Nota Netwerkstudie.pdf
Tekst van het document
gemeente Haarlemmermeer
nota van B&W Onderwerp
Portefeuillehouder Collegevergadering Inlichtingen Registratienummer
Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040 drs. Marja Ruigrok 29 juni 2021 Jolien Prins (+31235676177) 2021.0001681
1. Voorstel Collegebesluit(en)
Het college heeft besloten om: 1. de Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040 vast te stellen; 2. als vervolg op de netwerkstudie de adaptieve samenwerkingsagenda verder uit te werken in een prioritering van concrete voorstellen gericht op opname in de investeringsprogramma's van de afzonderlijke partijen; 3. de raad voor te stellen deze nota te agenderen ter bespreking. 2. Samenvatting
Mobiliteit is van vitaal belang voor het functioneren van de samenleving van Haarlemmermeer. Door de snelle groei van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) zal de druk op de verkeers- en vervoersnetwerken toenemen. Daarom heeft het college, samen met de Vervoerregio Amsterdam (VRA) en de provincie Noord-Holland (PNH) de Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040 opgesteld (hierna: Netwerkstudie). Dit is een nieuwe stap in de samenwerking tussen de PNH, VRA en gemeente. De Netwerkstudie is een uitwerking van de Mobiliteitsvisie Haarlemmermeer (2018.0065348), Het doel van de Netwerkstudie is om een door PNH, VRA en onze gemeente gedragen beeld te krijgen van benodigde mobiliteitsmaatregelen. Hierdoor kunnen we direct oplossingsrichtingen uitwerken en projecten starten, omdat we in ieder geval niet meer nut en noodzaak hoeven vast te stellen. De Netwerkstudie is het kader en de basis voor de PNH, VRA en de gemeente om nu sneller tot structurele verbeteringen te komen. De netwerkstudie toont hoe het multimodale mobiliteitsnetwerk klaar gemaakt moet worden voor de toekomst, zodat onze gemeente naast goed bereikbaar ook een fijne leef- en werkomgeving blijft. Dit betekent dat we én oplossingsrichtingen hebben voor het oplossen van knelpunten én zorgen dat verkeersdeelnemers allemaal een goede plek krijgen.
In de Netwerkstudie leggen we samen met de VRA en PNH de opgaven en oplossingsrichtingen vast. De oplossingsrichtingen zijn in de adaptieve samenwerkingsagenda vertaald naar oplossingen. Hierin staan oplossingen genoemd waar we al samen mee bezig zijn, waar we nu overeenstemming over hebben en waarover we verder in gesprek kunnen om ze nader uit te werken naar maatregelen. De adaptieve
Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040
Pagina 2
samenwerkingsagenda geeft daarmee goed inzicht welke maatregelen al lopen of snel gestart kunnen worden, welke zaken nader onderzocht moeten worden en welke (generieke) afspraken we met elkaar maken. Het is een groot pakket en niet alle oplossingen hoeven en kunnen in één keer en al op korte termijn uitgevoerd te worden. De adaptieve samenwerkingsagenda geeft aan hoe ver de uitwerking van oplossingen al gevorderd is en aan welke opgaven die oplossingen bijdragen. De adaptieve samenwerkingsagenda is een eerste aanzet en een document dat jaarlijks (of zo vaak als nodig) geconcretiseerd en geactualiseerd wordt. Dit is de basis voor nadere afspraken over fasering, prioritering en het vastleggen in de investeringsprogramma's van de gemeente, VRA en PNH en over de 'hardheid', status en indicatie van uitvoering op basis van de inzichten nu. 3. Uitwerking 3.1 Wat willen we bereiken?
Mobiliteit is van vitaal belang voor het functioneren van de samenleving in Haarlemmermeer. We zijn een goed bereikbare gemeente. Of het nu per fiets, openbaar vervoer, auto of een combinatie van vervoerswijzen is, de waardering voor de verbindingen is onverminderd zeer hoog. De snelle economische groei van de MRA resulteert in een groei van het aantal inwoners en ondernemers in zowel onze, als in omliggende gemeenten. De druk op de verkeers- en vervoersnetwerken zal toenemen. Ons doel is om de groei van mobiliteit voor alle modaliteiten te faciliteren. Daarom hebben wij, samen met de VRA en PNH opdracht gegeven om een Netwerkstudie op te stellen. De Netwerkstudie is een uitwerking van de Mobiliteitsvisie Haarlemmermeer (2018.0065348). In de Netwerkstudie wordt de volle breedte van het mobiliteitsspectrum betrokken, onder meer: fiets, (hoogwaardig) openbaar vervoer, auto, park & ride. Het doel van de studie is om een door PNH, VRA en onze gemeente gedragen beeld te krijgen van benodigde mobiliteitsmaatregelen. De netwerkstudie heeft als doel om het multimodale mobiliteitsnetwerk klaar te maken voor de toekomst, zodat de gemeente naast goed bereikbaar ook een fijne leef- en werkomgeving blijft. Mobiliteitsoplossingen zijn nodig om de ruimtelijke ontwikkelingen (woningen en arbeidsplaatsen) mogelijk te maken.
Dit betekent dat we én oplossingsrichtingen hebben voor het oplossen van knelpunten, dat we zorgen dat verkeersdeelnemers allemaal een goede plek krijgen én dat we een oplossing schetsen om de woningbouwopgave mogelijk te maken. De opgaven zijn te complex om als gemeente alleen te realiseren, maar met elkaar krijgen we dat wel voor elkaar. Het gefaseerd uitwerken van oplossingen naar projecten en het realiseren van maatregelen volgt hierna, in de komende tien tot twintig jaar. Het resultaat van de Netwerkstudie is daardoor niet een kant en klaar pakket van maatregelen, maar een in de loop van de tijd aanpasbaar (adaptief) pakket. De winst van de Netwerkstudie is dat er draagvlak is voor oplossingen bij de PNH, VRA en gemeente. Hierdoor kunnen we direct projecten starten en hoeven daar in ieder geval niet meer nut en noodzaak voor vast te stellen. De Netwerkstudie is het kader en de basis voor de PNH, VRA en de gemeente om nu sneller tot structurele verbeteringen te komen. Met de Netwerkstudie ligt er een analyse van de mobiliteitsopgaven en -knelpunten (hoofdstuk 2), kansen en oplossingen (hoofdstuk 3). En de Netwerkstudie bevat een adaptieve samenwerkingsagenda (hoofdstuk 4).
In de samenwerkingsagenda is aangegeven hoe de oplossingen de komende periode omgezet zullen worden in onderzoeksvragen en maatregelen en door wie deze, op welke termijn, en voor welk deel in de planning en control-cyclus (P&C-cyclus) geborgd moeten worden (PNH, VRA, gemeente en derden).
Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040
Pagina 3
3.2 Wat gaan we daarvoor doen? Wat zijn de argumenten?
Mobiliteitsoplossingen zijn nodig om de ruimtelijke ontwikkelingen (woningen en arbeidsplaatsen) mogelijk te maken Haarlemmermeer realiseert een substantieel deel van de regionale ontwikkelingsambitie met een woningbouwschaalsprong van circa 20.000 woningen in 15 jaar en een stevige groei van het aantal arbeidsplaatsen. Het mobiliteitssysteem in Haarlemmermeer loopt daardoor tegen de maximale capaciteit op. We merken nu al dat gebiedsontwikkelingen te maken hebben met vertraging door mobiliteitsknelpunten op structuurniveau. De Netwerkstudie laat zien hoe we dit kunnen oplossen. De geplande ontwikkelingen voor woningbouw, bedrijventerreinen en recreatie maken stevige mobiliteitsinvesteringen nodig, waaronder vergroting van de verkeerscapaciteit, overstaplocaties en mobiliteithubs, fietsnetwerk en het openbaar vervoer. Daarnaast is het huidige netwerk niet overal direct geschikt voor de afwikkeling van alle nieuwe ontwikkelgebieden. In de bestaande situatie wordt autoverkeer bijvoorbeeld veelal geleid over de oude polderlinten en vormt de overdaad aan automobiliteit een barrière in de verdere ontwikkeling van het stationsgebied Hoofddorp.
De groei binnen onze gemeente, maar ook daarbuiten in Amsterdam, Zuid-Kennemerland en Holland Rijnland, vraagt om structuurwijzigingen in de bestaande mobiliteitsnetwerken om ook in de toekomst een bereikbare gemeente te blijven en doorstroming van het wegennet te waarborgen. De structuurwijziging van het fiets- ov- en autonetwerk in Haarlemmermeer is nodig om de gemeente en de regio bereikbaar te houden met alle geplande ruimtelijke ontwikkelingen in en om ons heen. Niet alleen ontwikkelingen in onze gemeente hebben invloed op de verkeersstromen binnen onze gemeente, ook de ruimtelijke ontwikkelingen buiten onze gemeente zijn daarop van invloed, zoals bijvoorbeeld in Amsterdam, Haarlem of de Bollenstreek. Effectieve maatregelen om de gewenste capaciteitsvergroting te bereiken en de leefbaarheid en verkeersveiligheid binnen de kernen te versterken zijn mogelijk door het verbeteren van de ringstructuren van de grote woonkernen Hoofddorp en Nieuw-Vennep. Doorgaand verkeer wordt daardoor beter van het lokaal bestemmingsverkeer gescheiden en polderlinten worden niet verder belast. Hierdoor ontstaat meer ruimte voor het verbeteren van netwerken voor lopen, fietsen en openbaar vervoer.
