Metropoolregio Amsterdam, dé economische motor van Nederland, met een grote woningbouwopgave; minimaal 20.000 te bouwen woningen in Haarlemmermeer en maar liefst 250.000 in de hele regio. Dat is bovendien ook een opgave die het Rijk ons zelf oplegt. In de toelichting van het Ontwerp-Aanvullingsregeling geluid Omgevingswet suggereert de minister dat gemeentes een lokale afweging mogen maken bij het bouwen van woningen, als zij dit goed kunnen motiveren. Hoewel dit positief klinkt, is dit met de hogere berekende geluidsniveaus veel moeilijker te motiveren. Los daarvan wordt hiermee de verantwoordelijkheid van het effect van de regeling dus bij de gemeenten neergelegd.

Dit is geen oplossing, omdat het ons onvoldoende rechtszekerheid biedt. Daarnaast zouden met de nieuwe rekenregels veel woonkernen, waar al woningen staan en waar prettig gewoond wordt, worden bestempeld als een omgeving waar het qua geluid “slecht” is. Vervolgens verbindt het Rijk hier geen enkele consequentie aan. Als het Rijk vindt dat een leefgebied qua geluid slecht is, dan mag worden verwacht dat het Rijk zich of inspant om dit te verbeteren of inwoners compenseert. Bovendien is het Rijk niet consistent. Voor eventuele groei van het vliegverkeer wordt op een andere manier hinder berekend en geldt de inschatting van het Rijk dat vliegtuiggeluid hinderlijker is dan werd verondersteld niet. In de Luchtvaartnota wordt gekeken naar de belangen van luchtvaart, economie, gezondheid, milieu, en geluid. In de Luchtvaartnota wordt gesproken over groei die verdiend zou moeten worden. De vraag die dit oproept is hoe in de Luchtvaartnota kan worden gesproken van groei van de luchtvaart, terwijl in de OntwerpAanvullingsregeling geluid Omgevingswet 75 procent van Haarlemmermeer ‘op slot’ wordt gezet door het geluid daarvan bij 500.000 vluchten. Los van het realiseren van nieuwe woningen geldt dat voor de bereikbaarheid, aangezien daar wegen (of verbreding daarvan) voor nodig zijn. Die wegen voegen ook geluid toe.

Aangezien er volgens de rekenmethodiek al zoveel geluid is, is elke nieuwe bron er een teveel. Daarmee zullen ook deze wegen moeilijker te realiseren zijn. Daardoor zijn nieuwe woningbouw en andere economische ontwikkelingen ook niet mogelijk, of slechts in beperkte mate. De nieuwe rekenregels zouden een negatief effect hebben op de nieuwe werklocaties, die de gemeente wil realiseren. Dit is cruciaal voor de economische kracht en het vestigingsklimaat van deze regio en van heel Nederland. Maar ook het bouwen en ontsluiten van werklocaties kan met de nieuwe regels niet doorgaan. Dat heeft dus gevolgen voor heel Nederland. De meeste inwoners wonen met veel plezier in Haarlemmermeer. Mensen willen hier graag wonen en door de schaarste aan woningen is het moeilijk om een huis te bemachtigen. Er speelt ook meer mee in een afweging om hier wel of niet te gaan wonen, dan alleen geluid. De voorzieningen zijn hier goed en er is veel werkgelegenheid in deze regio. Dit draagt ook bij aan de aantrekkelijkheid van Haarlemmermeer en de regio. Er zijn ook verschillende monitors waar de tevredenheid over de eigen woning wordt gemeten, zoals de Leefbarometer. Natuurlijk moet er blijvend aandacht zijn voor de leefbaarheid in relatie tot de luchthaven, maar dan moet worden gewerkt aan oplossingen en moet niet op basis van nieuwe rekenregels de gemeente en de MRA op slot worden gezet.