Met de Netwerkstudie is er draagvlak bij VRA en PNH voor oplossingen in Haarlemmermeer Door de Netwerkstudie samen met VRA en PNH op te stellen is er draagvlak voor de probleemstelling, opgaven en oplossingen op het gebied van mobiliteit. De Netwerkstudie kan gezien worden als beleidsafstemming tussen de drie partijen. Deze afstemming biedt een degelijke basis om de komende 10 tot 20 jaar samen de oplossingen in maatregelen uit te werken die nodig zijn voor de enorme woningbouwopgave.
De Netwerkstudie sluit aan op stukken over woningbouwontwikkelingen Naast de autonome knelpunten en ontwikkelingen hebben we in deze studie de gebiedsontwikkelingen betrokken die we tot 2040 voorzien voor woningbouw en bedrijvigheid. Voor de Netwerkstudie is gebruik gemaakt van zo actueel mogelijke gegevens om te studeren op de groeiende mobiliteitsbehoefte.
Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040
Pagina 4
Vanzelfsprekend wordt in de Netwerkstudie niet besloten over woningaantallen of hectaren bedrijventerrein. Daarvoor werken wij op dit moment aan stukken die inhoudelijk gaan over de woningbouwontwikkelingen, zoals de Verdichtingsvisie, de Uitvoeringsstrategie Versnelling Woningbouw en het verdichtingsplan voor het stationsgebied Hoofddorp. Wij verwachten deze stukken na de zomer aan de raad te kunnen voorleggen. De gegevens uit deze studies zijn uiteraard wel input geweest voor de Netwerkstudie om de mobiliteitseffecten te bepalen en met oplossingen daarvoor te kunnen komen. De woningbouwopgave is enorm, en daardoor de mobiliteitsopgave ook. Maar niet alle oplossingen hoeven in één keer en al op korte termijn uitgevoerd te worden. De adaptieve samenwerkingsagenda geeft goed aan hoe ver de uitwerking van oplossingen al gevorderd is en aan welke opgaven die oplossingen bijdragen. Het is een eerste aanzet en een document dat jaarlijks (of zo vaak als nodig) geconcretiseerd en geactualiseerd wordt. Met de Netwerkstudie geven we invulling aan het principe 'eerst bewegen, dan bouwen' Er is een grote behoefte aan woningen in de gemeente Haarlemmermeer. Om daartoe bestemde gebieden geschikt te maken is bereikbaarheid een voorwaarde: "eerst bewegen dan bouwen".
Dit vergt inzet en investeringen en vanzelfsprekend een hechte samenwerking tussen het woningbouwprogramma en dit uitvoeringsprogramma. Er is bewust gekozen voor het toepassen van het zogeheten STOMP-principe. STOMP is een afkorting voor Stappen, Trappen, Openbaar vervoer (OV), Mobility as a Service, Personenauto, waarbij oplossingen worden bekeken vanuit de actieve vervoerswijzen en het openbaar vervoer tot wegverkeer. Door op deze manier de mobiliteitsproblematiek te benaderen, komen eerst duurzamere en goedkopere oplossingen van de mobiliteitsproblemen in beeld. Haarlemmermeer streeft naar keuzevrijheid voor de reiziger. Het aanbod voor lopen, fiets en OV kan beter, waardoor de keuzevrijheid van de reiziger toeneemt. Ook wordt hierdoor het mobiliteitsnetwerk inclusiever. Het STOMPprincipe draagt dus bij aan het principe 'vrijheid van bewegen'. Daarnaast draagt het STOMP-principe bij aan een betere ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid. Dit is nog meer van belang in bestaande kernen waar verdicht wordt. De Netwerkstudie komt tegemoet aan herkenbare problemen in Haarlemmermeer Hoofdstuk 2 bevat de probleemanalyse. Hierin komen de meest herkenbare problemen voor Haarlemmermeer in terug. De meest herkenbare problemen voor Haarlemmermeer zijn: de vele barrières voor fietsers, zoals rijkswegen, de Ringvaart, spoorlijnen en de landingsbanen van Schiphol.
Daarnaast zorgt de polderstructuur van Haarlemmermeer voor relatief lange fietsafstanden en zijn er meerdere verkeersveiligheid-gerelateerde problemen voor fietsers op het netwerk. Dit alles zorgt ervoor dat fietsers minder graag gebruik maken van dit netwerk; het OV dat onder druk staat (met name bij de Multimodale Knoop Schiphol en de Schipholtunnel) en de rol die OV kan en moet spelen bij gebiedsontwikkelingen (tijdig en voldoende aanbod van OV als randvoorwaarde); het Station Hoofddorp, waar veel verkeer- en vervoerstromen samenkomen, in combinatie met de ruimtelijke ontwikkeling van de stationsomgeving; de capaciteitsknelpunten op de rijkswegen A4-A5-A9; het doorgaand en ontsluitingsverkeer (auto) dat nu veelal ongewenst over lokale wegen en woonstraten rijdt. Dit levert problemen op voor de leefbaarheid en veiligheid van inwoners en kwetsbaardere verkeersdeelnemers. Dit zal door de grote
Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040
Pagina 5
woningbouwopgave alleen maar verergeren als er geen robuuste oplossing gevonden worden; het regionaal verkeer dat op gespannen voet staat met de lokale leefbaarheid en verkeersontsluiting, zoals de grote verkeersstroom door het stationsgebied Hoofddorp en de oost-west verbindingen met de Bollenstreek. De oplossingsrichtingen zijn divers en als totaalpakket effectief om zowel bestaande knelpunten op te lossen als om woningbouw mogeliik te maken Er zijn oplossingsrichtingen gevonden om de knelpunten, zeker in een groeiende regio, het hoofd te bieden. In hoofdstuk 3 zijn de oplossingsrichtingen beschreven. Belangrijke oplossingsrichtingen voor Haarlemmermeer zijn: het versterken van het fiets- en wandelnetwerk, door onder andere het toevoegen van ontbrekende schakels zoals fietsbruggen bij de Ringvaart, verbindingen naar nieuwe ontwikkelgebieden en het verbeteren van doorfietsroutes; het verminderen van het autoverkeer rondom Station Hoofddorp, het ontvlechten van stromen, het verbeteren van de functie van de infrastructuur (bijvoorbeeld bereikbaarheid per fiets), verkeersveiligheid en ruimtelijke kwaliteit van het stationsgebied. Hier ligt nog een onderzoeksopgave voor het stuk tussen HoofddorpNoord (N201) en de A4; een systeemsprong van het OV, door het beter benutten van het OV-netwerk.
Betere knooppunten en het doortrekken van de Noord/Zuidlijn, met de HOV-bussen als dragende basis van het OV-netwerk in Haarlemmermeer; aantrekkelijke overstappunten met goede fietsroutes naar stations en voldoende stallingen. Maar ook goede overstappunten voor reizigers richting Amsterdam, zoals het uitbreiden van Park & Ride's langs het hoofdwegennet; het benutten van de hoofdstructuur van het wegennetwerk, waarbij de N201, N205, N207, Spoorlaan en ook de Nieuwe Bennebroekerweg primair de ontsluitende wegen zijn voor Hoofddorp, Nieuw-Vennep en daarbinnen gelegen nieuwe uitbreidingswijken. Dat betekent overigens wel dat er ook in de centra zelf maatregelen moeten worden genomen om het verkeer in goede banen te leiden naar die randstructuur. Hiervoor worden voor Nieuw-Vennep en Hoofddorp komende jaar twee Verkeersstructuurplannen opgesteld; de leefbaarheid in onze kernen langs de Ringvaart structureel verbeteren door de bereikbaarheid Haarlemmermeer-Bollenstreek aan te passen.
Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040
Pagina 6
Voor de uitwerking is de adaptieve samenwerkingsagenda gestructureerd in vier sporen 1. Lopende acties Het gaat hier om trajecten die al lopen en die zijn ontstaan uit een gezamenlijke aanpak van de drie partijen. De oplossing beschikt al over een voorkeursvariant en in sommige gevallen een planuitwerking. De samenwerking tussen de partijen in deze acties moet worden bestendigd. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de Cruquiusbrug, de F200 en de Nieuwe Bennebroekerweg. 2. Urgente opgaven Dit zijn oplossingen met een hoge urgentie en vormen de randvoorwaarden voor de belangrijkste ruimtelijke ontwikkelingen. Deze oplossingen worden naar voren gehaald in de tijd om de ruimtelijke ontwikkelingen direct in de goede richting te leiden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de doorfietsroute Nieuw-Vennep Hoofddorp langs de Hoofdvaart, de wegen rond het stationsgebied afwaarderen en het uitwerken van een robuuste randstructuur Haarlemmermeer-Bollenstreek. 3. Agenda voor nader onderzoek Dit betreft de opgaven waar de oplossingsrichting in beeld is, echter moet de gedragen oplossing nog verder worden uitgewerkt. Afhankelijk van de oplossing richt het vervolgonderzoek zich op: vervoerswaarde of business case, tracé of locatie en inpassing.