Consequenties van keuzes bij luchtvaart en luchtvaartgeluid dienen in hun onderlinge samenhang te worden doordacht, vóórdat in een afzonderlijk traject aparte wijzigingen worden aangebracht. Dus niet nu éénzijdig de rekenmethodiek van geluid wijzigen, zonder de consequenties voor de gemeente(n), de inwoners, maar ook voor Schiphol en de luchtvaart, in de volle breedte te onderkennen en hierop de acties te nemen. Vanuit de gemeente is voorgesteld om de cumulatieregels voor luchtvaart beleidsneutraal in de Aanvullingsregeling 27

geluid op te nemen. Een correctie van de hinderlijkheidsfactor, en de effecten daarvan, zal moeten worden afgewogen in samenhang met de besluitvorming over de geluidsnormen voor de luchtvaart in het sectorale spoor. De minister heeft de keuze gemaakt om de nieuwe rekenregels wel op te nemen, maar nog niet in werking te laten treden. Dit in afwachting van de brede impactanalyse. In 2021 wordt dit traject vervolgd. Parallel aan de brede impactanalyse blijven we vanuit de gemeente en de regio op alle niveaus aandacht vragen voor de problematiek met de nieuwe rekenregels.

28

5

Economie en werkgelegenheid 5.1

Bijdrage van de luchthaven

De luchtvaart: een belangrijke sector voor de Haarlemmermeerse economie De luchtvaartsector is een belangrijke sector voor de Haarlemmermeerse economie. Ongeveer de helft van de bruto toegevoegde waarde van de gemeente is afkomstig van de luchtvaartsector en sectoren die hieraan gerelateerd zijn. Daarnaast zorgt de luchthaven voor verbinding van de gemeente met de regio, met Nederland en met de rest van de wereld. Mede daardoor is Haarlemmermeer een interessante vestigingsplaats voor nationale en internationale bedrijven en organisaties. In de Schipholregio zijn hierdoor krachtige en internationaal opererende economische clusters gevestigd zoals handels- en logistieke bedrijven, de financiële- en zakelijke dienstverlening, hotels, de Greenport en de creatieve industrie. In totaal kent de gemeente zo’n 4.300 luchthaven-gerelateerde bedrijven. Schiphol bood in 2020 ongeveer 74.500 directe en indirecte arbeidsplaatsen in Haarlemmermeer en is hiermee verantwoordelijk voor zo’n 50 procent van het totaal aantal arbeidsplaatsen in de gemeente.

Haarlemmermeer hard geraakt in coronacrisis door sterke afhankelijkheid van de luchtvaartsector De coronacrisis heeft de Haarlemmermeerse economie sinds half maart 2020 hard geraakt. Het Bruto Regionaalproduct (BRP) van de gemeente daalde het afgelopen jaar het hardst van de regio7 en het bedrijfsleven zag de omzet slinken8. Redenen voor de sterke economische krimp van Haarlemmermeer is volgens het CBS vooral de afname van economische activiteit van de luchtvaartsector en de hieraan gerelateerde sectoren. Zo zag Schiphol het aantal passagiers in 2020 met 70 procent dalen van 71,7 miljoen passagiers in 2019 naar 20,9 in 2020 en nam het aantal passagiersvluchten met 60 procent af. Het aantal vrachtvluchten nam met 70 procent toe in 2020. Echter als gevolg van het wegvallen van veel van de passagiersvluchten en daarmee de vracht die in de belly (het ruim) wordt vervoerd, daalde de totale hoeveelheid vervoerde vracht in tonnen met 9 procent (bron: Schiphol). De hotelbranche in Haarlemmermeer zag de gemiddelde bezettingsgraad mede door de sterke beperking van de luchtvaart met 53 procentpunt dalen van gemiddeld 81 procent in 2019 naar 28 procent in 2020 (bron: Visitordata).

7

Eerste kwartaal 2020 >-2%, tweede kwartaal 2020 -29%, derde kwartaal 2020 -21% en vierde kwartaal 2020 -18%. (Bron: CBS) 8 Uit de Corona-enquête van economische zaken van Haarlemmermeer bleek dat MKB-bedrijven en ZZP’ers die aangaven dat hun omzet was gedaald, hun omzet met gemiddeld 50% zagen dalen. 29