Denk hierbij aan fietsbruggen over de Ringvaart, veranderingen verkeersstructuur Hoofddorp en Nieuw-Vennep (hiervoor is inmiddels al gestart met het opstellen van Verkeersstructuurplannen) en een doorfietsroute langs de Geniedijk 4. Generieke oplossingen en afspraken Het betreft hier de oplossingen die niet locatiespecifiek zijn en/of oplossingen waarbij de uitvoering ligt bij een andere betrokken partij, zoals een marktpartij. De drie partijen fungeren bij deze oplossingen als aanjagers. Denk hierbij bijvoorbeeld aan verkeersveiligheidscampagnes, mobiliteithubs op werklocaties en deelfietsprogramma's bij OV-knopen. De oplossingsrichtingen dragen bij aan een robuust mobiliteitsnetwerk Bij het uitwerken van de oplossingsrichtingen is gekeken naar de mate waarin een oplossing bijdraagt aan de robuustheid van het systeem. Dat wil zeggen in hoeverre het systeem voldoende terugvalopties kent wanneer een of meerdere delen van een netwerk buiten gebruik zijn door bijvoorbeeld werkzaamheden of onverwachte redenen. Door de goede synergie tussen de verschillende netwerken en aandacht te hebben voor overstappunten kan het systeem als geheel efficiënter worden gebruikt. Wat zijn de kanttekeningen en risico's?
De Netwerkstudie wordt nog uiteewerkt in een uitvoeringsagenda Uit de Netwerkstudie blijkt dat er veel opgaves liggen in de gemeente Haarlemmermeer. Het realiseren van de vele woningen, bedrijven en voorzieningen vergt grote investeringen in mobiliteit. De Netwerkstudie heeft helder gemaakt waar die opgaven liggen en geeft een goede basis hoe de drie initiatiefnemers denken over hoe die ruimtelijke opgaven tot ontwikkeling gebracht kunnen worden en welke randvoorwaarden op het gebied van mobiliteit daarbij horen. De Netwerkstudie is daarmee een waardevol product en een goed voorbeeld van hoe we met de drie partijen gezamenlijk optrekken om de opgaves op te pakken. De Netwerkstudie maakt ook duidelijk dat het aantal opgaven dermate groot is, dat het niet mogelijk is om alle investeringen direct al op korte termijn te doen. Dit zal gefaseerd moeten worden in de tijd. Het is echter nu nog onvoldoende mogelijk om goed te faseren
Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040
Pagina 7
en prioriteren, omdat nog niet alle kosten in beeld zijn. Wel geeft de Netwerkstudie goed richting in de problemen die aangepakt moeten worden. Na de vaststelling van de Netwerkstudie dient daarom nog een uitwerkingsslag gemaakt te worden om tot een uitvoeringsagenda te komen. Hiervoor is het nodig om per oplossingsrichting meer informatie te vergaren (over onder andere kosten). Op die manier wordt het mogelijk om de oplossingsrichtingen te prioriteren en de uitkomsten daarvan te laten landen in de gezamenlijke investeringsagenda's/uitvoeringsagenda's van de drie partners (gemeente, PNH en VRA). Hierbij zal ook duidelijk worden gemaakt welke partij, welke opgave aanpakt en met welk gewenst resultaat. Er zijn meerdere partijen nodig om de maatregelen te kunnen uitvoeren De Netwerkstudie is gedragen door de drie partners (gemeente, PNH en VRA). Zoals gezegd moeten de oplossingsrichtingen na vaststelling nog per maatregel of per gebied/corridor verder worden uitgewerkt. In verschillende gevallen zullen we daarbij ook extra de samenwerking moeten zoeken met andere partners zoals de provincie Zuid-Holland, rijksoverheid, de Bollenstreek gemeenten. Schiphol, gemeenten in Zuid-Kennemerland en gemeente Amsterdam. En met partners buiten de overheid, zoals grote werkgevers, ontwikkelaars, NS, ProRail, Connexxion, Arriva en aanbieders van deelmobiliteit.
Zodra oplossingsrichtingen uitgewerkt zijn in maatregelen zal hiervoor ook financiering gevonden moeten worden. De financiering zal deels gezocht worden bij de drie partijen (gemeente, PNH en VRA), waarbij de verhouding afhangt van het type maatregel. Daarnaast zal ook gekeken worden naar andere partijen, zoals andere overheden, ontwikkelaars en overige marktpartijen. Er wordt nu nog niets vastgelegd in investeringsprogramma's Behalve de al lopende projecten is het totaalpakket van oplossingsrichtingen nog niet opgenomen in de P&C-cylcus (bijvoorbeeld de programma begroting, de Investeringsagenda Mobiliteit of het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit). Dit geldt ook voor de P&C-producten bij de VRA en PNH, Dit komt omdat de oplossingsrichtingen eerst nader uitgewerkt moeten worden in maatregelen en dat deze in de tijd gezet moeten worden. Zodra een maatregel voldoende uitgewerkt is, zullen de PNH, VRA en de gemeente het opnemen in hun P&C-cyclus. De impact van de coronacrisis is moeilijk in te schatten De coronacrisis en de gevolgen daarvan zijn ook ontwikkelingen die aandacht eisen op korte en middellange termijn.
Het is nog niet bekend welke onderdelen van het veranderde mobiliteitsgedrag zullen blijven ook nadat de coronamaatregelen opgeheven zijn: meer individueel reizen met de fiets en auto, de groei in belang van de elektrische fiets, meer verspreide spitsen in het openbaar vervoer, thuiswerken en veranderde werktijden, online winkelen, et cetera. In de Netwerkstudie is de coronacrisis als moeilijk in te schatten ontwikkeling meegenomen in de probleemanalyse. 3.3 Wat mag het kosten?
Aan de uitvoering van deze nota zijn, naast de beschikbare ambtelijke capaciteit, geen kosten verbonden. De Netwerkstudie geeft aan op welke wijze het mogelijk is om én veel woningen en arbeidsplaatsen te realiseren, én zo veel mogelijk van bestaande mobiliteitsknelpunten aan te pakken en dat alles met zo min mogelijk uitbreiding en aanpassing van areaal. Maar het zal de komende jaren investeringen vragen. Zowel van de
Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040
Pagina 8
gemeente, als ook van de VRA en PNH. Hoeveel, wanneer en van wie moet de komende periode nader uitgewerkt worden. 3.4 Wie is daarvoor verantwoordelijk?
De gemeente, de VRA en de PNH zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor het verder uitwerken van de Netwerkstudie naar studies, maatregelen en projecten. Afhankelijk van het type maatregel is het logisch dat de VRA, de PNH of juist de gemeente trekker is. De Netwerkstudie past binnen het kader dat de gemeenteraad heeft vastgesteld in de Mobiliteitsvisie. Het college van B&W is verantwoordelijk om de doelen uit de Mobiliteitsvisie te realiseren. Met de Netwerkstudie geven wij invulling aan de Mobiliteitsvisie door aan te geven hoe de gemeente de doelen uit de Mobiliteitsvisie gaat behalen. Binnen het college is de wethouder Verkeer en Vervoer het eerste aanspreekpunt. 3.5 Welke overige relevante informatie is beschikbaar?
De Netwerkstudie is mede tot stand gekomen met inbreng van betrokken partijen In het voorjaar van dit jaar zijn verschillende gesprekken met betrokken partijen georganiseerd. Er is gesproken met omliggende gemeenten, de provincie Zuid-Holland, de regio Holland Rijnland en Rijkswaterstaat. Daarnaast is gesproken met belangenverenigingen en vervoerders, zoals de fietsersbond, Transport en Logistiek Nederland (TLN), Verbond van Nederlandse Ondernemingen-Nederlands Christelijk Werkgeversbond (VNO-NCW), Connexxion, Nederlandse Spoorwegen (NS) en ProRail. En er is gesproken met vertegenwoordigers van dorps- en wijkraden. De gesprekken leverden aangescherpte inzichten op zowel de bestaande problemen, als ook wat in de Netwerkstudie nog ontbrak. Waar mogelijk is dit direct in de probleemanalyse en oplossingsrichtingen verwerkt. Een aantal waardevolie bijdragen werden niet verwerkt in de Netwerkstudie. Deze worden meegenomen in de (wensenlijst van) gebiedsprogramma's. Dit gaat over opmerkingen die betrekking hebben op een onderwerp of schaalniveau dat niet binnen de kaders van de Netwerkstudie valt. De Netwerkstudie wordt (bijna) gelijktijdig vastgesteld door de PNH en VRA De Netwerkstudie wordt in dezelfde periode ook vastgesteld door Gedeputeerde Staten (GS) van de PNH en door het Dagelijks Bestuur (DB) van de VRA.
De planning is dat het op 29 juni in GS van de PNH behandeld wordt en op 8 juli in het DB van de VRA. Communicatie over de Netwerkstudie Na het vaststellen van de Netwerkstudie wordt er een afgestemd nieuwsbericht geplaatst op InforMeer. Ook de PNH en VRA zullen hierover via hun eigen kanalen communiceren. 3.6 Wanneer en hoe zal de raad over de voortgang worden geïnformeerd?
Zodra de uitwerking van de adaptieve samenwerkingsagenda concreet genoeg is voor investeringen, krijgt de gemeenteraad dit komende jaren via de Investeringsagenda Mobiliteit of het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit voorgelegd. In de tussentijd wordt de gemeenteraad op de hoogte gehouden via de Voortgangsrapportage Mobiliteit. 3.7 Wat betekent dit voor de Metropoolregio Amsterdam (MRA)?
In de MRA is een enorme opgave om woningen en arbeidsplaatsen te realiseren. Dit brengt ook mobiliteitsogpaven met zich mee. In de regio wordt hier via het programma Samen Bouwen aan Bereikbaarheid gestudeerd op het bereikbaar houden van de sterk groeiende regio. Dit gebeurt in de MRA Netwerkstrategie. De MRA Netwerkstrategie gaat
Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040
Pagina 9
logischerwijs niet in op de lokale consequenties. De Netwerkstudie sluit aan op de MRA Netwerkstrategie. 4. Ondertekening
Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer, de secretaris, de burgemeester,
•
Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040
Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040 Eindrapport
18 juni 2021
Inhoudsopgave
Verklarende woordenlijst
3
3.2.
Deur-tot-deur (elektrisch) fietsen
51
Management samenvatting
4
3.3.
Systeemsprong openbaar vervoer
53
3.4.
Fiets en OV als één netwerk
55
3.5.
Stationsgebied Hoofddorp als aantrekkelijk multimodaal knoop
57
1
Inleiding
1.1.
Aanleiding van de Netwerkstudie
8
3.6.
Hubs voor deelmobiliteit
59
1.2.
Aanpak
9
3.7.
Autoreizigers naar OV en fiets aantrekken
61
1.3.
Betrekking van stakeholders
10
3.8.
Robuuste randstructuur weg
63
1.4
Leeswijzer
12
3.9.
Slimme en efficiënte logistiek
65
2
Probleemanalyse
4
Adaptieve samenwerkingsagenda
2.1
Context
14
2.2
Netwerkscan
20
2.3
Probleemstelling
39
3
Oplossingsrichtingen
3.1.
Inleiding
68
4.1
Adaptieve samenwerkingsagenda
71
4.2
Fasering en afhankelijkheden
75
Colofon
86
Deelnemers gesprekken
87
Inleiding
46
Principes
47
Oplossingsrichtingen
48
Bijlage 1. Lijst oplossingen
88
Lokaal netwerk voor lopen en fietsen
49
Bijlage 2. Voorbeeld standaard toepassing MPvE
92
Verklarende woordenlijst
MaaS
Mobility as a Service
MIRT
Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport
MRA
Metropoolregio Amsterdam
MKS
Multimodaal Knoop Schiphol
NMCA
Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse
NMCA-knelpunt
Een (toekomstig) knelpunt dat is geregistreerd door de Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse
NZK
Noordzeekanaal
OV-SAAL
Project Openbaar Vervoer Schiphol-Amsterdam-Almere-Lelystad
ROVT 2040
Regionaal OV Toekomstbeeld 2040 Noord-Holland en Flevoland
SBaB
Samen Bouwen aan Bereikbaarheid: Het gebiedsgerichte bereikbaarheidsprogramma van de MRA
STOMP-principe
Duurzaamheidsprincipe bij mobiliteitsbeleid, waarbij prioriteit gaat naar Stappen, vervolgens Trappen, dan Openbaar vervoer, MaaS en dan pas Privéauto’s.
STP
Schiphol Trade Park
ZWASH
De stedelijke ontwikkelingscorridor Zuidwest-West Amsterdam Schiphol Hoofddorp
3
Management samenvatting
Netwerkstudie Haarlemmermeer 2040
Naast woningbouw heeft ook de toenemende
en de autoafhankelijkheid van Haarlemmermeer zorgen
De Provincie Noord-Holland, Vervoerregio Amsterdam
werkgelegenheid effecten op de mobiliteitsnetwerken in
voor meer opstoppingen en sluipverkeer in de kernen.
en gemeente Haarlemmermeer willen gezamenlijk
Haarlemmermeer, net zoals de groei van voorzieningen
en gestructureerd de mobiliteitsopgaven oplossen in
en van recreatieve functies. De intensivering van
Zonder investeringen op de netwerken worden de
Haarlemmermeer met als doel het toewerken naar een
bedrijvigheid met Schiphol, als centrale economische
knelpunten onhoudbaar en worden de bereikbaarheid
toekomstbestendige verkeers- en mobiliteitsstructuur
motor voor de gemeente en regio, samen met de groei
en leefbaarheid in de zuidelijke MRA bedreigd.
voor 2040. Deze netwerkstudie is opgesteld om een
van woningbouw leidt tot de toename van pendelstromen
Daarmee vormt het een risico voor de toekomstige
goede beleidsafstemming tussen de drie partijen
in, vanuit en naar Haarlemmermeer. Alleen al op Schiphol
aantrekkelijkheid van Haarlemmermeer en de MRA. Met
te verzorgen. De studie is gepositioneerd tussen de
werken meer dan 64.000 mensen, waarvan bijna 90%
het oog op klimaatdoelstellingen is het ook van belang
Netwerkstrategie MRA en het ZWASH-programma
buiten gemeente Haarlemmermeer woont.
dat er meer aandacht komt voor de kwaliteit van de
van Samen Bouwen aan Bereikbaarheid (SBaB), de
infrastructuur en diensten voor voetgangers, fietsers, OV
Verstedelijkingsstrategie MRA, het Regionaal OV
Deze gebiedsontwikkeling noodzaakt, naast autonome
Toekomstbeeld Noord-Holland en Flevoland 2040 en
ontwikkelingen, tot het denken over welke schaalsprong
individuele ontwikkellocaties.
van mobiliteit daarvoor nodig is en op welke manier
De conclusies van de probleemanalyse zijn verdeeld in
woningbouw en economische ontwikkeling in
zeven specifieke netwerk- en gebiedsopgaven:
Haarlemmermeer vormt de schakel tussen de
en deelmobiliteit.
Haarlemmermeer vorm krijgen.
Metropoolregio Amsterdam (MRA) en Zuid-Holland. Door
•
Grote netwerken,
deze strategische locatie is een goed functionerend en
Probleemanalyse
•
Regionale en (boven)lokale netwerken,
robuust mobiliteitsnetwerk van lokaal, (boven)regionaal
Deze ontwikkelingen betekenen een aanzienlijke druk op
•
De kernen Hoofddorp en Nieuw-Vennep,
en zelfs internationaal belang. Omwille van de sterke
de lokale, regionale en bovenregionale bereikbaarheid.
•
Stationsgebied Hoofddorp,
groei in het aantal inwoners en het aantal banen, kent
De huidige netwerken – fiets, openbaar vervoer en
•
Schiphol,
de MRA een aantal grote uitdagingen op het gebied van
autowegen – naderen al hun maximale capaciteit met
•
Badhoevedorp,
wonen, werken, recreatie en vervoer. Dit geldt ook voor
de huidige verkeersstromen. De knelpunten die in de
•
De Ringvaartzone.
Haarlemmermeer waar een toename van het aantal
Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse (kortweg NMCA)
woningen van meer dan 30% (20.000 extra woningen)
zijn geregistreerd op weg en spoor in 2040 zijn (voor
gepland is voor 2040. Vergelijkbare toenames vinden
de coronacrisis) al bereikt. De bereikbaarheid van de
plaats ook in de omliggende gemeenten en regio’s zoals
Multimodale Knoop Schiphol komt hierdoor ook onder
Zuid-Kennemerland en regio Holland-Rijnland.
druk te staan. De toenemende druk op de infrastructuur
4
Oplossingsrichtingen
mogelijk aangemoedigd, daarbij krijgen de kleinste
wanneer een of meerdere netwerken buiten gebruik
Elke netwerk- en gebiedsopgave is een complex
investeringen met de minste negatieve effecten
zijn vanwege werkzaamheden of uit onverwachte
ruimtelijk vraagstuk op zichzelf en kan niet door één
op de leefbaarheid de prioriteit. Vervolgens
redenen.
mobiliteitsoplossing worden opgelost. Er zijn daarom
spelen het verbeteren van openbaar vervoer
concrete oplossingen geformuleerd die voor meerdere
en de ondersteuning van delen en elektrisch
en maatschappelijke ontwikkelingen, zoals
probleemstellingen een antwoord kunnen bieden.
rijden ook een belangrijke rol. Bouwen dichtbij
de elektrische fiets en speed pedelec,
De oplossingen zijn gestructureerd in pakketten en
OV-knooppunten, functiemenging, kortere woon-
mobiliteitsdiensten, slimme logistiek, zelfrijdende
oplossingsrichtingen.
werkafstanden, dagelijkse voorzieningen dichter bij
voertuigen, thuiswerken en de lange termijneffecten
huis en de beprijzing van stilstand (parkeerregime)
van de coronamaatregelen. Andere veranderingen
De oplossingsrichtingen zijn opgesteld op basis van de
zijn eveneens belangrijke aspecten van de
zijn de kansen die een nieuwe metrolijn naar
volgende drie principes:
mobiliteitstransitie.