Ook de werkgelegenheid van Haarlemmermeer zag in september 2020 een eerste afname ten opzichte van april 2020. Op 1 september 2020 betrof het totale verlies 2.500 banen ten opzichte van 1 april 2020. De werkgelegenheid in Haarlemmermeer daalde hierdoor met 1,7 procent. Van het totaalverlies waren 2.000 banen direct of indirect gerelateerd aan de luchtvaart. De daling van de werkgelegenheid was echter beperkter dan op basis van het verlies in BRP zou worden verwacht. Hieruit blijkt dat de steunmaatregelen hun werk doen en een deel van de bedrijven kunstmatig overeind wordt gehouden. Toch waren er bedrijven die het hoofd niet boven water konden houden. In 2020 gingen 61 bedrijven failliet. Dit was 13 procent meer dan het jaar ervoor. Een derde daarvan betrof bedrijven in de handel en vervoerssector. Vooral luchtvaartgerelateerde bedrijvigheid en detailhandel droegen hieraan bij. (Bron: KvK en gemeente Haarlemmermeer).

Luchtvaart blijft een belangrijke kracht van Haarlemmermeer. Voor de toekomst zijn er ook kansen op andere terreinen De bedrijvendynamiek in Haarlemmermeer hangt nauw samen met ontwikkelingen van de luchthaven Schiphol en de daarmee gepaard gaande logistieke bewegingen over land en water. Schiphol zorgt ervoor dat Haarlemmermeer en de regio direct met 316 bestemmingen zijn verbonden. Maar ook de verbindingen over het spoor, het wegennetwerk en de haven maken dat Haarlemmermeer en de regio goed verbonden zijn met andere economische regio’s in de wereld. Daarom is het ook van belang dat Lelystad Airport wordt geopend, zodat vakantievluchten daar kunnen worden geaccommodeerd. Dan geeft Schiphol meer ruimte om te focussen op vluchten die bijdragen aan de internationale verbondenheid. Dit zorgt voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor bedrijven en voor veel werkgelegenheid. Daarnaast dragen de verschillende woonmilieus, inclusief het grootstedelijke aanbod van kunst, cultuur en ontspanning, bij aan een aantrekkelijk vestigingsmilieu voor mensen en bedrijven. Ook de digitale connectiviteit met een uitgebreid glasvezelnetwerk is een belangrijk pluspunt voor bedrijven om zich te vestigen in Haarlemmermeer. De synergie die hieruit voortvloeit, vormt een belangrijke kwaliteit en economische potentie voor de regio.

Wij richten ons daarom op het verder benutten en versterken van de ruimtelijke-economische en sociale kracht van de Schipholregio. Een aantrekkelijk woon-, werk- en leefmilieu is het uitgangspunt. Het Economisch Perspectief 2030 geldt daarbij als richtinggevend denkkader voor verdere ontwikkelrichtingen in de toekomst. Al voor de coronacrisis hadden wij de wens tot diversificatie, dat wil zeggen verdere economische verbreding om minder gevoelig te worden voor ups & downs in de luchtvaart. De impact van de coronacrisis heeft de urgentie van diversificatie benadrukt. Door hierop in te zetten willen we de weerbaarheid en robuustheid van onze economie en dus werkgelegenheid vergroten. Wij richten ons vooral op de volgende sectoren: ICT-bedrijven, Life Sciences & Health, Energie, water en afvalbeheer (circulaire economie), Cultuur, sport, recreatie, commerciële voorzieningen en andere leisure activiteiten. De kracht van de bereikbaarheid, de schaalgrootte én de ligging nabij het stedelijk gebied biedt kansen om de economische positie van Haarlemmermeer met een gezamenlijke regionale aanpak te versterken. In de Oostflank werken we met de Provincie Noord-Holland en de gemeente Amsterdam aan een langetermijnperspectief voor het oostelijk deel van Haarlemmermeer.