Haarlemmermeer brengt, de onzekerheid omtrent de
• •
•
Adaptiviteit. Oog hebben voor technologische
Robuustheid. Een goede synergie tussen de
ontwikkeling van Schiphol en het autoluw beleid van
Duurzaamheid en nabijheid. Verplaatsen moet
verschillende netwerken, met gevarieerde
Amsterdam. Daarom is deze studie geen blauwdruk
duurzamer. Lopen en fietsen worden zoveel
mogelijkheden voor overstappen en terugvalopties
maar een adaptief plan dat zich kan aanpassen.
OPGAVEN (b 1.
G
ro te
OPLOSSINGSRICHTINGEN
ov en
3.
De
ke r
4.
5.
Lu
St ch ne )lo 2. 6. at 7. th n ka Re Ba io Ri bi av le gio n ng nn dh e n H n ne va en et nal o o Sc e o tw we e ar ve fd de h e er tz i rk n d d p on ke ru or or ho en it p p n e l
De volgende negen oplossingsrichtingen zijn geformuleerd: 1.
fietsen aanmoedigen voor dagelijkse reizen door infrastructuur en verkeersveiligheid te verbeteren. 2.
tot-deur vervoersmiddel voor woon-werk verkeer,
2. Deur-tot-deur (elektrisch) fietsen
inclusief goede fietsenstallingen, het toevoegen en aanpassen van fietsroutes en fietsleaseprogramma’s
3. Systeemsprong OV 4. Fiets en ov als één netwerk
Deur-tot-deur (elektrisch) fietsen. Fiets, elektrische fiets en speed pedelec aanmoedigen als deur-
1. Lokaal netwerk voor lopen en fietsen
M
Lokaal netwerk voor lopen en fietsen. Lopen en
voor werknemers. 3.
Systeemsprong OV. Een systeemsprong van het
5. Stationsgebied Hoofddorp als aantrekkelijk multimodaal knoop
openbaar vervoer door het maximaal benutten van
6. Hubs voor deelmobiliteit
het nog sneller en efficiënter maken van het R-net-
7. Autoreizigers naar ov en fiets aantrekken 8. Robuuste randstructuur weg 9. Slimme en efficiënte logistiek
de nieuwe metrolijn naar Schiphol en Hoofddorp en busnetwerk. 4.
Fiets en OV als één netwerk. De fiets als voor- en natransport bij OV faciliteren, door goede fietsroutes naar stations en haltes en beschikbaarheid van stallingen en deelfietsen.
5
5.
Stationsgebied Hoofddorp als aantrekkelijk
geven aan de agenda. De daadwerkelijke fasering en de
multimodaal knoop. Het stationsgebied Hoofddorp
trekkende partij worden nader bepaald.
in een bruisend en aantrekkelijk stedelijk gebied
6.
7.
8.
business case, tracé of locatie en inpassing. 4.
Generieke oplossingen en afspraken. Het betreft hier
transformeren, met uitstekende overstap tussen
De adaptieve samenwerkingsagenda past zich aan
de oplossingen die niet locatiespecifiek zijn en/of
vervoerwijzen.
de omstandigheden aan. Mochten er bepaalde
oplossingen waarbij de uitvoering ligt bij een andere
Hubs voor deelmobiliteit. Deelmobiliteit
randontwikkelingen vervroegd plaatsvinden of zelfs
stakeholder, zoals een marktpartij. De drie partijen
aanmoedigen door zowel deelprogramma’s voor auto
niet doorgaan dan zal in de adaptieve agenda daar op
fungeren bij deze oplossingen als aanjagers.
en fiets als parkeerhubs in bestaande en nieuwe
worden ingespeeld door andere oplossingen te laten
wijken en in werkgebieden.
vervroegen of uit te stellen. Een duidelijke conclusie van
Tenslotte is de agenda ook een hulpmiddel om in de
Autoreizigers naar OV en fiets aantrekken.
dit onderzoek is dat het stationsgebied Hoofddorp in
toekomst keuzes te kunnen maken over ruimtelijke
Autoreizigers in het openbaar vervoer en op de fiets
de komende jaren dé sleutel is voor de ontwikkeling van
ontwikkeling en investeringen in mobiliteit in relatie
opvangen die van en naar belangrijke bestemmingen
Haarlemmermeer. Hier liggen de meeste kansen voor
tot elkaar. Deze twee thema’s zijn nauw met elkaar
in de regio reizen, middels een systeem van P+R en
zowel een duurzaam bereikbaar stedelijk milieu voor
verbonden: je hebt altijd bereikbaarheid nodig voor
P+B locaties.
wonen en werken als een regionale ov-knoop die de hele
woningen en werklocaties. Daarom is het slim om te
Robuuste randstructuur weg. Een robuuste
gemeente bedient en de landelijke netwerken - spoor,
ontwikkelen waar de meeste koppelkansen tussen
wegstructuur met slim gebruik van capaciteit
MKS en weg - ontlast.
mobiliteit en gebiedsontwikkelingen zijn te vinden. Er
op bestaande wegen en het verbeteren van de
9.
het vervolgonderzoek zich op: vervoerswaarde of
is gekeken voor welk ontwikkelgebied de oplossingen
leefbaarheid van de kernen in Haarlemmermeer en
De oplossingen zijn terug te vinden in de vier sporen van
toepasbaar zijn en hoe de fasering er per ontwikkelgebied
eromheen.
de adaptieve samenwerkingsagenda:
uitziet. De fasering en de afhankelijkheden zijn in beeld
Slimme en efficiënte logistiek. Hier wordt er uitgegaan van slimme en duurzame logistiek
gebracht voor de volgende gebieden: 1.
Lopende acties. Het gaat hier om trajecten die al
die toekomstgericht is en die leefbaarheid en
lopen en die zijn ontstaan uit een gezamenlijke
•
(Stationsgebied) Hoofddorp,
verkeersveiligheid niet in de weg staat.
aanpak van de drie partijen. De oplossing beschikt
•
Badhoevedorp,
al over een voorkeursvariant en in sommige gevallen
•
Lisserbroek,
Adaptieve samenwerkingsagenda
een planuitwerking. De samenwerking tussen de
•
Nieuw-Vennep West,
Om de diverse oplossingen op een gedeelde en
partijen in deze acties moet worden bestendigd.
•
Cruquius.
samenhangende manier toe te kunnen passen, is
2.
Urgente opgaven. Dit zijn oplossingen met een
een adaptieve samenwerkingsagenda opgesteld. De
hoge urgentie en vormen de randvoorwaarden voor
samenwerkingsagenda is niet alleen de conclusie van
de belangrijkste ruimtelijke ontwikkelingen. Deze
deze studie, maar het is ook het begin van een proces.
oplossingen worden naar voren gehaald in de tijd
De adaptieve samenwerkingsagenda is bedacht als
om de ruimtelijke ontwikkelingen direct in de goede
handvat voor de drie partijen – gemeente, provincie en
richting te leiden.
vervoerregio – om samen en met de overige stakeholders
3.
Agenda voor nader onderzoek. Dit betreft de
tot een gedragen investerings- en uitvoeringsagenda voor
opgaven waar de oplossingsrichting in beeld is,
2040 te komen. De drie partijen hebben een gedeelde
echter moet de gedragen oplossing nog verder
verantwoordelijkheid om te investeren in en uitvoering te
worden uitgewerkt. Afhankelijk van de oplossing richt
6
01
Inleiding
1.1 Aanleiding van de Netwerkstudie
BOVENLOKAAL
N HA ET AR WE LE RK M S 20 ME TUD 40 RM IE EE R
REGIONAAL - MRA
PROVINCIE
WESTFLANK MRA BOLLENSTREEK HOLLAND RIJNLAND
(INTER)NATIONAAL
De Provincie Noord-Holland, Vervoerregio Amsterdam
Samen Bouwen aan Bereikbaarheid (SBaB), de
en gemeente Haarlemmermeer willen gestructureerd
mogelijke doortrekking van de Noord/Zuidlijn naar
werken aan de opgaven om te komen tot een benodigde
Haarlemmermeer, de Verstedelijkingsstrategie MRA,
toekomstige verkeers-en mobiliteitsstructuur
het Regionaal OV Toekomstbeeld Noord-Holland en
in Haarlemmermeer tot 2040. Hiertoe is deze
Flevoland 2040 en individuele projectlocaties. De
Netwerkstudie opgesteld om te zorgen voor een goede
Netwerkstudie houdt ook rekening met andere relevante
beleidsafstemming tussen de drie partijen.
processen en ambities, onder andere het Initiatief raadsvoorstel voor Bereikbaarheid Haarlemmermeer-
LOKAAL
In de MRA is Haarlemmermeer gepositioneerd op een
Bollenstreek, de Zero Emissie Zones van de gemeente en
belangrijke plek gezien de ligging van grote snelwegen,
Schiphol en de Agenda voor slimme en schone logistiek
sporen en de luchthaven Schiphol. De gemeente
van de provincie. Uiteraard is de inbreng van de wijk- en
ligt op het scharnierpunt van de Noordvleugel en
dorpsraden meegenomen in het onderzoek.