Daarnaast zullen rijks-/regionale trajecten zoals ZWASH (doortrekken Noord/Zuidlijn en sluiten Ringlijn Amsterdam) en Bereikbare Steden bijdragen aan het versterken en verzilveren van de (economische) potenties van de gemeente. Voor ZWASH geldt dat met de schaalsprong in bereikbaarheid ook schaalsprongen in ruimtelijk en economisch opzicht worden mogelijk gemaakt. Doordat de gemeente met de metrolijn onderdeel wordt van de regio Amsterdam en hierdoor ook beter bereikbaar wordt, zal het gebied uit kunnen groeien tot de internationale entree van Nederland. De Schipholregio kent een enorme bouwopgave en kent een grote verduurzamingsopgave. Hier ligt een kans om de circulaire economie in deze sector te implementeren en op te schalen. Daarin speelt de luchthaven gerelateerde economische ontwikkeling een belangrijke rol, zowel in termen van economische bedrijvigheid als in de stappen die gezet zijn en worden in het benutten van kansen die circulair ondernemerschap biedt. Eén van de plekken waar dat gebeurt, is bijvoorbeeld C-Bèta, waar de gemeente samen met partijen als Schiphol, Schiphol Area Development Company en andere publiek private partners, als onderdeel van Schiphol Trade Park, de economische positie van de Schipholregio ook op het gebied van circulaire ontwikkelingen heeft versterkt.

30

Vestigingsklimaat en marketing De vereniging Amsterdam Airport Area (AAA), die deelneemt aan Amsterdam in business (aib), werkt namens en samen met de markt en de overheid aan versterking van de concurrentiekracht van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) als vestigingsplaats voor luchthaven- en logistiek gerelateerde internationale bedrijvigheid. Om dit te bereiken voert AAA gezamenlijke internationale marketing- en acquisitieactiviteiten uit. Voor Haarlemmermeer zijn in 2020 totaal dertien internationale bedrijven geacquireerd. Van deze bedrijven komen uit drie uit de Verenigde Staten, drie uit China, twee uit Groot-Brittannië, twee uit India, een uit Brazilië, een uit Noorwegen en een uit Japan. Van deze bedrijven zijn vijf van de dertien afkomstig uit de luchthaven gerelateerde sector Transport & Logistiek. Deze sector blijft uiteraard van groot belang voor Haarlemmermeer en de aantrekkingskracht van Haarlemmermeer als vestigingsplek voor logistieke bedrijven is nog steeds groot. Het aantal van dertien bedrijven is een lichte afname ten opzichte van 2019, toen vijftien bedrijven werden geacquireerd. In 2020 zijn er bij deze dertien nieuwe bedrijven 338 arbeidsplaatsen gecreëerd. In 2019 zijn bij de vijftien nieuwe bedrijven 343 nieuwe arbeidsplaatsen gecreëerd. Het aantal gecreëerde arbeidsplaatsen is ten opzichte van 2019 nagenoeg gelijk gebleven.

In 2020 is wederom actief ingezet op de acquisitie van bedrijven die vanwege Brexit een nieuwe vestiging binnen de Europese Unie overwegen. In 2020 resulteerde dit in twee bedrijven die zich in Haarlemmermeer vestigden. Daarnaast zijn er meer dan honderd bedrijven die deze regio ook overwegen als vestigingslocatie.

5.2

Logistiek en vrachtvluchten

Vervolg HST Cargo Om gezamenlijke knelpunten aan te pakken en kansen te benutten, hebben de regionale partners een visie en uitvoeringsagenda voor de logistiek opgesteld met als thema’s “schoon”, “slim” en “samen”. Op basis van deze visie is door de regionale partners een investeringsplan opgesteld. Deze visie, met bijbehorend investeringsplan, is het nieuwe kader waaraan getoetst wordt wanneer een aanvraag wordt gedaan uit de reserve Versterking (lucht)vrachtketen (voormalig Hoge Snelheidstrein Cargo (HST Cargo)). Door Schiphol is een tweede aanvraag gedaan uit deze reserve ter hoogte van € 500.000, -- ten behoeve van het Schiphol Cargo Mainport Program (SCMP). ALB In 2020 is de wethouder Luchthavenzaken van de gemeente Haarlemmermeer voorzitter geworden van de Amsterdam Logistics Board (ALB). Met de gemeente Haarlemmermeer, provincie Noord-Holland en regionale partners is binnen de kaders van de visie en uitvoeringsagenda een investeringsplan opgesteld voor de inzet van budgetten die destijds zijn gedecentraliseerd aan gemeente en provincie (HST Cargo en OLV-Greenport). Het Investeringsplan vraagt een aanpak langs twee lijnen. De eerste lijn is gericht op het versnellen en opschalen van lopende initiatieven. Een tweede lijn is het opstarten van activiteiten met een innovatief karakter.