Zuidvleugel van de Randstad. Omwille van de sterke groei in het aantal inwoners en het aantal banen, kent
In de studie worden ook de gevolgen van de
de MRA een aantal grote uitdagingen op het gebied van
veranderende mobiliteitsvraag beschouwd die ontstaan
wonen, werken, recreatie en vervoer. Dit geldt ook voor
als gevolg van autonome ontwikkeling en nieuwbouw
Haarlemmermeer waar een toename van het aantal
in de omliggende regio’s. De studie is hierdoor ook
woningen van meer dan 30% gepland (ca. 20.000) is
de basis om gezamenlijk de in 2040 benodigde
voor 2040. Daarnaast vindt er (her)ontwikkeling van
infrastructuur-en mobiliteitsoplossingen in beeld te
een aantal grote bedrijventerreinen plaats, zoals die
brengen, zowel investeringen als gedragsoplossingen.
in het stationsgebied Hoofddorp en rondom Schiphol.
Hierbij wordt een link gelegd tussen ruimte en
Deze gebiedsontwikkeling noodzaakt, naast autonome
mobiliteit. Dit dient een basis op te leveren voor een
ontwikkelingen, tot het denken over welke schaalsprong
adaptieve samenwerkingsagenda met mobiliteits-en
van mobiliteit daarvoor nodig is en op welke manier aan
infrastructuuroplossingen, afgestemd op de voorziene
die vraag tegemoet gekomen kan worden. De keuzes in
gebiedsontwikkelingen.
de schaalsprong mobiliteit zijn bepalend voor de manier waarop woningbouw en economische ontwikkeling in
De resultaten van de Netwerkstudie worden aanleiding
Haarlemmermeer vorm krijgen.
voor de gezamenlijke investerings- en uitvoeringsagenda van de drie partijen tot 2040.
De studie wordt gepositioneerd tussen de Netwerkstrategie en ZWASH-programma’s van
8
1.2 Aanpak
NETWERKSTUDIE
PROBLEEMSTELLING EN PRINCIPES
OPLOSSINGSRICHTINGEN
VERVOLGSTAPPEN
SAMENWERKINGSAGENDA
INVESTERINGS- EN UITVOERINGSAGENDA
De scope van deze netwerkstudie is gemeente
De netwerkstudie is opgebouwd in drie delen:
ruimtelijke ontwikkelingen is van belang om afwegingen
Haarlemmermeer, ruimtelijke ontwikkelingen en
Probleemanalyse, Oplossingsrichtingen en
tussen oplossingen te kunnen maken en te komen tot
mobiliteit die daarop van invloed zijn. De omliggende
Adaptieve Samenwerkingsagenda. Het eerste deel,
een realistische fasering. We sluiten zoveel mogelijk aan
regio die veel raakvlakken heeft met Haarlemmermeer
de probleemanalyse, richt zich op het bepalen van
bij lopende ruimtelijke processen, maar hebben een
is meegenomen als invloedsgebied. De netwerkstudie
de probleemstellingen en het in beeld brengen van
open vizier om, waar nodig, voorstellen te doen om deze
moet een beeld geven van investeringen in mobiliteit en
de verschillende opgaven, kansen en knelpunten
lopende processen bij te sturen. Om deze reden hebben
infrastructuur die bij een toekomstvast mobiliteitsbeleid
op verschillende schaalniveaus van infrastructuur
we gesprekken gevoerd met verschillende actoren uit
nodig zijn(tot) in circa 2040. We gaan daarbij uit van een
en mobiliteit. De probleemanalyse is samengevat
de regio. Deze gesprekken helpen met het vinden van
situatie waarin alle harde én zachte planontwikkelingen
in zeven netwerk- en gebied gebaseerde stellingen.
raakvlakken en mogelijke (meekoppel)kansen.
zijn gerealiseerd. Oplossingen zijn tot op regionaal
Naar aanleiding van deze stellingen zijn er negen
schaalniveau denkbaar. Hier ligt een uitdrukkelijke
oplossingsrichtingen verkend op basis van het STOMP-
Middels een brede sessie is de inbreng van dorps-
link met de Netwerkstrategie MRA uit programma
principe. Binnen de oplossingsrichtingen hebben
en wijksraden meegenomen in de studie. Tijdens
Samen Bouwen aan Bereikbaarheid. Uitkomst van de
we gewerkt met pakketten geclusterd per thema. De
verdiepende sessies (gericht op het openbaar vervoer,
netwerkstudie is een fasering door het bepalen van
bedoeling van de pakketten is niet om deze tegelijk te
de fiets en het wegennet rondom de N201) is er
afhankelijkheden (gebied vs. mobiliteitsoplossing) en de
realiseren, maar om tot een gedeelde netwerkvisie en een
samengewerkt met de deskundigen van verschillende
invloed van oplossingen op elkaar en op ontwikkelingen.
gezamenlijke investerings- en uitvoeringsagenda voor
organisaties. Daarnaast zijn er tijdens de uitwerking van
Welk pakket kan synergievoordelen opleveren en welke
2040 te leiden.
de probleemanalyse en oplossingsrichtingen de volgende
keuzes zijn daarvoor noodzakelijk?
actoren benaderd: gemeenten en stakeholders in de Met deze stip aan de horizon, is een adaptieve
MRA - Amsterdam, Zuid-Kennemerland, Amstelveen,
Er wordt ook uitgegaan van de doelstellingen van het
samenwerkingsagenda opgesteld met urgente opgaven,
Aalsmeer, Schiphol; in de provincie Zuid-Holland –
Regionale OV Toekomstbeeld 2040 Noord-Holland &
vraagstukken voor nader onderzoek en afspraken tussen
Bollenstreek en Holland-Rijnland; in het gebied van
Flevoland op de volgende manier:
stakeholders.
mobiliteit - NS, Fietsersbond, ProRail, Rijkswaterstaat en
1.
Oplossen van bereikbaarheidsknelpunten,
2.
Bijdragen aan economische groei,
Deze studie heeft een sterke link met ruimtelijke
3.
Bijdragen aan het bereikbaar maken van nieuwe
ontwikkelambities en -opgaven. Want elke nieuwe
woon- en werklocaties,
woonwijk, bedrijventerrein of (recreatie)voorziening
Bijdragen aan een inclusieve, gezonde en veilige
vraagt om een goede bereikbaarheid en leidt tot nieuwe
samenleving.
vervoersbewegingen. De aansluiting op de specifieke
4.
Connexxion.
9
1.3 Betrekking van stakeholders Bewonersorganisaties
Verwerkte opmerkingen
redenen:
De vertegenwoordigers van de bewonersorganisaties zijn
Knelpunten voor leefbaarheid en verkeersveiligheid die
•
betrokken in de studie. Vanwege coronamaatregelen is
zeer belangrijk zijn voor een bepaalde wijk of dorp zijn
onderwerp of schaalniveau dat niet binnen de scope
er gekozen voor een interactieve online werksessie met
direct opgenomen in de Probleemanalyse. We gaan deze
van de netwerkstudie valt. Bijvoorbeeld het maken
dorps- en wijksraden. Aan deze sessie namen 21 mensen
punten niet gedetailleerd beschrijven, maar we lichten ze
van precieze afspraken over het lokale busnetwerk.
deel uit de kernen Abbenes, Lijnden, Boesingheliede,
toe met enkele voorbeeldenvan het soort opmerkingen
Veel bewoners, die niet in het invloedgebied van
Lisserbroek, Spaarndam, Zwaanshoek, Badhoevedorp,
die zijn meegenomen:
hoogwaardig openbaar vervoer wonen, hebben
Beijnsdorp, Haarlemmerliede, Hoofddorp, Cruquius,
•
Opmerkingen die betrekking hebben op een
Algemene aanpassingen op het langzaam
zorgen over OV-bereikbaarheid in kleinere kernen
Vijfhuizen en Nieuw-Vennep. De deelnemers kregen
verkeersnetwerk ter verbetering van de kwaliteit.
en linten. Net zoals andere voorstellen die focussen
voorafgaand toegang tot de online Miro-omgeving, waarin
Dit kan slim aangepakt worden, bijvoorbeeld door
op de mobiliteit van deze bewoners, worden deze
de samenvatting van de probleemanalyse en de kaarten
werkzaamheden als de vervanging van ondergrondse
zoveel mogelijk meegenomen in de verschillende
en lijsten met de oplossingsrichtingen waren te zien.
leidingen te koppelen aan het verbeteren van de
gebiedsprogramma’s van de gemeente.
Tijdens deze sessie werd een uitgebreide presentatie gegeven waarin de deelnemers direct vragen konden
voet- en fietspaden. •
•
Voorstellen die binnen gehanteerde principes van
Sommige oplossingen kunnen ingepast worden
de studie niet logisch zijn. Bijvoorbeeld om hubs
stellen en opmerkingen maken. De online-omgeving is
zodat ze meer kansen bieden voor bewoners.
aan te leggen op plekken waar nabij een grotere
nog een week na de werksessie toegankelijk geweest
Voorbeeld: voor alle nieuwe HOV-haltes moet ook
hub ligt met meer mogelijkheden en aanbod aan
zodat iedereen zijn opmerking kon plaatsen. Na deze
het onderliggende netwerk worden opgewaardeerd
modaliteiten.
periode zijn de opmerkingen doorgenomen en waar mogelijk ook verwerkt in het rapport.
voor lokale bereikbaarheid. •
•
Er lopen verschillende trajecten voor lokale
Verschillende knelpunten en mogelijke oplossingen
oplossingen op korte termijn die in deze studie niet
die benoemd zijn tijdens het gesprek worden
een-op-een opgenomen zijn. De netwerkstudie is
Het gesprek leverde aangescherpte inzichten op zowel de
meegenomen in de studie. Bijvoorbeeld een nieuwe
niet bedoeld om de bestaande lokale trajecten te
bestaande problemen als wat in de netwerkstudie mist.
Ringvaartbrug voor fiets en OV ter hoogte van
integreren, maar om een visie te bieden voor de
Het gesprek was ook een goed moment om duidelijk te
Beinsdorp/Hillegom is een mogelijke oplossing die
noodzakelijke investeringen met de horizon 2040.
maken wat de rol van deze studie is in relatie tot andere
wordt opgenomen in de kaartbeelden.
trajecten. Alle informatie die in de structuur en scope
Zowel in vervolgstappen van de Netwerkstudie
van de Netwerkstudie past, zijn verwerkt in het product.
Overige bijdragen
als in gebiedsprogramma’s zullen uitgebreide
De rest van de opmerkingen zijn bekend gemaakt bij
Een aantal waardevolle bijdragen werden niet verwerkt
participatietrajecten plaatsvinden.
gebiedsmanagers en zullen worden meegenomen in de
in dit rapport, maar ze worden meegenomen in de
gebiedsprogramma’s.
gebiedsprogramma’s. Dit kan zijn vanuit de volgende
10
Overige stakeholders Door middel van online werksessies konden externe
•
stakeholders en experts uit de omgeving van Haarlemmermeer reageren op de probleemanalyse
•
onderzoeken van tracés voor nieuwe,
Netwerkstrategie MRA en de Netwerkopgaven MRA 2040
Het uitbreiden van R-net in de regio met nieuwe
van SBaB. De verkeerskundige analyse van bepaalde
busbanen en het doortrekken van de Noord/Zuidlijn,
oplossingen valt buiten de scope van deze Netwerkstudie
Fietshaltes naar OV-haltes verbeteren en het
en wordt uitgevoerd in nadere onderzoeken.
en de oplossingsrichtingen. Uit deze workshops
vergroten van de stallingscapaciteit bij de haltes en
zijn verschillende inzichten opgedaan wat betreft
stations,
meekoppelkansen en eventuele gemiste punten.
•
Voor Station Hoofddorp moet het langzaam verkeersnetwerk opgewaardeerd worden voor een
Met de volgende groepen stakeholders is een gesprek
betere voor- en natransport,
gevoerd:
•
Mobiliteitshubs koppelen met werklocaties,
•
Amsterdam en de gemeenten in Zuid-Kennemerland,
•
Om autoreizigers op te vangen in het OV is het aan
•
Amstelveen, Aalsmeer en Schiphol,
•
Zuid-Holland – Holland-Rijnland, gemeenten in de noordelijke Duin- en Bollenstreek en Rijn en
•
te raden samenwerking te zoeken met werkgevers in Amsterdam en bij Schiphol, •
Bij Robuuste randstructuur weg werd het slimmer
Veenstreek, en Provincie Zuid-Holland,
benutten van de bestaande capaciteit het meest
Mobiliteitsorganisaties & Werkgevers – NS, ProRail,
genoemd,
RWS, Fietsersbond, Connexxion, TLN, VNO-NCW West, Bouwend Nederland.
•
Voor logistiek werd slimme technologie voor verkeersmanagement op hoofdnetwerk veelvuldig genoemd evenals verkeersveiligheidsmaatregelen.
Verwerkte opmerkingen De opgedane inzichten zijn zoveel mogelijk meegenomen
Overige reacties
in het verdere proces van de netwerkstudie.
Daarnaast zijn er opmerkingen gegeven die niet direct
Opmerkingen over feitelijke onnauwkeurigheden zijn
van toepassing zijn op dit rapport en worden om die
direct aangepast waar nodig. Eveneens zijn voorstellen
reden niet opgenomen.
die in lijn zijn met de Netwerkstudie meegenomen. Ook is de deelnemers gevraagd om aan te geven welke
Er werd bijvoorbeeld gesteld dat de studie zelf geen
oplossingen volgens hen prioriteit zouden krijgen.
uitgebreide cijfermatige onderbouwing biedt. Hier moet er wel worden gezegd dat de Netwerkstudie geen
Veelgenoemde oplossingen die gekenmerkt werden als
verkeersstudie is, maar een ruimtelijke visie voor de
prioritair waren:
verschillende mobiliteitsnetwerken in de gemeente in
•
Het verbeteren van de verbinding over de ringvaart
2040, in samenhang met woningbouw, werklocaties
bij dubbeldorpen met in het bijzonder Lisse-
en duurzaamheid. De beschikbare verkeerscijfers
Lisserbroek,
en onderbouwingen uit andere studies zijn uiteraard
Het voetganger- en fietsvriendelijk inrichten van
meegenomen, namelijk: de studies Stationsgebied
nieuwe nog te ontwikkelen gebieden,
Hoofddorp (2018) en Versnelling woningbouw (2020)
Het verbeteren van bestaande doorfietsroutes en
van de gemeente, net zoals het ROVT 2040 en de
• •
11
1.4 Leeswijzer
Dit rapport is opgedeeld in de volgende hoofdstukken:
In het derde hoofdstuk bieden we kansrijke
Inleiding, probleemanalyse, oplossingsrichtingen en
oplossingsrichtingen op de aangewezen knelpunten
adaptieve samenwerkingsagenda.
die we eerder aantroffen in de probleemanalyse. Ter ondersteuning hanteren we drie algemene principes
De inleiding behandelt het nut en de aanpak van deze
die centraal staan bij alle oplossingsrichtingen. De
studie, in relatie tot de ruimtelijke ontwikkelingen
oplossingen worden geordend per thema. Bij iedere
in gemeente Haarlemmermeer en eromheen en de
oplossingsrichting volgt een beschrijving en een overzicht
regionale mobiliteitsplannen zoals het programma SBaB
van pakketten zowel in tabel als op kaart.
en het Regionaal Toekomstbeeld OV. Om de diverse oplossingen op een gedeelde en In de probleemanalyse worden ruimtelijke knelpunten
samenhangende manier toe te kunnen passen, is er
geanalyseerd. Eerst worden de ruimtelijke ontwikkelingen
een adaptieve samenwerkingsagenda opgesteld. Deze
verkend waaruit het nut en de urgentie van een
samenwerkingsagenda wordt gezien als handvat voor
netwerkvisie naar voren komt. Er is gekeken naar de
de drie partijen – de provincie, de vervoerregio en de
regionale en bovenlokale structuren en ingezoomd
gemeente – om samen en met de overige stakeholders
op ontwikkelingen gericht op woningen, werklocaties
naar een gedragen investerings- en uitvoeringsagenda
en voorzieningen in gemeente Haarlemmermeer en
voor 2040 te komen.
omliggende regio’s. Er volgt een netwerkscan waarin de stromen en knelpunten op het gebied van verkeer, verkeersveiligheid en leefbaarheid in kaart zijn gebracht. De probleemanalyse eindigt met de Probleemstelling, waarin conclusies worden verwoord en geordend per schaalniveau en specifieke gebieden.