De activiteiten uit dit plan moeten gericht zijn op vernieuwing met een focus op de thema’s schone en slimme logistiek en goederenvervoer. Daarbij moet het gaan om investeringen die leiden tot een concreet eindresultaat. De ALB is op 2 november 2020 akkoord gegaan met het investeringsplan. Luchtvracht In totaal kwam in 2020 ruim 70 procent van het vrachtvervoer op Schiphol voor rekening van vrachtvluchten, waarvan 10 procent bestond uit zogeheten ‘cargo only’-vluchten met passagiersvluchten. De belly-ruimte van passagiersvluchten was goed voor een krimpend aandeel van 29 procent in het vrachtvervoer. Uit de vervoerscijfers van Schiphol blijkt verder dat vooral de export (-11,7 procent) sterk daalde vorig jaar en de import met ruim 750.000 ton (-4,3 procent) minder sterk afnam.

31

Bron: KLM

Omdat de vraag naar vrachtvluchten uitzonderlijk hoog was in 2020, zijn ook passagierstoestellen ingezet om vracht te vervoeren.

Vrachtverkeer levert voor Haarlemmermeer en haar regio een belangrijke bijdrage aan de werkgelegenheid en veel bedrijventerreinen in de gemeente zijn ingericht om logistieke bedrijven te accommoderen. Het is daarnaast belangrijk voor het vestigingsklimaat rondom de luchthaven. Ook draagt vracht bij aan het internationale netwerk van Schiphol omdat sommige bestemmingen met passagiersvluchten alleen rendabel zijn door de vracht die in de belly wordt vervoerd. De laatste jaren waren ongeveer 3,5 procent van alle vluchten op Schiphol vrachtvluchten. Dit percentage stond, voor de afname van het vliegverkeer op Schiphol door de coronacrisis, onder druk door de schaarste aan slots op Schiphol. Dit heeft te maken met regelgeving en de manier waarop de slots worden uitgegeven, waarbij ‘historische’ slots een belangrijke rol spelen. Gebleken is dat luchtvaartmaatschappij passagiersvluchten vaak op het verkregen tijdslot kunnen vliegen en daarmee hun historische rechten behouden. Het tekort aan vrachtslots zorgde ervoor dat vrachtvluchten werden verplaatst naar het buitenland. Om dit probleem in ieder geval tijdelijk op te lossen heeft Air Cargo Netherlands (ACN) namens de vrachtsector een voorstel voor een local rule voor vracht voorgesteld. Met de door ACN voorgestelde local rule zou onder bepaalde voorwaarden voorrang worden verleend aan luchtvrachtmaatschappijen.

Deze is in 2019 aangenomen en zou na een jaar worden geëvalueerd. Door de coronacrisis verdween de schaarste aan slots en konden vrachtvluchten voldoende slots krijgen. Bij een toename van het aantal passagiersvluchten zal de schaarste echter opnieuw ontstaan. Voldoende ruimte voor vrachtvluchten blijft dus een aandachtspunt. Het belang van vracht voor Schiphol wordt inmiddels breder gedeeld. In de Luchtvaartnota wordt het belang van vracht onderschreven en in het afgelopen jaar was de vracht ondanks de coronacrisis het enige onderdeel van het vliegverkeer dat doorging en waar binnen de luchtvaartsector geld mee kon worden verdiend. Ook werd het belang van het vervoer van medicijnen, vaccins en goederen het laatste jaar beter zichtbaar als gevolg van de coronacrisis.