12
02
Probleemanalyse
2.1 Context Gemeente Haarlemmermeer en de omliggende regio hebben zich door de jaren heen ontwikkeld tot de tweede economie van de Metropoolregio Amsterdam. De groei van woningbouw en werkgelegenheid kent een exponentiële toename en breidt zich uit naar steeds meer nieuwe ontwikkellocaties in de gemeente en omstreken. Sinds de jaren ‘70 tot heden is de bevolking van de gemeente meer dan verdrievoudigd van 45.000 naar 157.000 bewoners. Deze groei blijft zich door ontwikkelen zowel in Haarlemmermeer als in de regio. Vanuit de opgave voor 250.000 nieuwe woningen voor 2040 in de MRA, zullen 20.000 woningen in gemeente Haarlemmermeer landen en een vergelijkbaar aantal in de omliggende gemeenten, namelijk 20.000 in ZuidKennemerland en 20.000 in Amstelland. Er zijn hiernaast belangrijke ontwikkelingen in Zuid-Holland. Regio Holland-Rijnland heeft een opgave van 60.000 woningen tot 2040, waarvan tussen 5.000 en 20.000 (afhankelijk van het gekozen ruimtelijke scenario) zullen naast de grens van Haarlemmermeer landen, in de Bollenstreek. Naast woningbouw heeft ook de toenemende werkgelegenheid effecten op de mobiliteitsnetwerken in Haarlemmermeer. In Haarlemmermeer zijn er meer arbeidsplaatsen dan inwoners en dit zorgt voor een grote dagelijkse in- en uitgaande pendel, zowel met auto als ov.
Deze toename levert het een voordeel op voor de mensen in Haarlemmermeer die meer werkgelegenheid in hun nabijheid vinden. De intensivering van bedrijvigheid met Schiphol, als centrale economische motor voor de gemeente en regio, samen met de groei van woningbouw leidt tot de toename van pendelstromen in, vanuit
14
en naar de regio. Alleen al op Schiphol werken meer
toenemende druk op deze infrastructuur zorgt voor
richting Hoofddorp. Een autoluwe stad Amsterdam
dan 64.000 mensen, waarvan bijna 90% buiten
meer opstoppingen en sluipverkeer in de kernen. Dat
in de toekomst zal regionale effecten hebben en ook
gemeente Haarlemmermeer woont. De bereikbaarheid
heeft niet alleen invloed op de bereikbaarheid, maar
haar effect op Haarlemmermeer hebben. Denk daarbij
van de Multimodale Knoop Schiphol komt hierdoor
ook op de leefbaarheid in de kernen van de gemeente
bijvoorbeeld aan een regionaal gezien noodzakelijke
ook onder druk te staan. MIRT-onderzoek ZWASH
en daarbuiten. Daarmee vormt het een risico voor de
HUB ten zuiden van Hoofddorp aan het einde van een
bereidt strategische keuzes voor om het gebied tussen
toekomstige aantrekkelijkheid van Haarlemmermeer
doorgetrokken Noord-Zuidlijn.
Amsterdam Zuid en Hoofddorp goed bereikbaar te
en de MRA. Met het huidige netwerk en de geplande
houden en tegelijkertijd ruimte te creëren voor wonen en
ruimtelijke ontwikkelingen is de verwachting dat de
De coronacrisis en diens gevolgen zijn ook ontwikkelingen
werken. Haarlemmermeer vormt een schakel tussen de
bestaande knelpunten verergeren en dat nieuwe
die aandacht eisen op korte en middellange termijn.
stad Amsterdam, de werklocaties op de ZWASH-corridor,
knelpunten zullen ontstaan. Daarnaast blijft dit
Het is nog niet bekend welke onderdelen van het
IJmond, Haarlem en Holland Rijnland, recreatie- en
netwerk geconcentreerd op het autoverkeer, met weinig
veranderde mobiliteitsgedrag zullen blijven ook nadat
woongebieden in Zuid-Kennemerland en de Bollenstreek
adaptiviteit voor de snelle veranderingen in gedrag
de coronamaatregelen opgeheven zijn: meer individueel
en op bovenregionale schaal tussen de MRA en de
en techniek en de eisen van de klimaatdoelstellingen.
reizen met de fiets en auto, de groei in belang van de
Zuidelijke Randstad. Door deze strategische locatie is
Het netwerk moet ook adaptief zijn met betrekking
elektrische fiets, meer verspreide spitsen in het openbaar
een goed functionerend en robuust mobiliteitsnetwerk
tot ontwikkelingen in het ZWASH-gebiedsprogramma,
vervoer, thuiswerken en veranderde werktijden, online
van lokaal, (boven)regionaal en zelfs internationaal
zoals de mogelijke doortrekking van de Noord/Zuidlijn
winkelen, etc.
doorontwikkelen langs dezelfde lijnen die decennia
Netwerken met invloed op Haarlemmermeer
Herkomsten en bestemmingen in Haarlemmermeer
geleden gebaseerd waren op de polderstructuur. De
Nationaal en regionaal OV en weg
Wonen, werken, voorzieningen, logistiek, verkeersknopen
belang. Deze ontwikkelingen betekenen een aanzienlijke druk op de lokale, regionale en bovenregionale bereikbaarheid. Alle nieuwe woningen en banen betekenen ook nieuwe verkeersbewegingen van, naar en door Haarlemmermeer. De huidige netwerken – fiets, openbaar vervoer en autowegen – naderen al hun maximale capaciteit met de huidige verkeersstromen. De knelpunten die in de Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse (kortweg NMCA) zijn geregistreerd op weg en spoor in 2040 zijn (voor de coronacrisis) al bereikt. Zonder investeringen op de netwerken worden de knelpunten onhoudbaar en worden duurzaamheid, robuustheid en adaptiviteit van het mobiliteitsnetwerk, net zoals de verstedelijking in de zuidelijke MRA, bedreigd. Tegelijkertijd blijft de mobiliteitsinfrastructuur zich
15
*
Ontwikkeling woningbouw
OPGAVE Kwaliteit van voet- en fietspaden
OPGAVE Fiets- en OVbereikbaarheid
48% van geplande woningbouw in Hoofddorp OPGAVE Leefbaarheid dubbeldorpen
KANS Verdichting stationsgebied
OPGAVE Bereikbaarheid van voorzieningen
Bronnen Gemeente Haarlemmermeer
16
Ontwikkeling arbeidsplaatsen De groei in arbeidsplaatsen binnen Haarlemmermeer is relatief groter dan de groei in aantal woningen. De werklocaties in de gemeente bedienen hierdoor de bredere regio.
OPGAVE Regionale bereikbaarheid
OPGAVE Logistieke doorstroming
OPGAVE Fiets- en OVbereikbaarheid
17
Ontwikkeling voorzieningen Veel voorzieningen voor de bewoners van Haarlemmermeer te vinden ook in de twee grote steden Amsterdam en Haarlem. Dit vraagt voor goede regionale verbindingen op
OPGAVE Bereikbaarheid binnensteden
verschillende niveaus. Ontwikkelingen aan de westkant van Haarlemmermeer liggen relatief ver van de voorzieningen binnen de gemeente.
OPGAVE Bereikbaarheid voorzieningen
OPGAVE Bereikbaarheid recreatiegebieden
KANS Recreatie op loopafstand
18
Regionale ontwikkelingen infrastructuur
Regionale doorfietsroutes
Spoorontwikkelingen mogelijke doortrekking metro
Bestaande weginfrastructuur opgewaardeerd
Nieuwe HOVverbindingen
Bronnen Gemeente Haarlemmermeer, Mobiliteitsvisie Harlemmermeer, 2018 Gemeente Haarlemmermeer, Onderzoeks en Investeringsagenda Mobiliteit 2020-2023, 2019 Vervoerregio Amsterdam, Investeringsagenda Mobiliteit, 2019 Regionaal OV Toekomstbeeld 2040 Noord-Holland en Flevoland, 2019
19
2.2 Netwerkscan
Door middel van de netwerkscan zijn de huidige netwerken verkend. In de netwerkscan belichten we de vier verschillende hoofdnetwerken: actieve mobiliteit (voetganger en fiets), OV, het autowegennet en de logistiek. We brengen alle netwerken in kaart en laten zien waar de belangrijkste lijnstructuren zijn en waar de belangrijkste knooppunten liggen. Bij het onderdeel fiets en voetganger richten we ons op de veiligheids- en leefbaarheidsknelpunten, lange afstanden tot voorzieningen en ruimtelijke barrières door weg, spoor en vaarweg. Daarnaast liggen er nog veel kansen voor de elektrische fiets. Het onderdeel OV belichten we zo breed mogelijk. We kijken naar de netwerken van de R-net busdiensten en spoorlijnen maar ook het functioneren van de stationsgebieden, in het bijzonder station Hoofddorp. Vervolgens bij het onderdeel wegennet onderzoeken we de NMCA-knelpunten op het hoofdnetwerk. De ligging van Haarlemmermeer in het midden van het nationale snelwegennet levert de gemeente zowel veel kansen als bedreigingen. Tot slot onderzoeken we bij logistiek hoe het wegennet gebruikt wordt door logistiek verkeer en hoe de logistieke gebieden verbonden zijn aan het netwerk.