32

5.3

Onderwijs, arbeidsmarkt en werkgelegenheid

Veel bedrijven in Haarlemmermeer zijn direct of indirect verbonden met de luchthaven en de nabijheid van Amsterdam. Er is in Haarlemmermeer vooral veel werk voor mbo-geschoolden. Haarlemmermeer kent drie regionale onderwijsinstellingen (ROC’s) die een grote variatie bieden aan mbo-opleidingen. Het ROC van Amsterdam richt zich onder andere op logistiek en luchtvaart, het ROC Nova College richt zich onder andere op techniek, logistiek, horeca en handel en het AOC Wellant College richt zich onder andere op groen, logistiek en vracht. De aansluiting van het onderwijsprogramma is niet enkel een opgave voor de onderwijsinstellingen, maar ook voor het bedrijfsleven. We zien dat ‘de drie o’s’ (onderwijsinstellingen, ondernemers en overheidspartijen) de laatste jaren steeds beter zijn gaan samenwerken op arbeidsmarktvraagstukken. Het gemeenschappelijke doel daarbij is dat er goed opgeleide mensen en voldoende arbeidsplaatsen beschikbaar zijn en dat er een goede aansluiting is tussen arbeidsmarkt en onderwijs. Eén van de voorbeelden hiervan is het House of Skills, een publiek-private samenwerking in de Metropool Regio Amsterdam. Bedrijfsleven, branche-, werknemers- en werkgeversorganisaties, kennisinstellingen, onderwijs en bestuurders uit de regio werken hierin nauw samen om de huidige arbeidsmarkt in te richten op ‘skills’.

Wanneer mensen naar een baan zoeken, moeten naast opleiding en werkervaring, vaardigheden een belangrijkere plek krijgen. Werk verandert snel en mensen werken steeds vaker in een ander beroep dan waar ze ooit een opleiding voor hebben gedaan. Vaardigheden die je in verschillende sectoren kunt inzetten, worden daarom belangrijker. Ook bijscholing en omscholing zijn daarbij essentieel. ‘Intersectorale mobiliteit’ en ‘Leven Lang Ontwikkelen’ zijn hier de norm. In het kader van de coronacrisis moeten er (op advies van de Commissie Borstlap) landelijk ‘mobiliteitscentra’ komen, die zich richten op ‘werk naar werk’-trajecten. Onze arbeidsmarktregio Groot-Amsterdam was daar al mee bezig en heeft het Regionaal Werkcentrum (RWC) vormgegeven. In dit Regionaal Werkcentrum (RWC) werken we binnen de Arbeidsmarktregio Groot-Amsterdam samen met andere gemeenten, UWV (Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen), Werkgevers- en werknemersorganisaties en private partijen om werknemers die getroffen dreigen te worden door de coronacrisis te ondersteunen. Het RWC begeleidt mensen van werk naar werk. Het benadert organisaties die door de coronacrisis een personeelsoverschot hebben en organisaties die een personeelstekort hebben. Inmiddels is het een uitdrukkelijke opgave vanuit het Rijk dat iedere arbeidsmarktregio moet starten met een mobiliteitscentrum.

Naar aanleiding van de daaraan verbonden richtlijnen is aan het Regionaal Werkcentrum (RWC) nu ook een werkteam onder regie van het UWV toegevoegd. Waar het RWC met name bedrijven aan elkaar koppelt is het Werkteam er voor de individuele werknemer. Het kan gaan om werknemers die dreigen hun werk te verliezen en tijdig ander werk of perspectief op ander werk zoeken door bijvoorbeeld omscholing. Het RWC ervaart dat als gevolg van de steunmaatregelen bedrijven geneigd zijn hun personeel in dienst te houden zolang dat kan in de hoop de tijd van de coronacrisis te overbruggen. Met het aflopen van de coronamaatregelen en het bekender worden van het RWC verwachten we dat bedrijven en individuele werknemers een groter beroep zullen doen op de dienstverlening van het RWC en de Werkteams. Het RWC heeft een dependance Schiphol. De dienstverlening van deze dependance richt zich specifiek op alle bedrijven op Schiphol of die aan Schiphol verbonden zijn.

33

6

Governance en participatie 6.1

Samenwerking Bestuurlijke Regie Schiphol

Naast ieders eigen verantwoordelijkheden, werken regionale en lokale overheden in de regio rond Schiphol ook samen aan de belangenbehartiging van de regio bij de ontwikkeling van luchtvaart en luchthaven in relatie tot de omgeving. Dit gebeurt via het samenwerkingsverband Bestuurlijke Regie Schiphol (BRS). De BRS bestaat uit 56 gemeenten en vier provincies. De provincie Noord-Holland is voorzitter en de gemeente Haarlemmermeer is vicevoorzitter van de BRS. Ook in 2021 is nauw samengewerkt. In deze voortgangsrapportage wordt op de relevante onderwerpen de samenwerking benoemd en welke gezamenlijke zienswijzen en acties zijn uitgevoerd. Een aantal van deze gezamenlijke producten zijn als bijlagen bijgevoegd.

6.2

Advies Pieter van Geel toekomst Omgevingsraad Schiphol

De minister van IenW benoemde oud-staatsecretaris Pieter van Geel in 2019 tot tijdelijke voorzitter van de Omgevingsraad Schiphol (ORS). Pieter van Geel was door de minister gevraagd om te onderzoeken of de Omgevingsraad Schiphol, het overleg tussen gemeenten, provincie, het rijk, Schiphol en bewonersorganisaties en belangenorganisaties, nog voldoet. In december 2020 publiceerde Van Geel zijn eindadvies: “Schiphol Vernieuwd Verbinden: verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2050”. Van Geel adviseert de minister om de Omgevingsraad (ORS) te beëindigen. Daarvoor in de plaats adviseert Van Geel een maatschappelijke raad. Bestuurlijke partijen (waaronder ook het Rijk) en sectorpartijen maken hier geen onderdeel van uit. De maatschappelijke raad krijgt geen formele adviestaken en wordt, als het aan Van Geel ligt breder samengesteld dan de huidige bewonersvertegenwoordiging. Zo worden, wat hem betreft, daarin ook jongeren en werknemers betrokken, maar ook wetenschappers, ten behoeve van meer kwaliteit en inhoud. Daarnaast adviseert hij in te zetten op een stevige bestuurlijke kolom waarin op basis van een programmaakkoord wordt samengewerkt, vanuit de eigen bevoegdheden van de verschillende overheden. Het Rijk moet als bevoegd gezag wel kaders stellen, maar voor de meeste inhoudelijke vraagstukken, is volgens Van Geel een stevige regionale uitwerking nodig.

Van Geel adviseerde de minister zo snel mogelijk een kwartiermaker aan te stellen die kan beginnen met de verdere uitwerking van het advies. Er is binnen de huidige ORS een breed draagvlak om het advies van Van Geel snel verder uit te werken en de huidige ORS af te ronden. De demissionaire minister van IenW heeft nog geen reactie gegeven op het eindadvies, waardoor op het moment van schrijven onduidelijk is op welke termijn kan worden gestart met het afronden van de ORS en het toewerken naar een nieuwe situatie. De verwachting is dat wanneer er geen besluit komt, de ORS de noodzakelijke overleggen in 2021 blijft faciliteren. De gemeente Haarlemmermeer herkent veel van de inbreng in het eindadvies van Van Geel en is positief over de bredere participatie die Van Geel voor ogen heeft en de nauwere samenwerking tussen Rijk en regio. Haarlemmermeer heeft een bredere visie op een toekomstige ORS dan alleen bredere participatie. Binnen de gemeente zijn veel verschillende geluiden over de luchthaven. Deze pluriforme mix van mensen in onze gemeente maakt geen deel uit van de achterban van de huidige ORS-bewonersvertegenwoordiging. De achterban van veel ORS-bewonersvertegenwoordigers bestaat veelal uit actiegroepen. Uiteraard moeten ook actiegroepen mee kunnen praten, maar in de huidige ORS is hierdoor een ongewenste exclusiviteit ontstaan.

Daarnaast wil Haarlemmermeer geen getrapt bewonersvertegenwoordigers systeem. Vertegenwoordiging van alle inwoners op basis van honderd handtekeningen is niet representatief. In een toekomstig platform is een verbreding van de mix van mensen die participeren wenselijk. Hiervoor is een laagdrempelig platform nodig dat toegankelijk is voor meer mensen om mee te praten. Wat de gemeente betreft, kan nu zo spoedig mogelijk worden gestart met het vervolgtraject: een nette en spoedige afronding van de ORS en voortvarend aan de slag met de uitwerking van het advies. Dit is echter afhankelijk van een besluit van de minister of zij het advies van Van Geel overneemt. Bij de oprichting van de ORS in 2015 is afgesproken om de ORS na drie jaar te evalueren. Haarlemmermeer is altijd groot voorstander geweest van een evaluatie door een onafhankelijke partij, met als doel hiervan te 34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Haarlemmermeer&id=18c6e551-102d-44e3-881a-e758f0c7b819